CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3 PvE Plug in Electrische IJveren.pdf

RAAD 18 september 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de beantwoording van het raadsadres inzake brandstofverspilling door de GVB veerponten (VN2025-009627)35.039 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

534. Trappen en ladders ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

▪

De benodigde trappen naar stuurhuis en benedendekse ruimtes moeten aangebracht worden zoals aangegeven op de tekeningen. De trappen moeten worden vervaardigd van staal en bekleed met slijtvast vinyl of gelijkwaardig, voorzien van aluminium profielneuzen en een minimum wijdte tussen de trapzijden van 80 cm. De trappen moeten vrij van de constructie gemonteerd worden, zodat vuil achter de trappen kan passeren en verwijderd kan worden. Achter de trappen zal een stofplaat gemonteerd worden. De trappen moeten voorzien zijn van standaard profiel gepolijst roestvaststalen handrelingen aan beide zijden van de trap. Waar nodig moeten niet verwijderbare stalen ladders aangebracht worden zoals in de nooduitgangen machinekamers en waar verder vereist in verband met toegankelijkheid. De ladders moeten geconstrueerd worden met rechthoekige treden volgens NEN-ISO 3797. Indien niet anders omschreven moeten ladders die onderdeks met de scheepsconstructie verbonden zijn van staal vervaardigd zijn. Indien niet anders omschreven moeten ladders die bovendeks met de scheepsconstructie verbonden zijn van aluminium vervaardigd zijn. Voor de toegang naar het topdek is in het stuurhuis een uit-/inschuifbare ladder voorzien, welke in ongebruikte staat als een compact pakket is opgeborgen en gezekerd in een nis in het plafond.

De ladder sluit in de gebruiksklare staat aan de plafondzijde aan op het toegangsluik in het topdek, en heeft in deze situatie geen belemmerende invloed op de gangbare nautische activiteiten in het stuurhuis. Treden en handvatten moeten geplaatst worden ter plaatse van mangaten e.d. voor gemakkelijke toegang naar tanks en loze ruimten, een en ander in overleg met de opdrachtgever.

540. Meubilering algemeen Meubilering dient geleverd en gemonteerd te worden volgens het Algemeen Plan. Met betrekking tot de afmetingen wordt eveneens naar het Algemeen Plan verwezen. Materiaal in overeenstemming met de wandbeschieting. In overleg met het toezicht mag het meubilair worden uitgevoerd in een beproefde vochtbestendige constructieplaat met vlamdovende kunststof afwerklaag. Kwetsbare hoeken en randen iom toezicht afschermen d.m.v. aluminium profielen. Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 90/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

541. Meubilering toegangsportaal ▪ ▪

▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

Op het hoofddek bevindt zich het toegangsportaal annex kombuis, met trappen naar stuurhuis en onderdekse ruimtes. Voorafgaand aan het aanbrengen van de ondervloer, vloerbedekking en bevestiging voor de isolatie en bekleding moeten alle benodigde fundaties voor meubilair en andere apparatuur geïnstalleerd worden. Openingen in dekken en schotten voor doorvoeringen van kabels en pijpen te sluiten op een door de opdrachtgever en/of ILT goedgekeurde wijze. Een aanrechtmeubel met onderliggende kastruimte en schuifladen wordt geplaatst, voorzien en een doorlopend slijtvast kunststof blad met enkele spoelbak, doorlopend boven de ernaast geplaatste koelkast met vriesvak. Boven het aanrecht zijn over dezelfde lengte doorlopend bovenkastjes aanwezig, tevens bestemd voor plaatsing van een magnetron. Het aanrechtmeubel is tevens geschikt voor het plaatsen van een doorstroomboiler t.b.v. de warmwatervoorziening (onder de kastbodem, achter de plint). In het kombuis gedeelte worden tenminste 3 dubbele wandcontactdozen geplaatst en schakelbare ledstrips t.b.v.de verlichting keukenblad. De trapopening van portaal naar het benedendeks dient beschermd te worden door een in gepolijst roestvaststaal uitgevoerd draaibaar hek (in overeenstemming met de te plaatsen CVradiator (zie IJveer 66).

542. Meubilering stuurhuis ▪

▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪

▪ ▪

Voorafgaand aan het aanbrengen van de vloerbedekking en bevestiging voor de isolatie en bekleding moeten alle benodigde fundaties voor tafels, meubilair en andere apparatuur geïnstalleerd worden. Openingen in dekken en schotten voor doorvoeringen van kabels en pijpen te sluiten op een door de opdrachtgever en/of ILT goedgekeurde wijze. De vloer van de stuurhut zal naast de bedienings- en controlelessenaar worden voorzien van voldoende ruime serviceluiken om alle onderliggen zaken te kunnen inspecteren, onderhouden en vervangen. De plaats van de luiken zal worden bepaald door de opdrachtgever tijdens inrichting fase. De randen van de serviceluiken en de frames moeten zijn voorzien van roestvaststalen hoeklijnen en hijsogen. De trapopening van portaal naar het stuurhuis dient beschermd te worden door een in gepolijst roestvaststaal uitgevoerd draaibaar hek (zie IJveer 66). De ramen, aan de binnenkant moeten uitgerust worden met doorzichtige zonwerende rolgordijnen met veermechanisme en bevestigd met geleiders aan de zijden. De ramen moeten uitgerust worden met ruitenwissers. De nummering van apparatuur, bedieningspanelen, bedieningsknoppen, uitleesapparatuur enz. zal consequent doorgevoerd worden, kant 1 is voorschip, kant 2 is achterschip.

In langsscheepse richting zal een bureau geplaatst worden, zoals aangegeven in het Algemeen Plan, waarop tevens een console met daarin de CCTV-monitors ingebouwd, met een vrijstaande bureaustoel. In de beide uiteinden van dit bureau is een ladenkastje gesitueerd. Tevens onder het bureau de toebehorende bureau-apparatuur, (waaronder computers) te plaatsen achter afsluitbare deurtjes Voorin en achterin het stuurhuis worden lessenaars geplaatst, gelijkwaardig aan IJveer66 Naast de lessenaars en onder het bureau zullen kasten worden geplaatst voor het opbergen van ordners en andere scheepspapieren zoals aangegeven in het Algemeen Plan.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 91/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪ ▪ ▪

▪

Onder het bureau zijn tevens de nodige ruimtes gereserveerd voor het plaatsen van PC’s en aanverwante zaken (er dient genoeg koeling aanwezig te zijn). De kasten naast de lessenaars dienen tevens als toegang voor servicewerkzaamheden onder de lessenaars. Bovenkant van de kasten, bureaus en lessenaars uitvoeren in hard kunststof met een nietreflecterende afwerking. Bovenkant van de kasten zijn aan elke kant op hetzelfde niveau als het bureau. In het stuurhuis worden tenminste 14 wandcontactdozen geplaatst.

548. Meubilering passagiersruimte ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

De zitplaatsen in de passagiersaccommodatie moeten gefabriceerd zijn van roestvaststaal en moeten gemonteerd worden op roestvaststalen pijpen van 100 mm diameter. Het geheel zal vandaalbestendig zijn. Per zitting 2 ondersteuningen te worden aangebracht onder de bevestigingsplaat. De zitting is van het type “tractorstoeltje” in roestvaststaal, als op IJveer 66 Locatie en aantal zitplaatsen volgens het Algemeen Plan. Op het hoofddek 10 rvs afvalbakken (type Ecobin Ellips 70 liter RVS316 dikte materiaal 3 mm) op te stellen d.m.v. op het dek gelaste rvs draadeinden. Voor de juiste positie zie het Bijlage B Algemeen Plan. E.e.a. naar voorbeeld van IJveer 66.

551. Kombuis uitrusting ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De kombuis is uitgevoerd met een gootsteen voorzien van warm- en koud stromend water. Warm watervoorziening met behulp van een doorstroom boiler onder het keukenblok meubel achter de vloerplint op de vloer, een zogenaamde plintboiler. Inhoud 10 liter, 2200 Watt, 230 Vac (b.v. inventum Qline 10ltr). Onder het aanrechtblad dient een koelkast geplaatst te worden, ongeveer 40 liter. Er dient een (combi)magnetron geplaatst te worden met een vermogen van tenminste 1000 W. Er dient plaats en voorziening zijn voor een koffiemachine, Senseo, waterkoker en waterkoeler. Er dient voldoende (kast)ruimte te zijn voor kommaliewant voor de bemanning. Tevens de gebruikelijke toebehoren te plaatsen zoals haken voor handdoeken haken, drinkmokken, afval-pedaalemmer etc.

570. Ventilatiesystemen Mechanische ventilatie zal worden voorzien t.b.v. de volgende ruimtes: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Machinekamers voorschip en achterschip: Technische Ruimtes: Accuruimtes: Toilet: Verblijfruimte toegangsportaal hoofddek: Stuurhuis:

▪

Passagiersruimte

toevoerfan met natuurlijke overdruk afvoer toevoerfan met natuurlijke overdruk afvoer toevoerfan en afzuigfan. natuurlijke toevoer en afzuigventilatie. natuurlijke toevoer en afzuigventilatie. natuurlijke toevoer en natuurlijke overdrukafvoer toevoerfan met natuurlijke overdruk afvoer

De machinekamer ventilatoren, de ventilatoren van Technische Ruimtes 1 & 2 en de accuruimtes, bevinden zich onderdeks en zijn voorzien van lokale en stuurhuis-bediening, met indicatie. Deze ventilatoren zijn traploos instelbaar op het 2-draadschermen. Tevens zullen deze ventilatoren Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 92/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 automatisch na het starten van de eerste voortstuwingsunit inschakelen en worden ze automatisch aangestuurd d.m.v. lokale temperatuur opnemers. In deze onderdekse compartimenten zal de intredende luchtstroom doormiddel van een uitstroomgeleiding zodanig worden gericht dat de volledige ruimte wordt betrokken bij het ventilatiesysteem. Stalen ventilatiekanalen dienen aan de binnenzijde volledig te zijn geconserveerd en hiertoe goed toegankelijk te zijn. Aluminium ventilatiekanalen behoeven aan de binnenzijde geen aanvullende conservering. Zowel de toevoer- als afvoeropeningen in de opbouwwand t.b.v. de motorkamers, technische ruimtes en accuruimtes bestaan uit waterkerende aluminium lamellen roosters, in kleur geanodiseerd in overeenstemming met de aangrenzende raampartijen. De toevoerroosters zullen zijn voorzien van druppelvangers met afvoer. Elke ventilatiekoker zal tevens op het laagste punt zijn voorzien van een aftapplug. Zowel de toevoer- als afvoer ventilatieopeningen in de motorkamers, technische ruimtes en accuruimtes dienen te worden voorzien van veerbelaste brandkleppen die vanuit het stuurhuis kunnen worden gesloten. Bij stroomuitval zullen deze kleppen automatisch de openingen afsluiten.

Alle ventilatie-toevoerkanalen zullen worden voorzien van verwisselbare filters zoals binnen GVBveren toegepast: t.b.v. de motorkamers 4 laags en de overige ruimtes 3 laags. Het vervangen van de filters dient gemakkelijk mogelijk te zijn vanaf het hoofddek, via in de schachtwand opgenomen scharnierbare en afsluitbare luiken. Bij het ontwerpen van de luchtinlaten en uitlaten en keuze van de ventilators en AC unit zal aandacht worden geschonken aan de geluidscriteria.

570.1. Ventilatie Machinekamers voorschip en -achterschip ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

De Machinekamers zullen worden voorzien van stalen ventilatiekanalen bovendeks overgaand in aluminium, en uitmondend in de zijkant van het schip als aangegeven op het Algemeen Plan. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten bovendeks zijn voorzien van aluminium lamellenroosters; de toevoer tevens van druppelvanger met afvoer. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten zijn voorzien van brandkleppen uitgerust met magneethouders voor de open positie. Het sluiten van de kleppen zal niet alleen elektrisch op afstand vanuit het stuurhuis mogelijk zijn maar ook lokaal moeten de kleppen te bedienen zijn. Standindicatie van de kleppen zal uitleesbaar zijn in het stuurhuis. De brandkleppen in de machinekamerventilatie dienen automatisch te sluiten bij het stilzetten van de machinekamerventilatie in noodgevallen. De motorkamer voorschip en achterschip zullen voorzien worden van een axiaal flow toevoer ventilator uitgerust met een frequentie geregelde elektromotor. De ventilatoren moeten elk minimaal een capaciteit hebben van ten minste 6,000 m³/uur bij een druk van 45 mbar en een ventilatorsnelheid van 1.450 omw./min. De exacte capaciteit van dit ventilatiesysteem zal worden bepaald aan de hand van de te berekenen warmteproductie.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 93/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

570.2. Ventilatie Technische Ruimtes ▪

▪ ▪

De Technische Ruimtes zullen worden voorzien van stalen ventilatiekanalen, bovendeks overgaand in aluminium, en uitmondend in de zijkant van het schip als aangegeven op het Algemeen Plan. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten bovendeks worden voorzien van aluminium lamellenroosters; de toevoer tevens van druppelvanger met afvoer. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten zijn voorzien van brandkleppen uitgerust met magneethouders voor de open positie. Het sluiten van de kleppen zal niet alleen elektrisch op afstand vanuit het stuurhuis mogelijk zijn maar ook lokaal moeten de kleppen te bedienen zijn. Standindicatie van de kleppen zal uitleesbaar zijn in het stuurhuis.

570.3. Ventilatie Accuruimtes ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪ ▪ ▪

▪

De Accuruimtes zal worden voorzien van stalen ventilatiekanalen, bovendeks overgaand in aluminium, en uitmondend in de zijkant van het schip als aangegeven op het Algemeen Plan. De ventilatie van de Accuruimtes vindt plaats via een automatisch geforceerd systeem dat een constante lichte flow in deze ruimte handhaaft. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten bovendeks worden voorzien van aluminium lamellenroosters; de toevoer tevens van druppelvanger met afvoer. De luchtinlaat- en uitlaatopeningen moeten zijn voorzien van brandkleppen uitgerust met magneethouders voor de open positie. Het sluiten van de kleppen zal niet alleen elektrisch op afstand vanuit het stuurhuis mogelijk zijn maar ook lokaal moeten de kleppen te bedienen zijn. Standindicatie van de kleppen zal uitleesbaar zijn in het stuurhuis. De afzuigventilator zal worden geplaatst in een van deze kanalen. De capaciteit van dit ventilatiesysteem zal worden bepaald aan de hand van de te berekenen warmteproductie van geïnstalleerde accu’s. De ventilatiekanalen zijn zoveel mogelijk soortgelijk uitgevoerd als die van de technische ruimtes, waarbij de capaciteit is aangepast aan de voorschriften behorend bij het accupakket en de eisen van ILT en klasse. De afzuigende koker dient in de Accuruimtes tot beneden het niveau van de vloerplaten te zijn doorgetrokken.

Ter bewaking van de constante ruimte-temperatuur zal elke accuruimte tevens worden voorzien van een AC-split unit systeem (condensor unit op het brugdek). Afhankelijk van het type accu dient rekening te worden gehouden met een overdrukleiding welke in geval van calamiteiten in een accu cel de overdruk buitenboord afvoert. E.e.a. naar voorschrift van de acculeverancier en keurende instantie. Per ruimte zal deze leiding zo hoog mogelijk worden gelegd teneinde te allen tijde te voorkomen dat enige vorm van waterinslag de accu’s kan bereiken. Tevens zal om dezelfde reden ter plaatse van de doorvoering in de scheepshuid de leidingloop worden verlaagd naar het niveau direct beneden het berghout. De leiding zal zijn vervaardigd van roestvast staal, op het laagste niveau voorzien van een aftapplug.

570.4. Ventilatie Stuurhuis, Verblijfruimtes en Toilet ▪

▪

Het stuurhuis zal worden voorzien van een splitunit type airconditioning. Bij het ontwerpen van de luchtinlaten en uitlaten en keuze van de ventilators en AC-unit zal aandacht worden geschonken aan de geluidscriteria. Op het topdek zal een instelbare ontluchtingsschelp worden geplaatst in het voorste dwarswandje van de topdekkuip (tegenoverliggend aan de trap). Hierdoor zal bij gesloten ramen en toegangsdeur(en) een bescheiden aanvullende luchtcirculatie kunnen worden gecreëerd (via

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 94/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

de afzuig van het portaal). In de deur van het toilet zal een ventilatierooster aangebracht worden. Een kleine afzuig ventilator met een capaciteit van ongeveer 100 m³/uur zal aangebracht worden in de wand of plafond van het toilet. Starten en stoppen van de ventilator zal plaatsvinden via de lichtschakelaar (bewegingsmelder) van de toiletruimte. De nalooptijd van uitschakeling is 15 minuten. De uitblaasopening van deze ventilatie vindt plaats via een instelbare rvs paddenstoel op het brugdek achter het achterste frontschot van het stuurhuis. Een kleine afzuig ventilator met een capaciteit van ongeveer 100 m³/uur zal aangebracht worden in de wand of plafond boven het keukenblad in het toegangsportaal. Starten en stoppen van de ventilator zal plaatsvinden via de lichtschakelaar van het toegangsportaal. De nalooptijd van uitschakeling is 15 minuten. De uitblaasopening van deze ventilatie vindt plaats via een instelbare rvs paddenstoel op het brugdek achter het achterste frontschot van het stuurhuis.

570.5. Ventilatie passagiersruimte ▪

▪

Het Op het brugdek boven de passagiersruimte wordt naast de SB zijde van het stuurhuis een toevoerventilator geplaatst, voorzien van een aluminium omkasting met een lamellenaanzuigrooster, bedoeld voor het opwekken van een lichte overdruk in de passagiersruimte (bij gesloten deuren). Direct onder het brugdek zijn hiertoe boven het plafond aluminium kanalen voorzien, met voldoende plafond-uitblaasroosters.

571. Airconditioningssystemen ▪

▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪

▪

De opdrachtnemer is verantwoordelijk dat er in het stuurhuis, en de beide accuruimtes een constant klimaat kan worden behouden en zal hiervoor de benodigde berekeningen uitvoeren met betrekking tot de configuratie van het airconditioningssysteem. Fabricaat van airconditioningssysteem zal goedgekeurd worden door de opdrachtgever, rekening houdend met de preferente leveranciers van de opdrachtgever. De airconditioning zal uitgevoerd worden met lokale bediening. Elke unit zal ook uitgerust zijn met een vochtigheidsregeling. De uitblaas openingen zullen zo hoog mogelijk gesitueerd zijn waarbij rekening gehouden zal worden met het comfort van het bedienend personeel (stuurhuis: voorkomen van een koude-val ter plaatse van de bedieningsposities in het stuurhuis en de zitpositie) De koeling zal plaats vinden door middel van luchtaanvoer door roosters in het plafond (stuurhuis) en directe uitblaas uit plafond-units (accuruimtes). De airconditioningsinstallatie zal berekend worden om onder operationele condities een temperatuur in stand te houden van 20 graden in het stuurhuis, en in elke accuruimte een temperatuurmarge als voorgeschreven door de accu-leverancier. In de accuruimtes dient de airconditioningsinstallatie te worden gekoppeld aan het ventilatie systeem zodat er een volledig geregelde installatie ontstaat welke elkaar niet tegenwerken.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 95/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

577. Centraal verwarmingssysteem ▪

▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De opdrachtnemer is verantwoordelijk dat er in de verschillende ruimten in het schip een constant klimaat kan worden behouden en zal hiervoor de benodigde berekeningen uitvoeren met betrekking tot de configuratie van het centraal verwarmingssysteem. Centrale verwarming te installeren in de zes onderdekse compartimenten, het toegangsportaal op het hoofddek, het stuurhuis en het toilet. Het totale CV-systeem zal worden gevoed d.m.v. een electrische CV-heater in elke motorkamer. Bij het op temperatuur houden van het CV systeem dient in eerste instantie gebruik te worden gemaakt van restwarmte uit de koelsystemen van de voortstuwings-elektromotoren en de frequentiewisselaars. Fabricaat van de elektrische ketel zal goedgekeurd worden door de opdrachtgever, rekening houdend met de preferente leveranciers van de opdrachtgever. De ketel zal uitgevoerd worden met lokale bediening. De verwarming zal plaats vinden door middel van warmwatercirculatie door radiatoren. Alle radiatoren moeten uitgerust zijn met thermostatische kleppen. Bij in bedrijf zijnde diesels draagt de koelwatertemperatuur tevens bij aan het CV-systeem. De centrale verwarmingsinstallatie zal berekend worden om een temperatuurniveau in stand te houden zoals beschreven onder 4.2 Omgevings- en milieucondities.

Een warmwater circulatiepomp zal geïnstalleerd worden nabij de CV-ketel, met het oog op een continue circulatie van warmwater door het systeem. Het leidingwerk zal gemaakt zijn van gegalvaniseerde stalen (grotere diameters) pijp of hoogwaardig kunststof met stalen inlay (PP) pijp met knijp/pers koppelingen. Er zal zorggedragen worden voor voldoende expansiemogelijkheden van het leidingwerk.

582. Sanitair systeem ▪

▪ ▪

▪

▪

▪ ▪ ▪

Afvoer van toilet, spoelbakken en urinoir zal via een Homa vuilwater-buffertank met opgebouwde elektrische pomp geschieden naar een apart opgestelde HDPE/kunststof vuilwatertank met een inhoud van 2 m3. Deze tank moet zodanig geconstrueerd zijn hij gemakkelijk met behulp van een apart geplaatste elektrisch aangedreven vuilwaterpomp kan worden leeggezogen. De installatie zal zo zijn aangelegd dat gekozen kan worden om af te voeren in de tank of direct overboord via een dikwandige, volbad gegalvaniseerde stalen standpijp op het vlak (bovenkant minimaal 50cm boven de geladen lastlijn). Via een keuze-afsluiter zal de inhoud van de buffertank zowel rechtstreeks overboord kunnen worden gepompt; worden afgegeven d.m.v. een in de bovendekse nis geplaatste roestvaststalen afgiftepijpstomp met losse afgifteflens (en ingeval buiten gebruik: een aparte blindflens) ofwel in de vuilwatertank kunnen worden gepompt. Maatregelen moeten genomen worden tegen overdruk- en terugvloeibeveiliging. Deze maatregelen moeten aan de opdrachtgever voorgelegd worden ter goedkeuring voorafgaande aan de uitvoering. De ontluchting van de tank moet uitmonden in de zijde, echter niet in de buurt van openslaande ramen/deuren en ventilatie-inlaten. De ontluchting zal worden voorzien van een geurfilter. Leidingwerk HDPE/kunststof.

De toilet- urinoir- en wasbak-afvoeren, met inbegrip van het onderlinge Homa-pijpwerk, mag worden uitgevoerd in kunststof. Eventuele HDPE of kunststof (drink) water tanks dienen makkelijk toegankelijk te zijn voor eventueel onderhoud en of periodieke inspecties. Tevens dienen deze tanks demontabel te zijn. Voorzien van eventuele slingerschotten en of schroefdeksels. Indien deze tank(s) vervangen dienen te worden moet het transport kunnen geschieden via de bestaande toegankelijke wegen/routes aan boord.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 96/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Functioneel zowel esthetisch dient het gefabriceerde werk afgewerkt te zijn. Restanten op het aangelegde systeem zoals, plakband en of verfrestanten worden niet geaccepteerd. Afleesbare instrumenten dienen op een duidelijk afleesbare positie in het “zicht” te zitten. Kunststof systemen dienen op een veilige afstand aangelegd of gemonteerd te worden van een warmtebron of stralingsbron. Alle verbindingen dienen trek-vast te zijn. Het systeem dat ter Commissioning wordt aangeboden dient schoon en functioneel opgeleverd te worden.

583. Toiletruimte Deze ruimte is gelegen in het benedendekse portaal naast de trap. In de toiletruimte bevindt zich tenminste: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪

Toilet van porselein met ingebouwde spoelbak en pvc-zitting met deksel en aansluitingen. Urinoir met aansluitingen. Koud water aansluiting met afsluitkraan voor het reinigen van de toiletruimte. Afsluitkranen aan te brengen in de toevoerleidingen. Papierhouder met pen voor reserverol. Pedaalemmer. Handgreep CV radiator

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 97/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

600. Hoofdmachines en motoren 600. Algemeen ▪

▪

▪ ▪

▪

De installaties moeten geleverd worden in overeenstemming met de Algemene Voorwaarden en instructies als omschreven in DEEL A | ALGEMENE VOORWAARDEN & INSTRUCTIES. Hoewel het type IJveer 70 afwijkt van de IJveren uit de 60 serie streeft de opdrachtgever naar een vergaande uniformiteit van systemen, onderdelen en technische uitvoering van technische installaties op alle vaartuig-types van GVB Veren, waaronder de voortstuwingsinstallaties. De wens tot uniformiteit dient ook met betrekking tot de motor-keuze zoveel als mogelijk te worden nagevolgd. De installaties moeten zodanig worden opgesteld dat een optimale toegankelijkheid c.q. aflezing is verzekerd met betrekking tot zowel (locale) bediening\aflezing als gemakkelijk en tijdbesparend onderhoud van alle geïnstalleerde werktuigen, apparatuur en installaties. De geselecteerde apparatuur zal speciaal voor scheepsgebruik ontworpen zijn en geschikt voor het doel.

Voor een operationele levensduur van 30 jaar dienen de technische installaties te voldoen aan een aantal basiseisen, te weten: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Goede manoeuvreerbaarheid van het vaartuig. Hoge betrouwbaarheid van de uitrusting en installaties. De installatie ontwerpen naar huidige stand van de techniek. Optimaal (laag) energieverbruik, zowel elektrisch als brandstof. Lage CO2-emissie, PM en NOx. bij generator bedrijf. Uitstoot motoren bij diesel gebruik is minimaal Stage V (of hoger indien de regelgeving dit vereist). Verkrijgbaarheid reservedelen op langere termijn.

620. Elektrische Voortstuwingsinstallatie De voortstuwing van het schip bestaat uit een configuratie met twee elektrisch-gedreven roerpropellers welke worden gevoed door middel van twee accupakketten die geladen worden met een walstroom station. Twee diesel-generatorsets dienen als noodvoorziening. In dit geval spreken we over twee identieke accupakketten en twee identieke dieselgeneratorsets ten behoeve van de voortstuwing en boordnetverbruikers. Aangezien gestreefd wordt naar een toekomstig volledig fossiele brandstof-loos veerbedrijf zal op termijn de toepassing van dieselmotoren als (nood-)krachtbron vervallen. Om dan niettemin toch te kunnen beschikken over een noodvoorziening zal daarom op het hoofddek aan BB zijde een aansluiting worden gerealiseerd voor het nood-gebruik van een externe mobiele diesel-generatorset.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 98/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 De voorwaarden voor het elektrische Plug-In voortstuwingsconcept zijn: ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪

▪

Minimale uitstoot bij normale dienst (geen generator gebruik onder windkracht 9) De twee diesel-generatorsets garanderen extra zekerheid voor het uitvoeren van de dienst. Het systeem moet zo zijn uitgelegd, dat twee (2) generatorsets voldoende zijn om de elektriciteitsvoorziening te verzorgen voor de normale dienstregeling indien walstroom niet beschikbaar is. Met betrekking tot de “korte” oversteek over het IJ staat het walstroom station aan één zijde van het IJ. Hier wordt de elektriciteit geladen voor een heen- en terugreis. Met betrekking tot de “lange” oversteek (NDSM) over het IJ staat aan beide zijden van het IJ een walstroom station. Hier wordt de elektriciteit geladen voor een enkele reis. Indien de batterijspanning en/of vermogen onder een nader te bepaling kritisch niveau daalt zal een aanwezig “Power management Systeem” besluiten om een generatorset te starten om de batterijspanning en/of vermogen weer op een juist niveau te brengen. Bij een nader te bepalen periode van lage belasting moet dit “Power Management Systeem” besluiten om één of meerdere sets stationair te laten draaien en geen vermogen te laten afgeven en na een later te bepalen tijd uit te schakelen.

625. Elektromotoren voortstuwing ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Vermogen tenminste 2 x 250 kW. De elektromotor moet van het type permanent magneet motor (SRPM) technologie zijn. De motor dient te zijn geclassificeerd met minimaal IP54 tegen water en stof. Bij voorkeur zal de elektromotor direct op de roerpropeller worden gemonteerd (L-montage) zodat er geen afzonderlijke fundatie nodig is in het schip. De elektromotor wordt frequentie-geregeld uitgevoerd om de roerpropeller met verschillende toerentallen te kunnen laten werken. De motoren worden via een inverter aangesloten op een DC-bus. Het piekvermogen van de motor moet de proeftocht-snelheid kunnen waarmaken. De elektromotor voor het sturen wordt frequentie geregeld. De voortstuwingsmotor is watergekoeld doormiddel van een gesloten koelsysteem.

635. Roerpropellers De voortstuwingsinstallatie zal bestaan uit twee (2) elektrisch-gedreven roerpropellers, uitgerust met straalbuizen. De roerpropellers dienen de volgende eigenschappen te hebben: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Beunmontage roer propellers Minimaal toegestaan continue vermogen: Indicatie schroef diameter: Aantal schroefbladen: Stuurtijd (bij elk toerental): Besturing: Propellers geoptimaliseerd voor dienstsnelheid

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

250 kW 1.050 mm 5 360 graden in 10 sec. Elektrische stuurmotoren, stuurhoek 360º

Revisie: 1.0

Pagina: 99/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 De roerpropellers moeten worden voorzien van een stalen doosconstructie met flenzen voor waterdichte montage in een beun, ingebouwd in het vlak van de veerpont. Naar voorbeeld van IJveer 66; echter in ronde uitvoering zoals aangegeven op het algemeen plan. E.e.a. moet dusdanig worden uitgevoerd dat uitwisseling van de roerpropeller bij te water liggend vaartuig veilig en binnen 4 uur kan worden uitgevoerd op de GVB locatie Ponthaven. De noodzaak van een extra waterkerende bak rondom de flensverbinding dient hierbij te worden vermeden. Schroeven moeten, naast de gebruikelijke keuringsmerken, gemerkt worden met het teken GVB en het bouwnummer van de opdrachtnemer. De schroef zal van een koper-nikkel-aluminium legering (“cunial”) zijn en zal gemonteerd worden op de as met een conus en spie en vastgezet worden met een roestvaststalen schroefmoer, voorzien van 3 roestvaststalen borgbouten met roestvaststalen, gehechte borgring. De roerpropellerunits moeten voorzien worden van een geïntegreerd oliesmeersysteem. Ook moet elke roerpropeller worden voorzien van een draaiurenteller welke op afstand uit leesbaar moet zijn.

636. Roerpropeller-bediening ▪ ▪ ▪

De bediening van de voorstuwingsinstallatie vindt plaats vanuit het stuurhuis. In onmiddellijke nabijheid van de roerpropeller bevindt zich de Thruster Control Unit. In het stuurhuis zullen schermen worden voorzien met presentatie van het vermogen en de belasting van de voortstuwingsinstallatie, e.e.a. zoals uitgevoerd op IJveer 66.

651. Generatorsets ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪

De twee (2) diesel-generatorsets zullen elk in een afzonderlijke machinekamer (1x VS, 1x AS) worden opgesteld. Het elektrisch afgegeven vermogen van elke diesel-generatorset dient tenminste 300 kW 50 of 60 Hz te bedragen. Het belastingspatroon van elke afzonderlijke generatorset in ogenschouw nemend, zal dit te leveren dieselvermogen in overleg met de leverancier mogelijk kunnen worden gewijzigd van continu naar een lichter belasting patroon. Het maximum toerental zal niet hoger liggen dan 1.800 omw/min. Als brandstof zal zowel diesel als GTL worden toegepast. De motoren dienen voor beide brandstoffen geschikt te zijn. Bij het gebruik van gasolie (diesel) zal de uitlaatgassenemissie tenminste voldoen aan stage V (of hoger indien de regelgeving dit vereist). Slechts in uitzonderlijke gevallen zullen de dieselgeneratoren worden gestart om op deze manier de veerpont van stroom te voorzien. Bij normale dienst zal dit niet eerder gebeuren dan bij een windsnelheid hoger dan 8 Bft (9 Bft en meer).

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 100/165

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15981196/1