CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Bestedingsvoorstel.pdf

Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie 16 mei 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de verlenging en verkleining van de oormerking middelen in het Klimaatfonds voor een herziening van de subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam Initiatief Amsterdam (VN2024-002299)3.276 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestedingsvoorstel Klimaatfonds:

Verlenging subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam initiatief, hoofdstuk 3: Op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam Onderwerp Het verlengen van het geoormerkte bedrag voor het subsidieplafond voor Ruimte voor Duurzaam Initiatief Hoofdstuk 3 (op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam) voor de periode 2024 tot en met 2026. Bijlagen: 1. Bestedingsvoorstel Klimaatfonds Subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam initiatief, hoofdstuk 3: Op weg naar klimaatneutrale buurten 2. raadsbesluit 19 mei 2020: Instemmen met verlenen van financiële dekking uit Klimaatfonds Toelichting Op 19 mei 2020 heeft de raad ingestemd met het verlenen van de financiële dekking uit het Klimaatfonds voor de subsidieregeling Ruimte voor duurzaam initiatief - op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam (vanaf nu: de subsidieregeling). De onderbouwing van dit besluit is gelegen in het bestedingsvoorstel Klimaatfonds Subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam initiatief, hoofdstuk 3: Op weg naar klimaatneutrale buurten (bijlage 1). De subsidieregeling is op 31 december 2023 geëindigd maar de regeling is niet ten volle benut. Voorgesteld wordt om het bestedingsvoorstel behorende bij het raadsbesluit van 19 mei 2022 op de volgende punten te wijzigen: 1. De subsidieregeling opnieuw open te zetten voor de periode 2024 tot en met 2026; 2.

De bestaande oormerking in het Klimaatfonds van € 2.730.000,- te wijzigen naar € 2.373.000,en te verlengen tot en met 2027 Onderbouwing Ad 1: De subsidieregeling opnieuw open te zetten voor de periode 2024 tot en met 2026; - Coalitieakkoord: stimuleren lokaal eigenaarschap en ondersteunen energiecoöperaties - Beoogde resultaten initiatieven nog niet behaald - Verkenning nieuw ondersteuningsstructuur voor initiatieven Begin 202o is € 2.730.000 onttrokken uit het Klimaatfonds als dekking van de subsidie en uitvoeringslasten voor de subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam Initiatief Hoofdstuk 3: Op weg naar klimaatneutrale buurten (raadsbesluit 19 mei 2020). De subsidieregeling heeft als doel om initiatieven die leiden tot klimaatneutrale of aardgasvrije buurten te stimuleren. Het onbenutte bedrag zou na beëindiging van de subsidieregeling op 31 december 2023, vrijvallen in het Klimaatfonds. Dat betekent dat initiatieven nu geen subsidie meer kunnen aanvragen. Dit geldt ook voor initiatieven die reeds zijn gestart en met behulp van subsidie succesvol een verkennende fase hebben doorlopen, zij kunnen geen aanspraak meer maken op vervolgsubsidie om het initiatief verder te brengen.

Het beoogde resultaat was dat er na vier jaar tien initiatieven tot en met de ontwerpfase waren gekomen en succesvol afgerond zouden zijn (wat wil zeggen met een realiseerbaar investeringsvoorstel/uitvoeringsvoorstel om een gebied of buurt klimaatneutraal of aardgasvrij te maken), tien initiatieven tot en met de haalbaarheidsfase en achttien initiatieven alleen de verkenningsfase hadden doorlopen. In de realiteit blijkt echter dat het toewerken naar een haalbaar investeringsvoorstel meer tijd kost en complexer is dan vooraf gedacht. De ervaring leert dat de structuur van de subsidieregeling (verkenning, haalbaarheid en ontwerp) logisch is opgebouwd en goed werkt. Initiatiefnemers maken hierdoor een zorgvuldige afweging en bouwen kennis op. Tegelijkertijd is

er ook veel inzicht gekomen in de uitdagingen en belemmeringen waar initiatiefnemers mee te maken krijgen. Zo blijkt het doorgaans een grote stap om van de verkenningsfase naar de haalbaarheidsfase te gaan. Vaak vraagt het onderzoek waar in de verkenningsfase subsidie voor wordt aangevraagd om aanvullend onderzoek en is het realiseren van 30% cofinanciering, wat voor het aanvragen van subsidie voor de haalbaarheids- en ontwerpfase een vereiste is, in de praktijk complex. Hierdoor is het aantal aanvragen achtergebleven ten aanzien van de inschatting die in 2020 is gemaakt. Het college voert momenteel onderzoek uit naar hoe we huidige en toekomstige bewonersinitiatieven en coöperatieven (blijvend) kunnen ondersteunen. We verkennen een nieuwe ondersteuningsstructuur voor initiatieven die beter aansluit op de behoeften van initiatiefnemers in de vorm van een lokaal energiedienstenorganisatie. Daarover worden gesprekken gevoerd met lokale en nationale partijen om te onderzoeken of en hoe hier gezamenlijk vorm aan te geven. Het is nog niet duidelijk of en wanneer deze nieuwe ondersteuningsstructuur gelanceerd gaat wordeswn. Gezien deze gesprekken, de nodige besluitvorming en aanlooptijd is de verwachting dat een dergelijke organisatie niet voor 2025 operationeel zal zijn. Er ontstaat hierdoor een gat tussen het aflopen van de regeling en het ingaan van de nieuwe structuur.

Ad 2: De bestaande oormerking in het Klimaatfonds van € 2.730.000,- te wijzigen naar € 2.373.000,- en te verlengen tot en met 2027 In de periode medio 2020 tot en met 2023 zijn 13 initiatieven ondersteund en circa €470.000 aan subsidie verleend. Op basis van contacten met initiatiefnemers en de beweging die ingezet is, wordt verwacht dat het aantal aanvragen verder zal toenemen. Er zijn gesprekken met tenminste acht initiatieven die kansrijk worden geschat voor een eerste subsidieaanvraag (verkennende fase). Daarnaast worden er vier initiatieven kansrijk geschat om voor de haalbaarheids- of ontwerpfase een aanvraag te doen. Gezien deze ontwikkeling is het voorstel om de beoogde resultaten uit het oorspronkelijke bestedingsvoorstel te handhaven. Hiervoor is € 1.905.000,- voor subsidie nodig. In het oorspronkelijke bestedingsvoorstel is een bedrag voor uitvoeringskosten opgenomen, totaal € 150.000,-. In praktijk komen de uitvoeringskosten ten laste van het jaarplan Duurzaamheid. De uitvoeringkosten worden daarom niet meegenomen in dit bestedingsvoorstel. Het blijft lastig in te schatten wanneer initiatiefnemers een beroep gaan doen op de subsidieregeling en wat daarmee het kasritme zal zijn. Er van uitgaande dat na een rustige start (2020-2023) de aanvragen in de komende periode gelijkmatig verdeeld zullen zijn over de tijd, wordt het volgende kasritme voorzien:

Jaar

Realisatie 20202023 120.000

2024

2025

2026

Subsidie 60.000 60.000 60.000 verkenning Subsidie 348.000 450.000 450.000 450.000 haalbaarheid en ontwerp* Totaal 468.000 510.000 510.000 510.000 * 3 jaar subsidieplafond €575.000,- verdeeld over 4 jaar

2027

Totaal

--

300.000

375.000

2.073.000

375.000

2.373.000

BIJLAGE 1 Bestedingsvoorstel Klimaatfonds (mei 2020)

Subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam initiatief, hoofdstuk 3: Op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam 1. Doelstelling Deze subsidieregeling heeft tot doel om ‘ initiatieven die leiden tot klimaatneutrale of aardgasvrije buurten en gebieden te stimuleren, die initiatiefnemers aan te zetten om zich te organiseren en het delen van kennis over deze initiatieven te versterken.’ (artikel 3.1.)

2. De resultaten: Het beoogde resultaat van de subsidieregeling is dat initiatiefnemers met de subsidie in staat gesteld worden om planmatig toe te werken naar haalbare investeringsvoorstellen voor klimaatneutrale gebieden en wijken (of tenminste minimaal aardgasvrij)  Aan het eind van de looptijd van de subsidieregeling (4 jaar) zijn er tien initiatieven succesvol afgerond, dat wil zeggen daar ligt een realiseerbaar investeringsvoorstel/ uitvoeringsvoorstel om een gebied of buurt klimaatneutraal (of minimaal aardgasvrij) te maken (subsidie per aanvraag: 150.000,--). Met deze investeringsvoorstellen kan men een aanvraag doen bij de subsidieregeling gebiedsgerichte aanpak aardgasvrij of – als dit niet helemaal passend is, bijvoorbeeld omdat het geen betrekking heeft op een woonbuurt een bestedingsvoorstel rechtstreeks voorleggen aan het Klimaatfonds. 

Daarnaast zijn er tien initiatieven die een heel eind gekomen zijn, maar niet het gehele proces doorlopen hebben (gemiddeld 80.000.—per aanvraag). Dat kan verschillende redenen hebben: langere doorlooptijd, vertraging/ geen haalbare business case/ partijen die a aken etc.

Achttien aanvragers hebben de verkenningsfase doorlopen, maar hebben daarna geen vervolgstappen gezet of zijn nog hier nog niet aan toe. Bijvoorbeeld omdat er onvoldoende draagvlak bleek bij de beoogde samenwerkingspartners om door te kunnen gaan. Of omdat een aanvraag in 2023 is ingediend en nog niet is afgerond aan het eind van de looptijd van deze subsidieregeling. Subsidie per aanvraag: 15.000,--

Voor deze achtendertig subsidietrajecten is een subsidieplafond nodig van € 2.580.000,-De subsidie financiert noodzakelijke voorbereidingskosten om buurten en gebieden klimaatneutraal of minimaal aardgasvrij te maken. Het leidt dus nog niet tot CO2 besparing. Maar de vervolgactiviteiten wél. Andere resultaten:  Iedere aanvraag levert een schat aan kennis op waar andere initiatiefnemers en de samenwerkingspartners (zoals de gemeente, woningbouwcorporaties, energieleveranciers) veel van kunnen leren.

De initiatieven vergroten het draagvlak en de betrokkenheid van groepen Amsterdammers bij de energietransitie. Dat is een noodzakelijke voorwaarde om de energietransitie te realiseren.

3. De locatie: De subsidieregeling geldt voor initiatieven in het gehele grondgebied van Amsterdam.

4. Stakeholders: 

 

 

Verkenningsfase: Iedere Amsterdammer kan een initiatief tot een klimaatneutrale of aardgasvrije buurt starten (verkenningsfase uit de subsidieregeling). Wil men na de verkenning subsidie aanvragen voor de haalbaarheidsfase en de ontwerpfase, dan is het nodig dat men hiervoor een organisatie opzet. Immers hoe verder de planfases hoe complexer de opgave en hoe intensiever er met partijen samengewerkt moet worden. Dat kan niet meer aan één individu opgehangen worden. Haalbaarheidsfase en ontwerpfase: Maatschappelijke, buurtgebonden, organisaties zijn de subsidie aanvragers. Per aanvraag zijn er verschillen de stakeholders, het zijn in ieder geval de vastgoedeigenaren in het specifieke gebied, en vaak de eigenaren/beheerders van de energie-infrastructuur en energieleveranciers. De noodzakelijke stakeholders moeten per subsidieaanvraag benoemd worden en deze stakeholders moeten de subsidieaanvraag ondersteunen, de mate van ondersteuning is a ankelijk van de fase. Een verkenningssubsidie moet resulteren in een ‘intentieovereenkomst’. Een subsidie voor de haalbaarheidsfase mondt uit in een samenwerkingsovereenkomst en een subsidie voor het ontwerp mondt uit in uitvoeringscontracten. De buurtbewoners en bedrijven in de betrokken buurt zijn stakeholders vanwege het noodzakelijke draagvlak.

In alle gevallen is de gemeente zelf stakeholder omdat de initiatieven afgestemd moeten worden binnen de Routekaart Klimaatneutraal of bij de aanpak Aardgasvrije wijken.

5. Leerkansen en adaptatie Deze subsidieregeling biedt een schat aan leerzame informatie bijvoorbeeld over:  Hoe initiatiefnemers en gemeente en andere essentiële partners kunnen en moeten samenwerken (cocreatie)  De uitkomsten van gebiedsgerichte haalbaarheidsstudies  Nieuwe businesscases  Ook is het mogelijk om deze wijkaanpak ‘van onderop’ te vergelijken met de WAM-aanpak (de werkwijze binnen de City Deal), bijvoorbeeld op doorlooptijd, de rol van de bewoners, de organisatievorm en de besteding van middelen. Adaptatie:  Resultaatgerichtheid is het uitgangspunt. De opbouw van de subsidieregeling in drie fases maakt het mogelijk om na iedere fase expliciet in te schatten (aan de hand van een verantwoording) of het einddoel nog gehaald kan worden. Is dat sterk de vraag dan kan verdere subsidieverlening stop gezet worden. Deze beslissing zal altijd in overleg met de inhoudelijk betrokken ambtenaren genomen worden van de programma’s Klimaatneutraal en Aardgasvrij genomen worden.

Het is niet uit te sluiten dat bepaalde criteria in de praktijk niet goed werken (bijvoorbeeld onduidelijk zijn, leiden tot onnodig veel papierwerk, of dat iets over het hoofd is gezien). Mocht dat blijken uit de eerste ervaringen dan kan de regeling bijgesteld worden en opnieuw aan het College worden voorgelegd.

6. Het Rijk Uit het Klimaatakkoord blijkt dat het Rijk een gebiedsgericht door de gemeente geleid proces naar aardgasvrij en klimaatneutraal voorstaat. De gemeente wordt daarom gevraagd om een transitievisie warmte en een wijkgerichte aanpak voor te bereiden. Daarvoor is de WAM-aanpak (wijken aardgasvrij maken) ontwikkeld, samen met de City Deal partners. Deze subsidieregeling sluit aan bij de fasering uit de WAM, maar is aanvullend. Het is gericht op het faciliteren van initiatieven van onderop, van groepen Amsterdammers of organisaties die zelf het initiatief willen nemen om hun wijk aardgasvrij en/of klimaatneutraal te maken. Het moet nog blijken hoe de voorstellen van de maatschappelijke initiatiefnemers zich verhouden tot de toekomstige Transitievisie warmte De in Amsterdam opgedane ervaringen kunnen wellicht behulpzaam zijn bij het verder ontwikkelen van Rijksinstrumenten.

7. Financieel Beschikbaar voor subsidies: € 2.580.000 Uitvoeringskosten: € 150.000,-De uitvoeringskosten zijn relatief hoog omdat iedere subsidieaanvraag anders is (a ankelijk van de kenmerken van de buurt cq het gebied, de initiatiefnemer, de stakeholders etc.). Adviseren over de aanvraag richting de initiatiefnemer en de uiteindelijke beoordeling vergt daarom vrij veel capaciteit. Overigens: een initiatief dat succesvol is afgerond (de ‘eindstreep heeft gehaald’) kan bestaan uit drie opeenvolgende subsidieaanvragen. Vijfendertig subsidietrajecten kunnen opgesplitst worden in 68 aparte aanvragen. Hiervoor zijn de volgende activiteiten nodig:  Uitvoering van de regeling binnen het subsidiesysteem door het Subsidiebureau  Inhoudelijke advisering over de subsidieaanvraag  de inhoudelijke beoordeling van de aanvragen  het beoordelen van tussentijdse voortgangsrapportages en van de eindverantwoording

8. Investeringsvorm Het betreft een subsidieregeling.

9. Zakelijke afweging Bij alle aanvragen is cofinanciering vereist. Naarmate een subsidieaanvraag verder komt, is het verplichte percentage cofinanciering hoger. Zie verder de subsidieregeling in de bijlage.

10. Kostenbesparingen: De subsidie is procesgeld: het dekt de kosten die nodig zijn in de voorbereiding. Van kostenbesparing is geen sprake.

11. Kasritme

Het is lastig in te schatten hoeveel en wanneer initiatiefnemers een beroep gaan doen op de subsidieregeling. De gemeente is nog maar net (in 2019) gestart met een buurtgerichte aanpak en is in een beperkt aantal buurten actief. Het overzicht in andere buurten is erg onvolledig. De bewustwording van de opgave waar we met z’n allen voor staan komt maar net op gang en de looptijd van de regeling is vier jaar. In die tijd kan veel veranderen (zie bijvoorbeeld het besluit van het Rijk om versneld te stoppen met de gaswinning uit Groningen, 10 september 2019). De invulling van het kasritme is dus vol onzekerheden. Waarschijnlijk is er wel sprake van enige aanlooptijd voordat de regeling volop gaat lopen. De aanname is nu dat er in het eerste jaar relatief wat meer aanvragen komen voor de verkenningsfase, en dat daarna de aanvragen zich redelijk gelijkmatig over de tijd verdelen. Jaar Subsidie verkenning Subsidie haalbaarheid en ontwerp uitvoeringskosten regeling Totaal

2020 50.000

2021 90.000

2022 60.000

2023 60.000

2024 20.000

Totaal 280.000

0

200.000

700.000

700.000

700.000

2.300.000

30.000

30.000

30.000

30.000

30.000

150.000

80.000

320.000

790.000

790.000

750.000

2.730.000

Subsidies kunnen het hele jaar door aangevraagd worden. De verwachting is dat subsidie aanvragen voor de haalbaarheid en ontwerp een aanlooptijd hebben, omdat er meestal een subsidie voor de verkenning aan vooraf gaat. Een aanvrager kan meteen een voorstel doen voor deze tranches (dus de subsidie voor de verkenning ‘overslaan’). Dat zal naar verwachting een enkele keer plaatsvinden. Omdat een aanvraag ook dan veel voorbereiding vergt is de verwachting dat dit pas in het tweede jaar echt op gang komt. Met betrekking tot de uitvoering van de subsidieregeling is de verwachting dat de werklast globaal gelijk blijft. Door de diversiteit van de aanvragen is iedere aanvraag weer anders en is er nauwelijks sprake van dat a andeling van aanvragen in de loop van de periode minder tijd kosten.

12. Kostenefficiency Op dit moment valt er weinig te zeggen over kostenefficiency. De transitie naar een klimaatneutrale stad komt maar net op gang. We moeten met elkaar ontdekken wat effectieve en efficiënte strategieën zijn. Er is dus ook nog geen bruikbaar referentiekader dat het mogelijk maakt om iets over de kosten te zeggen. Eén ding is zeker: de beoogde transitie is noodzakelijk en omvangrijk. Iedere Amsterdammer heeft ermee te maken. Omdat de subsidieregeling initiatieven vanuit de buurten zelf betreft is de verwachting dat initiatief nemers gemotiveerd zijn om veel uren in het proces te steken, ook als er niet altijd een vergoeding tegenover staat.

13. Risicoanalyse Risico: Niet of nauwelijks aanvragen Risicobeheersing: Als na verloop van tijd de verwachting is dat de middelen niet benut zullen worden, dan kan besloten worden om het subsidieplafond te verlagen.

Risico: Doorlooptijd van gehonoreerde aanvragen is langer dan voorzien ten tijde van de toekenning. Dit is mogelijk door onverwachte omstandigheden want, ook bij een planmatige aanpak blijft het een ingewikkeld proces met allerlei a ankelijkheden en onzekerheden. Risicobeheersing: Doordat er tijdens het gehele proces nauw wordt samengewerkt en afgestemd met de gemeente kan hier tijdig op worden ingespeeld, waar nodig termijnen verlengd worden. Aanvragers worden geïnformeerd over uitlopende termijnen Risico: De hoogte van de aanvragen overtreft het subsidieplafond waardoor subsidies afgewezen moeten worden. Risicobeheersing: Per jaar is er een nieuw subsidieplafond. Initiatiefnemers kunnen dus een aanvraag het jaar daarop opnieuw indienen. Indien blijkt dat goede initiatieven niet gehonoreerd kunnen worden kan het subsidieplafond aangevuld worden vanuit het Klimaatfonds (op basis van een goed onderbouwd bestedingsvoorstel). We kunnen tijdig signaleren dat er meer aanvragen aankomen dan het subsidieplafond toelaat omdat de subsidieverstrekking in fases gaat. Als aanvragers bijvoorbeeld succesvol de haalbaarheidsfase doorlopen weten we dat er een vervolgaanvraag voor de ontwerpfase aan komt. In 2022 vindt een tussentijdse evaluatie plaats van de regeling om de vinger aan de pols te houden.

Risico: Het risico bestaat dat aanvragen worden voorbereid waarvan de a andeling de looptijd van de regeling overtreft. Risicobeheersing: Om dat het gaat om lange, ingewikkelde processen, waarvan de doorlooptijd vaak moeilijk in te schatten is, is dit een vierjarige regeling. Aanvragers hebben zo tijd om een aanvraag goed voor te bereiden en hebben zicht op honorering van vervolgaanvragen. Dat geldt echter alleen bij aanvragen die in de eerste twee jaar worden gedaan. Er moet dus tijdig, uiterlijk halverwege 2023 zicht komen op het gewenste vervolg van deze regeling. Risico: Ieder initiatief vergt afstemming en (als het een fase verder is) samenwerking met de gemeente (het Programma Klimaatneutraal of met het Programma Aardgasvrij). Het risico bestaat – als er goed gebruik gemaakt wordt van de regeling – er hiervoor onvoldoende capaciteit is. Risicobeheersing: De benodigde capaciteit vanuit de programmateams maakt geen deel uit van dit bestedingsvoorstel. Maar het wel goed om dit risico te signaleren. Hiervoor geldt hetzelfde als voor het kasritme: de inschatting is vooraf moeilijk te maken. Door goede informatie uitwisseling door de uitvoerders van de regeling over mogelijke initiatieven wordt hier zoveel mogelijk op geanticipeerd.

Risico: Een voorkeursvariant (ontwikkeld na het doorlopen van de haalbaarheidsfase) sluit niet (goed) aan bij de nog op te stellen Transitievisie warmte. Risicobeheersing: Hierover (de inhoud en of dit meerdere keren voor zal komen) valt op dit moment nog niets te zeggen. Indien blijkt dat een initiatief leidt tot resultaten die niet aansluiten bij de Transitievisie Warmte wordt hierover in gesprek gegaan met de aanvragers.

BIJLAGE 2: Raadsbesluit 19 mei 2020: Instemmen met het verlenen van de financiële dekking uit het Klimaatfonds voor de Subsidieregeling op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam.

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Gemeenteblad

X X

X Raadsbesluit

Jaar

2020

Afdeling

3A

Nummer

79/ 500

Publicatiedatum

27 mei 2020

Agendapunt

13

Datum besluit B&W

14 april 2020

Onderwerp

Instemmen met het verlenen van de financiële dekking uit het Klimaatfonds voor de Subsidieregeling op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam.

De gemeenteraad van Amsterdam

Gezien de voordracht van burgemeester en wethouders van 14 april 2020 (Gemeenteblad afd. 1, nr. 500); Gelet op: - Artikel 189, eerste lid jo artikel 212, eerste lid van de gemeentewet en artikel 6, eerste lid van de financiële verordening gemeente Amsterdam; - Artikel 21 sub c van de Financiële verordening gemeente Amsterdam; -

Artikel 3, tweede lid, van de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013

Besluit:

1. Kennis te nemen van het collegebesluit om onder voorbehoud van het verlenen van financiële dekking door de gemeenteraad, vast te stellen de subsidieregeling Op weg naar klimaatneutrale buurten Amsterdam, zoals opgenomen in bijlage 1, waarmee een hoofdstuk toegevoegd wordt aan de subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam initiatief Amsterdam. De hoofdpunten hiervan zijn: a. De regeling ondersteunt initiatieven die toewerken naar een klimaatneutrale, of tenminste aardgasvrije buurt; b. Er is subsidie beschikbaar voor verschillende fases: per aanvraag is dat in de verkenningsfase (max. € 15.000,-), haalbaarheidsfase (max. € 80.000,-), ontwerpfase (max. € 80.000,-). Een initiatiefnemer kan voor hetzelfde initiatief opeenvolgende subsidies aanvragen voor de verschillende fases tot een totaal bedrag van maximaal € 150.000,--; c. De subsidieplafonds voor dit hoofdstuk bedragen gezamenlijk over de gehele looptijd van de regeling € 2.580.000; d. De uiterste aanvraagdatum is 31 december 2023; e. De subsidieregeling treedt de dag na publicatie in het gemeenteblad in werking;

1

Jaar 2020 Afdeling 3A Nummer 79/500 Datum 27 mei 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsbesluit

2. In te stemmen met het onttrekken van € 2.730.000 uit het Klimaatfonds als dekking van de subsidie en de uitvoeringslasten voor de Subsidieregeling op weg naar klimaatneutraie buurten Amsterdam.

Aldus besloten door de gemeenteraad voornoemd in zijn vergadering op 19 mei 2020

De voorzitter

Femke Halsema De raadsgriffier

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14104752/1