5. Bijlage 14 Adviesgroep AVIV BV, Externe veiligheid A10-Zuid Fred. Roeskestraat 55 8 december 2022.pdf
Tekst van het document
Adviesgroep AVIV BV Piet Heinstraat 12 7511 JE Enschede
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Project Datum
225127 8 december 2022
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Project
225127
Datum
8 december 2022
Auteurs
Martine Ottink Arjen Schulenberg
Versie nr.
1
Opdrachtgever
Rijksvastgoedbedrijf Postbus 16169 2500 BD Den Haag
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Inhoudsopgave 1 Inleiding ______________________________________________________ 4 2 Normstelling externe veiligheid ___________________________________ 5 2.1 Risicobenadering ____________________________________________ 5 2.2 Besluit externe veiligheid transportroutes _________________________ 5 3 Uitgangspunten risicoberekening _________________________________ 9 3.1 Ligging plangebied __________________________________________ 9 3.2 RBM II ____________________________________________________ 9 4 Resultaten ___________________________________________________ 12 4.1 Plaatsgebonden risico _______________________________________ 12 4.2 Groepsrisico_______________________________________________ 12 4.3 Plasbrandaandachtsgebied ___________________________________ 14 5 Conclusies ___________________________________________________ 15 5.1 Plaatsgebonden risico _______________________________________ 15 5.2 Groepsrisico_______________________________________________ 15 5.3 Plasbrandaandachtsgebied ___________________________________ 15 Referenties _____________________________________________________ 16 Bijlage 1. Gegevens bebouwing ____________________________________ 17
3
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
1 Inleiding Men is voornemens om op het perceel naast het deels monumentale rechtbankgebouw op de hoek van de Parnassusweg en de Fred. Roeskestraat in Amsterdam een gebouw te realiseren met een programma van wonen en kantoren. Het gaat om kavels C2 en C3 waar het Parnascomplex gerealiseerd gaat worden. Ten behoeve van deze herontwikkeling dient een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden. De locatie ligt gedeeltelijk binnen 200 m van de noordelijke rijstrook van de A10-Zuid waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Voor een goede ruimtelijke onderbouwing is inzicht in de externe veiligheidsrisico’s nodig. In deze rapportage worden de resultaten van de risicoberekeningen gepresenteerd.
4
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
2 Normstelling externe veiligheid 2.1
Risicobenadering Het risico voor personen die verblijven in de omgeving van activiteiten met gevaarlijke stoffen wordt gevat onder het begrip externe veiligheid (EV). De risicobenadering externe veiligheid kent twee begrippen om het risiconiveau voor dergelijke activiteiten in relatie tot de omgeving aan te geven. Deze begrippen zijn het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Met het PR wordt de aan te houden afstand geëvalueerd tussen de activiteit en kwetsbare functies in de omgeving. Of een functie kwetsbaar of beperkt kwetsbaar is, is te vinden in het Besluit externe veiligheid Inrichtingen (Bevi) [1]. Voorbeelden van kwetsbare objecten zijn woningen, scholen, ziekenhuizen en grote kantoorgebouwen. Beperkt kwetsbare objecten zijn onder andere verspreid liggende woningen, sporthallen en bedrijfsgebouwen. De volledige Bevi-lijst is opgenomen in bijlage 4 van dit rapport. Met het GR wordt geëvalueerd of als gevolg van een ongeval een groot aantal slachtoffers kan vallen, doordat een grote groep personen blootgesteld wordt.
2.2
Besluit externe veiligheid transportroutes Het transport van gevaarlijke stoffen brengt risico’s met zich mee door de mogelijkheid dat bij een ongeval gevaarlijke stoffen kunnen vrijkomen. Voor het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het binnenwater is een risiconormering vastgesteld. In het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) zijn de regels opgenomen voor de ruimtelijke ordening [2]. Voor infrabesluiten zijn de regels vastgelegd in de Beleidsregels EV-beoordeling Tracébesluiten (de Beleidsregels) [3]. Op 1 april 2015 is het Basisnet volledig in werking getreden. Het basisnet bestaat uit een aangewezen aantal routes (wegen, spoorwegen en vaarwegen) waarop het mogelijk moet zijn en blijven om gevaarlijke stoffen te vervoeren. Het doel van het Basisnet is het vastleggen en waarborgen van een duurzame balans tussen het vervoer van gevaarlijke stoffen, de ruimtelijke omgeving en de veiligheid van mensen die wonen en werken langs de route. Het Basisnet stelt grenzen aan het risico vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over wegen, vaarwegen en spoorlijnen alsmede aan ruimtelijke ontwikkelingen langs die wegen, vaarwegen en spoorlijnen. Voor elke weg, spoorlijn en vaarweg die deel uitmaakt van het Basisnet, is vastgesteld hoeveel risico het vervoer van gevaarlijke stoffen over die weg, spoorlijn of vaarweg maximaal mag veroorzaken.
De basisnetroutes en deze zogenoemde “risicoplafonds” zijn vastgelegd in de regeling basisnet [4].
5
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
2.2.1
Plaatsgebonden risico Het PR is de kans per jaar dat een persoon, die zich continu en onbeschermd op een bepaalde plaats in de omgeving van een transportroute bevindt, overlijdt door een ongeval met het transport van gevaarlijke stoffen op die route. Plaatsen met een gelijk risico kunnen door zogenaamde risicocontouren op een kaart worden weergegeven. Het PR leent zich daarmee goed voor het vaststellen van een veiligheidszone tussen een route en kwetsbare bestemmingen zoals woonwijken. In tabel 2 wordt weergegeven welke normen voor het plaatsgebonden risico van toepassing zijn.
Type object
Omgevingsbesluit
Kwetsbare objecten
Grenswaarde PR 10-6
Beperkt kwetsbare objecten
Richtwaarde PR 10-6
Tabel 1.
Normen plaatsgebonden risico
De grenswaarde moet te allen tijde in acht worden genomen, het bevoegd gezag mag niet van de grenswaarde afwijken. Voor de richtwaarde geldt dat uitsluitend in geval van zwaarwegende belangen (zoals economische) daarvan mag worden afgeweken. Voor ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van basisnetroutes dienen de afstanden rechtstreeks getoetst te worden aan de risicoplafonds zoals die zijn vastgesteld in de Regeling Basisnet [4]. Voor ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van andere dan de basisnetroutes dienen de afstanden getoetst te worden aan de berekende 10 -6 contour van het plaatsgebonden risico. In veel gevallen is een risicoberekening niet nodig en kan worden volstaan met het toepassen van de vuistregels uit de Handleiding Risicoanalyse Transport (Hart) [5].
2.2.2
Groepsrisico Het groepsrisico geeft aan wat de kans is op een ongeval met tien of meer dodelijke slachtoffers in de omgeving van de beschouwde activiteit, kortom de kans op een ramp. Het aantal personen dat in de omgeving van de route verblijft, bepaalt mede de hoogte van het GR. Het GR wordt weergegeven in een zogenaamde fN-curve, op de verticale as staat de cumulatieve kans per jaar f op een ongeval met N of meer slachtoffers en op de horizontale as het aantal slachtoffers. Figuur 1 geeft een voorbeeld. Het groepsrisico wordt bepaald per kilometer route en vergeleken met de oriëntatiewaarde. Deze waarde helpt het bevoegd gezag bij de afweging of de kans op een ramp opweegt tegen het maatschappelijk voordeel van het voorgenomen besluit. Het begrip oriëntatiewaarde houdt in dat het bevoegd gezag gemotiveerd kan besluiten een hogere kans op een ramp te accepteren.
6
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Oriëntatiewaarde
Figuur 1.
Voorbeeld groepsrisico transportroute
Indien een plangebied ligt binnen het invloedsgebied van een transportroute waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd, wordt in de toelichting bij het bestemmingsplan en in de ruimtelijke onderbouwing van de omgevingsvergunning in elk geval ingegaan op:
De mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp op die transportroute, en Voor zover dat plan of die vergunning betrekking heeft op nog niet aanwezige kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten: de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen indien zich op die transportroute een ramp voordoet.
Als het groepsrisico door een bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk gelegen is binnen 200 m van een transportroute meer dan 10% toeneemt ten opzichte van de bestaande situatie en groter is dan 10% van de oriëntatiewaarde dient het groepsrisico te worden verantwoord. Dit wordt ook wel aangeduid als de verantwoordingsplicht groepsrisico. In de motivering bij het betrokken besluit moeten ten minste de volgende gegevens worden opgenomen:
1°. de dichtheid van personen in het invloedsgebied van de transportroute op het tijdstip waarop het plan of besluit wordt vastgesteld, rekening houdend met de in dat gebied reeds aanwezige personen en de personen die in dat gebied op grond van het geldende bestemmingsplan of de geldende bestemmingsplannen of een omgevingsvergunning redelijkerwijs te verwachten zijn, en 2°. de als gevolg van het bestemmingsplan of de omgevingsvergunning redelijkerwijs te verwachten verandering van de dichtheid van personen in het gebied waarop dat plan of die vergunning betrekking heeft;
7
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
het groepsrisico op het tijdstip waarop het plan of de vergunning wordt vastgesteld en de bijdrage van de in dat plan of besluit toegelaten kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten aan de hoogte van het groepsrisico, vergeleken met de oriëntatiewaarde; de maatregelen ter beperking van het groepsrisico die bij de voorbereiding van het plan of de vergunning zijn overwogen en de in dat plan of die vergunning opgenomen maatregelen, waaronder de stedenbouwkundige opzet en voorzieningen met betrekking tot de inrichting van de openbare ruimte, en de mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen met een lager groepsrisico en de vooren nadelen daarvan.
8
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
3 Uitgangspunten risicoberekening 3.1
Ligging plangebied Figuur 2 toont het plangebied ten noorden van de A10-Zuid ter hoogte van kilometer 19.4.
Figuur 2.
3.2
Plangebied
RBM II Het risico van het transport wordt berekend met RBM II versie 2.3 [6]. De berekening wordt uitgevoerd conform de Handleiding risicoanalyse transport [5]. Voor de berekening zijn de volgende gegevens nodig: De transportintensiteit van gevaarlijke stoffen. De uitstromingsfrequentie, de kans per voertuigkilometer dat een tankauto met gevaarlijke stoffen betrokken raakt bij een ongeval zodanig dat er uitstroming van de stof optreedt. Het aantal personen dat langs de route blootgesteld wordt aan de gevolgen van een ongeval. De bevolkingsdichtheden worden aangegeven in veelhoeken langs de route met een uniforme dichtheid per veelhoek. De meteorologische condities: hiervoor is weerstation Schiphol gebruikt.
9
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
3.2.1
Transportintensiteit Voor de transportintensiteit is uitgegaan van de GF3-plafonds (brandbare gassen zoals LPG) zoals voorgeschreven en opgenomen in de regeling Basisnet [4]. Het betreft hier wegvak N12. Standaard wordt aangenomen dat 61% van het transport overdag plaatsvindt tussen 8:00 en 18:30 uur en alleen gedurende de werkweek. Omdat de beide weghelften meer dan 25 m uit elkaar liggen worden zij afzonderlijk gemodelleerd en worden de transporten gelijk verdeeld over de noordelijke en zuidelijke rijbaan. Het aantal transporten wordt getoond in tabel 2.
Omschrijving
Aantal GF3/jaar
Totaal wegvak N12
3912
Noordelijke rijbaan
1956
Zuidelijke rijbaan
1956
Tabel 2.
Aantal vervoershoeveelheden GF3 per jaar voor berekening van het groepsrisico
In aanvulling op de berekening van het groepsrisico met de vervoershoeveelheden conform de regeling Basisnet is een gevoeligheidsanalyse uitgevoerd waarbij voor de toekomstige situatie rekening is gehouden met de ontwikkelingen rond Zuidasdok, de gedeeltelijke ondertunneling van de A10-Zuid. Daarbij is uitgegaan van tunnelcategorie C in 2030, wat betekent dat transport van brandbaar gas hierdoor niet is toegestaan (geen GF3-transport in 2030). Dit verbod geldt eveneens voor een deel van de toxische vloeistoffen (LT2 en LT3). De bijbehorende jaarintensiteiten zijn afkomstig uit het document ‘Toedeling vervoer gevaarlijke stoffen op A10 Zuidas ten behoeve van planstudie’ dat door RWS WVL (Rijkswaterstaat, Water, Verkeer en Leefomgeving) is opgeleverd [13]. Tabel 3 toont deze transportintensiteiten. In de berekeningen zijn de transporten gelijk verdeeld over de noordelijke en zuidelijke rijbaan.
Stofcategorie GF3: Brandbaar gas
Aantal/jaar --
LF1: Brandbare vloeistof
4178
LF2: Brandbare vloeistof
10029
LT2: Toxische vloeistof
40
LT3: Toxische vloeistof
13
Tabel 3.
Transportintensiteit per jaar na opening Zuidasdok [13]
10
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
3.2.2
Trajecteigenschappen Voor de breedte van de rijbanen is 13 m gehanteerd. Omdat de beide rijbanen meer dan 25 m uit elkaar liggen, is de volgende werkwijze toegepast [5]: Allereerst is het groepsrisico van de totale route en de ligging van de kilometer met het hoogste groepsrisico bepaald door de risico’s van de beide trajecten te berekenen. Vervolgens zijn alléén de trajectdelen waarop de kilometer met het hoogste groepsrisico ligt gemodelleerd en is het groepsrisico nogmaals berekend. Het totale groepsrisico dat nu berekend wordt, is gelijk aan het groepsrisico van de kilometer met het hoogste groepsrisico. Dit wordt schematisch toegelicht in figuur 3.
km hoogste GR
1. Bepaling ligging km hoogste GR
Figuur 3.
3.2.3
2. Berekening totale GR beide trajectdelen
Werkwijze groepsrisicoberekening gescheiden rijbanen
Bebouwing De bebouwing en de hiermee gepaard gaande aanwezigheid van personen langs de A10Zuid voor de referentiesituatie zijn door de dienst Ruimte en Duurzaamheid (dRD, voorheen dienst Ruimtelijke Ordening) van de gemeente Amsterdam in kaart gebracht. Informatie over de invulling van het plangebied is afkomstig van de opdrachtgever [7]. In aanvulling daarop is de BAG-populatieservice geraadpleegd [8]. De daarbij gehanteerde werkwijze en gegevens zijn opgenomen in bijlage 1. In de groepsrisicoberekeningen wordt zowel in de huidige als de toekomstige situatie de (toekomstige) invulling van het naastgelegen perceel MCA meegenomen. De invulling van dit perceel en de invloed daarvan op de hoogte van het groepsrisico staan beschreven in ‘Externe veiligheid A10-Zuid / MCA Amsterdam’ met projectnummer P214558 [12].
11
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
4 Resultaten 4.1
Plaatsgebonden risico In bijlage 1 van de regeling Basisnet zijn voor wegen behorende tot het Basisnet afstanden vastgelegd voor de zogeheten veiligheidszone (de 10-6 plaatsgebonden risicocontour). Voor wegvak N12 is de afstand ‘0’ vermeld. Dit betekent dat het plaatsgebonden risico vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen op het midden van de weg niet meer bedraagt dan 10-6 per jaar. Het plaatsgebonden risico vormt daarom geen belemmering voor de realisatie van de planontwikkeling.
4.2
Groepsrisico Figuur 4 toont het groepsrisico van de kilometer met het hoogste groepsrisico. De groepsrisicocurven van de huidige en toekomstige situatie liggen nagenoeg over elkaar heen. Daaruit volgt dat de realisatie van de voorgenomen ontwikkeling niet van invloed is op het groepsrisico.
Figuur 4.
Groepsrisico A10-Zuid, huidige en toekomstige situatie Oriëntatiewaarde Huidige bebouwing Toekomstige bebouwing
Tabel 4 vat de resultaten samen wat betreft de afstand van de fN-curve tot de oriëntatiewaarde voor het kilometervak met het hoogste groepsrisico. De mate van
12
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
overschrijding van het groepsrisico wordt uitgedrukt als de maximale factor tussen de berekende fN-curve en de oriëntatiewaarde fN2 = 10-2 voor meer dan 10 slachtoffers. Een factor 20.1 betekent bijvoorbeeld dat de berekende frequentie van de fN-curve maximaal meer dan 20 keer de waarde van de oriëntatiewaarde is (bij een bepaald aantal slachtoffers).
Bebouwing
Factor tov OW
Huidig
20.3
Toekomstig
20.3
Tabel 4.
Groepsrisico als factor ten opzichte van de oriëntatiewaarde (OW)
Figuur 5 vat het berekeningsresultaat op een andere wijze samen. In de figuur is het gedeelte van het traject dat het kilometervak met het maximale groepsrisico omvat, weergegeven met blauwe cirkels. Geel gemarkeerd zijn de ongevalspunten die de grootste bijdrage leveren aan het groepsrisico.
Figuur 5.
Ligging kilometer hoogste groepsrisico Kilometervak met het hoogste groepsrisico en GR groter dan de oriëntatiewaarde Ongevalspunt met de grootste bijdrage aan het groepsrisico Overige deel van het traject met een GR groter dan de oriëntatiewaarde
Omdat het groepsrisico groter is dan de oriëntatiewaarde, is conform art 8 van het Bevt een verantwoording ban het groepsrisico vereist [2]. Na realisatie van het project Zuidasdok waarbij een deel van de A10 als categorie C-tunnel wordt uitgevoerd, neemt het groepsrisico af tot 0.02 keer de oriëntatiewaarde. Dit komt enerzijds doordat er in deze situatie geen transport van GF3 plaatsvindt over de A10-Zuid en anderzijds door de afschermende werking van de tunnel. Figuur 6 toont het groepsrisico.
13
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Figuur 6.
Hoogste groepsrisico per kilometer A10-Zuid na realisatie Zuidasdok Oriëntatiewaarde Toekomstige bebouwing en Zuidasdok
4.3
Plasbrandaandachtsgebied In het Bevt en in het eindrapport basisnet weg is voor rijksinfrastructuur het plasbrandaandachtsgebied (PAG) geïntroduceerd. Het PAG is het gebied tot 30 m van de weg waarin, bij de realisering van (kwetsbare) objecten, rekening dient te worden gehouden met de effecten van een plasbrand. De 30 m voor het PAG wordt gemeten vanaf de rechterrand van de rechterrijstrook. In de Regeling basisnet is voor de A10-Zuid een PAG voorgeschreven [3]. Het plangebied ligt op ca. 145 m ten noorden van de A10-Zuid en daarmee buiten het PAG.
14
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
5 Conclusies 5.1
Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico vormt geen belemmering voor de planontwikkeling.
5.2
Groepsrisico In de huidige situatie wordt de oriëntatiewaarde van het groepsrisico overschreden met een factor 20.3. Door realisatie van het plan wijzigt het groepsrisico niet. Voor het groepsrisico is in de regelgeving een verantwoordingsplicht voorgeschreven. Omdat het groepsrisico groter is dan de oriëntatiewaarde, is een verantwoording groepsrisico vereist. Na aanleg van Zuidasdok neemt het groepsrisico af tot 50 keer kleiner dan de oriëntatiewaarde.
5.3
Plasbrandaandachtsgebied Het plasbrandaandachtsgebied vormt geen belemmering voor de planontwikkeling.
15
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Referenties 1.
Ministerie VROM
2004
Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Stb. 2004, 250
2.
Ministerie I&M
2014
Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) Stb. 2013, 465
3.
Ministerie I&M
2015
Beleidsregels EV-beoordeling Tracébesluiten Stct. 2014, 25839
4.
Ministerie I&M
2014
Regeling Basisnet Stct. 2014, 8242
5.
Ministerie I&M
2017
Handleiding risicoanalyse transport, versie 1.2
6.
Ministerie I&M
2014
RBM II versie 2.3
7.
Gemeente Amsterdam en Rijksvastgoedbedrijf
2021
Nota van uitgangspunten kavels C2 en C3, het Parnascomplex. ‘20210629 C AMS Parnas NvUgecomprimeerd.pfd’
8.
IOV
2021
BAG-Populatieservice, versie 2022-01 http://populatieservice.ev-signaleringskaart.nl/
9.
AVIV
2020
Externe veiligheid A10-Zuid / Actualisatie bestemmingsplan Ravel. Rapportnr. 204131
10.
RWS
2019
Jaarintensiteiten VGS op de weg. Lijst wegvakken data tellingen & basisnet (2019 06)
11.
RWS
2016
Prognose Basisnet weg en water, 22 januari 2016
12.
AVIV
2021
Externe veiligheid A10-Zuid / MCA Amsterdam, 20 juli 2021. Rapportnummer 214558
13.
RWS WVL
2014
Toedeling vervoer gevaarlijke stoffen op A10 Zuidas ten behoeve van planstudie, 2 april 2014
16
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Bijlage 1. Gegevens bebouwing Door dRD zijn de bebouwingsgebieden binnen een strook van 500 m aan weerszijden van de A10-Zuid geïnventariseerd. Van deze gebieden zijn vervolgens gegevens verzameld betreffende het aantal bewoners, arbeidsplaatsen, bedden, bezoekers, leerlingen en reizigers. Deze gegevens zijn tot stand gekomen door gebruik te maken van kengetallen. Zo gaat dRD bijvoorbeeld uit van 2.2 personen per woning. De woning zelf beslaat gemiddeld 100 m2 bvo (bruto vloeroppervlak). Voor de functie onderwijs wordt uitgegaan van 1 student per 10 m2 bvo en 1 werkzaam persoon per 10 studenten. Voor de huidige situatie zijn de toekomstige bebouwingsgebieden uit de studie naar bestemmingsplan Ravel uit 2020 gehanteerd [9]. Voor de RAI zijn naast de standaard aanwezigheid van werknemers de bezoekers verdeeld over week- en weekendevenementen in vlak K090/091, met de volgende kenmerken: 200 evenementen met een continue aanwezigheid van 5.000 personen op doordeweekse dagen met een duur van 8 uur overdag en 4 uur ’s nachts. 25 evenementen met een continue aanwezigheid van 25.000 personen in het weekend met een duur van 8 uur overdag en 4 uur ’s nachts. Tabel 5 toont het aantal personen in de dag- en nachtsituatie binnen het invloedsgebied van 355 m rond het te beschouwen deel van de A10-Zuid.
Het gebied dat wijzigt door realisatie van Het Parnascomplex is daarin gearceerd weergegeven. ID
Dag
Nacht
Toelichting
DV1
3530
260
Deloitte en VUMC 2010
DV4
313
14
Deloitte en VUMC 2010
FR01
1668
101
Fred Roeskestraat 2013
FR02
653
234
Fred Roeskestraat 2013
FR03
674
235
Fred Roeskestraat 2013
FR04
38
4
Fred Roeskestraat 2013
FR05
143
8
Fred Roeskestraat 2013
FR06
76
6
Fred Roeskestraat 2013
FR07
112
6
Fred Roeskestraat 2013
FR08
644
31
Fred Roeskestraat 2013
FR09
378
24
Fred Roeskestraat 2013
FR10
1156
7
Fred Roeskestraat 2013
FR11
188
1
Fred Roeskestraat 2013
FR12
14
0
Fred Roeskestraat 2013
FR13
0
0
Fred Roeskestraat 2013
M_01
1253
63
Mahler 2013
M_02
558
28
Mahler 2013
M_03
1102
54
Mahler 2013
M_04
1568
81
Mahler 2013
M_05
499
853
Mahler 2013
M_06
2795
138
Mahler 2013
17
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
ID
Dag
Nacht
Toelichting
M_07
66
2
Mahler 2013
K01
1013
6
Beethoven 2011
K03
743
37
Beethoven 2011
K05
747
36
Beethoven 2011
K01
1617
1605
Gershwin
K02
4204
910
Gershwin
K02T
24
44
RAI 2013
K090
2469
125
RAI 2013
K091
1831
3
RAI 2013
S1
25
5
S1
S2
25
5
S2
K015
497
24
VUmc&KennisKwartier_2010
K024
1789
87
VUmc&KennisKwartier_2010
K033
47
67
VUmc&KennisKwartier_2010
K037
1751
13
VUmc&KennisKwartier_2010
K135
2636
261
VUmc&KennisKwartier_2010
K145
593
50
VUmc&KennisKwartier_2010
K146
56
5
VUmc&KennisKwartier_2010
K147
2250
1310
VUmc&KennisKwartier_2010
K002
0
0
Zuidas_2006
K003
1
2
Zuidas_2006
K005
0
0
Zuidas_2006
K007
9
8
Zuidas_2006
K009
2
4
Zuidas_2006
K011
0
0
Zuidas_2006
K013
0
0
Zuidas_2006
K016
72
123
Zuidas_2006
K018
110
182
Zuidas_2006
K020
8
0
Zuidas_2006
K021
9
0
Zuidas_2006
K022
0
0
Zuidas_2006
K025
37
12
Zuidas_2006
K026
491
24
Zuidas_2006
K027
30
7
Zuidas_2006
K028
3
6
Zuidas_2006
K029
525
27
Zuidas_2006
K030
0
0
Zuidas_2006
K032
262
16
Zuidas_2006
K034
437
15
Zuidas_2006
K038
401
128
Zuidas_2006
K036
7
0
Zuidas_2006
K039
8
0
Zuidas_2006
K041
7
3
Zuidas_2006
K050
53
6
Zuidas_2006
K061
247
155
Zuidas_2006
K064
70
75
Zuidas_2006
18
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
ID
Dag
Nacht
Toelichting
K065
206
340
Zuidas_2006
K066
235
315
Zuidas_2006
K069
1863
392
Atrium
K070
0
0
K073
4899
606
Kavel CRI en WTC
K074
525
58
Zuidas_2006
K075
27
13
Zuidas_2006
K078
2743
135
Zuidas_2006
K086
60
101
Zuidas_2006
K132
65
3
Zuidas_2006
K167
1
2
Zuidas_2006
KZ1
4300
0
Kenniskwartier Zuid
KZ2
1800
0
Kenniskwartier Zuid
P01a
205
10
MCA 2021 [12]
P01b
201
36
MCA 2021 [12]
299
299
Evenementen [12]
P02
2244
102
Parnas
P03
222
10
Parnas
P04
66
3
Parnas
P05
0
0
Parnas
P06
0
0
Parnas
R01
1461
1435
Ravel 2020
R02
127
127
Ravel 2020
R03
3004
2456
Ravel 2020 zuidstrook
Zuidas_2006
R06
10
4
Ravel 2016
V01
1248
102
Vivaldi 2016
V04
262
484
Vivaldi 2019
V06
1538
75
Vivaldi 2016
V07
1281
63
Vivaldi 2016
V11
1235
60
Vivaldi 2016
V12
1956
89
Vivaldi 2016
V13
1558
66
Vivaldi 2019
V15
1061
48
Vivaldi 2019
V16
34
2
Vivaldi 2019
K01
21
6
Beethoven 2e fase
K02
259
517
Beethoven 2e fase
K04
259
517
Beethoven 2e fase
K067a
132
264
Strawinsky noordzijde 2017
K067b
563
23
Strawinsky noordzijde 2017
K068a
253
506
Strawinsky noordzijde 2017
K068b
480
22
Strawinsky noordzijde 2017
KK1
5641
3038
Kenniskwartier Noord 2017
KK3
1628
272
Kenniskwartier Noord 2017
KK4
812
36
Kenniskwartier Noord 2017
Tabel 5.
Gegevens A10-Zuid huidige situatie
19
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
De ligging van de gebieden wordt getoond in figuur 7.
Figuur 7.
Bebouwingsgebieden
20
Externe veiligheid A10-Zuid / Fred. Roeskestraat 55 (Parnascomplex) in Amsterdam
Het plangebied ligt in het bestaande gemodelleerde bevolkingsvlak P01a. Figuur 8 toont een impressie van de voorgenomen planontwikkeling. Het maximale programma voor het Parnascomplex bedraagt 11025 m2 bvo (bruto vloeroppervlak) bovengronds bedraagt waarvan: 6475 m2 bvo kantoren, 4550 m2 bvo wonen [7].
Figuur 8.
Impressie van het Parnascomplex
De precieze invulling van het aantal woningen is op dit moment nog niet bekend. De opdrachtgever heeft aangegeven zoveel mogelijk ruimte in het programma te willen houden (worstcase scenario) en daarom wordt uitgegaan van 60 m 2 bvo per woning met 2.2 personen per woning. Dat betekent in totaal 76 woningen met 167 personen waarvan 50% overdag aanwezig en 100% ’s nachts. Voor kantoren wordt door de dRD gerekend met 22.5 m2 bvo per persoon. Dit levert 288 personen. Aangenomen wordt deze personen alleen overdag aanwezig zijn. Tabel 6 toont het aantal personen in het plangebied.
Plangebied
bvo [m2]
Aantal personen Dag
Nacht
Huidig
P01a [12]
nvt
205
10
Toekomstig
Kantoren
6475
288
0
Tabel 6.
Woningen (60 m2 bvo per woning)
4550
84
167
Totaal
11025
372
167
Aantal personen in plangebied
21