CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

8. Gemeenteraad Voordracht (5).pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 7 december 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Onderstation Nieuwe Meer II (VN2022-034533)3.307 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

Portefeuille

Ruimtelijke Ordening

Agendapunt

0

Datum besluit

College van B&W, d.d. 15 november 2022 Onderwerp

Vaststellen bestemmingsplan Onderstation Nieuwe Meer II De gemeenteraad van Amsterdam besluit

1. kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming: a. dat naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan Onderstation Nieuwe Meer II, zes zienswijzen zijn ingediend; b. het advies van het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West; 2. de zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1a te beantwoorden overeenkomstig is gesteld in de bijgevoegde Nota van beantwoording zienswijzen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit; 3. het bestemmingsplan ‘Onderstation Nieuwe Meer II, bestaande uit de verbeelding en regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.F2104BPSTD-VG01 in elektronische en analoge vorm, gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dit ter inzage heeft gelegen, vast te stellen overeenkomstig de Nota van wijzigingen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik gemaakt is van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 15 juni 2021; 4. geen exploitatieplan vast te stellen. Wettelijke grondslag

Wet ruimtelijke ordening (Wro), artikel 3.1, eerste lid De gemeenteraad is bevoegd om een bestemmingsplan vast te stellen. Bestuurlijke achtergrond

Aanleiding bestemmingsplan In de gemeente Amsterdam is een sterk groeiende vermogensvraag naar elektriciteit door groei in bedrijven en woningbouw aan de Zuidas, Schiphol, het Schinkelkwartier en een deel van Amsterdam Nieuw-West. Amsterdam wil daarnaast zo veel mogelijk schone energie opwekken en opslaan op eigen grondgebied en slim gebruik maken van nieuwe en bestaande warmtebronnen. Een toekomstbestendig elektriciteitsnetwerk is een randvoorwaarde voor de groei en verduurzaming van Amsterdam. Tot 2050 zal de vermogensvraag toenemen naar 3 tot 4 keer de vermogensvraag van nu. Dat is een vraag van 3.000 à 4.000 MW in 2050, in plaats van circa 1.000 MW in 2020. Om tijdig in de snelgroeiende vraag naar elektriciteit te kunnen blijven voorzien werkt Amsterdam samen met netwerkbeheerders aan de uitbreiding van de elektriciteitsinfrastructuur. Hiervoor worden onder andere locaties aangewezen waar onderstations worden uitgebreid. Ontwikkelingskader EVA 2035

Gegenereerd: v1.4

1

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

Daarom heeft de gemeente Amsterdam samen met de netbeheerders Liander en TenneT het afgelopen jaar gewerkt aan het Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035, kortweg het Ontwikkelingskader EVA 2035. Het betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Het kader is op 8 maart 2022 vastgesteld door B&W waar de resultaten van de voorafgaande adviesronde langs de stadsdelen zijn meegenomen. Het plan is bijgevoegd. Eén van de geplande netuitbreidingen betreft de uitbreiding van het bestaande station Nieuwe Meer aan de Anderlechtlaan 250. Het huidige onderstation Nieuwe Meer is al maximaal uitgebreid en heeft onvoldoende vermogen om toekomstige ontwikkelingen te faciliteren. Met de voorgenomen bouw van een nieuw 160 MVA 150/20kV onderstation (Liander) en de uitbreiding van het bestaande (TenneT) transformatorstation met twee Gas Insulated Switchgear (GIS) installaties wordt het bestaande capaciteitsknelpunt weggenomen en voldoende ruimte gecreëerd om toekomstige groei in Amsterdam te realiseren. Tot 2050 wordt er niet verwacht dat er op Nieuwe Meer nog een uitbreiding moet plaatsvinden.

Het geldende planologisch kader voor de gronden ten zuiden van het huidige onderstation maakt het bouwen van een tweede onderstation en de GIS installaties niet mogelijk. Daarom wordt voorgesteld voor deze ontwikkeling een nieuw bestemmingsplan vast te stellen, waarbinnen het onderstation kan worden gerealiseerd. Onderbouwing besluit

Ad 1a – Kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming dat naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan Onderstation Nieuwe Meer 2 zes zienswijzen zijn ingediend Het ontwerpbestemmingsplan met de daarbij behorende stukken heeft met ingang van donderdag 7 juli 2022 tot en met 18 augustus 2022 ter inzage gelegen. In deze periode zijn zes zienswijzen ontvangen. Van de ingekomen zienswijzen zijn drie zienswijzen aomstig van belangenbehartigers van De Oeverlanden, te weten stichting Nieuw en Meer, vereniging De Oeverlanden Blijven! en het Kernteam De Oeverlanden. Van twee natuurlijke personen zijn zienswijzen ontvangen die deels op persoonlijke titel zijn ingediend en deels moeten worden opgevat als steunbetuigingen bij de zienswijzen van de genoemde belangenorganisaties. Deze indieners wonen niet in de buurt van het plangebied. Van één bewoner zijn diverse zienswijzen ontvangen, die ten behoeve van deze nota van beantwoording zijn gebundeld en samengevat. Deze bewoner woont op circa 600 meter vanaf het plangebied. De ingekomen zienswijzen zijn in de Nota van beantwoording zienswijzen samengevat en beantwoord. Geen van de gronden leidt tot een inhoudelijke aanpassing van het bestemmingsplan. Wel is de toelichting op enkele punten verduidelijkt.

Hieronder onder de kop ‘Ad 2 – Voorgestelde beantwoording zienswijzen’ wordt nader ingegaan op de ingekomen zienswijzen en de beantwoording daarvan. Ad 1b – Kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming het advies van het dagelijks bestuur van Nieuw-West Het DB is positief met het bestemmingsplan Onderstation Nieuwe Meer II dat de bouw van een nieuw onderstation voor Liander en de uitbreiding van de bestaande TenneT transformatorstation mogelijk maakt. Het DB adviseert wel nadrukkelijk de stations in te passen in een groene omgeving en de referentiebeelden in het Ruimtelijk Programma van Eisen hierop aan te passen. Verder maakt

Gegenereerd: v1.4

2

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

het DB bezwaar tegen de hoogstedelijke functies aan en of bij de oevers van de Nieuwe Meer, zoals ingetekend en beschreven op blz. 26 van de toelichting bestemmingsplan. In de toelichting van het bestemmingsplan is gewezen op de ruimtelijke uitgangspunten die op basis van de Omgevingsvisie Amsterdam voor het plangebied gelden. De Omgevingsvisie bevat een visiekaart, waar het plangebied is aangewezen als locatie voor hoogstedelijke buurt. Met het bestaande gasalaaspunt van Gasnet en het onderstation is het plangebied echter al niet geschikt voor een hoogstedelijke buurt. Dat is in het bestemmingsplan ook zo verwoord. Ad 2 – de zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1 te beantwoorden overeenkomstig is gesteld in de bijgevoegde Nota van beantwoording zienswijzen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit en dat de zienswijzen geen aanleiding geven het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. De zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een reactie in de Nota van Beantwoording zienswijzen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit. Belangrijke thema’s die in de zienswijzen zijn aangevoerd zijn kort samengevat: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Nut en noodzaak van de uitbreiding van het onderstation, de vraag aan wie het onderstation energie gaat leveren en de afweging over de noodzaak voor het onderstation op een kwetsbare locatie in plaats van op een bedrijventerrein. De gevolgen van het onderstation voor geluid in het landschapspark De Oeverlanden, met name voor de gebruikers die voor rust en stilte komen. De noodzaak voor de grote bouwmassa op het terrein (waarom 15 meter hoog). Het ontbreken van voldoende ruimte op en rond het plangebied voor een goede landschappelijke inpassing. Gezondheidsrisico’s bij realisatie en ingebruikname van het onderstation (grondwaterverontreiniging, lozen warm koelwater en gebruik gas met risico’s voor de dampkring). Procedure: waarom niet eerst inspraak op het ontwerp en daarna het bestemmingsplan vaststellen.

Hieronder is een korte reactie opgenomen. Voor een volledige reactie wordt naar de Nota van beantwoording zienswijzen verwezen. Noodzaak en gevolgen natuur De noodzaak van de uitbreiding van het energienet is in voldoende mate aangetoond (zie o.a. Ontwikkelingskader EVA 2035). Het is ingewikkeld om locaties te vinden die enerzijds dicht bij de energiebehoefte liggen en anderzijds ver genoeg van functies die als gevoelig aangemerkt kunnen worden (woningen, ziekenhuizen, etc.). De locatie Nieuwe Meer is in de omgevingsvisie vastgelegd, zo ook in de ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. Het bestemmingsplan is hier een uitwerking van. Het nieuwe onderstation ligt geografisch niet in het natuurgebied maar net erbuiten. De gevolgen van het onderstation voor het natuurgebied zijn in verhouding tot de bestaande hinder van onder meer de Rijksweg A4 verwaarloosbaar. Dat maakt dat de locatie geschikt is bevonden. Noodzaak en bouwhoogte De bouwhoogte is nodig vanwege de hoogte van de installaties die in het gebouw worden geplaatst. Die zijn van een vaste afmeting. Ruimte voor landschappelijke inpassing

Gegenereerd: v1.4

3

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

In het bestemmingsplan is een bestemmingsvlak opgenomen waarbinnen bouwvlakken zijn aangegeven waar mag worden gebouwd. De gebouwen passen in de bouwvlakken. Buiten de bouwvlakken is ruimte voor landschappelijke inpassing. Daarnaast is niet het hele terrein in het bestemmingsvlak betrokken. Het bestemmingsvlak volgt de eigendomsgrens van Liander. Tot de watergang en tot het trottoir is ook nog ruimte. De opvatting dat er te weinig ruimte zou zijn voor landschappelijke inpassing wordt daarom niet gedeeld. Gezondheidsrisico’s De gezondheidsrisico’s die indieners vrezen kunnen niet op basis van de onderzoeken worden bevestigd. Uit de onderzoeken van het bestemmingsplan blijkt dat er geen sprake is van risico’s voor het milieu of mensen. Van het gebruik van koelwater is geen sprake. Ook zal geen verontreinigd grondwater bij de realisatie van het onderstation tevoorschijn komen. Het klopt dat er een speciaal gas wordt gebruikt als koeling van de transformators. Dat is echter gebruikelijk bij dit type onderstation. Een alternatief is luchtkoeling. Dan is een veel groter oppervlakte nodig om het onderstation te realiseren. Daar is in dit geval vanwege de gevolgen voor de inpassing niet voor gekozen. Procedure Er is bewust gekozen om het traject van het bestemmingsplan los te halen van het ontwerpproces.

Enerzijds om nog voor inwerkingtreding van de Omgevingswet het bestemmingsplan vast te kunnen stellen, anderzijds vanwege de aard van de ontwikkeling. Het onderstation moet aan verschillende eisen vanuit het doelmatig beheer van het energienetwerk voldoen. Ook de noodzaak van het onderstation staat vast. Het bestemmingsplan gaat daarom vooral over de locatie, het bouwvolume en randvoorwaarden voor de inpassing. Binnen het kader van het bestemmingsplantraject zijn er de wettelijke momenten voor inspraak. Bij het ontwerpproces vindt toetsing aan die kaders plaats. Daar is meer gelegenheid voor participatie. Ad 3 – het bestemmingsplan ‘Onderstation Nieuwe Meer II, bestaande uit de verbeelding en regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.F2104BPSTD-VG01 in elektronische en analoge vorm, gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dit ter inzage heeft gelegen, vast te stellen overeenkomstig de Nota van wijzigingen welke onderdeel uitmaakt van dit besluit, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik gemaakt is van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 15 juni 2021. Voorgesteld wordt om het voorliggende bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

In de bijgevoegde Nota van wijzigingen zijn de ambtshalve wijzigingen opgenomen die in het vast te stellen bestemmingsplan zijn verwerkt. Dit zijn ondergeschikte wijzigingen, veelal van tekstuele aard, die niet tot een ander planologisch kader hebben geleid. De voorgestelde wijzigingen zijn niet aan te merken als wijzigingen van wezenlijke aard als bedoeld in artikel 12 van de Verordening op het lokaal bestuur. Daarom is het vast te stellen bestemmingsplan niet nogmaals voor advies voorgelegd aan het DB of de stadsdeelcommissie van stadsdeel Nieuw-West. Ad 4 – Geen exploitatieplan vast te stellen Ingevolge de Wro stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden waarop een algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen (artikel 6.12 Wro). De gemeenteraad mag hiervan afwijken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of de vergunning begrepen gronden anderszins verzekerd is. Met Liander en Tennet is een

Gegenereerd: v1.4

4

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

anterieure overeenkomst gesloten, waarmee kostenverhaal anderszins is verzekerd. Daarom wordt geen exploitatieplan vastgesteld. Het bestemmingsplan Het bestemmingsplan voorziet in een actuele planologische grondslag voor de realisatie van een nieuwe onderstation ten zuiden van het bestaande onderstation op het perceel Anderlechtlaan 250 in Amsterdam. Het nieuwe onderstation draagt bij aan de doelstelling tot uitbreiding en verzwaring van het energienetwerk. Het perceel is eigendom van Liander. Het is een logische locatie voor een nieuw onderstation vanwege de eigendomssituatie, maar ook vanwege de al aanwezige infrastructuur van het bestaande onderstation. Daarnaast is de locatie al milieubelast, door onder andere de aanwezige rijksweg en een gasstation van Gasunie. Op het perceel is momenteel geen bebouwing mogelijk. Het huidige bestemmingsplan wijst de gronden van het gebied aan voor ‘Groen’. Op basis van locatiestudie is de locatie aan de Anderlechtlaan 250 als voorkeurslocatie aangewezen. Op 8 juli 2021 is de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 vastgesteld. Voor de locatie Anderlechtlaan in de Nieuwe Meer is een zoekgebied opgenomen voor de uitbreiding van de energievoorzieningen in Amsterdam. Het bestemmingsplan past in deze visie. In februari 2021 heeft het DB van stadsdeel Nieuw-West positief geadviseerd op de uitbreiding van het onderstation op deze locatie.

Het onderstation wordt ruimtelijk goed ingepast door de opname van een ruimtelijk programma van eisen in het bestemmingsplan waarin gebouwen en inrichting worden getoetst. Aandachtspunten Ligging nabij De Oeverlanden Het plangebied ligt aan de Oeverlanden. Dit gebied vervult een steeds belangrijker wordende groene functie bij de transformatie van Schinkelkwartier en andere ontwikkelingen. Aan de realisatie van het onderstation worden daarom kwaliteitseisen gesteld, zoals een groene inpassing. Daarnaast is expliciet afgewogen in hoeverre de ruimtelijke gevolgen van een onderstation op deze locatie gevolgen heeft voor het landschapspark. Landschappelijke inpassing Voor de inpassing van het onderstation is een ruimtelijk programma van eisen (RPVE) opgesteld, waarin voorwaarden zijn opgenomen voor de architectuur en vormgeving van gebouwen en de inrichting van het terrein. Daarnaast is er aandacht voor de openbare ruimte die aan het perceel grenst. Het RPVE maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan en is op twee manieren juridisch geborgd. Enerzijds wordt het RPvE getoetst bij afgifte van omgevingsvergunningen voor de bouw van de gebouwen van het onderstation. Voor activiteiten die niet vergunningsplichtig zijn, zoals de inrichting van het terrein en de groene inpassing, is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in het bestemmingsplan.

Die maakt dat gebouwen en gronden pas in gebruik mogen worden genomen als de terreininrichting en groene inpassing in overeenstemming met het RPvE zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. Het ontwerp van de gebouwen en infrastructuur moet daarom aan het programma van eisen voldoen. Er is momenteel nog geen ontwerp van de gebouwen en infrastructuur gereed. Het bestemmingsplan maakt (naast de functie) door aanwijzing van bouwvlakken en bouwhoogten vooralsnog alleen een volume mogelijk. Aan de westkant geldt een maximale bouwhoogte van 15 meter. Aan de Anderlechtlaan is dat 9,5 meter. De bestaande ontsluiting blijft behouden. Voor

Gegenereerd: v1.4

5

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

incidenteel zwaar verkeer wordt aan de zuidzijde een nieuwe ontsluiting gemaakt. Hiervoor wordt een dam en duiker aangebracht. Liander en Tennet werken in het vierde kwartaal 2022 het ontwerp uit en daarbij wordt participatie mogelijk gemaakt. Momenteel hebben al gesprekken plaatsgevonden met de indieners van de zienswijzen en belangenorganisaties in De Oeverlanden. Zij worden ook betrokken bij het participatietraject. Geluidoverlast In de omgeving van het onderstation zal als gevolg van de installaties geluid te ervaren zijn. Er staan geen woningen in de omgeving die op grond van geluidwetgeving beschermd zijn. In het Landschapspark De Oeverlanden wordt gerecreëerd. Voor het beperken van geluidsoverlast voor deze doelgroep bestaat geen wettelijk kader. Recreanten verblijven doorgaans relatief kort zodat eventuele hinder geen invloed heeft op de gezondheid van de gebruiker. Er dient in dat kader een algemene belangenafweging te worden gemaakt in hoeverre toename van geluid in het recreatiegebied – gelet op de omstandigheden van de situatie ter plaatse en de belangen van het recreatiegebied– in verhouding staat tot het met het plan te dienen (maatschappelijke) belangen. Door Peutz is onderzoek gedaan naar de geluidbelasting in de omgeving.

Op basis van dat onderzoek kan worden geconcludeerd dat er weliswaar geluid door het onderstation ontstaat, maar dat deze belasting verwaarloosbaar is tegen de achtergrond van het wegverkeersgeluid van de rijksweg. Er is daarom geen sprake van onaanvaardbare gevolgen (voor de gebruikers van) het recreatiegebied. Door ecologen van Sweco is onderzocht in hoeverre dierensoorten in het natuurgebied last kunnen hebben van het geluid van het onderstation. Zij stellen vast dat die gevolgen zijn uit te sluiten. Gelet op de beperkte gevolgen voor het natuurgebied weegt het belang van een goede energievoorziening hier zwaarder. Er zijn daarom geen aanvullende maatregelen voor beperking van het geluid opgenomen. Spanningsveld met de Omgevingsvisie Amsterdam De gekozen locatie voor het onderstation is in de Omgevingsvisie Amsterdam tevens aangemerkt als hoogstedelijke buurt. Bedoeld voor de realisatie van woningen en voorzieningen in een hoge dichtheid. De uitbreiding van het onderstation kan vanwege een grotere geluidcontour rondom het onderstation, alsmede de richtafstanden voor gevaar, effect hebben op toekomstige woningbouw in dit gebied.

De Omgevingsvisie beschrijft daarom een spanningsveld tussen een concreet korte termijn project – het onderstation – en een langere termijn ambitie: een woonwijk, samenhangend met de het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofdorp, en het daarbij behorende metrostation ter hoogte van de Nieuwe Meer. De (berekende) geluidscontour (plus andere milieucontouren) rondom het onderstation reiken tot ver over de woonwijk. De uitbreiding van het onderstation is randvoorwaardelijk voor veel andere doelen uit de Omgevingsvisie, onder meer voor de realisatie van woningbouw in het Schinkelkwartier en prevaleert daarom. Bovendien is uit onderzoek gebleken dat het zoekgebied voor de hoogstedelijke buurt in huidige situatie al zwaarbelast blijkt met beperkingen voor woningbouw. De locatie is namelijk al zwaar geluidsbelast met vlieg-, spoor- en wegverkeersgeluid. De ontwikkeling van gevoelige functies op korte afstand van het plangebied is in de huidige situatie ook beperkt door de bestaande energieinfrastructuur van TenneT, Liander en Gasunie. De veiligheidsafstanden van (de huidige alaaspunten op) het terrein van Gasunie zijn van oost naar west 115 meter en 21 meter. Op het zuidelijk deel van het terrein van Gasunie zijn nog twee nieuwe alaaspunten voorzien met een veiligheidsafstand van 91 meter.

Gegenereerd: v1.4

6

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

Binnen de veiligheidsafstand van 115 meter mogen geen (beperkt) kwetsbare objecten opgericht worden. Hier zal bij de realisatie van een hoog stedelijke omgeving in de huidige situatie rekening moeten worden gehouden. Aangezien het binnen deze afstand niet is toegestaan om (beperkt) kwetsbare objecten op te richten, is woningbouw in dit gedeelte niet reëel. Het bereik van de hindercontour van Gasunie komt ongeveer overeen met de voorgestelde geluidszone die moet worden opgenomen door de uitbreiding van het onderstation. Daarmee vormt de uitbreiding van het onderstation geen extra beperking voor de mogelijkheden om woningbouw nabij het plangebied te ontwikkelen. Financiële onderbouwing Consequenties gedekt?

Ja

Overige toelichting

De werkzaamheden aan dit bestemmingsplan worden verricht op verzoek en voor rekening van de netwerkbeheerders. Een eventueel planschaderisico wordt via een planschadeverhaalsovereenkomst verhaald op de ontwikkelaars. Conclusie

De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn reeds geraamd in de begroting (100% dekking). Geheimhouding

n.v.t.

Welke stukken treft u aan

Gegenereerd: v1.4

7

Gemeenteraad

VN2022-034532 Ruimte en Duurzaamheid

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 21 december 2022

Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2022-109902

1. Onderstation Nieuwe Meer II_Verbeelding.pdf (pdf)

AD2022-109907

2. Adviesaanvraag DB aan stadsdeelcommissie.docx (msw12)

AD2022-109908

3. 221007 nota van beantwoording zienswijzen.docx (msw12)

AD2022-109909

4. 221007 Nota van wijzigingen.docx (msw12)

AD2022-109904

5. Onderstation Nieuwe Meer II_Toelichting.pdf (pdf)

AD2022-109903

5a. Onderstation Nieuwe Meer II_Bijlagen bij de toelichting.pdf (pdf)

AD2022-109905

6. Onderstation Nieuwe Meer II_Regels.pdf (pdf)

AD2022-109906

6a. Onderstation Nieuwe Meer II_Bijlagen bij de regels.pdf (pdf)

AD2022-109910

7. Onderstation Nieuwe Meer II Onderzoek stikstofdepositie NL22-648800269-36626.pdf (pdf)

AD2022-097489

Gemeenteraad Voordracht (pdf)

Registratienr.

Naam

Ter Inzage

Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)

Ruimte en Duurzaamheid, Ruben Visser (ruben.visser@amsterdam.nl)

Gegenereerd: v1.4

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12088894/1