7. Gemeenteraad Voordracht.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
Portefeuille
Ruimtelijke Ordening
Agendapunt
0
Datum besluit
College van B&W d.d. 4 juni 2024 Onderwerp
Vaststellen van het bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. De gemeenteraad van Amsterdam besluit
1. kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming: a. het positieve advies van het Dagelijks Bestuur van stadsdeel Oost op het voorontwerpbestemmingsplan; b. de ingebrachte zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. met onderscheid in positieve zienswijzen, zienswijzen met argumenten tegen het bestemmingsplan en zienswijzen die gericht zijn op planwijziging; 2. de zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1b) te beantwoorden overeenkomstig gesteld is in de bijgevoegde Nota van Beantwoording zienswijzen, die onderdeel uitmaakt van dit besluit; 3. het bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o., bestaande uit de verbeelding, regels en vergezeld van toelichting met bijlagen, met identificatienummer NL.IMRO.0363.M2303BPSTDVG01, in elektronische en analoge vorm, ongewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter inzage heeft gelegen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 2023-12-14. Wettelijke grondslag
Artikel 4.6, tweede lid, sub a, onder 2, Invoeringswet Omgevingswet Op grond van dit artikel blijft het oude recht van toepassing op de vaststellingsprocedure van een bestemmingsplan, als vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd, tot het bestemmingsplan van kracht is geworden. Artikel 3.1, Wet ruimtelijke ordening Op grond van dit artikel stelt de gemeenteraad een bestemmingsplan vast waarbij ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening de bestemming van de in het plan begrepen grond wordt aangewezen en waarbij regels worden gegeven omtrent het gebruik van die grond en van de zich aldaar bevindende bouwwerken. Artikel 3.8, Wet ruimtelijke ordening Op grond van dit artikel is op de voorbereiding van een bestemmingsplan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing met dien verstande dat eenieder een zienswijze bij de gemeenteraad mag indienen omtrent het ontwerpbestemmingsplan. Artikel 6.12, tweede lid, Wet ruimtelijke ordening
Gegenereerd: v1.5
1
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
Op grond van dit artikel stelt de gemeenteraad geen exploitatieplan vast indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan begrepen gronden anderszins verzekerd is. Bestuurlijke achtergrond
Aanleiding In 2012 zijn met het vaststellen van spelregels en spelregelkaart door de stadsdeelraad van Oost de ruimtelijke kaders vastgesteld voor transformatie van het gehele Cruquiusgebied van industrieterrein naar een gemengd woon- en werkgebied. Op de spelregelkaart zijn nieuwe indicatieve langzaamverkeerverbindingen aangegeven. Een van die nieuw beoogde routes loopt van Cruquius over de bestaande Zeeburgersluis in de Nieuwe Vaart naar het Flevopark. Om deze nieuwe verbinding tot stand te brengen, is de bouw van een brug over de Nieuwe Vaart noodzakelijk. Gekozen is voor een vaste uitneembare brug in plaats van een beweegbare brug vanwege de aanzienlijk lagere kosten in aanleg en onderhoud en de inpasbaarheid. In vergelijking met het alternatief van een te allen tijde te openen brug heeft een dergelijk type brug op deze locatie ook nadelen. Een nadeel is de beperking van vrije in- en uitvaart voor schepen met een bepaalde hoogte. De belangenafweging daarover resulteert in de keuze om op een bestaande woonbootligplaats achter de nieuwe beoogde brug, toe te staan dat een woonboot van het type woonschip mag worden vervangen door een woonboot van het type woonark. Dit met het oog op een goede ruimtelijke ordening.
De locatie van de op de spelregelkaart aangegeven nieuwe brug over de Nieuwe Vaart is nog niet eerder in een van de bestemmingsplannen voor de transformatie van Cruquius vastgesteld en daardoor nog in strijd met regels van het geldende bestemmingsplan. Dit betekent dat voor de realisatie van de brug en de toegankelijkheid ervan voor langzaamverkeer, een planologischjuridische procedure moet worden doorlopen. Dit geldt ook voor de gevolgtrekking van het effect van de brug, namelijk het toestaan van een woonark op een locatie waar in de bestaande situatie alleen een woonschip is toegestaan. Doel Het bestemmingsplan heeft als doelstelling het mogelijk maken van een nieuwe vaste, uittilbare brug voor langzaamverkeer over de Nieuwe Vaart. En als gevolg daarvan ook de mogelijkheid voor vervanging van een woonschip door een woonark. Na vaststelling van het bestemmingsplan wordt het bestemmingsplan het actuele toetsingskader om omgevingsvergunningen te verlenen. Begrenzing plangebied Het bestemmingsplangebied ligt in stadsdeel Oost en bestaat uit een drietal deelgebieden, namelijk de plangebiedsdelen 'brug' en ‘pad’ en het plangebiedsdeel 'woonbootligplaats': • ‘Brug’ en ‘pad’: Het plangebiedsdeel 'brug' betreft het oostelijk deel van de Zeeburgersluis in de Nieuwe Vaart.
Het plangebiedsdeel 'brug' sluit aan de noordzijde aan op de Nieuwevaartweg en aan de zuidzijde op het pad op het dijklichaam tussen de Nieuwe Vaart en de voorboezem van het Lozingskanaal. Dit pad is een verlengd deel van de Westelijke Merwedekanaaldijk voor de ontsluiting van het gemaal Zeeburgerdijk 801. Een klein deel van dat bestaande, nu nog niet openbaar toegankelijke pad maakt onderdeel uit van voorliggend bestemmingsplangebied (plangebiedsdeel ‘pad’). Dit omdat dat deel van het bestaande pad, in tegenstelling tot de rest van het pad, nog geen verkeersbestemming heeft. • ‘Woonbootligplaats’: De grens van het plangebiedsdeel ‘woonbootligplaats Zeeburgerdijk 585’ betreft de grens van de toegestane ligplaats Zeeburgerdijk 585 in het Lozingskanaal
Gegenereerd: v1.5
2
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
zoals die in het in 2010 vastgestelde bestemmingsplan Indische Buurt en Flevopark is vastgelegd. Eerdere besluitvorming • Voorontwerpbestemmingsplan Op 12 september 2023 heeft het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost (hierna DB) besloten kennisgeving te doen dat een bestemmingsplan wordt voorbereid voor de locatie ‘Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o.’. Tevens werd besloten om het voorontwerpbestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. voor advies voor te leggen aan de stadsdeelcommissie Oost. Op 19 september 2023 heeft de stadsdeelcommissie Oost het voorontwerpbestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. behandeld in haar vergadering en op 03 oktober 2023 is besloten niet anders of aanvullend te willen adviseren dan het advies van het DB. Het DB heeft tijdens en na het adviestraject van de stadsdeelcommissie nog laten onderzoeken wat de consequenties zijn van de beoogde brug voor een ondernemer die zich meldde op een informatiebijeenkomst tijdens het adviestraject. De ondernemer gaf aan dat hij onder andere vaartuigen met een fossiele brandstofmotor ombouwt naar elektrisch aangedreven vaartuigen. Uit nader onderzoek bleek echter dat de betreffende waterlocaties bij de onderneming volgens de geldende bestemmingsplannen niet mogen worden gebruikt voor bedrijfsmatige activiteiten.
Dit betekent dat de beoogde vaste, uitneembare brug in zoverre geen onaanvaardbare consequenties heeft voor de onderneming. De uitkomst van dat nadere onderzoek gaf daarmee voor het DB geen aanleiding om haar advies te veranderen en op 10 oktober 2023 is besloten om het bestemmingsplan over te dragen aan de wethouder ruimtelijke ordening voor het verder in procedure brengen ervan. • Ontwerpbestemmingsplan Op 30 november 2023 heeft de wethouder ruimtelijke ordening, bevoegd daartoe namens het college van burgemeester en wethouders, het ontwerpbestemmingsplan brug Nieuwe Vaart e.o. vrijgegeven voor terinzagelegging in het kader van de wettelijke voorbereiding van artikel 3.8 Wet ruimtelijke ordening. Onderbouwing besluit
Ad 1a. Kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming het positieve advies van het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost op het voorontwerpbestemmingsplan; Op 10 oktober 2023 heeft het dagelijks bestuur besloten om het bestemmingsplan over te dragen aan de wethouder ruimtelijke ordening voor het in procedure brengen ervan. Met dat besluit staat het dagelijks bestuur positief tegenover het plan. Dit nadat, tussen de voorbereidende behandeling van de stadsdeelcommissie van 19 september 2023 en de besluitvormende behandeling van de stadsdeelcommissie van 3 oktober 2023, een ondernemer meldde dat hij in 2019 eigenaar is geworden van het bedrijfsvaartuig ”Snip” op de locatie ”Zeeburgerpad 137-A”. En dat de locatie Zeeburgerpad 137-A een rol speelt in de onderneming New Electric Marine BV die gedreven wordt aan de Cruquiusweg 78a. Hij vroeg zich af wat de consequenties van de brug voor hem zijn. Uit raadpleging van het geldend bestemmingsplanregime is op te maken dat het water bij en van de betreffende locaties niet is bestemd voor bedrijfsmatige activiteiten. In zoverre heeft de beoogde vaste, uitneembare brug geen onaanvaardbare consequenties voor de betreffende onderneming. Het bestemmingsplan voor de brug brengt geen planschade met zich mee voor de betreffende onderneming.
Dit is in overleg met de ondernemer besproken en dit adviesaandachtspunt van de stadsdeelcommissie en het dagelijks bestuur van het stadsdeel heeft niet geleid tot aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan is daarna bij besluit van 10 oktober
Gegenereerd: v1.5
3
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
2023 door het dagelijks bestuur overgedragen aan de wethouder ruimtelijke ordening en is voor zienswijzen ter inzage gelegd. Er zijn geen zienswijzen ingediend op dit onderdeel. Ad 1b. Kennis te nemen van en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming de ingebrachte zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. met onderscheid in positieve zienswijzen, zienswijzen met argumenten tegen het bestemmingsplan en zienswijzen die gericht zijn op planwijziging; Het ontwerpbestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. heeft met ingang van 14 december 2023 tot en met 24 januari 2024, voor eenieder voor zienswijzen ter inzage gelegen. Er zijn 79 zienswijzen ingediend. Het overgrote deel van de zienswijzen is binnen de gestelde termijn binnengekomen of voorzien van een datum binnen de termijn. Weliswaar is een aantal van de zienswijze niet binnen de termijn ontvangen, maar omdat deze binnen de termijn zijn verzonden, met de bezorging enige tijd is gemoeid en het zienswijzen op een ontwerp betreft, worden de betreffende zienswijzen in dit geval wel meegewogen. Er zijn zienswijzen ingediend op de planonderdelen ‘brug en pad’ en op het planonderdeel ‘woonbootligplaats’. De zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in de Nota van Beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o..
Voor de samenvatting van de zienswijzen, de volledige beantwoording van de zienswijzen en de consequenties daarvan voor het bestemmingsplan, wordt verwezen naar de Nota van beantwoording zienswijzen. De zienswijzen op het planonderdeel ‘brug en pad’ onderscheiden zich in positieve zienswijzen en zienswijzen met argumenten tegen het bestemmingsplan of voor planwijziging: • Door een 75-tal indieners van zienswijzen op het planonderdeel ‘brug’ is een positieve zienswijze ingediend en is aangegeven dat het belangrijk is dat de brug er komt. • Op de bestemmingsplanonderdelen ‘brug’ en ‘pad’ is een zienswijze ingediend door een bewoner van Cruquius waarin verzocht wordt om het bestemmingsplan niet vast te stellen. Dit vanwege onder meer de vrees voor gevaarlijke situaties en hinder door massale recreatie. Hinder is ook onderdeel van een andere zienswijze waarin een bewoner geluidoverlast en verkeersoverlast van scooters en brommers vreest van en naar de noordelijke hellingbaan voor mindervaliden. Voorts is door een indiener van een zienswijze een aantal consequenties van de komst van de brug voor de omgeving beschreven en is aan de hand daarvan het verzoek gedaan om met de betrokkenen in gesprek te blijven. De zienswijzen op het planonderdeel ‘woonbootligplaats’ zijn gericht op wijziging van het bestemmingsplan.
Dit betreft een tweetal indieners van zienswijzen die betogen dat de maximaal toegestane hoogte van een vervangende woonark kan worden verhoogd, respectievelijk moét worden verhoogd tot een bouwhoogte van 5 meter. Een van deze indieners van die zienswijze is de eigenaresse van het woonschip waarvan de ligplaats onderdeel is van het bestemmingsplangebied. Dit bestemmingsplan heeft mede tot doelstelling om het nadeel van de keuze voor een uittilbare brug voor de eigenaresse van het woonschip in enige mate te kunnen verzachten. Het nadeel van de keuze voor een uittilbare brug in plaats van een te allen tijde te openen beweegbare brug is, volgens de eigenaresse van het woonschip, dat zij niet meer vrijelijk met het woonschip kan wegvaren. En dat daardoor het voor het vaardoel onderhouden van het woonschip, door de eigenaresse nodeloos wordt gevonden. Nodeloos onderhoud van een woonschip voor de vaart is er volgens indiener van de zienswijze niet als de gemeente toestaat dat het woonschip mag worden vervangen door een woonark. Aan die oplossing voor het nadeel van de brug voor haar nodeloos onderhoud is tegemoetgekomen met het bestemmingsplan. Dit door te regelen dat niet alleen het woonschip is toegestaan, maar dat deze ook mag worden vervangen door een woonark.
Het tweetal indieners van zienswijze op het onderdeel ‘woonbotenligplaats’ kunnen zich echter niet vinden in de toegestane hoogte daarvan. Volgens het in 2013 vastgestelde woonbotenbeleid van het stadsdeel Oost is in dit gebied maximaal een bouwhoogte van 3 meter toegestaan bij een
Gegenereerd: v1.5
4
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
vervangende woonark. De eigenaresse van het woonschip is het niet eens met de navolging van het vastgestelde woonbotenbeleid van het stadsdeel Oost en geeft aan dat zij recht heeft op een hogere woonark. Dit vanwege haar beweegreden voor aankoop van het woonschip, bestemmingsplan(nen), overgangsrecht, esthetiek en kosten voor vervanging. Ad. 2. De zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1b) te beantwoorden overeenkomstig gesteld is in de bijgevoegde Nota van Beantwoording zienswijzen, die onderdeel uitmaakt van dit besluit; De zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in de Nota van Beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o.. Hierin is per zienswijze geconcludeerd of en welke consequenties de zienswijze heeft voor het bestemmingsplan. Uit de nota is op te maken dat geen van de zienswijzen aanleiding geeft tot wijziging van de regels en verbeelding van het bestemmingsplan. Daarentegen geeft een zienswijze op het onderdeel ‘woonbootligplaats’ wel aanleiding om de motivering van het bestemmingsplan op onderdelen aan te passen. Met motivering wordt in dit geval de bestemmingsplantoelichting bedoeld. In de bestemmingsplantoelichting zijn argumenten van indiener van de zienswijze weergegeven zodat die betrokken kunnen worden in de belangenafweging.
De indiener van de zienswijze stelt dat het deel van haar argumenten dat gegrondvest is op haar persoonlijke gevoelens, niet in de beschrijving van de belangenafweging mogen worden weergegeven. Hieraan kan tegemoet worden gekomen door de specifieke zinsneden in de bestemmingsplantoelichting over rechtvaardigheidsgevoel, te schrappen. Aan een ander onderdeel van die zienswijze, waarin uiteengezet wordt dat de maximale hoogte van een woonark moet worden verhoogd tot 5 meter, wordt niet tegemoet gekomen. Zoals in de Nota van Beantwoording is aangegeven, geven de komst van de nieuwe brug, het woonbotenbeleid van het stadsdeel Oost en de zienswijze daar geen aanleiding toe. Ad 3 – Besluit het bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o., bestaande uit de verbeelding, regels en vergezeld van toelichting met bijlagen, met identificatienummer NL.IMRO.0363. M2303BPSTD-VG01, in elektronische en analoge vorm, ongewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter inzage heeft gelegen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 2023-12-14 Voorgesteld wordt om het bestemmingsplan Cruquius brug Nieuwe Vaart e.o. ongewijzigd vast te stellen.
• Geldend regime Het voorliggende bestemmingsplan vervangt ter plaatse van het plangebiedsdeel ‘brug’ en ‘pad’ een deel van het bestemmingsplan Cruquius dat op 9 april 2013 is vastgesteld en ter plaatse van het plangebiedsdeel ‘woonbootligplaats’ een deel van het bestemmingsplan Indische Buurt en Flevopark dat op 8 juni 2010 is vastgesteld. Voorts worden regels overgenomen uit het bestemmingsplan Drijvende bouwwerken dat op 18 september 2019 is vastgesteld en het bestemmingsplan Grondwaterneutrale kelders dat op 7 oktober 2021 is vastgesteld. • Programma Het bestemmingsplan maakt de bouw en toegang mogelijk van een vaste, uittilbare brug voor langzaamverkeer en biedt de mogelijkheid voor vervanging van een woonboot van het type woonschip door een woonboot van het type woonark. • Wat verandert er ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan? Het water ter plaatse van het plangebiedsdeel ‘brug’ wordt met voorliggend bestemmingsplan mede bestemd voor wegverkeer op fiets- en voetpaden op een brug. De bedrijfsbestemming ter plaatse van het plangebiedsdeel ‘pad’ wordt gewijzigd in de bestemming Verkeer. En ter plaatse
Gegenereerd: v1.5
5
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
van het plangebiedsdeel ‘woonbootligplaats’ wordt bepaald dat de ligplaats niet alleen ingenomen mag worden door een woonschip, maar als alternatief ook door een woonark. Voorts worden de regels van het op 7 oktober 2021 vastgestelde paraplubestemmingsplan Grondwaterneutrale kelders overgenomen in het voorliggende plan zodat die op beheer gerichte regels niet worden wegbestemd. Dat geldt ook voor de regels van het paraplubestemmingsplan Drijvende bouwwerken dat op 18 september 2019 is vastgesteld. Aandachtspunten: • Stedelijke kaders en beleid Met uitzondering van het planonderdeel ‘vervanging woonschip door woonark’ in het plangebiedsdeel ‘woonbootligplaats’ is het bestemmingsplan in overeenstemming met de stedelijke kaders opgesteld. Het planonderdeel ‘vervanging woonschip door woonark’ is in strijd met een onderdeel van het document ‘Beleidsnotitie Woonboten en Oevergebruik stadsdeel Oost’ dat door het dagelijks bestuur van de deelraad Oost in 2013 is vastgesteld. Dit omdat daarin onder meer is bepaald dat woonschepen niet mogen worden vervangen door woonarken. Van een beleidsregel in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan op grond van artikel 4:84 Awb in bepaalde situaties worden afgeweken.
Op basis van de stedenbouwkundige analyse over de ruimtelijke inpasbaarheid en de constatering dat sprake is van een bijzondere situatie, wordt geconcludeerd dat het passend is om in dit geval af te wijken van het woonboottype vervangingsbeleid zoals weergegeven in het document “Beleidsnotitie Woonboten en Oevergebruik stadsdeel Oost”. En daarmee om vervanging van een woonschip door een woonark op deze locatie, met het oog op een goede ruimtelijke ordening, planologisch-juridisch mogelijk te maken met het vaststellen van een nieuw bestemmingsplan. Het bestemmingsplan is niet strijdig met provinciaal beleid, dan wel rijksbeleid. • Duurzaamheid In het kader van het aspect “duurzaamheid” wordt de brug met het oog op de doelen van ‘Natuur inclusief bouwen’ voorzien van maatregelen voor het kunnen overbruggen van het water door dieren. Ook zijn plantenbakken in de zuidelijke hellingbaan onderdeel van het ontwerp van de brug. Voorts is gekozen voor een lichtgewicht constructie voor de hellingbanen en het uitneembare deel van de brug om de milieukostenindicator (MKI) laag te houden, wordt de innovatie van gerecycled beton voor de hellingbanen toegepast, wordt weervast-staal gebruikt dat gedurende de levensduur onbehandeld kan blijven en wordt het bestaande bestratingsmateriaal van het bestaande pad richting gemaal Zeeburg hergebruikt.
• Mer Het bestemmingsplan ziet niet toe op een nieuwe activiteit in de zin van het Besluit mer. Voor dit bestemmingsplan is het doorlopen van een mer-beoordelingsprocedure waarin wordt bepaald of een milieueffectrapport (MER) moet worden opgesteld, dan niet aan de orde • Kostenverhaal Met het oog op kostenverhaal stelt de gemeenteraad ingevolge artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening (Wro) een exploitatieplan vast voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. Dit betreft bouwplannen die genoemd zijn in artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Voorliggend bestemmingsplan ziet niet toe op een bouwplan in de zin van artikel 6.2.1 Bro. Dit betekent dat het vaststellen van een exploitatieplan in de zin van artikel 6.12 Wro, met het oog op kostenverhaal, niet aan de orde is. • Planschade
Gegenereerd: v1.5
6
Gemeenteraad
VN2024-006382 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 17 juli 2024
Er zijn planschaderisicoanalyses verricht en het (eventuele) planschaderisico kan worden opgevangen binnen de grondexploitatie van de transformatie van het Cruquiusgebied. Financiële onderbouwing Conclusie
De genoemde beslispunten in de voordracht hebben geen financiële consequenties. Geheimhouding
n.v.t.
Welke stukken treft u aan Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2024-034949
1. Verbeelding.pdf (pdf)
AD2024-034951
2. Regels.pdf (pdf)
AD2024-034950
3. Toelichting.pdf (pdf)
AD2024-034952
4. Bijlagen bij de Toelichting.pdf (pdf)
AD2024-034953
5. Advies Dagelijks Bestuur.pdf (pdf)
AD2024-034954
6. Nota van Beantwoording Zienswijzen.pdf (pdf)
AD2024-026629
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Ruimte & duurzaamheid, Erwin de Bos, e.de.bos@amsterdam.nl, 06 22 34 27 99
Gegenereerd: v1.5
7