4. Rapport BinnenstadsEnquete 2024
Tekst van het document
BinnenstadsEnquête 2024 Onderzoek en Statistiek
In opdracht van: Projectnummer: Auteur: E-mailadres:
stadsdeel Centrum 240198 Lieselotte Bicknese l.bicknese@amsterdam.nl
Bezoekadres: Post:
President Kennedylaan 923 Postbus 658 1000 AR Amsterdam 020 251 0333 onderzoek.amsterdam.nl
Telefoon: Website:
Amsterdam, oktober 2024 Foto voorpagina: Grimburgwal / Oudezijds Achterburgwal (Edwin van Eis)
Inhoud
Inhoud
2
Samenvatting en conclusie
4
Inleiding
9
1
2
3
4
5
6
Onderzoeksvraag Werkwijze en respons Leeswijzer
9 10 13
Ontwikkeling binnenstad
14
1.1 1.2
14 14
Nog geen omslag in ontwikkeling binnenstad Verslechterd: schoonhouden, drukte en wegwerkzaamheden
Maatregelen Aanpak Binnenstad
18
2.1 2.2 2.3
18 19 21
46% vindt de maatregelen buiten het Wallengebied (te) weinig ingrijpend Maatregelen in Wallengebied meestal positief voor leefbaarheid Meeste Amsterdammers merken in eigen wijk niets van maatregelen Wallen
Het beeld van de binnenstad
24
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
24 26 27 27 29
Meeste Amsterdammers voelen zich verbonden met de binnenstad Trots op binnenstad krijgt gemiddeld een 6,6 Meeste Amsterdammers willen levendige, drukke binnenstad voor iedereen Toeristen te dominant aanwezig Wallengebied: meer cultuur en minder coffeeshops en souvenirs
Gebruik binnenstad
31
4.1 4.2 4.3
31 32 33
Liefhebbers en mijders van de binnenstad Ruim helft respondenten komt graag en regelmatig naar de binnenstad Belangrijkste bezoekmotieven: werk, cultuur, horeca en winkelen
Beleving van de binnenstad
36
5.1 5.2 5.3 5.4
36 37 39 39
Mijders van de binnenstad voelen zich er vaak niet op hun gemak Binnenstad krijgt een 6,5 voor thuisvoelen Meerderheid vindt de binnenstad vervelend druk Afval en wegopbrekingen zorgen het vaakst voor ernstige overlast
Onprettige plekken
42
6.1
42
Buurt Oude Kerk e.o wordt het vaakst onprettig gevonden
Bijlage 1 Samenstelling respons
45
Bijlage 2 Vragenlijst
48
3
Samenvatting en conclusie
In 2024 heeft O&S in opdracht van stadsdeel Centrum voor de vierde keer de BinnenstadsEnquête uitgevoerd. Dit is een jaarlijkse online enquête over de prioriteiten van de Aanpak Binnenstad. Dit jaar is daarbij aangesloten bij twee andere onderzoeken: De vragenlijst heeft dit jaar extra vragen over het thema thuisvoelen. De BinnenstadsEnquête sluit hiermee aan bij een verdiepend onderzoek naar dit thema dat wordt uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam in opdracht van stadsdeel Centrum. Bewoners en ondernemers in het Wallengebied ontvingen dit jaar voor het eerst allemaal een schriftelijke uitnodiging om deel te nemen aan de BinnenstadsEnquête. Deze werkwijze sluit aan bij de Leefbaarheidsenquête Wallengebied. De BinnenstadsEnquête verzorgt hiermee nu ook een van de halfjaarlijkse metingen van de resultaten van de maatregelen in het Wallengebied om de leefbaarheid te verbeteren. De vragenlijst is volledig ingevuld door 6.323 personen, onder wie 2.365 binnenstadsbewoners (37%), 815 ondernemers in de binnenstad (13%), 3.058 Amsterdammers uit de overige delen van de stad (49%) en 85 forenzen met een baan in de binnenstad (1%). Respondenten zien nog geen omslag in de volgens hen negatieve ontwikkeling van de binnenstad Van de respondenten vindt 62% dat de binnenstad van Amsterdam in het algemeen achteruit gaat.
Onder respondenten uit de binnenstad ligt dit percentage hoger (67%). Het oordeel van de binnenstadsbewoners is sinds 2022 niet veranderd. De ondernemers en de overige respondenten leken vorig jaar wat positiever te worden, maar zij zijn nu zelfs negatiever dan in 2022. Bijna alle respondenten weten minstens één punt te noemen waarop de binnenstad de afgelopen 12 maanden achteruit is gegaan. Het vaakst wordt het schoonhouden van de straten genoemd (51%), gevolgd door de drukte (38%) en de wegwerkzaamheden (35%). De top 3 is hiermee anders dan in 2023. Toen stond de drukte nog op de eerste plaats, gevolgd door het schoonhouden en het winkelaanbod. Op de vraag wat er de afgelopen 12 maanden is verbeterd in de binnenstad, zegt 41% geen verbeteringen te hebben gezien. De meest gesignaleerde verbeteringen zijn het groen (10%), het verkeer (7%) en het onderhoud van de openbare ruimte (6%). 86% vindt de maatregelen van de gemeente neutraal tot te weinig ingrijpend De maatregelen van de gemeente om de leefbaarheid in de binnenstad te verbeteren vindt 46% (te) weinig ingrijpend en 40% is hier neutraal over of weet het niet. Als alleen naar de maatregelen in het Wallengebied wordt gekeken, vindt 32% de maatregelen (te) weinig ingrijpend. Over het Wallengebied zijn de meningen wel verdeeld: 25% vindt de maatregelen hier juist (te) ingrijpend.
In de wijk Burgwallen-Oude Zijde speelt dit het sterkst. Hier vindt de helft de maatregelen te weinig ingrijpend en 20% te ingrijpend. Vrijwel alle respondenten die het afgelopen jaar in het Wallengebied zijn geweest, is daar minstens één van de maatregelen voor het verbeteren van de leefbaarheid opgevallen. De
4
maatregelen op het gebied van toezicht en handhaving en de regels voor groepen met een gids vindt 40% tot 50% (een beetje) positief voor de leefbaarheid. Over maatregelen rond het gebruik van verdovende middelen wordt verschillend gedacht. Grofweg een derde denkt dat deze (een beetje) positief zijn, terwijl 20% het blowverbod en 17% het alcoholverkoopverbod juist negatief vinden voor de leefbaarheid. Ondernemers zijn in het algemeen vaker negatief over de maatregelen dan de bewoners van de binnenstad. Dit geldt het sterkst voor de vervroegde sluitingstijden, die bijna de helft van de ondernemers negatief vindt en ruim een derde van de bewoners juist positief. Ruim acht op de tien respondenten komen (soms) graag naar de binnenstad De ambitie van de Aanpak Binnenstad is de Amsterdamse binnenstad weer een plek te maken waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich thuisvoelen. Van de respondenten is 38% een liefhebber van de binnenstad: zij komen er graag en mijden het gebied (meestal) niet. De grootste groep respondenten (45%) is wat minder uitgesproken en mijdt de binnenstad soms. Zij staan over het algemeen echter wel positief tegenover de binnenstad. Een groep van 17% is een vermijder van de binnenstad: zij komen er niet graag en mijden de binnenstad soms tot altijd. Binnenstadsbewoners geven de mate waarin zij zich thuisvoelen in de binnenstad gemiddeld een 7,1.
Dit cijfer is hoger dan in voorgaande jaren. Bijna driekwart voelt zich verbonden met de binnenstad Bijna driekwart van de respondenten voelt zich redelijk tot sterk verbonden met de binnenstad. Dit is vergelijkbaar met de verbondenheid met Amsterdam als geheel en gemiddeld genomen hoger dan de verbondenheid met de eigen woonbuurt in Amsterdam (bron: Burgermonitor 2023). De respondenten hechten ook veel waarde aan deze verbondenheid: 63% heeft er (zeer) veel behoefte aan. De binnenstad lijkt hiermee een ankerpunt te zijn in de collectieve verbeelding van Amsterdam (Pinkster en Duyvendak, 2024). Over het algemeen vinden de respondenten dat de binnenstad van Amsterdam een levendige en drukke plek zou moeten zijn voor zeer verschillende groepen. Daarbij vindt men wel vaker dat het een plek voor alle Amsterdammers moet zijn (91%) en wat minder vaak een plek voor heel Nederland (58%) of een internationale plek (57%). Bijna tweederde is dan ook van mening dat de buitenlandse toeristen te nadrukkelijk aanwezig zijn in de binnenstad. Feestgangers volgen op afstand met 24%. Wanneer het gaat om de gewenste aanwezigheid van bepaalde soorten bedrijven in het Wallengebied zou 60% er graag meer kunst- en cultuurinstellingen zien. Het aantal restaurants, winkels en cafés zouden veel respondenten laten zoals het is.
Het aandeel dat de aanwezigheid van prostitutie gelijk wil laten op de Wallen is gestegen van ongeveer 40% tot 50%, ten koste van de groep die wil dat er minder prostitutie op de Wallen is. Ruim zes op de tien vinden dat er geen of minder coffeeshops in het Wallengebied zouden moeten zijn en 79% vindt dit voor souvenirwinkels, minimarkets en seksshops. Bezoekmotieven aan de binnenstad niet veranderd Bijna alle respondenten uit andere stadsdelen van Amsterdam komen minstens één keer per jaar in de binnenstad. Bijna zes op de tien respondenten gaan minstens één keer per week. De redenen om de binnenstad te bezoeken zijn door de jaren heen stabiel. Bijna negen op de tien bezochten afgelopen jaar een voorziening in de binnenstad, zoals een museum, winkel of coffeeshop. Veel respondenten (81%) kwamen om functionele redenen in de binnenstad, zoals hun werk of studie of omdat het op de route ligt. Ruim zes op de tien
5
kwamen voor de openbare ruimte en gingen bijvoorbeeld wandelen of varen. Voor alle drie de bezoekmotieven geldt dat zij vaker bezoekers trekken uit aangrenzende stadsdelen, jongeren of andere mensen die nog niet heel lang in de binnenstad zijn gevestigd, mensen uit de lhbtqia+-gemeenschap en/of met een hbo of wo-diploma en mensen die sowieso zeer regelmatig naar de binnenstad komen. Mijders van de binnenstad komen bijna net zo vaak als anderen naar de binnenstad om functionele redenen, maar maken veel minder gebruik van de voorzieningen en de recreatiemogelijkheden in de openbare ruimte. Liefhebbers van de binnenstad komen vooral vaker naar de binnenstad voor de openbare ruimte. Mensen die geen functionele reden hebben om naar de binnenstad te gaan, bezoeken de binnenstad relatief weinig. Waarschijnlijk maken zij hierdoor ook minder gebruik van de voorzieningen en de openbare ruimte. Het gaat vaker om mensen met maximaal vmbo, ouderen en bewoners van Weesp en Zuidoost.
Voorwaarden voor thuisvoelen De vier voorwaarden voor thuisvoelen die genoemd worden in het reflectiestuk van de Universiteit van Amsterdam komen ook naar voren uit de enquêtes van de Aanpak Binnenstad: Familiariteit/ bekendheid met de routines en rituelen van de binnenstad: Respondenten die wekelijks in de binnenstad komen, voelen zich er veel meer thuis dan degenen die er niet vaker dan een paar keer per jaar komen. Veiligheid: Van de respondenten voelt 68% zich (meestal) op hun gemak in de binnenstad. Ruim de helft van hen geeft een hoog cijfer voor thuisgevoel. De 16% die zich meestal niet op hun gemak voelen in de binnenstad, voelt zich er meestal ook niet thuis (79%). Identiteit/positieve invloed van de plaats op je zelf(beeld): Bijna driekwart van de respondenten die een 8 of hoger geven voor hun thuisgevoel, geven eenzelfde cijfer voor hun gevoel van trots op de Amsterdamse binnenstad. Van degenen die zich niet thuisvoelen, geeft tweederde ook een onvoldoende voor trots. Eigenaarschap/invloed hebben op de plaats: Uit de Leefbaarheidsenquête Wallen van maart 2024 blijkt dat bewoners en ondernemers die zich inzetten voor de leefbaarheid van het Wallengebied een hoger cijfer geven voor het thuisgevoel in de eigen buurt (7,8) dan degenen die zeggen dit wel te willen doen, en al dat niet een reden opgeven waarom ze dit niet doen (7,4).
Respondenten die aangeven geen behoefte te hebben om zich in te zetten voor de buurt, geven echter het hoogste cijfer (8,1). Meerderheid vindt binnenstad vervelend druk Rond 2014 begint het toerisme naar Amsterdam sterk toe te nemen. Het is ook rond die tijd dat steeds meer Amsterdammers de binnenstad vervelend druk beginnen te vinden. Voor 2014 vond ongeveer één op de tien binnenstadsbewoners dat. In 2024 vinden zes op de tien binnenstadsbewoners de binnenstad vervelend druk. Het aandeel dat het er gezellig druk vindt, daalde in deze periode van circa 70% naar 26%. Het oordeel over de drukte hangt sterk samen met de mate waarin men zich thuisvoelt in de binnenstad. Zo vindt bijna de helft van de respondenten die een 8 of hoger geven voor thuisvoelen de drukte gezellig, terwijl 80% van degenen die zich onvoldoende thuisvoelen de drukte vervelend vinden.
6
Afval en wegopbrekingen zorgen het vaakst voor ernstige overlast Afval en wegopbrekingen zijn de meest voorkomende vormen van overlast in de binnenstad: 79% en 65% ervaren dit er meestal tot altijd. Daarna volgen op afstand de overlast van lange rijen op straat en blowende mensen (39% en 37%). Buitenslapers, drugsverslaafden en straatdealers zorgen bij 21%, 20% en 13% van alle respondenten meestal tot altijd voor ernstige overlast in de binnenstad. Diverse vormen van overlast die veroorzaakt kunnen worden door uitgaanspubliek zijn alleen aan respondenten die in de binnenstad wonen of werken voorgelegd. Ruim een derde van hen ervaart meestal tot altijd ernstige overlast van luidruchtig gedrag en wangedrag. De overlast van het geluid van horecagasten en mensen op straat na 02:00 uur wordt door ongeveer een kwart (meestal) als ernstig ervaren. Omgeving Damrak, Dam en red light district vindt men het vaakst onprettig Bijna alle respondenten weten een onprettige plek in de binnenstad te noemen. Op de kaart wijst men het vaakst plekken aan in de omgeving van het Damrak, het redlight district, de Nieuwendijk en het centraal station. Uit de toelichtingen blijkt dat men het hier altijd extreem druk vindt: verkeer, toeristen, feestgangers, daklozen, verslaafden en winkelend publiek komen hier samen. Op het Damrak en de directe omgeving daarvan is sprake van overtoerisme.
De winkels worden ordinair genoemd, gericht op toeristen en/of goedkoop. In het redlight district zorgt het publiek voor overlast door wangedrag: kotsen, pis, schreeuwen, catcalling. Met name later op de avond kam er agressie zijn, zowel door publiek, als door sekswerkers en dealers. Het gebied wordt onleefbaar gevonden voor bewoners. Verschillen tussen groepen respondenten Respondenten uit de binnenstad Binnenstadsbewoners en ondernemers voelen zich het vaakst en het meest verbonden met de binnenstad. Tegelijkertijd vinden zij ook het vaakst dat de binnenstad achteruitgaat door met name afval, drukte en wegwerkzaamheden. Als het gaat om bezoekers en nachtrust, hebben ze echter vaak verschillende belangen. Ondernemers vinden de maatregelen van de gemeente voor de leefbaarheid zowel vaker te ingrijpend als te weinig ingrijpend. Bewoners vinden de maatregelen vaker te weinig ingrijpend. Andere stadsdelen Respondenten die in een ander stadsdeel wonen en geen baan hebben in de binnenstad voelen zich minder verbonden met de binnenstad dan andere Amsterdammers. Ook afstand speelt een rol: buiten de ring is de verbondenheid minder dan in de stadsdelen die aan Centrum grenzen. De verbondenheid met de binnenstad en de behoefte daaraan is het laagst in het nieuwe stadsgebied Weesp. Forenzen Forenzen hebben relatief vaak geen behoefte aan binding met de binnenstad (15%).
Vaker dan Amsterdammers vinden ze dat je in de binnenstad te veel demonstranten, daklozen, verslaafden en straatdealers ziet. Jongeren De voorzieningen, openbare ruimte en functies van de binnenstad hebben relatief veel aantrekkingskracht op jongeren. Tegelijkertijd mijden respondenten onder de 35 jaar de binnenstad ook vaak. Ze ergeren zich er relatief vaak aan het gedrag van anderen. Hoe jonger men is, hoe vaker men zegt dat het thuisvoelen achteruit gaat in de binnenstad. Daarnaast signaleren respondenten onder de 35 relatief vaak dat het woningaanbod (19%), de drugsoverlast (12%) en het groenaanbod (7%) in de binnenstad achteruitgaan.
7
Ouderen Naarmate men ouder wordt en/of langer gevestigd is in de binnenstad neemt de verbondenheid met de binnenstad toe en vindt men dat het achteruit gaat. Vooruitgang van de binnenstad wordt vaker gesignaleerd door mensen die korter dan 5 jaar in de binnenstad zijn gevestigd (16%) en/of, mensen met een migratieachtergrond uit Europa, Amerika of Oceanië (18%). Opleidingsniveau Personen met maximaal vmbo vinden de drukte in de binnenstad vaker gezellig dan respondenten met een hbo of wo-opleiding. Geslacht Mannen waarderen de binnenstad over het algemeen meer dan vrouwen. Wijken Bewoners en ondernemers van de wijken Burgwallen Oude en -Nieuwe Zijde (78%), Grachtengordel-West (77%) en de Haarlemmerbuurt (75%) vinden het vaakst dat de binnenstad achteruit gaat. In de beide Burgwallen signaleert men het vaakst overlast, vindt men de drukte vaak vervelend en geven veel respondenten een onvoldoende voor trots op de binnenstad. In Burgwallen-Oude Zijde merkt men vaker dan in de andere wijken positieve effecten van de maatregelen van de gemeente (15%). In Nieuwmarkt/Lastage en Burgwallen-Nieuwe Zijde merkt een deel van de respondenten waterbedeffecten op van de maatregelen in Burgwallen-Oude Zijde. Over het Wallengebied verschijnt een verdiepende rapportage: BinnenstadsEnquête Wallengebied.
8
Inleiding
Onderzoeksvraag In 2020 is de Aanpak Binnenstad van start gegaan. Het betreft een breed pakket aan maatregelen dat het Bestuurlijk Team Aanpak Binnenstad, bestaande uit de burgemeester, wethouder EZ en stadsdeelvoorzitter Centrum, neemt om de leefbaarheid in de binnenstad te verbeteren. De ambitie van de Aanpak Binnenstad luidt voluit: De Amsterdamse binnenstad moet weer een plek worden waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich thuisvoelen. Als centrum van de hoofdstad van ons land vervult het voor alle Nederlanders een plek van samenkomst en betekenis, onder meer vanwege de vele culturele, maatschappelijke, economische en historische functies. Bezoekers uit binnenen buitenland blijven we verwelkomen als open en internationale binnenstad, wanneer zij komen voor het unieke karakter van Amsterdam en er van toegevoegde waarde zijn. Voor het monitoren van het programma zijn 4 producten opgesteld: 1. BinnenstadsEnquête: dit is een jaarlijkse enquête onder Amsterdammers van alle stadsdelen, ondernemers in stadsdeel Centrum en mensen met een baan in Centrum. De vragenlijst gaat over de beleving en het gebruik van de binnenstad met focus op de ambities en de 6 prioriteiten van de Aanpak Binnenstad. 2.
Leefbaarheidsenquête Wallengebied: deze enquête wordt twee keer per jaar uitgezet onder alle huishoudens en ondernemingen in (de directe omgeving van) het Wallengebied en gaat over de effecten van de maatregelen in het Wallengebied. Vanaf 2024 verloopt één van de twee metingen via de Binnenstadsenquête. Deze versie noemen we BinnenstadsEnquête Wallengebied. 3. BinnenstadsCijfers: stadsdeel Centrum beschrijft de ontwikkeling van de binnenstad op basis van bestaande statistieken en onderzoeksresultaten. 4. Voortgangsrapportage: de resultaten van de maatregelen. Sinds 2021 voert de afdeling Onderzoek en Statistiek (O&S) in opdracht van stadsdeel Centrum jaarlijks de Binnenstadsenquête uit. De Binnenstadsenquête brengt in beeld hoe Amsterdammers en forenzen die werken in de binnenstad de binnenstad beleven en wat zij merken van de maatregelen van de Aanpak Binnenstad. In 2024 besteedt de vragenlijst eenmalig extra aandacht aan het hoofdthema van de Aanpak Binnenstad: thuisvoelen. De resultaten van dit vragenblok zijn input voor een onderzoek dat de Universiteit van Amsterdam uitvoert in opdracht van stadsdeel Centrum naar het begrip thuisvoelen in de binnenstad. Over dat onderzoek, dat naast de enquêteresultaten ook een literatuurstudie en focusgesprekken behelst, wordt separaat gerapporteerd door de Universiteit van Amsterdam.
9
Werkwijze en respons Vragenlijst Het projectteam Aanpak Binnenstad, stadsdeel Centrum, de Universiteit van Amsterdam en O&S hebben in overleg een vragenlijst opgesteld. De vragenlijst bestaat voor het merendeel uit een set kernvragen die ieder jaar zoveel mogelijk hetzelfde zijn. Daarnaast worden elk jaar een aantal verdiepende vragen gesteld, die ook eenmalig gesteld kunnen worden. In 2024 is er extra aandacht voor het thema thuisvoelen. Om voldoende vragen over dit thema te kunnen stellen zijn dit jaar een deel van de kernvragen komen te vervallen. Kernvragen: Hoe vindt men dat de binnenstad zich ontwikkelt en waarom? Wat merkt men van de genomen maatregelen? Hoe vaak komt men naar de binnenstad en waarom? Dit jaar vervallen: Rapportcijfers voor 20 positief geformuleerde stellingen die het einddoel van de Aanpak Binnenstad beschrijven. Dit jaar vervallen: Welke thema’s van de aanpak vindt men het belangrijkst? Verdiepende vragen 2024 rond het thema thuisvoelen: Behoefte aan verbondenheid met de binnenstad Hoe en voor wie vindt men dat de binnenstad moet zijn? Hoe beleeft men de binnenstad? Groepen die te dominant aanwezig zijn Onprettige plekken in de binnenstad Bezoekers, oftewel respondenten die niet in Amsterdam wonen of werken, krijgen een verkorte versie van de vragenlijst. De vragenlijst is zowel in het Nederlands als in het Engels opgesteld.
De Nederlandstalige versie is opgenomen in de bijlagen. Doelgroep De doelgroep van het onderzoek bestaat uit alle inwoners van de gemeente Amsterdam, met extra inzet op de inwoners van de binnenstad, iedereen die in de binnenstad onderneemt en iedereen die een baan heeft in binnenstad. Daarnaast is in 2024 geprobeerd om met de gebruikelijke werkwijze ook bezoekers aan de binnenstad te bereiken. Dataverzameling De respondenten zijn op verschillende manieren uitgenodigd om aan het onderzoek mee te werken. Aansluitend op de werkwijze van de Leefbaarheidsenquête Wallengebied ontvingen alle 7.769 adressen in de directe omgeving van het Wallengebied eind augustus een schriftelijke uitnodiging om de online vragenlijst in te vullen. Per adres kon 1 persoon de vragenlijst invullen met gebruik van het meegeleverde wachtwoord. Van deze mogelijkheid hebben 870 bewoners en ondernemers gebruik gemaakt. De respons van 11% is vergelijkbaar met vorige metingen van de Leefbaarheidsenquête Wallengebied. Ruim een week na het versturen van de brieven met wachtwoord is voor alle overige respondenten op diverse wijzen een open link naar de vragenlijst op de site van O&S verspreid. De vragenlijst was bereikbaar in de periode 2 tot en met 22 september 2024.
10
Een open link wil zeggen dat de vragenlijst zonder wachtwoord is te bereiken. Het voordeel van werken met advertenties met een open link via social media (Facebook, Instagram) is het grote bereik. In principe kunnen alle ruim 183.000 Amsterdammers die de advertentie hebben ontvangen in hun tijdlijn hun beleving van de binnenstad delen in het onderzoek. Het risico van werken zonder vooraf getrokken steekproef is dat er meer ruimte is voor zelfselectie van respondenten die zich betrokken voelen bij de binnenstad of een bepaald thema; bijvoorbeeld door onderling de link naar het onderzoek te verspreiden. De ervaring met eerdere versies van de Binnenstadsenquête leert dat dit gebeurt in de wijk BurgwallenOude Zijde. Bepaalde vindplaatsen van de link trekken naar verhouding veel zeer negatieve respondenten. Het onderzoek kan in een dergelijk geval niet aantonen hoe groot de groep met dit standpunt in werkelijkheid is, maar geeft wel het signaal dat het standpunt leeft in de buurt. Om deze reden, en om zoveel mogelijk mensen de kans te geven aan het onderzoek mee te doen, heeft het team Aanpak Binnenstad ervoor gekozen om gebruik te blijven maken van een open link. Ook in 2024 lijkt er versterkte zelfselectie plaats te hebben gevonden in enkele buurten in het Wallengebied.
De invloed van deze respondenten op de resultaten wordt uitgebreid beschreven in de rapportage Binnenstadsenquête Wallengebied 2024. Gebied in (de directe omgeving van) het Wallengebied waar alle adressen een schriftelijke uitnodiging ontvingen
11
Respons De vragenlijst is volledig ingevuld door 6.505 personen. Van hen maakte 12% gebruik van de mogelijkheid om dit in het Engels te doen. Onderstaande tabel geeft aan hoe de respondenten verdeeld zijn over de verschillende doelgroepen. Het aantal respondenten uit de gemeente Amsterdam is ruim voldoende. Het aantal respondenten van buiten de stad en met een baan in de binnenstad is met 85 laag, maar voldoende om te kijken of zij anders over de binnenstad denken dan de Amsterdamse respondenten. Het is niet mogelijk gebleken om via sociale media veel bezoekers aan Amsterdam te werven voor deelname aan het onderzoek. Omdat mogelijk een te homogene groep is geselecteerd via het algoritme van Meta, hebben we besloten de bezoekers in het rapport buiten beschouwing te laten. Het totaal aantal respondenten komt daarmee op 6.323. Respons naar relatie met de binnenstad, 2024
aantal 2.365 633 182 610 2.448 85 172 10 6.505 6.323
bewoner binnenstad (inclusief bewoners met een baan in de binnenstad) ondernemer binnenstad die in binnenstad woont ondernemer binnenstad die elders woont bewoner ander stadsdeel met baan in binnenstad bewoner ander stadsdeel zonder baan in binnenstad woont buiten Amsterdam met baan in binnenstad bezoeker vanuit Nederland bezoeker vanuit buitenland totaal totaal zonder bezoekers (basis voor het rapport)
% 37 10 3 10 39 1 3 100
Tweederde van de respondenten (66%) zijn via social media bij de vragenlijst terecht gekomen. Daarnaast ontving 14% een brief met een wachtwoord, omdat zij of hun onderneming in het Wallengebied gevestigd zijn. Verder ontving 10% van de respondenten een link via een communicatiekanaal van stadsdeel Centrum. De overige 10% is via, via of door een (belangen) organisatie op de vragenlijst gewezen. Hoe bent u bij de vragenlijst gekomen?
Facebook Instagram brief met WW nieuwsbrief e-mail stadsdeel buren, vrienden X/Twitter site stadsdeel ond. vereniging belangenorg. werk LinkedIn krant Huis van de buurt anders weet niet meer totaal
binnenstad bewoner aantal 481 474 645 182 198 64 38 18 6 14 6 2 1 4 130 31 2.365
% 20 20 27 8 8 3 2 1 1 4 1 100
binnenstad ondernemer aantal 193 181 212 50 73 13 9 7 16 9 2 1 0 0 18 15 815
% 24 22 26 6 9 2 1 1 2 1 2 2 100
ander stadsdeel met baan in binnenstad aantal 319 220 6 15 7 2 2 3 1 0 8 1 2 0 5 13 610
% 52 36 1 3 1 1 1 1 2 100
ander stadsdeel geen baan in binnenstad aantal 1.532 677 0 65 27 26 6 11 1 2 1 3 4 0 20 45 2.448
% 63 28 3 1 1 1 2 100
forens naar binnenstad aantal 30 30 7 4 2 2 0 1 3 0 4 0 0 0 0 2 85
% 35 35 8 5 2 2 1 4 5 2 100
12
totaal aantal 2.555 1.582 870 316 307 107 55 40 27 25 21 7 7 4 127 106 6.323
% 40 25 14 5 5 2 1 1 2 2 100
Leeswijzer De BinnenstadsEnquête 2024 levert input voor 3 rapporten: Deze rapportage, BinnenstadsEnquête 2024, beschrijft de resultaten van alle respondenten. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar respondenten uit de binnenstad, de overige stadsdelen van Amsterdam en forenzen met een baan in de binnenstad. In de rapportage Binnenstadsenquête Wallengebied wordt ingezoomd op (de directe omgeving van) het Wallengebied. Daarbij wordt onder andere gekeken naar verschillen tussen de buurten in dit gebied. De resultaten van de enquête dienen ook als input voor een verdiepend onderzoek van de Universiteit van Amsterdam naar het thema thuisvoelen. In het rapport wordt vaak onderscheid gemaakt tussen stadsdeel Centrum en de overige delen van de gemeente Amsterdam. Omwille van de leesbaarheid wordt stadsgebied Weesp daarbij tot de overige stadsdelen gerekend. Bij de werving van de respondenten is extra ingezet op de binnenstad. Hierdoor hebben aan het onderzoek relatief veel inwoners van de binnenstad meegedaan (47% terwijl zij 11% van de Amsterdamse bevolking uitmaken). Voor het berekenen van totaalcijfers is de data daarom gewogen naar stadsdeel en binnen stadsdeel Centrum op wijken. Dat wil zeggen dat in het totaalcijfer de antwoorden van binnenstadbewoners minder sterk worden meegeteld, waardoor de resultaten representatief zijn voor Amsterdam.
Aan het onderzoek hebben relatief veel personen meegedaan met een hbo of wo-diploma en/of zonder migratieachtergrond (zie bijlage 1). Zij hebben daarmee relatief veel invloed op de resultaten. Het aantal respondenten met een ander diploma of migratieachtergrond is wel voldoende om te kijken of deze respondenten anders over bepaalde onderwerpen denken. Relevante verschillen zijn in de tabellen met kleur aangegeven of worden genoemd in de tekst. Bij elke vraag is gekeken naar verschillen tussen de volgende groepen respondenten: relatie tot binnenstad (bewoner, ondernemer (en bewoner), werkend, bewoners ander stadsdeel) leeftijd (18-34; 35-54; 55+) woonduur (0-5 jaar, 5-10 jaar, 11 jaar en langer) wijken in de binnenstad opleidingsniveau (max. vmbo / havo, vwo, mbo / hbo, wo) migratieachtergrond (geen / Europa, Amerika, Oceanië / overig) geslacht (man, vrouw) lhbtqia+ (ja, nee).
13
1 Ontwikkeling binnenstad
1.1 Nog geen omslag in ontwikkeling binnenstad De Aanpak Binnenstad heeft een brede ambitie, namelijk de Amsterdamse binnenstad weer een plek maken waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich thuis voelen. In 2024 is er nog geen omslag in de mening van Amsterdammers en forenzen over hoe de binnenstad zich in het algemeen ontwikkelt. Ruim zes op de tien (62%) vinden dat de binnenstad van Amsterdam achteruit gaat. De voorzichtige verbetering van 2023, toen dit percentage daalde van 57% naar 52%, is hiermee teniet gedaan. Het oordeel van de bewoners van de binnenstad is sinds 2022 niet veranderd. De ondernemers en de overige respondenten leken in 2023 wat positiever te worden, maar zijn in 2024 met 72% en 61% vaker negatief dan in 2022 (67% en 54%). Hoe vindt u in het algemeen dat de binnenstad van Amsterdam zich ontwikkelt? N=6.323 bewoner
ondernemer
binnenstad
binnenstad
overig
2024
2023
2022
de binnenstad gaat vooruit
9
8
12
11
14
10
blijft hetzelfde
19
16
22
22
28
27
de binnenstad gaat achteruit
67
72
61
62
52
57
weet niet, geen antwoord
5
3
5
5
7
6
totaal Rood: meer dan gemiddeld
100
100
100
100
100
100
Groepen die relatief vaak vinden dat de binnenstad achteruit gaat, zijn respondenten die langer dan 20 jaar in de binnenstad zijn gevestigd (71%), personen zonder migratieachtergrond (68%), 55-plussers (67%), bewoners en ondernemers van de binnenstad (67% en 72%) en dan met name bewoners en ondernemers van de wijken Burgwallen-Oude en -Nieuwe Zijde (78%), Grachtengordel-West (77%) en de Haarlemmerbuurt (75%). Vooruitgang wordt vaker gesignaleerd door mensen die korter dan 5 jaar in de binnenstad zijn gevestigd (16%), mensen met een migratieachtergrond uit Europa, Amerika of Oceanië (18%) en/of personen die wonen of ondernemen in de wijk Grachtengordel-Zuid (16%).
1.2 Verslechterd: schoonhouden, drukte en wegwerkzaamheden Op de vraag wat er de afgelopen 12 maanden is verbeterd in de binnenstad zegt 41% geen verbeteringen te hebben gezien. De meest gesignaleerde verbeteringen zijn het groen (10%), het verkeer (7%) en het onderhoud van de openbare ruimte (6%). Bijna alle respondenten (97%) weten minstens één punt te noemen waarop de binnenstad de afgelopen 12 maanden achteruit is gegaan. Ruim de helft (51%) vindt dat het
14
schoonhouden van de straten is verslechterd. Daarna worden de drukte en de wegwerkzaamheden het vaakst genoemd (38% en 35%). De top 3 is hiermee anders dan in 2023. Toen stond drukte op de eerste plaats, gevolgd door het schoonhouden en het winkelaanbod. Wat is volgens u de afgelopen 12 maanden verslechterd in de binnenstad? En verbeterd? Max. 3 antwoorden, n= 6.323
schoonhouden straten drukte op straat wegwerkzaamheden, bereikbaarheid onderhoud openbare ruimte handhaving regels verkeer winkelaanbod drugsoverlast woningaanbod overlast uitgaanspubliek thuis voelen gastvrijheid groen horeca-aanbod cultuuraanbod rust in de nacht nachtleven staat cultureel erfgoed anders (bijna) alle bovenstaande punten geen van bovenstaande punten
38
2
35
5
19
6
17
4
12
7 3
9 7
1 2 2
5 4 4
3 4 2 4 2 2 1 1 1 5 1
11 10
2
0%
verslechterd
51
4
10
13
4 5 3
41 10%
20%
30%
40%
50%
60%
verbeterd
Van de respondenten noemt 13% een punt van verslechtering in de categorie ‘anders’. Antwoorden die vaker worden genoemd, zijn: de maximumsnelheid van 30 km per uur, autootje pesten in het algemeen en de bereikbaarheid voor mensen met een beperking de toename van het aantal daklozen, verwarde personen, bedelaars en blikjeszoekers het gedrag van fietsers en de opkomst van fatbikes en andere elektrische fietsen de demonstraties op de Dam te veel regels zoals de plantenbakkenregel het aantal toeristen en Engelstalig winkelpersoneel witwaswinkels. Een groep van 4% signaleerde een verbetering in de categorie ‘anders’: de maximum snelheid van 30 km per uur en andere autowerende maatregelen. fietsparkeergelegenheden, fietspaden en fietsstraten afvalcontainers Westertoren uit de steigers. Alle volledige antwoorden zijn opgenomen in de open antwoordenbijlage. 15
De respondenten zijn dit jaar behoorlijk eensgezind over de punten waarop de binnenstad is achteruitgegaan. Het thema wegwerkzaamheden/bereikbaarheid haalde in 2023 alleen nog bij de ondernemers de top 3. In 3 van de 4 vier wijken in de binnenstad waar bewoners en ondernemers het vaakst vinden dat de binnenstad achteruitgaat, bestaat de top 3 eveneens uit schoonhouden, bereikbaarheid en drukte. Uitzondering is de wijk Burgwallen-Oude Zijde, waar de overlast van het uitgaanspubliek op de tweede plaats staat. In deze wijk signaleert men veel vaker dan in andere wijken achteruitgang op het gebied van thuisvoelen (22%), drugsoverlast (19%), uitgaanspubliek (33%) en nachtrust (17%). Over de ontwikkelingen in deze wijk wordt dieper ingegaan in de rapportage Binnenstadsenquête Wallengebied. Top 3 redenen achteruitgang binnenstad 2024 bewoners binnenstad
ondernemers binnenstad
1. Schoonhouden (65%)
1. Schoonhouden (60%)
1. Schoonhouden (49%)
2. Drukte (38%)
2. Bereikbaarheid,
2. Drukte (38%)
3. Bereikbaarheid, wegwerkzaamheden (29%)
wegwerkzaamheden (44%) 3. Drukte (32%)
overig Amsterdam
3. Bereikbaarheid, wegwerkzaamheden (35%)
Respondenten die de binnenstad achteruit vinden gaan, vinden vaker dan mensen die vooruitgang zien dat de drukte problematischer wordt, de handhaving in en het onderhoud van de openbare ruimte verslechtert, en men zich er minder thuisvoelt. Ruim de helft (53%) ziet op geen enkel punt vooruitgang. Degenen die de binnenstad vooruit vinden gaan, zijn over de hele linie net wat vaker positief, maar vooral over het onderhoud van de openbare ruimte (19% versus 3%). Er zijn verschillen tussen groepen respondenten: Binnenstadsbewoners vinden relatief vaak dat de overlast van het uitgaanspubliek (12%) en de nachtrust (7%) verslechtert. Een kleine groep bewoners ziet juist verbetering op deze punten (1% en 3%). Ondernemers en forenzen vinden minder vaak dat de drukte verslechtert (32% en 27% versus 38% gemiddeld), maar zien wel vaker achteruitgang in het onderhoud van de openbare ruimte (26%) en de bereikbaarheid (44%). De helft van de ondernemers ziet op geen enkel punt vooruitgang. Naarmate men ouder wordt, vindt men vaker dat het onderhoud van de openbare ruimte en de handhaving achteruit gaan (beide 27% van de 66-plussers). Ook mannen (21%), personen met maximaal een vmbo-diploma (23%) en bewoners en ondernemers in de binnenstad (19%) vinden vaak dat de handhaving verslechtert.
Respondenten onder de 35 jaar signaleren relatief vaak dat het woningaanbod (19%), de drugsoverlast (12%) en het groenaanbod (7%) achteruitgaan. Hoe jonger men is, hoe vaker men zegt dat het thuisvoelen achteruit gaat in de binnenstad; onder 25-minners gaat het om 9%. Een achteruitgang die jongeren minder vaak opvalt, is die van het schoonhouden van de binnenstad (44%). Andere groepen die vaak vinden dat het woningaanbod verslechtert, zijn Amsterdammers die in de binnenstad werken, maar er niet wonen (13%), mensen met een migratieachtergrond (11%) en mensen die korter dan 10 jaar in de binnenstad zijn gevestigd (14%). Respondenten die korter dan 5 jaar in de binnenstad zijn gevestigd en forenzen zien vaker een toename in drugsoverlast (15% en 18%). 16
Een verslechtering van drukte wordt relatief vaak gesignaleerd door respondenten met een hbo of wo-diploma (40%), personen die 5 tot 10 jaar in de binnenstad zijn gevestigd (41%), personen met een overige migratieachtergrond (44%) en vrouwen (44%).
17
2 Maatregelen Aanpak Binnenstad
Met de Aanpak Binnenstad neemt de gemeente diverse maatregelen om de leefbaarheid in de binnenstad te verbeteren. Veel maatregelen richten zich op het Wallengebied, het drukste deel van de stad. Van alle respondenten is 67% het afgelopen jaar in het Wallengebied geweest, onder wie 11% die er minstens één keer per week is.
2.1 46% vindt de maatregelen buiten het Wallengebied (te) weinig ingrijpend Over de impact van de maatregelen van de gemeente op de leefbaarheid in het Wallengebied zijn de meningen verdeeld: 25% van alle respondenten vindt de maatregelen (te) ingrijpend en 32% juist (te) weinig ingrijpend. In de binnenstad zijn vooral de ondernemers verdeeld met 24% die de maatregelen té ingrijpend vindt en 21% die ze juist té weinig ingrijpend vindt. Bewoners zijn meer eensgezind: 25% vindt de maatregelen té weinig ingrijpend en 18% té ingrijpend. Respondenten uit Burgwallen-Oude Zijde vinden de maatregelen het vaakst té weinig ingrijpend (49%). Echter, ook de respondenten die de maatregelen in het Wallengebied té ingrijpend vinden zijn relatief vaak afkomstig uit Burgwallen-Nieuwe Zijde (21%) of -Oude Zijde (20%). Het gaat relatief vaak om mannen en respondenten die langer dan 10 jaar in de binnenstad gevestigd zijn. Wat vindt u in het algemeen van de maatregelen van de gemeente om de leefbaarheid te verbeteren in…….? te weinig te weinig ingrijpend ingrijpend neutraal ingrijpend ingrijpend
het Wallengebied
rest binnenstad
weet niet
binnenstadsbewoner binnenstad ondernemer ander stadsdeel: baan in binnenstad regio: baan in binnenstad ander stadsdeel: geen baan in bs totaal
8 24 15 17 15 15
9 9 13 12 10 10
21 18 25 37 26 25
19 14 16 19 17 17
25 21 15 8 14 15
19 15 16 8 18 18
binnenstadsbewoner binnenstad ondernemer ander stadsdeel: baan in binnenstad regio: baan in binnenstad ander stadsdeel: geen baan in bs totaal Blauw: vaker dan gemiddeld
4 13 7 9 7 8
4 6 8 9 6 6
25 23 25 31 30 28
27 19 25 25 24 24
31 32 24 17 20 22
9 8 12 9 13 12
Als het gaat om de maatregelen in het deel van de binnenstad buiten het Wallengebied vindt bijna de helft van de respondenten (46%) dat deze (te) weinig ingrijpend zijn om de leefbaarheid te verbeteren. Daarnaast reageert 40% neutraal of heeft geen mening. Ondernemers in de binnenstad zijn het hier echter vaker dan gemiddeld niet mee eens. Wijken waar men de maatregelen relatief vaak té weinig ingrijpend vindt zijn
18
Grachtengordel-West (47%), Burgwallen-Nieuwe Zijde (41%), De Weteringschans (38%), de Jordaan (335), Haarlemmerbuurt (31%) en Nieuwmarkt/Lastage (30%).
2.2 Maatregelen in Wallengebied meestal positief voor leefbaarheid Vrijwel alle respondenten die het afgelopen jaar in het Wallengebied zijn geweest (67%), is minstens één van de maatregelen opgevallen voor het verbeteren van de leefbaarheid in het gebied. Met uitzondering van de vervroegde sluitingstijden vinden respondenten vaker dat de maatregelen (een beetje) positief zijn voor de leefbaarheid dan (een beetje) negatief. Ondernemers zijn in het algemeen vaker negatief over de maatregelen in het Wallengebied dan bewoners van de binnenstad. Dit geldt het sterkst voor de vervroegde sluitingstijden, die bijna de helft van de ondernemers negatief vindt en ruim een derde van de bewoners juist positief.
Amsterdammers die afgelopen jaar in het Wallengebied zijn geweest, n=4.592: Kunt u per maatregel aangeven wat volgens u het effect is op de leefbaarheid in het Wallengebied?
extra politie-inzet tegen straatdealers
31
19
8
geen rondleidingen met gids langs de ramen
35
12
10
27
6 3 7
34
5 2
extra cameratoezicht
27
17
12
29
4 4 7
rondleiding met gids max 15 personen (was 20)
26
16
12
33
52 6
15
31
5 3 5
hosts in rode jassen (o.a. drukte reguleren)
18
23
blowverbod op straat
21
14
15
bezoekerscampagne negeren straatdealers
18
17
18
geen alcoholverkoop in winkels en snackbars (do t/m zo na 16:00 uur)
15
15
zomerterrassen sluiten 01:00 uur (was 02:00)
16
11
13
horeca sluit 02:00 uur op vrij en za (was 03:00)
15
10
12
*afmeersteiger Krasnapolsky 13.00 - 20.00 uur
14
8
10
39
15
3
*afmeersteiger The Grand alleen op reservering
14
6
11
41
15
2 11
0%
20%
27
14
33 22 22
40%
6
60%
9
6 3 5
geen antwoord
12 beetje negatief
23
9
26
80%
niet positief, niet negatief maatregel is mij niet opgevallen
6 5 6
beetje positief
13
3 7 33
positief
negatief 11
100%
19
Van de maatregelen op het gebied van toezicht en handhaving, zoals extra politie-inzet en camera’s, en regels voor groepen met een gids denkt men het vaakst dat deze (een beetje) positief zijn voor de leefbaarheid (40 tot 50%). Ouderen, mannen, mensen met max. vmbo en/of een overige migratieachtergrond vinden vaker dat handhaving positief is voor de leefbaarheid. Over maatregelen rond het gebruik van verdovende middelen wordt verschillend gedacht. 30 tot 35% denkt dat deze (een beetje) positief zijn, terwijl 20% het blowverbod en 17% het alcoholverkoopverbod juist negatief vinden voor de leefbaarheid. De vervroegde sluitingstijden van horeca en zomerterrassen worden door meer respondenten negatief dan positief gevonden. Het gaat om circa een derde versus een kwart. Jongeren, mannen, mensen die (nog) geen hbo, wo-diploma hebben en/of respondenten die het afgelopen jaar voor het nachtleven naar de binnenstad zijn gegaan, vinden het alcoholverkoopverbod, het blowverbod en de vervroegde sluitingstijden vaker negatief voor de leefbaarheid. De beperkingen op het gebruik van de afmeersteigers op de Oudezijds Voorburgwal zijn de meeste respondenten niet bekend. Respondenten in Burgwallen-Oude Zijde zijn eveneens meestal niet bekend met de maatregel. Ook respondenten die afgelopen jaar naar de binnenstad zijn gekomen om te varen door de grachten kennen de maatregel vaak niet.
Iets vaker dan de overige respondenten vinden zij de maatregel negatief.
20
*steiger *steiger The Krasna horeca zomer be Grand polsky sluit terras alcohol zoekers (reser (13.00- 02:00 op sluit verkoop campag blow vering) 20.00) vrij en za 01:00 verbod ne verbod
hosts
gids max 15 p
gids extra niet camera langs toezicht ramen
extra politie straat dealers
Amsterdammers die afgelopen jaar in het Wallengebied zijn geweest naar hun relatie met de binnenstad: Kunt u per maatregel aangeven wat volgens u het effect is op de leefbaarheid in het Wallengebied? ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig ondernemer bs bewoner bs overig
28 28 32 31 34 35 26 24 27 23 26 26
14 18 19 16 18 21 18 15 19 12 15 16 15 19 16 12 20 15 14 14 16 15 14 14 0
10
4 2 5 7 1 19 8 33 5 12 16 7 25 6 3 12 13 7 32 9 14 12 11 27 6 3 6 15 10 28 4 5 12 18 13 33 7 23 18 13 28 4 3 7 20 9 28 6 2 12 20 9 33 8 13 16 13 33 5 2 5 24 15 30 5 3 9 24 14 31 8 23 23 15 31 5 3 4 13 14 30 3 7 17 16 17 29 6 4 10 14 15 27 3 7 13 16 17 31 4 4 10 16 17 38 8 2 4 17 18 33 6 3 4 15 14 30 4 8 17 19 13 34 8 4 7 14 14 33 6 5 12 11 12 16 4 6 36 18 13 24 7 6 13 10 13 23 5 10 23 7 14 15 4 6 42 16 13 23 8 5 15 10 12 23 6 9 25 8 9 41 12 3 13 8 10 44 16 2 6 8 12 29 14 4 17 5 9 43 11 6 11 8 10 45 16 1 6 4 12 35 15 2 18 20
17 18
30
7 7
40
50
37 39
60
70
80
90
positief beetje positief niet positief, niet negatief maatregel is mij niet opgevallen geen antwoord beetje negatief negatief
100
2.3 Meeste Amsterdammers merken in eigen wijk niets van maatregelen Wallen De meeste respondenten uit Amsterdam merken in de buurt waar ze zelf wonen geen effecten van de maatregelen in het Wallengebied (72%). Dit percentage is met 62% lager in stadsdeel Centrum. Hier zegt 4% in de eigen wijk positieve effecten te merken en 10% negatieve effecten. De toelichtingen hierop staan op de volgende pagina. In stadsdeel Zuid zegt men het vaakst negatieve effecten te merken (11%). In de meeste gevallen zijn deze respondenten tegen de mogelijke verplaatsing van prostitutie uit het Wallengebied naar een erotisch centrum aan de Europaboulevard. Daarnaast merken ook enkele respondenten op dat het uitgaanspubliek nu meer naar De Pijp komt.
21
Respondenten uit andere stadsdelen die negatieve gevolgen merken leggen bijvoorbeeld een verband met een toename van het aantal zwervers en drugsoverlast in de eigen buurt of jongeren die langer op straat blijven hangen door de eerdere sluitingstijden van de horeca. Daarnaast zien sommigen nu ook vaker toeristen in wijken buiten het Centrum. Een deel vindt dat beperkende maatregelen de wallen ook minder aantrekkelijk maken voor Amsterdammers. Respondenten uit Amsterdam naar stadsdeel:
Welke invloed hebben de maatregelen in het Wallengebied op de buurt waar u zelf woont? N=6.187
Amsterdam 2
72
Centrum 4
6
62
West 3
20
10
positief
24
74
5
18
Zuid 2
69
11
18
Zuidoost 2
73
6
19
Noord 2
74
6
18
Oost
73
5
21
Nieuw-West
74
4
21
Weesp
82
0%
20%
geen invloed
negatief
weet niet/ geen antwoord
18
40%
60%
80%
100%
Respondenten uit stadsdeel Centrum naar woonwijk:
Welke invloed hebben de maatregelen in het Wallengebied op de buurt waar u zelf woont? Burgwallen-Oude Zijde
15
Nieuwmarkt/Lastage
12
52
15
21
6
61
12
21
Oostelijke ielnaden/ Kadijken 4
69
4
23
Burgwallen-Nieuwe Zijde
67
9
Weesperburt/ Plantage 3
63
11
23
Jordaan 2
62
10
26
Grachtengordel-West 2
52
De Weteringschans 2
17 68
5
60
17
Grachtengordel-Zuid
63
7
20%
40%
60%
positief geen invloed negatief weet niet/ geen antwoord
29
Haarlemmerbuurt
0%
9
25 23 30 80%
100%
In Centrum zijn er verschillen tussen de wijken. In Burgwallen-Oude Zijde merkt men het vaakst positief effect van de maatregelen (15%). Deze respondenten noemen onder andere dat het iets minder druk is, dat het ’s nachts rustiger is, en dat de geluidoverlast iets is afgenomen. Meerdere respondenten
22
geven aan dat er minder dronken mensen op straat zijn en dat er minder geblowd wordt. Respondenten signaleren kleine verbeteringen en geven daarbij vaak aan dat het nog beter moet worden. De 9% in deze wijk die negatieve effecten merkt, ziet vaak geen verbetering. De maatregelen worden volgens hen niet nageleefd en er is onvoldoende handhaving. Anderen zien vooral verplaatsing van problemen, bijvoorbeeld door het blowverbod. Een deel vindt de maatregelen de vrijheid beperken en met name het alcoholverkoopverbod kan lastig zijn voor bewoners. Ook zegt een deel dat de maatregelen niet goed zijn voor de sfeer, zo is het na sluitingstijd op straat grimmiger dan voorheen, omdat er dan vooral veel straatdealers zijn. De gezelligheid is weg. In Nieuwmarkt/ Lastage merkt 15% negatieve effecten in de eigen wijk. Door de regels in het Wallengebied zien zij in hun buurt onder andere een toename van blowers, dealers, daklozen die alcohol willen kopen, wangedrag, junks in de portieken en groepen met een gids die nu vaker naar onder andere het Zuiderkerkhof en de Staalkade gaan. Daarnaast zijn er mensen die de regels betuttelend vinden en het minder gezellig vinden worden. De 12% die positieve veranderingen ziet merkt dat het ’s nachts rustiger is en dat de overlast is afgenomen. Daarnaast noemt men dat het minder druk is.
In Burgwallen-Nieuwe Zijde vindt 12% de effecten van de maatregelen negatief. Ook zij noemen voornamelijk een waterbedeffect naar hun eigen buurt. Onder de 6% die verbetering ziet, zijn een aantal respondenten die zien dat de overloop uit BurgwallenOude Zijde afneemt. Voor de overige wijken geldt in het algemeen ook dat men waterbedeffecten noemt als negatief effect. Oostelijke Eilanden/ Kadijken valt op omdat enkele respondenten aangeven het positief te vinden dat er meer mensen naar de buurt komen. Er zijn geen signalen van waterbedeffecten naar deze wijk. Wel vindt een deel van de bewoners de regels betuttelend.
23
3 Het beeld van de binnenstad
3.1 Meeste Amsterdammers voelen zich verbonden met de binnenstad Van de respondenten voelt 74% zich redelijk tot sterk verbonden met de binnenstad en 14% nauwelijks tot niet. De verbondenheid met de binnenstad is daarmee vergelijkbaar met de mate waarin Amsterdammers zich verbonden voelen met Amsterdam als geheel (76% verbonden, bron: O&S/Burgermonitor 2023). Dit sluit aan bij het idee dat de binnenstad het boegbeeld is voor Amsterdam als geheel. De binnenstad heeft een belangrijke symbolische functie; als politiek en cultureel hart van de stad vormt het een ankerpunt in de collectieve verbeelding van Amsterdam (Pinkster en Duyvendak, 2024). Ondernemers en bewoners van de binnenstad voelen zich het vaakst en het meest verbonden met dit deel van de stad (beide 88%). Daarna volgen de mensen met een baan in de binnenstad (78%). Amsterdammers uit andere stadsdelen en die niet werken in de binnenstad, voelen zich het minst vaak verbonden met de binnenstad (70%). We zien dan ook dat verbondenheid met de binnenstad minder is als men er minder vaak komt. Desondanks is de verbondenheid van Amsterdammers met de binnenstad voor al deze groepen gemiddeld genomen hoger dan die met de eigen buurt of het eigen stadsdeel (66% en 56%, O&S/Burgermonitor 2023). Hoe verbonden voelt u zich met de binnenstad?
totaal
36
38
12
10 4
binnenstad ondernemer
64
24
6 5
binnenstadsbewoner
61
27
6 42
sterk verbonden redelijk neutraal
ander stadsdeel: baan in binnenstad
39
40
10
7 4
regio: baan in binnenstad
38
38
13
11
ander stadsdeel: geen baan in binnenstad 0%
30 20%
40 40%
14 60%
80%
12
nauwelijks niet verbonden
5 100%
Van de respondenten heeft 62% (zeer) veel behoefte aan verbondenheid met de binnenstad. Hoe minder men zich verbonden voelt met de binnenstad hoe minder vaak men
24
hier behoefte aan heeft. Van de respondenten die zich sterk verbonden voelen met de binnenstad zegt 91% (zeer) veel behoefte te hebben aan deze verbondenheid. Bij de respondenten die zich niet tot nauwelijks verbonden voelen, geldt dit nog maar voor 31% en zegt 38% weinig tot geen behoefte te hebben aan verbondenheid met de binnenstad. In hoeverre heeft u behoefte aan verbondenheid met de binnenstad?
totaal
19
binnenstadsbewoner
28
26
binnenstad ondernemer
51
34
6 3
18
41
20
22
3
zeer veel behoefte veel behoefte niet veel, niet weinig behoefte weinig behoefte geen behoefte
ander stadsdeel: baan in binnenstad
23
forens
20
ander stadsdeel: geen baan in binnenstad
16
0%
43
45
23
40
42 20%
40%
60%
62
24
13 2
32
6 3
80%
weet niet, geen antwoord
100%
Er zijn verschillen tussen groepen: De verbondenheid met de binnenstad neemt toe naarmate men langer in de binnenstad is gevestigd. Van degenen die er minder dan 5 jaar wonen of ondernemen voelt 31% zich sterk verbonden. Onder respondenten die langer dan 20 jaar gevestigd zijn in de binnenstad is dat 60%. Hiermee samenhangend loopt de verbondenheid met de binnenstad ook op met de leeftijd. De behoefte aan verbondenheid met de binnenstad is echter voor alle leeftijdsgroepen gelijk. In aangrenzende stadsdelen is de verbondenheid met de binnenstad iets sterker dan in de stadsdelen buiten de ring. In het nieuwe stadsgebied Weesp voelt men zich relatief vaak nauwelijks tot niet verbonden met de Amsterdamse binnenstad (31%). Hier geeft men ook vaak aan weinig tot geen behoefte te hebben aan deze verbondenheid (28%). In de wijken Burgwallen-Oude Zijde en Oostelijke Eilanden/ Kadijken is het aandeel dat zich sterk verbonden voelt met 57% en 48% nog steeds hoger dan gemiddeld in Amsterdam, maar lager dan gemiddeld in Centrum (64%). Respondenten zonder migratieachtergrond hebben iets vaker een sterke verbondenheid met de binnenstad dan respondenten met een migratieachtergrond, die iets vaker neutraal zijn. Hun behoefte aan verbondenheid met de binnenstad is echter niet anders.
Respondenten die de binnenstad mijden hebben relatief vaak geen behoefte aan verbondenheid met de binnenstad (28%). Forenzen hebben relatief vaak weinig tot geen behoefte aan verbondenheid met de binnenstad (15%).
25
3.2 Trots op binnenstad krijgt gemiddeld een 6,6 De respondenten geven in 2024 gemiddeld een 6,6 voor de stelling “ik ben trots op de binnenstad”. Dit is vergelijkbaar met voorgaande jaren. Van de respondenten geeft 29% een onvoldoende voor de stelling, eveneens 29% geeft een 6 of een 7 en de grootste groep (42%) geeft een 8 of hoger voor trots op de binnenstad. Verbondenheid met en trots op de binnenstad hangen samen. Van degenen die zich sterk verbonden voelen met de binnenstad geeft 81% een voldoende voor trots, terwijl van degenen die zich niet verbonden voelen 73% een onvoldoende geeft. In hoeverre bent u het eens met de stelling ‘ík ben trots op de binnenstad’ ? 1=helemaal mee oneens en 10 = helemaal mee eens 2022 2023 binnenstad ondernemer 6,9 6,9 binnenstadsbewoners 6,5 6,3 bewoners overige stadsdelen 6,5 6,5 totaal 6,5 6,5
2024 6,7 6,6 6,6 6,6
In de wijken Burgwallen-Oude en -Nieuwe Zijde geven respondenten vaak een onvoldoende voor trots (45% en 38%). Ook forenzen en respondenten die de binnenstad mijden, geven vaker een onvoldoende. In Weesp is men vaker neutraal. Hoge cijfers worden vaker gegeven door respondenten die al langer dan 10 jaar gevestigd zijn in de binnenstad, maximaal een vmbo-diploma hebben, mannen en/of 50plussers.
26
3.3 Meeste Amsterdammers willen levendige, drukke binnenstad voor iedereen Uit de reacties op de volgende stellingen blijkt dat bijna driekwart van mening is dat de binnenstad een levendige en drukke plek moet zijn voor zeer verschillende groepen. Daarbij vindt men wel vaker dat het een plek voor alle Amsterdammers moet zijn (91%) en wat minder vaak een plek voor heel Nederland (58%) of een internationale plek (57%). De Amsterdamse binnenstad moet zijn…..
een plek voor alle Amsterdammers levendig en druk
76
15
5 22
eens redelijk eens
33
41
15
8 3
neutraal redelijk oneens
een plek voor zeer verschillende groepen
48
25
16
5 5
een plek voor heel Nederland
29
28
24
11
8
een internationale plek
28
29
21
12
10
0%
20%
40%
60%
80%
oneens weet niet/ geen antwoord
100%
Verschillen tussen groepen: Voor alle stellingen geldt dat respondenten die zich niet of nauwelijks verbonden voelen met de binnenstad of niet trots zijn op de binnenstad het er relatief vaak mee oneens zijn. Ondernemers, forenzen, mannen en/of LHBTQIA+-respondenten vinden vaker dat de binnenstad een plek voor heel Nederland of een internationale plek moet zijn. Bewoners van de binnenstad vinden dit iets minder vaak. Respondenten met een migratieachtergrond vinden relatief vaak dat de binnenstad een internationale plek moet zijn voor verschillende groepen. Respondenten met een hbo of wo-opleiding, LHBTQIA+ , 65-minners, ondernemers en/of forenzen vinden vaker dat de binnenstad een plek voor verschillende groepen moet zijn.
3.4 Toeristen te dominant aanwezig Een overgrote meerderheid van 93% kan minstens één groep noemen die hij of zij te dominant aanwezig vindt in de binnenstad. Voor bijna tweederde (64%) zijn dit de buitenlandse toeristen. Alleen bij ondernemers en werkenden vanuit de regio ligt dit percentage wat lager (51% en 52%). Alle overige groepen vindt men veel minder vaak te dominant aanwezig. Ongeveer een kwart vindt feestgangers of expats te dominant aanwezig in het centrum. Voor circa een op de vijf geldt dit voor demonstranten, daklozen en/of
27
rondleidingen. Ruim een op de tien ziet te veel verslaafden, Nederlandse dagjesmensen, uitgaanspubliek of straatdealers. Bijna niemand vindt ondernemers, bewoners en studenten te dominant aanwezig. Zijn er groepen die volgens u te dominant aanwezig zijn in de binnenstad? Max. 3 antwoorden
64
buitenlandse toeristen
totaal
24
feestgangers 23
expats
binnenstadsbewoner
21
demonstranten
19
daklozen
binnenstad ondernemer
18
rondleidingen 14
verslaafden dagjesmensen uit NL uitgaanspubliek
14
ander stadsdeel: baan in binnenstad
10
regio: baan in centrum
10
straatdealers
ander stadsdeel: geen baan in binnenstad
3
ondernemers
2
bewoners
1
studenten
7
geen groepen te dominant
9
anders 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
In de categorie ‘anders’ (9%) worden de volgende groepen vaker genoemd: alle genoemde categorieën agressieve mensen, al dan niet op de fiets allochtonen automobilisten bedelaars / blikjeszoekers (linkse) stadsbestuurders coffeeshop-/drugstoeristen fatbikes hangjongeren havermelkelite / yuppen verwarde personen.
28
Er zijn verschillen tussen groepen: Bewoners van de binnenstad noemen relatief vaak potentiële overlastgevers zoals feestgangers, daklozen, rondleidingen, dagjesmensen en uitgaanspubliek. Ondernemers in de binnenstad vinden vaker dat demonstranten, daklozen en straatdealers te dominant aanwezig zijn. Zij vinden dit minder vaak van toeristen en uitgaanspubliek. Amsterdammers die niet in de binnenstad wonen, vinden toeristen en expats vaker te dominant aanwezig. Respondenten die niet in Amsterdam wonen vinden vaker dat je in de binnenstad te veel demonstranten, daklozen, verslaafden en straatdealers ziet.
3.5 Wallengebied: meer cultuur en minder coffeeshops en souvenirs In het Wallengebied zijn onder andere veel coffeeshops, raamprostitutie en horeca. Over de aanwezigheid van deze bedrijven wordt zeer verschillend gedacht. In 2013 is voor het eerst gevraagd in welke mate Amsterdammers van mening zijn dat deze bedrijven aanwezig zouden moeten zijn in het Wallengebied.
Bewoners Amsterdam: In welke mate vindt u dat de volgende bedrijven aanwezig zouden moeten zijn in het Wallengebied?* Procenten, 2013 (n=916), 2018 (n=668) en 2024 (n=6.190) helemaal veel evenveel veel weet niet minder minder als nu meer meer niet kunst- en cultuurinstellingen 2024 2 2 3 27 40 20 7 winkels 2024 1 4 11 45 26 6 7 2018 1 2 10 37 36 4 10 2013 6 42 42 4 6 restaurants 2024 1 3 8 52 26 5 6 2018 1 2 9 45 30 5 8 2013 3 46 40 4 7 cafés 2024 2 6 59 24 4 5 2018 1 1 12 51 23 3 8 2013 1 4 62 23 2 8 prostitutie 2024 8 7 12 50 10 6 8 2018 9 10 24 38 5 2 12 2013 5 11 29 40 5 1 8 coffeeshops 2024 10 22 30 30 2 1 6 2018 9 19 35 27 2 8 2013 4 12 35 38 3 8 souvenirwinkels, 2024 12 40 27 15 1 1 4 minimarkets, seksshops 2018 9 37 27 19 2 7 2013 2 24 44 20 2 4 Bron 2013: Amsterdammers over het hart van de stad: 1012. *Vraag ging toen over het 1012-gebied. Bron 2018: Amsterdammers over het Wallengebied
29
Veel respondenten (60%) spreekt het aan als er meer kunst- en cultuurinstellingen in het Wallengebied zouden komen. Respondenten uit Burgwallen-Oude Zijde, 35-minners, personen met een migratieachtergrond en lhbtqia+ willen vaker (veel) meer cultuurinstellingen (allemaal 66%). Forenzen en personen met max. vmbo hebben hier minder behoefte aan. Het aantal restaurants, winkels en cafés zouden veel respondenten laten zoals het is (45%, 52% en 59%). Ruim drie op de tien vinden dat er meer van dit type bedrijven zouden moeten zijn. Voor de restaurants en winkels neemt het draagvlak voor een toename in de loop der jaren wel af. Bewoners en ondernemers in de binnenstad kiezen allebei wat vaker voor (veel) meer winkels (39% en 41%). Met name respondenten uit Burgwallen-Oude Zijde (50%). Binnenstadsbewoners zijn relatief vaak voor minder cafés (13%) in het Wallengebied. Mannen en/of 35-minners zouden vaker meer cafés in het Wallengebied willen zien. Het aandeel respondenten dat de aanwezigheid van prostitutie gelijk wil laten op de Wallen is gestegen van ongeveer 40% tot 50%. Minder respondenten kiezen voor een afname van prostitutie op de Wallen (27%) en meer voor een toename (16%). Binnenstadsbewoners (40%), hbo, wo-opgeleiden (30%) en/of vrouwen (30%) willen relatief vaak minder tot geen prostitutie in het Wallengebied.
Respondenten met maximaal vmbo vinden dit minder vaak (14%). In Burgwallen-Oude Zijde vindt men relatief vaak dat er helemaal geen prostitutie (25%) aanwezig zou moeten zijn. Ruim zes op de tien (62%) vinden dat er geen of minder coffeeshops in het Wallengebied zouden moeten zijn. Dat is vergelijkbaar met 2018 en wat meer dan in 2013. Binnenstadsbewoners en/of 55-plussers willen relatief vaak geen tot minder coffeeshops (69% en 68%). Het draagvlak voor de aanwezigheid van souvenirwinkels, minimarkets en seksshops is het laagst: 79% vindt dat dit type winkel er niet of minder zou moeten zijn in het Wallengebied. Binnenstadsbewoners zijn relatief vaak voor minder tot geen souvenirwinkels etc. (89%). Respondenten met maximaal vmbo vinden dit minder vaak (62%). In Burgwallen-Oude Zijde vindt men relatief vaak dat er helemaal geen souvenirwinkels etc. (29%) aanwezig zou moeten zijn.
30
4 Gebruik binnenstad
4.1 Liefhebbers en mijders van de binnenstad Van de Amsterdammers en forenzen zegt 54% meestal graag in de binnenstad te komen, terwijl 25% de binnenstad (meestal) het liefst vermijdt. De respondenten kunnen in 3 groepen worden ingedeeld: 38% is een liefhebber van de binnenstad: zij komen er (meestal) graag en mijden de binnenstad (meestal) niet. 17% is een vermijder van de binnenstad: zij komen er (meestal) niet graag en mijden de binnenstad soms tot altijd. 45% is minder uitgesproken en komt soms graag naar de binnenstad en mijdt deze soms. Hoe vaak zijn de volgende stellingen op u van toepassing? ik kom graag in de altijd meestal soms ik vermijd altijd 1 de meestal 1 6 binnenstad soms 2 13 13 liever meestal niet 3 10 4 (bijna) nooit 12 13 3 totaal 17 37 25