CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Gemeenteraad Voordracht 7021.pdf

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 7 september 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de Wijzigingsverordening Marktverordening (VN2022-027473)6.055 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

Portefeuille

Economische Zaken

Agendapunt

0

Datum besluit

College van B&W 5 juli 2022 Onderwerp

Vaststellen van de Wijzigingsverordening Marktverordening De gemeenteraad van Amsterdam besluit

I Vast te stellen de wijzigingsverordening Marktverordening; II Kennis te nemen van de Nota van beantwoording Inspraak wijziging Marktverordening, inhoudende: 1. Dat 17 marktondernemers en 4 instellingen van de mogelijkheid tot inspraak gebruik hebben gemaakt; 2. Dat de inspraakreactie van de Centrale Vereniging voor Ambulante Handel aanleiding heeft gegeven tot aanpassing van het onder I.3 vermelde besluit in die zin dat daaraan is toegevoegd dat de maximale vergunningduur voor markten op afstand wordt verlengd van 7 naar 10 jaar; 3. Dat diverse inspraakreacties aanleiding hebben gegeven om in het onder I.11 vermelde besluit de ontheffingsmogelijkheid niet te laten eindigen bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd; 4. Dat de overige inspraakreacties om uiteenlopende redenen geen aanleiding geven om de wijzigingsvoorstellen voor de Marktverordening te herzien. Wettelijke grondslag

Artikel 147 lid 1 en artikel 149 van de Gemeentewet. De raad maakt de verordeningen die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt en stelt deze vast. Bestuurlijke achtergrond

Op 1 maart 2016 is de Marktverordening van kracht geworden. Deze verving voor de markten de Verordening op de straathandel. Inmiddels is een aantal jaren ervaring opgedaan met de Marktverordening en zijn diverse problemen aan het licht gekomen bij de toepassing van de verordening. Daarnaast heeft de raad in 2018 de Marktvisie vastgesteld. Daarbij heeft de raad ingestemd met het voornemen van het college om de Marktverordening te herzien. Een volledige herziening van de Marktverordening om deze volledig in overeenstemming te brengen met de Europese Dienstenrichtlijn en de jurisprudentie daarover, alsmede met de Omgevingswet is complex en zal later plaats vinden. Het college van B en W heeft ervoor gekozen om met deze tussentijdse wijziging van de Marktverordening eerst een aantal knelpunten weg te nemen. Hierbij zijn de inspraakreacties op de Marktvisie die betrekking hadden op de Marktverordening zoveel mogelijk meegenomen, alsmede voorstellen van marktondernemers die via de marktadviescommissies zijn gedaan aan het Marktbureau. Het college van B en W heeft het concept van de wijzigingsvoorstellen vrijgegeven voor inspraak. De volledige inspraakreacties en de reactie van het college van B en W daarop is vervat in de Nota van Beantwoording. De inspraakreacties kunnen als volgt worden gecategoriseerd.

Gegenereerd: v1.11

1

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

1. Verzoeken om verdere verruiming van regels dan het college voorstelt. In twee gevallen komt het college tegemoet aan het verzoek tot verruiming. Dat betreft de maximale vergunningduur voor markten op afstand (besluit I.3) en de versoepeling van de aanwezigheidsverplichting voor ouderen (besluit I.11). In de Nota van beantwoording is aangegeven waarom het college de andere voorstellen niet overneemt. Veelal oordeelt het college dat de reacties verder gaan dan het kader van deze tussentijdse herziening van de Marktverordening. In die gevallen worden de reacties betrokken bij de integrale herziening van de Marktverordening. Enkele van deze reacties stuiten op bezwaar in verband met de uitvoerbaarheid. 2. Bezwaren tegen de voorstellen van het college. Dit zijn er slechts drie. De eerste betreft de verruiming voor vergunninghouders om zich te laten vervangen (besluit I.1). Het college is van oordeel dat frequentere controle door de marktmeesters het risico op verpachting voldoende beperkt. De tweede betreft de mogelijkheid om de dagelijkse indeling van de markt de dag ervoor via internet te laten plaats vinden. Het college is van oordeel dat de voordelen groter zijn dan mogelijke nadelen voor individuele marktondernemers. Het derde bezwaar betreft de mogelijkheid voor sollicitanten om deel te nemen aan een herindeling (besluit I.8). Dit blijkt te berusten op een misverstand. 3.

Opmerkingen die betrekking hebben op besluiten van dagelijks besturen van stadsdelen met betrekking tot specifieke markten of interpretatie van de bepalingen in de Marktverordening. Deze betreffen niet de bepalingen van de Marktverordening zelf, maar gaan over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de verordening. 4. Opmerkingen die betrekking hebben op de gevolgde procedure. Het college is van oordeel dat de procedure tot herziening van de Marktverordening zorgvuldig is geweest. Onderbouwing besluit

I In te stemmen met het bijgevoegde concept-besluit tot vaststelling van de wijzigingsverordening Marktverordening Algemeen De bijlage bevat het concept van de wijzigingsverordening waarmee diverse bepalingen in de Marktverordening worden gewijzigd. Door daarmee in te stemmen stelt de gemeenteraad de wijzigingsverordening vast. Deze betreft zowel de tekst van de verordening zelf, inclusief de daarbij behorende toelichting, als van de bij de wijzigingsverordening behorende toelichting. Voordat de Marktvisie Amsterdam 2018-2026 in de gemeenteraad werd behandeld is het concept door het college vrijgegeven voor inspraak. Hoewel de Marktvisie in hoofdzaak betrekking heeft op het stelsel van markten in Amsterdam en nauwelijks ingaat op de regelgeving betreffende markten, hadden veel inspraakreacties betrekking op de Marktverordening. In de Nota van beantwoording is aangegeven dat deze reacties betrokken zullen worden bij de herziening van de Marktverordening. Bij de vaststelling van de Marktvisie heeft de raad ingestemd met het Programma markten, waar een herziening van de Marktverordening onderdeel van uitmaakt. Daarin is ook aangegeven dat de huidige Marktverordening niet volledig in overeenstemming is met de Europese Dienstenrichtlijn

Gegenereerd: v1.11

2

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

en ook daarom aanpassing behoeft. Inmiddels is gebleken dat ook de Omgevingswet noopt tot aanpassing van de Marktverordening. In de Marktverordening is voor zover op dat moment mogelijk was al wel rekening gehouden met de Europese Dienstenrichtlijn en de daaruit voortvloeiende schaarse vergunningen als het gaat om particuliere markten en kramenzetters. In de inspraak heeft de CVAH naar voren gebracht dat de bepaling over de vergunningduur voor markten op afstand bijstelling behoeft. Het college heeft hierover overleg gevoerd met de CVAH, zie verder de toelichting op besluit I.3. Bij de integrale herziening van de Marktverordening zullen met name de bepalingen met betrekking tot de vergunningen voor individuele marktondernemers op gemeentelijke markten nog in overeenstemming moeten worden gebracht met de jurisprudentie over schaarse vergunningen en de adviezen die onderzoeksbureau SEO heeft opgesteld op verzoek van de staatsecretaris van EZK. Voor het volledig in overeenstemming brengen van de Marktverordening met de Europese Dienstenrichtlijn en met de uitgangspunten van de Marktvisie Amsterdam 2018-2026 zal de verordening integraal worden herzien. Ook de omgevingswet brengt met zich mee dat de inrichting van de verordening moet worden herzien.

Pas sinds kort is enige duidelijkheid ontstaan welke eisen de Omgevingswet en het model voor het Amsterdamse Omgevingsplan stellen aan de wijze van regelgeving in de verordening. In de afgelopen jaren hebben daarnaast (landelijke) onderzoeken plaatsgevonden aangaande de belangrijke vraag naar de looptijd van marktvergunningen, nu deze als schaars moeten worden aangemerkt en niet meer voor onbepaalde tijd kunnen worden verleend. Dit alles betekent dat de integrale herziening van de Marktverordening pas op termijn ter hand genomen kan worden. Daarom is onderzocht of een tussentijdse herziening van de Marktverordening zinvol zou zijn om bestaande knelpunten op te lossen en om bepalingen die uitvoering van de Marktvisie in de weg staan te wijzigen. De raadscommissie FEZ is in 2019 geïnformeerd dat dat het geval was en vervolgens is de tussentijdse herziening van de Marktverordening ter hand genomen. De bijgevoegde concept-Wijzigingsverordening is daarvan het resultaat. De herziening is vanuit de volgende invalshoeken tot stand gekomen: a. Wensen van marktondernemers (uit de inspraak of geuit in overleggen); b. Wegnemen of corrigeren van bepalingen die anders uit blijken te pakken dan de bedoeling was; c. Corrigeren van redactionele onvolkomenheden in de bepalingen en de toelichtingen; d. Laten vervallen van onnodige vergunningplichten (deregulering); e.

Het mogelijk maken van invoering van Kies je kraam, een applicatie waarbij marktondernemers de dag tevoren een marktplaats kunnen reserveren (of ervan afzien), waarbij ze kunnen zien op welke markten nog lege plaatsen zijn. Hiermee hoopt het college te bereiken dat meer maatwerk kan worden geleverd en belemmeringen worden weggenomen om markten vol en aantrekkelijk te laten zijn. De wijzigingen vermeld onder 1, 2.d, 4, 5, 9 en 10 geven uitvoering aan verzoeken uit de inspraak over de Marktvisie Amsterdam 2018-2026. De wijzigingen vermeld onder 2.a/b/c, 6 en 8 geven een oplossing voor problemen die gebleken zijn in overleggen met vertegenwoordigers van marktondernemers op diverse markten. Onderdeel 11 is tot stand gekomen op verzoek van de stadsdeelcommissie Centrum, naar aanleiding van inspraak door een individuele marktondernemer. De overige onderdelen vloeien voort uit problemen die gebleken zijn bij de toepassing van de Marktverordening in de praktijk.

Gegenereerd: v1.11

3

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

1. Verruiming van regels ten behoeve van bedrijfsmatig ondernemerschap: a. het laten vervallen van de beperking om op de marktlijst van maximaal 7 markten ingeschreven te staan, b. de mogelijkheid om op maximaal drie markten tegelijk waren te verkopen, c. het verruimen van het aantal toegestane vervangers van een marktondernemer van 2 naar 4, d. het verlagen van de persoonlijke aanwezigheidsplicht op afzonderlijke markten van 50% naar 25% De huidige Marktverordening kent diverse bepalingen die als belemmerend worden ervaren voor succesvol marktondernemen. Die bepalingen dateren uit de tijd dat ambulante handel voornamelijk een individueel beroep was en de vraag naar marktplaatsen groter was dan de beschikbaarheid. In de Marktvisie Amsterdam 2018-2026 is aangegeven dat beide omstandigheden sinds enkele jaren zijn veranderd. Daarom wordt voorgesteld om de genoemde bepalingen te wijzigen. Daarbij wordt niet getornd aan de bepaling dat inschrijving in het register ambulante handel alleen mogelijk is voor natuurlijke personen. De reden daarvoor is dat marktondernemers samen het gezicht van de markt vormen en persoonlijk aangesproken moeten kunnen worden op hun activiteiten en gedrag in de openbare ruimte. Voor de integrale herziening van de Marktverordening wordt onderzocht of vergunningverlening aan rechtspersonen mogelijk gemaakt moet worden en zo ja, onder welke voorwaarden.

Voorgesteld wordt om inschrijving op alle marktlijsten mogelijk te maken. Indien een sollicitant in een (markt)jaar niet ten minste vier keer met een dagvergunning op de betreffende markt heeft gestaan, dan volgt het schrappen van de marktlijst. Deze bepaling wordt niet gewijzigd. Zo worden de mogelijkheden wel verruimd, zonder dat dit leidt tot het in feite overbodig maken van marktlijsten. Dit omdat de volgorde van inschrijving op de marktlijst de anciënniteit op een markt bepaalt en daarmee de volgorde waarin marktondernemers in aanmerking komen voor vrije marktplaatsen, zowel dagelijks als bij een herindeling. Zie ook onderdeel 5: de herintroductie van lotelingen. In de huidige Marktverordening is het niet toegestaan om op meerdere markten tegelijk waren te verkopen. Dit wordt ervaren als een grote belemmering voor succesvolle ondernemers, die vaak met vervangers werken. Het is echter niet wenselijk dat deze ondernemers niet meer persoonlijk aanwezig hoeven te zijn op de markt(en) en de vervangers in feite optreden als vergunninghouders. De nu voorgestelde bepalingen maken het mogelijk om per ondernemer met vier vervangers te werken en op 3 markten tegelijk te staan. De vergunninghouder moet daarbij op elke markt ten minste een kwart van het aantal verkoopdagen persoonlijk aanwezig zijn.

Daarmee is een persoonlijke band met de markt verzekerd en wordt ketenvorming voorkomen, wat gemakkelijk zou kunnen leiden tot eentonigheid op de Amsterdamse markten. Daarnaast blijft er zo ruimte voor nieuwe ondernemers. Door deze bepaling is het niet mogelijk om op meer dan drie markten tegelijk te staan, rekening houdend met vakanties, en zijn vier vervangers nodig om deze plaatsen tegelijk te kunnen bezetten. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 2. Onderscheiden van verschillende soorten marktplaatsen: naast de al bestaande reguliere plaatsen met een marktkraam en standwerkersplaatsen betreft dit de volgende bijzondere marktplaatsen: grondplaatsen (zonder kraam of eigen verkoopinrichting), marktplaatsen met een opslagbox (Waterlooplein), bakplaatsen en plaatsen bedoeld voor het plaatsen van een eigen verkoopwagen, waarbij tevens wordt bepaald:

Gegenereerd: v1.11

4

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

a. dat bij een herindeling bijzondere plaatsen als eerste worden vergund aan degenen die al beschikken over een vergunning voor een dergelijke plaats en vervolgens aan degenen die de plaats als zodanig in gebruik willen nemen, b. dat bijzondere marktplaatsen bij de dagelijkse indeling met voorrang worden toegekend aan gegadigden die de plaats als zodanig in gebruik willen nemen, c. indien een bijzondere marktplaats niet als zodanig wordt gebruikt de plaats met een kraam moet worden ingenomen, de kraam moet worden gehuurd van de vergunde kramenzetter, d. het laten vervallen van de vergunningplicht voor het gebruik van een eigen verkoopinrichting; In de huidige Marktverordening zijn verschillende bepalingen opgenomen voor standwerkersplaatsen en marktplaatsen die zonder kraam gebruikt mogen worden, alsmede voor houders van vergunningen voor het verkopen met een eigen verkoopinrichting (verkoopwagen). Het belangrijkste is dat zij niet verplicht zijn om een kraam af te nemen van de kramenzetter. Als marktplaatsen evenwel niet als zodanig worden ingenomen door de vaste marktplaatshouder of een sollicitant, dan bestaat er geen verplichting om een kraam af te nemen van de vergunde kramenzetter. Door de voorgestelde wijzigingen wordt in deze lacune voorzien. Tevens worden nu ook marktplaatsen met een (opslag)box als bijzondere marktplaatsen benoemd.

Deze komen alleen voor op de Waterloopleinmarkt. Bij de vernieuwing van deze markt is besloten om de boxen niet meer afzonderlijk te verhuren, maar deel uit te laten maken van de marktplaats. Daarmee zijn marktplaats en box niet meer afzonderlijke eenheden, die geheel verschillend zijn geregeld: publiekrechtelijk (marktvergunning) en privaatrechtelijk (huurovereenkomst). Voor het gebruik van beiden geldt dan voortaan één (markt)vergunning. Dit heeft tot gevolg dat de vergoeding voor de box met ingang van 2022 wordt openomen in de marktgeldtabellen. Op verzoek van het dagelijks bestuur van Centrum wordt voorgesteld dat de gebruikers van een box geen kraam hoeven af te nemen van de kramenzetter, omdat de box een luifel heeft. Daaronder kunnen de marktboxhouders hun eigen manier van uitstallen kiezen, met eigen materiaal. Als de vaste vergunninghouder van de box er niet is, dan kan een sollicitant de marktplaats zonder marktbox gebruiken. Die is dan wel verplicht om een kraam te laten plaatsen, omdat alleen de houder van de box de luifel kan bedienen. Tot slot wordt voorgesteld bakplaatsen als bijzondere marktplaatsen te benoemen. Dit zijn marktplaatsen waar bakken, braden en dergelijke is toegestaan.

De voorgestelde wijzigingen betekenen eveneens dat als een bijzondere marktplaats door de (tijdelijke) vaste marktplaatshouder niet wordt ingenomen, sollicitanten voorrang hebben die de marktplaats als zodanig willen gebruiken, mits passend binnen de branchering. Voorgesteld wordt om de aparte vergunning voor het uitoefenen van markthandel met een eigen verkoopinrichting te laten vervallen. Deze vergunning regelde in de praktijk vooral de bescherming van het milieu, hetgeen inmiddels afdoende in wetten is geregeld en waarvoor zo nodig het marktreglement kan worden gebruikt. Het weigeren van de vergunning in het belang van een goede inrichting van de markt was niet goed mogelijk en is op grond van de Marktvisie juist datgene wat beoogd zou moeten worden. Door de voorgestelde wijziging kunnen in het inrichtingsbesluit van een markt al die plekken aangewezen worden die geschikt geacht worden om met een verkoopwagen te worden gebruikt, zowel door vaste marktplaatshouders als sollicitanten. Ze hoeven niet meer leeg te blijven als er geen ondernemer met een verkoopwagen beschikbaar is. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording).

Gegenereerd: v1.11

5

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

3. Vereenvoudiging van de voorschriften voor nadere regels voor markten op afstand, teneinde meer maatwerk te kunnen leveren, alsmede het schrappen van de overgangsbepalingen voor deze markten, omdat hiervoor in het verleden geen vergunningen zijn verstrekt, en verlenging van de maximale looptijd van vergunningen en van de overgangstermijn voor uitgezonderde markten van maximaal 7 naar maximaal 10 jaar In de huidige Marktverordening staan in artikel 5.3 lid 2 diverse bepalingen die gehanteerd moeten worden bij de selectie van kandidaten voor de vergunning voor een markt op afstand. In de praktijk is gebleken dat sommige van deze criteria niet als relevant moeten worden beschouwd en andere juist wel. In sommige gevallen kan het wenselijk zijn om niet te selecteren op kwaliteitscriteria, maar te loten. Daarom wordt voorgesteld om dit lid te schrappen. Het is dan aan de dagelijks besturen van de stadsdelen om per markt te bepalen welke wijze van selecteren het meest passend is. Daarmee is meer maatwerk mogelijk per markt. De inbreng van de CVAH heeft aanleiding gegeven om te bezien of de in de Marktverordening opgenomen maximale vergunningduur voor markten op afstand van 7 jaar in het licht van nieuwe inzichten nog voldoet.

Het niet juist om, zoals de CVAH stelt, de resultaten van het onderzoek van SEO direct door te laten werken naar de vergunningduur voor organisatoren van markten op afstand. In het SEO-rapport is dat ook expliciet aangegeven. Voor de vergunningduur is in de eerste plaats van belang hoeveel tijd de organisator van de markt zelf nodig heeft om investeringen af te kunnen schrijven. Daarnaast kan ook de gemeente belang hebben bij een bepaalde vergunningduur. In dit licht moet onderscheid gemaakt worden tussen twee soorten particuliere markten. Aan de ene kant zijn dat de themamarkten, zoals kunst-, boeken-, antiek- en platenmarkten, alsmede markten als Sundaymarket en Pure markt. Dit zijn periodieke markten. Deze worden of gedurende slechts enkele maanden wekelijks gehouden, of niet vaker dan eens in de maand of slechts enkele keren per jaar. Voor deze markten is er vooralsnog geen aanleiding om vergunningen te verlenen voor een periode langer dan 7 jaar. De vergunningduur moet worden afgestemd op de investeringen en de daarbij behorende afschrijvingstermijnen van de organisator. De verkopers op deze markten hebben in het algemeen diverse afzetkanalen en zijn voor de afschrijving van hun investeringen dus niet in belangrijke mate aankelijk van de omzet op deze markten.

Bij het bepalen van de werkelijke vergunningduur moet daarom een balans gezocht worden tussen het belang van de organisator, het belang van de gemeente en het belang van voldoende mogelijkheden voor mededinging, conform de Dienstenrichtlijn. In nader overleg heeft de CVAH te kennen gegeven zich hierin te kunnen vinden. Daarnaast zijn er particuliere markten die functioneren als wekelijkse wijkmarkt of kleine voedselmarkt. Daarvan zijn er op dit moment 5 en op grond van de Marktvisie en de reactie van het college op het initiatiefvoorstel Markten op afstand van D66 kunnen dat er in de toekomst meer worden. Het is aan de dagelijks besturen van de stadsdelen om per markt de afweging te maken of een markt ingesteld moet worden als gemeentelijke markt of als markt op afstand. Als de gemeente een dergelijke markt instelt, dan heeft de gemeente er groot belang bij dat de markt kan functioneren zoals beoogd. Het is immers een wezenlijke voorziening voor het betreffende verzorgingsgebied. Dat betekent dat de organisator van een dergelijke markt in staat gesteld moet worden om voor die markt goede marktondernemers aan te trekken. De gemeente beschouwt dit als een dwingende reden van algemeen belang. Onderzoeksbureau SEO van de Universiteit van Amsterdam heeft onderzoek gedaan naar de investeringen en benodigde afschrijvingstermijnen van dergelijke marktondernemers.

Dat was met het oog op vergunningverlening op gemeentelijke algemene warenmarkten en voedselmarkten. Maar er is geen reden om aan te nemen dat er in dit opzicht een verschil is tussen

Gegenereerd: v1.11

6

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

marktondernemers die hun omzet realiseren op gemeentelijke of op particuliere markten. Het advies van SEO is om rekening te houden met een terugverdientijd van 9 tot 12 jaar. Bij een kortere terugverdientijd zijn grote aantallen marktondernemers niet in staat om hun investeringen terug te verdienen. Op grond hiervan is het wenselijk om het mogelijk te maken om organisatoren van particuliere wijken voedselmarkten vergunningen voor een markt op afstand te kunnen verlenen van maximaal 10 jaar. In het licht van de gewenste mogelijkheden voor voldoende mededinging moet de door de CVAH gesuggereerde vergunningduur van 15 jaar als te lang worden beschouwd. Nader overleg met de CVAH heeft tot de conclusie geleid dat de gemeente en de CVAH een maximale vergunningduur van 10 jaar op grond van het bovenstaande in overeenstemming achten met het beginsel van transparante mededinging. In de concept-wijzigingsverordening die is vrijgegeven voor inspraak was voorgesteld om de overgangsbepalingen voor markten op afstand te wijzigen. Nader juridisch advies heeft geleid tot het inzicht dat het twijfelachtig is of deze voorgestelde bepalingen nodig en adequaat zijn. Daarom wordt voorgesteld om de overgangsbepalingen te schrappen (artikel 7.3 lid 6 en 7). 4.

Introductie van de mogelijkheid om markten dagelijks digitaal (via internet) in te delen op de avond voorafgaande aan de marktdag, waardoor sollicitanten van tevoren weten op welke markt zij een dagvergunning kunnen krijgen Het is voor marktondernemers vaak lastig om te weten op welke markten lege plaatsen beschikbaar zijn, waar zij als sollicitant terechtkunnen. Alleen voor sollicitanten met een hoge anciënniteit op de betreffende marktlijst is het de gok waard om naar een markt te gaan. Met het creëren van de mogelijkheid om op meerdere markten tegelijk te staan kan dit probleem toenemen. Daarom introduceert de gemeente een digitaal systeem voor de dagelijkse indeling van de markten. Door middel van een app of website kunnen ondernemers de dag voor de marktdag opgeven op welke markt men wil staan en op welke marktplaats(en). De toewijzingsvolgorde in de verordening voor de dagelijkse indeling blijft daarbij in stand. Eerst kunnen vaste marktplaatshouders aangeven of ze komen en of ze op een andere plek willen staan en/of vergroten of verkleinen. Daarna kiezen de sollicitanten. De avond tevoren is op die manier de hele indeling van de markt bekend en is zichtbaar welke plekken nog leeg zijn. Het blijft mogelijk om de volgende ochtend naar de markt te komen om dan alsnog nog een lege plek in te nemen.

Hiervoor worden een paar wijzigingen in de Marktverordening aangebracht: een definitie van het begrip digitaal systeem en het toevoegen van indelen via een digitaal systeem aan het artikel over de toewijzing van losse marktplaatsen. Om ervoor te zorgen dat vaste marktplaatshouders afwezig zijn zonder zich in het digitale systeem te hebben afgemeld, wordt een verbodsbepaling opgenomen. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 5. Opnieuw opnemen van het begrip loteling: iemand die niet op de marktlijst is ingeschreven en bij de dagelijkse indeling na de sollicitanten een dagvergunning kan verkrijgen indien er nog marktplaatsen beschikbaar zijn Bij de overgang van de Verordening op de straathandel naar de Marktverordening in 2016 is het begrip loteling geschrapt, omdat er geen gebruik van werd gemaakt. Dat betekende dat een marktondernemer alleen kan opteren voor een lege marktplaats als deze is ingeschreven op de marktlijst van de betreffende markt. Om op de marktlijst te kunnen blijven staan dient de ondernemer ten minste vier keer per jaar daadwerkelijk op de markt te staan. Dat is een

Gegenereerd: v1.11

7

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

belemmering om de verkoop van waren op andere markten uit te proberen. Daarom wordt voorgesteld om de loteling opnieuw in de verordening op te nemen. Een loteling is niet ingeschreven op de marktlijst en kan voor een lege marktplaats in aanmerking komen na de toewijzing van marktplaatsen aan (tijdelijke) vaste vergunninghouders en sollicitanten. Als er meer gegadigden zijn dan plekken, dan wordt er geloot. Vandaar de naam loteling. Voorgesteld wordt om in de verordening de definitie van loteling op te nemen, alsmede een bepaling over de toewijzing bij de dagelijkse indeling. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 6. Mogelijk maken dat tijdelijke vaste marktplaatsen zonder locatie worden vergund, waardoor vaste marktplaatshouders de mogelijkheid houden om bij de dagelijkse indeling als eerste te opteren voor gunstig gelegen vrije marktplaatsen Tussen twee herindelingen van een markt kunnen tijdelijke vaste marktplaatsen worden vergund, waarbij de marktondernemer een marktplaats met locatie krijgt tot aan de eerstvolgende herindeling. Het voordeel hiervan is meer binding aan de markt en voor de ondernemer het betalen van een (lager) maandtarief in plaats van het dagtarief. Een probleem doet zich voor als vaste marktplaatshouders bij de dagelijkse indeling willen kiezen voor een betere plek.

Als die plek is toegewezen aan een tijdelijke vaste vergunninghouder, dan is dat niet meer mogelijk. Dit wordt ervaren als een beperking van anciënniteitsrechten. Daarom wordt voorgesteld om tijdelijke vaste vergunningen mogelijk te maken zonder locatie. Dan kunnen bij de dagelijkse indeling de vaste vergunninghouders eerst een (andere) plek kiezen. Daarna kiezen de tijdelijke vaste vergunninghouders, daarna de sollicitanten en tot slot de lotelingen. Hiertoe wordt de definitie van tijdelijke vaste marktplaats gewijzigd. Daarbij blijft het ook mogelijk om tijdelijke vaste vergunningen met een locatie uit te geven. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 7. Introduceren van een bepaling dat een marktondernemer niet (opnieuw) op een marktlijst kan worden geplaatst als er nog marktgelden voor de betreffende markt verschuldigd zijn Achterstand met het voldoen van marktgeld kan in de huidige Marktverordening al leiden tot het schrappen van de betreffende ondernemer van de marktlijst. Dan kan geen marktplaats meer worden ingenomen op de betreffende markt. In de verordening was er echter geen beletsel voor de ondernemer om zich direct weer op de marktlijst te laten plaatsen. Het is echter niet gewenst dat de ondernemer op de markt kan terugkeren zolang er nog marktgeld verschuldigd is.

In deze lacune wordt nu voorzien. Plaatsing op de marktlijst is pas mogelijk als de schulden zijn voldaan. Indien op andere markten geen betalingsachterstanden bestaan, dan kan de ondernemer daar wel terecht indien hij/zij op de marktlijst van die markt staat. Ook inschrijving op andere marktlijsten blijft mogelijk. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 8. Mogelijk maken dat bij een herindeling na de vaste en tijdelijk vaste vergunninghouders ook sollicitanten in aanmerking kunnen komen voor een vaste marktplaats In de huidige verordening is bepaald dat bij een herindeling eerst vaste marktplaatshouders een (andere of grotere) plek kunnen kiezen en daarna degenen aan wie een tijdelijke vaste vergunning

Gegenereerd: v1.11

8

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

is verstrekt. Sollicitanten kunnen niet in aanmerking komen voor een vaste marktplaats bij een herindeling. Daardoor ontstaat in de praktijk een probleem. Bij het uitgeven van tijdelijke vaste marktplaatsen moet terughoudendheid worden betracht. Er moet immers ruimte worden vrijgehouden om vaste marktplaatshouders tijdens de herindeling te laten vergroten, maar onbekend is hoeveel ruimte daarvoor nodig is. Die terughoudendheid moet nog groter zijn als het voornemen bestaat om voor de herindeling een nieuw inrichtingsbesluit vast te stellen met meer brancheplaatsen of bijzondere plaatsen voor bijvoorbeeld verkoopwagens. Het gevolg is dat na de herindeling niet alle plekken die voor vaste vergunningen beschikbaar zijn ook worden vergund. Met leegstand als gevolg. Daarom wordt voorgesteld bij een herindeling na de (tijdelijke) vaste marktplaatshouders ook sollicitanten de mogelijkheid te bieden om in aanmerking te komen voor een vaste vergunning. Dat gebeurt op volgorde van anciënniteit (plaats op de marktlijst). Dit is in het belang van de markt, omdat hiermee een betere vaste bezetting kan worden gerealiseerd. Het is ook in het belang van de marktondernemers, omdat zij meer kans krijgen op een vaste plek op de markt en daarbij het maandtarief kunnen betalen in plaats van het hogere dagtarief.

De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 9. Mogelijk maken om het criterium economische binding (koppeling van marktplaats aan achtergelegen winkel) niet alleen toe te passen bij de herindeling van een markt, maar ook bij het toewijzen van tijdelijke vaste vergunningen Op een aantal markten komt de combinatie van winkel en marktkraam voor. Dat biedt winkeliers de mogelijkheid om hun waren op de markt aan te bieden en biedt via de kraam ook toegang tot de winkel vanaf de markt. Met name op de Albert Cuypmarkt komt dit veel voor. In de Marktverordening is al geregeld dat gegadigden die hieraan voldoen bij de herindeling voorrang kunnen krijgen (dat wil zeggen, in afwijking van de volgorde op de marktlijst). Deze voorrang op grond van economische binding kan echter niet worden toegepast bij het verlenen van tijdelijke vaste vergunningen. Door het verlenen van tijdelijke vaste vergunningen op basis van economische binding kunnen meer marktondernemers met een winkel in de gelegenheid worden gesteld om met voorrang een vaste vergunning te krijgen voor een marktplaats direct voor de winkel.

In het overleg met vertegenwoordigers van de Albert Cuypmarkt is naar voren gekomen dat deze markt alleen in zijn huidige omvang en diversiteit in stand gehouden kan worden als de mogelijkheid voor economische binding optimaal wordt ingezet. Dagelijks besturen kunnen bepalen of en, zo ja, in welke mate zij gebruik willen maken deze mogelijkheid om voorrang te geven aan economische binding. De afweging van de verschillende belangen kan voor markten verschillend uitvallen. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 10. Vergroten van de mogelijkheden om tussen twee herindelingen en bij de dagelijkse indeling van de markt marktplaatsen te vergroten of te verkleinen Bij de herindeling van een markt kunnen vaste marktplaatshouders hun marktplaatsen vergroten of verkleinen in de delen van de markt waar het dagelijks bestuur dit toestaat. Tussen twee herindelingen in is dat niet mogelijk, zodat vaste marktplaatshouders die een extra marktplaats willen, dat elke dag bij de dagelijkse indeling moeten aangeven en dan ook het tarief voor een losse marktplaats betalen. Daarom wordt voorgesteld om in de Marktverordening een bepaling op te nemen waarbij vaste marktplaatshouders tussen twee herindelingen in kunnen verzoeken om de vaste marktplaats te vergroten.

Gegenereerd: v1.11

9

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

Vaste vergunninghouders kunnen bij de dagelijkse indeling aangeven of ze de marktplaats die dag willen verkleinen. Dan kan een andere ondernemer de betreffende plaats gebruiken. De vaste marktplaatshouder moet echter wel maandelijks voor deze plaats betalen. Indien dit structureel het geval is, dan ligt het voor de hand om de vaste vergunning aan te passen. Dan is de vrijgekomen marktplaats voor anderen beschikbaar en scheelt dit een extra handeling bij de dagelijkse indelingen. Daarom wordt voorgesteld om ook tussentijds de mogelijkheid te bieden de marktplaats in de vergunning te laten verkleinen. Om strategisch kiezen bij de herindeling te voorkomen (kiezen voor een kleinere marktplaats en deze vervolgens laten vergroten) wordt de mogelijkheid voor verkleinen alleen gegeven na een jaar, gerekend vanaf de laatste herindeling. In de verordening is bepaald dat voor het dagelijks vergroten (of verkleinen) van marktplaatsen door het dagelijks bestuur aangewezen gedeelten van de markt. Deze bepaling dateert uit de tijd dat er vaak veel meer sollicitanten (en lotelingen) waren dan lege plekken. Daar is echter geen sprake meer van op de meeste markten en de meeste marktdagen. Daarom wordt voorgesteld om deze beperking te laten vervallen, waardoor vergroten (en verkleinen) op alle markten elke dag mogelijk wordt op de gehele markt.

Dit is in het belang van het behoud van vaste vergunninghouders en biedt hen flexibiliteit. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 11. Introduceren van een ontheffingsmogelijkheid, waardoor oudere marktondernemers zonder vervanger minder vaak op een (week)markt aanwezig hoeven te zijn Het dagelijks bestuur van Centrum heeft op verzoek van de stadsdeelcommissie het college verzocht de aanwezigheidsplicht op weekmarkten te versoepelen voor oudere vergunninghouders zonder vervanger. Aanleiding was de inspraak van een marktondernemer in een stadsdeelcommissievergadering. In de verordening bestaat wel de mogelijkheid om ontheffing van de aanwezigheidsplicht te bieden op grond van ziekte, maar voor uiterlijk 2 jaar. Dat is echter geen oplossing als sprake is van een chronische beperking. Voorgesteld wordt om een bepaling op te nemen die het mogelijk maakt om aan bepaalde vaste vergunninghouders op weekmarkten een ontheffing te verlenen om minimaal 7 in plaats van 10 van de 13 weken in een kwartaal aanwezig te zijn. In de in de inspraak gebrachte wijzigingsverordening was voorgesteld om dit mogelijk te maken voor vergunninghouders met een leeftijd tussen 58 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd, die geen vervanger hebben aangewezen.

Naar aanleiding van de inspraakreacties wordt voorgesteld om deze mogelijkheid te bieden aan alle vergunninghouders op weekmarkten zonder vervanger, die de leeftijd van 58 jaar hebben bereikt. De reden is dat er veel marktondernemers blijken te zijn zonder pensioen of reserve en die derhalve voor aanvulling op hun AOW aangewezen zijn op inkomsten uit de markthandel. 12. Diverse aanpassingen vanwege onvolkomenheden in de verordening en de toelichting daarop Dit betreft meerdere kleine aanpassingen, die te vinden zijn in de bijlage. Zij hebben geen directe gevolgen voor vergunninghouders. Hiermee wordt de verordening duidelijker en in sommige gevallen ook minder rigide. De inspraakreacties hebben geen aanleiding gegeven om dit voorstel te wijzigen (zie de Nota van beantwoording). 13. Inwerkingtreding per 1 oktober 2022

Gegenereerd: v1.11

10

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

Voorgesteld wordt om de wijzigingsverordening in werking te laten treden op de eerste dag van de maand volgend op publicatie. II Kennis te nemen van de Nota van beantwoording Inspraak wijziging Marktverordening 1. Dat 17 marktondernemers en 4 instellingen van de mogelijkheid tot inspraak gebruik hebben gemaakt Het concept van de wijzigingsverordening Marktverordening heeft ter inzage gelegen van 20 september tot en met 29 oktober 2021. In die periode zijn 20 inspraakreacties ontvangen. Na afloop van deze termijn is nog een reactie binnengekomen, die ook is opgenomen in de Nota van beantwoording. 2. Dat de inspraakreactie van de Centrale Vereniging voor Ambulante Handel aanleiding heeft gegeven tot aanpassing van het onder I.3 vermelde besluit in die zin dat daaraan is toegevoegd dat de maximale vergunningduur voor markten op afstand wordt verlengd van maximaal 7 naar maximaal 10 jaar Sinds de inwerkingtreding van de Marktverordening is er – mede op verzoek van de Centrale Vereniging van Ambulante Handel (CVAH) – discussie geweest over een redelijke looptijd. Dit is uitgemond in een onderzoek van SEO in opdracht van het ministerie van EZK met als aanbeveling om de vergunningen op algemene warenmarkten een looptijd van 9 tot 12 jaar te geven. Dit is aanleiding geweest om de looptijd van vergunningen voor markten op afstand te heroverwegen en nader overleg te voeren met de CVAH.

Voorgesteld wordt om deze vast te stellen op maximaal 10 jaar, overeenkomstig de maximale looptijd van kramenzetvergunningen. De CVAH kan zich hierin vinden. Zie verder onder I.3 en de Nota van beantwoording. 3. Dat diverse inspraakreacties aanleiding hebben gegeven om in het onder I.11 vermelde besluit de ontheffingsmogelijkheid niet te laten eindigen bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd; Diverse insprekers hebben erop gewezen dat veel marktondernemers die van de voorgestelde ontheffingsmogelijkheid gebruik zouden willen maken de AOW-gerechtigde leeftijd reeds hebben bereikt. Zij zijn voor hun aanvulling op de AOW aankelijk van de verdiensten op de markt. Voorgesteld wordt om hieraan tegemoet te komen en deze beperking te laten vervallen. 4. Dat het college in de overige inspraakreacties geen aanleiding ziet om de wijzigingsvoorstellen voor de Marktverordening te herzien. Alle overige inspraakreacties zijn bekeken en zijn in de Nota van Beantwoording voorzien van een reactie van het college. Voorgesteld wordt om hier geen gevolg aan te geven, soms om meer principiële en soms om praktische redenen. Veel van de inspraakreacties kunnen en zullen echter wel worden betrokken bij de op te stellen integrale herziening van de Marktverordening, die zich meer leent voor fundamentele wijzigingen in de regels voor de markten. Financiële onderbouwing Conclusie

De genoemde beslispunten in de voordracht hebben geen financiële consequenties. Geheimhouding

N.v.t.

Gegenereerd: v1.11

11

Gemeenteraad

VN2022-016041 Economische Zaken

RAAD

Voordracht voor de raadsvergadering van 14 september 2022

Welke stukken treft u aan Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2022-079624

1. Concept bekendmaking Wijzigingsverordening Marktverordening_3.2.docx (msw12)

AD2022-078639

2. Tekst Marktverordening_3.2.docx (msw12)

AD2022-078638

3. Nota van Beantwoording Marktverordening geanonimiseerd.docx (msw12)

AD2022-051613

Gemeenteraad Voordracht (pdf)

AD2022-078640

VERTROUWELIJK - 4. Nota van Beantwoording Marktverordening niet geanonimiseerd.docx (msw12)

Registratienr.

Naam

Ter Inzage

Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)

EZC, Douwe Tiemersma, 06 1131 8617, d.tiemersma@amsterdam.nl

Gegenereerd: v1.11

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11750104/1