CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. BEKENDMAKING_legesverordening Amsterdam 2023 met Omgevingswet

Raadscommissie Woningbouw en Volkshuisvesting 11 oktober 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen Legesverordening Amsterdam 2023 (VN2022-030442)16.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Opmerkingen voor publicatie: Te publiceren in: Uiterlijk bekendmaken op: Niet eerder bekendmaken dan op: Consolideren op overheid.nl Gevolgen voor de werking van een andere regeling: Externe informatieve bijlage voor de leesbaarheid: Andere bijzonderheden:

Gemeenteblad Zo snel mogelijk 11 november 2022 Ja De Legesverordening 2022 wordt ingetrokken per 1 januari 2023, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. n.v.t. Versie met Omgevingswet NB: Wanneer de omgevingswet per 1 januari 2023 inwerking treedt, deze versie (met omgevingswet) publiceren.

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam houdende regels over de heffing en invordering van leges 2023 (Legesverordening Amsterdam 2023) De raad van de gemeente Amsterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 september 2022, gelet op artikel 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, artikel 216 en artikel 229 van de Gemeentewet, artikel 2, tweede lid, en artikel 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet, besluit de volgende verordening vast te stellen: Legesverordening Amsterdam 2023 Artikel 1 Definitiebepaling In deze verordening wordt verstaan onder: a. afschriften, uittreksels en kopieën: stukken welke geheel of gedeeltelijk met de hand zijn geschreven, getekend of gekleurd, dan wel door middel van een tekstverwerker, een dupliceerapparaat of een soortgelijk middel, anders dan een drukpers, zijn gemaakt of bewerkt; b. dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; c. jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar; d. kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december; e.

maand: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is; f. n, als bedoeld in het voorgaande lid: het nummer van een dag in een kalenderjaar; g. week: een aaneengesloten periode van zeven dagen. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: a. het genot van, door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten; b. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

c. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document; een en ander zoals genoemd in deze verordening en de legestabel in de bijlage. Artikel 3 Belastingplicht De leges worden geheven van de aanvrager van de dienst, dan wel van degene ten behoeve van wie een in deze verordening omschreven dienst wordt verricht of handelingen zijn verricht of aan wie een in deze verordening genoemd stuk wordt afgegeven. Artikel 4 Vrijstellingen Leges worden niet geheven voor: a. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald; b. diensten die ingevolge een wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend; c. verzoeken tot verstrekkingen uit de basisregistratie personen als bedoeld in onderdeel 2.4 van de legestabel in de bijlage, alsmede verzoeken om verklaringen als bedoeld in onderdeel 2.5 van de legestabel, voor zover gedaan door advocaten namens of ten behoeve van cliënten aan wie, ter zake van de rechtsbijstand door de betreffende advocaat, door de Raad voor de Rechtsbijstand een toevoeging is verleend, waarvoor de eigen bijdrage is vastgesteld met inachtneming van artikel 2, eerste lid, onder a ,artikel 2, tweede lid, onder a, artikel 2, derde lid, onder a, artikel 2a, tweede lid onder a en artikel 2a, derde lid onder a, van het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand.

Artikel 5 Tarieven 1. De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de legestabel in de bijlage. 2. De leges worden verhoogd met de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag medegedeelde kosten van zegel, registratie, briefport en andere rechten. 3. Tenzij in de legestabel in de bijlage met betrekking tot een bepaald onderdeel anders is vermeld, wordt van de leges geen teruggaaf verleend. 4. Tenzij in de legestabel in de bijlage met betrekking tot een bepaald onderdeel anders is vermeld, wordt voor de berekening van de leges een gedeelte van een in de tabel genoemde eenheid voor een volle eenheid gerekend. Artikel 6 Wijze van heffen De leges worden geheven door middel van een aanslag, een mondelinge kennisgeving, een kennisgeving langs elektronische weg of een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, een zegel, een nota, een factuur of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 7 Betaaltermijnen 1. Leges die bij wege van aanslag worden geheven, worden betaald in één termijn. Deze termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2. Leges waarvoor de kennisgevingen als bedoeld in artikel 6 van deze verordening: a.

mondeling worden gedaan, dienen te worden betaald op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk worden uitgereikt, dienen te worden betaald op het moment van het uitreiken van de kennisgeving. 2

3. Ingeval de kennisgevingen als bedoeld in artikel 6 van deze verordening worden toegezonden, dienen de leges te worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van deze kennisgeving. Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: a. van zuiver redactionele aard zijn; b. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving en het de volgende onderdelen van de legestabel in de bijlage betreft: 1. 2.1.2 (verklaring huwelijksbevoegdheid en akten); 2. 2.2 (reisdocumenten); 3. 2.3 (rijbewijzen); 4. 2.5.1 (attestatie de vita); 5. 2.5.3 (verklaring omtrent het gedrag); 6. 2.6 (naturalisatie); 7. 6.2 (kansspelen); een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel 10 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges. Artikel 11 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel 1.

De Legesverordening Amsterdam 2022 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid vermelde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 3. De datum van ingang van heffing is 1 januari 2023. 4. In hoofdstuk 3 “DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET” van de legestabel in de bijlage worden de normen over de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2699, uitgave 2017, op een bepaalde situatie van toepassing verklaard. Deze normen kunnen op verzoek van eenieder kosteloos worden ingezien op het stadhuis van de gemeente Amsterdam te Amstel 1. 5. Deze verordening wordt aangehaald als Legesverordening Amsterdam 2023. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 9 en 10 november 2022. De voorzitter Femke Halsema De raadsgriffier Jolien Houtman Bijlage: Legestabel 2023

3

LEGESTABEL 2023 Nummer

Tekst

1.

HOOFDSTUK 1 - INFORMATIE

1.1

1.1.1

KOPIEËN, AFSCHRIFTEN EN FACTUREN Het tarief bedraagt voor afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: per pagina op papier van A4-formaat

€ 0,30

1.1.2

per pagina op papier van A3-formaat

€ 0,50

1.1.3

Maatwerk: per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier Onder maatwerk wordt onder andere verstaan: de niet in bovenstaande tarieven opgenomen afdruk- of bestandsformaten, reproductie van details uit een analoog of digitaal bestand, overzetten van beeld en geluid en andere werkzaamheden die de gemeente Amsterdam als maatwerk beschouwt. Het tarief bedraagt voor maatwerk, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: Bijzondere bepalingen: Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van informatie over zakelijkrecht-gegevens en/of kadastrale percelen en/of verblijfsobjecten en/of gebouwen uit het verzamelbestand van de Basisvoorziening Vastgoed Amsterdam: per schermprint per perceelnummer; per kadastrale aanduiding of huisnummer per perceel; of per verblijfsobject/adres voor een opgave van een bouwjaar, bestemming en/of bouwkundige indeling Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verrichten van onderzoek in het bij de gemeente Amsterdam berustend materiaal, ongeacht het resultaat, per kwartier, met een minimumtarief van één kwartier

€ 22,40

1.1.4

1.1.5

1.2

Tarief 2023 incl. index

1.2.1

VERSTREKKEN VAN INFORMATIE Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: het op verzoek verstrekken van een protocollijst

2.

HOOFDSTUK 2 - BURGERZAKEN

2.1 2.1.1 2.1.1.1

BURGERLIJKE STAND HUWELIJKSVOLTREKKING / GEREGISTREERD PARTNERSCHAP Het tarief bedraagt voor een huwelijksvoltrekking, een registratie van een partnerschap of een omzetting van een partnerschap in een huwelijk op grond van artikel 4 van de Wet rechten burgerlijke stand

4

€ 8,50

€ 22,40

€ 0,00

€ 0,00

2.1.1.2

2.1.1.2.1 2.1.1.2.2 2.1.1.2.3 2.1.1.2.4

2.1.1.2.5 2.1.1.2.6 2.1.1.3

2.1.1.3.1 2.1.1.3.2 2.1.1.3.3 2.1.1.3.4

2.1.1.3.5 2.1.1.3.6 2.1.1.4

2.1.1.4.1 2.1.1.4.2 2.1.1.4.3 2.1.1.4.4

2.1.1.4.5

Het tarief bedraagt voor een huwelijksvoltrekking, een registratie van een partnerschap of een omzetting van een partnerschap in een huwelijk op een andere tijd of op een andere wijze dan waarop deze ingevolge 2.1.1.1 kosteloos plaatsheeft: maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur: maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten: in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag t/m vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur:

€ 831,40 € 177,20 € 789,90

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk - zoals bedoeld in 2.1.1.2 - te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 7 dagen of minder voorafgaand aan die gereserveerde datum: maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten. in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur

€ 1.023,60

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk - zoals bedoeld in 2.1.1.2 - te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 8 tot en met 14 dagen voorafgaand aan die gereserveerde datum: maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een uitgebreide ceremonie van maximaal 1 uur maandag t/m vrijdag op een Stadsloket met een budgetceremonie van maximaal 10 minuten in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 08:00 en 18:00 uur

€ 1.023,60

in een andere daartoe aangewezen locatie (huis der gemeente) op maandag tot en met vrijdag tussen 18:00 en 08:00 uur en op zaterdag, zondag en officiële feestdagen in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek

€ 511,80

5

€ 177,20 € 71,40

€ 831,40 € 177,20 € 789,90

€ 177,20 € 71,40

€ 415,70 € 88,60 € 394,90

€ 88,60

2.1.1.4.6 2.1.1.5

2.1.1.6 2.1.1.7 2.1.1.8 2.1.1.9 2.1.1.10

2.1.1.11

2.1.2 2.1.2.1

2.1.2.2

bij het omzetten van een partnerschap in een huwelijk zonder ceremonie Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren of te wijzigen binnen een periode van 15 dagen of meer voorafgaand aan die gereserveerde datum: Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: het aanwijzen van een locatie als huis der gemeente Het tarief bedraagt voor het verstrekken van: een trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering een trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een standaarduitvoering een duplicaat van het originele trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: een éénmalige benoeming tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor een bepaald huwelijk of partnerschap VERKLARING HUWELIJKSBEVOEGDHEID EN AKTEN Voor het verstrekken van: een verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand een uittreksel of afschrift van een akte van de burgerlijke stand als

bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand

€ 35,70

€ 473,80 € 28,80 € 36,30 € 86,50 € 114,20

€ 265,70

Volgt Rijkstarief Volgt Rijkstarief

2.1.2.3

een meertalig formulier van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand

Volgt Rijkstarief

2.1.2.4

een meertalig formulier van een uittreksel of afschrift als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand

Volgt Rijkstarief

2.2 2.2.1

REISDOCUMENTEN PASPOORT Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar; en het verstrekken van een reisdocument voor vluchtelingen of voor vreemdelingen aan een persoon, ongeacht leeftijd (max. 5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

2.2.1.1

6

Volgt Rijkstarief

2.2.1.2

het verstrekken van een nationaal paspoort en faciliteitenpaspoort, alsmede een tweede paspoort, aan een persoon die op moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (max. 10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden het verstrekken van een zakenpaspoort, zijnde een (tweede) nationaal paspoort, bevattende een groter aantal bladzijden dan een nationaal paspoort als bedoeld in 2.2.1.1 en 2.2.1.2, aan een persoon die op moment van verstrekken jonger dan 18 jaar is (max. 5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden een spoedlevering van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.4 genoemde documenten worden de betreffende tarieven verhoogd met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt Rijkstarief

2.2.1.6

het bezorgen van de onder 2.2.1.1 t/m 2.2.1.5 genoemde documenten is de toeslag (afgerond [naar beneden] op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

Volgt Rijkstarief

2.2.2

NEDERLANDSE IDENTITEITSKAART Voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet en artikel 6 besluit paspoortgelden: voor een persoon die op het moment van verstrekken jonger is dan 18 jaar (5 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden voor een persoon die op het moment van verstrekken 18 jaar of ouder is (10 jaar geldig) geldt het ten hoogste te heffen tarief (afgerond [naar beneden] op vijf cent) zoals dat is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden worden bij spoedlevering de tarieven, genoemd in 2.2.2.1 en 2.2.2.2, vermeerderd met de toeslag zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden is voor het bezorgen van de onder 2.2.2.1 t/m 2.2.2.3 genoemde documenten de toeslag (afgerond [naar beneden] op vijf cent) verschuldigd zoals die is opgenomen in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden

2.2.1.3

2.2.1.4

2.2.1.5

2.2.2.1

2.2.2.2

2.2.2.3

2.2.2.4

2.3

RIJBEWIJZEN Voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

7

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief Volgt Rijkstarief

2.3.1

2.3.2

2.3.3

2.3.4

voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent zijnde het bedrag dat de gemeenten moeten afdragen aan de Dienst Wegverkeer als vergoeding van de productiekosten van het rijbewijs, afgerond naar beneden op vijf cent voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs via de Rijksdienst voor het Wegverkeer geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Reglement rijbewijzen artikel 104b vermeerderd met de rijkskostencomponent, afgerond naar beneden op vijf cent van een spoedlevering van de onder 2.3.1 en 2.3.2 genoemde documenten wordt het legesbedrag verhoogd met het bedrag conform de door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde RDW-rijbewijstarieven, afgerond naar beneden op vijf cent voor de afgifte van een gezondheidsverklaring geldt het door het CBR vastgestelde tarief welke staat vermeld op de gezondheidsverklaring

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

2.4

VERSTREKKINGEN UIT DE BASISREGISTRATIE PERSONEN Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen op of na 1 januari 1994:

2.4.1

per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) met datum gelegen voor 1 januari 1994:

€ 22,40

2.4.2

per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor verstrekking van een uittreksel uit de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI): per verstrekking, per persoon Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: het op verzoek van een persoon of organisatie doornemen van de Basisregistratie Personen (BRP), per afgifte van staat van inlichtingen

€ 31,00

2.4.3

2.4.4

Bijzondere bepalingen: - Indien op aanvraag werkzaamheden moeten worden verricht, bijvoorbeeld omdat gegevens of gegevensverzamelingen moeten worden geraadpleegd of bewerkt dan wel omdat de aanvraag een van de gebruikelijke wijze afwijkende presentatie behelst, wordt voorafgaand aan de behandeling van de aanvraag met de aanvrager contractueel een bedrag overeengekomen - Voor de toepassing van het gestelde onder 2.4.1 tot en met 2.4.3 wordt verstaan onder één verstrekking: één of meer gegeven(s) omtrent één persoon voor wie de Basisregistratie personen (BRP) moet worden geraadpleegd 2.5

VERKLARINGEN

8

€ 22,40

€ 72,60

2.5.1

2.5.2 2.5.3

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgifte van een attestatie de vita als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor afgifte van: een bewijs van in leven zijn een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)

Volgt Rijkstarief

€ 22,40 Volgt Rijkstarief

2.5.4 2.5.5

een "laissez-passer" (lijkenpas) een verlof voor het bespoedigen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging

€ 22,40 € 22,40

2.5.6

een verlof voor het uitstellen van de termijn voor uitvaart overeenkomstig artikel 17 van de wet op de lijkbezorging

€ 22,40

2.5.7 2.5.8 2.5.9

een legalisatie van een handtekening het waarmerken van afschriften (certificaat van oorsprong) een verklaring betreffende woonplaats of hoofdverblijf als bedoeld in artikel 8, lid 1, sub c van de Rijkswet op het Nederlanderschap 1984

€ 22,40 € 22,40 € 22,40

2.5.10 2.5.11

een bewijs van Nederlanderschap ten behoeve van één persoon een bewijs van Nederlanderschap dat is bestemd voor meer dan één persoon: het bedrag in 2.5.10, vermeerderd met het hierna vermelde tarief voor elke extra persoon

€ 22,40 € 2,05

2.6

NATURALISATIE Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het afleggen van een optie ter verkrijging van het Nederlanderschap, alsmede voor de behandeling van een naturalisatieverzoek worden de hierna genoemde tarieven geheven: voor een optie, per persoon (tariefcode A), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een optie, samen met partner (tariefcode B), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een optie, per mede-opterend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode C), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een naturalisatie, per persoon (tariefcode D), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

2.6.1

2.6.2

2.6.3

2.6.4

9

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

2.6.5

2.6.6

2.6.7

2.6.8

2.6.9

voor een naturalisatie, samen met partner (tariefcode E), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een naturalisatie, per vluchteling of staatloze (tariefcode F), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een naturalisatie van een vluchteling of staatloze samen met partner (tariefcode G), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 voor een naturalisatie, per meenaturaliserend minderjarig kind in dezelfde aanvraag (tariefcode H), het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot afgifte van een garantstelling indien een burger voor een derde - niet woonachtig in Nederland - garant wenst te staan en/of deze derde onderdak wenst te bieden bedraagt het tarief: per handtekening, waarbij in geval van

ontvangst van een echtgeno(o)te, dan wel geregistreerd partner, beide partners een handtekening dienen te zetten

3

HOOFDSTUK 3 - DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET

3.1 3.1.1

DEFINITIES HOOFDSTUK 3 TARIEVENTABEL Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in 3.1.1 bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan.

3.1.2

3.1.3 3.1.3.1

10

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

Volgt Rijkstarief

€ 22,40

3.1.3.2

3.1.3.3

3.1.3.4

3.1.3.5

3.2

3.2.1 3.2.2

binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet. bouwkosten: de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2699, uitgave 2017, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd, de omzetbelasting daarin niet begrepen. Het inzien van de NEN 2699 is mogelijk in het Stadhuis van Amsterdam, Amstel 1. De UAV 2012 is in te zien op www.overheid.nl. De bouwkosten zijn altijd exclusief omzetbelasting. Onder aanlegkosten wordt verstaan de aannemingssom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor uitvoering van werken (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, dan wel voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten. De aanlegkosten zijn altijd exclusief omzetbelasting.

Indien het bouwen of aanleggen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in dit hoofdstuk onder bouw/aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft. De aanlegkosten zijn altijd exclusief omzetbelasting. DIENSTVERLENING EN BESLUITEN WAAROVER LEGES WORDEN GEHEVEN Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: omgevingsoverleg een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit

3.2.3

toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet

3.2.4

een wijziging van een of meer voorschriften behorende bij een omgevingsvergunning het overschrijven van een omgevingsvergunning op naam van een andere vergunninghouder wijziging van een besluit als bedoeld in 3.2.2 en 3.2.3 een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in 3.2.1 tot en met 3.2.6.

3.2.5 3.2.6 3.2.7

3.3

BEPALEN TARIEF HOOFDSTUK 3 TARIEVENTABEL

11

3.3.1

De in dit hoofdstuk genoemde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende onderdelen van dit hoofdstuk.

3.3.2

Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.

3.4 3.4.1 3.4.1.1

OMGEVINGSVERGUNNING ALGEMENE TARIEVEN Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag omgevingsoverleg over een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving:

3.4.1.2

De geheven leges voor een aanvraag omgevingsoverleg worden in mindering gebracht op de leges die worden geheven voor een omgevingsvergunningaanvraag voor hetzelfde project indien de omgevingsvergunningaanvraag wordt ingediend binnen 8 weken na de datum van afhandeling van het verzoek voor de beoordeling van de aanvraag omgevingsoverleg, waarbij geldt dat geen aanspraak op vermindering bestaat voor zover de vermindering uitgaat boven het voor de aanvraag omgevingsvergunning verschuldigde legesbedrag.

3.4.2 3.4.2.1

BOUWACTIVITEIT (BOUWTECHNISCHE DEEL) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten: schijf 1 - bij bouwkosten van € 0 tot en met € 75.000: 1,25% van de bouwkosten, met een minimumtarief van € 100 schijf 2 - bij bouwkosten van € 75.000 tot en met € 500.000 wordt het tarief van schijf 1 over de bij die schijf genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 3,4% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 2 schijf 3 - bij bouwkosten van € 500.000 tot en met € 5.000.000 wordt het tarief van de schijven 1 en 2 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 2,9% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 3 schijf 4 - bij bouwkosten van € 5.000.000 tot en met € 35.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2 en 3 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 2,35% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 4 schijf 5 - bij bouwkosten van € 35.000.000 tot en met € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2, 3 en 4 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 1,6% van het gedeelte van de bouwkosten dat valt in schijf 5

schijf 6 - bij bouwkosten vanaf € 50.000.000 wordt het tarief van de schijven 1, 2, 3, 4 en 5 over de bij die schijven genoemde bouwkosten geheven, vermeerderd met 0,6% van het gedeelte van de bouwkosten 12

€ 300,00

dat valt in schijf 6.

3.4.2.2

3.4.2.3

In afwijking van het bepaalde in 3.4.2.1 , wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een aanvraag voor een tijdelijke verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd in behandeling genomen tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunningaanvraag conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Bij de vaststelling van het bedrag dat dient te worden voldaan, wordt een minimum van € 100 gehanteerd. Voorts wordt een maximum van € 25.000 gehanteerd. De verlenging van de vergunning voor bepaalde tijd wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend. Indien een aanvraag om een omgevingsvergunning een activiteit betreft als genoemd in 3.4.2.1 welke betrekking heeft op een civieltechnisch werk conform de hierna opgenomen omschrijving en opsomming, bedraagt het tarief 0,6975 % van de bouwkosten, met een minimumtarief van € 100.

Onder civieltechnische werken wordt voor de toepassing van dit onderdeel verstaan: a.) Een bouwwerk dat geen gebouw is als bedoeld in artikel 1 van de Woningwet, een openbare en/of maatschappelijke functie vervult en tevens is opgenomen in de volgende limitatieve opsomming: 1.) Spoor- en weginfrastructuur inclusief de bijbehorende kunstwerken zijnde wegen, tunnels, bruggen, viaducten, geluidsschermen; 2.) Waterinfrastructuur zijnde havens, kanalen, rivieren, sluizen, aquaducten, duikers, stuwen, gemalen, steigers, kademuren en keermuren; b.) De terreinvoorbereiding behorend bij de bouwwerken zoals benoemd in onderdeel a.); c.) De openbare terreininrichting behorend bij de bouwwerken zoals benoemd in onderdeel a.); d.) Installaties benodigd voor een goede werking van de infrastructuur, genoemd in onderdeel a.), waaronder tevens wordt begrepen een bedieningsgebouw voor zover de functie van het gebouw ziet op de bediening van de benodigde installaties.

13

3.4.2.4

3.4.2.5

3.4.2.6

a

b

Indien een aanvraag om een omgevingsvergunning een activiteit betreft als genoemd in 3.4.2.1 welke gedeeltelijk betrekking heeft op een civieltechnisch werk kan de aanvrager de bouwkosten gemotiveerd uitsplitsen tussen het deel dat betrekking heeft op een civieltechnisch werk en het deel dat geen betrekking heeft op een civieltechnisch werk. De uitsplitsing kan als bijlage aan het vergunningdossier worden toegevoegd. In dat geval worden de tarieven, genoemd in 3.4.2.1 berekend over het totaal van de bouwkosten verminderd met het deel van de bouwkosten dat betrekking heeft op het civieltechnisch werk. Het tarief, genoemd in 3.4.2.3 wordt berekend over de bouwkosten die betrekking hebben op het civieltechnisch werk. Indien een van de genoemde werken een andere vergunning behoeft dan de vergunning als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder a van de Omgevingswet, zijn de leges verschuldigd conform het tarief dat geldt voor die andere vergunning.

In afwijking van het bepaalde in 3.4.2.3, wordt in de gevallen waarbij eerder een vergunning voor een civieltechnisch werk voor bepaalde tijd is afgegeven (de initiële vergunning), maar waarbij dient te worden geconstateerd dat afronding van het project niet binnen deze bepaalde tijd mogelijk blijkt te zijn, een verlenging van deze vergunning voor bepaalde tijd afgegeven tegen een tarief van 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een initiële vergunning conform de tarieven geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Hierbij geldt een minimum tarief van € 100 en een maximum tarief van € 25.000. De verlenging wordt eveneens voor bepaalde tijd verleend. Dit onderdeel heeft betrekking op duurzaam verbouwen. De in dit onderdeel vermelde tarieven zijn uitsluitend van toepassing op duurzaam verbouwen van bestaande gebouwen en worden uitsluitend toegepast als de aanvrager het aanvraagformulier duurzaam verbouwen heeft ingediend.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in 3.4.2.1, bedraagt bij duurzaam verbouwen, in afwijking van het tarief zoals aldaar bepaald, 0,1 % van de bouwkosten met een minimumtarief van € 100 (voor zover dit minimumtarief niet reeds wordt geheven op grond van 3.2.4.1 terzake van een eventuele reguliere bouw- of verbouwactiviteit die is begrepen in dezelfde vergunningaanvraag ) voor het onderdeel van de aanvraag dat betrekking heeft op: het plaatsen van een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking, inclusief de benodigde bouwkundige voorzieningen hiervoor het plaatsen van nieuw glas, al dan niet in combinatie met kozijnvervanging, bij een woning of utiliteitsbouw, indien de warmtedoorgangswaarde (na vervanging) een U-waarde (U glas) van het HR++ of HR+++ (triple) glas van maximaal 1,1 W/m²K heeft. Indien monumentenglas vereist is geldt een U-waarde (U glas) van maximaal 2,0 W/m²K

14

c

d

e

f

g

h

het plaatsen van isolerende kozijnen, al dan niet in combinatie met plaatsen van nieuw glas, bij een woning of utiliteitsbouw, indien de warmtedoorgangswaarde (na vervanging) een U-waarde (U raam) van maximaal 1,5 W/m²K heeft het isoleren van de buitengevel van een woning waarbij de isolatiewaarde van de gevel ná isolatie een waarde heeft van minimaal Rc ≥ 3,5 m²K/W het isoleren van de buitengevel van een utiliteitsgebouw waarbij de isolatiewaarde van de gevel ná isolatie een waarde heeft van minimaal Rc ≥ 5 m²K/W het isoleren van de binnengevel van een woning waarbij de isolatiewaarde van de gevel ná isolatie een waarde heeft van minimaal Rc ≥ 3 m²K/W het isoleren van de binnengevel van een utiliteitsgebouw waarbij de isolatiewaarde van de gevel ná isolatie een waarde heeft van minimaal Rc ≥ 5 m²K/W het isoleren van het dak van een woning, al dan niet in combinatie met het verhogen van de dakrand, dakgoot of nok waarbij de isolatiewaarde van het dak ná isolatie minimaal Rc ≥ 5,0 m²K/W bedraagt

i

het isoleren van het dak van een utiliteitsgebouw, al dan niet in combinatie met verhogen van de dakrand, dakgoot of nok waarbij de isolatiewaarde van het dak ná isolatie minimaal Rc ≥ 6,0 m²K/W bedraagt

j

het plaatsen van een lucht-water- of lucht-luchtwarmtepomp, inclusief laagtemperatuur afgiftesysteem en constructieaanpassingen ten behoeve van plaatsing warmtepomp het plaatsen van een water-water-, bodem-water- of bodemluchtwarmtepomp in combinatie met bodembronnen, inclusief laagtemperatuur afgiftesysteem en constructieaanpassingen t.b.v. plaatsing warmtepomp of bronnen het plaatsen van een balansventilatie systeem met warmteterugwinning met bypass in een woning, met een capaciteit van minimaal 150 m3/uur en een rendement van minimaal 90% het plaatsen van een balansventilatie systeem met warmteterugwinning met bypass in een utiliteitsgebouw, met een capaciteit van minimaal 150 m3/uur en een rendement van minimaal 80%

k

l

m

n

o

3.4.3

het plaatsen van een groen dak, inclusief de bouwkundige voorzieningen hiervoor, met een waterbergende capaciteit van minimaal 20 liter per m² en een oppervlakte van minimaal 30 m² het afkoppelen van hemelwater in combinatie met waterberging, inclusief buizen en bouwkundige voorzieningen hiervoor, met een bergende capaciteit van minimaal 60 mm / 24 uur of een wateropslag capaciteit van minimaal 1 m3. OMGEVINGSPLANACTIVITEIT: BOUWACTIVITEIT, IN STAND HOUDEN OF GEBRUIKEN BOUWWERK (RUIMTELIJK DEEL)

15

3.4.3.1 3.4.3.2

3.4.3.3

3.4.3.4

3.4.3.5

3.4.4

3.4.4.1

3.4.4.2

3.4.4.3

3.4.4.4

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het te bouwen bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten: voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit: als moet worden beoordeeld of het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet wordt het tarief in 3.4.3.1. verhoogd met: als de activiteit plaatsvindt op een bodemgevoelige locatie en de toelaatbare kwaliteit van de bodem moet worden beoordeeld, wordt het tarief in 3.4.3.1. verhoogd met: als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- en dorpsgezicht, wordt het tarief in 3.4.3.1. verhoogd met: als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met de Hemelwaterverordening wordt het tarief in 3.4.3.1.

verhoogd met: ACTIVITEIT: AFWIJKEN OMGEVINGSPLAN Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen wordt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning, waarbij sprake is van een activiteit die in strijd is met het omgevingsplan, verhoogd met: als de aanvraag betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet, die in strijd is met de regels van het omgevingsplan, en waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat kan worden afgeweken van die regels: als de aanvraag betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet, die in strijd is met de regels van het omgevingsplan, waaraan medewerking kan worden verleend door toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht: als de aanvraag betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet, die in strijd is met de regels van het omgevingsplan, en waarvoor in het omgevingsplan geen regels zijn opgenomen om af te wijken van die regels: Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van

artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: 16

€ 500,00 € 150,00

€ 300,00

€ 150,00

€ 300,00

€ 300,00

€ 400,00

€ 500,00

a b

als de gemeenteraad moet besluiten over de instemming: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn:

3.4.5 3.4.5.1

ACTIVITEIT: AANLEGGEN Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

3.4.6 3.4.6.1

ACTIVITEIT: SLOPEN Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot cultureel erfgoed als bedoeld in 3.4.8, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

3.4.7

3.4.7.1 3.4.7.2 3.4.7.3 3.4.7.4 3.4.7.5 3.4.7.6

ACTIVITEIT: VELLEN HOUTOPSTAND Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in de vigerende artikelen van de Bomenverordening 2014 (vellen of laten vellen van een houtopstand) in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten: 1 t/m 5 bomen 6 t/m 10 bomen 11 t/m 25 bomen 26 t/m 50 bomen meer dan 50 bomen jaarvergunning

3.4.8

ACTIVITEITEN MET BETREKKING TOT CULTUREEL ERFGOED

17

€ 769,60 n.t.b.

€ 275,40

€ 247,60

€ 134,40 € 218,80 € 275,40 € 329,80 € 495,30 € 495,30

3.4.8.1

3.4.8.2

3.4.8.3

3.4.9 3.4.9.1

3.4.9.2

3.4.10

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als het ook gaat om de in die onderdelen bedoelde activiteiten, voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning die betrekking heeft op: a. een omgevingsplanactiviteit met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, rijksmonument, voorbeschermd gemeentelijk monument, voorbeschermd provinciaal monument, voorbeschermd rijksmonument of een beschermd stads- of dorpsgezicht in de zin van de Erfgoedverordening Amsterdam; b. een activiteit waarvoor in de omgevingsverordening is bepaald dat het verrichten daarvan zonder omgevingsvergunning is verboden als die activiteit betrekking heeft op een provinciaal monument of een voorbeschermd provinciaal monument; c. een rijksmonumentenactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet. Voor de toepassing van 3.4.8.1. wordt onder gemeentelijk monument respectievelijk voorbeschermd gemeentelijk monument ook verstaan een monument of archeologisch monument dat op grond van de Erfgoedverordening Amsterdam is aangewezen respectievelijk waarop, voordat het is aangewezen, die verordening van overeenkomstige toepassing is. De vorige volzin is van toepassing: a.

als het gaat om een aangewezen monument of archeologisch monument: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functieaanduiding gemeentelijk monument is gegeven; en b. als het gaat om een monument of archeologisch monument waarop voordat het is aangewezen de verordening van overeenkomstige toepassing is: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functieaanduiding gemeentelijk monument is gegeven of het omgevingsplan nog geen voorbeschermingsregel bevat vanwege het voornemen om die functie-aanduiding te geven. In afwijking van 3.4.8.1. worden voor de omgevingsplanactiviteit activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed geen leges geheven wanneer de aanvraag om een omgevingsvergunning tevens betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving. GELIJKWAARDIGHEID Het tarief voor het in behandeling van een aanvraag om toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet bedraagt, per maatregel: Het tarief behorend bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop de gelijkwaardige maatregel betrekking heeft onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSVERGUNNING De hierna genoemde tarieven gelden in de daarin beschreven omstandigheden in afwijking van de hiervoor beschreven tarieven.

18

€ 231,60

€ 710,20

3.4.10.1

3.4.10.2

a

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning, goedkeuring, verklaring, afwijking of een andere dienst die samenhangt met een project in de fysieke leefomgeving, voor zover daarvoor niet elders in deze tarieventabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: Het tarief voor een aanvraag die, na toepassing van het bepaalde in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht, niet in behandeling wordt genomen, bedraagt: indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag wel in behandeling was genomen niet hoger zijn dan € 350

€ 275,40

€ 106,80

b

indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag wel in behandeling was genomen tussen de € 351 en € 1.000 bedragen

€ 266,90

c

indien de leges die verschuldigd zouden zijn indien de aanvraag wel in behandeling was genomen meer bedragen dan € 1.000.

€ 533,70

3.4.10.3

Voor een aanvraag omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstand ( 3.4.7), die, na toepassing van het bepaalde in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht, niet verder in behandeling wordt genomen bedraagt het tarief, in afwijking van 3.4.10.2: Het tarief bedraagt voor een aanvraag omgevingsvergunning die in behandeling is genomen en waar besloten wordt dat er geen vergunning vereist is (besluit vergunningvrij): Indien het een aanvraag omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstand ( 3.4.7), betreft, geldt het in 3.4.10.5 vermelde tarief. Het tarief bedraagt voor een aanvraag omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstand ( 3.4.7) die in behandeling is genomen en waar besloten wordt dat er geen vergunning is vereist (besluit vergunningsvrij): Voor een lopende aanvraag die binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen, wordt ingetrokken is, in afwijking van de voorgaande bepalingen, verschuldigd: a.) Indien de lopende aanvraag in de periode tot en met 2 weken na ontvangst van de aanvraag wordt ingetrokken: € 50 b.) Indien de lopende aanvraag meer dan 2 weken tot en met 4 weken na ontvangst van de aanvraag wordt ingetrokken: 25 % van de hierboven vermelde tarieven c.) Indien de lopende aanvraag meer dan 4 weken tot en met 6 weken na ontvangst van de aanvraag wordt ingetrokken: 50% van de hierboven vermelde tarieven d.) Indien de lopende aanvraag

meer dan 6 weken maar binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag wordt ingetrokken: 75 % van de hierboven vermelde tarieven Onder lopende aanvraag wordt verstaan: een aanvraag waarop nog geen besluit is genomen door de gemeente.

€ 53,40

3.4.10.4

3.4.10.5

3.4.10.6

19

€ 231,60

€ 53,40

3.4.10.7

Indien de aanvraag om het verkrijgen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het bouwen in afwijking van een eerder ingediend bouwplan waarvoor reeds een vergunning is verleend en het gaat om een wijziging van een of enkele onderdelen van het bouwplan die op zichzelf beoordeeld kunnen worden, worden de leges geheven overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk, waarbij dan als bouwkosten gelden de bouwkosten van de gewijzigde onderdelen van het bouwplan, met dien verstande dat het te betalen legesbedrag nooit minder is dan € 250.

3.4.11 3.4.11.1

ACTIVITEIT: MONUMENTEN IN COMBINATIE MET BOUWEN Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in 3.4.8 (cultureel erfgoed) in combinatie met een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder a, van de Omgevingswet (bouwen) worden de op grond van 3.4.8. verschuldigde leges niet geheven

3.4.12 3.4.12.1

MODALITEITEN Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van die activiteit, worden de op grond van 3.4.2 tot en met 3.4.8 verschuldigde leges verhoogd met 10%.

3.4.13 3.4.13.1

TERUGGAAF Indien een aangevraagde omgevingsvergunnning wordt geweigerd, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. Deze teruggaaf bedraagt 25% van de leges die verschuldigd zijn voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd.

3.4.13.2

Voor een aanvraag omgevingsvergunning die, naar het oordeel van het Dagelijks Bestuur / College van burgemeester en wethouders, kan worden beschouwd als een aanvraag voor eenzelfde activiteit als waarvoor ten hoogste zes maanden voor de datum van ontvangst van deze aanvraag de vergunning is geweigerd en waarin de grondslag voor die weigering is opgeheven, wordt teruggaaf van 25% van de voor die aanvraag geheven leges verleend (vermindering leges 2e aanvraag voor eenzelfde activiteit), met dien verstande dat het te betalen legesbedrag nooit minder is dan € 250. Deze bepaling is niet van toepassing op aanvragen als bedoeld in 3.4.7 (vellen houtopstand).

4.

HOOFDSTUK 4- GERESERVEERD

5.

HOOFDSTUK 5 - FYSIEKE LEEFOMGEVING OVERIGE ACTIVITEITEN

5.1

WET RUIMTELIJKE ORDENING EN CRISIS- EN HERSTELWET

20

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 5.1.1

een bestemmingsplan of bestemmingsplanherziening op verzoek als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening

€ 3.661,20

5.1.2

een verzoek tot wijziging of uitwerking van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, lid 1, onder a, en/of artikel 3.6, lid 1, onder b, van de Wet ruimtelijke ordening Een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet: de som van de bedragen die op grond van deze legesverordening- en tarieventabel verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, afwijking, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, lid 3, van de Crisis- en herstelwet Daar waar door de gemeente medewerking wordt verleend aan een besluit als bedoeld in 5.1.1 en 5.1.2 en verzekerd is dat kostenverhaal plaatsvindt via afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatieplan / overeenkomst) wordt, om dubbele kosten te voorkomen, op verzoek vrijstelling of, indien van toepassing, teruggaaf verleend voor de op grond van voornoemde rubrieken geheven leges

€ 1.938,30

5.1.3

5.1.4

5.2 5.2.1

5.2.1.1 5.2.1.2

5.2.2

5.3

SPLITSINGSVERGUNNING Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 22 van de Huisvestingswet (splitsingsvergunning): per (eerste) pand zoals gedefinieerd in de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 per aanpalend pand onder de voorwaarden dat de panden dezelfde eigenaar hebben en de vergunningen voor de panden gelijktijdig zijn aangevraagd In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een door een bij de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties aangesloten woningcorporatie ingediende aanvraag voor een splitsingsvergunning onder de voorwaarde dat het een splitsing betreft conform de voorwaarden van artikel 6, lid 2, van de 'Uitvoeringsovereenkomst Verkoop Sociale Huurwoningen 2020 t/m 2024' - per te formeren recht: VERGUNNING VOOR HET ONTTREKKEN, SAMENVOEGEN, OMZETTEN, VORMEN EN TOERISTISCHE VERHUUR VAN WOONRUIMTEN Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor:

21

€ 3.345,10 € 2.140,10

€ 350,10

5.3.1

het in behandeling nemen van een aanvraag voor een onttrekkingsvergunning voor sloop van een (gedeelte van een) woonruimte zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam, per woonruimte of gedeelte van een woonruimte (per aanvraag): het in behandeling nemen van een aanvraag voor een Bed & Breakfast vergunning zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam (per aanvraag):

€ 1.295,70

5.3.3

het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning voor vakantieverhuur zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam (per aanvraag):

€ 48,10

5.3.4

het in behandeling nemen van een aanvraag voor een voorraadvergunning als bedoeld in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam, anders dan de vergunningen als bedoeld in de 5.3.2 en 5.3.3: De tarieven gelden per aanvraag tenzij in een aanvraag meerdere panden zijn betrokken; dan geldt het genoemde tarief per pand voor een onttrekkingsvergunning ander gebruik zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam: voor een vergunning voor samenvoegen zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam:

5.3.2

5.3.4.1

5.3.4.2 5.3.4.3

5.3.4.4

5.4

5.4.1 5.4.2 5.4.3 5.4.4

5.5

voor een omzettingsvergunning zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam: Er zijn geen leges verschuldigd indien een aanvraag moet worden afgewezen omdat het quotum voor omzettingsvergunningen reeds is overschreden voor een vergunning woningvorming zoals geformuleerd in de op het moment van aanvraag geldende Huisvestingsverordening Amsterdam: GESCHIKTHEIDSVERKLARING VOOR PROSTITUTIEBEDRIJVEN Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een geschiktheidsverklaring voor een prostitutiebedrijf in de zin van bijlage 6 van de Bouwverordening Amsterdam 2013: voor de 1e werkruimte voor de 2e tot en met 5e werkruimte binnen een pand voor de 6e en alle volgende werkruimten binnen een pand voor een nieuwe geschiktheidsverklaring ter vervanging van een geschiktheidsverklaring wegens wijziging van de inrichting worden de leges berekend conform 5.4.1 t/m 5.4.3 en vervolgens verminderd met het hoogste van de volgende twee bedragen: * 1% van de bouwkundige kosten inzake de wijziging van de inrichting en * 10% van de leges berekend conform 3.2.4.1 t/m 3.2.4.3 OPENSTELLINGSVERGUNNING 22

€ 362,40

€ 587,10

€ 587,10 € 587,10

€ 587,10

€ 610,50 € 1.220,00 € 1.829,40

5.5.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 8 van de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels (openstellingsvergunning tunnel):

5.6

HUISVESTINGVERGUNNING EN VERGUNNING VOOR TIJDELIJKE VERHUUR OP BASIS VAN DE LEEGSTANDWET

€ 164.905,80

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: 5.6.1

5.6.2

5.7

5.7.1

een huisvestingsvergunning als bedoeld in artikel 8 van de Huisvestingswet en de bijbehorende regels uit de Huisvestingsverordening Amsterdam: het verkrijgen of verlengen van een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de Leegstandwet en de nadere regels Amsterdam voor tijdelijke verhuur op basis van de Leegstandwet:

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: een vergunning of ontheffing in het kader van de opkoopbescherming als bedoeld in de Huisvestingsverordening Amsterdam: HOOFDSTUK 6 - ECONOMIE EN MILIEU

6.1

HORECA Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor: een exploitatievergunning horecabedrijf als bedoeld in artikel 3.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 betreffende de openbare orde en veiligheid: met terras zonder terras een verlenging van de exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008

6.1.1.1 6.1.1.2 6.1.2 6.1.2.1 6.1.2.2 6.1.3

6.1.4.1

€ 156,90

OPKOOPBESCHERMING

6.

6.1.1

€ 63,00

met terras zonder terras het aanbrengen van een wijziging in de exploitatievergunning als bedoeld in 6.1.1 bestaande uit een aanpassing van een terras - met uitzondering van een verkleining van het terrasoppervlak binnen de vergunde contouren het aanbrengen van een wijziging in de exploitatievergunning als bedoeld in l 6.1.1 bestaande uit het wijzigen van de persoon van één leidinggevende (door het wisselen of toevoegen van een leidinggevende):

23

€ 279,15

€ 3.006,70 € 2.499,70

€ 1.996,00 € 1.585,00 € 565,70

€ 336,10

6.1.4.2

6.1.4.3

het aanbrengen van een wijziging in de vergunning als bedoeld in 6.1.1 bestaande uit het wijzigen van de persoon van iedere volgende leidinggevende (door het wisselen of toevoegen van een leidinggevende) in dezelfde aanvraag als bedoeld in 6.1.4.1 het aanbrengen van overige - andere dan die zijn vermeld in 6.1.4.1 en 6.1.4.2 - wijzigingen in de exploitatievergunning als bedoeld in 6.1.1

€ 34,60

€ 401,30

6.1.5 6.1.5.1

een vergunning ingevolge artikel 3 van de Alcoholwet het aanbrengen van een wijziging in de vergunning als bedoeld in 6.1.5 bestaande uit het wijzigen van de persoon van één leidinggevende (door het wisselen of toevoegen van een leidinggevende):

€ 1.562,60 € 336,10

6.1.5.2

het aanbrengen van een wijziging in de vergunning als bedoeld in 6.1.5 bestaande uit het wijzigen van de persoon van iedere volgende leidinggevende (door het wisselen of toevoegen van een leidinggevende) in dezelfde aanvraag als bedoeld in 6.1.5.1 het aanbrengen van overige - andere dan die zijn vermeld in 6.1.5.1 en 6.1.5.2 - wijzigingen in de vergunning als bedoeld in 6.1.5

€ 34,60

6.1.5.3

€ 401,30

6.1.6

een ontheffing ingevolge artikel 35 van de Alcoholwet

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11892373/1