CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

231221 Concept verdiepend uitvoeringsprogramma Wij Maken Samen Nieuw-West

RAAD 24 januari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over het concept-uitvoeringsprogramma Wij Maken Samen Nieuw-West VN2024-00028432.372 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Actielijnen – wat gaan we nu doen? Een groep deskundigen, ervaringsdeskundigen en bewoners onderzoekt hoe we kunnen werken aan kansen binnen de straf. Die groep bestaat onder andere uit: Credible Messengers, mensen van Exodus, de reclassering, gevangenissen, HALT, bedrijven die werken met ex-gedetineerden. Vragen kunnen zijn: • Wat werkt er al in de praktijk? Wat kunnen we al? Wat helpt? En, wat missen we steeds? We kunnen putten uit voorbeelden van aanpakken zoals Samen Starten (samenwerking van reclassering en gemeenten) en de aanpakken binnen het AcVZ. • Wat werkt wel in bijvoorbeeld De Kleinschalige Voorziening (KV) in Nieuw-West, en wat niet? En hoe kunnen zij meedenken over ‘hoe mensen op de blaren moeten zitten?’ • Welke ervaringen hebben ondernemers met het samenwerken met (ex)gedetineerden? Wat kunnen we daarvan leren? Hoe kunnen we dit mogelijk maken, verbreden, verduurzamen? • Hoe kunnen we ervaringsdeskundigen inzetten? Welke plekken in de wijken helpen na de straf met re-integratie en herstel? Kunnen we daarbij aansluiten met de wijkallianties? 4. Trauma (intergenerationeel) omvormen naar kracht voor meer veerkracht bij bewoners Trauma, ook van vorige generaties, is één van de triggers waardoor iemand zich niet goed en stabiel voelt. Het heeft effect op de mate van je verbonden voelen, je veilig voelen en veilig gedragen. Het zorgt vaak voor negatief gedrag.

Ook geweld komt soms voort uit onverwerkt trauma van vorige generaties. Trauma omvormen naar kracht zorgt voor meer veerkracht bij bewoners. En voor minder crimineel gedrag, recidive, huiselijk geweld en kindermishandeling. Jongerenorganisaties, ervaringsdeskundigen, professionals en bewoners zijn het erover eens dat het nodig is om trauma uit de taboesfeer te halen. Onze doelen zijn om trauma verstandelijk, emotioneel en lichaamsgericht te veranderen naar kracht. Dat helpt om criminaliteit te doorbreken, en draagt bij aan verbondenheid, veerkracht en herstelkracht.

Een time out woning is een plek waar een gezin kan verblijven wanneer de spanning oploopt. Er is hulpverlening die hen begeleid, ervoor zorgt dat de situatie niet escaleert en helpt bij het op veilige wijze verder gaan. Vanuit deze plek kan de dagelijkse gang van zaken, zoals het naar school gaan van kinderen, op een veilige manier worden voortgezet. De pilot met time-out woningen heeft gedraaid in 2020 en succesvol verlopen. Samen met het domein Wonen en leefomgeving wordt hier duurzaam gevolg aan gegeven. 4

25 Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

•

•

We stellen een groep experts, ervaringsdeskundigen en bewoners samen die affiniteit met dit thema hebben: De werkgroep van Trauma naar Kracht. Zij zoeken plekken waar al met trauma gewerkt wordt en zoeken uit wat er nodig is in Nieuw-West. Credible messengers van ADAMAS uit Nieuw-West en informele partijen, experts van Jeugdbescherming, Blijf Groep, Levvel en de Waag zoeken hiervoor de juiste personen. Er is een link met het thema huiselijk geweld en kindermishandeling. Met die analyse maken we een plan dat past bij wat Nieuw-West nodig heeft om trauma om te vormen naar kracht. Dat zetten we in werking en we zoeken uit of het werkt. Ook werken we aan manieren om het taboe op trauma te stoppen, bijvoorbeeld met rolmodellen. We willen (laten) onderzoeken of verzekeraars ook een andere financiële werkwijze hebben voor mensen die werken aan trauma naar kracht.

5. Samenleving is een sterk en aantrekkelijk merk We willen dat het merk samenleving zo sterk is dat jongeren daarbij willen horen en vanuit die waarden willen leven. Dat draagt bij aan verbondenheid en verdraagzaamheid. Een crimineel netwerk vertegenwoordigt nu voor jongeren die waarden en is als ware een tweede familie, maar dan op een destructieve manier. Criminaliteit is nog steeds een sterk, aantrekkelijk merk. We bevestigen dat ook te vaak, bijvoorbeeld door te zeggen ‘ik snap dat je geen baantje bij de supermarkt neemt’. We willen laten zien wat de samenleving allemaal te bieden heeft. We organiseren een alternatieve gang.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? Werkgroep Samenleving sterk merk • Verzamelen ‘merkdenkers’ (van bedrijven) uit Nieuw-West. Zoals reclamemakers, Supermarkt Fris, Ru Paré-gemeenschap en LAB6. Samen bedenken ze acties en zoeken uit of deze werken. • Verzamelen Credible Messengers en mensen die worden vertrouwd in de buurt. Zij kunnen aansluiten bij jongeren en een sterk verhaal maken dat het merk samenleving ‘laadt’. • Willen terrein terugwinnen en een beweging van onderaf aanjagen. Daarom zorgen we voor activiteiten die het merk samenleving laden. Te beginnen bij het jonge kind, haar of zijn ouders en gemeenschappen die al een sterke positie hebben in Nieuw-West. • Werken actief samen met andere werkgroepen waaronder bijvoorbeeld de werkgroep die de veiligheidsdragers verbreedt en ondersteunt. We onderzoeken wat een ‘alternatieve gang’ kan zijn. 6. Bewoners en ondernemers acteren als veiligheidsdragers en zorgen voor hun wijk In Schotland wordt er via zorg en welzijn gewerkt om het ernstige geweld aan te pakken. Met de aanname dat je dan meteen aan veiligheid werkt. Kappers, tandartsen, mensen op de spoedeisende hulp, op scholen en in gezinnen: op allerlei plekken in de samenleving zijn mensen geactiveerd om zich te bekommeren om anderen. Vanuit zorg en welzijn krijgen zij ondersteuning.

Niet om criminaliteit te voorkomen, maar juist om empathie, kansen en reflectie te vergroten. In Nieuw-West zijn er al veel bewoners die voor verbinding en het welzijn van medebewoners in hun wijk zorgen. Ook steken ze hun nek uit tijdens risicovolle evenementen. We moeten ervoor zorgen dat deze ‘veiligheidsdragers’ vanuit welzijn hun zorg kunnen geven, en nooit de primaire taken van de politie kunnen overnemen. We maken het netwerk van deze veiligheidsdragers groter. Zo dragen we bij aan verbondenheid, verdraagzaamheid, herstel en zorg voor elkaar. Het zorgt ervoor dat veiligheidskwesties vanzelf naar boven komen, en dat we niet alles meteen als risico zien. Misschien is ‘veiligheidsdragers’ niet het juiste woord en is het beter om ze ‘wijkzorgers’ te noemen, of nog anders. Dat onderzoeken we in de praktijk.

26 Actielijnen – wat gaan we nu doen? We organiseren brede veiligheidsdragers (wijkzorgers): • We onderzoeken wat de kracht van veiligheidsdragers al is, hoe we dit verder willen ontwikkelen en wat daarvoor nodig is. We sluiten daarbij aan wat er al vanuit Eigenaarschap, inclusie & democratie gebeurt. We zorgen ervoor dat gezagsdragers in de wijk aanwezig zijn en gezamenlijke briefings hebben: wie doet wat, wanneer en hoe. Dit kunnen formele en informele partijen zijn. • We gaan door met wat er al is, met de ‘nek-uitstekers’, zoals buurtmoeders, -vaders en preventieteams. Met hen willen we blijvend samenwerken. We zorgen voor ondersteuning, een locatie of spullen als die nodig zijn. We sluiten aan bij microallianties. En we leiden andere mensen op die ook een zo’n rol willen vervullen. • We leren van voorbeelden. Zoals Glasgow, waar vanuit ‘zorg voor elkaar’ kappers, tandartsen en andere dienstverleners uit de buurt worden samengebracht.

•

We willen als maatschappelijke partners werken aan de verbinding met en het vertrouwen van inwoners. Er heerst nu wantrouwen, we willen dat keren naar vertrouwen. Als collectief willen wij kijken hoe de meldingsbereidheid bij de inwoners vergroot kan worden door te onderzoeken hoe wij mogelijke belemmeringen die melders ervaren in het doen van meldingen kunnen verminderen dan wel wegnemen. We willen melden en actie dichter bij elkaar brengen.

Opbrengsten op middellange termijn – wat is er nodig? Om te streven naar het doorbreken van criminele carrières werken we de komende jaren aan de volgende drie opbrengsten: 1. We doorbreken criminele carrières door te werken vanuit de context 2. We ontnemen crimineel kapitaal en herbestemmen dit 3. Er is meer online veiligheid door effectief aanwezig te zijn in de onlinewereld 1. We doorbreken criminele carrières door te werken vanuit de context Op sommige plekken in Nieuw-West zijn al jarenlang ondermijnende criminele netwerken actief. We testen nieuwe manieren om dit doorbreken, te beginnen in Osdorp Oost. Dit doen we onder andere door middel van de contextgerichte aanpak in samenwerking met de co-creatie van de politie. Daarmee baseren we ons op het rapport ‘Misdaadcarrières doorbreken en voorkomen’ van Bureau Beke (2021)5. Daarvan is onder andere de conclusie dat er al jarenlang een netwerk is dat crimineel actief is en als bakermat de Wildemanbuurt heeft. Er is op allerlei wijze hierop ingezet, maar deze inzet is geduid als ‘gefragmenteerd’. Dit heeft als gevolg dat de situatie niet is opgelost en dat er mensen in de wijk worden benadeeld. De contextgerichte aanpak moet het ‘gewoner’ maken om, voorafgaand aan de inzet van interventies om criminaliteit tegen te gaan, eerst breder te kijken: naar de context van mensen, groepen, buurt en organisaties.

Pas daarna worden alle – zowel positieve als begrenzende – interventies waarover we als maatschappij beschikken ingezet, in de juiste verhouding tot die context. Dat kost meer investering aan de voorkant, maar de veronderstelling is dat het uiteindelijk meer oplevert. Daarmee wordt verondersteld dat we anders kunnen omgaan met criminaliteitsbestrijding. Effectiever, zorgvuldiger en met behoud van positieve krachten in buurten, groepen en families. De co-creatie is een interne werkwijze van politie die informatie bij elkaar brengt wat de basis is voor gerichte interventies op personen en groepen. En gerichte interventies op thema’s die in de wijk spelen en maken dat een crimineel netwerk kan blijven bestaan, denk aan intimidatie in de wijk. Doel is om een werkwijze te ontwikkelen die criminele netwerken blijvend verzwakt, misdaadcarrières voorkomt en doorbreekt, en werkt aan leefbaarheid, veiligheid en vertrouwen van mensen in de wijk. Ondermijning krijgt prioriteit met onder andere inzet van het RIEC in het gebied.

5

Misdaadcarrières voorkomen en doorbreken - Bureau Beke

27 Actielijnen – wat gaan we nu doen? In oktober 2022 is gestart met de contextgerichte aanpak en in februari 2023 met de co-creatie. Betrokken partijen zijn onder andere AcVZ, politie, RIEC, OM, stadsdeel, WPI, Homebase Studiezalen, PerMens, ondernemers en informele partijen. Contextgerichte aanpak Osdorp Oost De werkwijze om te analyseren, te doen, te leren en acties bij te stellen of aan te vullen. Dat doen we door vanuit de context te werken (in dit geval in Osdorp Oost). We zijn aanjagers, initiatiefnemers en organiseren met elkaar concrete resultaten die nodig zijn. We kijken naar de integrale analyse en zorgen voor overzicht om het mogelijk te maken alles wat we als maatschappij hebben aan interventies’ in te zetten in de juiste verhouding tot elkaar. Dat vraagt een rol op de achtergrond, met mandaat om domeinoverstijgend te werken. Daarmee wordt de leefwereld van de bewoners ook als domein gezien. • De eerste acties hebben resultaat opgeleverd. Er zijn tientallen jongeren begeleid naar een baan, naar ondersteuning bij schulden of naar een opleiding waar ze eerder niet in geloofden. De handhaving (THOR) is weer aanwezig is in de Wildemanbuurt, dankzij onder andere inspanningen vanuit de co-creatie. Ook het jongerenwerk zal daar op korte termijn weer acteren.

De straatgerichte aanpak zorgt ervoor dat samen met ondernemers de Osdorper Ban toekomstbestendig is, met al een aantal kortetermijnacties, zoals het verwijderen van langdurige wrakken op de stoep, het verwijderen van graffiti en het plaatsen van bloembakken tegen parkeren op de stoep. De overige resultaten worden verder verwerkt in de actielijn, evenals de inzichten waarop de aanpak verder voortborduurt. • De komende periode wordt er onder andere geïnvesteerd in: o het effectief en zorgvuldig inzetten van opsporing en vervolging via contextgerichte analyse. Hiertoe behoren instrumenten van politie, maar ook van RIEC, zoals een geo-analyse; o het ontwerpen van een zo passend mogelijk kader van informatie-uitwisseling waarmee ook het huidige instrumentarium van Amsterdam (positief en begrenzend) kan worden ingezet, zonder te moeten wachten op een incident of criteria voor een specifieke aanpak; • We werken aan perspectief, vertrouwen en een veerkrachtige sterke wijk, door daadkrachtige acties en door in te springen op dat wat de context vraagt. Daarin onderzoeken we de mogelijkheden die er zijn rondom de geplande stedelijke vernieuwing en de samenwerking met de woningbouwcorporaties.

• We werken dan ook aan de voorwaarden die contextgericht werken nodig heeft: een sterke samenwerking divers netwerk, met vertrouwen, met diverse kennis en expertise die met elkaar de context steeds weer analyseert en die wendbaar is in het (duurzaam) oplossen van problemen. Co-creatie West De politie is in 2023 gestart met het programma Co-creatie West. Een werkmethodiek die als primaire doelstelling heeft om de interne organisatie van de politie te ontschotten en om informatieuitwisseling tussen de justitiële partners, politie, Openbaar Ministerie en RIEC te optimaliseren (de zogenoemde Wet Politiegegevens partners). De secondaire doelstelling is om de samenwerking met externe partners te optimaliseren en in gezamenlijkheid te komen tot betekenisvolle en effectieve interventies in de wijk. Dit moet er onder andere voor zorgen dat het aanzien van de criminele sleutelspelers afneemt, wat het veiligheidsgevoel in Osdorp Oost vergroot. De politie focust daarbij op 25 van de 156 personen uit het criminele netwerk genoemd in het rapport van Bureau Beke (focus is aangebracht vanwege de beperkte capaciteit van de politie). Zij analyseert deze opnieuw: nieuwe feiten en een analyse van onderlinge relaties worden in kaart gebracht, waarna de politie-inzet wordt bepaald. De Co-creatie West heeft op het moment van

28 schrijven drie deelproblematieken/thema’s vastgesteld, die bijdragen aan de instandhouding van het criminele netwerk en aan het onveiligheidsgevoel in Osdorp Oost: 1. ‘Aanzuigende werking van negatieve rolmodellen op de jeugd’, omdat blijkt dat jonge jeugd al vroeg in aanraking komt met criminaliteit en daartoe wordt aangetrokken door negatieve rolmodellen in de wijk. 2. ‘Criminele families’, omdat een aantal familieverbanden een cruciale rol lijken in te nemen in het criminele netwerk en zichtbaar negatieve impact hebben in de buurt. 3. ‘Intimidatie in de wijk’, omdat er diverse voorbeelden zijn waarin bewoners geïntimideerd worden, vaak zonder aanleiding en soms gepaard met geweld. Dit houdt het onveiligheidsgevoel in de wijk in stand en zorgt ervoor dat de meldingsbereidheid laag blijft. Per thema heeft de politie een samenwerkingstafel ingericht met professionals uit het veiligheids-, zorg- en sociaal domein, om de problematiek te verstoren en/of stoppen. 2. We ontnemen crimineel kapitaal en herbestemmen dit Criminele activiteiten leveren vastgoed en geld op. Die nemen we, na ontneming, af en geven we terug aan de lokale samenleving van Nieuw-West. Een pad dat bijvoorbeeld wordt ontnomen na ondermijnende activiteiten, kan opnieuw worden gebruikt als winkel waardoor een buurt aantrekkelijker wordt. We werken hierin samen met Wonen en leefomgeving.

Zij onderzoeken of het mogelijk is dat de overdracht van ‘onzuiver’ vastgoed kan worden gestopt. Zo laten we zien dat criminelen de wijk niet kunnen ondermijnen.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? Werkgroep herbestemmen crimineel kapitaal We brengen een groep experts (onder andere RIEC, OM) bij elkaar die: • onderzoekt welke mogelijkheden er al zijn en welke good pratices bekend zijn, bijvoorbeeld vanuit het Rijk, maar ook in Amsterdam en in andere (inter)nationale steden; • juridisch uitzoekt hoe de spullen en panden aan de gemeenschap herbestemd kunnen worden; • een werkwijze opstelt zodat dit ook kan worden uitgevoerd in Nieuw-West. 3. Er is meer online veiligheid door effectief aanwezig te zijn in de onlinewereld We willen een veilige online leefomgeving. Veiligheid offline en online hangt samen en die werelden lopen in elkaar over. Daar waar we offline grenzen, kansen, samenwerking en hulp organiseren, is dat online niet zo. We willen dat online net zo werkt als offline. We onderzoeken wat de onlinewereld betekent voor jongeren in Nieuw-West. En hoe we de onlinewereld kunnen gebruiken om wijken veiliger te maken en positieve invloed te hebben op jongeren. Jongeren moeten online meer positieve en versterkende boodschappen tegenkomen, dan boodschappen die onzeker maken en verleiden. Online zijn jongeren allemaal verschillende personen. Online is het makkelijker om minder grenzen te hebben en niet na te denken over wat je doet. Steeds vaker wakkert de onlinewereld nare gebeurtenissen in de offlinewereld aan.

Mensen ervaren ook steeds vaker online shaming en stalking. Ook is online criminaliteit steeds aantrekkelijker voor jongeren in Nieuw-West. Hierdoor komen ze soms ook in de zwaardere criminaliteit terecht (bijvoorbeeld met F-game geld verdienen om je in drugs in te kopen).

Actielijnen – wat gaan we nu doen? Werkgroep online veiligheid • We maken een match tussen wat er (stedelijk en landelijk) al wordt gedaan met de context van Nieuw-West. We zoeken uit welke activiteiten we kunnen versnellen of effectiever kunnen maken voor het gebied. • We werken dan ook samen met bijvoorbeeld de sub driehoek cybercrime. • We zoeken actief naar bewoners en bedrijven die Nieuw-West weerbaar kunnen maken tegen cybercrime. We zoeken uit wie met wat bezig is, of er gezamenlijke kansen zijn en of er

29

•

•

hindernissen zijn in hoe het nu geregeld is. Zo mag de overheid bijvoorbeeld in interactie niet online aanwezig zijn. We bepalen wat er nog meer nodig is om het online zó te maken dat we daar samen kunnen zijn. We brengen positieve rolmodellen bij elkaar en moedigen hen aan om rolmodel te zijn. We vragen specialisten, professionals (zoals online jongerenwerkers), bewoners en ondernemers om met een online blik naar dit uitvoeringsprogramma te kijken en ons te adviseren. We halen sociale media-platformen en TNO naar de wijk en maken die deel van de samenwerking. Eventueel betrekken we trendwatchers en specialisten bij de alliantie. Vanuit opsporing en vervolging hebben we aandacht voor online criminaliteit en bestaande criminele netwerken van jongeren in Nieuw-West. Ook doorbreken we cybercrime en zoeken we uit wat daarvoor nodig is.

30 Werk en bestaanszekerheid

31 Werk en bestaanszekerheid Gelijke kansen door ongelijk te investeren Gelijke kansen door ongelijk te investeren ‘Het bieden van bestaanszekerheid is één van onze meest fundamentele opgaven’, zo stelt het convenant. De bestaanszekerheid staat in het algemeen onder druk, maar zeker in Nieuw-West. Dit vraagt in de eerste plaats om structurele veranderingen vanuit de Rijksoverheid, zoals een herziening van het socialezekerheidsstelsel. Vanuit het Nationaal Programma Samen Nieuw-West gaan we hier niet op wachten. Ons streven is om de bestaanszekerheid de komende twintig jaar in heel Nieuw-West te versterken zodat niemand meer in armoede hoeft te leven. Daarvoor is het nodig om meer middelen naar Nieuw-West te trekken, en er te houden. Daarom committeren de alliantiepartners zich om ongelijk te investeren en zetten we in op community wealth building zodat economische opbrengsten meer in het gebied blijven (zie hoofdstuk Community wealth building). Werken aan bestaanszekerheid De basis voor bestaanszekerheid is voldoende en voorspelbaar inkomen. Breed gaat bestaanszekerheid over meer dingen, zoals de toegang tot basisvoorzieningen, betaalbare woningen in de stad en toegankelijke gezondheidszorg. Werk is op persoonsniveau de meest directe weg naar meer bestaanszekerheid.

Door economische ontwikkelingen en de inzet van partners zijn de afgelopen jaren veel meer mensen aan het werk gegaan. Toch zien we in NieuwWest een groot aantal mensen dat achterblijft. Zorgwekkend is dat de werkloosheid onder jongeren is gestegen, net als het aantal vroegtijdig schoolverlaters. Daarom leggen we de prioriteit bij het bieden van kansen aan jongeren via begeleiding naar werk en extra inzet op onderwijs en stages. Daarnaast willen we mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ondersteunen en willen we dat iedereen zich kan blijven ontwikkelen. Uitdaging hierbij is om de mismatch tussen vraag naar en aanbod van arbeid te verkleinen. Dit vraagt investeringen in het opleiden van mensen, maar ook dat werkgevers anders kijken naar talent, want alleen zo kunnen de ondernemers hun uitdagingen voor de arbeidskrapte te lijf gaan. We hebben speciale aandacht voor de essentiële sectoren, omdat werkgelegenheid in deze sectoren niet alleen een baan biedt, maar ook de essentiële sector zelf versterkt en daarmee ook op die manier bijdraagt aan de bestaanszekerheid van bewoners in Nieuw-West. Voldoende inkomen De inzet op werk is niet genoeg om meer bestaanszekerheid te garanderen. De problematiek rondom werkende armen vraagt aandacht en er zijn relatief veel mensen die (nog) niet kunnen werken.

In sommige buurten behoort 1 op de 3 huishoudens tot de minima en Nieuw-West heeft de meeste personen van de stad (ongeveer 15.000) die langdurig onder deze groep vallen. Daarom versterken we de inzet op armoedebestrijding, zetten we in op preventie en oplossen van schulden, en willen we iedereen de kans geven om volwaardig mee te doen. Voor wie onvoldoende inkomen uit arbeid verwerft is tijdige toeleiding naar instanties noodzakelijk. Hier speelt de landelijke discussie dat werken moet lonen. Maar door optimalisering van uitkering, toeslagen en gemeentelijke voorzieningen (en eventueel een deeltijd inkomen) kunnen we het verschil maken tussen een laag inkomen en echte armoede. De buurtteams zijn hierbij de basis. Maar meer verbinding met wijkallianties (zie hoofdstuk Eigenaarschap, inclusie & democratie), lokale organisaties en wijkverbinders die een groot bereik in de verschillende wijken hebben is de opgave. Om bewoners te bereiken over het onderwerp bestaanszekerheid is samenwerking tussen formele en informele organisaties cruciaal. Leefwereld is uitgangspunt Voor de alliantiepartners staat de leefwereld van de bewoners van Nieuw-West centraal. Nog te vaak dicteren de instanties hoe zaken worden ingericht. Met systeemstress en een afnemend vertrouwen in de instanties als gevolg. Daarom werken we vanuit vertrouwen en laten we ons leiden

32 door het perspectief van de bewoners. Belangrijk hiervoor is dat we de kracht, innovatie en creativiteit uit de gemeenschappen als uitgangspunten nemen en vanuit daar verbindingen maken met uitvoerende organisaties. We werken daarom vanuit publiek-privaat-burgerlijke samenwerkingen in steeds op de situatie gebaseerde verhoudingen. Instanties nemen niet altijd de regierol maar participeren ook door te faciliteren of aan te sluiten bij een lokaal initiatief. In een gelijkwaardige samenwerking leren we hoe we anders kunnen werken. Niet alleen denken maar vooral doen. Actiegericht. Ondernemend. Pragmatisch. In co-creatie van maatschappelijke initiatieven, ondernemers, instanties en bewoners. De leefwereld als uitgangspunt nemen, betekent ook inzet op lokaal eigenaarschap, werk dat direct de buurten en wijken versterkt en betrokken ondernemers en werkgevers. Een sterke, lokaal verankerde economie draagt namelijk bij aan de leefbaarheid, veiligheid, identiteit en sociale cohesie in de buurt.

Opdracht – visie op lange termijn Uit het convenant volgen op het gebied van werk en bestaanszekerheid de volgende opdrachten voor de lange termijn: 1. Iedereen kan meedoen via werk Werk is een belangrijke motor van bestaanszekerheid. Het heeft meer waarde dan alleen het materieel inkomen; het draagt bij aan persoonlijke ontwikkeling en individuele eigenwaarde, maar ook aan de gemeenschap. Werk moet lonen in Nieuw-West. Door goed werk kunnen mensen voorzien in de essentiële behoeften, een zinvol bestaan opbouwen en sociale relaties aangaan. Werk is in dit verband een breder begrip dan ‘betaald’ werk. 2. Bestaanszekerheid voor iedereen Iedereen verdient bestaanszekerheid – in de eerste plaats via werk, maar altijd via voldoende besteedbaar inkomen, zodat de stress van armoede tot het verleden behoort. Ofwel: dat alle mensen kunnen voorzien in de basisbehoeften om een waardig en zinvol leven te leiden. Voorbeelden van die basisbehoeften zijn: zorg, water, energie, voedsel, onderwijs, huisvesting, publieke ruimte, openbaar vervoer en infrastructuur. Maar ook minder tastbare behoeften, zoals mentale gezondheid, leven in plaats van overleven en grip op het eigen leven. 3. Sterke lokale economie De lokale economie staat in de eerste plaats ten dienste aan bewoners in Nieuw-West en hun behoeften.

Werkgevers in en om Nieuw-West voelen zich verbonden met de omgeving en de opgaven in Nieuw-West en nemen daarin hun verantwoordelijkheid. Het is voor bedrijven aantrekkelijk om te investeren in dit gebied. Bewoners, lokale initiatieven, ondernemers en instanties werken samen aan de opgaven in Nieuw-West.

Opbrengsten op middellange termijn – wat is er nodig? We werken de komende jaren aan de volgende drie opbrengsten om te streven naar iedereen kan meedoen via werk: 1. Jongeren hebben gelijke kansen op de arbeidsmarkt 2. Passend werk voor iedereen 3. Werken loont 1. Jongeren hebben gelijke kansen op de arbeidsmarkt Nieuw-West kent een hoog percentage jeugdwerkloosheid (17,5%). De aansluiting van jongeren – zowel praktisch als theoretisch geschoold – op de arbeidsmarkt, inclusief stages, kan en moet beter. Opleidingen sluiten nu niet altijd goed aan op de vraag van huidige en toekomstige banen, maar er is ook sprake van institutioneel racisme. We willen de barrières voor jongeren om tot bloei te komen wegnemen. We willen het netwerk verbreden, arbeidsmarkt- en stagediscriminatie bestrijden en waardevolle werkkansen bieden. We willen dat jongeren met vertrouwen kunnen werken aan hun toekomst.

Actielijnen – wat gaan we nu doen?

33 •

•

•

•

•

Onder de noemer Jobcenter in de wijk werken zoveel mogelijk jongerenorganisaties en netwerkpartners (onder andere gemeente) om jongeren op een toegankelijke manier te bereiken en te ondersteunen om stappen richting werk te zetten. Dit is een nieuwe aanpak waarin lokale organisaties, die de doelgroep goed weten te bereiken, een grotere rol krijgen in het begeleiden van jongeren naar werk. Ook gaan we samenwerken met scholen om via workshops leerlingen te ondersteunen bij hun vervolgstappen in studie en loopbaan. Deze aanpak breiden we uit. Project Spotlicht biedt intensieve begeleiding aan jongeren met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en/of de ervaring dat ze ongelijke kansen krijgen door discriminatie op de arbeidsmarkt. Denk hierbij aan jongeren die geen vertrouwen meer hebben in het systeem, overheid en instanties, jongeren zonder inkomen, jongeren met motivatieproblemen en/of een ‘rugzakje’ of jongeren die in de zoekperiode van de uitkeringsaanvraag zitten. Vanuit de aanpak Spotlicht wordt op maat gekeken wat er nodig is om stappen vooruit te zetten. We zetten het programma Grote Spelers voort en breiden het uit naar een programma voor mbo-jongeren. Ook hebben we oog voor jongeren zonder startkwalificatie en groepen die volledig uit beeld zijn van de instanties.

Het programma Grote Spelers is opgezet vanuit een samenwerking tussen young professionals (wo en hbo) uit Nieuw-West met werkgevers en de gemeente. Binnen het programma krijgen theoretisch opgeleide jongeren uit Nieuw-West de ondersteuning die zij nodig hebben om hun droombaan te vinden. Zij worden gekoppeld aan werkgevers uit het netwerk. Vanwege het succes van Grote Spelers in het bereiken van jongeren, onderzoeken we vanuit dezelfde filosofie wat jongeren uit het mbo nodig hebben om hun droombaan te vinden. Waar we in ieder geval op willen inzetten is dat elke jongere een geschikte stage kan vinden. We ontwikkelen trajecten naar lokaal werk voor jongeren in aansluiting op de opgaven in het gebied. We koppelen jongeren aan werk dat waardevol is voor de buurt. Uitdaging hierbij is om informele en formele partijen hier samen verantwoordelijk voor te maken. Dit vraagt samenwerking van een breed aantal partners, zoals gemeente, maatschappelijke (jongeren)organisaties, onderwijs, werkgevers en woningcorporaties. Om dit te ondersteunen gebruiken we de regionale opleidingsstructuur, zoals de loopbaanpaden. Verder experimenteren we met het verbinden van het vinden van opleiding, werk en woning in leer-werkwooncontracten.

Voor de trajecten kijken we breed naar de opgaven in het gebied, maar we beginnen in ieder geval met: o Het inzetten van jongeren bij de stadsvernieuwing van buurten (bouw, techniek en inrichting openbare ruimte). We starten met een pilotgroep van twintig jongeren die aan de slag gaan bij de vernieuwing van de Roëllbuurten en breiden dit bij succes uit naar andere gebieden. o Het creëren van plekken voor jongeren uit Nieuw-West om te starten bij lokale maatschappelijke organisaties als maatschappelijk werker. o Het koppelen van jongeren uit Nieuw-West aan het werk in de Amsterdamse haven. We starten met groepen die we direct gaan verbinden aan de grote werkgevers in het gebied. We versterken het aanbod voor jonge ondernemers. Veel jongeren in Nieuw-West hebben interesse om zelf te gaan ondernemen. Deze stap vraagt de nodige kennis en vaardigheden. Daarom ontwikkelen we extra programma’s die jongeren de ondersteuning bieden die zij nodig hebben om zelf te gaan ondernemen. Deze programma’s worden vormgegeven en begeleid door jongeren uit Nieuw-West zodat dit aansluit bij de doelgroep. We verbinden deze aanpak met de trainingen en ontwikkelprogramma’s in het kader van community wealth building.

2. Passend werk voor iedereen We koppelen werkgevers die zich aan Nieuw-West verbonden voelen en willen investeren in bewoners in Nieuw-West die willen werken. Dat doen we vooral via lokale initiatieven en

34 maatschappelijke organisaties in de wijk. We hebben speciale aandacht voor de essentiële sectoren. Bedrijven zijn naarstig op zoek naar menskracht. Alleen is een groot aantal werkzoekenden niet in beeld, waardoor zij niet aan bod komen. Bovendien hebben sommige van hen extra begeleiding nodig om blijvend aan het werk te gaan. Ook sluiten werktijden en de bereikbaarheid van bedrijven niet altijd aan bij de mogelijkheden van werkzoekenden. Om bewoners en werkgevers aan elkaar te koppelen willen we met bedrijven die hier echt voor gaan de buurten in op zoek naar verbinding. In 2023 is Nieuw-West het stadsdeel waar de meeste mensen uit de bijstand uitstromen naar werk van de stad. Dit willen we de komende jaren behouden. Dit doen we door intensivering van de begeleiding en door nauw samen te werken met instanties, maatschappelijke organisaties en werkgevers.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

•

•

•

•

In de vijf gebieden in Nieuw-West met de meeste bedrijvigheid (Schinkelkwartier, Sloterdijken, Osdorpplein, Plein ’40-’45 en haven) ontwikkelen we een werkgeversaanpak matching om de verbinding te versterken tussen de bewoners van Nieuw-West en lokale werkgevers. Bedoeling hiervan is dat de bedrijven daar heen gaan waar de mensen zijn en zo de stap naar werk verkleinen. Belangrijke inzet is om relevante gemeentelijke regelingen rondom werk zichtbaar en beschikbaar te maken voor werkgevers. Ook kijken we naar knelpunten zoals de bereikbaarheid. We experimenteren met nieuwe vormen van toeleiding naar werk, zoals open hiring. Ook bieden we bedrijven mogelijkheden om (kosteloos) opleidingen aan te bieden wanneer zij baangaranties afgeven en zetten we trajecten op om groepen uit Nieuw-West te matchen aan het werk in deze gebieden. Aansluitend hierop organiseren we matchingstafels waar werkzoekenden kunnen aanschuiven en direct worden gekoppeld aan vacatures in het gebied. Ook organiseren we minstens vier keer per jaar integrale banenmarkten voor ongeveer duizend werkzoekenden uit Nieuw-West. Naast betaald werk worden de bezoekers hier ook gekoppeld aan ondersteuning rondom taal, inkomen, empowerment en vrijwilligerswerk. Lokaal netwerk begeleiding naar werk.

Het aan het werk krijgen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vraagt om lokale verankering, creativiteit en ondernemerschap. Daarom verbreden we het gemeentelijk netwerk Nieuw-West Werkt & Participeert met lokale en informele organisaties en ondernemers die een rol kunnen spelen bij de begeleiding naar werk. Lokale initiatieven zijn namelijk vaak beter in staat om contact te leggen met moeilijk bereikbare groepen en kunnen flexibel inspelen op specifieke behoeften. Met het verbinden van deze initiatieven bouwen we aan een lokaal netwerk in de begeleiding naar werk waarin gemeente, lokale maatschappelijke organisaties en werkgevers samenwerken. Hiervoor leren we lessen van een soortgelijke aanpak in stadsdeel Noord. We zorgen ervoor dat lokale initiatieven die resultaten boeken in het toeleiden naar werk niet elk jaar opnieuw op zoek moeten naar financiering, maar voor langere periode zekerheid krijgen. We starten met een laagdrempelig werk- en ontwikkelplatform waar iedereen uit Nieuw-West terechtkan voor advies en persoonlijke ondersteuning op het gebied van werken en ontwikkelen. Dit is een nieuw concept dat voortbouwt op het Ontwikkelplein Nieuw-West, maar dan verder wordt uitgebouwd met ondersteuning voor ondernemers, directe koppeling aan vacatures en verbinding met de loopbaanpaden van het regionaal werkcentrum.

We ontwikkelen een brede aanpak rondom duurzame banen met twee elkaar aanvullende locaties. In de Wildemanbuurt komt een duurzame banentuin. Dit is een samenwerking van bewonersorganisaties, lokale maatschappelijke organisaties en gemeente om bewoners uit Nieuw-West te verbinden aan het werk rondom de energietransitie, duurzaamheid en circulariteit. Aansluitend hierop komt in Westpoort een opleidingscentrum rondom duurzame banen waar de volgende stap gezet kan worden richting duurzaam werk. In Geuzenveld, Slotermeer en Osdorp hebben relatief veel inwoners lage basisvaardigheden (taal, rekenen, digitale vaardigheden). Dit kan voor mensen een drempel zijn om zich verder te ontwikkelen. In deze gebieden gaan we extra inzetten op het bereiken van bewoners voor het

35 volgen van taalonderwijs en het versterken van digitale vaardigheden. Dit is vaak een eerste stap richting andere vormen van scholing en de arbeidsmarkt. 3. Werken loont Werken moet lonen. Nu zijn er veel werkende armen in Nieuw-West. Een betaalde baan in NieuwWest moet genoeg opleveren om zonder financiële stress rond te komen. Wijzelf hebben de taak om onze werknemers een leefbaar loon te geven. Ook zijn we er indirect verantwoordelijk voor dat de mensen die voor onze opdrachtnemers werken, een leefbaar loon krijgen. We willen een goed voorbeeld zijn voor andere werkgevers in Nieuw-West. De stap van bijstand naar betaald werk brengt onzekerheid en financiële risico’s met zich mee, waardoor mensen geremd worden deze stap te zetten. We willen dat deze stap, ook in deeltijd, gemakkelijker wordt door eenvoudige en structurele zekerheden in te bouwen. We bouwen onder andere voort op de adviezen uit: ‘Naar een werkzame bijstand’.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

•

We gaan een garantieknop inzetten. Dit is een garantie voor iedereen die vanuit de bijstand gaat werken om binnen zes maanden weer direct terug te kunnen keren in de bijstand mocht er sprake zijn van uitval of onvoldoende financiële vooruitgang. De garantieknop wordt uiteindelijk voor de hele stad ontwikkeld maar we starten hiermee in Nieuw-West. We maken afspraken met werkgevers in Nieuw-West over minimale arbeidsvoorwaarden, zoals een leefbaar loon, voor de werknemers in het stadsdeel. Dat doen de alliantiepartners ook voor de mensen die voor onze opdrachtnemers werken. Het voorbeeld hiervoor is Dundee living wage city.

Opbrengsten op middellange termijn – wat is er nodig? Om te streven naar bestaanszekerheid voor iedereen met minder armoede werken we de komende jaren aan de volgende drie opbrengsten: 1. Huishoudens hebben voldoende besteedbaar inkomen om rond te komen 2. Problematische schulden worden voorkomen en verholpen 3. Bewoners worden ondersteund vanuit hun leefwereld 1. Huishoudens hebben voldoende besteedbaar inkomen om rond te komen Nieuw-West kent een relatief groot aantal huishoudens dat niet verzekerd is van een toereikend besteedbaar inkomen. Basisbehoeften als gezond eten, medicatie/zorg en een passende woning zijn daardoor onvoldoende toegankelijk. Op de middellange termijn werken we toe naar een nieuw sociaal minimum. Zo’n minimum neemt overlevingsstress weg, garandeert bestaanszekerheid en biedt vooruitzicht op een zinvol bestaan. We streven naar een vorm van onvoorwaardelijk inkomen. Zo kunnen ze bouwen aan hun eigen bestaan en bijdragen aan de gemeenschap. Ook op kortere termijn is veel winst te behalen. Een grote aantal mensen (met financiële problemen) gebruikt niet de regelingen en ondersteuning waar ze wel recht op hebben. Ze weten vaak niet hoe en waar ze deze hulp kunnen vinden. We gaan actief naar die groepen toe, door informele en formele organisaties te ondersteunen.

En door een aanpak te maken om mensen te bereiken die zorg uit de weg gaan en lang in financiële problemen zitten. Via de wijkallianties sluiten we aan bij de leefomgeving. Daarbij is speciale aandacht voor huishoudens met kinderen. We willen alles op alles zetten om te voorkomen dat armoede van generatie op generatie wordt ‘doorgegeven’.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

We gaan experimenteren met vormen van (extra) onvoorwaardelijk inkomen. Dit doen we om groepen in Nieuw-West direct van meer middelen te voorzien en te onderzoeken wat dit betekent voor hun bestaanszekerheid. De volgende experimenten gaan we opzetten:

36 Medio 2024 starten we met de pilot Gewoon Geld Geven. Dit project is opgezet met het Kansfonds en de Hogeschool van Amsterdam. In deze pilot ontvangen gezinnen/alleenstaande ouders met minimaal 1 kind onder 18 jaar gedurende 2 jaar een toelage van € 150 per maand. De Hogeschool van Amsterdam doet onderzoek naar het effect van deze financiële bijdrage op welzijn, de gezondheid, ontwikkeling, participatie en het gebruik van zorg en ondersteuning door de gezinnen. o De huidige jongerennorm, aangevuld met bijzondere bijstand, is vaak ontoereikend om de kosten van wonen en levensonderhoud in Amsterdam te kunnen dragen voor exjeugdhulpbehoevenden en dak- en thuisloze jongeren tussen de 18 en 21 jaar. Daarom bekijken we hoe we door de bijstandsnorm te individualiseren (via artikel 18 van de Participatiewet) het inkomen kunnen verhogen voor deze groep. Zo kunnen we voorzien in een financiële stabiele basis zodat acute financiële stress wordt weggenomen. We onderzoeken of aanvullend hierop een pilot bouwdepot, waarin we een onvoorwaardelijke bijstandsuitkering geven aan dakloze jongeren, van toegevoegde waarde is. Gemeente, inkomenspartners, buurtteam, lokale maatschappelijke organisaties en bewonersorganisaties zetten zich samen in voor een aanvalsplan onderbenutting. Dit is een directe manier om extra middelen te krijgen bij die mensen die het nodig hebben.

Vanuit samenwerking wordt ingezet om de benuttingsgraad van minimaregelingen, bijstandsuitkeringen, kwijtscheldingen, toeslagen en armoedevoorzieningen in Nieuw-West op het hoogste niveau van de stad te krijgen. Dit gebeurt via een campagne, optimalisering van het bestaande spreekurennetwerk, het inzetten van het familiepakket gericht op minimagezinnen in het voortgezet onderwijs, informele initiatieven en door het opsporen van armoede via nieuwe datakoppelingen. Samenwerking tussen formele en informele organisaties is hierbij cruciaal. Op dit moment onderzoekt het Kenniscentrum Kansengelijkheid wat redenen zijn van niet gebruik van minimaregeling en de bijstand. Op basis daarvan evalueren we de ingezette acties en stellen we ze waar nodig bij. Iedereen die bijstand ontvangt in Nieuw-West krijgt persoonlijke ondersteuning door begeleiders inkomen. De focus van deze gesprekken ligt op de hulpvraag en ingaan op wat iemand nodig heeft, in plaats dat de focus alleen ligt op of iemand recht heeft op een bepaalde regeling. Mensen in de bijstand hoeven dus niet meer zelf hun weg binnen het systeem te vinden, maar worden hier stap voor stap bij geholpen. Zij ontvangen daarmee integrale dienstverlening op gebied van inkomen, armoede, werk, vroeg signalering schulden en andere thema’s binnen het sociaal domein.

Dit gebeurt vanuit een gelijkwaardige benadering en in samenwerking met de informele samenwerkingspartners. o

•

•

2. Problematische schulden worden voorkomen en verholpen Schulden zijn een belangrijk gevolg én oorzaak van te weinig besteedbaar inkomen. We willen schulden zo veel mogelijk wegwerken: minder schulden en minder hoge schulden. We willen voorkomen dat mensen schulden krijgen en we willen problematische schulden uitbannen. De belangrijkste aandacht gaat daarbij naar jongeren en gezinnen. Want de stress van armoede heeft een hele negatieve invloed op de ontwikkeling van kinderen. Aanpakken die substantieel meer kosten dan de omvang van de schuld, worden serieus tegen het licht gehouden.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

Wijkaanpak financiële problemen. In een gezamenlijke inspanning van buurtteams, buurtorganisaties, ervaringsdeskundigen en gemeente zetten we teams op die de wijken ingaan. Zij gaan Amsterdammers helpen die langdurig in financiële problemen zitten en vaak buiten beeld (willen) blijven van hulpverlening en overheid. Hiervoor is het essentieel dat formele en informele organisaties samenwerken. We werken onder andere op basis van huisbezoeken, tussenpersonen die vertrouwen winnen en langdurige trajecten. Doel is het verhogen van het bereik van armoederegelingen, schuldhulpverlening en bijstand. Daarnaast

37

•

•

bouwen we voort op de aanpak schuldenvrije buurt die in de Dichtersbuurt succesvol is gestart door het inzetten van wijkverbinders en lokale maatschappelijke organisaties om bewoners met schulden te vinden en te ondersteunen. Deze aanpak breiden we uit naar andere gebieden in Nieuw-West. Ook willen we de bestaande infrastructuur versterken en uitbreiden zodat dit nog beter aansluit op alle leefdomeinen van de bewoners. Een goed voorbeeld hiervan is de Wegwijssalon in de Wildemanbuurt waar nu ook werkgevers aan gekoppeld zijn. We starten met een programma jongeren uit de schulden gericht op preventie en het terugbrengen van schulden onder deze doelgroep. Hierbij zetten we in op financiële educatie voor het achttiende levensjaar. We hebben specifieke aandacht voor risicojongeren. Ook onderzoeken we de mogelijkheden voor een afbouwprogramma voor jongeren met schulden gekoppeld aan opleiding en werk. We hebben ook aandacht voor jongeren die uit detentie komen met schulden. We starten met een alliantie schuldenvrij Nieuw-West. Dit is een brede samenwerking van lokale partners, zoals werkgevers, lokale maatschappelijke organisaties, gemeente en buurtteams. Zij gaan gezamenlijk aan de slag om structureel schulden binnen Nieuw-West te voorkomen en weg te werken.

Onderwerpen waar deze alliantie aan werkt zijn het wegnemen van schaamte, nieuwe vindplekken in kaart brengen en laagdrempelige hulp en oplossingen organiseren. Ook kijken we hoe we structuren kunnen doorbreken zodat schulden sneller en effectiever worden gesignaleerd en opgelost. Daarnaast zetten we in op een schuldeisersnetwerk zoals er vanuit Geldfit lokaal wordt ingezet.

3. Bewoners worden ondersteund vanuit hun leefwereld In alles wat we doen willen we de leefwereld van bewoners vooropstellen. Dit vraagt van instanties om anders te gaan werken, om vaker partijen in te zetten die bewoners goed weten te bereiken en meer verantwoordelijkheid bij bewoners zelf om invulling te geven aan de systemen die hen moeten dienen.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

•

Minstens 150 gezinnen ontvangen lifecoaching. Deze ondersteuning van lokale maatschappelijke organisaties sluit direct aan op de leefwereld en is er dus op gericht wat deze gezinnen nodig hebben om te voorzien in hun bestaanszekerheid. Streven is dat zij volwaardig kunnen participeren in de samenleving. In de begeleiding staat emotionele steun voorop en samen wordt gekeken wat de gezinnen nodig hebben en hoe zij dat krijgen. Waar nodig wordt professionele hulp ingeschakeld en gezorgd dat deze goed aansluit op de behoeften van de gezinnen. In Nieuw-West komt een specifiek spreekuur voor bewoners die vastlopen in (financiële) overheidsbureaucratie, met name ook als hier rijksinstellingen bij zijn betrokken. De doelstelling is om kastje-naar-de-muur en tussen-wal-en-schip situaties te doorbreken. De gesprekken zijn fysiek met een professional, van mens tot mens. De betrokken professionals hebben een brede kennis van bestaanszekerheid, een goed Amsterdams netwerk en op de betreffende dagdelen rechtstreeks toegang tot tien rijksinstellingen. Het spreekuur is ingebed in het bestaande lokale aanbod van gemeente en buurtteams.

Opbrengsten op middellange termijn – wat is er nodig? Om te streven naar sterke lokale economie werken we de komende jaren aan de volgende twee opbrengsten: 1. Banen met impact 2. Betrokken ondernemers en werkgevers 1. Banen met impact We zetten ons in voor dat werk dat direct bijdraagt aan het gebied en ondersteunen initiatieven die (zo veel mogelijk) structureel werk opleveren voor mensen die moeilijk aan het werk komen. In alles

38 wat we doen geven we extra aandacht aan die sectoren die het verschil maken voor de bewoners van Nieuw-West. Het is van essentieel belang voor de bestaanszekerheid van de bewoners van Nieuw-West dat de personeelstekorten worden opgelost in de sectoren die voorzien in essentiële voorzieningen.

Actielijnen – wat gaan we nu doen? •

•

•

We starten met het programma Nieuw-West banen. Dit is een nieuw programma dat bouwt op de nieuwe gemeentelijke aanpak rondom gesubsidieerd (tijdelijk) werk. In Nieuw-West vergroten we het aantal banen dat beschikbaar komt en verbinden deze banen aan de behoeften in de buurt. Denk bijvoorbeeld aan de thema’s schoon, heel en veilig. Ook verbinden we de buurtbanen en werkgelegenheidsprojecten groenmakers en schone kans aan deze inzet. Deze buurtgerichte banen zijn een opstap naar structureel werk en verkleinen hiermee de stap voor mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt naar betaald werk. We sluiten bij het inzetten van Nieuw-West banen aan bij de wijkallianties (zie hoofdstuk Eigenaarschap, inclusie & democratie). We richten specifiek voor Nieuw-West een loopbaanpad kinderopvang in. Dit betekent dat door werkgevers, maatschappelijke initiatieven en de gemeente een traject wordt opgezet waarin deelnemers van start tot eind worden begeleid om te gaan werken binnen de kinderopvang in Nieuw-West. We brengen in kaart waar te weinig mensen zijn in de essentiële sectoren, zoals zorg, onderwijs en techniek, nu en in de toekomst. We kijken naar welke inspanning gepleegd moeten worden, op alle domeinen, om dit aan te pakken. We zetten ons in om deze inspanningen optimaal te verbinden aan de populatie en werkgevers in Nieuw-West.

De essentiële sectoren geven we in alle inspanningen rondom werk extra aandacht, dus ook in de matching en lokale samenwerkingen in de toeleiding naar werk.

2. Betrokken ondernemers en werkgevers Bedrijven en werknemersorganisaties spelen een belangrijke rol in het versterken van bestaanszekerheid voor de bewoners van Nieuw-West. We willen door lange termijn samenwerkingen een basis creëren voor een sterk gecommitteerd bedrijfsleven in Nieuw-West. Dat stelt bedrijven in staat om gezamenlijk en in overleg met werknemersorganisaties, publieke instellingen en opleidingsinstituten te investeren in de lokale economie en de bewoners van NieuwWest.

Actielijnen - wat gaan we nu doen? •

•

•

Sociaal return naar Nieuw-West ombuigen. We gaan met gemeente en bedrijven in gesprek om de verplichtingen van social return vaker te verbinden aan de opgaven in Nieuw-West. Samen komen we tot initiatieven die direct gunstige effecten hebben voor de bewoners van Nieuw-West. Sociaal werkgeverschap. Werkgevers spelen een belangrijke maatschappelijke rol maar zijn nog niet zo sterk vertegenwoordigd binnen de alliantie. Daarom zetten we in op meer samenwerking tussen ondernemers, werkgevers, maatschappelijke organisaties en overheden verbonden aan de opgaven in Nieuw-West. We kijken hierin breed waar we elkaar vinden en wat nodig is, maar zetten in ieder geval in op samenwerking binnen de thema’s schulden, laaggeletterdheid en inclusie. We verbinden deze inzet met het stimuleren van de lokale inkoop via het opzetten van een Koop Lokaal marktplaats voor Nieuw-West (zie hoofdstuk Community wealth building). We stimuleren cultureel ondernemerschap. Deze ondernemers hebben oog voor hun omgeving en de cultureel, innovatieve en artistieke waarde van hun onderneming is vaak voor hen even belangrijk als hun bedrijfsvoering. Cultureel ondernemerschap creëert nieuwe banen

39 en opdrachten voor mensen uit de buurt en stimuleert tegelijkertijd sociale interactie en expressie.

40 Community wealth building

41 Community wealth building Nieuw samenwerken aan duurzame, lokale economie In het convenant ‘Wij zijn Samen Nieuw-West’ hebben we afgesproken om te investeren in een duurzame, lokale economie, op basis van belangen, behoeften, verlangens en dromen van de bewoners. Dat willen we doen door het eigendom over noodzakelijke – sociale, fysieke, economische, financiële en maatschappelijke – middelen te verschuiven naar deze inwoners en hun gemeenschappen. Op die manier ontdekken we hoe dit kan bijdragen aan een eerlijkere verdeling van welvaart en welzijn. We weten vanuit bewezen voorbeelden in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk dat zo’n verschuiving in zeggenschap kan bijdragen aan bestaanszekerheid voor iedereen, voornamelijk door meer (buurt)werkgelegenheid en voldoende inkomen, waardoor mensen beter in hun basisbehoeften kunnen voorzien en de kansen die ontstaan beter kunnen creëren en grijpen, ofwel ‘empowered’ worden. De rol van de overheid is onder andere om hier een (sociaal-)economisch kader voor te ontwikkelen. Community wealth building (CWB) is een actiegerichte werkwijze en plaatsgebonden aanpak om te komen tot een meer eerlijke duurzame, lokale economie waarbij we ons uiteraard realiseren dat de lokale economie van Nieuw-West onderdeel uitmaakt van de Amsterdamse economie, en vice versa.

CWB vraagt om een nieuw, ambitieus en robuust fundament dat we in het Nationaal Programma Samen Nieuw-West willen toetsen in de Nederlandse en Amsterdamse situatie. Het fundament heeft de volgende kenmerken: 1. Community wealth building draait om alternatieve verdeling van welvaart vooraf en voorkomt dus dat achteraf ongelijkheid gerepareerd moet worden. Het gaat om samenwerking, en niet om competitie, vanuit kansen en behoeften van direct omwonenden. 2. Het heeft nadrukkelijk tot doel om opbrengsten die in een gebied worden gegenereerd terug te laten vloeien naar bewoners in dat gebied. De focus ligt op de wisselwerking tussen deze twee te beïnvloeden factoren. We zoeken naar alternatieve, circulaire manieren van welvaartcreatie, bijvoorbeeld ook door inclusieve bedrijfsmodellen, zoals coöperatieven en door werknemers bestuurde organisaties. 3. Ankerorganisaties spelen in community wealth building een belangrijke rol. Dit zijn organisaties met een significante aanwezigheid in een gebied die daarmee ook een belang hebben in de lokale gemeenschap. Denk in Nieuw-West aan het OLVG, diverse scholen, politiebureaus, maar ook aan kleinere zorginstellingen, woningbouwcorporaties, sport- en cultuurvoorzieningen en private bedrijven in Westpoort. Zij kopen tal van taken in, die mogelijk ook door op te richten coöperatieven uitgevoerd kunnen worden. 4.

Een expliciete CWBuilding-strategie brengt acties van alle betrokkenen samen. En dat is precies wat we op dit moment doen en verder willen uitbreiden. Vanuit Nieuw-West, maar in nadrukkelijke samenwerking met Zuidoost, Noord en andere gebieden in onze stad, in het land en waar nodig daarbuiten.

Opdracht – visie op lange termijn De waarden uiteengezet in het convenant leiden tot een ontwikkelopdracht om te komen tot meer duurzame lokale welvaart. Meer duurzame lokale welvaart We streven ernaar dat in een gebied gegenereerd geld ten goede komt aan bewoners in dat gebied. Door de rijkdom gebiedsgericht te laten circuleren denken we meer banen en meer nieuwe kansen op banen te kunnen creëren. We denken ook dat deze aanpak sociale samenhang en gemeenschapsvorming in algemene zin weet te bevorderen waardoor het prettiger wonen, werken

42 en verblijven is in Nieuw-West. We doen dat door een flinke impuls te geven aan lokale bedrijvigheid en werkgelegenheid via lokaal eigenaarschap en de gecoördineerde inzet van lokaal verankerde (semi)institutionele partijen. We willen in twintig jaar komen tot: 1. realiseren van meerdere inclusieve, lokale ondernemingen; 2. anders inzetten van beschikbare ‘assets’; 3. nieuwe vormen van financiering die bijdragen aan circulatie van meer lokaal gecreëerd geld; 4. een leefbaar loon en bestaanszekerheid voor meer bewoners. We willen leren van steden en gebieden die jaren geleden op verschillende plekken in de wereld al begonnen zijn met een vergelijkbare strategie. Dit zijn steden en gebieden met vergelijkbare kenmerken als Nieuw-West. Er is sprake van meer dan gemiddeld grote armoede en van ervaren ongelijkheid. Een interessante dimensie daarbij is dat de lokale economie niet werkt voor een groot deel van de bewoners; ze maken er geen deel van uit en hebben er geen profijt van. Door verschillen in wetgeving, samenstelling van buurten in steden en gebieden te erkennen denken we vanuit overeenkomsten tot nieuwe inzichten en andere acties te kunnen komen. Die lijken ons nodig, want als we doen wat we deden, krijgen we wat we nu hebben.

Enkele voorbeelden: ver weg en dichtbij Geïnspireerd op met name de coöperatieve regio’s Mondragon en Emilia Romagna is community wealth building ontwikkeld in de VS en later overgewaaid naar het Verenigd Koninkrijk. Het werd vooral toegepast in stedelijke gebieden met veel armoede en ongelijkheid. Hieronder enkele voorbeelden ter inspiratie. De context is steeds verschillend, maar de basisprincipes kennen grote overeenkomsten. De geboortegrond van community wealth building is Cleveland, VS. Onder leiding van Ted Howard ontwikkelde The Democracy Collaborative voor Cleveland – een van de armste steden in de VS – een grootschalige werknemerscoöperatie, de Evergreen Cooperatives. Hierin zitten een industriële wasserij, een aannemersbedrijf in energiebesparing en verduurzaming, en de grootste stadsboerderij van Amerika. Ze werken duurzaam en leveren aan de grootste scholen en universiteiten van Cleveland en andere grote en kleine instellingen en bedrijven. Medewerkers verdienen boven het minimumloon, hebben een belang in hun bedrijf en inspraak. De coöperatieven voorzien in banen voor ex-gedetineerden en anderen die moeilijk aan het werk komen. Preston, in het Verenigd Koninkrijk, stond er in 2011 slecht voor. De gemeenschap was getroffen door de economische crisis en bezuinigingen. Eén op de drie kinderen leefde in armoede en Preston had het hoogste zelfmoordcijfer van Engeland.

De gemeente gooide het roer om en paste het Cleveland-model toe, toegespitst op de eigen omstandigheden: het Preston-model. Met gericht beleid voor ankerorganisaties, zoals universiteiten, hogescholen, woningcorporaties, hulpdiensten, zorginstellingen die veel meer lokaal inkopen. En waar lokaal geen goederen of diensten beschikbaar waren, zijn werknemerscoöperaties opgezet. In 2012 gaven 6 ankerorganisaties slechts 5 procent van de 750 miljoen pond lokaal uit. Vier jaar later was dat al 19 procent, en zijn er honderden nieuwe banen ontstaan. Het model is uitgebreid naar de omringende regio met onder meer een publieke lokale bank voor kredietverlening aan coöperaties en lokale bedrijven.

43

Het voorbeeld van Preston heeft tientallen Britse gemeenten geïnspireerd. In een aantal Londense ‘boroughs’ – dit zijn districten met honderdduizenden inwoners – zijn de CWB-principes toegepast op de andere omstandigheden: het stadsdeel Islington bijvoorbeeld herbergt net als het naastgelegen Hackney zowel de rijkste wijken van Groot-Brittannië als de meest arme, en is daarmee beter vergelijkbaar met Amsterdam. In Islington is onlangs een ambitieus samenwerkingsverband tussen lokale coöperaties en de gemeente opgezet, Cooperate Islington, onder leiding van wethouder Asima Shaikh. Zowel Shaikh als Hackney-burgemeester Philip Glanville waren in december 2019 op bezoek in het Amsterdamse stadhuis. In The Bronx, New York wordt sinds 2011 gebouwd aan het Cooperative Development Initiative (BCDI), geïnspireerd door Cleveland en Mondragon: een door de gemeenschap geleid initiatief om te bouwen aan een eerlijke, duurzame en democratische lokale economie die welvaart en eigenaarschap creëert voor mensen met een laag inkomen en een migratieachtergrond. Het stadsdeel Bronx huisvest topziekenhuizen en universiteiten die gezamenlijk voor meer dan 9 miljard dollar aan goederen en diensten inkopen per jaar. Het gaat hier om grote bedrijventerreinen en het grootste voedseldistributiecentrum ter wereld.

Daarnaast kent de wijk sterke, lokaal gewortelde organisaties die invloed kunnen uitoefenen op beleidsbepalers. Desondanks is The Bronx het armste stedelijke district van de VS. Er is een district-brede coalitie opgezet en een gezamenlijke strategie geformuleerd, gebaseerd op economische democratie. BCDI kent nu (1) een marktplaats om verbinding te leggen tussen ankerinstituties en lokale bedrijvigheid om lokaal inkopen te stimuleren, (2) een opleidingscentrum voor democratische economie, (3) een lab voor beleid en planvorming en (4) een innovatiefabriek waar wordt gewerkt aan waardevolle oplossingen voor de wijk. Een lokaal fonds en een burgerinitiatieven hub staan nog op de planning. Jackson, Mississippi, VS, is een van de armste steden van de VS en de hoofdstad van de armste staat, met een teruglopend inwoneraantal. Voortbouwend op decennialange strijd voor democratische rechten, economische rechtvaardigheid en zelfbeschikking voor met name zwarte gemeenschappen in het diepe zuiden van de VS en waardigheid voor alle werknemers, werd in 2014 Cooperation Jackson opgericht. Die bouwt aan een coöperatievennetwerk in Jackson, bestaande uit vier onderling verweven instituten: een federatie van lokale

44 werknemerscoöperatieven, een coöperatieven-incubator, een coöperatief onderwijs- en trainingscentrum en een coöperatieve bank. In Schotland, Verenigd Koninkrijk, onderkent de nationale regering de potentie van community wealth building voor inclusieve ontwikkeling en worden allereerst in zes regio’s specifieke strategieën ontwikkeld. Ook wordt wetgeving voorbereid die moet helpen om CWB mogelijk te maken. Er is een speciale minister voor Public Finance, Planning en Community Wealth aangesteld. We hebben direct contact met de opsteller van de CWB-strategie voor Schotland (Neil McInroy), waardoor we kunnen leren van de ervaringen daar. In Sommerville, Massachusetts, een voorstad van Boston in de VS, wordt een CWB-strategie uitgewerkt. Daarin zitten onder meer plannen voor een Community Wealth Hub: een fysieke plek of loket voor lokale coöperatieve bedrijven om kennis uit te wisselen, te leren en in contact te komen met de gemeente en andere ankerinstituties. Ook zijn er plannen voor een ankernetwerk en ‘ontzorgbedrijf’: een coöperatie die de inkoopvraag van ankerorganisaties verbindt aan lokale ondernemingen en administratieve en organisatorische lasten uit handen neemt. In Nederland zijn er tientallen initiatieven en modellen die uitstekend passen in community wealth building.

Denk aan de Asset Based Community Development die onder andere door het Landelijk Samenwerkinsgverband Actieve Bewoners wordt ondersteund. Maar denk ook aan de Social Trade Organisation met onder andere Henk van Arkel, die al tientallen jaren pioniert met ‘circulair geld’. Of aan Community Land Trust initiatieven, zoals in de H-buurt en de woon(-werk)coöperaties. De toegevoegde waarde van community wealth building zit vooral in het opschalen en verbinden van al die losse initiatieven tot een op lange termijn echt transformatieve strategie die werkt aan de economie die we nodig hebben voor de toekomst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13720014/1