CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Financiële onderbouwing.docx

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 15 december 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de ‘Gezamenlijke uitgangspunten voor de verdere ontwikkeling van de volkstuinparken in de gemeente Amsterdam’ en de notitie ‘Aanpak voor ontwikkeling van de Amsterdamse volkstuinparken’. (ZD2021-015017)1.409 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE

Financiële onderbouwing Bij de dekking van kosten gaat het om de volgende zaken: 1. De financiële middelen die nodig zijn om de ontwikkelkosten (investeringen) te dekken 2. De financiële middelen die nodig zijn om het beheerbudget te dekken 3. Compensatie stopgezette onderhoudsbijdragen aan de Bond van €35.000 voor een periode van 10 jaar 4. De financiële middelen die mogelijk nodig zijn vanwege de vuilwaterafvoer op de parken en de riolering 5. De financiële middelen die nodig zijn voor de ambtelijke ondersteuning van de uitvoering en de samenwerking met de tuinparken Ad 1. De financiële middelen die nodig zijn om de ontwikkelkosten te dekken Om de publieke toegankelijkheid te verbeteren zijn fysieke maatregelen nodig zoals het aanpassen van de entrees en dergelijke. Deze investeringen komen in aanmerking voor dekking uit het Strategisch Huisvestingsplan (SHP) Bovenwijks Groen. Het SHP bevat een inventarisatie van nieuwe groenprojecten in de stad die niet uitgevoerd en gefinancierd worden uit gebiedsontwikkelingen, maar die wel van belang zijn om de beleidsdoelen op het gebied van groen te behalen. Het biedt daarmee het overzicht op basis waarvan geprioriteerd en gestuurd kan worden en vormt de basis voor een jaarlijkse aanvraag voor middelen bij de voorjaarsnota of begroting.

De gemeentelijke investeringen die gemoeid zijn met de gezamenlijke uitgangspunten voor de volkstuinparken maken onderdeel uit van de aanvraag voor het SHP Bovenwijks Groen bij de voorjaarsnota/begroting in de komende jaren en bij sommige tuinparken bijdragen uit grondexploitaties van naastgelegen gebiedsontwikkeling). De financiële investeringsruimte die jaarlijks beschikbaar is, bepaalt welke projecten (en hoeveel projecten) richting uitvoering kunnen gaan. Het betreft hier eenmalige bijdragen. Voor dit besluit hebben deze ontwikkelkosten (investeringen) overigens geen consequenties omdat de dekking via de besluitvorming rondom het SHP wordt geregeld.

Ad 2. De financiële middelen die nodig zijn om het beheerbudget te dekken De tuinders voeren zoals vanouds het beheer en onderhoud uit. De kosten hiervan kunnen bij meer bezoekers omhooggaan. Daarnaast vervalt de oude beheersubsidie die sommige volkstuinparken in de vorm van huurverlaging eerst van hun stadsdeel ontvingen. Daarom zal aan de tuinparken samen onder voorwaarden - waaronder een eerlijke en transparante verdeling op basis van jaarlijkse beheer- en onderhoudsplannen – een beheerbudget ter beschikking worden gesteld gekoppeld aan de 10 jaar termijn van het huurcontract. De dekking daarvoor bestaat uit de meerinkomsten uit de huurverhoging die de tuinders gaan betalen, die in een periode van vijf jaar wordt ingevoerd. Daaraan zullen de huidige contractueel vastgelegde onderhoudsbijdragen van € 117.000 per jaar (prijspeil 2021; te verhogen met de CPI-index) worden toegevoegd (zie tabel 1). Aan deze bedragen wordt voor een periode van tien jaar € 35.000 toegevoegd ter compensatie voor de stopgezette onderhoudsbijdragen aan de Bond (zie ad 3). Dit bedrag krijgen enkele tuinparken nu gezamenlijk vanuit Gemeentelijk Vastgoed (als verhuurder van de gronden) uitgekeerd.

Tabel 1 Jaar

2021

2022

2023

2024

2025

2026

€

€

€

A. Totaal

€

€

€

huurinkomsten

1.316.781,21

1.416.844,54

1.712.812,22 1.912.634,66 2.089.961,32 2.297.326,75

B. Bijdrage beheer door gemeente aan

€

€

€

€

€

€

volkstuinen

117.684,89

117.684,89

117.684,89

117.684,89

117.684,89

117.684,89

C. Totaal extra huurinkomsten vanaf 1 juli 2022

€

€

€

€

€

incl. indexering

50.031,66

396.031,01

595.853,45

773.180,11

980.545,54

D. Totaal extra huurinkmsten vanaf juli 2022 excl.

€

€

€

€

€

Indexering

48.897,69

357.772,67

519.954,61

682.136,54

844.318,48

€

€

€

€

€

35.000,00

35.000,00

35.000,00

35.000,00

35.000,00

beheerfonds (is

€

€

€

€

€

D+E)

83.897,69

392.772,67

554.954,61

717.136,54

879.318,48

gemeentebegroting

€

€

€

€

€

(is C - D)

1.133,97

38.258,34

75.898,84

91.043,57

136.227,06

E. Compensatie beheerbijdrage F. Inbreng

G. CPI-indexering naar

A. De totale huurinkomsten die de gemeente ontvangt voor de verhuur van de grond aan de volkstuinverenigingen; B. De totale bijdrage die de gemeente aan de volkstuinen levert voor het onderhoud van de volkstuinparken (jaar 2021); C. De totale extra huurinkomsten die de gemeente ontvangt vanaf juli 2022 door de verhoging van de huurprijs inclusief indexering; D. De totale extra huurinkomsten die de gemeente ontvangt vanaf juli 2022 door de verhoging van de huurprijs exclusief indexering; E. Het totaalbedrag dat de gemeente 10 jaar uitkeert in het beheerfonds ter compensatie van de huidige onderhoudsbijdrage; F. Het totale beheerfonds waar de volkstuinverenigingen aanspraak op kunnen maken ten behoeve van het beheer en onderhoud op de volkstuinen; G. De CPI-indexering van de huurprijs die jaarlijks ten goede komt aan de gemeentebegroting. Dit bedrag is een schatting.

De jaarlijkse bedragen uit de tabel (regel F) worden uitgekeerd aan de tuinverenigingen via een – in overleg met de verenigingen – nog uit te werken regeling of instrument en gekoppeld aan de tien jaar termijn van de huurcontracten. Leidend is een verdeling naar maatregelen waar de noodzaak het hoogst is en de meerwaarde voor tuinders en bezoekers het grootst is. Het doel zal daarbij zijn om enerzijds ervoor te zorgen dat het beheer en onderhoud bijdraagt aan de beleidsdoelen waar dat mogelijk is. Anderzijds zal de regeling er ook voor moeten zorgen dat publiek geld op een verantwoorde manier wordt besteed aan het beheer en om ervoor te zorgen dat naar de toekomst toe voldoende reserves worden opgebouwd om ook groot onderhoud en vervanging van de assets (bijv. groen, verhardingen) te kunnen financieren. Volgens de huidige huurcontracten ligt die verantwoordelijkheid ook bij de tuinverenigingen. Het onderhoud aan enkele complexe bruggen door V&OR zal voortgezet worden. Separate stadsdeelbijdragen die

enkele tuinparken nog ontvangen zullen worden afgebouwd, of er moeten zwaarwegende redenen zijn waarom de regeling tot stand is gebracht, dan komt deze in aanmerking voor voortzetting.

Ad 3. Stopgezette onderhoudsbijdragen aan de Bond van € 35.000 voor een periode van tien jaar. Het uitgangspunt is dat het beheer en onderhoud op de volkstuinparken onder de verantwoordelijkheid van de volkstuinverenigingen/huurders zelf valt. De gemeente is verantwoordelijke voor het beheer en onderhoud in de openbare ruimte grenzend aan de tuinparken. De Bond van Volkstuinders heeft aangegeven dat over de periode 2018 t/m juni 2022 een incidenteel bedrag van € 363.000 aan onderhoudsbijdragen niet is uitbetaald (vanwege stopzetting in 2018 door Vastgoed van alle bijdragen die niet in de huurcontracten waren opgenomen) en heeft gevraagd om een oplossing. In overleg tussen de gemeente en Bond is gekeken naar een redelijk bedrag om deze situatie op te lossen. Huidig voorstel is om de komende tien jaar het budget voor onderhoudsbijdragen op te hogen met € 35.000 per jaar vanuit het in te stellen programmabudget vernieuwing volkstuinparken, en daarmee de discussie over de stopgezette incidentele bijdragen wordt afgehandeld. Het bedrag van in totaal €350.000 wordt gedekt vanuit het budget van het programma Vernieuwing Volkstuinparken. Ad 4.

De financiële middelen die mogelijk nodig zijn vanwege de vuilwaterafvoer op de parken en de riolering De komende periode wordt een projectteam gevormd met als opdracht tot een voor alle partijen effectieve en efficiënte oplossing van de vuilwaterafvoer op de tuinparken te komen en te bekijken waar maatwerkoplossingen binnen de marges van de wet mogelijk zijn. Dekking voor het projectteam is voorzien in de reguliere budgetten van de betrokken directies.

Ad 5. De financiële middelen die nodig zijn voor de programmaorganisatie Vernieuwing volkstuinparken en de samenwerking met de tuinparken De kosten voor de programmaorganisatie en de inzet voor de drie fasen uit de Aanpak Vernieuwing Volkstuinparken worden als volgt gedekt: - Alle kosten die zijn toe te delen aan de reguliere (vanuit de begroting gedekte) werkzaamheden van de verschillende betrokken organisatieonderdelen worden door het betreffende organisatieonderdeel gedekt. - Er wordt € 100.000 beschikbaar gesteld vanuit R&D (verdeeld over Jaarprogramma RO en groengelden) voor 2022 om de gemeentebrede coördinatie, het inrichten van het ‘beheerfonds’ en daaraan verbonden verplichtingen in te vullen. - Indien er in 2022 en 2023 behoefte bestaat bij de tuinparken voor de inzet van experts of ondersteuning om de uitwerking van de afspraken goed tot uitvoering te brengen, dan biedt de gemeente ruimte om die te dekken uit het ‘beheerfonds’ dat wordt gevoed met de extra huurinkomsten. - In de tweede helft van 2022 worden extra middelen aangevraagd via de Begroting 2023 voor de dekking van de (inspannings)verplichting voor €35.000 voor onderhoudsbijdragen (9 jaar x €35.000 na 2022) en de (resterende) coördinerende taken na 2022; de verwachting is dat vanaf 2024 het grootste deel van de coördinerende taken is afgerond dan wel in de lijnorganisatie zijn opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10878272/1