6. Stadsdeeladviezen compleet
Tekst van het document
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Woningen zijn om in te wonen, aldus de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting. Daarom reguleren we het gebruik van de woningvoorraad, ook bij toeristisch gebruik van woningen. De laatste tijd is huizenruil als vorm van toeristisch gebruik in opkomst. Alle vormen van kortdurend verblijf hebben invloed op de woningvoorraad en op de leefbaarheid in wijken en buurten. Na Airbnb is HomeExchange inmiddels de tweede aanbieder van woningen voor toeristisch verblijf in de stad. In de raadsinformatiebrief van 23 april 2024 over de afhandeling van de moties 665.23 en 697.23 heeft het college aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm van huizenruil mogelijk te maken moet de Huisvestingsverordening wel nog worden aangepast. Deze vorm van in gebruik geven van de woning valt namelijk wel onder woningonttrekking. Er is pas sprake van wonen als je langer dan zes maanden ergens verblijft. Voorgesteld wordt om voor kortdurend verblijf ten behoeve van huizenruil zonder enige vorm van betaling een vrijstelling van de woningonttrekkingsvergunningplicht op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025.
8. Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring); Eén van de doelstellingen van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting is het creëren van meer woonruimte in de bestaande woningvoorraad. Dit kan door bewoners toe te staan om hun woning tijdelijk in gebruik te geven aan iemand anders, als zij een aantal maanden afwezig zijn door bijvoorbeeld een lange reis of uitwisselingssemester. Deze mogelijkheid zou onder andere een uitkomst kunnen zijn voor mensen die met spoed een woning zoeken, zoals economisch daklozen, gescheiden mensen en studenten. Op dit moment is dit echter nog niet toegestaan in de huisvestingsverordening, omdat dit onder woningonttrekking of toeristische verhuur valt. Voor beiden geldt een vergunningplicht die voor deze situaties niet worden verleend. Om dit toch mogelijk te maken is het voorliggende voorstel om het tijdelijk in gebruik geven van je woning vrij te stellen van de vergunningplicht voor onttrekking en toeristische verhuur. Deze vrijstelling geldt voor maximaal één aaneengesloten periode van minimaal drie tot maximaal zes maanden. Voor particuliere woningen wordt dit voor één keer per jaar vrijgesteld en voor corporatiewoningen één keer per vijf jaar. Dit beperkt de mogelijkheid dat corporatiewoningen tijdelijk worden bewoond door mensen buiten hun doelgroep en voor boven de sociale huurprijs.
Anderzijds wordt hiermee alsnog tegemoet gekomen aan de behoefte vanuit corporaties die dit in bijzondere gevallen willen kunnen toestaan. De aanvrager die de woning tijdelijk achterlaat moet ingeschreven staan op het betreffende woonadres. De tijdelijke bewoner mag tijdens de periode niet op een ander woonadres in Amsterdam staan ingeschreven. Bij een huurwoning is altijd toestemming nodig van de verhuurder.
Pagina 32 van 65
Om te zorgen dat deze regeling daadwerkelijk tijdelijke woonplekken oplevert en leegstand tegengaat, kiest het college ervoor om geen meldplicht of vergunningplicht te introduceren voor korte huisbewaring. Hoewel dit het risico op misbruik van de regeling iets vergroot, heeft het als grote voordeel, dat daardoor veel Amsterdammers tijdelijk onderdak kunnen krijgen en onnodige leegstand voorkomen wordt. 9. Regels voor woningdelen en inwoning herzien; Een woonplek vinden in Amsterdam is bijzonder moeilijk. Het gebrek aan passende en betaalbare woningen is erg groot. Woningdelen kan bijdragen aan het creëren van meer woonplekken. Maar woningdelen schuurt soms ook met andere uitgangspunten. Het kan leiden tot meer overlast voor andere Amsterdammers. We willen grote woningen beschikbaar houden voor gezinnen en de huurrechten van woningdelers goed beschermen. We hebben dus gezocht naar maatregelen die in balans zijn: woningdelen makkelijker maken én de leefbaarheid in de stad beschermen. Voorgesteld wordt om de regels voor inwoning/hospitaverhuur te verruimen. Het college wil de termijn waarna iemand mag komen inwonen verkorten van twee naar één jaar. Dit betekent dat een huishouden al na één jaar een ander huishouden in huis mag nemen, in plaats van na twee jaar.
Verder wordt inwoning direct, dus niet pas na één jaar, toestaan als het inwoning verlenende of het inwonende huishouden getrouwd is of een geregistreerd partnerschap heeft. Ten derde wil het college inwoning van twee huishoudens toestaan (in plaats van maximaal één inwonend huishouden) als het gaat om familie tot en met de vierde1 graad of als er sprake is van mantelzorg. Naast het huishouden van de hoofdbewoner mogen dan dus twee andere huishoudens komen inwonen. Een huishouden kan uit meerdere personen bestaan. Het kan bijvoorbeeld gaan om een gezin met kinderen. Woningdelen door drie personen willen we stimuleren en makkelijker maken. Voorgesteld wordt om een plusquotum voor vergunningen voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten in te voeren. Dat betekent dat als het algemene wijkquotum (waarin geen onderscheid wordt gemaakt naar aantal kamers) vol is, er een beperkt aantal extra vergunningen per wijk beschikbaar zijn. Dit geldt alleen voor een omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Per wijk komen gemiddeld 55 extra plekken en in totaal circa 6000 plekken beschikbaar in het quotum. Het voorstel om de leges bij omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten af te schaffen of drastisch te verlagen wordt meegenomen voor de aanstaande wijziging van de Legesverordening Amsterdam.
Dat proces loopt parallel aan de wijziging van de Huisvestingsverordening. Door de leges te verlagen willen we de drempel om een vergunning aan te vragen verlagen. Het delen van een huis met bijvoorbeeld drie vrienden maken we op die manier makkelijker. De gemeente wil de vergunning om te woningdelen met drie personen niet helemaal afschaffen (vergunningvrij maken), omdat we dan niet meer kunnen sturen op de samenstelling van de woningvoorraadwijkquota. Financiering voor het verlaagde legestarief is, voorlopig incidenteel tot en met 1 januari 2026, gevonden binnen het budget van de Directie Wonen. Voorgesteld zal worden om het legestarief te verlagen tot € 31,- of € 62,-, een verlaging van ongeveer € 600,- per vergunning. Op dit moment worden ongeveer 20 omzettingsvergunningen per maand verleend, waarvan ongeveer 60% voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Uitgaande van 12 x 12 = 144 omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten op jaarbasis gaat het om een bedrag van grofweg 144 x € 600,00 = € 86.400,- per jaar. Bij de daadwerkelijke wijziging van legesverordening door de gemeenteraad zullen de definitieve financiële gevolgen kenbaar zijn. 10. Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel; 1 betovergrootouders; achterneven en achternichten (kleinkinderen van broers of zussen); neven
en nichten (kinderen van broers of zussen van de ouders); oudooms en oudtantes (ooms en tantes van de ouders).
Pagina 33 van 65
De komende jaren ligt bij werkzaamheden in de openbare ruimte in Amsterdam er een grote en urgente opgave bij het onderhouden en herstellen van de bruggen en kademuren. Hierdoor zullen de komende tientallen jaren naar schatting 2800 woonboten tijdelijk moeten worden verplaatst om ruimte te maken voor onderhouds- en herstelwerkzaamheden. Een verplaatste woonboot blijft gemiddeld twee jaar liggen op de tijdelijke ligplaats alvorens terug te verhuizen naar de vaste/oude ligplaats. Gezien het langdurige hersteltraject van Amsterdamse kades en bruggen en het aantal woonboten met een B&B dat te zijner tijd verplaatst moet worden, naar schatting 190, is het wenselijk hierover regels op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. Het college wil niet dat een voor de eigenaar al ingrijpende tijdelijke verhuizing nog meer wordt belast door mogelijk extra procedure obstakels voor de B&B. Het voorstel is dat een B&B tijdelijk mag worden geëxploiteerd op een andere ligplaats. Er vindt geen toetsing plaats aan het wijkquotum. Vervolgproces Na verwerking van uw advies en de reacties uit de inspraakronde, worden definitieve voorstellen gedaan aan de gemeenteraad voor vaststelling. Besluitvorming voor definitieve wijzigingsvoorstellen voor de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 volgt in het najaar.
Aan het dagelijks bestuur van stadsgebied Weesp wordt gevraagd uiterlijk 15 juli 2024 advies uit te brengen over de beleidsvoorstellen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025.
Conceptadvies bestuurscommissie: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de vergadering een conceptadvies
dd. 9-7-2024
Jaarlijks krijgt Weesp de adviesaanvraag op de wijzigingen in de huisvestingsverordening voorgelegd parallel aan en even kort als de reguliere inspraakperiode. Hiermee wordt tijdsdruk opgelegd en kunnen nieuwe onderwerpen niet goed mee in het vervolgproces. Weesp pleit ervoor, dat de gemeente de bewoners voorop stelt en ruimte geeft aan hun inbreng. De bestuurscommissie kan zich voor een deel vinden in de voorgestelde wijzigingen voor de huidige huisvestingsverordening. Zij ziet echter, dat eerdere aangedragen signalen en adviezen van de bestuurscommissie van Weesp niet worden onderkend. Het stadsgebied ziet op andere punten graag meer snelheid. a. Woonruimteverdeling 1. Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningplichtig maken Voorstander van regulering middeldure huur De bestuurscommissie is voorstander van regulering van middeldure huurwoningen voor middeninkomens, nu de wet betaalbare middenhuur door de eerste kamer op 25 juni 2024 is aangenomen en sturing op de doelgroep middenhuur en middeninkomens mogelijk wordt. De wet gaat ervoor zorgen dat een groter deel van de woningvoorraad in Weesp wordt gereguleerd wordt. Met de wet is een dwingend instrument beschikbaar, waarmee te hoge huurprijzen omlaag kunnen dan wel worden gehouden. Het stadsgebied heeft daar veel behoefte door het ontbreken van aanbod en het toenemend vertrek van middeninkomens. 2.
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Voorstander van maatwerk bij beoordeling van passendheid huishoudens In Weesp zien we te vaak dat de doorstroom moeizaam verloopt, vaak heeft dit te maken met eengezinswoningen, die niet voldoen aan de minimale maat van 70 m² woonoppervlak voor grote gezinnen. Een mogelijkheid voor corporaties om af te wijken van de passendheidscriteria kan ervoor zorgen, dat er meer eengezinswoningen beschikbaar komen. Het stadsgebied Weesp wil dat graag met corporaties ter plekke kunnen afstemmen.
Pagina 34 van 65
3. Nieuwe urgentiecategorie Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep Het stadsgebied Weesp heeft maar krap 2.900 sociale corporatiehuurwoningen. Nieuwe urgentiegroepen zullen hooguit naar rato van dat totale aantal kunnen worden gehuisvest in de sociale woningvoorraad. Het aantal huurders dat langs reguliere weg van woonruimteverdeling een woning vinden, mag niet verminderen door de uitbreiding van urgentiegroepen. 4. Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Ondanks het oog op de wettelijk verplichte taakstelling ziet de bestuurscommissie van stadsgebied Weesp weinig in flexwoningen. Weesp ontbeert ook de locaties hiervoor. 5. Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Geen opmerkingen 6. Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Dit is niet van toepassing in Weesp B. Woonruimtevoorraad 7.
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Geen opmerkingen
8. Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring) Geen opmerkingen 9. Regels voor woningdelen en inwoning herzien;
Woningvoorraad, woonomgeving en maatschappelijke voorzieningen onder druk Weesp ziet niets in deze voorstellen noch voor verkamering noch voor hospitaverhuur. Deze intensieve bewoning leidt eerder tot overlast en aantasting van de leefbaarheid, zowel in complexen is in de openbare ruimte. Door verkamering komt meer druk op de kwetsbare wijken in Weesp met de woningen, die veelal gehorig en klein zijn. Niet alleen de woningen maar ook de openbare ruimte in de kwetsbare wijken is krap. Daarnaast zijn er zorgen over een toenemende druk op maatschappelijke voorzieningen. Meer dan genoeg vergunningruimte Omdat er nog voldoende ruimte is om vergunningen af te geven adviseert de bestuurscommissie van Weesp om het voorgestelde plusquotum niet in te voeren. Daarnaast zijn er zorgen, dat de woningvoorraad voor gezinnen afneemt en dat de leefbaarheid in kwetsbare wijken nog meer onder druk komt te staan. Bestond Weeps in het verleden nog voor 60 % uit sociale huurwoningen, vandaag de dag resteert nog maar 32 %. Dit is vooral een gevolg van verkoop van sociale eengezinswoningen tussen 2000 en 2015. De overgebleven sociale huurwoningen zijn daardoor veelal geconcentreerd in een beperkt aantal buurten. De woningtoename vindt vooral plaats door koopwoningen in het vrije segment, waar naar verwachting geen verkamering of hospitaverhuur zal plaatsvinden.
Dringend advies is om de effecten integraal te bewaken ook met betrekking tot toename quota splitsing, woningvormen, woningdelen en hospitaverhuur op wijkniveau. Constatering is ook dat de huidige toets op leefbaarheid in de vergunningverlening elders niet goed werkt, er wordt alleen gekeken naar het quota op wijkniveau. Voor stadsgebied Weesp zijn die zeker te grofmazig. Voorstel is dat je omwille van de leefbaarheid al bij de huidige quota ook op buurtniveau te kijken, zodat het quotum naar beneden kan worden bijgesteld, als dat vanuit leefbaarheidsproblematiek nodig blijkt.
Pagina 35 van 65
De uitbreiding van inwoning tot twee huishoudens en verwanten tot de vierde graad is geen optie in Weesp, gelet op de krappe, gehorige woningen, de beperkte openbare ruimte en de weinige maatschappelijke voorzieningen. We hebben maar 2.900 sociale huurwoningen en die wil de bestuurscommissie zoveel als mogelijk ter beschikking houden van gezinnen. De bestuurscommissie adviseert dan ook negatief op het plusquotum voor woningdelen. De bestuurscommissie adviseert juist om verlaging van het huidige quotum mogelijk te maken, als de leefbaarheid daar aanleiding toe geeft. De bestuurscommissie adviseert negatief op de uitbreiding van inwoning. 2. Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel; n.v.t.
dd. 16-7-2024
Jaarlijks krijgt Weesp de adviesaanvraag op de wijzigingen in de huisvestingsverordening voorgelegd parallel aan en even kort als de reguliere inspraakperiode. Hiermee wordt tijdsdruk opgelegd en kunnen nieuwe onderwerpen niet goed mee in het vervolgproces. Weesp pleit ervoor, dat de gemeente de bewoners voorop stelt en ruimte geeft aan hun inbreng. De bestuurscommissie kan zich voor een deel vinden in de voorgestelde wijzigingen voor de huidige huisvestingsverordening. Zij ziet echter, dat eerdere aangedragen signalen en adviezen van de bestuurscommissie van Weesp niet worden onderkend. Het stadsgebied ziet op andere punten graag meer snelheid. a. Woonruimteverdeling 1. Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningplichtig maken Voorstander van regulering middeldure huur De bestuurscommissie is voorstander van regulering van middeldure huurwoningen voor middeninkomens, nu de wet betaalbare middenhuur door de eerste kamer op 25 juni 2024 is aangenomen en sturing op de doelgroep middenhuur en middeninkomens mogelijk wordt. De wet gaat ervoor zorgen dat een groter deel van de woningvoorraad in Weesp wordt gereguleerd wordt. Met de wet is een dwingend instrument beschikbaar, waarmee te hoge huurprijzen omlaag kunnen dan wel worden gehouden. Het stadsgebied heeft daar veel behoefte door het ontbreken van aanbod en het toenemend vertrek van middeninkomens. 2.
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Voorstander van maatwerk bij beoordeling van passendheid huishoudens In Weesp zien we te vaak dat de doorstroom moeizaam verloopt, vaak heeft dit te maken met eengezinswoningen, die niet voldoen aan de minimale maat van 70 m² woonoppervlak voor grote gezinnen. Een mogelijkheid voor corporaties om af te wijken van de passendheidscriteria kan ervoor zorgen, dat er meer eengezinswoningen beschikbaar komen. Het stadsgebied Weesp wil dat graag met corporaties ter plekke kunnen afstemmen. 3. Nieuwe urgentiecategorie Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep Het stadsgebied Weesp heeft maar krap 2.900 sociale corporatiehuurwoningen. Nieuwe urgentiegroepen zullen hooguit naar rato van dat totale aantal kunnen worden gehuisvest in de sociale woningvoorraad. Het aantal huurders dat langs reguliere weg van woonruimteverdeling een woning vinden, mag niet verminderen door de uitbreiding van urgentiegroepen. 4. Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Ondanks het oog op de wettelijk verplichte taakstelling ziet de bestuurscommissie van stadsgebied Weesp weinig in flexwoningen. Weesp ontbeert ook de locaties hiervoor. 5. Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Pagina 36 van 65
Geen opmerkingen 6. Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Dit is niet van toepassing in Weesp B. Woonruimtevoorraad 7.
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling Geen opmerkingen
8. Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring) Geen opmerkingen 9. Regels voor woningdelen en inwoning herzien; De bestuurscommissie adviseert negatief op het plusquotum voor woningdelen. De bestuurscommissie adviseert juist om verlaging van het huidige quotum mogelijk te maken, als de leefbaarheid daar aanleiding toe geeft. De bestuurscommissie adviseert negatief op de uitbreiding van inwoning.
Woningvoorraad, woonomgeving en maatschappelijke voorzieningen staan onder druk Weesp ziet niets in deze voorstellen noch voor verkamering noch voor hospitaverhuur. Deze intensieve bewoning leidt eerder tot overlast en aantasting van de leefbaarheid, zowel in complexen is in de openbare ruimte. Door verkamering komt meer druk op de kwetsbare wijken in Weesp met de woningen, die veelal gehorig en klein zijn. Niet alleen de woningen maar ook de openbare ruimte in de kwetsbare wijken is krap. Daarnaast zijn er zorgen over een toenemende druk op maatschappelijke voorzieningen. Meer dan genoeg vergunningruimte Omdat er nog voldoende ruimte is om vergunningen af te geven adviseert de bestuurscommissie van Weesp om het voorgestelde plusquotum niet in te voeren. Daarnaast zijn er zorgen, dat de woningvoorraad voor gezinnen afneemt en dat de leefbaarheid in kwetsbare wijken nog meer onder druk komt te staan. Bestond Weesp in het verleden nog voor 60 % uit sociale huurwoningen van woningcorporaties, vandaag de dag resteert nog maar 29% (2023)2. Deze daling is vooral een gevolg van grootschalige verkoop van sociale eengezinswoningen tussen 2000 en 2015. De verwachting is dat de daling nog voortzet. Bovendien zijn de overgebleven sociale huurwoningen veelal geconcentreerd in een beperkt aantal buurten.
De woningtoename vindt vooral plaats door koopwoningen in het vrije segment, waar naar verwachting geen verkamering of hospitaverhuur zal plaatsvinden. De uitbreiding van inwoning tot twee huishoudens en verwanten tot de vierde graad is geen optie in Weesp, gelet op de krappe, gehorige woningen, de beperkte openbare ruimte en de weinige maatschappelijke voorzieningen. We hebben maar 2.900 sociale huurwoningen en die wil de bestuurscommissie zoveel als mogelijk ter beschikking houden van gezinnen. Dringend advies is om de effecten integraal te bewaken ook met betrekking tot toename quota splitsing, woningvormen, woningdelen en hospitaverhuur op wijkniveau. Constatering is ook dat de huidige toets op leefbaarheid in de vergunningverlening elders niet goed werkt, er wordt alleen gekeken naar het quota op wijkniveau. Voor stadsgebied Weesp zijn die zeker te grofmazig. Voorstel is dat je omwille van de leefbaarheid al bij de huidige quota ook op buurtniveau te kijken, zodat het quotum naar beneden kan worden bijgesteld, als dat vanuit leefbaarheidsproblematiek nodig blijkt.
2 In het eerste advies werd nog gesproken van 32%. Dit cijfer ging over 2021. Na het aanleveren
van het eerste advies is dit nieuwe cijfer bekend geworden.
Pagina 37 van 65
10. Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel; n.v.t.
Advies bestuurscommissie: Advies van de bestuurscommissie aan het college van burgemeester en wethouders
…
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Wijzigingsvoorstel HVV 2024 per 1 januari 2025 Portefeuille: Volkshuisvesting Directie: Wonen Datum behandeling staf WH 13 mei 2024 Datum adviesaanvraag: 3 juni 2024 Deadline ontvangst advies: 15 juli 2024 Advies mailen naar: s.hamimid@amsterdam.nl, s.toorenburg@amsterdam.nl en j.frielink@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Huisvestingsverordening, Nadere regels Heeft er consultatie vooraf Wetgevingsagenda is besproken in het BOSS van 13 mei 2024 plaatsgevonden?
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel: Nieuw-West Procesbegeleider: Mirte Verouden Datum weekstart/staf: 5 juni 2024 bespreking stadsdeelbestuurder Sandra Doevendans Datum stadsdeelcommissie: 25 juni 2024 oordeelsvormend
9 juli 2024 besluitvormend Datum dagelijks bestuur: Registratienr. (optioneel):
18 juni 2024, 16 juli 2024 (in overleg) …
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of -
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.
DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Pagina 38 van 65
Het college geeft voorgenomen beleidsvoorstellen ter wijziging van de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 vrij voor inspraak. Het voorstel omvat onder meer het invoeren van een vergunningplicht voor middeldure huurwoningen, introductie van urgentie voor de Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep en wijziging van de voorrangregels voor rolstoelgebruikers. Ook worden er o.a. voorstellen gedaan ten aanzien van vakantiewoningruil, regels voor kortdurende huisbewaring en versoepeling van de regels voor inwoning. De belangrijkste voorstellen voor wijziging van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 (HVV) per 1 januari 2025 zijn: i.
Woonruimteverdeling
-
Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken Met de komst van de Wet betaalbare huur gaat er een maximale huur gelden voor middeldure huurwoningen. Invoering van deze wet staat gepland voor 1 juli 2024. Om te zorgen dat deze woningen verhuurd worden aan huishoudens met een middeninkomen is het voorstel om de huisvestingsvergunningsplicht uit te breiden met de categorie ‘middeldure huurwoning’. Het gaat om woningen in de bestaande voorraad met een huurprijs van €879,66 tot en met €1.165,81 (prijspeil: 2024). Het gaat om woningen tot en met 186 punten volgens het woningwaarderingsstelsel. Middeninkomens zijn huishoudens met een inkomen tot €75.362 voor eenpersoonshuishoudens en €82.921 voor meerpersoonshuishoudens. Voor een goede uitvoering van de vergunningplicht moet de vergunningverlening op orde zijn. Het instellen van toezicht en handhaving is daarnaast noodzakelijk. Gedurende 2024 moet de implementatie worden voorbereid. Dit traject staat los van de voorliggende juridische verankering in de huisvestingsverordening. De inwerkingtreding van de wijziging volgt op een datum die het college geschikt acht. Die bevoegdheid wordt door de gemeenteraad aan het college gedelegeerd.
-
Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters Op dit moment kent de Huisvestingsverordening 2024 (HVV) bepaalde passendheidscriteria voor gezinnen. Grotere sociale huurwoningen met een minimaal aantal kamers en minimaal aantal vierkante meters worden met voorrang toegewezen aan grote of kleine gezinnen. De praktijk leert dat de huidige voorrang niet altijd goed past bij de woonruimteverdeling van Amsterdam en bij de doelen van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting. Door het ontbreken van een afwijkingsbevoegdheid komen woningen die wel geschikt zouden zijn voor gezinnen soms niet terecht bij deze gezinnen. Om die reden is het voorstel om in de HVV een pilot voor twee jaar op te nemen dat corporaties de mogelijkheid biedt om maatwerk toe te passen en van de bestaande passendheidscriteria af te wijken. De huidige passendheidscriteria blijven wel het uitgangspunt en blijven opgenomen in de HVV. De verwachting is dat er hierdoor meer woningen met voorrang aan gezinnen worden toegewezen. Na twee jaar wordt onderzocht of de maatregel daadwerkelijk tot meer woningen voor gezinnen leidt.
-
Nieuwe urgentiecategorie Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep In de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting staat opgenomen dat de bestaande groep die urgentie krijgt nog wordt uitgebreid met de groep Amsterdammers met een bepaalde openbare orde en veiligheidsachtergrond. Naast de meest kwetsbare daklozen is dit de laatste groep die nog aan de urgente doelgroepen wordt toegevoegd. Het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (AcVZ) mag op jaarbasis 10 cliënten voordragen voor een urgentie. Deze AcVZ-doelgroep zal net als de bestaande urgentie ‘uitstroom uit de Maatschappelijke Opvang of Beschermd Wonen’ (uitstroom MO/BW) met een omklapcontract worden gehuisvest. Dit betekent dat er ook voor deze groep een urgentie zal worden verleend onder opschortende voorwaarden waarbij het huurcontract eerst op naam van de zorgverlener zal worden gezet alvorens het wordt ‘omgeklapt’ op naam van de persoon. Het gaat om personen die door het AcVZ worden voorgedragen en zijn opgenomen in een persoonsgerichte aanpak van het AcVZ voor wie stabiele zelfstandige huisvesting met begeleiding cruciaal is om een duurzame verandering op meerdere leefgebieden te bewerkstellingen en een belangrijke factor is in het beëindigen van crimineel gedrag en/of het afhankelijk blijven van een crimineel netwerk. De ervaring leert
Pagina 39 van 65
dat het ontbreken van woonperspectief er voor deze groep toe leidt dat het moeilijk is om stappen te blijven zetten richting meer perspectief en stabiliteit. Het verlenen van urgentie zal naar verwachting bijdragen aan een afname van overlastgevend en delict gedrag. Na twee jaar wordt het toevoegen van deze doelgroep geëvalueerd. -
Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Het plan is om de komende drie jaar 2.500 - 3.000 flexwoningen (tijdelijke woningen) te realiseren in drie tranches. Dit is om te voldoen aan de grote vraag naar betaalbare woningen. Daarnaast is het doel om minimaal 30% van deze woningen toe te wijzen aan statushouders, om zo te voldoen aan de taakstelling vanuit het Rijk. De overige woningen worden toegewezen aan reguliere woningzoekenden die met spoed op zoek zijn naar een woning, waaronder jongeren, mensen uit specifieke beroepsgroepen en economisch daklozen. De flexcomplexen kunnen ontwikkeld of beheerd worden door corporaties, maar ook door particulieren. Op dit moment geldt volgens de HVV voor de toewijzing van sociale huurwoningen die geen eigendom zijn van corporaties enkel een inkomenseis. Dit betekent dat het niet mogelijk is om groepen, waaronder statushouders, met voorrang te huisvesten in flexcomplexen die niet in eigendom zijn van corporaties. Dit geldt ook voor het nog op te leveren complex Riekerpark, waarbij de units in eigendom zijn van de gemeente. Het is volgens de Huisvestingswet ook uitgesloten om voorrang aan specifieke groepen te regelen in anterieure overeenkomsten. Toewijzingsregels kunnen alleen worden opgenomen in een huisvestingsverordening.
Daarom wordt voorgesteld om per 1 januari 2025 voorrangsregels op te nemen die van toepassing kunnen zijn op particuliere flexcomplexen. Per complex zal uiteindelijk bekeken worden welke doelgroepenmix gewenst is.
-
Wijziging van de voorrang voor rolstoelgebruikers Rolstoelgebruikers die een rolstoelwoning zoeken krijgen een label acuut, dringend of noodzakelijk afhankelijk van de ernst van hun woonsituatie. Daarnaast gelden er passendheidslabels voor grote rolstoelwoningen die met voorrang gaan naar huishoudens met kinderen. Het voorstel is nu om de voorrang voor gezinnen met 1 of 2 kinderen voor rolstoelwoningen met 3 kamers te laten vervallen. De voorrang is namelijk belemmerend voor huishoudens zonder kinderen met verhuismotivatie acuut of dringend. Bij het reageren op een vrijkomende rolstoelwoning met 3 kamers werden ze ‘ingehaald’ door huishoudens met 1 of 2 kinderen die noodzakelijk zijn. Hierdoor bleven Amsterdammers bijvoorbeeld langer in het revalidatiecentrum liggen dan nodig. De verkeerde beddenproblematiek werd met de voorrang vergroot. Voortaan komen voor rolstoelwoningen met 3 kamers als eerste rolstoelgebonden woningzoekenden die acuut dienen te verhuizen aan de beurt, daarna volgt de categorie dringend en tot slot komen huishoudens met rolstoelwoningindicatie noodzakelijk.
-
Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Sinds 2015 worden gemengde wooncomplexen gebouwd in samenwerking met corporaties, waarbij kwetsbare huishoudens samenwonen met niet-kwetsbare jongeren. Volgens de huidige definitie in de HVV kunnen de woningcorporaties de woningen voor de niet-kwetsbare jongeren in deze gemengde complexen toewijzen op basis van de motivatie en geschiktheid van deze jongeren om de kwetsbare bewoners te ondersteunen. Zowel bij de te realiseren flexcomplexen (BrasaVillage) als bij het realiseren van Lang Leven Thuis Flats is er de wens om ook niet-kwetsbare huishoudens die ouder zijn dan 27 jaar te huisvesten in gemengde complexen. Ook hier is er een wens om de kandidaat-huurders te toetsen op motivatie. De definitie van gemengd wonencomplex in de HVV wordt daarom uitgebreid, zodat ook gemotiveerde kandidaten van boven de 27 jaar daar kunnen gaan wonen.
j.
Woonruimtevoorraad
-
Vrijstellen huizenruil zonder enige vorm van betaling
Pagina 40 van 65
Woningen zijn om in te wonen, aldus de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting. Daarom reguleren we het gebruik van de woningvoorraad, ook bij toeristisch gebruik van woningen. De laatste tijd is huizenruil als vorm van toeristisch gebruik in opkomst. Alle vormen van kortdurend verblijf hebben invloed op de woningvoorraad en op de leefbaarheid in wijken en buurten. Na Airbnb is HomeExchange inmiddels de tweede aanbieder van woningen voor toeristisch verblijf in de stad. In de raadsinformatiebrief van 23 april 2024 over de afhandeling van de moties 665.23 en 697.23 heeft het college aangegeven dat huizenruil zonder enige vorm van betaling niet onder de vakantieverhuurregels valt. Om deze vorm van huizenruil mogelijk te maken moet de Huisvestingsverordening wel nog worden aangepast. Deze vorm van in gebruik geven van de woning valt namelijk wel onder woningonttrekking. Er is pas sprake van wonen als je langer dan zes maanden ergens verblijft. Voorgesteld wordt om voor kortdurend verblijf ten behoeve van huizenruil zonder enige vorm van betaling een vrijstelling van de woningonttrekkingsvergunningplicht op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. -
Kort verblijf in woningen toestaan (korte huisbewaring); Eén van de doelstellingen van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting is het creëren van meer woonruimte in de bestaande woningvoorraad. Dit kan door bewoners toe te staan om hun woning tijdelijk in gebruik te geven aan iemand anders als zij een aantal maanden afwezig zijn door bijvoorbeeld een lange reis of uitwisselingssemester. Deze mogelijkheid zou onder andere een uitkomst kunnen zijn voor mensen die met spoed een woning zoeken zoals economisch daklozen, gescheiden mensen en studenten. Op dit moment is dit echter nog niet toegestaan in de Huisvestingsverordening omdat het, afhankelijk van de situatie, formeel onder woningonttrekking en/of toeristische verhuur valt. Voor beiden geldt een vergunningplicht die voor deze situaties niet worden verleend. Om dit toch mogelijk te maken is het voorliggende voorstel om het tijdelijk in gebruik geven van je woning vrij te stellen van de vergunningplicht voor onttrekking en toeristische verhuur. Deze vrijstelling geldt voor maximaal één aaneengesloten periode van minimaal drie tot maximaal zes maanden. Voor particuliere woningen wordt dit voor één keer per jaar vrijgesteld en voor corporatiewoningen één keer per vijf jaar. Dit beperkt de mogelijkheid dat corporatiewoningen tijdelijk worden bewoond door mensen buiten hun doelgroep en voor boven de sociale huurprijs.
Anderzijds wordt hiermee alsnog tegemoet gekomen aan de behoefte vanuit corporaties die dit in bijzondere gevallen willen kunnen toestaan. De aanvrager die de woning tijdelijk achterlaat moet ingeschreven staan op het betreffende woonadres. De tijdelijke bewoner mag tijdens de periode niet op een ander woonadres in Amsterdam staan ingeschreven. Bij een huurwoning is altijd toestemming nodig van de verhuurder. Om te zorgen dat deze regeling daadwerkelijk tijdelijke woonplekken oplevert en leegstand tegengaat kiest het college ervoor om geen meldplicht of vergunningplicht te introduceren voor korte huisbewaring. Hoewel dit het risico op misbruik van de regeling iets vergroot, heeft het als grote voordeel dat daardoor veel Amsterdammers tijdelijk onderdak kunnen krijgen en onnodige leegstand voorkomen wordt.
-
Regels voor woningdelen en inwoning herzien; Een woonplek vinden in Amsterdam is bijzonder moeilijk. Het gebrek aan passende en betaalbare woningen is erg groot. Woningdelen kan bijdragen aan het creëren van meer woonplekken. Maar woningdelen schuurt soms ook met andere uitgangspunten. Het kan leiden tot meer overlast voor andere Amsterdammers. We willen grote woningen beschikbaar houden voor gezinnen en de huurrechten van woningdelers goed beschermen. We hebben dus gezocht naar maatregelen die in balans zijn: woningdelen makkelijker maken én de leefbaarheid in de stad beschermen. Voorgesteld wordt om de regels voor inwoning/hospitaverhuur te verruimen. Het college wil de termijn waarna iemand mag komen inwonen verkorten van twee naar één jaar. Dit betekent dat een huishouden al na één jaar een ander huishouden in huis mag nemen, in plaats van na twee jaar. Verder wordt inwoning direct, dus niet pas na één jaar, toestaan als het inwoning verlenende of het inwonende huishouden getrouwd is of een geregistreerd partnerschap heeft. Ten derde wil het college inwoning van twee huishoudens toestaan (in plaats van maximaal één inwonend huishouden) als het gaat om familie tot en met de vierde graad of als er sprake is van mantelzorg. Naast het huishouden van de hoofdbewoner mogen dan dus twee andere
Pagina 41 van 65
huishoudens komen inwonen. Een huishouden kan uit meerdere personen bestaan. Het kan bijvoorbeeld gaan om een gezin met kinderen. Woningdelen door drie personen willen we stimuleren en makkelijker maken. Voorgesteld wordt om een plusquotum voor vergunningen voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten in te voeren. Dat betekent dat als het algemene wijkquotum (waarin geen onderscheid wordt gemaakt naar aantal kamers) vol is, er een beperkt aantal extra vergunningen per wijk beschikbaar zijn. Dit geldt alleen voor een omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Per wijk komen gemiddeld 55 extra plekken en in totaal circa 6000 plekken beschikbaar in het quotum. Het voorstel om de leges bij omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten af te schaffen of drastisch te verlagen wordt meegenomen voor de aanstaande wijziging van de Legesverordening Amsterdam. Dat proces loopt parallel aan de wijziging van de Huisvestingsverordening. Door de leges te verlagen willen we de drempel om een vergunning aan te vragen verlagen. Het delen van een huis met bijvoorbeeld drie vrienden maken we op die manier makkelijker. De gemeente wil de vergunning om te woningdelen met drie personen niet helemaal afschaffen (vergunningvrij maken), omdat we dan niet meer kunnen sturen op de samenstelling van de woningvoorraadwijkquota.
Financiering voor het verlaagde legestarief is, voorlopig incidenteel tot en met 1 januari 2026, gevonden binnen het budget van de Directie Wonen. Voorgesteld zal worden om het legestarief te verlagen tot € 31,- of € 62,-, een verlaging van ongeveer € 600,- per vergunning. Op dit moment worden ongeveer 20 omzettingsvergunningen per maand verleend, waarvan ongeveer 60% voor omzetting naar drie onzelfstandige woonruimten. Uitgaande van 12 x 12 = 144 omzettingsvergunningen voor drie onzelfstandige woonruimten op jaarbasis gaat het om een bedrag van grofweg 144 x € 600,00 = € 86.400,- per jaar. Bij de daadwerkelijke wijziging van legesverordening door de gemeenteraad zullen de definitieve financiële gevolgen kenbaar zijn. -
Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel; De komende jaren ligt bij werkzaamheden in de openbare ruimte in Amsterdam er een grote en urgente opgave bij het onderhouden en herstellen van de bruggen en kademuren. Hierdoor zullen de komende tientallen jaren naar schatting 2800 woonboten tijdelijk moeten worden verplaatst om ruimte te maken voor onderhouds- en herstelwerkzaamheden. Een verplaatste woonboot blijft gemiddeld twee jaar liggen op de tijdelijke ligplaats alvorens terug te verhuizen naar de vaste/oude ligplaats. Gezien het langdurige hersteltraject van Amsterdamse kades en bruggen en het aantal woonboten met een B&B dat te zijner tijd verplaatst moet worden, naar schatting 190, is het wenselijk hierover regels op te nemen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. Het college wil niet dat een voor de eigenaar al ingrijpende tijdelijke verhuizing nog meer wordt belast door mogelijk extra procedure obstakels voor de B&B. Het voorstel is dat een B&B tijdelijk mag worden geëxploiteerd op een andere ligplaats. Er vindt geen toetsing plaats aan het wijkquotum.
Vervolgproces Na verwerking van uw advies en de reacties uit de inspraakronde, worden definitieve voorstellen gedaan aan de gemeenteraad voor vaststelling. Besluitvorming voor definitieve wijzigingsvoorstellen voor de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025 volgt in het najaar. Aan het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West wordt gevraagd uiterlijk 15 juli 2024 advies uit te brengen over de beleidsvoorstellen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Pagina 42 van 65
Het Dagelijks Bestuur (DB) adviseert positief op het merendeel van de meer technische wijzigingen die worden voorgesteld voor de Huisvestingsverordening (HVV) per 1 januari 2025. Deze wijzigingen zijn beleidsarm, maar het DB is blij dat we voor de volgende HVV wel inzetten op meer beleidsverandering. De afgelopen jaren hebben we verschillende signalen van bewoners opgehaald en gedeeld met het college. Hieronder geeft het DB een aantal belangrijke zaken mee; Voor de nabije toekomst zien we dat er meer aandacht nodig is voor de situatie van bewoners in de gebieden van stedelijke vernieuwing. Er is veel onrust over zaken als terugkeer, het beschikbare aanbod voor de herhuisvesting en de huurstijgingen. Een terugkeergarantie, directe doorschuifrelaties naar nieuwbouw en huurmiddeling zien we als noodzakelijk voor betere processen. Specifiek adviseert het DB om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om sneller tot oplossingen te komen wanneer er sprake is van overlast. We zien soms dat overlast door zaken in strijd met de regels het oppakken van de klachten inclusief opzegtermijn maanden kan duren. Dit is voor bewoners niet te bevatten. Het DB vraagt het college om te zoeken naar oplossingen die recht doen aan de noodkreten van bewoners om deze processen te versnellen.
Bijvoorbeeld door het niet bieden van een gelegenheid tot legalisatie wanneer er voldoende aanwijzingen van overlast zijn. Het zou de procedure versnellen. Een andere punt is de telling van jongerenwoningen als sociale huurwoningen. Dit zorgt voor een diffuus beeld, in Nieuw-West is juist behoefte aan grotere (gezins) woningen. Ook omdat we juist een doorlopende leeflijn in buurten willen waarbij er voor verschillende levensfasen passende woningen zijn. Daarnaast heeft de woonstarter in NieuwWest andere behoeften dan in andere stadsdelen. Het DB geeft daarnaast nog de onderstaande adviezen mee op de wijzigingen HVV per 1 januari 2025. De adviezen richten zich eerst op de beleidsmatige uitgangspunten, en daarna wordt ingegaan op adviezen met betrekking tot de uitvoering. Woonruimteverdeling - Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken De Wet Betaalbare Huur treedt in werking per 1 juli 2024, echter zal de handhavingsplicht pas per 1 januari 2025 in werking treden. De Wet Betaalbare Huur gaat ervoor zorgen dat een groter deel van de woningvoorraad in NieuwWest gereguleerd wordt. Met de wet is een dwingend instrument beschikbaar waarmee te hoge huurprijzen omlaag kunnen. Het stadsdeel is positief over de mogelijkheden en ziet dit als een belangrijke stap om meer grip te krijgen en de overspannen woningmarkt om te vormen naar volkshuisvesting.
Na mutatie kunnen woningen weer betaalbaarder worden voor huurders. Het stadsdeel ziet dit als een belangrijke oplossing voor bijvoorbeeld de excessen van verhurende partijen als Change= en andere private verhuurders die nu hoge huren vragen voor veelal kleine woningen. Een zorg is de handhavingscapaciteit, die ligt niet bij het stadsdeel. Bij de huisvestingsvergunning wordt nu nog niet op huurprijs gehandhaafd, straks kunnen er dwangsommen opgelegd worden. Het Dagelijks Bestuur adviseert bij de invoering van deze wet opschaling van de uitvoering. Belangrijke keuze is nog of er gehandhaafd gaat worden op basis van meldingen of dat er gekozen wordt voor een actieve handhaving. Het DB adviseert het college om naast de bewoners te staan er hierin een actieve handhaving in te bouwen, bijvoorbeeld bij afgifte van de huisvestingsvergunning. Hiermee standaardiseer je een proces en bereik je ook de huurders die mogelijk hun rechten niet goed kennen. Daarnaast moet in Nieuw-West worden ingezet op een grootschalige inclusieve communicatie- en informatiecampagne, om bewoners te informeren over hun rechten bij invoering van de wet. In gemeente Rotterdam is een huurprijscalculator. Dit kan een toegankelijk instrument zijn voor bewoners om de hoogte van hun huur te checken waarna een proces voor handhaving kan worden ingezet.
Het DB roept op om dit te onderzoeken en zorg te dragen voor een proces dat gebruiksvriendelijk is voor onze bewoners.
Pagina 43 van 65
- Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters In Nieuw-West zien we te vaak dat de herhuisvesting bij sloop nieuwbouw moeizaam verloopt, vaak heeft dit te maken met een tekort aan beschikbare gezinswoningen. Een mogelijkheid voor corporaties om af te wijken van de passendheidscriteria kan ervoor zorgen dat er meer beschikbaar komt. Het DB benadrukt hierbij dat het hier alleen zou kunnen gaan om woningen die enkele meters afwijken en over een goede plattegrond beschikken. Deze afwijkingen moeten jaarlijks in beeld gebracht worden. - Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Met het oog op wettelijke verplichte taakstelling, ziet het DB dat de toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen aangepast moeten worden. Dit biedt een oplossing voor de toewijzing in onder andere het Riekerspark. Doel is om 30% van de flexwoningen toe te wijzen aan statushouders - Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Het DB is voorstander van complexen waar mensen met behulp van een motivatie een toewijzing kunnen krijgen. Dit versterkt betrokkenheid en het sociaal kapitaal. Deze wens is er ook bij de Lang Leven Thuisflats zoals het Osdorperhof. Dit draagt bij aan de ambitie van een doorlopende leeflijn waar mensen in de eigen buurt oud kunnen worden. We adviseren het college dit als een van de criteria mee te geven.
Dit om te voorkomen dat alleen mensen met een netwerk hier gebruik van kunnen maken. Zeker gelet op de huidige bubbels waar mensen in de stad in zitten. Woonruimtevoorraad - Regels voor woningdelen en inwoning herzien; Nieuw-West ziet deels de potentie van deze voorstellen, voornamelijk in grote woningen kan hospitaverhuur en inwoning een instrument zijn voor het creëren van meer woonplekken. Er zijn versoepelingen o.a. rond het inwonen van familieleden die begrijpelijk zijn. We zien echter ook dat deze maatregelen ervoor zorgen dat de woningvoorraad voor gezinnen afneemt en de leefbaarheid meer onder druk komt te staan. Voornaamste bezwaren en adviezen: De onduidelijkheid over de toepassing van de kostendelersnorm bij inwoning en de impact die dit zal hebben op de toeslagen. Ook gelet dat een deel van onze bewoners flexwerk heeft en daardoor het jaarinkomen nu al lastig te berekenen is. We adviseren het college eerst duidelijkheid te geven en dit ook in de communicatie mee te nemen. Op meerdere plekken is er nu al last van de overlast door o.a. verkamering ondanks dat de quota’s nog niet bereikt zijn. Deze ‘woon intensivering’ leidt hoogstwaarschijnlijk tot nog meer overlast en aantasting van de leefbaarheid.
In Nieuw-West is er vaak een cumulatie van problematiek op de leefbaarheid gaande, een plusquotum zou dit versterken, het DB roept het college op dit niet toe te passen in de meest kwetsbare wijken. Stapeling van maatregelen leidt (naast woningdelen ook vorming, verdichting en nieuwbouw) tot intensiever gebruik van voorzieningen. De openbare ruimte wordt doorgaans niet aangepast, waardoor de druk op parkeerplaatsen voor fietsen en auto’s toe neemt. Ook hierin speelt de cumulatie van verschillende regelingen. Het DB adviseert het college rekening te houden met voldoende voorzieningen. De huidige toets op leefbaarheid in de vergunningverlening werkt niet goed. Dat komt omdat er alleen wordt gekeken naar het quota op wijkniveau, terwijl die voor stadsdeel Nieuw-West te grofmazig zijn om negatieve effecten op leefbaarheid te beperken. Daarnaast wordt er gekeken of er bij een aanvraag al meldingen zijn of overlast is. Bij een stadsdeel waar de meldingsbereidheid laag is, geeft dit geen goede graadmeter. Het DB adviseert de leefbaarheidstoets op buurtniveau in te richten, zodat er bij excessen kan worden ingegrepen, er (al dan niet tijdelijk) geen vergunningen meer worden verleend tot de leefbaarheid op niveau is en zoals eerder benoemd sneller overlast aangepakt kan worden. Adviezen voor de uitvoering: -
Gedogen hospitaverhuur
Pagina 44 van 65
Het is naar mening van het DB zeer ongebruikelijk om een gedoogverklaring te laten vaststellen voor een activiteit waarvoor een vergunning (in dit geval afwijken omgevingsplan) verleend kan worden. Het is naar mening van het DB ook niet erg logisch dat aanvragers van een B&B en verkamering een vergunning moeten aanvragen en degene die hospitaverhuur wil niet. Gedogen van een met de wet strijdige situatie kan alleen met zeer goede redenen en met concreet zicht op legalisatie. Het college loopt met de gedoogverklaring ook vooruit op het te zijner tijd vast te stellen omgevingsplan (waarin hospitaverhuur uiteindelijk wordt gelegaliseerd). Het omgevingsplan moet nog worden opgesteld en ter advies worden voorgesteld aan de stadsdelen. Een eventueel verzoek tot handhaving (op het feit dat een specifieke hospitaverhuursituatie in strijd is met het omgevingsplan) zal door de stadsdelen worden afgewezen met verwijzing naar de gedoogverklaring. Vanwege het ontbreken van ‘concreet zicht op legalisatie’ bestaat het risico dat deze afwijzingsbesluiten (‘gedoogbesluiten’) door de rechter zullen worden vernietigd. Tot slot levert een gedoogconstructie meer onzekerheid voor de hospitaverhuurder op dan een verleende vergunning en levert dit verminderde rechtsbeschermingsmogelijkheden voor omwonenden op. Om deze redenen adviseert het DB dit eerst nader te onderzoeken voor dit in te voeren.
- Plusquotum voor omzetten naar drie wooneenheden De huidige wijkquota geven nog ruimte voor zo’n 7.000 vergunningen. Redenerend vanuit drie onzelfstandige wooneenheden kunnen nog bijna 21.000 onzelfstandige woonruimtes gecreëerd worden. Op basis hiervan is invoering van een plusquotum niet nodig. Een plusquotum is relevant voor wijken waar het huidige wijkquotum vol is. In feite wordt hiermee extra ruimte gecreëerd in wijken waar al veel onzelfstandige woonruimtes zijn: de volle wijken. Dit kan de leefbaarheid in deze wijken verder onder druk zetten. Het DB is van mening dat het regelmatig wijzigen en de nu weer voorgenomen uitbreiding met een ‘plusquotum’ de regelgeving en daarmee de uitvoering nog complexer maken. Elke aanvraag zal Vergunningen Toezicht en Handhaving aan drie verschillende quota moeten toetsen: een wijkquotum, plusquotum en pandquotum, waarbij het pandquotum alleen handmatig gecontroleerd kan worden. Het wordt voor inwoners/initiatiefnemers steeds moeilijker om de regelgeving te begrijpen en daarmee ook lastiger zich aan de regels te houden. Daarnaast zal het negatief van invloed zijn op het draagvlak voor de regels die de overheid stelt. Het college wil ‘woningdelen makkelijker maken’ maar de complexiteit van de regelgeving neemt met dit voorstel toe, ook een negatieve impact op de leefbaarheid is niet uit te sluiten.
Het DB is om bovengenoemde redenen geen voorstander van dit voorstel. - Verlagen of afschaffen leges bij omzettingen voor drie onzelfstandige woonruimtes. Het is de vraag of het juridisch haalbaar en ook uitlegbaar is dat iemand die omzet naar vier onzelfstandige wooneenheden leges moet betalen en degene naar drie niet. Het is ook de vraag of iemand het omzetten van een woning af laat hangen van het tarief van de leges. Bovendien worden leges geheven omdat de gemeente een dienst verleent aan de aanvrager. De kosten komen dan voor rekening van de aanvrager. Met dit voorstel zullen alle Amsterdammers (een deel van) de kosten gaan betalen voor een dienst waarvan zij geen profijt hebben. Omdat deze maatregel weinig effect zal hebben op het aantal omzettingen en het juist is dat degene die profijt heeft van een vergunning ook de kosten draagt, adviseert het DB de maatregel om de leges (deels) af te schaffen niet te nemen en de inkomsten te investeren in de voorzieningen en de leefbaarheid.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
In de stadsdeelcommissie Nieuw-West van 9 juli 2024 heeft de stadsdeelcommissie met 17 stemmen voor van de fracties Groenlinks, PVDA, FvD, GBP, VVD, D66, CDA, DENK en GoedBeterWest unaniem het concept advies van het DB aangenomen. Daarnaast heeft de stadsdeelcommissie met 14 stemmen voor van de fracties PVDA, FvD, GBP, VVD, D66, CDA, DENK en GoedBeterWest de volgende aanvullende adviezen vastgesteld : Advies 1: Borg bij het verruimen van de toewijzingsregels continue passende zorg en begeleiding voor de bewoners van de flexcomplexen. De toewijzingsregels voor wonen in flexcomplexen worden verruimd. Statushouders met een urgentie mogen ook wonen in flexcomplexen die naast de woningcorporaties door particulieren ontwikkeld en beheerd worden. De
Pagina 45 van 65
ervaringen met het complex in de Riekerhaven in Nieuw-West leren dat de continuïteit van goede begeleiding en zorg essentieel voor het slagen het samenwonen. Advies 2: Verdeel de AcVZ -cliënten over heel Amsterdam en ontzie de wijken waar de leefbaarheid onder druk staat zoveel mogelijk. Aan de huisvestingsverordening wordt een nieuwe urgentiecategorie toegevoegd nl. De Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep. AcVZ mag jaarlijks 10 cliënten voordragen voor een urgentie. Het gaat om personen die door het AcVZ zijn opgenomen in een persoonsgerichte aanpak en een duurzame verandering in woonomgeving nodig hebben en een nieuw netwerk opbouwen. Stadsdeel Nieuw-West heeft ruimte en relatief veel woningen met sociale huur. Mede daarom vangt stadsdeel Nieuw-West veel mensen met allerlei problemen op. Stadsdeel Nieuw-West is ook een ontwikkelbuurt voor het Nationaal Programma Veiligheid en Leefbaarheid. Dit betekent dat in Nieuw-West de leefbaarheid en veiligheid onder druk staan door een stapeling van problemen zoals werkeloosheid, armoede, onderwijsachterstanden, woonproblematiek en slechte gezondheid.
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Het Dagelijks Bestuur (DB) adviseert positief op het merendeel van de meer technische wijzigingen die worden voorgesteld voor de Huisvestingsverordening (HVV) per 1 januari 2025. Deze wijzigingen zijn beleidsarm, maar het DB is blij dat we voor de volgende HVV wel inzetten op meer beleidsverandering. De afgelopen jaren hebben we verschillende signalen van bewoners opgehaald en gedeeld met het college. Hieronder geeft het DB een aantal belangrijke zaken mee; Voor de nabije toekomst zien we dat er meer aandacht nodig is voor de situatie van bewoners in de gebieden van stedelijke vernieuwing. Er is veel onrust over zaken als terugkeer, het beschikbare aanbod voor de herhuisvesting en de huurstijgingen. Een terugkeergarantie, directe doorschuifrelaties naar nieuwbouw en huurmiddeling zien we als noodzakelijk voor betere processen. Specifiek adviseert het DB om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om sneller tot oplossingen te komen wanneer er sprake is van overlast. We zien soms dat overlast door zaken in strijd met de regels het oppakken van de klachten inclusief opzegtermijn maanden kan duren. Dit is voor bewoners niet te bevatten. Het DB vraagt het college om te zoeken naar oplossingen die recht doen aan de noodkreten van bewoners om deze processen te versnellen.
Bijvoorbeeld door het niet bieden van een gelegenheid tot legalisatie wanneer er voldoende aanwijzingen van overlast zijn. Het zou de procedure versnellen. Een andere punt is de telling van jongerenwoningen als sociale huurwoningen. Dit zorgt voor een diffuus beeld, in Nieuw-West is juist behoefte aan grotere (gezins) woningen. Ook omdat we juist een doorlopende leeflijn in buurten willen waarbij er voor verschillende levensfasen passende woningen zijn. Daarnaast heeft de woonstarter in NieuwWest andere behoeften dan in andere stadsdelen. Het DB geeft daarnaast nog de onderstaande adviezen mee op de wijzigingen HVV per 1 januari 2025. De adviezen richten zich eerst op de beleidsmatige uitgangspunten, en daarna wordt ingegaan op adviezen met betrekking tot de uitvoering. Woonruimteverdeling - Alle middeldure huurwoningen huisvestingsvergunningsplichtig maken De Wet Betaalbare Huur treedt in werking per 1 juli 2024, echter zal de handhavingsplicht pas per 1 januari 2025 in werking treden. De Wet Betaalbare Huur gaat ervoor zorgen dat een groter deel van de woningvoorraad in NieuwWest gereguleerd wordt. Met de wet is een dwingend instrument beschikbaar waarmee te hoge huurprijzen omlaag kunnen. Het stadsdeel is positief over de mogelijkheden en ziet dit als een belangrijke stap om meer grip te krijgen en de overspannen woningmarkt om te vormen naar volkshuisvesting.
Pagina 46 van 65
Na mutatie kunnen woningen weer betaalbaarder worden voor huurders. Het stadsdeel ziet dit als een belangrijke oplossing voor bijvoorbeeld de excessen van verhurende partijen als Change= en andere private verhuurders die nu hoge huren vragen voor veelal kleine woningen. Een zorg is de handhavingscapaciteit, die ligt niet bij het stadsdeel. Bij de huisvestingsvergunning wordt nu nog niet op huurprijs gehandhaafd, straks kunnen er dwangsommen opgelegd worden. Het Dagelijks Bestuur adviseert bij de invoering van deze wet opschaling van de uitvoering. Belangrijke keuze is nog of er gehandhaafd gaat worden op basis van meldingen of dat er gekozen wordt voor een actieve handhaving. Het DB adviseert het college om naast de bewoners te staan er hierin een actieve handhaving in te bouwen, bijvoorbeeld bij afgifte van de huisvestingsvergunning. Hiermee standaardiseer je een proces en bereik je ook de huurders die mogelijk hun rechten niet goed kennen. Daarnaast moet in Nieuw-West worden ingezet op een grootschalige inclusieve communicatie- en informatiecampagne, om bewoners te informeren over hun rechten bij invoering van de wet. In gemeente Rotterdam is een huurprijscalculator. Dit kan een toegankelijk instrument zijn voor bewoners om de hoogte van hun huur te checken waarna een proces voor handhaving kan worden ingezet.
Het DB roept op om dit te onderzoeken en zorg te dragen voor een proces dat gebruiksvriendelijk is voor onze bewoners. - Maatwerk passendheidscriteria ten aanzien van koppeling huishoudgrootte en vierkante meters In Nieuw-West zien we te vaak dat de herhuisvesting bij sloop nieuwbouw moeizaam verloopt, vaak heeft dit te maken met een tekort aan beschikbare gezinswoningen. Een mogelijkheid voor corporaties om af te wijken van de passendheidscriteria kan ervoor zorgen dat er meer beschikbaar komt. Het DB benadrukt hierbij dat het hier alleen zou kunnen gaan om woningen die enkele meters afwijken en over een goede plattegrond beschikken. Deze afwijkingen moeten jaarlijks in beeld gebracht worden. - Toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen Met het oog op wettelijke verplichte taakstelling, ziet het DB dat de toewijzingsregels voor particuliere flexcomplexen aangepast moeten worden. Dit biedt een oplossing voor de toewijzing in onder andere het Riekerspark. Doel is om 30% van de flexwoningen toe te wijzen aan statushouders. Borg daarnaast bij het verruimen van de toewijzingsregels continue passende zorg en begeleiding voor de bewoners van flexcomplexen. - De Actiecentrum Veiligheid en Zorg-doelgroep Het DB adviseert het college om de AcVZ-cliënten over heel Amsterdam te verdelen, ontzie de wijken waar de leefbaarheid onder druk staat zoveel mogelijk.
- Uitbreiding definitie ‘gemengde wooncomplexen’ Het DB is voorstander van complexen waar mensen met behulp van een motivatie een toewijzing kunnen krijgen. Dit versterkt betrokkenheid en het sociaal kapitaal. Deze wens is er ook bij de Lang Leven Thuisflats zoals het Osdorperhof. Dit draagt bij aan de ambitie van een doorlopende leeflijn waar mensen in de eigen buurt oud kunnen worden. We adviseren het college dit als een van de criteria mee te geven. Dit om te voorkomen dat alleen mensen met een netwerk hier gebruik van kunnen maken. Zeker gelet op de huidige bubbels waar mensen in de stad in zitten. Woonruimtevoorraad - Regels voor woningdelen en inwoning herzien; Nieuw-West ziet deels de potentie van deze voorstellen, voornamelijk in grote woningen kan hospitaverhuur en inwoning een instrument zijn voor het creëren van meer woonplekken. Er zijn versoepelingen o.a. rond het inwonen van familieleden die begrijpelijk zijn. We zien echter ook dat deze maatregelen ervoor zorgen dat de woningvoorraad voor gezinnen afneemt en de leefbaarheid meer onder druk komt te staan. Voornaamste bezwaren en adviezen:
Pagina 47 van 65
De onduidelijkheid over de toepassing van de kostendelersnorm bij inwoning en de impact die dit zal hebben op de toeslagen. Ook gelet dat een deel van onze bewoners flexwerk heeft en daardoor het jaarinkomen nu al lastig te berekenen is. We adviseren het college eerst duidelijkheid te geven en dit ook in de communicatie mee te nemen. Op meerdere plekken is er nu al last van de overlast door o.a. verkamering ondanks dat de quota’s nog niet bereikt zijn. Deze ‘woon intensivering’ leidt hoogstwaarschijnlijk tot nog meer overlast en aantasting van de leefbaarheid. In Nieuw-West is er vaak een cumulatie van problematiek op de leefbaarheid gaande, een plusquotum zou dit versterken, het DB roept het college op dit niet toe te passen in de meest kwetsbare wijken. Stapeling van maatregelen leidt (naast woningdelen ook vorming, verdichting en nieuwbouw) tot intensiever gebruik van voorzieningen. De openbare ruimte wordt doorgaans niet aangepast, waardoor de druk op parkeerplaatsen voor fietsen en auto’s toe neemt. Ook hierin speelt de cumulatie van verschillende regelingen. Het DB adviseert het college rekening te houden met voldoende voorzieningen. De huidige toets op leefbaarheid in de vergunningverlening werkt niet goed.