4. Rapportage Kwaliteitscriteria ODNZKG 2024 def.pdf
Tekst van het document
Rapportage nulmeting KC 2.3 OD Noordzeekanaalgebied
Projectleider:
Mevr. Edith van Galen
Uitgevoerd door:
Libereaux B.V.
Opgesteld door:
Wim Dönnicke
Plaats, datum:
December 2024
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ................................................................................................................................ 2 1.1 Aanleiding trajecten Kwaliteitscriteria ................................................................................... 2 1.2 Wat voorafging .................................................................................................................... 2 1.3 Toelichting deskundigheidsgebieden ..................................................................................... 3 1.4 Aanpak ................................................................................................................................ 5
2.
Uitkomsten nulmeting ........................................................................................................... 6 2.1 Conclusies m.b.t. deskundigheidsgebieden ............................................................................ 6 2.2 ‘Explain’ deskundigheidsgebieden......................................................................................... 9 2.3 ‘Verbeteracties’ deskundigheidsgebieden ............................................................................10 2.4 Stand van zaken – aantal medewerkers in de 0-meting KC 2.3 ...............................................10
3.
Opleidingsbehoeften ............................................................................................................10 3.1 Opleidingsniveau ................................................................................................................13
4. 5.
Conclusies nulmeting ............................................................................................................14 Ambitie en aanbevelingen .....................................................................................................14
1. Inleiding Middels deze rapportage wil de OD NZKG aan haar opdrachtgevers laten zien dat (blijvend) aan de kwaliteitseisen wordt voldaan. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) richt zich op een hoge kwaliteit van haar producten. Een belangrijk doel van de oprichting van omgevingsdiensten is de kwaliteit van de uitvoering van de taken en de efficiency structureel te verhogen. En middels kennisdeling betere diensten te kunnen verlenen. 1.1 Aanleiding trajecten Kwaliteitscriteria Een professionele kwaliteit van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Dat is wat de samenleving van de overheid verwacht. Voor een goede uitvoering van deze VTH-taken zijn landelijke kwaliteitseisen ontwikkeld. Met de vastgestelde VTH kwaliteitscriteria zijn er afspraken gemaakt over de minimale kwaliteit van de uitvoering. De criteria geven aan welke capaciteit, kennis en ervaring tenminste in een organisatie aanwezig moet zijn om de VTH-taken goed uit te kunnen voeren; de zogenaamde ‘robuustheid’ van de organisatie. Voor de OD NZKG is dit een aanleiding om de robuustheid van de organisatie ten opzichte van deze criteria goed in beeld te brengen en te blijven borgen, door middel van trajecten in samenwerking met Libereaux uit te voeren.
1.2 Wat voorafging In 2010 is een nieuw VTH-stelsel opgebouwd door alle provincies en gemeenten, waarin zij taken voor het grootste deel laten uitvoeren door een omgevingsdienst. Het betreft een landelijk dekkend stelsel waarin nu 28 omgevingsdiensten opereren. In 2021 is onderzoek gedaan naar dit VTH-stelsel door de Commissie van Aartsen. Zij concludeerden dat het VTH-stelsel beter kan functioneren en kwamen met 10 aanbevelingen om dit stelsel te verbeteren. De inzet die daarvoor gepleegd wordt is om milieuschade te voorkomen, in plaats van achteraf te herstellen. In één van de 10 aanbevelingen wordt beschreven dat de VTH Kwaliteitscriteria de norm vormen. In de Packagedeal die de VNG, het IPO en het Rijk hebben gesloten, is afgesproken dat er Kwaliteitscriteria worden ontwikkeld en vastgesteld waaraan vergunningverlening, toezicht en handhaving in het Omgevingsrecht moeten voldoen. Vanuit de uitdaging om te komen tot één set met criteria die het fundament vormt voor een adequate uitvoering van de vergunningverlening, toezicht en handhaving is de set aan kwaliteitscriteria tot stand gekomen. Deze set is steeds verder geüpdatet en geactualiseerd, inmiddels tot een 2.3 versie. Een grote en brede groep praktijkdeskundigen uit gemeenten, provincies, landelijke en regionale diensten leverden hieraan een bijdrage.
De kwaliteitscriteria zijn bedoeld om de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (de VTH-taken) door gemeenten en provincies in het Omgevingsrecht te professionaliseren en de kwaliteit in de organisatie te borgen. De criteria gaan over proces en kritieke massa. Het voldoen aan de criteria zorgt ervoor dat het bevoegd gezag in staat is om de gewenste kwaliteit en continuïteit te leveren. De set maakt inzichtelijk welke kwaliteit van de VTH-taken burgers, bedrijven en instellingen, maar ook overheden onderling en als opdrachtgevers, mogen verwachten. Door te voldoen aan de criteria zorgt het bevoegd gezag ervoor dat ze in staat is om de gewenste kwaliteit te leveren.
1.3 Toelichting deskundigheidsgebieden De criteria hebben betrekking op het minimale kwaliteitsniveau dat nodig is om taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (inclusief de hiervoor benodigde activiteiten) tijdig, met de juiste procedurele en inhoudelijke kwaliteit en in continuïteit te kunnen uitvoeren. De reikwijdte van de Kwaliteitscriteria 2.3 verhoudt zich uitsluitend tot (eerdere) wabotaken. APV, Drank en horeca en evenementen vallen buiten de eisen die binnen de Kwaliteitscriteria gesteld worden. Binnen de Kwaliteitscriteria 2.3 wordt onderscheid gemaakt in 28 verschillende deskundigheidsgebieden, met elk hun eigen criteria. Generieke deskundigheidsgebieden 1. Casemanagen 2. Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening 3. Vergunningverlening milieu 4. Toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening 5. Toezicht en handhaving milieu 6. Toezicht en handhaving bodem 7. Toezicht en handhaving groene wetgeving Juridische deskundigheidsgebieden 8. Behandelen juridische aspecten vergunningverlening 9. Behandelen juridische aspecten handhaving 10. Behandelen juridische aspecten buitenplanse omgevingsplanactiviteit 11. Ketentoezicht 12. Buitengewone opsporing natuur en milieu en fysieke leefomgeving Specialistische deskundigheidsgebieden accent bouw 13. Bouwfysica 14. Brandveiligheid 15. Constructieve veiligheid 16.
Bouwakostiek (vervallen) 17. Sloop en asbest Specialistische deskundigheidsgebieden accent milieu 18. Afvalwater (indirecte lozingen) 19. Bodem, bouwstoffen, water 20. Externe veiligheid 21. Geluid & trillingen 22. Groen en ecologie (onderdeel van de beoordeling initiatieven) 23. Groen en ecologie (vergunningverlening natuur) 24. Luchtkwaliteit & geur Specialistische deskundigheidsgebieden ruimtelijke ordening & duurzaamheid 25. Stedenbouw en inrichting openbare ruimte 26. Kostenverhaal gebiedsontwikkeling en planeconomie 27. Cultuurhistorie 28. Energiebesparing en duurzaamheid
Om de criteria binnen deze deskundigheidsgebieden goed te kunnen begrijpen en te interpreteren zijn heldere definities nodig. De criteria voor de kritieke massa zijn uitgewerkt op basis van het onderstaande model.
Figuur 1: model kritieke massa Op hoofdlijnen bestaat de kritieke massa uit de onderstaande elementen: Deskundigheid: • Opleiding: de minimale basisopleiding en een indicatie van de aard en de omvang van de benodigde aanvullende opleidingen waarmee de kennis is te verkrijgen. • Werkervaring: het minimale aantal jaren relevante werkervaring die men nodig heeft om de taak zelfstandig uit te kunnen voeren. • Aanvullende kennis: de minimaal benodigde basiskennis en diepgaande kennis voor de zelfstandige uitvoering van de taak, in aanvulling op de opleidingen. Continuïteit: • Frequentie: de minimale frequentie per jaar waarmee een taak zelfstandig moet worden uitgevoerd om de deskundigheid te behouden. • Aantal: het minimale aantal medewerkers met de omschreven deskundigheid en frequentie waarover de organisatie moet kunnen beschikken om de noodzakelijke deskundigheid te kunnen borgen. • Borging: de omgeving waar deze activiteiten uitgevoerd moeten worden (binnen de overheid of uitbesteed) en de mogelijkheden die er zijn om in te huren.
1.4 Aanpak De nulmeting gericht op de Kwaliteitscriteria is gedaan onder begeleiding van Libereaux, waarvan de werkwijze reeds is toegepast bij meerdere OD’s en RUD’s. Medewerkers van de OD NZKG werken onder andere met digitale e-portfolio’s. Daarin hebben zij hun relevante activiteiten, werkervaring, opleiding en aanvullende kennis op één of meerdere deskundigheidsgebieden in kaart hebben gebracht en onderbouwd met ‘bewijsstukken’, zoals diploma’s en voorbeelden van producten die zij leveren. Deze bewijsstukken zijn door Libereaux getoetst, aan de hand van VRAAK-criteria (variabele, relevante, authentieke, actuele en kwantitatieve bewijsstukken), om een zo valide mogelijk beeld te schetsen van de expertise binnen de OD. Nadat per individu expertise ten opzichte van een deskundigheidsgebied in beeld is gebracht, zijn analyses gemaakt van de robuustheid in expertise van de organisatie. Analyses zijn mogelijk middels het VTH-dashboard, waarin de gegevens op het gebied van deskundigheid en VTH-taken van alle medewerkers bijeen zijn gebracht en geborgd worden. De conclusies in deze rapportage zijn gebaseerd op dit dashboard. Op basis daarvan worden afspraken gemaakt omtrent ontwikkeling en opleidingen in onder meer het Goede Gesprek tussen medewerkers en leidinggevenden.
Nulmeting Kwaliteitscriteria 2.3
Data analyse VTHdashboard
Analyserapportage
Van elke medewerker kan de score voor een deskundigheidsgebied worden uitgedrukt in een percentage. Er worden vijf variabelen gemeten met elk een verschillend ‘gewicht’: 1. 2. 3. 4. 5.
Activiteiten tellen voor 40% mee, Werkervaring voor 15%, Opleiding voor 30%, Kennis voor 15% Frequentie (weegt niet mee in deskundigheid)
De gedachte achter deze percentageverdeling, die landelijk wordt gehanteerd, is dat praktijkervaring (bestaande uit de elementen ‘Activiteiten’ en ‘Werkervaring’) met 55% net iets zwaarder weegt dan kennis en opleiding (bestaande uit de elementen ‘Basisopleiding’, ‘Aanvullende opleidingen’, ‘Basiskennis’ en ‘Diepgaande kennis’) met 45%. Deze wegingsfactoren vormen ook het uitgangspunt voor Vakbekwaamheid: het gaat immers niet over alleen het hebben van de juiste papieren, maar zeker ook over ervaring en kunde. Een medewerker is ‘deskundig’ conform de VTH-kwaliteitscriteria als hij of zij voor 75% of meer aan de criteria voldoet. Een deskundigheidsgebied staat op ‘groen’ als er twee of meer medewerkers binnen de OD voor minimaal 75% aan de vereisten in het betreffende deskundigheidsgebied voldoen. Ondanks dat de frequentie niet meetelt in het percentage, wordt er aan ieder deskundigheidsgebied wel een uren-eis gesteld.
Een organisatie dient voor de meeste deskundigheidsgebieden twee of meer medewerkers in huis te hebben die voldoen aan de gestelde criteria. Daarin wordt het principe ‘Comply or Explain’ gehanteerd; een organisatie laat zien dat zij twee of meer medewerkers per deskundigheidsgebied in huis hebben (comply) óf de organisatie wijkt daar gemotiveerd van af (explain).
2. Uitkomsten nulmeting Uit de nulmeting en aansluitende analyse blijkt dat de OD aan een groot aantal deskundigheidsgebieden binnen de Kwaliteitscriteria voldoet door ‘Comply or Explain’. In de tabel hieronder wordt per deskundigheidsgebied aangegeven in hoeverre de organisatie hieraan voldoet. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie conclusies: - Voldoende → de organisatie heeft twee of meer medewerkers in dienst die aan dit deskundigheidsgebied voldoen. - Explain → de organisatie kan niet voldoen aan dit deskundigheidsgebied, maar voldoet op basis van toelichting - Verbeteractie → het deskundigheidsgebied is wél binnen de organisatie belegd, maar de organisatie kan hier niet aan voldoen. Er dienen verbeteracties opgesteld te worden. 2.1 Conclusies m.b.t. deskundigheidsgebieden
Kennis en ervaring Deskundigheidsgebied
Conclusie
Aantal mw’ers
Aantal >75%
Aantal 50-74%
1. Casemanagen 1a. Gericht op eenvoudige situaties
Voldoende
1b. Gericht op complexe situaties
Voldoende
Voldoet o.b.v. desk.gebied 1b
9
8
1
2. Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening 2a. Gericht op eenvoudige situaties
Voldoende
2b. Gericht op complexe situaties
Voldoende
Voldoet o.b.v. desk.gebied 2b
8
6
2
3. Vergunningverlening milieu 3a. Gericht op klasse I en II 3b. Gericht op klasse I, II en III algemeen 3c. Gericht op klasse I, II en III procesindustrie 3d. Gericht op klasse I, II en III agrarisch 3e. Gericht op klasse I, II en III afval
Voldoende
Voldoet o.b.v. desk.gebied 3b
Voldoende
15
5
10
Voldoende
15
3
12
Voldoende
2
2
0
Voldoende
5
3
2
3f. Activiteit 7&8
Voldoende
15
6
9
4. Toezicht en handhaving bouwen en RO 4a. Gericht op eenvoudige situaties
Voldoende
4b. Gericht op complexe situaties
Voldoende
Voldoet o.b.v. desk.gebied 4b
10
8
2
5. Toezicht en handhaving milieu 5a. Gericht op klasse I en II 5b. Gericht op klasse I, II en III algemeen 5c. Gericht op klasse I, II en III procesindustrie 5d. Gericht op klasse I, II en III agrarisch 5e. Gericht op klasse I, II en III afval 5f. Gericht op klasse I, II en III Seveso
Voldoende
Voldoet o.b.v. desk.gebied 5b
Voldoende
23
20
3
Voldoende
25
18
7
Voldoende
6
4
2
Voldoende
5
4
1
Voldoende
20
17
3
6a. Activiteiten 1-6
Voldoende
17
17
-
6b. Activiteit 7 (complex)
Voldoende
17
13
4
6. Toezicht en handhaving bodem
7. Toezicht en handhaving groene wetgeving 8. Behandelen juridische aspecten vergunningverlening 9. Behandelen juridische aspecten handhaving 10. Behandelen juridische aspecten buitenplanse omgevingsplanactiviteit
-
Niet belegd bij OD *
Voldoende
16
15
1
Voldoende
18
15
3
Voldoende
7
4
3
11a. Activiteiten 1-5
Voldoende
5
3
2
11b. Activiteiten 6-10
Voldoende
4
3
1
11c. Activiteiten 11-12
Voldoende
4
3
1
Voldoende
7
7
-
13a. Activiteiten 1-5 – complexe situaties
Voldoende
3
3
-
13b. Activiteiten 6-10
Voldoende
3
2
1
11. Ketentoezicht
12. BOA 13. Bouwfysica
14. Brandveiligheid 14a. Activiteiten 1-7
Voldoende
2
-
14b. Activiteiten 8-11
Voldoende
2
-
15. Constructieve veiligheid
Voldoende
12
-
17. Sloop en asbest
Voldoende
4
3
18. Afvalwater (indirecte lozingen)
Explain*/ verbeteractie
16. Bouwakoestiek
19. Bodem, bouwstoffen, water 19a. Activiteit 1
Voldoende
33
32
1
19b. Activiteiten 2-3
Voldoende
33
26
7
19c. Activiteit 4
Voldoende
19
14
20. Externe veiligheid 20a. Activiteiten 1
Voldoende
5
5
-
20b. Activiteit 2-3
Voldoende
5
5
-
20c. Activiteit 4
Voldoende
5
3
2
20d. Activiteit 5
Voldoende
5
3
2
20e. Activiteit 6
Voldoende
4
4
-
21. Geluid & trillingen
Voldoende
10
6
4
22. Groen en ecologie (beoordeling initiatieven) 22a. Activiteit 1
Explain
Niet belegd bij OD *
22b. Activiteiten 2-4
Explain
Niet belegd bij OD *
23a. Activiteit 1
Voldoende
2
2
-
23b. Activiteit 2 en 3
Voldoende
2
2
-
24a. Activiteiten 1-2
Voldoende
2
2
-
24b. Activiteiten 3-5
Voldoende
2
2
-
24c. Activiteit 6
Voldoende
2
2
-
24. Luchtkwaliteit
25. Stedenbouw en inrichting openbare ruimte 25a. Activiteit 1
Voldoende
25b. Activiteit 2
Voldoende
25c. Activiteiten 3-4
Voldoende
26. Exploitatie en planeconomie
Niet belegd bij OD *
Explain
Onderdeel takenpakket gemeenten
27. Cultuurhistorie 27a. Activiteiten 1-5
Voldoende
27b. Activiteiten 6-10
Voldoende
27c. Activiteiten 11-15
Voldoende
Niet belegd bij OD *
28. Energie en duurzaamheid 28a. Activiteit 1
Voldoende
21
16
5
28b. Activiteiten 2-3
Voldoende
20
10
10
28c. Activiteit 4
Voldoende
17
2
15
2.2 ‘Explain’ deskundigheidsgebieden
*: Voor de 5 deskundigheidsgebieden die niet zijn beoordeeld is de taak niet ingebracht bij de OD NZKG, maar ligt dit bij de opdrachtgever of een andere omgevingsdienst. Sommige producten van de OD NZKG zijn wel afhankelijk van de kwaliteit bij de opdrachtgever op dit deskundigheidsgebied. Denk bijvoorbeeld aan een stedenbouwkundige afweging bij een omgevingsvergunning bij het afwijken van het bestemmingsplan. **: Voor het deskundigheidsgebied Afvalwater wordt de ‘explain’ toegepast. Kennis betreft deze activiteiten is wel degelijk aanwezig binnen de OD NZKG, maar niet voldoende geclusterd. Dat wil zeggen; kennis over het deskundigheidsgebied is belegd bij meerdere mensen, in plaats van bij enkele personen. De uitkomst is daardoor positief: van de 21 deskundigheidsgebieden waarbinnen de OD NZKG actief is, voldoet de organisatie aan alle 21 deskundigheidsgebieden (100%), door middel van comply or explain. Dat betekent dat er voor de OD NZKG geen directe verbeteracties opgesteld hoeven te worden.
2.3 ‘Verbeteracties’ deskundigheidsgebieden Voor het deskundigheidsgebied Afvalwater wordt de ‘explain’ toegepast. Kennis betreft deze activiteiten is wel degelijk aanwezig binnen de OD NZKG, maar niet voldoende geclusterd. Dat wil zeggen; kennis over het deskundigheidsgebied is belegd bij meerdere mensen, in plaats van bij enkele personen.
2.4 Stand van zaken – aantal medewerkers in de 0-meting KC 2.3
Door de actualisatie in 2024 is de opgedane kennis en ervaring van 195 medewerkers verwerkt in het VTH dashboard. Ten opzichte van vorig jaar zijn dat minder medewerkers. Dat is te verklaren door het grote aantal medewerkers dat nog getoetst dient te worden. Of medewerkers die hun Bij uitdiensttreding van medewerkers worden deze verwijderd uit het dashboard. De toetsing van medewerkers die de afgelopen maanden in dienst zijn gekomen, worden uiterlijk Q2 2025 uitgevoerd (met input afdelingsmanagers). Medewerkers die zich binnen het primaire proces bezighouden met zogeheten ‘plustaken’, zoals, vuurwerk, ontgrondingenwet, Wet Bibob en uitvoeringsbeleid, vallen niet onder één of meerdere deskundigheidsgebieden uit de KC 2.3. Om die reden maken deze medewerkers geen onderdeel uit van de kwaliteitscriteria metingen. Dit geldt ook voor medewerkers die buiten het primaire proces vallen. Het gaat hier bijvoorbeeld om aansturende, coördinerende, projectmatige, beleidsmatige, administratieve en ondersteunende functies. Hoewel deze (ongeveer 100) medewerkers niet onder de KC 2.3 vallen, krijgen zij wel de beschikking over een e-portfolio waarmee het gesprek over ontwikkeling en opleiding met de eigen leidinggevende gevoerd kan worden.
3. Opleidingsbehoeften Op basis van de nulmeting is hieronder in een tabel weergegeven welke opleidingen zouden helpen om medewerkers nog steviger ‘in het groen’ te tillen. Dit is geen voorwaarde, maar een advies. In het onderstaande overzicht zijn opleidingen weergegeven die tijdens de nulmeting bij medewerkers getoetst zijn, daarbij aangegeven hoe vaak de opleiding al dan niet is gevolgd. Binnen de Kwaliteitscriteria wordt onderscheid gemaakt tussen basis- en verdiepingscursussen en specialistische opleidingen. Bij de basiscursussen gaat het vaak om één- of tweedaagse cursussen die worden aangeboden door verschillende aanbieders. Waarbij de OD.nl
Aanvullende opleiding
Getoetst
Aangetoond
Niet aangetoond
Basiscursus Awb
150
88
62
Basiscursus Omgevingsrecht
155
100
55
Basiscursus Natuurregelgeving
49
8
41
Specialistische opleiding ABW I Specialistische opleiding ABW II Basiscursus Asbestherkenning
28 13 11
13 7
15 13 4
Basiscursus Milieuregelgeving
179
100
79
Basiscursus (Afval)water
107
58
49
Basiscursus RO-regelgeving
100
31
69
Basiscursus Bodemregelgeving Basiscursus Energie Basiscursus Afval
109 110 106 115
66 63 59 70
43 47 47 45
107 108
67 70
40 38
40 65
25 39
15 26
Basiscursus EV Basiscursus Geluid Basiscursus PGS richtlijnen Basiscursus SEVESO Basiscursus Administratief toezicht
Bijbehorende deskundigheidsgebieden Casemanagen, Vergunningverlening / T&H milieu, Juridisch, Geluid, E&D, Groen & ecologie (Wnb), Cultuurhistorie Casemanagen, Vergunningverlening / T&H milieu, Juridisch, Externe veiligheid, Geluid, Groen & ecologie (Wnb), E&D, Cultuurhistorie Vergunningverlening / T&H Bouwen en RO, T&H Groene wetten, Juridische aspecten, Groen & ecologie Vergunningverlening / T&H Bouwen en RO Vergunningverlening / T&H Bouwen en RO - complex T&H Bouwen en RO - complex Vergunningverlening / T&H Bouwen en RO, Vergunningverlening / T&H milieu, Juridische aspecten, Groen & ecologie (Wabo), E&D Vergunningverlening milieu, T&H milieu Vergunningverlening milieu, T&H milieu, Juridisch, E&D, Geluid, Groen & ecologie, Luchtkwaliteit, Cultuurhistorie Vergunningverlening milieu, T&H milieu Vergunningverlening milieu, T&H milieu Vergunningverlening milieu, T&H milieu Vergunningverlening milieu, T&H milieu, Externe veiligheid Vergunningverlening milieu, T&H milieu Vergunningverlening milieu, T&H milieu, Externe veiligheid Vergunningverlening milieu, T&H milieu T&H milieu, Ketentoezicht
Basiscursus Bouwregelgeving Basiscursus Erfgoedregelgeving Basiscursus Straf(proces)recht Verdiepingscursus Awb Verdiepingscursus Omgevingsrecht Verdiepingscursus administratief toezicht & auditvaardigheden Cursus lead-auditor Specialistisch opleidingsprogramma NIM voor Seveso-toezicht Besluit bouwwerken leefomgeving Specialistische opleiding Beton-, staal-, of houtconstructeur (hbo-niveau)
Vergunningverlening milieu, Juridische aspecten, Brandveiligheid Juridische aspecten Juridische aspecten Handhaving Juridische aspecten Juridische aspecten
58
13
45
20 24 23
4 19 18 33
22 16 5 5 30
10 12
11 9
T&H milieu Seveso inrichtingen
4
2
3
Bouwfysica, Constructieve veiligheid
15
9
6
Constructieve veiligheid
63 21 21
Vergunningverlening milieu, T&H milieu
T&H milieu Seveso inrichtingen
3.1 Opleidingsniveau Van de 195 medewerkers die verwerkt zijn in het VTH dashboard is geanalyseerd wat hun basisopleidingsniveau is. Van medewerkers hebben we basisniveau kunnen achterhalen. Onderstaande grafiek bevat de resultaten van deze analyse (stand december 2024).
27% relevant hbo of wo niveau 73%
relevant mbo niveau niet bekend
Hoewel basisopleiding voor 27% meetelt in de weging, hoeft het niet inzichtelijk hebben van de basisopleiding niet per definitie te betekenen dat een medewerker niet voldoet aan een deskundigheidsgebied. Ervaring en aanvullende deelopleidingen dragen net zo goed aan het totaal beeld bij.
4. Conclusies nulmeting Uit de nulmeting van de Kwaliteitscriteria blijkt het volgende: Uit de actualisatie van 2024 blijkt het volgende: •
De OD NZKG laat zien robuust te zijn als het gaat om expertise binnen de Kwaliteitscriteria. Binnen een groot aantal deskundigheidsgebieden heeft de organisatie zelf voldoende kennis en kunde in huis (21 van 27);
•
(6 van 27) deskundigheidsgebieden worden kunnen als voldoende worden beschouwd door middel van Explain. Deze deskundigheidsgebieden zijn belegd bij gemeenten, Veiligheidsregio of andere omgevingsdiensten. Daarnaast zijn er binnen deskundigheidsgebieden samenwerkingsafspraken gemaakt met andere OD’s.
•
In totaal zijn er nu 195 medewerkers onderdeel van het dashboard. Daarvan zijn er 195 volledig getoetst aan het dashboard. De nieuwe medewerkers staan voor uiterlijk Q2 2025 op de lijst staan om hun raakvlakken met de Kwaliteitscriteria in beeld te brengen. Dit valt samen met de actualisatie op KC3.0.
5. Ambitie en aanbevelingen De actualisatie op de Kwaliteitscriteria 2.3 in 2024 laat zien dat de OD NZKG er ten opzichte van de Kwaliteitscriteria goed voor staat. De organisatie voldoet aan alle deskundigheidsgebieden door middel van ‘comply or explain’. Voor het ‘openstaande’ deskundigheidsgebied Afvalwater wordt gemotiveerd afgeweken. Kennis gericht op deze activiteiten is wel degelijk aanwezig binnen de OD NZKG, maar niet voldoende geclusterd. Dat betekent dat er voor de OD NZKG geen directe verbeteracties opgesteld hoeven te worden. Het e-portfolio wordt door de medewerkers bijgehouden; (nieuwe) bewijsstukken en certificaten worden geüpload en gedeeld met de teammanager. Ook de medewerkers die niet onder een deskundigheidsgebied van de Kwaliteitscriteria vallen kunnen hun e-portfolio bijhouden en aanvullen. Verder zal het VTH-dashboard onderhouden worden en mutaties doorgevoerd, zodat de OD NZKG blijvend kan aantonen te voldoen aan de Kwaliteitscriteria. Deze criteria dienen jaarlijks onder de aandacht gebracht te worden bij medewerkers, door ze bijvoorbeeld onderdeel te maken van het goede gesprek. Zodra medewerkers ontwikkelingen opdoen ten opzichte van hun deskundigheidsgebied, worden deze verwerkt in de VTH-monitor. Voornemen van de organisatie is om een API-koppeling uit te voeren tussen het personeelssysteem AFAS en DITKANIK.NU.
De personeelsmutaties worden dan automatisch doorgevoerd. Dit geeft meer helderheid over mutaties van personeel. Waarbij de robuustheid en ontwikkelstatus van de medewerkers beter in kaart kan worden gebracht. Zo werken we samen naar een toekomstgerichte omgevingsdienst. 2025 staat in het teken van het “strak” zetten van het dashboard, overgang naar 3.0,
betere onderlinge communicatie en afstemming. Om Zo de OD NZKG toekomstgericht te maken op de kwaliteitscriteria. Door de komst van de Omgevingswet, maar ook digitalisering en andere behoeften van de klant en burger, heeft de OD NZKG daarnaast de intentie verder te professionaliseren. De ambitie van de OD NZKG is de komende periode dan ook gericht op het verder professionaliseren van medewerkers. De focus gaat gelegd worden op: • • •
Het aanbrengen van een (positieve) leercultuur door de Kwaliteitscriteria te blijven borgen binnen gespreksvoering. Koppeling AFAS OD NZKG – DITKANIK.NU Het werken aan organisatorische randvoorwaarden om zo de medewerkers de voor hem meest effectieve ontwikkelroute te laten doorlopen;
•
Ontwikkeling ten opzichte van zowel de VTH-Kwaliteitscriteria als de soft skills vervolgens te borgen in proces en uitvoering
•
Kennis en ervaring te delen met opdrachtgevers en haar medewerkers
Tot slot De conclusie schept vertrouwen en sterkt ons beeld van de investeringen die de OD NZKG de afgelopen periode heeft gedaan. De OD NZKG zal zich blijven inzetten voor een gezonde en veilige woonwerkomgeving en doet dan ook een handreiking om hierin samen op te blijven trekken. Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, december 2024