CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Draagvlakonderzoek nieuwe Windmolens in Amsterdam - AD2021-039879

Raadscommissie voor Financiën, Economische Zaken, Deelnemingen, Lucht- en Zeehaven, Duurzaamheid 20 mei 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van correspondentie inzake dagmailbericht Wind. Nr. VN2021-0109929.603 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Draagvlakonderzoek nieuwe windmolens in Amsterdam

Onderzoek, Informatie en Statistiek

In opdracht van: Ruimte en Duurzaamheid, programma Klimaatneutraal Projectnummer: 20278 Greven, Jessica Jong, Idske de Bezoekadres: Weesperstraat 113-117

Telefoon 06 3900 6024

Postbus 658, 1000 AR Amsterdam

data.amsterdam.nl

j.greven@amsterdam.nl

Amsterdam, oktober 2020 Foto voorzijde: Windmolens Westrandweg (A5) en Australiëhavenweg, fotograaf Edwin van Eis (2017))

2

Inhoud

Samenvatting

5

Inleiding

10

1 Windmolens in het algemeen

12

1.1 Ruime meerderheid is positief over extra windmolens in Amsterdam 1.2 In zoekgebieden meer weerstand tegen extra windmolens bij woningeigenaren 1.3 Jongeren zijn vaker voorstander van bijplaatsing van extra windmolens 1.4 Argumenten voor en tegen extra windmolens in Amsterdam

12 14 16 17

2 Windmolens in zoekgebieden

18

2.1 Meerderheid voor bijplaatsing van windmolens in het Havengebied en de Brettenzone 18 2.2 Mening over windmolens in de zoekgebieden zelf: NIMBY-effect duidelijk zichtbaar 20 2.3 Argumenten voor en tegen plaatsing van extra windmolens in zoekgebieden 20

3 Havengebied en de Brettenzone

22

3.1 Ruime meerderheid voor plaatsing van extra windmolens in het Havengebied en de Brettenzone

22

4 Noorder IJ-plas en havengebied sd Noord

24

4.1 Meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in de Noorder IJ-plas en het havengebied Noord 24

5 Noordrand A10

26

5.1 Iets meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in Noordrand A10

26

6 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

28

6.1 Iets meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

28

7 Gaasperplas en Diemerscheg

30

7.1 Meer tegen- dan voorstanders van plaatsing van extra windmolens in Gaasperplas en Diemerscheg

30

8 Amstel III omgeving

32

8.1 Meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in Amstel III omgeving

32

3

9 Amstelscheg

34

9.1 Meerderheid tegen plaatsing van extra windmolens in Amstelscheg

34

Bijlage 1 Werkwijze

36

Uitvoering onderzoek in zoekgebieden Uitvoering onderzoek stadsbrede Monitor Draagvlak Klimaatneutraal

36 39

Bijlage 2 Profiel van de respondenten

41

Bijlage 3 Vragenlijst

43

4

Samenvatting

De gemeente Amsterdam wil een leefbare en toekomstbestendige stad zijn. De ambitie van de gemeente is om meer dan 50 MegaWatt extra opgesteld vermogen windenergie te realiseren in 2030 (en de vergunningen uiterlijk 1 januari 2025 te hebben verleend). Dit is vastgesteld door de gemeenteraad in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 en door het college van B&W in de concept regionale energiestrategie Noord-Holland Zuid (RES). Meer dan 50 MW extra vermogen aan windenergie betekent circa 17 extra windmolens van 3MW of meer van 2MW per stuk. De gemeenteraad heeft 7 zoekgebieden vastgesteld waarin plaatsing van extra windmolens mogelijk zou kunnen zijn. Overzichtskaart van de 7 zoekgebieden voor windmolens in Amsterdam

Onderzoek, Informatie en Statistiek heeft op verzoek van het Programma Klimaatneutraal twee onderzoeken uitgevoerd waarin de houding van mensen die in de zoekgebieden wonen is onderzocht en die van Amsterdammers in de rest van de stad. De centrale vraag is hoe men over het bijplaatsen van windmolens in het algemeen denkt, en wat men ervan vindt als de windmolens in (één van) de zeven zoekgebieden geplaatst zouden worden. Ruime meerderheid is positief over extra windmolens in Amsterdam Uit beide onderzoeken blijkt dat een ruime meerderheid positief is over de plaatsing van extra windmolens in Amsterdam. Ruim de helft van de respondenten die in en rond de zoekgebieden

5

wonen geeft aan dat zij het (helemaal) eens is met de plaatsing van extra windmolens in de stad (56%). Bij respondenten uit de rest van de stad ligt dit aandeel hoger, namelijk op 65%. Onder bewoners in en rond de zoekgebieden is de weerstand tegen bijplaatsing van windmolens groter dan in de rest van de stad: 30% versus 14%. Figuur 1 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) en stad (n=1649) (helemaal) mee eens

bewoners zoekgebieden

neutraal

(helemaal) mee oneens

56

bewoners Amsterdam

12

30

65

0

weet niet, geen antwoord

20

18

40

60

2

3

14

100 %

80

Bron: OIS

Jongeren zijn vaker voorstander van bijplaatsing van extra windmolens In beide onderzoeken zien we dat mensen onder de 50 jaar vaker voor het bijplaatsen van extra windmolens in de stad zijn. In de zoekgebieden zien we dat bijna acht van de tien jongeren van 16 tot 35 jaar het er (helemaal) mee eens zijn dat er extra windmolens bijkomen in de stad (zie figuur 2). Bij respondenten uit de rest van de stad ligt het aandeel voorstanders in dezelfde leeftijdsgroep iets boven de 70%. Dat is van een vergelijkbaar niveau als onder respondenten uit de leeftijdsgroep 35 tot 50 jaar (zie figuur 3). Figuur 2 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar leeftijdsgroep, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

totaal

(helemaal) mee oneens

56

16-34 jaar

weet niet, geen antwoord

12

30

82

35-49 jaar

5

60

50-64 jaar

8

54

65 jaar of ouder

15

50

onbekend

29

0

16

19

20

40

13

1

31

1

30

1

32

46

60

2

3

6

80

100 %

Bron: OIS

6

Figuur 3 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar leeftijdsgroep, huishoudens in de stad(sdelen) (n=1649) (helemaal) mee eens

neutraal

totaal

(helemaal) mee oneens

65

18

16-34 jaar

72

35-49 jaar

71

50-64 jaar

19

0

20

40

60

4

9

80

1

5

25

28

4

15

18

24

59

3

8

13

48

onbekend

14

17

58

65 jaar of ouder

weet niet, geen antwoord

3

100 %

Bron: OIS

In drie gebieden meer voor- dan tegenstanders van bijplaatsing van extra windmolens Een van de zoekgebieden, Het Havengebied en de Brettenzone, wordt door zowel bewoners van zoekgebieden als andere Amsterdammers aangemerkt als het meest geschikte gebied voor extra windmolens (ruim 70%). De overige respondenten zijn tegen, hebben een neutrale houding ten aanzien van bijplaatsing of hebben geen antwoord op de vraag (zie de figuren 4 en 5 op de volgende pagina). In het westelijk havengebied stonden in 2019 37 windmolens. Daarnaast blijkt uit beide onderzoeken dat er meer voor- dan tegenstanders zijn die vinden dat ook het gebied van de Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord, en het gebied omgeving Amstel III geschikt zijn, zij het in iets mindere mate dan het Havengebied en de Brettenzone. Over de gebieden Noordrand A10 en IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland zijn de meningen verdeeld: hier houden voor- en tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in die gebieden elkaar enigszins in evenwicht, vooral onder respondenten uit de zoekgebieden. De gebieden Gaasperplas en Diemerscheg en Amstelscheg zijn volgens respondenten uit beide onderzoeken minder geschikt om extra windmolens te plaatsen: in beide onderzoeken zijn er meer tegenstanders dan voorstanders.

7

Figuur 4 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen en ten opzichte van bijplaatsing in zoekgebieden, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens 17 extra windmolens in 2030

(helemaal) mee oneens

56

30

1 Havengebied en Brettenzone

72

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

13

49

3 Noordrand A10

40

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

39

5 Gaasperplas en Diemerscheg

28 39 37

31

6 Amstel III omgeving

45 43

7 Amstelscheg

25

28

0

38

20

40

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 5 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen (n=1649) en ten opzichte van bijplaatsing in zoekgebieden (n=919), huishoudens in de stad(sdelen) (helemaal) mee eens 17 extra windmolens in 2030

(helemaal) mee oneens

65

1 Havengebied en Brettenzone

14

71

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

10

52

21

3 Noordrand A10

38

32

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

40

29

5 Gaasperplas en Diemerscheg

29

6 Amstel III omgeving

37 41

7 Amstelscheg

24

0

22 38

20

40

60

80

100 %

Bron: OIS

NIMBY-effect duidelijk zichtbaar in de zoekgebieden De meerderheid van de respondenten die in en rond de zoekgebieden wonen is tegen plaatsing van windmolens in hun eigen gebied, met uitzondering van respondenten die in het Havengebied en de Brettenzone wonen. De overige respondenten zijn voor, hebben een neutrale houding ten aanzien van bijplaatsing of hebben geen antwoord op de vraag. In het gebied Amstelscheg is nagenoeg iedereen tegen windmolens in hun gebied. Ook in het gebied Gaasperplas en Diemerscheg is de weerstand tegen plaatsing van windmolens hoog: driekwart van de respondenten uit dat gebied is tegen. Er is sprake van een duidelijk NIMBY-effect: de meeste mensen zijn voor de plaatsing van extra windmolens in de stad, maar niet bij hen in de buurt (Not In My Back Yard).

8

Figuur 6 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen en ten opzichte van bijplaatsing in zoekgebieden, huishoudens uit het eigen zoekgebied (n=1577) (helemaal) mee eens

(helemaal) mee oneens

17 extra windmolens in 2030

56

30

1 Havengebied en Brettenzone

54

32

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

33

3 Noordrand A10

23

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

26

5 Gaasperplas en Diemerscheg

48 61 61

18

6 Amstel III omgeving

76 31

39

7 Amstelscheg

97

0

20

40

60

80

100 %

Bron: OIS

9

Inleiding De gemeente Amsterdam wil een leefbare en toekomstbestendige stad zijn. De ambitie van de gemeente is om meer dan 50 MegaWatt extra opgesteld vermogen windenergie te realiseren in 2030 (en de vergunningen uiterlijk 1 januari 2025 te hebben verleend). Dit is vastgesteld door de gemeenteraad in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 en door het college van B&W in de concept regionale energiestrategie Noord-Holland Zuid (RES). Meer dan 50 MW extra vermogen aan windenergie betekent circa 17 extra windmolens van 3MW of meer van 2MW per stuk. De gemeenteraad heeft 7 zoekgebieden vastgesteld waarin plaatsing van extra windmolens mogelijk zou kunnen zijn. De verwachting is dat hiervan maximaal de helft in het havengebied past (RES-zoekgebied #1). De windmolens zullen ongeveer 150 meter hoog worden en volgens alle wettelijke normen worden geplaatst (o.a. ten aanzien van geluid en slagschaduw). Met de Amsterdamse ambitie voor meer windmolens én zonnepanelen op de helft van de geschikte daken wordt in 2030 genoeg duurzame elektriciteit opgewekt voor 80% van de Amsterdamse huishoudens. Bewoners in de buurt van de windmolens krijgen de mogelijkheid om mee te denken over de plannen en om financieel mee te profiteren van de opbrengsten. In de zomer van 2019 stonden er 37 windmolens in het westelijk havengebied en 1 in het havengebied van stadsdeel Noord.

Tussen 2019 en heden zijn 20 windmolens a 0,66 MW weggehaald en 4 windmolens à 2,2 MW teruggeplaatst. Inmiddels worden 6 windmolens à 2,2 MW teruggeplaatst langs de Nieuwe Hemweg. Deze zijn in aanbouw. Overzichtskaart van de 7 zoekgebieden voor windmolens in Amsterdam

10

Op verzoek van Programma Klimaatneutraal heeft Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) in augustus en september 2020 nader draagvlakonderzoek uitgevoerd onder bewoners in en rondom de zeven zoekgebieden, zij zijn immers direct belanghebbenden als er windmolens bij hen in de buurt geplaatst gaan worden. Daarnaast zijn dezelfde vragen als onderdeel opgenomen in de door OIS uitgevoerde stadsbrede Monitor Draagvlak Klimaatneutraal. Deze monitor verschijnt in het najaar van 2020. De centrale vragen die aan bod komen zijn: houding ten aanzien van windenergie in het algemeen en houding ten aanzien van windmolens in de directe nabijheid van de woning in het bijzonder. Voor het ondezoek onder bewoners in en rondom de zeven zoekgebieden werden 12.118 huishoudens benaderd. Er hebben 1.577 bewoners aan dit onderzoek meegedaan wat neerkomt op een responspercentage van 13%. Voor het stadsbrede onderzoek nodigden we 2.400 leden van het Amsterdampanel uit, waarvan er 1.320 aan het onderzoek hebben meegedaan, dat is een responspercentage van 55%. Daarnaast werden 371 mensen face-to-face ondervraagd. Uiteindelijk hebben 1.691 respondenten aan het onderzoek meegedaan. De respons van dit onderzoek is gewogen op opleidingsniveau, leeftijdsgroep en herkomstgroep om tot een betere afspiegeling van de Amsterdamse bevolking te komen.

Door het wegen is het totaal aantal respondenten iets afgenomen tot 1.649. De gepresenteerde resultaten in dit rapport zijn de gewogen resultaten daar waar het om het stadsbrede onderzoek gaat. Hierbij zijn de resultaten voor stadsdeel B Westpoort buiten beschouwing gelaten vanwege de lage aantallen respondenten (2 respondenten). Leeswijzer In hoofdstuk 1 wordt de houding ten aanzien van extra windmolens in de stad besproken. In hoofdstuk 2 gaat het over de mogelijke plaatsing van extra windmolens in de zeven zoekgebieden. In de hoofdstukken 3 tot en met 9 worden de resultaten per zoekgebied besproken. Ten slotte treft u in een aantal bijlagen zowel de onderzoeksaanpak, responsverantwoording en gehanteerde vragenlijst aan.

11

1 Windmolens in het algemeen

1.1 Ruime meerderheid is positief over extra windmolens in Amsterdam Uit beide onderzoeken blijkt dat een ruime meerderheid positief is over de plaatsing van extra windmolens in Amsterdam. Ruim de helft van de respondenten die in en rond de zoekgebieden wonen geeft aan dat zij het (helemaal) eens is met de plaatsing van extra windmolens in de stad (56%). Bij respondenten uit de rest van de stad ligt dit aandeel hoger, namelijk op 65%. Onder bewoners in en rond de zoekgebieden is de weerstand tegen bijplaatsing van windmolens groter dan in de rest van de stad: 30% versus 14%. Figuur 1.1 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) en stad (n=1649) (helemaal) mee eens

bewoners zoekgebieden

neutraal

(helemaal) mee oneens

56

bewoners Amsterdam

12

20

30

18

65

0

weet niet, geen antwoord

40

60

2

14

80

3

100 %

Bron: OIS

In de figuren 1.2 en 1.3 op de volgende pagina is dezelfde informatie weergegeven op gebiedsniveau voor respondenten uit de zoekgebieden, en stadsdeelniveau voor respondenten uit de rest van de stad. Uit figuur 1.2 blijkt dat het aandeel voorstanders van extra windmolens in de stad onder respondenten uit de zoekgebieden hoger dan gemiddeld is in het Havengebied en de Brettenzone (64% versus 56% gemiddeld), in gebied van de Amstel III omgeving (61%), en in de Noorder IJ-plas en het havengebied stadsdeel Noord (60%). Daarentegen is duidelijk dat de overgrote meerderheid van de respondenten uit het gebied Amstelscheg tegen het bijplaatsen van extra windmolens is (65% versus 30% gemiddeld).

12

Figuur 1.2 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

totaal

weet niet, geen antwoord

56

1 Havengebied en Brettenzone

12

30

64

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

11

60

2

24

10

2

28

2

3 Noordrand A10

55

13

29

2

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

57

12

31

1

5 Gaasperplas en Diemerscheg

49

14

6 Amstel III omgeving

36

61

7 Amstelscheg

13

14

23

0

1 23

3

65

20

40

60

100 %

80

Bron: OIS

Uit figuur 1.3 blijkt dat bewoners uit stadsdeel West vaker voorstander van extra windmolens in de stad zijn dan gemiddeld: 78% versus 65% gemiddeld. In de stadsdelen Zuid (54%) en Oost (58%) is het aandeel voorstanders lager dan gemiddeld. Figuur 1.3 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen, huishoudens in de stadsdelen (n=1649) (helemaal) mee eens

neutraal

totaal

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

65

A Centrum

69

E West

18

14

3

12

15

4

78

F Nieuw-West

12

66

K Zuid

19

54

M Oost

16

58

N Noord

62

T Zuidoost

60

0

20

12 24

21

60

6

19 27

2 10

80

3 7

16

17

40

2

9

2

100 %

Bron: OIS

13

Mensen die in een straal van 350 meter rondom de zoekgebieden wonen, wonen soms buiten Amsterdam. In de volgende figuur is de houding over bijplaatsing van windmolens in de stad weergegeven van respondenten die in de zoekgebieden wonen naar woonplaats. Bij sommige gemeenten is het aantal respondenten te laag om betrouwbare uitspraken te doen over hun houding ten aanzien van extra windmolens in de zoekgebieden. Het gaat hierbij om de gemeenten Abcoude, Landsmeer, Oostzaan, Ouderkerk aan de Amstel en Weesp. De informatie is hier slechts indicatief, maar is voor de volledigheid toch opgenomen. Figuur 1.4 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen, huishoudens in de zoekgebieden naar plaats (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

totaal (n=1577)

56

12

30

2

Amsterdam (n=1440)

58

12

28

2

Abcoude (n=7)

14

Amstelveen (n=18)

11

86 28

Diemen (n=44)

61

45

Halfweg (n=37)

21

35

Landsmeer (n=5)

32

16

40

46 20

Oostzaan (n=12) 17

8

33

Weesp (n=8) 20

25 50

50

0

3 40

67

Ouderkerk aan de Amstel (n=6)

2

50

40

60

80

100 %

Bron: OIS

1.2 In zoekgebieden meer weerstand tegen extra windmolens bij woningeigenaren Hoewel bij eigenaren van een koopwoning onder de respondenten in de zoekgebieden iets meer dan de helft voorstander van bijplaatsing van extra windmolens is, is 34% het er (helemaal) mee oneens. In alle huursectoren is die weerstand veel lager. Met name in de vrije huursector is het aandeel voorstanders van bijplaatsing hoog, ruim zeven van de tien respondenten die van een particulier of woningcorporatie huren zijn het er (helemaal) mee eens dat er in Amsterdam extra windmolens zullen worden geplaatst (zie figuur 1.5). Onder respondenten uit de rest van de stad zien we dit verschil tussen koop en huur niet optreden, hooguit is onder respondenten met een particuliere vrije sector huurwoning het aandeel met een neutrale houding ten aanzien van bijplaatsing hoger dan gemiddeld (29% versus 18% gemiddeld), waardoor het aandeel voorstanders onder hen lager is (zie figuur 1.6).

14

Slechts een enkele keer is de waardevermindering van het eigen huis reden om tegen de plaatsing van extra windmolens te zijn. Figuur 1.5 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar eigendomsverhouding, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

56

12

totaal

eigenaar bewoner

53

weet niet, geen antwoord

12

vrije sector huur particulier

71

vrije sector huur corporatie

74

sociale sector huur particulier

34

1

20

10

40

2

22

14

20

1

15

11

61

0

2

7

67

sociale sector huur corporatie

30

22

60

3

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 1.6 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar eigendomsverhouding, huishoudens in de stad(sdelen) (n=1649) (helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

totaal

65

18

14

3

eigenaar bewoner

67

15

17

2

17

1

vrije sector huur particulier

52

vrije sector huur corporatie

29

71

16

13

sociale sector huur particulier

65

17

14

4

sociale sector huur corporatie

65

18

12

6

0

20

40

60

80

100 %

Bron: OIS

15

1.3 Jongeren zijn vaker voorstander van bijplaatsing van extra windmolens In beide onderzoeken zien we dat mensen onder de 50 jaar vaker voor het bijplaatsen van extra windmolens in de stad zijn. In de zoekgebieden zien we dat bijna acht van de tien jongeren van 16 tot 35 jaar het er (helemaal) mee eens zijn dat er extra windmolens bijkomen in de stad (zie figuur 1.7). Bij respondenten uit de rest van de stad ligt het aandeel voorstanders in dezelfde leeftijdsgroep iets boven de 70%. Dat is van een vergelijkbaar niveau als onder respondenten uit de leeftijdsgroep 35 tot 50 jaar (zie figuur 1.8). Figuur 1.7 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar leeftijdsgroep, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

totaal

(helemaal) mee oneens

56

weet niet, geen antwoord

12

16-34 jaar

30

82

35-49 jaar

5

60

50-64 jaar

8

54

65 jaar of ouder

15

50

onbekend

16

29

0

40

13

1

31

1

30

1

3

32

19

20

2

46

60

6

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 1.8 Houding ten opzichte van extra windmolens in het algemeen naar leeftijdsgroep, huishoudens in de stad(sdelen) (n=1649) (helemaal) mee eens

(helemaal) mee oneens

neutraal

totaal

65

18

16-34 jaar

72

35-49 jaar

71

50-64 jaar

19

0

20

40

60

4

9

80

1

5

25

28

4

15

18

24

59

3

8

13

48

onbekend

14

17

58

65 jaar of ouder

weet niet, geen antwoord

3

100 %

Bron: OIS

16

1.4 Argumenten voor en tegen extra windmolens in Amsterdam Voorstanders van windmolens geven onder andere aan dat het duurzaam opwekken van energie voor hen belangrijk is, het is beter voor het milieu en klimaat, men is blij dat er dan geen fossiele brandstoffen als kolen, olie en gas gebruikt hoeven worden, of kernenergie. Het is CO2-neutraal en het levert volgens sommigen meer energie op dan zonnepanelen. Sommige mensen geven aan dat ze ervan uitgaan dat de plaatsing van windmolens onderdeel vormt van een integrale aanpak van de energietransitie. Daarnaast dringt men erop aan dat de overheid ook aandacht moet besteden aan het terugdringen van energiegebruik in het algemeen. Men vindt het goed dat windmolens aan de rand van de stad gerealiseerd zullen worden, dat zijn immers dunbevolkte gebieden. Windmolens zijn niet mooi, maar wel een noodzakelijke en effectieve manier om duurzame energie op te wekken. Amsterdam moet daarbij voorop lopen volgens sommige mensen. Tegenstanders zijn niet specifiek tegen duurzaamheid, ze vinden dat windmolens niet thuis horen in een dichtbevolkte stad als Amsterdam waar bovendien ook veel bijgebouwd wordt. Het is meer iets voor een gebied waar weinig mensen wonen, zoals bijvoorbeeld op zee of ergens in een landelijk gebied.

Daarnaast twijfelt men aan de opbrengst van windmolens: nogal wat mensen geven aan dat die opbrengst discutabel is en dat er ook alternatieven voorhanden zijn die op dit moment nog niet volledig worden benut, zoals bijvoorbeeld het aanleggen van zonnepanelen op alle daken in de stad. Afgezien daarvan vindt men dat windmolens de horizon vervuilen, ze zijn niet goed voor de kleine groengebieden en fauna in de stad, ze zijn lelijk en veel te hoog: veel mensen moeten daar tegenaan kijken, vooral als ze te dicht op de bebouwing staan. Respondenten die in de buurt van windmolens in de stad wonen geven regelmatig aan last te hebben van slagschaduw maar vooral van de herrie die windmolens produceren. Alle toelichtingen die respondenten uit beide onderzoeken hebben gegeven op de vragen over extra windmolens in het algemeen en in de zeven zoekgebieden in het bijzonder zijn opgenomen in een apart bijlagerapport.

17

2 Windmolens in zoekgebieden De gemeenteraad heeft 7 zoekgebieden vastgesteld waarin plaatsing van extra windmolens mogelijk zou kunnen zijn. De verwachting is dat hiervan maximaal de helft in het havengebied past (RES-zoekgebied #1). De windmolens zullen ongeveer 150 meter hoog worden en volgens alle wettelijke normen worden geplaatst (o.a. ten aanzien van geluid en slagschaduw). In de zomer van 2019 stonden er 37 windmolens in het westelijk havengebied en 1 in het havengebied van stadsdeel Noord. Tussen 2019 en heden zijn 20 windmolens a 0,66 MegaWatt weggehaald en 4 windmolens à 2,2 MW teruggeplaatst. Inmiddels worden 6 windmolens à 2,2 MW teruggeplaatst langs de Nieuwe Hemweg. Deze zijn in aanbouw. Figuur 2.1 Overzichtskaart van de 7 zoekgebieden in Amsterdam

2.1 Meerderheid voor bijplaatsing van windmolens in het Havengebied en de Brettenzone Zowel zeven van de tien respondenten die in en rond de zoekgebieden wonen als zeven van de tien in de rest van de stad vinden dat het Havengebied en de Brettenzone een geschikt gebied is om extra windmolens te plaatsen. In het westelijk havengebied stonden in de zomer van 2019 37 windmolens. Daarnaast blijkt uit beide onderzoeken dat er meer voor- dan tegenstanders zijn die vinden dat ook het gebied van de Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord, en het gebied omgeving Amstel III geschikt zijn, zij het in iets mindere mate dan het Havengebied en de Brettenzone. Over de gebieden Noordrand A10 en IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland zijn de meningen verdeeld: hier houden voor- en tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in die gebieden elkaar enigszins in evenwicht, vooral onder respondenten uit de zoekgebieden.

18

De gebieden Gaasperplas en Diemerscheg en Amstelscheg zijn volgens respondenten uit beide onderzoeken minder geschikt om extra windmolens te plaatsen: in beide onderzoeken zijn er meer tegenstanders dan voorstanders. Figuur 2.1 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in zoekgebieden, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

1 Havengebied en Brettenzone

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

72

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

12

49

18

13

3

28

6

3 Noordrand A10

40

16

39

5

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

39

19

37

5

5 Gaasperplas en Diemerscheg

31

6 Amstel III omgeving

18

45

43

7 Amstelscheg

23

28

0

6 25

23

20

9

38

40

12

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 2.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in zoekgebieden, huishoudens in de stad(sdelen) (n=919) (helemaal) mee eens

neutraal

1 Havengebied en Brettenzone

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

71

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

12

52

3 Noordrand A10

38

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

40

5 Gaasperplas en Diemerscheg

18 21

24

0

10 9

37 25

12 22

22

20

13

38

40

10

29

22 41

7 Amstelscheg

32

22

29

6 Amstel III omgeving

21

7

10

60

16

80

100 %

Bron: OIS Een deel van de respondenten uit het stadsbrede onderzoek (Draagvlakonderzoek Klimaatneutraal) heeft de vragen over plaatsing van extra windmolens in de zeven zoekgebieden niet beantwoord. Door weging van dit bestand is het aantal respondenten dat de vragen wel heeft beantwoord lager dan oorspronkelijk.

19

2.2 Mening over windmolens in de zoekgebieden zelf: NIMBY-effect duidelijk zichtbaar De meerderheid van de respondenten die in de zoekgebieden wonen is tegen plaatsing van windmolens in hun eigen gebied, met uitzondering van respondenten die in het Havengebied en de Brettenzone wonen. In het gebied Amstelscheg is nagenoeg iedereen tegen windmolens in hun gebied. Ook in het gebied Gaasperplas en Diemerscheg is de weerstand tegen plaatsing van windmolens hoog: driekwart van de respondenten uit dat gebied is tegen. Er is sprake van een duidelijk NIMBYeffect: de meeste mensen zijn voor de plaatsing van extra windmolens in de stad, maar niet bij hen in de buurt (Not In My Back Yard). Figuur 2.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in zoekgebieden, huishoudens uit en rond het eigen zoekgebied (n=1577) (helemaal) mee eens

neutraal

1 Havengebied en Brettenzone

(helemaal) mee oneens 54

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

13

33

3 Noordrand A10

23

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

26

5 Gaasperplas en Diemerscheg

18

6 Amstel III omgeving

2

32

17

48

14

2

61

12

2

61 76

6 39

24

7 Amstelscheg 3

0

weet niet, geen antwoord

0 31

6

97

20

40

60

80

100 %

Bron: OIS

2.3 Argumenten voor en tegen plaatsing van extra windmolens in zoekgebieden De argumenten van voor- en tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in de zoekgebieden zijn veelal gelijk aan de argumenten voor of tegen windmolens in het algemeen. Voorstanders vinden duurzaamheid belangrijk en hebben geen moeite met plaatsing van windmolens aan de rand van de stad, daar is het immers dunbevolkt en gaat het om bijvoorbeeld een industriegebied als het westelijk havengebied.

20

Tegenstanders vinden dat windmolens in het geheel niet in de stad thuishoren, onder andere vanwege de te kleine afstand op de bebouwing en de overlast die windmolens qua geluid en slagschaduw voor bewoners met zich meebrengen. Daarnaast geven mensen aan dat de kleine natuurgebieden in de stad, zoals Gaasperplas/Diemerscheg en Amstelscheg met rust gelaten moeten worden. Dat geldt ook voor de Brettenzone. In de hoofdstukken 3 tot en met 9 worden de resultaten voor de afzonderlijke zoekgebieden beschreven.

21

3 Havengebied en de Brettenzone

Figuur 3.1 Zoekgebied 1, Havengebied en Brettenzone in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 257, waarvan 220 uit Amsterdam en 37 uit Halfweg.

3.1 Ruime meerderheid voor plaatsing van extra windmolens in het Havengebied en de Brettenzone Zoals al eerder bleek vindt rond de 70% van de respondenten uit beide onderzoeken het Havengebied en de Brettenzone een geschikt gebied om extra windmolens te plaatsen. Onder mensen die zelf in dat gebied wonen is de weerstand groter, namelijk 32% versus 13% gemiddeld (zie figuur 3.2).

22

Figuur 3.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in HavengebiedBrettenzone, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 1 Havengebied en Brettenzone

(helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

totaal

weet niet, geen antwoord

72

1 Havengebied en Brettenzone

12

54

13

13

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

3

32

71

2

10

15

4

3 Noordrand A10

76

12

8

4

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

76

12

8

3

5 Gaasperplas en Diemerscheg

79

10

8

2

7

4

6 Amstel III omgeving

74

7 Amstelscheg

16

68

0

16

20

40

60

13

3

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 3.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in HavengebiedBrettenzone, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 1 Havengebied en Brettenzone

(helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

totaal

weet niet, geen antwoord

71

A Centrum

12 78

10

7

9

7

6

E West

71

10

13

7

F Nieuw-West

69

13

13

5

K Zuid

64

M Oost

15 75

N Noord

9

67

T Zuidoost

8

14 78

0

20

40

60

80

14 7

9

13

5

15

5 1

100 %

Bron: OIS

23

4 Noorder IJ-plas en havengebied sd Noord

Figuur 4.1 Zoekgebied 2, Noorder IJ-plas en havengebied Noord in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 294, waarvan 282 uit Amsterdam en 12 uit Oostzaan.

4.1 Meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in de Noorder IJ-plas en het havengebied Noord Sinds 2019 staat er één windmolen in het havengebied van stadsdeel Noord. Ongeveer de helft van de respondenten uit beide onderzoeken vindt de Noorder IJ-plas en het havengebied Noord een geschikt gebied om extra windmolens te plaatsen. Van de respondenten die zelf in dit gebied wonen is echter de helft tegen plaatsing van extra windmolens hier. Hier zien we het NIMBY-effect optreden. Ook respondenten uit stadsdeel Noord zijn, vergeleken met het stadsgemiddelde, vaker tegen bijplaatsing (36% versus 21% gemiddeld). Toch zijn er in dit stadsdeel iets meer voor- dan tegenstanders (42% voorstander, 36% tegenstander).

24

Figuur 4.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in gebied Noorder IJ-plas en havengebied Noord, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

(helemaal) mee oneens

49

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

18

33

3 Noordrand A10

15

47

2 25

8

28

5

23

8

19

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

52

5 Gaasperplas en Diemerscheg

55

6 Amstel III omgeving

58

17 18

23

4

16

7

19 23

39

20

6

48

52

0

28

17

1 Havengebied en Brettenzone

7 Amstelscheg

weet niet, geen antwoord

40

26

60

13

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 4.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra Houding plaatsing windmolens in gebied Noorder IJ-plas en havengebied Noord, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

(helemaal) mee eens

neutraal

totaal

(helemaal) mee oneens

52

N Noord

18

21

18

42 57

18

E West

59

13

55

K Zuid M Oost

21 51

T Zuidoost

20

17

19

9

19

10 17

60

13

19 25

40

7

22

57

0

5 18

17

40

10

36

A Centrum

F Nieuw-West

weet niet, geen antwoord

12

80

7

100 %

Bron: OIS

25

5 Noordrand A10

Figuur 5.1 Zoekgebied 3, Noordrand A10 in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 291, waarvan 286 uit Amsterdam en 5 uit Landsmeer.

5.1 Iets meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in Noordrand A10 Onder respondenten die in en rond de zoekgebieden wonen zijn er in totaal evenveel voor- als tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in dit gebied: zo’n 40% is voor of tegen. In drie gebieden zijn er meer voor- dan tegenstanders. Onder respondenten in de rest van de stad zijn er in totaal iets meer voor- dan tegenstanders (38% voor en 32% tegen). In vijf stadsdelen zijn er meer voorstanders. Bij respondenten die zelf in het gebied van Noordrand A10 wonen en onder degenen die in stadsdeel Noord wonen is de weerstand tegen plaatsing beduidend groter: 61% en 49% respectievelijk. Ook hier is sprake van het NIMBY-effect.

26

Figuur 5.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Noordrand A10, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 3 Noordrand A10

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

(helemaal) mee oneens

40

3 Noordrand A10

weet niet, geen antwoord

16

23

39

14

5

61

2

1 Havengebied en Brettenzone

42

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

40

16

39

4

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

44

11

41

5

5 Gaasperplas en Diemerscheg

46

6 Amstel III omgeving

49

7 Amstelscheg

20

16

29

16 19

20

26 39

40

4

34

32

0

10

6 13

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 5.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Noordrand A10, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 3 Noordrand A10

(helemaal) mee eens

neutraal

totaal

38

N Noord

35

A Centrum

(helemaal) mee oneens 21

37

F Nieuw-West

41

16 22

39

20

T Zuidoost

38

23

20

31

10

31

10

27

28

M Oost

0

5

23

33

40

10

49

43

K Zuid

32

11

E West

weet niet, geen antwoord

23

16

30

11 35

60

10

80

4

100 %

Bron: OIS

27

6 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

Figuur 6.1 Zoekgebied 4, IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 210, waarvan 167 uit Amsterdam en 43 uit Diemen.

6.1 Iets meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland Onder respondenten die in de zoekgebieden wonen zijn er ongeveer evenveel voor- als tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in dit gebied: 39% is voor en 37% tegen. Onder respondenten in de rest van de stad zijn er iets meer voor- dan tegenstanders (40% voor en 29% tegen). Bij respondenten die zelf in het gebied van IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland wonen is de weerstand tegen plaatsing beduidend groter: 61%. Er is sprake van een duidelijk NIMBY-effect. Daarnaast valt op dat ruim de helft van de respondenten die in Amstelscheg wonen tegen plaatsing van windmolens in het gebied IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland is (55%). In stadsdeel Oost zijn de meningen verdeeld: er zijn evenveel voor- als tegenstanders (37% en 36% respectievelijk).

28

Figuur 6.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

(helemaal) mee oneens

39

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

weet niet, geen antwoord

19

26

37

12

1 Havengebied en Brettenzone

44

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

47

61 19

0 27 30

33

25

38

5 Gaasperplas en Diemerscheg

37

18

41

19

19

0

20

4

4

20

48

7 Amstelscheg

11

19

3 Noordrand A10

6 Amstel III omgeving

5

5

28 55

40

7

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 6.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

(helemaal) mee eens

neutraal

totaal

40

M Oost

37

(helemaal) mee oneens 22

20

E West

45

15

F Nieuw-West

42

21

31 40

T Zuidoost

44

20

8 28

12 8

29

20

27

13

30

10

31

40

8

28

29

N Noord

9

36

44

0

29

19

A Centrum

K Zuid

weet niet, geen antwoord

60

22

80

4

100 %

Bron: OIS

29

7 Gaasperplas en Diemerscheg

Figuur 7.1 Zoekgebied 5, Gaasperplas en Diemerscheg in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 298, waarvan 287 uit Amsterdam, 2 uit Abcoude, 1 uit Diemen en 8 uit Weesp.

7.1 Meer tegen- dan voorstanders van plaatsing van extra windmolens in Gaasperplas en Diemerscheg Uit beide onderzoeken blijkt dat de meerderheid van de respondenten het gebied Gaasperplas en Diemerscheg niet geschikt vindt om extra windmolens te plaatsen. Onder mensen die in de zoekgebieden wonen is een groter aandeel tegen plaatsing in dit gebied vergeleken met de rest van de stad: 45% in de zoekgebieden is tegen versus 37% in de rest van de stad. Mensen die zelf in het gebied Gaasperplas en Diemerscheg wonen of in stadsdeel Zuidoost zijn uitgesproken tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in dit gebied: 76% van de respondenten die in dit gebied wonen en 57% van de respondenten in stadsdeel Zuidoost wonen is tegen. Wederom is sprake van een duidelijk NIMBY-effect.

30

Figuur 7.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Gaasperplas en Diemerscheg, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 5 Gaasperplas en Diemerscheg

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

31

5 Gaasperplas en Diemerscheg

18

(helemaal) mee oneens 18

45

6

1 Havengebied en Brettenzone

21

24

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

26

31

6 Amstel III omgeving 13

9

33

9 10

44

6

13

45

23

0

31

40

20 39

7 Amstelscheg

0

19

38

3 Noordrand A10

6

76

42

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

weet niet, geen antwoord

3

58

20

40

7

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 7.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Gaasperplas en Diemerscheg, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 5 Gaasperplas en Diemerscheg

(helemaal) mee eens totaal

neutraal

29

T Zuidoost

(helemaal) mee oneens 22

20

37

22

A Centrum

weet niet, geen antwoord 12

57

39

20

0

30

12

E West

30

F Nieuw-West

30

20

36

14

K Zuid

27

28

29

16

M Oost

29

21

38

12

N Noord

31

18

40

12

0

26

20

40

31

60

14

80

100 %

Bron: OIS

31

8 Amstel III omgeving

Figuur 8.1 Zoekgebied 6, Amstel III omgeving in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 196, waarvan 187 uit Amsterdam, 5 uit Abcoude en 4 uit Ouderkerk aan de Amstel.

8.1 Meer voor- dan tegenstanders van plaatsing van extra windmolens in Amstel III omgeving Uit beide onderzoeken blijkt dat ongeveer vier van de tien respondenten Amstel III en omgeving een geschikt gebied vinden om extra windmolens te plaatsen. Ook onder respondenten die zelf in dit gebied wonen zijn er meer voor- dan tegenstanders; 39% is voor en 31% is tegen plaatsing van extra windmolens hier. In stadsdeel Zuidoost, waar het gebied Amstel III omgeving onder valt, zien we hetzelfde: 42% is voorstander, 32% is tegen. Wat opvalt is dat 68% van de respondenten die in zoekgebied Amstelscheg wonen tegen plaatsing van extra windmolens in gebied Amstel III omgeving is. Het grootste deel van de respondenten uit gebied Amstelscheg woont in Amstelveen (zie hoofdstuk 9).

32

Figuur 8.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Amstel III omgeving, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 6 Amstel III omgeving

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

43

6 Amstel III omgeving

39

(helemaal) mee oneens

weet niet, geen antwoord

23 24

25

9

31

6

1 Havengebied en Brettenzone

46

21

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

44

27

21

9

3 Noordrand A10

42

28

20

10

22

10

33

5

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

49

5 Gaasperplas en Diemerscheg

19

42

7 Amstelscheg

13

19

20

7

14

68

0

20

13

40

60

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 8.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Amstel III omgeving, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 6 Amstel III omgeving

(helemaal) mee eens

neutraal

(helemaal) mee oneens

totaal

41

25

T Zuidoost

42

23

A Centrum

22

18

39

F Nieuw-West

25

45

K Zuid

41

N Noord

38

0

20

20

25 23

40

60

3 11 16

19

29

M Oost

17

25

33

13 32

54

E West

weet niet, geen antwoord

12

23

16

18

16

26

13

80

100 %

Bron: OIS

33

9 Amstelscheg

Figuur 9.1 Zoekgebied 7, Amstelscheg in Amsterdam

Totaal aantal respondenten in dit zoekgebied: 31, waarvan 11 uit Amsterdam, 18 uit Amstelveen en 2 uit Ouderkerk aan de Amstel.

9.1 Meerderheid tegen plaatsing van extra windmolens in Amstelscheg Uit beide onderzoeken blijkt dat de meerderheid van de respondenten het gebied Amstelscheg niet geschikt vindt om extra windmolens te plaatsen: 38% is tegen, ongeveer een kwart is voor. Mensen die zelf in het gebied Amstelscheg wonen zijn nagenoeg allemaal tegen plaatsing van extra windmolens in dit gebied: 97% is tegen. Hier is het NIMBY-effect duidelijk zichtbaar. Onder respondenten die in de stadsdelen Oost en Zuid wonen, waar gebied Amstelscheg in valt of aan grenst, is het aandeel tegenstanders net iets hoger dan gemiddeld in de stad (42% tegen versus 38% gemiddeld). In stadsdeel Zuid is het aandeel voorstanders het laagst: 17%.

34

Figuur 9.2 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Amstelscheg, huishoudens in en rond de zoekgebieden (n=1577) Zoekgebied = 7 Amstelscheg

neutraal

(helemaal) mee eens totaal

(helemaal) mee oneens

28

23

38

7 Amstelscheg 3 35

2 Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord

21

31

4 IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland

27 22

6 Amstel III omgeving

14 34

8

26

34

18

42

13

52

9

18 34

0

30

27

23

5 Gaasperplas en Diemerscheg

12

97

1 Havengebied en Brettenzone

3 Noordrand A10

weet niet, geen antwoord

18

28

20

40

26

60

12

100 %

80

Bron: OIS

Figuur 9.3 Houding ten opzichte van plaatsing extra windmolens in Amstelscheg, huishoudens in de stadsdelen (n=919) Zoekgebied = 7 Amstelscheg

(helemaal) mee eens totaal

24

M Oost

23

K Zuid

neutraal

(helemaal) mee oneens 22 20

17

23

A Centrum 23

F Nieuw-West

27

N Noord

27

T Zuidoost

16

42

15 18

18

35

23

17

17

34

17

37

33

20

13

37 22

20

0

38

42

34

E West

weet niet, geen antwoord

19 39

40

60

8

80

100 %

Bron: OIS

35

Bijlage 1 Werkwijze

Uitvoering onderzoek in zoekgebieden De huishoudens in en rondom de zoekgebieden (350 meter, zie de donkerblauwe rand rondom de gebieden in onderstaande kaart) vormen de doelgroep van het onderzoek. Per zoekgebied is op basis van de beschikbare GIS-kaart een steekproef getrokken uit de huishoudens die in en rondom het gebied wonen, waarbij rekening is gehouden met leeftijd en huishoudsamenstelling omdat uit het stads brede onderzoek blijkt dat deze kenmerken van invloed zijn op de mening van bewoners. Een deel van de adressen in een straal van 350 meter rondom de zoekgebieden behoort niet tot de gemeente Amsterdam. Hiervan is niet eenvoudig te achterhalen wat de huishoudenssamenstelling van de hoofdbewoner is of leeftijdsgroep van de bewoners. Deze adressen zijn wel meegenomen in de steekproeftrekking. Afbakening van de gebieden waaruit de steekproef voor de zoekgebieden is getrokken

Bron: OIS

In het steekproefgebied wonen in Amsterdam ruim 65.000 mensen van 18 jaar en ouder. In totaal gaat het om ruim 40.000 bewoonde adressen in Amsterdam en bijna 3.400 woningen buiten de stad in een straal van 350 meter rondom de gebieden. Van deze woningen is onbekend of ze bewoond zijn en wat de huishoudenssamenstelling is.

36

Steekproef In alle gebieden zijn er voldoende huishoudens om een steekproef te trekken, behalve bij gebied 7 Kop Amstelscheg; hier wonen slechts 93 huishoudens in Amsterdam. OIS heeft alle huishoudens in dit gebied in de steekproef meegenomen, en ook de 60 woningen die in een straal van 350 meter rondom dit gebied staan. Voor de overige zes gebieden is een steekproefgrootte van 2.000 adressen gehanteerd, gestratificeerd naar de procentuele verdeling van de huishoudenssamenstelling per gebied, waarbij de woningen in een straal van 350 meter rondom de gebieden buiten Amsterdam naar rato zijn meegenomen (zie onderstaande tabel). De gebieden 1 (Havengebied) en 2 (Noorder IJplas) grenzen aan elkaar, maar ook gebied 3 en 4 deels (zie kaart op de vorige pagina). Hierdoor behoort een deel van de adressen tot beide gebieden. OIS heeft er bij het trekken van de steekproef voor gezorgd dat deze adressen ‘ontdubbeld’ zijn, waardoor zij ofwel in gebied 1, of in gebied 2 terecht zijn gekomen. Ditzelfde geldt voor gebied 3 en 4. Ondanks dat het onderwerp windmolens maatschappelijk relevant en aansprekend is, was van tevoren niet met zekerheid vast te stellen hoe groot de respons zou zijn. We richten ons op een minimale respons van 10%. Dat betekent dat we 200 respondenten per gebied moesten krijgen om betrouwbare uitspraken te kunnen doen, met uitzondering van gebied 7 Kop Amstelscheg.

De onderstaande tabel geeft een overzicht. Steekproefselectie op basis van huishoudenssamenstelling per gebied (absoluut) 4 3 Zeeburgereiland Ring -IJburgA10 Sciencepark

1 Havengebied

2 Noorder IJplas

totaal Amsterdam woningen buiten Amsterdam

8394

6236

449

98

39

2566

160

26

60

3398

totaal

8843

6334

6674

14208

4775

2843

153

43830

steekproefgrootte % waarvan buiten Amsterdam

2000

2000

2000

2000

2000

2000

153

12153

5,1

1,5

0,6

18,1

3,4

0,9

39,2

7,8

target respons (10%)

200

200

200

200

200

200

15

1215

6635

11642

5 GaasperplasDriemond

6 Amstel III eo.

7 Kop Amstelscheg

totaal

4615

2817

93

40432

bron: OIS

Steekproefselectie op basis van huishoudenssamenstelling per gebied (procenten) 4 3 Zeeburgereiland Ring -IJburgA10 Sciencepark

1 Havengebied

2 Noorder IJplas

alleenstaand

49

50

39

eenoudergezin

8

9

13

5 GaasperplasDriemond

6 Amstel III eo.

7 Kop Amstelscheg

totaal

40

43

59

48

45

12

12

17

5

11

overig

1

1

1

1

1

0

0

1

paar met kinderen

23

17

28

30

20

11

25

24

paar zonder kinderen totaal

19

23

19

17

24

12

22

19

100

100

100

100

100

100

100

100

bron: OIS

37

Huishoudens per brief benaderd De geselecteerde huishoudens werden op 17 augustus 2020 per brief uitgenodigd om deel te nemen aan het onderzoek. In de brief stond een unieke code waarmee men toegang kreeg tot de online vragenlijst. Dat betekent dat we hebben gewerkt met een zogenaamde ‘gesloten link’. Hierdoor kon de vragenlijst slechts eenmalig per geselecteerd huishouden worden ingevuld en heeft OIS een betere controle over de respons per gebied gehad. Op 9 september verstuurden we een herinneringsbrief aan degenen die de vragenlijst nog niet hadden ingevuld. Respons In nagenoeg alle zoekgebieden is de gewenste target ruimschoots behaald. In gebied Amstel III omgeving is de respons net iets onder target gebleven. Steekproefselectie en respons per gebied 4 3 Zeeburgereiland Ring -IJburgA10 Sciencepark

1 Havengebied

2 Noorder IJplas

target respons (10%)

200

200

200

respons

257

294

291

5 GaasperplasDriemond

6 Amstel III eo.

7 Kop Amstelscheg

totaal

200

200

200

15

1215

210

298

196

31

1577

Steekproefselectie en respons naar woonplaats steekproefgrootte

aantal verstuurde brieven

respons aantal

Abcoude

24

7

Amstelveen

56

18

Amsterdam

11412

1440

Diemen

390

44

Halfweg

117

37

Landsmeer

14

5

Oostzaan

31

12

Ouderkerk aan de Amstel

9

6

Weesp

62

8

Zaandam

3

0

12118

1577

Totaal

38

Uitvoering onderzoek stadsbrede Monitor Draagvlak Klimaatneutraal In augustus en september is een groep van 2400 panelleden uit het Amsterdampanel van OIS aangeschreven, met een specifieke doelstelling per stadsdeel. Per stadsdeel is er een target van niet-westerse respondenten. Deze target is berekend op basis van het stedelijk percentage nietwesterse Amsterdammers. Dat betekent dat we niet representatieve uitspraken kunnen doen per stadsdeel en westers/niet-westers. Het zorgt ervoor dat we per stadsdeel het stedelijk percentage aan niet-westerse Amsterdammers hebben. Omdat we juist ook de kennis, houding en gedrag wilden weten van groepen die minder vaak responderen op onderzoeken, is de online dataverzameling aangevuld met face-to-face datacollectie. Hiervoor is een gespecialiseerd bureau ingezet, zodat de volumetargets die we hebben m.b.t. deze groepen konden worden behaald.

Overzicht van de steekproef(targets) verdeling grootte % van de bevolking stadsdeel op basis met niet-westerse van migratieachtergrond bevolkingsaantallen (%)

verdeling van respondenten met nietwesterse migratieachtergrond over de stadsdelen (%)

Centrum

10

16

West

17

31

15

5

Nieuw-West

18

53

27

Zuid

17

20

9

Oost

16

32

15

Noord

11

38

12

Zuidoost

10

64

18

target #

1000

aantal respondenten met nietwesterse migratieachtergrond per stadsdeel 17 51 92 31 51 41 61

340

343

Uiteindelijk hebben 1691 respondenten aan het onderzoek meegedaan, waarvan er 1320 via het panel hebben meegedaan en 371 face-to-face. De respons is gewogen op opleidingsniveau, leeftijdsgroep en herkomstgroep om tot een betere afspiegeling van de Amsterdamse bevolking te komen. Door het wegen is het totaal aantal respondenten iets afgenomen tot 1649. De gepresenteerde resultaten in dit rapport zijn de gewogen resultaten daar waar het om het stadsbrede onderzoek gaat. Hierbij zijn de resultaten voor stadsdeel B Westpoort buiten beschouwing gelaten vanwege de lage aantallen respondenten.

39

Overzicht van de respons stadsdeel

ongewogen

gewogen

Centrum

161

104

Westpoort

2

2

West

263

253

Nieuw-West

320

389

Zuid

263

189

Oost

244

194

Noord

178

203

Zuidoost

192

212

onbekend

68

105

1691

1649

Total

40

Bijlage 2 Profiel van de respondenten

Respondenten in de zoekgebieden wijken op leeftijdsverdeling, opleidingsniveau en eigendomsverhouding van de woning af van de respondenten uit de rest van de stad. Respons naar leeftijdsgroep in zoekgebieden (n=1577) en in de rest van de stad (n=1649) 35-49 jaar

16-34 jaar bewoners zoekgebieden

14

50-64 jaar

65 jaar of ouder

24

bewoners Amsterdam

30

42

0

onbekend

26

21

20

20

40

60

7

16

2

100 %

80

Bron: OIS

Respons naar opleidingsniveau in zoekgebieden (n=1577) en in de rest van de stad (n=1649) laag bewoners zoekgebieden

11

bewoners Amsterdam

midden

hoog

onbekend

21

24

59

8

37

0

20

35

40

60

5

100 %

80

Bron: OIS

Respons naar huishoudenssamenstelling in zoekgebieden (n=1577) en in de rest van de stad (n=1649) alleenstaande

zonder kinderen

bewoners zoekgebieden

30

bewoners Amsterdam

28

0

eenoudergezin

met kinderen

34

5

31

20

40

8

60

overig

26

5

30

2

80

100 %

Bron: OIS

41

Respons naar eigendomsverhouding van de woning in zoekgebieden (n=1577) en in de rest van de stad (n=1649) ik ben eigenaar van de woning waarin ik woon ik huur een sociale huurwoning van een woningcorporatie ik huur een sociale huurwoning van een particuliere verhuurder ik huur een vrije sector huurwoning van een woningcorporatie ik huur een vrije sector huurwoning van een particuliere verhuurder anders, namelijk weet niet / geen antwoord

bewoners zoekgebieden

61

bewoners Amsterdam

20

35

0

20

45

40

60

1 9

4 23

5

6

80

5

42

100

%

Bron: OIS

42

Bijlage 3 Vragenlijst

Vragenlijst – Zoekgebieden windmolens Introtekst

Welkom bij de vragenlijst over Windmolens.

De gemeente Amsterdam wil een leefbare en toekomstbestendige stad zijn. Om hier inzichten voor op te doen, voeren we een onderzoek uit naar het plaatsen van extra windmolens in Amsterdam in bepaalde delen van de stad. U woont in of vlak bij één van die gebieden waar mogelijk windmolens gaan komen. Hoe denkt u hierover en welke keuzes worden hierbij in uw huishouden gemaakt?

Windmolens De ambitie van de gemeente Amsterdam is om voor het jaar 2030 circa 17 (extra) windmolens bij te plaatsen. Maximaal de helft hiervan zou in het havengebied passen. De windmolens zullen ongeveer 150 meter hoog worden en volgens alle wettelijke normen worden geplaatst (o.a. ten aanzien van geluid en slagschaduw). Met de Amsterdamse ambitie voor meer windmolens én zonnepanelen op de helft van de geschikte daken wordt in 2030 genoeg duurzame elektriciteit opgewekt voor 80% van de Amsterdamse huishoudens. Bewoners in de buurt van de windmolens krijgen de mogelijkheid om mee te denken over de plannen en om financieel mee te profiteren van de opbrengsten. Kunt u aangegeven in hoeverre u het ermee eens bent dat extra windmolens gerealiseerd worden in Amsterdam? 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

Windmolens_toelichting

Wilt u dat toelichten?

V22_info Hieronder zijn zeven gebieden weergegeven waar wordt gezocht naar geschikte locaties voor de extra windmolens (plus een extra gebied als er onvoldoende mogelijkheden blijken te zijn in de zeven gebieden). V22_1 Kunt u per gebied aangegeven in hoeverre u het ermee eens bent dat daar mogelijk extra windmolens gerealiseerd worden in Amsterdam? Havengebied en Brettenzone 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_1_toelichting Wilt u dat toelichten?

43

V22_2Noorder IJ-plas en havengebied stadsdeel Noord 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_2_toelichting Wilt u dat toelichten? V22_3Noordrand A10 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_3_toelichting Wilt u dat toelichten? V22_4IJburg, Sciencepark en Zeeburgereiland 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_4_toelichting Wilt u dat toelichten? V22_5Gaasperplas en Diemerscheg 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_5_toelichting Wilt u dat toelichten? V22_6Amstel III omgeving 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_6_toelichting Wilt u dat toelichten? V22_7Amstelscheg 1 2 3 4 5 6

helemaal mee eens mee eens niet mee eens en niet mee oneens mee oneens helemaal mee oneens weet niet, geen antwoord

V22_7_toelichting Wilt u dat toelichten? Leeftijd Nu volgen nog enkele vragen voor de statistiek: Wat is uw leeftijd?

44

Opleiding Wat is op dit moment uw hoogst VOLTOOIDE opleiding? Als u in het buitenland een opleiding heeft gevolgd en u weet de Nederlandse variant daarvan, vul dat dan in. Anders kunt u de door u gevolgde opleiding in het tekstveld noteren. 1 2 3 4 5 6 7 8 9  10  11  12

geen opleiding afgerond lagere school / basisschool, speciaal (basis) onderwijs lager beroepsonderwijs (LBO, VBO, VSO, MBO niveau 1, praktijkonderwijs) VMBO MAVO, MULO, ULO middelbaar beroepsonderwijs (MBO 2, 3 of 4) HAVO, MMS VWO, Gymnasium, Atheneum, HBS hoger beroepsonderwijs (HBO), associate degree, hbo-bachelor, wo-bachelor wetenschappelijk onderwijs / universiteit / master, hbo-master, wo-master, PhD een andere (bedrijfs)opleiding of cursus, namelijk geen antwoord

HHSAM Kunt u aangeven hoe uw huishouden is samengesteld? Een huishouden is: (samen)wonen, eten, kosten betalen, slapen voor minimaal 4 nachten in de week en inclusief kinderen van 18 jaar en ouder 1 2 3 4 5 6 7 8 9  10  11

een persoon, alleenstaande (echt)paar zonder kinderen (thuis) (echt)paar met kind(eren) (thuis) een ouder met kind(eren) (thuis) twee volwassenen, zonder kinderen (thuis) twee volwassenen, met kinderen (thuis) drie of meer volwassenen, met kind(eren) (thuis) drie of meer volwassenen, zonder kinderen (thuis) anders, namelijk weet niet geen antwoord

V1Bent u huurder of eigenaar van uw woning? 1 2 3 4 5 6 7

ik ben eigenaar van de woning waarin ik woon ik huur een sociale huurwoning van een woningcorporatie ik huur een sociale huurwoning van een particuliere verhuurder ik huur een vrije sector huurwoning van een woningcorporatie ik huur een vrije sector huurwoning van een particuliere verhuurder anders, namelijk weet niet / geen antwoord

HHINK In dit onderzoek zijn we benieuwd of het huishoudinkomen invloed heeft op de uitkomsten. De volgende vraag stellen we dan ook enkel voor dit doeleinde. In welke klasse valt het netto inkomen van uw huishouden? Uitkeringen, pensioengelden, alimentatie en dergelijke zijn ook inkomsten. Vakantiegeld, kinderbijslag, zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag en inkomen van kinderen jonger dan 18 jaar vallen niet onder het netto inkomen. 1 2 3 4 5 6

netto 750 euro per maand of minder netto tussen de 751 en 1.750 euro per maand netto tussen de 1.751 en 3.050 euro per maand netto tussen de 3.051 en 5.000 euro per maand netto meer dan 5.001 per maand weet niet / geen antwoord

JUISTPCWat is uw postcode? Opmerkingen In deze vragenlijst zijn verschillende onderwerpen aan bod gekomen. Wellicht zijn er onderwerpen die niet in deze vragenlijst aan de orde zijn geweest, maar waarover u wel graag iets kwijt zou willen. Ook suggesties voor verbetering zijn welkom. Deze kunt u hieronder Beschrijven. Dit waren alle vragen. Hartelijk dank voor uw medewerking. Door op 'Vorige' te klikken kunt u uw antwoorden bekijken. Door op 'Verzend' te klikken verzendt u uw antwoorden en sluit u de vragenlijst af. De vragenlijst kan hierna niet meer worden geopend.

45

46

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10101667/1