CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3 PvE Plug in Electrische IJveren.pdf

RAAD 8 oktober 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de beantwoording van het raadsadres inzake brandstofverspilling door de GVB-veerponten (VN2025-013298)35.039 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 67/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

271. Schilderinstructie ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪ ▪

Alle dunne plekken moeten bijgewerkt worden naar deze standaard voordat aanvullende lagen opgebracht worden. Voor het bijwerken moeten de beschadigde plaatsen gefeathered worden zodat geen zichtbare dikte verschillen ontstaan. Ruimten en constructies die niet meer toegankelijk zijn na montage van apparatuur, leidingen, elektrische kabels, enz. moeten geverfd worden met een voldoende aantal lagen voor montage. Achterkanten van apparatuur, kabeldoorvoeringen, luchtleidingen, enz., moeten voor montage geschilderd zijn. Achterkanten en ontoegankelijke, niet aan weersinvloeden onderhevige, niet in het oog lopende delen van de aluminium constructie behoeven niet te worden geconserveerd (zoals de binnenkant van te isoleren/betimmeren schotten en de binnenkant ventilatiekanalen). Ruimten of delen die niet onder deze specificatie vallen, maar die bij het schilderwerk van het object blijken te horen, moeten behandeld worden overeenkomstig het hieronder gespecificeerde verfsysteem. Dit in overleg met de opdrachtgever en/of inspecteur van de verffabrikant. Voor de tewaterlating van de veerpont zal het schilderwerk en de conservering van de stalen romp aan de buitenzijde boven en onder de waterlijn en aan de binnenzijde onder de waterlijn gereed zijn, zodat een voldoende conservering zal worden verkregen.

Ten einde een compleet verfsysteem aan het vlak te kunnen aan brengen zal de veerpont verblokt worden gedurende het schilderen van de romp. Anodes, sensoren, schroeven en andere delen op de huid die niet geverfd mogen worden, dienen afgeschermd te worden.

272. Verfprotocol ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Het hierna gespecificeerde verfsysteem zal aangebracht worden met inachtneming van de aanbevelingen van de verffabrikant. Het merk Sigma is als voorbeeld genomen, maar een gelijkwaardig systeem kan ook toegepast worden. Opeenvolgende lagen moeten verschillende kleuren hebben voor identificatie. De kleur van de laatste laag zal overeenkomen met de kleurenstandaard van de opdrachtgever. Ruimten en delen die hieronder niet apart vermeld staan, moeten geschilderd worden als de omgeving of op aanwijzing van- en in overleg met de opdrachtgever. Machines en apparatuur voorzien van verfsystemen van de fabrikant moeten bijgewerkt- en afgewerkt worden met de eind laag volgens het hieronder genoemde verfsysteem. Alle toegepaste conservering dient vrij te zijn van Chroom 6 en lood; hiertoe dient na applicatie een 20.tal monsters te worden genomen, waarvan na het analyseren (door Kiwa Compliance) daarvan een Cr6/lood-vrij verklaring dient te worden verstrekt, het gehele vaartuig betreffende. Een verfpaspoort dient te worden meegeleverd

273. Verf romp buitenkant onderwater (ook de roerpropellers) ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Lassen en beschadigingen stralen SA 2 ½ rest licht aanstralen. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaShield 420 (grey) F/C, laagdikte 200 mμ Dft. Aanbrengen 3de laag SigmaCover 555 (black) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 4de laag EcoFleet 530 (brown) F/C, laagdikte 150 mμ Dft. Aanbrengen 5de laag EcoFleet 530 (red-brown) F/C, laagdikte 150 mμ Dft.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 68/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

274. Verf romp buitenkant bovenwater tot en met berghoutstrippen, ankeruitsparingen en ankers ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Lassen en beschadigingen stralen SA 2 ½ rest licht aanstralen. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaShield 420 (grey) F/C, laagdikte 125 mμ Dft. Aanbrengen 3de laag SigmaCover 456 (grey) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 4de laag SigmaDur 1800 (Ral 5013) F/C, laagdikte 75 mμ Dft.

275. Verf opbouw en stuurhuis In overleg met de verffabrikant dient het verfysteem voor staal, zoals hieronder beschreven, zoveel mogelijk te worden gehandhaafd met betrekking tot de aluminium opbouw en het aluminium stuurhuis. Op details zonodig aangepast aan de applicatie op aluminium ipv staal (extra en/of gewijzigde hechtlaag). De aangegeven totale dikte van de conservering dient niettemin te worden aangehouden. ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Alle te conserveren aluminium oppervlakken van de opbouw en het stuurhuis dienen te worden ontdaan van de walshuid doormiddel van schuren, tot het ruwheidsniveau overeenstemmend met SA 2 ½. Evenzo de buiten- en binnenkant van de stalen verschansing en eventuele beschadigingen. Lassen en beschadigingen stralen SA 2 ½ rest licht aanstralen. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaShield 420 (light grey) F/C, laagdikte 100 mμ Dft. Aanbrengen 3de laag SigmaCover 456 (off white) F/C, laagdikte 100 mμ Dft. Aanbrengen 4de laag SigmaDur 550 (wit Sigma 3819-5) F/C, laagdikte 75 mμ Dft.

Voor pet van stuurhuis, verschansing binnen- en buitenkant geldt: ▪

Aanbrengen 4de laag SigmaDur 550 (Ral 5017) F/C, laagdikte 75 mμ Dft.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 69/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

276. Hoofddek ▪ ▪

Stralen SA 2 ½. Uitvoering conservering volgens specificatie van de slijtlaag fabrikant; o uit te gaan van: aanbrengen 1ste SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. o Aanbrengen van de geselecteerde antislip slijtlaag.

277. Brug- en topdek In overleg met de verffabrikant dient het verfsysteem voor staal, zoals hieronder beschreven, zoveel mogelijk te worden gehandhaafd met betrekking tot de aluminium opbouw en het aluminium stuurhuis. Op details zonodig aangepast aan de applicatie op aluminium i.p.v. staal (extra en/of gewijzigde hechtlaag). De aangegeven totale dikte van de conservering dient niettemin te worden aangehouden. Indien er toch onregelmatigheden op de dekken worden geconstateerd dienen deze eerst te worden geëgaliseerd. ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Alle te conserveren aluminium oppervlakken dienen te worden ontdaan van de walshuid doormiddel van schuren, tot het ruwheidsniveau overeenstemmend met SA 2 ½. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaCover 456 (light grey) F/C, laagdikte 100 mμ Dft. Aanbrengen van antislip. Aanbrengen 3de laag SigmaCover 456 (grey RAL 7030) F/C, laagdikte 100 mμ Dft.

278. Verf binnenzijde van opbouw zonder bekleding In overleg met de verffabrikant dient het verfsysteem voor staal, zoals hieronder beschreven, zoveel mogelijk te worden gehandhaafd met betrekking tot de aluminium opbouw en het aluminium stuurhuis. Op details zonodig aangepast aan de applicatie op aluminium ipv staal (extra en/of gewijzigde hechtlaag). De aangegeven totale dikte van de conservering dient niettemin te worden aangehouden. ▪

▪ ▪ ▪ ▪

Alle te conserveren aluminium oppervlakken van de opbouw en het stuurhuis dienen te worden ontdaan van de walshuid doormiddel van schuren, tot het ruwheidsniveau overeenstemmend met SA 2 ½. Voor de stalen delen lassen en beschadigingen mechanisch borstelen P St 3. Aanbrengen 1-ste laag SigmaCover 280 (yellow / green) F/C , laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2-de laag SigmaCover 456 (light grey) F/C , laagdikte 100 mμ Dft. Aanbrengen 3-de laag SigmaDur 550 (Ral 5023) F/C , laagdikte 75 mμ Dft.

Ruimten en delen die niet apart vermeld staan, moeten geschilderd worden als de omgeving of op aanwijzing van en in overleg met de opdrachtgever. Hieronder tevens begrepen de binnenkant van ventilatiekokers en de ruimte tussen de dubbele SB-verschansing op het brugdek. Machines en apparatuur voorzien van verfsystemen van de fabrikant moeten bijgewerkt worden en afgewerkt met de eindlaag volgens het hierboven genoemde verfsysteem.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 70/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

279. Verf oppervlakte en constructie achter bekleding of isolatie Oppervlakte en constructie achter bekleding of isolatie, ontoegankelijke ruimten, binnenkant scheggen, vleugels op voor-en achterschip zal als volgt geverfd worden. In overleg met de verffabrikant dient het verfysteem voor staal, zoals hieronder beschreven, zoveel mogelijk te worden gehandhaafd met betrekking tot de aluminium opbouw en het aluminium stuurhuis. Op details zonodig aangepast aan de applicatie op aluminium ipv staal (extra en/of gewijzigde hechtlaag). De aangegeven totale dikte van de conservering dient niettemin te worden aangehouden. ▪

▪ ▪

Alle te conserveren aluminium oppervlakken van de opbouw en het stuurhuis dienen te worden ontdaan van de walshuid doormiddel van schuren, tot het ruwheidsniveau overeenstemmend met SA 2 ½. Voor de stalen delen lassen en beschadigingen mechanisch borstelen P St 3 1 laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 100 micron.

280. Verf machinekamer, technische-, accuruimtes e.d. ▪ ▪ ▪ ▪

Lassen en beschadigingen mechanisch borstelen P St 3. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 280 (yellow/ green) F/C, laagdikte 75 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaCover 456 (off white) F/C, laagdikte 100 mμ Dft. Aanbrengen 3de laag SigmaDur 550 (white 7000) F/C, laagdikte 50 mμ Dft.

281. Voor- en achterpiek en (droge) tanks ▪ ▪ ▪

Lassen en beschadigingen mechanisch borstelen P St 3. Aanbrengen 1ste laag SigmaCover 380 (yellow/ green) F/C, laagdikte 160 mμ Dft. Aanbrengen 2de laag SigmaCover 380 (grey) F/C, laagdikte 160 mμ Dft.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 71/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

290. Kathodische bescherming ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Aluminium anodes moeten op/en/of bij de romp, koelkanelen, scheggen, vinnen en straalbuizen worden aangebracht, voldoende voor tenminste drie jaar bescherming. De anodes moeten van een door de opdrachtgever goedgekeurd fabricaat en type zijn. De afmetingen, aantal en plaats van de anodes zal vastgesteld worden in overleg met de leverancier van de anodes, de fabrikant van het verfsysteem en de opdrachtgever. De anodes moeten worden gelast op een stalen fundatieplaat. Het type anode zal geschikt zijn voor het vaargebied van de pont (brak water).

291. Protectiefolie Protectiefolie dient aangebracht te worden boven de waterlijn (vanaf het berghout) wrappen van de blauwe GVB kleur RAL 5017 (verkeersblauw) en witte GVB kleur RAL 9001 (cream white) met een 2 laags systeem protective wrap folie. Hiermee wordt bedoeld de buitenwanden, en de bovenrand van de buitenwanden, de stuurhut opbouw alsmede de buitenzijde van de laad- en los kleppen. Alle naden tussen de foliedelen, de folie uiteinden en rond de kozijnen worden met een sealer lak afgesloten. De protectiefolie dient overlappend aan elkaar geplakt te worden. De minimale overlapping dient 30 mm te zijn/worden. Het plakpatroon dient zo geplakt te worden dat er geen vocht in kan stromen van bovenaf in de plakranden. Type folie: ▪ ▪

Wit 3M protective sandwich, RAL 9001, CT180-2616 / Env8548Gof gelijkwaardig; Blauw 3M protective sandwich, RAL 5017, CT180-3234 / Env8548G of gelijkwaardig.

Het aanbrengen van de folie houdt niet in dat bij de conservering minder lagen hoeven worden aangebracht. Tevens dient er een verklaring te worden overlegt van de conserveerder en de folieleverancier dat de folie geschikt is om over de conservering te worden aangebracht zonder dat dit schade toebrengt aan de conservering en de gevraagde garantie op de conservering van toepassing blijft.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 72/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

300. Scheepsuitrusting 301. Luiken voor machines en apparaten ▪ ▪

▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De luiken in het hoofddek moeten van dezelfde antislip laag worden voorzien als het gehele hoofddek. In het hoofddek is boven elke machinekamer een tweetal waterdichte demontageluiken gesitueerd: één voor het uithijsen van de dieselgenerator en één boven de roerpropeller. Tevens is er een waterdichtluik gemonteerd boven de BB accuruimte. Alle dekluiken zullen geheel in lijn met het dek liggen en aan de onderzijde rondom zijn voorzien van een rubber afdichtingsprofiel t.b.v. de waterdichte afsluiting op een in de dek-constructie opgenomen roestvaststalen gootframe met ruim bemeten roestvaststalen afvoeren naar buitenboord. De luikhoofden zullen ruim genoeg zijn om de dieselgeneratoren, roerpropellers, accu’s, respectievelijk overige werktuigen en units gemakkelijk te kunnen wisselen. De luiken zullen onderdeks zijn voorzien van voldoende knevels, en bovendeks van een extra rubber paddenstoel-profiel ter opvulling van de kieren tussen luik en vaste dek. Tevens is boven elke machinekamer een scharnierend stalen vluchtluik gesitueerd, onderdeks gemakkelijk te openen en bovendeks met behulp van een aparte sleutel. Afdichting, oplegging, afwatering en bovendekse afwerking soortgelijk uit te voeren als beschreven m.b.t. de demontageluiken.

Ter plaatse van het accu-luik zal een vaste hijsbalk (SWL 500kg) onder het brugdek worden aangebracht, bedoeld voor het in-/uithijsen van de accu’s met behulp van een hijstakel.

305. Aanlandingskleppen ▪ ▪ ▪

▪ ▪

▪

▪

Aan de voor- en achterkant van de pont komen beweegbare kleppen, geschikt voor gebruik op de bestaande aanlandingssystemen. Hoogte (overall lengte) van de kleppen is ca. 1,60 m gemeten vanaf het hart van het draaipunt. Het frame van de kleppen is vervaardigd uit staal. De kleppen zijn van het gesloten boxconstructie type. Aan de bovenzijde wordt de boxconstructie gesloten doormiddel van een aluminium tranenplaat. Deze plaat moet sterk genoeg zijn opdat geen vervorming kan ontstaan tijdens het laden en lossen van gemotoriseerde voertuigen. De onderzijde wordt gesloten met een vlakke aluminiumplaat die gelijmd en gepopt (roestvast stalen nagels) wordt tegen de klepconstructie. De zijde van elke klep zal extra worden versterkt doormiddel van een roestvast stalen hoekprofiel naar voorbeeld van IJveer 66. De sterkte van de kleppen dient voldoende te zijn voor het in- en uitstappen van passagiers en het dragen van gemotoriseerde voertuigen met een aslast van 500kg. De uiteinden van de kleppen die rusten op de veersteiger moeten zijn voorzien van gele slijtageneuzen, uitgevoerd in geel Hakorit, voorzien van ingekamerde antislip plakstrippen in de bovenzijde. Aan de scharnier-zijde van elke klep is een extra scharnierbare voetklep in twee delen voorzien, welke automatisch meebeweegt met de kleppen.

De platen moeten worden vervaardigd uit roestvast stalen tranenplaat met aangelaste roestvast stalen scharnier paumelles. Op het hoofddek is ter plaatse van het raakvlak met de voetklep een set Hakorit geleide strippen bevestigd. Bij gesloten klep (dwz in de vaar-conditie) dient tussen de klepconstructie en de scheepsconstructie een afdichting bescherming te bieden tegen de mogelijke inslag van (boeg-) water.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 73/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪

▪ ▪

▪

▪

▪

▪ ▪

▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Op elke klep dient aan weerszijden een enkele, verstijfde verschansingplaat te worden voorzien, bedoeld om ook bij neergelaten klep aan de passagier zijdelingse bescherming te bieden. Bij gesloten klep zal deze beschermingsplaat in de vaste doosvormige verschansing worden opgenomen, waarbij tevens de inslag van (boeg-)water wordt voorkomen. Aandacht dient hierbij te worden gegeven aan het voorkomen van de mogelijkheid dat passagiers (vingers!) hierbij bekneld kunnen raken. De kleppen moeten geschakeld zijn met automatisch werkende verkeerslichten. Handbediening en overbrugging van de automatische bediening en verkeerslichten moet vanuit het stuurhuis en lokaal vanuit de boeiingkast mogelijk zijn. De rotatie-uitslag van de kleppen zal zodanig zijn dat zij tenminste 20gr. onder de horizontaal gepositioneerd kunnen worden. De hoek met de verticaal zal worden aangegeven in de tekening van de kleppen en zal overeenstemmen met het Algemeen Plan. De activering van de kleppen zal geschieden door middel van twee hydraulische cilinders per klep. Deze cilinders (met toebehoren) dienen goed bereikbaar te zijn voor controle en onderhoud van onder meer bewegende delen, zoals scharnierpunten van de cilinder, koppelingen en slangen etc.

Te allen tijde dient de klep in neergelaten positie vrij te kunnen bewegen bij vertrimming van het vaartuig, zonder daarbij door de cilinders te worden beperkt. Hiertoe dient de cilinderstang aan de klep te zijn bevestigd door middel van een in uiterste standen begrensde pendel-arm. Beide hydraulische cilinders dienen zodanig te worden gepositioneerd dat in de vaarconditie de inslag van (boeg-) water in de cilinder-behuizing wordt voorkomen. De vloer van de cilinder behuizing (= hoofddek) dient door middel van een oliebestendige gladde vullaag te zijn opgedikt tot boven het niveau van de passagiersdek-bedekking; zodanig dat door middel van een roestvast stalen aftapplug mogelijke lek-hydrauliekolie tezamen met mogelijk binnengekomen spatwater aan de zijde van het passagiersdek gecontroleerd kan worden afgetapt. De lokale klepbediening zal ondergebracht worden in een verzonken gemonteerde roestvast stalen waterdichte bedieningskast. Lagerstoelen (ook die van de haakbalk) moeten zijn voorzien van een vetsmeer-installatie, welke automatisch in werking treedt bij het openen en sluiten van de kleppen. Op de beide spiegels van het vaartuig zal een onder de klep hangende afmeerhaak worden geplaatst die past op de bestaande borging van de veerfuik/-steiger.

Deze haak zal bij platliggende klep handmatig kunnen worden gelicht via een verdekte handgreep onder de aluminium tranenplaat van de klep. Het scharnierpunt dient te zijn aangesloten op het automatisch werkende smeersysteem van de klep. Er dient een elektrische indicatie op de lessenaar “afmeerhaak op” aangebracht te worden. Er dient een elektrische indicatie op de lessenaar “afmeerhaak neer” en “vergrendeld aan de wal” aangebracht te worden. Het klepsysteem moet zo worden uitgevoerd dat de klep in 10 sec. van gesloten naar normale werkstand kan bewegen. Bij het op- en neerlaten van de kleppen zal een akoestisch signaal te horen en een optisch signaal te zien zijn door de passagiers. Pas nadat de klep volledig is neergelaten en het schip middels de afmeerhaak is gefixeerd (dit dient te worden gesignaleerd in het stuurhuis) zal de walinstallatie van het acculaadsysteem automatisch in werking treden. Hiertoe dient de fuik (twee stuks) te worden voorzien van een sensor/benaderingsschakelaar welke de haakbalk detecteert (dit is onderdeel van de opdracht inclusief de bekabeling door het ponton naar de laadarm/verdeelkast).

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 74/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪

In geval van uitval van de hydraulische installaties, moeten de aanlandingskleppen door hun eigen gewicht kunnen zakken (d.b.v. handbediende afsluiter in boeiingkast) en een drukknop bediening in elke stuurhuislessenaar “noodzakken kleppen”.

307. Zijdeuren in verschansing ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De zijdeuren zijn gepositioneerd zoals is weergegeven in het Algemeen Plan. De zijdeuren zijn voorzien van een raam volgens uitvoering van, en in lijn met, de vaste ramen in de opbouw-zijwanden De deuren moeten spatwaterdicht zijn. De deuren moeten alleen door de bemanning kunnen worden geopend. De deur is voorzien van een rubber afdichting ter voorkoming van waterinslag, tocht of rammelen, en sluit aan op een in de wand van de opbouw opgenomen aluminium frame. De aluminium deuren moeten geanodiseerd worden in een door de opdrachtgever goedgekeurde kleur. De zijdeuren in de opbouw moeten gemaakt zijn van aluminium en voorzien zijn van een veiligheidsslot waarin een EURO cilinder geplaatst kan worden. Naast iedere deur zitten aan de buitenzijde van het schip twee RVS handvatten conform IJveer 66. Bij iedere deur zitten aan de binnenzijde voorzieningen door middel van en deurstopper of afstand dranger zodat er geen schade kan ontstaan aan hang en sluitwerk van de deur. Onder iedere deur dient een spiegat te worden aangebracht met de maatvoering van 14cm lang en 3,5cm hoog. In het deurkozijn aan de openslaande kant is een (sleuf-) uitsparing bedoeld voor de doorvoer van de walvoedingskabel.

311. Hoofddek ▪

▪

▪ ▪ ▪

▪

In het hoofddek is boven elke motorkamer een tweetal waterdichte demontageluiken gesitueerd: boven de dieselgeneratorset en boven de roerpropeller. Deze luiken zullen geheel in lijn met het dek liggen en aan de onderzijde rondom zijn voorzien van een rubber afdichtingsprofiel t.b.v. de waterdichte afsluiting op een in de dekconstructie opgenomen roestvast stalen gootframe met ruim bemeten roestvast stalen afvoeren naar buitenboord. De luikhoofden zullen ruim genoeg zijn om deze units gemakkelijk te kunnen wisselen. Het luikhoofd van het luik boven de dieselgeneratorset zal bovendien zodanig ruim zijn dat bij afgenomen luik er rondom de unit voldoende ruimte is voor een rechtopstaande monteur om onderhoudswerkzaamheden aan de motor te verrichten. De luiken zullen onderdeks zijn voorzien van voldoende knevels, en bovendeks van een extra rubber paddenstoel-profiel ter opvulling van de kieren tussen luik en dek. Elk luik is voorzien van 4 hijspunten bestaande uit ingelaste RVS draadbussen. Een soortgelijk uitgevoerd dekluik als dat boven de roerpropellers dient te worden aangebracht in het hoofddek boven BB accuruimte. Boven dit luik dient onder de dekverstijving van het bovenliggende brugdek een hijsbalk t.b.v. een hijstakel SWL 750kg te worden geplaatst. De balk uit te voeren in staal, en extra aandacht te schenken aan de bevestiging van de balk aan de aluminium dekconstructie.

De stahoogte onder de hijsbalk mag niet de overige stahoogte in deze ruimte verminderen. Tevens is boven elke motorkamer een stalen scharnierbaar vluchtluik gesitueerd, onderdeks gemakkelijk te openen en bovendeks met behulp van een aparte sleutel. Afdichting, oplegging, afwatering en bovendekse afwerking soortgelijk uit te voeren als beschreven m.b.t. de demontageluiken.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 75/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪ ▪

Voor waterafvoer van het hoofddek naar buitenboord: zie 808. Vul - ontluchting – pijpen en spuigaten en afvoerpijpen. Ornamenten (4 stuks) van de “Amsterdamse school”, inclusief een noodverlichting, worden op brugdek niveau aangebracht, e.e.a. volgens voorbeeld van IJveer 66.

384. Losse tanks Onder losse tanks wordt verstaan alle tanks die niet deel uit maken van de scheepsconstructie. In de Technische Ruimte 1 staan twee losse tanks opgesteld van elk 2cubm inhoud: 1x voor zoet/drinkwater en 1x voor vuilwater. Uitvoering in HDPE/kunststof, en voorzien van een gebout mangat, aansluiting voor vul- en ontluchtingspijpen, aftapkraan. elektronische niveaumeter, peilglas en de noodzakelijke systeemverbindingen (zie onder betreffende leiding systemen). In elke motorkamer is in de uitlaatgassen-nabehandelingsunit een roestvast stalen ureumtank opgenomen met inhoud 250L. In elke motorkamer zijn tevens de nodige stalen expansietankjes van de diverse koelwatersystemen geplaatst (zie onder betreffende leidingsystemen). Ureum- en koelwater expansietankjes te voorzien van handgat en aansluiting voor vul- en ontluchtingspijpen, aftapkraan. elektronische niveaumeter, peilglas en de noodzakelijke systeemverbindingen (zie onder betreffende leiding systemen). In de Technische Ruimte 2 is een vuilwater opvoerpomp (Homa) met kunststof buffertankje geplaatst (zie onder betreffende leidingsysteem).

Voorts bevinden zich op nader door het toezicht te bepalen locatie in de beide motorkamers en/of de beide technische ruimtes een aantal losse kunststof tanks (jerrycans) van ongeveer 25 liter ten behoeve van koelvloeistof, hydrauliek olie en smeerolie; voorzien van een kantelinrichting, uitdruiprooster en lekbak met aftapplug. ▪

▪

Deze tanks zullen elk zijn voorzien van een handpomp met afsluiter met slangverbinding en een slang van voldoende lengte voor het vullen van het koelvloeistofsysteem van de dieselmotor en/of en systeemkoelingen. Evenals de in de scheepsconstructie opgenomen brandstoftanks dienen de ureumtanks te worden voorzien van een gestandaardiseerde overvulbeveiliging (zie IJveren 60 tm 66) en peilglas met inhoudsschaal.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 76/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

400. Bediening, uitrusting en apparatuur 401. Preferente leveranciers De opdrachtgever prefereert om redenen van standaardisatie verschillende merken/leveranciers. Deze zijn vastgelegd in Bijlage J - Overzicht preferente leveranciers.

402. Bediening en controle roerpropeller ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De snelheids- en stuurcontrole van de propellerunits moeten op afstand bedienbaar zijn vanuit het stuurhuis. De snelheidscontrole van de roerpropellers is gespecificeerd in hoofdstuk 600. De stuurcontrole zal zijn van het "follow-up"-type met "non-follow-up" noodbediening. Voorzieningen voor bediening in de Technische Ruimtes moeten ook getroffen worden. De roerpropellers moeten elk voorzien worden van een roerstand-aanwijzer voor controle in het stuurhuis en in de technische ruimtes. Een smeerolieniveau-alarmschakelaar zal gemonteerd worden in een op de bovenste tandwielkast aangesloten stand tankje. De pompunits moeten elk minimaal worden voorzien van druktransmitters voor drukindicatie en lagedruk-alarm, een olietemperatuur-alarmschakelaar en een laag niveau-alarmschakelaar. Zie ook 410. Lessenaars.

403. Generatoren bediening en controle ▪ ▪ ▪ ▪

Handmatig starten en stoppen van de generatoren zal alleen mogelijk zijn door gebruik te maken van het touch screen in de Technische Ruimte. Het controle- besturingspaneel wordt geplaatst in de Technische Ruimtes. De dieselgeneratorsets zijn gespecificeerd in hoofdstuk 600. Hoofdmachines en motoren. Zie ook 410. Lessenaars.

410. Lessenaars ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Stuurhuislessenaar zal dubbel uitgevoerd worden (dus een naar het voorschip en een naar het achterschip gericht). Uitvoering conform IJveer 66. Houten lessenaars voorzien van deuren aan de voor- en zijkanten om de binnenzijde van de lessenaar toegankelijk te maken voor inspectie en onderhoud. De totale inrichting van het stuurhuis zal voldoen aan de laatste ergonomische inzichten en geschikt zijn voor een variatie in lichaamslengte van 1.55 tot 2.10 m. De lessenaar zal worden voorzien van een railing aan de voorzijde. Alle instrument panelen moeten worden voorzien van verlichting. De verlichting zal worden voorzien van dimmers. In hoogte verstel- en verschuifbare schippersstoel met een in de vloer verzonken slede met stopper met voetensteun conform IJveer 66.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 77/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

411. Stuurhuis/lessenaar apparatuur De volgende materialen en apparatuur moet worden opgenomen per lessenaar: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Bedieningshendel per roerpropeller. Bedieningspanelen roerpropellers. Touchscreen voortstuwingssysteem Back-up bedieningspanelen roerpropellers Touchscreen 2-draads systeem. GPS. Bochtaanwijzer. Kompas. Anemometer (master en slave uitvoering). Radarschermen en radarbedieningspanelen (master en slave uitvoering). Mobnext systeem (levering door opdrachtgever, behoudens omvormer 24 VDC/12 VDC en de bekabeling) installatie (ook de antennes) door opdrachtnemer. Twee marifoons per lessenaar (hand- en voetbediening, incl. twee losse handsets). Vaarrichting omschakelmechanisme. Tresco navigatie systeem, met dimmogelijkheid Omroepinstallatie, (let op ergonomische opstelling). Ankerbedieningspaneel (voor is achter- achter is voor). Twee noodstops voor het uitschakelen voortstuwing en roerpropellers. Luchthoorn bediening (voet en handbediening). Aanlandingskleppen met drukknopbediening. Volt- en ampèremeter 24VDC in lessenaar voorschip. Volt- en frequentiemeter 230VAC in lessenaar achterschip Interne aansluiting om bestemmingsborden te kunnen programmeren Buiten - en binnen thermometer met digitale tijdklok. Clinometer (ook een clinometer in elke technische ruimte). Ruitenwisserbediening met snelheidsinterval. Zoeklichtbediening met joystick t.b.v. twee elektrisch bedienbare zoeklichten. Verdere nautische apparatuur vereist door de autoriteiten en/of opdrachtgever (zie ook IJveer 66).

Bediening laadarm (zowel de noodstop als regulier ontkoppelen) Dimmers voor plafondverlichting in de kop van de lessenaar. Trekbeugels aan de kopse kant aan beide zijde van de lessenaar.

413. Bureau in stuurhuis In het stuurhuis dient een werkplek gerealiseerd te worden, zoals aangegeven op het algemeen plan. Deze plek bestaat uit: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Bureau met schuifladen en twee afsluitbare kasten. Werkblad niet reflecterend afgewerkt. Kast op bureau hoogte met voldoende ruimte voor de computer van het camerasysteem. Werkblad gelijk afgewerkt als bureau. Een losse bureaustoel. 3 CCTV monitoren voorzien van dimmer, welke de beelden weergeven van de aangesloten camera’s (zie 820. Camerasysteem). Minimaal 10 wandcontactdozen. Intercom voor publieksinformatie. DAB radio-installatie (met USB en Bluetooth aansluiting) met luidsprekers in het plafond.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 78/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Bediening airconditioning (nabij bureau). Leeslamp. Volume knop voor speakers omroepinstallatie stuurhuis. Windmeter. AIS paneel (koppeling met Tresco). Noodstop ventilatie.

418. Navigatie- en signaalverlichting, signalen ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Alle lantaarns dienen te worden uitgevoerd in LED en voldoen aan de eisen van ILT. Ieder armatuur is voorzien van een flexibele kabel aangesloten via een waterdichte aansluitdoos op het scheepsnet. De lantaarns worden bediend door middel van een schakelaar in het navigatiepaneel in de stuurhuislessenaar. Iedere lantaarn is beveiligd door middel van een installatie automaat en wordt gesignaleerd op het “navigatiepaneel” op het touch screen. Tijdens het omschakelen van de vaarrichting moet de navigatieverlichting automatisch volgen.

Op stuurhuis dak (topdek): ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

2x toplicht 2x ankerlicht. 2x fluitlicht. 2x elektrisch bediend zoeklicht (250W). 2x luchthoorn

In de mast: ▪ ▪ ▪ ▪

1x groen rond schijnend (boven). Oranje zwaailicht (midden). 1x wit rond schijnend (onder). Windmeter sensor.

Tegen de buitenkant van verschansing brugdek: ▪ ▪ ▪ ▪

2x groen boordlicht. 2x rood boordlicht. 2x floodlight aan elke zijde voor reddingsoperaties. 1x blauwbordbeugel/houder met contrastekker (stuurboord “voor” brugdek)

Tegen gordijnstrook brugdek voor/achter: ▪

2x heklicht.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 79/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

420. Bediening Er moet een systeem worden voorzien voor bediening, signalering en alarmering van alle scheepssystemen. Zie hiervoor ook hoofdstuk 790. Geautomatiseerde systemen. Dit systeem wordt bediend door middel van touch screens. ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De touch screens bevinden zich tenminste op elke lessenaar in het stuurhuis en in de Technische Ruimte 2 nabij het hoofdschakelbord en de accuruimtes. Het touch screen in de Technische Ruimtes is gelijk aan de touch screens in het stuurhuis, maar niet omschakelbaar. Het opstarten van de installatie en het omschakelen van wal- naar boordbedrijf vindt plaats in de Technische Ruimte 2. Het uitzetten van de installatie en het omschakelen van boordnet naar walvoeding (voor servicebedrijf) vindt tevens plaats in de Technische Ruimte 2. Na het opstarten van de diesel(s) zal de installatie overgenomen worden door het Power Management Systeem. Het handmatig uitzetten van een diesel-generator set vanuit het stuurhuis, kan alleen met een beveiligde stopknop en mag alleen gebruikt worden in uitzonderingssituaties. Het Power Management Systeem verzorgt een nagenoeg gelijkblijvend aantal draaiuren van de diesel-generatorsets. Op de schermen zullen minimaal de vermogens en belastingen voortstuwing, generatoren en accusets e.d. worden weergegeven. Op de schermen zal voor de gekozen vaarroute tijdens het accuvaren, ook de resterende accuvaartijd in deze situatie weergeven worden. De layout van de schermen dient zoveel als mogelijk overeenkomstig te zijn aan IJveer 66 en dient vooraf goedgekeurd te worden. Het automatische proces van de laadarm kan d.m.v.

een stop knop in elke lessenaar gestopt worden. Een noodstop kan in geval van calamiteiten het automatische proces van de laadarm stoppen. Op de schermen zal de conditie van de laadarm weer gegeven worden waarbij te denken valt aan laden, gekoppeld, ontkoppeld, storing en overige in overleg met de opdrachtgever te bepalen indicaties.

431. Ankergerei De veerpont zal uitgerust zijn met 2 ankerlieren, een op het SB voorschip en een op het BB achterschip zoals aangegeven op het Algemeen Plan. De lieren staan elk opgesteld op het brugdek, vanwaar een stalen kluispijp is aangesloten op de ankernis in de zijde onder het berghout. Elke ankerlier zal voorzien zijn van: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Een waterdichte drie fase elektromotor van 400 Volt 50 hertz. Een liertrommel met voldoende capaciteit geschikt voor staaldraad. Een klauwkoppeling. Een slipkoppeling. Ketting voorloop. Wartel Een remwagen met luchtbediening met een houdkracht van 40 kN; handmatige bediening van rem zal mogelijk zijn.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 80/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪

▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Afstandsbediening vanuit het stuurhuis voor het apart laten vallen van beide ankers. Bij de veerpont wordt altijd het achterste anker gepresenteerd in geval van nood. De bediening moet hieraan aangepast zijn. Varende richting 1 moet bij bediening het anker van vaarrichting 2 gepresenteerd worden, m.a.w. voor = achter, achter = voor. Plaatselijke bediening op de lier voor ophalen. Op de bovenkant van elke kluispijp moet een draadschijf worden geïnstalleerd voor de geleiding van de staaldraad. De draadschijven moeten uitgevoerd zijn met een roestvaststalen aslagers en schijven van Hakorit of een gelijkwaardige kunststof. Over de schijven moeten draadbeschermers worden aangebracht. De veerpont zal uitgerust worden met 2 "high holding power" ankers type Pool, een op het voorschip en een op het achterschip zoals aangegeven op het “Algemeen Plan”. De ankers moeten een gewicht hebben zoals geëist door ILT. De ankers moeten zelf bergend zijn. De ankers moeten via de voorloop met wartel bevestigd worden aan een staaldraad van voldoende lengte om het anker ten minste 50 m te kunnen vieren. In scheepgehaalde positie van het anker dient op het zichtbare deel van de ankerdraad een duidelijk zichtbare markering te worden aangebracht, bedoeld als indicatie om de lier bijtijds te kunnen stoppen.

435. Bolders ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

Bolders moeten geplaatst worden zoals aangegeven op het Algemeen plan. Afmetingen bolders: OD 168 x 10mm, hoogte ca. 250mm en voorzien van pinnen naar het voorbeeld van IJveer 66. Alle hoeken, randen, van verhaalkluizen e.d. waarlangs afmeerlijnen kunnen schuren, moeten afgewerkt worden met roestvaststaal om schavielen van de afmeertrossen te voorkomen. De bolders moeten geplaatst en gelast worden op fundaties van gesloten constructie met goed afgeronde randen en hoeken. De uiterste vezel van de bolderfundaties zal in lijn geconstrueerd worden met de scheepshuid. De verhaalkluizen moeten tijdens de vaart afgesloten kunnen worden met platen gemaakt van aluminium (d.m.v. rvs kettinkje bevestigd aan de verschansing). Een plan waarop de plaats en types van alle bolders staan aangegeven zal overlegd worden aan de opdrachtgever ter goedkeuring.

440. Werkplaats en gereedschap ▪

▪

▪

In de Technische Ruimte 1 moeten voldoende metalen bergkasten (met 2 hoge vakken en 2 legplanken) geplaatst worden. Hierin moet al het genoemde gereedschap en de reserveonderdelen kunnen worden opgeborgen. Tevens een werkbank van 2000x1000 mm aan de bovenzijde voorzien van een 20mm multiplexplaat met daarop een stalen overlay/toplaag en een deugdelijke bankschroef met bekbreedte 100 mm. Aan de onderzijde een lage metalen werkkast met 2 deuren, 2 laden en 2 legplanken. Voldoende aanvullende opslagruimte.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 81/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

441. Gereedschappen De volgende gereedschappen zullen bij het schip en per schip worden geleverd: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

1 Gereedschapskist met inhoud voor generatoren. 1 Gereedschapskist met inhoud voor elektromotoren. 1 Gereedschapskist met inhoud voor roerpropellers. 1 Gereedschapskist met inhoud voor elektrotechnische installaties (accu’s/ laadsysteem/ bedrading). 1 Gereedschapskist met inhoud voor leidingen en pijpen (t.b.v. hydrauliek/ waterhuishouding/ koeling/ ventilatie). 1 Gereedschapskist met inhoud voor laadarm en bijbehorend scheepsdeel. 1 Gereedschapskist met inhoud voor algemeen gebruik. Voor de tank en dok proppen (van ieder type) twee demontage/ montage moersleutels meeleveren. Het leveren van een mobile koelvloeistof pomp in werkkoffer om de frequentie regelaars op druk te kunnen zetten of bij te vullen.(ijveren model). Naast alle gereedschappen dienen er diverse benodigde diagnose/analyse tools aanwezig te zijn (zowel software als hardware). Voor alle gereedschappen dienen voldoende geschikte opbergplaatsen beschikbaar te zijn.

448. Signaleren en naamborden ▪

▪ ▪

▪ ▪

▪

▪

▪

Het maximum toegestane aantal passagiers, voertuiggewicht en aslast dient aangegeven te worden overeenkomstig de reglementen van ILT. Locatie en uitvoering zoals geëist wordt door ILT. Namen en/of nummers van compartimenten en ruimten moeten aangegeven worden boven de deuren. Het nummer van de veerpont zal worden aangegeven in alle toegankelijke compartimenten onder het hoofddek, in het stuurhuis, de Technische Ruimte en op twee locaties aan de buitenkant van de veerpont. Exacte locaties op aanwijzing van de opdrachtgever. Op de deuren op het hoofddek naar het stuurhuis, de machinekamer en de bergkast moeten borden gemonteerd worden met de tekst "GEEN TOEGANG". Het deel op het hoofddek dat alleen is bedoeld voor voetgangers, zal aan beide zijden voorzien zijn van verkeersborden waarop de tekst “GEEN TOEGANG VOOR (BROM)FIETSEN” aangegeven staat. De bestemmingsborden (model zoals toegepast op IJveer 66) dienen te bestaan uit de door geel gekleurde LED’s gevormde cijfers en letters in een roestvaststalen behuizing, geïnstalleerd aan de voor- en achterzijde van het schip aan de opbouw op het passagiersdek. Indien de tekst te lang is voor het display dient deze te gaan scrollen. “VERBODEN TE ROKEN” borden in de vorm van verkeersborden moeten aangebracht worden op voldoende locaties aangegeven door de opdrachtgever in de overdekte passagiersaccommodatie.

Aan beide zijden van de waterdichte deuren zal onder het hoofddek borden gemonteerd worden met de tekst “DEUR TIJDENS DE VAART GESLOTEN HOUDEN".

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 82/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪

▪ ▪

Alle instructie- en tekstborden moeten van synthetisch materiaal, Resopal of gelijkwaardig vervaardigd worden. In de passagiersruimte de instructie zo veel mogelijk met getekende symbolen volgens SOLAS. De borden moeten gemonteerd worden op een manier dat deze niet gemakkelijk te verwijderen zijn. Alle overige aan te brengen stickers overeenkomstig IJveer 66 en Bijlage K - Stickerplan.

449. Naamplaten en coderingen ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Op elke motor, pomp, afsluiter, losse tank, enz. en waar nodig voor veiligheid en controle, zal de functie en het medium aangegeven worden op Resopal naamplaten. Op elke leiding (nabij iedere afsluiter, spliting, begin en eind) dient het medium en de stroomrichting aangegeven te worden volgens de codering van de opdrachtgever. Bevestiging van de naamplaten geschiedt met roestvaststalen Parker schroeven. Elke klep, afsluiter of kraan zal voorzien van een naamplaat op of naast het deksel. De naamplaten moeten uitgevoerd zijn in messing met gegraveerde letters. Op de aan weersinvloeden blootgestelde dekken moeten de naamplaten van roestvaststaal zijn. De belettering is in zwart, echter op veiligheids- en noodkleppen zal de belettering rood zijn. Tevens dezelfde aanduiding op de betreffende motorfundatie aan te brengen: direct zichtbaar vanuit de betreffende deuropening.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 83/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

500. Uitrusting bemanning en passagiers 500. Algemeen ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪

▪ ▪

Materialen, ontwerpen en inrichting moeten voldoen aan de eisen van de autoriteiten, voor zover geen hogere eisen gesteld zijn in deze specificatie. De toepassing van brandbare materialen en materialen die giftige stoffen kunnen afgeven, is niet toegestaan. Voordat met isolatiewerk, bekleding, vloerbedekking en andere uitrusting wordt begonnen, zal de betreffende constructie of ruimte geïnspecteerd en geaccepteerd worden door de opdrachtgever. De keuze van apparatuur en materialen zal gebaseerd zijn op duurzaamheid, gebruiksvriendelijkheid en standaardisatie met de IJveer 66 van de opdrachtgever. Voor ruimten die toegankelijk zijn voor passagiers moeten apparatuur, materialen en afwerking vandalismebestendig zijn. In gevallen waar dit niet speciaal wordt vermeld, zal de opdrachtnemer voorstellen maken voor afwerking en kleurencombinaties, welke ter goedkeuring aan de opdrachtgever moeten worden voorgelegd. De afwerking en kleurencombinatie moeten gebaseerd zijn op de veerponten IJveer 66. De uitvoering van het werk en de afwerking moeten van uitstekende kwaliteit zijn. Dit ter beoordeling van de opdrachtgever. Speciale instructies van leveranciers, fabrikanten van materialen en apparatuur moeten met het oog op gebruik en toepassing strikt worden opgevolgd.

503. Reddingsboeien, reddingsvesten, reddingmiddelen en trossen ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪

Tenminste vier (4) reddingsboeien moeten geleverd worden, waarvan een met een drijvende reddingslijn met een lengte van ten minste 27.5 m en een met een zelf ontbrandend licht. De reddingsboeien voorzien van versterkte polyestergrijplijnen. Voor de reddingslijn zal een polyester haspel en voor het zelf ontbrandende licht een polyester box geleverd worden. Een reddingshaak zal worden geleverd en geplaatst door de opdrachtnemer. Locaties van reddingsmiddelen in overleg met ILT en de opdrachtgever te bepalen. De opdrachtnemer zal voldoende reddingsvesten leveren. Plaatsing door de opdrachtnemer in overleg met de opdrachtgever te bepalen. Afsluitbare kunststof of aluminium containers met een totale capaciteit van tenminste 420 reddingsvesten zullen op het brugdek aan weerszijden van het stuurhuis worden geplaatst. Deze zullen voorzien worden van de benodigde pictogrammen. Plaatsing en vorm van de containers zal zodanig dat de zichtlijn vanuit het stuurhuis niet nadelig wordt beïnvloed. Activiteiten op het brugdek zullen niet nadelig beïnvloed worden door de containers. De benodigde trossen dienen meegeleverd te worden conform de IL&T voorschriften.

505. Opslag repressieve materialen ▪

▪

De bergruimtes op het hoofddek zijn ook bestemd voor repressieve materialen. De opbergruimte dient goed toegankelijk en afsluitbaar te zijn via een deur/luik in dwarsscheepse richting die niet blokkerend is voor het passagiersdek. De opbergruimte dient te worden voorzien van werkverlichting (LED) en natuurlijke ventilatie.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 84/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

510. Isolatie ▪

▪ ▪ ▪

▪

▪ ▪ ▪

De scheepshuid in de motorkamers (inclusief de overhangen in de zijde) en de beide accuruimtes; de aan weersinvloeden blootgestelde dekken (inclusief de dekken in de accuruimtes), de schotten, versterkingen, balken en andere constructiedelen (met inbegrip van de stuurhuisvloer = brugdek), plus de buitenwanden van het stuurhuis en het toegangsportaal op het hoofddek, alsmede de wanden van de beide trapopgangen, de beide accuruimtes en de omschotting van het benedenportaal en het toilet moeten worden voorzien vaneen thermische isolatie. Behalve de beide motorkamers dienen ook de beide accukamers rondom te voldoen aan isolatieklasse A60. In de motorkamers dient tegen het dek en het schot tussen motorkamer en technische ruimte tevens een extra geluidsisolatie te worden toegepast. De isolatie dient te worden bevestigd d.m.v. gelaste stalen pennen (op staal); gelijmde pennen (op aluminium) en afgedekt met een vuur- en vochtbestendige laag. In de benedendekse ruimtes dient de isolatie aanvullend te zijn voorzien van een gegalvaniseerd plaatstalen geperforeerde bescherming. Alle hoeken, randen en kieren dienen te worden afgekit i.o.m. toezichthouders GVB. In de motorkamers mag de beplating in de zijde, ter plaatse van de overhang, bestaan uit een verticale wegneembare plaat (in elk spantvak ter plaatse van de overgang scheepshuidoverhang) welke geschroefd zit i.p.v. gepopt.

Na bevestiging en voordat bekleding en plafonds geplaatst worden, moeten alle beschadigingen gerepareerd worden. De naden moeten met gewapende tape afgewerkt worden zodat een geheel gesloten oppervlak wordt verkregen. Andere systemen en/of werkmethodes te overleggen met de opdrachtgever.

511. Wandbekleding ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Wandbekleding zal aangebracht worden in het stuurhuis (onder de ramen), het toegangsportaal op hoofddek en benedendek, trapportaal opgangen en het toilet. De wandbekleding zal bestaan uit watervast verlijmd multiplex met opgelijmde vlamdovende kunststoflaag (conform eisen IL&T). Kleuren in overeenstemming met IJveer 66. In de overdekte passagiersaccommodatie moeten de wanden onder de ramen met roestvaststaal afgewerkt worden. De roestvaststalen panelen moeten aangebracht worden op watervast multiplex of equivalent. De naden moeten afgekit worden met siliconenkit opdat geen water achter de beschieting kan komen. Kwetsbare hoeken en randen iom toezicht afschermen d.m.v. aluminium profielen.

512. Plafonds ▪ ▪

▪

Plafonds moeten aangebracht worden in het stuurhuis, de toegangsportalen, toilet en de gesloten passagiersruimte. Het materiaal voor de plafonds zal vervaardigd zijn van een solide hogedruklaminaat, Trespa of gelijkwaardig, met een dikte van ten minste 4 mm en bevestigd op een stevig geïmpregneerde ondergrond. De panelen moeten in lijn aangebracht worden met de hoofdconstructiedelen van de constructie met een standaardmaat van 1,00 m x 1,00 m. Ter plaatse van ornamenten, ventilatieroosters, enz. moeten adequate versterkingen aangebracht worden. De bevestigingsmaterialen moeten roestvast zijn.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 85/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 ▪ ▪

▪ ▪ ▪

Het plafond in het stuurhuis zal uitgevoerd worden met een matte, niet reflecterende afwerking. Het plafond in de passagiersruimte dient overeenstemmend met de ILT-eisen zijn gemonteerd op onbrandbare bevestigingsprofielen. Voor toegang tot delen die bevestigd zijn achter het plafond, moeten waar nodig verwijderbare panelen aangebracht worden. Ter plaatse van de deurmechanismen moeten deze panelen vervaardigd worden in een scharnierbare uitvoering met standaard slot. Langs wanden en hoeken moeten de plafonds deugdelijk afgewerkt worden met geanodiseerde aluminium profielen of gelijkwaardig. Boven het stuurhuis-plafond tevens vier pvc kabelpijpen van tenminste diam.50mm aan te brengen, bedoeld voor latere extra (antenne-)bekabeling t.b.v. eventueel bij te plaatsen apparatuur.

513. Deuren ▪ ▪

De locatie van de deuren zoals gespecificeerd in dit hoofdstuk en is aangegeven in Bijlage B Algemeen Plan. Type deuren, luikhoofdhoogtes, veiligheidseisen, enz. dienen in overeenstemming te zijn met de toegepaste reglementen van ILT voor zover geen hogere eisen vermeld staan in deze specificatie.

514. Niet waterdichte deuren ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

▪

Niet-waterdichte deuren in spat-waterdichte uitvoering moeten worden gemonteerd in de ingang naar het stuurhuis, het toegangsportaal op het hoofddek en aan weerszijden in de verschansing. Niet waterdichte binnendeuren te construeren van sandwichpanelen in een aluminium frame en afgedekt met aluminium plaat. De toegangsdeur naar het portaal op het hoofddek uit te voeren als schuifdeur en te voorzien van een schuifbaar raam. De deurposten moeten gemonteerd worden met een pakking op de stalen wanden en moeten rondom voorzien zijn van rubber strippen om rammelen en tocht te voorkomen. De aluminium deuren en deurposten moeten geanodiseerd worden in een door de opdrachtgever goedgekeurde kleur. De zijdeuren in de opbouw moeten gemaakt zijn van aluminium, aansluitend op de zijden van de opbouw, voorzien zijn van raam in overeenstemming met de ramen in de zijden en een veiligheidsslot. De toegangsdeur naar het stuurhuis te voorzien van een raam in overeenstemming met de overige stuurhuisramen. De toegangsdeur in het benedendekse portaal en de toiletdeur uit te voeren als binnendeur. De toiletdeur zal voorzien worden van een ventilatierooster. De nis op het hoofddek naast de achterste passagiers-schuifdeur zal worden afgeschermd d.m.v. een aluminium scharnierbare plaat (in kleur van de passagiersruimte); d.m.v. een vergrendeling te fixeren in de gesloten situatie.

SB bunker- en BB afgiftenis zullen elk worden voorzien van een in blauwe kleur gecoat spatwaterdicht aluminium rolluik voor zien van een slot (1/2 EURO cilinder).

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 86/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

515. Waterdichte deuren ▪

▪

▪ ▪

▪

Alle deuren naar en tussen compartimenten onder het hoofddek moeten uitgevoerd worden als water-/gasdichte deuren. In uitzondering hierop mag de deur tussen benedenportaal en Technische Ruimte 2 in overeenstemming met de lekstabiliteit zijn uitgevoerd als niet waterdichte deur (B30). Een voldoende aantal knevels, maar niet minder dan twee met gecombineerde bedieningshendels moeten gemonteerd worden voor water/gasdichte afsluiting. De knevels moeten voorzien zijn roestvaststalen pennen en zelf smerende bussen. De deuren moeten voorzien zijn van een zachte naadloze rubberpakking gemonteerd in kanalen. De pakkingen moeten gelijmd worden met “Awatroll” of gelijkwaardig. Voordat de pakking gelijmd wordt in de kanalen, moeten de deuren ter plaatse van de pakkingkanalen schoongemaakt en geconserveerd worden. Boven de toegangsdeur van beide Machinekamers dient de aanduiding VS (=voorschip) resp. AS (achterschip) te worden aangebracht.

516. Toegangsdeuren voor passagiers De passagiersingang aan de voor- en achterzijde zal worden uitgevoerd met elektrisch bedienbare dubbele schuifdeuren van het fabrikaat KONE/Waldoor of gelijkwaardig. De vrije doorgang van de deuren in open positie zal niet minder zijn dan 2,0m breed en minimaal 2,1m hoog. De constructie van de wanden ter plaatse van de deuren zal glad zijn en wel zodanig dat passagiers niet bekneld of gewond kunnen raken tijdens het openen of sluiten van de deuren. De deuren moeten geconstrueerd worden van aluminium met ramen in de bovenste helft van de deuren. De bediening van de deuren zal aan de volgende eisen voldoen: ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

voorzien zijn van een duidelijke lokale bediening aan de binnen- en buitenzijde van de desbetreffende deur. Bedieningsknoppen moeten worden uitgevoerd volgens de standaard van de opdrachtgever (zie IJveer 66); ingeval van stroomuitval moeten de deuren automatisch van het slot gaan en handmatig kunnen worden geopend; evenzo zullen de deuren tegelijk met het neerlaten van de aanlandingsklep automatisch openen aan de zijde van de geactiveerde klep; gladde handgrepen voor handmatige opening moeten zijn aangebracht aan de binnen- en buitenkant van de deuren; voor elke deur apart moeten noodknoppen geïnstalleerd achter glas en ingebouwd in de afdekking van het deurmechanisme; lokale bediening zal geïnstalleerd worden met cilinderslot beveiliging, in overeenstemming met de opdrachtgever’s standaard; een aparte activering van elke deur zal vast geïnstalleerd worden in het portaal op het hoofddek, t.b.v. onderhoud en toegang wanneer de veerpont niet in gebruik is; de deuren moeten voorzien zijn van veiligheidsvoorzieningen om personen of zaken te beschermen tegen schade die kan ontstaan tijdens het sluiten van de deuren; de deuren moeten voorzien zijn van bescherming tegen beschadiging van fietsen en/of ander rijdend materiaal; de aluminium deuren en afdekkingen moeten geanodiseerd zijn in een door het bouwtoezicht goedgekeurde kleur.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 87/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022 De deurmechanismen moeten geïnstalleerd zijn achter een afsluitbare aluminium afdekking. Waar het mechanisme is geïnstalleerd boven het plafond of achter de beschieting, zal ter plaatse zijn voorzien in gemakkelijk bereikbare afsluitbare luiken. De sloten van de luiken moeten voorzien zijn van standaard IKON cilinders (toelevering opdrachtgever).

517. Hang- en sluitwerk ▪ ▪ ▪

▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪

Al het hang- en sluitwerk zal vervaardigd zijn van eerste klas materiaal en bij voorkeur rvs. Monsters moeten ter goedkeuring aan de opdrachtgever worden aangeboden. Alle sloten voor deuren, bunkerluiken en andere afsluitbare apparatuur, panelen of deksels moeten geschikt zijn voor standaard IKON-cilinders. Cilinders en sleutels voor de deuren en bunkerluiken zullen geleverd worden door de opdrachtgever op basis van een sleutelplan welke door opdrachtnemer wordt opgesteld. Deursloten moeten vervaardigd zijn in demonteerbare uitvoering en met een fosforbronzen binnenwerk. De deur die toegang geeft tot het portaal op het hoofddek en de toegangsdeur van het stuurhuis moeten uitgevoerd worden met vaste knoppen aan de binnenkant en knoppen gemonteerd op de cilinder. De toiletdeur zal een dagslot hebben met een wit-rood indicatie. Sloten in deuren en meubilair (kasten) moeten voorzien zijn van cilindersloten overeenkomstig IJveer 66. Scharnierbare aluminium deuren moeten voorzien zijn van 4 scharnieren van een door de opdrachtgever goedgekeurd type en kwaliteit. Stalen waterdichte en spatwaterdichte deuren en andere stalen deuren moeten gemonteerd worden met pakking en verstelbare scharnieren met roestvaststalen pennen en zelf smerende bussen. Door de opdrachtgever goedgekeurde kwaliteit deurvangers met rubberstoppen moeten gemonteerd worden aan alle scharnierbare deuren.

De stuurhuisdeur tevens te voorzien van een afstandshaak.

518. Ruiten ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪

De beglazing van zowel de opbouw zijden als het stuurhuis zal bestaan uit op de zijwanden verlijmde en onderling via kitstroken op elkaar aansluitende ruiten. In overleg met de opdrachtgever zal de beglazing in de opbouw licht gecoat uitgevoerd zijn. In de constructie van de opbouw zijden zal over de aansluitende raamlengtes een reces ter diepte van de ruitdikte (plus lijmkit) worden opgenomen ter bescherming van de glasranden. Rondom zal de raampartij hierin worden opgesloten d.m.v. een kitrand. Tevens zullen de ruiten om de ca.4-5 spantafstanden worden verlijmd op de stijlen ter plaatse. De ruiten van het stuurhuis zullen soortgelijk worden verlijmd, waarbij echter geen reces in de wanden wordt toegepast maar de raampartij aan de onderzijde wordt gesteund door een op de wand gelaste strip ter breedte van minimaal de ruitdikte plus kitlaag. Op de hoeken van de stuurhuisconstrictie zal een soortgelijke staande strip worden gelast, ter bescherming van de kopse kanten van de ruiten. De bovenzijde van de ruiten zal zijn begrensd door de onderkant van de (dichte) petconstructie. De raamstijlen zullen zo smal mogelijk zijn als op basis van sterkte verantwoord, teneinde een zo groot mogelijk zichtveld te creëren.

In het langsschot en dwarschotten op het hoofddek zullen ruiten in eenzelfde lijmconstructie worden toegepast, in een reces ter diepte van de afstand tussen de binnen- en buitenwand van het schot. In de buitendeuren van de opbouw en de toegangsdeur en noodluik van het stuurhuis zal een soortgelijke ruitconstructie worden toegepast; echter (mede) afhankelijk van eventueel door

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 88/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

▪

▪ ▪ ▪ ▪

specialistische leveranciers gebezigde (standaard-) constructiewijze kan in overleg met het bouwtoezicht een raamconstructie met aluminium profiel worden overwogen. Voorafgaand aan montage de metalen schotten goed te conserveren zodat geen corrosie kan ontstaan tussen het metaal en opgelijmde ruiten (of in het geval van een aluminium raamprofiel: tussen metaal en dit profiel. De ruiten in/grenzend aan de passagiersruimte moeten worden voorzien van veiligheidsglas van voldoende sterkte. De ramen in het stuurhuis moeten voorzien zijn van thermopane veiligheidsglas. De frames van ramen met aluminium raamprofiel moeten zo klein mogelijk gehouden worden om optimaal zicht te verkrijgen. Alle ruiten welke voor passagiers toegankelijk zijn dienen te worden beschermd dmv een optisch heldere, niet vertekenende antikras & graffity folie protec SR AG Clear plakfolie, zoals gebruikelijk op alle GVB-voer- en vaartuigen.

522. Vloeren ▪

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪

In het stuurhuis zal een stevige, uit twee lagen watervast verlijmd multiplex bestaande houten ondervloer worden gelegd over aluminium liggers; zodanig dat hieronder voldoende ruimte aanwezig blijft voor de aanleg van elektrische bekabeling en licht pijpwerk (afvoer airco condenswater, luchtleiding, etc). Een soorgelijke ondervloer zal in het benedendekse portaal en de toiletsruimte worden aangebracht, direct over de vrangen. In het toegangsportaal op het hoofddek zal een latex-cement ondervloer worden aangebracht op het stalen dek. Zowel de houten als de cement ondervloeren zullen worden afgewerkt met een egalisatielaag. Slijtvaste vinyl vloeren met kunststof plinten zullen worden toegepast in het stuurhuis, portaal op het hoofddek, het benedendekse portaal en de toiletruimte. In de houten vloeren zullen vloerluiken worden aangebracht; afmetingen, aantal en locatie op aangave van het bouwtoezicht. Luikranden dienen duurzaam te worden afgewerkt met aluminium strips en/of aluminium hoekprofiel. De vloeren in de motorkamers zullen bestaan uit 5mm aluminium tranenplaat, zo mogelijk direct (via zelfklevende rubber tape) op de vrangen, maar deels (afhankelijk van de scheepsvorm en de aanwezige werktuigen en componenten) op dezelfde wijze op stalen vloerliggers. Van deze vloerliggers dienen alle scherpe kanten te zijn afgebraamd en gladgeslepen.

De vloeren in de technische ruimtes, de benedendekse gang en de accuruimtes zullen bestaan uit 5mm aluminium tranenplaat, direct over over de vrangen (met tussenliggende zelfplakkende rubber tape). De vloerplaten dienen van handzaam formaat en te allen tijde opneembare uitvoering te zijn. De bevestiging is d.m.v. roestvast stalen M8 imbus tapschroeven. Aan de buitenzijde en rondom de opgestelde werktuigen en componenten moeten de vloerplaten worden voorzien van schopranden. Niveauverschillen dienen te worden geaccentueerd d.m.v. gele markeringen.

Project Nr: F.124

Document Nr:

Status: Definitief

Revisie: 1.0

Pagina: 89/165

Programma van Eisen | Plug-in Elektrische IJveren 31 augustus 2022

531. Dek bekleding ▪ ▪ ▪

▪ ▪ ▪ ▪

Het hoofd-, brug- en topdek zullen volledig worden voorzien van een slip vaste afwerking. De antislip laag zal op het laatste moment voor oplevering aangebracht worden. De luiken in het hoofddek moeten van dezelfde antislip laag worden voorzien als de rest van het hoofddek. Op het gehele hoofddek met inbegrip van de luiken zal de antislip-functie zijn opgenomen in de aan te brengen kunststof gietvloer van het fabricaat Bolidt; hiertoe dient het dek te worden voorbewerkt d.m.v. stralen. Ter plaatse van de passagiersruimte zal deze vloer worden geschuurd, conform IJveer 66. Aan de stroefheid wordt de volgende eis gesteld volgens de NEN 7909 (FSC 2000) voldoende tot en met zeer goed (0,35-1 X). Bij alle dekken mogen na het aanbrengen van de afwerklaag geen kuilen aanwezig zijn waar water in kan blijven staan. Afdichting, oplegging, afwatering en bovendekse afwerking soortgelijk uit te voeren als beschreven m.b.t. de demontageluiken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16033013/1