6 Horecabeleid 2025 (Actualisatie 2026)
Tekst van het document
Horecabeleid 2025 Horeca in een bruisende, leefbare en veilige stad
Versie na actualisatie 2026
Voorwoord Beste Amsterdammers en Weespers, In onze stad vol geschiedenis, creativiteit en diversiteit speelt de horeca een cruciale rol. Van de bruine cafés die herinneren aan vervlogen tijden tot de innovatieve restaurants die grenzen verleggen – Amsterdam leeft en ademt dankzij haar veelzijdige aanbod. De terrassen vol levendige gesprekken, de geur van vers gezette koffie en de geluiden van muziek en gezelligheid maken deel uit van het unieke karakter van onze stad. De horeca biedt ruimte voor ontmoeting, ontspanning en inspiratie. Jonge Amsterdammers leren elkaar én zichzelf kennen in de bloeiende nachtcultuur die onze stad rijk is. Het is een sector waarin talloze Amsterdammers met trots werken en bijdragen aan de dynamiek die onze stad zo geliefd maakt. Tegelijkertijd zijn wij ons bewust van de spanningen die deze levendigheid met zich mee kan brengen. De afgelopen jaren is de druk op de openbare ruimte toegenomen, mede door de groei van toerisme en de aantrekkingskracht die onze stad wereldwijd uitoefent. Deze ontwikkeling heeft geleid tot nieuwe uitdagingen op het gebied van leefbaarheid, veiligheid en rust. Bewoners in drukke gebieden ervaren soms hinder van nachtelijk rumoer, volle straten en een veranderend straatbeeld. Het is onze verantwoordelijkheid om een balans te vinden tussen een bruisend stadsleven en een leefbare woonomgeving.
Met dat doel voor ogen presenteren wij het nieuwe horecabeleid van Amsterdam. Dit beleid is niet alleen een set regels, maar een uiting van onze gezamenlijke visie op de toekomst van de stad. Het weerspiegelt de waarde die wij hechten aan een levendige horeca én het recht van onze bewoners op rust en ruimte. Wij willen dat Amsterdam een stad blijft waar iedereen zich thuis voelt – of je nu een bewoner bent die na een lange dag behoefte heeft aan een rustige nacht, of een bezoeker die geniet van alles wat de stad te bieden heeft. Dit beleid is tot stand gekomen door de vele reacties die wij van bewonersorganisaties, ondernemers en andere belanghebbenden hebben ontvangen. Ik ben hen dankbaar voor hun betrokkenheid, inzichten en constructieve bijdragen. Samen kunnen wij ervoor zorgen dat Amsterdam ook in de toekomst een stad blijft waarin de horeca bloeit zonder de leefbaarheid van onze buurten aan te tasten. Laten we blijven koesteren wat Amsterdam zo bijzonder maakt: de vrije geest, de menselijke maat en het samenspel van traditie en vernieuwing. Met dit nieuwe horecabeleid zetten wij een belangrijke stap in het behoud van die balans. Ik reken op uw steun, betrokkenheid en verantwoordelijkheid om van onze stad een plek te blijven maken waarin zowel bewoners als bezoekers zich welkom voelen. Met warme groet, Femke Halsema Burgemeester van Amsterdam
2
Horecabeleid 2025
gemeente Amsterdam
3
Inhoud
Voorwoord2 1.
Horeca past in de buurt 1.1 Verantwoord ondernemen en prettig kunnen wonen 1.2 Van oud naar nieuw beleid
6 6 6
2.
Ruimtelijke indeling horeca 2.1 Horeca in het omgevingsplan 2.2 Waarom een nieuwe ruimtelijke indeling? 2.3 Zwaartecategorieën zelfstandige horeca gebaseerd op activiteiten 2.4 Consequenties nieuwe ruimtelijke indeling voor bestaande horecabedrijven 2.5 Horeca bij andere functies
8 8 8 10 16 17
3.
Maximale openingstijden van horecazaken 3.1 Openingstijden in het omgevingsplan 3.2 Maximale openingstijden in Amsterdam 3.3 Openingstijden en ontheffingsmogelijkheden per zwaartecategorie 3.4 Behoud van de openingstijden die vergund zijn als ‘avondzaak’ 3.5 Het beperken van openingstijden 3.6 Het verruimen van openingstijden 3.7 Openingstijden tijdens bijzondere dagen 3.8 Openingstijden coffeeshops 3.9 Wat gaat er wanneer veranderen?
22 22 23 23 24 25 26 29 29 29
4.
Hoe regelen we terrassen 4.1 Levendigheid versus ruimtegebruik en effecten 4.2 Terrassen in het omgevingsplan 4.3 Openingstijden van het terras 4.4 Geen ruimere mogelijkheden bij tropisch weer 4.5 Roken op terrassen 4.6 Incidentele terrasactiviteit
30 30 30 35 35 35 36
5.
Verantwoordelijkheid ondernemer en onderneming 37 5.1 Verantwoordelijkheid ondernemer 37 5.2 Aanpassing horecaregels in de APV 37 5.3 Exploitatievergunning38 5.4 Vrijstelling vergunningplicht 40 5.5 Veiligheidsregels 40
4
Horecabeleid 2025
6.
Van oud naar nieuw beleid 6.1 Van beleid naar regels 6.2 Vervangen bestemmingsplannen 6.3 Aangepaste openingstijden 6.4 Gebiedsgerichte uitwerking 6.5 Sturing middels een horeca toekomstplan
42 42 43 44 44 44
7.
Vergunningverlening, toezicht en handhaving 7.1 Wijzigingen vergunningverlening 7.2 Wijzigingen toezicht 7.3 Wijzigingen handhaving
46 46 46 47
Bijlagen48 Bijlage 1. Overzicht wijzigingen openingstijden bestaande horeca 50 Bijlage 2. Additionele en paracommerciële horeca 53 Bijlage 3. Concept Beleidsregel horecaterrassen 55 Bijlage 4. Gebiedsgerichte uitwerking 62 Bijlage 5. Andere activiteiten en evenementen 64
gemeente Amsterdam
5
1. Horeca past in de buurt 1.1 Verantwoord ondernemen en prettig kunnen wonen Amsterdam is een bruisende stad waar Amsterdammers en bezoekers graag uit eten gaan, een café bezoeken en tot laat uitgaan. Horeca heeft ook een belangrijke sociale functie: we ontmoeten er bekenden en onbekenden. En de branche is economisch belangrijk, want veel mensen vinden er werk. Kortom; horeca hoort bij Amsterdam. Ook willen we leefbare, veilige buurten voor de Amsterdammers. In een verdichtende stad vraagt dit een grote verantwoordelijkheid van horecaondernemers. Want: ondernemers moeten kunnen ondernemen en omwonenden moeten fijn kunnen wonen. Als gemeente maken we beleid en spelregels, zodat dit goed verloopt voor beide partijen. Met dit stedelijk horecabeleid (verder: horecabeleid) introduceren we een nieuw stelsel van regels voor de hele stad. Het oude beleid was versnipperd en niet passend voor de toekomst. We regelen de horeca anders, omdat we willen waarborgen dat de horeca en terrassen blijven passen in de buurt waar ze gevestigd zijn. En dat daar waar het kan, nieuwe horeca mogelijk is. De activiteiten van het horecabedrijf en de sluitingstijden zijn daarin belangrijke onderdelen. Goed contact tussen ondernemers en bewoners is essentieel voor een prettige buurt. Wijken veranderen. Aantallen inwoners én bezoekers nemen flink toe, of werkgebieden transformeren naar woongebieden.
In een stad waar ruimte beperkt is, is het nodig dat er spelregels zijn. De gemeente maakt deze regels en beperkt zich daarbij tot de hoogstnoodzakelijke. We houden daarbij de belangen van ondernemers én Amsterdammers in het oog.
1.2 Van oud naar nieuw beleid In 2018 gaf het college van B&W de opdracht om nieuwe, toekomstgerichte stedelijke kaders op te stellen voor een gebiedsgericht horeca- en terrassenbeleid. Tot nu toe regelden we in Amsterdam de horeca met de volgende instrumenten: 1. de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en daarbij behorende beleidsregels en vergunningen. Met het doel de bescherming van de openbare orde en veiligheid en het woon- en leefklimaat. 2. met bestemmingsplannen waar horeca wel of niet werd toegestaan, en waarin eventueel aanvullende regels werden opgenomen met het oog op een goede ruimtelijke ordening. Per stadsdeel, en soms zelfs per bestemmingsplan, zijn er nu verschillende horecatyperingen. Ook zijn terrassen nu op verschillende manieren ruimtelijk geregeld. 3. in beleid op stadsdeelniveau staan specifieke uitvoeringsregels per stadsdeel en staat waar toevoeging van bepaalde horeca mogelijk is. Het hele stelsel is opnieuw bekeken en ontworpen, gebruikmakend van de mogelijkheden die er zijn sinds de komst van de Omgevingswet in 2024. Het bewaren of bereiken van a. een gezonde, fysieke leefomgeving en b. omgevingskwaliteit, is daarbij het doel. In een omgevingsplan stelt de gemeente hiervoor regels op over activiteiten die gevolgen (kunnen) hebben voor de fysieke leefomgeving.
Het omgevingsplan vervangt op termijn alle bestemmingsplannen, en bevat allerlei regels over onderwerpen die het rijk voorheen regelde.
6
Horecabeleid 2025
Met dit horecabeleid wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen: • de regels voor horeca die gaan over de locatie en ruimtelijke aanvaardbaarheid (ruimtelijke ordening) en • de regels die gaan over de veiligheid en de exploitant/exploitatie (openbare orde en veiligheid). Regels over de ruimtelijke aanvaardbaarheid komen in het omgevingsplan. Daarmee ook de regels over terrassen en over de openingstijden. Dit betekent dat bepaalde regels uit de Algemene Plaatselijke Verordening verdwijnen, zodat deze alleen nog de regels over veiligheid en exploitant/exploitatie bevat. Met het nieuwe horecabeleid verandert de manier van regulering en behouden we zoveel mogelijk wat er nu goed gaat. In de hoofdstukken 2 tot en met 5 staat beschreven hoe het nieuwe stelsel er uit komt te zien. Hoe de overgang van oud naar nieuw beleid gaat is terug te lezen in hoofdstuk 6. 1.2.1 Waar gaat dit beleid wel en niet over? Horecabeleid gaat wel over
Horecabeleid gaat niet over
Terrassen en alle vormen van horeca: • als hoofdactiviteit • ondersteunend aan een andere functie De hotelbar of -restaurant die ook door niet hotelgasten bezocht kan worden.
Hotels en horeca uitsluitend voor hotelgasten
Ruimtelijke aspecten van coffeeshops omdat deze gelegen moeten zijn op een locatie waar horeca mogelijk is.
Het veiligheids- en gedoogbeleid van coffeeshops
Gemeenteregels gebaseerd op de Alcoholwet Brandveiligheid, bouwen, geur, muziek, geluid van horeca
Het horecabeleid gaat over terrassen en alle vormen van horeca, zowel als hoofdactiviteit als ondersteunend aan een andere functie. Maar het gaat niet over hotels, tenzij de bar of het restaurant ook door niet-hotelgasten bezocht kan worden. Het gaat niet over (de gemeente regels die gebaseerd zijn op) de Alcoholwet en ook niet over brandveiligheid, bouwen en de geur- en muziekgeluidsaspecten vanuit horeca. Voor coffeeshops geldt dat hun hoofdactiviteit wordt gedoogd maar niet vergund. Het horecabeleid gaat daarom niet over het veiligheids- en gedoogbeleid van coffeeshops. Maar wel over de ruimtelijke aspecten, omdat coffeeshops gelegen moeten zijn op een locatie waar horeca mogelijk is. Beleidsvorming In 2022, vier jaar na de opdracht in 2018, heeft het college een conceptbeleid gepresen teerd. De beleidsvorming was tussentijds opgeschort omdat de pandemie veel gevolgen had voor horeca. Bewoners en ondernemers deelden in 2022 online en via inspraakbijeenkomsten hun mening over het concept-beleid. We ontvingen veel waardevolle reacties. De reacties zijn betrokken in dit beleid. In een Nota van Beantwoording zijn alle reacties gebundeld en is te lezen hoe het college daarop reageert. Ook tussentijdse nieuwe ontwikkelingen en inzichten zorgen ervoor dat deze versie van het beleid op onderdelen anders is dan het concept-beleid.
Uit de inspraakreacties bleek ook dat het beleid soms lastig te lezen en begrijpen was. En wat er waarom precies verandert, en voor wie. Om die reden is ook de opbouw en leesbaarheid veranderd ten opzichte van de versie die ter inspraak lag.
gemeente Amsterdam
7
2. Ruimtelijke indeling horeca 2.1 Horeca in het omgevingsplan In dit hoofdstuk wordt de nieuwe ruimtelijke indeling toegelicht. Om een horecabedrijf in Amsterdam te exploiteren, moet namelijk eerst beoordeeld worden of het horecabedrijf wel past op de locatie. Deze ruimtelijke beoordeling maken we in het omgevingsplan. Hierin komt één regeling voor horeca en terrassen. Deze geldt voor de hele stad, met een nieuwe indeling van horecacategorieën. Op termijn vervangt het omgevingsplan alle afzonderlijke bestemmings plannen. Wanneer de horeca past op de locatie, kan de exploitatie pas starten als de ondernemer en de onderneming ook positief beoordeeld zijn op aspecten van openbare orde en veiligheid. Lees hierover meer in hoofdstuk 4. In 2024 telt Amsterdam ruim 4.500 zelfstandige horecabedrijven. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan, is voor al deze bedrijven een afweging gemaakt over de inpasbaarheid van horeca in de omgeving. Wanneer een locatie is bestemd voor een bepaald type horeca, dan is dat type horeca aanvaardbaar gebleken. Al deze locaties blijven in principe geschikt voor dat type horeca. Wel krijgen deze locaties de komende jaren een ander ‘label’: één van de zwaartecategorieën die in dit hoofdstuk staan toegelicht.
Op locaties waar nog geen horeca in het bestemmingsplan is toegestaan zal de nieuwe systema tiek ingezet worden om te beoordelen of horeca daar passend is. De nieuwe systematiek geldt ook voor locaties waar horeca al is toegestaan, maar waarbij een verzoek komt om het type horeca te veranderen.
2.2 Waarom een nieuwe ruimtelijke indeling? Tot nu toe werkten we in bestemmingsplannen met algemene horeca-typeringen (zoals restau rant, eetcafé)1. Per bestemmingsplan kunnen de horeca-typeringen of de definities daarvan verschillen. Bij nieuwe horecaconcepten is soms onduidelijk welke typering het beste past. Bovendien zegt de algemene omschrijving niet zoveel over de daadwerkelijke activiteiten, en juist die activiteiten hebben impact op de fysieke leefomgeving. Daarom nemen we afscheid van de typeringen per bestemmingplan. We baseren de nieuwe indeling op de daadwerkelijk uitgevoerde horeca-activiteiten die invloed hebben op de omgeving. Met deze nieuwe indeling hebben we één ruimtelijke regime voor de hele stad en beoordelen we gelijke gevallen op eenzelfde manier.
1 Een voorbeeld van een horeca-typering zoals deze tot nu toe geldt. Horeca III in stadsdeel Centrum: Horecabedrijven die tot doel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van dranken en (kleine) etenswaren en/of maaltijden, waarbij het accent ligt op het verstrekken van dranken. Onder deze vorm van horeca vallen in elk geval cafés en eetcafés
8
Horecabeleid 2025
Bij elke activiteit is de invloed op de omgeving anders. We onderscheiden de volgende tien horeca-activiteiten: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2. verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras 3. verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben 5. schenken van alcoholhoudende dranken; 6. verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van het horecabedrijf 7. verstrekken van dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak 8. ten gehore brengen van meer dan achtergrondmuziek (een volume van 77 dB(A) of hoger); 9. aanbieden van een dansvloer; 10. aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse.
gemeente Amsterdam
9
2.3 Zwaartecategorieën zelfstandige horeca gebaseerd op activiteiten Sommige horeca-activiteiten beïnvloeden de fysieke leefomgeving meer dan andere. Daarnaast verzwaren sommige combinaties van horeca-activiteiten deze impact. Door de afzonderlijke horeca-activiteiten in samenhang met elkaar te wegen, ontstaan er vier zwaartecategorieën van zelfstandige horecabedrijven, oplopend in de mate van impact op hun omgeving. Zwaartecategorieën zelfstandige horeca 1. Lichte horeca 2. Reguliere horeca en reguliere horeca fastfood 3. Middelzware horeca 4. Zware horeca (uitgaan) In het omgevingsplan worden locaties aangewezen waar uitsluitend lichte horeca is toegestaan, of waar reguliere horeca, middelzware of zware horeca is toegestaan. De zwaartecategorie bepaalt welke horeca-activiteiten er mogen plaatsvinden. Zie onderstaande figuur. Zwaartecategorie
Lichte horeca
Reguliere horeca en reguliere horeca fastfood
Middelzware horeca
Zware horeca (uitgaan)
Eten en drinken bereiden en verstrekken voor consumptie in de zaak of op terras, of elders (niet in de publieke buitenruimte) Dranken en kleine etenswaren verstrekken om direct te consumeren buiten de horecazaak/het terras Schenken van alcohol
Activiteiten
Alleen fastfood: eten verstrekken om direct te consumeren buiten de horecazaak/het terras Waterpijp aanbieden Meer dan achtergrondmuziek (77dB(A) of hoger) Aanbieden van een dansvloer
Figuur: overzicht toegestane activiteiten per zwaartecategorie
Basisactiviteiten In elke zwaartecategorie zijn de drie basisactiviteiten van horeca toegestaan: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2. verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras; 3. verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte; 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben. Hieronder leggen we per categorie uit welke extra activiteiten, er waarom zijn toegestaan.
10
Horecabeleid 2025
2.3.1 Lichte Horeca
Voorbeelden: koffiezaak, lunchroom, ijssalon (alcoholvrij) In het omgevingsplan zal worden bepaald waar lichte horeca is toegestaan. Op locaties voor lichte horeca zijn de vier basisactiviteiten toegestaan. Het schenken van alcohol is op deze locaties niet toegestaan. Etenswaren mogen alleen worden meegegeven wanneer dit is bedoeld om thuis of bijvoorbeeld op het werk te consumeren. En dus niet in de directe omgeving van het horecabedrijf. Dit trekt een aparte bezoekersstroom aan, met meer impact op de omgeving en bijvoorbeeld zwerfafval. Alleen kleine etenswaren waar geen voorbereidings handelingen voor nodig zijn (zoals gaar maken, samenstellen en beleggen) mogen worden mee gegeven om direct buiten op straat te consumeren. Voor sommige locaties kan er een uitzondering worden gemaakt om niet-verwarmde etenswaren te mogen verstrekken die direct buiten op straat geconsumeerd worden. Dit moet dan met een aanduiding op die locatie in het omgevingsplan worden vastgelegd. 2.3.2 Reguliere horeca
Voorbeelden: brasserie, bistro, restaurant. In het omgevingsplan zal worden bepaald waar reguliere horeca is toegestaan. Aanvullend aan wat mag bij lichte horeca is op locaties voor reguliere horeca ook het schenken van alcoholhoudende dranken toegestaan. Voor het schenken van alcohol gelden de vereisten van de Alcoholwet. Het schenken van alcohol kan niet op alle locaties, omdat alcohol een ont remmende werking heeft. Dat kan leiden tot ruzies, agressief en luid gedrag. Daardoor beïn vloedt het verstrekken van alcohol de fysieke leefomgeving van het horecabedrijf. Net als bij lichte horeca, mogen alleen kleine etenswaren verstrekt worden om direct op straat te consumeren.
gemeente Amsterdam
11
Toegestane activiteiten: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2. verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras 3. verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben 5. Schenken van alcoholhoudende dranken 7. verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van het horecabedrijf 8. verstrekken van dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak
12
Horecabeleid 2025
2.3.3 Reguliere horeca-fastfood
Voorbeelden: snackbar, grillroom, cafetaria Binnen reguliere horeca onderscheiden we ‘fastfood’ als aparte vorm. De activiteiten die bij reguliere horeca fastfood zijn toegestaan, zijn grotendeels gelijk aan de overige, reguliere horeca. Maar de impact op de omgeving is heel anders, omdat het op deze locaties niet noodzakelijk is om in het horecabedrijf te laten consumeren. Alleen binnen deze categorie mag eten bereid worden, om mee te geven voor consumptie in de directe omgeving van het horecabedrijf. Het gaat dan bijvoorbeeld om een zak patat of een broodje döner dat direct wordt genuttigd. Het gaat om zaken die zich richten op het verstrekken van eenvoudige, vooral op gemaks voeding gerichte, snel bereide etenswaren. Deze activiteit zorgt voor een komen en gaan van mensen gedurende de openingstijden. De verkeersaantrekkende werking is groter dan andere zaken waar met name ter plaatse geconsumeerd wordt. De mensen die buiten hun consumptie nuttigen kunnen zorgen voor geluidsoverlast en zwerfafval. Dit zorgt ervoor dat deze activiteit de leefomgeving van het horecabedrijf sterker beïnvloedt en is daarom niet op alle locaties toegestaan. Toegestane activiteiten: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2. verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras 3.
verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben 5. schenken van alcoholhoudende dranken 6. verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van het horecabedrijf 7. verstrekken van dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak
Alcoholwet artikel 18 Horecabedrijven die vallen onder de definitie van artikel 18 Alcoholwet mogen zwakalcoholhoudende dranken verstrekken voor gebruik elders dan ter plaatse. De Alcoholwet is hierin leidend.
2.3.4 Middelzware horeca
Voorbeelden: bar, café, cocktailbar Aanvullend aan wat is toegestaan bij reguliere horeca is het op locaties voor middelzware horeca toegestaan om meer dan 77 d B(A) ten gehore te brengen, mits voldaan wordt aan de vereisten over muziekgeluid zoals opgenomen in hoofdstuk 9 van het omgevingsplan. Ondanks dat er voor muziekgeluid al regels gelden, blijkt uit ervaring dat muziekgeluid harder dan achtergrondniveau kan zorgen voor overlast in de omgeving. Om deze reden wordt deze activiteit apart beoordeeld, en is dit alleen toegestaan in locaties voor middelzware en zware horeca.
gemeente Amsterdam
13
Alleen op locaties voor middelzware horeca is de activiteit aanbieden van waterpijpen toegestaan. Het gaat om een waterpijp waarmee je waterpijptabak of kruidenmengsels rookt. Het verwarmen van het te roken mengsel kan op verschillende manieren, maar gebeurt vaak door middel van gloeiende kooltjes. Dit wordt ook wel shisha roken genoemd. Het bezoeken van een horecabedrijf voor het roken van shisha gebeurt de hele dag door en kan als zelfstandige activiteit optreden, maar kan ook ondergeschikt zijn aan een andere hoofdactiviteit (als ‘toetje’ na een maaltijd). In beide gevallen trekt de mogelijkheid tot waterpijp roken een zelfstandige bezoekersstroom aan. Het gebruik van shisha geeft geuroverlast en – bij verhitting door middel van kooltjes – een aanzienlijk risico op een te hoog CO-gehalte en brandgevaar. Bij het verlenen van een exploitatievergunning wordt de wijze van bedrijfsvoering meegenomen als bijzondere weigeringsgrond in de APV. In verband met de risico’s van blootstelling aan kool monoxide, is in de Beleidsregel levensgedrag en wijze van bedrijfsvoering opgenomen dat de blootstelling aan koolmonoxide niet hoger groter mag zijn dan de door de RIVM gestelde waarden. Dit wordt meegewogen in de beoordeling van de bedrijfsvoering. Toegestane activiteiten: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2.
verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras 3. verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben 5. schenken van alcoholhoudende dranken 7. verstrekken van dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak 8. ten gehore brengen van meer dan achtergrondmuziek (een volume van 77 dB(A) of hoger); 10. aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse 2.3.5 Zware horeca (uitgaan)
Voorbeelden: discotheek, nachtclub, zalenverhuur Alleen op locaties voor zware horeca (uitgaan) is het toegestaan om een dansvloer aan te bieden. Er is sprake van het aanbieden van een dansvloer wanneer (een deel van) de ruimte als dansvloer wordt gebruikt of is ingericht. Dit uit zich bijvoorbeeld in de vorm van de inrichting (bijvoorbeeld (deels) geen tafels en stoelen, podium, dj etc.), reclame/adverteren, kaartverkoop of entreeheffing en/of programmering, maar is hier niet toe beperkt. De activiteit “het aanbieden van een dansvloer” kan zorgen voor nieuwe bezoekersstromen, drukte tijdens piekmomenten en rijvorming, en kan daarmee impact op de fysieke leefomgeving hebben. Denk ook aan verkeershinder en geluidsoverlast. Deze activiteit is alleen toegestaan in de categorie ‘zware horeca’.
14
Horecabeleid 2025
Toegestane activiteiten: 1. bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; 2. verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het horecaterras 3. verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het horecaterras of in de publieke buitenruimte 4. verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben 5. schenken van alcoholhoudende dranken 7. verstrekken van dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak 8. ten gehore brengen van meer dan achtergrondmuziek (een volume van 77 dB(A) of hoger) 9. aanbieden van een dansvloer
Het (regelmatig) verhuren van (een deel) van een horecabedrijf voor een feest, borrel, verjaardag of diner is toegestaan op een locatie voor zover de activiteiten zijn toegestaan binnen de zwaartecategorie. Verhuur wijkt dan niet af van de normale exploitatie en heeft daarmee eenzelfde invloed op de fysieke leefomgeving. Verhuur voor een feest met muziek en dansen is zodoende alleen toegestaan op locaties voor zware horeca.
gemeente Amsterdam
15
2.4
Consequenties nieuwe ruimtelijke indeling voor bestaande horecabedrijven
Bestaande horecabedrijven zijn gevestigd op locaties waar (een bepaald type) horeca is toe gestaan volgens het bestemmingsplan. Dat deze horeca daar passend is, is in het verleden al beoordeeld. Dit hoeft niet opnieuw gedaan te worden. Het horecatype dat nu op grond van het bestemmingsplan is toegestaan (zoals café, restaurant of discotheek), blijft ook mogelijk bij de omzetting naar de nieuwe zwaartecategorieën. Wel kunnen er aan specifieke horecaactiviteiten beperkingen gesteld worden. En omdat de openingstijden in het omgevingsplan komen en we die koppelen aan de zwaartecategorieën (zie hoofdstuk 3), kan dit beperkingen tot gevolg hebben. De omzetting naar de nieuwe indeling in zwaartecategorieën gebeurt bij het vervangen van het betreffende bestemmingsplan door het omgevingsplan. Omdat er heel veel bestemmingsplannen zijn, zet de gemeente die tussen 2025 en 2032 stapsgewijs om naar de nieuwe systematiek van het omgevingsplan. In paragraaf 6.2 wordt hier verder op ingegaan. Bij de omzetting wordt de onderstaande tabel als uitgangspunt gehanteerd. Bij de omzetting wordt voor elke horecalocatie gekeken naar wat er nu is toegestaan in het bestemmingsplan. In principe geldt: het zwaarste dat nu is toegestaan in het bestemmingsplan, is ook toegestaan in het omgevingsplan.
Voorbeeld Op een locatie met aanduiding ‘horeca IV’ is op grond van veel bestemmingsplannen het volgende toegestaan: lunchroom, ijssalon, koffiehuis, theehuis, broodjeszaak, bistro, restaurant of daarmee vergelijkbare vormen van horeca. Stel er zit op een locatie met deze bestemming nu een alcoholvrije lunchroom. Deze locatie krijgt het gebruiksdoel ‘reguliere horeca’, omdat nu binnen horeca IV ook restaurants zijn toegestaan. In uitzonderlijke situaties kan worden afgeweken van het uitgangspunt dat gekeken wordt naar wat het bestemmingsplan nu toestaat op een locatie. Als daartoe aanleiding bestaat, kan er beperkt worden. Bijvoorbeeld door alleen het feitelijk aanwezige lichtere gebruik te bestendigen in het omgevingsplan. In het voorbeeld zou dat betekenen dat deze locatie het gebruiksdoel ‘lichte horeca’ krijgt. Waar op grond van het bestemmingsplan is toegestaan:
Wordt het gebruiksdoel:
Lunchroom, ijssalon, koffiehuis, theehuis, broodjeszaak
Lichte horeca
Lunchroom, ijssalon, koffiehuis, theehuis, broodjeszaak, bistro, restaurant of daarmee vergelijkbare vormen van horeca
Reguliere horeca
Grillroom, snackbar, fastfood, kebab, cafetaria, shoarmatent of daarmee vergelijkbare vormen van horeca
Reguliere horeca aanduiding fastfood
Café, bar, eetcafé, cocktailbar, shishalounge of daarmee vergelijkbare vormen van horeca:
Middelzware horeca
Nachtzaak, discotheek, club, zaalverhuur, partycentrum en daarmee vergelijkbare vormen van horeca
Zware horeca
Tabel: richtlijn omzetting bestemmingsplan naar zwaartecategorieën
Als iemand activiteiten wil uitvoeren die niet zijn toegestaan in het omgevingsplan, dan kan er een omgevingsvergunning worden aangevraagd voor het afwijken van het omgevingsplan2.
2
16
www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/omgevingsvergunning/afwijken-van-een-bestemmingsplan/
Horecabeleid 2025
2.4.1 Activiteit 'het aanbieden van een dansvloer'
In sommige bestemmingsplannen van de stadsdelen Zuid en West zijn al regels opgenomen voor cafés en restaurants, waarbij onder voorwaarden dansen is toegestaan op maximaal 20% van de vloeroppervlakte. Waar dat het geval is, zal worden bepaald dat die regels voorgaan zolang dat bestemmingsplan nog niet is vervangen. Dat komt omdat deze regels mogelijk met een reden afwijkend zijn. Bij het vervangen van het bestemmingsplan wordt dan door de stadsdelen bekeken of a. een afwijkende regel nodig is of b. dat de stedelijke regels gelden. Dit kan betekenen dat in sommige situaties het aanbieden van een dansvloer ook mogelijk is voor locaties van middelzware horeca.
2.5 Horeca bij andere functies Op een locatie met andere activiteiten (dan horeca), kan horeca zijn toegestaan. De horeca is dan ondergeschikt en ondersteunend aan de hoofdfunctie van de locatie en trekt geen zelfstandige bezoekersstromen. Als het horecadeel stopt, blijft de andere hoofdactiviteit bestaan. Als de hoofdfunctie stopt, dan stopt ook de horeca. Voor culturele horeca, additionele horeca en additionele horeca bij winkels bevat het omgevings plan algemene regels, waar een meld- of vergunningsplicht onderdeel van kan uitmaken. 2.5.1 Additionele horeca
Ook op niet-horecalocaties kan horeca van toegevoegde waarde zijn, zonder effect op de om geving. Denk aan de mogelijkheid om een museumbezoek of dagje wellness te combineren met een lunch. Een buurthuis serveert koffie of thee. Of iets drinken in de voetbalkantine. We noemen dit additionele horeca. Hierbij geldt dat er horeca mogelijk is, maar nooit de boventoon mag voeren. Dan is het namelijk zelfstandig, en niet meer ondergeschikt, wat andere effecten op de omgeving heeft. We willen voorkomen dat de horeca zelfstandige bezoekersstromen trekt. Daarom zijn alleen de drie basishoreca activiteiten toegestaan (zie paragraaf 2.3.), aangevuld met het schenken van alcohol ter plaatse, mits dit past binnen de kaders van de Alcoholwet. Het horecadeel mag niet langer open zijn dan een uur voor tot een uur na de sluitingstijd van de hoofdfunctie. En we willen niet dat het horeca-deel toegankelijk is, zonder een bezoek aan de hoofdfunctie. Als het horeca-deel niet geheel met de hoofdfunctie is verweven, geldt er een maximale oppervlakte-eis (20% van de publiek toegankelijke ruimte). Dit ondergeschikte karakter betekent ook dat een terras of gevelbank niet is toegestaan. Om het ondergeschikte karakter te waarborgen, worden in het omgevingsplan regels opgenomen. Deze regels gelden voor de hele stad. Voor additionele horeca bij winkels maken we een onderscheid.
De algemene regels voor additionele horeca gelden ook in grootschalige winkels (meer dan 1.500 m2 of warenhuizen). Het ondergeschikte karakter van de horeca is al gewaarborgd, puur door de omvang van deze locaties. Voor alle andere winkels speelt een andere problematiek. Er gelden daarom specifieke regels die in de volgende paragraaf worden toegelicht.
gemeente Amsterdam
17
2.5.2 Additionele horeca bij winkels
Ondersteunende horeca bij detailhandel (winkels) noemen we ook wel een mengformule. Uit onderzoek3 blijkt dat de grenzen tussen winkels en horeca-activiteiten vervagen om in te spelen op de wensen van consumenten en ondernemers. Dit zorgt in de praktijk voor onduidelijkheden. Om dit op te lossen willen we de regels verduidelijken. We spreken voortaan van: ‘additionele horeca bij winkels’. Dit om te benadrukken dat de winkel altijd de hoofdactiviteit is en het niet kan gaan om een volledige vermenging van horeca en winkel. Omdat er nu eenmaal veel winkels in het straatbeeld zijn, gaat er van de horeca op deze locaties meer effect uit op de omgeving. Daarom stellen we de regels voor winkels wat strenger dan voor andere hoofdfuncties. Het hoofddoel is dat we willen voorkomen dat de horeca een zelfstandige bezoekersstroom aantrekt. Aanvullende regels zijn: A. dat het verstrekken van alcohol voor gebruik ter plaatse, niet is toegestaan; B. dat er naast een maximum percentage van 20% van het winkelvloeroppervlak ook een absoluut maximum geldt van 20m2 voor het horecadeel in winkels; C. dat er een meldingsplicht komt in het omgevingsplan. Hierdoor komt beter zicht op de ontwikkeling van het aantal winkels met additionele horeca, en waar ze zich bevinden. Dit biedt ook de kans om ondernemers te informeren over de voorwaarden of direct te checken of zij voldoen aan de voorwaarden. 3
18
Onderzoek Detailhandel met horeca in De Pijp, BRO, mei 2020
Horecabeleid 2025
Specifiek winkels met additionele horeca die ook etenswaren verkopen kunnen voor onduidelijk heid zorgen: is het een horecazaak of een winkel? Neem het voorbeeld van een winkel die zelf bereide salades verkoopt. Als je de salade ter plekke kunt opeten, al dan niet met een drankje, is het onduidelijk waar de winkelfunctie ophoudt en de additionele horeca begint. Komt iemand voor de horeca (een salade eten) of voor de winkel (een salade kopen)? In sommige delen van de stad draagt een locatie, waar je ter plekke kunt consumeren, bij aan de sociale cohesie en levendigheid van een gebied. In delen van de stad waar al veel horeca is, zorgt een extra locatie om ter plekke te consumeren juist voor meer eenvormigheid. Als het onderscheid tussen horeca en winkel niet duidelijk is, kan het leiden tot een ongelijk speelveld tussen ondernemers op een locatie met en zonder horeca als hoofdactiviteit. Er wordt daarom een tweedeling gemaakt voor additionele horeca in winkels: • Non-food winkels. Er worden hoofdzakelijk producten verkocht die niet eetbaar of drinkbaar zijn. Bijvoorbeeld kleding, boeken of cosmetica. • Food winkels. Er worden hoofdzakelijk eetbare en/of drinkbare producten verkocht. Bijvoorbeeld salades, brood en vis.
Voor stadsdeel Centrum geldt dat detailhandelsbedrijven gericht op food geen additionele horeca mogen exploiteren (vastgelegd in het bestemmingsplan Winkeldiversiteit). Dat beleid wordt voortgezet. Voor de overige stadsdelen geldt dat het aan de stadsdelen is om in uitvoeringsbeleid te bepalen of in bepaalde gebieden een dergelijke beperking eveneens noodzakelijk is. Deze beperking dient vervolgens ook in het omgevingsplan te worden opgenomen. 2.5.3 Consequenties voor nieuwe en bestaande additionele horeca
Na vaststelling gaan de regels voor additionele horeca in het omgevingsplan direct overal gelden. Voor locaties waar geen regels over additionele horeca in het bestemmingsplan golden, kunnen de nieuwe regels op korte termijn leiden tot verplichte wijzigingen. Additionele horeca reeds geregeld bestemmingsplan In sommige bestemmingsplannen zijn al regels opgenomen over additionele horeca. Waar dat het geval is, zal worden bepaald dat die regels voorgaan zolang dat bestemmingsplan nog niet is vervangen. Dat komt omdat deze regels mogelijk met een reden afwijkend zijn. Bij het vervangen van het bestemmingsplan wordt dan bekeken of a. een afwijkende regel nodig is of b. dat de stedelijke regels gelden. Additionele horeca niet geregeld bestemmingsplan In veel bestemmingsplannen ontbreken er concrete regels over additionele horeca. Wanneer dat het geval is, gaan de regels in het omgevingsplan direct gelden. Dit komt de eenduidigheid en gelijke toepassing van regels ten goede. Waar in een vastgesteld bestemmingsplan additio nele horeca niet was geregeld, geldt een overgangstermijn van zes maanden. Binnen die termijn moet de situatie in overeenstemming met de nieuwe regels worden gebracht. Mogelijk is er op stadsdeelniveau in het verleden beleid opgesteld over additionele horeca: dit beleid vervalt en wordt vervangen door de regels in het omgevingsplan.
gemeente Amsterdam
19
Meldplicht additionele horeca bij winkels Voor additionele horeca bij winkels komt een meldplicht in het omgevingsplan. Het doel is om meer grip te krijgen op additionele horeca bij winkels. Deze meldingsplicht gaat ook gelden voor bestaande gevallen. Ook hiervoor geldt een overgangstermijn van zes maanden, waarbinnen die melding moet worden gedaan. Gebeurt dat niet, dan is sprake van strijdig gebruik. BESTAANDE Ondergeschikte horeca
Wat wijzigt er
Alle locaties met bestaande Bestaande regels blijven additionele horeca voorlopig gelden als er nu regels zijn opgenomen in bestemmingsplan.
Wanneer? Bij omzetting van het bestemmingsplan (tussen 2025-2032) wordt gekeken of evt. afwijking van de stedelijke regels in stand moet blijven of dat de stedelijke regels gaan gelden.
Stedelijke regels gaan gelden als er nu geen regels zijn in estemmingsplan. b
Binnen zes maanden na inwerkingtreding horecaregels in het omgevingsplan, gelden de nieuwe stedelijke regels.
Waarvan in winkels
Meldplicht voor alle additionele horeca bij winkels.
Binnen zes maanden na inwerkingtreding horecaregels in het omgevingsplan moet melding zijn gedaan.
Nieuwe locaties met ndergeschikte horeca o
De nieuwe stedelijke regels gelden voor alle locaties waar nu geen additionele horeca is gevestigd.
Direct na inwerkingtreding horecaregels in het omgevingsplan.
2.5.4 Culturele horeca
Als horeca een ondergeschikt onderdeel uitmaakt van een instelling of onderneming met een culturele hoofdactiviteit, is het culturele horeca. Als het horecadeel stopt, blijft de hoofdactiviteit bestaan. Een museum blijft een museum, ook wanneer de lunchroom in het museum gesloten is. Onder deze regeling valt ook de niet-zelfstandige horeca binnen een culturele instelling, waarbij de cultuuruiting of programmering een duidelijke horecacomponent heeft. Voorbeelden zijn Paradiso of Bitterzoet. Dit geldt ook voor culturele instellingen die een pand of ruimte verhuren voor bijeenkomsten of feesten (niet zijnde zaalverhuur voor feesten en partijen). De insteek van de horeca-activiteiten is vaak om de exploitatie van de hoofdactiviteit kostendekkend te krijgen. Bij deze vorm kan de horeca een zelfstandige bezoekersstroom trekken. Afhankelijk van het soort instelling en de locatie, kunnen voorwaarden verbonden zijn aan de (frequentie van) horecaactiviteiten in combinatie met de openingstijden (per week, maand of jaar). In het omgevingsplan worden algemene regels over culturele horeca opgenomen. Culturele horeca wordt daarbij juridisch omschreven als een niet-zelfstandige horeca-activiteit die plaatsvindt binnen een culturele instelling en daarvan onderdeel is, niet zijnde additionele horeca. Culturele horeca dient aan de volgende vereisten te voldoen: A.
Het gebouw wordt geëxploiteerd door een instelling met een culturele doelstelling; B. Het draagt bij aan een mix van verschillende activiteiten binnen het gebouw, waarbij de horeca-activiteit ondergeschikt is -en blijft- aan de culturele activiteiten; C. Het leidt niet tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving van de activiteit.
20
Horecabeleid 2025
Om deze beoordeling te kunnen maken, wordt in het omgevingsplan een vergunningplicht voor culturele horeca in het leven geroepen. Aan de vergunning kunnen voorschriften worden verbonden ter voorkoming van onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving en om het specifieke karakter van culturele horeca te borgen. Om de vergunning te verkrijgen, moet uit een bedrijfsplan blijken dat er sprake is van een culturele programmering. Locaties die reeds beschikken over een omgevingsvergunning voor culturele horeca, hoeven deze niet opnieuw aan te vragen. Hiervoor zal worden voorzien in een omgevingsvergunning van rechtswege. De openingstijden van culturele horeca sluiten aan bij de hoofdfunctie van het gebouw, en worden opgenomen in de omgevingsvergunning voor culturele horeca. 2.5.5 Consequenties voor nieuwe en bestaande culturele horeca
Over culturele horeca worden in het omgevingsplan regels opgenomen die voor de hele stad gaan gelden. Bij omzetting van een bestemmingsplan, worden de locaties aangewezen waar culturele horeca is toegestaan. Voor locaties voor culturele horeca die nu al in een bestemmings plan zijn aangewezen, wordt voorzien in overgangsrecht. Onderdeel van de regels is een vergunningplicht, die direct en overal geldt. Voor locaties waarvoor eerder al een juridisch-planologische toestemming is gegeven voor culturele horeca, geldt een overgangsregeling, zodat die niet nogmaals een vergunning hoeven aan te vragen. Culturele horeca
Wat wijzigt er
Wanneer?
Alle bestaande locaties met aanduiding/ toestemming culturele horeca.
Niets, omgevingsvergunning wordt van rechtswege verleend.
Bij omzetting van het bestemmingsplan (tussen 2025-2032).
Nieuwe locaties met aanduiding/ toestemming culturele horeca.
Vergunningplicht.
Direct na inwerkingtreding horecaregels in het omgevingsplan moet melding worden gedaan.
2.6 Relatie tussen additionele horeca, culturele horeca en paracommerciële horeca In de bijlagen staat een toelichting over het onderscheid tussen additionele horeca en culturele horeca. Hierbij gaan wij ook in op paracommerciële horeca (het regime uit de Alcoholwet voor stichtingen/verenigingen die alcohol schenken). De huidige regelgeving hiervoor voldoet en blijft ongewijzigd.
gemeente Amsterdam
21
3. Maximale openingstijden van horecazaken 3.1
Openingstijden in het omgevingsplan
Hoe langer een horecabedrijf open is, hoe langer er reuring is in de omgeving. De buurt merkt de aan- en afloop van de bezoekers, verkeersbewegingen, etc. Kortom: de openingstijden van een horecazaak hebben invloed op de fysieke leefomgeving. En die omgeving raakt steeds dichter bevolkt. Met het oog op de kwaliteit van de fysieke leefomgeving, is het nodig openingstijden te reguleren. Daarom gaan we de openingstijden regelen in het omgevingsplan. In de huidige systematiek worden openingstijden niet direct meegewogen bij het bepalen welke horeca op een locatie mogelijk is. Openingstijden van horeca zijn namelijk nu niet ruimtelijk geregeld, maar in de Algemene Plaatselijke Verordening. Met het omgevingsplan is het mogelijk om een duidelijker onderscheid te maken tussen: A. de regels voor horeca die gaan over de locatie en ruimtelijke aanvaardbaarheid; B. de regels over openbare orde, veiligheid en de exploitant. Regels over de ruimtelijke aanvaardbaarheid komen in het omgevingsplan. Daarmee ook de regels over de openingstijden. Dit betekent dat bepaalde regels uit de Algemene Plaatselijke Verordening verdwijnen, waaronder de regeling over openingstijden met vijf categorieën: dag-, avond- en nachtzaken en twee typen alcoholvrije bedrijven. Dubbele afwegingen worden hierdoor minder vaak gemaakt.
De nieuwe indeling van openingstijden koppelen we aan die van de zwaartecategorieën, zoals toegelicht in hoofdstuk 2. De lichtere horeca-categorieën zijn minder lang open, dat past bij de lichtere impact op de leefomgeving. Hoe zwaarder de categorie, hoe langer de openingstijden. Met het oog op de openbare orde blijft in de APV wel de mogelijkheid bestaan om openings tijden te beperken. Deze bevoegdheid blijft de burgemeester houden.
22
Horecabeleid 2025
3.2 Maximale openingstijden in Amsterdam Speciaal in horeca-concentratiegebieden is het wenselijk dat niet alle bezoekers van verschil lende zaken op hetzelfde moment naar buiten gaan. De nieuwe standaard sluitingstijden van horeca in Amsterdam lopen daarom uiteen van 22:00 uur voor de lichtste horeca, tot 05:00 uur in het weekend voor de zwaarste horeca-categorie. Door de week is laatste sluitingstijd 04:00 uur. Door verschillende eindtijden per zwaartecategorie vertrekken de bezoekers gespreid. Ook de nieuwe ontheffingsmogelijkheden dragen bij aan het gespreid vertrek van bezoekers. Zwaartecategorie horeca
Maximale standaard openingstijden
Lichte horeca
06:00-22:00
Reguliere horeca / reguliere horeca fastfood
Zo/do 07:00-01:00 Vr/za 07:00-02:00
Middelzware horeca
Zo/do 07:00-01:00 Vr/za 07:00-03:00
Zware horeca (uitgaan)
Zo/do 09:00-04:00 Vr/za 09:00-05:00
3.3 Openingstijden en ontheffingsmogelijkheden per zwaartecategorie 3.3.1 Lichte horeca
Bij lichte horeca gaat het om alcoholvrije bedrijven zoals ontbijtzaken, koffiezaken en lunchrooms. Bezoekers komen hier veelal overdag of aan het begin van de avond. Op locaties waar lichte horeca is toegestaan, is het onwenselijk dat er laat in de avond of ‘s nachts aan- en afloop van bezoekers is. Daarom wordt een sluitingstijd van 22:00 uur aangehouden. Dit is eerder dan de huidige vroegste sluitingstijd in Amsterdam. Horeca met een vroegere sluitingstijd kan op meer locaties aanvaardbaar zijn dan mogelijk nu het geval is. De mogelijkheden voor ondernemers die dit type zaken willen exploiteren, verruimen hiermee naar verwachting. Een andere wijziging -ten opzichte van de huidige situatie- is dat de horeca op dit type locaties om 06:00 uur open mag in plaats van nu 07:00 uur. Hiermee spelen wij beter in op behoeften voor het aanbieden van ontbijt. Horeca op locaties voor lichte horeca kan maximaal 5 keer per jaar een ontheffing van de sluitingstijd krijgen, bijvoorbeeld bij een speciale gelegenheid. 3.3.2 Reguliere horeca
Bij reguliere horeca gaat het om bedrijven zoals restaurants en bistro’s. Het eten ter plekke staat centraal, gecombineerd met het nuttigen van (al dan niet alcoholhoudende) dranken. Bezoekers komen hiervoor gedurende de dag en in de avond. ‘s Nachts is het op deze locaties niet wenselijk dat er nog aan- en afloop van bezoekers plaatsvindt. Ook mogen op deze locaties geen andere activiteiten plaatsvinden, zoals het aanbieden van een dansvloer of het draaien van meer dan hinderlijk luide muziek zoals opgenomen in hoofdstuk 9 van het omgevingsplan Amsterdam zoals het maximaal toegestane geluidsniveau bij gevoelige gebouwen waaronder woningen. De sluitingstijd voor deze bedrijven wordt daarom gesteld op 01:00 uur doordeweeks en 02:00 uur in het weekend. Ten opzichte van de huidige situatie, betekent dit voor veel bedrijven één uur korter in het weekend. Dat voorkomt dat restaurants in de late avond een andere functie krijgen waar nieuwe bezoekers op af komen wat reuring in de buurt kan veroorzaken. Horeca op locaties voor reguliere horeca kan maximaal 5 keer per jaar een ontheffing van de sluitingstijd krijgen, bijvoorbeeld bij een speciale gelegenheid.
gemeente Amsterdam
23
3.3.3 Reguliere horeca fastfood
Reguliere horeca fastfood betreft onder andere grillrooms, snackbars, cafetaria’s en andere fastfoodzaken. Ten opzichte van reguliere horeca mag op de locaties met de aanduiding ‘fastfood’ het eten worden meegegeven voor consumptie in de directe omgeving van het horecabedrijf. Vanwege de snelle omloopsnelheid van het eten kunnen bezoekers gedurende de openingstijden continu aan- en aflopen. Zeker in de nacht kan dat grote impact hebben op de fysieke leefomgeving en is dat niet op alle locaties wenselijk. De sluitingstijd voor horeca op locaties voor reguliere horeca met de aanduiding fastfood stellen we op 01:00 uur doordeweeks en 02:00 uur in het weekend. Ten opzichte van de huidige situatie is dit voor veel zaken korter dan nu. Vanwege de mogelijke impact van deze zaken, wordt hier bewust voor gekozen. Echter met een maatwerkontheffing wordt wel de mogelijkheid geboden om van deze sluitingstijd af te wijken (lees hierover meer in paragraaf 3.6). Horeca op locaties voor reguliere horeca-fastfood kunnen 5 keer per jaar een ontheffing van de sluitingstijd krijgen voor een speciale gelegenheid en daarnaast een aanvraag doen voor een maatwerkontheffing. 3.3.4 Middelzware horeca
Middelzware horeca zijn bijvoorbeeld cafés, bars, eetcafés en cocktailbars. Deze zaken worden gekenmerkt door het aanbieden van (alcoholhoudende) drank, al dan niet in combinatie met eten en het ten gehore brengen van meer dan achtergrondmuziek (een volume van 77 dB(A) of hoger). Deze bedrijven richten zich naast de dag, vaak ook op de avond. En in het weekend op de nacht. De sluitingstijd voor deze bedrijven wordt gesteld op 01:00 uur doordeweeks en 03:00 uur in het weekend. Dat zijn voor de meeste horecabedrijven die passen in deze zwaartecategorie ook de huidige tijden. Horeca op locaties voor middelzware horeca kunnen 12 keer per jaar een ontheffing van de sluitingstijd krijgen voor speciale gelegenheden. 3.3.5 Zware horeca (uitgaan)
Zware horeca zijn bijvoorbeeld discotheken, nachtclubs en zaalverhuur. Dit zijn locaties waarbij in de bedrijfsvoering het bieden van gelegenheid om te dansen een belangrijk onderdeel is. Deze bedrijven zijn vaak open tot laat in de nacht. De sluitingstijd voor deze zaken wordt gesteld op 04:00 uur doordeweeks en 05:00 uur in het weekend. Dat zijn voor de meeste horecabedrijven die passen in deze zwaartecategorie ook de huidige tijden. Horeca op locaties voor zware horeca (uitgaan) kunnen 12 keer per jaar een ontheffing van de sluitingstijd krijgen en daarnaast een aanvraag doen voor een maatwerkontheffing.
3.4
Behoud van de openingstijden die vergund zijn als ‘avondzaak’
Er zijn in Amsterdam medio 2024 150 locaties die doordeweeks om 03:00 uur en in het weekend om 04:00 uur sluiten. Dit zijn zaken die als ‘avondzaak’ zijn vergund op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening. Het gaat met name om cafés, een groot deel gelegen in stadsdeel Centrum rondom de uitgaansgebieden Rembrandtplein en Leidsebuurt. Maar ook diverse (eet) cafés in Oost, West en Zuid en enkele in Noord en Nieuw-West.
24
Horecabeleid 2025
Deze categorie onderscheidt zich op dit moment enkel van de categorie middelzware horeca door hun latere sluitingstijd. De activiteiten die uitgevoerd (mogen) worden zijn hetzelfde als die van middelzware horeca. Het laatste decennium zijn er vrijwel geen nieuwe horecabedrijven vergund met de openingstijden van avondzaken. Tegelijk zijn er op deze huidige locaties in het algemeen geen problemen door deze sluitingstijd. Daarom zullen de locaties die vergund zijn als ‘avondzaak’ op grond van de APV hun huidige tijden behouden, maar komt er geen aparte zwaartecategorie voor deze locaties. Een lijst van locaties komt in het omgevingsplan.
3.5
Het beperken van openingstijden
In het omgevingsplan worden de maximale openingstijden opgenomen. Het is mogelijk dat op een locatie bepaalde horeca-activiteiten alleen mogelijk zijn, wanneer de openingstijden beperkt worden. Als het nodig is om onaanvaardbare overlast voor het woon- en leefklimaat tegen te gaan, kan de openingstijd van een horecazaak met een maatwerkvoorschrift beperkt worden. Daarnaast is het altijd mogelijk dat voor een bepaald gebied in het omgevingsplan andere openingstijden worden vastgesteld. Als beperking van openingstijden nodig is, vanwege openbare orde en veiligheid óf de bestaan de druk op de woon- en leefomgeving, dan kan de burgemeester dat doen. Dit sluit aan bij de bevoegdheid van de burgemeester in de Gemeentewet (toezicht op openbare inrichtingen). Een hierop gebaseerde bepaling blijft in de Algemene Plaatselijke Verordening staan. Het kan hierbij ook gaan om gebiedsgerichte beperkingen, voor meerdere horecabedrijven tegelijk. Een voorbeeld hiervan is de tijdelijke vervroeging van de weekendsluitingstijden in het kernWallengebied vanwege de grote druk op de leefbaarheid in het gebied.
gemeente Amsterdam
25
Het verruimen van openingstijden
3.6
Voor horecabedrijven die willen afwijken van hun openings- of sluitingstijd, bieden wij onder voorwaarden een aantal mogelijkheden. Bij alle verruimingen geldt dat deze alleen wordt toe gekend als de verwachting is dat er a) geen onaanvaardbare overlast ontstaat voor de omgeving en b) dat de openbare orde en veiligheid niet in het geding komen. Aan een verruiming kunnen voorwaarden opgelegd worden die ervoor moeten zorgen dat de verruiming aanvaardbaar is voor de omgeving, of voor het waarborgen van de openbare orde en veiligheid. Denk aan maatregelen om bezoekersstromen in goede banen te leiden. Bij het niet naleven van deze voorwaarden of wanneer er toch onaanvaardbare overlast ontstaat in de omgeving, kan de ontheffing worden ingetrokken of een volgende keer niet opnieuw worden verleend. •
Incidentele ontheffing 5 keer per jaar Van oudsher kunnen horecabedrijven in Amsterdam maximaal 5 keer per jaar een aanvraag indienen voor verruimde openingstijden. Dit wordt een ‘verlaatje’ genoemd. Deze mogelijkheid is bedoeld om een aantal keer per jaar langer door te kunnen gaan dan normaal, bijvoorbeeld bij een speciale activiteit of feestje. Een klein deel van de horecabedrijven gebruikt deze mogelijkheid nu. Dit verloopt meestal zonder problemen voor de buurt. Daarom blijft deze mogelijkheid bestaan voor alle horecabedrijven in de gemeente Amsterdam. Een belangrijke voorwaarde blijft dat de ondernemer de buurt hierover informeert. Een aanscherping is dat de ontheffing niet voor meerdere dagen achter elkaar gebruikt kan worden. Tussen het gebruik van de ontheffingen moet minimaal 6 dagen zitten. Als tijdens het gebruik van de ontheffing overlast verwacht wordt of andere problemen ontstaan, kan dat leiden tot het niet verlenen en/of intrekken van een volgende ontheffing. Om dit te beoordelen wordt o.a. gekeken naar opgelegde handhavingsstappen.
•
Incidentele ontheffing 12 keer per jaar Voor sommige horecabedrijven is er de wens om vaker dan 5 keer per jaar langer open te zijn. Deze bedrijven organiseren bijvoorbeeld iedere maand een avond met een speciaal programma. Horecabedrijven die op dit moment al – bij wijze van proef – twaalf keer per jaar langer open mogen zijn, doen dit veelal zonder problemen voor de buurt. Daarom wordt deze proef met ingang van dit beleid omgezet naar de regeling dat de categorieën middelzwaar en zware horeca 12 keer per jaar een verruiming mogen aanvragen. Een belangrijke voorwaarde blijft dat de ondernemer de buurt hierover informeert. Een aanscherping is dat de ontheffing niet voor meerdere dagen achter elkaar gebruikt kan worden. Tussen het gebruik van de ontheffingen moet minimaal 6 dagen zitten. Als tijdens het gebruik van de ontheffing overlast verwacht wordt of andere problemen ontstaan, kan dat leiden tot het niet verlenen en/of intrekken van een volgende ontheffing. Om dit te beoordelen wordt o.a. gekeken naar opgelegde handhavingsstappen. De incidentele verruimingsmogelijkheden van 5 en 12 keer, worden opgenomen in zowel het omgevingsplan als de Algemene Plaatselijke Verordening. In het omgevings plan komen algemene regels, gezien de geringe impact op de fysieke leefomgeving door het incidentele karakter.
Op grond van de APV moet een ontheffing aangevraagd worden van de vastgelegde tijden in de exploitatievergunning. Dat komt omdat voor het toestaan met name gekeken wordt naar het gedrag van de ondernemer en het voorkomen van veiligheidsrisco’s.
26
Horecabeleid 2025
Voorwaarden incidentele ontheffing openingstijden 5 of 12 keer per jaar U hebt een geldige exploitatievergunning en eventueel een Alcoholwetvergunning. Alleen leidinggevenden of exploitanten die op de exploitatievergunning of Alcoholwetvergunning staan, kunnen een ontheffing aanvragen. Bij de beoordeling van uw aanvraag wordt gekeken of bij het horecabedrijf de afgelopen zes maanden een handhavingsstap is opgelegd en/of er een overtreding is geconstateerd die nog in behandeling is bij het stadsdeel. - Heeft het horecabedrijf afgelopen zes maanden geen overtreding begaan of handhavingsstap opgelegd gekregen, dan kan de ontheffing direct worden verstrekt. Voor het verwerken van de aanvraag moet u wel minimaal 1 werkdag van tevoren de aanvraag doen. - Hebt u afgelopen zes maanden een overtreding begaan of is er afgelopen zes maanden een handhavingsstap opgelegd, dan moet u de ontheffing minimaal 5 werkdagen van tevoren aanvragen. Het stadsdeel gebruikt die tijd om te beoordelen of u alsnog een ontheffing kunt krijgen. Het kan zijn dat de ontheffing met extra voorwaarden wordt verstrekt. - Vraagt u naast een ontheffing openingstijden ook een geluidsontheffing aan voor dezelfde dag, dan kan het zijn dat er extra voorwaarden gelden voor de ontheffingen. Twee ontheffingen tegelijk geven een verhoogde kans op overlast.
U moet omwonenden van tevoren informeren dat u een ontheffing hebt gekregen. U moet de ramen en deuren gesloten houden. Alleen voor het doorlaten van personen mag de toegangsdeur kort worden geopend. Hiervoor moet bij de ingang ten minste één toezichthouder aanwezig zijn. De ontheffing geldt alleen voor het bedrijf zelf, en niet voor terrassen. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag moet u altijd leges betalen, ook als u de ontheffing niet krijgt. Er zit minimaal zes dagen tussen de momenten waarvoor u een ontheffing aanvraagt.
• • •
• •
• • •
•
Maatwerkontheffing openingstijden Nieuw is de maatwerkontheffing openingstijden. Deze mogelijkheid geldt alleen voor fastfoodhoreca en zware horeca (uitgaan). Het biedt horecabedrijven de mogelijkheid om gedurende meerdere dagen per week, structureel langer open te zijn (looptijd van vijf jaar). Voor fastfoodhoreca komt dit tegemoet aan de behoefte om op sommige plekken in de stad nog steeds te eten of snacken na het uitgaan. De sluitingstijden voor fastfood in het algemeen worden vervroegd ten opzichte van de huidige situatie (zie paragraaf 3.3.3), maar er blijven dus wel mogelijkheden om langer open te zijn op locaties waar hier vraag naar is en waar dit passend is. De stadsdelen mogen echter gebieden uitsluiten waar dit niet wenselijk is. Deze nieuwe maatwerkontheffing is er ook voor zware horeca (uitgaan). Doordat niet alle horecazaken in één keer sluiten en publiek op straat komt te staan, kan de overlast beperkt worden. Door ruimere openingstijden is er een gespreid vertrek van bezoekers mogelijk (vanuit één zaak of vanuit meerdere zaken in een gebied). Een verruiming van de openingstijden vermindert zo mogelijk de druk op de leefomgeving. Door de verruiming beschikbaar te stellen voor alle locaties van zware horeca én voor alle dagen per week, kan er ook een spreiding ontstaan van bezoekersstromen over de stad en over de dagen van de week.
Ondernemers wordt hiermee ruimte geboden om ‘s nachts flexibeler te exploiteren. Het gaat om bedrijven die zijn ingericht op exploitatie in de
gemeente Amsterdam
27
late nacht en waarbij het bijvoorbeeld mogelijk kan zijn om in plaats van om 05:00 uur standaard om 07:00 uur te sluiten in het weekend. De stadsdelen mogen gebieden uitsluiten waar dit niet wenselijk is. Net als de andere ontheffingsmogelijkheden ligt de grondslag voor de maatwerk ontheffing zowel in het omgevingsplan als in de APV. In een beleidsregel legt het college/de burgemeester de nadere beoordelingscriteria voor de maatwerk ontheffing vast. Omgevingsplan versus APV Het is mogelijk dat een ruimere sluitingstijd voor een horecabedrijf weliswaar ruimtelijk aanvaardbaar is, maar niet op grond van openbare orde, veiligheid en/of levensgedrag. Deze ontvlechting tussen openbare orde en veiligheid en ruimtelijke ordening is ook terug te zien bij de manier waarop de maatwerkontheffing wordt verleend. Met het oog op de fysieke leefomgeving (omgevingsplan) wordt allereerst beoordeeld of ruimere sluitingstijden ruimtelijk aanvaardbaar zijn. Daarna wordt beoordeeld of dit ook op gronden van openbare orde, veiligheid en levensgedrag van de exploitant aanvaardbaar is (APV).