CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Advies stadsdelen en belangenorganisaties.pdf

Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie 11 april 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief inzake de Uitbreidingsopgave Amsterdams elektriciteitsnet en het Ontwikkelperspectief Distributienet (VN2024-003379)23.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Leeswijzer 2. Stadsdeel Centrum 6. Stadsdeel Nieuw-West 10. Stadsdeel Noord 14. Stadsdeel Oost 19. Stadsdeel Weesp 24. Stadsdeel West 28. Stadsdeel Zuid 39. Stadsdeel Zuid-Oost 47. Reacties belangenorganisaties

Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam

Ruimtelijke Ordening, Openbare ruimte Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 16 mei 2023 Datum adviesaanvraag: 30 mei 2023 Deadline ontvangst advies: 11 juli 2023 Advies mailen naar: u.acilek@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam, met brief als bijlage Heeft er consultatie vooraf Het concept Ontwikkelperspectief is opgesteld samen met netbeheerder Liander. Tijdens plaatsgevonden? het BOSS op 28 september is de opgave en de voorgestelde aanpak voor het distributienet met de stadsdelen gedeeld. In diezelfde periode zijn er gesprekken geweest met de programmamanagers openbare ruimte over de voorgestelde aanpak en de opgave op het distributienet. Portefeuille: Directie:

Invullen door stadsdeel: Centrum Trees Tiesinga 4 juli 2023 Datum stadsdeelcommissie: T.k. stadsdeelcommissie Datum dagelijks bestuur: N.v.t. Registratienr. (optioneel): N.v.t. Stadsdeel:

Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:

Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en -

bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.

DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)

Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur

We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam te voorzien van advies namens uw stadsdeel. Concreet vragen wij advies op de verbetervoorstellen en welke aanscherping of toevoegingen er nodig zijn. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de

Pagina 1 van 4

… … … … … … … … …

komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Eerder heeft u advies gegeven op het Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is het richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van het hoogspanningsnet in Amsterdam Het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam dat voor u ligt richt zich op de uitbreiding van het laag- en middenspanningsnet van de stad –het distributienet. Het Ontwikkelperspectief schetst de opgave op het distributienet tot 2050, en beschrijft hoe Liander en de gemeente hier samen in op gaan trekken. De opgave is zowel ruimtelijk als organisatorisch. Binnen de huidige manier van samenwerking kunnen de benodigde aantallen niet tijdig worden gerealiseerd. Aan de hand van verbeter voortellen wordt ingezet op verbeterde en versnelde inpassing van middenspanningsruimtes en bijbehorende kabels. Welke grote ontwikkelingen spelen er in het stadsdeel die van invloed kunnen zijn op de uitbreiding van het distributienet? (Hoofdstuk 2.6) Welke adviezen willen het stadsdeel meegeven in relatie tot de verbetervoorstellen uit het Ontwikkelperspectief (Hoofdstuk 3)

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Het dagelijks bestuur onderschrijft het belang en de noodzaak van het uitbreiden van het stroomnet. Het dagelijks bestuur kan zich vinden in: • Het programmeren waarbij gekeken wordt naar combinaties met werkzaamheden van andere partijen. • Het gezamenlijk door gemeente en Liander zoeken naar een geschikte locatie binnen een zoekcirkel. • Het voorgestelde participatietraject. Het dagelijks bestuur geeft de volgende adviezen: Vormgeving versus UNESCO werelderfgoed De peperbus was specifiek ontwerpen om het beschermd stadsgezicht te behouden maar die is niet meer leverbaar. Vanwege veiligheids- en technische eisen wordt een MSR niet ondergronds geplaatst. En vanwege de aanbesteding van Liander is het op korte termijn niet mogelijk om af te wijken van de twee standaard maten van een MSR, small en medium/large. Voor het uiterlijk worden een aantal visuele opties geboden: de kleur, beton of steen strips en de inpassing, grijze betontegels, een heg of gras. De nieuwe MSR’s van Liander voldoen niet aan de kwaliteitseisen die Amsterdam aan vormgeving stelt, zeker niet op de grachten van het Unesco Werelderfgoedgebied. Uit een onderzoek uit 2018 ‘Vergunning vrij bouwen bij Wereld erfgoed’ was de conclusie dat “de openbare voorzieningen (waaronder elektriciteitshuisjes) kunnen ook bij de grachtengordel een negatief effect hebben wanneer ze in grote hoeveelheid worden toegepast.

Dit leidt af van de beleving van het Werelderfgoed.” Daarnaast heeft het CRK al in 2021 een uitspraak gedaan naar aanleiding van klachten van bewoners over een MSR geplaatst midden op de Keizergracht. Die klacht is aangemerkt als een beroep op de excessenregeling, het CRK is tot het navolgende vernietigende oordeel gekomen: “Het trafohuisje heeft door de vormgeving, materialisatie en kleurstelling te weinig kwaliteit voor deze hoogwaardige locatie binnen het beschermd stadsgezicht en de Unesco-zone. Het tast de historische kenmerken van de gracht te veel aan en wordt daardoor gezien als exces. Er wordt veel aandacht besteed aan de kademuren die de komende jaren worden vervangen. Voor trafohuisjes is eenzelfde zorgvuldigheid gewenst. Gelet op de verwachting dat het aantal elektriciteitsvoorzieningen substantieel zal toenemen in de nabije toekomst, pleit de commissie met klem een element te ontwerpen dat qua maatvoering en uiterlijke kenmerken is afgestemd op de openbare ruimte in het beschermde stadsgezicht.”

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 4

Advies dagelijks bestuur In het Ontwikkelperspectief wordt gesteld dat Amsterdam in sommige gevallen aanvullende en/of verscherpte eisen stelt om beschermd stadsgezicht te behouden maar dat is niet verder uitgewerkt. Daarnaast wordt aangegeven dat het op korte termijn niet mogelijk om tot geheel nieuw ontworpen middenspanningsruimtes te komen, gezien de doorlooptijd van ca. 3-5 jaar van een dergelijk ontwerp- en aanbestedingsproces. Omdat niet bekend is hoeveel MSR’s er nodig zijn in het beschermde stadsgezicht en wanneer deze nodig zijn verzoekt het dagelijks bestuur om de ‘peperbus’ als uitvoering te behouden. Wanneer dit niet mogelijk blijkt, is het noodzakelijk dit jaar aanvullende eisen op te stellen voor het plaatsen van MRS’s in UNESCO werelderfgoedgebied (kern en bufferzone). Zodat dat ook op de korte termijn MSR’s worden geplaatst die qua maatvoering en uiterlijke kenmerken aansluiten bij het gebiedskarakter van het UNESCOwerelderfgoedgebied. Het is wenselijk om binnen het UNESCO- werelderfgoedgebied te kiezen voor één standaard vormgeving die past binnen de typologie van het beschermd stadsgezicht. Dit zouden we samen met de erfgoedverenigingen kunnen doen, die zijn georganiseerd in het Amsterdams Erfgoed Overleg. Het verzoek is om bij de uiteindelijke vormgeving ook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed te betrekken.

Meerkosten bij afwijking van standaarduitvoering Voor alle afwijkingen van een standaarduitvoering zoals die in de aanbesteding van Liander is opgenomen wordt een meerprijs gerekend. Liander moet eventuele meerkosten ieder moment kunnen verantwoorden aan zijn andere aandeelhouders (gemeentes en provincies). In het Ontwikkelperspectief is opgenomen dat het daarom van belang is om te komen tot een verdeling van eventuele meerkosten tussen gemeente en Liander. Advies dagelijks bestuur: De kans is groot dat aan de vormgeving en inpassing van een MSR in UNESCO werelderfgoedgebied meer eisen worden gesteld en dat een MSR niet past binnen de standaarduitvoering. Het verzoek is om met deze kosten rekening te houden en voor de financiering hiervan ruimte te zoeken binnen de begroting. Ruimtelijke inpassing In de huidige praktijk wordt het DB niet (inhoudelijk) betrokken bij de WIOR - vergunningverlening voor MSR’s. De locatiekeuze en de wijze waarop een MSR wordt geplaatst kan mogelijke negatieve effecten in het beschermd stadsgezicht beperken. Naast het effect van de locatiekeuze op het beschermd stadsgezicht is ruimtelijke inpassing van belang vanwege de beperkte openbare ruimte. Advies dagelijks bestuur: Het verzoek is om in het proces op te nemen dat alle geplande MSR’s binnen het Unesco-werelderfgoedgebied worden voorgelegd aan het dagelijks bestuur.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

De agendacommissie heeft afgezien van de mogelijkheid om het (concept) advies van het dagelijks bestuur te bespreken in haar commissievergadering. Het concept advies is ter kennis name naar de stadsdeelcommissie gestuurd.

Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Het dagelijks bestuur onderschrijft het belang en de noodzaak van het uitbreiden van het stroomnet. Het dagelijks bestuur kan zich vinden in: • Het programmeren waarbij gekeken wordt naar combinaties met werkzaamheden van andere partijen. • Het gezamenlijk door gemeente en Liander zoeken naar een geschikte locatie binnen een zoekcirkel. • Het voorgestelde participatietraject. Het dagelijks bestuur geeft de volgende adviezen: Vormgeving versus UNESCO werelderfgoed De peperbus was specifiek ontwerpen om het beschermd stadsgezicht te behouden maar die is niet meer leverbaar.

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 4

Vanwege veiligheids- en technische eisen wordt een MSR niet ondergronds geplaatst. En vanwege de aanbesteding van Liander is het op korte termijn niet mogelijk om af te wijken van de twee standaard maten van een MSR, small en medium/large. Voor het uiterlijk worden een aantal visuele opties geboden: de kleur, beton of steen strips en de inpassing, grijze betontegels, een heg of gras. De nieuwe MSR’s van Liander voldoen niet aan de kwaliteitseisen die Amsterdam aan vormgeving stelt, zeker niet op de grachten van het Unesco Werelderfgoedgebied. Uit een onderzoek uit 2018 ‘Vergunning vrij bouwen bij Wereld erfgoed’ was de conclusie dat “de openbare voorzieningen (waaronder elektriciteitshuisjes) kunnen ook bij de grachtengordel een negatief effect hebben wanneer ze in grote hoeveelheid worden toegepast. Dit leidt af van de beleving van het Werelderfgoed.” Daarnaast heeft het CRK al in 2021 een uitspraak gedaan naar aanleiding van klachten van bewoners over een MSR geplaatst midden op de Keizergracht. Die klacht is aangemerkt als een beroep op de excessenregeling, het CRK is tot het navolgende vernietigende oordeel gekomen: “Het trafohuisje heeft door de vormgeving, materialisatie en kleurstelling te weinig kwaliteit voor deze hoogwaardige locatie binnen het beschermd stadsgezicht en de Unesco-zone.

Het tast de historische kenmerken van de gracht te veel aan en wordt daardoor gezien als exces. Er wordt veel aandacht besteed aan de kademuren die de komende jaren worden vervangen. Voor trafohuisjes is eenzelfde zorgvuldigheid gewenst. Gelet op de verwachting dat het aantal elektriciteitsvoorzieningen substantieel zal toenemen in de nabije toekomst, pleit de commissie met klem een element te ontwerpen dat qua maatvoering en uiterlijke kenmerken is afgestemd op de openbare ruimte in het beschermde stadsgezicht.” Advies dagelijks bestuur In het Ontwikkelperspectief wordt gesteld dat Amsterdam in sommige gevallen aanvullende en/of verscherpte eisen stelt om beschermd stadsgezicht te behouden maar dat is niet verder uitgewerkt. Daarnaast wordt aangegeven dat het op korte termijn niet mogelijk om tot geheel nieuw ontworpen middenspanningsruimtes te komen, gezien de doorlooptijd van ca. 3-5 jaar van een dergelijk ontwerp- en aanbestedingsproces. Omdat niet bekend is hoeveel MSR’s er nodig zijn in het beschermde stadsgezicht en wanneer deze nodig zijn verzoekt het dagelijks bestuur om de ‘peperbus’ als uitvoering te behouden. Wanneer dit niet mogelijk blijkt, is het noodzakelijk dit jaar aanvullende eisen op te stellen voor het plaatsen van MRS’s in UNESCO werelderfgoedgebied (kern en bufferzone).

Zodat dat ook op de korte termijn MSR’s worden geplaatst die qua maatvoering en uiterlijke kenmerken aansluiten bij het gebiedskarakter van het UNESCOwerelderfgoedgebied. Het is wenselijk om binnen het UNESCO- werelderfgoedgebied te kiezen voor één standaard vormgeving die past binnen de typologie van het beschermd stadsgezicht. Dit zouden we samen met de erfgoedverenigingen kunnen doen, die zijn georganiseerd in het Amsterdams Erfgoed Overleg. Het verzoek is om bij de uiteindelijke vormgeving ook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed te betrekken. Meerkosten bij afwijking van standaarduitvoering Voor alle afwijkingen van een standaarduitvoering zoals die in de aanbesteding van Liander is opgenomen wordt een meerprijs gerekend. Liander moet eventuele meerkosten ieder moment kunnen verantwoorden aan zijn andere aandeelhouders (gemeentes en provincies). In het Ontwikkelperspectief is opgenomen dat het daarom van belang is om te komen tot een verdeling van eventuele meerkosten tussen gemeente en Liander. Advies dagelijks bestuur: De kans is groot dat aan de vormgeving en inpassing van een MSR in UNESCO werelderfgoedgebied meer eisen worden gesteld en dat een MSR niet past binnen de standaarduitvoering. Het verzoek is om met deze kosten rekening te houden en voor de financiering hiervan ruimte te zoeken binnen de begroting.

Ruimtelijke inpassing In de huidige praktijk wordt het DB niet (inhoudelijk) betrokken bij de WIOR - vergunningverlening voor MSR’s. De locatiekeuze en de wijze waarop een MSR wordt geplaatst kan mogelijke negatieve effecten in het beschermd stadsgezicht beperken. Naast het effect van de locatiekeuze op het beschermd stadsgezicht is ruimtelijke inpassing van belang vanwege de beperkte openbare ruimte. Advies dagelijks bestuur: Het verzoek is om in het proces op te nemen dat alle geplande MSR’s binnen het Unesco-werelderfgoedgebied worden voorgelegd aan het dagelijks bestuur.

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 4

Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam

Ruimtelijke Ordening, Openbare ruimte Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 16 mei 2023 Datum adviesaanvraag: 30 mei 2023 Deadline ontvangst advies: 11 juli 2023 Advies mailen naar: u.acilek@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam, met brief als bijlage Heeft er consultatie vooraf Het concept Ontwikkelperspectief is opgesteld samen met netbeheerder Liander. Tijdens plaatsgevonden? het BOSS op 28 september is de opgave en de voorgestelde aanpak voor het distributienet met de stadsdelen gedeeld. In diezelfde periode zijn er gesprekken geweest met de programmamanagers openbare ruimte over de voorgestelde aanpak en de opgave op het distributienet. Portefeuille: Directie:

Invullen door stadsdeel: Nieuw-West Max Hormeijer Staf 27 juni 2023, weekstart 3 juli 2023 Datum stadsdeelcommissie: 11-7-2023 Datum dagelijks bestuur: 18-7-2023 Registratienr. (optioneel): n.v.t. Stadsdeel:

Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:

Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en -

bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.

DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)

Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur

We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam te voorzien van advies namens uw stadsdeel. Concreet vragen wij advies op de verbetervoorstellen en welke aanscherping of toevoegingen er nodig zijn. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de

Pagina 1 van 4

… … … … … … … … …

komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Eerder heeft u advies gegeven op het Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is het richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van het hoogspanningsnet in Amsterdam Het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam dat voor u ligt richt zich op de uitbreiding van het laag- en middenspanningsnet van de stad –het distributienet. Het Ontwikkelperspectief schetst de opgave op het distributienet tot 2050, en beschrijft hoe Liander en de gemeente hier samen in op gaan trekken. De opgave is zowel ruimtelijk als organisatorisch. Binnen de huidige manier van samenwerking kunnen de benodigde aantallen niet tijdig worden gerealiseerd. Aan de hand van verbetervoortellen wordt ingezet op verbeterde en versnelde inpassing van middenspanningsruimtes en bijbehorende kabels. Welke grote ontwikkelingen spelen er in het stadsdeel die van invloed kunnen zijn op de uitbreiding van het distributienet? (Hoofdstuk 2.6) Welke adviezen willen het stadsdeel meegeven in relatie tot de verbetervoorstellen uit het Ontwikkelperspectief (Hoofdstuk 3)

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West staat positief tegenover het door het college voor advies aangeboden Concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam. Het nut en de noodzaak van het realiseren van nieuwe middenspanningsruimtes (MSR)’s (3x3m.) is duidelijk. Nieuw-West heeft zijn eigen identiteit dat voortkomt uit het AUP en de Tuinstadgedachte. Er is hier Beschermde Stads- en dorpsgezicht, er wordt veel waarde gehecht aan de openbare ruimte als plek voor ontmoeting. Ruimte is ook in Nieuw West schaars, daarom is het belangrijk om te zorgen voor een goede inpassing van MSR’s. Vanuit het dagelijks bestuur zijn drie punten te benoemen die, zoals ook in het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam genoemd, extra van belang zijn: 1. De inpassing van MSR’s in gebouwen 2. De inpassing van de (MSR)’s in relatie tot andere functies van de openbare ruimte; 3. Heldere werkwijzen met extra aandacht voor extra kosten inpassing in openbare ruimte

Hieronder onze adviezen verder uitgewerkt:

1. Wij adviseren bij het inpassen van de MSR’s in eerste instantie in te zetten op het inpandig opnemen van nutsvoorzieningen bij bouwprojecten. Gezien de grote hoeveelheid van bouwprojecten in Nieuw-West geldt dit voor zowel nieuwbouw als renovatie in bestaande gebouwen. Hierdoor worden de MSR’s onttrokken aan de openbare ruimten. Dit komt het straatbeeld ten goede. 2. Indien de MSR’s een plek moeten krijgen in de openbare ruimte adviseert het dagelijks bestuur om samen met de buurt in te zetten op een inpassing waarbij de MSR’s zoveel mogelijk toegevoegde waarde geeft aan de omgeving in het kader van sociale cohesie, vergroening en biodiversiteit. Daarnaast is belangrijk dat bewoners ook inspraak hebben over hoe het eruit komt te zien. Hierbij een aantal voorbeelden: - Groentuin op de MSR - Aantrekkelijke kleuren en planten die vlinders en andere insecten aantrekt - Prints in samenwerking met lokale kunst- en cultuurinitiatieven - Of andere ideeën die worden aangedragen door bewoners

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 4

3. Het is belangrijk om heldere en duidelijke afspraken te maken over het proces en realisatie van de MSR’s in de openbare ruimte. De bovengenoemde adviezen vragen om maatwerk. Het dagelijks bestuur adviseert om hier extra aandacht, capaciteit en middelen voor in te zetten. Tevens adviseert het dagelijks bestuur het college om met de desbetreffende nutsbedrijven in gesprek te gaan over ons gezamenlijk belang om aan de vraag naar energie te kunnen voldoen. En daarbij de openbare ruimte en sociale cohesie in de buurt versterken. Waarbij nutsbedrijven vanuit hun maatschappelijk verantwoord ondernemen ook bijdragen om dit te verwezenlijken door capaciteit, budget en middelen beschikbaar te stellen.

Wij vertrouwen erop u hiermee een passend advies te hebben gegeven.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

De stadsdeelcommissie stelt voor om Social Return voor Nieuw-West, bij aanbesteding en bouw van de MSR’s, toe te voegen aan het advies. Hoewel dit feitelijk valt buiten de scope van dit advies, omdat de bedrijven die over de plaatsing van MSR’s gaan semi-overheidsbedrijven zijn, wordt dit toch opgenomen in het definitieve advies. Het conceptadvies is met unanieme stemmen aangenomen.

Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West staat positief tegenover het door het college voor advies aangeboden Concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam. Het nut en de noodzaak van het realiseren van nieuwe middenspanningsruimtes (MSR)’s (3x3m.) is duidelijk. Nieuw-West heeft zijn eigen identiteit dat voortkomt uit het AUP en de Tuinstadgedachte. Er is hier Beschermde Stads- en dorpsgezicht, er wordt veel waarde gehecht aan de openbare ruimte als plek voor ontmoeting. Ruimte is ook in Nieuw West schaars, daarom is het belangrijk om te zorgen voor een goede inpassing van MSR’s. Vanuit het dagelijks bestuur zijn drie punten te benoemen die, zoals ook in het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam genoemd, extra van belang zijn: 1. De inpassing van MSR’s in gebouwen 2. De inpassing van de (MSR)’s in relatie tot andere functies van de openbare ruimte; 3. Heldere werkwijzen met extra aandacht voor extra kosten inpassing in openbare ruimte Hieronder onze adviezen verder uitgewerkt: 1. Wij adviseren bij het inpassen van de MSR’s in eerste instantie in te zetten op het inpandig opnemen van nutsvoorzieningen bij bouwprojecten. Gezien de grote hoeveelheid van bouwprojecten in Nieuw-West geldt dit voor zowel nieuwbouw als renovatie in bestaande gebouwen. Hierdoor worden de MSR’s onttrokken aan de openbare ruimten. Dit komt het straatbeeld ten goede. 2.

Indien de MSR’s een plek moeten krijgen in de openbare ruimte adviseert het dagelijks bestuur om samen met de buurt in te zetten op een inpassing waarbij de MSR’s zoveel mogelijk toegevoegde waarde geeft aan de omgeving in het kader van sociale cohesie, vergroening en biodiversiteit. Daarnaast is belangrijk dat bewoners ook inspraak hebben over hoe het eruit komt te zien. Hierbij een aantal voorbeelden: - Groentuin op de MSR - Aantrekkelijke kleuren en planten die vlinders en andere insecten aantrekt - Prints in samenwerking met lokale kunst- en cultuurinitiatieven Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 4

- Of andere ideeën die worden aangedragen door bewoners 3. Het is belangrijk om heldere en duidelijke afspraken te maken over het proces en realisatie van de MSR’s in de openbare ruimte. De bovengenoemde adviezen vragen om maatwerk. Het dagelijks bestuur adviseert om hier extra aandacht, capaciteit en middelen voor in te zetten. Tevens adviseert het dagelijks bestuur het college om met de desbetreffende nutsbedrijven in gesprek te gaan over ons gezamenlijk belang om aan de vraag naar energie te kunnen voldoen. En daarbij de openbare ruimte en sociale cohesie in de buurt versterken. Waarbij nutsbedrijven vanuit hun maatschappelijk verantwoord ondernemen ook bijdragen om dit te verwezenlijken door capaciteit, budget en middelen beschikbaar te stellen. 4. Het dagelijks bestuur adviseert de Social Return van de MSR’s en andere maatregelen vanuit EVA ten goede te komen aan deze lokale bedrijven en bewoners van Nieuw-West. Deze bedrijven zorgen voor werkgelegenheid wat veel kansen biedt voor de bewoners in Nieuw-West. Wij vertrouwen erop u hiermee een passend advies te hebben gegeven. Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West, Gemeente Amsterdam, 18 juli 2023 Het dagelijks bestuur van stadsdeel Amsterdam Nieuw-West, gemeente Amsterdam

de heer F.R. van Erkel a.i. stadsdeeldirecteur

de heer E. Ünver voorzitter

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 4

Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam

Ruimtelijke Ordening, Openbare ruimte Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 16 mei 2023 Datum adviesaanvraag: 30 mei 2023 Deadline ontvangst advies: 11 juli 2023 Advies mailen naar: u.acilek@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam, met brief als bijlage Heeft er consultatie vooraf Het concept Ontwikkelperspectief is opgesteld samen met netbeheerder Liander. Tijdens plaatsgevonden? het BOSS op 28 september is de opgave en de voorgestelde aanpak voor het distributienet met de stadsdelen gedeeld. In diezelfde periode zijn er gesprekken geweest met de programmamanagers openbare ruimte over de voorgestelde aanpak en de opgave op het distributienet. Portefeuille: Directie:

Invullen door stadsdeel: Noord Arne Thieme 19 juni 2023 Datum stadsdeelcommissie: 5 juli 2023 Datum dagelijks bestuur: 11 juli 2023 Registratienr. (optioneel): n.v.t. Stadsdeel:

Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:

Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en -

bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.

DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)

Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur

We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam te voorzien van advies namens uw stadsdeel. Concreet vragen wij advies op de verbetervoorstellen en welke aanscherping of toevoegingen er nodig zijn. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de

Pagina 1 van 4

… … … … … … … … …

komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Eerder heeft u advies gegeven op het Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is het richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van het hoogspanningsnet in Amsterdam Het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam dat voor u ligt richt zich op de uitbreiding van het laag- en middenspanningsnet van de stad –het distributienet. Het Ontwikkelperspectief schetst de opgave op het distributienet tot 2050, en beschrijft hoe Liander en de gemeente hier samen in op gaan trekken. De opgave is zowel ruimtelijk als organisatorisch. Binnen de huidige manier van samenwerking kunnen de benodigde aantallen niet tijdig worden gerealiseerd. Aan de hand van verbetervoorstellen wordt ingezet op verbeterde en versnelde inpassing van middenspanningsruimtes en bijbehorende kabels. Welke grote ontwikkelingen spelen er in het stadsdeel die van invloed kunnen zijn op de uitbreiding van het distributienet? (Hoofdstuk 2.6) Welke adviezen willen het stadsdeel meegeven in relatie tot de verbetervoorstellen uit het Ontwikkelperspectief (Hoofdstuk 3)

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Het DB onderkent de urgentie en complexiteit van deze opgave. De stad moet ook in de toekomst aan de elektriciteitsvraag voldoen. Wij juichen toe dat de gemeente Amsterdam en Liander gezamenlijk optrekken. U verwijst daarbij naar het eerder opgestelde Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. U vraagt allereerst naar de ontwikkelingen in het stadsdeel die van invloed kunnen zijn op de uitbreiding van het distributienet. Daarnaast vraagt u ons advies in relatie tot de verbetervoorstellen. In afstemming met andere stadsdelen hebben wij een reactie opgesteld. Achtergrond In het algemeen is de Amsterdamse Verordening Werken In de Openbare Ruimte (WIOR) van toepassing op middenspanningsruimtes (MSR´s). De WIOR stelt de kwalitatieve voorwaarden voor het uiterlijk en biedt de gemeente handvatten om hier ren zeker niet egie over te voeren. In principe weigert de gemeente Amsterdam geen MSR’s in de openbare ruimte, maar is wel kritisch op de inpassing ervan. De gemeente streeft naar een balans tussen de kwaliteit van openbare ruimte en een betrouwbaar elektriciteitsnet. Het DB heeft daarbij de beslisruimte om WIOR vergunningen te verlenen voor de MSR’s. Ontwikkelingen Noord U vermeldt terecht een aantal grote projecten in Noord (Hoofdstuk 2.6): “….aan het IJ zijn het Hamerkwartier, Overhoeks, Buiksloterham en NDSM.

Ook het Cornelis Douwes-terrein wordt vanaf 2027 omgevormd tot stedelijk gebied en maakt straks deel uit van een nieuwe ‘stad in de stad’: Havenstad-Noord. Daarnaast gaan in de Buikslotermeer de projecten Buikslotermeerplein, Centrumgebied Noord en Elzenhage door, net als de vernieuwing van Banne Buiksloot”. Amsterdam Noord is een dynamisch stadsdeel. Dat maakt het bepalen van de capaciteitsvraag lastig. Belangrijk is dat ook kleinere projecten in beeld zijn bij een gezamenlijke aanpak. Opwaardering van het netwerk in bestaande woongebieden (zoals de tuindorpen), beschermde stadsgezichten en groengebieden is een complexe opgave. Uitgangspunt is de keuze voor inpandige oplossingen en het voorkomen van verrommeling van de openbare ruimte. Behoudt van een gezonde en groene leefomgeving staat voorop. De openbare ruimte is daarbij geen restgebied. Zorgvuldige locatieafweging is van groot belang. Bij de inpassing moet zoveel mogelijk worden aangehaakt bij kleinere projecten.

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 4

Wij vinden het positief dat gewerkt wordt aan een standaard MSR-gebouw voor onvermijdbare bovengrondse oplossingen. Gelet op de ruimtelijke kwaliteit en diversiteit moet daarbij zoveel mogelijk maatwerk mogelijk zijn. Er moet aandacht zijn voor eventuele meerkosten en verdeling daarvan onder betrokken partijen (www.liander.nl/middenspanningsruimte). Verbetervoorstellen ontwikkelperspectief In praktijk komen middenspanningsruimtes te vaak in de openbare ruimte terecht. Ondanks dat het beleid voorschrijft dat objecten van derden zo veel mogelijk inpandig moeten worden gerealiseerd. In de praktijk gebeurt dit te weinig vanwege complexiteit, kosten en/of vertraging in uitvoering. Het is positief dat de gemeente de zoektocht van Liander naar inpandige ruimtes proactief wil faciliteren. Samen moeten we ons inzetten om de schaarse openbare ruimte zo veel mogelijk te ontzien. Ook het tijdig nadenken over combinatiemogelijkheden van infrastructurele voorzieningen is van belang. Momenteel worden middenspanningsruimten afzonderlijk aangevraagd. Het is positief dat Liander een buurtaanpak gaat ontwikkelen, zodat de opgave buurt voor buurt kan worden aangepakt. Het begrip ‘buurt’ wordt in het ontwikkelperspectief echter niet gespecificeerd. Wij raden aan de OIS-buurten te gebruiken. De gemeente moet zo vroeg mogelijk betrokken worden bij het zoeken naar de beste locaties.

We willen graag weten wanneer wij duidelijkheid kunnen verwachten over die verbeterde werkwijze. Een buurtgerichte aanpak is nodig om bij de energietransitie- en verduurzaming van de stad met alle betrokkenen tot meer integrale oplossingen te komen. In het ontwikkelperspectief wordt nu overigens niet inzichtelijk gemaakt in welke buurten de energiebehoefte – en daarmee de noodzaak tot uitbreiding van het distributie net - groter is. Voorbeeld: niet in alle wijken is het gebruik van elektrische auto’s even groot. Het is positief dat de gemeente en Lianderer samen een ‘afwegingskader’ opstellen om zo te komen tot locaties en inpassing die aansluit bij hun beider beleid. Wij adviseren daarbij om het volgende in overweging te nemen: De groei van het distributienet wordt gepresenteerd als een noodzaak waar alles voor moet wijken. Het plaatsen van honderden extra MSR-en is één van de opgaves met een ruimtelijke impact waar de gemeente mee te maken heeft. Er komen veel andere transities op de stad af als gevolg van verduurzaming en groeiende vraag naar data/connectiviteit. Naast MSR-en moet de stad de komende decennia plaats vinden voor onderstations, warmteoverdrachtstations, points of presence (data), OV-kastjes, straatkasten data, laadpalen voor elektrische auto’s, etc.

Daarnaast zijn er in Noord nog meer belangen rond de openbare ruimte: woningbouw, groen, sport- en speelvoorzieningen, maatschappelijke voorzieningen. De prioriteit kan niet enkel bij het distributienet liggen. Het gaat hier allemaal om bovengrondse gebouwen die ruimte claimen. Op dit moment worden de ruimteclaims afzonderlijk ter beoordeling aan het stadsdeel voorgelegd. Wij maken voor elke aanvraag een zo goed mogelijke afweging over de inpassing van het object, rekening houdend met o.a. het behoud van de ruimtelijke kwaliteit. Op dit moment leggen we als gemeente niet alle (nuts)opgaven op elkaar om in één oogopslag te kunnen zien wat dit ruimtelijk betekent. In de praktijk concurreren de objecten met elkaar in een bepaald geografisch gebied. We kunnen nu geen afweging per straat maken, omdat we niet weten wat er per straat gaat komen. Er kan geen eindeloze reeks objecten in een straat worden geplaatst. Met deze schaalvergroting van (nuts)objecten kan de gemeente aanvragen niet meer afzonderlijke blijven behandelen. Ook een afwegingskader voor alleen MSR’s is niet voldoende, want incompleet. In een “afwegingskader openbare ruimte” moeten de verschillende ruimteclaims worden geprioriteerd, worden bepaald waar wel of niet (nuts)objecten kunnen worden geplaatst en aangegeven of deze (nuts)objecten gecombineerd kunnen worden.

Als gemeente staan we aan de lat voor het behouden van de ruimtelijke kwaliteit van onze buurten. De openbare ruimte is geen restgebied.

Het aspect ruimtelijke kwaliteit wordt onderbelicht in voorliggende notitie. Het lijkt aspect waar we ook zonder kunnen. De plaatsing van MSR-en wordt vooral technisch benaderd. Technische randvoorwaarden lijken zwaarder te wegen dat andere beoordelingsaspecten. In de praktijk zien we ook dat Liander vooral naar technische aspecten kijkt en weinig meebeweegt wanneer de gemeente andere aspecten beoordeelt. Kortom: de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van onze stad moet een prominente plek krijgen in dit Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 4

ontwikkelperspectief. Daar staan wij als gemeente voor aan de lat. De vormgeving van de MSR-en is cruciaal. Er zal gewerkt worden aan een gemeentelijke standaard. Dat is positief. In de tussentijd proberen we een zo goed mogelijke vorm te vinden. We adviseren het college met klem om de ‘peperbus’ te behouden voor de stad. Liander geeft aan dat het niet meer mogelijk is om de peperbus te behouden, maar dit gebouwtype blijkt vaak de enige haalbare optie binnen de ring. Kortom: het is een enorm waardevol en bewezen object. Belangrijk bij de uitwerking van een standaard is: • Ronde vormen zijn in de vooroorlogse stad veel beter in te passen dan rechthoeken • Hoe compacter een MSR, of hoe kleiner de footprint, hoe beter • Ooghoogte (van mensen) is een belangrijke maat: kun je over een object heen kijken? Dit moet een randvoorwaarde zijn • Op bijzondere plekken willen we maatwerk MSR-en maken: denk aan combinaties met een speelobject, of een geheel groene MSR in een park.

• Kijk naar die rand van betontegels; is dat echt nodig en waarom? Standaard willen we: • Een natuurinclusief object (nestkast, insecthotel, vleermuizen in de spouw, groen dak) • Een combinatie met het laden van elektrische auto’s, fietsen, scooters • Een kast waarin ook plek is voor OV kasten Paticipatie • Het draagvlak voor aansluiting op warmtenet kan afnemen als bewoners weten wat de consequenties zijn van de uitbreiding van het distributienetwerk. Beide ontwikkelingen hebben impact op de openbare ruimte. Het is van belang om daar in de communicatie en planning van de werkzaamheden rekening mee te gehouden. • De participatie is beperkt tot ´informeren en meeweten´. Voor een ontwikkeling met zoveel impact is dat heel weinig. Wordt er geanticipeerd op het risico van weerstand? (zoals dat ook bij windmolens optreedt). Bij participatie wordt nu geen aandacht besteed aan niet-digitale bewoners. Verder is het van belang dat bewoners tijdig worden geïnformeerd over consequenties voor de openbare ruimte (een paar dagen van tevoren een brief ontvangen dat een weg open gaat is te laat). Ambtelijke capaciteit In het ontwikkelperspectief (pagina 21) wordt gesproken over benodigde capaciteit van Liander. De benodigde ambtelijke capaciteit (o.a. toetsen en ontwerpen) bij de gemeente wordt echter niet benoemd.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

…

Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

…

Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 4

Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam

Ruimtelijke Ordening, Openbare Ruimte Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 16 mei 2023 Datum adviesaanvraag: 31 mei 2023 Deadline ontvangst advies: 11 juli 2023 Advies mailen naar: u.acilek@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam, met brief als bijlage Heeft er consultatie vooraf Het concept Ontwikkelperspectief is opgesteld samen met netbeheerder Liander. Tijdens plaatsgevonden? het BOSS op 28 september is de opgave en de voorgestelde aanpak voor het distributienet met de stadsdelen gedeeld. In diezelfde periode zijn er gesprekken geweest met de programmamanagers openbare ruimte over de voorgestelde aanpak en de opgave op het distributienet. Portefeuille: Directie:

Invullen door stadsdeel: Oost Julika van Drongelen 19 juni 2023 Datum stadsdeelcommissie: 4 juli 2023 (voorbereidend en besluitvormend) Datum dagelijks bestuur: 27 juni (conceptadvies) en 11 juli 2023 (finaal advies) Registratienr. (optioneel): Z-23-52762 Stadsdeel:

Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:

Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en -

bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.

DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)

Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur

We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept-Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam te voorzien van advies namens uw stadsdeel. Concreet vragen wij advies op de verbetervoorstellen en welke aanscherping of toevoegingen er nodig zijn. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de

Pagina 1 van 5

… … … … … … … … …

komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Eerder heeft u advies gegeven op het Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is het richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van het hoogspanningsnet in Amsterdam Het Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam dat voor u ligt richt zich op de uitbreiding van het laag- en middenspanningsnet van de stad –het distributienet. Het Ontwikkelperspectief schetst de opgave op het distributienet tot 2050, en beschrijft hoe Liander en de gemeente hier samen in op gaan trekken. De opgave is zowel ruimtelijk als organisatorisch. Binnen de huidige manier van samenwerking kunnen de benodigde aantallen niet tijdig worden gerealiseerd. Aan de hand van verbetervoortellen wordt ingezet op verbeterde en versnelde inpassing van middenspanningsruimtes en bijbehorende kabels. Welke grote ontwikkelingen spelen er in het stadsdeel die van invloed kunnen zijn op de uitbreiding van het distributienet? (Hoofdstuk 2.6) Welke adviezen willen het stadsdeel meegeven in relatie tot de verbetervoorstellen uit het Ontwikkelperspectief (Hoofdstuk 3)

Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies

Algemene reactie Het Dagelijks Bestuur onderkent de urgentie en complexiteit van de opgave. De stad moet ook in de toekomst aan de elektriciteitsvraag kunnen voldoen. Het Dagelijks Bestuur juicht toe dat de gemeente Amsterdam en Liander hier gezamenlijk in optrekken en verbetervoorstellen doen om deze majeure operatie zo goed mogelijk te kunnen realiseren. Het DB ziet dat vanuit de dagelijkse praktijk dat middenspanningsruimten (MSR’s) vaak, zo niet bijna altijd, in de openbare ruimte terechtkomen. Dit terwijl het gemeentelijke beleid voorschrijft, o.a. op basis van de Visie Openbare Ruimte, dat objecten van derden zo veel mogelijk inpandig moeten worden gerealiseerd. Uit de praktijk blijkt dat dit vaak niet gebeurt omdat dit te complex, kostbaar en/of vertragend is voor het nutsbedrijf. We vinden daarom het voorstel positief dat de gemeente proactief de zoektocht van Liander naar inpandige ruimtes gaat faciliteren. We moeten, en dit geldt volgens het DB voor beide partijen, meer inzetten op het vinden van inpandige ruimtes om de schaarse openbare ruimte zo veel mogelijk te ontzien en te ontlasten. Wij missen in het Ontwikkelperspectief het verband met het afwegingskader voor inpassing van nuts- en telecomvoorzieningen dat wordt ontwikkeld door de directie Verkeer en Openbare Ruimte. Dit kader gaat over datakasten, GSM-masten, laadpalen etc.

Het is van essentieel belang dat deze twee zaken samengebracht worden. Buurtaanpak Momenteel worden MSR’s los van elkaar aangevraagd. We adviseren positief op de ontwikkeling van de voorgestelde buurtaanpak zodat de grootschalige opgave buurt voor buurt kan worden aangepakt. We adviseren om de stadsdelen in een zo vroeg mogelijke stadium hierbij te betrekken om gezamenlijk naar de beste plekken te zoeken. We vragen u een planning uit te werken zodat beter inzichtelijk wordt vanaf wanneer we deze werkwijze kunnen verwachten. Gebiedsontwikkelingen We vragen u om in het ontwikkelperspectief duidelijk op te nemen dat in de ontwikkelgebieden zoals IJburg, Zeeburgereiland en Amstelkwartier voldoende inpandige ruimte voor nutsvoorzieningen wordt gereserveerd in de bouwenveloppen voor de toekomstige nieuwbouw. We zien nu dat de ruimtevraag voor nutsvoorzieningen soms buiten de gebiedsontwikkeling wordt neergelegd. Voor het DB is het een uitgangspunt dat we in de grootstedelijke projecten in Oost en in gebiedsontwikkelingen de nutsvoorzieningen inpandig en binnen deze ontwikkeling realiseren en we vragen u dit in het ontwikkelperspectief op te nemen.

Pagina 2 van 5

Ruimtelijke kwaliteit Het aspect ruimtelijke kwaliteit wordt in de voorliggende notitie in het beeld van het DB nog onderbelicht. Het lijkt behandeld als een aanvullend aspect of als een aspect waar we ook zonder kunnen. De plaatsing van MSR’s wordt vooral technisch benaderd; technische randvoorwaarden lijken zwaarder te wegen dan andere beoordelingsaspecten. Dit gaat voorbij aan het belang dat het DB hecht aan de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid en we adviseren om de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van onze stad een prominentere plek in dit ontwikkelperspectief te geven. Deze aandacht is essentieel om het draagvlak voor het plaatsen van de objecten te vergroten. Vormgeving Ook de vormgeving van de MSR’s is cruciaal en het is positief dat er gewerkt zal worden aan een gemeentelijke standaard. Over deze standaard wil het dagelijks bestuur kunnen meepraten, en wij verwachten dan ook dat dit onderwerp nog terug komt op de bestuurlijke tafel, vóór de besluitvorming hierover. Het maatwerk moet verder gaan dan een andere kleur of steenstrip maar ook gaan over de grootte, inpassing en de uitstraling. We adviseren het college met klem om de ‘peperbus’ als mogelijke uitvoering te behouden voor de stad. Dit gebouw heeft een kleiner oppervlak dan de standaard MSR’s en is vaak goed in te passen in de dicht bebouwde stad en de beschermde stadsgezichten.

Op sommige plekken is dit eigenlijk de enige haalbare optie. Kortom: het is een enorm waardevol en bewezen object. Extra kosten voor de vormgeving of de keuze voor een peperbus of andere extra kosten voor de inpassing moeten al in het ontwikkelperspectief en in de benoemd en uitgewerkt worden zodat hierover niet per plek een discussie gevoerd hoeft te worden. Leefbaarheid, draagvlak, participatie De plaatsing van een MSR in een woonstraat, buurtpleintje, parkje of in de directe nabijheid van woningen heeft impact op de woonkwaliteit. In de participatie is dus maatwerk nodig om voldoende draagvlak voor de plaatsing van de objecten te krijgen. Een trafo op enkele meters van een woning heeft een andere impact op de woonkwaliteit en leefbaarheid dan de plaatsing op een plein of groenstrook en we vragen u om hier in de teksten over de participatie op in te gaan. We adviseren om bij de participatie over de locatie keuze onderscheid te maken tussen het type locatie, locaties in de directe nabijheid van woningen behoeven een ruimer participatie niveau dan het nu in het hoofdstuk Participatieaanpak gestelde ‘meeweten’ (informeren). We adviseren positief over het werken met participatie plannen per buurt, we nemen aan dat deze door de voor de WIOR vergunning gemandateerde stadsdeelbestuurder worden ondertekend.

Vergunningen Momenteel worden de MSR’s vergund door middel van een WIOR (werken in de openbare ruimte) vergunning. Gezien de ruimtelijke impact en de impact op het gebruik van de plaatsing van MSR’s op de omgeving is soms een uitgebreidere (pre) toetsing nodig. We denken hierbij aan de toetsen die nu voor een omgevingsvergunning nodig zijn (zoals beschermde stadsgezichten, hoofdgroenstructuur, welstand). We adviseren u om te onderzoeken of het toekomstige omgevingsplan hier mogelijkheden voor kan bieden. U vraagt om één aanspreekpunt in het stadsdeel voor de plaatsing van de ruimtes. Wij kunnen hierin voorzien en juichen ook toe dat er één contactpersoon is die op relevante momenten wordt betrokken bij een aanvraag. Daarbij moet wel duidelijk zijn dat het stadsdeel niet de trekker van het proces rond plaatsing van een MSR is (denk aan het consulteren van de gebiedsteams, het participatietraject met bewoners en het overleg met de afdeling Vergunningen), maar dat deze coördinerende taak bij de stedelijke projectgroep ligt. Ondergrond Naast de MSR’s zullen ook de in Oost benodigde 100 tot 150 km kabels tussen de MSR’s en de onderstations en laagspanningskasten impact hebben op het bovengrondse gebruik van de openbare ruimte. Ze beperken bijvoorbeeld de mogelijkheid bomen te planten en er zullen eisen aan de toegankelijkheid worden gesteld.

We vragen u om in het ontwikkelperspectief hier nader op in te gaan. Meer in detail willen we graag nog aandacht vragen voor het volgende.

Pagina 3 van 5

Belangrijk bij de uitwerking van een standaard is: • We adviseren de MSR’s zo compact mogelijk te houden, hoe kleiner de het grondoppervlak, hoe beter. Ook in de vormgeving is maatwerk nodig: ronde vormen (bijvoorbeeld de ‘peperbus’) zijn beter in te passen. • Ooghoogte (van mensen) is een belangrijke maat: kun je over een object heen kijken? Dit moet een randvoorwaarde zijn voor de standaard. • Op bijzondere plekken adviseren we maatwerk MSR’s mogelijk maken: denk aan combinaties met andere nutsvoorzieningen, een speelobject, of een geheel groene MSR in een park. • Bekijk de mogelijkheden om de MSR ook een natuurinclusief object te laten zijn (nestkast, insecthotel, vleermuizen in de spouw, een groen dak), • Bekijk de mogelijkheid om de MSR te combineren met andere functies die in de openbare ruimte nodig zijn, denk aan een combinatie met het laden van elektrische auto’s, fietsen, scooters, OV kasten. Ongevraagd advies We vinden het positief dat er, gezamenlijk, een ‘afwegingskader’ wordt opgesteld om te komen tot locaties voor de MSR’s die zo veel mogelijk aansluit bij vigerende gemeentelijk beleid en het beleid van Liander.

Toch hebben wij de indruk dat, met alle opgaven die de komende jaren op de openbare ruimte afkomen, dit kader voor enkel de MSR-opgave niet genoeg is om alle huidige en toekomstige ruimtelijke claims in de openbare ruimte tijdig en zorgvuldig in te passen. Wij willen daarom graag van de gelegenheid gebruik maken uw college het onderstaande ongevraagde advies te geven: Het plaatsen van honderden extra MSR’s is één van de opgaves met een ruimtelijke impact waar de stad mee te maken heeft. Er komen nog andere transities op de stad af als gevolg van verduurzaming, klimaat en groeiende vraag naar data/connectiviteit. Naast MSR’s moet de stad de komende decennia plaats maken voor onderstations, meer dan 1500 warmteoverdrachtstations, tientallen ‘points of presence’ (data gebouwtjes), OV-kastjes, honderden straatkasten voor data, honderden laadpalen voor elektrische auto’s, logistiek etc. Het gaat hier allemaal om bovengrondse gebouwen of bouwwerken die ruimte claimen, vaak ook ondergronds. Op dit moment komen de ruimteclaims, los van elkaar, ter beoordeling terecht bij het stadsdeel waarbij we voor elke aanvraag een zo goed mogelijke afweging maken over inpassing van het object, rekening houdend met o.a. het behouden van de leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit van de openbare ruimte.

We missen een overzicht van alle (nuts)opgaven voor een gebied zodat we in één oogopslag te kunnen zien wat de opgaven ruimtelijk betekenen voor de stad c.q. voor een bepaald gebied. Al deze objecten beconcurreren elkaar in de praktijk in een bepaald geografisch gebied. We kunnen nu eigenlijk nog geen afweging per straat maken of een prioritering voor het toekennen van een functie onderbouwen. Met de te verwachten schaalvergroting van (nuts)objecten volstaat het niet meer om ad hoc, per gebouwtje een afweging te maken. Ook een afwegingskader voor alleen MSR’s is hiermee in ons beeld nog niet voldoende, want incompleet. Zo gaat de buurtgerichte aanpak logischerwijs uit van de bestaande inrichting van de straten en pleinen en houdt ze hiermee geen rekening met de veranderingen die we in de nabije toekomst voorstaan zoals het vergroenen van de openbare ruimte. Kabels en leidingen horende bij de MSR’s en andere nutsobjecten beperken bijvoorbeeld de mogelijkheden om bomen te plaatsen (voor klimaatadaptatie) of om de openbare ruimte. De huidige opgave en transities vragen om verdergaande maatregelen en kaders. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld een “stedelijk afwegingskader openbare ruimte” waarin met het stadsdeel o.a.

een prioritering wordt bepaald (welke ruimteclaims hebben meer en minder prioriteit?) en waarin concreet wordt bepaald, zo mogelijk per gebied of straat, waar wel en waar niet een (nuts)object kan worden geplaatst.

Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB

Het conceptadvies van het dagelijks bestuur is in stemming gebracht. Dit is unaniem aangenomen.

Pagina 4 van 5

Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders

Zie conceptadvies.

Pagina 5 van 5

Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam

Ruimtelijke Ordening, Openbare ruimte Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 16 mei 2023 Datum adviesaanvraag: 30 mei 2023 Deadline ontvangst advies: 11 juli 2023 Advies mailen naar: u.acilek@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam, met brief als bijlage Heeft er consultatie vooraf Het concept Ontwikkelperspectief is opgesteld samen met netbeheerder Liander. Tijdens plaatsgevonden? het BOSS op 28 september is de opgave en de voorgestelde aanpak voor het distributienet met de stadsdelen gedeeld. In diezelfde periode zijn er gesprekken geweest met de programmamanagers openbare ruimte over de voorgestelde aanpak en de opgave op het distributienet. Portefeuille: Directie:

… … … … … … … … …

Invullen door stadsgebied: Stadsgebied: Procesbegeleider: Datum staf: Datum dagelijks bestuur: Datum bestuurscommissie:

Weesp Irene Moes, Stephanie Klein 26 juni 2023 4 juli 2023 11 juli 2023 (voorbereidend), 18 juli (besluitvormend)

Registratienr. (optioneel):

Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: -

(art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of

-

(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.

DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)

Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur

We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam te voorzien van advies namens uw stadsdeel. Concreet vragen wij advies op de verbetervoorstellen en welke aanscherping of toevoegingen er nodig zijn. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13972515/1