5. Zienswijzen ontwerp-weigering NIJP versie 8 maart 2024_.pdf
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 2758, 1000 CT Amsterdam
Het college van gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland t.a.v. de directeur van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, voor deze, mevrouw H. Jungheim Ebbehout 31 1507 EA Zaandam
Datum
26 maart 2024 RESWind/AW Uw kenmerk Zaaknummer 11948828 Behandeld door Team RES Wind Ons kenmerk
Kopie aan Bijlage(n)
Brief van college B&W aan provincie Noord-Holland d.d. 8 maart 2024
Onderwerp
Zienswijzen ontwerp-weigering d.d. 13 februari 2024, aanvraag OLO-7703263
Geachte mevrouw Jungheim, 1. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam brengt de volgende zienswijzen naar voren over bovenvermelde ontwerp-weigering. Het ontwerp is onzorgvuldig voorbereid (art. 3:2, Awb), berust op een gebrekkige belangenafweging (art 3:4, Awb) en ontbreekt aan een deugdelijke motivering (art. 3:46 , Awb). Uit door aanvrager overlegde onderzoeken en ook het advies van uw college aan provinciale staten (ps) blijkt dat het verlenen van een omgevingsvergunning met de aanvraag van 31 maart 2023, OLO-7703263 in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening is. De ontwerp-weigering verklaring van geen bedenkingen is niet ingegeven vanuit het belang van een goede ruimtelijke ordening als bedoeld in art. 6.5, Bor (oud), en daarmee kan ook de weigeringsgrond voor het afgeven van de omgevingsvergunning niet aan de orde zijn (art. 2.20a, Wabo (oud)). Het vermeende niet bestaan van draagvlak is geen ruimtelijk relevant argument. Daarbij komt dat van duurzame energieprojecten aangenomen wordt dat deze de gezondheid en het openbaar belang dienen. Ik licht dit hierna toe. 2. De aanvraag omgevingsvergunning is onderbouwd met de volgende onderzoeken: - ProjectMER - Akoestisch onderzoek - Landschapsbeoordeling - Ecologische beoordeling stikstof - Natuurtoets - Radartoets TNO - Externe veiligheid
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum: 26 maart 2024 Pagina 2 van 5
- Slagschaduwonderzoek - Uitgangspuntennotitie landschap Uit deze onderzoeken komt naar voren dat de aanvraag in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, hetgeen ook uw college aangeeft in zijn advies van 13 september 2023 met kenmerk 2061120/2061124 aan provinciale staten van NoordHolland. Aanvrager is direct overgegaan tot het opstellen van een project-MER, terwijl mogelijk volstaan had kunnen worden met een project-mer-beoordeling. Bij de voorbereiding van de aanvraag is steeds rekening gehouden met al het rijks-, provinciale en gemeentelijke beleid en de RES1.0, zodat de aanvraag hier volledig mee in overeenstemming is. 3. Ter voorbereiding van de aanvraag omgevingsvergunning hebben initiatiefnemer WOAN BV en gemeente Amsterdam een uitvoerig participatietraject gevoerd. De participatie is verlopen volgens een door het college van B&W op 15 juni 2021 vastgestelde participatieplan en heeft bestaan uit diverse voor iedereen toegankelijke bijeenkomsten, een omgevingsberaad met 40 vertegenwoordigers met zowel voor- en tegenstanders, brieven naar omwonenden in de omgeving en veel digitale nieuwsbrieven. Bij de participatie zijn ook omwonenden uit buurgemeenten betrokken. De participatie is geheel volgens het participatiebeleid van de provincie en de RES-regio verlopen.
Het project is tevens een voorbeeldproject voor financiële participatie zoals opgenomen in het beleid van de provincie en de invulling voor lokaal eigendom daarin.1 4. In uw ontwerp-weigering verwijst u voor de motivering naar de ontwerp-weigering verklaring van geen bedenkingen (vvgb) van ps. Het is echter geheel onduidelijk op welke punten de bij de aanvraag gevoegde onderzoeken volgens ps onjuist zouden zijn. De stellingen van ps, zoals weergegeven in de notulen van de vergadering van ps van 13 november 2023, over natuur, geluid, gezondheid, landschappelijke inpassing en verkeersveiligheid zijn met geen enkel feit onderbouwd en zonder verwijzing naar enig onderzoek danwel het positieve advies van uw college om een vvgb af te geven. 5. Specifiek ten aanzien van verkeersveiligheid zijn ps wel ingegaan op een advies van Rijkswaterstaat van 2 november 2023. Door NewGroundlaw is op 10 november 2023 een aangetekende brief naar ps gestuurd waarin aangegeven is dat dit advies van Rijkswaterstaat onzorgvuldig en onvolledig is. Bij deze brief is de nadere wegbeeldanalyse (Goudappel Coffeng, verkeersveiligheid windpark Coenplein, 014266.20230612.R1.06, 10 november 2023) gevoegd waaruit blijkt dat de verkeersveiligheid voldoende gewaarborgd is, en het verzoek dit advies in de besluitvorming te betrekken.
Ook ten aanzien van dit onderzoek is niet bekend waarom dit volgens ps onjuist zou zijn. Ps zijn inhoudelijk niet op de brief van NewGroundlaw en het rapport van Goudappel Coffeng ingegaan. Uit de motivering volgt niet of en hoe dit advies bij de besluitvorming is betrokken. Bij brief van 13 november 2023 heeft ons college ps verzocht om uitstel van behandeling van het agendapunt NoorderIJ-plas, zodat de laatste informatie door ps betrokken zou kunnen
1
Leidraad Financiële Participatie.pdf
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum: 26 maart 2024 Pagina 3 van 5
worden. Dat hier geen gehoor aan is gegeven, is onzorgvuldig omdat op die manier het verkeersveiligheidsaspect eenzijdig belicht is. 6. Specifiek ten aanzien van gezondheid merkt ons college nog op dat in het advies van uw college van 13 september 2023 aan ps, strengere normen ten aanzien van geluid en slagschaduw zijn voorgesteld dan in de ontwerp-landelijke windturbinenormen - die met een landelijk plan-MER zijn onderbouwd- worden voorzien. Ook om die reden valt dus niet in te zien welk aspect de doorslag heeft gegeven in de afwegingen van ps ten aanzien van gezondheid. 7.
Ten overvloede wijst ons college op de Noodverordening hernieuwbare energie (hierna: de Noodverordening).2 Deze trad in december 2022 in werking en kent rechtstreekse werking in de EU-lidstaten. Gelet op de datum van de aanvraag omgevingsvergunning op 31 maart 2023, is deze direct van toepassing. Art. 3 van de Noodverordening gaat uit van aanname dat projecten voor hernieuwbare energie van hoger openbaar belang zijn en de gezondheid en de openbare veiligheid dienen. Mocht uw college van mening zijn dat niet reeds uit de overlegde objectieve onderzoeken blijkt dat gezondheid en verkeersveiligheid voldoende gewaarborgd zijn, geldt de Noodverordening als een zelfstandig hoger toetsingskader voor de aspecten gezondheid en verkeersveiligheid. Uw college heeft ten onrechte niet getoetst aan de Noodverordening.
8. De andere in de ontwerp-weigering vvgb genoemde stellingen ten aanzien van participatie en buurgemeenten, zijn eveneens zonder feiten onderbouwd. Zoals hierboven onder 3. vermeld is, heeft aanvrager een uitvoerig participatietraject aan de hand van het vastgestelde participatieplan doorlopen. Hierbij zijn buurgemeenten ook betrokken. De participatie is geheel volgens het provinciale participatiebeleid verlopen. Door of namens uw college is bovendien in de vele bestuurlijke overleggen met buurgemeenten onder leiding van uw college danwel in het kader van de behandeling van de aanvraag omgevingsvergunning in de periode tussen 31 maart 2023 en 13 februari 2024, nimmer aangegeven dat de participatie onvoldoende zou zijn geweest, terwijl in die periode toch uitvoerig om aanvullende documenten bij initiatiefnemer is verzocht. 9. Voorzover door ps gerefereerd wordt aan het ontbreken van ‘draagvlak bij buurgemeenten’, merkt ons college op dat het vermeende niet bestaan van draagvlak onvoldoende is om als zelfstandig argument voor een weigering van het afgeven van een vvgb te dienen; daarvoor zijn in eerste plaats ruimtelijke argumenten nodig, en, zoals hiervoor betoogd, ontbreken dergelijke ruimtelijke argumenten voor een weigering nu juist (zie bijvoorbeeld ABRvS inzake Steenwijkerland, 30 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:943, r.o. 5.2).
Daarbij hebben de buurgemeenten in hun gemeenteraden de RES1.0 vastgesteld in de gemeenteraad, zodat draagvlak voor de RES1.0 verondersteld wordt. Ook ps hebben de RES1.0 vastgesteld, de uitvoering daarvan 2
https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/?uri=uriserv%3AOJ.L_.2022.335.01.0036.01.NLD&toc=OJ%3AL%3A2022%3A335%3A TOC
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum: 26 maart 2024 Pagina 4 van 5
in de provinciale omgevingsverordening 2022 mogelijk gemaakt en zich nogmaals in het coalitieakkoord 2023 gecommitteerd aan de uitvoering. Ook heeft uw college in zijn advies van 13 september 2023 aan ps in de voorgestelde ontwerp-vvgb en de onderbouwing van de lokale normen aan alle ingebrachte adviezen van de buurgemeenten Oostzaan en Zaanstad gehoor gegeven. 10. Uiteraard vindt op uitvoeringsniveau van de RES1.0 en de diverse gebiedsontwikkelingen in de ZaanIJ-regio bestuurlijke afstemming plaats met de buurgemeenten. Voorzover ps met ‘een streep halen door woningbouwplannen van buurgemeenten’ doelt op de woningbouwplannen van Zaandam, wijst ons college er op dat Amsterdam en Zaandam gezamenlijk advies hebben ingewonnen over de invloed van drie windturbines rond de Noorder IJ-plas op de economische effecten voor de Zaanse woningbouwplannen. Alhoewel het eigenlijk niet mogelijk is om dergelijke uitspraken te doen over onzekere woningbouwplannen in de (middel)verre toekomst, waar zelfs nog geen aanvang is gemaakt voor een stedenbouwkundige uitwerking, is uit het onderzoek gebleken dat er lokaal beperkte economische effecten kunnen zijn, maar dat bij de woningbouwopgave nog veel meer factoren een belangrijke rol spelen. Zowel Zaanstad en Amsterdam hebben een gezamenlijk belang hebben bij een duurzame goede ruimtelijke ontwikkeling van het gehele gebied.
Daarom is afgesproken om constructief te blijven samenwerken aan de verschillende ruimtelijke opgaven in het gebied. Dat richt zich met name op woningbouw, recreatieve ontwikkeling Noorder IJ-plas, bedrijfslocaties, HOV-ZaanIJ, fietspad dam tot dam, RWZI en duurzame energieopwekking zoals de windturbines bij de Noorder IJ-plas. . Van een ‘streep halen door woningbouwplannen’ is overigens sowieso geen sprake omdat bij de wenselijke inpassing van woningbouw rekening gehouden kan worden met de op dat moment bestaande omgevingsfactoren (zie bijvoorbeeld de casus Oosterwold in Almere, en de uitspraak daarover ABRvS 19 december 2018, ECLI:NL:RVS:2018:4198). Daarbij komt dat de woningbouwplannen die relatief de meeste invloed van het onderhavige windpark zouden ondervinden (i.e. de Achtersluispolder), door de gemeenteraad van Zaandam om andere redenen dan het windpark uitgesteld zijn tot na 2040. 11. In de ontwerp-weigering omgevingsvergunning en ontwerp-weigering afgegeven vvgb zijn de belangen van initiatiefnemer, de gemeente Amsterdam en de RES-regio-NHZ in zijn geheel buiten beschouwing gelaten. De belangenafweging is reeds daarom onzorgvuldig. Amsterdam voert reeds jarenlang consistent beleid over windenergie op de locatie NoorderIJ-plas. De gemeenteraad heeft de RES1.0 vastgesteld en Amsterdam spant zich in om de afspraken in de RES-regio-NHZ na te komen.
Amsterdam heeft bijvoorbeeld aan initiatiefnemer een lening uit het klimaatfonds ter beschikking gesteld. 12. Alles overziend kon de vvgb niet geweigerd worden en kan de ontwerp-weigering vvgb niet dienen ter onderbouwing van de ontwerp-weigering omgevingsvergunning. Dat er een ontwerp-weigering vvgb voorligt, terwijl de aanvraag omgevingsvergunning in overeenstemming is met al het rijks-, provinciale en gemeentelijke beleid, en de RES1.0, draagt op zijn zachtst gezegd niet bij aan de beeldvorming van een betrouwbare overheid. Ook het feit dat ons college nu geen andere keuze heeft dan het indienen van zienswijzen
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam
Datum: 26 maart 2024 Pagina 5 van 5
draagt daar zeker niet aan bij en had ik graag anders gezien. In dat verband wijst ons college ook naar de brief waarin ik u nogmaals gevraagd heb om gezamenlijk een advies in te winnen bij de landsadvocaat in deze kwestie (zie bijlage). 13. De zinsneden waarin u toelicht dat wordt afgezien van coördinatie op grond van artikel 9f, zesde lid, van de Elektriciteitswet 1998 (oud) omdat geen versnelling verwacht wordt, en de beroepsclausule kan ik niet volgen. De Crisis- en herstelwet (Chw) is op grond van artikel 1.1, eerste lid, onder a, van de Chw en bijlage I, onder 1.2 van de Chw in samenhang met artikel 9e, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 (oud) van toepassing op windenergieprojecten met een vermogen vanaf 5 MW. Dat betekent dat direct beroep bij de Afdeling open staat en niet eerst naar de rechtbank hoeft te worden gegaan. Het behoeft geen betoog dat inlassen van een extra stap naar de rechtbank de proceduretijd aanzienlijk verlengt. Bovendien ontbreekt een voorafgaand besluit van uw college om niet te coördineren. Op grond van artikel 3.1, derde lid, Wabo (oud), stuurt uw college de aanvrager zo snel mogelijk een bericht over de procedure en de rechtsmiddelen. Dit betekent dat bij verzending van de ontvangstbevestiging reeds aangegeven zou moeten zijn dat uw college besloten heeft de coördinatieregeling niet toe te passen.
Met het oog hierop is uw beroepsclausule onjuist. Ook is onbegrijpelijk waarom uw college in dit dossier aanstuurt op nog verdere procedurele vertraging. In dit verband noemt ons college ook het feit dat ruim drie maanden verstreken zijn sinds de vergadering van ps van 13 november 2023 en het ter inzage leggen van de ontwerp-weigering op 19 februari 2024. 14. Tenslotte wijst ons college ten overvloede op de brief van 8 maart 2024 waarin een onderzoek naar het verhalen van alle door de gemeente Amsterdam geleden schade aangekondigd wordt, mocht in rechte vast komen te staan dat uw besluit onrechtmatig is (zie bijlage).
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Femke Halsema burgemeester
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Peter Teesink gemeentesecretaris