CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

5. TAC advies Bestemmingsplan 150 KV verbinding Zeeburgereiland.pdf

RAAD 24 april 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan 150 KV verbinding Zeeburgereiland (VN2024-001847)2.629 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Weesperplein 8 1018 XA Amsterdam Postbus 2758 1000 CT Amsterdam amsterdam.nl/TAC

Technische Adviescommissie Hoofdgroenstructuur (TAC) Retouradres: Postbus 2758, 1000 CT Amsterdam

B&W - voor deze de directie Ruimte & Duurzaamheid t.a.v. de heer M. Schmeink Postbus 2758 1000 CT Amsterdam

Datum

19 maart 2024

Behandeld door Secretariaat TAC Telefoon

06 23457013 secretariaatTAC@amsterdam.nl

Onderwerp

TAC advies Bestemmingsplan 150KV-verbinding Zeeburgereiland

Geachte heer Schmeink, Op 11 maart 2024 heeft u een TAC advies gevraagd in het kader van een nieuw bestemmingsplan 150 KV verbinding Zeeburgereiland, te Amsterdam Oost. Dit advies wordt aangevraagd vanuit zorgvuldigheid, aangezien dit tracé ter hoogte van de groene verbinding ten westen van de A10 de nieuwe (nog niet van kracht zijnde) Hoofdgroenstructuur ondergronds raakt. Aangezien het hier niet gaat om een initiatief in de huidige Hoofdgroenstructuur, is een advies van de Technische Advies Commissie (TAC) niet vereist. Dit advies vormt daarmee geen noodzakelijk onderdeel van de toetsing aan de uitgangspunten van de gemeentelijke Structuurvisie. De TAC is gehouden haar adviezen te baseren op de richtlijnen die zijn vastgelegd in het instrumentarium voor de Hoofdgroenstructuur van de ‘Structuurvisie Amsterdam 2040 – Economisch sterk en duurzaam’ (2011), totdat er nieuw Hoofdgroenstructuur beleid is vastgesteld. In aanvulling hierop geeft de TAC in de vorm van een informeel advies aan hoe het advies zou uitpakken binnen het nieuwe (geamendeerde) beleidskader Hoofdgroenstructuur, welke op basis van het referendum Hoofdgroenstructuur verzoek voorjaar 2023 is aangehouden. Op die manier bouwt de TAC kennis en inzicht op over de verschillen in doorwerking van het ‘oude beleid’ en het ‘nieuwe beleid’.

Beleidskader Het plangebied maakt volgens de Structuurvisie Amsterdam 2040 geen onderdeel uit van de Hoofdgroenstructuur. Toetsing aan het vigerende beleid hiervan is dus niet mogelijk. In het nieuwe - nog niet van kracht zijnde - beleidskader Hoofdgroenstructuur geldt voor de groenstrook het groentype ‘groene verbinding’ zonder label stadsnatuur. Initiatieven en (her-) inrichtingsvoorstellen zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van de drie hier geldende prioritaire waarden (recreatie, beleving en leefklimaat) en overige (gezondheid, duurzaam en

Gemeente Amsterdam

19 maart 2024 TAC advies Bestemmingsplan 150 KV verbiding Zeeburgereiland

Pagina 2 van 5

natuur) groenwaarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. Groene verbindingen zijn langgerekte groenblauwe gebieden in de stad met een belangrijke verbindende functie. Ze ontlenen een groot deel van hun waarde aan continuïteit. 3 Daar waar de groene verbinding breed genoeg is, is er ook ruimte voor sport- en speelvoorzieningen en andere recreatieve functies. De groenwaarde ‘beleving’ is gericht op de goede zichtbaarheid van het groen in de stad, vanaf goede aantrekkelijk ingerichte fiets en wandelroutes. Tot slot zijn ze belangrijk voor een prettig leefklimaat in de stad en dragen bij aan het dempen van hitte en geleiden luchtstromen tussen stad en het omringende landschap. Dit initiatief is gedeeltelijk geprojecteerd in Gebiedsontwikkeling 17 (Houthaven). In dergelijke gebieden dient de omvang van het groen binnen de Hoofdgroenstructuur minimaal gelijk te blijven. Als er een Hoofdgroenstructuurgebied of verbinding (gemotiveerd) verdwijnt moet er Hoofdgroenstructuur-waardig groen van minimaal dezelfde omvang en kwaliteit binnen de Gebiedsontwikkeling worden gecompenseerd. Versnippering van het groen wordt hierbij voorkomen. Plan Liander heeft in samenwerking met Tennet een nieuw onderstation gebouwd aan de Marie Baronlaan.

Om het nieuwe station aan te sluiten op het bestaande stroomnet is een nieuwe ondergrondse kabelverbinding in oostelijke richting nodig om ten oosten van de A10 aan te sluiten op de bestaande verbinding tussen stations Diemen en Wijdewormer. De kabels worden op grote diepte aangelegd door middel van een gestuurde boring. De diepte is nodig omdat ze ook onder de ring A10 door moeten. De boorpunten liggen buiten de Hoofdgroenstructuur en ter hoogte van de ‘groene verbinding’ is geen bovengrondse bebouwing voorzien. Aangegeven wordt dat de als groene verbinding aangewezen grond nu nog braak ligt en in afwachting is van de verdere ontwikkeling van het Zeeburgereiland. Feitelijk vormt het nog niet de beoogde groene verbinding. De ondergrondse boring heeft geen meerwaarde en ook geen negatief effect op dit groen. De kabelverbinding zal waarschijnlijk gerealiseerd worden vóór de definitieve inrichting van de groenstrook. De kabelverbinding kan feitelijk ook vanuit het bestaande bestemmingsplan gerealiseerd worden. Het bestemmingsplan is alleen en uitsluitend opgesteld ten behoeve van het borgen van de belangen van TenneT op de lange termijn. Om de ondergrondse kabelverbinding planologisch te borgen wordt gewerkt met een dubbelbestemming ‘Leiding-Hoogspanningondergronds'.

De dubbelbestemming is opgenomen ter plaatse van het nieuwe ondergrondse tracé en laat de overige bestemmingen, die integraal 1 op 1 zijn overgenomen uit de geldende bestemmingsplannen, in stand. Formeel advies Op grond van de door u verstrekte informatie (Bestemmingsplan 150KV verbinding Zeeburgereiland: regels, toelichting en kaartbeeld (4 december 2023), TAC-formulier en mailwisseling (12 maart 2024)) en toetsende aan het huidige beleidskader Hoofdgroenstructuur constateert de TAC dat het voorgestelde bestemmingsplan voor een 150 KV verbinding tussen het onderstation aan de Marie Baronlaan en de aansluiting op het bestaande stroomnet ten oosten van de A10, de Hoofdgroenstructuur niet raakt. Op basis hiervan heeft de TAC geen adviestaak en geeft ze een neutraal advies rondom inpasbaarheid. Informeel advies Op basis van het nieuwe (niet vastgestelde) beleidskader Hoofdgroenstructuur zou de TAC een positief advies afgeven. Wel verbindt ze hieraan een drietal aanbevelingen. 1. Beoordeling inpasbaarheid vraagt om stedelijke en kwalitatieve regie Het beleidskader Hoofdgroenstructuur geeft geen richtlijn mee over de inpasbaarheid van

Gemeente Amsterdam

19 maart 2024 TAC advies Bestemmingsplan 150 KV verbiding Zeeburgereiland

Pagina 3 van 5

ondergrondse kabels en leidingen. In het jaarverslag 2023 vraagt de TAC hier in algemene zin aandacht voor (zie bijlage 1 bij dit TAC advies). Gemeentelijke sturing is nodig op waar en onder welke voorwaarden de energietransitie opgave in en onder de Hoofdgroenstructuur mag landen. Dit omdat de consequenties op de korte en langere termijn ervan nog onvoldoende bekend zijn. Toetsende op basis van de richtlijnen die het nieuwe Hoofdgroenstructuurbeleid wel bieden, komt de TAC op voorliggende locatie op een positieve beoordeling. Van bomenkap ter hoogte van de ‘groene verbinding’ is geen sprake en volgens uw informatie zullen er geen bouwwerken in worden geplaatst. Ook bezien vanuit het effect van de ingreep op de bodemstructuur en grondwaterstromen, en daarmee naar het mogelijk gevolg voor de (potentiële) bovengrondse natuurwaarden, ziet de TAC geen bezwaar. Dit wordt bevestigd vanuit de uitgevoerde natuurtoets. In dit geval blijft het groen ongemoeid, omdat de kabelverbinding op grote diepte onder het dijklichaam/ de groene verbinding door zal lopen en er geen boorpunten in of bouwactiviteiten op zijn voorzien.

De planologische ruimte die met dit bestemmingsplan gepaard gaat om een kabelverbinding op aanzienlijke diepte onder de ‘groene verbinding’ te realiseren gaat niet ten koste van de prioritaire (recreatie, beleving en leefklimaat) en overige groenwaarden (gezondheid, duurzaamheid, natuur) van de Hoofdgroenstructuur. Althans, voor zover we dit op basis van huidig beschikbare kennis kunnen beoordelen. 2. Voor wat hoort wat: investeer in kwaliteitsverbetering van de groene verbinding Tegelijkertijd draagt de ingreep niet bij aan de versterking van één of meer van deze prioritaire groenwaarden ter plaatse van waar de kabelverbinding de groene verbinding ondergronds kruist. De aanleg van de kabelverbinding is noodzakelijk in relatie tot de stroomvoorziening op het Zeeburgereiland. Wat de TAC betreft zou er veel meer geredeneerd moeten worden vanuit het principe ‘voor wat hoort wat’: als je dergelijke voorzieningen in de Hoofdgroenstructuur mogelijk maakt, zou daar een investering in de kwaliteitsverbetering van de Hoofdgroenstructuur tegenover mogen staan. Het feit dat het in de nieuwe Hoofdgroenstructuur is aangemerkt als te beschermen en door te ontwikkelen ‘groene verbinding’ schept wat de TAC betreft een verantwoordelijkheid om hierin te investeren.

Hetzij vanuit de gebiedsontwikkeling en het openbare ruimte ontwerp van het Zeeburgereiland in het algemeen, hetzij specifiek vanuit de voorliggende opgave. Om vanuit haar taakstelling hieraan een bijdrage te leveren verbindt de TAC daarom als aanbeveling aan het positieve advies om de realisatie van de kabelverbinding (en eventuele werkzaamheden die nadien om grondverzet of ingrepen op maaiveld vragen) vergezeld te laten gaan met een kwaliteitsimpuls in de groene verbinding. De inhoud daarvan zou in afstemming met een groene openbare ruimte ontwerper van de gemeente Amsterdam nader kunnen worden bepaald. 3. Onderliggende bestemming ‘groen’ vraagt te zijner tijd om actualisatie Bij het voorliggende bestemmingsplan is ervoor gekozen om de bestemmingen uit het geldende bestemmingsplan 1 op 1 in stand te houden. In het kader van een toekomstige actualisatie/ wijziging Omgevingsplan attendeert de TAC u erop dat er binnen de ‘groen’ bestemming een verharde toegangsroute van de Ringweg Oost ligt. Het ligt voor de hand om daar in de toekomst een verkeersbestemming aan te verbinden en de groen bestemming in te perken in lijn met de begrenzing vanuit de nieuwe (niet vastgestelde) Hoofdgroenstructuur. Tegelijkertijd kunnen dan de bepalingen in lijn gebracht worden met de ontwikkelmogelijkheden vanuit het daar geldende groentype vanuit de Hoofdgroenstructuur. Hoogachtend,

Dr. M.C. van Schendelen Voorzitter Technische Adviescommissie Hoofdgroenstructuur

Gemeente Amsterdam

19 maart 2024 TAC advies Bestemmingsplan 150 KV verbiding Zeeburgereiland

Pagina 4 van 5

BIJLAGE 1: UITGELICHTE AANBEVELING JAARVERSLAG TAC 2023 Voer stedelijke en kwalitatieve regie op de uitrol van de kabel- en buizennetwerken in de Hoofdgroenstructuur samenhangende met de energietransitie opgave De TAC merkt in haar adviespraktijk dat energieleveranciers in toenemende mate aanspraak maken op de Amsterdamse ondergrond en soms ook in de Hoofdgroenstructuur. Daarbij gaat het regelmatig ook om voorzieningen die slechts ten dele ten dienste staan aan het Amsterdamse energienetwerk en haar afnemers en waarop de Gemeente Amsterdam weinig juridische sturingsmogelijkheden heeft. Het kan wat de TAC betreft echter niet zo zijn dat deze leidingen zonder meer aangelegd kunnen worden waar dit makkelijk kan in het groen. Zeker niet als dit gepaard gaat met (monumentale) bomenkap, minder hoge natuurwaarden of om een landschappelijke inbreuk. Als leidingentracés niet via ondergrondse boringen gerealiseerd kunnen worden, zijn open, soms diepe ontgravingen (tot circa twintig meter beed en enkele meters diep), boorputten, bodemegalisering en bomenkap nodig. Opslagdepots en verharde wegen voor onderhoudswerkzaamheden zijn daarbij geen uitzondering. Vaak gaat het ook niet om een eenmalige actie maar moet rekening gehouden worden met de mogelijkheid van uitbreiding van het netwerk, waarbij de grond opnieuw open moet en het herstel van het groen verstoord wordt.

Daarbij is er nog veel onbekend over de levensduur van dergelijke netwerken en wat er nadien mee gebeurt. Kortom, allemaal aspecten met tijdelijke of permanente impact op de Hoofdgroenstructuur boven (leesbaarheid van het landschap) en onder het maaiveld (de samenstelling van de bodem, het bodemleven en het wortelstelsel van bomen), die betrokken dienen te worden bij de vraag of een tracé wel of niet inpasbaar is en waar de boorputten te situeren. Hoewel op dit moment de focus ligt op de grootschalige energietransitie opgave vraagt de TAC tegelijkertijd aandacht voor het omvangrijke aantal extra benodigde 10-20 kv leidingen en bovengrondse transformatorhuisjes die ergens in de openbare ruimte een plek moeten krijgen. Het verschijnsel dat de TAC waarneemt is een symptoom: een onderdeel van een grootschalige ombouw van stedelijke infrastructuur die overal in de stad merkbaar zal worden – en waarvan de consequenties nog niet ten volle doorgrond zijn. Maar het moet wel gebeuren, zowel de ombouw als het doorgronden. Om te voorkomen dat de gemakkelijkste en goedkoopste oplossing wordt gekozen, in plaats van degene die het best bijdraagt aan de kwaliteit van de ruimte in Amsterdam, is het essentieel op dit onderwerp stedelijke regie te organiseren.

Deze dient gegrondvest te worden in een gemeentelijke visie op de uitrol van nieuwe kabel- en buizennetwerken (en bijkomende bovengrondse voorzieningen zoals onderstations) die de energietransitie met zich meebrengt. De gevolgen voor de publieke ruimte en het groen maken daar wat de TAC betreft onderdeel van uit. Dit advies is in lijn met het Nationaal Plan Energiesysteem (december 2023) die vanuit macro niveau aandacht hiervoor vraagt. Evenals het advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit ( september 2022) dat voornamelijk betrekking had op de onderstations, maar overigens vanuit eenzelfde betrokkenheid met de publieke ruimte van Amsterdam is geformuleerd. De TAC doet daarvoor de volgende suggesties, die zich beperken tot de omgang met het groen. Allereerst: inzichtelijk maken wat er allemaal komt kijken bij deze energietransitie en daar de ruimtelijke component van in beeld brengen. Ervaring elders leert dat de stedelijke organisaties die voor de transitie verantwoordelijk zijn, als gevolg van uitbestedingsbeleid in het verleden, soms een groot en pijnlijk gebrek aan kennis hebben over wat met deze operatie samenhangt; niet weten wat zij niet weten. Dan: criteria ontwikkelen voor de situering van de netwerkonderdelen en bovengrondse bouwwerken in het groen (waar kan het wel en waar niet in de Hoofdgroenstructuur).

Dit gaat zowel over of (ja/nee) als over hoe, in lijn met de voorstellen in de vernieuwing van het Hoofdgroenstructuurbeleid.

Gemeente Amsterdam

19 maart 2024 TAC advies Bestemmingsplan 150 KV verbiding Zeeburgereiland

Pagina 5 van 5

Uitgangspunt daarbij is het voorkomen van bomenkap en de instandhouding van de leesbaarheid van het (cultuurhistorisch) landschap, het groen en het karakter van de Hoofdgroenstructuur. Dat kan zowel met betrekking tot de tracékeuze van de leidingen, als in de toepassing van speciale technieken, alsook in de vorm van herstelvereisten na aanleg van de leidingen. Criteria en visie moeten betrekking hebben op wat gebeurt op het maaiveld en in de vijf meter daaronder en daarboven. Zowel tijdens aanleg en onderhoud als eventuele latere uitbreidingen. Waar het desondanks noodzakelijk is een tracé in de Hoofdgroenstructuur aan te leggen, moet elke inpassingsvraag - om een goede toetsing mogelijk te maken - gepaard gaan met informatie over: • De directe consequenties voor de Hoofdgroenstructuur, tijdens aanleg, onderhoud en eventuele uitbreiding van het netwerk. • De alternatieve aanlegmogelijkheden (zonder deze vooraf te selecteren op de mogelijke nadelen voor de aanlegger). Dat kan bijvoorbeeld gaan over verlenging van ondergrondse tracédelen, of over aanpassingen in de architectuur van tussenstations. • Wat het kan opleveren voor de kwaliteit van de Hoofdgroenstructuur als we op een innovatieve manier omgaan met de aanleg.

Uitgaande van de waarde die de gemeente hecht aan de Hoofdgroenstructuur adviseert de TAC om kwaliteitseisen te verbinden aan de aanleg van kabels, leidingen en bovengrondse bouwwerken in de Hoofdgroenstructuur. Zo zou elke inpassing in de Hoofdgroenstructuur een kwalitatieve bijdrage moeten leveren aan één of meerdere prioritaire waarden van het er geldende groentype. Los daarvan zou een eis moeten zijn dat al het gekapte hout/ groen op de plek dient te blijven en terug te komen in de vorm van nieuwe ecologische structuren zoals houtwallen of takkenrillen. De TAC wijst met nadruk op de mogelijkheden van innovatie ten aanzien van standaard technische richtlijnen die vanuit de energieleverancier worden meegeven. Deze standaard richtlijnen houden in beginsel geen rekening met wat nodig is om de omgeving in ons dichtbevolkte land en hoofdstad kwalitatief leefbaar te houden. Innovatie kan bijvoorbeeld leiden tot bijstelling van de afstandsnormen door toepassing van technische maatregelen (zoals wortelschermen) waardoor het groen dichter aangeplant kan worden op en om kabels en leidingen. Daarbij vraagt de TAC specifiek aandacht voor mogelijkheden om de ondergronds te overbruggen afstanden op te rekken door technische innovatie voor te schrijven. De TAC dringt verder aan op proces- en ontwerpmatig clustering van tracés in ruimte en tijd.

Het verbaast de TAC bijvoorbeeld dat er buiten de Hoofdgroenstructuur geen plek is voor een gasleiding omdat er ten noorden van de Oude Haagseweg kort daarvoor al besloten was tot realisatie van hoogspanningsleidingen. De TAC is zich ervan bewust dat de energietransitie en de klimaataanpassingen regelmatig soortgelijke ‘generieke’ aanpassingen in de ruimte en daarmee ook in de Hoofdgroenstructuur noodzakelijk zullen maken. Zonder de omvangrijke opgave in deze te willen vertragen, adviseert ze om deze soort van aanpassingen te inventariseren en daarop (verder) beleid te ontwikkelen – opdat niet per definitie de meest voor de hand liggende (meestal de goedkoopste) oplossing wordt gekozen, maar de oplossing die het best bijdraagt aan de kwaliteit van de ruimte in Amsterdam. De TAC pleit ervoor om dergelijke ontwikkelingen zoveel mogelijk buiten de Hoofdgroenstructuur te houden. Tenzij het niet anders kan in verband met ruimtegebrek. Dit moet dan zeer goed worden onderbouwd in een alternatievenstudie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14059693/1