CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

7 Nota van wijzigingen ten opzichte van het Ontwerp Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties

RAAD 2 juli 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties (VN2026-007926)12.243 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

4 alinea's met “sluiting”: 35 54 55 78

Nota van wijzigingen ten opzichte van het Ontwerp Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenloca es In dit document worden met een was/wordt-weergave de wijzigingen ten opzichte van het ontwerp wijzigingsbesluit getoond.

Paragraaf 2.3.8 Hotel Artikel 2.113 Toepassingsbereik 1. Deze paragraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: hotel'. 2. Deze paragraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: hotel'. Artikel 2.114 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: hotel', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: hotel' hebben als gebruiksdoel hotel en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van een hotel. Artikel 2.115 Omvang en situering van hotels 1. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte hotel' is de maximum brutovloeroppervlakte die ten behoeve van hotel mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'bouwlaag waarin hotel is toegestaan' is het exploiteren van een hotel uitsluitend toegestaan in de daar bepaalde bouwlaag of bouwlagen. 3. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal hotelkamers' is het maximum aantal hotelkamers de daar bepaalde waarde. 4. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal bedden' is het maximum aantal slaapplaatsen dat in het hotel is toegestaan de daar bepaalde waarde. 5. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal bedden per kamer' is het maximum aantal slaapplaatsen dat per hotelkamer is toegestaan de daar bepaalde waarde.

Artikel 2.116 Bijbehorende faciliteiten uitsluitend voor hotelgasten 1. Bij het hotel behorende faciliteiten voor hotelgasten mogen, tenzij elders anders is bepaald, uitsluitend door hotelgasten worden gebruikt. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'bijbehorende hotelfaciliteiten ook voor niet-hotelgasten' geldt dat bij het hotel behorende faciliteiten voor hotelgasten ook door niet-hotelgasten mogen worden gebruikt, met uitzondering van faciliteiten gericht op het ter plaatse verstrekken van dranken of bereiden en verstrekken van etenswaren. 3. Het aanbieden van faciliteiten aan derden voor het houden van vergaderingen en congressen is toegestaan voor zover dit ondergeschikt is aan het hoofdgebruik van hotel. 4. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte verhuurbare vergader- en congresfaciliteiten' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve het aanbieden van faciliteiten voor het houden van vergaderingen en congressen mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde. Artikel 2.117 Verboden gebruik bijbehorende gronden en bouwwerken 1. Onverminderd artikel 3.5 is het verboden de bij een hotel behorende gronden en bijbehorende bouwwerken te gebruiken voor: a. het aanbieden van faciliteiten ten behoeve van overnachten; b. bijbehorende faciliteiten voor hotelgasten en vergader- en congresfaciliteiten. 2.

Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor het gebruik van gronden als horecaterras voor hotelgasten, tenzij artikel 3.5, derde lid van toepassing is. Artikel 2.118 Mogelijkheid tot het stellen van maatwerkvoorschriften 1. Het bevoegd gezag kan, voor zover zij die nodig acht ter voorkoming van onaanvaardbare overlast op de omgeving, een maatwerkvoorschrift stellen over:

a. het gebruik van bij het hotel behorende faciliteiten voor hotelgasten door niethotelgasten; b. b. het gebruik van bij het hotel behorende gronden en bouwwerken als horecaterras voor hotelgasten. 2. Een maatwerkvoorschrift over het gebruik van bij het hotel behorende gronden en bouwwerken als horecaterras voor hotelgasten kan inhouden een verbod om bij het hotel behorende gronden en bouwwerken als horecaterras voor hotelgasten te gebruiken.

Paragraaf 2.3.20 Horecazaak Subparagraaf 2.3.20.1 Algemeenne regels Artikel 2.244 Toepassingsbereik 1. Deze paragraaf is van toepassing op het exploiteren van een horecazaak. 2. Deze paragraaf geldt ter plaatse van de volgende aanduidingen: a. 'gebruiksdoel: lichte horeca'; b. 'gebruiksdoel: reguliere horeca'; c. 'gebruiksdoel: middelzware horeca'; en d. 'gebruiksdoel: zware horeca'. 3. Deze paragraaf is niet van toepassing op een horecazaak die als additionele horeca is toegestaan op grond van subparagraaf 3.2.13.23. Artikel 2.245 Omvang en situering van een horecazaak 1. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte horecazaak' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van een of meer horecazaken mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'bouwlaag waarin een horecazaak is toegestaan' is een horecazaak uitsluitend toegestaan in de daar bepaalde bouwlaag of bouwlagen. 3. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal horecazaken' is het maximum aantal horecazaken dat is toegestaan de daar bepaalde waarde. Artikel 2.246 Maatwerkvoorschrift met betrekking tot het incidenteel aanbieden van een dansvloer 1.

Het bevoegd gezag kan een maatwerkvoorschrift stellen waarmee in afwijking van subsubparagraaf 2.3.20.2.2 of subsubparagraaf 2.3.20.2.3 incidenteel het aanbieden van een dansvloer en het overschrijden van de geluidsnorm voor het ten gehore brengen van muziek kan worden toegestaan, indien dit naar het oordeel van het bevoegd gezag niet leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor het woon- en lee limaat. 2. Aan het maatwerkvoorschrift kunnen de beperkingen worden verbonden die nodig zijn om een aanvaardbaar woon- en lee limaat te borgen, onder andere over de aard, omvang en frequentie van de activiteit. 3. Het maatwerkvoorschrift is op naam gesteld van de exploitant, persoonsgebonden en niet overdraagbaar.

Subparagraaf 2.3.20.2 Zwaartecategorieën voor zelfstandige horeca Subsubparagraaf 2.3.20.2.1 Lichte horeca

Artikel 2.2476 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca'. 2. Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca'. Artikel 2.2487 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' hebben als gebruiksdoel lichte horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van lichte horeca. Artikel 2.2498 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaakhet horecabedrijf; b. het verstrekken van etenswaren en/of niet-alcoholhoudende dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterrasgebruik ter plaatse; c. consumptie in het horecabedrijf; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; d. het verstrekkenaanbieden/ meegeven van niet alcoholhoudende dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; e.

het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte toegestaan, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingsbehandelingen ter plaatse behoeven, zoals verwarmen, gaar maken, samenstellen en, beleggen en ontdooien, nodig hebben. Artikel 2.25249 Verstrekken van etenswaren voor directe consumptie vanuit een kiosk Ter plaatse van de aanduiding ‘Verstrekken van etenswaren voor directe consumptie vanuit een kiosk toegestaan’ is, In aanvulling opin afwijking artikel 2.25048, is het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan, voor zover die etenswaren voorbereidingsbehandeling behoeven, zoals verwarmen, gaar maken, beleggen en ontdooien, maar uitsluitend als de horecazaak niet voor publiek toegankelijk is en een maximale bruto-vloeroppervlakte heeft van 50 m2. Artikel 2.250 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het verstrekken schenken van alcoholhoudende dranken; b. het verstrekkenaanbieden/meegeven van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.249, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; c.

het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 75 77 dB(A); d. het aanbieden van een dansvloerhet inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer; e. zaalverhuur voor feesten en partijen; f.e. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterraster plaatse; g.f. het exploiteren van fastfoodhoreca.

Artikel 2.251 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.250 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan’.

Subsubparagraaf 2.3.20.2.2 Reguliere horeca Artikel 2.2531 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca'. 2. Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca'. Artikel 2.2542 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' hebben als gebruiksdoel reguliere horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van reguliere horeca en lichte horeca. Artikel 2.2553 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaakhet horecabedrijf; b. het verstrekken van etenswaren en/of niet-alcoholische dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterrasgebruik ter plaatse; c. consumptie in het horecabedrijf; d. het schenken van alcoholhoudende drank; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor directe consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; e.d.

het verstrekkenaanbieden/ meegeven van niet alcoholhoudende dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras in de directe omgeving van het horecabedrijf; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte toegestaan, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingsbehandelingen ter plaatse behoeven, zoals verwarmen, gaar maken, samenstellen en, beleggen en ontdooien, nodig hebben. f. . Artikel 2.2564 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het verstrekkenaanbieden/meegeven van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.255, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; b. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 75 77 dB(A); c. het aanbieden van een dansvloerhet inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer; d. zaalverhuur voor feesten en partijen; e.d. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak.

Artikel 2.2575 Het exploiteren van fastfoodhoreca 1. Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'. 2. In afwijking van artikel 2.2564 aanhef en onder a, is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekkenaanbieden/meegeven van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak, het horecabedrijf toegestaan. 3. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde. Artikel 2.258 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.256 en 2.257 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan’.

Subsubparagraaf 2.3.20.2.3 Middelzware horeca Artikel 2.2596 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca'. 2. Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca'. Artikel 2.26057 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' hebben als gebruiksdoel middelzware horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van middelzware horeca, reguliere horeca en lichte horeca. Artikel 2.26158 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaakhet horecabedrijf; b. het verstrekken van etenswaren en/of niet-alcoholische dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterrasgebruik ter plaatse; c. consumptie in het horecabedrijf; d. het schenken van alcoholhoudende dranken; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; e.d.

het verstrekkenaanbieden/ meegeven van niet alcoholhoudende dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimtetoegestaan, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingsbehandelingen ter plaatse behoeven, zoals verwarmen, gaar maken, samenstellen en, beleggen en ontdooien, nodig hebben;

f.

het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 75 77 dB(A), met inachtneming van subparagraaf 9.2.2.3;. g. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse.

Artikel 2.26259 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' is het verstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.261, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer; b. zaalverhuur voor feesten en partijen; c. het exploiteren van fastfoodhoreca; Artikel 2.263 Het exploiteren van fastfoodhoreca 1. Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'. 2. In afwijking van artikel 2.262 is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak, toegestaan. 3. Bij het exploiteren van fastfoodhoreca is niet toegestaan: a. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A) niet toegestaan; en b. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras. 4.

Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde. Artikel 2.264 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.262 en artikel 2.263 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan’. Artikel 2.2650 Het verstrekken van waterpijpen Het verstrekken van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca met aanbieden waterpijpen toegestaan'. Artikel 2.266 Waar het aanbieden van een dansvloer is toegestaan In afwijking van artikel 2.262, aanhef en onder b, is ter plaatse van de aanduiding 'aanbieden van een dansvloer binnen middelzware horeca toegestaan' het aanbieden van een dansvloer toegestaan, onder voorwaarde dat er geen entreegeld wordt geheven en de dansvloer niet groter is dan 20% van het bruto oppervlak van de horecazaak.

Subsubparagraaf 2.3.20.2.4 Zware horeca

Artikel 2.2671 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'. 2. Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'. Artikel 2.2682 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' hebben als gebruiksdoel zware horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van zware horeca, middelzware horeca, reguliere horeca en lichte horeca. Artikel 2.2693 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaakhet horecabedrijf; b. het verstrekken van etenswaren en/of niet-alcoholhoudende dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterrasgebruik ter plaatse; c. consumptie in het horecabedrijf; d. het schenken van alcoholhoudende drank; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; d.

het verstrekkenaanbieden/ meegeven van niet alcoholhoudende dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben; f. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 75 77 dB(A), met inachtneming van subparagraaf 9.2.2.3; g. aanbieden van een dansvloerhet inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer;. h. zaalverhuur voor feesten en partijen. Artikel 2.27064 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het aanbieden/meegevenverstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.269, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterrasin de directe omgeving van het horecabedrijf; b. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak.; c. het exploiteren van fastfoodhoreca. Artikel 2.271 Het exploiteren van fastfoodhoreca 1.

Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'. 2. Bij het exploiteren van fastfoodhoreca In afwijking van artikel 2.270, aanhef en onder a, is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan. 3. niet is niet toegestaan:

a. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A) niet toegestaan; b. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras; en c. het aanbieden van een dansvloer. 4. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.

Artikel 2.272 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.270 en artikel 2.271 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan’.

Subparagraaf 2.3.20.3 Waar een horecazaak uitsluitend is toegestaan in combinatie met een andere vorm van gebruik Artikel 2.27365 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het exploiteren van een horecazaak op locaties waar het exploiteren van een horecazaak uitsluitend is toegestaan indien en zolang op die locatie ook een andere vorm van gebruik plaatsvindt. 2. Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de volgende aanduidingen: a. voorgeschreven combinatie van horeca met een museum - 1.

Paragraaf 3.2.13 Activiteiten op het gebied van horeca Subparagraaf 3.2.13.1 Algemeen Artikel 3.52 Toepassingsbereik 1. Deze paragraaf is van toepassing op: a. zaalverhuur voor feesten en partijen; b.a. het uitoefenen van additionele horeca; c.b. het verrichten van een omgevingsplanactiviteit culturele horeca; d.c. het uitoefenen van een omgevingsplanactiviteit horecaterras; en e.d. openingstijden bij het exploiteren van een horecazaak. 2. Deze paragraaf is niet van toepassing op de in het eerste lid genoemde activiteiten voor zover die betrekking hebben op het binnen een hotel verstrekken van eten en drinken aan uitsluitend hotelgasten. Artikel 3.53 Begripsbepaling In deze paragraaf wordt onder bezoekers van een horecazaak verstaan degenen die niet zijn: a. de leden van het gezin of de huishouding van de exploitant alsmede zijn elders wonende bloed- en aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad; b. de personen van wie de aanwezigheid in het bedrijf wegens dringende reden noodzakelijk is.

Artikel 3.54 Specifieke zorgplicht Degene die een horeca-activiteit verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor het woon- en lee limaat, is verplicht: a. alle maatregelen te treffen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd. Artikel 3.55 Maatwerkvoorschrift Indien de uitoefening van een horeca-activiteit in ernstige mate a reuk doet aan een aanvaardbaar woon- en lee limaat, kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld om de nadelige gevolgen te beperken.

Subparagraaf 3.2.13.2 Zaalverhuur voor feesten en partijen Artikel 3.54 Waar zaalverhuur voor feesten en partijen is toegestaan 1. Het gebruik van een bouwwerk voor zaalverhuur voor feesten en partijen is uitsluitend toegestaan binnen een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'. 2. In afwijking van het eerste lid geldt ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' dat: a. zaalverhuur voor feesten en partijen uitsluitend toegestaan voor zover dat in overeenstemming is met het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan; en b. dat als het geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan geen regels bevat over zaalverhuur voor feesten en partijen, zaalverhuur voor feesten en partijen uitsluitend is toegestaan binnen een discotheek, dancing, sociëteit, of daarmee vergelijkebare horecazaak, voor zover die op grond van het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan is toegestaan. 3.1. In afwijking van het eerste lid is daar waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden zaalverhuur voor feesten en partijen uitsluitend toegestaan binnen een horecazaak voor zover in dat TAM-omgevingsplan een locatie is aangeduid met de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'.

Subparagraaf 3.2.13.23 Additionele horeca Artikel 3.565 Toepassingsbereik, voorrangsbepaling, begripsbepaling 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het uitoefenen van additionele horeca. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' blijven de artikelen 3.576, 3.587 en 3.598 buiten toepassing als het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan regels over additionele horeca bevat. In dat geval blijven de regels in dat ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan van toepassing. 3. Ter plaatse van het besluitgebied van een TAM-omgevingsplan, waarbij het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan is komen te vervallen, blijven de artikelen 3.576, 3.587 en 3.598 buiten toepassing voor zover het TAM-omgevingsplan afwijkende regels over additionele horeca bevat. In dat geval zijn de betreffende regels van het TAM-omgevingsplan van toepassing.

4. In deze subparagraaf wordt onder hoofdactiviteit verstaan het bedrijf, de instelling, de vereniging of andere functie waarbinnen additionele horeca plaatsvindt.

Artikel 3.576 Additionele horeca bij een andere hoofdactiviteit dan detailhandel of binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging Binnen de uitoefening van een ander gebruik dan detailhandel en binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging is additionele horeca uitsluitend toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. additionele horeca mag plaatsvinden vanaf een uur voordat de hoofdactiviteit begint tot een uur nadat de hoofdactiviteit is geëindigd, maar: 1. tot uiterlijk 22.00 uur binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging; 2. in overige gevallen kunnen met het oog op een aanvaardbaar woon- en lee limaat met een maatwerkvoorschrift beperkingen worden gesteld aan de openingstijden; b. toegestaan is het bereiden en verstrekken van etenswaren, alcoholhoudende en nietalcoholhoudendeen dranken voor directe consumptie ter plaatse; c. niet toegestaan zijn: 1. het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van waar de hoofdactiviteit plaatsvindt; 2. het verstrekken van alcoholische of niet-alcoholische dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van waar de hoofdactiviteit plaatsvindt; 3. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 75 77 dB(A); 4. aanbieden van een dansvloerhet inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer; 5.

zaalverhuur voor feesten en partijen; 6.5. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse; en 7.6. activiteiten die zijn gericht op het aantrekken van zelfstandige bezoekersstromen, zoals het maken van reclame voor de additionele horeca-activiteit; d. de additionele horeca is alleen te bereiken door een bezoek aan de hoofdactiviteit; e. bij afzonderlijke horecagedeelten, die niet met de hoofdfunctie zijn verweven, omvatten de additionele horeca maximaal 20% van de publiektoegankelijke ruimte, waarbij toiletten, keuken en opslagruimten niet tot het horecagedeelte worden gerekend; en f. terrassen en gevelbanken zijn niet toegestaan. Artikel 3.587 Additionele horeca bij detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging 1. Binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, is additionele horeca toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. additionele horeca mag alleen worden uitgeoefend tijdens de (reguliere) openingstijden van de detailhandelsvestiging, met een uiterlijke sluitingstijd van 22.00 uur; b. toegestaan is het bereiden en verstrekken van etenswaren en niet-alcoholhoudende dranken voor directe consumptie ter plaatse; c. niet toegestaan zijn: 1. het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van de detailhandelsvestiging; 2.

het verstrekken van alcoholhoudende alcoholische of niet-alcoholhoudende alcoholische dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de detailhandelsvestiging; 3. het verstrekken van alcohol voor directe consumptie ter plaatse; 4. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan dat 75 77 dB(A);

5. het aanbieden van een dansvloerhet inrichten van (een deel van) de ruimte als dansvloer; 6. zaalverhuur voor feesten en partijen; 7.6. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse; en 8.7. activiteiten die zijn gericht op het aantrekken van zelfstandige bezoekersstromen, zoals het maken van reclame voor de additionele horeca; d. de additionele horeca is alleen te bereiken door een bezoek aan de detailhandelsvestiging; e. de additionele horeca omvat maximaal 20% van het winkelvloeroppervlak, tot een maximum van 20 m2; f. terrassen en gevelbanken zijn niet toegestaan; en g. additionele horeca mag niet aan een raam zijn gelegen, uitgezonderd hoekpanden, waar dat wel mag, maar dan niet aan de zijde van de voorgevel of hoofdstraat. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'uitzondering op beperking situering additionele horeca' geldt in afwijking van het eerste lid, onder fg, dat additionele horeca ook aan een raam mag zijn gelegen.

Artikel 3.598 Aanvullende beperking op artikel 3.587 ter plaatse van de aanduiding 'additionele horeca niet toegestaan binnen winkels met een voedselwarenassortiment' 1. In aanvulling op artikel 3.587 geldt ter plaatse van de aanduiding 'additionele horeca niet toegestaan binnen winkels met een voedselwarenassortiment' dat additionele horeca niet is toegestaan binnen de uitoefening van detailhandel met een voedselwarenassortiment. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel met een voedselwarenassortiment als die additionele horeca op het moment dat het eerste lid in werking is getreden rechtmatig aanwezig was. 3. Het in het tweede lid bedoelde overgangsrecht vervalt als: a. niet tijdig aan artikel 3.61, derde lid, wordt voldaan; en b. de wijze van exploitatie of de exploitant van de additionele horeca wijzigt. Artikel 3.6059 Meldingsplicht additionele horeca binnen detailhandel 1. Het is verboden additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, uit te oefenen zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden. 2. De melding bevat informatie over: a. de aard en omvang van de detailhandel waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht; b. de aard en omvang van de voorgenomen additionele horeca; en c.

de indeling van de locatie waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht. 3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing als zich bij bestaande additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, een wijziging gaat voordoen met betrekking tot: a. de aard en omvang van de detailhandel waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht; b. de aard en omvang van de aanwezige additionele horeca; of c. de indeling van de locatie waarbinnen de additionele horeca wordt verricht. Artikel 3.60 Maatwerkvoorschrift Het bevoegd gezag kan een maatwerkvoorschrift stellen over de uitoefening van additionele horeca om onaanvaardbare overlast voor het woon- en lee limaat tegen te gaan.

Artikel 3.61 Overgangsbepalingen bestaande additionele horeca 1. Voor additionele horeca die op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf rechtmatig werd uitgeoefend, geldt dat binnen zes maanden na die datum aan het bepaalde in deze subparagraaf moet zijn voldaan. Tot dat moment blijven de regels van toepassing zoals die golden tot het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf. 2. Voor zover op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf artikel 3.565, lid 2 of lid 3 van toepassing was, geldt dat binnen zes maanden na het vervangen van het betreffende ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan of TAM-omgevingsplan aan het bepaalde in deze subparagraaf moet zijn voldaan. Tot dat moment blijven de regels van toepassing zoals die golden tot het moment van het vervangen van het betreffende ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan of TAM-omgevingsplan. 3. De in artikel 3.6059 bedoelde meldingsplicht is van overeenkomstige toepassing op additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, die op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf rechtmatig werd uitgeoefend. In afwijking van het eerste lid geldt voor deze gevallen dat de in artikel 3.6059 bedoelde melding binnen één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf moet zijn gedaan. 4.

In afwijking van het eerste lid gelden voor additionele horeca waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening geldt, de in die exploitatievergunning opgenomen openingstijden, tot het moment dat die exploitatievergunning is verlopen. Vanaf dat moment gelden de openingstijden, zoals opgenomen in artikel 3.576, onder a.

Subparagraaf 3.2.13.34 Culturele horeca Artikel 3.62 Toepassingsbereik, begripsbepaling 1. Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van een omgevingsplanactiviteit culturele horeca. 1.2. Deze subparagraaf is van toepassing ter plaatse van de aanduiding ‘ruimtelijke regels tijdelijk deel vervallen’. 3. In deze subparagraaf wordt onder hoofdactiviteit verstaan het bedrijf, de instelling, de vereniging of andere functie waarbinnen een omgevingsplanactiviteit culturele horecaadditionele horeca plaatsvindt. Artikel 3.63 Locatiebepaling 1. Een omgevingsplanactiviteit culturele horeca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'culturele horeca toegestaan - vergunningplicht'. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' is, in afwijking van het eerste lid, een omgevingsplanactiviteit culturele horeca ook toegestaan op een andere locatie dan ter plaatse van de aanduiding 'culturele horeca toegestaan - vergunningplicht', voor zover: a. het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan op de locatie een omgevingsplanactiviteit culturele horeca toestaat; b. een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op de locatie een omgevingsplanactiviteit culturele horeca toestaat. 3.

Waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden, geldt in aanvulling op het eerste lid dat een omgevingsplanactiviteit culturele horeca ook is toegestaan ter plaatse van een in dat TAM-omgevingsplan gegeven aanduiding 'culturele horeca toegestaan - vergunningplicht'.

4.2. Op locaties, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, zijn de vergunningplicht, bedoeld in artikel 3.65, en de daarop betrekking hebbende regels onverkort van toepassing.

Artikel 3.64 Uitsluitend in een gebouw Een omgevingsplanactiviteit culturele horeca mag alleen plaatsvinden in een gebouw. Daaronder wordt tevens begrepen dat de activiteit niet plaatsvindt op een (dak)terras of in een (keur)tuin. Artikel 3.65 Vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit culturele horeca te verrichten. Artikel 3.66 Beoordelingsregels Een omgevingsvergunning voor een een omgevingsplanactiviteit culturele horeca wordt alleen verleend als: a. de aanvraag betrekking heeft op een locatie waar op grond van artikel 3.63 een omgevingsplanactiviteit culturele horeca is toegestaan; b. wordt voldaan aan artikel 3.64; c. de exploitatie van dat gebouw geschiedt door een instelling met een culturele doelstelling; d. de omgevingsplanactiviteit culturele horeca bijdraagt aan een mix van verschillende activiteiten binnen het gebouw, waarbij de horecacomponent ondergeschikt is en blijft aan de culturele activiteiten; e. de omgevingsplanactiviteit culturele horeca niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en lee limaat in de omgeving van de activiteit. Artikel 3.67 Vergunningvoorschriften 1. Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden de voorschriften verbonden die nodig zijn met het oog op de in artikel 3.66 bedoelde voorwaarden en belangen. 2.

Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden in elk geval voorschriften verbonden over openingstijden. 2.3. Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca wordt in elk geval bij voorschrift bepaald wat de hoofdactiviteit is waarbinnen de omgevingsplanactiviteit culturele horeca mag worden uitgeoefend, en dat die omgevingsplanactiviteit culturele horeca niet langer mag worden uitgeoefend wanneer de hoofdactiviteit geheel of gedeeltelijk wordt beëindigd. Artikel 3.68 Aanvraagvereisten Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. tekeningen van het gebouw waarbinnen de culturele instelling is gevestigd waarop is aangegeven waar de een omgevingsplanactiviteit culturele horeca zal worden uitgeoefend; b. stukken waaruit blijkt dat de aanvrager een instelling betreft met een culturele doelstelling, waaronder in elk geval: 1. een bedrijfsplan waaruit blijkt dat sprake is van een instelling met een culturele programmering; en 2. inzicht in de programmering van het afgelopen jaar of de voorgenomen programmering voor het komende jaar; c. de beoogde openingstijden voor de omgevingsplanactiviteit culturele horeca;

d. het maximum aantal bezoekers dat tegelijkertijd aanwezig is binnen de culturele instelling, en het maximaal aantal bezoekers dat gebruik kan maken van de culturele horeca-voorziening. Voor zover beide aantallen gelijk zijn, wordt dit voor beide afzonderlijk vermeld.

Artikel 3.69 Overgangsbepalingen 1. Voor de in bijlage IX opgenomen instellingen gelden de volgende vergunningen als een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca: t a. een op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder c, jo. artikel 2.12 van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleende vergunning voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan; b. een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 22.280 en 22.281, voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan; 1.2. een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het omgevingsplan. als een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca. 2. Als in een nog geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan is bepaald dat ten behoeve van culturele horeca bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de regels in dat nog geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan, dan geldt een met toepassing van de daarop betrekking hebbende regels verleende vergunning als een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca. 3.

Voor zover een exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, voorschriften van ruimtelijke aard bevatten, met inbegrip van voorschriften over openingstijden, dan gelden deze als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca, bedoeld in het eerste lid. 4. Het college van burgemeester en wethouders zal binnen een redelijke termijn een schriftelijke versie van de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca en de daarop betrekking hebbende voorschriften verstrekken aan de exploitant.

Subparagraaf 3.2.13.45 Horecaterrassen Subsubparagraaf 3.2.13.45.1 Algemeen Artikel 3.70 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op horecaterrassen en het verrichten van een omgevingsplanactiviteit horecaterras.

Subsubparagraaf 3.2.13.45.2 Algemene regels over horecaterrassen Artikel 3.71 Locatiebepaling horecaterras 1. Een horecaterras is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horecaterras toegestaan - vergunningplicht'. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' is een horecaterras ook toegestaan op een locatie anders dan ter plaatse van de aanduiding 'horecaterras toegestaan - vergunningplicht', voor zover: a. het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan op de locatie een horecaterras toestaat;

b. het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan een binnenplanse afwijkbevoegdheid bevat om op de locatie een horecaterras toe te staan; c. een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op de locatie een horecaterras toestaat; c.d. een omgevingsvergunning van rechtswege, bedoeld in artikel 3.76, geldt. 3. Waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden, geldt in aanvulling op het eerste lid dat een horecaterras ook is toegelaten ter plaatse van een in dat TAM-omgevingsplan gegeven aanduiding 'horecaterras toegelaten - vergunningplicht'. 4. Op locaties, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, zijn de vergunningplicht, bedoeld in artikel 3.75, en de daarop op die vergunningplicht betrekking hebbende regels onverkort van toepassing.

Artikel 3.72 Activiteiten die op een horecaterras zijn toegestaan 1. Voor zover verband houdend met de exploitatie van een horecaterras mogen op een horecaterras uitsluitend bedrijfsmatig dranken worden geschonken of etenswaren en/of waterpijpen worden verstrekt voor directe consumptie op het horecaterras. Andere activiteiten die verband houden met de exploitatie van de horecazaak waar het horecaterras bij hoort, zijn niet toegestaan. 2. Het verstrekken van waterpijpen voor directe consumptie op het horecaterras is uitsluitend toegestaan voor zover dit bij vergunningvoorschrift is bepaald. 3. Maximaal twee keer per jaar zijn andere dan de in het eerste lid bedoelde activiteiten toegestaan die verband houden met de exploitatie van de horecazaak waar het horecaterras bij hoort, onder de volgende voorwaarden: a. de activiteiten vinden plaats tussen 09:00 en 22:00 uur; b. alleen tijdelijke objecten zijn toegestaan; c. live-muziek is toegestaan, maar geluidsversterkers zijn niet toegestaan. Artikel 3.73 Objecten die op een horecaterras zijn toegestaan 1. Objecten die het normaal gebruik van het horecaterras, bedoeld in artikel 3.72, mogelijk maken zijn toegestaan. 2. Terrasverwarming in de vorm van losstaande elementen of verwerkt in een parasol of ander op het horecaterras staand object is niet toegestaan. 3.

Alle objecten op een horecaterras moeten verwijderd kunnen worden als dat nodig is voor het gebruik of beheer van de openbare ruimte. 4. Met een maatwerkvoorschrift kan het bevoegd gezag bepalen dat verwijdering van het terras noodzakelijk is in verband met werkzaamheden in de openbare ruimte. In dat geval zorgt de exploitant of de leidinggevende onmiddellijk of binnen de daartoe gestelde termijn voor verwijdering. Artikel 3.74 Openingstijden horecaterras 1. Het is verboden een horecaterras voor bezoekers geopend te hebben of bezoekers op een horecaterras toe te laten op een ander tijdstip dan waarop de horecazaak waar het horecaterras bij behoort geopend mag zijn, maar tot maximaal 02.00 uur.: a. op zondag tot en met donderdag tot 01.00 uur; b. op vrijdag en zaterdag tot 02.00 uur. 2. In afwijking van het eerste lid geldt van 1 november tot 1 maart een maximum sluitingstijd van 24.00 uur. 2.3. In afwijking van het eerste en tweede lid geldt voor een horecaterras bij lichte horeca een maximum sluitingstijd van 22.00 uur.

4. In een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras kan een vroeger tijdstip als maximale sluitingstijd zijn bepaald. In afwijking van het eerste en tweede lid is in dat geval dat de maximale sluitingstijd.

Subsubparagraaf 3.2.13.45.3 Vergunningplicht Artikel 3.75 Vergunningplicht omgevingsplanactiviteit horecaterras 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit horecaterras te verrichten. 2. Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras is verbonden aan de horecazaak waarbij het horecaterras behoort. Artikel 3.76 Omgevingsvergunning van rechtswege voor legaal bestaande terrassen 1. Dit artikel is van toepassing op een legaal bestaand horecaterras waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning horecabedrijf gold. 2. Als een Voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning horecabedrijf gold, geldtvoor het moment van inwerkingtreding van subsubparagraaf 3.2.13.5.3 rechtmatig werd verricht, geldt voor die activiteit een omgevingsvergunning van rechtswege voor onbepaalde tijd, mits en voor zolang die activiteit naar aard en omvang niet verschilt van de activiteit zoals die is vergund met de in het eerste lid bedoelde exploitatievergunning horecabedrijfdeze werd verricht voor de inwerkingtreding van die wet. 3.

De voorschriften zoals opgenomen in de exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, gelden als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid, voor zover die voorschriften betrekking hebben op: a. positionering en maatvoering van het terras; b. openingstijden van het terras; c. het aantal bezoekers of zitplaatsen dat maximaal op het terras aanwezig mag zijn; c.d. terrasschotten en parasols. 4. Voor zover met betrekking tot een horecaterras het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, regels bevat, gelden die regels als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid. 5. Voor zover met betrekking tot een horecaterras een op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder c, jo. artikel 2.12 toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleende vergunning voorschriften bevat, gelden die voorschriften als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid. 6.

Voor zover de openingstijden van het terras, bedoeld in het derde lid, onder b, ruimer zijn dan de openingstijden, bedoeld in artikel 3.74, gelden laatstgenoemde openingstijden. 5.7. Het college van burgemeester en wethouders zal binnen een redelijke termijn een schriftelijke versie van de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras en de daarop betrekking hebbende voorschriften verstrekken aan de exploitant.

Artikel 3.77 Beoordelingsregels 1. Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt alleen verleend als de aanvraag betrekking heeft op een locatie waar op grond van artikel 3.71 een terras is toegestaan. 2. Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt alleen verleend als de activiteit niet leidt tot een onaanvaardbare aantasting van: a. de gebruiksmogelijkheden van de gronden zelf en van de aangrenzende gronden en bouwwerken; en b. het woon- en lee limaat. 3. Bij de in het tweede lid bedoelde beoordeling houdt het bevoegd gezag in elk geval rekening met de volgende aspecten: a. of het beoogde gebruik schade toebrengt aan de openbare ruimte dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de openbare ruimte of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan; b. of het beoogde gebruik een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en onderhoud van de openbare ruimte; c. of het beoogde gebruik a reuk doet aan andere publieke functies van de weg, inclusief de bescherming van het uiterlijk aanzien daarvan; d. de mate van geluidsoverlast die naar verwachting op de omgeving zal ontstaan en de mogelijkheden om onaanvaardbare geluidoverlast te voorkomen. 4.

Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt ook geweigerd als de activiteit niet is te verenigen met een voorgenomen herontwikkeling van het gebied of herinrichting van de publieke buitenruimte van het gebied waar het beoogde terras binnen valt. 5. Indien de aanvraag betrekking heeft op de wijziging van een bestaand horecaterras, wordt de aanvaardbaarheid van het gehele horecaterras betrokken. 4.6. Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt geweigerd als de aanvraag betrekking heeft op een locatie op of aan een weg, bedoeld in artikel 3.18 van de Algemene Plaatselijke Verordening. 5. Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt geweigerd als de aanvraag betrekking heeft op een horecaterras bij additionele horeca of een omgevingsplanactiviteit culturele horeca. Artikel 3.78 Vergunningvoorschriften 1. Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras worden de voorschriften verbonden die nodig zijn met het oog op het voorkomen van een onaanvaardbare aantasting van: a. de gebruiksmogelijkheden van de gronden zelf en van de aangrenzende gronden en bouwwerken; en b. het woon- en lee limaat. 2. Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras worden in elk geval voorschriften verbonden over: a.

positionering en maatvoering van het terras; b. openingstijden van het terras, met inachtneming van de in artikel 3.74 bedoelde maxima, die niet mogen worden overschreden, maar die met het oog op een aanvaardbaar woonen lee limaat, rekening houdend met het karakter van de omgeving, kunnen worden beperkt; c. het aantal zitplaatsen dat maximaal op het terras aanwezig mag zijn; c.d. terrasschotten en parasols.

3. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een horecazaak waarbij het aanbieden en gebruiken van een waterpijp is toegestaan, wordt met een voorschrift bepaald of het aanbieden en gebruiken van een waterpijp op het horecaterras is toegestaan;

Artikel 3.79 Aanvraagvereisten Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. gegevens over de locatie, aard en omvang van de horecazaak, waarvan het horecaterras onderdeel moet gaan uitmaken; b. tekeningen op schaal van de locatie van het beoogde horecaterras en van de omvang en inrichting ervan; c. inzicht in het aantal zitplaatsen op het beoogde horecaterras; d. inzicht in de aard en omvang van objecten die op het beoogde terras geplaatst zullen worden; e. een onderzoek naar de mate van stemgeluid vanwege het horecaterras op omliggende woningen en inzicht in maatregelen die genomen kunnen worden om overlast vanwege stemgeluid zo veel mogelijk te voorkomen, voor zover dat naar het oordeel van het college nodig is; f. de beoogde openingstijden van het horecaterras. Artikel 3.80 GereserveerdVervallen van de omgevingsvergunning Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras vervalt als: a. bij wijziging van het omgevingsplan de aanduiding, bedoelt in artikel 3.71, eerste lid, is komen te vervallen; b. bij een wijziging van het omgevingsplan, waarmee voor de betreffende locatie het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan is vervangen, is de aanduiding, bedoelt in artikel 3.71, eerste lid, niet aan de locatie gegeven; c.

bij een wijziging van het omgevingsplan, waarmee voor de betreffende locatie een TAMomgevingsplan is vervangen, is de aanduiding, bedoelt in artikel 3.71, eerste lid, niet aan de locatie gegeven.

Subparagraaf 3.2.13.56 Openingstijden horecazaak Subsubparagraaf 3.2.13.56.1 Algemeen Artikel 3.81 Toepassingsbereik 1. Deze subparagraaf heeft betrekking op de openingstijden van een horecazaak, tenzij sprake is van additionele horeca, bedoeld in subparagraaf 3.2.13.23. In dat geval zijn de daar opgenomen regels over openingstijden van toepassing. 2. Deze subparagraaf heeft geen betrekking op de openingstijden van een omgevingsplanactiviteit culturele horeca. Daarop zijn de in subparagraaf 3.2.13.3 opgenomen regels over openingstijden van toepassing. 3. Deze subparagraaf heeft geen betrekking op de openingstijden van een horecaterras. Daarop zijn de in subparagraaf 3.2.13.45 opgenomen regels over openingstijden van toepassing.

Subsubparagraaf 3.2.13.56.2 Algemene openingstijden

Artikel 3.82 Openingstijden horeca, afwijkmogelijkheden 1. Voor een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' is het verboden voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan van 06.00 tot 22.00 uur. 2. Voor een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' geldt dat het verboden is voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan: a. op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; en b. op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 02.00 uur de dag erna; 3. Voor een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' geldt dat het verboden is voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan: a. op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; en b. op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 03.00 uur de dag erna. 4. Voor een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' is het verboden voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan: a. op zondag tot en met donderdag van 09.00 tot 04.00 uur de dag erna; en b. op vrijdag en zaterdag van 09.00 tot 05.00 uur de dag erna. 5.

Voor zover Indien ter plaatse van een locaties, bedoeld in het tweede, derde of vierde lid, sprake is van lichte horeca, kan, als dit niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en lee limaat, met een maatwerkvoorschrift worden bepaald dat de horecazaak geopend mag zijn vanaf 06.00 uur. 6. Voor zover ter plaatse van een locatie, bedoeld in het vierde lid, sprake is van lichte, reguliere of middelzware horeca, kan, als dit niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woonen lee limaat, met een maatwerkvoorschrift worden bepaald dat de horecazaak geopend mag zijn vanaf 07.00 uur. 6.7. Ter plaatse van de aanduidingen 'gebruiksdoel: lichte horeca' en 'gebruiksdoel: reguliere horeca' mogen de in het eerste en tweede lid bedoelde openingstijden maximaal vijf keer per kalenderjaar worden overschreden. 7.8. Ter plaatse van de aanduidingen 'gebruiksdoel: middelzware horeca' en 'gebruiksdoel: zware horeca' mogen de in het derde en vierde lid bedoelde openingstijden maximaal twaalf keer per kalenderjaar worden overschreden. 8.9. Tussen de in het zesde zevende en achtste zevende lid bedoelde overschrijdingen dienen ten minste zes dagen te zitten. Artikel 3.83 Openingstijden ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen', afwijkmogelijkheden 1.

Voor een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' is het verboden voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan: a. voor een locatie waar een lunchroom, ijssalon, koffiehuis, theehuis, broodjeszaak of daarmee vergelijkbare vormen van een horecazaak is toegestaan: van 06.00 tot 22.00 uur; b. voor een locatie waar een bistro, restaurant, grillroom, snackbar, fastfood, kebab, cafetaria, shoarmatent of daarmee vergelijkbare vormen van een horecazaak is toegestaan: 1. op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; 2. op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 02.00 uur de dag erna; c. voor een locatie waar een café, bar, eetcafé, cocktailbar, shishalounge of daarmee vergelijkbare vormen van een horecazaak is toegestaan:

1. op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; 2. op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 03.00 uur de dag erna; d. voor een locatie waar een nachtzaak, discotheek, club, zaalverhuur, partycentrum en daarmee vergelijkbare vormen van een horecazaak is toegestaan: 1. op zondag tot en met donderdag van 09.00 tot 04.00 uur de dag erna; 2. op vrijdag en zaterdag van 09.00 tot 05.00 uur de dag erna. 2. De in het eerste lid, onder a en b, bedoelde openingstijden mogen maximaal vijf keer per kalenderjaar worden overschreden. 3. De in het eerste lid, onder c en d bedoelde openingstijden mogen maximaal twaalf keer per kalenderjaar worden overschreden. 4. Tussen de in het tweede en derde lid bedoelde overschrijdingen dienen ten minste zes dagen te zitten. 5. Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een locatie waar met een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of een verleende omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, een van de in het eerste lid bedoelde vormen van een horecazaak is toegestaan. 4.6. Artikel 3.82, vijfde en zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3.84 Openingstijden ter plaatse van locaties waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden, afwijkmogelijkheden 1. Waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden, is artikel 3.82 van overeenkomstige toepassing, voor zover in dat TAM-omgevingsplan een locatie is aangeduid met een van de in dat artikel bedoelde aanduidingen. 2. In andere gevallen dan bedoeld in het eerste lid gelden de openingstijden, zoals opgenomen in het TAM-omgevingsplan. 3. Artikel 3.82, zesde lid tot en met negende achtste lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 3.856 Uitzondering Afwijkende openingstijden op in bijlage X aangegeven locatiesvoor specifieke horecazaken 1. In afwijking van artikel 3.82 tot en met artikel 3.84subsubparagraaf 3.2.13.6.2 geldt voor de in bijlage X aangegeven locaties horecazaken dat het verboden is voor bezoekers geopend te zijn of bezoekers toe te laten op een ander tijdstip dan: a. op zondag tot en met donderdag van 09.00 tot 03.00 uur de dag erna; en b. op vrijdag en zaterdag van 09.00 tot 04.00 uur de dag erna. 2. Artikel 3.82, zesde lid tot en met negende lid, en artikel 3.83, tweede tot en met vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 3.865 Overgangsregels openingstijden bij inwerkingtreding van deze subsubparagraaf 3.2.13.56.2 1.

Voor een horecazaak die op het moment van inwerkingtreding van subsubparagraaf 3.2.13.5.2 een exploitatievergunning horecabedrijf heeft, en de daarin opgenomen openingstijden zijn ruimer dan die welke gelden op grond van artikel 3.82, artikel 3.83, artikel 3.84 of artikel 3.85, gelden tot de dag drie jaar na inwerkingtreding van deze subsubparagraaf de openingstijden zoals vastgelegd in de exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subsubparagraaf. 2. Het eerste lid is niet van toepassing indien een nog geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan, een verleende omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of een verleende omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, beperktere

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17132502/1