220316 Beslissing op bezwaar (advies+bob geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl
Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam
De Telegraaf t.a.v. Postbus 376 1000 EB AMSTERDAM
15 maart 2022 DJ.21.011104.001 Behandeld door dhr. P. Teesink, gemeentesecreatris gemeente Amsterdam Datum
Ons kenmerk
Onderwerp
Beslissing op bezwaar
Geachte
,
Bij uitspraak van 26 januari 2022 heeft de rechtbank uw beroep gegrond verklaard en het besluit van 13 april 2021 vernietigd (AMS 21/2918). Wij nemen een nieuwe beslissing op bezwaar conform bijgevoegd advies van de bezwaarschriftencommissie, de bijgevoegde inventarislijst en beoordeelde documenten. Met inachtneming van de uitspraak wordt een behoorlijk aantal passages alsnog openbaar gemaakt. Wij menen hiermee maximaal gevolg te hebben gegeven aan de uitspraak van de rechtbank. Waar het verzoek van de rechtbank om bepaalde informatie alsnog openbaar te maken niet wordt gevolgd, wordt dit uitgebreid gemotiveerd in het kader van die persoonlijke levenssfeer en herleidbaarheid van betrokkenen. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders,
Peter Teesink Gemeentesecretaris
Hoger Beroep Deze nieuwe beslissing op bezwaar is genomen naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank van 26 januari 2022. U hebt hoger beroep ingesteld tegen deze uitspraak. Op grond van artikel 6:19 juncto 6:24 van de Algemene wet bestuursrecht wordt uw hoger beroep geacht mede te zijn gericht tegen onderhavig besluit.
Zaaknummer DJ.21.011104.001
Advies van de bezwaarschriftencommissie naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank van 26 januari 2022 (AMS 21/2918), waarin is het beroep van TMG Landelijke Media B.V. gegrond is verklaard en de bestreden beslissing op bezwaar is vernietigd.
Aan het college, 1. Inleiding en procesverloop 1 Bij brief van 25 september 2018 heeft bij het college van burgemeester en wethouders een verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ingediend. Het Wob-verzoek betreft – kort samen gevat – het beleid omtrent het vroegtijdig vertrekken van medewerkers en/of bestuurders bij de gemeente Amsterdam, vanaf 1 januari 2014 tot datum van indienen Wob-verzoek. Bij besluit van 9 juli 2019 is op het Wob-verzoek beslist. heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit. U heeft dit bezwaar bij besluit van 5 december 2019 ongegrond verklaard. Op 9 december 2020 heeft u een aanvullend besluit op bezwaar genomen. heeft beroep ingesteld tegen deze besluiten. Bij uitspraak van 10 maart 2021 heeft de rechtbank dit beroep gegrond verklaard en de besluiten van 5 december 2019 en 9 december 2020 vernietigd. Met inachtneming van de uitspraak heeft u op 13 april 2021 een nieuw besluit op bezwaar genomen. Op 27 mei 2020 heeft
beroep ingediend tegen het voornoemde besluit op bezwaar.
Bij uitspraak van 26 januari 2022 heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard en het besluit van 13 april 2021 vernietigd. De rechtbank heeft u opgedragen binnen acht weken na de uitspraak een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van de uitspraak. 2. Uitspraak Rechtbank De overwegingen van de rechtbank zijn als volgt: Rechtsoverweging 10 • De rechtbank overweegt dat eiser zich in zijn stelling dat meer elementen van de vertrekregelingen openbaar gemaakt moeten worden tevergeefs beroept op de uitspraak van de Afdeling van 1 oktober 2014. In latere rechtspraak van de Afdeling is namelijk bevestigd dat het belang van openbaarmaking een op zichzelf staand belang is dat niet meer gewicht kan toekomen afhankelijk van de aard van de bestuurlijke aangelegenheid. • De rechtbank oordeelt dat het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer in deze zaak ziet op alle onderdelen die kunnen leiden tot herleidbaarheid naar de betrokken topambtenaren. • Voorts stelt de rechtbank vast dat dit ook geldt voor ‘de verschillende weggelakte onderdelen die in samenhang gelezen kunnen leiden tot herkenbaarheid van de betrokkenen’. • De rechtbank betrekt daarbij de omstandigheid dat het om een beperkt aantal vertrekregelingen gaat die in een korte periode zijn verstrekt. Deze omstandigheid zal sneller tot herleidbaarheid leiden.
1 Voor een volledig overzicht van het procesverloop wordt verwezen naar het besluit van 13 april 2021.
1
Zaaknummer DJ.21.011104.001
•
• •
De rechtbank overweegt dat het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen zwaarder weegt dan het belang van openbaarmaking, gelet op de reputatieschade die openbaarmaking zou kunnen veroorzaken voor betrokkenen. De rechtbank neemt daarbij in ogenschouw dat het belang van openbaarheid reeds is gediend met (de publicatie) van het onderzoeksrapport van 11 december 2019. De rechtbank oordeelt tevens dat de namen van betrokkenen terecht zijn gelakt. De rechtbank heeft de documenten beoordeeld en concludeert het volgende over de toepassing van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder e van de Wob:
Rechtsoverweging 11: inconsequenties en algemene passages o De rechtbank constateert in zijn algemeenheid dat een aantal passages van documenten integraal is gelakt, terwijl deze passages in andere documenten niet zijn weggelakt. De rechtbank geeft de volgende niet limitatieve voorbeelden: document 1.30, pagina 4, 4e en 5e regel van onder, document 4.2 punt 7, 8, 9, 10. o De rechtbank constateert dat een aantal weggelakte passages algemeen van aard is. De rechtbank geeft de volgende niet limitatieve voorbeelden: document 1.11 pagina 2, eerste en tweede alinea, document 4.3 zesde gedachtestreepje, document 5.3 punt 2 en document 5.6 punt 3. • De rechtbank concludeert dat er op deze onderdelen inconsequent is weggelakt en draagt u op opnieuw te beoordelen om deze en soortgelijke weggelakte passages die elders in de stukken wel openbaar zijn gemaakt alsnog openbaar te maken, of nader te motiveren waarom deze passages niet openbaar gemaakt kunnen worden. Rechtsoverweging 12: kopteksten o De rechtbank constateert dat in sommige documenten de koptekst van alinea's weggelakt, terwijl in andere gevallen de koptekst niet is weggelakt. De rechtbank geeft het volgende niet-limitatieve voorbeeld: document 4.3.
• De rechtbank verzoekt u de documenten opnieuw te beoordelen en weggelakte kopteksten die elders in de stukken wel openbaar zijn gemaakt openbaar te maken of nader toe te lichten waarom deze kopteksten in tegenstelling tot andere kopteksten niet openbaar gemaakt kunnen worden. Rechtsoverweging 13: bedragen o De rechtbank constateert dat bedragen zijn weggelakt en verwijst naar de niet limitatieve voorbeelden document 4.2 punt 5 en 10, document 4.3 punt 5 en 9 en document 4.5 de laatste drie alinea's en pagina 2. • De rechtbank verzoekt u de bedragen openbaar te maken of nader toe te lichten waarom de bedragen zijn weggelakt. Dit mede in het licht van de openbaar gemaakte totaalbedragen in het onderzoeksrapport. •
Tot slot stelt de rechtbank vast dat artikel 11 van de Wob juist is toegepast.
3. Overwegingen Met inachtneming van de uitspraak van de rechtbank zijn alle geïnventariseerde documenten opnieuw beoordeeld. Hieronder wordt weergegeven tot welke wijzigingen in welke documenten de herbeoordeling heeft geleid. Waar het verzoek van de rechtbank om bepaalde passages alsnog openbaar te maken niet wordt gevolgd, wordt dit tevens hieronder gemotiveerd voor zover dit mogelijk is zonder de inhoud van de informatie prijs te geven.
2
Zaaknummer DJ.21.011104.001
Regeling 1 • Document 1.5 De koptekst van alinea 11 ‘Vrijstelling werkzaamheden’ is openbaar gemaakt. • Document 1.10, p.2 De zin ‘Om een redelijk voorstel te kunnen doen, wil ik graag geïnformeerd worden over wat de aanspraken zijn van (x) op zijn WW en BWW. Kunnen jullie dat voor mij uitrekenen?’ is openbaar gemaakt. • Document 1.11* -P.2 eerste alinea: De zin ‘De gemeente Amsterdam kent een toetsingskader voor opleidingen. De inwilliging van uw verzoek is afhankelijk van de toetsing aan genoemd kader en aan het besluit van het GMT hierover’ is openbaar gemaakt. -P.2, tweede alinea: Deze alinea is niet alsnog openbaar gemaakt. De alinea gaat over het gebruik van een zakelijke telefoon. Dit betreft informatie van algemene aard, maar door de toevoeging aan het einde van de alinea is deze informatie herleidbaar naar betrokkene. • Document 1.18, p. 2 Het zinsdeel ‘nog voor mijn vakantie’ is openbaar gemaakt nu dit niet tot een persoon herleidbare informatie is. • Document 1.22 -P.1 De volgende passage is openbaar gemaakt: ‘en heel volle GMT-agenda). Wat mij betreft kun je de condities (financieel/rechtspositioneel) prima alvast verkennen met MD, dan zie ik later voorstel wel. En een hapje eten en terugblik lijkt me prima over een week of vier. Dan is er wat meer rust.
Vorige keer was het immers ook al een gehaaste afronding.’ -P.1, laatste twee zinnen De volgende twee zinnen zijn openbaar gemaakt: ‘Ik heb je brief ontvangen met de opties en het lijkt me goed om te kijken of we in de komende maand tot afspraken kunnen komen. De andere – indien gewenst – een meer formele terugblik over het afgelopen jaar aan de hand van zelfreflectie.’ • Document 1.28 -P.1 Zinsdeel ‘hierna te noemen werknemer’ is openbaar gemaakt. Dit zinsdeel is algemeen van aard en wordt met dit besluit in alle vertrekregelingen openbaar gemaakt waar het zinsdeel niet al openbaar was gemaakt. -P.2 Alinea’s 8 en 9 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Deze alinea betreft een gedeeltelijk niet tot een persoon herleidbare tekst over het recht op doorbetaling. De zinsdelen in de alinea die herleidbaar zijn en gegevens bevatten waarmee betrokkene in zijn persoonlijke levenssfeer wordt geschaad bij openbaarmaking, worden niet alsnog openbaar gemaakt. • Document 1.30*, p. 4, 4e en 5e regel van onder De volgende zin is openbaar gemaakt, met uitzondering van de genoemde datum: ‘Ik heb inmiddels informele eetafspraak met Arjan staat op de (x) en vroeg me af of er nog ontwikkeling is aan de formele kant van de zaak.’ • Document 1.32a, p.2 Alinea’s 8 en 9 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. • Document 1.33, p.2 Alinea’s 8 en 9 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt.
Gelijk aan document 1.32a. • Document 1.35, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. • Document 1.36, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. • Document 1.39, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. • Document 1.41, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. • Document 1.48, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. 3
Zaaknummer DJ.21.011104.001
• •
Document 1.50, p.2 Alinea’s 7 en 8 zijn gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan document 1.32a. Documenten 1.32a, 1.33, 1.39, 1.41., 1.48, 1.50: (concept) vertrekregeling. De genoemde bedragen in de (concept)vertrekregelingen en overige documenten worden met een enkele niet relevante uitzondering (kosten van rechtsbijstand en cursussen) niet alsnog met dit besluit openbaar gemaakt en blijven weggelakt op grond van artikel 10, tweede lid, onder e en g van de Wob. De bezwaarcommissie overweegt daartoe als volgt. In de uitspraak van 10 maart 2021 overweegt de rechtbank dat alle vertrekregelingen passages bevatten die zo algemeen van aard zijn dat deze openbaar gemaakt kunnen worden, zonder dat de betrokken ex-ambtenaar in zijn of haar persoonlijke levenssfeer wordt geschaad. Vervolgens heeft u per besluit van 13 april 2021 passages die algemeen van aard zijn in alle vertrekregelingen alsnog openbaar gemaakt. De bedragen worden door de bezwaarcommissie als persoonlijk en dus te beschermen financiële gegevens gezien. Bovendien valt niet uit te sluiten dat door het openbaar maken van de bedragen onder meer eiser een stukje informatie verkrijgt, dat in samenhang met de informatie die met het besluit wel openbaar wordt gemaakt of in combinatie met andere bronnen kan leiden tot herleidbaarheid van de betrokkene.
In tegenstelling tot het onderzoeksrapport zouden de totaalbedragen dan namelijk voor een ieder openbaar en kenbaar worden in een bepaalde context, zoals kan worden vernomen in de overige documenten. Dat de totaalbedragen gepubliceerd zijn in het rapport, betekent niet dat de totaalbedragen in de individuele regelingen geen bescherming meer toekomen. Daarnaast vereist de toepassing van artikel 10, tweede lid, onder e en g van de Wob een belangenafweging. Juist het feit dat de totaalbedragen (geanonimiseerd) in het onderzoeksrapport zijn opgenomen, maakt het dat u het belang van de persoonlijke levenssfeer van alle betrokken zwaarder hebt mogen wegen dan het belang van openbaarmaking. Immers, zo overweegt ook de rechtbank in rechtsoverweging 10, is het belang van openbaarheid reeds gediend met de publicatie van het onderzoeksrapport. Door de publicatie van het rapport is het voor eenieder mogelijk om te controleren hoeveel de gemeente heeft uitgegeven aan de tien vertrekregelingen.
Regeling 2 • Document 2.1: De volgende zinsdelen uit het eerste e-mailbericht worden alsnog openbaar gemaakt: ‘-Overzicht van salariskosten’ ‘-Welke ruimte is er voor een bedrag ineens tot aan WNT norm?’ • Document 2.3a -Alinea 5 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Deze alinea betreft een gedeeltelijk niet tot een persoon herleidbare tekst over het recht op doorbetaling. De zinsdelen in de alinea die herleidbaar zijn en gegevens bevatten waarmee betrokkenen in zijn persoonlijke levenssfeer wordt geschaad bij openbaarmaking, worden niet alsnog openbaar gemaakt. -Alinea 7. De volgende zin wordt openbaar gemaakt: ‘Tot aan het einde van de aanstelling wordt werknemers toegestaan nevenwerkzaamheden (artikel 11.4 en 11.5 NRGA) te verrichten’ • Document 2.4 -Alinea 4 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 5 document 2.3a. -Alinea 7 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 7 document 2.3a. • Documenten 2.4a -Alinea 4 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 5 document 2.3a. -Alinea 7 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 7 document 2.3a. • Document 2.6, p.1 -De volgende zin is gedeeltelijk openbaar gemaakt: ‘De telefoon: de restwaarde kan ik pas opvragen als het vertrek van () bekend is; moet type en naam van gebruiker opgeven. Dit doe ik z.s.m. na bekendmaking.’ • Document 2.6a
4
Zaaknummer DJ.21.011104.001
• • • • • • •
-Alinea 4 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 5 document 2.3a. -Alinea 7 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 7 document 2.3a. Document 2.9a -Alinea 4 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 5 document 2.3a. -Alinea 7, eerste zin is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Document 2.11a -Alinea 4 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 5 document 2.3a. -Alinea 7 is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Gelijk aan alinea 7 document 2.3a. Document 2.14 -De aanduiding ‘Iphone 6+’ is op verschillende plekken leesbaar gemaakt. -De tekst onder ‘Verzoek’ is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Document 2.15 De aanduiding ‘Iphone 6+’ en de restwaarde ‘€185,-‘ is op verschillende plekken leesbaar gemaakt. Document 2.16, p2 De restwaarde is openbaar gemaakt. Document 2.17 -De aanduiding ‘Iphone 6+’ is leesbaar gemaakt. -De tekst onder ‘Verzoek’ is gedeeltelijk openbaar gemaakt. Documenten 2.3a, 2.4, 2.4a, 2.6a, 2.9a, 2.11a :(concept)vertrekregeling De genoemde totaalbedragen in de (concept)vertrekregelingen worden niet alsnog met dit besluit openbaar gemaakt en blijven weggelakt op grond van artikel 10, tweede lid, onder e en g van de Wob. Zie voor de motivering hiervan de motivering bij regeling 1.
Regeling 3 • Document 3.20, p.1 De aanduiding ‘netwerk’ is openbaar gemaakt. • Document 3.25 Links • Document 3.29 Het zinsdeel ‘hierna te noemen’ is alsnog openbaar gemaakt. • Documenten 3.29, 3.30, 3.22: (concept) vertrekregeling De genoemde totaalbedragen in de (concept) vertrekregelingen worden niet alsnog met dit besluit openbaar gemaakt en blijven weggelakt op grond van artikel 10, tweede lid, onder e en g van de Wob. Zie voor de motivering hiervan de motivering bij regeling 1. Regeling 4 • Document 4.2* -Alinea 5: het bedrag is openbaar gemaakt. -Alinea 7: in tegenstelling tot de rechtbank concludeert de bezwaarcommissie dat deze alinea geen informatie bevat die in de andere documenten van regeling 4 zelf, of in de overige documenten wel openbaar is gemaakt. De alinea bevat informatie over de ambtenaar rechtelijke status en is daarmee direct herleidbaar tot betrokkene. -Alinea 8: de laatste zin van de alinea wordt gedeeltelijk openbaar gemaakt. -Alinea 9: in tegenstelling tot de rechtbank concludeert de bezwaarcommissie dat deze alinea geen informatie bevat die in de andere documenten van regeling 4 zelf, of in de overige documenten wel openbaar is gemaakt. De reden hiervoor is dat document 4.2 een voorstel van de advocaat van betrokkene is. De alinea bevat herleidbare persoonsgegevens. -Alinea 10: de laatste zin van de alinea wordt gedeeltelijk openbaar gemaakt.
In tegenstelling tot de constatering van de rechtbank bevat alinea 10 geen bedragen. -Alinea 12 betreft informatie over de vergoeding van juridische bijstand. Deze alinea wordt gedeeltelijk openbaar gemaakt. -Het zinsdeel ‘tot zover mijn suggestie’ wordt alsnog openbaar gemaakt. 5
Zaaknummer DJ.21.011104.001
•
•
•
Document 4.3* -P1. De zesde bullit op pagina 1 wordt openbaar gemaakt. -Kopteksten: de koptesten ‘Kosten rechtsbijstand’ en ‘Getuigschrift’ worden alsnog openbaar gemaakt. De eerste, vijfde en zevende koptekst worden niet alsnog openbaar gemaakt, omdat deze informatie bevatten die direct herleidbaar is tot betrokkene. -Het bedrag in alinea 5 wordt openbaar gemaakt. -De alinea’s 7 en 9 worden gedeeltelijk openbaar gemaakt. Document 4.5* De in dit document genoemde bedragen worden niet alsnog openbaar gemaakt. De bedragen betreffen herleidbare persoonlijke salarisgegevens en informatie over de huidige en eventuele toekomstige financiële positie van betrokkenen, waarvan openbaarmaking ernstige inbreuk maakt op de persoonlijke levenssfeer van betrokkene. Voor het deze bedragen geldt (in nog extremere mate) de motivering over het niet openbaar maken van de totaalbedragen zoals omschreven bij regeling 1. Document 4.6 De aanduiding ‘IPAP’ wordt openbaar gemaakt.
Regeling 5 • Document 5.3*, p. 2 De alinea ‘Vaststellingsovereenkomst’ wordt openbaar gemaakt. • Document 5.6*, p.2: -Kopje 3 en eerste zin worden openbaar gemaakt. -Laatste alinea wordt openbaar gemaakt. • Document 5.11a -P. 1 De zesde bullit op pagina 1 wordt openbaar gemaakt. -P. 2 De koptekst ‘vrijstelling werkzaamheden’ wordt openbaar gemaakt (alinea 11). -P.4 De tekst van alinea 18 wordt openbaar gemaakt, met uitzondering van de naam van betrokkene. • Document 5.18 -P. 3 De laatste zin ‘partijen het resultaat van hun onderhandelingen willen vastleggen in deze overeenkomst’ wordt openbaar gemaakt. • Document 5.18a -P. 1 De zin genoemd onder document 5.18 wordt openbaar gemaakt -P. 3 De koptekst ‘vrijstelling werkzaamheden’ wordt openbaar gemaakt. -P. 4 Alinea 17 wordt gedeeltelijk openbaar gemaakt, met uitzondering van de naam van betrokkenen. • Document 5.20 -P.4 De zin genoemd onder document 5.18 wordt openbaar gemaakt. • Document 5.20a -P. 1 De zin genoemd onder document 5.18 wordt openbaar gemaakt. -P. 4 De tekst van alinea 18 wordt openbaar gemaakt, met uitzondering van de naam van betrokkene. • Document 5.24 -P. 1 De zin genoemd onder document 5.18 wordt openbaar gemaakt. -P. 4 De tekst van alinea 18 wordt openbaar gemaakt, met uitzondering van de naam van betrokkene.
Regeling 7 • Documenten 7.1, 7.2, 7.3 De koptekst ‘Vrijstelling werkzaamheden’ wordt openbaar gemaakt. • Document 7.4, p. 2 De zin ‘Zodra de formaliteiten zijn afgewikkeld neem ik aan dat e.e.a. ook met SHP () geregeld wordt. Moet ik daar zelf nog iets in doen?’ wordt gedeeltelijk openbaar gemaakt. 6
Zaaknummer DJ.21.011104.001
Regeling 8 • Document 8.1, p.2 De koptekst ‘Inzet en passende werkzaamheden’ wordt openbaar gemaakt. * Deze documenten heeft de rechtbank genoemd als niet limitatieve voorbeelden in voetnoten 8, 9, 10, en 11. 4. Conclusie en advies Gelet op het voorgaande is de commissie van oordeel dat passages in documenten openbaar kunnen worden gemaakt, zoals hierboven onder ‘overwegingen’ is weergegeven. Voor het overige is de informatie terecht geweigerd op grond van bovengenoemde weigeringsgronden. De bezwaarschriftencommissie adviseert u een nieuwe beslissing op bezwaar conform dit advies, de bijgevoegde inventarislijst en beoordeelde documenten, te nemen. Amsterdam, 2 maart 2022 De bezwaarschriftencommissie, Voorzitter,
Secretaris,
7