CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

6. nota van beantwoording geanonimiseerd def..pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 15 april 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen 1e partiele herziening bestemmingsplan Lutkemeerpolder (VN2026-002630)12.531 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In diverse zones wordt de maximaal toegestane bouwhoogte naar liefst 12 meter opgetrokken en ook bouwwerken (reclamemasten) mogen uitsteken tot 10 meter. Reactie gemeente De herziening maakt geen forse schaalvergroting mogelijk van de gebouwen. De waterkavels die in het nu geldende bestemmingsplanLutkemeerpolder zitten worden wel samengevoegd tot twee grotere kavels. Het betekent echter niet dat het zicht anders wordt, omdat in het midden van het terrein sowieso al twee grote kavels gelegen zijn. Hetzelfde geldt voor de verhoging van de bouwhoogte die geldt voor de samengevoegde kavel. Gebouwen van 12 meter zijn op de rest van het bedrijventerrein al toegestaan Het zicht op de gebouwen die mogelijk worden gemaakt in de herziening worden hierdoor beperkt. De verhoging van de bouwhoogte voor de samengevoegde kavels aan de randen van het terrein maken dit niet anders. Het terrein wordt verder landschappelijk beter ingepast door een groenzone die het gelegen bedrijventerrein doorsnijdt. Hier is straks vanaf het natuurgebied en vanaf de Lutkemeerweg een doorzicht over het terrein. Vanaf de westzijde wordt het zicht gedeeltelijk weggenomen door de groenstrook die als bufferzone aan deze zijde wordt gerealiseerd 19

1.11.

Financien

Niet financieel uitvoerbaar Volgens adressant 10 brengen het bouwrijp maken, het voorbereiden van de nutsvoorzieningen en de infrastructurele aanpassingen ten behoeve van de bereikbaarheid hoge kosten met zich mee die voornamelijk ten laste komen van de gemeentelijke begroting. Adressant 6 is van oordeel dat het plan niet financieel uitvoerbaar is. Voor het bouwrijp maken, het voorbereiden van de nutsvoorzieningen en de infrastructurele aanpassingen is er volgens de adressant geen ruimte voor in de gemeentebegroting, met verzakkende kades en bruggen. Reactie gemeente De kosten voor bouwrijp maken en aanleg van de voorzieningen worden niet gedragen door de gemeente, maar betaald door de gemeenschappelijk exploitatiemaatschappij Lutkemeer (GEM). Het bouwrijp maken heeft al plaatsgevonden en een deel van de infrastructurele voorzieningen zijn ook al uitgevoerd. Er is dan ook voor de gemeente geen enkele indicatie dat het plan niet financieel uitvoerbaar zou zijn. Ontbreken kosten/ batenanalyse Er is volgens adressant 26 geen kosten/batenanalyse. Dit is in ieder geval niet openbaar. Reactie gemeente Een kosten- en batenanalyse maakt geen onderdeel uit van de partiële herziening van het bestemmingsplan. Desondanks dient vermeld te worden dat uit het grondexploitatieplan blijkt dat het plan economisch uitvoerbaar is.

Financieel risico gemeente Adressant 3 stelt dat het Amsterdam contractueel veel geld kost als de bouw niet doorgaat. Het plan wordt volgens adressant doorgezet alleen vanwege het financiële risico van een hoge kostenpost en doet in zijn zienswijze een aanbeveling: ga om de tafel met de belanghebbenden en zet hier samen een streep doorheen, nu het nog kan. Reactie gemeente Het plan wordt niet doorgezet vanwege de financiële risico's die bestaan als het bedrijventerrein niet door zou gaan. We wijzen er daarbij op dat de stad groot belang heeft bij nieuwe bedrijventerrein namelijk om voldoende werkgelegenheid te behouden, de stad goed te kunnen bevoorraden. 1.12.

klimaatadaptie

Gevolgen Osdorp Adressant 14 is van oordeel dat verharden en bebouwen van de polder, zonder verplichting van groene klimaatdaken, in Osdorp voelbaar zal zijn. Adressant is van mening dat de ontwikkeling niet klimaatadaptief is. Adressant 2 geeft dit ook aan. Reactie gemeente Adressant maakt niet duidelijk welke gevolgen de bedrijfsgebouwen zonder klimaatdaken hebben voor Osdorp. We nemen aan dat adressant zich zorgen maakt om wateroverlast door heftigere regenbuien door klimaatverandering en/ of hittestres. Om wateroverast te voorkomen, wordt een nieuw watersysteem aangelegd in het gebied. Dat systeem is klimaatadaptief, omdat het rekening houdt met de heftiger wordende regenbuien. Zelfs bij heftige regenval is dit systeem voldoende robuust om het water wat op de daken van de bedrijfsgebouwen valt op juiste wijze af te voeren en te bergen. Vrees dat wateroverlast ontstaat in verderop gelegen gebieden is dan ook niet terecht. 20

De gebouwen die komen in de Lutkemeerpolder leiden kunnen tot meer hitte ter plaatse leiden . Veel bedrijfsgebouwen worden echter niet gebouwd met materialen die veel warmte vasthouden en uitstralen. Er wordt verder op gebouwniveau zoveel mogelijk groen toegepast, wat ook de warmetuitstraling van gebouwen beperkt. Hitte is verder een lokaal effect, dat niet leidt tot meer hitte in verderop gelegen gebieden. Er is gezien voorgaande voldoende rekening gehouden met de effecten van klimaatverandering. Omgevingsverordening Provincie Noord-Holland uit ook haar zorgen over klimaatbestendigheid, ter plaatse. De Provincie wil een betere motivering over de klimaatbestendigheid van het onderliggende plan conform artikel 6.62 uit de Omgevingsverordening van de provincie. Reactie gemeente Het blijkt dat het watersysteem robuust is en toekomst- en klimaatbestendig. Voor de te bestemmen stadslandbouw is droogte een risico waar ze rekening mee moeten houden. Het is echter aan de stadslandbouwer om zijn bedrijf zo in te richten dat ze voldoende water hebben in de droge periodes die in de toekomst vaker voorgaan komen. Dit wordt verder niet geregeld in het bestemmingsplan. In verband met hitte is het vooral van belang dat verkoeling voor medewerkers dat ze in de nabijheid van het bedrijf waar ze werken verkoeling kunnen vinden.

Dit is het geval, nu rondom het bedrijventerrein natuur- en recreatieterrein zijn gelegen waar het relatief koel blijft ook bij hoge temperaturen. 1.13.

Behoefte

Onderbouwing behoefte/ marktvraag Adressanten 10, 12, 19 en 32 stellen dat in het ontwerpbestemmingsplan ook de onderbouwing van de marktvraag naar stadslogistieke ruimte ontbreekt, ook in termen van gewenste gebouwgrootte (hoogte, indeling, voorzieningen en inrichting) en de noodzakelijke parkeervoorzieningen voor voertuigen. Dit standpunt wordt ook gedeeld door adressant 2. Reactie gemeente Er is geen onderzoek naar de marktvraag voor stad logistieke ruimte in het bestemmingsplan opgenomen, omdat zich op dit bedrijventerrein ook andere bedrijven dan logistieke zich mogen vestigen. Als het gaat om de vraag (lees behoefte) aan bedrijventerreinen in algemene zin verwijzen wij naar de vraagraming Plabeka 2022 -2040. Hieruit blijkt dat tot 2040 in Amsterdam er een behoefte is aan minimaal 100 hectare en maximaal 237 hectare aan bedrijventerrein, terwijl het aanbod aan bedrijventerreinen niet meer bedraagt dan 58 hectare. Voor het merendeel van de nu al beschikbare kavels in fase 2 zijn inmiddels bedrijven gevonden die zich hier willen vestigen. De eerste bedrijfsgebouwen zijn al gebouwd. Dit bewijst dat er wel vraag is naar het bedrijventerrein. Omdat op het bedrijventerrein ook andere bedrijven dan logistieke zich mogen vestigen, is de vraag hoe het bedrijventerrein zich verhoudt tot andere stadslogistieke plannen niet meer relevant.

Daarbij speelt ook mee dat inmiddels op een deel van de nog uit te geven kavels geen logistieke bedrijven meer zijn toegestaan. Ontbreken noodzaak Adressant 37 is van oordeel dat geen aanwijzing is geweest dat bedrijven die zich hier zullen vestigen een noodzakelijke toevoeging zijn aan de bedrijvigheid van de stad. Adressant 39 geeft aan dat geen noodzaak is voor distributiecentra. Adressant 40 geeft aan dat niemand zit te wachten op dit bedrijventerrein en dat er een streep door het plan gezet zou moeten worden.

21

Reactie gemeente Voor het merendeel van de nu al beschikbare kavels in fase 2 van dit het bedrijventerrein zijn inmiddels bedrijven gevonden die zich hier willen vestigen. De eerste bedrijfsgebouwen zijn al gebouwd. Dit bewijst de noodzaak van dit bedrijventerrein al. Een deel van de ondernemers die zich nu vestigen of zich al hebben gevestigd betreffen logistieke bedrijven. het bedrijventerrein zal helpen bij een duurzamere bevoorrading van delen van de stad en biedt het werkgelegenheid ook voor de Amsterdammers. Genoeg redenen om het bedrijventerrein door te zetten, waarbij wordt opgemerkt dat dit bestemmingsplan slechts een herziening betreft en de vraag of fase 2 van het bedrijventerrein moet doorgaan eigenlijk geen onderdeel is van deze herziening, getuige ook het feit dat op delen van fase 2 van het bedrijventerrein al gebouwd wordt. Als het gaat om leefbaarheid, worden allerlei voorzieningen getroffen om die zo goed als mogelijk te houden, onder meer door waterproblematiek te voorkomen, de veiligheid te verbeteren en het terrein zo groen mogelijk in te passen. Behoefte onvoldoende gemotiveerd Volgens adressant 2 is de behoefte aan gronden voor bedrijvigheid onvoldoende gemotiveerd. Het feit dat fase 1 is uitverkocht wil niet automatisch zeggen dat fase 2 ook uitverkocht zal worden. Ook in Westpoort en Lijnden worden grote centra opgeleverd zonder gebruikers.

Dit wordt ook aangevoerd door adressanten 6, 10, 19 en 32. Daarbij ontbreekt volgens adressant 2 een lijst met potentiële gebruikers aan wie de kavels zouden zijn uitgegeven. Reactie gemeente Inmiddels zijn in fase 2 een aantal kavels aan bedrijven uitgegeven. Navraag bij SADC (GEM Lutkemeer) leert dat er veel animo is voor de kavels in fase 2. Een deel van de kavels valt echter nog niet uit te geven, omdat de begrenzing van de bestemmingsvlakken nog moet worden aangepast. Daarvoor is juist deze herziening bedoeld. Bij een bestemmingsplan hoeft geen potentiële lijst van kopers gevoegd te worden. Vaak is dat ook nog niet mogelijk omdat de kopers nog niet bekend zijn.

1.14.

Strijd ruimtelijk beleid

klimaatbeleid Adressant 37 voert nog aan dat we met de herziening in strijd met de eigen visie en doelstellingen t.a.v. klimaat, ecologie en voedsel handelen. Reactie gemeente In de routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 geven wij aan hoe wij als Amsterdam in 2050 klimaatneutraal willen maken door het nemen van verschillende maatregelen. Het niet meer realiseren van delen van bedrijventerreinen is niet een van de genoemde maatregelen. Die maatregelen zien onder meer op van het aardgas af, investeren in schone energie en Minder vervuilende verkeersbewegingen. Bij de laatste doelstelling kan het bedrijventerrein ook een rol spelen, doordat elektrische bevoorrading van delen van de stad vanaf het terrein tot de mogelijkheden behoort. Als het gaat om ecologie hebben wij een ecologisch visie, waarin de ecologische structuur van Amsterdam staat beschreven en wat wij gaan doen aan een aantal knelpunten in die structuur. Fase 2 van het bedrijventerrein heeft geen gevolgen voor deze ecologische structuur, die blijft behouden. In onze voedselstrategie beschrijven wij hoe wij met voedsel als stad willen omgaan. Lokaal en regionaal produceren van voedsel vinden wij daarbij van belang. In de Lutkemeerpolder stimuleren wij dit ook. Hier is nog veel ruimte voor lokale voedselproductie in de vorm van stadslandbouw. In de herziening maken wij verder 2,3 hectare stadslandbouw extra mogelijk.

Van strijd met onze eigen visie en doelstelling is onzes inziens dus geen sprake.

22

Omgevingsvisie: Samen stadmaken Adressant 26 voert aan dat de strategische keuze ‘Samen stadmaken’ uit de Omgevingsvisie van Amsterdam vooral woorden is, zonder daden. Als participatiebeleid is bedoeld om draagvlak te creëren, dan zou men volgens de adressant verwachten dat de gemeente het aanbod van Voedselpark met twee handen aangrijpt om te werken aan 'stad maken’. Reactie gemeente Participatie heeft er bij dit bestemmingsplan toe geleid dat 3 hectare stadslandbouw wordt behouden en het oorspronkelijke bestemmingsplan Lutkemeerpolder uit 2013 hierop met de voorliggende herziening wordt aangepast. In die zin voldoet deze herziening aan de strategische keuze om samen stad te maken uit de Omgevingsvisie. Participeren vindt echter binnen de door de gemeente gestelde kaders plaats. Dat beleidsmatige kader wordt ook gevormd door de Omgevingsvisie, waarin door ons een deel van de Lutkemeerpolder is bestemd voor bedrijventerrein. Beleid klimaatbestendige nieuwbouw Het waterschap (adressant 29) vraagt zich af hoe en in hoeverre de nieuwbouw gaat voldoen aan de MRA-basisveiligheidsniveau’s voor klimaatbestendige nieuwbouw. Reactie Gemeente De MRA-basisveiligheidsniveau’s voor klimaatbestendige nieuwbouw is beleid dat we in een vroeg stadium meenemen bij de ruimtelijke visievorming over ontwikkelingen. Het gaat bij deze herziening echter niet over een nieuwe ontwikkeling.

Fase 2 van het bedrijventerrein is al toegestaan op grond van het bestemmingsplan Lutkemeerpolder uit 2013. Ondanks dat dit beleid dus niet geldt voor deze herziening, worden in het plangebied verschillende maatregelen zowel op maaiveldniveau als op gebouwniveau genomen om tot een klimaatbestendig gebied te komen. Beleidsvisie stadsdistributie Volgens adressant 10, 12, 19, 32 sluiten de plannen voor de Lutkemeerpolder mogelijk niet aan op de concept- hubstrategie (voor stadslogistiek) van de gemeente Amsterdam. Adressant 14 geeft ook aan dat er strijd zou zijn met de stedelijke visie op stadsdistributie. Reactie gemeente Er is momenteel geen vastgesteld beleid over stadsdistributie van de gemeente, waardoor het niet mogelijk is om hieraan te toetsen. Verder is fase 2 van het bedrijventerrein Lutkemeerpolder niet alleen bedoeld voor logistieke bedrijven. Het wordt een gemengd bedrijventerrein, waar bijvoorbeeld ook maakbedrijven zich kunnen vestigen. Dit is inmiddels ook verwerkt in de plannen, doordat op een aantal kavels in de herziening logistieke bedrijven zijn uitgesloten. Strijd met beleid Water en bodem sturend Adressanten 6, 14 en 15 en 21 wijzen op de recente ministeriele brief 'Water en Bodem sturend' van 25 november jongstleden.

Deze pleit, onder andere, voor het behouden van waardevolle, organisch rijke landbouw- en natuurbodems, het reserveren voor waterberging van onze diepste polders en het voorkomen van onnodige bebouwing. De partiële herziening faalt op elke van deze landelijke uitgangspunten/ is in strijd met dit beleid. Reactie gemeente Dit beleid op hoofdlijnen, moet nog verder worden uitgewerkt door Provincies, Waterschappen en het Rijk zelf. In het beleid staat letterlijk dat het niet van toepassing is op bestaande ontwikkelingen. Het vormt dan ook nog geen toetsingskader bij deze herziening. Voor zover nu valt te beoordelen voldoet de Lutkemeerpolder ook na realisatie van de tweede fase van het bedrijventerrein aan het beleid. De herziening maakt daarbij ook geen nieuwe bebouwing mogelijk ten opzichte van het oorspronkelijke bestemmingsplan en maakt een robuuster watersysteem ten opzichte van het moederplan mogelijk.

23

1.15.

Thema: Belangenafweging

Bredere afweging Adressanten 6, 10, 32 en 38 geven aan dat het een partiële herziening wordt genoemd, maar dat het in feite het hele gebied behelst. Dat rechtvaardigt een algehele afweging waarbij het bestemmingsplan wordt getoetst aan huidig beleid, hedendaagse vraagstukken en visie op de stad en haar omgeving. Reactie gemeente De herziening heeft geen betrekking op de eerste fase van het bedrijventerrein en slechts op onderdelen van fase 2 van het bedrijventerrein. Een algehele afweging van het gehele bedrijventerrein, zoals indieners van de zienswijze verlangen, is dan ook niet meer noodzakelijk. De verwarring is mogelijk ontstaat, doordat op verbeelding tijdens de ontwerpfase fase 2 van het bedrijventerrein Lutkemeerpolder geheel is opgenomen., Hierdoor lijkt het onbedoeld dat voor die gehele fase 2 een herziening noodzakelijk is. Dat is echter niet het geval. Voor een deel van de kavels ligt er al namelijk een omgevingsvergunning om daarop de bedrijfsgebouwen te bouwen. Voor die bouw is de herziening dan ook niet noodzakelijk. De verbeelding is hierop dan ook aangepast, zodat duidelijk is dat de herziening niet betrekking heeft op het een deel van fase 2 van het bedrijventerrein. Economische belangen prevaleren Adressanten 9,10,17 zijn van mening dat economische belangen prevaleren in dit plan.

Het belang van mens, milieu en leefbaarheid zou moeten prevaleren boven het commercieel en economisch belang, aldus adressant 10. Reactie gemeente De stelling van de adressanten dat in dit plan economische belangen prevaleren wordt niet gedeeld. Het gaat niet om economische belangen, maar om het belang van de 2e partiële herziening. Deze herziening van het bestemmingsplan moet (samen met de delen die niet aangepast worden) een actueel kader vormen voor het verlenen van omgevingsvergunningen voor de ontwikkeling van de bedrijfskavels binnen het plangebied. Fase 2 van het bedrijventerrein richt zich voor een groot deel op de stad Amsterdam maar ook de direct omliggende regio. Onevenredige afweging Adressant 19 stelt dat in het ontwerpbestemmingsplan de belangenafweging niet evenredig is en onvoldoende onderzoek is gedaan naar alternatieve oplossingen en locaties. Reactie gemeente Indiener onderbouwt de stelling dat er sprake zou zijn van onvoldoende motivering en de belangenafweging niet evenredig is niet. Uit het gedane onderzoek, de motivering in de toelichting van het bestemmingsplan en deze nota van beantwoording, blijkt juist dat de gemeente heel zorgvuldig belangen heeft afgewogen en van onevenredig geenszins sprake is. Het bestemmingsplan Lutkemeerpolder betreft een partiele herziening en maakt niet een nieuw bedrijventerrein mogelijk.

Gezien de beperkte omvang van de herziening is een onderzoek naar alternatieve locaties niet noodzakelijk. Ontbreken zorgvuldige afweging Adressant 19 en 32 geven aan dat het opofferen van dit gebied voor een bedrijventerrein om een zeer zorgvuldig afweging vraagt. Het voorliggende ontwerpvoorstel is niet zorgvuldig tot stand gekomen en onvoldoende onderbouwd. Reactie gemeente Op 24 april 2013 heeft Amsterdam het bestemmingsplan Lutkemeerpolder onherroepelijk vastgesteld. Het gebied is in 2 fasen in ontwikkeling gekomen. Voor de eerste fase zijn alle kavels uitgegeven. Voor fase 2 is 24

dat niet het geval. Fase twee is 41 hectare groot, waarvan slechts 25 hectare is bestemd voor bedrijfskavels. Op 9 december 2022 heeft Amsterdam een partiële herziening van het bestemmingsplan ter inzage gelegd. Deze herziening paste de oorspronkelijke groen/blauwe structuur aan om veenbodem-opbarsting tegen te gaan en heeft de verkaveling geoptimaliseerd (meer efficiënt ruimtegebruik). Daarnaast leidde de partiële herziening ertoe een deel van de bedrijfsbestemming om wordt gezet in stadslandbouw. Het voorliggende bestemmingsplan bevat een uitgebreide motivering waarbij ook wordt ingegaan op klimaatbestendigheid, waterveiligheid, waterberging en opbarsting. De bedrijven die zich nu in dit nieuwe cluster van bedrijven vestigen, ontwikkelen zeer duurzame gebouwen die bijdragen aan de stedelijke regionale bevoorrading door middel van elektrische voertuigen. Daarnaast is er, als inrichtings- en inpassingsmaatregel, ruimte opgenomen voor stadslandbouw, natuur en een waterpark. Het bedrijventerrein zal omgeven worden door een ruime groene zoom waar met zorg gekozen bomen en struiken ecologische waarde toevoegen, de bedrijven aan het zicht onttrekken en zorgen voor zoveel mogelijk inpassing in het landschap. Wij herkennen ons dan ook niet in het beeld dat door adressanten wordt geschetst. 1.16.

Overige onderwerpen

Meenemen concreet bouwplan Adressant 24 verzoekt om het concrete bouwinitiatief (verplaatsen bouwvlak) mee te nemen in bestemmingsplan-herziening. Dit wordt ook aangevoerd door adressant 32. Reactie gemeente De Lutkemeerweg 214 valt binnen het vigerend bestemmingsplan Lutkemeerpolder (2013) maar niet binnen de grenzen van de partiële herziening. Bovendien is de zienswijze van adressant niet meer actueel, omdat de adressant in november 2012 een aanvraag omgevingsvergunning heeft ingediend waarbij ook de situering van de te (her)bouwen woning wordt aangepast. Omvang bestemmingsplan Adressant 5 vraagt of de lintbebouwing Lutkemeerweg, met uitzondering van 262b, ongewijzigd blijft en of het bestemmingsplan alleen gaat over het bedrijventerrein achter de lintbebouwing. Reactie gemeente De herziening ziet, behoudens het regelen van in totaal 3 hectare stadslandbouw voor de Boterbloem, alleen op de bedrijfsbestemmingen die gelegen zijn achter het lint aan de Lutkemeerweg. Slechte werkomstandigheden en onderbetaling Adressant 9 geeft aan dat vaak migranten nodig zijn om in die dozen te werken. Ze treffen niet altijd een goede werkgever en worden vaak slecht betaald. Ook moeten ze onder slechte werkomstandigheden, zonder een ziektekostenverzekering, met een slechte huisvesting tegen dure huurprijzen werken.

Reactie gemeente Dit onderwerp wordt niet geregeld in de partiële herziening van het bestemmingsplan. Hierop is de Arbowetgeving en het arbeidsrecht van toepassing. Onjuiste bestemming voor stadslandbouw Adressant 10, 19 en 26 zijn van oordeel dat de daadwerkelijke aanleiding, namelijk het mogelijk maken van twee hectare stadslandbouw, in dit plan niet wordt gewaarborgd. Op ca 4.000 m2 is nog steeds een bouwvlak ingetekend. Om stadslandbouw mogelijk te maken dient dit volgens de adressanten te worden omgezet naar agrarisch. Dit argument wordt ook aangevoerd door adressant 32.

25

Reactie gemeente Binnen de bestemming groen is stadslandbouw toegestaan. Wij zien dan ook geen noodzaak om de bestemming aan te passen. Het bouwvlak is nog steeds opgenomen, omdat ook stadlandbouw bedrijven gebouwen nodig hebben, onder meer voor opslag. Buisleiding Adressant 23 stelt dat tegen en in het plangebied een leidingtracé ligt met hierin een planologische relevante kooldioxide leiding (CO2-leiding) van OCAP met een diameter rond 660 millimeter met een ontwerpdruk van 22 bar. Reactie gemeente De leiding valt niet binnen het plangebied van de herziening. Verder is de bescherming van de leiding al geregeld in het bestemmingsplan Lutkemeerpolder uit 2013. Hier is ter hoogte van het tracé van de CO2 leiding de dubbelbestemming ‘Leiding – leidingstrook’ aangebracht en in de regels van het voornoemde bestemmingsplan is de bescherming van de aanwezige leidingen geregeld. De herziening verandert dit niet. Logistieke plannen onduidelijk Volgens adressant 6 blijkt de sturing op de juiste stadslogistieke bedrijven die er initieel en later mogen komen niet uit de plannen. De ontwikkelaars krijgen daarmee te veel ruimte. Dit argument wordt ook aangevoerd door adressant 12. Reactie gemeente Specifieke sturing op stadslogisitieke bedrijven wordt niet geregeld in deze herziening.

Er is ook geen verplichting in de herziening opgenomen dat alleen stadslogisitieke bedrijven zich in fase 2 zich mogen vestigen. Inmiddels is voor een aantal kavels juist gekozen om logistieke bedrijven uit te sluiten. Misbruik herziening voor bouwhoogte & grote bedrijfsgebouwen Adressant 21 is van mening dat de herziening een manier is om de hele polder te wijzigen, om maximale bouwhoogtes en grootte van de geplande opslaghallen op te rekken. Reactie gemeente De gemeente deelt de mening van adressant niet en is van mening dat de partiële herziening op zorgvuldige wijze tot stand te laten komen De partiële herziening heeft daarbij betrekking op slechts een klein deel van het bedrijventerrein en niet op de gehele polder. In de regels wordt niets gewijzigd dat grotere opslaghallen mogelijk maakt. De waterkavels worden samengevoegd tot twee grotere kavels met een hogere bouwhoogte. Echter de bedrijfsbestemmingen langs de Lutkemeerweg en de kavel die ligt op de grens tussen agrarisch gebied en het bedrijventerrein worden kleiner van omvang. Het beeld is dus tweeledig. We merken in dat kader op dat een bedrijfsbestemming verkaveld kan worden in meerdere kleine kavels. Dat de grotere kavels ook daadwerkelijk gaan leiden tot grotere opslaghallen is niet een gegeven.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16789051/1