8. Opbrengst participatie en inspraak.docx
Tekst van het document
Opbrengst Participatie en Inspraak Participatie Eerste consultatieronde-2017 Met het vaststellen van het Principebesluit over het Marineterrein door het college van B&W, werd op 18 juli 2017 de verkenningsfase voor de ontwikkeling van het gebied afgerond. Dit vormde de start van een uitgebreide en stadsbrede maatschappelijke informatie- en consultatieronde over de toekomst van het terrein. Deze duurde van 19 juli tot 5 oktober 2017. Er is destijds een intensieve online- en offlinecampagne ingezet, waarbij naast de huurders op het terrein en bewoners van de stad bijvoorbeeld ook het bedrijfsleven en andere innovatiemilieus betrokken zijn. Er zijn 12 bijeenkomsten georganiseerd en zo’n 1300 bezoekers ontvangen. De opbrengst van deze ronde is online gepubliceerd. Tweede consultatieronde- 2020-2021 In februari 2020 zijn er, nadat Defensie in 2018 besloot toch met een kazerne op het terrein te blijven, in het bestuurlijk overleg Marineterrein nieuwe afspraken gemaakt over de basis voor een uitwerking naar een NvU. Eind november 2020 zijn ondernemers van het Marineterrein en bewoners en ondernemers uit de directe omgeving gevraagd om online in gesprek te gaan met de gemeente over een groot aantal thema’s en onderwerpen voor de toekomstige ontwikkeling van het Marineterrein.
Voorafgaand aan deze gesprekken is een papieren informatiekrant verspreid met daarin de voorlopige ideeën voor de NvU. De gesprekken vonden plaats van december 2020 t/m februari 2021. Voor het bewaken van een zorgvuldig consultatieproces en het verstrekken van duidelijke informatie is gewerkt met een klankbordgroep van bewoners en ondernemers uit de omgeving. Deze klankbordgroep had nadrukkelijk geen inhoudelijke rol. In totaal hebben 120 mensen en 6 buurtorganisaties deelgenomen aan de gesprekken. Daarnaast zijn er ook bijna 90 online-reacties gegeven. In september 2021 is een tweede informatiekrant verspreid, met hierin een terugkoppeling van deze consultatieronde. De resultaten zijn ook gedeeld met de stadsdeelcommissie waarop de stadsdeelcommissie advies heeft meegegeven voor de afronding van de NvU. Aanpassingen in de concept NvU op basis van de consultatie Een duidelijke wens vanuit de omgeving was meer en aaneengesloten groen. De bebouwing is daarom geconcentreerd op een beperkt deel van het gebied. Hierdoor kan ca. 70% van het terrein onbebouwd blijven. Ter vergelijking: in eerdere uitgangspunten (Principebesluit 2017) werd uitgegaan van 50% onbebouwd terrein. Ook was er meer behoefte aan ruimte voor groen in de straten. Het aantal bebouwingsstroken is daarom verminderd.
Dat levert bredere straten op, waardoor meer flexibiliteit in de gebruiksmogelijkheden en meer ruimte voor groen ontstaat. Ook is er een extra groot plein toegevoegd aan het raamwerk, dit geeft meer diversiteit in het gebruik en de invulling van de openbare ruimte. Naar aanleiding van de consultatie is er ook geschoven met de bouwhoogtes. De bebouwing aan de Dijksgracht is t.o.v. de kaderand teruggezet en de maximale bouwhoogte is aan die zijde iets verlaagd en in het midden iets hoger. Het aantal hoogteaccenten (gebouwen hoger dan 30 meter) is verminderd en is – mede op advies van de Hoogbouwadviescommissie – verlaagd van 50 naar 40 meter. Tot slot is besloten om een in het Principebesluit opgenomen verbinding voor fietsers en
voetgangers over het water van het Oosterdok naar de NEMO-pier nu geen onderdeel te laten zijn van de plannen en noodzaak, wenselijkheid en locatie opnieuw te bezien op het moment waarop het hele terrein ontwikkeld is. Inspraak Op 29 november 2022 heeft er een informatiebijeenkomst plaatsgevonden op het Marineterrein waar ruim 150 bezoekers aanwezig waren. Tijdens deze avond is gedeeld wat er uit de inspraak is gekomen en waar de NvU naar aanleiding van de inspraakreacties is aangepast. Hieronder volgt een weergave van de veelgehoorde inspraakreacties incl. een toelichting of en hoe dit tot aanpassing heeft geleid in de concept NvU. Een breed gedragen wens is zoveel mogelijk aaneengesloten groen. De NvU is aangepast. Er is meer openbare ruimte toegevoegd aan het stedenbouwkundig raamwerk, door: De volledige sloop van gebouw 026 en het terug laten springen van het gebouw op de kop aan de noordoostzijde voor meer aaneengesloten groen en uitbreiding park; Meer groen toe te voegen rondom het sportveld. De recreatieve functies (zwemmen, park) worden zeer gewaardeerd en moeten behouden blijven. Dit was al onderdeel van de NvU. Het huidige park (de Vo0rwerf) en de zwem- en recreatiemogelijkheden blijven ook in de toekomst onderdeel van de plannen. Het park wordt uitgebreid en de ambitie is om in de toekomst een officiële buitenzwemplek te maken van het water aan de Voorwerf.
De horecafuncties worden zeer gewaardeerd en moeten behouden blijven. Commerciële functies zijn opgenomen in de NvU. Ook in de toekomst zal er ruimte zijn voor horeca op het terrein. In de NvU wordt niet bepaald of en welke van de bestaande bedrijven op het Marineterrein mogen blijven. Alle huidige gebruikers op het Marineterrein zitten er op basis van tijdelijke huurcontracten. Het is aan de toekomstige eigenaar van een gebouw om overeenkomsten aan te gaan met de beoogde gebruikers. Wisselende reacties over verdichting. In een deel van de reacties is aangegeven dat er te veel bebouwing bijkomt, terwijl in andere reacties aangegeven wordt dat er misschien wel meer en hoger gebouwd kan worden. Dit laat goed zien dat de verschillende bewoners van onze stad ook verschillende ideeën en belangen hebben. In de NvU is gezocht naar balans tussen verdichting om woon-, werk- en leerplekken te realiseren voor de stad, en de wens om substantieel groen toe te voegen aan de binnenstad van Amsterdam. Er heerst de zorg dat er meer bebouwing komt dan wordt geschetst in de NvU. Insprekers willen om die reden dat het totale bouwvolume gemaximeerd wordt op 185.000 m2 bruto vloeroppervlak (bvo). De NvU is aangepast. In de NvU is het totale bovengrondse bouwvolume vastgelegd op maximaal 185.000 m2 bvo, waarvan maximaal 35.000 m2 bvo voor Defensie.
De maximale bouwhoogte langs de Dijksgracht (25 m) en de Kattenburgerstraat (30 m) vinden insprekers uit de directe omgeving te hoog.
De NvU is niet gewijzigd op dit punt. In de NvU zijn maximale bouwhoogtes opgenomen. Dit betekent niet per definitie dat de gebouwen in de toekomst ook daadwerkelijk deze hoogte krijgen. In combinatie met het maximeren van het totale bouwvolume zullen sommige gebouwen ook lager worden. Het is in deze fase te vroeg om concretere uitgangspunten in relatie tot specifieke bouwhoogtes op te nemen. Juist door in deze fase flexibiliteit te houden in het raamwerk, wordt ruimte geboden voor optimalisaties en alternatieven in de planuitwerking. Bij de uitwerking van de plannen zal duidelijk worden welke bouwhoogte daadwerkelijk nodig is. De combinatie van leren, werken en wonen voor het toekomstige Marineterrein wordt toegejuicht, maar moet wel voor iedereen toegankelijk zijn. Dit is onderdeel van de NvU en het is fijn dat deze mix wordt gewaardeerd. Over de verhoudingen binnen die mix aan programma zijn de meningen verdeeld. Waar de een bijvoorbeeld meer wonen wil, wil de ander meer horeca of werkruimtes of ateliers. De verdeling in de Nota van Uitgangspunten is 20% leren, 40% werken en 40% wonen. Het aandeel wonen is hoger dan gebruikelijk voor innovatiedistricten (20-30% is gebruikelijk) en een verdubbeling van het aandeel wonen uit de Principebesluit (20%). Daarmee wordt invulling gegeven aan de motie van de raad uit 2017 op het Principebesluit.
Behoud van monumenten en waardevolle gebouwen. Bijzondere gebouwen op het terrein worden gewaardeerd. Uitgangspunt in de NvU is dat monumentale, monumentwaardige en behoudenswaardige gebouwen (orde 1 en 2) behouden blijven en zijn ingepast in het stedenbouwkundig raamwerk. Naar aanleiding van een verzoek daartoe van erfgoedvereniging Bond Heemschut is op 18 april 2023 door het College besloten de muur aan de Kattenburgerstraat aan te wijzen als gemeentelijk monument, met als uitgangspunt dat de voor de herontwikkeling noodzakelijke extra entree tussen het depotgebouw en de nieuwe kazerne, mogelijk moet zijn. De erfgoedvereniging Bond Heemschut heeft, naast de muur, ook verzocht enkele andere gebouwen aan te wijzen als gemeentelijk monument. Dit verzoek is nog in behandeling.