3-20230331 Handreiking Integraal Daklandschap.pdf
Tekst van het document
integraal
T P E
C N
O C Daklandschap
COLOFON Handreiking Integraal Daklandschap Gemeente Amsterdam versie 1.0 31 maart 2023 Opdrachtgever: Patrick van Beveren Opgesteld door: Ruimte en Duurzaamheid Nina Kopp Szymon Michalski Henriette Goldbeck Annemarie Wagemaker Marije Schuurman In samenwerking met: Ernst de Beaufort (constructeur) Alex Pixley (tekst en redactie) Disclaimer: © 2023 Gebruik en overname van teksten uit deze publicatie is toegestaan met vermelding van ‘bron: Handreiking Integraal Dakenplan’. Aan deze Handreiking Integraal Dakenplan kunnen geen rechten worden ontleend. Dit document geeft een indicatie van welke dakfuncties mogelijk zijn bij verschillende soorten gebouwen en dakconstructies. Het is echter altijd noodzakelijk om een professionele constructeur te raadplegen over uw specifieke situatie en tevens actuele informatie in te winnen die op uw situatie van toepassing is zijnde wet- en regelgeving. Gemeente Amsterdam heeft zich ingespannen de rechthebbenden voor het gebruikte beeldmateriaal te achterhalen en vermelden. Wanneer u meent dat dit niet passend is gebeurd, neem dan contact op met: Nina Kopp
INHOUDSOPGAVE Introductie + Leeswijzer ...............................4
Deel 1.........................................................10 Hoofdstuk 1: Dakconstructies en gebouwtypes.................12 Hoofdstuk 2: Dakfuncties met kleuren................................36 Hoofdstuk 3: Combinaties en dakformaten........................62 Hoofstuk 4: Stappenplan en dakeigenaren......................82
Deel 2........................................................90 Hoofdstuk 5: Schaalsprong: potentie van het daklandschap...........................................92 Hoofdstuk 6: (Het dak) op naar de toekomst...................104 Bronnen Websites, links en beeldverantwoording....108
INTRODUCTIE “Niet alles kan op ieder dak, maar op ieder dak kan iets.” – Kasper Spaan, Waternet
Voor u ligt de Handreiking Integraal Daklandschap voor Amsterdam, het startpunt voor iedere Amsterdammer die iets met zijn dak wil gaan doen. Ook voor professionals zoals ontwerpers, ingenieurs, dakleggers en beleidsmakers, kan het als referentie voor de Amsterdamse context dienen. Inspirerend én praktisch biedt deze handreiking iets nuttigs voor zowel een allereerste verkenning als het uitwerken van een concreet plan. Amsterdam in transitie Amsterdam staat voor een aantal grote opgaven om de stad toekomstbestendig te maken voor de 21e eeuw. Denk aan duurzame energiesystemen om klimaatneutraal te worden, meer groen voor klimaatadaptatie en biodiversiteit, meer woningbouw binnen de bestaande stadsgrenzen voor een groeiend aantal Amsterdammers, en nieuwe vormen van mobiliteit en infrastructuur. Al deze opgaven hebben grote consequenties voor de openbare ruimte, waar zowel boven- als ondergronds steeds minder plek is. Hoewel dakruimte absoluut geen vervanging is van openbare ruimte, biedt het wel waardevolle kansen om bij te dragen aan de opgaven waar we voor staan en om nieuwe vormen van kwalitatieve ruimte toe te voegen aan de stad. 4 - Integraal Daklandschap
Amsterdams daklandschap Amsterdam heeft 25 vierkante kilometer dakoppervlak, waarvan ongeveer driekwart platte daken zijn. Niet iedere vierkante meter is inzetbaar voor nieuwe functies, maar er is op dit moment nog een grote onvervulde potentie in het Amsterdamse daklandschap. Deze handreiking gaat in op alle soorten daken, inclusief schuine daken en industriedaken, maar de nadruk voor multifunctionaliteit ligt op platte daken. Door deze handreiking heen is een overkoepelende vraag voelbaar over de toekomst van de stad: Hoe zou Amsterdam eruit kunnen zien in 2050 – of 2100 – als het daklandschap optimaal vormgegeven is? Om deze vraag te beantwoorden en de dakpotentie van Amsterdam te vervullen, moeten we zowel naar het individuele dakopgave kijken, als naar de samenhang door de hele stad van het nieuwe landschap dat op hoogte aan het ontstaan is.
25,5 km2 dakoppervlak Het dakoppervlak van Amsterdam is gelijk aan 11% van de stad.
Omgevingsvisie In de Amsterdamse Omgevingsvisie 2050 – Een menselijke metropool komen daken veelvuldig aan bod om bij te dragen aan beleidsdoelen voor klimaatadaptatie, biodiversiteit, energievoorziening, sociale voorzieningen en verdichting van de stad. De urgentie om alle daken – mits geschikt – te benutten wordt benadrukt en multifunctioneel gebruik wordt sterk aangemoedigd. Volgens de omgevingsvisie komt er bewust geen nieuw dakenbeleid, maar wordt het multifunctioneel gebruik van daken verankerd in bestaand en aanstaand beleid, zoals de Regionale Energiestrategie, de Strategie Klimaatadaptatie Amsterdam, de Groenvisie, de Hemelwaterverordening, en de Amsterdamse dakeninventarisatiekaart voor zonnepanelen en erfgoed. Kortom, de keuze is om in te zetten op het versterken van de uitvoering zodat zo veel mogelijke Amsterdamse daken multifunctioneel gebruikt worden. Zoals ook geconstateerd wordt in de omgevingsvisie, is het dakenlandschap onderdeel aan het worden van de ruimtelijke ordening van de stad. Het daklandschap is een stedelijke ruimte die tegelijkertijd vele voordelen aan de bewoner en eigenaar kan bieden en ook een belangrijk maatschappelijk belang kan dienen. Deze Handreiking Integraal Daklandschap is een uitwerking van de ambities en doelen van de omgevingsvisie en tegelijkertijd een belangrijke stap in de complexe ruimtelijke ordeningsopgave van Amsterdamse daken.
INTRODUCTIE Pionieren op het dak Amsterdam werkt al langer aan het ontwikkelen van kennis en visie voor een integraal stedelijk daklandschap met pilots, onderzoeken en experimenten. De gemeente draagt structureel bij aan landelijke inzichten en beleid via samenwerkingsinitiatieven als de City Deal Groene Daken en het Nationaal Dakenplan. De gemeente Amsterdam en Waternet waren betrokken bij de ontwikkeling van de eerste multifunctionele blauw-groene daken met het Polderdak Zuidas en het onderzoeksproject Smartroof op het Marineterrein. Via het Europese project RESILIO werd met een consortium aan woningcorporaties, kennisinstellingen, en commerciële partijen kennis opgedaan over de opschaling van blauw-groene daken als stedelijk microwatermanagement ten behoeve van klimaatadaptatie en biodiversiteit. Dit document bouwt voort op publicaties uit deze eerdere projecten en initiatieven, zoals de Handreiking Natuurdaken, het Ken-
Huidige situatie
nispaper “Waar koop ik een multifunctioneel dak?”, het kennisplatform multifunctioneledaken.nl, de resultaten van de dwarskijksessie van RESILIO en de Inventarisatie Knelpunten Gebruiksdaken. Grote transitieopgaven en bijbehorende nieuwe beleidsvelden benadrukken het belang van het daklandschap, zoals te zien bij de Werkwijze Klimaatadaptatie, Amsterdam Rainproof, Programma Zon, en het Handboek Natuurinclusief Bouwen. Ook zijn er vele niet-gemeentelijke partijen en initiatieven in Amsterdam die zich inzetten voor Amsterdamse daklandschap, zoals het Amsterdamse dakencollectief, Rooftop Revolution, de Amsterdamse Dakenraad, ROEF, en diverse commerciële dakleggers en dakregisseurs die zich specialiseren in multifunctionele daken.
Stedelijke uitdagingen
Nieuwbouw In toenemende mate stuurt de stad aan op een integrale en multifunctionele dakinrichting. Via diverse beleidsinstrumenten zoals tenders, bouwenveloppen en de hemelwaterverordening, wordt bij gebiedsontwikkeling en nieuwe gebouwen al meer aandacht gevestigd op het dak. Juist bij nieuwbouw zijn de mogelijkheden nog groter doordat de dakconstructie van tevoren afgestemd kan worden op de gewenste dakfuncties. Tegelijkertijd is er nog veel onbenutte potentie qua het multifunctioneel inrichten van nieuwbouw daken. Sommige bestaande bouwregels, zoals de minimale belasting verplicht in het bouwbesluit en de maximale bouwhoogte in het bestemmingsplan die ook geldt voor borstweringen, zijn nog niet gericht op het faciliteren van multifunctionele daken. Hier is nog een slag te slaan voor lokale en landelijke beleidsmakers. Hoewel deze handreiking voornamelijk gericht is op bestaande bouw, kan deze ook als inspiratie en hulpmiddel dienen voor het ontwerpen van nieuwe daken.
Integraal Daklandschap Een duurzame en veerkrachtige stad 5 - Integraal Daklandschap
INTRODUCTIE Welstand Een ander leidend principe is het behoud van de schoonheid van Amsterdam, zoals vastgelegd in het gelijknamige beleidsdocument ‘De Schoonheid van Amsterdam’. Nieuwe eisen en functies impliceren aanpassingen aan het bestaande. Hierbij zijn welstandcriteria van kracht om erfgoedwaarden in stand te houden. Binnen de gemeente is dit de verantwoordelijkheid van Duurzaam Erfgoed en de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). Praktisch betekent dit dat er extra eisen gesteld kunnen worden aan de inrichting van bepaalde daken, afhankelijk van locatie, monumentale status en zichtbaarheid vanuit de omgeving. Voor de transitie van het dakenlandschap is een goede samenwerking tussen CRK, beleidsmakers en vergunningsverleners van groot belang om te zorgen dat de regelgeving begrijpelijk en faciliterend is.
Platte daken
74% van alle Amsterdamse daken zijn plat of gedeeltelijk plat 6 - Integraal Daklandschap
Integrale ontwerpmethode Behalve het voortbouwen op de technische kennis en inzichten uit deze verschillende projecten, publicaties, initiatieven en beleidsvelden, wordt er in deze handreiking een integrale benadering toegepast die geïnspireerd is op de integrale ontwerpmethode openbare ruimte (IOOR) die in de afgelopen jaren binnen de gemeente Amsterdam is ontwikkeld. Integraal betekent dat er interdisciplinair gewerkt wordt op meerdere schaalniveaus en grote (transitie) opgaven in beeld gebracht worden en met multifunctionele oplossingen aangepakt worden. Waar de IOOR op innovatieve wijze de ondergrond bij het ontwerp van de openbare ruimte betrekt, betrekt deze handreiking de openbare ruimte bij het daklandschap.
Daken kennen vele eigenaren met vele verschillende behoeftes en mogelijkheden – van kleine en grote VvE’s tot woningcorporaties, publieke eigenaren (zoals bij gemeentelijk vastgoed), particuliere woningeigenaren en commercieel partijen.
Om dakeigenaren te activeren om hun dak multifunctioneel te benutten, biedt dit document handvatten om beter en sneller keuzes te maken over welke functies op welk dak mogelijk zijn en hoe functies elkaar versterken. Onderdeel hiervan is inzicht bieden in de stedenbouwkundige en constructieve mogelijkheden van verschillende soorten Amsterdamse daken. Aan de hand van de aangeboden kaarten en stappenplan kan een dakeigenaar of ontwerper De donkerpaarse steunkleur die in de vorm- sneller een eerste inschatting maken van wat geving van dit document gebruikt wordt, is mogelijk zal zijn op een specifiek dak. Tegelijgekozen om integraliteit te verbeelden en be- kertijd geeft het ook richting aan stedenbouwnadrukken. Multifunctionaliteit en integraliteit kundigen en beleidsmakers over waar ze op lijken op elkaar, maar er is een belangrijk on- moeten sturen in een specifieke buurt of straat, derscheid. Multifunctionaliteit gaat over het qua daken en/of openbare ruimte. stapelen van functies op een specifiek dak met meerdere voordelen. Integraliteit gaat over een brede blik die meerder schaalniveaus, disciplines en ambities in acht neemt. Een integrale aanpak prioriteert opgaves op een strategische en gebiedsgerichte wijze en zoekt naar multifunctionele oplossingen die duurzaamheid, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit combineren.
LEESWIJZER Leeswijzer Deze Handreiking Integraal Daklandschap bestaat uit twee delen. Het eerste deel is gericht op het individuele dak en de dakeigenaar of initiatiefnemer. Deel twee zoomt uit naar een grotere schaal om met een stedenbouwkundige blik naar de potentie en toekomst van het daklandschap te kijken. Hoofdstuk 1 bevat een analyse van de meest voorkomende dakconstructies in Amsterdam met draagkracht en een schematische tekening per dakopbouw, en een overzicht van de bijbehorende gebouwtypes. Hoofdstuk 2 gaat in op de mogelijke dakfuncties: flora/fauna/funga, waterretentie, energie, sociaal, verdichting, mobiliteit, installatietechniek en toekomst. Er wordt ook ingegaan op indicatieve maatvoering en het gewicht van iedere functie. De technische variaties per dakfunctie zijn genummerd met unieke codes, zodat het makkelijk is om aan een specifieke uitvoering van een nieuwe dakfunctie te refereren.
Deze codes zijn in Hoofdstuk 1 al te vinden bij de verschillende soorten dakconstructies. De lezer van deze handreiking kan deze codes ook gebruiken in hun onderzoek of ontwerpproces. Daarna biedt Hoofdstuk 3 een geïllustreerd overzicht van mogelijke opties per dakconstructies, inclusief ‘topcombinaties’ die de meest succesvolle multifunctionele daken verbeelden. Hoofdstuk 4 gaat in op de verschillende soorten dakeigenaren en heeft een stappenplan voor dakeigenaren die aan de slag willen. In deel twee maakt hoofdstuk 5 een schaalsprong om het daklandschap van een groter aantal daken of zelfs een (deel van een) wijk te beschouwen. Aan de hand van het voorbeeld van de Borgerbuurt in Oud West wordt bestudeerd hoe een integrale en landschappelijke benadering op deze ‘tussenschaal’ andere potenties en prioriteiten mogelijk maakt. Deze handreiking wordt afgesloten in Hoofdstuk 6 met een doorkijk naar de toekomst van Amsterdamse daken, het dakenbeleid van de stad en wat er nodig is om een integraal daklandschap een realiteit te maken.
7 - Integraal Daklandschap
Potentiekaart voor multifunctionele daken
8 - Integraal Daklandschaap
Kaart van welstand niveaus in Amsterdam
9 - Integraal Daklandschap
DEEL 1
1A DAKCONSTRUCTIES
Het daklandschap van Amsterdam kent vele verschillende soorten daken met uiteenlopende dakconstructies die samenhangen met de geschiedenis en bouwhistorie van de stad. Bij het toevoegen van nieuwe functies op een dak, is de dakconstructie vaak leidend voor wat er mogelijk is. Hier is een overzicht van de meest voorkomende dakconstructies in Amsterdam, inclusief aandachtspunten voor multifunctionaliteit van het dak. Hiermee kan de eigenaar, gebruiker of ontwerper van het dak een eerste inschatting maken van wat er wel en niet mogelijk is op het dak. Er is een relatie tussen de soort constructie, de bouwperiode, het gebouwtype en de draagkracht. Dit is op pagina 34 in een schema verbeeld. De maximale belasting per constructietype is gebaseerd op de mogelijke gemiddelde dakbelasting zoals aangegeven in het bouwbesluit. Bij oudere daken (die ouder zijn dan gestandaardiseerde minimale belastbaarheid) wordt de maximale belasting gebaseerd op ervaringswaardes, waarbij de sneeuwbelasting vaak maatgevend is. Aan de randen van het dak, is de constructie sterker en is iets meer ruimte voor extra belasting zoals bijvoorbeeld plantenbakken. Berekeningen voor de extra belasting die op het dak aangebracht worden is een verplicht onderdeel van de vergunningsaanvraag die in sommige gevallen verplicht is om nieuwe dakfuncties aan te leggen.
Voor alle daken geldt bovendien dat bij aanwezigheid van gemeenschappelijke bouwmuren, de buren toestemming moeten geven voor de belastingverhoging op de bouwmuur en fundering. Ook is de zichtbaarheid van de nieuwe functies op het dak vanuit de omgeving in sommige gevallen een bepalende factor. Amsterdam is immers een stad die onder andere aantrekkelijk is vanwege haar schoonheid. Bij gebouwen met een monumentale status zijn visuele overwegingen en gemeentelijke richtlijnen van extra belang. De bevestiging van elementen aan de dakconstructie vergt ook meer voorzichtigheid bij monumenten. Bij iedere tekening zijn ook codes weergegeven van mogelijke dakfuncties, gebaseerd op hoofdstuk 2, die theoretisch passen bij de soort dakconstructie. In de praktijk, moet gekeken worden naar specifieke situatie van het dak, de bouwkundige staat, de erfgoedwaarde, en de wensen en mogelijkheden vanuit de eigenaar, waarbij het bovendien altijd belangrijk is om advies in te winnen van een constructeur.
13 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Traditioneel zadeldak max. 50 kg/m2 E-03 E-05 E-04
Houten kapspant dakconstructies zijn de oudste soort daken in Amsterdam, te vinden in grachtenpanden vanaf de 16e eeuw. Tot in de 20e eeuw wordt deze constructie toegepast. De details van de constructie kunnen verschillen, maar in de meeste gevallen zijn de kreupele stijlen kenmerkend. Vaak is het dak bedekt met dakpannen en soms met leien dakbedekking. Het bevestigen van elementen aan het de houten dakconstructie vergt voorzichtigheid om lekkage of andere schade te voorkomen.
14 - Integraal Daklandschap
max. 50 kg/m2
DAKCONSTRUCTIES Mansardekap max. 50 kg/m2 E-03 E-05 E-04
In de 19e en 20e eeuw, en al eerder in landelijk gebied, wordt er ook een andere zadeldakconstructie gebouwd, het zogeheten mansardedak. Kenmerkend is de knik in het schuine dak. Mansardedaken komen zowel bij rijtjeshuizen voor als bij vrijstaande woningen. De dakbedekking is meestal dakpannen.
15 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Mansardekap met platdak max. 50 kg/m2 F-01
E-01 E-04 E-02 E-05 E-03 E-06
M-02
I-01
Deze variatie op het mansardedak heeft dezelfde mansardekapconstructie maar zonder de bovenste zadelconstructie. Hierdoor is het een platdak, met dakpannen (of lei) aan de twee schuine zijdes van het dak. Het platte dak maakt meer verschillende dakfuncties mogelijk dan bij het normale mansardedak.
16 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Platdak met houten balklaag F-01 F-04
E-01 E-06 S-01 E-02
V-01
M-02 M-03
max.100 kg/m2
I-01
Veelvoorkomend in woningbouw uit de 19e en 20e eeuw is een platte dakconstructie met een houtenbalklaag op bakstenen muren. Deze oude woningbouw heeft vaak een dragende tussenmuur voor het trappenhuis en standleidingen. In sommige gevallen wordt deze muur doorgezet tot aan het dak, vaak met op de hoogste verdieping (of zolder) een lichte, niet-dragende constructie.
17 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Platdak beton F-01 F-04
W-02 E-01 E-06 S-01 E-02
max. 100 kg/m2 V-01
M-02 M-03
I-01 I-04
Hoewel in de periode na de Tweede Wereldoorlog nog veel houten dakconstructies werden toegepast, zijn platte daken van (prefab) betonplaten die steunen op muren van baksteen of beton kenmerkend voor de naoorlogse wederopbouw. Deze dakconstructie wordt nog steeds toegepast. Het is terug te vinden in grootschalige (sociale) woningbouw, rijtjeshuizen, flatgebouwen, en torens, maar ook vrijstaande woningen. Ook gebouwen met deze naoorlogse constructie kunnen een monumentale status hebben.
18 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Platdak houtbouw max. 100 kg/m2 F-01 F-04
W-02 E-01 E-06 S-01 E-02
V-01
M-02 M-04
I-01 I-04
Vanaf de 21e eeuw zien we een nieuwe ontwikkeling: meerlaagse gebouwen die volledig uit hout zijn gebouwd. Dit kan met houtskeletbouw (HSB) zijn, of met gelamineerde houten prefab elementen, een technologie ook wel bekend als CLT-bouwmethode (cross-laminated timber). Deze houten bouwmethode kan toegepast worden op dezelfde gebouwtypes als een platdak van beton. HSB wordt verder ook gebruikt bij kleinschalige gebouwen als tuishuisjes, uitbouwen en woonarken.
19 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Staalconstructie E-06
Staalconstructies zijn bijzonder goed geëigend voor grote overspanningen, zoals veel voorkomt bij bedrijfshallen of andere utiliteitsbouw. De grote platte daken van o.a. bedrijfshallen zijn ideaal voor de plaatsing van grote hoeveelheden zonnepanelen. Ze zijn echter kwetsbaar voor doorbuiging, omdat ze meestal zo licht mogelijk gedimensioneerd zijn en weinig extra gewicht kunnen dragen. Bij te veel extra gewicht kan de doorbuiging zo groot worden dat er bij regen waterplassen op het dak blijven liggen die het dak onbedoeld extra belasten. Dit soort wateraccumulatie is gevaarlijk en moet absoluut voorkomen worden.
20 - Integraal Daklandschap
max. 50 kg/m2
DAKCONSTRUCTIES (Giet)IJzerenconstructie
max. 50 kg/m2
E-03 E-05 E-06
Industriële stalen daken worden al vanaf de 19e eeuw tot op heden toegepast. Historische industriehallen hebben vaak lessenaarsdaken met rijen schuine ramen voor meer licht, opgebouwd uit samengestelde spanten (vele varianten mogelijk, zie voorbeeld hiernaast). Het ontwerp en de draagkracht hangen af van de oorspronkelijke industriële functie van het gebouw. Sommige industriehallen hebben verzwaarde dakconstructies om binnen zware goederen te verplaatsen langs een rails onder het dak. Ondanks een grotere draagkracht, blijven historische (giet) ijzeren daken beperkt inzetbaar voor multifunctionaliteit door de schuine dakvorm. Zonnepanelen of (interne) waterberging zijn de meest kansrijke dakfuncties.
21 - Integraal Daklandschap
DAKCONSTRUCTIES Stalen dek woonschip max. 150 kg/m2 F-01 F-04
E-01 E-02 E-06
M-02
I-01 I-06
Wonen op het water wordt in Amsterdam al eeuwen gedaan. De stalen woonschepen die nu veel voorkomen worden vanaf het midden van de 20e eeuw populair. Het zijn omgebouwde voormalige binnenvaartschepen met een simpele staalconstructie die de breedte van het schip overspant. Meestal zijn er geen archieftekeningen van de scheepsconstructie en moet de constructie ingemeten worden om te weten wat er mogelijk is op het dak. Aandachtspunt is dat het extra gewicht effect heeft op hoe diep het schip in het water ligt en de aansluiting van riolering en elektra op de wal kan beïnvloeden.
22 - Integraal Daklandschap
CONSTRUCTIEMOGELIJKHEDEN EN VERSTERKING Mogelijke belasting op platdak Bij het toevoegen van nieuwe functies op het dak komt er onvermijdelijk meer gewicht op de bestaande constructie. Een plat dak kan op twee verschillende manieren belast worden, afhankelijk van de beoogde belasting en de bestaande constructie. Het gewicht kan gelijkmatig verdeeld worden over de gehele dakoppervlakte, waardoor de gehele dakconstructie dat extra gewicht moet kunnen dragen. Of er kan een zwevende constructie gemaakt worden waardoor al het gewicht van de toegevoegde functie direct op de bestaande bouwmuren wordt afgedragen. Deze tweede optie is iets complexer maar heeft als voordeel dat de bestaande dakconstructie ontzien wordt van extra belasting. Dit is nodig als deze bijvoorbeeld niet sterk genoeg is om het extra gewicht te dragen.
Versterking bestaand dak Het versterken van een bestaand dak kan in sommige gevallen een optie zijn. Een dakconstructie kan op verschillende manieren versterkt worden. Bijvoorbeeld door een extra laag toe te voegen over het gehele dak of de bestaande draagbalken te versterken of vervangen. Bij daken met hoge erfgoedwaarde, zoals historische kapconstructies, is vervanging echter geen optie. Een derde en minder gebruikelijke optie is het toevoegen van een extra steunmuur onder het dak. Dit kan alleen bij gebouwen waar in de onderliggende verdiepingen al een draagmuur aanwezig is, waarop de nieuwe steunmuur verticaal belasting kan afdragen. Het versterken van een bestaand dak is een kostbare ingreep en financieel niet altijd haalbaar. Bij bestaande industriedaken kunnen met een lichte versterking van de constructie vaak zonnepanelen mogelijk gemaakt worden.
A
A
Fundering Voor sommige gebouwen is de beperkende factor voor het toevoegen van extra belasting niet de constructie van het dak, maar juist de fundering van het gebouw. Dit geldt vooral voor oudere gebouwen. Technisch is het mogelijk om een fundering te versterken, maar het is complex en vaak erg duur. Als een fundering echter voor andere redenen toch al vervangen moet worden, is het de moeite waard om tegelijkertijd na te denken over de dakbelasting die nu of in de toekomst gewenst is voor multifunctionaliteit.
nieuwe vloer + fundering: beton
oude fundering: hout
23 - Integraal Daklandschap
1B GEBOUWTYPES
Hier worden de 16 meest voorkomende gebouwtypes in Amsterdam beschreven met bijzonderheden in relatie tot dakgebruik. Op pagina 32 is een overzicht van alle gebouwtypes en waar in Amsterdam er voorbeelden van te vinden zijn. Aandachtspunt voor iedereen die hun dak wil veranderen is dat bij een nieuwe dakfunctie vaak een omgevingsvergunning vereist. Hoewel zonnepanelen en lichtgewicht groene daken meestal vergunningsvrij aangelegd kunnen worden. Het is altijd aan te raden om een constructeur te raadplegen over de specifieke situatie en draagkracht van het te transformeren dak. Bij gebouwen die niet monumentaal zijn of onder een beschermd stadsgezicht vallen, is de beleving vanaf de straat belangrijk en gelden er regels en richtlijnen voor ruimtelijke kwaliteit.
25 - Integraal Daklandschap
GEBOUWTYPES Grachtenhuis: verschillende dakvormen Grachtenpanden kenmerken de Amsterdamse binnenstad en de grachtengordel staat zelfs op de Unesco Werelderfgoedlijst. Omdat het om historisch waardevolle panden en daken gaat, gelden er extra regels voor ingrepen op het dak en moet er meestal overlegd worden met de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). Tegelijkertijd is de kracht van grachtenhuizen dat ze door de eeuwen heen relevant en bruikbaar zijn gebleven door verschillende functies en transformaties te ondergaan. De grachtengordel is grotendeels in de 17e en 18e eeuw gebouwd en de daken van grachtenhuizen zijn altijd houtconstructies, ofwel traditionele kapspanten of mansardekappen – schuin en plat. Platte monumentale daken bieden meer mogelijkheden.
26 - Integraal Daklandschap
Vrijstaand historisch: schuin dak Historische vrijstaande woningen met een schuin dak, voorkomend tussen de 16e en 19e eeuw maar veelal uit de 17e eeuw, zijn vaak onderdeel van een beschermd stadsgezicht. Deze pittoreske gebouwen met traditionele kapspanten of mansardedaken zijn bijvoorbeeld te vinden langs de Nieuwendammerdijk in Amsterdam Noord, maar ook in Sloten en Weesp. De oude constructie, het schuine dak en de historische status van de gebouwen, betekent dat er extra regels gelden voor het dak en ingrepen overleg met CRK plaats moeten vinden.
Vrijstaand: schuin dak Vrijstaande huizen met een schuin dak zijn zowel in historische, als moderne en hedendaagse varianten terug te vinden in Amsterdam, bijvoorbeeld in Kadoelen in Amsterdam Noord. Vaak zijn het huizen met een puntdak en grotere tuin. Zonder beperkingen van historisch stadsgezicht of verouderde constructies, zijn de mogelijkheden iets ruimer dan bij vrijstaande historische huizen met schuine daken. Als er geen sprake is van historische stadsgezichten of oudere constructies zijn de mogelijkheden meestal ruimer aangezien er bij aanpassingen van het dak minder ruimtelijke waarden in het geding kunnen komen.
GEBOUWTYPES Vrijstaand: plat dak Vrijstaande woningen met platte daken zijn in Amsterdam meer aan de rand van de stad te vinden, bijvoorbeeld in Buitenveldert-Oost en De Bongerd. Het platte dak wijst meestal op een naoorlogse bouwwijze. Het zijn vaak moderne woningen met betonconstructies, maar tegenwoordig worden ze soms ook met een massief houten CLT-constructie (cross-laminated timber, prefab kruislaags gelijmde hout) gemaakt. Door het platte dak en vaak eenvoudig eigenaarschap, is er veel mogelijk op platte vrijstaande woningen zowel vanwege de constructie als de vaak simpele eigendomsconstructie.
Bouwblok: schuin dak Bouwblokken met schuine daken en gestapelde woningen komen al langer voor. Bekende voorbeelden zijn woonblokken in de Pijp en andere gebouwen in de Amsterdamse Schoolstijl uit de vroeg 20e eeuw. De doorlopende daken zijn houtconstructies, vaak mansardekappen, waarbij de ruimte direct onder het dak meestal onbenut is. Dit biedt een unieke kans voor multifunctioneel gebruik in en op het dak. De grote VvE’s met gemengd eigenaarschap kunnen een complicerende factor zijn om te verduurzamen en daken beter te benutten.
Bouwblok: plat dak Deze bouwblokken van betonbouw (of houtmassiefbouw) met platte daken worden gekenmerkt door doorlopende daken, gestapelde woningen en grote VvE’s die vaak het gehele woonblok beslaan. Denk aan De Baarsjes of het nieuwe IJburg Haveneiland. Dit gebouwtype biedt veel mogelijkheden voor multifunctionele daken, maar besluitvorming en financiering kunnen complex en traag zijn door de vele eigenaren. Gezamenlijke trappenhuizen bieden kansen voor collectieve daktoegang. Sommigen daken hebben een schijnkap, waarbij vanaf de straat lijkt alsof het dak schuin is terwijl het echte platte dak verborgen is. Hierdoor is er qua welstand vaak meer mogelijk.
27 - Integraal Daklandschap
GEBOUWTYPES Rijtjeshuis: schuin dak Rijtjeshuizen met schuine daken zijn typische naoorlogse woningbouw, maar er zijn ook vooroorlogse voorbeelden te vinden in bijvoorbeeld Betondorp en Floradorp. Kenmerkend voor rijtjeshuizen is dat de hele woning van begane grond tot en met kap, één woning is. Ook lopen de goot en nok vaak parallel aan de straat, waardoor er een voorkant (straatkant) en achterkant van het dak ontstaat. Er zijn ook veel duplexvarianten: ‘tijdelijk’ gestapeld met de gedachte er ooit eengezinswoningen van te maken. Omdat het vaak corporatiewoningen zijn, biedt het kansen (en uitdagingen) om op grotere schaal maatregelen toe te passen.
28 - Integraal Daklandschap
Rijtjeshuis: plat dak Rijtjeshuizen met platte daken zijn kenmerkend voor naoorlogse wijken zoals Slotervaart en Buitenveldert, maar zijn ook te vinden in het nieuwere IJburg. Deze woningen hebben vrijwel altijd daken uit betonplaten die steunen op betonnen of gemetselde muren. Het vaak simpele eigenaarschap en de platte daken met betonnen constructies bieden meerdere mogelijkheden voor multifunctioneel dakgebruik. Soms kunnen buren samen optrekken om een grotere ingreep te doen of kosten te besparen, bijvoorbeeld bij optoppen, recreatiedaken, vergroening of energiedaken.
Hal: schuin dak De schuinen dakconstructies van industriële hallenbouw zijn in twee soorten te onderscheiden. Grote schuine daken in historische fabriekshallen zoals de Van Gendthallen, NDSM-werf, Westergasfabriek. De typische ijzer- en staalconstructies van deze fabriekshallen of scheepswerven komen vanaf de 19e eeuw voor. Daarnaast zijn sheddaken met meerdere rijen kleine schuine dakramen, ook bekend als ‘zaagdaken’. Deze komen veel voor in binnenhoven van bouwblokken. Hoewel nieuwe dakfuncties vaak beperkt zijn op beide varianten van dit gebouwtype vanwege de dakvorm zijn zonnepanelen meestal wel een optie.
GEBOUWTYPES Hal: plat dak Industriehallen met platte daken zijn tegenwoordig de gangbare constructie op veel bedrijventerreinen in en rondom de stad. Omdat de staalconstructies van deze hallen vaak zo licht mogelijk gedimensioneerd zijn voor een zo groot mogelijke overspanning, zijn hun enorme platte daken helaas vaak veel minder bruikbaar dan gehoopt. Met een eenvoudige versterking van de constructie zijn zonnepanelen vaak wel mogelijk. De investering hiervoor kan zich in veel gevallen terugbetalen via de energiebesparing. Lichtere innovaties voor energieopwekking bieden hier kansen om constructieverzwaring te vermijden.
Flatgebouw: plat dak Flatgebouwen met platte daken zijn een typische 20e-eeuwse uitvinding en zijn bijna altijd uit prefab betonelementen opgebouwd. Door de hoge dichtheid aan woningen en omdat installaties niet meer standaard inpandig moeten zijn, bevat het daklandschap vaak diverse klimaatinstallaties waar rekening mee gehouden moet worden bij het toevoegen van dakfuncties. Wederom vormt complex meervoudig eigenaarschap een uitdaging voor het implementeren van multifunctionele daken. Tegelijkertijd is het ook een kans voor de bewoners om een gemeenschappelijk dak aan te leggen en meer woonkwaliteit toe te voegen.
Utiliteitsgebouw: plat dak Met utiliteitsbouw wordt gedoeld op gebouwen die voor speciale functies ontworpen zijn, zoals scholen of ziekenhuizen. Utiliteitsgebouwen hebben vaak grote platte dakoppervlaktes waarmee grote multifunctionele daken aan de stad zouden kunnen worden toegevoegd. Ook interessant is dat soms meerdere gebouwen aan dezelfde eigenaar of beheerorganisatie toebehoren, waardoor met strategische partnerschappen veel impact gemaakt kan worden. Utiliteitsbouw is veelal beton, maar baksteen, houtskeletbouw of houtmassiefbouw komen ook voor. Nieuwe dakfuncties kunnen ook een toegevoegde waarde hebben voor de functie in het gebouw, zoals extra buitenruimte voor een ziekenhuis.
29 - Integraal Daklandschap
GEBOUWTYPES Toren: plat dak De laatste jaren zien we steeds meer torens gebouwd worden in Amsterdam. Eerst voornamelijk voor kantoren, maar tegenwoordig ook voor woningen, denk aan de NDSM of Zeeburgereiland. De hoogte van de torens betekent dat het dakoppervlakte vrij klein is in verhouding tot het woon- of gebruiksoppervlakte. Zonne-energie opwekken kan bij torens vaak beter in de gevel vanwege de grotere oppervlakte. Op het dak is energieopwekking via wind vaak interessanter. Door klimatologische omstandigheden op hoogte heeft een groen dak weinig toegevoegde waarde op een toren.
30 - Integraal Daklandschap
Uitbouw: plat dak Met de toenemende woondruk en stijgende huizenprijzen, kiezen veel Amsterdammers met begane grond woningen ervoor om hun woning uit breiden met een uitbouw in de tuin, bijvoorbeeld ten behoeve van gezinsuitbreiding, meer leefruimte, thuiswerken of praktijkruimte. Hier zijn vele voorbeelden van in binnentuinen in Oost en Oud-West. Deze uitbouwen hebben vaak impact op de waterhuishouding van de binnentuinen, maar bieden tegelijkertijd een mooie kans om een blauw en/of groen dak te maken met een positieve impact op de directe omgeving.
Woonschip: plat dek Typisch voor het Amsterdamse straatbeeld zijn de voormalige binnenvaartschepen die nu als woonschepen de grachten en grotere wateren van Amsterdam sieren. De staalconstructie van het casco, gebouwd voor zware binnenvaart vracht, is sterk genoeg voor extra functies. Het dakoppervlak van woonschepen heeft altijd een lichte hellingshoek, meer dan bij een woonark maar minder dan een standaard schuin dak. Let op, bij irrigatie van groene daken met oppervlaktewater kunnen problemen ontstaan omdat het water in de zomer brakker is en vaak ongeschikt voor vegetatie. Ook heeft waterretentie op het dak van woonschepen geen waarde voor het watersysteem.
GEBOUWTYPES Woonark: plat dak Woonarken liggen samen met woonschepen langs Amsterdamse grachten en wateren, maar hebben een andere constructie. Het zijn simpele constructies van een betonnen bak met houten opbouw die alleen verplaatst kunnen worden met behulp van een duwboot. De constructie van het dak komt overeen met 20e en 21e-eeuwse dakconstructies. Ook bij deze boten zijn multifunctionele daken goed te zien vanaf de straat. Net als bij woonschepen, is het belangrijk te beseffen dat het schip het extra gewicht op het dak zal verplaatsen in water in de gracht.
31 - Integraal Daklandschap
GEBOUWTYPES Gebouwtypes:
Locatievoorbeelden:
1)
Grachtenhuis: verschillende dakvormen
Binnenstad
2)
Vrijstaand historisch: schuin dak
Sloten, Nieuwendam, Weesp
3)
Vrijstaand: plat dak
De Bongerd, Buitenveldert-Oost
4)
Vrijstaand: schuin dak
Kadoelen, Oud-Zuid
5)
Bouwblok: schuin dak
Apollobuurt
6)
Bouwblok: plat dak
Landlust, Museumkwarter, Osdorp, IJburg
7)
Rijtjeshuis: schuin dak
Betondorp, Floradorp, Amsteldorp
8)
Rijtjeshuis: plat dak
Slotervaart, Buitenveldert
9)
Hal: schuin dak
NDSM, Van Genthallen, Westergasterrein
10) Hal: plat dak
Westerpoort, bedrijventerreinen
11) Flatgebouw: plat dak
Gein, Zuidoost, Banne Buiksloot
12) Utiliteitsgebouw: plat dak
UMC, Sloterdijk, Zuidas, Amstel III/ Bullewijk
13) Toren: plat dak
Overamstel, NDSM, Zeeburgereiland
14) Uitbouw: plat dak
Veel binnentuinen en achtertuinen
15) Woonschip: plat dek
Langs grote wateren en grachten
16) Woonark: plat dak
Langs grote wateren en grachten
32 - Integraal Daklandschap
2
| Ni
euwen
da
m
6
3
|Z
uid a s 2
|U
MC |
rt
11
esterp oo
1
0
|W
1
1
7
| IJ b
| Be
id Zu
u rg
tondo
o o st
rp
MATRIX
34 - Integraal Daklandschap
35 - Integraal Daklandschap
2 DAKFUNCTIES
Om multifunctionele daken te kunnen aanleggen, is het eerst nodig om verschillende functies op zichzelf goed te begrijpen. Al langer wordt er in Nederland gebruik gemaakt van kleuren om te refereren aan verschillende soorten functies op daken. Groene daken voor beplanting is bij de meeste mensen waarschijnlijk bekend. Andere gevestigde kleuren zijn blauw voor waterdaken, geel voor energieopwekkende daken, rood voor verblijfsdaken of sociale functies, en grijs voor techniek. Minder bekend zijn misschien paars voor extra woonruimte en oranje voor mobiliteit. In dit document wordt blanco toegevoegd als kleur voor de toekomst, voor dakfuncties die we nog niet weten. Het donkerpaars van de publicatie zelf staat symbool voor integraliteit en multifunctionaliteit, voor de juiste mix van alle kleuren daken op de juiste manier verdeeld over de stad. Bij de keuze om een nieuwe of extra functie toe te voegen aan een dak komen meerdere afwegingen samen. Draagconstructie, budget, wens van de eigenaar of gebruiker, vastgoedwaarde, energierekening, uitzicht en meer. Hoewel de meeste daken niet publiek eigendom zijn, vervullen ze een belangrijke rol te spelen bij het aanpakken van maatschappelijke en gemeenschappelijke vraagstukken zoals klimaatadaptatie, energietransitie en de woningcrisis. De uitnodiging is om bij het kiezen van functies voor een dak, verder te denken dan de
belangen van de eigenaar en gebruiker. Hoe kan het dak bijdragen aan het verduurzamen en leefbaarder maken van de stad voor mens en dier? Hoe kan er niet alleen waarde aan het onderliggende vastgoed worden toegevoegd, maar ook aan de stad als geheel? In dit hoofdstuk worden de verschillende dakfuncties per kleur toegelicht met uitleg over verschillende technieken en afwegingen. Binnen iedere dakfunctie, zijn mogelijke varianten uitgewerkt en voorzien van een letter-cijfer code. De letter refereert aan de functie: F voor flora/fauna/funga, W voor water, E voor Energie, S voor sociaal, V voor verdichting (wonen), M voor mobiliteit, I voor installatietechniek, T voor toekomst. En het cijfer refereert aan de variant binnen die functie. Deze letter-cijfer codes zijn ook terug te vinden bij de dakconstructies (hoofdstuk 1) en combinaties van dakfuncties (hoofdstuk 3). Eén van de allersimpelste ingrepen valt niet onder de kleuren die hier beschreven zijn, namelijk het wit schilderen van een dak. Deze goedkope aanpassing is een vorm van klimaatadaptatie waardoor het dakoppervlakte en de onderliggende ruimte koeler blijven tijdens periodes van hitte. Groene en blauwe daken zijn echter nog veel effectiever voor verkoeling.
37 - Integraal Daklandschap
DAKFUNCTIES Voor iedereen die zijn of haar dak wil veranderen, is het belangrijk om een constructeur te raadplegen en om na te gaan of een omgevingsvergunning vereist is voor de nieuwe dakinrichting. Voor meer informatie, zie het stappenplan in hoofdstuk 4. Dakisolatie Voorafgaand aan nieuwe functiekeuze, is het goed om na te gaan of een dak geïsoleerd is. Goed geïsoleerde daken vormen de basis voor de verduurzaming en diversifiëring van het daklandschap. Het is belangrijk om (na)isolatie te plaatsen voordat er nieuwe functies aan een dak worden toegevoegd, want andersom zal het veel duurder zijn. Voor de belasting van het dak is het ook nodig om te onderzoeken welk type materiaal als dakisolatie is toegepast. Naast de dakconstructie, is de drukvastheid van het isolatiemateriaal een uitgangspunt voor de belastbaarheid van het dak. EPS-isolatie is bijvoorbeeld goed geschikt om waterberging of een intensief, natuurinclusief groenpakket op te realiseren, maar een isolatie van steenwol daarentegen niet omdat het te zacht en zal vervormen onder te grote belasting.
pijp te brengen en te voorkomen dat er plassen met water op het dak blijven staan. Bij de keuze voor een dak met een beplanting en/of waterberging, is een afschot juist niet wenselijk omdat het water juist vastgehouden moet worden. Bij transformatie van een onbenut dak naar een dergelijk groen of blauw dak, moet het afschot daarom eerst aangepast worden. Water en elektra Bij aanleg of aanpassing van een dak voor verschillende functies of combinaties van functies, zal het nodig zijn om een waterpunt en een elektrapunt te plaatsen op het dak in verband met bijvoorbeeld onderhoud. Vooral bij het inzaaien van een dak of bij zeer lange droge perioden zal het besproeien van een groen dak wenselijk zijn.
Dakveiligheid Bij daken met een verblijfsfunctie, is het verplicht om veiligheidsvoorzieningen op het dak te realiseren zoals een vangrailing. Maar ook bij ander soorten (multifunctionele) daken zijn veiligheidsvoorzieningen nodig zodat beheer en onderhoud op een veilige manier uitgevoerd kan worden. Als er op tijd in de ontwerpfase rekening gehouden wordt met veiDakafschot ligheidsvoorzieningen, kunnen ze esthetisch Bij platte daken moet een keuze gemaakt geïntegreerd worden in het dakontwerp en worden met betrekking tot het afschot. Da- visueel minder verstorend zijn dan als ze naken zonder extra functies hebben een goed derhand worden toegevoegd. afschot nodig om regenwater naar de afvoer38 - Integraal Daklandschap
DAKFUNCTIES
GROENE DAKEN
Flora, fauna en funga Er zijn vele soorten en vormen van groene daken. Het belangrijkste kenmerk is dat het dak levende planten bevat, bij voorkeur inheemse planten, en bijdraagt aan lokale flora, fauna en funga. Tegelijkertijd creëren groene daken meervoudige waarde aan stad en gebouw. Ze kunnen de levensduur van het dak vergroten en bieden betere hitte- en geluidsisolatie voor de woonlaag eronder, hoewel dit laatste minder geldt voor extensieve daken. Afhankelijk van de hoogteligging, kunnen groene daken bijdragen aan de verkoeling van de buurt op hete dagen. Intensieve groene daken spelen een waardevolle rol in het ondersteunen van biodiversiteit. Indirect dragen groene daken ook bij aan de gezondheid van bewoners en ze bieden een ruimtelijke en visuele meerwaarde voor buren die erop neerkijken. Meer groene daken betekent bovendien een robuuster ecologisch netwerk en een grotere klimaatbestendigheid van de buurt en de stad. Groene daken kunnen variëren van een simpele laag sedumplanten of een bloemenweide (F-01 extensief) tot een daktuin met hoogteverschillen, struiken en bomen (F-03 intensief). Extensief en intensief refereert aan de onderhoudsbehoefte van het dak, die correleert met 40 - Integraal Daklandschap
Mengsel voor bloemenweide dat (i) biodivers en (ii) bestand is tegen droogte. Het mengsel wordt ingezaaid en bestaat uit de volgende inheemse soorten: Achillea millefolium - Duizenblad Allium schoenoprasum - Bieslook Anthoxanthum odoratum - Gewoon reukgras Arabidopsis arenosa - Rozetsteenkers Armeria maritima - Engels gras Campanula rotundifolia - Grasklokje Clinopodium vulgare - Borstelkrans Dianthus armeria - Ruige anjer Dianthus carthusianorum - Kartuizer anjer Dianthus deltoides - Steenanjer Erigeron acer - Scherpe fijnstraal Erodium cicutarium - Gewone reigersbek Festuca ovina - Schapengras Festuca rubra - Rood zwenkgras Galium verum - Geel walstro Hieracium aurantiacum - Oranje havikskruid Hieracium pilosella – Muizenoortje Jasione montana - Zandblauwtje Linaria vulgaris - Vlasbekje Lotus corniculatus - Gewone rolklaver Origanum vulgare - Wilde marjolein Plantago media- Ruige weegbree Potentilla argentea - Viltganzerik Potentilla tabernaemontai - Voorjaarsganzerik Prunella vulgaris - Gewone brunel Rumex acetosella - Schapenzuring Sedum acre - Muurpeper Sedum album - Wit vetkruid Sedum rupestre - Tripmadam Silene vulgaris - Blaassilene Thymus pulegioides - Grote tijm Trifolium arvense – Hazenpootje
de hoeveelheid en diversiteit aan planten op het dak. Het soort beplanting stelt ook eisen aan de hoeveelheid wortelruimte en het soort substraat. Meer en grotere planten betekenen een zwaarder dak en intensievere daken vragen meestal ook om een grotere investering en sterkere draagconstructie. Tegelijkertijd leveren ze ook een grotere bijdrage aan klimaatadaptatie, biodiversiteit, beleving. Een lichter sedumdak of bloemenweide is in sommige gevallen juist wenselijk vanwege een historische draagconstructie of moeilijke toegang voor beheer.
Een bloemenweide creëert een mooi en dynamisch landschap op het dak, dat verandert met de seizoenen. Het duurt iets langer voordat een bloemenweide zijn volwassen vorm aanneemt, omdat het zaaigoed direct op het dak wordt ingezaaid. In de eerste periode is ook meer irrigatie vereist. Sedumdaken worden met plantenmatten aangelegd en is het dak dus direct ‘groen’. Natuurlijk kan een dak ook vergroend worden met plantenbakken (F-05), een logische combinatie met een verblijfsfunctie. Daktuinen op gebruikdaken (zie topcombinatie rood+ groen) zijn een goeie manier om de beleving van groene daken te verhogen en financieel aantrekkelijker te maken.
GROENE DAKEN Plantenkeuze is afhankelijk van de hoogte van het dak, en de ecologische ligging binnen de stad. Voor een succesvol groen dak met impact, is de sleutel de waterbeschikbaarheid voor een inheemse biodiverse dakbeplanting. Toenemende hitte en langere periodes van droogte vormen een grote bedreiging voor het overleven van dakplanten. Groene daken kunnen ook uitstekend worden gecombineerd met blauwe daken in zogeheten blauw-groene daken (zie hoofdstuk 3: Topcombinaties), waardoor onder andere de waterbeschikbaarheid voor dakplanten vergroot wordt. Omdat bodem en planten van nature watervasthoudende eigenschappen hebben, zijn alle groenen daken enigszins waterbufferend, ook zonder blauwe dakfunctie. De mate van waterretentie hangt af van de dikte van het substraat en de soort begroeiing. Voor daken op of net boven maaiveld, zoals parkeergarages, is de beplanting anders dan op meerlaagse gebouwen of hoogbouw. Op hogere daken zijn de condities extremer en de temperatuurverschillen groter, bijvoorbeeld de impact van hitte en droogte is groter doordat er meer wind en weinig beschutting is. In de plantenkeuze moet hier dus rekening mee worden gehouden.
dere natuurlijke materialen gericht op biodiversiteit, zoals boomstammen, composterend hout, grindhopen en andere natuurlijke materialen die schuilplekken en broedplaatsen faciliteren. De nationale Handreiking Natuurdaken definieert natuurdaken als volgt: ‘Daken die door specifiek ontwerp en inrichting aansluiten bij de lokale ecologische omgeving, en zo het leefgebied verbeteren of vergroten voor (waardevolle en bedreigde) soorten planten en dieren.’ Een natuurdak aan de rand van het Amsterdamse bos zal zich op andere soorten richten dan een natuurdak in het havengebied. Stadsbreed gezien zijn er misschien bepaalde gebouwen of wijken waarbij het extra waardevol zou zijn om natuurdaken aan te leggen, gezien de ligging binnen het ecologische netwerk.
Onder groene daken vallen ook natuurdaken (F-02) of bruine daken (F-04), die zich primair richten op het vergroten van biodiversiteit en versterken van de lokale ecologie. Bruine daken bevatten minder planten en meer an41 - Integraal Daklandschap
GROENE DAKEN
F-01 | extensief dak 42 - Integraal Daklandschap
F-02 | natuurdak
F-03 | intensief dak
GROENE DAKEN
F-04 | bruin dak
F-05 | plantenbak 43 - Integraal Daklandschap
BLAUWE DAKEN
Waterretentie Blauwe daken zijn gericht op de opvang en opslag van regenwater, en het vertraagd afgeven ervan aan het riool. Met klimaatverandering zien we steeds vaker hevige hoosbuien voorkomen, waarbij in korte tijd heel veel neerslag valt en dat het rioleringssysteem niet snel genoeg kan afvoeren. Het overtollige water kan schade veroorzaken aan woningen, infrastructuur en de toegankelijkheid van wegen. In aanvulling op maatregelen in de openbare ruimte, is lokale regenwateropvang op daken een belangrijk instrument om de stad klimaatbestendig te maken. Voor nieuwbouw en grootschalige renovaties is de Hemelwaterverordening van toepassing, die tijdelijke wateropvang op de kavel verplicht stelt. Er zijn verschillende soorten blauwe daken. Statische waterdaken (W-01) vangen regenwater op en geven het vertraagd af aan het riool, waarbij een overstort ervoor zorgt dat het dak nooit overstroomt. Dit is de meest simpele optie. Bij meerdere regenbuien achter elkaar, of één hele intense regenbui, zal een gevuld waterdak geen verschil meer maken voor het ontlasten van het riool omdat dan al het water via de overstort toch direct in het riool terechtkomt. Een andere optie is 44 - Integraal Daklandschap
een dynamisch waterdak of polderdak (W-02), meestal uitgevoerd in combinatie met groen. Deze blauw-groene daken bestaan uit waterretentiekratten met daarop een intensief groen dak en een ‘slim’ besturingssysteem. Met behulp van weersvoorspellingen kan het water voorafgaand aan een regenbui geloosd worden. Zo zal het altijd een bufferende werking hebben als het hard regent. Als het niet regent wordt het water juist vastgehouden waardoor de begroeiing langer groen blijft bij langdurige droogte. Een ander voordeel van blauw-groene daken, in tegenstelling tot alleen blauwe waterdaken, is dat het water afgedekt is en er dus geen risico is op muggen die zich vermeerderen in stilstaand water. Eén van de conclusies van het Europese RESILIO project, waarbij blauw-groene daken op meerdere plekken in Amsterdam zijn toegepast, is dat de aanleg van een blauw-groen dak alleen de moeite waard is bij een minimaal dakoppervlakte van 200m2 en gebouwen die na 1960 zijn gebouwd (vanwege de draagconstructie). De waterbergende kratsystemen van blauwe daken vormen een vlakke plaat waarop diverse functies geschroefd kunnen worden als een soort modulair bouwsysteem. Zo kunnen hekwerken, valbeveiliging of zelfs zonnepanelen gemonteerd worden zonder het dak te doorboren – normaliter de grootste risico factor voor lekkages. Met als groot voordeel dat bij zonnepanelen geen extra gewicht voor de
windbelasting toegevoegd hoeft te worden. Ook kan het opgevangen water van waterdaken soms benut worden voor de onderliggende woningen, maar er is wel extra leidingwerk nodig om het grijswater van het dak te benutten (ook bekend als ‘nieuwe sanitatie’). Waterdaken kunnen soms ook op maaiveld toegepast worden, bijvoorbeeld op een parkeergarage, waardoor hun ruimtelijke belevingswaarde groter is.
BLAUWE DAKEN
W-01 | statisch waterdak (open)
W-02 | dynamisch waterdak/polderdak 45 - Integraal Daklandschap
GELE DAKEN
Energie: zon, wind, warmte Daken die energie opwekken zijn ook bekend als gele daken. Om de opwarming van de aarde te beperken is, is een energietransitie hard nodig om niet meer vervuilende fossiele brandstoffen te gebruiken. Zon en wind zijn belangrijke energiebronnen voor de toekomst. Vooral in de stad zijn daken cruciaal voor het benutten van zon en wind. Enerzijds vanwege de schaarste aan ruimte en anderzijds omdat zonnepanelen op bijna ieder dak mogelijk zijn qua gewicht. Bovendien biedt zonne-energie een enorme kans voor democratisering van energie, mits het toegankelijk en betaalbaar is voor iedereen.
“De zon schijnt immers op iedereen en is van ons allemaal.” Na de initiële investering – die voor velen nog steeds een obstakel is – kan energie opwekken op het dak een groot verschil maken voor de energierekening van de gebruiker. Ook draagt het bij aan decentralisatie en autonomie van de Amsterdamse energievoorziening, waardoor het energiegrid van de stad minder kwetsbaar wordt voor (politieke en economische) invloeden van buitenaf en minder beslag legt op landschappen buiten de stad. 46 - Integraal Daklandschap
Van alle soorten daken zijn gele daken nog het meest in verandering door technologische ontwikkeling. Hoewel energieopwekking met behulp van de zon en wind al langer bestaat, vindt er nog continue innovatie plaats. Denk aan de efficiëntie, de vormgeving, de toepasbaarheid, en de betaalbaarheid, vooral voor bestaande bouw. Het is tegenwoordig mogelijk om panelen met een rode kleur te produceren die een goede oplossing zijn voor beschermde stadsgezichten met rode dakpannen. Voor zonnepanelen is de techniek ver gevorderd, maar ook nog steeds in ontwikkeling. Een belangrijk innovatiepunt is het verminderen van de ecologische footprint van de productie van de panelen door de circulariteit te vergroten en grondstoffen meer lokaal (in Europa) te werven. Voor windenergie is de techniek voor kleinschalige windopwekking in steden met verschillende soorten kleine windturbines nog sterk in ontwikkeling. Wind als energieopwekking is in grote delen van de stad vooralsnog niet interessant of (kosten)efficiënt. Daarnaast wijken windobjecten altijd af van de vorm van het dak en zijn dus visueel minder geïntegreerd dan zonnepanelen. Daarom is windenergie vooral interessant op plekken waar veel wind staat en de windturbines niet hoeven te voldoen aan strikte ruimtelijke kwaliteitseisen. Kortom, op hele hoge gebouwen (bijvoorbeeld met een powernest) of aan de rand van de stad.
De meeste gele daken richten zich op elektriciteitsopwekking door middel van fotovoltaïsche cellen (of PV-cellen), meestal in de vorm van zonnepanelen.
“Als je uit je dak gaat pas dan wel op voor de zonnepanelen” – Loesje
PV-cellen hebben een hoger rendement als ze niet te heet worden. Voor warmteopwekking zijn zonneboilers een uitstekende oplossing, of combinatiepanelen (PVT-panelen) die zowel elektriciteit als warmte opwekken. Zonne-energie oplossingen zijn constant in ontwikkeling, zoals lichtgewicht energieopwekkende folie (vooralsnog minder efficiënt dan zonnecollectoren). Verschillende kleuren zonnepanelen zijn al op de markt, zoals rode panelen die op rode dakpannen geplaatst kunnen worden ten behoeve van visuele integratie bij monumenten. Zonnedaken zijn goed te combineren met groene daken en met blauwe daken (zie topcombinatie blauw+geel en groen+geel). Bij zonnepanelen op groene daken is de energieopbrengst van de panelen zelfs groter omdat de verkoelende werking van het groen zorgt dat de panelen niet te heet worden, want dan gaat de efficiëntie van het paneel omlaag. Ondanks dat PV-panelen relatief lichtgewicht zijn, moeten ze op platte daken verankerd worden met extra gewichten vanwege de windbelasting.
GELE DAKEN Een aandachtspunt bij PV-cellen, is dat hoewel de panelen relatief lichtgewicht zijn, deze met extra gewichten verankerd moeten worden (in verband met windbelasting) bij toepassing op platte daken. Het totale extra gewicht voor de draagconstructie is dus aanzienlijk hoger dan de panelen zelf. Op schuine daken worden de panelen direct aan de constructie van het dak bevestigd, zonder driehoekig frame en ook zonder verzwaring.
E-02 | zonnepanelen
E-04 | solar dakpannen
E-01 | zonnepanelen
E-03 | zonnepanelen 47 - Integraal Daklandschap
GELE DAKEN
E-06 | semi-/ transparent zonnefolie in glas
E-05 | zonnecollectoren 48 - Integraal Daklandschap
E-07 | windmuur
E-08 | tulp turbine
GELE DAKEN
E-09 | windwokkel
E-10 | powernest
E-11 | windbox 49 - Integraal Daklandschap
RODE DAKEN
Sociaal: recreatie, sport, spel
gezamenlijke trappenhuis toegankelijk is voor alle bewoners, of een dak dat openbaar toegankelijk is doordat de trap/ lift vanaf de straat te betreden is. Voor de realisatie van een rood dak, moet het zeker zijn dat er daadwerkelijk ontsluiting mogelijk is die past bij de nieuwe dakfunctie. Er moet ook gelet worden op de wettelijke veiligheidseisen met betrekking tot de balustrade en afstand tot de dakrand. Geluidsoverlast voor de buurt kan een thema zijn bij rode daken, waar in goed overleg met de buurt oplossingen voor gevonden moeten worden.
Rode daken zijn sociale daken, daken met een verblijfsfunctie. Dat kan variëren van een simpel dakterras bij een particulier dak tot buurtvoorzieningen zoals sportvelden, speeltuinen tot commerciële functies als restaurants of evenementenlocaties. In Amsterdam zijn al veel dakterrassen en steeds meer horecagelegenheden die het dak benutten. Ook zijn er een aantal voorbeelden van sportvoorzieningen op daken, sommige openbaar toegankeHet Amsterdamse daklandschap zou nog veel meer kwalitatieve lijk, andere alleen toegankelijk voor bewoners verblijfsruimte kunnen faciliteren. of leden. Het Amsterdamse daklandschap zou nog veel meer kwalitatieve verblijfsruimte kunnen faciliteren. Het zou een verrijking zijn voor Bij sportvoorzieningen op het dak zijn er een bewoners en bezoekers, vooral als de daken aantal aandachtspunten, bovenop gebruikelijke eisen voor bijvoorbeeld verschillende publiek toegankelijk zijn. balsporten. Zo moet er rekening gehouden Voor gemeenschappelijke of commerciële worden met de wind door o.a. balvangers en functies is daktoegang altijd een groot aan- algemene veiligheidsvoorzieningen. Ook is dachtspunt. Openbaar toegankelijke rode da- goede verlichting belangrijk, evenals aandacht ken zijn een soort nieuwe publieke ruimte die voor hitte en verkoeling.
Sportvelden op daalleen succesvol kan zijn als deze goed ontslo- ken kunnen sneller oververhitten dan op maaiten is. Des te groter en unieker de gebruiks- veld. Een combinatie van wateropslag onder functie, des te belangrijker de toegang. De kunstgras (een variatie op blauw-groene datekeningen over ‘Toegankelijkheid’ op pagina ken) kan een uitkomst bieden. In pilotprojec53 laat drie verschillen soorten daktoegang ten worden mogelijke combinaties met andere zien: Een dak dat alleen toegankelijk is vanuit functies onderzocht. Ook moet er nagedacht een individuele woning, een dak dat vanuit het worden over hoe de exploitatie georganiseerd 50 - Integraal Daklandschap
is, inclusief beheer en onderhoud. Toegankelijkheid van openbare sportdaken moet ook rekening houden met beheereisen en hoe benodigde beheerapparatuur het dak op gebracht kan worden. Sportdaken hebben vooral potentie bij grootschalige daken en bij nieuwbouw, omdat dan vooraf rekening gehouden kan worden met de vele randvoorwaarden.
RODE DAKEN
S-02 | spel
S-01 | recreatie
S-03 | sport: padel
S-04 | sport: basketbal 51 - Integraal Daklandschap
RODE DAKEN
Volleybal A: 264m2 h:4m
Padel A: 312m2 h: 4m
Basketbal 3x3 A: 165m2 h: 4-5m
Basketbal A: 576m2 h: 4-5m
In een solitaire kooi toepasbaar
52 - Integraal Daklandschap
Voetbal 4x4 A: 384m2 h: 4-5m
Tennis A: 388m2 h: 4-5m
Op grotere schaal (sportpark) toepasbaar
RODE DAKEN
Toegankelijkheid: individueel
Toegankelijkheid: portiek/ gemeenschappelijk
Toegankelijkheid: openbaar
53 - Integraal Daklandschap
PAARSE DAKEN
Verdichting: wonen, werken De bevolking van Amsterdam blijft groeien en zo ook het tekort aan (betaalbare) woonruimte. In sommige gevallen bieden bestaande daken en bestemmingsplannen/omgevingsplannen een kans om woonruimte toe te voegen door een gebouw ‘op te toppen’ met een extra laag of zelfs meerdere lagen. Er zijn verschillende varianten denkbaar: individueel optoppen van een bestaande woning (als uitbreiding), een nieuwe verdieping over een heel bouwblok toevoegen waar verschillende functies in ondergebracht zouden kunnen worden, of op grootschalige daken misschien zelfs een soort ‘dakdorp’ waarbij meerdere lichtgewicht ‘tiny top-ups’ bij elkaar gebouwd worden en een gemeenschap vormen (zie tekeningen p55). Net als bij rode daken wordt het gewicht van de opbouw direct via de bouwmuren afgedragen, waardoor de draagkracht van de dakconstructie zelf als beperkende factor minder van belang is en de draagmuren constructief leidend zijn. Ook hier is een belangrijke factor of het dak individueel, gezamenlijk of openbaar toegankelijk is, afhankelijk van de bestaande architectuur en de eigendomsconstructie van het dak en gebouw. Wordt het een uitbreiding van een bestaande bovenwoning, bijvoor54 - Integraal Daklandschap
beeld voor gezinsuitbreiding of een groeiende woongroep? Is er een onafhankelijke daktoegang en kan de nieuwe optop-woning een eigen eenheid binnen de VvE worden, bijvoorbeeld voor starters op de woningmarkt? Of kan het een openbare functie voor de buurt vervullen of een gedeelde ruimte voor de bewoners van het pand zijn? Mits het in overeenstemming is met het bestemmingsplan/omgevingsplan, zou er ook een kantoor, werkruimte of zelfs horeca gerealiseerd worden. Aangezien optoppen een kostbare ingreep en veel planning vereist, én aanzienlijke waarde creëert voor de eigenaar en gebruiker, is het een geëigende kans om andere dakfuncties toe te voegen die meer op maatschappelijk belang zijn gericht (zoals groen, blauw, geel).
V-01 | opbouw
PAARSE DAKEN
Opbouw: individueel
Opbouw: grootschalig
Opbouw: collectief
55 - Integraal Daklandschap
ORANJE DAKEN
Mobiliteit Oranje daken zijn daken die verbinding en mobiliteit faciliteren. In Amsterdam zijn er nog niet veel voorbeelden. Het kan bijvoorbeeld een verbinding zijn tussen gebouwen of locaties, letterlijk met een luchtbrug of misschien met een landingsplek voor een helikopter, zoals bij ziekenhuizen. Een toekomstbeeld kan ook zijn om drones te laten landen voor het transport van goederen. De verbinding die via het dak mogelijk gemaakt wordt is nooit ter vervanging van een goede en volledige mobiliteitsvoorzieningen in de openbare ruimte. Wel kan het een aanvulling daarop zijn.