230209 commissie FKD conceptverslag
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit
FKD
Raadscommissieverslag, 9 februari 2023
CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 9 februari 2023 van 9.00 – 12.00 uur in Willem Kraanzaal, stadhuis Donderdag 9 maart 2023 Voorzitter: R.P. Hofland Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, T. Meliani, S. Rijxman Commissiegriffier: M. Diemont Verslaglegging: G-J. Timmermans (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: M. Belkasmi (PvdA), Y.E. Bentoumya (GL), J. BloembergIssa (PvdD), E. Bobeldijk (SP), A.D.J. Bons (BIJ1), D.T. Boomsma (CDA), H.C. Burgers (VVD), Z.D. Ernsting (GL), I. Garmy (Volt), S.N. Hijlkema (VVD), M. Lust (D66), E. Mangal (DENK), A. Nanninga (JA21), S.C. Nijssen (VVD), J.A.H Olivieira (Lijst Kabamba), M.M. Perdok (BIJ1), E. Schmit (D66) Afwezig: FvD Overige aanwezigen:
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.10 uur. Hij stelt vast dat er een quorum is. Er zijn afmeldingen van de fractie FvD en van de leden Asruf, Namane en IJmker. b. Mededelingen Wethouder VAN BUREN deelt mee in antwoord op vragen van lid Ernsting in de vorige vergadering over klachten betreffende de Oostbaan dat er in de betreffende periode bij de gemeente 12 klachten zijn binnengekomen over de Oostbaan en bij het bewonersaanspreekpunt Schiphol 1857 – ofwel 14% van het totaalaantal (13.154) klachten. Er kwamen vooral veel klachten uit Noord en Centrum, waar in andere periodes weinig klachten over Schiphol vandaan komen. In antwoord op vragen van lid Krom over de uitfasering van fossiele brandstoffen in de haven dat dit een actiepunt is in het strategisch plan van het Havenbedrijf. Het huidige loopt in 2024 af en er is een nieuw in voorbereiding voor 2025 – 2029. Zij zal erop toezien dat de doelstellingen aansluiten bij de afspraken van het Internationaal Energie Agentschap. Zij beschouwt daarmee deze toezegging als afgedaan. Tot slot brengt zij conform de toezegging de uitspraak van de rechtbank in het geding dat twee brandstofbedrijven tegen de Nederlandse staat – de ILT – hadden aangespannen vanwege het verbod om benzine met schadelijke stoffen naar Afrika te transporteren.
De rechtbank in Den Haag heeft de ILT op 27 januari in het gelijk gesteld en de klacht ongegrond verklaard. Nadere toelichting op deze zaak volgt in een raadsbrief. De gemeente is blij met deze uitspraak omdat Europese milieuregels nu ook van toepassing verklaard zijn voor export naar landen buiten Europa.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
c. Vaststellen agenda De VOORZITTER stelt vast dat de commissie akkoord gaat met de afhandeling van punt 4 als hamerstuk in de raad en nog steeds met de gevoegde behandeling van de punten 5 en 6. Aldus wordt de agenda vastgesteld. d. Conceptverslagen van de raadscommissie FKD d.d. 19 januari 2023 en van de expertmeeting Institutioneel Racisme d.d. 17 januari 2023, en een gewijzigd definitief verslag van het openbare deel van de raadscommissie FKD d.d. 15 december 2022 van het openbare en besloten deel van de raadscommissie FKD d.d. 15 december 2022 en het conceptverslag van de expertmeeting Digitale Stad d.d. 6 december 2022 De vier verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille Lid GARMY vraagt wanneer de wethouder terugkomt op de vele uitstaande vragen op ICT-gebied waarvan de termijn overschreden is. Wethouder RIJXMAN zegt geen overzicht paraat te hebben, maar belooft alle openstaande vragen zo spoedig mogelijk te gaan beantwoorden. Voor de volgende commissie komt zij met een veegbrief waarin ze alles zal meenemen. f. TKN-lijst Op verzoek van lid Bobeldijk wordt TKN4 over geheimhouding van aandeelhoudersbesluiten traineeship geagendeerd. Op verzoek van lid Aslami wordt TKN6 over de Chinese camera’s geagendeerd. Op verzoek van de leden Bouhassani, Bentoumya en Mangal wordt TKN9 over het slavernijmuseum geagendeerd.
Op verzoek van lid Bentoumya wordt TKN10 over de subsidieregeling herdenkingsjaar slavernijverleden geagendeerd. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.19 uur. Vanaf dat moment zijn de spreektijden van kracht.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
b. Inspreekmoment Publiek Er hebben zich geen insprekers gemeld. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. d. Rondvraag Lid BOBELDIJK vraagt hoe het staat met het initiatief om overal in de publieke ruimte gratis wifi ter beschikking te stellen. Hij weet dat de stadsdelen indertijd niet enthousiast waren uit vrees voor het ontstaan van hangplekken. Wethouder RIJXMAN zegt dat er gekozen is voor wifi in openbare gebouwen als de OBA en gemeentelijke publieksfuncties. Dat gaat om honderd locaties. Verder is er publicroam waarbij 4900 locaties wifi ter beschikking stellen. Desgevraagd zegt zij geen bezwaar te hebben tegen publicatie van die gelegenheden, al denkt ze dat daar al voldoende informatie over te vinden is via websites. Lid BENTOUMYA vraagt of de gemeente ook ondersteuning biedt aan mensen die voor bescheiden bedragen een beroep willen doen op de subsidieregeling voor het herdenkingsjaar van het slavernijverleden. Zij kan zich voorstellen dat daar behoefte aan is en is benieuwd in welke vorm die ondersteuning dan geboden wordt. Verder vraagt zij de wethouder voor de bespreking van 9 maart informatie aan te leveren over aantal en aard van de aanvragen. Wethouder MELIANI meldt dat er 50 aanvragen voor grote projecten (tot 25.000 euro) zijn binnengekomen en 25 voor kleinere.
Voor de grote projectaanvragers is er al een informatieavond geweest omdat die aanvragen ingewikkeld zijn en moeten voldoen aan veel criteria. De kleinere aanvragen zijn eenvoudiger, maar zij is van plan bij alle stadsdelen de behoefte aan ondersteuning voor buurtinitiatieven op te halen. De aanvraagtermijn voor de grote is inmiddels verstreken, voor de kleine kan men tot 3 november aanvragen, dus er is nog alle tijd voor het organiseren van ondersteuning indien dat nodig is. Lid HIJLKEMA vraagt een verklaring voor het grote verschil tussen het bedrag van 260.000 euro dat elke maand vertraging van de verbouwing van het Amsterdam Museum zou kosten en het veel lagere bedrag van 35.000 euro dat eerder in de stukken hier werd genoemd. Verder is hij benieuwd of de 15 miljoen particuliere fondswerving al is ingevuld. Wethouder MELIANI zegt dat het stilleggen van de bouw door de rechter inderdaad tot hoge meerkosten leidt. Vanwege die hoge kosten wil de rechtbank ook al in april met een uitspraak komen, dus eerder dan aanvankelijk de bedoeling was. De kosten voor de gemeente bedragen 120.000 euro, een bedrag dat als stelpost al was gereserveerd. Voor het museum bedragen de kosten 140.000 per maand die het uit eigen middelen moet opbrengen. Voor de particuliere fondswerving is al een presentatie geweest en er zijn al enkele miljoenen binnen. Er moet dus nog meer binnenkomen.
Daar komt de raad op een later moment nog over te spreken. Lid LUST vraagt of en wanneer in Nieuw-West een vrouwenwetwinkel komt, zoals er na Bos en Lommer sinds vorige week ook al zijn in Zuidoost en Noord. In Nieuw-West zou die zeer welkom zijn, want nu komen de juridische vragen van vrouwen bij veel verschillende hulporganisaties in dat stadsdeel terecht. Een directeur heeft haar verteld dat er alleen al bij haar organisatie vorig jaar 85 vragen waren binnengekomen. Het gaat om vrouwen in afhankelijke
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
posities en vaak ook slachtoffers van huiselijk geweld. Een vrouwenwetwinkel in dat stadsdeel zou dus voorzien in een grote behoefte. Wethouder MELIANI bevestigt dat de winkels in een grote behoefte voorzien. Vrouwen in afhankelijke posities hebben een plek in de buurt nodig waar zij op een veilige manier terecht kunnen met hun vragen. Na de eerste winkel in Bos en Lommer is gepeild waar de behoefte het grootst is. Daar kwamen de stadsdelen Noord en Zuidoost uit, waar dus vorige week winkels geopend zijn. Ook in Oost gaat er waarschijnlijk een komen. Bij de peiling was de bevinding dat de winkel in Bos en Lommer voldoende dicht bij Nieuw-West zou liggen. Maar zij zegt toe nog eens te laten onderzoeken of dat grote stadsdeel, een samenvoeging van drie voormalige stadsdelen, niet toch ook een eigen vrouwenwetwinkel nodig heeft. BESPREEKPUNTEN Lokale media (inclusief Buurtmedia) 3. Positief adviseren over de hertoetsing van de representativiteit van de Mediaraad van Publieke Omroep Amsterdam (VN2023-000976) Lid BELKASMI noemt representativiteit van lokale media cruciaal. De praktijk, zo vernam hij laatst bij een townhallsessie van de Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie en NPO voor lokale media, wijst uit dat sollicitanten voor een functie bij de omroepen zelf weinig diversiteit vertonen.
Hij vraagt de wethouder in haar gesprekken met de omroepen tools onder de aandacht te brengen die kunnen leiden tot meer diversiteit bij sollicitanten en uiteindelijk binnen de organisatie. Wethouder RIJXMAN zegt dat zij in haar vorige functie het initiatief heeft genomen voor de genoemde townhallsessies. Het college is het er volledig mee eens dat meer diversiteit wenselijk is binnen de lokale media. In de gemeentelijke organisatie worden veel wegen bewandeld om dat intern voor elkaar te krijgen. In haar gesprekken met de omroepen brengt zij dit punt ook onder de aandacht en de media zeggen daar zelf ook hard aan te werken. Dat vraagt een aanpak langs diverse lijnen en kanalen en daar heeft zij het over. Zodra er meer bekend is over het resultaat van die inspanningen, zal zij de raad daarover informeren. De VOORZITTER stelt vast dat de voordracht als hamerstuk naar de raad kan worden doorgeleid. Financiën 4. Vaststellen financiële verordening 2023 (VN2023-002592) Dit stuk is bij de vaststelling van de agenda tot hamerstuk voor de raad bestempeld. 5. Kennisnemen van de opzet en planning van de bestuursopdracht Inzicht in beleid, geld en keuzes (VN2023-002735) dit punt is gevoegd behandeld met 6.
Kennisnemen van de voortgang bestuursopdracht inzicht in beleid, geld en keuzes (VN2023-003818) Lid GARMY noemt het een helder en inzichtelijk rapport en bedankt de Rekenkamer voor de raadsbrief. Hij is benieuwd of de wethouder tevreden is, wat haar het meest opvalt en of ze achter de gemaakte keuzes rond verschillende uitgaven staat. Het baart hem zorgen dat een
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
grote gemeente als Amsterdam zaken niet goed op orde heeft en niet zelf in staat is tot de inzichten uit het rapport te komen. Hij vraagt hoe nu geborgd wordt dat de gemeente deze inzichten kan vasthouden en ook op eigen kracht tot zulke inzichten kan komen. Hij vraagt wat de wethouder precies bedoelt met de zin in haar brief dat het college ervoor wil waken dat de bestuursopdracht niet verzandt in een eindeloze zoektocht naar meer informatie. Hij wil juist informatie om te kunnen beoordelen of een uitgave terecht gedaan is of niet. Hij vraagt om uitvoering van de aanbeveling van de Rekenkamer om een agenda met een tijdlijn op te stellen zodat de raad precies kan volgen wat wanneer wordt uitgevoerd aan onderzoek in het kader van de bestuursopdracht. Amsterdam geeft momenteel veel uit aan openbare ruimte en overhead (ICT). Dat ligt voor een groot deel aan achterstallig onderhoud in vorige periodes toen men het geld voor onderhoud van bruggen en kades liever in andere beleidsvelden investeerde. Hij vraagt hoe voorkomen wordt dat er weer zulke keuzes ten koste van noodzakelijk onderhoud gemaakt worden. Hij ondersteunt de aanbeveling om te gaan werken met objectieve benchmarks en stelt voor dan niet allen te vergelijken met andere Nederlandse gemeenten, maar ook met vergelijkbare steden in het buitenland.
Het rapport meldt dat evaluaties maar in de helft van de gevallen plaatsvinden. Hij vraagt wat de wethouder daarvan vindt. Al met al is hij tevreden over het onderzoek tot zover en kijkt hij uit naar het vervolg. Lid ERNSTING vraagt wat VOLT zelf vindt van de inzichten in het rapport. Lid GARMY zegt erg benieuwd te zijn naar het aangekondigde onderzoek naar de effecten van uitgaven. De punten die hem nu al opvallen heeft hij net benoemd, maar hij is erg benieuwd wat die evaluaties gaan opleveren. Lid BOBELDIJK prijst de helderheid van het rapport dat voor hem volkomen begrijpelijk was zonder technische sessie. Er staan nu inzichten in die een indicatie geven, maar vooral aangeven welk nader onderzoek nodig is om tot echte besluiten te kunnen komen. Het onderzoek moet uitwijzen of de prioriteiten van dit college zich inderdaad vertalen in meer middelen voor die prioriteiten. Voor zorg lijkt dat niet het geval te zijn. Dat vraagt om vervolgonderzoek. De uitgaven voor openbare ruimte en ICT zijn nu al zichtbaar hoger dan men zou verwachten, maar ook daar is nader onderzoek nodig. Dit rapport lijkt hem een goede basis voor de vervolgonderzoeken. Lid BLOEMBERG-ISSA bedankt voor het stuk en de technische sessie. Het is eigenlijk treurig dat voorheen niet inzichtelijk was waaraan en met welk doel de gemeente middelen besteedde.
De Rekenkamer heeft al veel eerder gewaarschuwd dat de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid niet op orde zijn. Ook de Duisenberg-rapportages wezen in die richting. Zij vindt het goed dat dit nu in kaart gebracht wordt en dat er straks een overzicht is waarmee men kan vergelijken. Zij kijkt ook uit naar de uitwerking van de verschillende schuldscenario’s. Maar intussen lopen bepaalde grote investeringen wel door omdat daar nu eenmaal een politieke meerderheid voor is op dit moment. In de begroting werden ze als specials gemarkeerd die niet in de integrale afwegingen werden meegenomen. Zij noemt als voorbeeld de OBA Next of De Meervaart. Bij integrale afwegingen zouden die wellicht minder voor de hand liggen. Het lijkt er nu op of men maar doordendert omdat het nu eenmaal zo is afgesproken en omdat er al stappen zijn gezet. Het complete overzicht komt pas in 2024 en zij maakt zich zorgen om wat er in de tussentijd gebeurt met deze prestigeprojecten. Zij is benieuwd of de wethouder hier een toelichting op wil geven. Lid BURGERS vindt het belangrijk dat belastinggeld goed wordt besteed en is daarom blij met het rapport van Cebeon. Hij is erg geschrokken van het gegeven dat Amsterdam daar kennelijk de afgelopen jaren te weinig zicht op had.
De wethouder geeft aan dat er te weinig inzicht is in de begroting en financiële administratie en dat vindt de VVD een schokkende constatering. Het onderzoek nu komt hem voor als een herhaling van zetten van het onderzoek
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
van het portfolio aan projecten bij de begroting die in het najaar is vastgesteld voor 2023. De gemeente blijkt weinig zicht te hebben op de uitgaven en de effectiviteit daarvan, vooral binnen de eigen organisatie. Sinds 2017 zijn de kosten voor ICT met 60% gestegen. De gemeente geeft 164 miljoen euro meer uit aan de ambtelijke organisatie dan de Rijksoverheid nodig acht. De gemeente heeft ook veel meer ambtenaren in dienst dan de andere drie grote gemeenten. Waar Amsterdam 18,1 ambtenaar per 1000 inwoners heeft, is dat in de andere drie 15,1. Daarom hebben de VVD en het CDA in het najaar voorgesteld taken effectiever en efficiënter uit te voeren en zo te bezuinigen op het ambtelijk apparaat. Lid ERNSTING merkt op dat de VVD het nu al meteen heeft over inefficiëntie, maar dat die conclusie nog niet getrokken kan worden zonder vervolgonderzoek. Het kan heel goed zijn dat het voorzieningenniveau en het aantal taken in Amsterdam veel hoger ligt. Lid BURGERS zegt dat er inderdaad meer uitgegeven wordt aan publieke functies, maar dat de VVD de indruk heeft dat dit niet op een efficiënte manier gebeurt. Het bijzonder hoge aantal ambtenaren lijkt hem daarvoor een goede indicatie. Hij betreurt het dat de wethouder zegt nog geen uitspraak te kunnen doen of dat hoge aantal wel echt nodig is.
Hij hoopt dat het vervolgonderzoek daar uitsluitsel over kan geven en hij vraagt of de wethouder dan bereid is dat aantal te verminderen in lijn met de aangenomen motie. De meerjarenbegroting komt meermalen voorbij in het rapport en de stijging van de uitkering uit het Gemeentefonds van 93,4 miljoen in 2022 naar 406 miljoen in 2025 is fiks. Des te meer reden voor de VVD om aan te dringen op zorgvuldige besteding van die middelen om tekorten te voorkomen. In 2026 zal de systematiek van dat fonds veranderen. Hij is benieuwd hoe de wethouder dat ziet. In de meerjarenbegroting staat voor ruim 400 miljoen aan stelposten. Posten dus waarvan de exacte omvang nog niet bekend is. Ze hebben betrekking op personeelskosten en toekomstige kapitaallasten. Hij vraagt de wethouder een duidelijk overzicht van die 400 miljoen aan stelposten te leveren. De VVD vindt het een goede zet dat de wethouder bij de Voorjaarsnota met een stuk over de schuldontwikkeling van de gemeente komt. Die schuld is immers zeer groot. Het valt op dat dit rapport alleen kijkt naar de reguliere taken van de gemeente en dus de helft van alle gemeentelijke activiteiten buiten beschouwing laat. Grofweg beslaan de reguliere taken 3,6 miljard euro. De overige 2,7 miljard zijn dus niet onderzocht, zoals de toevoegingen aan de reserves en grondexploitaties.
Maar aan de grondexploitaties liggen ook politieke keuzes ten grondslag over bouwvolumes en de 40/40/20-verhouding in bouwplannen. De VVD vindt dat dus ook naar deze zaken gekeken moet worden. De VVD is benieuwd of de wethouder het met de VVD eens is dat het daar gaat om politieke keuzes en of zij dan bereid is die in de opdracht voor het vervolgonderzoek mee te nemen. Lid BLOEMBERG-ISSA vraagt welke verhouding de VVD dan voorstaat bij nieuwbouwplannen. Lid BURGERS zegt dat het in ieder geval niet de huidige 40/40/20-norm is en verwijst verder naar het verkiezingsprogramma. Lid ERNSTING beluistert hierin een pleidooi van de VVD voor hogere grondprijzen, terwijl die partij bij de erfpacht juist wil komen tot lagere grondprijzen. Hij vindt dat moeilijk te rijmen. Lid BURGERS zegt die vraag niet te begrijpen. De wethouder zegt over 3,6 miljard van de begroting al geen goed inzicht te hebben en vindt dat dan die andere 2,7 miljard niet buiten beschouwing mag blijven. Lid SCHMIT vindt het knap dat de VVD op basis van dit rapport al denkt te kunnen concluderen dat er inefficiënt gewerkt wordt. Daar moet het vervolg juist iets over uitwijzen. Hij vraagt welke drie bezuinigingen de VVD nu dan op basis van dit rapport zou willen doorvoeren.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Lid BURGERS zegt dat hij geconstateerd heeft dat Amsterdam bijzonder veel ambtenaren heeft en dat er in het najaar een motie door de raad is aangenomen die opdraagt te kijken naar efficiency en bezuinigingen op het ambtelijk apparaat. Lid SCHMIT zegt dat de VVD dan toch wel kan aangeven op welke activiteiten te bezuinigen valt. Hij vraagt hem zich desnoods te beperken tot één voorbeeld. Lid BURGERS zegt nu allen te reageren op de opmerking in het rapport dat Amsterdam een erg groot ambtelijk apparaat heeft. Hij denkt bijvoorbeeld dat er minder beleids- en communicatie-ambtenaren nodig zijn. Lid MANGAL bedankt voor het rapport en de technische sessie die hem hebben duidelijk gemaakt dat de raad hier niet zoveel mee kan. De Rekenkamer heeft kritische kanttekeningen en geeft aan dat het niet duidelijk is welk geld onder welk beleidsveld wordt ingezet en met welk doel. De vraag is dan hoe een raadslid beleidscategorieën kan duiden en interpreteren. Hij vraagt of de wethouder daar antwoord op kan geven. Het onderzoek is er volgens hem op gericht te komen tot meetbare beleidscategorieën. Maar hij vraagt waartegen die dan moeten worden afgezet. Hij kan zich moeilijk voorstellen dat men vergelijkingen gaat maken met kleine gemeenten. Dat zal dus hooguit gebeuren in G4- of G5-verband.
Dat kan nuttig zijn voor inzicht bij gemeente en raad, maar als het gaat om de begroting zal geen enkel raadslid vergelijkingen gaan opzoeken met kleinere Nederlandse gemeenten als Urk, Vaals of Eemnes. Met deze opzet wil men de raad het idee geven dat die inzicht krijgt in de fundamenten van de gemeentefinanciering en welke keuzes mogelijk zijn om tekorten in de toekomst op te vangen. Maar in de begroting wordt niet eens duidelijk voor welke doelen middelen uit het Gemeentefonds bestemd zijn. Dan wordt het moeilijk te beoordelen of het college het geld voor iets anders bestemt. Dat wordt afwijking van het referentieniveau genoemd, maar die worden in de begroting nergens zo genoemd. Als dat wel het geval was, zou de raad kunnen beoordelen of die afwijking kan zonder de bedoelde taken te verzaken. Het zou het voor de raad ook makkelijker maken een budget te vinden voor voorstellen en het zou duidelijk zijn op welke punten politieke keuzes gemaakt zijn. Hij vraagt de wethouder deze inzichten in toekomstige begrotingen op te nemen. De beleidsruimte van de gemeente komt vooral uit het extra budget dat verkregen wordt uit de gemeentelijke heffingen, met als top-drie de parkeerbelasting, de toeristenbelasting en de erfpacht op drie. Het is dus vooral de automobilist die de beleidsruimte voor de gemeente schept.
In de toekomst zal het Gemeentefonds sterk afnemen en daar tekenen zich problemen af voor alle gemeenten, ook voor Amsterdam. Dit rapport moet de weg vrijmaken voor bezuinigingen en de raad daarin meenemen. De beleidsvrijheid neemt af als dat extra geld gebruikt moet worden om de afname van het Gemeentefonds goed te maken. Men zal het dus moeten zoeken in het efficiënter uitvoeren van de wettelijke taken. Verschuivingen in portefeuilles kan dan alleen binnen de gestelde beleidscategorieën om de vergelijkbaarheid overeind te houden. Anders moet men over drie jaar weer een dergelijk onderzoek laten uitvoeren. Hij vraagt de wethouder daarvan een vergezicht te schetsen. Lid SCHMIT beluistert een andere definitie van beleidsvrije ruimte dan in de technische sessie werd gehanteerd. Hij vraagt welke definitie lid Mangal op het oog heeft. Lid MANGAL zegt in de sessie begrepen te hebben dat de financiering van de beleidsvrije ruimte vooral uit de gemeentelijke heffingen komt. Hij noemt als voorbeeld het feit dat de gemeente de sportvoorzieningen op peil wil houden, maar tegelijkertijd niets doet om sport betaalbaar te houden voor lagere inkomens. Hij ziet niet in wat die twee met elkaar te maken hebben. Volgens hem moet de gemeente ervoor kunnen kiezen dat allebei te doen.
Hij vraagt tot slot de wethouder mondeling of schriftelijk antwoord te geven op de vragen die de Rekenkamer voorstelt aan het college voor te leggen.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Lid SCHMIT bedankt voor het rapport en de verhelderende technische sessie die hem bij elkaar een goed beeld gegeven hebben van de uitgaven van de gemeente. Hij vraagt in hoeverre het rapport rekening houdt met het feit dat Amsterdam jaarlijks 18 miljoen bezoekers trekt. In de referentiepunten wordt de centrumfunctie genoemd waarvoor de gemeente extra geld zou krijgen, maar hij kan uit het rapport niet opmaken of de overlast, de drukte en de veiligheidsmaatregelen daarin vertaald zijn. Hij vraagt de wethouder schriftelijk toe te lichten hoe dat alles vertaald wordt in het referentiekader van deze bestuursopdracht. De volgende stap lijkt hem nu te gaan kijken naar de effectiviteit en de efficiency van alle uitgaven. Hij zou graag de relatie gelegd willen zien tussen de kosten en de resultaten in de doelenboom. Nu zijn er bij wijze van evaluatie interviews gehouden met ambtenaren, maar dat lijkt hem niet voldoende. Het team stelt voor te komen tot benchmarks met andere gemeenten als het gaat om efficiency en dat lijkt hem terecht. Maar dat kan volgens hem niet voor alle beleidsterreinen en daarom wil hij de wethouder enkele beleidsvelden aanreiken die volgens D66 dan prioriteit verdienen. Dat is dan bijvoorbeeld het beleidsterrein duurzaamheid waar Amsterdam een onderbesteding van 17 miljoen te zien geeft.
Dat heeft te maken met krapte op de arbeidsmarkt, maar hij is benieuwd of dat dan ook zo is in andere gemeenten. Ook onderwijs verdient volgens hem prioriteit met al zijn onder- en overbestedingen. Hetzelfde geldt voor veiligheid en het sociaal domein waar Amsterdam 18 miljoen meer aan uitgeeft dan de benchmark. Tot slot vraagt hij te kijken naar bestuur en organisatie. Het lijkt hem een goed idee de benchmarks niet te beperken tot gemeenten, maar daar ook semioverheidsinstellingen en niet-overheidsinstanties in mee te nemen. Daar valt wellicht van te leren hoe men een overheid efficiënter kan organiseren. Tot slot vraagt hij de wethouder een tijdlijn te leveren van de investeringen omdat die op termijn kapitaallasten met zich mee gaan brengen die te zien zullen zijn in de bestuursopdracht. Lid ERNSTING zal ook enkele vragen stellen namens lid Asruf van de PvdA. Het rapport geeft hem een goed inzicht in kruispunten en matrix als het gaat om beleidsvrijheid en de afwijkingen van de normbedragen van het Gemeentefonds. Dat geeft een indicatie, maar is nog niet voldoende. In de technische sessie kwam naar voren dat afwijkingen te maken kunnen hebben met efficiency of met het voorzieningenniveau. Er is dus meer inzicht nodig in die factoren om te weten of het gaat om efficiencyverbetering of andere politieke keuzes.
Die zaken komen al langer bij de begroting en jaarrekening aan de orde. Het gaat om doelmatigheid en doeltreffendheid en de vraag of maatschappelijke doelen bereikt worden en tegen welke kosten. Hij ziet het rapport als een extra stap om meer inzicht te krijgen. Hij vindt het terecht dat het college vooral wil kijken naar de openbare ruimte, de zorg, de organisatie en de overhead waar de overschrijdingen hoog zijn. Volgens het bureau zijn de hoge uitgaven voor openbare ruimte ook een gevolg van het feit dat daar veel geld voor was vanwege de beschotting om het Parkeerfonds heen. Hij denkt dat het een goede zaak is dat die beschotting nu is weggenomen zodat het geld bij een integrale afweging ook voor andere doeleinden kan worden ingezet. Hij werpt de vraag op welke rol de Rekeningencommissie in dit geheel wordt toebedeeld omdat het risico bestaat dat men voortaan alles alleen met de financiële bril op gaat beoordelen. Hij ziet ook een rol voor de vakwethouders en de lijn bij het onderzoek naar doelmatigheid binnen het vakgebied. Hij vraagt welke rolverdeling tussen de financiële en de vakinhoudelijke kant de wethouder voor ogen staat. De Rekeningencommissie spreekt juist de vakwethouders op die punten aan en geeft daar ook adviezen over.
Hij verwijst naar zijn motie bij de begroting met de vraag of de gemeente wel alle beschikbare fondsen benut buiten het Gemeentefonds en of de gemeente wel de discussie aangaat met het Rijk over de belastingvrijheid van gemeenten. Het valt hem op dat het Gemeentefonds met zijn systematiek wel erg bepalend is voor hoe centraal belasting wordt geïnd en verdeeld in het land. In het Regeerakkoord waar ook de VVD zich aan verbonden heeft, staat een zinnetje over een andere systematiek en dat raakt de discussie over het ravijn na 2026. Lid BURGERS vraagt hoe GroenLinks dan kijkt naar die systematiek, aangezien de bijdrage aan Amsterdam groeit van 90 miljoen in 2022 naar meer dan 400 miljoen in 2025. Dat zijn grote meevallers. Maar als dat stopt wil GroenLinks meteen weer de hand ophouden bij het Rijk.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Lid ERNSTING merkt op dat onderzoeken van de VNG en andere organisaties uitwijzen dat in Nederland de belastingheffing erg centraal is geregeld. Lokale overheden hebben de minste mogelijkheden van heel Europa. Er wordt al twintig jaar discussie gevoerd of dat niet anders kan om de belasting- en keuzevrijheid van lokale overheden groter te maken. Die discussie staat echter los van zijn motie over fondswerving. Er zijn Europese fondsen voor allerlei doeleinden en de vraag is of Amsterdam daar voldoende beroep op doet. Lid BURGERS zegt dat het algemeen bekend is dat GroenLinks gek is op belastinginning. Maar in de meerjarenbegroting staan stelposten van meer dan 400 miljoen bij elkaar, dus er is geld beschikbaar en de Rijksbijdragen zijn momenteel zeer groot. Volgens het rapport heeft de gemeente Amsterdam juist erg veel eigen inkomsten. Dan gaat het volgens hem niet aan als Rupsje Nooitgenoeg de hand op te houden voor nog meer geld. Lid ERNSTING vindt het jammer dat de VVD de discussie zo platslaat. Het gaat om de wijze waarop de belastinginning in Nederland mede door de VVD hoofdzakelijk centraal is georganiseerd. Daar stelt hij vragen bij omdat hij meer vrijheid voor gemeenten wil, iets wat de VVD toch zou moeten aanspreken. Het gaat niet om handje ophouden maar om inhoud te geven aan het democratische mandaat om keuzes te kunnen maken.
Daar ontbreekt het aan bij de trapop-trap-af-systematiek van het Gemeentefonds. Lid BOBELDIJK merkt op dat in het verleden bij het verlaten van die systematiek de bijdrage vanuit het Rijk naar de gemeente juist afnam. Hij wijst op het voorbeeld van de jeugdzorg waar de overheveling naar gemeenten resulteerde in een bezuiniging. Hij neemt niet aan dat GroenLinks daar voorstander van is. Lid ERNSTING bevestigt dat hij dat niet zou willen. De huidige systematiek brengt voor gemeenten juist grote risico’s met zich mee. Als het Rijk een meevaller heeft, delen de gemeenten daarin, maar als het Rijk tegenvallers heeft, krijgen gemeenten daarvoor de rekening gepresenteerd. Dat geeft veel onzekerheid. Het is volgens hem hard nodig daarover te spreken want voor 2026 is nog steeds geen oplossing. Lid BLOEMBERG-ISSA vraagt hoe GroenLinks aankijkt tegen de beleidsvrijheid in het programma voor de openbare ruimte. Lid ERNSTING vindt het goed dat het college juist daar onderzoek naar wil doen. Lid BLOEMBERG-ISSA vraagt of hij dan ook van mening is dat er niet bezuinigd mag worden op sport en groen door die beleidsvelden onder te brengen bij openbare ruimte. Lid ERNSTING merkt op dat zijn pleidooi om niet alles alleen met de financiële bril te bezien en juist in gesprek te gaan met de vakwethouder en de lijn daar mee te maken heeft.
Lid BURGERS merkt op dat uit het rapport blijkt dat de uitgaven in Amsterdam voor cultuur en sport vrij laag zijn, maar het niveau van de voorzieningen juist hoog. Dat laatste ligt deels aan de bijdragen van het Rijk, maar daarnaast ook van private investeerders. Hij vraagt hoe GroenLinks dit ziet en of dit niet de kracht van de vrije markt aantoont. Lid ERNSTING zegt dat dit wellicht opgaat voor het aandeel van private investeerders, maar dat ook dit een kwestie is die met de vakwethouder Cultuur besproken dient te worden. Er is veel Rijksfinanciering voor cultuur, maar daar wordt dan meestal wel cofinanciering van de gemeente bij gevraagd. Daarom geeft Amsterdam relatief weinig uit aan cultuur in de wijken. Er is verdieping nodig om de redengevende verklaringen te vinden op al die beleidsterreinen. Tot slot stalt hij drie vragen namens de PvdA. De PvdA kan zich vinden in het voornemen om bij de Voorjaarsnota van 2024 besluiten te nemen op basis van de bestuursopdracht, maar
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
vraagt hoe het dan gaat met investeringen die voor 2023 in het verschiet liggen. De vraag is of de keuzes gemaakt worden op basis van de informatie bij de begroting of op basis van nieuwe inzichten. De PvdA vraagt verder of ook gekeken gaat worden naar de integraliteit van de begroting en naar versnippering over losse onderdelen. Als voorbeeld noemt men de armoedebestrijding waarvan onderdelen in verschillende programma’s zijn ondergebracht zodat het zicht op het geheel, eventuele dubbelingen en op het maatschappelijk effect ontbreekt. De PvdA is blij met de betrokkenheid van de Rekenkamer bij het onderzoek naar doelmatigheid en vraagt hoe die in de bestuursopdracht geborgd gaat worden. Lid BOOMSMA vindt het gênant dat de gemeente een externe consultant moet inhuren om uit te zoeken waar het geld aan uitgegeven wordt. Om te beoordelen of uitgaven terecht gedaan zijn, heeft men naar zijn mening niet alleen cijfers nodig en benchmarks, maar vooral wijsheid en verstand van zaken. Benchmarks kunnen handig zijn als ze door de wethouders voorzien worden met een uitdrukkelijke inhoudelijke duiding. Hij vindt het belangrijk op middenniveau te sturen. Voor de raad is het belangrijk in de begroting te zien waar het geld aan uitgegeven wordt, hoe dat zich verhoudt tot andere jaren en hoeveel fte’s zich daarmee bezighouden. Dat geldt ook voor kleinere onderdelen van beleidsterreinen.
Hij wil bijvoorbeeld weten hoeveel geld er gaat naar het onderhoud van de openbare ruimte. Het is nu nog altijd puzzelwerk om daar een totaalbeeld van te krijgen. Als de overhead zo hoog is, dient men uit te zoeken waardoor dat veroorzaakt wordt, bijvoorbeeld door extra taken. Hij neemt aan dat dit een prioriteit wordt in het vervolgonderzoek zodat duidelijk wordt waarom Amsterdam zo veel extra fte’s heeft. Wethouder VAN BUREN is blij dat de commissie het stuk verhelderend vindt en dat de technische sessie zo goed bezocht is. Wat haar betreft trekken college en raad nu ook samen verder op in dit traject. Zij ziet het rapport als een soort luchtfoto die inzicht geeft op hoofdlijnen. Het is een opsomming van alle prioriteiten van de afgelopen jaren. Het komt nu aan op verdieping om antwoorden te vinden op alle opgeroepen vragen. Het rapport is ook nog geen basis voor conclusies. Meer of minder is iets heel anders dan het oordeel te veel of te weinig. Ergens meer aan besteden kan het gevolg zijn van een duidelijke keuze. Zij wil zelf ook heel graag weten waarom er bijvoorbeeld zo veel extra geld gaat naar beheer en overhead. Daar wil zij snel mee aan de slag, ook in het licht van de motie van VVD en CDA bij de begroting. Zij zegt toe dat met voorrang te laten uitzoeken. Ook de andere aangedragen aandachtspunten wil zij meenemen.
Het zal tijd kosten, maar zij prefereert zorgvuldigheid boven haast. Het gaat er uiteindelijk om de inhoudelijke sturing op de uitgaven te verbeteren. De prioriteiten van het college staan in het stuk en zijn belangrijk. Maar het stuk laat zien dat ook de prioriteiten van afgelopen jaren hun doorwerking hebben. Het traject gaat over drie sporen: begroting, investeren en schuld. En met dit rapport wordt de eerste stap in het eerste spoor afgerond. Zij zal kijken of er een mooi schematisch overzicht te maken valt van alle volgende stappen zodat de raad dat goed kan volgen. Het traject voor de schuldscenario’s is in gang gezet. Die komen naar de raad voor bespreking en gedachtenvorming. Lid BURGERS vraagt of de belofte nu meer inhoudelijk te gaan sturen op uitgaven niet een loze is aangezien de wethouder in haar brief zelf aangeeft niet over voldoende detailinformatie beschikt om dat te kunnen doen. Wethouder VAN BUREN zegt dat het vervolgonderzoek en de verdiepingsslag juist nodig zijn om dat wel te kunnen gaan doen. Dat is voor de komende zomer afgerond. Rond de Voorjaarsnota kan wel al iets aan de orde komen over investeringen en schulden. Daar zijn dan al wel meer inzichten in. Het is de bedoeling om alle programma’s een verdiepingsslag te geven op een zorgvuldige manier. Dat gaat dit jaar op hoofdlijnen.
Binnenkort wordt een keuze gemaakt voor de benchmarks en daar zal zij de gehoorde suggesties bij meenemen. Het gaat om het kiezen
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
van benchmarks die de belangrijke verschillen laten zien, want benchmarks zijn tijdrovend en duur. Bij de heroverweging van schuldscenario’s en investeringen gelden geen taboes. De schuldenscenario’s worden aan de raad voorgelegd. Lid BLOEMBERG-ISSA vraagt of ook voor de specials als De Meervaart en OBA Next geen taboes gelden. Wethouder VAN BUREN zegt dat alle grote investeringen tegen het licht worden gehouden, ook de genoemde specials. Er moeten echte keuzes gemaakt worden. Er zullen in de volgende fase ook relaties gelegd worden met de doelenboom. Bij de Voorjaarsnota zal een afwegingskader voor het investeringsprogramma 2023-2027 aan de raad worden voorgelegd. Lid GARMY merkt op dat in het rapport staat dat de doelenboom slechts bij de helft van de programma’s wordt toegepast en dat de doelenboom niet overal is ingevuld. Hij vraagt of er dus ook nog iets gedaan wordt aan de doelenboom zelf. Wethouder VAN BUREN zegt dat verbetering van de doelenboom in dit traject meegaat. Het college wil straten met drie onderdelen omdat het tijdrovend en duur is om alles meteen aan te pakken. Het college kiest dan voor de onderdelen waar nu al grote verbazingwekkende verschillen te zien zijn. Lid SCHMIT vraagt of de wethouder dan ook nog een lijst aan de raad voorlegt om uit te kiezen.
Het lijkt hem belangrijk dat de raad kan meebeslissen over die strategische keuze voor beleidsterreinen waar benchmarks worden ingezet. Wethouder VAN BUREN zegt dat ze dit wel kan doen. Dat moet dan wel snel gebeuren en niet tot uitstel van het proces leiden. Wellicht kan het ter informatie gebeuren. Daar moet ze even goed over nadenken. Zij wil er wel over nadenken of bij de benchmarks ook zinvolle vergelijkingen te maken zijn met andere soorten bedrijven en organisaties. Vergelijking met Europese steden valt ook te bezien, maar dat lijkt haar op het eerste gezicht wel ingewikkeld en tijdrovend. Daar kiest ze in eerste instantie niet voor. Lid BOBELDIJK vindt het niet zinvol eindeloos naar alle mogelijke vormen van informatie te zoeken. Het moet wel in een redelijke relatie blijven met het doel van de operatie. Wethouder VAN BUREN is het daar volledig mee eens. Het Gemeentefonds houdt in algemene zin rekening met de centrumfunctie van Amsterdam, maar ook met de extra inkomstenbelasting vanwege alle bezoekers. Zij zegt toe in een brief nader toe te lichten wat Cebeon op dat terrein allemaal aangetroffen heeft. De voornaamste keuzes rond de omgang met grond zijn al in het coalitieakkoord vastgelegd. Het klopt dat het rapport niet de hele begroting en alle impliciete politieke keuzes bevat, maar in de raadsbrief staat al dat alle keuzen in beeld zullen komen.
Zij kan een uitsplitsing van de stelposten sturen. Voor de vergelijking met het Gemeentefonds zijn die volgens haar minder relevant, maar die informatie wil zij wel toesturen. Volgens haar is het een misvatting nu te denken dat Amsterdam geen zicht had op uitgaven en bestemmingen. Dat was er altijd wel, er werd verantwoording over afgelegd in de jaarstukken die altijd zijn gecontroleerd door de accountant. In dit rapport gaat het vooral om de vergelijking met de referentiebedragen in het Gemeentefonds. Het gaat niet om goed of fout, maar om te kijken welke keuzes uit het verleden aan de uitgaven ten grondslag liggen. Lid GARMY vindt het goed dit te horen, maar vraagt hoe te borgen valt dat dit type inzichten structureel en duurzaam worden meegenomen bij de begroting zonder dat daar een externe consultant voor hoeft te worden ingehuurd.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Wethouder VAN BUREN zegt dat dit de bedoeling is van de hele operatie. Er is nu een externe consultant ingehuurd omdat vreemde ogen dwingen en met een open blik naar de gemeente kijken. Het is de bedoeling er een vierjaarlijkse cyclus van te maken, dus een per coalitieperiode, en die dan door de eigen organisatie als een soort audit te laten uitvoeren. De begrotingsindeling van de gemeente volgt niet de indeling van het Gemeentefonds en dat maakt het ingewikkeld om deze systematiek ook bij de begroting te volgen. Het zou ook weinig zinvol zijn omdat het niet de bedoeling is alles volgens de referentiebedragen te begroten. De gemeente is namelijk geen uitvoeringsorganisatie van de Rijksoverheid, maar een politiek orgaan dat eigen keuzes maakt. Lid MANGAL lijkt het juist heel nuttig om te kunnen nalezen in de begroting welke keuzes er gemaakt worden die afwijken van het referentiebedrag en waar de middelen dan wel voor ingezet worden. Wethouder VAN BUREN zegt dat het rapport en de verdiepingsslag precies daarvoor bedoeld zijn. Dat hoeft niet in de begroting te worden opgenomen. Veel keuzes zijn ook al in het verleden genomen en daardoor ligt ook al veel vast dat men niet zonder meer kan wijzigen. Lid MANGAL vraagt of het dan de bedoeling is dat hij als raadslid dit document bij elke begroting moet naslaan. Wethouder VAN BUREN zegt dat dit niet de bedoeling is.
Aan de inzichtelijkheid van de begroting wordt ook elk jaar gesleuteld, maar de begrotingssystematiek is een heel andere dan die van het Gemeentefonds. De begroting moet duidelijk maken welke nieuwe keuzes het college voorstelt. Daar zou de verwerking van deze systematiek niet bij helpen. Zij heeft zelf ook veel vragen en verbazing over de overheadkosten. In gemeenteland zijn benchmarks niet echt gebruikelijk. Er zijn wel vensters van bedrijfsvoering. Zij is zelf een voorstander van transparantie en vergelijkingen. Bij vergelijkingen tussen gemeenten zijn mechanismes om die meer vergelijkbaar te maken. Er wordt nu nog niet meteen bijgestuurd omdat eerst die verdiepingsslag nodig is. Zij tekent daarbij aan dat Amsterdam ook veel meer taken heeft dan de overige gemeenten. Zij gaat snel aan de slag met programma B. Op grond van dit rapport valt niet te zeggen of Amsterdam te veel uitgeeft aan ICT, wel dat het meer is dan het Rijk als referentie aanhoudt. Het kan ook zijn dat er investeringen nodig zijn met het oog op de toekomst. Onderzoek zal moeten uitwijzen of Amsterdam inderdaad te veel uitgeeft of dat de referentie hoger zou moeten zijn. Lid GARMY zegt dat zijn punt meer was hoe te voorkomen valt dat de stad over enkele jaren weer opgezadeld wordt met hoge kosten vanwege achterstallig onderhoud aan ICT of openbare ruimte.
Wethouder VAN BUREN zegt dat het moet gaan om verstandig investeren met het oog op de toekomst. Het gaat dus niet aan nu al te zeggen dat er bezuinigd moet worden. Daar zal het vervolgonderzoek informatie over moeten opleveren. Zij is lid van de VNG-werkgroep over de systematiek van het Gemeentefonds. Over de lokale belastingvrijheid zal die werkgroep zich pas gaan uitspreken als er een oplossing is voor het ravijn na 2026. Zij deelt de zorgen van lid Bobeldijk dat de burgers uiteindelijk meer moeten gaan betalen als taken overgedragen worden aan gemeenten als daar niet voldoende compensatie tegenover staat of als de Rijksoverheid niet de eigen belastingen navenant verlaagt. Lid BOBELDIJK tekent daarbij aan dat een gemeente geen inkomensafhankelijke belasting mag heffen waardoor per saldo de kloof tussen arm en rijk zou toenemen. Wethouder VAN BUREN is het daarmee eens, Dat staat haaks op het ongelijk investeren voor gelijke kansen.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Het college staat voor integrale benaderingen en dus worden de vakwethouders intensief betrokken bij dit traject. Zij is weliswaar wethouder Financiën maar kijkt ook met andere brillen naar zaken. Zij is het ermee eens dat elke euro moet worden uitgegeven waar die voor bedoeld is. Zij merkt op dat de inzet van de Rekeningencommissie een zaak van de raad zelf is. Zij heeft de brief van de Rekenkamer gezien en biedt aan de vragen uit die brief schriftelijk te beantwoorden. Lid BOBELDIJK herhaalt zijn vraag over de opmerking in het rapport dat de prioriteiten van het college in de begroting terug te zien zijn, behalve bij Zorg. Wethouder VAN BUREN zegt dat gekozen is om de verdiepingsslag te doen bij de drie programma’s die eruit sprongen en daar hoort Zorg ook bij. Lid GARMY vraagt hoe de wethouder aankijkt tegen de opmerking in het rapport dat er slechts voor de helft van alle programma’s beleidsevaluaties plaatsvinden. Wethouder VAN BUREN zegt dat de beleidsevaluaties in de cyclus worden opgenomen om te achterhalen of keuzes voor investeringen ook werkelijk bijdragen aan de doelenboom en het gewenste maatschappelijk effect sorteren. Lid BURGERS zegt dat de wethouder kennelijk zijn vraag gemist heeft over de oplopende Rijksbijdragen die ertoe leiden dat de bijdrage in 2025 meer zal zijn dan die ooit geweest is.
Zijn vraag is of het dan niet verstandig is om nu zorgvuldig met dat geld om te springen zodat de gemeente na 2026 niet hoeft te gaan bedelen als rupsje Nooitgenoeg om nog meer gemeenschapsgeld naar Amsterdam te sluizen. Wethouder VAN BUREN zegt dat verstandig omgaan met geld altijd haar voorkeur geniet en dat zij niet bekend wil komen te staan als rupsje Nooitgenoeg. Daarom wil zij juist meer inzicht krijgen in de uitgaven. Er komt inderdaad meer geld van het Rijk de komende jaren, maar dat is allemaal incidenteel. Dat maakt dat er na 2026 een ravijn is en daarover is men in gesprek met Den Haag om op dat gebied rust te krijgen. Er wordt de komende tijd ook gekeken naar een verstandige schuldontwikkeling. Zij is het dus eens met de VVD dat er verstandig gekeken moet worden naar zaken als rente en inflatiestijging om te komen tot verstandige toekomstbestendige keuzes. Lid SCHMIT vraagt of hij het goed gehoord heeft dat het college al een keuze gemaakt heeft voor de beleidsterreinen waar een verdiepingsslag zal plaatsvinden, te weten openbare ruimte, overhead en zorg. Wethouder VAN BUREN zegt dat dit de drie programma’s zijn waar het college mee wil starten met de verdiepingsslag, maar dat het de bedoeling is dit jaar nog bij alle programma’s te doen. Dat gaat dus niet om de benchmarks waar wel nog keuzes gemaakt moeten worden.
Lid GARMY vraagt op welke termijn de tijdslijn waar de Rekenkamer ook op aandrong, kan worden verwacht. Wethouder VAN BUREN zegt dat het moet lukken die voor de volgende commissie voor elkaar te hebben. Lid MANGAL vraagt of het niet mogelijk is de begroting dusdanig vorm te geven dat er niet elke vier jaar benchmarks hoeven te worden uitgevoerd maar dat men die jaarlijks kan volgen. Ten tweede merkt hij op dat de doelenboom alleen aangeeft of een programma is uitgevoerd, niet welk maatschappelijk effect dat heeft opgeleverd. Ten derde zegt hij dat in de technische sessie wel degelijk gezegd is dat er ook benchmarkvergelijkingen mogelijk zijn met kleine gemeenten als Urk om te kunnen zien of zij wel hun beleidsdoelen halen en wat daar dan
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
van te leren valt voor Amsterdam. Hij vindt het vreemd dat de wethouder nu stelt dat alleen met grotere gemeenten wordt vergeleken. Wethouder VAN BUREN zegt dat ze al heeft toegelicht waarom het niet verstandig is bij de begrotingsindeling het stramien van het Gemeentefonds te volgen en dat het bovendien erg tijdrovend zou zijn. Dat heeft ook niets met benchmarking te maken want dat vraagt een heel andere systematiek. Vergelijkingen met kleinere gemeenten zijn in theorie mogelijk, maar dan moet men wel erg veel sleutelen aan de variabelen om tot zinvolle vergelijkingen te komen. Het benchmarken laat zij graag aan echte deskundigen over. Lid MANGAL zegt dat hij uit de technische sessie heeft begrepen dat dit rapport juist is gemaakt om raadsleden in staat te stellen zelf vergelijkingen te maken in plaats van dat over te laten aan deskundigen. Wethouder VAN BUREN zegt dat met dit rapport in de hand weinig zinvolle vergelijkingen met kleine gemeenten zijn te maken. Dan zou daar eerst door deskundigen een vergelijkbaar rapport gemaakt moeten zijn. De VOORZITTER bedankt de wethouder voor alle antwoorden en stelt vast dat het onderwerp nu voldoende besproken is, maar op verzoek van lid Garmy voor de raad van 15 maart 2023 geagendeerd wordt voor een middellange bespreking. Hij last een schorsing in. Mbo en Toeleiding Arbeidsmarkt 7.
Kennis te nemen van de Raadsinformatiebrief Amsterdams mbo-traineeship (VN2023-002734) De commissie SED is bij dit bespreekpunt uitgenodigd. Lid BENTOUMYA is verheugd dat de gemeente de vaak geuite waardering voor de betekenis van mbo’ers voor de stad nu ook heeft omgezet in dit traineeship. Het is daarbij belangrijk de ideeën en verwachtingen van de doelgroep zelf mee te nemen. Daarom is zij benieuwd hoe de mbo-leerlingen worden betrokken bij de totstandkoming van dit programma en of hier een rol is weggelegd voor de denktank mbo. Zij is benieuwd of dit programma bestemd is voor alle richtingen binnen het mbo en of de werving breed of juist gericht plaatsvindt. Verder is zij benieuwd in welke schaal de trainees worden aangesteld en of er gedacht wordt over mogelijkheden om dit traineeship deel te laten uitmaken van het behalen van niveau 5. Verder is zij benieuwd hoe dit programma zich verhoudt tot de krapte op de arbeidsmarkt. Tot slot wijst zij op het grote belang van een goede begeleiding binnen het programma. Lid BELKASMI vindt het erg goed dat dit programma er is. Hij is benieuwd naar de relatie met andere traineeprogramma’s van Amsterdam vanwege het belang van ontmoetingen tussen studenten. Is er bijvoorbeeld een gezamenlijke introductieweek? Hij heeft begrepen dat deze trainees worden ingeschaald in schaal 8, terwijl dat voor de meeste andere trainees schaal 9 is.
Hij vraagt naar de reden voor dit verschil. Lid OLIVIEIRA is trots op en vol lof over dit programma. Hij is benieuwd hoe de inclusiviteit en diversiteit gewaarborgd wordt. Wat hem betreft mag de vacaturetekst meer uitnodigend zijn naar verschillende doelgroepen. Met diversiteit doelt hij op persoonlijkheden en culturele achtergronden en wil hij ook oog voor studenten met een psychische of fysieke beperking. Hij sluit zich aan bij de vorige spreker als het gaat om aandacht voor sociale veiligheid en begeleiding. De ervaring leert dat stagiaires en mensen met een tijdelijk contract op dat punt extra kwetsbaar zijn. Hij pleit er met het oog op kansengelijkheid voor dit programma ook toegankelijk te maken voor niveau 1 en 2 en het niet te beperken tot 3 en 4.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Wethouder VAN BUREN benadrukt dat de gemeente en de stad behoefte hebben aan de vaardigheden die mbo’ers met zich meebrengen. Het is een nieuw programma en de afdelingen zullen er dus nog mee moeten leren werken, maar er is een groepsbegeleiding voor deze trainees net als bij andere traineeprogramma’s. Op de werkplek heeft elke trainee bovendien een getrainde werkplekbegeleider. Niveau 5-studenten zitten al in een heel ander traject en daarom is nu juist gekozen voor niveau 3 en 4. Niveau 1 en 2 leiden via een begeleide leer-werkweg andere soorten banen dan de gemeente nu te bieden heeft. Die zitten meer bij bedrijven, maar zij sluit niet uit dat er gekeken gaat worden naar mogelijkheden bij de gemeente. Lid BENTOUMYA zegt dat de vraag over niveau 5 voortkwam uit haar gesprekken met mbo-studenten die dit zelf naar voren brachten. Dat sluit aan bij haar pleidooi om de doelgroep te betrekken bij de inrichting van dit soort programma’s. Het kan ook bijdragen aan de werving van zulke medewerkers die de gemeente graag in dienst wil hebben en houden. Wethouder VAN BUREN vindt het een goed punt de studenten te betrekken bij de totstandkoming van dit soort programma’s en sluit niet uit dat er ook iets komt voor niveau 5. In de voorbereiding is gesproken met mbo-studenten en met verschillende stakeholders. Het is dus niet vanachter een bureau bedacht.
Zij zijn ook betrokken bij de werving en start. De mbodenktank doet ook mee, bijvoorbeeld bij het maken van wervingscampagnes en -materiaal. Er is onlangs een ontwerpsessie geweest over vorm en inhoud van de campagne om mensen enthousiast te maken voor werken bij de gemeente. Er zijn nu 16 traineeplekken, maar er zijn 13.000 mbo-studenten in Amsterdam. Zij vermoedt daarom dat de gemeente geen grote concurrent is op de arbeidsmarkt voor deze mensen. Zij ziet het wel als een mooie kans om jonge mensen binnen te halen en te houden. Ze worden inderdaad ingeschaald in schaal 8 en krijgen drie opdrachten van elk zes maanden. Na elke afgeronde opdracht krijgen ze er een trede bij. Na afloop maken zij kans op een vast contract als er een vacature is. Die loonschaal is voor deze groep passend in het loongebouw van de gemeente en sluit ook goed aan bij de vervolgwerkplekken. Ook veel hbo’ers beginnen in schaal 8, maar hebben wel meer kans na afloop in schaal 9 te komen. De werving vindt plaats volgens de richtlijnen uit het gemeentelijk programma inclusiviteit en diversiteit. Zij hoort graag suggesties om de vacaturetekst meer wervend te maken. Lid OLIVEIRA vraagt of er afspraken gemaakt zijn over quota als het gaat om diversiteit, bijvoorbeeld aantallen vrouwen of mensen van kleur.
Wethouder VAN BUREN zegt dat daar geen afspraken over gemaakt zijn, maar dat er net als bij andere gemeentelijke programma’s wel goed gekeken wordt naar diversiteit en inclusiviteit. Het traineeship maakt deel uit van alle Amsterdamse traineeprogramma’s en er worden ontmoetingsmomenten georganiseerd. Er is een gezamenlijke weekstart waar kennis en ervaringen worden gedeeld. Er vindt ook afstemming qua planning en opdrachten plaats. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt nu voldoende besproken is. TOEGEVOEGDE BESPREEKPUNTEN: Kunst en Cultuur 8. Kennisnemen van de brief van het college: Bijdrage inzake onderzoek voor het boek ‘Het Verraad van Anne Frank’ (VN2023-004172) Lid NANNINGA merkt op dat de makers van het boek zelf hebben aangegeven dat het niet om een wetenschappelijk werk gaat, maar om zogenaamde faction. Maar zij wijzen wel met een zwaar beschuldigende vinger naar een met naam en toenaam benoemde Joodse notaris die de familie van Anne Frank zou hebben verraden. De notaris zelf is inmiddels overleden, maar zijn
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
nakomelingen voelen zich onterecht te schande gemaakt. Zij vraagt zich af hoe het mogelijk is dat een Amsterdamse wethouder daar een ton subsidie voor heeft gegeven. Zij vermoedt dat de indrukwekkende lijst van gerenommeerde onderzoekers die het project zogenaamd zouden ondersteunen, het gewenste effect heeft gehad. Inmiddels is gebleken dat de meesten helemaal niet wisten van hun vermelding op die lijst. De makers zeggen dat die op de website geplaatst is en dat men bezwaar had kunnen maken. De vraag is dus hoe het kan dat de gemeente dit met een ton incidentele subsidie heeft ondersteund. Zonder enige voorwaarde te stellen, zoals nu blijkt uit de brief van de wethouder. Dat lijkt haar nogal een verschil met de wijze waarop de gemeente handelt bij boetes voor gewone burgers. Volgens de wethouder kan de gemeente dat geld niet meer terugvorderen. Dat meldde zij op 23 januari. Zij verwees daarbij naar een advies van een juridisch ambtenaar. Dat blijkt nu echter een kattenbelletje te zijn van 7 februari. Zij vindt dat de wethouder de raad dus verkeerd heeft geïnformeerd of van informatie heeft onthouden. Zij wil weten hoe dit allemaal zo heeft kunnen gebeuren en hoe vaak dit soort incidentele subsidies zonder voorwaarden wordt verstrekt. Het gaat hier om genocide en reputaties en dan is volgens haar juist de uiterste zorgvuldigheid geboden.
De wethouder heeft het er in haar brief over dat dit zo niet had mogen gebeuren, maar zij is benieuwd hoe zij gaat voorkomen dat zoiets ooit nog een keer gebeurt. Lid BOOMSMA zegt dat de aanpak en methodiek van het cold-case-team volgens diverse rapporten die na publicatie van het boek zijn verschenen, niet deugden. In het boek worden op nauwelijks onderbouwde aanwijzingen reputaties verwoest, louter uit geldbejag. Hij vindt het dan ook hoogst kwalijk dat Amsterdam voor een ton heeft bijgedragen aan de totstandkoming. Hij vindt het daarom des te ernstiger dat het geld niet kan worden teruggevorderd. Niet alleen omdat het niet goed is uitgevoerd, maar vooral omdat het veel kwaad heeft aangedaan. Hij snapt wel dat veel mensen bij de start aangaven het een interessant project te vinden en ook dat velen van hen zich naderhand snel gedistantieerd hebben. Dat neemt niet weg dat de gemeente nu wel openheid moet geven. Het proces rond die subsidie roept veel vragen op en de antwoorden geven aan hoe absurd dat verlopen is. Het ging om een incidentele subsidie zonder specifieke voorwaarden. Maar volgens hem moet men dan toch in ieder geval voldoen aan de algemene subsidievoorwaarden van de gemeente.
Of is het geen subsidie? Hij begrijpt niet hoe men een ton kan verstrekken zonder enige voorwaarde te stellen, zonder dat een begroting of budget wordt overlegd, zonder plicht tot verantwoording. Bij elke andere subsidie moet de aanvragen hopen informatie en verantwoordingen overhandigen. Hij is benieuwd hoeveel er de afgelopen jaren aan zulke subsidies is verstrekt. Het college zegt dit alles te betreuren, maar hij is benieuwd of de toekenning indertijd in het college besproken is. Hij vraagt wanneer die beslissing is genomen en hoe dat dan is verlopen. Er wordt verwezen naar afspraken uit 2018. Hij wil weten of dat dan voor of na die beslissing was en wat die afspraken behelsden. Hij is benieuwd of het geld in een keer is overgemaakt of in tranches. Hij heeft begrepen dat er alleen mondelinge afspraken zijn gemaakt en vraagt zich af hoe men dan heeft kunnen beoordelen of die ton voldoende bijdroeg aan het doel. Verder is het hem volstrekt onduidelijk wat de ontvangers met het geld hebben gedaan. Er wordt melding gemaakt van een dataset. Maar wat er dan nieuw was aan die archiefkaarten en documenten is hem niet duidelijk. Er wordt gewag gemaakt van een onderzoeksteam, maar daar is volgens hem geen sprake van. Als iemand een advies geeft is hij nog geen lid van een onderzoeksteam. Hij vindt dat allemaal valse voorwendselen in de brief.
Volgens hem is er ook geen speciale software ontwikkeld zoals men beweert. Er lijkt hem alle reden aanwezig om dat bedrag terug te vorderen en nog eens grondig onderzoek te laten doen naar de juridische mogelijkheden, bijvoorbeeld via een second opinion. Lid GARMY sluit zich aan bij de vragen. In de antwoorden op de schriftelijke vragen van lid Boomsma merkt het college meermalen op de gang van zaken te betreuren, maar hij wil antwoord op de vraag waarom er geen voorwaarden zijn gesteld. Hij snapt niet hoe de gemeente hieraan heeft kunnen meewerken. De subsidieaanvraag wekt de indruk alsof men een thriller wilde schrijven en hij begrijpt des te minder waarom de gemeente daarmee in zee wilde gaan. Hij is benieuwd hoe de wethouder dat beziet.
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 9 februari 2023
FKD
Wethouder RIJXMAN stelt om te beginnen dat het college op geen enkele manier blij is met de manier waarop dit alles gegaan is. Zij wil een duidelijk onderscheid maken tussen het onderzoek, waarvoor de subsidie was, en de publicatie van het boek. Op 9 februari vorig jaar heeft het college de raad een brief gestuurd waarin al gesteld staat dat de gang van zaken verkeerd was. Het is voor de notaris en de joodse gemeenschap eigenlijk schandalig dat deze onzorgvuldigheid heeft kunnen plaatsvinden. Zij vindt het schandalig dat men over de rug van Anne Frank publiciteit zoekt. Het college neemt afstand van het hele project. Helaas blijkt het niet mogelijk de subsidie terug te vorderen omdat er vooraf geen afspraken zijn gemaakt. De gemeente heeft geen enkele bemoeienis gehad met het boek. De subsidie was bedoeld om data te ontsluiten die het publiek daarna via het Stadsarchief zou kunnen raadplegen. Dat is sinds 1 april 2022 inderdaad mogelijk. Dat leek toen een neutrale manier om mee te doen aan een waardevol onderzoek. Zij wil met zulke zaken in de toekomst echt heel anders omgaan. Zij heeft juridisch advies gevraagd om te waarborgen dat de gemeente subsidie kan terugvorderen in vergelijkbare situaties. Dan gaat het niet alleen om de uitkomst en inhoud van het onderzoek, maar ook om de methodiek en de kwaliteit.