CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Verslag dwarskijksessie RESILIO.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water 8 december 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het eindrapport van het RESILIO-project over de aanleg van blauwgroene daken in de stad (VN2022-030078)5.074 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Programma LetOp Verslag – dwarskijksessie RESILIO, project blauw-groene daken in Amsterdam Programma LetOp: Leren En Tegenspraak Organiseren in Projecten Van Aan Onderwerp Datum

Sjouke Vrijburg en Karoline Legel Patrick van Beveren dwarskijksessie RESILIO, blauw-groene daken in Amsterdam 22 maart 2022 (sessie), 4 april 2022 (verslag)

Context en doel Resilio (acroniem van Resilience nEtwork of Smart Innovative cLImate-adaptive rOoftops) is een door Europa mede gefinancierd pilot project dat oplossingen probeert te ontwikkelen en verder te brengen op het gebied van klimaatadaptatie. Concreet gaat het bij dit project om het benutten van dakoppervlak ten behoeve van vergroening (verkoeling stad en stimuleren biodiversiteit) en het opvangen van water bij hevige regenbuien om grote wateroverlast te voorkomen. Het project loopt al enige jaren en voorziet in het opleveren van 10.000 m² blauw (wateropvang) en groen (beplanting/vergroening) dakoppervlak in 5 buurten in Amsterdam. Het project eindigt officieel in april 2022. De financiering vanuit Europa stopt dan en het consortium gaat officieel uit elkaar. Het consortium bestaat uit verschillende partijen: Waternet, Stadgenoot, de Alliantie, De Key, MetroPolder Company, Rooftop Revolution, Hogeschool van Amsterdam, Vrije Universiteit, Urban Innovative Action en de gemeente Amsterdam. Voor het aandeel van de gemeente is wethouder Wonen, Bouwen, en Openbare Ruimte en Groen, Jakob Wedemeijer de bestuurlijk opdrachtgever. Ambtelijk opdrachtgever is Patrick van Beveren, hoofd team Groene en Gezonde Stad van Ruimte en Duurzaamheid.

De vraag die nu voorligt is hoe met de uitkomsten van de pilot verder wordt gegaan en hoe men tot structurele oplossingen en samenwerkingen komt die ervoor zorgen dat nog veel meer blauw-groene daken op een maatschappelijk en economisch gezonde manier gemaakt, geëxploiteerd en beheerd kunnen worden. De bovenstaande vraag is de basis van de dwarskijksessie. De uitkomsten van de sessie zijn onderdeel van de evaluatie die aan het nieuwe gemeentebestuur wordt voorgelegd.

Opzet van de bijeenkomst In een dwarskijksessie geven externe experts een kritische reflectie op een vraagstuk. De sessie begint met een ronde informatieve vragen, waarin de dwarskijkers het projectteam ondervragen over onduidelijkheden. De informatieve ronde wordt gevolgd door het dwarskijken zelf, aan de hand van stellingen die de dwarskijkers vooraf hebben geformuleerd. Het doel van tegenspraak is advies te ontvangen op verbeterpunten en zwakke plekken bloot te leggen, zodat het projectteam en het gemeentebestuur zich daarvan bewust zijn en hierop de juiste

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 2 van 12

besluiten en acties kunnen nemen. Aan de dwarskijkers wordt de vraag gesteld: ‘waar zou de projectof programma-eigenaar wakker van moeten liggen?’. De volgende vragen zijn voor de opdrachtgever aanleiding om een dwarskijksessie te laten organiseren: De hoofdvraag is: Hoe kom je, gezien de maatschappelijke urgentie, tot een parallel proces van innovatie en opschaling, rekening houdend met de eigen verantwoordelijkheid van partijen, leidend tot een economisch gezonde exploitatie en structureel beheer van de daken? De deelvragen zijn:  Is er een spanning tussen opschaling tot stedelijk niveau en gelijktijdige innovatie? o Zo ja, is dit erg? En indien dit erg is, zijn er adviezen hoe om te gaan met de spanning.  Uitgangspunt in ons denken nu is de huidige publiek-privaatrechtelijke verdeling in verantwoordelijkheden tussen vastgoedeigenaren, waterbeheerder en overheid (zoals onder andere: regelgever, beheer openbare ruimte, financier).

o Is die verantwoordelijkheidsverdeling passend bij de opgave? o Zijn er andere mogelijkheden die beter passen?  Hoe komen direct betrokken partijen zo snel mogelijk tot een nieuwe genormaliseerde vorm van exploitatie en beheer van een dakenlandschap waaraan nieuwe functies zijn toegevoegd? Wat kan daarbij helpen?  Hoe worden partijen tot deze beweging gemotiveerd en welke prikkels zijn mogelijk, danwel nodig? Het verslag en de aanbevelingen worden aangeboden aan de ambtelijk opdrachtgever Patrick van Beveren, hoofd team Groene en Gezonde Stad. Het verslag heeft een vertrouwelijk karakter. Het verslag zal onderdeel zijn van de besluitvorming door het bestuur. Dit is tijdens de dwarskijksessie meegedeeld aan de aanwezigen en akkoord bevonden.

Informatieve ronde Door de dwarskijkers is voorafgaand aan de discussie aan de projecteigenaren een aantal vragen gesteld ter verduidelijking. V: A:

Wat vind je het belangrijkste uit de hoofdvraag? 1. Dat de blauw-groene daken een structureel onderdeel zijn van de daken met een gezonde economische exploitatie en beheer. 2. Dat de betrokken partijen hun eigen verantwoordelijkheid hierin nemen en niet terugvallen in hun ‘groef’.

V: A:

Wat was er zo moeilijk aan het project (komt in de evaluatie nl. sterk naar voren)? Er is sprake van 10 partners met eigen ideeën en ambitie. Bij de 1e aanvraag was er veel enthousiasme, maar gedurende het project bleek de samenhang lastig te behouden, zeker als er iets werd gevraagd dat niet was afgesproken.

V:

Is er verschil tussen particuliere eigenaren en woningcorporaties?

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 3 van 12

A:

Tijdens de pilot deden 3 corporaties mee. Bij hen staat de verhuur van betaalbare woningen centraal. Het heeft geholpen dat het project voor 80% werd gesubsidieerd door Europa. Voor het vervolg willen we gebiedsgericht gaan inzetten en dan kom je iedereen tegen, ook VvE’s, particulieren, bedrijven.

V:

Staat de of-vraag nog ter discussie, met andere woorden, is iedereen ervan overtuigd dat gecontinueerd moet worden met blauw-groene daken? De urgentie is er, het gaat inderdaad om het hoe.

A: V: A:

Is de vraag breder dan blauw-groen? Ja, blauw-groene daken is een van de maatregelen die genomen worden t.b.v. klimaatadapatie. Het dakenlandschap moet integraal bekeken worden. Aandachtspunt is dat iedereen een eigen interpretatie heeft van wat een economisch gezonde exploitatie is.

V:

Hebben jullie het gevoel dat de exploitatiemodellen het volle spectrum afdekken van wat er mogelijk is? Nee, er is meer mogelijk. Oudbouw vraagt een andere aanpak dan nieuwbouw bijvoorbeeld.

A:

Dwarskijkronde Het dwarskijken gebeurt per thema aan de hand van de door de deelnemers aangeleverde stellingen. De vier thema’s zijn gebaseerd op de subvragen van de projecteigenaren: 1. parallelle opschaling en innovatie 2. verantwoordelijkheid en betrokkenheid 3. gezonde exploitatie en beheer 4. hoe prikkelen? De discussie wordt per stelling weergegeven. Per thema wordt deze samengevat in de vorm van een aantal adviezen. Uiteindelijk staan aan het einde van deze paragraaf de belangrijkste adviezen samengevat.

1. Thema: parallelle opschaling en innovatie Is er een spanning tussen opschaling tot stedelijk niveau en gelijktijdige innovatie? Zo ja, is dit erg? En indien dit erg is, zijn er adviezen hoe om te gaan met de spanning. Weergave discussie op basis van de aangeleverde stellingen. 1.1. Technologie loopt altijd voor op wetgeving, maar voor verdere doorstart is een juridisch kader essentieel. Regel eerst de wetgeving, voordat je aan de gang gaat met een dergelijk vernieuwend project. Dit kan een lange tijd duren, waardoor het project vertraagd. Creëer daarom vrije ruimte om te experimenteren en zorg dat wetgevers actief meekijken. Experimenteren en het juridisch regelen kunnen parallel lopen. Er is veel ‘laaghangend fruit’. Realiseer je dat pilots heel belangrijk zijn, maar dat je daarin niet blijft hangen. Er is zolangzamerhand al zoveel bekend; het gaat nu om doorpakken. Advies: Wees bewust van de spanning tussen de snelheid van technologische ontwikkelingen en de traagheid van de juridische werkelijkheid. Zorg dat er ruimte is waarbinnen geïnnoveerd kan worden en betrek de wetgevers bij die werkelijkheid.

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 4 van 12

1.2. Diversiteit tussen ‘kleuren’ ontstaat alleen door een stedelijk dakenplan. Kijk naar de daken als (semi-)openbare ruimte, als een ruimtelijke ordeningsvraagstuk. Houdt regie op de invulling. Breng de maatschappelijke waarde in kaart. Zet daken ook in voor recreatie. Advies: Door daken als openbare ruimte te beschouwen kan vanuit een breder perspectief worden gekeken naar mogelijkheden en maximaal rendement. 1.3. Wil men de spanningen wegnemen dan moet er centraal en integraal worden gecoördineerd richting de overkoepelende organisaties van de stakeholders om zo draagvlak te creëren voor de innovaties. Onbekend maakt onbemind. Brancheverenigingen die worden meegenomen kunnen helpen in het verbinden en ondersteunen van hun leden en de samenwerking met andere branches promoten. Dit kan helpen bij het creëren van draagvlak bij de deelnemers. Draagvlak voor innovatie en een andere wijze van samenwerking. Advies: Betrek overkoepelende organisaties zoals brancheverenigingen om innovaties en nieuwe werkwijzen bekendheid te geven en gemeengoed te laten worden binnen de branches. 1.4. Het bouwen aan draagvlak naar aanleiding van geslaagde referenties is de beste manier om spanningen weg te nemen. Laat zien dat ‘vallen en opstaan’ niet erg is. Door lef te tonen en te experimenteren onderscheid een bedrijf zich. Al doende leren we; neem iedereen mee in dat proces.

Maar maak het ook kenbaar. Geef positieve aandacht aan degenen die lef tonen en helpen, daarmee ontstaat een positieve drijfveer, met name de uitvoerders (dakdekkers, hoveniers). De rol van de gemeente hierin is om te sturen, zoals met de Hemelwaterverordening en het Nationaal Dakenplan, maar ook om te prijzen. Advies: Zet actief degenen die meewerken in ‘het zonnetje’. Daarmee enthousiasmeer je partijen om mee te bouwen. 1.5. Er is een langjarige ‘innovatie-infrastructuur’ nodig, tbv opschaling van BG daken. Zorg dat er een structurele/meerjarige organisatie (infrastructuur) is, waarbinnen je innoveert. Innovatie stopt nooit. Maak innovatie een regulier en permanent onderdeel van je bedrijfsproces. Zorg voor een goede organisatie waar partners langjarig onderdeel van zijn. Committeer je, als mens, als organisatie. Hierbij is het handig om een fonds op te richten die de langdurige basis vormt voor deze structuur. Wel zal in de loop van de jaren de balans tussen innoveren en opschalen verschuiven van innovatie naar opschaling. Advies: Zorg voor een structurele organisatie voor innovatie, daarmee kan innovatie een permanent onderdeel van het proces worden. 1.6. Innoveren gaat altijd gepaard met vallen en opstaan en daarom is het van belang om vooral in het begin zowel de realisatie- als beheerfase te blijven analyseren.

Dingen gaan niet altijd goed, kijk hoe dat komt, zodat je kunt verbeteren. Zorg voor een continu leerproces: ‘al doende, leert men’. Kennisinstellingen kunnen daarbij de continue factor zijn, ‘trage draaggolf’ van het innovatieproces, voor overheid en bedrijfsleven. De praktijk levert de casussen, de kennisinstellingen onderzoeken en verklaren. Zorg dat er zodoende wederzijds ‘wat te halen valt’. Advies: Organiseer goede samenwerking tussen praktijk en kennisinstellingen. Daarmee

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 5 van 12

kunnen risico’s uit het innovatieproces sneller tot oplossingen leiden. 1.7. Opschaling en Innovatie gaan prima samen, maar de balans moet bewaakt worden (bijv in de loop der tijd van 60/40 naar 80/20) en er moet gescheiden aangestuurd worden (opschaling op efficiëntie, innovatie op build-measure-learn). Om niet te ‘blijven hangen’ in innovatie, moet op tijd opgeschaald worden. Het worden dan parallelle processen. Deze processen (en betrokken mensen) vragen verschillende manieren van aansturing; afstemming tussen en leren van beide zijn echter onmisbaar. Bij de eerste gaat het om leereffecten, bij de tweede gaat het om efficiënte uitvoering. Essentieel is dat wordt geleerd van de fouten, en dat het geleerde wordt toegepast en uitgedragen. De beheerorganisatie is gericht op het voorkomen/reduceren van fouten; de innovatieorganisatie juist op het bestuderen van fouten. Communicatie tussen innovatie en beheerproces is daarom in organisaties noodzakelijk. Gecontroleerd fouten maken mag, zodat je op basis daarvan kunt opschalen. Zorg daarom dat de innovatie-organisatie en beheerorganisatie heel goed op elkaar zijn aangesloten. Dit is niet alleen van toepassing op organisaties, maar ook op de interne gemeentelijke context, waarbij het de balans tussen bestuur, beleid en uitvoering betreft.

Advies: Laat innovatie en opschaling naast elkaar bestaan, maar zorg voor optimale afstemming/samenwerking tussen beide én voor separate aansturing op specifiek relevante KPI’s. Alleen dan ontstaat het gewenste effect. 1.8. Niet-vrijblijvende doelstellingen op het gebied van klimaatadaptatie zijn randvoorwaardelijk voor de opschaling. Omslag in de manier van denken (mindset): De tijd van ambitie is voorbij, we gaan aan de slag! Houdt het overkoepelende verhaal levend (waarom nemen we deze maatregelen), dat is belangrijk voor het draagvlak en daarmee het eigenaarschap en de druk. Veranker het. Neem het op als eis in de omgevingsvisie. Zorg dat invloedrijke mensen het uitdragen, zodanig dat het beleid wordt. Advies: De tijd van ambitie is voorbij, ga aan de slag! Zorg dat duurzaamheid niet vrijblijvend is. Maak klimaatadaptatie onderdeel van de omgevingsvisie, pas dan kun je echt ‘meters maken’.

2. Thema: Verantwoordelijkheid en betrokkenheid Uitgangspunt in ons denken nu is de huidige publiek-privaatrechtelijke verdeling in verantwoordelijkheden tussen vastgoedeigenaren, waterbeheerder en overheid (zoals onder andere: regelgever, beheer openbare ruimte, financier). Is die verantwoordelijkheidsverdeling passend bij de opgave? Zijn er andere mogelijkheden die beter passen? Weergave discussie op basis van de aangeleverde stellingen. 2.1. Bij klimaatadaptatie gelden in de basis dezelfde verantwoordelijkheden en regels voor zowel de publieke als de private partijen. ‘Practice, what you preach’. Het beeld is dat de overheid veel vraagt op duurzaamheidsgebied van partijen, maar zelf (te) weinig doet. Advies: Laat zien wat je doet en geef het goede voorbeeld.

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 6 van 12

2.2. De term verantwoordelijkheidsverdeling is een vreemde, als je naar samenwerking streeft. We zijn samen verantwoordelijk. In plaats van te zeggen dat iets je verantwoordelijkheid niet is, gaan we gezamenlijk aan de slag. Kijk naar het geheel. Als zaken niet blijken te kloppen, los het samen op. Vaak is namelijk niet maar 1 partij verantwoordelijk. Bij gescheiden verantwoordelijkheden gaat het om hoe je elkaar daar op aanspreekt, bijv. ‘Ik heb jouw verantwoordelijkheid nodig om xxx op te lossen’, in plaats van naar elkaar te wijzen. Het gaat om betrokkenheid en vertrouwen, als je echt iets samen op wilt lossen, aangezien je nooit alles van te voren kan voorspellen. Samen innoveren is samen risico’s dragen en oplossingen vinden. Advies: Geef veel aandacht aan de wijze van samenwerking aan het begin van het project, zodat maximaal vanuit betrokkenheid en samenwerking wordt gewerkt. 2.3. Private partijen worden minder passief als nut en noodzaak duidelijk zijn, want iedereen is een beetje vastgoed- en waterbeheerder. Het is een utopie dat iedereen nut en noodzaak ziet van maatregelen. Betrokken voelen betekent niet dat actie wordt ondernomen. Maar 50% van de mensen is zich vaak bewust van de situatie. Verplicht daarom maatregelen ten behoeve van klimaatadaptatie. Bedenk wel dat dit niet zonder draagvlak kan.

Neem de buurt daarom mee, wees pro-actief en grijp de kansen die zich voordoen. Streef een integrale aanpak na. Publieke partijen zitten vaak vast in beleid/protocollen, waardoor veel niet kan. Ook daarvan geldt dat nut en noodzaak aangetoond moeten worden. Dit vergroot de kans dat protocollen worden aangepast/losgelaten en kansen worden gepakt. Onderschat de kracht niet van de publieke partijen. Zij kunnen de goede vraag stellen aan de particuliere partijen. Niet hoe, maar wat is nodig. Dit vraagt lef en de blik gericht op de lange termijn. Goed voorbeeld is gasloos, waarbij nieuwbouw niet meer wordt aangesloten op het gasnetwerk. Partijen zijn verplicht om hieraan mee te doen. Daarnaast: vragen stellen mag altijd. Wees verrast wat je terugkrijgt als reactie. Veel partijen willen meer doen aan klimaatadaptatie, dan in eerste instantie wordt gedacht. En help ook partijen die wel willen, maar misschien niet de juiste kennis hebben. Advies: Gemeente, denk niet alleen vanuit vastgestelde protocollen, maar sta juist open voor de opgaves als kans op zich. Advies: Gebruik als publieke partij je kracht om de goede vraag te stellen aan de markt, en laat private partijen profiteren van de innovaties die ze bedenken en realiseren. Vraag om het wat en laat je verrassen door het hoe. 2.4.

Als de aanbevelingen niet zijn gericht aan een specifieke ‘eigenaar’, dan is de kans klein dat deze worden opgevolgd. Als de gezamenlijke verantwoordelijkheid niet goed is geregeld (o.a. juridisch, financieel), dan zul je je moeten richten op de specifieke eigenaar. Belangrijk is dat Amsterdam een sterkere lobby gaat voeren naar Den Haag, maar zeker ook naar Brussel. Kijk ook naar andere steden: Parijs, Barcelona. Ga op Europees niveau samenwerken. Nederland is ‘te klein’, teveel belangen, te veel afhankelijk van de politieke termijnen. Zet in op meerdere niveaus. Sluit ook aan bij wat er al is internationaal: de internationale onderhandelingen voor een nieuw biodiversiteit-akkoord olv de CBD bijv. Brussel vraagt om hele specifieke aanbevelingen. Maak een oplegger met aanbevelingen voor Europees beleid bij het indienen van het eindrapport van het LIFE project. Het EU project Naturvation deed dit eerder ook, de beleidsaanbevelingen zijn positief ontvangen. Scherp die

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 7 van 12

in de evaluatie aan. De tijd is er klaar voor, o.a. wordt op dit moment gewerkt aan de actualisering van mondiale afspraken van de Convention on Biological Diversity (CBD). Bestuur: heb lef, accepteer dat het mis kan gaan of dat het nog niet helemaal geregeld is. Advies: Om van draagvlak naar versnelling te gaan is een actieve lobby nodig in Brussel. Werk hiervoor samen met andere Europese steden, zoals Parijs en Barcelona, en met georganiseerde steden netwerken, bijvoorbeeld via WEF of IUCN. 2.5. Aaneengesloten daken van 200m2 en groter moeten als “urban commons” worden gedefinieerd en ingericht, waarbij bewoners, eigenaren, waterbeheer en gemeente stakeholders zijn die zichzelf besturen met behulp van een professionele (non-profit) paraplu-organisatie met tools, kennisdeling, admin, financiering etc. (vergelijkbaar met hoe broodfondsen werken). Dit is een oplossing voor hoe je verantwoordelijkheid deelt met elkaar en wel aanspreekbaar bent op jouw deelverantwoordelijkheid. Dit gaat vooral om bestaande bouw, maar kan ook net zo goed van toepassing zijn op nieuwbouw. Risico is dat het amateuristisch wordt aangepakt, daarom is wel professionele ondersteuning nodig. In deze stelling ligt een risico bij het moeten. Hoe zorg je dat het betaalbaar blijft? Draagvlak voor hoge kosten is kwetsbaar bij VvE’s. Hou in de gaten wat ieders deelbelangen zijn.

Vergeet de inkomsten kant niet, bijv. het verhuren van daken voor zonnepanelen (Urgenda). Advies: Doe het samen net als in een broodfonds. 2.6. We moeten Parijs volgen in de doelstellingen voor een natuurinclusieve stad (OD). Parijs heeft de natuurinclusieve stad omarmt en gaat de Champs d’Elysée groen inrichten. Dit is een voorbeeld van een iconisch project. Doe hetzelfde met de Dam. De inrichting kost wat, maar levert ook inspiratie en een positieve beweging op. Advies: Zorg voor een iconisch voorbeeld, dat mensen overtuigt om mee te doen. 2.7. Iedere gemeente in Nederland moet de Petitie Natuurinclusief Bouwen ondersteunen. www.PetitieNatuurinclusiefBouwen.nl (OD). Het komt neer op willen. Bestuur heeft voorbeeldgedrag. Dit geldt ook voor andere grote partijen.

3. Thema: Gezonde exploitatie en beheer Hoe komen direct betrokken partijen zo snel mogelijk tot een nieuwe genormaliseerde vorm van exploitatie en beheer van een dakenlandschap waaraan nieuwe functies zijn toegevoegd? Wat kan daarbij helpen? Weergave discussie op basis van de aangeleverde stellingen. 3.1. Begin met een eenvoudige basis die zoveel mogelijk binnen de bestaande normen en richtlijnen past, en bouw dit stapsgewijs uit, maar niet verder dan nodig. Begin, maar houd het behapbaar en overzichtelijk. Experimenteer met wat helpt. Advies: Begin klein, dan is de kans van slagen groot, en bouw later de functionaliteiten uit. 3.2. Betrek stakeholders vanuit breed perspectief ter voorkoming van tunnelvisie en verkrijgen van groot draagvlak, en dat maakt ook de business case haalbaar. Betrek ook partijen die niet meteen voor de hand liggen, zoals verzekeraars,

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 8 van 12

waterschapsbank en makelaars. Zij kunnen met geheel nieuwe perspectieven komen die extra mogelijkheden bieden. Houd rekening met het feit dat je een tunnelvisie hebt, maar ook dat anderen die kunnen hebben, bijvoorbeeld dat een dak vol met apparaten staat, niet wil zeggen dat er niets meer mogelijk is. Ga het gesprek hierover aan met de betrokkenen. Kunnen de apparaten niet onder het dak? Er is een disbalans tussen de harde (financiële) en de zachte (zorg/maatschappelijke) kant. Maak inzichtelijk wat het kost als we niks doen, in relatie tot wat het oplevert als we wel zaken aanpakken. Denk hierbij aan het voorkomen van medische kosten, criminaliteit etc. Doe dit voor alle thema’s die spelen in een buurt. Wees slim met het businessmodel: koppel het aan de buurt, in plaats van alleen het gebouw en de straat. Gebruik bijvoorbeeld ook de ‘acupunctuurtechniek’ om het effect te vergroten binnen een buurt. Wat je doet als maatschappelijke innovatie in een gebouw, doe je ook bij enkele andere woningen in de buurt, zodat het zichtbaarder wordt. Advies: Denk goed na over wie allemaal stakeholders zijn. Betrek ook de niet meteen voor de hand liggende. Meer stakeholders uit verschillende domeinen geeft meer perspectief en oplossingen. Advies: Laat zien wat het kost als je niets doet, aangezien ook de ‘zachte kant’ kan worden gekwantificeerd. 3.3.

Het dak is half vol, wie pakt de buit? Hoe zit het met de circulaire economie? Wie gaat het water benutten op de daken: bijvoorbeeld voor wc of groen? Door nog integraler de gebouwde omgeving te bekijken, kun je een verdienmodel rond krijgen. Houd rekening met ‘opportunity costs’ en maak hierover een bewuste keuze. Advies: Zoek gezamenlijk naar het verdienmodel, wees creatief in het vinden van partners. 3.4. Ontwikkel innovatieve publiek-private financiering samen met de financiële sector (banken/hypotheken, verzekeraars/dakscan en NWB bank voor een toekomstgerichte lening). Achter al die private actoren zitten financiële partijen die ook een belang hebben (uitstaande leningen, hypotheken, verzekeringen). Dit zijn ook stakeholders en als zodanig interessante partijen. De NWB geeft leningen aan gemeenten. Ook bij deze bank komt biodiversiteit en klimaatadaptatie steeds hoger op de agenda. Advies: zoek voor innovatieve financiering contact met de financiële sector áchter de betrokken private partijen. 3.5. Kan de gemeente (geschikte) daken in ‘dakpacht’ nemen (i.e. analoog aan de erfpacht, maar dan als opbrengst voor de gebouweigenaar)? Gemeente, neem regie, koppel de daken bijvoorbeeld aan erfpacht: dakpacht. Ga in dialoog met de eigenaar over het kopen en daarna in pacht teruggeven van daken (die geschikt zijn) aan de eigenaar.

Advies: Kijk ook naar de sturingsmogelijkheden van de gemeente zelf, bijvoorbeeld in de vorm van een dakpacht, verrekend met de erfpacht.

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 9 van 12

4. Thema: Hoe prikkelen? Hoe worden partijen tot deze beweging (een nieuwe genormaliseerde vorm van exploitatie en beheer van een dakenlandschap waaraan nieuwe functies zijn toegevoegd) gemotiveerd en welke prikkels zijn mogelijk, danwel nodig? Weergave discussie op basis van de aangeleverde stellingen. 4.1. Er is een wijkgerichte aanpak nodig, een combinatie van verplichten en verleiden m.b.v. een stapelsubsidie. Antwerpen werkt met stapelsubsidie: hoe meer duurzaamheidsmaatregelen, hoe hoger de subsidie. Dit maakt het aantrekkelijk om meer te doen in 1x. Groepsdruk kan ervoor zorgen dat meer mensen meedoen, zeker als de subsidie daaraan verbonden is. Alternatief kan zijn: hoe hoger het % dak dat wordt benut in een straat, hoe hoger het % subsidie. Houd rekening met vertraging als de hele straat mee moet doen. Voordeel is wel dat het bijdraagt aan de buurtbetrokkenheid. Advies: Zorg voor een wijkgerichte aapak met een combinatie van verleiden (financiële prikkels) en verplichten. 4.2. Geen dakenloket of energieloket, maar een duurzaam bouw loket. Geef 1 integraal, duurzaam advies; laat bewoners niet bij verschillende loketten zoeken naar wat in hun situatie het beste werkt. Daarnaast worden daardoor kansen misgelopen.

Als voorbeeld zal je met vragen over isolatie of verkoeling in huis naar een energieloket gaan en daardoor ideeën mislopen die je bij het dakenloket zou kunnen opdoen. Er werd opgemerkt dat de term loket te passief overkomt, kijk naar andere opties, zoals ‘aanjaagteam’ of ‘casemanager’ (voelt zich meer eigenaar). Advies: Organiseer een duidelijk punt voor burgers voor integraal duurzaam (bouw)advies en ga ook zelf actief de straat op. 4.3. Er moet vooral aan zichtbaarheid en toegankelijkheid van bg-daken worden gewerkt. Dus vanaf de straat moet (via camera’s en display) te zien zijn wat er op de daken plaatsvindt, er moeten ontsluitingen gemaakt worden voor een dakwandeling, en er moeten zoveel mogelijk publieke en commerciële activiteiten plaatsvinden (caféterras, schooltuinen etc.). Zichtbaarheid is het belangrijkste criterium. Voor de ‘verkoop’ van de blauw-groene daken is zichtbaarheid essentieel. Laat mensen zien en ervaren wat er mogelijk is. Het Museumplein is in feite ook een daktuin. Rotterdam heeft een wandeling over daktuinen. Advies: Zorg voor goede zichtbaarheid en toegankelijkheid van de daken, aangezien dit essentieel is voor het creëren van draagvlak voor blauw-groene daken. 4.4.

Om op te schalen verdient het de aanbeveling om bg-daken naar het publiek te promoten vanuit de invalshoek van verrijking van de openbare omgeving, en niet vanuit klimaatadaptatie (dat is een mooie bijwerking). ‘Verkoop’ vanuit kansen in plaats van problemen. Een beroep doen op angst (fear appeal) werkt niet; laat zien wat mensen erbij kunnen winnen: aanpak hittestress, in plaats van te wijzen op het grote risico van wateroverlast. Pas ook meerdere benaderingen toe, er is nooit sprake van maar één juiste aanpak. Het gaat om volhouden en stimuleren, vallen en opstaan. Denk aan energieneutraal bouwen in het Lente-Akkoord. Dat heeft jaren geduurd voordat het een succes werd. Het helpt als je

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 10 van 12

de successen viert met álle partijen in de keten. Prijzen werkt (prijsuitreikingen). Zorg dat het continu leeft en blijft leven, bijvoorbeeld door vorming van communities. Voorbeeld is ROEF in Amsterdam. Advies: Hou vol en pas een positieve benadering toe. Verandering kost tijd. 4.5. Richt je communicatie op het gericht overbrengen van de zachte voordelen bij de beslisser en maak gebruik van gedragsveranderingstechnieken. Denk ook aan de zachte kant, die is heel belangrijk. Uiteindelijk gaat het om het overtuigen van de eigenaar van het pand. En dan gaat het in eerste instantie juist niet om het geld. Een voorbeeld van een ludieke manier om klimaatadaptatie onder de aandacht te brengen is het NK tegelwippen. Kijk naar iets vergelijksbaars voor daken: NK ‘dakpimpen’. Investeer in gedragsverandering. Neem mensen mee door ‘nudging’ of andere technieken toe te passen die zorgen voor ander gedrag. Advies: Pas technieken toe die bijdragen aan positief gedrag ten opzichte van klimaatadaptatie. 4.6. Hoe schaarser water wordt, hoe groter de vraag naar BG-daken voor eigen gebruik (toilet, planten). Hoe groter het probleem, hoe groter het draagvlak voor de blauw-groene daken. Het gaat niet alleen om wateroverlast, maar ook en misschien wel vooral om droogte (denk aan funderingsproblematiek). Hier kunnen blauw-groene daken ook bij helpen. 4.7.

Er kan nog geleerd worden van andere sectoren, bijvoorbeeld de tuinbouwsector. De tuinbouwsector is voorloper in het klimaatadaptief bouwen. Daar wordt bijvoorbeeld al rekening gehouden met droogte en wordt gegekeken naar de lange termijn. Advies: Leer van andere(n).

Aanbevelingen Hieronder staan de aanbevelingen, zoals deze in de dwarskijksessie per stelling zijn gegeven. Voor de overzichtelijkheid is de nummering gelijk aan die van deze stellingen gebleven. 1.1. Wees bewust van de spanning tussen de snelheid van technologische ontwikkelingen en de traagheid van de juridische werkelijkheid. Zorg dat er ruimte is waarbinnen geïnnoveerd kan worden en betrek de wetgevers bij die werkelijkheid. 1.2. Door daken als openbare ruimte te beschouwen kan vanuit een breder perspectief worden gekeken naar mogelijkheden en maximaal rendement. 1.3. Betrek overkoepelende organisaties zoals brancheverenigingen om innovaties en nieuwe werkwijzen bekendheid te geven en gemeengoed te laten worden binnen de branches. 1.4. Zet actief degenen die meewerken in ‘het zonnetje’. Daarmee enthousiasmeer je partijen om mee te bouwen. 1.5. Zorg voor een structurele organisatie voor innovatie, daarmee kan innovatie een permanent onderdeel van het proces worden. 1.6. Organiseer goede samenwerking tussen praktijk en kennisinstellingen. Daarmee kunnen risico’s uit het innovatieproces sneller tot oplossingen leiden. 1.7. Laat innovatie en opschaling naast elkaar bestaan, maar zorg voor een optimale afstemming/samenwerking tussen beide. Alleen dan ontstaat het gewenste effect.

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 11 van 12

1.8. De tijd van ambitie is voorbij, ga aan de slag! Zorg dat duurzaamheid niet vrijblijvend is. Maak klimaatadaptatie onderdeel van de omgevingsvisie, pas dan kun je echt ‘meters maken’. 2.1. Laat zien wat je doet en geef het goede voorbeeld. 2.2. Geef veel aandacht aan de wijze van samenwerking aan het begin van het project, zodat maximaal vanuit betrokkenheid en samenwerking wordt gewerkt. 2.3. - Gemeente, denk niet alleen vanuit vastgestelde protocollen, maar sta juist open voor de opgaves als kans op zich. - Gebruik als publieke partij je kracht om de goede vraag te stellen aan de markt, en laat private partijen profiteren van de innovaties die ze bedenken en realiseren. Vraag om het wat en laat je verrassen door het hoe. 2.4. Om van draagvlak naar versnelling te gaan is een actieve lobby nodig in Brussel. Werk hiervoor samen met andere Europese steden, zoals Parijs en Barcelona, en met georganiseerde steden netwerken, bijvoorbeeld via WEF of IUCN. 2.5. Doe het samen net als in een broodfonds. 2.6. Zorg voor een iconisch voorbeeld, dat mensen overtuigt om mee te doen. 3.1. Begin klein, dan is de kans van slagen groot, en bouw later de functionaliteiten uit. 3.2. - Denk goed na over wie allemaal stakeholders zijn. Betrek ook de niet meteen voor de hand liggende. Meer stakeholders uit verschillende domeinen geeft meer perspectief en oplossingen.

- Laat zien wat het kost als je niets doet, aangezien ook de ‘zachte kant’ kan worden gekwantificeerd. 3.3. Zoek gezamenlijk naar het verdienmodel, wees creatief in het vinden van partners. 3.4. Zoek voor innovatieve financiering contact met de financiële sector áchter de betrokken private partijen. 3.5. Kijk ook naar de sturingsmogelijkheden van de gemeente zelf, bijvoorbeeld in de vorm van een dakpacht, verrekend met de erfpacht. 4.1. Zorg voor een wijkgerichte aapak met een combinatie van verleiden (financiële prikkels) en verplichten. 4.2. Organiseer een duidelijk punt voor burgers voor integraal duurzaam (bouw)advies en ga ook zelf actief de straat op. 4.3. Zorg voor goede zichtbaarheid en toegankelijkheid van de daken, aangezien dit essentieel is voor het creëren van draagvlak voor blauw-groene daken. 4.4. Hou vol en pas een positieve benadering toe. Verandering kost tijd. 4.5. Pas technieken toe die bijdragen aan positief gedrag ten opzichte van klimaatadaptatie. 4.7. Leer van andere(n).

Deelnemers Deelnemers dwarskijkteam:  Onno Dwars, directeur Ballast Nedam Development  Freerk Bisschop, ex-managing partner Rockstart, zelfstandig adviseur en investeerder  Rob Steltenpohl, Product & System Manager Optigrün Benelux  Johan Ringeling, business strateeg Interpolis  Kenneth Heijns, managing director AMS-Institute  Anne-Marie Bor, community manager finance sector Samen Klimaatbestendig, directeur NextGreen

Gemeente Amsterdam

4 april 2022 Pagina 12 van 12

Van het project waren aanwezig:  Patrick van Beveren, hoofd team Groene en Gezonde Stad R&D, ambtelijk opdrachtgever RESILIO  Marc van Gemert, sr projectmanager PMB, projectmanager RESILIO  Kasper Spaan, sr adviseur Waternet, strategisch adviseur RESILIO Facilitators  Sjouke Vrijburg, voorzitter  Karoline Legel, analist en verslaglegger

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12103370/1