3. Dialogic Evaluatie Amsterdamse Kernprocedure 2021 .pdf
Tekst van het document
Mogelijk is Covid-19 een aanleiding voor deze verandering, omdat digitale informatievoorziening wellicht niet toereikend was voor sommige ouders. De servicedesk ELK digitaal aanmelden is door 15% van de ouders gebruikt. De verschillende vraagloketten worden door de ouders die er gebruik van hebben gemaakt als voldoende tot ruim voldoende beoordeeld. De servicedesks digitaal aanmelden en centrale loting en matching worden beiden beoordeeld met respectievelijk een 7 en een 7,1. De servicedesk werd in 2019 en 2020 beoordeeld met een score van 6,6 en een 6,4. Uit de interviews blijkt dat de servicedesk van ELK over het algemeen goed bereikbaar was, hoewel ze in de meivakantie onaangekondigd gesloten waren. Hierdoor moesten ouders lang wachten op een reactie. De uitleg van de servicedesks van ELK en het doorverwijzen naar andere partijen wordt over het algemeen positief gewaardeerd. De Helpdesk van OCO, het informatiepunt Ouders & Onderwijs en het gemeentelijk informatienummer 14020 scoren alle drie hoger dan vorig jaar en gaan er respectievelijk 0,7; 0,6 en 0,7 punten op vooruit. Ouders zijn het meest tevreden met het Informatiepunt Ouders &
Dialogic innovatie ● interactie
51
Onderwijs, dat een score van 7,4 toebedeeld kreeg. De Helpdesk van OCO is beoordeeld met een score van 7,2 en het gemeentelijk informatienummer 14020 met een score van 6,8.
16%
7,5
15%
7,4
14%
7,3
12% 10%
7,4
7,1
7,2
10%
8%
7,2 7,1 7,0
7,0
6,9
6% 6,8 4%
6,7
2%
2%
6,8
1%
1%
0%
6,6 6,5
Servicedesk ELK Servicedesk ELK digitaal aanmelden loting en matching (n=269) (n=197) % Gebruik (n=2922)
Helpdesk OCO (n=44)
Informatiepunt Gemeentelijk Ouders & informatienummer Onderwijs (n=17) (n=11)
Gemiddeld cijfer (bijhorende n achter naam vraagloket)
Figuur 50: Gebruik en oordeel vraagloketten.
3.6.2 Klacht- en bezwaarprocedure Dit jaar is voor het eerst gebruik gemaakt van een onafhankelijke toetsingscommissie voor het behandelen van bezwaren over het plaatsingsaanbod. De toetsingscommissie adviseert over bezwaren tegen een aanbod tot plaatsing respectievelijk weigering toelating tot de VOschool van eerste voorkeur37. De bezwaarprocedure is beperkt tot bezwaren tegen de uitkomst van de matching en geldt niet voor klachten over de Kernprocedure. De toetsingscommissie heeft niet de bevoegdheid om het plaatsingsaanbod van leerling te wijzigen, het heeft enkel de bevoegdheid tot adviseren. In de praktijk blijkt dat het advies van de toetsingscommissie een sterk effect heeft en in de meeste gevallen wordt opgevolgd. Verantwoording hierover vanuit OSVO moet nog plaatsvinden. Aan ouders is in de vragenlijst gevraagd of men wist waar ze terecht konden met klachten en bezwaren. Hieruit blijkt dat 35% van de ouders wist waar ze terecht konden met bezwaren en een vergelijkbaar deel (34%) van de ouders wist waar ze terecht konden met klachten (n=2292). Uit interviews blijkt dat er verschillen zijn in de snelheid waarmee ouders een reactie krijgen op hun bezwaar. Eén van de gesprekspartners geeft daarnaast als knelpunt aan dat bezwaren momenteel behandeld op volgorde van indienen.
Als de 4% extra capaciteit op een betreffende school al is gevuld, hebben de overige leerlingen met een bezwaar mogelijk pech. Enkele gesprekspartners pleiten er daarom voor om de bezwaren gelijktijdig te beoordelen en de reactietermijn gelijk te trekken. Nadeel hiervan indieners die gelijk een bezwaar indienen zes weken moeten wachten op de uitslag door de wettelijke bezwaartermijn van
37
Wanneer een leerling als gevolg van de Matching is geplaatst/een aanbod tot toelating krijgt van een VO-school van tweede of lagere voorkeur, kan dit worden aangemerkt als besluit van het VO-bestuur van de school van eerste voorkeur tot weigering van de toelating.
52
Dialogic innovatie ● interactie
zes weken. Tijdens de validatiesessie is door leden van de regiegroep echter aangegeven dat in de praktijk indieners met een gehonoreerd bezwaar vaak alsnog worden toegelaten op de school van voorkeur, ook al is de 4% extra capaciteit al gevuld. Een overig aandachtspunt dat benoemd wordt in de interviews betreft de beperkte bezwaargronden. Eén van de respondenten noemt als voorbeeld dat de commissie bezwaarschriften inzake hoogbegaafdheid afwijst omdat dit binnen de basisondersteuning valt, terwijl het zo kan zijn dat bepaalde scholen passender zijn dan anderen. Men vindt het belangrijk dat per geval gekeken wordt of een school passend is. Klachten en bezwaarschriften over kwesties die niet te maken hebben met het plaatsingsaanbod maar de uitvoering van de loting en matching worden doorgezet naar en behandeld door OSVO. Enkele interviewrespondenten plaatsen vraagtekens bij het feit dat OSVO klachten over haar eigen procedure afhandelt. Het ontbreekt hierbij aan externe controle. Enkele interviewrespondenten wensen meer ingebouwde onafhankelijkheid voor het afhandelen van de klachten en bezwaren tegen de procedure, maar ook in relatie tot de procedure als geheel. Suggesties die daarbij gedaan worden zijn het aanstellen van een toezichthouder die toeziet op de stappen richting de loting (bijv. i.r.t.
de capaciteit van de scholen) en de inrichting van medezeggenschap voor ouders vanuit het PO en VO. Over het algemeen is meer openheid over de klacht- en bezwaarprocedure wenselijk, blijkt uit de interviews. Een verantwoordingsrapportage vanuit OSVO over het aantal vragen, klachten en bezwaren dat is ingediend zou hieraan bijdragen. Hierbij is het belangrijk dat de werkwijze van de toetsingscommissie en de gehanteerde procedure en criteria omtrent de toekenning van bezwaren verantwoord wordt.
Dialogic innovatie ● interactie
53
4 Conclusies een aanbevelingen Op basis van de resultaten, zoals gepresenteerd in het voorgaande hoofdstuk, vatten we in dit hoofdstuk de belangrijkste conclusies samen (paragraaf 4.1). Vervolgens presenteren we enkele aanbevelingen (paragraaf 4.2).
4.1 Conclusies Voorlichting over doel en opzet Kernprocedure 1. Een kleine meerderheid (55%) van de ouders vindt de informatievoorziening/communicatie over het doel van de loting en matching goed tot zeer goed. 79% van de ouders geeft daarnaast aan het proces van aanmelding en toelating duidelijk te vinden. De meeste ouders vinden loten en matching dan ook een eerlijke en transparante oplossing. Tegelijkertijd is er een groep ouders die niet snapt waarom dit systeem is opgezet en/of de eerlijkheid en de transparantie van het systeem (o.m. het algoritme) ter discussie stelt. Zo blijft het voor ouders moeilijk te begrijpen dat leerlingen met een school als eerste voorkeur daar niet geplaatst kunnen worden (vanwege ongunstig lotnummer), terwijl er wel kinderen geplaatst worden die de school op een lagere plek hadden (dat voelt oneerlijk). 2. Van de leerlingen geeft iets meer dan de helft (53%) aan het proces van de centrale loting en matching te begrijpen en 38% zegt het ‘een beetje’ te begrijpen. 10% van de leerlingen geeft aan niet te snappen hoe de centrale loting en matching is gegaan. 3. Respondenten vanuit zowel PO en VO zijn over het algemeen van mening dat de centrale loting en matching transparant is. Bij het PO ligt dit percentage iets hoger (53%) dan bij het VO (42%). Algemene informatievoorziening over Kernprocedure 4.
Een ruime meerderheid (66%) van de ouders geeft aan door de basisschool goed geïnformeerd te zijn over de werking van de centrale loting en matching en 55% kon bij de basisschool ook goed terecht met vragen hierover. Het persoonlijk contact ten aanzien van het informeren van ouders werd dit jaar duidelijk gemist. Het belang van fysieke informatievoorziening wordt onderstreept door de respondenten. 5. Respondenten uit het PO zijn over het algemeen tevreden over de informatievoorziening. Scholen geven aan dat ze over het algemeen voldoende informatie over de overstap hebben om ouders en leerlingen te kunnen voorlichten (89%). De informatievoorziening over de werking van voorrangsregels wordt iets minder positief beoordeeld (10% vindt dit niet goed en 27% is neutraal). Ook geeft een deel (13%) van de respondenten uit het PO aan dat het vooraf niet goed begreep hoe de procedure dit jaar was ingericht. Door corona hebben er een aantal wijzigingen plaatsgevonden waarover de informatievoorziening laat op gang kwam met name als het gaat over het kansrijk adviseren en plaatsen en de digitale aanmelding. 6. Ook door de respondenten uit het VO wordt over het algemeen positief geoordeeld over de informatievoorziening. De VO-scholen hebben eveneens over het algemeen aan over voldoende informatie te beschikken om ouders en leerlingen te kunnen voorlichten (68%).
Net als in het PO, geeft een deel van de respondenten uit VO (12%) aan dat vooraf niet goed begrepen was hoe de procedure dit jaar was
Dialogic innovatie ● interactie
55
ingericht, de verklaring ligt in de onzekerheden omtrent de procedure als gevolg van corona. Ruim een kwart (26%) van de respondenten uit het VO is van mening dat de basisscholen niet genoeg aanvullende informatie aanleveren in het oki-doc op het basisschooladvies van leerlingen te ondersteunen. De oki-docs worden niet altijd goed/volledig ingevuld. Gebruik en waardering informatiemiddelen ouders en leerlingen 7. De Amsterdamse Keuzegids en de websites van middelbare scholen worden het meest gebruikt door ouders om samen met hun kind informatie te zoeken voor de schoolkeuze (respectievelijk 67% en 62%), gevolgd door de website voschoolkeuze020.nl (40%). Nieuw dit jaar was de Schoolkeuze 02021 app en de flyer over de digitale open dagen, respectievelijk door 4% en 7% van de ouders gebruikt. De ScholenArenA werd dit jaar gemist als informatiemiddel. Sommige ouders geven aan dat door de veelvoud aan informatie lastig is om overzicht te houden. 8. Leerlingen geven aan het liefst informatie te verkrijgen door het bezoeken van websites van scholen (66%). Dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan vorig jaar (30%) en er lijkt sprake van een substitutie-effect ten aanzien van de open dagen.
Vorig jaar stonden de open dagen namelijk met stip op nummer 1 als informatiemiddel voor leerlingen (79%), nu zoekt ‘slechts’ 31% van de leerlingen het liefst informatie door middel van het bekijken van de digitale open dagen. 9. De verschillende informatiemiddelen krijgen een goede beoordeling van ouders met gemiddelde cijfers tussen de 6,4 en de 7,7. Na de Website scholenopdekaart.nl (7,7) scoren de VO Gids (7,6), de website voschookeuze020.nl (7,6) het hoogst, de Schoolkeuze 02021 app scoort het laagst. De Keuzegids scoort een 7,5. Met name voor minder taalvaardigde ouders is de beschikbare informatie te complex. 10. De Keuzegids krijgt gemiddeld een 7,5 van ouders. Over het algemeen worden de overzichtelijkheid, compactheid en concrete informatie als pluspunten genoemd. 74% vindt het stappenplan uit de Keuzegids duidelijk, 76% vindt dat de Keuzegids een duidelijke omschrijving geeft van de centrale loting en matching. Ook hebben de pagina’s met informatie per school een ruime meerderheid (76%) geholpen met het opstellen van de voorkeurslijst. Daarnaast geeft 65% van de leerlingen geeft aan te snappen wat in de Keuzegids stond. Enerzijds is er behoefte aan nog compactere en overzichtelijke informatie in de Keuzegids. Anderzijds missen ouders en vooral ook de leerlingen meer onderscheidende informatie over de scholen om de keuze op te baseren.
Tot slot bestaat er behoefte aan meer objectieve informatie over de scholen. 11. Nieuw dit jaar was de Schoolkeuze 02021 app: het gebruik van deze app is beperkt (4%). 77% van de niet-gebruikers geeft aan de app niet te kennen en 20% geeft de voorkeur aan een papieren gids. De gebruikers geven de app gemiddeld een 6,4. De app wordt overzichtelijk en uitgebreid gevonden. Een minpunt is dat het niet mogelijk is om informatie (bijv. favorieten) op te slaan. Digitale open dagen 12. De digitale open dagen zijn minder bezocht zijn dan in andere jaren de fysieke open dagen. 85% van de ouders en 86% van de kinderen geeft aan minstens één digitale open dag te hebben bezocht. Net als in voorgaande jaren wordt over het algemeen meer open dagen bezocht als een leerling een hoger schooladvies heeft. 13. Ouders en leerlingen hebben een duidelijke voorkeur voor fysieke open dagen. Van de leerlingen die digitale open dagen hebben bekeken geeft 92% aan liever fysieke
56
Dialogic innovatie ● interactie
open dagen te hebben gehad, bij ouders ligt dit percentage op 86%. Het grootste gemis aan de digitale open dagen was het niet kunnen proeven van de sfeer op VOscholen en het gebrek aan informele interactie tussen ouders en leerlingen en de school. 14. De open dagen hebben leerlingen dit jaar ook beduidend minder leerlingen geholpen bij het maken van de keuze: 36% ten opzichte van 71% vorig jaar. Ook bij ouders zien we dit terug (bij 60% van de ouders heeft het geholpen t.o.v. 84% vorig jaar). Een positief punt is dat over het algemeen het bekijken van digitale open dagen wel als minder belastend wordt ervaren (het maakt het makkelijker om snel informatie te krijgen). 15. Het voorbereiden van de digitale open dagen kostte volgens 53% van de respondenten uit het VO meer werk dan het voorbereiden van fysieke open dagen. Toch zijn de digitale open dagen over het algemeen goed verlopen. Scholen zijn creatief geweest in het vinden van digitale mogelijkheden. Ouders en leerlingen geven aan dat met name filmpjes over de school, webinars/online informatieavonden en virtuele rondleidingen geholpen hebben bij het maken van een keuze. Verder blijkt dat het aanbod van VO-scholen enorm divers is geweest in type aanbod maar ook in kwaliteit.
Het goed kunnen beoordelen van scholen was daardoor lastiger voor ouders en leerlingen: sommige scholen zijn beter in het vormgeven van digitale open dagen dan anderen, maar dat hoeft niets te zeggen over de kwaliteit/kenmerken van de school. 16. Duidelijk wordt dat de digitale open dagen de fysieke open dagen niet kunnen vervangen, maar tegen een combinatie wordt positief aangekeken (om het bereik te vergroten, de mogelijkheid te creëren om meer scholen bekijken en de drukte op de fysieke open dagen te verminderen). 36% van de respondenten uit het VO verwacht ook volgend jaar digitale open dagen te organiseren maar wel als aanvulling op fysieke open dagen. Opstellen voorkeurslijst 17. Bijna alle leerlingen geven aan op de hoogte te zijn geweest van de vereiste lengte voor hun voorkeurslijst (94%). Ruim de helft van de leerlingen vond het ‘een beetje moeilijk’ vonden om hun voorkeurslijst op te stellen. 19% vond dat ‘heel moeilijk’. 47% geeft aan dat dat komt omdat ze minder scholen leuk vonden dan er op de lijst moesten. Voor 40% geldt als reden dat ze te weinig informatie hadden om een goed beeld over de scholen te krijgen. Leerlingen met een havo, havo/vwo of vwo advies vinden het over het algemeen lastiger om de voorkeurslijst op te stellen.
In vergelijking met vorig jaar vinden ouders het beduidend lastiger om de voorkeurslijst op te stellen; in 2020 vond 48% van de ouders het makkelijk, dit jaar 30%. 18. Voor de leerlingen blijken een goede sfeer het belangrijkste criterium te zijn om een school op de eerste plek op de voorkeurslijst te zetten (45%). Vorig jaar zijn de fysieke open dagen een stuk doorslaggevender geweest: 60% gaf toen aan dat een leuke (fysieke) open dag een reden is geweest om een school op de voorkeurlijst te zetten t.o.v. 28% dit jaar. Ook het ervaren van een goede sfeer is vorig jaar vaker als reden genoemd (60%). 19. Over het algemeen begrepen ouders waarom er een voorkeurslijst ingediend moest worden (74%). 83% van de ouders van kinderen met een havo, havo/vwo of vwoadvies geeft dat een lijst met 12 scholen te lang is. Er is dan simpelweg geen sprake meer van voorkeuren.
Dialogic innovatie ● interactie
57
Kansrijke klassen 20. Ongeveer de helft van de ouders zegt niet bekend te zijn met de mogelijkheid tot kansrijk plaatsen. Van de ouders waarvan het kind een dubbeladvies ontvangen heeft (vmbo-basis/kader, vmbo-t/havo en havo/vwo) geeft 40% aan rekening te hebben gehouden met scholen die kansrijke klassen aanboden. 21. 45% van de respondenten uit het VO heeft aangegeven dat hun school de procedure omtrent kansrijk plaatsen begreep, bij het PO is dat 78%. Er heeft bij de betrokkenen veel onduidelijkheid bestaan omtrent het kansrijk plaatsen en de vorming van kansrijke klassen onder meer als gevolg van late informatieverstrekking. Het was op voorhand voor sommige ouders niet helder wat de invloed van het kiezen van een kansrijke klas op de voorkeurslijstlengte was. Daarnaast was het niet duidelijk wat de kansrijke klassen precies inhielden en hoe VO-scholen hiermee omgaan (bijv. wel/geen les op het hoogste niveau, extra ondersteuning, andere becijfering/normering), dit blijkt in de praktijk wisselend Ook uiten enkele ouders onbegrip over het feit dat het aanbieden van een kansrijke klas niet de garantie biedt dat deze klas ook daadwerkelijk gevormd wordt. 22. 57% van de betrokkenen uit het PO en 73% van de betrokkenen uit het VO vindt het goed dat plaatsing in kansrijke klassen is aangeboden.
We halen op dat er wisselend wordt aangekeken tegen het kansrijk plaatsen: sommigen vinden het een positieve ontwikkeling (advies komt op een te jonge leeftijd), anderen zien geen meerwaarde. Verder wordt genoemd dat kansrijk adviseren in combinatie met de mogelijkheid tot kansrijk plaatsen dubbelop is. Daarnaast is de normering van de eindtoets aangepast vanwege leerachterstanden door corona. Dit maakt dat sommigen bezorgd zijn of leerlingen het niveau aankunnen. Digitale aanmelding 23. De meerderheid van de ouders geeft aan voldoende geïnformeerd te zijn over de wijze van digitaal aanmelden (78%). Ook betrokkenen vanuit het PO geven aan over het algemeen voldoende geïnformeerd te zijn over de digitale aanmeldingsprocedure (83%). Ruim de helft van respondenten uit het PO geeft aan dat hun school heeft dit jaar wel meer tijd moeten besteden aan de voorlichting van ouders door de overstap naar een digitaal systeem (56%). 24. Belangrijke voordelen van het digitale aanmeldingssysteem zijn het efficiëntere aanmeldingsproces, het feit dat PO-scholen direct kunnen zien wanneer inlogcodes geactiveerd zijn en leerlingen zijn aangemeld, het feit dat er geen fysieke kennismaking plaatsvindt (dit kan teleurstellingen voorkomen als een leerling niet op de betreffende school geplaatst wordt), en het feit dat het indienen van een te korte lijst niet mogelijk was.
De twee laatstgenoemde punten worden tevens als nadeel genoemd (respectievelijk i.r.t. het gemis aan persoonlijk contactmoment en de verplichting tot deelname aan de plaatsingsgarantie). Andere nadelen zijn dat de digitale aanmelding lastiger kan zijn voor ouders die minder digitaal vaardig zijn en dat PO-scholen geen check meer hadden op de voorkeurslijst en niet konden zien waar leerlingen uiteindelijk geplaatst werden (t.b.v. adviseren bij onlogische keuzes en nazorg voor teleurgestelde leerlingen). 25. De digitale aanmelding is over het algemeen goed verlopen ondanks dat de informatievoorziening laat op gang kwam. De meeste gesprekspartners zijn voorstander van voortzetting van de digitale aanmelding met enkele aanpassingen gerelateerd aan de genoemde nadelen.
58
Dialogic innovatie ● interactie
Hardheidsclausule 26. 57% van de ouders is niet bekend met de hardheidsclausule. De rest is er wel (19%) of een beetje (24%) bekend mee. Van de ouders die (een beetje) bekend zijn met de hardheidsclausule geeft 23% aan de communicatie (zeer) goed te vinden. Echter geeft ook 23% van de ouders aan de communicatie matig of slecht te vinden. Van de respondenten uit het VO geeft 64% aan goed geïnformeerd te zijn over de werking van de hardheidsclausule. 12% van de respondenten zegt dat dat voor hun school niet het geval is. Bij het PO is men in vergelijking met het VO iets minder goed op de hoogte van de werking van de hardheidsclausule. 48% zegt goed geïnformeerd te zijn, waar dit voor 15% niet geldt. 27. Onder zowel ouders als betrokkenen uit het onderwijs bestaat onduidelijkheid omtrent de deadline voor de hardheidsclausule. De VO-scholen hanteren verschillende deadlines, terwijl in het tijdpad als deadline de laatste dag van aanmelding gehanteerd wordt. Een deadline op de laatste dag van aanmelding is te laat volgens betrokkenen uit het VO. Ook wordt er een gebrek ervaren aan eenduidige richtlijnen door diverse betrokkenen: wat valt er wel en niet onder? Tevredenheid met plaatsing 28. 83% van de leerlingen is tevreden met de school van plaatsing. Het overgrote deel van de leerlingen heeft dan ook zin om na de zomervakantie naar hun nieuwe school te gaan (81%).
Onder ouders is ruim de helft van de ouders is zeer tevreden met de school waar hun kind naartoe gaat (54%) en 27% is tevreden. De tevredenheid neemt logischerwijs af naarmate leerlingen lager op de voorkeurslijst geplaatst zijn. 29. 63% van de ouders zou een plaatsingsaanbod binnen de top 3 nog acceptabel vinden. Van de leerlingen vindt 55% dit acceptabel. De acceptatie neemt daarna snel af. 30. Ouders zijn over het algemeen op de hoogte van het feit dat er een kans bestaat dat hun kind niet op de school van eerste voorkeur geplaatst wordt (92%). De ouders die aangeven zich hier bewust van te zijn, zeggen bijna allemaal dat ze het ook met hun kind over deze kans gehad hebben (97%). 77% van de ouders geeft aan dat ze door de basisschool voorgelicht zijn over de kans op een plaatsingsaanbod lager op de voorkeurslijst. 31. Het overgrote deel van de betrokken uit het PO geeft aan dat dat op hun school de groep 8 leerlingen volgend jaar over het algemeen naar VO-scholen gaan die past bij hun onderwijsbehoefte: 21% is het hier zeer mee eens en 63% is het hier mee eens. 8% van de betrokkenen schat in dat er een minder goede aansluiting is tussen de onderwijsbehoefte van hun groep 8 leerlingen en de VO-scholen waar deze leerlingen geplaatst zijn. Plaatsingsgarantie en staartverbetering 32. 34% van de ouders zegt niet bekend te zijn met de plaatsingsgarantie.
39% is er wel bekend mee en 26% is er een beetje bekend mee. 42% zegt de communicatie (zeer) goed te vinden; 16% geeft aan dat de communicatie matig of slecht is. Over het algemeen wordt de plaatsingsgarantie gewaardeerd door diverse betrokkenen, maar een lijst van 12 scholen wordt te lang gevonden.
Dialogic innovatie ● interactie
59
33. Vanuit het PO staat ruim de helft van de bevraagde betrokkenen positief tegenover het inzetten van de procedure van staartverbetering (57%). Bij het VO kijkt men iets minder positief aan tegen de staartverbetering. 38% vindt het goed dat dit is doorgevoerd, ook een relatief groot deel staat hier neutraal tegenover of heeft geen mening. 34. De optimaliseringsslagen (plaatsingsgarantie en de staartverbetering) maken de procedure lastiger uitlegbaar en ogenschijnlijk minder eerlijk en transparant. Zo zijn er fouten gemaakt bij de uitvoering van de staartverbetering. Dit heeft bij een groep ouders tot veel onbegrip geleid en vergroot de roep om controleerbaarheid van het systeem. 35. Uit de gesprekken hebben we signalen opgevangen over strategisch kiezen: de staart van de lijst vullen met scholen die heel populair zijn, om bij een ongunstig lotnummer meer kans te maken op plaatsing via de extra capaciteit/het garantieoverleg. Ook blijkt na de uitvoering van de plaatsingsgarantie en staartverbetering dat onderling ruilen in sommige gevallen voor beide leerlingen tot een plaatsing hoger op de voorkeurslijst betekende. Voorrangsregels 36. Tegen de voorrangsregel voor onderwijsconcepten (Montessori, Dalton, Vrije School) wordt wisselend aangekeken.
Enerzijds vindt men het oneerlijk dat leerlingen uit het PO hierop achtergesteld worden terwijl een dergelijk onderwijsconcept wel passend kan blijken, anderzijds vindt men het van belang dat de leerlingen die via een bepaald onderwijsconcept geschoold zijn de leerlijn ook af moeten kunnen maken. Reservelijsten 37. De opbouw van de reservelijsten (ongunstige/hoge lotnummers komen bovenaan de reservelijst) wordt over het algemeen rechtvaardig gevonden door diverse betrokkenen. Over het algemeen is de werking van de reservelijsten duidelijk voor ouders, maar wat vragen oproept is dat er bij sommige scholen veel plaatsingen via de reservelijst zijn en bij anderen niet. Er bestaat daarnaast behoefte aan meer inzichtelijkheid in de actuele plek op de reservelijst. Afrondingsfase 38. Een belangrijk aandachtspunt blijft het beperkte tijdpad: de periode om een nieuwe lijst op te stellen in de afrondingsfase wordt als heel kort ervaren. Behandelfase 39. 29% van de respondenten uit het VO geeft aan dat de informatieoverdracht in de oki-docs m.b.t. ondersteuningsbehoeften niet goed verloopt. de oki-docs niet altijd goed of volledig worden ingevuld. In het vernieuwde oki-doc is het moeilijker om op goede manier de ondersteuningsbehoefte van leerlingen te beschrijven.
Ook zijn toelichtingen niet verplicht, wat het voor het VO lastiger maakt om te achterhalen wat er precies aan ondersteuning nodig is. 40. 30% van de respondenten uit het VO en 24% van de respondenten uit het PO is van mening dat de loting en matching onvoldoende mogelijkheden voor maatwerk biedt voor leerlingen met ondersteuningsbehoeften. Voor leerlingen met specifieke behoeften blijft er onzekerheid of ze goed geplaatst worden. Er bestaat daarnaast onduidelijkheid over de afbakening van de basisondersteuning die alle scholen
60
Dialogic innovatie ● interactie
aanbieden wat valt precies onder basisondersteuning, wat valt onder de extra ondersteuningsbehoefte en wat behoort tot de hardheidsclausule? Het is zeer onwenselijk om leerlingen na de loting en matching alsnog niet te plaatsen omdat de school de gevraagde ondersteuning niet kan leveren. Veel scholen zitten dan al vol en dan is het lastig om een school te vinden die passend onderwijs kan bieden. 41. De nieuwe procedure rondom LWOO wordt door sommigen onduidelijk gevonden. Scholen bieden het nog wel aan, maar kinderen die leerwegondersteuning nodig hebben kunnen zich ook op andere scholen inschrijven die de ondersteuning niet kunnen bieden. Heroverwegingsfase 42. Ook dit jaar wordt opgemerkt dat het aanbod voor leerlingen met een bijgesteld advies in de heroverwegingsfase beperkt is. Vraagloketten 43. De verschillende vraagloketten zijn nog niet alom bekend: slechts 22% van de ouders heeft gebruik gemaakt van vraagloketten. Dit is wel een toename ten opzichte van de afgelopen twee jaar. Naast de centrale vraagloketten (ELK, OCO, gemeente Amsterdam, Informatiepunt Ouders & Onderwijs) blijkt dat 16% van de ouders naar de basisschool heeft gebeld met vragen en 22% naar de middelbare school. 44. De ouders die wel gebruik hebben gemaakt van vraagloketten hebben vooral gebruik gemaakt van de servicedesk ELK digitaal aanmelden (15%) en de servicedesk ELK loting en matching (10%).
Deze servicedesks krijgen gemiddeld een 7,1 en 7,7 van ouders. Uit de interviews blijkt dat de servicedesk van ELK goed bereikbaar was. Echter is de meivakantie bij de servicedesk is niet/onvoldoende aangekondigd, waardoor ouders lang moesten wachten op reactie Klachten en bezwaren 45. Niet alle ouders zijn goed op de hoogte van waar ze terecht kunnen met klachten en bezwaren: 35% van de ouders wist waar ze terecht konden met bezwaren en 34% van de ouders wist waar ze terecht konden met klachten. Er blijken grote verschillen zijn in de snelheid waarmee ouders een reactie krijgen op hun bezwaar. 46. De Toetsingscommissie die dit jaar is ingevoerd draagt bij aan de onafhankelijkheid van de bezwaarprocedure. Er wordt gepleit dat een dergelijke commissie ook wordt ingericht voor de afhandeling van klachten tegen de Kernprocedure. Ook is meer openheid over de klacht- en bezwaarprocedure wenselijk (bijv. in de vorm van een verantwoordingsrapportage).
4.2 Aanbevelingen Op basis van bovenstaande conclusies formuleren we in deze paragraaf een aantal aanbevelingen / overwegingen. Voorlichting •
Behoud aandacht voor de informatievoorziening richting minder taalvaardige ouders (bijv. door fysieke informatieavonden). Bekijk hoe scholen en ouders hierin ondersteund kunnen worden (door bijv. de gemeente en OCO).
•
Overweeg om speciale informatiebijeenkomsten te organiseren voor onderwijsprofessionals die voor het eerst met de Kernprocedure te maken hebben. Voor
Dialogic innovatie ● interactie
61
nieuwe IB’ers en leerkrachten is de procedure complex. Er zouden speciale informatiebijeenkomsten georganiseerd kunnen worden voor starters. Daarnaast valt het ook te overwegen om een informatiebijeenkomst te organiseren primair gericht op de wijzigingen voor de onderwijsprofessionals die inmiddels de nodige ervaring hebben opgebouwd met de Kernprocedure. Benut hierbij ook digitale informatiemiddelen zoals het opnemen van filmpjes over specifieke onderwerpen of het organiseren van webinars. •
Vergroot de vindbaarheid van de voorwaarden van de deelname aan de Kernprocedure en het gehanteerde algoritme Ouders moeten weten waar ze voor tekenen. In de Keuzegids kan bijv. een verwijzing opgenomen naar waar deze informatie te vinden is, let daarbij op begrijpelijk taalgebruik.
•
Blijf in de diverse informatiemiddelen ook aandacht besteden aan het doel van de centrale loting en matching. Ook in het kader van transparantie is het van belang om uit te blijven leggen hoe de loting en matching in zijn werk gaat en wat het nut en de noodzaak van loting en matching is.
•
Vergroot de bekendheid van de Schoolkeuze 02021 app en maak het mogelijk om favorieten op te slaan.
•
De Keuzegids zou uitgebreid kunnen worden met een overzichtstabel met een aantal belangrijke, neutraal geformuleerde kenmerken van alle scholen om tegemoet te komen aan de behoefte aan meer overzicht. Kijk daarbij ook naar (digitale) mogelijkheden om iets meer ruimte te bieden voor onderscheidende elementen en een objectieve beoordeling (bijv. van de onderwijsinspectie). De denken valt aan het opnemen van QR-codes waarmee doorverwezen wordt naar specifieke informatie over de scholen.
•
Vergroot de bekendheid van de vraagloketten. Zorg ervoor dat deze nog beter vindbaar zijn in de diverse informatiemiddelen, zoals in de Keuzegids (inclusief telefoonnummers).
Oriëntatie op scholen •
Behoud fysieke open dagen maar moedig scholen aan om te blijven inzetten op de (door)ontwikkeling van digitale middelen. Digitale open dagen maken het makkelijker om veel informatie te verkrijgen, maar fysiek contact werd duidelijk gemist. Faciliteer het delen van best practices tussen de scholen inzake de inzet van digitale middelen (zodat het aanbod wat gelijker getrokken kan worden) en kijk ook waar door VO-scholen wellicht gezamenlijk software ingekocht kan worden t.b.v. een centraal aanmeldingssysteem voor digitale activiteiten inclusief overzichtskalender zodat ouders en leerlingen hiervoor maar op één plek hoeven te kijken.
Digitale aanmelding •
62
Behoud het digitale aanmeldingssysteem. Informeer scholen hier tijdig over opdat ze ouders kunnen helpen. Bekijk ook mogelijkheden om voor sommige ouders bijv. die de taal niet goed machtig de fysieke aanmelding te behouden. Maak het ook mogelijk dat PO-scholen de lijsten voor indiening kunnen inzien om zo eventueel ouders nog te kunnen adviseren en kunnen inzien op welke plek op de voorkeurslijst leerlingen uiteindelijk geplaatst zijn. Maak het bij het digitaal aanmelden ook mogelijk om geen gebruik te maken van de plaatsingsgarantie (met disclaimer over de vereiste lijstlengte).
Dialogic innovatie ● interactie
Elementen Kernprocedure •
Stel één deadline voor de hardheidsclausule een aantal weken vóór de aanmeldingsdeadline voor alle scholen zodat scholen voldoende tijd hebben om de ingediende dossiers te beoordelen. Behoud daarbij wel de mogelijkheid om ook ná die deadline ruimte te houden voor maatwerk voor leerlingen waarvoor een plaatsing op een specifieke VO-school noodzakelijk is. Naar verwachting biedt de bezwaarprocedure hiervoor mogelijkheid, maar bekijk ook de mogelijkheid om de hardheidsclausule in te kunnen zetten na de loting en matching. Indien de bezwaarprocedure hier voldoende mogelijkheden toe biedt, is het ten zeerste van belang duidelijk over deze mogelijkheid te communiceren zodat er bij ouders en leerlingen waarvoor dit relevant kan zijn en betrokkenen uit het PO niet onterecht de indruk gewekt wordt dat na het verstrijken van de deadline van de hardheidsclausule ‘de kans verkeken is’.
•
Blijf de rol van het PO benadrukken in het herkennen van leerlingen die aanspraak zouden kunnen maken op de hardheidsclausule. Vanwege de belangrijke rol die het PO hierin speelt dienen zij zich hier bewust van te zijn en goed op de hoogte van wat de hardheidsclausule inhoudt en welke situaties daar onder zouden kunnen vallen. Concrete voorbeelden over wanneer de clausule van toepassing is kunnen helderheid scheppen, maar werken mogelijk precedentwerking in de hand.
•
Verbeter de informatievoorziening over het kansrijk plaatsen richting ouders en scholen. Ouders moeten goed geïnformeerd worden over hoe de VO-scholen omgaan met kansrijke klassen en dat keuze voor een kansrijke klas geen garantie geeft. Informeer ook het PO goed over de mogelijkheid voor aanmelding in een kansrijke klas, zodat zij hier bewust van zijn bij het adviseren.
•
Verbeter de communicatie over de werking van de plaatsingsgarantie en de staartverbetering om de schijn van intransparantie te voorkomen. Door de optimalisatieslagen (plaatsingsgarantie en staartverbetering) is het systeem steeds complexer geworden en daarmee ook ogenschijnlijk minder eerlijk en transparant.
•
Een betere verslaglegging en verantwoording van de centrale loting en matching is ook wenselijk ten behoeve van het vergroten van de transparantie en controleerbaarheid van de procedure.
Leerlingen met een ondersteuningsbehoefte •
Behoud aandacht voor de informatieoverdracht via oki-docs, met name als het gaat om ondersteuningsbehoeften. De kwaliteit van informatieverstrekking loopt sterk uiteen. Wijs scholen op het belang van een goede informatieoverdracht via het oki-doc.
•
Zorg voor duidelijke informatieverstrekking over de ondersteuning die VO-scholen kunnen bieden richting het PO en ouders. Bijvoorbeeld door op de websites van de VO-scholen dit duidelijk aan te geven. Mogelijk kan hiervoor ook een QR-code worden opgenomen in de Keuzegids met een verwijzing naar het ondersteuningsaanbod.
•
Benadruk richting het PO hun rol in het ondersteunen/adviseren van (ouders van) leerlingen met een ondersteuningsbehoefte in het opstellen van de voorkeurslijst.
•
Zorg voor een gedeeld begrip omtrent de afbakening van de basisondersteuning, extra ondersteuning en gevallen die onder de hardheidsclausule vallen.
Dialogic innovatie ● interactie
63
•
Moedig de scholen aan om ook tijdens de procedurele controle op de oki-docs eventuele problematische mismatches in de ondersteuning vanuit de VO-school en de ondersteuningsbehoefte van de leerling te signaleren om te voorkomen dat leerlingen na de loting en matching alsnog niet geplaatst kunnen worden op de school waarop ze zijn ingeloot.
Tijdpad •
Ondanks dat vanaf schooljaar 2022-2023 de eindtoets (vanaf dan doorstroomtoets genaamd) vervroegd zal worden naar maart, blijft het onzes inziens van belang om te benoemen dat het de moeite waard is om te overwegen om de afrondingsfase en de heroverwegingsfase samen te voegen of te bezien of het mogelijk is om heroverwegers voorrang te geven bij vrijgevallen plekken t.o.v. leerlingen op de reservelijst. Bij de laatstgenoemde suggestie dienen de consequenties voor de leerlingen op de reservelijst uiteraard wel meegenomen te worden in de overweging (i.h.k.v. de benadeling van andere groepen leerlingen).
Klachten en bezwaren •
Evalueer de werking van de Toetsingscommissie en biedt transparantie over de werkwijze van de commissie. Een verantwoordingsrapportage vanuit OSVO over het aantal vragen, klachten en bezwaren dat is ingediend en de afhandeling van de bezwaren (zodat er inzicht wordt verschaft in de gehanteerde criteria) draagt hier aan bij.
•
Bekijk of het mogelijk is om een soortgelijke commissie in te richten voor de afhandeling van klachten/bezwaren m.b.t. de Kernprocedure (of de werkzaamheden van de huidige toetsingscommissie hiermee uitbreiden).
Evaluatie lotingssystematiek •
64
Gebruik data van de afgelopen jaren om te onderzoeken of de huidige lotingssystematiek met de toegepaste optimaliseringsslagen nog optimaal werkt (o.a. in het kader van de geluiden van het strategisch kiezen en het gunstig uitpakken van onderling ruilen voor beide betreffende leerlingen).
Dialogic innovatie ● interactie
Bijlage 1. Respons vragenlijsten Tabel 6 geeft de respons op de online vragenlijst weer ten aanzien van het totaal aantal deelnemers aan de Centrale Loting en Matching. Tabel 6: Respons enquête naar doelgroep (2021) op basis van deelnemers loting (n=7.978).
Doelgroep Leerlingen Ouders Betrokkenen uit het PO Betrokkenen uit het VO
Respons vragenlijst n 1796 2292 333 129
% van populatie 23% 29% 23% (van aantal benaderd) 26% (van aantal benaderd)
Niet alle deelnemers aan de loting en matching hebben een uitnodiging van de online vragenlijst ontvangen. Slechts 7.866 emailadressen van ouders waren bekend. De steekproef van 23% van de leerlingen en 29% van de ouders is voldoende groot om betrouwbare uitspraken te kunnen doen die voldoende representatief zijn voor de groep leerlingen en ouders die heeft deelgenomen aan de loting en matching. Representativiteit steekproef ouders en leerlingen Tabel 7 laat zien hoeveel ouders van leerlingen per schooladvies de vragenlijst ingevuld hebben en hoe deze percentages vergelijken tot de populatie. Deze gegevens laten zien dat leerlingen met een havo/vwo- en vwo-advies iets zijn oververtegenwoordigd in de steekproef en dat leerlingen met een havo, vmbo-t-, vmbo-k- en vmbo-b-advies iets ondervertegenwoordigd zijn. Tabel 7: Verdeling steekproef en populatie naar schooladvies
Niveau
Leerlingen in de enquête*
n VMBO-Basis 70 VMBO-Basis / Kader 117 VMBO-Kader 139 VMBO-Theoretisch (TL) 239 VMBO-TL / HAVO 267 HAVO 278 HAVO / VWO 406 VWO 776 Totaal 2292 * exclusief leerlingen met advies Kopklas, VSO of PrO
% 3% 5% 6% 10% 12% 12% 18% 34%
Populatie* % 5% 4% 8% 14% 10% 15% 15% 27%
Tabel 8 geeft een overzicht van de verdeling van de leerlingen naar aanleiding van hun plaatsing. De groep leerlingen die een plaatsingsaanbod van de school van eerste of tweede voorkeur heeft ontvangen is in de steekproef kleiner dan in de populatie. Alle andere groepen, oftewel de leerlingen die een aanbod van de school van 3 e voorkeur of lager op de lijst hebben ontvangen, zijn iets oververtegenwoordigd. Het feit dat de eerste groep ondervertegenwoordigd is zal komen doordat ouders van kinderen met een gunstig plaatsingsaanbod het minder relevant achten aan een tevredenheidsonderzoek mee te doen. De antwoorden van de ouders m.b.t. de plaatsing op plek 12 en het niet kunnen plaatsen van het kind zijn gezien de uitkomsten in de populatie niet mogelijk. Dit komt ieder jaar bij enkele gevallen voor.
Dialogic innovatie ● interactie
65
Tabel 8: Verdeling steekproef en populatie naar plaatsing
Plaatsing op plek voorkeurslijst
Steekproef n
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Mijn kind kon niet geplaatst worden Weet ik niet meer Niet van toepassing Totaal
Populatie
% 1601 187 111 74 64 41 37 29 13 11 4 1 23 37 59 2292
n
%
69,9% 8,2% 4,8% 3,2% 2,8% 1,8% 1,6% 1,3% 0,6% 0,5% 0,2% 0,0% 1,0% 1,6% 2,6%
6128 813 369 250 162 81 64 57 27 20 5 0 2
76,8% 10,2% 4,6% 3,1% 2,0% 1,0% 0,8% 0,7% 0,3% 0,3% 0,1% 0,0% 0,0%
7978
De steekproef bevat relatief gezien iets minder (ouders van) leerlingen met een bijgesteld advies (9%) dan de populatie van deelnemers aan de loting en matching (12%). Dit kan komen doordat het ten tijden van het invullen van de vragenlijst voor 10% van de steekproef nog niet bekend is of de leerling een bijgesteld advies krijgt. Tabel 9: Verdeling steekproef en populatie naar bijgesteld advies.
Bijgesteld advies
Steekproef
Ja* Nee Nog niet bekend Totaal
n 207 1845 240 2292
Populatie % 9% 80% 10% 100%
n 934
% 12%
7978
* Oorspronkelijk hadden 420 ouders aangegeven dat hun kind een bijgesteld advies heeft gehad. Echter lijkt dit door een deel van de ouders foutief ingevuld, omdat het opgegeven advies voor en na het bijstellen gelijk is. De ouders waarbij dit het geval is, zijn meegeteld onder 'Nee' i.p.v. 'Ja'.
PO en VO Er zijn 1443 betrokkenen van het PO benaderd. In totaal hebben 333 respondenten vanuit het PO de vragenlijst ingevuld. Tabel 10 toont de respons naar functie. Tabel 10: Respons PO-scholen naar functie (n=333).
Functie
%
Directeur Schoolleiding Leerkracht Intern begeleider Anders
6% 2% 49% 39% 4%
* 98% van de leerkrachten geeft les aan groep 8.
Van VO-scholen zijn 499 betrokkenen benaderd. In totaal hebben 129 respondenten vanuit het VO de vragenlijst ingevuld. Tabel 11 toont de respons naar functie.
66
Dialogic innovatie ● interactie
Tabel 11: Respons VO-scholen naar functie (n=129).
Functie
%
Directeur Schoolleiding Leraar van een brugklas Medewerker van de leerlingenadministratie Zorgcoördinator Anders
10% 13% 2% 33% 16% 26%
Dialogic innovatie ● interactie
67
Bijlage 2. Toelichting correctie steekproef Matrixvragen in de online surveys werken niet optimaal op alle mobiele telefoons. Concreet houdt dit in dat op sommige mobiele telefoons (afhankelijk van het type telefoon en de schermgrootte) de mogelijkheid bestaat dat de uiterste antwoordmogelijkheid/-heden niet goed zichtbaar of aanklikbaar zijn. Ondanks een waarschuwing in het begin van de vragenlijsten met het advies om de vragenlijst op een PC, laptop of tablet in te vullen is op basis van een check op de logbestanden van onze server gebleken dat de vragenlijst voor ouders en leerlingen in 50% van de gevallen enkel vanaf een mobiele telefoon is ingevuld. Op basis van de gegeven antwoorden zijn de cases geïdentificeerd waarbij de kans bestaat is dat de matrixvragen niet optimaal hebben gewerkt. Dit geldt wanneer er bij geen enkele matrixvraag één van de twee uiterste antwoorden is gegeven (dit is gebaseerd op 56 datakolommen). Hierbij is gekozen om niet enkel uit te gaan van de uiterste antwoordmogelijkheid (n.v.t./geen mening), maar ook de antwoordoptie daarvoor mee te nemen, omdat n.v.t./geen mening als antwoordoptie in veel gevallen beperkt wordt aangevinkt en daarmee een te conservatieve inschatting van deze ‘risicogevallen’ zou opleveren.
Hieronder verstaan wij dus ouders die de vragenlijst volledig via hun mobiele telefoon hebben ingevuld en geen enkele keer de meest uiterste antwoordmogelijkheden hebben aangevinkt. Tabel 12: Risicogevallen vragenlijst ouders en leerlingen. Totaal aantal cases
Mobiel ingevuld
Gevallen waarbij de suvey mogelijk niet optimaal gewerkt heeft
Gecorrigeerde steekproef
2292
1151 (50%)
251 (21% van 1151)
2041 (26% van de populatie)
We hebben gecontroleerd of de gecorrigeerde steekproef (de steekproef exclusief de gevallen waarbij de survey mogelijk niet optimaal gewerkt heeft) afwijkt van de gehele steekproef op basis van het basisschooladvies van de leerlingen en van welke school op de voorkeurslijst de leerling een plaatsingsaanbod ontvangen heeft. Deze verschillen zijn te zien in Tabel 13 en Tabel 14. De afwijking tussen de steekproef exclusief de risicogevallen en de gehele steekproef is beperkt. De oververtegenwoordiging van de hoogste niveaus neemt iets toe (zie Tabel 13). De verschillen m.b.t. de plek op de voorkeurslijst waarop leerlingen geplaatst zijn, zijn verwaarloosbaar (zie Tabel 14).
Dialogic innovatie ● interactie
69
Tabel 13: Vergelijking gehele steekproef en gecorrigeerde steekproef o.b.v. basisschooladvies.
Niveau
Steekproef exclusief risicogevallen
Gehele steekproef n
%
n
%
VMBO-Basis
70
3,1%
49
2,4%
VMBO-Basis / Kader
117
5,1%
84
4,1%
VMBO-Kader
139
6,1%
98
4,8%
VMBO-Theoretisch (TL)
239
10,4%
200
9,8%
VMBO-TL / HAVO
267
11,6%
233
11,4%
HAVO
278
12,1%
242
11,9%
HAVO / VWO
406
17,7%
382
18,7%
VWO
776
33,9%
753
36,9%
Totaal
2292
2041
Tabel 14: Vergelijking gehele steekproef en gecorrigeerde steekproef o.b.v. plaatsingsaanbod.
Plek op voorkeurslijst
Steekproef exclusief risicogevallen
Gehele steekproef n
%
n
%
1
1601
69,9%
1424
69,8%
2
187
8,2%
174
8,5%
3
111
4,8%
102
5,0%
4
74
3,2%
69
3,4%
5
64
2,8%
61
3,0%
6
41
1,8%
40
2,0%
7
37
1,6%
34
1,7%
8
29
1,3%
27
1,3%
9
13
0,6%
13
0,6%
10
11
0,5%
11
0,5%
11
4
0,2%
4
0,2%
12
1
0,0%
1
0,0%
Kind kon niet geplaatst worden
23
1,0%
15
0,7%
Weet ik niet meer
37
1,6%
20
1,0%
Niet van toepassing
59
2,6%
46
2,3%
Totaal
2292
2041
Om het zekere voor het onzekere te nemen en een bias in de antwoorden te voorkomen, zijn de 251 risicogevallen bij de betreffende matrixvragen uitgesloten van de analyse. Bij de overige vraagtypes nemen we alle respondenten mee (n=2292). Deze correctie heeft enkel invloed op het deel van de vragenlijst dat voor de ouders bestemd was; in het leerlingendeel zijn dergelijke vraagtypes niet opgenomen. We hebben dezelfde checks uitgevoerd bij de vragenlijsten voor de betrokkenen uit het PO en VO, omdat een groot deel van de vragen daarin ook matrixvragen zijn. In de vragenlijst voor het PO is 1,5% van de totale respons aangemerkt als risicogeval (5 van de 333). In de vragenlijst voor het VO is dat 1,6 % (2 van de 129). Omdat het hier om een zeer laag aantal gaat waarvan het effect op de totale respons verwaarloosbaar is, hebben we besloten hier geen verdere correcties op uit te voeren.
70
Dialogic innovatie ● interactie
Bijlage 3. Additionele tabellen Deze bijlage toont een aantal additionele tabellen naar aanleiding van de vragenlijst voor ouders en leerlingen. Bezoek van aantal open dagen Tabel 15: Aantal scholen waarop ouders zich via digitale open dagen georiënteerd hebben uitgesplitst naar basisschooladvies (n=2292).
Aantal scholen
VMBOBasis
VMBOBasis / Kader
VMBOKader
VMBOTL
VMBOTL / HAVO
HAVO
HAVO / VWO
VWO
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Meer dan 12 Weet ik niet meer Geen
21% 13% 13% 11% 3% 0% 0% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 37%
23% 15% 14% 9% 4% 1% 2% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 3% 28%
12% 12% 12% 19% 5% 4% 1% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 1% 33%
13% 8% 9% 9% 7% 13% 3% 4% 0% 3% 0% 0% 1% 5% 25%
10% 9% 9% 9% 11% 10% 5% 7% 1% 4% 0% 2% 3% 4% 16%
7% 9% 8% 10% 5% 10% 5% 8% 3% 5% 1% 5% 12% 3% 10%
6% 6% 9% 7% 8% 9% 5% 6% 3% 8% 1% 3% 15% 3% 11%
3% 5% 5% 8% 8% 7% 5% 8% 3% 8% 1% 7% 23% 2% 7%
Tabel 16: Aantal scholen waarop leerlingen zich via digitale open dagen georiënteerd hebben uitgesplitst naar basisschooladvies (n=1796).
Aantal scholen
VMBOBasis
VMBOBasis / Kader
19% 17% 17% 11% 0% 0% 0% 2% 0% 0% 0% 0% 0% 4% 31%
21% 20% 9% 13% 4% 1% 1% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 29%
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Meer dan 12 Weet ik niet meer Geen
VMBOVMBO- Theoreti Kader sch (TL) 16% 10% 10% 15% 6% 4% 1% 1% 0% 0% 1% 0% 0% 3% 32%
13% 8% 8% 9% 7% 12% 5% 3% 0% 2% 0% 1% 1% 4% 29%
VMBOTL / HAVO
HAVO
HAVO / VWO
VWO
10% 10% 12% 13% 7% 8% 4% 5% 1% 2% 0% 3% 2% 4% 18%
4% 13% 11% 10% 4% 9% 5% 6% 1% 4% 1% 4% 10% 5% 12%
4% 7% 10% 8% 9% 7% 3% 7% 2% 8% 2% 5% 11% 6% 12%
4% 4% 6% 7% 8% 7% 4% 6% 3% 8% 2% 6% 22% 5% 7%
Tevredenheid met plaatsing Tabel 17: Verdeling plaatsing op plek 4 en 5 in 2020 en 2021 o.b.v. de antwoorden van ouders.
Plek 4 Plek 5 Totaal
2020
2021
53% 47% 123
54% 46% 138
Dialogic innovatie ● interactie
71
Tabel 18: Verdeling plaatsing op plek 6 of hoger in 2020 en 2021 o.b.v. de antwoorden van ouders.
Plek 6 Plek 7 Plek 8 Plek 9 Plek 10 Plek 11 Plek 12 Totaal
2020
2021
29% 23% 11% 15% 6% 11% 6% 178
30% 27% 21% 10% 8% 3% 1% 136
Tabel 19. Welke school op de voorkeurslijst was nog acceptabel geweest? % ouders dat dit acceptabel vindt uitgesplitst naar advies (n=2292).
vmbo-b, vmbo- vmbo-t, vmbob/k, vmbo-k t/havo Alleen de eerste keuze Een school in de top 2 Een school in de top 3 Een school in de top 4 Een school in de top 5 Een school in de top 6 Een school in de top 7 Een school in de top 8 Een school in de top 9 Een school in de top 10 Een school in de top 11 Alle scholen op de lijst Totaal
43% 36% 10% 3% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 7% 326
havo, havo/vwo
25% 28% 28% 7% 2% 4% 0% 0% 0% 0% 0% 5% 506
vwo 15% 15% 27% 11% 18% 6% 2% 2% 1% 1% 0% 2% 684
7% 10% 24% 12% 24% 8% 4% 3% 1% 2% 0% 5% 776
Tabel 20. Met welke scholen op jouw voorkeurslijst was je nog blij geweest? % leerlingen dat nog blij was geweest uitgesplitst naar advies (n=1796).
vmbo-b, vmbo- vmbo-t, vmbob/k, vmbo-k t/havo Alleen de eerste keuze Een school in de top 2 Een school in de top 3 Een school in de top 4 Een school in de top 5 Een school in de top 6 Een school in de top 7 Een school in de top 8 Een school in de top 9 Een school in de top 10 Een school in de top 11 Alle scholen op de lijst Totaal
72
44% 36% 11% 2% 0% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 6% 267
29% 35% 26% 5% 1% 1% 0% 0% 0% 0% 0% 3% 400
havo, havo/vwo
vwo 16% 22% 25% 11% 14% 6% 2% 1% 0% 0% 0% 2% 539
Dialogic innovatie ● interactie
10% 12% 24% 15% 19% 8% 4% 3% 1% 2% 1% 2% 590
Bijlage 4. Interviewrespondenten Naam
Organisatie
Brechje Asselbergs
Geert Grootte College (VO)
Dominique Colen
Stichting Vrije Schoolkeuze Amsterdam (VSA)
Anne Martien van der Does
Kinderombudsman Amsterdam
Arnold Jonk
Stichting Samen Tussen Amstel en IJ (PO)
Menno van de Koppel
Onderwijs Consumenten Organisatie (OCO)
Suzanne van Lier
Montessorischool De Regenboog (PO)
Coralie Pluut
Geert Grootte College (VO)
Mieke Reinders
Westerparkschool Amsterdam (PO)
Hiske Swart
AWBR Stichting voor openbaar primair onderwijs (PO)
Ewald Weiss
Bestuurder SOVOP (VO)
3 ouders
N.v.t.
4 leerlingen
Montessorischool De Regenboog
Dialogic innovatie ● interactie
73
Bijlage 5. Regiegroep Naam
Organisatie
Jan Paul Beekman
Spinoza Lyceum
Noortje Dickhoff
ELK Amsterdam
Arnold Jonk
Stichting Samen Tussen Amstel en IJ (PO)
Vera Lentjes
Gemeente Amsterdam
Joan Martens
ELK Amsterdam
Hetty Mulder
Samenwerkingsverband Amsterdam/Vereniging OSVO
Isabelle Schulz
Gemeente Amsterdam
Ewald Weiss
Bestuurder SOVOP
Dialogic innovatie ● interactie
75
Contact: Dialogic innovatie & interactie Hooghiemstraplein 33-36 3514 AX Utrecht Tel. +31 (0)30 215 05 80 www.dialogic.nl