CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Bijlage 3 Afwegingskader Grondwaterneutrale Kelders Amsterdam dd 20 januari 2021 incl bijlage 3 begrippenlijst

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 29 juni 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van bijgevoegde raadsinformatiebrief inzake het vaststellen van de Beleidsregel Grondwaterneutrale kelders Amsterdam 2022 Nr. VN2022-01595619.520 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

45

Gemeente Amsterdam

door de stadsdelen, die binnen hun gebied uitvoering geven aan de genoemde bevoegdheden, als beleidskader te worden gehanteerd. Ten behoeve van deze directe doorwerking van het beleid is het Afwegingskader conform de Verordening op het lokaal bestuur voor advies voorgelegd aan het dagelijks bestuur van de stadsdelen. Deze hebben de aanpak van de grondwaterproblematiek op hoofdlijnen ondersteund. Op de reacties van de stadsdelen is ingegaan in een separate Nota van Beantwoording. De uit deze adviesronde voortvloeiende aanpassingen van het concept Afwegingskader zijn in de definitieve versie verwerkt.

4.8 Vervolg Doel van dit afwegingskader grondwaterneutrale kelderbouw is om de doelstelling van het college zoals weergegeven op pagina 2 vorm te geven. Het college wil alleen nog “kelders … vergunnen welke grondwaterneutraal zijn. Niet grondwaterneutrale kelders willen wij zo snel mogelijk verbieden”. Om dat te realiseren is het noodzakelijk te beoordelen op welke wijze (met behulp van welke technische maatregelen) die grondwaterneutraliteit vorm kan krijgen, in welke delen van de stad deze maatregelen toegepast moeten worden, in welke delen van de stad geen kelders meer zouden moeten worden toegestaan en op welke wijze de eis van grondwaterneutrale kelders moet worden vastgelegd in de regelgeving zodat de maatregelen ook daadwerkelijk zullen worden toegepast en kunnen worden afgedwongen. Uit dit afwegingskader wordt duidelijk dat de benodigde maatregelen technisch haalbaar zijn. Daarnaast wordt duidelijk dat de noodzaak van de maatregelen sterk verschilt in verschillende delen van de stad. In sommige delen zijn door de bebouwingsstructuur en de samenstelling van de ondergrond geen of nauwelijks maatregelen noodzakelijk. In andere delen zijn bebouwing en (vooral) samenstelling van de ondergrond zodanig, dat elke kelder daar een niet te compenseren barrière op zou werpen voor het grondwater.

En hoewel dat in sommige gebieden op korte termijn geen problemen hoeft op te leveren, dient vanwege de min of meer permanente verandering die een kelder in de ondergrond betekent, rekening te worden gehouden met toekomstige ontwikkelingen zoals klimaatverandering. Daarnaast zijn er delen van de stad waar de bodem zodanig is samengesteld dat elke aanleg van een kelder tot een onaanvaardbaar risico van permanente kwel zal leiden. Tijdens de aanleg kan de deklaag opbarsten door te hoge druk van het grondwater onder die deklaag. Ook kan door de graafwerkzaamheden de deklaag zodanig dun worden dat deze geen garantie op afdekken meer geeft. In beide gevallen komt er zilt water naar boven met blijvende negatieve gevolgen voor oppervlaktewater, groen, biodiversiteit etc. In die gebieden wordt een verbod op particuliere kelders ingesteld. Dat betekent dat de verdeling over de stad van de benodigde maatregelen zoals in dit afwegingskader opgenomen door middel van de genoemde juridische instrumenten dient te worden vastgelegd. Daartoe zal een paraplu bestemmingsplan opgesteld worden dat precies aangeeft in welke delen van de stad kelders worden verboden, in welke delen deze alleen mogen worden aangelegd met aangegeven maatregelen en in welke delen er geen noodzaak is tot het nemen van maatregelen.

46

Gemeente Amsterdam

Uit onderzoek van SAOZ blijkt dat de potentiële planschade onaanvaardbaar hoog is. Er is daarmee geen mogelijkheid kelders per direct te verbieden of per direct aan voorwaarden te binden. Uit ander onderzoek van SAOZ blijkt dat passieve risicoaanvaarding kan worden aangenomen bij een periode van (minimaal) 6 maanden. Om voorzienbaarheid te creëren wordt dus een benuttingsperiode in acht genomen van in ieder geval 6 maanden. Deze periode begint op het moment van publiceren van het Afwegingskader. Dat is op 2 september 2020 gebeurd. Het Ontwerp Paraplubestemmingsplan (OBP) zal dus op zijn vroegst op 5 maart 2021 gepubliceerd kunnen worden. SAOZ adviseert een minimale termijn van 6 maanden benuttingsperiode aan te houden. Hoe langer deze termijn hoe minder risico op planschade. Op het moment van publiceren van het OBP start de voorbescherming: aanvragen voor vergunningen worden aangehouden en die aanhouding kan alleen doorbroken worden indien de aanvraag voldoet aan de eisen in het Parapluplan op het gebied van grondwaterneutraal bouwen. Het Afwegingskader ziet primair op kelders kleiner dan 300 m2; daarvoor voorziet dit beleidskader in mogelijke standaardmaatregelen waarmee de grondwaterneutraliteit kan worden aangetoond.

Voor grotere kelders (denk aan parkeerkelders of grote opslagkelders onder bedrijfsgebouwen) moet de grondwaterneutraliteit worden aangetoond door middel van een geohydrologisch rapport; het gaat hierbij om maatwerk. Zowel grote als kleine kelders zullen in het parapluplan worden mogelijk gemaakt op voorwaarde dat zij grondwaterneutraal kunnen worden gebouwd. In de ‘rode gebieden’, waar het risico op permanente kwel te groot is, worden kelders echter geheel verboden. In het kader van de procedure tot vaststelling van het Afwegingskader is door het college ook besloten het concept hiervan vrij te geven voor inspraak. De inspraakperiode heeft gelopen van 5 september 2020 t/m 17 oktober 2020. In de Nota van Beantwoording Inspraak Afwegingskader Grondwaterneutrale Kelders Amsterdam is weergegeven welke reacties er zijn ontvangen en of en zo ja hoe die tot aanpassing van het Afwegingskader hebben geleid. Standaard onderdeel van de procedure voor het vaststellen van een bestemmingsplan is het geven van de mogelijkheid tot inspraak. In de planning voor opstelling van het Ontwerp BP is de wettelijk verplichte inspraak (UOV) uiteraard opgenomen. Het opstellen van een bestemmingsplan betekent dat vastgelegd wordt wat qua grondgebruik wel en niet is toegestaan in Amsterdam, in dit geval op het gebied van realiseren van ondergrondse bouwwerken.

Om er voor te zorgen dat die eisen ook worden nageleefd is een goede samenwerking met de afdelingen Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) van de stadsdelen van belang, alsmede met de in sommige gevallen ook betrokken Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. Met de VTH keten wordt onderzocht wat een reële benodigde inzet is voor vergunningverlening en toezicht en handhaving voor grondwaterneutrale kelders. De benodigde extra middelen, zowel op het gebied van kennis en expertise als capaciteit, zullen beschikbaar moeten zijn voordat dit beleid geïmplementeerd kan worden.

Bijlagen:  

47

SAOZ, Risicoanalyse Planschade, 20200228, d.d. 12 oktober 2020 SAOZ, Strategisch Advies (Plan)schade, 20200228, d.d. 12 oktober 2020

Gemeente Amsterdam

  

48

Begrippenlijst Afwegingskader Kaart Afwegingskader Lijst met maatregelen per buurt

Begrippenlijst Hieronder wordt in alfabetische volgorde een aantal technische begrippen genoemd en kort toegelicht. De begrippen gaan over de grondwaterstroming of de bouwkunde.

Begrip

Toelichting

Cannelures

Bij toepassing van damwanden is dit de ruimte tussen de damwand en de bouwmuur

Damwand

Een grond- en waterkerende en eventueel dragende constructie, die bestaat uit een verticaal in de grond geplaatste wand.

Deklaag (holoceen)

Slecht doorlatende of weerstandsbiedende bodemlaag direct onder de ophooglaag, bestaande uit klei, veen, leem en/of zeer fijn zand. De bodemlaag is ontstaan in de afgelopen circa 10.000 jaar (het holoceen).

Doorlaatfactor

Een maat voor het vermogen van grond om water door te laten

(doorlaatcoëfficiënt, doorlatendheid)

(k-waarde in m/dag)

Doorlaatvermogen

Maat voor het vermogen van een watervoerend pakket om water door te laten, genomen over de dikte D van het gehele pakket (kD-waarde in m²/dag)

Drainage

De afvoer van grondwater door de grond naar het waterlopenstelsel

Drainagebuis

Ondergrondse buis om grondwater te verzamelen en af te voeren

Drainagezand

Grof zand met een hoge doorlatendheid

Drooglegging

Hoogteverschil tussen het maaiveld en het oppervlaktewaterpeil

Eerste zandlaag

Watervoerende laag direct onder de deklaag

Evapotranspiratie

Verdamping vanuit bodem, water, verharde oppervlakken en beplantingen naar de atmosfeer

Freatisch pakket

Bovenste watervoerende bodemlaag, die in direct contact met de atmosferische druk staat

Geohydrologie

Leer van de grondwaterstroming

Geotextiel

Kunststof doek, dat waterdoorlatend is, maar vaste (slib/grond) deeltjes tegen houdt

Grondwater

Al het water dat zich onder het bodemoppervlak in de verzadigde zone bevindt

Holoceen

Zie deklaag.

Infiltratie

Het in de bodem brengen van water, als aanvulling van het grondwater.

Intreeweerstand/uittreeweerstand

De weerstand die ontstaat als grondwater een materiaal met andere afmetingen of eigenschappen (zoals een leiding) intreedt/uittreedt

Inzijging

Continu optredende verticale grondwaterstroming naar beneden gericht, vanuit het freatisch pakket naar het diepere grondwater

Koekoek

Uitsparing in gebouw naar buiten toe, die zorgt voor lichtinval en/of ventilatie naar de kelder

Kwel

Betekenis in dit onderzoek: continu optredende verticale grondwaterstroming naar boven gericht, vanuit het diepere

grondwater naar het freatisch pakket. Maaiveldzetting

Bodemdaling als gevolg van inklinking, krimp of door het aanbrengen van een bovenbelasting

Ontwateringsdiepte (ontwatering)

Afstand tussen maaiveld en freatische grondwaterstand

Opbarsten

Het openbarsten van de deklaag en/of scheidende laag door een hoge grondwaterdruk vanuit de eronder gelegen bodemlagen.

Ophooglaag

Door mensen aangebrachte grondlaag, als onderdeel van het bouwrijp maken om een gebied te ontwikkelen en/of bebouwen

Oppervlaktewater

Het grondoppervlak bedekt met water; het water in onder meer rivieren, sloten, kanalen, meren

Opstuwing (van grondwater)

Stijging (van grondwater)

Polderriool

Een drainerende voorziening in de openbare ruimte of binnentuinen.

Scheidende laag

Slecht doorlatende of weerstandsbiedende bodemlaag, bestaande uit klei, veen, leem en/of zeer fijn zand

Stijghoogte

Grondwaterstand ten opzichte van een bepaald referentieniveau, veelal NAP

Verticale weerstand

De weerstand die een bodemlaag biedt tegen verticale grondwaterstroming (c-waarde in dagen)

Watervoerend pakket (watervoerende laag)

Goed doorlatende bodemlaag, bestaande uit zand en/of grind

Welvorming

Een lokaal sterk verhoogde, continue kwelstroming

In Figuur 1 is een aantal begrippen over de grondwaterstroming weergegeven.

evapotrans piratie

neerslag

ontwateringsdiepte

maaiveld (Freatisch) grondwaterpeil kwel

inzijging

drooglegging

infiltratie Kruipruimte

onverzadigde zone verzadigde zone

Slecht doorlatende laag

Watervoerende laag

Figuur 1 toelichting begrippen grondwaterstroming

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11605453/1