6. Stadsdeeladviezen compleet.docx
Tekst van het document
Woonruimtevoorraad Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Het college heeft aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm mogelijk te maken wordt de Huisvestingsverordening aangepast. Noord vind de aanpassing sympathiek, maar vraagt het college om er voor te waken dat deze aanpassing geen sluiproute vormt voor betaalde toeristische verhuur en het toezicht daarop hindert. Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring) De wijziging van de Huisvestingsverordening heeft tot doel om ‘korte huisbewaring van 3 tot 6 maanden’ juridisch goed te borgen. Wat betreft de aanleiding uit de AAV: de bestaande woningvoorraad beter benutten voor o.a. de tijdelijke huisvesting van kwetsbare doelgroepen. Het stadsdeelbestuur van Noord heeft in haar eerdere advies bij de AAV aangegeven bezorgd te zijn of er voldoende zicht blijft op een evenwichtige spreiding van kwetsbare huishoudens. In wijken in Noord die veel kwetsbare huishoudens huisvesten staat de passende zorg onder druk, doordat de capaciteit van buurtteams en de sociale basis niet evenredig meegroeit. Regels voor woningdelen en inwoning herzien Om het aantal woonplekken in de stad te laten groeien wordt voorgesteld om de regels voor inwonen en Pagina 16 van 65
kamergewijze verhuur (omzetting) te versoepelen. Noord is op zich positief over het beter benutten van bestaande woningen in de stad, maar vraagt om meer integraal onderzoek naar de gevolgen voor de leefbaarheid op wijkniveau. Stapeling van maatregelen leidt (naast woningdelen ook vorming, verdichting en nieuwbouw in Noord) bijvoorbeeld tot intensiever gebruik van voorzieningen en de openbare ruimte. Daarnaast vraagt Noord om huishoudens goed te informeren over de mogelijke consequenties van inwoning voor uitkeringen en toeslagen die zij ontvangen. Hospitaverhuur is onder voorwaarden in de Huisvestingsverordening vergunningsvrij. Echter het huisvesten van meerdere huishoudens op één adres is op dit moment nog in strijd met driekwart van de geldende bestemmingsplannen (vanaf 1 januari 2024 omgevingsplan genoemd). De handhaving op het bestemmingsplan is door het college gemandateerd aan de stadsdelen. Voorgesteld wordt om hospitaverhuur te gedogen als het in strijd is met het bestemmingsplan Noord is van mening dat het zeer ongebruikelijk is om een gedoogverklaring te laten vaststellen als er ook een vergunning voor het afwijken van het omgevingsplan verleend kan worden.
Deze vergunningen voor afwijking omgevingsplan komen bijvoorbeeld ook voor bij aanvragen voor Bed & Breakfast en kamergewijze verhuur, het is daarom onlogisch dat zij wel een vergunning moeten aanvragen en degene die hospitaverhuur wil niet. Gedogen van een met de wet strijdige situatie kan alleen met zeer goede redenen en een concreet zicht op legalisatie. Het is de vraag of dat nu het geval is. Het college loopt met de gedoogverklaring vooruit op het te zijner tijd vast te stellen omgevingsplan, waarin hospitaverhuur uiteindelijk wordt gelegaliseerd. Het omgevingsplan moet nog worden opgesteld en ter advisering worden voorgelegd aan de stadsdelen, waarna besluitvorming plaats vindt. Een eventueel verzoek tot handhaving op strijdigheid van een hospitaverhuursituatie met het omgevingsplan zal door de stadsdelen worden afgewezen met verwijzing naar de gedoogverklaring. Het risico bestaat dat deze afwijzing wordt vernietigd als deze bij de rechter wordt aangevochten. Verder levert een gedoogconstructie meer onzekerheid op voor de hospitaverhuurder dan een verleende vergunning en wordt de rechtsbescherming voor omwonenden gecompliceerder. Om deze redenen adviseert Noord om bij strijdigheid met het bestemmingsplan de gebruikelijke vergunningsprocedure voor hospitaverhuur te doorlopen.
Het ‘plusquotum’ voor omzetting naar drie kamers maakt de regelgeving en uitvoering van kamergewijze verhuur complexer. Vergunningen in Noord moet elke omzettingsvergunningaanvraag dan aan drie verschillende quota toetsen: wijk-, plus- en pandquotum. Van het vergroten van de complexiteit zonder duidelijke voordelen is het stadsdeel geen voorstander. Noord raadt ook af om de leges voor kamergewijze verhuurvergunningen, al dan niet gecompenseerd, te verlagen. Dit omdat leges bedoeld zijn om de kosten voor specifieke individuele dienstverlening zoals vergunningen te dekken. Een verlaging van de leges betekent dat de kosten niet meer gedekt worden en er uiteindelijk gecompenseerd wordt door anderen die er geen direct profijt van hebben meer te laten betalen (via belasting of het verhogen van andere leges). Daarnaast wordt de tariefstelling van leges voor de burger onnavolgbaar en kan dit leiden tot discussie.
Ongevraagd advies beroepsgroepenregeling Noord signaleert dat het steeds lastiger wordt om verloskundigen, handhavers en pedagogisch medewerkers (onmisbare beroepen met soms onregelmatige werktijden) aan te trekken vanwege het gebrek aan passende betaalbare huisvesting in de stad. Het verzoek is daarom of deze groepen toegevoegd kunnen worden aan de voorrangsregeling voor de beroepsgroepen zorg, onderwijs en politie.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
Stadsdeelcommissie complimenteert en bedankt het DB met dit goede en uitgebreide advies en sluit zich hier bij aan. Wel een klein punt ter aandacht; daar Wet Betaalbare Huur inmiddels aangenomen is stellen we voor om punt 1 van het DB advies aan te passen. Pagina 17 van 65
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
De door het college van B&W voorgestelde wijzigingen in 2025 van de Huisvestingsverordening Amsterdam zijn voor een groot deel technisch en beleidsarm. Het bestuur van stadsdeel Noord kiest er daarom voor om selectief te adviseren op die wijzigingen die de belangen van het stadsdeel raken.
Woonruimteverdeling Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken Noord is zeer tevreden met het huisvestingsvergunningplichtig maken van de verhuur van middeldure huurwoningen (tot 186 WWS-punten). Waardoor nu ook bestaande middeldure huurwoningen bij mutatie passend, aan huishoudens met een middeninkomen, kunnen worden toegewezen. Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Nu geldt minimaal 61 m2 en drie kamers voor kleine gezinnen en 70 m2 en vier kamers voor grote gezinnen met drie of meer minderjarige kinderen. Het voorstel is om gemotiveerd van deze toewijzingscriteria af te kunnen wijken wanneer een woning bijvoorbeeld enkele vierkante meters te klein is, maar de plattegrond wel geschikt is voor een gezin. Fijn dat pragmatisch wordt omgegaan met de passendheidscriteria voor gezinnen waardoor starre criteria geen obstakel meer vormen bij de toewijzing van geschikte gezinswoningen. Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Deze wijziging wordt voorgesteld omdat de Huisvestingsverordening geen mogelijkheden bood om statushouders met urgentie te huisvesten in tijdelijke flexcomplexen die niet ontwikkeld worden door een corporatie, bijvoorbeeld door de overheid of particulieren.
Voor sociale huurwoningen van anderen dan corporaties waren er alleen toewijzingsregels op basis van inkomen vastgelegd. Met het oog op de door het rijk opgelegde taakstelling aan gemeenten voor de huisvesting van statushouders ziet Noord de wijziging als een logische vervolgstap. Tegelijkertijd vraagt het stadsdeel om ook aandacht te blijven houden voor de omgeving waarin kwetsbare groepen als statushouders gehuisvest worden. Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Bij toewijzing van rolstoelwoningen met 3 kamers geldt er voorrang voor gezinnen met 1 of 2 kinderen. Het voorstel is om de voorrang voor gezinnen met 1 kind voor rolstoelwoningen met drie kamers te schrappen om huishoudens zonder kinderen die acuut of dringend dienen te verhuizen meer kans te geven op een rolstoelwoning. Noord gunt elk gezin een passende rolstoelwoning, maar heeft begrip voor de pijnlijke keuze van het college om de meest urgente rolstoelgebruikers meer kans te bieden op een schaarse rolstoelwoning. Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ De definitie van een gemengd complex wordt uitgebreid. Zodat bij flexcomplexen en Lang Leven Thuis flats ook niet-kwetsbare huishoudens die niet tot de doelgroep jongeren worden gerekend (ouder zijn dan 27 jaar) er op basis van motivatie en geschiktheid om te ondersteunen gehuisvest kunnen worden.
Omdat het huisvesten van geschikte en gemotiveerde “ondersteuners” deze gemengde complexen versterken is het stadsdeel voorstander van deze wijziging.
Woonruimtevoorraad Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Het college heeft aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm mogelijk te maken wordt de Huisvestingsverordening aangepast. Noord vind de aanpassing sympathiek, maar vraagt het college om er voor te waken dat deze aanpassing geen Pagina 18 van 65
sluiproute vormt voor betaalde toeristische verhuur en het toezicht daarop hindert.
Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring) De wijziging van de Huisvestingsverordening heeft tot doel om ‘korte huisbewaring van 3 tot 6 maanden’ juridisch goed te borgen. Wat betreft de aanleiding uit de AAV: de bestaande woningvoorraad beter benutten voor o.a. de tijdelijke huisvesting van kwetsbare doelgroepen. Het stadsdeelbestuur van Noord heeft in haar eerdere advies bij de AAV aangegeven bezorgd te zijn of er voldoende zicht blijft op een evenwichtige spreiding van kwetsbare huishoudens. In wijken in Noord die veel kwetsbare huishoudens huisvesten staat de passende zorg onder druk, doordat de capaciteit van buurtteams en de sociale basis niet evenredig meegroeit. Regels voor woningdelen en inwoning herzien Om het aantal woonplekken in de stad te laten groeien wordt voorgesteld om de regels voor inwonen en kamergewijze verhuur (omzetting) te versoepelen. Noord is op zich positief over het beter benutten van bestaande woningen in de stad, maar vraagt om meer integraal onderzoek naar de gevolgen voor de leefbaarheid op wijkniveau. Stapeling van maatregelen leidt (naast woningdelen ook vorming, verdichting en nieuwbouw in Noord) bijvoorbeeld tot intensiever gebruik van voorzieningen en de openbare ruimte. Daarnaast vraagt Noord om huishoudens goed te informeren over de mogelijke consequenties van inwoning voor uitkeringen en toeslagen die zij ontvangen.
Hospitaverhuur is onder voorwaarden in de Huisvestingsverordening vergunningsvrij. Echter het huisvesten van meerdere huishoudens op één adres is op dit moment nog in strijd met driekwart van de geldende bestemmingsplannen (vanaf 1 januari 2024 omgevingsplan genoemd). De handhaving op het bestemmingsplan is door het college gemandateerd aan de stadsdelen. Voorgesteld wordt om hospitaverhuur te gedogen als het in strijd is met het bestemmingsplan Noord is van mening dat het zeer ongebruikelijk is om een gedoogverklaring te laten vaststellen als er ook een vergunning voor het afwijken van het omgevingsplan verleend kan worden. Deze vergunningen voor afwijking omgevingsplan komen bijvoorbeeld ook voor bij aanvragen voor Bed & Breakfast en kamergewijze verhuur, het is daarom onlogisch dat zij wel een vergunning moeten aanvragen en degene die hospitaverhuur wil niet. Gedogen van een met de wet strijdige situatie kan alleen met zeer goede redenen en een concreet zicht op legalisatie. Het is de vraag of dat nu het geval is. Het college loopt met de gedoogverklaring vooruit op het te zijner tijd vast te stellen omgevingsplan, waarin hospitaverhuur uiteindelijk wordt gelegaliseerd. Het omgevingsplan moet nog worden opgesteld en ter advisering worden voorgelegd aan de stadsdelen, waarna besluitvorming plaats vindt.
Een eventueel verzoek tot handhaving op strijdigheid van een hospitaverhuursituatie met het omgevingsplan zal door de stadsdelen worden afgewezen met verwijzing naar de gedoogverklaring. Het risico bestaat dat deze afwijzing wordt vernietigd als deze bij de rechter wordt aangevochten. Verder levert een gedoogconstructie meer onzekerheid op voor de hospitaverhuurder dan een verleende vergunning en wordt de rechtsbescherming voor omwonenden gecompliceerder. Om deze redenen adviseert Noord om bij strijdigheid met het bestemmingsplan de gebruikelijke vergunningsprocedure voor hospitaverhuur te doorlopen. Het ‘plusquotum’ voor omzetting naar drie kamers maakt de regelgeving en uitvoering van kamergewijze verhuur complexer. Vergunningen in Noord moet elke omzettingsvergunningaanvraag dan aan drie verschillende quota toetsen: wijk-, plus- en pandquotum. Van het vergroten van de complexiteit zonder duidelijke voordelen is het stadsdeel geen voorstander. Noord raadt ook af om de leges voor kamergewijze verhuurvergunningen, al dan niet gecompenseerd, te verlagen. Dit omdat leges bedoeld zijn om de kosten voor specifieke individuele dienstverlening zoals vergunningen te dekken.
Een verlaging van de leges betekent dat de kosten niet meer gedekt worden en er uiteindelijk gecompenseerd wordt door anderen die er geen direct profijt van hebben meer te laten betalen (via belasting of het verhogen van andere leges). Daarnaast wordt de tariefstelling van leges voor de burger onnavolgbaar en kan dit leiden tot discussie.
Ongevraagd advies beroepsgroepenregeling Noord signaleert dat het steeds lastiger wordt om verloskundigen, handhavers en pedagogisch medewerkers Pagina 19 van 65
(onmisbare beroepen met soms onregelmatige werktijden) aan te trekken vanwege het gebrek aan passende betaalbare huisvesting in de stad. Het verzoek is daarom of deze groepen toegevoegd kunnen worden aan de voorrangsregeling voor de beroepsgroepen zorg, onderwijs en politie.
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Wijzigingsvoorstel HVV 2024 per 1 januari 2025 Portefeuille: Volkshuisvesting Portefeuillehouder: Flora Breemer Directie: Wonen Datum behandeling staf WH 13 mei 2024 Datum adviesaanvraag: 3 juni 2024 Deadline ontvangst advies: Advies mailen naar: Meegestuurde stukken: Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
15 juli 2024 s.hamimid@amsterdam.nl, s.toorenburg@amsterdam.nl en j.frielink@amsterdam.nl Huisvestingsverordening, Nadere regels Wetgevingsagenda is besproken in het BOSS van 13 mei 2024
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel: Zuid Procesbegeleider: Victoria ten Hulsen Datum weekstart/staf: 17 juni integrale staf Datum stadsdeelcommissie: 19 juni meningsvormend, 3 juli besluitvormend Datum dagelijks bestuur: 18 juni, 09 juli Registratienr. (optioneel): …
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of -
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.
DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Het college geeft voorgenomen beleidsvoorstellen ter wijziging van de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 vrij voor inspraak. Het voorstel omvat onder meer het invoeren van een vergunningplicht voor middeldure huurwoningen, introductie van urgentie voor de Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep en wijziging van de voorrangregels voor rolstoelgebruikers. Ook worden er o.a. voorstellen gedaan ten aanzien van vakantiewoningruil, regels voor kortdurende huisbewaring en versoepeling van de regels voor inwoning. De belangrijkste voorstellen voor wijziging van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 (HVV) per 1 januari 2025 zijn:
Pagina 20 van 65
e. Woonruimteverdeling -
Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken Met de komst van de Wet betaalbare huur gaat er een maximale huur gelden voor middeldure huurwoningen. Invoering van deze wet staat gepland voor 1 juli 2024. Om te zorgen dat deze woningen verhuurd worden aan huishoudens met een middeninkomen is het voorstel om de huisvestingsvergunningsplicht uit te breiden met de categorie ‘middeldure huurwoning’. Het gaat om woningen in de bestaande voorraad met een huurprijs van €879,66 tot en met €1.165,81 (prijspeil: 2024). Het gaat om woningen tot en met 186 punten volgens het woningwaarderingsstelsel. Middeninkomens zijn huishoudens met een inkomen tot €75.362 voor eenpersoonshuishoudens en €82.921 voor meerpersoonshuishoudens. Voor een goede uitvoering van de vergunningplicht moet de vergunningverlening op orde zijn. Het instellen van toezicht en handhaving is daarnaast noodzakelijk. Gedurende 2024 moet de implementatie worden voorbereid. Dit traject staat los van de voorliggende juridische verankering in de huisvestingsverordening. De inwerkingtreding van de wijziging volgt op een datum die het college geschikt acht. Die bevoegdheid wordt door de gemeenteraad aan het college gedelegeerd.
-
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Op dit moment kent de Huisvestingsverordening 2024 (HVV) bepaalde passendheidscriteria voor gezinnen. Grotere sociale huurwoningen met een minimaal aantal kamers en minimaal aantal vierkante meters worden met voorrang toegewezen aan grote of kleine gezinnen. De praktijk leert dat de huidige voorrang niet altijd goed past bij de woonruimteverdeling van Amsterdam en bij de doelen van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting. Door het ontbreken van een afwijkingsbevoegdheid komen woningen die wel geschikt zouden zijn voor gezinnen soms niet terecht bij deze gezinnen. Om die reden is het voorstel om in de HVV een pilot voor twee jaar op te nemen dat corporaties de mogelijkheid biedt om maatwerk toe te passen en van de bestaande passendheidscriteria af te wijken. De huidige passendheidscriteria blijven wel het uitgangspunt en blijven opgenomen in de HVV. De verwachting is dat er hierdoor meer woningen met voorrang aan gezinnen worden toegewezen. Na twee jaar wordt onderzocht of de maatregel daadwerkelijk tot meer woningen voor gezinnen leidt.
-
Nieuwe urgentiecategorie Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep In de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting staat opgenomen dat de bestaande groep die urgentie krijgt nog wordt uitgebreid met de groep Amsterdammers met een bepaalde openbare orde en veiligheidsachtergrond. Naast de meest kwetsbare daklozen is dit de laatste groep die nog aan de urgente doelgroepen wordt toegevoegd. Het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (AcVZ) mag op jaarbasis 10 cliënten voordragen voor een urgentie. Deze AcVZ-doelgroep zal net als de bestaande urgentie ‘uitstroom uit de Maatschappelijke Opvang of Beschermd Wonen’ (uitstroom MO/BW) met een omklapcontract worden gehuisvest. Dit betekent dat er ook voor deze groep een urgentie zal worden verleend onder opschortende voorwaarden waarbij het huurcontract eerst op naam van de zorgverlener zal worden gezet alvorens het wordt ‘omgeklapt’ op naam van de persoon. Het gaat om personen die door het AcVZ worden voorgedragen en zijn opgenomen in een persoonsgerichte aanpak van het AcVZ voor wie stabiele zelfstandige huisvesting met begeleiding cruciaal is om een duurzame verandering op meerdere leefgebieden te bewerkstellingen en een belangrijke factor is in het beëindigen van crimineel gedrag en/of het afhankelijk blijven van een crimineel netwerk.
De ervaring leert dat het ontbreken van woonperspectief er voor deze groep toe leidt dat het moeilijk is om stappen te blijven zetten richting meer perspectief en stabiliteit. Het verlenen van urgentie zal naar verwachting bijdragen aan een afname van overlastgevend en delict gedrag. Na twee jaar wordt het toevoegen van deze doelgroep geëvalueerd.
-
Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Het plan is om de komende drie jaar 2.500 - 3.000 flexwoningen (tijdelijke woningen) te realiseren in drie tranches. Dit is om te voldoen aan de grote vraag naar betaalbare woningen. Daarnaast is het doel om
Pagina 21 van 65
minimaal 30% van deze woningen toe te wijzen aan statushouders, om zo te voldoen aan de taakstelling vanuit het Rijk. De overige woningen worden toegewezen aan reguliere woningzoekenden die met spoed op zoek zijn naar een woning, waaronder jongeren, mensen uit specifieke beroepsgroepen en economisch daklozen. De flexcomplexen kunnen ontwikkeld of beheerd worden door corporaties, maar ook door particulieren. Op dit moment geldt volgens de HVV voor de toewijzing van sociale huurwoningen die geen eigendom zijn van corporaties enkel een inkomenseis. Dit betekent dat het niet mogelijk is om groepen, waaronder statushouders, met voorrang te huisvesten in flexcomplexen die niet in eigendom zijn van corporaties. Dit geldt ook voor het nog op te leveren complex Riekerpark, waarbij de units in eigendom zijn van de gemeente. Het is volgens de Huisvestingswet ook uitgesloten om voorrang aan specifieke groepen te regelen in anterieure overeenkomsten. Toewijzingsregels kunnen alleen worden opgenomen in een huisvestingsverordening. Daarom wordt voorgesteld om per 1 januari 2025 voorrangsregels op te nemen die van toepassing kunnen zijn op particuliere flexcomplexen. Per complex zal uiteindelijk bekeken worden welke doelgroepenmix gewenst is. -
Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Rolstoelgebruikers die een rolstoelwoning zoeken krijgen een label acuut, dringend of noodzakelijk afhankelijk van de ernst van hun woonsituatie. Daarnaast gelden er passendheidslabels voor grote rolstoelwoningen die met voorrang gaan naar huishoudens met kinderen. Het voorstel is nu om de voorrang voor gezinnen met 1 of 2 kinderen voor rolstoelwoningen met 3 kamers te laten vervallen. De voorrang is namelijk belemmerend voor huishoudens zonder kinderen met verhuismotivatie acuut of dringend. Bij het reageren op een vrijkomende rolstoelwoning met 3 kamers werden ze ‘ingehaald’ door huishoudens met 1 of 2 kinderen die noodzakelijk zijn. Hierdoor bleven Amsterdammers bijvoorbeeld langer in het revalidatiecentrum liggen dan nodig. De verkeerde beddenproblematiek werd met de voorrang vergroot. Voortaan komen voor rolstoelwoningen met 3 kamers als eerste rolstoelgebonden woningzoekenden die acuut dienen te verhuizen aan de beurt, daarna volgt de categorie dringend en tot slot komen huishoudens met rolstoelwoningindicatie noodzakelijk.
-
Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Sinds 2015 worden gemengde wooncomplexen gebouwd in samenwerking met corporaties, waarbij kwetsbare huishoudens samenwonen met niet-kwetsbare jongeren. Volgens de huidige definitie in de HVV kunnen de woningcorporaties de woningen voor de niet-kwetsbare jongeren in deze gemengde complexen toewijzen op basis van de motivatie en geschiktheid van deze jongeren om de kwetsbare bewoners te ondersteunen. Zowel bij de te realiseren flexcomplexen (BrasaVillage) als bij het realiseren van Lang Leven Thuis Flats is er de wens om ook niet-kwetsbare huishoudens die ouder zijn dan 27 jaar te huisvesten in gemengde complexen. Ook hier is er een wens om de kandidaat-huurders te toetsen op motivatie. De definitie van gemengd wonencomplex in de HVV wordt daarom uitgebreid, zodat ook gemotiveerde kandidaten van boven de 27 jaar daar kunnen gaan wonen.
f.
Woonruimtevoorraad
-
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Woningen zijn om in te wonen, aldus de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting. Daarom reguleren we het gebruik van de woningvoorraad, ook bij toeristisch gebruik van woningen. De laatste tijd is huizenruil als vorm van toeristisch gebruik in opkomst. Alle vormen van kortdurend verblijf hebben invloed op de woningvoorraad en op de leefbaarheid in wijken en buurten. Na Airbnb is HomeExchange inmiddels de tweede aanbieder van woningen voor toeristisch verblijf in de stad. In de raadsinformatiebrief van 23 april 2024 over de afhandeling van de moties 665.23 en 697.23 heeft het college aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm van huizenruil mogelijk te maken moet de Huisvestingsverordening wel nog worden aangepast. Deze vorm van in gebruik geven van de woning valt
Pagina 22 van 65
namelijk wel onder woningonttrekking. Er is pas sprake van wonen als je langer dan zes maanden ergens verblijft. Voorgesteld wordt om voor kortdurend verblijf ten behoeve van huizenruil zonder enige vorm van betaling een vrijstelling van de woningonttrekkingsvergunningplicht op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. -
Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring); Eén van de doelstellingen van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting is het creëren van meer woonruimte in de bestaande woningvoorraad. Dit kan door bewoners toe te staan om hun woning tijdelijk in gebruik te geven aan iemand anders als zij een aantal maanden afwezig zijn door bijvoorbeeld een lange reis of uitwisselingssemester. Deze mogelijkheid zou onder andere een uitkomst kunnen zijn voor mensen die met spoed een woning zoeken zoals economisch daklozen, gescheiden mensen en studenten. Op dit moment is dit echter nog niet toegestaan in de Huisvestingsverordening omdat het, afhankelijk van de situatie, formeel onder woningonttrekking en/of toeristische verhuur valt. Voor beiden geldt een vergunningplicht die voor deze situaties niet worden verleend. Om dit toch mogelijk te maken is het voorliggende voorstel om het tijdelijk in gebruik geven van je woning vrij te stellen van de vergunningplicht voor onttrekking en toeristische verhuur. Deze vrijstelling geldt voor maximaal één aaneengesloten periode van minimaal drie tot maximaal zes maanden. Voor particuliere woningen wordt dit voor één keer per jaar vrijgesteld en voor corporatiewoningen één keer per vijf jaar. Dit beperkt de mogelijkheid dat corporatiewoningen tijdelijk worden bewoond door mensen buiten hun doelgroep en voor boven de sociale huurprijs.
Anderzijds wordt hiermee alsnog tegemoet gekomen aan de behoefte vanuit corporaties die dit in bijzondere gevallen willen kunnen toestaan. De aanvrager die de woning tijdelijk achterlaat moet ingeschreven staan op het betreffende woonadres. De tijdelijke bewoner mag tijdens de periode niet op een ander woonadres in Amsterdam staan ingeschreven. Bij een huurwoning is altijd toestemming nodig van de verhuurder. Om te zorgen dat deze regeling daadwerkelijk tijdelijke woonplekken oplevert en leegstand tegengaat kiest het college ervoor om geen meldplicht of vergunningplicht te introduceren voor korte huisbewaring. Hoewel dit het risico op misbruik van de regeling iets vergroot, heeft het als grote voordeel dat daardoor veel Amsterdammers tijdelijk onderdak kunnen krijgen en onnodige leegstand voorkomen wordt.
-
Regels voor woningdelen en inwoning herzien; Een woonplek vinden in Amsterdam is bijzonder moeilijk. Het gebrek aan passende en betaalbare woningen is erg groot. Woningdelen kan bijdragen aan het creëren van meer woonplekken. Maar woningdelen schuurt soms ook met andere uitgangspunten. Het kan leiden tot meer overlast voor andere Amsterdammers. We willen grote woningen beschikbaar houden voor gezinnen en de huurrechten van woningdelers goed beschermen. We hebben dus gezocht naar maatregelen die in balans zijn: woningdelen makkelijker maken én de leefbaarheid in de stad beschermen. Voorgesteld wordt om de regels voor inwoning/hospitaverhuur te verruimen. Het college wil de termijn waarna iemand mag komen inwonen verkorten van twee naar één jaar. Dit betekent dat een huishouden al na één jaar een ander huishouden in huis mag nemen, in plaats van na twee jaar. Verder wordt inwoning direct, dus niet pas na één jaar, toestaan als het inwoning verlenende of het inwonende huishouden getrouwd is of een geregistreerd partnerschap heeft. Ten derde wil het college inwoning van twee huishoudens toestaan (in plaats van maximaal één inwonend huishouden) als het gaat om familie tot en met de vierde graad of als er sprake is van mantelzorg. Naast het huishouden van de hoofdbewoner mogen dan dus twee andere huishoudens komen inwonen. Een huishouden kan uit meerdere personen bestaan.
Het kan bijvoorbeeld gaan om een gezin met kinderen. Woningdelen door drie personen willen we stimuleren en makkelijker maken. Voorgesteld wordt om een plusquotum voor vergunningen voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten in te voeren. Dat betekent dat als het algemene wijkquotum (waarin geen onderscheid wordt gemaakt naar aantal kamers) vol is, er een beperkt aantal extra vergunningen per wijk beschikbaar zijn. Dit geldt alleen voor een omzetting naar drie
Pagina 23 van 65
onzelfstandige woonruimten. Per wijk komen gemiddeld 55 extra plekken en in totaal circa 6000 plekken beschikbaar in het quotum. Het voorstel om de leges bij omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten af te schaffen of drastisch te verlagen wordt meegenomen voor de aanstaande wijziging van de Legesverordening Amsterdam. Dat proces loopt parallel aan de wijziging van de Huisvestingsverordening. Door de leges te verlagen willen we de drempel om een vergunning aan te vragen verlagen. Het delen van een huis met bijvoorbeeld drie vrienden maken we op die manier makkelijker. De gemeente wil de vergunning om te woningdelen met drie personen niet helemaal afschaffen (vergunningvrij maken), omdat we dan niet meer kunnen sturen op de samenstelling van de woningvoorraadwijkquota. Financiering voor het verlaagde legestarief is, voorlopig incidenteel tot en met 1 januari 2026, gevonden binnen het budget van de Directie Wonen. Voorgesteld zal worden om het legestarief te verlagen tot € 31,- of € 62,-, een verlaging van ongeveer € 600,- per vergunning. Op dit moment worden ongeveer 20 omzettingsvergunningen per maand verleend, waarvan ongeveer 60% voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Uitgaande van 12 x 12 = 144 omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten op jaarbasis gaat het om een bedrag van grofweg 144 x € 600,00 = € 86.400,- per jaar.
Bij de daadwerkelijke wijziging van legesverordening door de gemeenteraad zullen de definitieve financiële gevolgen kenbaar zijn. -
Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel; De komende jaren ligt bij werkzaamheden in de openbare ruimte in Amsterdam er een grote en urgente opgave bij het onderhouden en herstellen van de bruggen en kademuren. Hierdoor zullen de komende tientallen jaren naar schatting 2800 woonboten tijdelijk moeten worden verplaatst om ruimte te maken voor onderhouds- en herstelwerkzaamheden. Een verplaatste woonboot blijft gemiddeld twee jaar liggen op de tijdelijke ligplaats alvorens terug te verhuizen naar de vaste/oude ligplaats. Gezien het langdurige hersteltraject van Amsterdamse kades en bruggen en het aantal woonboten met een B&B dat te zijner tijd verplaatst moet worden, naar schatting 190, is het wenselijk hierover regels op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. Het college wil niet dat een voor de eigenaar al ingrijpende tijdelijke verhuizing nog meer wordt belast door mogelijk extra procedure obstakels voor de B&B. Het voorstel is dat een B&B tijdelijk mag worden geëxploiteerd op een andere ligplaats. Er vindt geen toetsing plaats aan het wijkquotum.
Vervolgproces Na verwerking van uw advies en de reacties uit de inspraakronde, worden definitieve voorstellen gedaan aan de gemeenteraad voor vaststelling. Besluitvorming voor definitieve wijzigingsvoorstellen voor de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 volgt in het najaar. Aan het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuid wordt gevraagd uiterlijk 15 juli 2024 advies uit te brengen over de beleidsvoorstellen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het dagelijks bestuur wil het stadsdeel leefbaar en toegankelijk houden voor een diverse doelgroep. Passend wonen is een steeds groter vraagstuk. Er zijn steeds vaker ouderen in niet-passende woningen. Daarom vraagt het bestuur nogmaals nadrukkelijk aandacht voor het tekort aan ouderenhuisvesting en het belang van doorstroming. Het DB van Zuid zet zich actief in voor het toevoegen van extra woningen en verzoekt het college hier ook voldoende aandacht aan te schenken. Het dagelijks bestuur kan zich vinden in het grootste deel van de meer technische wijzigingen die worden voorgesteld
Pagina 24 van 65
in de HVV 2025. Het stadsdeel beschouwt de voorgedragen HVV verder als beleidsarm. Er is daarom voor gekozen om te reageren op de beleidswijzigingen die de grootste veranderingen teweeg brengen voor het stadsdeel. Het Dagelijks Bestuur is voorstander van hospitaverhuur. Het DB wil samen met VTH aandacht vragen voor een wijziging in relatie tot hospitaverhuur aanvullend op de HVV wijziging. Huisvesting van meerdere huishoudens op één adres is op dit moment in strijd met 75% van de geldende bestemmingsplannen. Het college stelt, naast de wijziging in de HVV, voor om hospitaverhuur te gedogen. Het dagelijks bestuur ziet het als zeer ongebruikelijk om een gedoogverklaring te laten vaststellen voor een activiteit waarvoor een vergunning verleend kan worden. Deze vergunningaanvragen komen vaker voor, bijvoorbeeld bij B&B en verkamering vragen initiatiefnemers deze vergunning aan. Het is naar mening van het dagelijks bestuur ook niet erg logisch dat aanvragers van een B&B en verkamering een vergunning moeten aanvragen en degene die hospitaverhuur wil niet. Verder wil het DB aandacht vragen voor de juridische obstakels zoals aangegeven door VTH. Het DB roept op om de gedoogconstructie zo kort mogelijk te laten bestaan. Woonruimteverdeling -
Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken
Ter voorbereiding op de Wet Betaalbare Huur worden alle huurwoningen tot 186 WWS-punten vergunningsplichtig. De wet is nog niet aangenomen door de Eerste Kamer. Mocht de wet het niet halen in de Eerste Kamer dan kan de gemeente door deze wijziging in de HVV handhaven op de vergunningsplicht en verhuurders verplichten met voorrang te verhuren aan middeninkomens. Er is dan, echter, geen verplichte maximum huurprijs meer. Het dagelijks bestuur is geen voorstander van invoering zonder de benodigde achterliggende wetgeving. Het dagelijks bestuur adviseert daarnaast om de effecten van het nieuwe puntensysteem actief te monitoren en, waar nodig, de mogelijkheid te hebben om bij te sturen. Een ander aandachtspunt is handhaving. Er is nog niet gekozen of er gehandhaafd gaat worden op basis van meldingen of dat er gekozen wordt voor een actieve handhaving. Het dagelijks bestuur is voorstander van een actieve handhaving, bijvoorbeeld op een vast ingebouwd moment bij afgifte van de huisvestingsvergunning. Hiermee standaardiseer je het proces en bereik je ook de huurders die mogelijk hun rechten niet goed kennen.
-
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters
Het wijzigen van de passendheidscriteria geeft meer ruimte aan corporaties om passend toe te wijzen. Het dagelijks bestuur kijkt hier positief naar. Tegelijkertijd moet er kritisch worden gekeken naar welke woningen daadwerkelijk geschikt zijn voor gezinnen. Stadsdeel Zuid heeft een aanzienlijk aantal relatief grote woningen waar kleine huishoudens in wonen. Doorstroming blijft echter lastig. Het dagelijks bestuur roept op om de focus op doorstroming te verstevigen. -
Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’
Het uitbreiden van de motiveringsplicht bij gemengde wooncomplexen en het ophogen van de maximumleeftijd ziet het dagelijks bestuur als positieve ontwikkelingen. De betrokkenheid van bewoners zal hierdoor groeien, wat een verbetering van de leefbaarheid teweegbrengt.
Woonruimtevoorraad -
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling;
Het college heeft aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm mogelijk te maken wordt de Huisvestingsverordening aangepast. Het dagelijks bestuur vindt de aanpassing sympathiek, maar vraagt het college om ervoor te waken dat deze Pagina 25 van 65
aanpassing geen sluiproute vormt voor betaalde toeristische verhuur en het toezicht daarop hindert. -
Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring);
Het dagelijks bestuur staat positief tegenover woningen in kort verblijf toestaan als de vaste bewoners tijdelijk ergens anders verblijven. De vrijstelling voor particuliere woningen geldt voor één keer per jaar. Het dagelijks bestuur roept op om de regeling actief te monitoren om misbruik tegen te gaan. -
Regels voor woningdelen en inwoning herzien
De regeling voor hospitaverhuur en woningdelen worden vereenvoudigd. Hieronder op een rij de adviezen van het dagelijks bestuur: -
-
-
-
Het dagelijks bestuur kijkt positief naar het sneller laten inwonen van een persoon door het relatief grote aantal kleine huishoudens in grote woningen in Zuid. Dit draagt bij aan minder eenzaamheid bij ouderen in grote woningen. Het schept daarnaast ook meer mogelijkheden tot het huisvesten van jongeren en studenten. Het college wil een plus-quotum introduceren voor vergunningen voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Dat betekent dat als het algemene wijkquotum vol is, er een beperkt aantal extra vergunningen beschikbaar zijn. Het dagelijks bestuur staat positief tegenover het optimaal gebruiken van de woningruimte, maar zet vraagtekens bij nog meer verkamering in al volle buurten. Dit kan de leefbaarheid in deze wijken verder onder druk zetten. In buurten die minder onder druk staan en waar het quotum nog niet bereikt is, ziet het DB hier minder obstakels. Er is onduidelijkheid over de toepassing van de kostendelersnorm bij inwoning. Het dagelijks bestuur roept op om meer duidelijkheid hierover. Het dagelijks bestuur adviseert om het verlagen van de leges voor het aanvragen van de vergunning niet te door te zetten. De mogelijke groei aan aanvragen die dit met zich meebrengt legt extra druk op de collega’s bij VTH Zuid.
Daarnaast is het de vraag of het juridisch haalbaar en ook uitlegbaar is dat iemand die omzet naar vier onzelfstandige wooneenheden leges moet betalen en degene naar drie niet. Het is ook de vraag of iemand het omzetten van een woning af laat hangen van het tarief van de leges. Het dagelijks bestuur is van mening dat de regelmatig wijzigingen en de nu weer voorgenomen uitbreiding met een ‘plusquotum’ de regelgeving en daarmee de uitvoering nog complexer maken. Het college wil ‘woningdelen makkelijker maken’ maar de complexiteit van de regelgeving neemt met dit voorstel alleen maar toe. Elke aanvraag zal VTH aan drie verschillende quota moeten toetsen: een wijkquotum, plusquotum en pandquotum, waarbij het pandquotum alleen handmatig gecontroleerd kan worden. Voor bewoners worden de regels nog moeilijker te begrijpen. Ook een negatieve impact op de leefbaarheid is niet uit te sluiten.
Het dagelijks bestuur verzoekt om de effecten integraal te monitoren en te kijken naar de toename van woningdelen, hospitaverhuur en splitsing. Het dagelijks bestuur vraagt ook om meer monitoring op leefbaarheid, ook op buurtniveau.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie adviseert, met instemming van de fracties van GroenLinks, PvdA, Liberaal Zuid, D66, VVD, Partij voor Betaalbaar Leven, het Dagelijks Bestuur het volgende op te nemen in het definitieve advies: -
De doelgroep van de voorgestelde versoepeling ten aanzien van woningdelen uit te breiden met stellen die een samenlevingscontract of een notarieel samenlevingscontract zijn aangegaan;
Pagina 26 van 65
Daarnaast adviseert de stadsdeelcommissie, met instemming van de fracties D66, GroenLinks, PvdA, de Partij voor Betaalbaar Leven, het Dagelijks bestuur het volgende op te nemen in het definitieve advies: -
Huurders/bewoners van alle woningen toe te staan maximaal één keer per jaar hun woning tijdelijk in bewaring te geven; Corporaties te vragen om hierop geen controle uit te oefenen, en – behoudens signalen die duiden op misbruik – ervan uit te gaan dat de woningen in bewaring worden gegeven aan degenen voor wie corporatiewoningen zijn bedoeld
--------------------------------Daarnaast zijn er twee minderheidsadviezen van de stadsdeelcommissie zijnde: -
Geen vrijstelling van de woningontrekkinsvergunningsplicht op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. Wel een meldplicht of vergunningplicht te introduceren voor ‘kort verblijf in woning
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
De stadsdeelcommissie heeft op 3 juli 2024 aanvullende adviezen gegeven aan het DB over korte huisbewaring en woningdelen. Het DB bedankt voor deze adviezen en neemt deze seperaat op in het definitieve advies. Het DB wil er wel op wijzen dat de adviezen van de stadsdeelcommissie kunnen leiden tot meer inzet en werkdruk van gemeente en corporaties. Er moet gekeken worden of dat in verhouding is met tot wat dit zou opleveren. ----------------------------Het dagelijks bestuur wil het stadsdeel leefbaar en toegankelijk houden voor een diverse doelgroep. Passend wonen is een steeds groter vraagstuk. Er zijn steeds vaker ouderen in niet-passende woningen. Daarom vraagt het bestuur nogmaals nadrukkelijk aandacht voor het tekort aan ouderenhuisvesting en het belang van doorstroming. Het DB van Zuid zet zich actief in voor het toevoegen van extra woningen en verzoekt het college hier ook voldoende aandacht aan te schenken. Het dagelijks bestuur kan zich vinden in het grootste deel van de meer technische wijzigingen die worden voorgesteld in de HVV 2025. Het stadsdeel beschouwt de voorgedragen HVV verder als beleidsarm. Er is daarom voor gekozen om te reageren op de beleidswijzigingen die de grootste veranderingen teweeg brengen voor het stadsdeel. Het Dagelijks Bestuur is voorstander van hospitaverhuur.
Het DB wil samen met VTH aandacht vragen voor een wijziging in relatie tot hospitaverhuur aanvullend op de HVV wijziging. Huisvesting van meerdere huishoudens op één adres is op dit moment in strijd met 75% van de geldende bestemmingsplannen. Het college stelt, naast de wijziging in de HVV, voor om hospitaverhuur te gedogen. Het dagelijks bestuur ziet het als zeer ongebruikelijk om een gedoogverklaring te laten vaststellen voor een activiteit waarvoor een vergunning verleend kan worden. Deze vergunningaanvragen komen vaker voor, bijvoorbeeld bij B&B en verkamering vragen initiatiefnemers deze vergunning aan. Het is naar mening van het dagelijks bestuur ook niet erg logisch dat aanvragers van een B&B en verkamering een vergunning moeten aanvragen en degene die hospitaverhuur wil niet. Verder wil het DB aandacht vragen voor de juridische obstakels zoals aangegeven door VTH. Het DB roept op om de gedoogconstructie zo kort mogelijk te laten bestaan. Woonruimteverdeling -
Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken
Ter voorbereiding op de Wet Betaalbare Huur worden alle huurwoningen tot 186 WWS-punten vergunningsplichtig. De wet is nog niet aangenomen door de Eerste Kamer. Mocht de wet het niet halen in de Eerste Kamer dan kan de gemeente door deze wijziging in de HVV handhaven op de vergunningsplicht en verhuurders verplichten met voorrang
Pagina 27 van 65
te verhuren aan middeninkomens. Er is dan, echter, geen verplichte maximum huurprijs meer. Het dagelijks bestuur is geen voorstander van invoering zonder de benodigde achterliggende wetgeving. Het dagelijks bestuur adviseert daarnaast om de effecten van het nieuwe puntensysteem actief te monitoren en, waar nodig, de mogelijkheid te hebben om bij te sturen. Een ander aandachtspunt is handhaving. Er is nog niet gekozen of er gehandhaafd gaat worden op basis van meldingen of dat er gekozen wordt voor een actieve handhaving. Het dagelijks bestuur is voorstander van een actieve handhaving, bijvoorbeeld op een vast ingebouwd moment bij afgifte van de huisvestingsvergunning. Hiermee standaardiseer je het proces en bereik je ook de huurders die mogelijk hun rechten niet goed kennen.
-
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters
Het wijzigen van de passendheidscriteria geeft meer ruimte aan corporaties om passend toe te wijzen. Het dagelijks bestuur kijkt hier positief naar. Tegelijkertijd moet er kritisch worden gekeken naar welke woningen daadwerkelijk geschikt zijn voor gezinnen. Stadsdeel Zuid heeft een aanzienlijk aantal relatief grote woningen waar kleine huishoudens in wonen. Doorstroming blijft echter lastig. Het dagelijks bestuur roept op om de focus op doorstroming te verstevigen. -
Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’
Het uitbreiden van de motiveringsplicht bij gemengde wooncomplexen en het ophogen van de maximumleeftijd ziet het dagelijks bestuur als positieve ontwikkelingen. De betrokkenheid van bewoners zal hierdoor groeien, wat een verbetering van de leefbaarheid teweegbrengt.
Woonruimtevoorraad -
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling;
Het college heeft aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm mogelijk te maken wordt de Huisvestingsverordening aangepast. Het dagelijks bestuur vindt de aanpassing sympathiek, maar vraagt het college om ervoor te waken dat deze aanpassing geen sluiproute vormt voor betaalde toeristische verhuur en het toezicht daarop hindert. -
Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring);
Het dagelijks bestuur staat positief tegenover woningen in kort verblijf toestaan als de vaste bewoners tijdelijk ergens anders verblijven. De vrijstelling voor particuliere woningen geldt voor één keer per jaar. Het dagelijks bestuur roept op om de regeling actief te monitoren om misbruik tegen te gaan. -
Regels voor woningdelen en inwoning herzien
De regeling voor hospitaverhuur en woningdelen worden vereenvoudigd. Hieronder op een rij de adviezen van het dagelijks bestuur: -
-
Het dagelijks bestuur kijkt positief naar het sneller laten inwonen van een persoon door het relatief grote aantal kleine huishoudens in grote woningen in Zuid. Dit draagt bij aan minder eenzaamheid bij ouderen in grote woningen. Het schept daarnaast ook meer mogelijkheden tot het huisvesten van jongeren en studenten. Het college wil een plus-quotum introduceren voor vergunningen voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Dat betekent dat als het algemene wijkquotum vol is, er een beperkt aantal extra vergunningen beschikbaar zijn. Het dagelijks bestuur staat positief tegenover het optimaal gebruiken van de woningruimte, maar zet vraagtekens bij nog meer verkamering in al volle buurten. Dit Pagina 28 van 65
-
-
kan de leefbaarheid in deze wijken verder onder druk zetten. In buurten die minder onder druk staan en waar het quotum nog niet bereikt is, ziet het DB hier minder obstakels. Er is onduidelijkheid over de toepassing van de kostendelersnorm bij inwoning. Het dagelijks bestuur roept op om meer duidelijkheid hierover. Het dagelijks bestuur adviseert om het verlagen van de leges voor het aanvragen van de vergunning niet te door te zetten. De mogelijke groei aan aanvragen die dit met zich meebrengt legt extra druk op de collega’s bij VTH Zuid. Daarnaast is het de vraag of het juridisch haalbaar en ook uitlegbaar is dat iemand die omzet naar vier onzelfstandige wooneenheden leges moet betalen en degene naar drie niet. Het is ook de vraag of iemand het omzetten van een woning af laat hangen van het tarief van de leges. Het dagelijks bestuur is van mening dat de regelmatig wijzigingen en de nu weer voorgenomen uitbreiding met een ‘plusquotum’ de regelgeving en daarmee de uitvoering nog complexer maken. Het college wil ‘woningdelen makkelijker maken’ maar de complexiteit van de regelgeving neemt met dit voorstel alleen maar toe. Elke aanvraag zal VTH aan drie verschillende quota moeten toetsen: een wijkquotum, plusquotum en pandquotum, waarbij het pandquotum alleen handmatig gecontroleerd kan worden. Voor bewoners worden de regels nog moeilijker te begrijpen.
Ook een negatieve impact op de leefbaarheid is niet uit te sluiten.
Het dagelijks bestuur verzoekt om de effecten integraal te monitoren en te kijken naar de toename van woningdelen, hospitaverhuur en splitsing. Het dagelijks bestuur vraagt ook om meer monitoring op leefbaarheid, ook op buurtniveau. Het dagelijks bestuur neemt het meerderheidsadvies van de stadsdeelcommissie over. De stadsdeelcommissie stelt voor om: -
de doelgroep van de voorgestelde versoepeling ten aanzien van woningdelen uit te breiden met stellen die een samenlevingscontract of een notarieel samenlevingscontract zijn aangegaan; huurders/bewoners van alle woningen toe te staan maximaal één keer per jaar hun woning tijdelijk in bewaring te geven; corporaties te vragen om hierop geen controle uit te oefenen, en – behoudens signalen die duiden op misbruik – ervan uit te gaan dat de woningen in bewaring worden gegeven aan degenen voor wie corporatiewoningen zijn bedoeld
Adviesaanvraag college aan stadsgebied Weesp Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Wijzigingsvoorstel HVV 2024 per 1 januari 2025 Portefeuille: Volkshuisvesting Directie: Wonen Datum behandeling staf WH 13 mei 2024 Datum adviesaanvraag: 3 juni 2024 Deadline ontvangst advies: 15 juli 2024 Advies mailen naar: s.hamimid@amsterdam.nl, s.toorenburg@amsterdam.nl en j.frielink@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Huisvestingsverordening, Nadere regels Heeft er consultatie vooraf Wetgevingsagenda is besproken in het BOSS van 13 mei 2024 plaatsgevonden?
Pagina 29 van 65
Invullen door stadsgebied: Stadsgebied: Procesbegeleider: Datum weekstart/staf: Datum bestuurscommissie:
Weesp Paul Heidecker 10 juni 2024 bespreking bestuurder Tineke Booij 9 juli 2024 oordeelsvormend 16 juli 2024 besluitvormend
Datum dagelijks bestuur: Registratienr. (optioneel):
2 juli 2024
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of -
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.
DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Het college geeft voorgenomen beleidsvoorstellen ter wijziging van de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 vrij voor inspraak. Het voorstel omvat onder meer het invoeren van een vergunningplicht voor middeldure huurwoningen, introductie van urgentie voor de Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep en wijziging van de voorrangregels voor rolstoelgebruikers. Ook worden er o.a. voorstellen gedaan ten aanzien van vakantiewoningruil, regels voor kortdurende huisbewaring en versoepeling van de regels voor inwoning. De belangrijkste voorstellen voor wijziging van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 per 1 januari 2025 zijn: g. Woonruimteverdeling 1. Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken Met de komst van de Wet betaalbare huur gaat er een maximale huur gelden voor middeldure huurwoningen. Invoering van deze wet staat gepland voor 1 juli 2024. Om te zorgen dat deze woningen verhuurd worden aan huishoudens met een middeninkomen is het voorstel om de huisvestingsvergunningsplicht uit te breiden met de categorie ‘middeldure huurwoning’. Het gaat om woningen in de bestaande voorraad met een huurprijs van €879,66 tot en met €1.165,81 (prijspeil: 2024). Het gaat om woningen tot en met 186 punten volgens het woningwaarderingsstelsel.
Middeninkomens zijn huishoudens met een inkomen tot €75.362 voor eenpersoonshuishoudens en €82.921 voor meerpersoonshuishoudens. Voor een goede uitvoering van de vergunningplicht moet de vergunningverlening op orde zijn. Het instellen van toezicht en handhaving is daarnaast noodzakelijk. Gedurende 2024 moet de implementatie worden voorbereid. Dit traject staat los van de voorliggende juridische verankering in de huisvestingsverordening. De inwerkingtreding van de wijziging volgt op een datum die het college geschikt acht. Die bevoegdheid wordt door de gemeenteraad aan het college gedelegeerd. 2. Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Op dit moment kent de Huisvestingsverordening 2024 (HVV) bepaalde passendheidscriteria voor gezinnen. Grotere sociale huurwoningen met een minimaal aantal kamers en minimaal aantal vierkante meters worden met voorrang toegewezen aan grote of kleine gezinnen. De praktijk leert dat de huidige voorrang niet altijd goed past bij de woonruimteverdeling van Amsterdam en bij de doelen van de Amsterdamse Aanpak
Pagina 30 van 65
Volkshuisvesting. Door het ontbreken van een afwijkingsbevoegdheid komen woningen die wel geschikt zouden zijn voor gezinnen soms niet terecht bij deze gezinnen. Om die reden is het voorstel om in de HVV een pilot voor twee jaar op te nemen dat corporaties de mogelijkheid biedt om maatwerk toe te passen en van de bestaande passendheidscriteria af te wijken. De huidige passendheidscriteria blijven wel het uitgangspunt en blijven opgenomen in de HVV. De verwachting is dat er hierdoor meer woningen met voorrang aan gezinnen worden toegewezen. Na twee jaar wordt onderzocht of de maatregel daadwerkelijk tot meer woningen voor gezinnen leidt. 3. Nieuwe urgentiecategorie Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep In de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting staat opgenomen dat de bestaande groep die urgentie krijgt nog wordt uitgebreid met de groep Amsterdammers met een bepaalde openbare orde en veiligheidsachtergrond. Naast de meest kwetsbare daklozen is dit de laatste groep die nog aan de urgente doelgroepen wordt toegevoegd. Het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (AcVZ) mag op jaarbasis 10 cliënten voordragen voor een urgentie. Deze AcVZ-doelgroep zal net als de bestaande urgentie ‘uitstroom uit de Maatschappelijke Opvang of Beschermd Wonen’ (uitstroom MO/BW) met een omklapcontract worden gehuisvest.
Dit betekent dat er ook voor deze groep een urgentie zal worden verleend onder opschortende voorwaarden waarbij het huurcontract eerst op naam van de zorgverlener zal worden gezet alvorens het wordt ‘omgeklapt’ op naam van de persoon. Het gaat om personen die door het AcVZ worden voorgedragen en zijn opgenomen in een persoonsgerichte aanpak van het AcVZ voor wie stabiele zelfstandige huisvesting met begeleiding cruciaal is om een duurzame verandering op meerdere leefgebieden te bewerkstellingen en een belangrijke factor is in het beëindigen van crimineel gedrag en/of het afhankelijk blijven van een crimineel netwerk. De ervaring leert dat het ontbreken van woonperspectief er voor deze groep toe leidt dat het moeilijk is om stappen te blijven zetten richting meer perspectief en stabiliteit. Het verlenen van urgentie zal naar verwachting bijdragen aan een afname van overlastgevend en delict gedrag. Na twee jaar wordt het toevoegen van deze doelgroep geëvalueerd. 4. Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Het plan is om de komende drie jaar tussen 2.500 en 3.000 flexwoningen (tijdelijke woningen) te realiseren in drie tranches. Dit is om te voldoen aan de grote vraag naar betaalbare woningen. Daarnaast is het doel om minimaal 30% van deze woningen toe te wijzen aan statushouders, om zo te voldoen aan de taakstelling vanuit het Rijk.
De overige woningen worden toegewezen aan reguliere woningzoekenden die met spoed op zoek zijn naar een woning, waaronder jongeren, mensen uit specifieke beroepsgroepen en economisch daklozen. De flexcomplexen kunnen ontwikkeld of beheerd worden door corporaties, maar ook door particulieren. Volgens de huisvestingsverordening geldt op dit moment enkel een inkomenseis voor de toewijzing van sociale huurwoningen, die géén eigendom van corporaties zijn. Dit betekent, dat het niet mogelijk is, om groepen, waaronder statushouders, met voorrang te huisvesten in flexcomplexen, die niet in eigendom zijn van corporaties. Dit geldt ook voor het nog op te leveren complex Riekerpark, waarbij de units in eigendom zijn van de gemeente. Het is volgens de Huisvestingswet ook uitgesloten om voorrang aan specifieke groepen te regelen in anterieure overeenkomsten. Toewijzingsregels kunnen alleen worden opgenomen in een huisvestingsverordening. Daarom wordt voorgesteld om per 1 januari 2025 voorrangsregels op te nemen die van toepassing kunnen zijn op particuliere flexcomplexen. Per complex zal uiteindelijk bekeken worden, welke doelgroepenmix gewenst is. 5. Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Rolstoelgebruikers, die een rolstoelwoning zoeken, krijgen een label acuut dringend of noodzakelijk afhankelijk van de ernst van hun woonsituatie.
Daarnaast gelden er passendheidslabels voor grote rolstoelwoningen, die met voorrang gaan naar huishoudens met kinderen. Het voorstel is nu om de voorrang voor gezinnen met 1 of 2 kinderen voor rolstoelwoningen met 3 kamers te laten vervallen. De voorrang is namelijk belemmerend voor huishoudens zonder kinderen met verhuismotivatie: acuut of dringend. Bij het reageren op een vrijkomende rolstoelwoning met 3 kamers werden ze ‘ingehaald’ door de voorrang van huishoudens met 1 of 2 kinderen. Hierdoor bleven Amsterdammers bijvoorbeeld langer in het revalidatiecentrum liggen dan nodig. De verkeerde beddenproblematiek werd met de voorrang vergroot.
Pagina 31 van 65
Voortaan komen voor rolstoelwoningen met 3 kamers als eerste rolstoelgebonden woningzoekenden die acuut dienen te verhuizen aan de beurt, daarna volgt de categorie dringend en tot slot komen huishoudens met rolstoelwoningindicatie noodzakelijk. 6. Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Sinds 2015 worden gemengde wooncomplexen gebouwd in samenwerking met corporaties, waarbij kwetsbare huishoudens samenwonen met niet-kwetsbare jongeren. Volgens de huidige definitie in de huisvestingsverordening kunnen de woningcorporaties de woningen voor de niet-kwetsbare jongeren in deze gemengde complexen toewijzen op basis van de motivatie en geschiktheid van deze jongeren om de kwetsbare bewoners te ondersteunen. Zowel bij de te realiseren flexcomplexen (BrasaVillage) als bij het realiseren van Lang Leven Thuis Flats is er de wens om ook niet-kwetsbare huishoudens ouder dan 27 jaar te huisvesten in gemengde complexen. Ook hier is er een wens om de kandidaat-huurders te toetsen op motivatie. De definitie van gemengd wooncomplex in de huisvestingsverordening wordt daarom uitgebreid, zodat ook gemotiveerde kandidaten van boven de 27 jaar daar kunnen gaan wonen. h. Woonruimtevoorraad 7.