CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 6 december 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Aanvaarden MER Omgevingseffectrapport (OER) Schinkelkwartier en vaststellen bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188 (VN2023-022487)32.210 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

21

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Het centrale instrument in een m.e.r.-procedure is het Milieueffectrapport (MER). Voor Schinkelkwartier is het MER opgesteld als een Omgevingseffectrapport (OER)1. Dit OER heeft dezelfde functie als het MER, maar kent een bredere reikwijdte. In het OER worden de gevolgen van keuzes voor de gehele fysieke leefomgeving onderzocht, in plaats van uitsluitend de gevolgen voor het milieu. Milieueffecten worden daarom in dit stuk ook ‘omgevingseffecten’ genoemd. Uitgangspunt is dat door deze verbreding het instrument, in de geest van de Omgevingswet, beter kan bijdragen aan het evenwichtig toedelen van functies in Schinkelkwartier. Kenmerken van dit OER De ‘klassieke’ m.e.r.-aanpak gaat uit van een vooraf bepaald eindbeeld, waarvoor nog meerdere alternatieven bestaan. Deze alternatieven worden vervolgens beoordeeld op omgevingseffecten om de alternatieven met elkaar te kunnen vergelijken en een voorkeursalternatief te kunnen bepalen. Dit OER is wezenlijk anders, omdat wordt voorgesorteerd op de Omgevingswet en wordt uitgegaan van organische transformatie. In het OER Schinkelkwartier is beschreven hoe de huidige situatie van de fysieke leefomgeving impact heeft op de transformatieopgave van Schinkelkwartier en vice versa. De huidige situatie van de fysieke leefomgeving is aan de hand van uitgebreid onderzoek in kaart gebracht.

Vervolgens zijn de effecten van de transformatie onderzocht en is beoordeeld in hoeverre de geformuleerde ambities voor Schinkelkwartier en de aanwezige waarden, belemmeringen en aandachtspunten met elkaar conflicteren. Voor bepaalde thema’s is het nodig om een nadere keuze te maken om de ambities te behalen en ongewenste effecten te beperken of te voorkomen. Voor andere thema’s volstaat het om spelregels te formuleren die al leiden tot positieve effecten of het voorkomen van negatieve effecten. Voor de aspecten waarvoor een nadere keuze nodig is, zijn verschillende alternatieven (keuzemogelijkheden) geformuleerd, die in meer of mindere mate bijdragen aan het behalen van de ambities voor Schinkelkwartier. Op basis van een beoordeling van die alternatieven worden vervolgens voorkeursalternatieven inclusief benodigde maatregelen en spelregels bepaald. Uiteindelijk ontstaat daarmee een samengesteld voorkeursalternatief dat een zo groot mogelijke positieve bijdrage levert aan het behalen van de ambities voor Schinkelkwartier. Bij dit samengestelde voorkeursalternatief hoort een spelregelkader dat nodig is om de ambities te behalen en de transformatie te begeleiden. Deze spelregels zijn gekoppeld aan een digitale leefomgevingsfoto. Via periodieke monitoring wordt het OER actueel gehouden, zodat het ook de basis biedt voor toekomstige ruimtelijke besluiten in Schinkelkwartier.

In plaats van één document voor één besluit is een ‘levend’ OER opgesteld dat meegroeit met de transformatie en daardoor ook op langere termijn bruikbaar blijft voor vervolgbesluiten. Bij toekomstige ruimtelijke besluiten wordt beoordeeld of de uitgangspunten van dit OER nog passend zijn of dat bijsturing nodig is door het OER aan te vullen. Hierdoor blijven de kernwaarden van m.e.r. gedurende de transformatie gewaarborgd. De methodiek van het OER is in hoofdstuk 4 nader toegelicht. Doel van dit OER Het wettelijke doel van een m.e.r.-procedure is om het milieubelang volwaardig mee te nemen in de besluitvorming. Daarvoor is onderzoek naar de omgevingseffecten en mogelijke andere (meer milieuvriendelijke) alternatieven voor bepaalde keuzes cruciaal. Dit OER geeft de bestaande waarden, 1

Dit OER heeft de status van een plan- en project MER. In sommige achtergrondrapporten wordt nog gesproken van het MER Schinkelkwartier, daarmee wordt dit OER bedoeld.

22

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

belemmeringen en aandachtspunten van de huidige situatie weer en laat zien met welke maatregelen en spelregels de transformatie van Schinkelkwartier naar gemengd stedelijk gebied mogelijk is. Ook laat dit OER zien welke alternatieven mogelijk zijn voor de belangrijkste keuzes die gemaakt moeten worden. Tot slot geeft het OER invulling aan monitoring, om gedurende de transformatie ‘vinger aan de pols’ te kunnen houden en waar nodig bij te kunnen sturen. Om optimaal gebruik te maken van de uitkomsten fungeert het OER als inhoudelijke onderlegger van de projectnota Schinkelkwartier. In de projectnota is de haalbaarheid van de transformatie van Schinkelkwartier in beeld gebracht. Die uitkomsten van het OER zijn, samen met overwegingen over fasering, financiën en maatschappelijk draagvlak, richtinggevend geweest voor het stedenbouwkundig kader en de ontwikkelstrategie in de projectnota Schinkelkwartier. De in het OER geformuleerde maatregelen en spelregels zijn kaderstellend voor ruimtelijke plannen in Schinkelkwartier en moeten deze ervoor zorgen dat nadelige milieugevolgen worden beperkt of voorkomen.

M.e.r. procedure De m.e.r.-procedure wordt gekoppeld aan het eerste ruimtelijk besluit waarmee uitvoering wordt gegeven aan de m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteit. In figuur 1.2 zijn de stappen van de m.e.r.-procedure schematisch weergegeven.

Figuur 1.2 – Stappen van de m.e.r.-procedure

Terinzagelegging NRD De m.e.r.-procedure voor Schinkelkwartier is in 2019 opgestart met het opstellen van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). In de NRD (zie bijlage 16) is ingegaan op de m.e.r.-procedure, de gestelde ambities en de onderzoeksaanpak voor dit OER. De NRD heeft tussen 25 april tot 5 juni 2019 ter inzage gelegen. Een ieder heeft gedurende de terinzagelegging een zienswijze kunnen indienen. Ook zijn de Commissie voor de m.e.r. en wettelijke advies- en bestuursorganen gevraagd advies over de NRD uit te brengen. De zienswijzen en adviezen zijn beantwoord in een Nota van beantwoording, die als bijlage 18 bij dit OER is opgenomen. Daarin is ook aangegeven op welke wijze in het OER rekening is gehouden met de zienswijzen en reacties over de NRD.

23

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Advies Commissie voor de m.e.r over NRD De Commissie voor de m.e.r. heeft op 2 juli 2019 een advies over de reikwijdte en het detailniveau van het OER uitgebracht (zie bijlage 17). De Commissie heeft geadviseerd de volgende onderdelen op te nemen:  Een concrete uitwerking van de gewenste ambities, waarbij de ambities zo veel mogelijk meetbaar worden gemaakt en een ondergrens wordt aangegeven;  Een leefomgevingsfoto waarbij ook potenties/kansen en risico’s worden onderzocht voor de ambities, waarbij ook voorzienbare trends en ontwikkelingen worden meegenomen;  Een beschrijving van de belangrijkste keuzes die voor de transformatie zijn gemaakt, waarbij inzichtelijk wordt gemaakt in welke mate de nadere keuzes en het spelregelkader bijdragen aan het behalen van de ambities en welke omgevingseffecten deze tot gevolg hebben;  Een beoordelingskader dat aansluit bij de ambities en inzicht geeft in de omgevingseffecten van de nadere keuzes en het spelregelkader;  De contouren van het monitorings- en evaluatieplan om het behalen van de ambities in de gaten te houden en waar nodig bij te sturen. Het advies is betrokken bij de totstandkoming van het concept OER Schinkelkwartier. De reactie op het advies van de Commissie voor de m.e.r. is opgenomen in de Nota van beantwoording Notitie Reikwijdte en Detailniveau (zie bijlage 18) opgenomen.

Terinzagelegging concept OER bij eerste ruimtelijk besluit Het concept OER heeft gelijktijdig met het eerste ruimtelijk besluit (in dit geval het bestemmingsplan voor de ontwikkeling Overschiestraat 182 en 188) van 13 april tot 25 mei 2023 en van 6 september tot 18 oktober 2023 ter inzage gelegen. Een ieder heeft hierbij de mogelijkheid gekregen om gedurende de termijn van terinzagelegging zienswijzen naar voren te brengen op het ontwerpbestemmingsplan en het concept OER. De zienswijzen over het concept OER zijn beantwoord in de Nota van beantwoording en wijzigingen OER Schinkelkwartier, die als bijlage 20 bij dit OER is opgenomen. Toetsingsadvies Commissie voor de m.e.r. over OER De Commissie voor de m.e.r. heeft op 6 juni 2023 het toetsingsadvies over het OER Schinkelkwartier uitgebracht (zie bijlage 19). De Commissie vindt het OER, gezien de complexe opgave, zeer uitgebreid en compleet, helder ingedeeld en daardoor prettig leesbaar. Wel signaleert de Commissie dat informatie over de gezondheidseffecten van de geluidbelasting in het gebied nog ontbreekt en acht het aanvullen van deze informatie essentieel om het belang van de leefomgeving volwaardig mee te kunnen wegen bij de besluitvorming over het bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188 en toekomstige deeluitwerkingen.

Daarnaast zijn aanbevelingen gedaan, bedoeld om de kwaliteit van de besluitvorming, nu en in de toekomst te verbeteren. De Commissie beveelt aan om de volgende onderdelen in het OER op te nemen:  Informatie over de toename van geluidsbelasting op bestaande woningen buiten Schinkelkwartier;  Informatie over geluid op grotere hoogte, zoals ook opgenomen in het Achtergrondrapport geluid;  Bij de berekening van cumulatieve geluidbelasting en daarmee gepaard gaande hinder nu al ook de Schiphol-relatie te hanteren;  Per deelgebied de ambities concreet maken en nagaan of meer kwantitatieve indicatoren in het monitoringsprogramma kunnen worden opgenomen;  Aandacht voor helderheid over welke spelregels op welke locatie(s) gelden.  Bij de tweejaarlijkse monitoring oog hebben voor mogelijke relevante (doorgaans meer algemene) ontwikkelingen en waar nodig scenario-analyses maken en zoeken naar robuuste strategieën.

24

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Het toetsingsadvies is verwerkt in het OER Schinkelkwartier. De reactie op het toetsingsadvies van de Commissie voor de m.e.r. is opgenomen in de Nota van beantwoording en wijzigingen OER Schinkelkwartier (zie bijlage 20). Aanvaarding uitkomsten OER en vaststelling ruimtelijk besluit De ingebrachte zienswijzen en adviezen over het concept OER zijn voorzien van een inhoudelijke beantwoording (zie bijlage 20). Het bestemmingsplan en het OER zijn gewijzigd naar aanleiding van zienswijzen, advies en ambtshalve aanpassingen. Het bestemmingsplan wordt samen met het OER en de Nota van beantwoording en wijzigingen door het college van B&W ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. Na vaststelling van het bestemmingsplan door de raad bestaat voor belanghebbenden de mogelijkheid om bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep aan te tekenen tegen het bestemmingsplan, inclusief het OER.

25

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Schinkelkwartier in vogelvlucht Ligging plangebied Schinkelkwartier ligt in de zuidwesthoek van Amsterdam en heeft een oppervlakte van circa 215 hectare. Het plangebied ligt op het snijvlak van de stadsdelen Zuid en Nieuw-West en is strategisch gelegen in de corridor tussen de Zuidas en Schiphol en ligt op de kop van de groene scheg die naar de Nieuwe Meer en het Amsterdamse Bos leidt (zie figuur 2.1). Het plangebied Schinkelkwartier grenst aan de woonbuurten Hoofddorppleinbuurt, Stadionbuurt, Delflandpleinbuurt, Staalmanpleinbuurt en Park Haagseweg.

Figuur 2.1 – Plangebied Schinkelkwartier

De plangrens loopt in het noorden van de Plesmanlaan, via de Johan Huizingalaan, de Aletta Jacobslaan, de Vlaardingenlaan naar het Aalsmeerplein en de Rijnsburgstraat. De oostgrens loopt via de oostelijke oever van de Schinkel, buigt vervolgens af richting de Stadiongracht en loopt verder via de Schinkel. De zuidelijke begrenzing loopt ten zuiden van de snelweg A4 en A10-Zuid. De plangrens in het westen wordt gevormd door het Siegerpark, de Sloterweg en het Christoffel Plantijnpad.

Historische ontwikkeling Het plangebied Schinkelkwartier maakte tot de twintigste eeuw deel uit van de Riekerpolder, de Sloterbinnenpolder en de Middelveldse gecombineerde polders. Deze polders werden doorsneden door de Sloterweg, de historische route van Amsterdam naar Leiden tussen het dorp Sloten en de Overtoomse sluis (zie figuur 2.2). Aan deze landelijke weg lagen boerderijen op grote erven. Andere pre-stedelijke restanten in het gebied zijn de negentiende-eeuwse begraafplaats Huis te Vraag aan de Rijnsburgstraat (voormalige Sloterweg) met het aangrenzende groengebied en het Jaagpad langs de Schinkel.

26

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Figuur 2.2 – Kaart plangebied 1925

Figuur 2.3 – Uitsnede AUP 1935

Vanaf 1925 vonden ophogingen plaats voor de ringspoorbaan, die pas in 1986 in gebruik werd genomen. In de jaren twintig en dertig werd ten noordoosten van plangebied de Hoofddorppleinbuurt aangelegd. In de jaren vijftig werd, als onderdeel van de uitvoering van het Algemeen Uitbreidingsplan (zie figuur 2.3), gestart met zandwinning uit de Nieuwe Meer voor het bouwrijp maken van Amsterdam Nieuw-West. In de naoorlogse jaren zijn ook industrieterrein Schinkel en sportpark Riekerhaven aangelegd (zie figuur 2.4).

Figuur 2.4 – Kaart plangebied 1965

Figuur 2.5 – Kaart plangebied 1995

In de jaren zestig werd begonnen met de aanleg van de tuinstad Westlandgracht en de Ring A10. In dezelfde periode verdween de oude Sloterweg om plaats te maken voor de fabrieken en kantoren van IBM. Door het plangebied liep tijdelijk een hoofdontsluiting voor autoverkeer, de Haagseweg. Deze weg werd later overbodig door de verlenging van de A4 tot knooppunt Nieuwe Meer (zie figuur 2.5). Door de aanleg van de infrastructuur en het ophogen van de tussenliggende gebieden gingen de oorspronkelijke polderverkaveling en de historische bebouwing grotendeels verloren. Daarvoor in de plaats kwamen sportvelden, bedrijfsvestigingen en diverse medische instellingen. In de jaren negentig werd het deel van de Riekerpolder langs de A4 ontwikkeld tot kantoorgebied. Schinkelkwartier kreeg in 1997 een metro-ontsluiting toen bij aanleg van de ringlijn een station tussen de Henk Sneevlietweg en de Vlaardingenlaan werd gerealiseerd.

27

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Ruimtelijke structuur Schinkelkwartier ligt ingeklemd tussen infrastructuur en wordt zelf doorsneden door de ringspoorbaan en autosnelwegen (zie figuur 2.6). Als gevolg daarvan heeft het gebied een perifeer karakter. Door het plangebied lopen drie hoofdroutes. In noord‐zuidrichting verbindt de Johan Huizingalaan Schinkelkwartier met het overige deel van Nieuw‐West, de Oeverlanden en de Nieuwe Meer. In oost‐westrichting vormen de Vlaardingenlaan‐Aletta Jacobslaan en de Henk Sneevlietweg belangrijke ontsluitingsroutes.

Figuur 2.6 – Ringspoorbaan en autosnelwegen (foto: Your Captain)

De infrastructuur in het plangebied leidt tot een onderverdeling in zes deelgebieden: Schinkelhaven, Riekerpark (voorheen: sportpark Riekerhaven), Sloterstrip (voorheen: zone Henk Sneevlietweg), Nieuwe Meer Oost (voorheen: Riekerzone), Nieuwe Meer West (voorheen: Rieker Business Park) en De Plantijn (voorheen: Medisch Cluster). Het deelgebied Schinkelhaven ligt in stadsdeel Zuid, de overige deelgebieden liggen in stadsdeel Nieuw-West. De deelgebieden zijn weergegeven in figuur 2.7.

Figuur 2.7 – Deelgebieden Schinkelkwartier

28

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

De groenstructuur in Schinkelkwartier is gekoppeld aan de weg- en railinfrastructuur en aan watergangen. Grotere groengebieden liggen vooral aan de randen van het plangebied, langs de Schinkel, de Nieuwe Meer en het Christoffel Plantijnpad en vormen als het ware een hoefijzer rond het Schinkelkwartier. Er ontbreekt een samenhangend netwerk van wegen, groen en water, waardoor Schinkelkwartier vooral een landschap is van enclaves.

Functionele structuur Schinkelkwartier is van oudsher een vestigingslocatie voor ruimte-extensieve functies zoals bedrijven, kantoren, zorginstellingen en uiteenlopende perifere functies, zoals sportvelden, distributiecentra, opslag en stalling, datacenters en stadsdeelwerven.

Figuur 2.8 – Niet-woonfuncties in Schinkelkwartier

In figuur 2.8 wordt een overzicht gegeven van de huidige niet-woonfuncties in het plangebied Schinkelkwartier. In de driehoek tussen de spoorlijn, metrolijn en A4 is recent een hulpwarmtecentrale voor stadsverwarming gerealiseerd. Schinkelhaven Schinkelhaven ligt direct ten westen van de Schinkel in de oksel van de A10-West en A10-Zuid (zie figuur 2.9). Hier zijn traditionele bedrijven zoals een stadsdeelwerf, autogarages en installatiebedrijven gevestigd, maar ook een studentenhotel en diverse media-, reclame- en architectenbureaus. Opvallend bedrijf in het gebied is het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). In het hart van het gebied is een industriële haven aanwezig, waar een zandoverslag gebruik van maakt. In het zuiden van het bedrijventerrein ligt een tennispark. In de noordoosthoek ligt een kleinschalige woonbuurt met daarnaast begraafplaats Huis te Vraag. Langs de westoever van de Schinkel liggen diverse woonboten. Riekerpark Deelgebied Riekerpark, gelegen ten westen van Schinkelhaven, wordt ingeklemd door de A10-West en de ringspoorlijn van de metro (zie figuur 2.10). Dit deelgebied bestaat uit grotendeels ongebruikte sportvelden en in de zuidelijke punt een evenemententerrein. Op een deel van die sportvelden is een tijdelijk wooncomplex voor studenten en statushouders (tot 2027) gevestigd.

29

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Figuur 2.9 – Schinkelhaven (foto: Your Captain)

Figuur 2.10 – Riekerpark (foto: Your Captain)

Sloterstrip In dit deelgebied, grotendeels gelegen tussen de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan en Henk Sneevlietweg, zijn onder meer een bouwmarkt, een opslagcentrum, de vreemdelingenpolitie, een hotel en een ROC gevestigd. Tussen de Henk Sneevlietweg en de Vlaardingenlaan bevindt zich het metrostation Henk Sneevlietweg. Ten zuiden van de Henk Sneevlietweg en langs de A10-West staan kantoor- en bedrijfspanden. Ten westen van de Johan Huizingalaan zijn het voormalige ACTA-gebouw (inmiddels een broedplaats en studentenhuisvesting) een woonzorgcentrum en een keerlus voor trams te vinden. Nieuwe Meer Oost Nieuwe Meer Oost ligt tussen de spoordijk, de Henk Sneevlietweg en de Johan Huizingalaan (zie figuur 2.11). Dit deelgebied omvat het voormalige IBM-terrein. In het noorden is dit terrein in de huidige situatie in gebruik door datacenter Global Switch en een gemeentelijke werf met afvalinzamelpunt. In het midden van het deelgebied zijn bedrijfsverzamelgebouw B.Amsterdam en enkele logistieke bedrijven (in de voormalige IBM productiehal voor typemachines) gevestigd. In het zuiden bevindt zich het IBMhoofdkantoor met bijbehorende tuin en parkeerterrein.

Figuur 2.11 – Nieuwe Meer Oost en West (foto: Your Captain)

30

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Nieuwe Meer West Nieuwe Meer West ligt direct ten noorden van de A4 en wordt verder omsloten door de woonwijk Park Haagseweg, het Siegerpark en de Johan Huizingalaan (zie figuur 2.11). Het gebruik in dit deelgebied bestaat uit grootschalige kantoorbebouwing, een hotel en een onbebouwd veld. Eén kantoor is inmiddels getransformeerd naar wonen. De Plantijn Deelgebied De Plantijn wordt omsloten door de Plesmanlaan, de Johan Huizingalaan, de Louwesweg en het Christoffel Plantijnpad (zie figuur 2.12). Dit deelgebied omvat een biomedisch cluster met enkele grote functies, te weten het voormalig Medisch Centrum Slotervaart (zie figuur 2.13), het Nederlands Kanker Instituut (NKI), de bloedvoorziening Sanquin en het verzorgingstehuis Hof van Sloten.

Figuur 2.12 – De Plantijn (foto: Your Captain)

Figuur 2.13 – Voormalig MC Slotervaart

Sociaal-economische structuur In de huidige situatie is Schinkelkwartier hoofdzakelijk een werkgebied met kantoren en bedrijven. Het gaat met name om werkgelegenheid in de zakelijke dienstverlening, medische sectoren, detailhandel en creatieve industrie, maar ook om praktisch opgeleide werkgelegenheid in productieve bedrijfssectoren. In het plangebied zijn ook voorzieningen aanwezig die een wijk- of stadsverzorgende of regionale functie hebben. In het plangebied zijn in beperkte mate woningen aanwezig. Het gaat om woonboten in de Schinkel, koopen huurwoningen in de Generaal Vetterstraat en het Spijtellaantje, studentenwoningen in het voormalige ACTA-gebouw, middensegment huurwoningen in een voormalig kantoor in Nieuwe Meer West en een tijdelijk wooncomplex voor studenten en statushouders in Riekerpark. Voor de dagelijkse voorzieningen zijn deze bewoners in de huidige situatie aangewezen op voorzieningen in de omliggende wijken. Schinkelkwartier ligt op de grens van de wijk De Aker-Nieuw Sloten (stadsdeel Nieuw-West) en de wijk Oud-Zuid (stadsdeel Zuid). In Oud-Zuid is het gemiddelde inkomen hoger en zijn relatief meer huurwoningen aanwezig dan in De Aker-Nieuw Sloten. Uit figuur 2.14 blijkt de barrièrewerking van de A10 voor de woningwaarde per vierkante meter: de gemiddelde woningwaarde binnen de A10 ligt aanzienlijk hoger dan buiten de A10.

31

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Figuur 2.14 – Gemiddelde woningwaarde per vierkante meter

Eigendomssituatie In figuur 2.15 wordt de eigendomssituatie in Schinkelkwartier weergegeven. De meeste grond in Schinkelkwartier heeft de gemeente in erfpacht uitgegeven. Een aantal percelen (paars) in de deelgebieden Schinkelhaven en Nieuwe Meer West is in eigendom van particulieren. Alleen in Riekerpark heeft de gemeente nog relatief veel eigen grond, die nog uitgegeven kan worden. De blauwe percelen zijn in erfpacht uitgegeven. De paarse percelen zijn in particulier eigendom. De gronden, waar de snelwegen (grijs) en spoorlijnen (geel) zijn gelegen, zijn eigendom van Rijkswaterstaat respectievelijk ProRail.

Figuur 2.15 – Eigendomssituatie Schinkelkwartier

32

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Plan- en studiegebied Het plangebied van het OER Schinkelkwartier is weergegeven in figuur 2.16. Ontwikkelingsplannen in dit gebied kunnen gebruik maken van dit OER, plannen daarbuiten in principe niet.

Figuur 2.16 – Plangebied OER Schinkelkwartier

Voor veel omgevingsaspecten geldt dat de effecten gebonden zijn aan een specifieke locatie, bijvoorbeeld een monument of een bodemverontreiniging. Voor bepaalde aspecten geldt dat de effecten verder kunnen reiken dan het plangebied. Verkeersgeneratie als gevolg van de transformatie van Schinkelkwartier kan leiden tot extra verkeersdruk buiten het plangebied. Veranderende verkeerstromen kunnen vervolgens impact hebben op de luchtkwaliteit en geluidbelasting buiten het plangebied. Ook voor stikstofdepositie geldt een groter studiegebied. In dit OER is het studiegebied dus bepaald tot daar waar sprake is van significante effecten. Met significante effecten wordt bedoeld dat de effecten moeten leiden tot een (sterke) toe- of afname ter plaatse. Een verandering van 100 auto’s per etmaal is bijvoorbeeld geen significant effect, maar 1.000 auto’s extra kan wel gevolgen hebben voor de doorstroming en de milieukwaliteit.

Autonome ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die nog niet (volledig) uitgevoerd zijn, maar waarover wel ruimtelijke besluiten zijn genomen. Daardoor is er een juridisch planologisch kader voor de realisatie van deze projecten en kan in principe worden aangenomen dat deze in de referentiesituatie (zie paragraaf 2.10) zijn uitgevoerd. Voor het OER betekent dit concreet dat de omgevingseffecten van de transformatie van Schinkelkwartier worden onderzocht ten opzichte van de referentiesituatie inclusief onderstaande autonome ontwikkelingen.

33

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Zuidas Ten oosten van Schinkelkwartier ligt, aan weerszijden van de Ring A10, de Zuidas (zie figuur 2.17). Dit gebied is vanaf de jaren negentig ontwikkeld als hoogwaardig zakencentrum. Het gebied wordt de komende jaren op basis van de Visie Zuidas 2016 doorontwikkeld. Uitgangspunt is het realiseren van een levendige woon-werkomgeving rondom de bestaande bebouwing. De ontwikkeling van de Zuidas leidt tot verkeerstoename, waarmee bij de ontwikkeling van Schinkelkwartier rekening wordt gehouden. Voor Zuidas is een m.e.r.-procedure doorlopen.

Figuur 2.17 – Zuidas (foto: Your Captain)

Figuur 2.18 – Uitsnede plangebied Tracébesluit Zuidasdok

Zuidasdok Het project Zuidasdok voorziet in een betere bereikbaarheid van de Zuidas en de noordelijke Randstad. De Ring A10 wordt uitgebreid van vier naar zes rijbanen en wordt in het centrum van Zuidas ondertunneld. Hierdoor komt er boven de grond meer ruimte voor trein- en metroverkeer en wordt de barrièrewerking van de A10 verminderd. Station Amsterdam-Zuid wordt uitgebreid om het groeiend aantal reizigers van en naar Amsterdam-Zuid te faciliteren en de bereikbaarheid van de Zuidas blijvend te kunnen garanderen. Deze ontwikkeling heeft gevolgen voor Schinkelkwartier omdat de A10 en de spoorlijnen het plangebied doorsnijden (zie figuur 2.18). Voor Zuidasdok is een m.e.r.-procedure doorlopen. Bouwplannen in plangebied In het plangebied Schinkelkwartier zijn diverse bouwplannen planologisch mogelijk gemaakt of vergund, die in uitvoering zijn of de komende tijd gerealiseerd worden.

Raakvlakprojecten Naast de autonome ontwikkelingen die al een formele juridisch-planologische status hebben, zijn er projecten die nog geen formele status hebben. Voor zover deze beoogde ontwikkelingen in de nabijheid van het plangebied liggen, worden dit raakvlakprojecten genoemd. In het OER is voor zover aan de orde de mogelijke wederzijdse beïnvloeding en/of cumulatie met deze raakvlakprojecten betrokken. In de volgende passages zijn de relevante raakvlakprojecten beschreven. Enter NL/ZWASH Het gebied tussen Amsterdam, Schiphol en Hoofddorp is, onder invloed van de economische groei in de Metropoolregio Amsterdam (MRA), volop in ontwikkeling. Daartoe is een MIRT Onderzoek Zuidwest Amsterdam, Schiphol en Hoofddorp (ZWASH) uitgevoerd. Doel daarvan is Schiphol en de zuidwestkant van Amsterdam goed bereikbaar te houden voor alle modaliteiten en het gebied tussen Hoofddorp,

34

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Schiphol en Amsterdam Zuid te ontwikkelen tot de internationale entree van Nederland met hoogwaardige internationale woon-werkmilieus, genaamd Enter NL (zie figuur 2.19).

Figuur 2.19 – Enter NL/ZWASH

Een potentiële ontwikkeling is het doortrekken van de Noord/Zuidlijn vanaf Amsterdam-Zuid via Schiphol naar Hoofddorp, met mogelijk een metrostation in Schinkelkwartier. Dit wordt nader onderzocht in het kader van de MIRT Verkenning OV-verbinding Amsterdam-Haarlemmermeer. In dat kader wordt ook een plan-MER voorbereid. De ontwikkeling is nog in de initiatieffase en bij doorgang pas op de langere termijn voorzien (na 2035). Ontwikkeling Schiphol Eind 2020 is de Luchtvaartnota 2020-2050 vastgesteld, waarin de randvoorwaarden voor de toekomstige ontwikkeling van de Nederlandse luchtvaart beschreven. Parallel daaraan is een plan-MER opgesteld, waarin de milieueffecten in beeld zijn gebracht. Daarin is geconcludeerd dat er perspectief is op groei van Schiphol als dit veilig kan en de hinder voor de omgeving en de klimaatbelasting aantoonbaar afnemen. In maart 2021 heeft het kabinet het ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) genomen. De basis hiervoor is het Nieuwe Normen- en Handhaving Stelsel (NNHS) en het bijbehorende MER. In het ontwerpbesluit wordt een maximum van 500.000 vliegtuigbewegingen per jaar, waaronder 29.000 nachtvluchten, vastgelegd. De wijziging houdt in dat de handhavingspunten voor geluid rond Schiphol verdwijnen en dat de gebruiksvolgorde van de start- en landingsbanen wordt vastgelegd. De Commissie voor de m.e.r.

heeft geadviseerd om het MER aan te vullen. De vaststelling van het LVB is vertraagd door de noodzakelijke aanvraag van een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming in verband met stikstofdepositie. In de Hoofdlijnenbrief Schiphol heeft het kabinet in juni 2022 vastgelegd dat het aantal vliegbewegingen van en naar Schiphol moet worden gereduceerd van 500.000 tot 440.000 per jaar vanaf 2024/2025. Vanaf april 2024 wordt het aantal vluchten worden beperkt tot 460.000 per jaar. Met deze inperking moet de geluidoverlast in de omgeving van Schiphol worden teruggedrongen. Dit kabinetsbesluit heeft gevolgen voor de Luchtvaartnota 2020-2050, het LVB en het NNHS. Het verankeren van de beoogde krimp van het aantal vliegbewegingen kan van invloed zijn op de transformatiemogelijkheden in Schinkelkwartier.

35

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

De Schipholregio is in 2022 aangewezen als NOVEX-gebied, omdat in het gebied meerdere nationale opgaven samenkomen. In dat kader wordt een gezamenlijke gebiedsagenda uitgewerkt, gericht op verbetering van de leefomgevingskwaliteit. In juni 2023 is een ontwikkelperspectief gepresenteerd. Havenstraatterrein Het Havenstraatterrein, een voormalig spooremplacement, ligt ten noordoosten van Schinkelkwartier. Dit gebied wordt getransformeerd tot gemengd woon-werkgebied met circa 500 woningen en ruimte voor bedrijvigheid, voorzieningen en een loods voor de historische tramspoorlijn. Het bestemmingsplan, dat deze ontwikkeling mogelijk maakt, is in 2023 onherroepelijk geworden. Verdi Zuidas Plangebied Verdi, onderdeel van het project Zuidas, ligt direct ten zuidoosten van Schinkelkwartier. In dit gebied is onder meer een woningbouwprogramma van ruim 2.000 woningen voorzien. Voor de ontwikkeling van dit gebied is een m.e.r.-procedure doorlopen, gekoppeld aan omgevingsvergunning voor de herontwikkeling van Tripolis. Verder zijn nog geen ruimtelijke besluiten genomen voor dit plangebied. De Oeverlanden Landschapspark de Oeverlanden ligt ten zuiden van het plangebied (zie figuur 2.20). De gemeenteraad heeft in december 2021 voor dit gebied een ontwikkelstrategie vastgesteld.

Uitgangspunt van deze strategie is enerzijds het beschermen en versterken van het groen en de natuurwaarden en anderzijds het mogelijk maken van recreatie.

Figuur 2.20 – De Oeverlanden (foto: Your Captain)

Referentiesituatie De referentiesituatie is de huidige situatie aangevuld met de nu bekende autonome ontwikkelingen en vormt de basis voor de effectbepaling. Autonome ontwikkelingen zijn vastgestelde plannen en plannen die nu al in ontwikkeling zijn. In het OER is de plansituatie, dus de transformatie van Schinkelkwartier naar gemengd stedelijk gebied, vergeleken met de referentiesituatie. Ten behoeve van het concept OER (deel B en C) is, gekoppeld aan

36

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

het destijds beschikbare verkeersmodel, 2030 als referentiejaar gehanteerd. Ten behoeve van de toetsing van de projectnota (deel D) is aangesloten op het meest actuele verkeersmodel. Daarin is 2040 als referentiejaar gehanteerd. Deze referentiejaren zijn vooral relevant voor de thema’s waarvoor modelberekeningen worden gebruikt (verkeer, verkeersgeluid, luchtkwaliteit en stikstofdepositie). Voor de overige thema’s is er geen significant verschil tussen de huidige en referentiesituatie, omdat de autonome ontwikkelingen geen invloed hebben op deze thema’s. Voor een duidelijk overzicht van de huidige situatie en referentiesituatie zijn de in dit OER onderzochte omgevingsaspecten onderverdeeld in vier hoofdthema’s: duurzame inrichting, mobiliteit, gezonde en veilige leefomgeving, en energie en circulariteit. De huidige en referentiesituatie voor deze hoofdthema’s zijn in de hoofdstukken 5 tot en met 8 beschreven.

37

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Beleid, uitgangspunten en ambities Inleiding De gewenste ontwikkelrichting voor Schinkelkwartier wordt voor een belangrijk deel bepaald door bestaande gemeentelijke beleidsdoelstellingen. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het voor Schinkelkwartier relevante ruimtelijk beleid. Op basis van deze beleidsdoelstellingen zijn specifieke ambities en uitgangspunten geformuleerd voor de ontwikkeling van het gebied. De ambities zijn opgenomen in de projectnota Schinkelkwartier en vormen de basis voor dit OER. Bij de ambities zijn de relevante indicatoren opgenomen, op basis waarvan effectbeoordeling en monitoring plaats zal vinden. Tot slot wordt in dit hoofdstuk de beoogde ontwikkelstrategie voor Schinkelkwartier beschreven.

Beleidskader Omgevingsvisie Amsterdam 2050 De Omgevingsvisie Amsterdam 2050 bevat de visie tot 2050 op de ontwikkeling en inrichting van de fysieke leefomgeving van Amsterdam. Uitgangspunt is om tot 2050 te blijven groeien, maar onder voorwaarden. De gewenste ontwikkeling is beschreven aan de hand van vijf strategische keuzes: meerkernige ontwikkeling, groeien binnen grenzen, duurzaam en gezond bewegen en samen stad maken. Schinkelkwartier is in de Omgevingsvisie aangewezen als een van de grote ontwikkelgebieden (zie figuur 3.1), waar een belangrijke bijdrage kan worden geleverd aan de groei van de stad: een ontwikkeling naar gemengd (hoog)stedelijk gebied, een betere bereikbaarheid en nieuwe groene openbare ruimte.

Figuur 3.1 – Uitsnede Omgevingsvisie Amsterdam 2050

Ruimte voor de Stad – Koers 2025 De ambitie van Koers 2025 is een verdichtende, bereikbare, groene, gemengde en duurzame stad. Om de beoogde groei met 50.000 woningen tot 2025 mogelijk te maken is in Koers 2025 een stadsbrede inventarisatie gemaakt van mogelijke woningbouwlocaties (zie figuur 3.2). Daarbij is Riekerpark (oranje)

38

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

aangewezen als versnellingslocatie, Nieuwe Meer Oost (rood) als locatie voor nieuwe projecten en Schinkelhaven en Nieuwe Meer West (wit) als strategische ruimte voor ontwikkeling na 2025.

Figuur 3.2 – Uitsnede kaart Koers 2025

Ruimte voor de Economie van Morgen In de visie Ruimte voor de Economie van Morgen, de economische uitwerking van Koers 2025, zijn Nieuwe Meer Oost en West aangewezen als innovatiedistricten: werk-woonwijken waar clusters van bedrijven verbindingen zoeken ter ontwikkeling van startups en innovatieve bedrijfsconcepten. Riekerpark en Schinkelhaven zijn aangewezen als creatieve wijken: woon-werkwijken met kleinschalige kantoorruimtes. Daarmee is voor Schinkelhaven voorgesorteerd op transformatie naar gemengd stedelijk gebied met ruimte voor zowel bedrijven als woningbouw. De Johan Huizingalaan, de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan, de Overschiestraat en de verlengde Sloterweg zijn aangemerkt als potentiële stadsstraten. Woonagenda 2025 De Woonagenda heeft als doel een aanbod van voldoende, kwalitatief goede en betaalbare woningen in 2025. De agenda bevat nieuwe uitgangspunten voor de woningbouwprogrammering met een verdeling van 40 procent sociale huur, 40 procent middelduur (huur en koop) en 20 procent dure huur en koop. Daarbij zijn spelregels vastgesteld om deze programmering toe te passen in projecten zoals Schinkelkwartier. Woningbouwplan 2022-2028 Doel van het woningbouwplan is de bouw van gemiddeld 7.500 woningen per jaar, in de verdeling 40 procent sociale huur, 40 procent middelduur en 20 procent duur.

Er moeten nieuwe woningen komen in verschillende groottes en in verschillende prijsklassen, zodat meer mensen in de stad naar een passende woning verhuizen. Daarnaast is de wens om het bouwen van woningen te vereenvoudigen en te versimpelen. Een groot deel van de geplande woningen kan worden gerealiseerd binnen de bestaande plannen. Er zijn tot en met 2025 voldoende bouwplannen, daarna zijn nieuwe bouwlocaties nodig. Bedrijvenstrategie Amsterdam 2020-2030 Met het transformeren van bedrijventerreinen zoals Schinkelhaven neemt het aanbod aan vestigingslocaties voor productieve bedrijven af, terwijl de vraag naar bedrijfsruimte toeneemt. Om hierop

39

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

in te kunnen spelen zijn in de Bedrijvenstrategie uitspraken gedaan over de ruimtereservering voor en inpasbaarheid van bedrijven in transformatiegebieden. Daarnaast is uitgangspunt dat de maakindustrie in transformatiegebieden ook als zodanig moet worden beschermd en gestimuleerd. Kantorenplan Amsterdam In het Kantorenplan is opgenomen dat langs de corridor tussen Zuidas en Schiphol kansen liggen voor het ontwikkelen van een hoogstedelijk gebied waar groen, economie en wonen elkaar versterken. Voor Schinkelkwartier wordt ingezet op een stedelijk werkmilieu met een hoge kantoorintensiteit, met ter plaatse van Nieuwe Meer West de nadruk op een innovatiedistrict. Tijdens de transformatie zal de behoefte aan kantoren blijvend worden gemonitord, waarbij rekening wordt gehouden met regionale afspraken in het kader van Platform Bedrijven en Kantoren (PlaBeKa). Detailhandelsbeleid Amsterdam Het gemeentelijk detailhandelsbeleid is gericht op een aanbod van de dagelijkse boodschappen binnen een afstand van 750 meter van de woning. Schinkelkwartier bevindt zich in de stadszone, dicht tegen de centrumzone aan, waar vooral ingezet wordt op versterking van bestaande kansrijke winkelconcentraties. In grote ontwikkelgebieden als Schinkelkwartier is ruimte voor nieuwe winkels, maar de omvang en branchering zijn afhankelijk van het planconcept.

Amsterdamse referentienorm voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen Het achterliggende doel van dit beleidsstuk is om een voldoende, divers en kwalitatief aanbod van voorzieningen te verankeren in de planvorming, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende functies (onderwijs, jeugd, zorg, basisvoorzieningen, kunst en cultuur, sport, groen en spelen). De verschillende functies zijn opgedeeld in subcategorieën met elk hun eigen norm. Zo is bijvoorbeeld voor groen onderscheid gemaakt tussen gebruiksgroen en ecosysteemgroen. Uitvoeringsagenda Mobiliteit In de Uitvoeringsagenda Mobiliteit staat de bereikbaarheid van Amsterdam als groeiende stad centraal. Daarbij zijn de volgende drie prioriteiten gesteld: doorstroming op de belangrijkste routes, meer openbare ruimte op plekken waar het wringt en verbinden van de stad. Voor Schinkelkwartier is het verkennen van de doortrekking Noord-Zuidlijn richting Schiphol belangrijk. Verder noemt de agenda het optimaliseren van doorgaande fietsroutes en het verbeteren van de autodoorstroming op de uitvalswegen Johan Huizingalaan, Oude Haagseweg en Henk Sneevlietweg. Agenda Amsterdam Autoluw De speerpunten van de Agenda Amsterdam Autoluw zijn meer leefruimte, schonere lucht en meer ruimte voor fiets, voetganger en openbaar vervoer.

Om dat te bereiken worden autobezit en -gebruik beperkt en de openbare ruimte wordt primair ingericht voor verblijf, actieve verplaatsingen en openbaar vervoer. Woonstraten worden 30 kilometer per uur gebied, parkeren op straat wordt ontmoedigd en er komen minder nieuwe parkeervergunningen. Nieuwe fietsroutes, deelfietsen bij stations en betere mogelijkheden voor stalling van fietsen moeten het fietsgebruik stimuleren. Groenvisie 2020-2050 In de Groenvisie is de ambitie gesteld om het bestaande groen te verbeteren en toegankelijker te maken, nieuw groen toe te voegen en de groene ruimte in en om de stad beter met elkaar te verbinden. Daarbij worden vier principes gehanteerd: genoeg en gevarieerd groen voor iedereen, groen draagt bij aan verschillende opgaven, natuurinclusieve aanleg en beheer en samenwerken aan groen. Het groene areaal wordt vergroot om te zorgen voor een gezond leefklimaat, voldoende waterberging, voorkomen van hittestress en een grotere biodiversiteit.

40

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Watervisie Amsterdam 2040 De Watervisie is een uitwerking van de Structuurvisie Amsterdam 2040 waarin de inrichting en het gebruik van het water centraal staan. Belangrijk voor Schinkelkwartier zijn het doortrekken van de Westlandgracht tot aan de Riekerhaven, wat als maatregel is benoemd ter verbetering van het lokaal recreatieve vaarnetwerk. De Nieuwe Meer is aangemerkt als locatie waar plek is voor diverse vormen van waterrecreatie. Agenda duurzaamheid De Agenda Duurzaamheid bevat de gemeentelijke ambities voor duurzame energie, schone lucht, uitbreiding van milieuzones, circulaire economie en klimaatbestendigheid. De agenda bevat onder meer concrete doelen voor duurzame opwekking, energiebesparing en het versneld aardgasloos maken van de stad. Naar aanleiding van het klimaatinitiatief is de ambitie voor duurzame energie in 2018 verder aangescherpt. Transitievisie Warmte De Transitievisie Warmte beschrijft hoe de overstap naar aardgasvrij zorgvuldig en betaalbaar kan zijn, welke oplossingen het beste passen en in welke volgorde. Voor nieuwbouw- en transformatiegebieden zoals Schinkelkwartier wordt met name in gezet op warmtenetten. Daarbij is de fasering van de gebiedsontwikkeling bepalend voor de uitrol van de warmtetransitie.

Amsterdam Circulair 2020-2025 Amsterdam wil in 2050 een circulaire stad zijn: een stad waar waardevolle materialen en grondstoffen worden hergebruikt en netto geen afval wordt geproduceerd. In de gebiedsontwikkeling kan met hergebruik van materialen in gebouwen en openbare ruimte een grote bijdrage aan deze ambitie worden geleverd, in het geval van een gebiedstransformatie zoals Schinkelkwartier is dat nog vanzelfsprekender. Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 De Routekaart Klimaatneutraal beschrijft de visie voor lange termijn en strategie op de Amsterdamse energietransitie. In 2040 zijn alle gebouwen in Amsterdam aardgasvrij en worden duurzaam verwarmd. Nieuwbouw is in de toekomst alleen nog maar energieneutraal. In 2030 is al het verkeer op Amsterdamse wegen en over het water uitstootvrij. Van de elektriciteit die huishoudens gebruiken wordt in 2030 80 procent opgewerkt uit zonne- en windenergie.

Uitgangspunten De hoofdopgave voor Schinkelkwartier is om een transformatie op gang brengen die leidt tot verdichting, functiemenging en betere verbindingen. Uitgangspunt daarbij is dat de verschillende deelgebieden transformeren van veelal monofunctioneel werkgebied naar gemengd stedelijk gebied. Per deelgebied kan de verhouding tussen wonen en werken, de karakterisering van de werkfuncties en het tempo van transformatie verschillen. Dit gebeurt in onderlinge samenhang en binnen de strategische beleidskaders van de gemeente Amsterdam. In de tabellen 3.1 en 3.2 staan de programmatische uitgangspunten zoals deze in het kader van het concept projectnota respectievelijk de vastgestelde projectnota zijn gebruikt als basis voor de milieuonderzoeken in het kader van het concept OER (deel B en C) en de toetsing van de projectnota in het OER (deel D). Het overzicht van de programmatische uitgangspunten, die voor het OER zijn gehanteerd, is ook opgenomen als bijlage 2 bij dit OER.

41

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Concept projectnota - programma in m²

Programma

Wonen

Werken

Voorzieningen

Schinkelhaven

543.000

207.000

279.000

57.000

Riekerpark

318.000

219.000

63.000

36.000

Sloterstrip

478.000

232.000

194.000

52.000

Nieuwe Meer Oost

495.000

219.000

195.000

81.000

Nieuwe Meer West

223.000

39.000

179.000

5.000

De Plantijn

367.000

108.000

16.000

243.000

Totaal programma 2.424.000 1.024.000 Tabel 3.1 – Programmatische uitgangspunten Schinkelkwartier concept projectnota

926.000

474.000

Vastgestelde projectnota - programma in m²

Programma

Wonen

Werken

Voorzieningen

Schinkelhaven

520.000

190.000

290.000

40.000

Riekerpark

315.000

180.000

105.000

30.000

Sloterstrip

480.000

230.000

200.000

50.000

Nieuwe Meer Oost

475.000

250.000

180.000

45.000

Nieuwe Meer West

225.000

50.000

160.000

15.000

De Plantijn

455.000

100.000

85.000

270.000

Totaal programma 2.470.000 1.000.000 Tabel 3.2 – Programmatische uitgangspunten Schinkelkwartier vastgestelde projectnota

1.020.000

450.000

Uitgangspunt is dat het accommoderen van de beoogde ontwikkeling alleen mogelijk is als de verbindingen worden verbeterd. Schinkelkwartier moet een aantrekkelijke verblijfsplek worden in plaats van een gebied voor doorgaand verkeer van Nieuw-West naar de snelweg en binnenstad en vice versa. De verbinding met andere delen van Amsterdam, waaronder in ieder geval een verbinding over de Schinkel, geldt daarbij als randvoorwaardelijk voor de transformatieopgave. Daarnaast vragen de programmatische verschuiving en de verdichting van Schinkelkwartier om ruimtelijke aanpassingen, waarmee de transformatie een significante bijdrage levert aan de grote opgaven van Amsterdam. Naast het realiseren van nieuwe verbindingen gaat het bijvoorbeeld om het verbeteren van het netwerk voor openbaar vervoer, het verbeteren van de luchtkwaliteit, duurzame energieopwekking en energiebesparing. Stedelijke opgaven als klimaatadaptatie, toevoegen van groen en het realiseren van goede verbindingen voor langzaam verkeer stellen daarnaast eisen aan de toekomstige inrichting van de openbare ruimte.

Ambities Voor de transformatie van Schinkelkwartier zijn zes ambities geformuleerd: stedelijkheid, ruimtelijke kwaliteit, bereikbaarheid, gezondheid en veiligheid, duurzaamheid en sociale inclusiviteit. Het gaat om doelen op hoofdlijnen die richtinggevend zijn voor de transformatie en het eindbeeld op de lange termijn. Deze ambities worden in de volgende planfase, waarbij per deelgebied investeringsnota’s worden opgesteld, nader geconcretiseerd.

42

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Per ambitie zijn de belangrijkste indicatoren beschreven. Aan de hand van deze indicatoren is in deel B, C en D van het OER beoordeeld in hoeverre de ambities positief en/of negatief beïnvloed worden. De indicatoren vormen tevens de basis voor het monitoren van transformatie en het behalen de ambities (zie hoofdstuk 11 en 12 in deel E van het OER). Stedelijkheid Schinkelkwartier wordt een intensief gebruikt divers gemengd stedelijk gebied. Sloop/nieuwbouw en transformatie zijn noodzakelijk om de beoogde functiemenging en verdichting te bereiken. Hier hoort een Floor Space Index (FSI) op gebiedsniveau bij van gemiddeld 2. De beoogde verhouding tussen de oppervlakte wonen en werken/voorzieningen is circa 1:1. Daarbij zijn er verschillen tussen de deelgebieden. Deelgebied Nieuwe Meer wordt een innovatiedistrict, Schinkelhaven een creatieve en productieve buurt en Riekerpark een woonbuurt. Het woon- en werkprogramma wordt aangevuld met de maatschappelijke, culturele en commerciële voorzieningen, die horen bij een complete stadswijk. Bij toetsing aan de ambitie stedelijkheid is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:    

Bebouwingsdichtheid (FSI) Mate van functiemenging Aantal woningen Aantal arbeidsplaatsen

Ruimtelijke kwaliteit Schinkelkwartier wordt een levendige en klimaatbestendige wijk, die in de nabije en de verdere toekomst aantrekkelijk is om te verblijven. De inrichting van de openbare ruimte is daarbij bepalend voor het vergroten van de gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde van de wijk. Belangrijke landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische waarden blijven behouden en worden waar mogelijk versterkt. Een goede afwisseling tussen levendigheid en relatieve rust en mogelijkheden voor ontmoeting en recreatie dragen bij aan een prettige wijk. Bij toetsing aan de ambitie ruimtelijke kwaliteit is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:  Landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische waarden  Hoeveelheid en beschikbaarheid groen  Klimaatbestendigheid  Diversiteit in bouwhoogte

Bereikbaarheid Bewoners en werknemers moeten snel en gemakkelijk vanuit Schinkelkwartier in andere delen van Amsterdam kunnen komen en vice versa. Er wordt ingezet op een centrumstedelijk mobiliteitsprofiel en een fijnmazig mobiliteitsnetwerk, waarin de auto ondergeschikt is aan lopen, fietsen en openbaar vervoer. Dit mobiliteitsprofiel draagt bij aan andere ambities voor het gebied, zoals gezondheid, veiligheid en duurzaamheid, maar ook aan het in de toekomst bereikbaar houden van de stad. Voorwaarden zijn goede fiets- en wandelvoorzieningen, het slechten van barrières en een verbetering van de bereikbaarheid per openbaar vervoer.

43

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Bij toetsing aan de ambitie bereikbaarheid is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:  Modal share auto (aandeel auto van totale modal split)  Multimodale bereikbaarheid  Mate van doorstroming  Verkeersveiligheid

Gezondheid en veiligheid Uitgangspunt voor Schinkelkwartier is een gezonde en veilige leefomgeving. Hinder als gevolg van milieubelasting (geluid, luchtkwaliteit, geur, stof en omgevingsveiligheid) en bijbehorende negatieve gezondheidseffecten worden zo veel mogelijk beperkt om een zo hoog mogelijk basiskwaliteit te waarborgen. Onaanvaardbare gezondheids- en veiligheidsrisico’s worden voorkomen. Inwoners en werknemers in Schinkelkwartier worden door de inrichting van de fysieke leefomgeving gestimuleerd om te bewegen en gezond te leven. Bij toetsing aan de ambitie gezondheid en veiligheid is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:  Milieubelasting  Externe veiligheidsrisico’s  Hittestress  Hoeveelheid en beschikbaarheid sportvoorzieningen  Gezond gedrag

Duurzaamheid Schinkelkwartier wordt aardgasloos. Het streven voor de wijk is een duurzaam energiesysteem en vergaande CO2-reductie door in te zetten op energiebesparing, duurzame warmte- en energieopwekking en duurzame mobiliteit. Duurzaam ruimtegebruik vraagt om een flexibele gebouwde omgeving die is ingericht op verschillende vormen van gebruik en adaptief kan reageren op maatschappelijke veranderingen. Om verspilling tegen te gaan wordt ingezet op circulariteit met zo veel mogelijk hergebruik van grondstoffen en reductie van afval. Bij toetsing aan de ambitie duurzaamheid is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:  Aandeel duurzame energie  CO2-reductie  Mate van energieneutraliteit  Aandeel hergebruik grondstoffen  Toekomstbestendig bouw en beheer

Sociale inclusiviteit Schinkelkwartier ondersteunt de ontwikkeling van de inclusieve en ongedeelde stad door segregatie op de woning- en arbeidsmarkt zoveel mogelijk te voorkomen. Door transformatie van Schinkelkwartier wordt het Amsterdamse stadsmilieu verder uitgebreid, zodat ook de wijken buiten de ring hiervan kunnen profiteren. Schinkelkwartier kan zo een ruimtelijk en maatschappelijke verbindingsfunctie vervullen tussen de stadsdelen Zuid en Nieuw-West en bijdragen aan sociale samenhang en gelijke kansen.

44

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Bij toetsing aan de ambitie sociale inclusiviteit’ is beoordeeld of sprake is van een positieve of negatieve impact op:  Verdeling woningbouwprogramma  Diversiteit aan arbeidsplaatsen  Aanbod maatschappelijke voorzieningen  Sociale samenhang met omliggende wijken

Ontwikkelstrategie De mate van sturing op de transformatie door de gemeente is van invloed op het behalen van de hiervoor gestelde ambities voor Schinkelkwartier. Bij de transformatieopgave hanteert de gemeente als algemeen sturingsprincipe ‘uitnodigingsplanologie’. De ontwikkelstrategie voor Schinkelkwartier moet zijn afgestemd op de uitgangssituatie van een gefragmenteerd gebied waarin ontwikkeling alleen mogelijk is als private eigenaren en ontwikkelaars investeren. Immers, de gemeente heeft weinig uitgeefbare grond in Schinkelkwartier, omdat de meeste grond in erfpacht is uitgegeven. Daarom wordt, afgestemd op de initiatieven en plannen in het gebied, op maat de nodige ontwikkelruimte gemaakt: ‘regisseren waar het moet en faciliteren waar het kan’. Vaak zullen particuliere acties in beperkte mate voorspelbaar zijn, zodat een maximale wendbaarheid vereist is in schaal, snelheid en programmering van het proces. De doorlooptijd van tenminste 25 jaar brengt wijzigingen in beleid en omstandigheden met zich mee. Het ontwikkelproces moet dus flexibiliteit bieden binnen duidelijke kaders en aansluiten op zowel interne als externe dynamiek.

Het primaire doel van de ontwikkelstrategie voor Schinkelkwartier is het scheppen van voorwaarden waarmee private initiatieven worden gestimuleerd:  Ten eerste is het van belang om de ruimtelijke structuur van het gebied vast te leggen door besluiten te nemen over het stedenbouwkundig raamwerk en bovenplanse maatregelen ten aanzien van de benodigde infrastructuur en de groen- en blauwstructuur.  Een tweede voorwaarde is het scheppen van de benodigde juridisch-planologische ruimte. Om gemengde bestemmingen en verdichting mogelijk te maken, is aanpassing van de huidige juridischplanologische kaders nodig. Vooralsnog wordt uitgegaan van het per geval faciliteren van concrete initiatieven die binnen de gemeentelijke kaders passen.  Ten derde moet de gemeente per deelgebied zelf investeringsruimte maken voor maatregelen in de openbare ruimte. Daarnaast is er de mogelijkheid om zelf actief te verwerven en te ontwikkelen. Dat kan nodig zijn om maatschappelijke voorzieningen zoals scholen, sportgebouwen of zorg te realiseren of om openbare ruimte aan te leggen.

45

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Methodiek OER Opzet van dit OER De transformatie van Schinkelkwartier neemt vele jaren in beslag. In dit OER zijn effecten van en keuzes voor de transformatie inzichtelijk gemaakt op basis van de meest recente inzichten en modellen. Deze geven een goede indicatie van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in de toekomst. De exacte effecten van individuele ontwikkelingsplannen moeten in een later stadium nog nader beschouwd worden. In de figuur is de opzet van dit OER gevisualiseerd. De vijf delen waaruit dit OER bestaat zijn in de volgende paragrafen nader toegelicht.

Figuur 4.1 – Schematische weergave methodiek OER

Het OER heeft drie kerntaken die helpen om richting te geven aan de transformatie van Schinkelkwartier: 1. Het biedt inzicht in de effecten van belangrijke keuzes op het gebied van de fysieke leefomgeving. 2. Het geeft een spelregelkader voor omgevingsaspecten om zo, gegeven de situatie in Schinkelkwartier, een zo hoog mogelijke kwaliteit van de fysieke leefomgeving te waarborgen en de geformuleerde ambities te behalen. 3. Het is een ‘levend’ OER. Dit betekent dat het OER flexibel en toekomstbestendig is, omdat het door middel van monitoring aangevuld kan worden door actualisatie van de leefomgevingsfoto, aanpassing van het spelregelkader, het treffen van aanvullende maatregelen en/of het maken van andere of nieuwe keuzes.

46

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Deel A – Algemeen In dit eerste deel van het OER (hoofdstuk 1 tot en met 4) zijn de aanleiding en een beschrijving van het plangebied opgenomen. Verder zijn de beleidskaders, de ambities, de uitgangspunten, het programma en de gehanteerde methodologie beschreven. Dit vormt daarmee het fundament voor de overige delen van het OER.

Deel B – Leefomgevingsfoto en effectbeoordeling transformatie In deel B is aan de hand van onderzoek de huidige situatie en referentiesituatie per thema van de fysieke leefomgeving in beeld gebracht. Hierdoor is een uitgebreid inzicht in de kwaliteit van de fysieke leefomgeving ontstaan. Dit is ook vormgegeven in een digitale leefomgevingsfoto. Vervolgens zijn op basis van een worst case benadering de effecten van de transformatie van Schinkelkwartier beschouwd. De huidige situatie, de referentiesituatie en de effecten van en op de transformatie zijn beschreven in de hoofdstukken 5 tot en met 8 van het OER. De thema’s van de fysieke leefomgeving zijn onderverdeeld in vier hoofdthema’s:  Duurzame inrichting  Mobiliteit  Gezonde en veilige leefomgeving  Energie en circulariteit

4.3.1 Leefomgevingsfoto In de huidige situatie en referentiesituatie zijn omgevingsaspecten van invloed op de transformatiemogelijkheden in Schinkelkwartier. Daarbij gaat het onder meer om geluidcontouren, veiligheidszones en richtafstanden, maar bijvoorbeeld ook om archeologische verwachtingswaarden, cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en waardevolle groenstructuren. Om de waarden, belemmeringen en aandachtsgebieden in de huidige situatie goed in kaart te brengen is een digitale leefomgevingsfoto opgesteld. In dit geografisch informatiesysteem (GIS) wordt in een oogopslag duidelijk waar rekening mee gehouden moet worden bij een concrete ontwikkeling in Schinkelkwartier. De leefomgevingsfoto is voor iedereen online toegankelijk. De leefomgevingsfoto is te bereiken via de volgende link: leefomgevingsfoto OER Schinkelkwartier.

4.3.2 Effectbeoordeling transformatie Na beschrijving van de huidige situatie en referentiesituatie is voor elk omgevingsaspect het effect van de transformatie van Schinkelkwartier in beeld gebracht. Dit is middels een worst case benadering gedaan. Met een worst case benadering is bedoeld dat de transformatie van Schinkelkwartier is beschouwd met het beoogde programma maar zonder stedenbouwkundig kader en zonder aanvullende maatregelen (bijvoorbeeld op het gebied van groen, water, mobiliteit en geluid). Zodoende is beoordeeld in hoeverre sprake is van verbetering of verslechtering ten opzichte van de referentiesituatie. De beoordeelde thema’s en bijbehorende omgevingsaspecten en criteria zijn in tabel 4.1 benoemd.

47

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Hoofdthema

Thema Bodem en ondergrond

Aspect Bodemopbouw Bodemkwaliteit Niet gesprongen explosieven Kabels en leidingen Oppervlaktewater

Water

Waterveiligheid Grondwater Waterkwaliteit

Duurzame inrichting

Hemelwater Landschap Landschap, groen en natuur

Cultuurhistorie en archeologie Bouwhoogte

Verkeer Mobiliteit

Groen Gebiedsbescherming Soortenbescherming Bomen Cultuurhistorie Archeologie Vliegveiligheid Windhinder Schaduwwerking Bereikbaarheid openbaar vervoer Bereikbaarheid fiets en voetganger Verkeersafwikkeling auto Modal split

Parkeren

Verkeersveiligheid Autoparkeren Fietsparkeren Industriegeluid

Wegverkeersgeluid snelwegen

Gezonde en veilige leefomgeving

Geluid en trillingen

Wegverkeersgeluid stedelijke wegen

Spoorweggeluid

Metrogeluid

Beoordelingscriterium Impact bodemopbouw Mate van bodemverontreiniging

Methodiek Kwalitatief Kwalitatief

Impact niet gesprongen explosieven

Kwalitatief

Impact aanwezige kabels en leidingen Impact op doorstroming en kwantiteit van oppervlaktewater Impact op bescherming tegen overstroming Impact op grondwater Mate van verontreiniging van oppervlakteen grondwater Mate van bescherming tegen intensieve regenbuien Impact op landschappelijk groen Mate waarin aan referentienorm groen wordt voldaan Impact op beschermde natuurgebieden Impact op beschermde soorten Impact op beeldbepalende bomen Impact op cultuurhistorische waarden Impact op archeologische waarden Impact op veiligheid vliegverkeer Mate waarin windhinder optreedt Mate waarin schaduwwerking optreedt Mate waarin de bereikbaarheid per openbaar vervoer wordt beïnvloed Mate waarin de bereikbaarheid voor fiets en voetganger wordt beïnvloed Mate waarin de verkeersafwikkeling per auto wordt beïnvloed Mate waarin de modal split verandert van auto naar openbaar vervoer/fiets Mate waarin het aantal ongevallen verandert Mate van parkeerdruk auto Mate van parkeerdruk fiets Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering in geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering in geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering in geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige

functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering in geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering in geluidbelasting (dB)

Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief Kwantitatief

48

Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier

Scheepvaartgeluid Luchtvaartgeluid Grondgeluid

Cumulatief geluid

Luchtkwaliteit

Trillingen Stikstofdioxide (NO2) Fijnstof (PM10 en PM2,5) Ultrafijnstof wegverkeer Ultrafijnstof luchtvaart

Geur Stof

Omgevingsveiligheid

Gezondheidsbescherming

Geurhinder Stofhinder Veiligheidsrisico’s inrichtingen Veiligheidsrisico’s snelwegen Veiligheidsrisico’s buisleidingen Veiligheidsrisico’s luchtvaart Hittestress Lichthinder Stralingshinder Sport

Gezondheidsbevordering

Bewegen Leefstijl Energievraag

Energie en circulariteit

Energie

Energiesysteem Energiepotentie

Grondstoffengebruik Afvalinzameling Tabel 4.1 – Overzichtstabel beoordelingskader omgevingsaspecten Circulariteit

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13512901/1