CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Rapport programma Weerbaar Amsterdam 2019 - 2022.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 1 juni 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Driehoek tegen Drugscriminaliteit - Visie en Voortgang en Rapportage Weerbaar Amsterdam 2019-2022 en afdoening toezeggingen (VN2023-013096)10.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapportage

Weerbaar Amsterdam 2019-2022

Amsterdam-Amstelland

Rapportage Weerbaar Amsterdam

2

Inhoudsopgave

Inleiding3 1 Weerbaar Amsterdam/Ondermijning 1.1 Ondermijning 1.2 Maatregelen 1.3 Regelen randvoorwaarden/professionalisering 1.4 Coronacrisis 1.5 Communicatie/mentaliteitsverandering 1.6 Hoe gaat het verder?

5 5 6 6 8 8 9

2 Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit

13

2.1 Credible Messengers 2.2 Het Andere Verhaal 2.3 Buurtrechter 2.4 Nieuw-West en Zuidoost 2.5 Top600 Drugs- en Geweldcriteria  2.6 Doorgroeiers 2.7 Eervolle Uitweg 2.8 Straatdealers 2.9 Doorbreken criminaliteit tijdens detentie

15 18 19 20 22 23 25 27 29

Bijlage 1: Factsheet Drugsgebruik in Amsterdam november 2022

Colofon Fotografie: Nienke Laan, beeldbank gemeente Amsterdam Vormgeving: Vorm de Stad april 2023

30

Rapportage Weerbaar Amsterdam

3

Inleiding

Drugscriminaliteit en ondermijning hebben grote invloed op de veiligheid in Amsterdam. De stad is één van de belangrijkste logistieke en financiële knooppunten in Europa voor de lucratieve cocaïnehandel. Internationaal opererende criminele netwer­ken doen zaken vanuit Amsterdam en zijn lo­kaal geworteld: deals worden hier gesloten, de financiën worden hier geregeld en vanuit de stad wordt de doorvoer georganiseerd. In Amsterdam zitten drugslaboratoria en leveranciers van benodigdheden voor drugs­productie en verwerking, zijn facilitators aanwezig, maar wordt ook op straat verkocht. Vrijwel alle functies die personen kunnen hebben in de drugscriminaliteit zijn in Amsterdam vertegenwoordigd. Amsterdam heeft steeds meer te kampen met de ont­wrichtende effecten van drugscriminaliteit op de samenleving. Op straat en in de wijken is dit pijnlijk zichtbaar. Liquidaties vinden plaats in de woonwijken van de stad, soms op criminele kopstukken, maar ook buiten het criminele circuit. Amsterdam bestrijdt de gevolgen hiervan door in te zetten op de thema’s geld, geweld en wijken: illegale geldstromen moeten in kaart worden gebracht, verstoord en afgesneden. Geweld en het aantal wapens op straat moeten worden teruggebracht en de economische en de sociale ontwikkeling van wijken en buurten moet worden ondersteund zodat zij minder vatbaar zijn voor de aantrekkingskracht van de drugseconomie.

De rapportage Weerbaar Amsterdam bestaat uit twee onderdelen. Het deel ondermijning is specifiek gericht op de financieel-economische aspecten van ondermijning, zoals malafide bedrijvigheid en vastgoedeigendom. Het deel drugscriminaliteit richt zich op het sociaal-maatschappelijke perspectief en heeft als doel het verminderen van de ontwrichtende werking van de drugseconomie op buurten en kwetsbare (jonge) mensen, en hen weerbaarder te maken tegen de aantrekkingskracht van (drugs)criminaliteit. In deze rapportage leest u de opbrengst van dit programma van 2019 tot en met 2022. De maatregelen uit het programma worden voortgezet, soms in een andere structuur, soms aangepast vanwege opgedane inzich­ ten in de eerste fase van het programma; dit wordt nader toegelicht bij de betreffende programmaonderdelen.

Weerbaar Amsterdam Ondermijning

Rapportage Weerbaar Amsterdam

5

1 Weerbaar Amsterdam/Ondermijning

De gemeente Amsterdam heeft zich altijd sterk gemaakt voor de aanpak van ondermijning, met projecten/programma’s als 1012, de ontwikkeling van het Bibob-instrumentarium en de Beleidsregel Integriteit en Overeenkomsten. Ook is in de gemeentelijke organisatie de aanpak van ondermijning al sinds de jaren ’90 verankerd geweest; eerst in het toenmalige Van Traa-team, inmiddels binnen de afdeling Amsterdamse Aanpak Ondermijning (AAO) van de directie Openbare Orde en Veiligheid (OOV). Het programmaonderdeel Weerbaar Amsterdam/Ondermijning is op dat fundament gestart om de aanpak van ondermijning aan te jagen en te versnellen, door te ontwikkelen en verder te brengen. En niet in de laatste plaats om de risico’s en effecten van georganiseerde criminaliteit en vermenging van onderwereld en bovenwereld ook binnen de hele gemeente onder de aandacht te brengen.

•  de financiële en vastgoedexpertise binnen de gemeente is versterkt, waardoor de gemeente complexe structuren kan duiden en bonafide en malafide bedrijven en transacties van elkaar kan onderscheiden •  er is een een groot aantal communicatie-acties uitgevoerd gericht op burgers en ondernemers, met als doel bewustwording over de risico’s van ondermijning te vergroten en een mentaliteitsverandering teweeg te brengen Hiermee zijn stevige stappen gezet in het weerbaar maken van Amsterdam tegen de gevaren van ondermijning. De activiteiten en de opbrengsten zijn inmiddels ondergebracht in de lijnorganisatie. Hierbij vervult de afdeling AAO van de directie OOV een voortrekkersrol, samen met de projectleiders ondermijning in de stadsdelen.

Concrete resultaten van het programmaonderdeel zijn onder andere:

1.1 Ondermijning • de Ondermijningsbrigade AmsterdamAmstelland is operationeel geworden en heeft inmiddels bij meer dan 200 onder­ nemingen een controle uitgevoerd •  er zijn projectleiders en informatie­ makelaars ondermijning in de stadsdelen geworven. Daardoor komen er meer signalen binnen, zijn er thematische en projectmatige aanpakken en worden er meer maatregelen opgelegd •  het vergunningverlenings- en Bibob-proces is versterkt, met als doel het voorkomen van méér malafide praktijken •  tussen de 1600 medewerkers zijn getraind in het herkennen van signalen van ondermijning, waarmee de gemeentelijke informatiepositie verbeterd is • de vergunningplicht voor spyshops en de Hoogstraten is ingevoerd, met als gevolg dat bedrijven die niet door de toetsing komen hun activiteiten moeten staken

In de beleidsnota De Weerbare Stad die medio 2019 in de gemeenteraad is behandeld, wordt ondermijning als volgt gedefinieerd: ondermijning is de aantasting en ontwrichting van wijken en buurten, maatschappelijke voorzieningen, financieel-economische systemen en de democratische rechtsorde vanuit (crimineel) financieel gewin. Een vereenvoudigde definitie van ondermijning is infiltratie van de onderwereld in de boven­ wereld. Hierbij is slechts één dominante factor van belang: het verkrijgen en/of veiligstellen van (veel) geld en invloed. Dit gebeurt door aantasting van het geweldsmonopolie van de overheid, het (pogen tot) corrumperen van de overheid en het laten ontstaan van een parallelle economie.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

Het was bij de start van dit programmaonderdeel niet de gedachte dat ondermijning zou zijn opgelost. Wel om als overheid er alles aan te doen om de overhand te houden. Een ding is daarbij zeker: het tegengaan van ondermijning vraagt om een lange adem en uithoudingsvermogen. Er zijn geen snelle oplossingen. Evenmin zijn er ­gemakkelijke methoden. De gemeente streeft ernaar om de adaptieve (zich aan de situatie aanpassende) werk­wijzen van criminele netwerken voor te blijven. Ook tracht de gemeente tijdig te anticiperen op de gewijzigde modi operandi van criminele netwerken door maatregelen en interventies uit te breiden of aan te scherpen. Dat is immers cruciaal om grenzen te kunnen stellen. In de praktijk is het een grote uitdaging om grondig geïnformeerd en professioneel op te treden binnen de kaders en richtlijnen van wet- en regelgeving. Regelmatig loopt de gemeente tegen grenzen aan van informatiedeling, intern of met partners, daar waar bijvoorbeeld ­onderzoeksjournalisten wél signalen naar boven krijgen of data kunnen verbinden over niet bonafide praktijken. Verder is duidelijk geworden dat - wanneer inzicht en expertise over ondermijning toeneemt – de gemeente eerder tegen de grenzen van haar eigen instrumentarium aanloopt. De samenwerking met het Rijk, andere gemeenten en Bureau Regioburgemeesters is daarbij vruchtbaar gebleken.

Zo meldde de minister van J&V onlangs dat bij vergunningaanvragen de toetsing op de herkomst van financiering wordt uitgebreid. Ook op het onderwerp vastgoed en ondermijning en bestuurlijk afpakken steunt het Rijk de gemeente, bijvoorbeeld door daarvoor nationale platforms voor kennisdeling in te richten.

1.2 Maatregelen Dit programmaonderdeel, zoals dat in 2019 is besproken in de gemeenteraad, kende 26 maatregelen. Deze maatregelen waren als volgt geclusterd: algemene maatregelen, vastgoed, horeca, detailhandel, taxi en prostitutie. Aan de oorspronkelijke maatregelen is een aantal maatregelen toegevoegd, die bij nader inzien van groot belang bleken, zoals het inrichten van de ondermijningstafel en een verdeeltafel

6

voor meldingen van ondermijning. En met voortschrijdend inzicht zijn enkele maatregelen meer toegespitst en verbijzonderd en zijn twee maatregelen vervallen, omdat deze al waren belegd. Van maatregelen naar resultaatgebieden Zoals aangegeven in de verschillende voortgangsrapportages die aan de gemeenteraad zijn verstuurd, zijn de maatregelen ondergebracht in zes resultaatgebieden. •  Vastgoed •  Informatie •  Instrumenten •  Aanpak in de stadsdelen •  Opleiding en training •  Ondermijningsbrigade

1.3 Regelen randvoorwaarden/ professionalisering Weerbaar Amsterdam/Ondermijning richtte zich in de praktijk ook op het regelen van randvoorwaarden in de gemeentelijke organisatie om ondermijning aan te pakken. Het uitgangspunt hierbij was om op zoek te gaan naar concrete aanpakken in plaats van onderzoek op onderzoek te stapelen. Aan de volgende t­ hema’s is in samenhang gewerkt: •  Regelen van capaciteit bij de stadsdelen door het aanstellen van projectleiders en informatiemakelaars Ondermijning bij elk stadsdeel. Deze medewerkers zijn het ­eerste aanspreekpunt in en voor het ­stadsdeel rond ondermijning, ­pakken ­meldingen rond ondermijning op (­ alsook de prioriteiten die voortkwamen uit de RIECondermijningsbeelden per ­stadsdeel) en geven ook thematische en projectmatige aanpakken vorm die in één of meerdere stadsdelen spelen ­(bijvoorbeeld de aanpak van ­bedrijventerreinen, weerbaarheid ­ondernemers of crimineel woningmisbruik) •  Meldingen van burgers en ondernemers rond ondermijning zodanig behandelen dat meldingen op de juiste plek landen: bij de medewerkers Ondermijning in de stadsdelen, bij een relevante directie, bij een partner zoals politie of Belastingdienst, bij de Ondermijningsbrigade of bij het RIEC als casus. Meldingen kunnen niet

Rapportage Weerbaar Amsterdam

meer in een zwart gat verdwijnen. Op een verdeeltafel (samenwerking stadsdelen, afdeling AAO/directie OOV en de Ondermijningsbrigade en RIEC) worden meldingen die niet automatisch bij het juiste loket binnenkomen alsnog beoordeeld en toegewezen •  Ontwikkelen en inrichten van de Ondermijningsbrigade: de multidisciplinaire samenwerking van de RIEC-partners waar nodig aangevuld met andere partners die zichtbaar en snel controles uitvoeren bij ondernemingen waarover meldingen zijn binnengekomen. De Ondermijningsbrigade valt onder het beleidskader van het RIECAA en is organisatorisch, voor wat betreft de vaste kern die acties voorbereidt, ondergebracht bij de gemeente (afdeling AAO/directie OOV). Hier is in een raadsbrief over de Ondermijningsbrigade uitgebreid verslag over gedaan •  Versterken van de informatiepositie door het bundelen van gegevensbronnen over locaties, organisaties en personen in een Dataverkenner. De ontwikkeling van deze Dataverkenner is daarbij zeer strikt geweest als het gaat om het voldoen aan de privacywet- en regelgeving, de

7

gegevensbescherming en het niet toelaten van ’foute’ rekenregels. Bij die ontwikkeling van de Dataverkennner zijn ethische bias analyses uitgevoerd. De invoering van deze Dataverkenner wacht op een beveiligde technische infrastructuur •  Versterken van de processen van vergunningverlening en Bibob-screening, waarbij de samenhang tussen de VTH-afdelingen (vergunningverlening) bij de stadsdelen en het Bibob-team binnen de afdeling AAO/directie OOV is geoptimaliseerd. Aan de betrokken VTH-medewerkers worden trainingen gegeven over juridische bedrijfsstructuren en het herkennen van onregelmatigheden in ondernemingsplannen/jaarrekeningen. Met het herziene Bibob-beleid is een betere basis gelegd om vergunningplicht in te kunnen voeren, zoals bij de Hoogstraten •  Verzorgen van trainingen rond ondermijning (wat is het, wat zijn signalen, wat te doen en wat niet te doen bij een vermoeden van ondermijning) voor een groot aantal medewerkers van diverse gemeentelijke afdelingen om zo de bewustwording en meldingsbereidheid te vergroten

Rapportage Weerbaar Amsterdam

Richten op een daadwerkelijk weerbaar Amsterdam Met de invulling van de bovenstaande ­randvoorwaarden is het mogelijk om een ­ontwikkelcyclus in de aanpak van ondermijning in gang te zetten en te houden. Van signalen naar informatie naar instrumenten en actie gaan heeft als doel om zowel individuele casuïstiek in beeld te krijgen, als ook in te kunnen spelen op en aan te passen aan nieuwe fenomenen, trends en ontwikkelingen. Bewustwording en het stellen van een norm in wat onacceptabel is, is iets van alle medewerkers, maar ook van bewoners en ondernemers. Daarbij horen het blijvend opleiden en trainen van ­gemeentelijke medewerkers en communiceren met ­onder­nemers en bewoners over de risico’s van ­ondermijning voor Amsterdam en de mogelijke wegen om te melden.

1.4 Coronacrisis De coronacrisis speelde zich af tijdens een groot deel van de looptijd van dit programmaonderdeel. Vrijwel direct na het uitbreken van de coronacrisis werd, in samenwerking met de directie Economische Zaken en met informatie van de driehoekspartners, gekeken naar de kansen voor criminelen in deze crisis en naar welke ondermijnende activiteiten zichtbaar werden door het wegvallen van de normale structuren. Een en ander heeft geleid tot het Actieplan Foute helpers, goed aangepakt. In dit plan werd geanticipeerd op een situatie waarin sommige bedrijven in financieel zwaar weer raken en daardoor mogelijk vatbaarder zijn voor foute helpers. Ofwel iemand die met zijn geld de getroffen ondernemer wil ’helpen’ maar daarmee de zaak feitelijk overneemt voor malafide praktijken. Samen met het RIEC Amsterdam-Amstelland, is een social media campagne gelanceerd waarin ondernemers zijn gewaarschuwd voor de risico’s van fout geld. Aan de andere kant van de medaille waren er winkels waar al voor de coronacrisis vraagtekens werden geplaatst bij de bedrijfsvoering. Er zijn brancheonderzoeken naar de ondermijningsrisico’s bij toeristische eetwinkels en souvenirwinkels uitgevoerd, met als conclusie dat beide branches ondermijningsgevoelig zijn. Bij de souvenirwinkels heeft dit onderzoek

8

al geleid tot een concreet plan van aanpak op souvenirwinkels in de binnenstad.

1.5 Communicatie/mentaliteitsverandering Om het effect van de bovenstaande maatregelen/randvoorwaarden te versterken is een communicatiestrategie ontwikkeld om de meldingsbereidheid en weerbaarheid van medewerkers van de gemeente alsook ondernemers en inwoners van Amsterdam te vergroten. De focus lag op het alerter maken van deze doelgroepen door hen kennis bij te brengen in combinatie met een handelingsperspectief. Voor medewerkers is een online platform ontwikkeld waar ze – gestimuleerd door de training – informatie en ervaringsverhalen kunnen vinden over ondermijnende criminaliteit. Denk aan een animatie over wat ondermijning is en hoe het te herkennen. Per thema en functiegebied zijn signalenfolders ontwikkeld, zoals bedrijventerreinen en sportclubs. De gemeente werkte mee aan een het online kennisplatform en podcastserie over ‘Vastgoedcriminaliteit’ van het CCV. Om het vertrouwen van bewoners en ondernemers te krijgen dat hun melding nodig is, is er bewust voor gekozen te communiceren over zichtbare resultaten in de stad. Denk aan de controleacties van de Ondermijningsbrigade bij ondernemers. Of de gezamenlijke controles van gemeente, politie en woningcorporaties op crimineel woningmisbruik en de samenwerking met vastgoedbelegger Syntrus Achmea om huurders beter te screenen.

Deze praktijkverhalen zijn ook te vinden op de onlangs gelanceerde website nederlandtegengeorganiseerdemisdaad.nl. Ook deelt de gemeente op haar website amsterdam.nl regelmatig praktijkverhalen van hoe zij werkt aan de veiligheid en leefbaarheid van de stad. Naast de eerdergenoemde campagne om ondernemers weerbaar te maken tegen ‘foute helpers’ werd meegewerkt aan de ontwikkeling van campagnes voor vastgoedprofessionals en bewoners in het buitengebied. Gemeente, het RIEC en MMA waren afzenders en de social media campagnes werden ondersteund door zichtbare controleacties in de stad waarbij bewoners een flyer in de brievenbus kregen.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

Vastgoedeigenaren ontvingen een brief met folder die uitleg geeft over de risico’s van criminele verhuurders en hoe deze te weren. Ook zijn gesprekken gevoerd met tientallen winkeliers in verschillende grote winkelstraten/gebieden aan de hand van een signalenfolder. De gemeente heeft in samenwerking met KHN en MKB Amsterdam het Bibob-screeningsproces gebruiksvriendelijker gemaakt voor ondernemers, onder meer door ‘leeswijzers’ te maken.

1.6 Hoe gaat het verder? Terug naar het citaat ’Het tegengaan van ondermijning vraagt om een lange adem en uithoudingsvermogen. Er zijn geen snelle oplossingen.’ De strijd tegen ondermijning is nog niet gestreden. In gesprekken met diverse stakeholders kwam naar voren dat ondermijning een erg breed begrip is, waarbij het gevaar bestaat dat de aanpak van ondermijning daarmee ook verwatert. Focus kwam daarbij als centraal thema steeds terug. Maar wel focus met overzicht. Deze brede gemeentelijke aanpak heeft medewerkers bij diverse organisatieonderdelen bewust gemaakt van de risico’s van ondermijning. Beleidsadviseurs, medewerkers in de gebiedsgerichte aanpak, medewerkers in balie- of loketfuncties kunnen nu allemaal een steentje bijdragen aan (in)zicht en toezicht. Die brede aanpak blijft ook in de komende periode van belang; periodiek uitzoomen en adaptief inspelen op nieuwe fenomenen en modus operandi. Ook het vasthouden van de bewustwording bij de diverse medewerkers hoort daar bij. Barrières opwerpen tegen criminaliteit en ondermijning betekent daarnaast het pand voor pand zicht krijgen, instrumenten inzetten en terrein terugwinnen. Communicatie (intern en extern) is daarbij onontbeerlijk om te blijven werken aan de noodzakelijke mentaliteitsverandering en aanpak van de georganiseerde misdaad; bovenal door het communiceren van zichtbare resultaten voor buurten en wijken.

De volgende thema’s krijgen in dat licht bezien na 2022 extra aandacht:

9

Informatie Scenariostudie: ondermijning in 2030 De aanpak van ondermijning vindt veelal plaats vanuit het hier en nu. Scenariostudies geven ­inzicht in hoe de toekomst eruit zou kunnen zien. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om te bezien hoe ondermijning zich in 2030/2035 zal manifesteren. Vanuit deze scenario’s is het mogelijk om terug te redeneren en te bepalen waarop de gemeente zich nu al moet voorbereiden. Daarmee kan dan een volgende stap in de aanpak van ondermijning worden gezet. Versterken informatiepositie ten behoeve van de dagelijkse uitvoering Waar de scenario’s een blik geven op de lange termijn is er in de dagelijkse processen rond de aanpak van ondermijning een goede informatiepositie nodig. Met de Dataverkenner is daarmee een goede stap gezet, maar het verder aanhaken van relevante gegevensbronnen is noodzakelijk om tot goede afwegingen in de uitvoering te komen. Blijvende aandacht voor het uitsluiten van foute algoritmen is daarbij vanzelfsprekend. Gegevensuitwisseling tussen publieke en private partijen Privacy en gegevensbescherming zijn een groot goed. In de aanpak van ondermijning zijn de huidige regels zeer strak, waardoor zelfs voor het uitwisselen van een simpel gegeven een groot aantal stappen moet worden doorlopen.

Het vinden van een werkbare balans tussen ­privacyaspecten en gegevensbescherming enerzijds en het kunnen gebruiken van ­beschikbare gegevens om ondermijning tegen te gaan anderzijds blijft een uitdaging.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

Vastgoed Vergunningplicht vastgoedverwerving In De achterkant van Amsterdam van Tops en Tromp is gewezen naar het ’Franse model’ om onwelgevallige vastgoedtransacties als lokale overheid tegen te gaan, door toestemming te geven voor de koop/verkoop. Nader onderzoek liet zien dat dit model in Frankrijk niet wordt gebruikt om ondermijning tegen te gaan. Aangezien het huidige screenings instrumentarium op grond van de BIO en de Wet Bibob niet toepasbaar is op vastgoedtransacties tussen private partijen - en maar een beperkt deel van de panden in de stad de zogenaamde Van Traabepalingen kennen die ook tot screening leiden - is een alternatieve benadering verkend: de vergunningplicht vastgoedverwerving. In bepaalde gevallen is dan een vergunning verplicht om bedrijfsonroerend goed aan te kopen. Via dit instrument is het mogelijk om ondermijnende activiteiten via vastgoed op voorhand tegen te houden. De uitwerking hiervan is onder meer afhankelijk van de wettelijke

10

mogelijkheden en verdient na 2022 nog aandacht, in samenspraak met het Rijk. Vastgoedoverleg stadsdelen: van wie is de stad? Een ander element uit De achterkant van Amsterdam is de aanbeveling om meer zicht te krijgen op vastgoed in de stad. Daartoe zijn verschillende activiteiten ontplooid. Zo is samen met OIS een factsheet Vastgoed opgesteld. Een vastgoedoverleg waar vastgoedmutaties in de stad worden gevolgd is voor stadsdeel Centrum weer ingericht. Er moet worden bezien of uitbreiding van het vastgoedoverleg naar andere stadsdelen noodzakelijk en mogelijk is. Verder participeert AAO in het landelijk platform ‘Zicht op Ondermijning’ en maken de experts van AAO, onderdeel uit van de ‘Landelijke Fenomeentafel – Vastgoed en Ondermijning’ en het RIEC AA. De inzichten rond vastgoed en ondermijning past AAO waar mogelijk toe in de gemeentelijke strategie en aanpak. Daarbij onderzoekt AAO mogelijkheden voor verdergaande samenwerking en gegevens- en kennisuitwisseling met andere

Rapportage Weerbaar Amsterdam

overheidsinstanties en poortwachters zoals banken, notarissen en makelaars. Daar waar er tegen grenzen en knelpunten aangelopen wordt, maakt AAO dit aanhangig en stelt oplossingen voor, zoals bijvoorbeeld een huurregister, de vergunningplicht vastgoedverwerving, een verklaring omtrent gedrag (VOG) voor vastgoedaankopen, transparantie rond uiteindelijk belanghebbenden en het verbeteren van (cross-sectorale) gegevensdeling.

11

•  De samenwerking met de directie Economische Zaken en stadsdelen als het gaat om economisch perspectief, levendige straten en tegengaan monocultuur en de aanpak van ondermijning verder intensiveren. Ondermijning komt in dergelijke straten/gebieden niet alleen en vergt een aanpak waarbij op veel meer facetten dan alleen ondermijning wordt ingezet.

Bestuurlijk afpakken Financieel stelsel en ondermijning Het mantra ‘van wie is de stad?’ wordt inmiddels door veel gemeenten gehanteerd. In de praktijk is het onderzoek naar eigendom en financiering van vastgoed complex, niet in de laatste plaats omdat regelgeving in Nederland transparantie in de weg staat en verhulling in de hand werkt. De gemeente maakt formeel geen deel uit van de keten die toeziet op het aanpakken van witwassen en fraude in het financiële stelsel. Het gebruik van alternatieve betaalmiddelen zoals cryptocurrencies en het systeem van ondergronds bankieren in de stad zijn andere voorbeelden van kwetsbaarheden in het financiële stelsel. De gemeente wil informatie en inzicht, verkregen uit de toetsing, screening en handhaving, onder strikte voorwaarden kunnen delen met opsporende instanties om zo de keten te kunnen versterken. Ook samenwerking met poortwachters in het stelsel (oa financiële instellingen, notarissen, advocaten) kan worden versterkt. Samen met partijen in het RIEC-AA is daartoe het platform Tafel 020 opgezet. Verdere verkenning van samenwerking met private partijen is van belang.

Straatgerichte aanpak Om ondermijning in wijken en buurten aan te pakken is een straatgerichte aanpak een ­middel. Hier liggen twee opgaven: •  Kenmerkend voor de straatgerichte aanpak is maatwerk, afhankelijk van het type straat en bedrijvigheid daarin zal het einddoel anders zijn. Dit maatwerk geldt echter nadrukkelijk niet voor de methode. Het aantal methodieken rond een straatgerichte aanpak dat nu wordt toegepast in de stad is talrijk en is te persoonsafhankelijk en dat bevordert de efficiëntie en effectiviteit niet; een stadsbrede methode is nodig

Ondermijning is uiteindelijk gericht op het crimineel verkrijgen van het geld. Aan de voorkant heeft de gemeente de mogelijkheid om via vergunningverlening, de Bibob-toets, de BIO en andere instrumenten ondermijnende activiteiten tegen te gaan. Aan de achterkant ligt een kans om steviger in te zetten op bestuurlijk afpakken van crimineel vermogen, al dan niet in een arrangement waarbij bijvoorbeeld afgepakt vastgoed een maatschappelijke bestemming krijgt.

Training en opleiding Sinds 2019 zijn veel trainingen gegeven aan medewerkers van de gemeente. Momenteel ligt het aantal getrainde personen tussen de 1500 en 1800. De trainingen worden gezien als een verrijking voor de bewustwording over ondermijning. Daarbij achten getrainde personen zich beter in staat signalen van ondermijning te herkennen en via de juiste weg melding te maken. De Gemeente Amsterdam is een grote organisatie. De meeste medewerkers komen nog in aanmerking voor een training. Hier kan de gemeente de komende jaren dan ook nog steeds veel winst behalen. De aanpak van ondermijning is aan constante verandering onderhevig. Bijspijkertrainingen zouden in de toekomst dan ook veel kunnen bijdragen aan de veiligheid in Amsterdam. De uitwerking van deze opgaven vindt plaats in de reguliere lijn van de gemeentelijke organisatie.

Weerbaar Amsterdam Drugscriminaliteit

Rapportage Weerbaar Amsterdam

13

2 Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit

Amsterdamse aanpak van drugscriminaliteit Weerbaar Amsterdam/ Drugscriminaliteit startte eind 2019 onder de naam Weerbare Mensen, Weerbare Wijken als reactie op de almaar toenemende impact van drugscriminaliteit op het openbare leven. Dit programmaonderdeel heeft als doel om de ontwrichtende werking van de drugseconomie op buurten en kwetsbare mensen te verminderen en hen weerbaarder te maken tegen de aantrekkingskracht van (drugs)criminaliteit. Dit onderdeel van de rapportage bevat een beschrijving van wat de inspanningen in de eerste periode van drie jaar heeft opgeleverd. In eerdere rapportages is ook gerapporteerd over het tegengaan van wapengeweld. Onlangs is hier een uitgebreide toelichting over gestuurd aan de gemeenteraad, daarom is dit thema nu niet als apart hoofdstuk opgenomen. Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit is ondergebracht bij het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (AcVZ) en draagt met vele justitiële, zorg- en sociaal domeinpartners bij aan de aanpak van drugscriminaliteit. Landelijk staat het aanpakken van drugscriminaliteit hoog op de agenda. Dat leidde in 2020 tot subsidie van het ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V) in het kader van het Breed Offensief Tegen Ondermijnende Criminaliteit (BOTOC) aan de gemeente Amsterdam, waarmee onder meer maatregelen uit het programma Weerbaar Amsterdam werden ondersteund.

Inzicht, interventies en impact: opbrengsten eerste fase Inzicht Er was bij de start van het programma weinig kennis van de doelgroep en de werkende elementen. Daarom is in de eerste fase veel geïnvesteerd in het opdoen van kennis en inzicht. Er is op verschillende manieren kennis opgedaan over doelgroepen, problematiek en werkzame elementen. Eén manier om inzichten te vergaren was door aan de slag te gaan en vervolgens door actie-

onderzoeken meer inzicht te verkrijgen. Wie is de doelgroep? Wat zijn werkzame elementen? Wat is nodig om de beweging naar een andere toekomst in gang te zetten? In onder andere de maatregelen Aanpak Doorgroeiers, Eervolle Uitweg en de straatcolleges is op deze manier gewerkt. Ook de maatregel Credible Messengers is een voorbeeld van deze manier van werken. Ook zijn er in opdracht van dit programmaonderdeel meerdere onderzoeken uitgevoerd. In Nieuw-West is uitgebreid onderzoek gedaan door bureau Beke en analisten van politie Eenheid Amsterdam: Misdaadcarrières voorkomen en doorbreken. Het onderzoek laat zien dat er sprake is van een hecht crimineel netwerk dat door zijn sterke onderlinge relaties efficiënt en gesloten is. Toetreding tot het netwerk is moeilijk, maar het omgekeerde is ook waar: eenmaal erin, kom je er moeilijk weer uit. Het netwerk is bijzonder vanwege de ernst van de gepleegde vermogensmisdrijven, het instrumentele geweld, de beschikbaarheid van wapens en de link met liquidaties. Naar aanleiding van dit onderzoek is het programma Contextgerichte aanpak Criminele Netwerken gestart.

Binnen de aanpak Doorgroeiers zijn twee onderzoeken gedaan door de politie naar doorgroeiers die waardevolle informatie hebben opgeleverd, onder andere over hoe jongeren in de drugsgerelateerde criminaliteit terecht komen en hoe deze inzichten bij kunnen dragen aan het voorkomen van jonge aanwas. Ieder jaar komen daarnaast twee factsheets uit die trends laten zien op het gebied van drugsgebruik en drugscriminaliteit. Zie ook bijlage 1: Factsheet drugsgebruik. Tevens is meegewerkt aan allerlei onderzoeken in het land. In de afgelopen jaren zijn kennissessies georganiseerd en is bijgedragen aan sessies met andere professionals in het land. Zo zijn diverse denktanks georganiseerd met het programma Straatwaarden van het RIEC Midden-Nederland. In deze denktanks werd door professionals uit de wetenschap, journalistiek en

Rapportage Weerbaar Amsterdam

maatschappelijke organisaties gereflecteerd op de aanpak. Weerbaar Amsterdam nam deel aan de landelijke BOTOC-community, waar met andere steden werd gesproken over de problematiek en oplossingen. Ook maakt het deel uit van het landelijk actieplan Wapens en Jongeren, waarin onder leiding van het ministerie van Justitie en Veiligheid verschillende zorg- en veiligheidspartijen zich inzetten tegen de normalisering van wapenbezit en –geweld. Daarnaast is het programma verschillende samenwerkingsverbanden aangegaan met wetenschap en andere disciplines. Zo is veel uitgezocht over de mogelijkheden om op te treden tegen online geweldsdreigingen die zich vaak manifesteren in de openbare ruimte. Hiervoor wordt samengewerkt met de NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met social designers is ook nagedacht over de problematiek van online criminaliteit. Daarnaast is de VR-tool messengeweld (zie p. 21) getoond op de Dutch Design Week, als onderdeel van de Embassy of Safety. Interventies Er zijn tal van interventies ontwikkeld afgelopen jaren, waarvan er in de inleiding al een aantal is genoemd. De start van een maatregel of interventie was steeds gebaseerd op kennis en ervaring, en vervolgens werd deze kennis op een zorgvuldige manier in de praktijk gebracht en verder ontwikkeld.

Andere voorbeelden dan eerder zijn genoemd van interventies zijn de Buurtrechter, de inzet op straatdealers en een aantal acties uit de maatregel Doorbreken criminaliteit tijdens detentie. De interventies en resultaten in deze rapportage worden nader toegelicht. Niet alles is gegaan zoals aan het begin was voorzien. Sommige interventies liepen anders dan bedacht, waaronder het vergroten van het bewustzijn van gebruikers over de schaduwzijde van drugsgebruik en de pilot afpakken in Nieuw-West waarin werd onderzocht wat de mogelijkheden zijn om van criminelen in de openbaarheid luxegoederen af te pakken die ze op criminele wijze hebben verkregen. Impact Een langjarige aanpak is nodig voor deze problematiek. Weerbaar Amsterdam/ Drugscriminaliteit was er in de eerste fase op

14

gericht om – op beperkte schaal – thema’s te onderzoeken en te ontwikkelen om na te gaan wat een effectieve inzet zou kunnen zijn. Het maken van grote impact vereist meer middelen. Het is nagenoeg niet mogelijk te laten zien wat het effect is van separate maatregelen. Er spelen bij deze problematiek zoveel factoren een rol, dat een effect zelden terug te leiden is naar één specifieke actie of maatregel. Wel worden bijna alle maatregelen geëvalueerd. Afhankelijk van deze evaluaties wordt het vervolg bepaald.

Blik op de toekomst In de volgende fase worden bewezen werkende maatregelen geïntensiveerd. Hierin worden waar nodig andere accenten gelegd, mede op basis van inzichten die zijn opgedaan. Zo is er in de komende tijd aandacht voor het door elkaar lopen van slachtoffer- en daderschap. Dat geldt ook voor criminele uitbuiting, een thema dat zich regelmatig aandient. Het is nodig om te letten op signalen hiervan en om op zoek te gaan naar geschikte acties om dit tegen te gaan. Een ander onderwerp van gesprek is het inzien en delen van gegevens en de toepassing van de AVG. De nadruk zal de komende periode nog meer komen te liggen op de gebieden waar inzet het hardste nodig is. Dat zijn in ieder geval de gebieden die opgenomen zijn in het nationaal programma Leefbaarheid en Veiligheid en de gebieden waarvoor masterplannen zijn opgesteld. Tevens is Noord een aandachtsgebied. Meer informatie over inzet in de gebieden is te vinden op bladzijde 20. De combinatie tussen ervaring en wetenschap is van grote waarde gebleken in de eerste fase, daar zal ook de komende tijd veel aandacht voor zijn. Het is zaak om onderzoeken zoveel mogelijk in gezamenlijkheid uit voeren, toegankelijk te maken voor de praktijk en uit te wisselen. Dat is ook een aandachtspunt in de samenwerking met het Rijk en met andere gemeenten.

Er wordt momenteel gewerkt aan een uitvoeringsplan voor de volgende fase, waarin de maatregelen en accentverschuivingen worden toegelicht. Dit uitvoeringsplan is voor de zomer van 2023 gereed.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

15

2.1 Credible Messengers

Inzicht, interventies en impact

Teveel Amsterdamse jongeren worden aangetrokken door (drugs)criminaliteit. Veel van hen hebben een achtergrond met complexe problematiek en vinden onvoldoende aansluiting bij het reguliere aanbod van bijvoorbeeld zorg en jongerenwerk. Credible messengers kunnen deze jongeren vaak beter bereiken. Zij zijn ingebed in de wijken, kennen de taal en leefwereld van de straat, hebben het pad van criminaliteit soms zelf belopen, kunnen jongeren bereiken en hen helpen andere keuzes te maken, en weten wat er voor hen nodig is om uit de criminaliteit te blijven of eruit te stappen. Ook kunnen ze verbinding leggen met bestaande voorzieningen.

De afgelopen jaren is door het AcVZ – in samenwerking met stichting Your Lab – gewerkt aan het opzetten en faciliteren van het ADAMAS-netwerk van credible messengers om de kracht van deze groep mensen in de stad te bundelen. Een belangrijk onderdeel van dit netwerk is het opleidingstraject, dat ontwikkeld is op basis van opgedane kennis en ervaring in het buitenland en de expertise vanuit stichting Your Lab. Personen in de stad die reeds fungeerden als credible messenger dragen hieraan bij met hun eigen kennis en expertise. Inmiddels zijn ruim 40 credible messengers met verschillende achtergronden en uit verschillende Amsterdamse wijken opgeleid.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

Vergelijkbare initiatieven in onder andere de Bronx, New York en Glasgow zijn een inspiratiebron voor dit netwerk geweest. Het Arches Program van het Credible Messengers Institute in New York is een breed opgezette aanpak om een gemeenschapsgerichte basis te geven aan jongeren die in het justitiële systeem zitten1. De credible messengers van dit programma worden opgeleid en geven individuele en groepstraining, en vooral recidive onder participanten van jonger dan 18 blijkt door de begeleiding en relatie met de credible messengers af te nemen2. Een vergelijkbaar initiatief van de lokale politie, geloofs- en buurtorganisaties en credible messengers in de Bronx laat eenzelfde resultaat zien, met een nog kleinere recidive bij jongeren die langer dan 60 dagen en intensiever werden begeleid.3 De aanpak in Glasgow, de Scottish Violence Reduction Unit, werkt met ‘navigators’ die de verantwoordelijkheid hebben om partnerorganisaties samen te laten werken om een pakket aan hulp aan te bieden, waarnaast ze zelf ook als mentor en ondersteuner fungeren. Het juiste selectieproces voor de navigators wordt als cruciaal onderdeel gezien voor een succesvolle aanpak, en de individuele relatie tussen de navigator en de jongere als bepalend voor het slagen van een hulpaanbod4. De credible messengers komen maandelijks bij elkaar voor coaching en intervisie.

Ze vormen een actief netwerk met elkaar en hebben inmiddels een eigen locatie in AmsterdamNoord waar ze gezamenlijk verder werken aan professionalisering, intervisie en de uitvoering van projecten.

16

van jongeren. Ook brengen zij via verschillende media verhalen van jongeren om te laten zien dat criminaliteit niet loont.

In de zomer van 2022 organiseerden credible messengers samen een drie weken durend zomerprogramma voor een groep van 13 jongens tussen de 15 en 20 jaar om hen een passende dagbesteding aan te bieden in een periode waarin de scholen gesloten waren. Al deze jongens zijn eerder in aanraking geweest met jeugdcriminaliteit en voor allen was het reguliere jongerenwerk of sportbuurtwerk onvoldoende passend. Ze komen niet graag op regelmatige basis in buurthuizen of sportcentra in hun eigen wijk omdat ze daar anderen tegen zouden kunnen komen met wie ze rivaliteit of conflicten ervaren, of in het verleden hebben ervaren. De initiatiefnemers nodigden jongens uit hun eigen netwerk uit van wie ze wisten dat ze graag andere keuzes, weg van de criminaliteit, wilden maken, maar die de skills en het netwerk misten om dat te doen. Drie dagen per week werkten ze samen aan het schrijven en opnemen van muziek, deden ze samen boodschappen, aten ze samen en hadden ze ontmoetingen met inspirerende gastsprekers.

De credible messengers begeleiden individuele jongeren op een alternatief pad weg van de (drugs)criminaliteit, werken gezamenlijk aan projecten om jongeren perspectief te bieden en voorzien organisaties in het zorg- en veiligheidsdomein van advies over de leefwereld

L ynch, M., Astone, N. M., Collazos, J., Lipman, M., & Esthappan, S. (2018). Arches transformative mentoring program. An Implementation and Impact Evaluation in New York City, New York City. 2  Bijna 2% van de participanten werd opnieuw veroordeeld binnen 12 maanden ná het starten, voor nietparticipanten was dit ongeveer 6%, en 24 maanden na het starten van Arches was dit respectievelijk 6,2% tegenover 14,3% recidive. 3 Curtis, R., Marcus, A., & Jacobs, N. (2013). South Bronx Community Connections: a pilot project of Community Connections for Youth: a grassroots approach to pro-social development in a neighbourhood of chronic disadvantage. 4 College of Policing. (2021). Vulnerability and Violent Crime Program: Evaluation of the Community Initiative to Reduce Violence (CIRV). 1

Rapportage Weerbaar Amsterdam

De jongeren die aan dit zomerprogramma ­meededen waardeerden het met name dat credible messengers hen aanspraken op hun potentie in plaats van tekortkomingen. Ze voelden zich ondersteund om hun leven op de rit te krijgen en zijn zich kwetsbaarder gaan opstellen: “Ze bleven maar zeggen dat ik goede teksten had, dat zag ik zelf helemaal niet zo. Op een dag werd ik wakker en dacht ik, ik ga vandaag iets liefs maken. Ik kwam naar de studio en nam een nummer op dat over hele andere dingen ging […] Ik ben anders gaan praten met andere mensen, respectvoller. Ik heb nog steeds die woede, maar ik weet nu beter hoe ik die moet channelen”.

17

In de herfst van 2022 is een evaluatie ­uitgevoerd door Femke Kaulingfreks, lector Jeugd en Samenleving aan de Hogeschool Inholland, om meer zicht te krijgen op de werkzame elementen en aandachtspunten van zowel het opleidingsprogramma en het zomerprogramma voor jongeren, als van het netwerk zelf. Uit deze evaluatie blijkt onder andere dat het opleidingsprogramma bijdraagt aan de eigen ontwikkeling van de credible messengers, waardoor ze ook beter in staat zijn om ­anderen te bereiken en te steunen. Het feit dat de c­ redible messengers onderdeel uitmaken van het ADAMAS-netwerk geeft hen zelfvertrouwen en een gevoel van onderlinge binding en betrokkenheid, dat op andere plekken vaak gemist wordt. Doordat credible messengers gezamenlijk en op gelijkwaardige basis een intensief opleidingstraject doorlopen leren ze elkaar persoonlijk kennen en ontstaat er een vertrouwensband en een gedeelde ambitie om kansen

Rapportage Weerbaar Amsterdam

voor jongeren te creëren. Dit draagt bij aan een herstel van vertrouwen in de overheid – een zeer actueel thema. Uit de evaluatie kwam ook een aantal dilemma’s en aandachtspunten. Een voorbeeld hiervan is dat het moeilijker zou kunnen worden om bij de leefwereld van jongeren op straat te blijven aansluiten als de credible messengers gezien worden als onderdeel van de meer institutionele wereld.

Vervolg • De komende jaren worden twee ­opleidingsprogramma’s per jaar ­georganiseerd, tot er ongeveer 100 ­credible messengers zijn • In 2023 wordt toegewerkt naar een ­eigenstandige organisatie van het n ­ etwerk, met publiek-private cofinanciering. Hierbij zal er voor de financiers een rol blijven in het bewaken van en waar nodig bijsturen op de doelstellingen, de kwaliteit en koers

18

• Uitgangspunt blijft een v ­ erbijzondering van en aanvulling op het huidige ­aanbod, w ­ aarbij wordt weggebleven van ­oneigenlijke concurrentie

2.2 Het Andere Verhaal Het is van belang dat jongeren, ouders en professionals met elkaar in gesprek zijn over drugscriminaliteit, over de verlokkingen en risico’s ervan, zeker wanneer er zorgen zijn dat jongeren hiermee in aanraking komen. Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit wil helpen dit gesprek te voeren en een ander verhaal vertellen dan wat in veel populaire media over drugscriminaliteit wordt geschetst. De afgelopen jaren zijn 64 straatcolleges gegeven. Deze straatcolleges zijn bedacht en ontwikkeld door Weerbaar Amsterdam/ Drugscriminaliteit en worden gegeven op plekken in de wijk waar de doelgroep aanwezig is. Het onderwerp is steeds het ontmythiseren van

Rapportage Weerbaar Amsterdam

de drugscriminaliteit. Tijdens de straatcolleges wordt ook ingegaan op realistische positieve alternatieven voor de drugscriminaliteit, mede door rolmodellen daarover te laten vertellen. Met de straatcolleges zijn in totaal 450 jongeren, 50 professionals en 15 ouders bereikt. In eerste instantie bestond een straatcollege uit één bijeenkomst, maar al snel bleek dat de behoefte aan inzichten, het gesprek en begeleiding groter was. De straatcolleges zijn daarom uitgebreid naar drie bijeenkomsten per groep, waarvan twee worden gegeven door een trainer en één bijeenkomst door een rolmodel. Dit past ook bij de wetenschappelijke inzichten over de wijze waarop jongeren niet alleen kunnen worden geïnformeerd en bewust worden gemaakt, maar ook hoe dit kan leiden tot een verandering van gedrag. Alleen voorlichting of een campagne volstaat niet. Er zijn inmiddels al verschillende trainers opgeleid om deze straatcolleges te geven, wat van belang is om de straatcolleges structureel vorm te geven. Tevens is het selectieproces van de doelgroep is aangescherpt, waarbij de focus ligt op scholen en jongeren die in hun omgeving te maken hebben met drugscriminaliteit.

Vervolg Vele partners in de stad en daarbuiten dragen bij aan het Andere Verhaal. In de volgende fase wordt samen met hen onderzocht welke elementen het beste werken en welke minder goed. Daarnaast worden de straatcolleges voortgezet.

2.3 Buurtrechter De buurtrechter Venserpolder is een initiatief van de rechtbank Amsterdam en de gemeente Amsterdam, samen met de politie en het Openbaar Ministerie. Met de buurtrechter willen deze partijen het recht zichtbaarder en toegankelijker maken voor de bewoners van de wijk Venserpolder. Ook zet de buurtrechter zich in voor duurzame oplossingen voor de problemen waar individuele wijkbewoners mee te maken hebben. De verwachting is dat dit uiteindelijk zal bijdragen aan een meer weerbare en leefbare wijk en meer vertrouwen van de bewoners in het recht en in overheidsinstanties.

19

De buurtrechter maakt binnen de Rechtspraak deel uit van het programma Maatschappelijk Effectieve Rechtspraak. Met dit programma wil de Rechtspraak zo goed mogelijk aansluiten bij de behoeften van rechtzoekenden, in een bredere maatschappelijke context. Binnen de gemeente Amsterdam is de buurtrechter ingebed in het programma Weerbaar Amsterdam. Ook is de buurtrechter opgenomen in het Masterplan Zuidoost. De buurtrechter is een onderdeel van een groter geheel aan initiatieven in de wijk die samen impact kunnen maken. Er wordt samengewerkt met actieve bewoners en vele partners, waaronder Stadsdeel Zuidoost, Masterplan Zuidoost, het Openbaar Ministerie, de politie, de advocatuur, de hulpverlening en verschillende organisaties uit de wijk. Ook is er intensief contact met het Wijkactieteam en het buurtteam die in hetzelfde gebouw zijn gevestigd. De buurtrechter houdt sinds januari 2022 wekelijks zittingen en preventieve gesprekken aan de Albert Camuslaan in Venserpolder. De buurtrechter richt zich nu voornamelijk op schulden, schoolverzuim en strafzaken en besteedt veel aandacht aan onderliggende problematiek van de betrokkenen. Zo zit er bij veel zaken ook een hulpverlener aan tafel. In 2022 zijn er 20 incassozittingen gehouden waarbij 117 personen zijn opgeroepen.

Ongeveer de helft is naar de zitting gekomen en in meer dan driekwart van de zaken is een afbetalingsregeling bereikt. Er zijn 17 strafzittingen geweest, waarbij 32 personen zijn gedagvaard. Daarnaast zijn er 13 gevallen van problematisch schoolverzuim aangemeld voor een preventief oplossingsgericht gesprek. Dit is een innovatieve aanpak waarin de rechter, leerling, ouders, leerplichtambtenaar en andere betrokkenen samen naar oplossingen zoeken om de leerling weer naar school te laten gaan. De ervaring leert dat het gewicht dat de rechter meegeeft aan het gesprek maakt dat onderliggende problematiek boven tafel komt en er niet hoeft te worden opgeschaald naar een leerplichtzitting. In 11 zaken hebben een of meer preventieve gesprekken plaatsgevonden. Er zijn na die gesprekken, op één uitzondering na, geen formele leerplichtzittingen meer nodig geweest. Op dit moment zijn er vijf vaste buurtrechters. De buurtrechters en de twee betrokken officieren van justitie ervaren dat mensen bij de buurtrechter vaak opener zijn over hun situatie dan bij reguliere zittingen.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

20

Vanuit de buurtrechtbank wordt momenteel ook een buurtgebonden jongerenrechtbank opgezet door een groep jongeren die dit eerder op de Open Schoolgemeenschap Bijlmer hebben gedaan. Ze worden hierin begeleid door de buurtrechter en Stichting Jongerenrechtbanken. Het is de bedoeling dat deze jongerenrechtbank vrijwillig wordt ingeschakeld om herstelgericht op te treden bij conflicten. Het is een manier om het gesprek over normoverschrijding en het herstellen van de gevolgen daarvan door jongeren onderling te laten voeren.

2.4 Nieuw-West en Zuidoost

Vervolg

• De aanpak van complexe casuïstiek is versterkt • Er zijn de afgelopen jaren verbindingen gelegd met wetenschap en andere disciplines om oplossingen te zoeken voor problemen • Een ander inzicht uit de casuïstiek is dat jongeren met een andere culturele achtergrond dan de Nederlandse, soms worstelen met hun identiteit. Dat kan gevolgen hebben voor hun weerbaarheid. Samen met jongerenwerk is daarom een tool ontwikkeld die jongerenwerkers mogelijkheden biedt om hierover het gesprek aan te gaan met jongeren

Het postcodegebied waar de buurtrechter in opereert is sinds 1 januari 2023 uitgebreid van alleen Venserpolder naar de hele postcode 1102: het gebied Bijlmer Centrum. Dat betekent een verdrievoudiging van het gebied. Daarnaast gaat er ook gestart worden met bestuursrechtzaken. Hierbij moet worden gedacht aan zaken rondom bestaanszekerheid zoals bijstandszaken. In de zomer van 2023 zal de evaluatie van de Buurtrechter worden opgeleverd. Op basis van de evaluatie wordt een besluit genomen over uitbreiding van de buurtrechter.

Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit werkte afgelopen jaren intensief samen met de stadsdelen Zuidoost en Nieuw-West en de masterplannen. Zuidoost Weerbaar Amsterdam heeft in Zuidoost voornamelijk ingezet op het toevoegen van expertise op het gebied van veiligheid en zorg aan de werkzaamheden in het stadsdeel. Enkele voorbeelden:

Rapportage Weerbaar Amsterdam

• In samenwerking met NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen zijn het stadsdeel en Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit een praktische en breed toepasbare interventiematrix aan het ontwikkelen voor de online leefwereld. Dit instrument moet een bijdrage leveren aan het doorbreken van de geweldspiraal op basis van een handelingsrepertoire met online interventies. Ook wordt met het ministerie J&V onderzocht welke mogelijkheden er zijn om gegevens te kunnen delen met relevante partners binnen de bestaande wet- en regelgeving • Jongeren die veelal een criminele achtergrond hebben of aangetrokken worden door de criminaliteit en daardoor een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben, worden aan werk geholpen. Ruim veertig jongeren worden momenteel begeleid door een jongerenadviseur van WPI. Perspectief, onder andere door werk, is cruciaal om jongeren weerbaar te maken tegen de aantrekkingskracht van drugscriminaliteit • Vanuit Weerbaar Amsterdam/ Drugscriminaliteit is bijgedragen aan het opstarten van het WijkActieTeam. Dit team heeft als doel de veiligheidsproblemen in de buurt op te zoeken en op te lossen. Het WijkActieTeam is een samenwerking van gemeente, politie en alle corporaties.

Inmiddels is het team Venserpolder onderdeel van het Masterplan Zuidoost en is een tweede team gestart Er is een VR-tool ontwikkeld, die met het lesprogramma Mes Less gebruikt kan worden om jongeren bewust te maken van de consequenties van messengeweld. Deze tool is tot stand gekomen in een nauwe samenwerking tussen wetenschappers, professionals en met jongeren zelf. Hierdoor is een tool gemaakt die aansluit bij de leefwereld van de doelgroep. De game speelt zich af op herkenbare plekken in de wijk, en alle uitingen (kleding, taal) zijn herkenbaar en logisch voor de doelgroep. Nieuw-West In Nieuw-West lag in de eerste fase van het programma de nadruk op inzicht verkrijgen in de (bovenlokale) netwerken en hun invloed op jongeren in het stadsdeel. Bureau Beke heeft hier een innovatieve methode van onderzoek

21

op toegepast. Dit heeft geleid tot het rapport Misdaadcarrières voorkomen en doorbreken: van analyse naar netwerkaanpak. Het onderzoek laat zien dat er sprake is van een hecht crimineel netwerk dat door zijn sterke onderlinge relaties efficiënt en gesloten is. Toetreding tot het netwerk is moeilijk, maar het omgekeerde is ook waar: eenmaal erin, kom je er moeilijk weer uit. Het netwerk is bijzonder vanwege de ernst van de gepleegde vermogensmisdrijven, het instrumentele geweld, de beschikbaarheid van wapens en de link met liquidaties. Dit onderzoek heeft gevolg gekregen met de start van het programma Contextgerichte Aanpak Criminele Netwerken in oktober 2022. Daarnaast is Weerbaar Amsterdam/Drugs­ criminaliteit samen met het stadsdeel een overleg gestart waar (complexe) casuïstiek wordt besproken. Dit overleg was er eerder niet. Door deze werkwijze zijn onder andere 52 jongeren (veelal met een criminele achtergrond) aan werk geholpen en geholpen bij het oplossen van hun schulden. Drie jongens hiervan komen uit een groep die voor veel overlast zorgt in de wijk. Er is veel samengewerkt met bewoners en partners in de wijk om passende oplossingen te zoeken voor problemen die spelen in de wijk. Dit heeft onder andere geleid tot de pilot woningsluitingen, die zorgt voor meer en zichtbare communicatie met de buurt over de gesloten panden.

Doel van deze transparantie over de sluiting van een pand is het vergroten van het vertrouwen van de buurt in de overheid. De pilot wordt in 2023 geëvalueerd.

Vervolg In de volgende fase van het programmaonderdeel wordt in nauwe samenwerking met ZO=Zuidoost en het Nationaal Programma Samen Nieuw-West verder gewerkt aan de ontwrichtende effecten van drugscriminaliteit. Deze 20-jaar durende programma’s werken aan structurele verbetering van leefbaarheid en veiligheid in de stadsdelen. Weerbaar Amsterdam/Drugscriminaliteit draagt bij aan deze programma’s met specifieke interventies gericht op het tegengaan van de effecten van drugscriminaliteit. Deze interventies zullen per gebied verschillen.

Rapportage Weerbaar Amsterdam

22

Samenstelling van de Top600-lijst (op peildatum 1 oktober 2022) Er stonden toen in totaal 444 personen op de lijst, waarvan:

2.5 Top600 Drugs- en Geweldcriteria In 2011 is de Top600 van start gegaan om het toenemend aantal delicten op het gebied van High Impact Crime (HIC) een halt toe te roepen. In 2019 zijn instroomcriteria op het gebied van drugs en geweld aan de Top600 toegevoegd, zodat integrale persoonsgerichte regie ook beschikbaar werd voor een verharde doelgroep die op dat vlak veel delicten pleegt, zich onaantastbaar waant en (wapen)geweld niet schuwt. In het tegengaan hiervan is integrale regie, zoals van de Top600 en Top400, waarbij ook oog is voor het gezin van de persoon en diens leefomgeving, een belangrijk instrument.

350

Ook binnen de Top600 en Top400 wordt steeds vaker criminele uitbuiting gezien, bijvoorbeeld jongeren die gedwongen worden drugs te dealen of explosieven te plaatsen omdat ze een schuld hebben uitstaan. Het is moeilijk om

zicht te krijgen op criminele uitbuiting doordat het zich doorgaans buiten het zicht afspeelt en slachtoffers om verschillende redenen niet eenvoudig aangifte doen. Bovendien zijn bij criminele uitbuiting slachtofferschap en daderschap

300 250 200 150 100 50 0 HIC-criteria (71%)

DG-criteria (27%)

HIC- en DG-criteria (2%)

Rapportage Weerbaar Amsterdam

vaak vermengd. Vermoedelijk blijven hierdoor veel slachtoffers buiten beeld, ook binnen de aanpakken. De Top600- en Top400regisseurs worden getraind in het herkennen van signalen van criminele uitbuiting en leren waar zij vervolgens terecht kunnen om dit te melden, advies te vragen en hulp in te schakelen. De inzet vanuit de Top600 op het gebied van het tegengaan van wapenproblematiek heeft de afgelopen jaren belangrijke inzichten opgeleverd, bijvoorbeeld ten aanzien van de oorzaak van het dragen van wapens door jongeren. Jongeren dragen een wapen om het te gebruiken bij criminele activiteiten maar ook als een statussymbool of juist vanwege een gevoel van onveiligheid. Voor regisseurs kunnen dreigende situaties ontstaan in hun contact met regiepersonen die te maken hebben met wapenproblematiek. Dit heeft geleid tot maatregelen om deze risico’s tegen te gaan, zoals het tijdig melding maken hiervan bij de politie, het gebruik kunnen maken van beveiligde ruimtes voor hun regiegesprekken en een aanbod van trainingen op dit vlak binnen de vakontwikkeling.

Vervolg Omdat gezien wordt dat ook binnen de Top400 jongeren op steeds jongere leeftijd in aanraking komen met wapens, worden in de loop van 2023 de instroomcriteria van de Top400 tijdelijk uitgebreid met ‘bezit en handel wapens’. Het bezit of gebruik van een wapen wordt dan als een van de voor instroom vereiste zorgsignalen meegewogen. Deze uitbreiding is een pilot die een jaar duurt. Door de dossiers van de jongeren die op basis van dit zorgcriterium instromen nader te analyseren, wordt een beter beeld verkregen van deze groep en van de benodigde interventies om wapenproblematiek tegen te gaan. Tegelijkertijd wordt de Top600-casuïstiek met wapenproblematiek geëvalueerd om nog beter zicht te krijgen op wat in regie wel of niet gewerkt heeft. Gelet op de aanzuigende werking van de drugs­­economie op jongeren wordt verkend of het wenselijk en gelegitimeerd is om met een uitbreiding van de Top400-criteria met drugsdelicten een grotere groep jongeren te bereiken die drugsdelicten plegen, om zo te voorkomen dat zij hierin verder afglijden.

23

2.6 Doorgroeiers Doorgroeiers in de drugscriminaliteit zijn personen die zowel een schakel zijn tussen de jonge aanwas en de zware georganiseerde criminaliteit en die een rol hebben bij het aantrekken van kwetsbare jongeren. Gedurende twee jaar is actieonderzoek gedaan en is een in beginsel tijdelijke persoonsgerichte aanpak opgezet om meer zicht te krijgen op deze doelgroep en te kijken wat effectieve interventies zijn. De maatregel beoogt hiermee uiteindelijk doorgroei in (drugs)criminaliteit te voorkomen, wervingsprocessen te verstoren en de maatschappij te beschermen. De aanpak Doorgroeiers was zowel maatregel binnen Weerbaar Amsterdam als één van de actielijnen van het versterkingsplan aanpak ondermijning van het RIEC Amsterdam-Amstelland. De aanpak is geëvalueerd. Er zijn 40 personen in de persoonsgerichte aanpak ingestroomd en 9 weer uitgestroomd. Ze zijn allen man, gemiddeld 23 jaar en meestal thuiswonend. De meesten hadden geen dagbesteding, geen uitkering, wel schulden. Allen waren bekend bij justitie, 92% vanwege vermogensdelicten en 82% vanwege geweldsdelicten. Slechts 56% vanwege een drugsdelict. De Doorgroeiers die in het begin van het project in beeld kwamen zijn personen die veel onrust veroorzaken in de wijk en zichtbaar zijn op straat. Later in het project zijn Doorgroeiers ingestroomd die meer onder de radar opereren.

Om deze personen in de aanpak te krijgen is een goede samenwerking met de recherche, stadsdeel en OM een vereiste.

Inzicht, interventies en impact Uit voor de aanpak uitgevoerd onderzoek blijkt dat er geen typische criminele carrière van een Doorgroeier is. De traditionele loopbaan bestaat, maar tegenwoordig gaan processen snel en onvoorspelbaar. Professionals geven aan dat het voor Doorgroeiers belangrijk is om in het criminele circuit op te vallen, lef te tonen en loyaal te zijn, bijvoorbeeld door het plegen van geweld. Er is geen sprake van een bepaald instapdelict. Doorgroeiers worden omschreven als opportunistische multiplegers die diverse delicten plegen, zolang het maar geld en status oplevert. Hier vallen ook cybercrime en online fraude onder. ‘Ongrijpbaarheid’ is een belang-

Rapportage Weerbaar Amsterdam

24

Gastles van de buurtrechter

rijk onderscheidend kenmerk van Doorgroeiers. Ze gedragen zich in het contact met professionals netjes en zijn sociaal slim, waardoor het lijkt dat ze zich aan afspraken houden. Ze opereren onder de radar, laten anderen het werk doen en proberen niet op te vallen bij de instituties. Een belangrijke factor is dat drugscriminaliteit vaak heimelijk en onzichtbaar plaatsvindt. Deze ongrijpbaarheid wordt ook bevorderd door de online wereld, die een belangrijk deel van hun leefwereld is. Daar worden klussen aangeboden, contacten gelegd en kunnen drugs en wapens worden gekocht. Het is voor professionals zeer moeilijk om daar zicht op te krijgen. Een belangrijk inzicht van het project is dat een aanpak van Doorgroeiers onderdeel moet zijn van een bredere aanpak van het gehele criminele netwerk. Immers, ook op andere vlakken en bij omringende personen moet de negatieve invloed worden teruggedrongen, zodat de per-

soon in regie niet direct vervangen wordt door de volgende. Innovatief is de samenwerking met het RIEC. Deze is op drie niveaus zinvol voor de aanpak: regisseurs krijgen meer inzicht in nieuwe trends van ondermijning en weten waar ze op moeten letten, doorgroeiers zijn actief in criminele netwerken die ook andere criminele activiteiten uitvoeren en in beeld zijn bij het RIEC. En de inzet van een persoonsgerichte aanpak kan een nuttige bijdrage leveren aan een brede aanpak van ondermijning gericht op het verzwakken van een netwerk. Regie op de doelgroep doorgroeiers is een zaak van de lange adem. Het gaat om moeilijk bereikbare personen, die overheidsbemoeienis afwijzen en geen motivatie hebben om te stoppen met voor hun lucratieve criminele activiteiten. Toch doen zich bij de meeste doorgroeiers momenten voor dat ze open staan voor contact. Dan moet de regisseur er zijn. Het is enkele

Rapportage Weerbaar Amsterdam

keren gelukt om iemand uit het drugsmilieu te krijgen en dat had meteen positieve invloed op de wijk waar ze actief waren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12761876/1