CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Legestabel 2022 met verschilkolom 2021 voor de raad.pdf

Raadscommissie voor Financiën, Economische Zaken, Deelnemingen, Lucht- en Zeehaven, Duurzaamheid 28 oktober 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen Legesverordening 2022 (ZD2021-011760)28.504 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

LEGESTABEL 2021

LEGESTABEL 2022

Tarief 2021

1. INFORMATIE

1. INFORMATIE

1.1 KOPIEËN, AFSCHRIFTEN EN FACTUREN Het tarief bedraagt voor afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: 1.1.1 per pagina op papier van A4‐formaat 1.1.2 per pagina op papier van A3‐formaat 1.1.3 factuur per post bij een online aanvraag voor een vergunning of ontheffing, bij Maatwerk. Hieronder wordt onder andere verstaan: de niet in bovenstaande tarieven opgenomen afdruk‐ of bestandsformaten, reproductie van details uit een analoog of digitaal bestand, overzetten van beeld en geluid en andere werkzaamheden die de gemeente Amsterdam als maatwerk beschouwt. Het tarief bedraagt voor maatwerk, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

1.1 KOPIEËN, AFSCHRIFTEN EN FACTUREN Het tarief bedraagt voor afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

Tariefs‐ wijziging

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent

€ 0,30 € 0,50 € 20,30

1.1.1 1.1.2 1.1.3

per pagina op papier van A4‐formaat € per pagina op papier van A3‐formaat € factuur per post bij een online aanvraag voor een vergunning of ontheffing, bij betaling achteraf € Maatwerk. Hieronder wordt onder andere verstaan: de niet in bovenstaande tarieven opgenomen afdruk‐ of bestandsformaten, reproductie van details uit een analoog of digitaal bestand, overzetten van beeld en geluid en andere werkzaamheden die de gemeente Amsterdam als maatwerk beschouwt. Het tarief bedraagt voor maatwerk, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

‐ ‐ ‐

€ 0,30 € 0,50 € 20,60

1.1.4

per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier Bijzondere bepalingen: Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van informatie over zakelijkrecht‐gegevens en/of kadastrale percelen en/of verblijfsopbjecten en/of gebouwen uit het verzamelbestand van de Basisvoorziening Vastgoed Amsterdam:

€ 21,40

1.1.4

per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier Bijzondere bepalingen:

€

‐

€ 21,70

1.1.5

per schermprint per perceelnummer; per kadastrale aanduiding of huisnummer per perceel; of per verblijfsobject/adres voor een opgave van een bouwjaar, bestemming en/of bouwkundige indeling

€ 8,10

1.1.5

‐

€ 8,20

1.1.6

het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verrichten van onderzoek in het bij de gemeente Amsterdam berustend materiaal, ongeacht het resultaat, per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier

€ 21,40

1.1.6

€ Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van informatie over zakelijkrecht‐gegevens en/of kadastrale percelen en/of verblijfsobjecten en/of gebouwen uit het verzamelbestand van de Basisvoorziening Vastgoed Amsterdam: per schermprint per perceelnummer; per kadastrale aanduiding of huisnummer per perceel; of per verblijfsobject/adres voor een opgave van een bouwjaar, bestemming en/of bouwkundige indeling Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verrichten van onderzoek in het € bij de gemeente Amsterdam berustend materiaal, ongeacht het resultaat, per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier

‐

€ 21,70

€

‐

€ 0,00

€

‐

€ 0,00

1.2 VERSTREKKEN VAN INFORMATIE Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 1.2.1

het op verzoek verstrekken van een protocollijst

1.2 VERSTREKKEN VAN INFORMATIE Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: € 0,00

1.2.1

het op verzoek verstrekken van een protocollijst

2. BURGERZAKEN

2. BURGERZAKEN

2.1 BURGERLIJKE STAND

2.1 BURGERLIJKE STAND

2.1.1 HUWELIJKSVOLTREKKING / GEREGISTREERD PARTNERSCHAP 2.1.1.1 Het tarief bedraagt voor een aanvraag tot huwelijksvoltrekking, een aanvraag tot het registreren van een partnerschap of een aanvraag tot het omzetten van een partnerschap in een huwelijk op grond van artikel 4 van de Wet rechten burgerlijke stand Het tarief bedraagt voor een aanvraag tot huwelijksvoltrekking, een aanvraag tot het registreren van een partnerschap of een aanvraag tot het omzetten van een partnerschap in een huwelijk op een andere tijd of op een andere wijze dan waarop deze ingevolge 2.1.1.1 kosteloos plaatsheeft: 2.1.1.2 2.1.1.3 2.1.1.4

maandag t/m vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur ‐ op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie (max.1 uur) maandag t/m vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur ‐ op een Stadsloket met een budgetceremonie (max. 10 min.) in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente), ma t/m vrij tussen 08:00 en 18:00 uur

€ 0,00

2.1.1 HUWELIJKSVOLTREKKING / GEREGISTREERD PARTNERSCHAP 2.1.1.1 Het tarief bedraagt voor een huwelijksvoltrekking, een registratie van een partnerschap of een omzetting van een partnerschap in een huwelijk op grond van artikel 4 van de Wet rechten burgerlijke stand

2.1.1.2

Het tarief bedraagt voor een huwelijksvoltrekking, een registratie van een partnerschap of een omzetting van een partnerschap in een huwelijk op een andere tijd of op een andere wijze dan waarop deze ingevolge onderdeel 2.1.1.1 kosteloos plaatsheeft:

€ 792,20

2.1.1.2.1

maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur:

€

‐

€ 804,10

€ 168,80

2.1.1.2.2

maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten:

€

‐

€ 171,35

€ 752,60

2.1.1.2.3

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag t/m vrijdag tussen 08:00 en 18:00 € uur:

‐

€ 763,90

LEGESTABEL 2021

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

Tariefs‐ wijziging

2.1.1.5

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente), ma t/m vrij tussen 18:00 en 08:00 uur en zaterdag, zondag en officiële feestdagen

€ 975,30

2.1.1.2.4

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen

€

2.1.1.6

in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek

€ 458,70

2.1.1.2.5

in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek

€ ‐287,35

€ 171,35

2.1.1.7 2.1.1.8

bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie Bij annulering van een gereserveerde huwelijksdatum / datum om partnerschap te registreren / datum om partnerschap om te zetten in een huwelijk geldt het volgende: bij annulering van 15 dagen of meer voorafgaande aan de plechtigheid worden alle betaalde leges terugbetaald

€ 68,10

2.1.1.2.6

bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie

€

€ 69,10

2.1.1.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk ‐ zoals bedoeld in onderdeel 2.1.1.2 ‐ te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 7 dagen of minder voorafgaand aan die gereserveerde datum:

2.1.1.3.1 2.1.1.3.2

maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten.

€ 804,10 € 171,35

2.1.1.3.3

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk ‐ zoals bedoeld in onderdeel 2.1.1.2 ‐ te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 8 tot en met 14 dagen voorafgaand aan die gereserveerde datum:

€ 763,90

2.1.1.3.4 2.1.1.3.5 2.1.1.3.6 2.1.1.4

bij annulering van 8 tot en met 14 dagen voorafgaand aan de plechtigheid wordt 50% van de betaalde leges terugbetaald

2.1.1.4.1 2.1.1.4.2 2.1.1.4.3 2.1.1.4.4 2.1.1.4.5 2.1.1.4.6 2.1.1.5

bij annulering van 7 dagen of minder voorafgaand aan de plechtigheid wordt 0% van de betaalde leges terugbetaald

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 2.1.1.9 2.1.1.10 2.1.1.11 2.1.1.12 2.1.1.13

het aanwijzen van een locatie als huis der gemeente Het tarief bedraagt voor het verstrekken van: een trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering een trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

€ 451,50

2.1.1.6

€ 27,50 € 34,60 € 82,40 € 108,80

‐

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 989,95

‐

€ 989,95 € 171,35 € 69,10

maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie € Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 15 dagen of meer voorafgaand aan die gereserveerde datum: Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

€ 402,05 € 85,65 € 381,95 € 494,95

‐

€ 85,65 € 34,55 € 0,00

€

‐

€ 458,25

2.1.1.7 2.1.1.8 2.1.1.9

het aanwijzen van een locatie als huis der gemeente Het tarief bedraagt voor het verstrekken van: een trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering een trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering

€ € €

‐ ‐ ‐

€ 27,90 € 35,10 € 83,65

2.1.1.10

een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering

€

‐

€ 110,45

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

LEGESTABEL 2021

2.1.1.14

éénmalige benoeming tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand (babs) voor een bepaald huwelijk/partnerschap

2.1.2 VERKLARING HUWELIJKSBEVOEGDHEID EN AKTEN Voor het verstrekken van: 2.1.2.1 een verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand. 2.1.2.2 een uittreksel of afschrift van een akte van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand. 2.1.2.3 een meertalig formulier van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand. 2.1.2.4 een meertalig formulier van een uittreksel of afschrift als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Tarief 2021

€ 253,20

€ 24,60

LEGESTABEL 2022

2.1.1.11

een éénmalige benoeming tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor een bepaald huwelijk of partnerschap

€ 24,60

€ 14,00

2.1.2.2

een uittreksel of afschrift van een akte van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Volgt rijkstarief

€ 14,00

€ 18,90

2.1.2.3

een meertalig formulier van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Volgt rijkstarief

€ 18,90

€ 14,00

2.1.2.4

een meertalig formulier van een uittreksel of afschrift als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Volgt rijkstarief

€ 14,00

Volgt rijkstarief

€ 56,55

2.2.1 PASPOORT Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 2.2.1.1 het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar; en het verstrekken van een reisdocument voor vluchtelingen of voor vreemdelingen aan een persoon, ongeacht leeftijd (max. 5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

2.2.1 PASPOORT

2.2.1.3

2.2.1.4

2.2.1.5

2.2.1.6

2.2.2 NEDERLANDSE IDENTITEITSKAART Voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet en artikel 6 besluit paspoortgelden:

‐

Volgt rijkstarief

2.2 REISDOCUMENTEN

het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van verstrekken jonger dan 18 jaar is (max.

5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden een spoedlevering van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.4 genoemde documenten worden de betreffende tarieven verhoogd met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden het bezorgen van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.5 genoemde documenten is de toeslag (afgerond [naar beneden] op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 257,00

2.1.2 VERKLARING HUWELIJKSBEVOEGDHEID EN AKTEN Voor het verstrekken van: 2.1.2.1 een verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

2.2 REISDOCUMENTEN

2.2.1.2

Tariefs‐ wijziging

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar; en het verstrekken van een reisdocument voor vluchtelingen of voor vreemdelingen aan een persoon, ongeacht leeftijd (max. 5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 56,55

2.2.1.1

€ 74,75

2.2.1.2

het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt rijkstarief

€ 74,75

€ 74,75

2.2.1.3

het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal Volgt bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van rijkstarief verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 74,75

€ 56,55

2.2.1.4

het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal Volgt bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van rijkstarief verstrekken jonger dan 18 jaar is (max. 5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 56,55

2.2.1.5

een spoedlevering van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.4 genoemde documenten worden de betreffende tarieven verhoogd met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt rijkstarief

Volgt rijkstarief

2.2.1.6

het bezorgen van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.5 genoemde documenten is de toeslag (afgerond [naar beneden] Volgt op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden rijkstarief

Volgt rijkstarief

2.2.2 NEDERLANDSE IDENTITEITSKAART Voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet en artikel 6 besluit paspoortgelden:

LEGESTABEL 2021

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

Tariefs‐ wijziging

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 32,90

2.2.2.1

voor een persoon die op het moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar (5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 32,90

2.2.2.1

voor een persoon die op het moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar (5 jaar geldig) geldt het ten hoogste Volgt te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit rijkstarief paspoortgelden

2.2.2.2

voor een persoon die op het moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 64,00

2.2.2.2

voor een persoon die op het moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (10 jaar geldig) geldt het ten hoogste Volgt te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit rijkstarief paspoortgelden

€ 64,00

2.2.2.3

worden bij spoedlevering de tarieven, genoemd in 2.2.2.1 en 2.2.2.2, vermeerderd met met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden is voor het bezorgen van de onder 2.2.2.1 t/m 2.2.2.3 genoemde documenten de toeslag (afgerond [naar beneden] op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

€ 50,90

2.2.2.3

worden bij spoedlevering de tarieven, genoemd in 2.2.2.1 en 2.2.2.2, vermeerderd met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt rijkstarief

€ 50,90

€ 16,05

2.2.2.4

is voor het bezorgen van de onder 2.2.2.1 t/m 2.2.2.3 genoemde documenten de toeslag (afgerond [naar beneden] op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt rijkstarief

€ 16,05

Volgt rijkstarief

€ 41,00

2.2.2.4

2.3 RIJBEWIJZEN Voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 2.3.1 voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent (het bedrag dat de gemeenten moeten afdragen aan de Dienst Wegverkeer als vergoeding van de productiekosten van het rijbewijs), afgerond naar beneden op vijf cent 2.3.2

2.3.3

2.3.4

voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs via de Rijksdienst voor het Wegverkeer geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent, afgerond naar beneden op vijf cent van een spoedlevering van de onder 2.3.1 en 2.3.2 genoemde documenten wordt het legesbedrag verhoogd met het bedrag conform de door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde RDW‐rijbewijstarieven voor 2020, afgerond naar beneden op vijf cent voor de afgifte van een gezondheidsverklaring geldt het door het CBR vastgestelde tarief (staat vermeld op de gezondheidsverklaring)

2.4 VERSTREKKINGEN UIT DE BASISREGISTRATIE PERSONEN Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen op of na 1 januari 1994: 2.4.1 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen voor 1 januari 1994: 2.4.2 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor verstrekking van een uittreksel uit de Registratie Niet‐Ingezetenen (RNI): 2.4.3 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 2.4.4

het op verzoek van een persoon of organisatie doornemen van de Basisregistratie Personen (BRP), per afgifte van staat van inlichtingen

2.3 RIJBEWIJZEN Voor het in behandeling nemen van een aanvraag: voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent zijnde het bedrag dat de gemeenten moeten afdragen aan de Dienst Wegverkeer als vergoeding van de productiekosten van het rijbewijs, afgerond naar beneden op vijf cent

€ 41,00

2.3.1

€ 41,00

2.3.2

voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs via de Rijksdienst voor het Wegverkeer geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent, afgerond naar beneden op vijf cent

Volgt rijkstarief

€ 41,00

€ 34,10

2.3.3

van een spoedlevering van de onder 2.3.1 en 2.3.2 genoemde documenten wordt het legesbedrag verhoogd met het bedrag conform de door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde RDW‐ rijbewijstarieven, afgerond naar beneden op vijf cent

Volgt rijkstarief

€ 34,10

2.3.4

voor de afgifte van een gezondheidsverklaring geldt het door het CBR vastgestelde tarief welke staat vermeld op de gezondheidsverklaring.

€

‐

€ 21,70

€

‐

€ 29,95

€

‐

€ 21,70

€

‐

€ 70,25

€ 21,40

€ 29,50

€ 21,40

€ 69,20

2.4 VERSTREKKINGEN UIT DE BASISREGISTRATIE PERSONEN Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen op of na 1 januari 1994: 2.4.1 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen voor 1 januari 1994: 2.4.2 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor verstrekking van een uittreksel uit de Registratie Niet‐Ingezetenen (RNI): 2.4.3 per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 2.4.4

het op verzoek van een persoon of organisatie doornemen van de Basisregistratie Personen (BRP), per afgifte van staat van inlichtingen

LEGESTABEL 2021

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

2.5.2 2.5.3 2.5.4 2.5.5 2.5.6 2.5.7 2.5.8 2.5.9 2.5.10 2.5.11

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgifte van: een bewijs van in leven zijn een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) een "laissez‐passer" (lijkenpas) een verlof voor het bespoedigen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging een verlof voor het uitstellen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging een legalisatie van een handtekening het waarmerken van afschriften (certificaat van oorsprong) een verklaring betreffende woonplaats of hoofdverblijf als bedoeld in artikel 8, lid 1, sub c van de Rijkswet op het Nederlanderschap 1984 een bewijs van Nederlanderschap waarbij ‐ indien voormeld bewijs van Nederlanderschap is bestemd voor meer dan één persoon ‐ het bedrag in 2.5.10 voor elk persoon meer wordt verhoogd met

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgifte van een attestatie de vita als bedoeld in artikel 2 Volgt van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten rijkstarief burgerlijke stand.

€ 14,00

‐ Indien op aanvraag werkzaamheden moeten worden verricht, bijvoorbeeld omdat gegevens of gegevensverzamelingen moeten worden geraadpleegd of bewerkt dan wel omdat de aanvraag een van de gebruikelijke wijze afwijkende presentatie behelst, wordt voorafgaand aan de behandeling van de aanvraag met de aanvrager contractueel een bedrag overeengekomen. ‐ Voor de toepassing van het gestelde onder 2.4.1 tot en met 2.4.3 wordt verstaan onder één verstrekking: één of meer gegeven(s) omtrent één persoon voor wie de Basisregistratie personen (BRP) moet worden geraadpleegd.

2.5 VERKLARINGEN Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgite van een attestatie de vita als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent

Bijzondere bepalingen:

Bijzondere bepalingen: Indien op aanvraag werkzaamheden moeten worden verricht, bijvoorbeeld omdat gegevens of gegevensverzamelingen moeten worden geraadpleegd of bewerkt dan wel omdat de aanvraag een van de gebruikelijke wijze afwijkende presentatie behelst, wordt voorafgaand aan de behandeling van de aanvraag met de aanvrager contractueel een bedrag overeengekomen. Voor de toepassing van het gestelde onder 2.4.1 tot en met 2.4.2 wordt verstaan onder één verstrekking van één of meer gegevens omtrent één persoon voor wie de Basisregistratie personen (BRP) moet worden geraadpleegd.

2.5.1

Tariefs‐ wijziging

2.5 VERKLARINGEN € 14,00

2.5.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgifte van: € 21,40 € 41,35

2.5.2 2.5.3

een bewijs van in leven zijn een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)

€ 21,40 € 21,40

2.5.4 2.5.5

€ 21,40

2.5.6

€ 21,40 € 21,40 € 21,40

2.5.7 2.5.8 2.5.9

€ 21,40 € 2,00

2.5.10 2.5.11

een "laissez‐passer" (lijkenpas) een verlof voor het bespoedigen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging een verlof voor het uitstellen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging een legalisatie van een handtekening het waarmerken van afschriften (certificaat van oorsprong) een verklaring betreffende woonplaats of hoofdverblijf als bedoeld in artikel 8, lid 1, sub c van de Rijkswet op het Nederlanderschap 1984 een bewijs van Nederlanderschap ten behoeve van één persoon een bewijs van Nederlanderschap dat is bestemd voor meer dan één persoon: het bedrag in 2.5.10, vermeerderd met het hierna vermelde tarief voor elke extra persoon

2.6 NATURALISATIE Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het afleggen van een optie ter verkrijging van het Nederlanderschap, alsmede voor de behandeling van een naturalisatieverzoek worden de hierna genoemde tarieven geheven:

€ ‐ Volgt rijkstarief € ‐ € ‐

€ 21,70 € 41,35 € 21,70 € 21,70

€

‐

€ 21,70

€ € €

‐ ‐ ‐

€ 21,70 € 21,70 € 21,70

€ €

‐ ‐

€ 21,70 € 2,00

2.6 NATURALISATIE Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het afleggen van een optie ter verkrijging van het Nederlanderschap, alsmede voor de behandeling van een naturalisatieverzoek worden de hierna genoemde tarieven geheven:

2.6.1

optie, per persoon (tariefcode A), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 196,00

2.6.1

voor een optie, per persoon (tariefcode A), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Volgt rijkstarief

€ 196,00

2.6.2

optie, samen met partner (tariefcode B), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 335,00

2.6.2

voor een optie, samen met partner (tariefcode B), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Volgt rijkstarief

€ 335,00

2.6.3

optie, per mede‐opterend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode C), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 22,00

2.6.3

voor een optie, per mede‐opterend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode C), het tarief zoals dat is Volgt opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de rijkstarief Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 22,00

LEGESTABEL 2021

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

Tariefs‐ wijziging

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 925,00

2.6.4

naturalisatie, per persoon (tariefcode D), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 925,00

2.6.4

voor een naturalisatie, per persoon (tariefcode D), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Volgt rijkstarief

2.6.5

naturalisatie, samen met partner (tariefcode E), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 naturalisatie, per vluchteling of staatloze (tariefcode F), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 naturalisatie, vluchteling of staatloze samen met partner (tariefcode G), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 naturalisatie, per meenaturaliserend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode H), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 1.181,00

2.6.5

voor een naturalisatie, samen met partner (tariefcode E), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Volgt rijkstarief

€ 1.181,00

€ 688,00

2.6.6

voor een naturalisatie, per vluchteling of staatloze (tariefcode F), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Volgt rijkstarief

€ 688,00

€ 945,00

2.6.7

voor een naturalisatie van een vluchteling of staatloze samen met partner (tariefcode G), het tarief zoals dat is Volgt opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de rijkstarief Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 945,00

€ 137,00

2.6.8

voor een naturalisatie, per meenaturaliserend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode H), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

€ 137,00

2.6.6

2.6.7

2.6.8

Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot afgifte van een garantstelling indien een burger voor een derde ‐ niet woonachtig in Nederland ‐ garant wenst te staan en/of deze derde onderdak wenst te bieden bedraagt het tarief:

Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot afgifte van een garantstelling indien een burger voor een derde ‐ niet woonachtig in Nederland ‐ garant wenst te staan en/of onderdak wenst te bieden: 2.6.9

per handtekening, waarbij in geval van ontvangst van een echtgeno(o)te, dan wel geregistreerd partner, beide partners een handtekening dienen te zetten

Volgt rijkstarief

€ 21,40

2.6.9

per handtekening, waarbij in geval van ontvangst van een echtgeno(o)te, dan wel geregistreerd partner, beide € partners een handtekening dienen te zetten

3.1 OMGEVINGSVERGUNNING Berekeningswijze leges omgevingsvergunning. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning in de zin van de Wet algemene bepalingen omgevingsvergunning (Wabo) voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.5, lid 1, van de Wabo (eerste en tweede fase) wordt op dezelfde wijze berekend als bovenstaand aangegeven.

3.1 OMGEVINGSVERGUNNING Berekeningswijze leges omgevingsvergunning. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning in de zin van de Wet algemene bepalingen omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.5, lid 1, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (eerste en tweede fase) wordt op dezelfde wijze berekend als bovenstaand aangegeven.

3.1.1 ALGEMENE TARIEVEN

3.1.1 ALGEMENE TARIEVEN

‐

€ 21,70

3.1.1.1

Het tarief bedraagt voor het beoordelen van een conceptaanvraag voor een omgevingsvergunning (schriftelijke reactie op verzoek over de haalbaarheid van een voorgenomen project): De geheven leges voor een conceptaanvraag worden in mindering gebracht op de leges die worden geheven voor een omgevingsvergunningaanvraag voor het zelfde project indien de omgevingsvergunningaanvraag wordt ingediend binnen 26 weken na de datum van afhandeling van het verzoek voor de beoordeling van een conceptaanvraag.

€ 220,70

3.1.1.1

€ Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptaanvraag voor een omgevingsvergunning (reactie op verzoek over de haalbaarheid van een voorgenomen project) bedraagt: De geheven leges voor het in behandeling nemen van een conceptaanvraag worden in mindering gebracht op de leges die worden geheven voor een omgevingsvergunningaanvraag voor het zelfde project indien de omgevingsvergunningaanvraag wordt ingediend binnen 26 weken nadat de conceptaanvraag inhoudelijk is beoordeeld.

‐

€ 224,00

3.1.1.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek om bepaling van gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 1.3 van het Bouwbesluit 2012 bedraagt:

€ 699,70

3.1.1.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek om bepaling van gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 1.3 van het Bouwbesluit 2012 bedraagt:

€

‐

€ 710,20

3.1.1.3

Het tarief bedraagt voor het intrekken van een aanvraag omgevingsvergunning die nog niet is getoetst op volledigheid

€ 50,90

3.1.1.3

Het tarief voor het intrekken van een aanvraag omgevingsvergunning of conceptaanvraag omgevingsvergunning die nog niet is getoetst op volledigheid, bedraagt:

€

‐

€ 51,65

LEGESTABEL 2021

3.1.2 ACTIVITEIT: BOUWEN Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a. van de Wabo (bouwen) wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel wanneer geen sprake is van een civieltechnisch werk (zoals bedoeld in 3.1.2.7) 3.1.2.1 3.1.2.2

schijf 1 ‐ bij bouwkosten van € 0 tot en met € 50.000: 3,05% van de bouwkosten, met een minimumtarief van € 250 schijf 2 ‐ bij bouwkosten van € 50.000 tot en met € 500.000 wordt het tarief van schijf 1 over de bij die schijf genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 4,07% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 2

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

Tariefs‐ wijziging

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent

3.1.2 ACTIVITEIT: BOUWEN Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a. van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (bouwen) wordt, wanneer geen sprake is van een civieltechnisch werk zoals bedoeld in onderdeel 3.1.2.7., bepaald aan de hand van onderstaande tabel 3.1.2.1 3.1.2.2

schijf 1 ‐ bij bouwkosten van € 0 tot en met € 50.000: 3,10% van de bouwkosten, met een minimumtarief van € 250 schijf 2 ‐ bij bouwkosten van € 50.000 tot en met € 500.000 wordt het tarief van schijf 1 over de bij die schijf genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 4,13% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 2

nvt nvt

3.1.2.3

schijf 3 ‐ bij bouwkosten van € 500.000 tot en met € 5.000.000 wordt het tarief van de schijven 1 en 2 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 3,36% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 3

3.1.2.3

schijf 3 ‐ bij bouwkosten van € 500.000 tot en met € 5.000.000 wordt het tarief van de schijven 1 en 2 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 3,41% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 3

nvt

3.1.2.4

schijf 4 ‐ bij bouwkosten van € 5.000.000 tot en met € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2 en 3 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 2,64% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 4

3.1.2.4

schijf 4 ‐ bij bouwkosten van € 5.000.000 tot en met € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2 en 3 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 2,68% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 4

nvt

3.1.2.5

schijf 5 ‐ bij bouwkosten vanaf € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2, 3 en 4 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 1,53% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 5

3.1.2.5

schijf 5 ‐ bij bouwkosten vanaf € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2, 3 en 4 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 1,55% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 5

nvt

3.1.2.6

In afwijking van het bepaalde onder 3.1.2.1 tot en met 3.1.2.5, wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een aanvraag voor de verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd afgegeven tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunning conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Bij de vaststelling van het bedrag dat dient te worden voldaan, wordt een minimum van € 250 gehanteerd. Voorts wordt een maximum van € 25.000 gehanteerd. De verlenging wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend.

3.1.2.6

In afwijking van het bepaalde in de onderdelen 3.1.2.1 tot en met 3.1.2.5, wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een aanvraag voor een tijdelijke verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd in behandeling genomen tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunningaanvraag conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Bij de vaststelling van het bedrag dat dient te worden voldaan, wordt een minimum van € 250 gehanteerd. Voorts wordt een maximum van € 25.000 gehanteerd. De verlenging van de vergunning voor bepaalde tijd wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend.

LEGESTABEL 2021

3.1.2.7

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a, van de Wabo (bouwen) voor een bouwactiviteit die betrekking heeft op een civieltechnisch werk, berekend op basis van een vast bedrag per € 100.000 van de bouwkosten. De bouwkostensom wordt voor de berekening van het te heffen bedrag, omlaag afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van € 100.000. Het tarief dat per € 100.000 van de bouwkostensom in rekening wordt gebracht bedraagt: Voorbeelden van civieltechnische werken zijn wegen, bruggen, tunnels, viaducten, sluizen en dergelijke.

Tarief 2021

€ 731,20

LEGESTABEL 2022

3.1.2.7

Tariefs‐ wijziging

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet voor een bouwactiviteit die betrekking heeft op een civieltechnisch werk conform de hierna opgenomen omschrijving en opsomming, bedraagt € 731,20 per € 100.000 van de bouwkosten, waarbij de bouwkostensom voor de berekening naar beneden wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van € 100.000, met een minimum van € 731,20.

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 742,15

Onder civieltechnisch werken wordt voor de toepassing van dit onderdeel verstaan: a.) Een bouwwerk dat geen gebouw is als bedoeld in artikel 1 van de Woningwet, een openbare en/of maatschappelijke functie vervuld en tevens is opgenomen in de volgende limitatieve opsomming: 1.) Spoor‐ en weginfrastructuur inclusief de bijbehorende kunstwerken zijnde wegen, tunnels, bruggen, viaducten, geluidsschermen; 2.) Waterinfrastructuur zijnde havens, kanalen, rivieren, sluizen, aquaducten, duikers, stuwen, gemalen, steigers, kademuren en keermuren; b.) De terreinvoorbereiding behorend bij de bouwwerken zoals benoemd in onderdeel a.); c.) De openbare terreininrichting behorend bij de bouwwerken zoals benoemd in onderdeel a.); d.) Installaties benodigd voor een goede werking van de infrastructuur, genoemd in onderdeel a.), waaronder tevens wordt begrepen een bedieningsgebouw voor zover de functie van het gebouw ziet op de bediening van de benodigde installaties. Indien een aanvraag voor een omgevingsvergunning gedeeltelijk betrekking heeft op een civieltechnisch werk kan de aanvrager de bouwkosten gemotiveerd uitsplitsen tussen het deel dat betrekking heeft op een civieltechnisch werk en het deel dat geen betrekking heeft op een civieltechnisch werk. De uitsplitsing kan als bijlage bij de aanvraag worden ingediend.

In dat geval worden de tarieven, genoemd in onderdelen 3.1.2.1 tot en met 3.1.2.5 berekend over het totaal van de bouwkosten verminderd met het deel van de bouwkosten dat betrekking heeft op het civieltechnisch werk. Het tarief, genoemd in onderdeel 3.1.2.7 wordt berekend over de bouwkosten die betrekking hebben op het civieltechnisch werk.

3.1.2.8

In afwijking van het bepaalde onder 3.1.2.7, wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor een civieltechnisch werk voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd afgegeven tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunning conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Hierbij geldt een minimum tarief van € 500 en een maximum tarief van € 25.000. De verlenging wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend.

3.1.3 ACTIVITEIT: AFWIJKEN BESTEMMINGSPLAN Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 3.1.3.1 een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wabo in samenhang met artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 1, resp. onder d (activiteit in strijd met het bestemmingsplan of de beheersverordening, respectievelijk een voorbereidingsbesluit in bij het plan of de verordening, respectievelijk het besluit aangegeven gevallen/binnenplanse afwijking) (afwijkingsbesluit A1): 3.1.3.2

3.1.3.3

3.1.3.4

een omgevingsvergunning als bedoeld in de artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wabo in samenhang met artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 2 (bij AMvB aangewezen gevallen van buitenplanse afwijking van beperkte planologische betekenis) (afwijkingsbesluit A2): een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wabo in samenhang met artikel 2.10, lid 2, 2.11, lid 2 en 2.12, lid 1, onder a, sub 3 (buitenplanse afwijking) (afwijkingsbesluit A3): een verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 2.27 van de Wabo:

3.1.4 ACTIVITEIT: AANLEGGEN

3.1.2.8

€ 367,10

In afwijking van het bepaalde onder 3.1.2.7, wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor een civieltechnisch werk voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd afgegeven tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunning conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Hierbij geldt een minimum tarief van € 500 en een maximum tarief van € 25.000. De verlenging wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend.

3.1.3 ACTIVITEIT: AFWIJKEN BESTEMMINGSPLAN Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 3.1.3.1 een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet in samenhang met artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 1, resp. onder d: activiteit in strijd met het bestemmingsplan of de beheersverordening, respectievelijk een voorbereidingsbesluit in bij het plan of de verordening, respectievelijk het besluit aangegeven gevallen/binnenplanse afwijking (afwijkingsbesluit A1):

€

‐

€ 372,60

€ 367,10

3.1.3.2

een omgevingsvergunning als bedoeld in de artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wet algemene bepalingen € omgevingswet in samenhang met artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 2: bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen van buitenplanse afwijking van beperkte planologische betekenis (afwijkingsbesluit A2):

‐

€ 372,60

€ 3.142,50

3.1.3.3

€

‐

€ 3.189,65

€ 733,30

3.1.3.4

een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet in samenhang met artikel 2.10, lid 2, 2.11, lid 2 en 2.12, lid 1, onder a, sub 3: buitenplanse afwijking. (afwijkingsbesluit A3): een verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 2.27 van de Wet algemene bepalingen omgevingswet:

€

‐

€ 744,30

3.1.4 ACTIVITEIT: AANLEGGEN

LEGESTABEL 2021

3.1.4.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder b, van de Wabo (uitvoeren van werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden, in gevallen bij bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit bepaald):

3.1.5 ACTIVITEIT: SLOPEN 3.1.5.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder g, van de Wabo (slopen bouwwerk voorzien in bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit):

3.1.6 ACTIVITEIT: VELLEN HOUTOPSTAND Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, onder g, van de Wabo in samenhang met de vigerende artikelen uit de Bomenverordening 2014 (vellen of laten vellen van houtopstand) voor: 3.1.6.1 1 t/m 5 bomen 3.1.6.2 6 t/m 10 bomen 3.1.6.3 11 t/m 25 bomen 3.1.6.4 26 t/m 50 bomen 3.1.6.5 meer dan 50 bomen 3.1.6.6 jaarvergunning 3.1.7 ACTIVITEIT: MONUMENTEN 3.1.7.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder f, en/of h, dan wel artikel 2.2, lid 1, onder b, en/of c, van de Wabo in samenhang met artikel 10 Erfgoedverordening Amsterdam (monument resp. beschermd stads‐ of dorpsgezicht)

Tarief 2021

€ 262,40

€ 235,90

LEGESTABEL 2022

3.1.4.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder b, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (uitvoeren van werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden, in gevallen bij bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit bepaald):

€ 128,10 € 208,50 € 262,40 € 314,30 € 471,90 € 471,90

€ 220,70

3.1.6.1 3.1.6.2 3.1.6.3 3.1.6.4 3.1.6.5 3.1.6.6

1 t/m 5 bomen 6 t/m 10 bomen 11 t/m 25 bomen 26 t/m 50 bomen meer dan 50 bomen jaarvergunning

3.1.7 ACTIVITEIT: MONUMENTEN 3.1.7.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder f, en/of h, dan wel artikel 2.2, lid 1, onder b, en/of c, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet in samenhang met artikel 10 Erfgoedverordening Amsterdam (monument respectievelijk) beschermd stads‐ of dorpsgezicht:

3.1.8.1 DAGVERBLIJF Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen is het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder d, van de Wabo, in samenhang met artikel 2.2, lid 1, onder b, van het Besluit omgevingsrecht, afhankelijk van het bij de beschikking op de aanvraag vast te stellen maximaal toelaatbare aantal personen en bedraagt het tarief:

3.1.8.1 DAGVERBLIJF Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen is het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder d, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet, in samenhang met artikel 2.2, lid 1, onder b, van het Besluit omgevingsrecht, afhankelijk van het bij de beschikking op de aanvraag vast te stellen maximaal toelaatbare aantal personen en bedraagt het tarief:

3.1.8.2 NACHTVERBLIJF

‐

€ 239,45

€ € € € € €

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

€ 130,00 € 211,65 € 266,35 € 319,00 € 479,00 € 479,00

€

‐

€ 224,00

€ € € € €

‐ ‐ ‐ ‐ ‐

€ 1.451,35 € 2.539,35 € 3.353,75 € 3.884,40 € 4.032,00

€

3.1.6 ACTIVITEIT: VELLEN HOUTOPSTAND Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, onder g, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (Wabo) in samenhang met de vigerende artikelen van de Bomenverordening 2014 (vellen of laten vellen van houtopstand) voor:

3.1.8 ACTIVITEIT: BRANDVEILIG GEBRUIK

tot en met 100 personen 101‐200 personen 201‐300 personen 301‐400 personen meer dan 400 personen

‐

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent € 266,35

3.1.5 ACTIVITEIT: SLOPEN € 3.1.5.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder g, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (slopen bouwwerk voorzien in bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit):

3.1.8 ACTIVITEIT: BRANDVEILIG GEBRUIK

3.1.8.1.1 3.1.8.1.2 3.1.8.1.3 3.1.8.1.4 3.1.8.1.5

Tariefs‐ wijziging

€ 1.429,90 € 2.501,80 € 3.304,20 € 3.827,00 € 3.972,40

3.1.8.1.1 3.1.8.1.2 3.1.8.1.3 3.1.8.1.4 3.1.8.1.5

tot en met 100 personen 101‐200 personen 201‐300 personen 301‐400 personen meer dan 400 personen

3.1.8.2 NACHTVERBLIJF

LEGESTABEL 2021

Tarief 2021

LEGESTABEL 2022

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen is het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder d, van de Wabo in samenhang met artikel 2.2, lid 1, onder a, van het Besluit omgevingsrecht in verband met artikel 4.1 van de Bouwverordening Amsterdam 2013, afhankelijk van het bij de beschikking op de aanvraag vast te stellen maximaal toelaatbare aantal personen/bedden en bedraagt het tarief: 3.1.8.2.1 3.1.8.2.2 3.1.8.2.3 3.1.8.2.4 3.1.8.2.5 3.1.8.2.6

0‐25 personen 26‐50 personen 51‐100 personen 101‐200 personen 201‐300 personen meer dan 300 personen

3.1.9.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning, goedkeuring, verklaring, afwijking of een andere dienst die samenhangt met een project in de fysieke leefomgeving, voor zover daarvoor niet elders in deze tarieventabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: Voor een aanvraag die, naar het oordeel van het Dagelijks Bestuur / College van burgemeester en wethouders, kan worden beschouwd als een aanvraag voor eenzelfde activiteit als waarvoor ten hoogste zes maanden voor de datum van ontvangst van deze aanvraag de vergunning is geweigerd en waarin de grondslag voor die weigering is opgeheven, wordt teruggaaf van 50% van de voor die aanvraag geheven leges verleend (vermindering leges 2e aanvraag voor eenzelfde activiteit), met dien verstande dat het te betalen legesbedrag nooit minder is dan € 250. Deze bepaling is niet van toepassing op aanvragen als bedoeld in par. 3.1.6 (vellen houtopstand).

3.1.9.3

Het tarief voor een aanvraag die, na toepassing van het bepaalde in art. 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht niet in behandeling wordt genomen, bedraagt:

3.1.9.3.1

indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag wel in behandeling was genomen niet hoger zijn dan € 350 indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag wel in behandeling was genomen tussen de € 351 en € 1.000 bedragen

3.1.9.3.2

Tarief 2022 ná indexatie (1,5%) en afronding € 0,05 cent

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande artikelen is het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, onder d, van de Wet algemene bepalingen omgevingswet in samenhang met artikel 2.2, lid 1, onder a, van het Besluit omgevingsrecht in verband met artikel 4.1 van de Bouwverordening Amsterdam 2013, afhankelijk van het bij de beschikking op de aanvraag vast te stellen maximaal toelaatbare aantal personen/bedden en bedraagt het tarief:

€ 921,40 € 1.857,00 € 3.179,10 € 4.123,90 € 5.371,80 € 5.930,10

€ € € € € €

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

€ 935,20 € 1.884,85 € 3.226,80 € 4.185,75 € 5.452,40 € 6.019,05

3.1.9.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning, € goedkeuring, verklaring, afwijking of een andere dienst die samenhangt met een project in de fysieke leefomgeving, voor zover daarvoor niet elders in deze tarieventabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

‐

€ 266,35

3.1.9.2

Voor een aanvraag die, naar het oordeel van het Dagelijks Bestuur / College van burgemeester en wethouders, kan worden beschouwd als een aanvraag voor eenzelfde activiteit als waarvoor ten hoogste zes maanden voor de datum van ontvangst van deze aanvraag de vergunning is geweigerd en waarin de grondslag voor die weigering is opgeheven, wordt teruggaaf van 50% van de voor die aanvraag geheven leges verleend (vermindering leges 2e aanvraag voor eenzelfde activiteit), met dien verstande dat het te betalen legesbedrag nooit minder is dan € 250. Deze bepaling is niet van toepassing op aanvragen als bedoeld in onderdeel 3.1.6 (vellen houtopstand).

3.1.9.3

Het tarief voor een aanvraag of conceptaanvraag die, na toepassing van het bepaalde in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht, niet in behandeling wordt genomen, bedraagt:

€ 101,70

3.1.9.3.1

€

‐

€ 103,25

€ 254,30

3.1.9.3.2

indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag of conceptaanvraag wel in behandeling was genomen niet hoger zijn dan € 350 indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag of conceptaanvraag wel in behandeling was genomen tussen de € 351 en € 1.000 bedragen

€

‐

€ 258,10

3.1.9 ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSVERGUNNING Definities bouwkosten en aanlegkosten Onder bouwkosten wordt verstaan de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2699, uitgave 2017, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Het inzien van de NEN 2699 is mogelijk in het Stadhuis van Amsterdam (Amstel 1). De UAV 2012 is in te zien op www.overheid.nl. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft. Onder aanlegkosten wordt verstaan de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten. Als de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door De hieronder genoemde tarieven gelden in de daarin beschreven omstandigheden in afwijking van de hiervoor in par. 3.1. beschreven tarieven. 3.1.9.1

Tariefs‐ wijziging

3.1.8.2.1 3.1.8.2.2 3.1.8.2.3 3.1.8.2.4 3.1.8.2.5 3.1.8.2.6

0‐25 personen 26‐50 personen 51‐100 personen 101‐200 personen 201‐300 personen meer dan 300 personen

3.1.9 ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSVERGUNNING Definities bouwkosten en aanlegkosten Onder bouwkosten wordt verstaan de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2699, uitgave 2017, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Het inzien van de NEN 2699 is mogelijk in het Stadhuis van Amsterdam, Amstel 1. De UAV 2012 is in te zien op www.overheid.nl. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft. Onder aanlegkosten wordt verstaan de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten.

Als de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft. De hieronder genoemde tarieven gelden in de daarin beschreven omstandigheden in afwijking van de hiervoor in paragraaf 3.1. beschreven tarieven. € 262,40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10667394/1