CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-04-15 Openbaar conceptverslag TAR middagdeel.docx

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 27 mei 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare vergadering van de tijdelijke algemene raadscommissie van 15 april 202628.842 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Raadscommissieverslag 15 april 2026 CONCEPTVERSLAG

Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare vergadering van de Tijdelijk Algemene Raadscommissie Woensdag 15 april 2026 van 13.30 uur tot 22.00 uur in de raadszaal Woensdag 27 mei 2026

Voorzitters: commissieleden Von Gerhard en Van der Veen Portefeuillehouders: burgemeester Halsema en wethouders Van Buren, Van der Horst, Mbarki en Scholtes Commissiegriffiers: Diemont en Van Klooster Commissieondersteuners: Bakkali, Van Haastrecht en Saelman-Nauta Verslaglegging: Post (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Abdillahi (PRO Amsterdam), Ait Boubker (D66), Ameziane (PRO Amsterdam), Aslami (D66), Bakker (Partij voor de Dieren), Bentoumya (PRO Amsterdam), Bomhof (PRO Amsterdam, Bouhassani (PRO Amsterdam), Brackel (VVD), Breure-Kirmiziyüz (D66), Broersen (Volt), Van Burk (Volt), Cruickshank (D66), Delsen (SP), Dessing (Forum voor Democratie), Dibi (BIJ1), Freeman (PRO Amsterdam), Von Gerhardt (VVD), Havelaar (CDA), Heinhuis (PRO Amsterdam), Hofland (D66), Van der Horst (D66), IJmker (PRO Amsterdam), Italiaander (JA21), De Jong (PRO Amsterdam ), Kasmi (PRO Amsterdam), Khan (DENK), Kok (VVD), Krijger (Partij voor de Dieren), Krom (Partij voor de Dieren), Mbarki (PRO Amsterdam), Meiland (BIJ1), Minderhoud (PRO Amsterdam), Moeskops (D66), Pels (PRO Amsterdam), Rijpkema (JA21), Schmit (D66), Veenhoff (PRO Amsterdam ), Wijnants (VVD), Yazar (VVD), Yemane (PRO Amsterdam) en Zenginoglu (PRO Amsterdam) Aanwezige fractievertegenwoordigers: Belkasmi (PRO Amsterdam), Van Munster (PRO Amsterdam), Keij (JA21), De Kort (JA21), Reijnaers (SP) Overige aanwezigen:

Tuzgöl-Broekhoven (kinderombudsman), De Lange (voorzitter van de Initiatief- en referendumcommissie)

Voorzitter: lid Von Gerhardt De VOORZITTER heropent de vergadering. ICT en Digitale Stad 15. Kennis te nemen van het advies van de kinderraad over het thema cyberpesten en het gebruik van AI en met de kinderraad hierover in gesprek te gaan VN2026-004422 De VOORZITTER verwelkomt de kinderraad en geeft het woord aan de kinderombudsman, mevrouw Tuzgöl-Broekhoven.

1

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Mevrouw TUZGÖL-BROEKHOVEN vertelt dat cyberpesten een thema is waar zij als kinderombudsman helaas vaak mee te maken heeft. Ze hoort er niet alleen van kinderen zelf, maar ook van hun ouders. Wat haar steeds raakt, is de impact van onlinepesten op kinderen omdat het, zelfs als het stopt, vaak nog doorwerkt in hun leven. Ze is daarom blij dat de gemeente zich richt op de vraag hoe de onlineveiligheid van kinderen verbeterd kan worden en dat de programmamanager Online Leefwereld de kinderraad heeft gevraagd hierover te adviseren. Voor dit belangrijke advies heeft de kinderraad input opgehaald bij 2.200 Amsterdamse kinderen. Tijdens de Amsterdamse Debatbattle waaraan 88 scholen hebben meegedaan is uitvoerig gesproken over cyberpesten en sociale media en 2.200 kinderen hebben hun stem laten horen over een onderwerp dat hen direct raakt. Dit laat zien dat kinderparticipatie door de gemeente serieus wordt genomen. Ze benadrukt dat ze altijd ingaat op het Kinderrechtenverdrag en de vier leidende principes uit het verdrag omdat ze vindt dat dit in het DNA van de gemeente moet zitten. Het gaat erom dat alle rechten voor ieder kind gelden, dat het belang van kinderen vooropstaat, dat kinderen zich veilig en gezond kunnen ontwikkelen en dat hun mening wordt gehoord. Dit betekent niet alleen dat kinderen mogen meepraten, maar ook dat hun mening serieus wordt genomen.

Dit is niet alleen een verplichting, het is ook nuttig omdat kinderen dingen zien die volwassenen over het hoofd zien. Kinderen benoemen blinde vlekken, denken out of the box en zien belemmeringen. Door kinderen te betrekken worden besluiten niet alleen beter, maar ook meer gerespecteerd en dat helpt om de afstand tussen kinderen en de overheid te verkleinen. Als kinderen serieus worden betrokken, worden besluiten genomen in hun belang en vergroot dit hun zelfvertrouwen. Ze voelen zich gehoord, durven zich uit te spreken en doen actiever mee in de samenleving. Kinderparticipatie betekent niet alleen dat er input wordt opgehaald, maar ook dat teruggekoppeld moet worden wat ermee is gedaan. Ze prijst het voorstel om de wethouder om via een videoboodschap aan de kinderen te laten vertellen wat er met hun input is gedaan en noemt dit echte kinderparticipatie. Ze geeft complimenten aan de kinderraad en bedankt hen voor het mooie en waardevolle advies. De VOORZITTER geeft het woord aan Kiyaro, Lauren, Advika, Manissa en Ziva van de kinderraad om hun advies toe te lichten.

De kinderen vertellen dat de manager van het programma Online Leefwereld Jongeren op 14 januari 2026 tijdens een vergadering van de kinderraad een vraag heeft voorgelegd over wat de gemeente Amsterdam kan doen om de online veiligheid van kinderen te verbeteren, met name in verband met cyberpesten en het gebruik van AI. De kinderraad is met het onderwerp aan de slag gegaan en heeft persoonlijke ervaringen, meningen en gedachten gedeeld. Ook heeft de kinderraad de meningen meegenomen die leven bij kinderen van de Amsterdamse Debatbattle, een debatwedstrijd tussen 76 scholen waarin het thema online leefwereld werd besproken. De kinderraad heeft gekozen zich te richten op drie belangrijke onderwerpen, onlinepesten, nepfilmpjes en catfishing. Ze hebben nagedacht over hoe kinderen begeleid willen worden bij het gebruik van AI en wat kinderen aan hun ouders, broertjes en zusjes willen leren over veiligheid. De uitkomst van de vergaderingen op 14 januari, 28 januari, 11 februari, 4 maart en 25 maart is dat de kinderraad online pesten als zeer heftig ervaart, mogelijk zelfs erger dan fysiek pesten omdat het 24/7 door kan gaan. Ze stellen dat pesten, of het nu fysiek of online is, altijd serieus genomen moet worden. Nepfilmpjes en nepfoto's kunnen volgens de kinderraad echte schade veroorzaken.

De online leefwereld is voor kinderen een belangrijk onderdeel van hun dagelijks leven en heeft te maken met veiligheid, zelfvertrouwen, emoties en het kunnen zijn wie je bent. De kinderraad vindt het belangrijk dat er duidelijke labels of waarschuwingen komen bij AI-beelden zodat kinderen beter weten of iets echt is. Ze benadrukken ook dat kinderen vaak meer weten van AI dan hun ouders, waardoor ouders hen niet altijd goed kunnen begeleiden. Daarom adviseren ze om voorlichting over AI te geven aan ouders. De kinderraad komt met verschillende adviezen en aanbevelingen, waaronder het opstellen van een duidelijk stappenplan voor kinderen om te volgen bij cyberpesten,

2

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

nepbeelden of catfishing. Ze vinden dat onlinepesten net zo serieus behandeld moet worden als offlinepesten en dat cyberpesten onder dezelfde regels als schoolpesten moet vallen. Ze adviseren om kinderen via een stappenplan te leren wat ze kunnen doen en waar ze hulp kunnen zoeken bij cyberpesten. Daarnaast vinden ze dat er betere uitleg over AI en online veiligheid moet komen, bijvoorbeeld via lessen, posters, stripverhalen, filmpjes, games of bordspellen. De kinderraad stelt verder voor dat kinderen moeten weten waar ze hulp kunnen krijgen, bijvoorbeeld bij vertrouwenspersonen, op school, bij jongerenwerk of via hulplijnen. Dit moet duidelijk zichtbaar en makkelijk bereikbaar zijn. Ook moet informatie over online veiligheid en AI toegankelijk zijn voor ouders zodat zij hun kinderen beter kunnen helpen. Tot slot adviseert de kinderraad dat het stappenplan en leerzame video's op verschillende plekken worden gedeeld, zoals op websites, op scholen, bij sportclubs, buurthuizen en via campagnes zodat kinderen op de plekken waar ze zijn toegang hebben tot de informatie. Het lid IJMKER (PRO) vraagt of de kinderen iets kunnen vertellen over wat er nu al op school gebeurt met betrekking tot de adviezen over cyberpesten. Ze wil weten of ze nu al les krijgen over dit onderwerp, of er goede voorbeelden zijn van wat goed gaat, of dat ze vinden dat er meer of beter gedaan moet worden.

ZIVA antwoordt dat op haar school niet per se gepest wordt maar dat er wel veel gevochten en gescholden wordt. Ze hebben daar hulp bij gekregen van Bureau Halt maar dat gebeurt niet op elke school. Ze vindt dat meerdere scholen hulp zouden moeten krijgen. Het lid VAN BURK (Volt) merkt op dat cyberpesten voor een groot deel op sociale media gebeurt en wijst erop dat sommige landen hebben verboden dat kinderen onder de 16 jaar op sociale media mogen. Hij is benieuwd wat de kinderen hiervan vinden. KIYARO antwoordt dat sociale media niet alleen slecht is. Mensen kijken vaak naar de slechte kant maar er zijn ook goede en vrolijke dingen. Je kunt er bijvoorbeeld iets van leren of een nieuwe taal oppikken. Er zijn veel voordelen, dus hij vindt dat er andere regels moeten worden gemaakt in plaats van sociale media volledig te verbieden voor kinderen onder de 16 jaar. LAUREN legt uit dat ze na de zomervakantie naar de middelbare school gaat en dat ze nu al een groepsapp hebben met kinderen die naar dezelfde school gaan. Ze kent die andere kinderen nog niet maar het is wel leuk om elkaar al een beetje te leren kennen. Het lid DESSING (FvD) vraagt of de kinderen het gesprek met hun ouders goed kunnen aangaan over cyberpesten en AI, aangezien ouders hier vaak minder kennis over hebben. Hij vraagt welke tips de kinderen hebben om ouders mee te krijgen in dit verhaal.

ADVIKA antwoordt dat kinderen aan hun ouders kunnen uitleggen of iets nep of echt is. Ze denkt niet dat alle ouders foldertjes en posters zullen lezen. KIYARO denkt dat ouders gewaarschuwd kunnen worden via de apps die ze zelf gebruiken zodat ze beter kunnen opletten welke sociale media kinderen gebruiken en welke beelden kinderen zien die hen kunnen beïnvloeden. Het lid BRACKEL (VVD) vraagt of de kinderen persoonlijk een aanbeveling hebben die zij het belangrijkste vinden. MANISSA vindt cyberpesten het belangrijkste onderwerp omdat je nooit weet met wie je appt of wie er online pest. Het lid CRUICKSHANK vraagt wat de kinderen volwassenen zouden willen leren over online gedrag.

3

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

ADVIKA vindt dat volwassenen moeten weten dat cyberpesten net zo erg is als fysiek pesten en dat alle ouders moeten weten hoe ze cyberpesten moeten aanpakken als hun kind online wordt gepest. Daarnaast moeten alle ouders ook weten wat nep is en wat echt is bij AI. ZIVA antwoordt dat ouders meestal wel letten op hoe een kind zich gedraagt op sociale media en dat vindt ze goed, want ze moeten op hun kind letten. Maar vaak vergeten ze zichzelf, want ook volwassenen kunnen online gepest of bedreigd worden. Het lid IJMKER (PRO) merkt op dat ook volwassenen de hele dag op hun telefoon zitten en vraagt hoe de kinderen daar tegenaan kijken. Ze vraagt of een aantal van de adviezen misschien ook voor volwassenen bedoeld zijn. ZIVA vindt het heel erg oneerlijk als ouders zeggen dat je minder op je scherm moet kijken omdat het slecht is voor je ogen terwijl zij zelf zes uur per dag op hun scherm kijken. Ouders zouden het goede voorbeeld moeten geven en beter op hun eigen ogen moeten letten. De VOORZITTER bedankt de kinderraad voor het advies en de duidelijke antwoorden op alle vragen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid IJmker. Het lid IJMKER (PRO) kijkt uit naar de reactie van het college op de adviezen van de kinderraad en vraagt wanneer er een vervolgrapportage of voortgangsrapportage van het programma Online Leefwereld te verwachten is.

Ze vindt het belangrijk genoeg om daar opnieuw met de raad over in gesprek te gaan. Daarnaast is ze benieuwd hoe de rol van scholen wordt meegenomen in dit vraagstuk, aangezien een aantal van de adviezen meer gericht is op scholen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Brackel. Het lid BRACKEL (VVD) vraagt zich af waar de verantwoordelijkheid voor dit vraagstuk wordt neergelegd en is benieuwd hoe de wethouder hierover denkt. Wordt die verantwoordelijkheid gelegd bij de ouders, bij de scholen, of moet het gesprek met socialmediabedrijven worden aangezwengeld? De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Scholtes. Wethouder SCHOLTES bedankt de leden van de kinderraad. Het college vindt het onderwerp belangrijk en de burgemeester wilde hier ook per se bij zijn, want ze zijn onder de indruk van het advies. Het gaat om de veiligheid, gezondheid en weerbaarheid van kinderen en jongeren in Amsterdam en daarvoor moeten zowel in de fysieke wereld als digitaal maatregelen worden genomen. Daarom is het programma Online Leefwereld voor en door kinderen en jongeren opgezet. Hij is trots dat de kinderraad deel uitmaakt van dit programma en dat zij meedenken over de online leefwereld van kinderen. Het advies van de kinderraad is extra indrukwekkend omdat ze input heeft verzameld van 2.200 kinderen van 76 scholen die meededen aan de Amsterdamse Debatbattle.

Dit schept een grote verantwoordelijkheid voor zowel de kinderraad als het college om hiermee iets goeds te doen. Als kinderen en jongeren beter beschermd moeten worden, moet er eerst gekeken worden naar de regels voor de platformen die sociale media aanbieden. Soms moeten bepaalde dingen gewoon verboden worden, zoals de nudify-apps waarmee nepnaaktbeelden kunnen worden gemaakt. Hij is verheugd dat de oproep om deze uitkleed-apps te verbieden heeft geleid tot actie vanuit Brussel. Daarnaast moeten ook regels worden opgesteld voor verslavende algoritmes. Hulp voor wanneer het misgaat en voorlichting zijn een belangrijk onderdeel, waarbij niet alleen naar kinderen wordt gekeken maar ook naar ouders, opvoeders, onderwijs en jongerenwerkers. Deze elementen zijn opgenomen in het programma Online

4

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Leefwereld. De raad kan op korte termijn een brief verwachten waarin de stand van zaken wordt gedeeld, inclusief voorlichting voor ouders en informatie over hoe scholen verder ondersteund kunnen worden. Dit is samen met scholen en ouders tot stand gekomen om de effectiviteit te vergroten. Aan het eind van het jaar komt er een volledige terugkoppeling van het actieprogramma. De verantwoordelijkheid voor veiligheid ligt bij iedereen. Er kan een beroep gedaan worden op de platformen, maar ook op Brussel om de regels aan te passen zodat kinderen beter beschermd worden. Ouders kunnen geholpen worden met informatievoorziening, maar ook door het ondersteunen van discussies, bijeenkomsten en debatten die leiden tot andere normen. Kinderen willen zelf ook verantwoordelijkheid nemen en daarom wordt er met hen samengewerkt in het programma Online Leefwereld. Hij dankt de kinderraad nogmaals voor het advies en geeft aan dat ze een officiële bestuurlijke reactie van het college zullen ontvangen. De discussie wordt gesloten. Raadsaangelegenheden 19. Niet inwilligen van het inleidende verzoek om een referendum te houden over een alternatief burgervoorstel Een mensenrechtenstad in woord én daad VN2026-004191 De VOORZITTER meldt dat de heer De Lange, voorzitter van de Initiatief- en referendumcommissie, aanwezig is om vragen van de commissie over het advies te beantwoorden.

De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bakker. Het lid BAKKER (PvdD) kan niet wachten om Israël onder druk te zetten met alle beschikbare middelen. Dit is het enige juiste wanneer een land genocide pleegt en mensenrechten blijft schenden. Ze vindt het een schande dat eerdere besprekingen in de raad over boycot en desinvesteren, zoals een discussienota van DENK uit februari vorig jaar en het daaropvolgende initiatiefvoorstel, op niets zijn uitgelopen. Alleen De Vonk, BIJ1 en de Partij voor de Dieren waren toen bereid om hun stem te laten horen. Het is noodzakelijk dat partijen opkomen voor de Palestijnen en dat er concrete maatregelen worden genomen. Ze hecht veel waarde aan het oordeel van de adviescommissie over het verzoek van het Amsterdam Palestina Referendum maar kan de argumentatie niet volgen. Het bezwaar is gebaseerd op twee punten. Ten eerste zou het een referendum over standpunten zijn en dat zou leiden tot een glijdende schaal. De actielijst bevat echter concrete maatregelen en de glijdende schaal is een drogreden. Het tweede bezwaar is dat het buitenlandbeleid geen bevoegdheid van de raad is maar de indieners hebben voorbeelden genoemd van steden als Utrecht, Leuven en Oslo die lokaal wel stappen richting een boycot hebben gezet. Ze plaatst hier vraagtekens bij en wil hierover opheldering van de referendumcommissie.

Ze ziet niet in wat het referendum in de weg zou kunnen staan en hoopt bovenal dat de raad niet nog meer tijd verspilt en nu snel besluit om tot een actielijst te komen waarmee de raad direct aan de slag kan. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants. Het lid WIJNANTS (VVD) vindt de verleiding groot om een uitgebreid betoog te houden over het buitenlands beleid van de gemeente Amsterdam maar hij houdt zich in omdat het standpunt van de VVD al bekend is. In plaats daarvan bedankt hij de referendumcommissie voor het uitstekende advies en herhaalt hij twee belangrijke zaken. Ten eerste wordt in het advies terecht aangegeven dat de gemeenteraad wel discussies en debatten kan voeren over buitenlands beleid. De VVD heeft hier verschillende opvattingen over omdat dit niet bijdraagt aan oplossingen voor de problemen waar Amsterdammers mee te maken hebben, zoals het gebrek aan betaalbare koopwoningen

5

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

en schone en veilige straten. Hij erkent dat het de bevoegdheid van de gemeente is om dergelijke discussies te voeren maar het is niet de bevoegdheid van de gemeente om maatregelen te nemen die burgers juridisch binden door besluiten te nemen op basis van de Algemene wet bestuursrecht. Dit is een goed principe om als raad aan vast te houden en hier geldt het principe van schoenmaker blijf bij je leest. De gemeenteraad is er voor de problemen van Amsterdammers en deze spelen zich niet af op het vlak van buitenlands beleid. Dit is de verantwoordelijkheid van de Tweede Kamer en in het verlengde daarvan de Nederlandse regering. Het lid KHAN (DENK) vindt het terecht dat het lid Wijnants zegt dat Amsterdammers zich zorgen maken over woningnood en afval op straat. Maar als hij kijkt naar het inleidende verzoek dat binnen enkele dagen meer dan duizend handtekeningen heeft verzameld, dan moet men constateren dat Amsterdammers zich ook zorgen maken over dit onderwerp. De 10.000 handtekeningen die nodig zijn voor een referendum zullen op dit thema ook geen probleem zijn en dat zegt iets over waar Amsterdammers zich zorgen over maken. Hij vraagt of de VVD het ermee eens is dat dit ook een kwestie is die veel Amsterdammers raakt en dat ze willen dat de raad er iets mee doet.

Het lid WIJNANTS (VVD) herhaalt dat de gemeenteraad alle ruimte heeft om debatten te voeren en standpunten in te nemen over buitenlandse politieke kwesties, maar dat dit iets anders is dan dat die onderwerpen en standpunten referendabel zijn. De referendumcommissie waarschuwt dat wanneer standpunten referendabel worden gemaakt, er discussies kunnen ontstaan waarbij standpunten over standpunten onderdeel worden van het publieke debat en er mogelijk verschillende referenda over zouden kunnen komen. Hij vindt dat een onwenselijke route omdat burgers dan referenda over andere standpunten zouden kunnen voordragen terwijl daar de representatieve democratie voor bedoeld is. Als hij het niet eens is met het standpunt van het lid Khan, dan kan hij dat aankaarten maar dat is iets anders dan de sluizen openzetten voor een vloed aan referenda aangezien dat het democratische proces niet versnelt maar ontregelt. Het lid KHAN (DENK) is het eens met het bezwaar over standpunten maar zijn vraag ging over het democratisch principe dat de vele handtekeningen een bewijs zijn dat het onderwerp erg leeft in de stad. Het gaat hem dus niet over wat de referendumcommissie heeft gezegd. Zijn vraag is of de VVD en het lid Wijnants vinden dat er iets moet gebeuren wanneer een onderwerp zo sterk leeft in de stad.

Het lid WIJNANTS (VVD) antwoordt dat het feit dat er makkelijk 10.000 handtekeningen kunnen worden opgehaald geen enkel argument is voor de toelaatbaarheid van het onderwerp als referendum binnen de verordening. Er zijn honderden onderwerpen te bedenken waarvoor 10.000 handtekeningen kunnen worden opgehaald maar die moeten nog steeds voldoen aan de criteria in de referendumverordening. Hij vindt dat de referendumcommissie dat terecht markeert. Het lid KHAN (DENK) vindt dat een advies van de referendumcommissie niet lichtzinnig opgevat moet worden. Tegelijkertijd staat er in de referendumverordening dat het een advies betreft en dat de gemeenteraad uiteindelijk bepaalt. Het lid WIJNANTS (VVD) antwoordt dat dit een enorme verplichting legt op het lid Khan om de kwaliteit van zijn argumentatie zodanig te maken dat hij dat advies terzijde kan schuiven. Hij denkt dat het lid Khan niet aan die drempel kan voldoen. Het lid BAKKER (PvdD) stelt dat het geen mening is om officieel te erkennen dat Israël misdaden tegen de menselijkheid pleegt jegens Palestijnen. Het gaat er niet om dat een fractie een standpunt inneemt waarover de raad kan discussiëren. Het gaat om een formele erkenning die de gemeente Amsterdam inneemt waarop vervolgens allerlei andere actiepunten kunnen volgen. Daarom zou ze graag van het lid Wijnants willen horen waarom hij meent dat een erkenning een mening is.

6

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid WIJNANTS (VVD) antwoordt dat het niet zijn taak als raadslid is om daar in die zin een politieke mening aan te verbinden. Het lid Bakker kan dat standpunt innemen en hier uitspreken, maar het is haar mening in de strikte zin des woords en dat maakt het niet per se tot een referendabel besluit. Het lid BAKKER (PvdD) herhaalt dat genocide geen mening is en dat het hier gaat om een officiële erkenning van de gemeente en niet om haar standpunt. Het gaat erom dat de gemeente het erkent en op basis daarvan wil overgaan tot een boycot. Het lid WIJNANTS herhaalt hetzelfde antwoord. Het lid DESSING (FvD) merkt dat de inhoud van het referendum sterk politiek wordt gemaakt en vraagt zich af of een referendum een instrument puur van de raad is of dat het niet meer een instrument van de bevolking van Amsterdam zou moeten zijn. Het lid WIJNANTS (VVD) antwoordt dat hij deze vraag zou willen doorgeleiden naar de heer De Lange of de burgemeester. Hij heeft de heer De Lange terecht horen zeggen dat er andere instrumenten zijn, waaronder het volksinitiatief. Het standpunt van de VVD over referenda is bekend en hij denkt dat deze hele discussie een bevestiging is van de juistheid van dat standpunt. Hij is benieuwd of de heer De Lange zou kunnen verduidelijken wat hij vindt van het karakter van het initiatiefvoorstel, want daar ziet hij enig licht in.

Zo staat in het advies dat bij het initiatiefvoorstel sprake is van een verzoek aan het college van burgemeester en wethouders om bepaalde kwesties te onderzoeken. Hij geeft direct toe dat het initiatiefvoorstel door menig raadslid op die manier wordt misbruikt maar in essentie kan een initiatiefvoorstel wel degelijk gericht zijn op rechtsgevolg en ook op het beïnvloeden van het leven van Amsterdammers. Een initiatiefvoorstel kan bijvoorbeeld de APV direct wijzigen. Hij vindt het dan ook een te nauwe opvatting om initiatiefvoorstellen alleen op die manier te definiëren en vraagt of daarnaar is gekeken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Rijpkema. Het lid RIJPKEMA (JA21) stelt dat de fundamentele waarde van een referendum is dat inwoners zich rechtstreeks kunnen uitspreken over beleid waarover het bevoegd bestuursorgaan ook daadwerkelijk gaat. Een referendum hoort dus altijd te gaan over een onderwerp dat binnen de bevoegdheid van de raad valt en ook daadwerkelijk tot een relevant besluit kan leiden. Juist daar gaat het hier mis. De referendumcommissie is op dit punt helder, het inleidend verzoek voldoet weliswaar aan de formele eisen maar dat is niet voldoende. Er moet ook worden voldaan aan artikel 2, derde lid van de verordening waarbij doorslaggevend is of het gaat om een aangelegenheid die onder de bevoegdheid van de raad valt.

Volgens de commissie is dat hier niet het geval. De commissie geeft twee duidelijke redenen. Ten eerste valt het buitenlands beleid niet onder de bevoegdheid van de gemeenteraad. De raad mag over dergelijke onderwerpen debatteren en standpunten innemen maar kan op dit terrein geen juridisch bindende maatregelen vaststellen. Dit is van belang omdat zodra de suggestie wordt gewekt dat Amsterdam via een referendum kan besluiten tot een boycot of sancties er verwachtingen worden gewekt die juridisch niet waargemaakt kunnen worden. Dit schaadt direct het vertrouwen in de politiek dat al zwaar onder druk staat. Ten tweede is wat hier voorligt in wezen een referendum over standpunten. Dit is niet waar het referendum voor bedoeld is. Het referendum is een zwaar en kostbaar instrument bedoeld voor besluiten die Amsterdammers rechtstreeks raken, niet voor politieke meningsvorming, nietbindende oproepen of symbolische standpunten. Als men dat wel referendabel maakt, dan zet men de deur open naar referendumverzoeken over vrijwel elk politiek standpunt dat in deze raad wordt ingenomen. De gemeente is niet vrij om leveranciers of producten om politieke redenen te weren. Gemeentelijke inkoop is gebonden aan aanbestedingsregels die via Europese aanbestedingsregels verankerd zijn in de Aanbestedingswet 2012. Deze bestaat uit vier grondbeginselen.

De overheid moet bedrijven dezelfde kansen geven op opdrachten

7

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

zonder te letten op het land waar ze vandaan komen, dat is het non-discriminatiebeginsel. Overheden moeten alle bedrijven die kans maken op een opdracht hetzelfde behandelen, dat is het gelijkheidsbeginsel. Overheden moeten duidelijk informatie aan ondernemers geven over de aanbesteding, dat is het transparantiebeginsel. En overheden moeten eisen stellen die in verhouding staan tot de opdracht en de omvang ervan, dat is het proportionaliteitsbeginsel. Het lid DELSEN (SP) merkt op dat er nu een technische discussie wordt gemaakt van iets wat in principe heel politiek en heel relevant is. Hij vraagt waarom het lid Rijpkema zich daarachter verbergt en waarom hij niet zegt dat hij geen boycot van de staat Israël wil. De adviescommissie was heel duidelijk, de vorm is prima maar men is het niet eens met de inhoud. Hij vraagt zich af waarom de leden Rijpkema en Wijnants zich achter de technische problematiek verschuilen in plaats van politieke kleur te bekennen en te zeggen dat ze de schaal van het gebruikte geweld eigenlijk niet zo'n groot probleem vinden. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat JA21 als partij voor referenda is en dat ze daarom sterk letten op de technische inhoud. Als er een referendum komt zullen ze kijken wat ze daarvan vinden en daar campagne op voeren. Maar op dit moment gaat het nog om de technische beschouwing.

Er is een onafhankelijke commissie die het apolitiek moet behandelen en daarom volgen ze die onafhankelijke commissie daarin. Het lid DELSEN (SP) vraagt of het lid Rijpkema hetzelfde standpunt zal innemen als straks een ander middel wordt gebruikt met hetzelfde resultaat en waar door een meerderheid van de Amsterdammers voor zal worden gestemd. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat ze niet weten of een meerderheid van Amsterdam ervoor zal stemmen of niet. Dat zal moeten blijken maar dan moet er wel op de juiste wijze een referendum worden gehouden dat in lijn is met de verordening. Het lid HOFLAND (D66) stelt dat JA21 het advies te streng uitlegt en doet alsof er geen enkele mogelijkheid bestaat. Hij wijst op de Internationale Sociale Voorwaarden (ISV) en stelt dat er wel degelijk dingen zijn die de gemeente kan doen en ook al doet. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat bedrijven op ethische kwesties geweigerd kunnen worden maar dat de gemeente geen land kan uitsluiten. Het lid HOFLAND (D66) vraagt of JA21 het met D66 eens is dat de gemeente goed moet kijken hoe ze de ruimte van de ISV nog beter kan benutten. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat er recent nieuwe ethische inkoopregels zijn aangenomen maar dat ze daar altijd naar kunnen kijken.

Het lid KHAN (DENK) vraagt of JA21 geen bezwaar heeft tegen het uitsluiten van Israëlische bedrijven op basis van inkoopregels als blijkt dat die bedrijven bijdragen aan de onderdrukking van Palestijnen. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat als het gaat om specifieke Israëlische bedrijven hij terugkomt op het non-discriminatiebeginsel waarbij alle landen dezelfde kans moet worden gegeven. Als kan worden bewezen en aangetoond dat bepaalde bedrijven zich niet houden aan de ethische gedragsregels, dan kan de gemeente daar niet inkopen. Het lid KHAN (DENK) merkt op dat de vorige woordvoerder van JA21 in de laatste commissievergadering niet wilde erkennen dat er überhaupt Palestijnen bestaan of dat zij recht hebben op een eigen staat. Hij is benieuwd of JA21 nu wel het bestaan van Palestijnen als volk en hun recht op een eigen staat erkent. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat die vraag niet over dit agendapunt gaat.

8

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid KHAN (DENK) vraagt het lid Rijpkema nogmaals om verduidelijking omdat het niet moeilijk is om te antwoorden op de vraag of de Palestijnen bestaan als volk en of dat volk ook recht heeft op een eigen staat. Het lid RIJPKEMA (JA21) antwoordt dat hij omwille van de spreektijd wil terugkeren naar het referendum en de onafhankelijke adviescommissie. De ruimte om een land te boycotten vanuit de gemeentepolitiek bestaat niet. Het organiseren van een referendum over een onderwerp waarover de raad niet gaat en waarvan de uitkomst niet kan worden uitgevoerd, is geen versterking van de democratie maar het tegenovergestelde. Men vraagt inwoners zich uit te spreken over iets waarvan de politiek op voorhand al weet dat het niet kan worden waargemaakt. Dit is niet zorgvuldig, niet geloofwaardig en kan ook niet worden verantwoord richting de kiezer. Daarom sluit JA21 zich aan bij het oordeel van de referendumcommissie en zal zij tegen de verdere doorgang van het referendum stemmen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Delsen. Het lid DELSEN (SP) stelt dat het de taak van raadsleden is om de Amsterdammer te vertegenwoordigen en de wereld om hen heen een stukje beter te maken. Op dit moment is er een genocide gaande waarbij al meer dan 70.000 slachtoffers zijn gevallen en de regering weigert te doen wat ze moet doen.

In dat geval staat Amsterdam op vanuit de grassroots met Amsterdammers die proberen hier een einde aan te maken. Ze doen dat op de meest democratische manier die mogelijk is, door middel van een referendum. Er wordt nu gezegd dat het gaat over zaken die de Amsterdamse gemeente niet aangaan maar de concrete eisen zijn Amsterdamse eisen. Het gaat om de transparantie van gemeentelijke banden, het stoppen van samenwerking met betrokken bedrijven, een economische, culturele, sportieve en academische boycot, druk op de eigen private sector, publiekscampagnes en een lobby richting de nationale overheid. Al deze maatregelen zijn nadrukkelijk Amsterdams en hebben weinig te maken met buitenlandse zaken. Het zijn Amsterdamse maatregelen omdat het Amsterdams geld is en ze willen bepalen wat er met dat geld gebeurt. Het advies van de referendumcommissie depolitiseert een politiek probleem. Het wordt niet het juiste middel genoemd en het mag niet. Dit is een uiterst selectieve interpretatie van wat er aan de hand is. Wanneer het over Rusland gaat zijn alle maatregelen mogelijk maar als het over Israël gaat is dat niet meer het geval. Het lid HAVELAAR (CDA) stelt dat de gemeente Amsterdam niet zelfstandig een boycot tegen Rusland heeft ingesteld maar het landelijk politieke beleid volgt. Dit is volgens hem precies de crux van de discussie.

Het lid DELSEN (SP) antwoordt dat de Amsterdamse gemeente voluit is meegegaan om op die manier internationale politiek te voeren. Dit is gebeurd in het museum waar banden met Rusland bestaan en op de universiteiten. Ze doen van alles en zetten zich ook voluit in om op hun eigen manier een stukje internationale politiek te voeren. Hij denkt ook dat dat moet kunnen. En als het gaat over iets ernstigs als genocide hij niet dat ze zich niet langer moeten verschuilen. Het lid HAVELAAR (CDA) stelt dat de gemeente Amsterdam ten aanzien van Rusland geen enkele maatregel heeft genomen die uitsluitend in Amsterdam geldt. De kern van de discussie is dat de gemeente Amsterdam niet bevoegd is om zelf een boycot in te stellen, net zoals dat bij Rusland ook niet het geval was, want daar was het buitenlands en Europees beleid anders. Het lid DELSEN (SP) antwoordt dat de gemeente Amsterdam zelf gaat over waar ze haar geld aan uitgeeft en waar ze campagnes over voert.

9

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid HAVELAAR (CDA) stelt dat het lid Delsen het niet eens kan zijn met de landelijke wetgeving maar dat hij niet kan zeggen dat hij het aan zijn laars lapt. Bovendien is bekend dat beslissingen van de gemeente in het verleden door het Rijk zijn vernietigd. Het lid DELSEN (SP) blijft bij zijn antwoord. De situatie is nog steeds nijpend en alle beschikbare middelen moeten worden ingezet en de grenzen moeten worden opgezocht. Dat is de manier waarop gehandeld moet worden. Want als de gemeente het niet doet, doet niemand het. Het lid BENTOUMYA (PRO) kan het lid Delsen voor een groot deel volgen. De verschrikkingen nemen toe en de gemeente Amsterdam moet alles doen wat in haar macht ligt om daartegen op te treden. Maar de raad heeft een onafhankelijke referendumcommissie aangesteld die niet gaat over de inhoud van het referendum maar over de totstandkoming ervan. Ze vindt het belangrijk dat onderscheid te markeren omdat het bij gevoelige onderwerpen cruciaal is die scheiding zuiver te houden en omdat ze niet wil dat de SP daarover een andere suggestie doet. Het lid DELSEN (SP) geeft aan geen vraag te hebben gehoord. Het lid HOFLAND (D66) heeft de SP horen zeggen dat de referendumcommissie een onderscheid maakt tussen Rusland en Israël. Hij benadrukt dat de referendumcommissie er is om objectief te oordelen en het is schadelijk om de suggestie wekken dat zij politiek is.

Als het lid Delsen dat niet heeft bedoeld te zeggen, dan heeft hij de gelegenheid dat te nuanceren. Het lid DELSEN (SP) heeft geen behoefte aan die gelegenheid. Uiteindelijk is het de bedoeling dat Amsterdammers ruimte krijgen om zich te uiten en de raad bij te sturen. Dat is precies waarvoor het referendum bedoeld is. Het is niet lang geleden dat de genocide is begonnen, dat de minister van Defensie van Israël spreekt over het bevechten van human animals en aangeeft dat er geen elektriciteit, geen voedsel en geen brandstof meer Gaza in zal gaan. Vervolgens valt datzelfde land Iran aan, bombardeert het nu Libanon en werd vorige week opnieuw een apartheidswet toegevoegd op grond waarvan alleen Palestijnen tot de doodstraf kunnen worden veroordeeld terwijl dat bij Israëli's niet het geval is. Dan kijkt hij naar de reactie van het college dat aangeeft al veel te doen. Hij ziet raadsleden van allerlei partijen meedoen aan de Rode Lijn en ook de premier doet mee aan de Rode Lijn. Uiteindelijk doen ze te weinig en wordt de raad op dit moment in onzekerheid gelaten over de vraag of al dan niet toestemming wordt gegeven voor dit referendum. Hij vraagt zich af door wie het college zich laat gijzelen. Het is nu tijd om actie te ondernemen zoals de aanvragers van het referendum vragen en politieke belangen niet de boventoon te laten voeren.

De urgentie is groot en er moet nu worden ingegrepen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bentoumya. Het lid BENTOUMYA (PRO) wijst op de gruwelijke beelden van de voortdurende genocide in Gaza en het geweld op de Westelijke Jordaanoever. Beelden die niet loslaten en ook niet zouden moeten loslaten, want in een wereld waarin geweld en straffeloosheid alleen maar erger lijken te worden, wordt ook de situatie in Palestina steeds slechter. Israëlische parlementariërs proosten op de invoering van de doodstraf voor Palestijnen en meer recentelijk is er het rapport van Save the Children over de marteling en het misbruik van Palestijnse kinderen in Israëlische cellen. Net als vele Amsterdammers ervaart haar fractie daarbij diepe pijn en wanhoop. Ze kan zich niet voorstellen hoe het is om dagelijks te moeten vrezen of rouwen om geliefden in Palestina of om het eigen land. Daarom wil haar fractie zowel de indieners van het referendum als die van het initiatiefvoorstel bedanken voor hun inzet. Want al kan de stad de genocide niet stoppen, Amsterdam moet alles doen wat binnen haar verantwoordelijkheid en macht ligt om een verschil te maken.

10

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

PRO Amsterdam kan zich vinden in de strekking van de oproep van het Amsterdam Palestina Referendum. Dat is ook een belangrijke reden waarom dit onderwerp bij de coalitieonderhandelingen op tafel ligt, want juist daar wil de fractie bekijken welke stappen de stad kan zetten. De fractie vindt ook dat de gemeente Amsterdam via haar inkoopbeleid geen bijdrage mag leveren aan mensenrechtenschendingen. Daarom wil PRO het inkoopbeleid verder onder de loep nemen en ziet ze het als een belangrijke bemoediging om als gemeente een boycot in te stellen tegen organisaties en bedrijven die bijdragen aan mensenrechtenschendingen tegen Palestijnen. Het lid DELSEN (SP) geeft aan in grote spanning te verkeren. De vraag waarop iedereen zit te wachten is of PRO het referendum gaat steunen, want het hangt af van PRO. Het lid BENTOUMYA (PRO) hoopt dat de raadsleden elkaar laten uitpraten en elkaars argumentatie laten afmaken. Ze gaat verder met haar betoog en komt daar zo op terug. Ze benadrukt dat de gemeente Amsterdam ook expliciet naast de Palestijnse Amsterdamse gemeenschap kan gaan staan. Net als DENK heeft haar fractie eerder vragen gesteld over de mogelijkheid van een genocidemonument in de stad en ook op andere manieren wil de fractie naast de Palestijnse Amsterdammers staan en hen faciliteren op een manier die recht doet aan hun pijn en behoeften.

Gezien het feit dat dit onderwerp zo leeft in de stad begrijpt de fractie de wens om meer te doen. Voor deze commissiebehandeling acht ze het van belang het grotere doel en het verzoek zoals ingediend uit elkaar te trekken. De onafhankelijke commissie is aangesteld om te oordelen zonder eigen inhoudelijke voorkeuren mee te wegen. Juist bij onderwerpen die zo diep raken, is het van groot belang daar goed naar te kijken en naar te luisteren. Haar fractie vindt dat het advies van de onafhankelijke referendumcommissie die door de raad zelf is aangesteld niet zomaar terzijde kan worden gelegd. Het tweede adviespunt over de onwenselijkheid van het referendabel maken van standpunten kan ze volgen maar ze heeft een aantal vragen bij het eerste punt over de internationale samenwerking. Een referendum kan op zijn vroegst in maart 2027 plaatsvinden en haar fractie maakt zich zorgen dat een referendum in de tussentijd kan leiden tot stilstand op dit onderwerp omdat gewacht moet worden op de uitkomsten van wat Amsterdammers ervan vinden. Ze vraagt of dat inderdaad het geval is. Haar tweede vraag betreft het feit dat de referendumcommissie in haar advies schrijft dat gemeenteraden enige ruimte hebben om een standpunt in te nemen over onderwerpen die eigenlijk onder het buitenlandbeleid vallen maar dat dit onderwerp buiten de wettelijke bevoegdheden van de gemeenteraad valt.

Ze vraagt de commissie kan uitleggen hoe zij tot die conclusie is gekomen en in welk geval de gemeente wel ruimte zou kunnen innemen op het gebied van buitenlandbeleid. Ten derde vraagt ze of de referendumcommissie een onderscheid kan maken tussen de punten in het alternatieve burgervoorstel die wel en niet onder de bevoegdheid van de gemeente vallen. PRO Amsterdam wil er geen misverstand laten bestaan, de fractie voelt de urgentie en is het eens met het belangrijkste doel van het Amsterdam Palestina Referendum. Amsterdam mag geen indirecte bijdrage leveren aan mensenrechtenschendingen en PRO ziet genoeg aanknopingspunten waar de gemeente Amsterdam wel over gaat en waarmee zo snel mogelijk aan de slag gegaan kan worden. De fractie realiseert zich dat een referendum een kostbaar en langdurig proces is en dat de raad daar zorgvuldig naar moet kijken. De Palestijnse bevolking is het meest gebaat bij actie en wel zo snel mogelijk. Daarom werkt PRO graag samen met andere partijen en de initiatiefnemers aan concrete maatregelen.

Het lid DIBI (BIJ1) vindt het buitengewoon jammer dat het lid Bentoumya woordvoerder is op dit onderwerp, want zij heeft waardevol werk geleverd op het vlak van het erkennen van Palestijnse Amsterdammers en het aan tafel krijgen van hen die lange tijd vergeten en over het hoofd gezien werden door het college en de burgemeester en die raadsadressen moesten sturen om benoemd te worden. De vraag is echter of het proIsraël of pro-internationaal recht is. Als het lid Bentoumya bang is voor vertraging dan

11

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

kunnen de tien punten vandaag nog worden overgenomen en worden ingediend. Maar het lijkt erop dat PRO afkoerst op een tegenstem en daarmee valt de meerderheid weg met als resultaat wat altijd het geval is bij dit onderwerp, uitstellen, afleiden, doorverwijzen en vertragen en dat is precies het tegenovergestelde van wat het lid Bentoumya zegt te willen. Het lid BENTOUMYA (PRO) herhaalt dat een aantal punten l uit elkaar getrokken moeten worden. De onafhankelijke commissie heeft daar goed naar gekeken. Ze heeft nog aanvullende vragen, maar het advies kan niet terzijde worden gelegd. Als de punten referendabel worden gemaakt en Amsterdammers wordt gevraagd wat zij ervan vinden maar naderhand geconcludeerd moet worden dat de uitkomst niet benut kan worden omdat het buiten de gemeentelijke bevoegdheden valt, dan is er niet alleen vertraging opgelopen maar is er ook geen recht gedaan aan wat voor Amsterdammers zo belangrijk is. De fractie van PRO hoort luid en duidelijk wat gevraagd wordt en wil zo snel mogelijk aan de slag met wat wel mogelijk is, liever gisteren dan morgen. Daarin kunnen PRO en het lid Dibi zij aan zij staan en dat is de inzet van PRO Amsterdam. Het lid DIBI (BIJ1) ziet waar dit op afkoerst en vindt eigenlijk dat het lid Pels daar zou moeten zitten.

In de campagne heeft PRO zich volledig ingezet voor Free Palestine, maar nu zijn de enige argumenten die hij hoort procedurele argumenten, hoe complex het is en hoe zorgvuldig er gewerkt moet worden. Het is allang duidelijk wat gedaan moet worden en dat is ook een juridische verplichting, geen zakendoen met bedrijven die de Israëlische economie versterken. Hij vraagt welk van de tien punten het lid Bentoumya kan noemen dat nu niet opgepakt zou kunnen worden. Het lid BENTOUMYA (PRO) heeft op dat laatste punt de referendumcommissie om een nadere toelichting gevraagd omdat die toelichting van belang is om te kunnen duiden wat wel en niet mogelijk is. Op dat antwoord wacht ze nog. Wat betreft het verwijt dat ze alleen over procedures spreekt antwoordt ze dat ze haar betoog is begonnen met de inhoud en die inhoud is wat PRO Amsterdam betreft leidend. Juist op het punt van inkoop heeft de fractie eerder een mensenrechtenclausule in het inkoopbeleid laten opnemen en op basis van schriftelijke vragen die haar collega IJmker in september heeft gesteld over Palestina ziet de fractie genoeg aanknopingspunten om mee aan de slag te gaan. Het is dan ook absoluut niet het geval dat PRO Amsterdam een procedurevoorstel doet. Ze willen juist overgaan tot actie en daarin transparantie bieden aan Amsterdammers over wat de gemeente wel en niet kan doen.

Dat is ook de reden voor de aanvullende vragen aan de referendumcommissie. Ze laat niet toe dat PRO Amsterdam zo wordt weggezet. De fractie staat voor mensenrechten en voor hen is het geen kwestie van het middel maar van het doel. Het lid DIBI (BIJ1) wijst erop dat een miljoen handtekeningen zijn binnengehaald voor een burgerinitiatief in Europa, mede dankzij Thijs Reuten, een partijgenoot van PRO. Hij noemt dit een ongelooflijke deceptie en stelt dat hij hier een meerderheid ziet verdwijnen. Het lid DELSEN (SP) hoort feitelijk dat PRO Amsterdam bereid is alles te doen zolang het maar is toegestaan. Hij gaat ervan uit dat PRO Amsterdam zich daarvoor zal inzetten. De vraag is of dit ook betekent dat de antwoorden van de heer De Lange ertoe kunnen leiden dat PRO het initiatief neemt op al die punten. Hij vraagt of de raad en de Amsterdammer ervan uit kunnen gaan dat PRO direct tot actie overgaat als de heer De Lange aangeeft dat bepaalde maatregelen mogelijk zijn en binnen de bevoegdheid van de gemeente vallen. Het lid BENTOUMYA (PRO) heeft aan het einde van haar betoog duidelijk gemaakt dat PRO Amsterdam met partijen in de raad en de initiatiefnemers om tafel wil om te kijken naar de stappen die nu gezet kunnen worden.

12

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid DELSEN (SP) heeft nog een aanvullende vraag over de bevoegdheden van de gemeente. Er worden vaker voorstellen gedaan die eigenlijk buiten de gemeentelijke bevoegdheid vallen, bijvoorbeeld als het gaat om het aanpakken van huisjesmelkers waarvoor GroenLinks volledig wilde gaan. Hij vraagt waarom dat in dit geval niet zo is en waarom ze nu bang zijn om de regeltjes te overtreden. Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat de gemeente over bepaalde dingen wel en over bepaalde dingen niet gaat. Dat is vervelend en ze voelt zich ook dikwijls enorm gefrustreerd over de landelijke lijn en ze zou uit de grond van haar hart willen dat de gemeente meer zou kunnen doen. Ze vindt dat de gemeente de randen moet opzoeken van haar bevoegdheden en tegelijkertijd transparant en helder moet zijn naar Amsterdammers over wat de gemeente kan doen. De gemeente moet geen valse verwachtingen scheppen, want dat is niet eerlijk en ook niet doelmatig. De gemeente moet kijken naar wat ze wel kan doen en PRO Amsterdam gaat daarmee aan de slag. Het lid DELSEN (SP) vraagt wat hij kan verwachten. Hij wil weten of er een initiatief komt, of de wethouders van PRO geïnstrueerd worden en wat er precies gaat gebeuren zodra bekend is wat binnen de bevoegdheden ligt. Hij wil weten op welke termijn dat verwacht kan worden aangezien het een urgente kwestie is.

Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat ze een aantal dingen al heeft genoemd, bijvoorbeeld dat het een onderwerp is dat aan de coalitietafel wordt besproken. Het is inderdaad een onderwerp waarbij PRO al in de komende weken wil kijken wat er nog meer gedaan kan worden met partijen, maar ook met de initiatiefnemers en met de Palestijnse gemeenschap. Dat is niet iets wat niet eerder is gedaan maar het is iets waarop een schepje bovenop gedaan moet worden en waarmee zo snel mogelijk verder mee aan de slag willen. Het lid BAKKER (PvdD) hoort dat PRO zegt over te willen gaan op actie maar het lid Bentoumya heeft het ook nog steeds over aanknopingspunten en voor de tweede keer verwijst ze naar de coalitieonderhandelingen die in de toekomst liggen. Ze maakt het verder nog niet concreet terwijl er tien concrete eisen van het referendum voorliggen. Ze vraagt of ervan uitgegaan mag worden dat, als het binnen de bevoegdheden valt, dat die tien eisen in een voorstel de volgende raad ter besluitvorming worden voorgelegd. Het lid BENTOUMYA (PRO) herhaalt dat ze de referendumcommissie heeft gevraagd om meer duiding op de verschillende onderwerpen en wat wel en niet binnen de gemeentelijke bevoegdheid valt. Als een heel concreet aanknopingspunt noemt ze dat er nu mensenrechtenclausules zijn opgenomen in het inkoopbeleid en dat daar veel meer in gedaan kan worden.

Er zijn ook buitenlandse voorbeelden van Europese steden waarin ook het een en ander al gebeurt en dat is iets dat gelijk opgepakt kan worden. Het lid BAKKER (PvdD) wijst op de tien duidelijke eisen en ze wil graag de toezegging dat als het kan, dat die tien eisen worden doorgevoerd, dus van de culturele en sportboycot tot aan het transparant maken van instellingen, het oproepen van de privésector, een bewustwordingscampagne en het oproepen van het Rijk. Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat eerst gekeken moet worden wat het antwoord is van de adviescommissie maar dat ze het ook breder wil trekken. In haar eerdere bijdrage heeft ze gesproken over een boycot en ook over andere punten die de gemeente kan ondernemen en waartoe ze bevoegd is. Ze wil daar zeker samen met het lid Bakker naar kijken. Het lid BAKKER (PvdD) vindt het nog te vrijblijvend. Er wordt verwezen naar wat er eerder door PRO is gezegd maar er staan nu tien concrete eisen op de agenda. Het enige wat in de weg staat, is of de gemeente bevoegd is. Het lijkt haar geen moeilijk antwoord om te zeggen dat die tien eisen worden voorgelegd op het moment dat het duidelijk is dat de gemeente die bevoegdheden heeft.

13

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat op basis van het advies eerst helder moet zijn wat precies die bevoegdheden wel en niet zijn en dat en dat dan gekeken kan worden welke stappen de gemeente kan zetten. Het lid Bakker weet ook dat de gemeente over andere dingen gaat dan bijvoorbeeld op landelijk niveau. Ze vindt het ook een verantwoordelijkheid van de politieke partijen om zich te buigen over hun verantwoordelijkheden en binnen die verantwoordelijkheden stappen te zetten. Daarin vindt de Partij voor de Dieren PRO aan haar zijde. Dat is altijd zo geweest en dat zal ook in de toekomst zo blijven. Het lid WIJNANTS (VVD) wil het lid Bentoumya danken voor haar afgewogen betoog. Ze stelt dat de referendumadviescommissie duidelijkheid zou moeten geven over wat wel en niet onder de bevoegdheden van de raad valt op het gebied van internationaal beleid maar dat lijkt hem geen taak van de referendumadviescommissie. De referendumadviescommissie is er niet om aan de raad te melden wat wel en niet onder haar bevoegdheden valt en is er ook niet om aan te geven welke taken de raad op het gebied van buitenlands beleid zou kunnen doen. Dat was een expliciete vraag van het lid Bentoumya aan de heer De Lange en hij kan zich eigenlijk niet voorstellen dat de heer De Lange daar een antwoord op kan geven.

Wat de referendumadviescommissie moet doen, is oordelen over ingediende verzoeken die voorliggen en niet menukaarten presenteren over hoe je een referendum wel of niet zou kunnen formuleren. Hij vraagt of het lid Bentoumya het daarmee eens is en of ze haar vragen kan herformuleren. Het lid BENTOUMYA (PRO) is het daar niet mee eens. Het is een veelomvattend referendumverzoek en ze vindt het daarom belangrijk om daarbij een goede onderbouwing te krijgen. Ze ziet een aantal punten in het referendumverzoek waarbij de gemeente misschien iets kan doen. Bij andere punten wil ze graag de duiding van de referendumcommissie over waarom dat niet kan en hoe de referendumcommissie tot die totale afweging is gekomen. Om het advies van de referendumcommissie serieus te kunnen behandelen, is het belangrijk om die antwoorden op tafel te krijgen. Het lid WIJNANTS (VVD) vindt dat teleurstellend omdat daarmee de referendumadviescommissie in een ingewikkelde positie wordt geplaatst. Het is niet aan de raad om het takenpakket van een door haarzelf ingestelde commissie te verbreden en te vragen om een menukaart te presenteren van mogelijke herformuleringen.

Hij denkt dat het lid Bentoumya deze vraag aan de heer De Lange moet intrekken omdat het niet per se een breed gedeelde mening in de gemeenteraad is dat de referendumadviescommissie zou moeten aangeven hoe je eventuele referendumverzoeken kunt herformuleren zodat ze wel aan de criteria voldoen en ook niet om aan te geven wat wel en niet binnen de bevoegdheid van de gemeente valt. De referendumadviescommissie moet enkel de voorliggende referenda beoordelen en het daar bij houden. Het lid BENTOUMYA (PRO) vindt dat bij een onderwerp dat zo ontzettend belangrijk en zo ontzettend gevoelig is het noodzakelijk is om te begrijpen hoe de referendumcommissie tot haar oordeel komt. Dat neemt niet weg dat het advies zwaar weegt. Ze vindt het ook belangrijk om verhelderende vragen te kunnen stellen die leven bij PRO Amsterdam en ook breder in de samenleving zodat helder wordt waar de referendumcommissie over gaat en waar de raad over gaat en zodat daar een goed oordeel over gevormd kan worden. Het lid WIJNANTS (VVD) vindt dat het lid Bentoumya zich een beetje verraadt met de opmerking dat het onderwerp zo belangrijk is. Er is een referendumadviescommissie om onafhankelijk, los van de inhoud, puur procesmatig te kijken of een vorm voldoet aan de voorwaarden. Daarbij is het volstrekt irrelevant of hij het onderwerp belangrijk vindt of dat het lid Bentoumya het onderwerp belangrijk vindt.

Door er nu toch weer een inhoudelijke extra weging aan te geven, ondergraaft het lid Bentoumya de neutrale positie die ze aan het begin innam en dat is zonde.

14

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid BENTOUMYA (PRO) wil daaraan toevoegen dat het onderwerp ook veelomvattend is. Er staan tien punten in het verzoek van de referenduminitiatiefnemers en ze vindt het daarom belangrijk om goed inzicht te krijgen in hoe de referendumcommissie tot haar oordeel komt. Het lid HAVELAAR (CDA) vraagt welke rol het belang van het onderwerp speelt in die vraag. Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat de referendumcommissie een advies geeft aan de raad en dat de raad bestaat uit volksvertegenwoordigers. Ze vindt het heel belangrijk dat niet alleen voor de raad helder is wat er staat, maar ook dat Amsterdammers kunnen volgen wat de argumentatielijn is van de referendumcommissie. Die is voor een heel groot deel te volgen maar op een deel heeft ze nog vragen. Ze herhaalt dat het niet alleen belangrijk maar ook veelomvattend is. Het lid HAVELAAR (CDA) hoopt dat het onderwerp zelf irrelevant is. Maar daarmee verandert wel het karakter van de adviescommissie die dan niet meer moet beoordelen wat voorligt maar mee moet gaan denken over hoe het opgeschreven zou moeten worden. Het lid BENTOUMYA (PRO) antwoordt dat ze daar niet om gevraagd heeft. Ze heeft gevraagd om een goed en helder inzicht in hoe de referendumcommissie tot haar oordeel is gekomen en om iets meer toelichting op een aantal punten. Ze hoopt dat de referendumcommissie daar antwoord op kan geven.

Het lid DELSEN (SP) vraagt waarom het lid Bentoumya geen antwoord geeft op de vraag of de lijst met eisen aan de raad wordt voorgelegd als blijkt dat die eisen binnen de bevoegdheid van de gemeente vallen. Het lid BENTOUMYA (PRO) denkt dat hier twee punten door elkaar worden gehaald. Het is geen lijst van dingen die niet mogen of kunnen, want daar heeft de referendumcommissie geen oordeel over geveld. De referendumcommissie heeft gekeken of het referendabel is. Op basis van twee argumenten stelt referendumcommissie dat het gaat over internationaal beleid en dat is niet waar de gemeente over gaat. Daarover heeft ze een verhelderende vraag gesteld. Een ander punt dat de referendumcommissie naar voren brengt is dat het onwenselijk is om standpunten referendabel te maken omdat je dan bij elk initiatiefvoorstel een soort peiling zou kunnen doen en het middel referendum daar niet voor bedoeld is. Wat het lid Delsen hier zegt is iets te kort door de bocht en daarom is het belangrijk om die twee zaken uit elkaar te halen. Er moet worden nagedacht over de inhoud en wat daarvan binnen de bevoegdheden valt. Over de vorm heeft de referendumcommissie haar advies neergelegd en daarover gaat de raad stemmen. Het lid DELSEN (SP) merkt op dat zijn vraag niet over het referendum gaat.

Het gaat erom dat er straks meerdere maatregelen genomen kunnen worden waarvan de PRO-fractie zegt dat sommige niet genomen kunnen worden. Hij vraagt waarom die maatregelen dan niet worden genomen en wil weten wanneer het dan gebeurt. Het lid BENTOUMYA (PRO) wil nogmaals benadrukken hoe belangrijk PRO Amsterdam dit onderwerp vindt. Niet alleen zijn er in het verleden stappen op ondernomen, PRO wil ook verder gaan en dat betekent zorgvuldig kijken met andere partijen, met de initiatiefnemers en met de Palestijnse gemeenschap op welke vlakken de gemeente stappen kan zetten. Dat ligt bij de coalitieonderhandelingen op tafel, maar ook bij de fractie. Die handschoen wordt verder opgepakt, daaraan wordt gewerkt en de raad kan PRO daar later op bevragen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Khan.

15

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 15 april 2026

Het lid KHAN (DENK) herinnert de raad eraan dat hij iets meer dan twaalf maanden geleden naar aanleiding van het nationaal falen in relatie tot de live gestreamde genocide in Gaza een discussienota heeft geagendeerd over mensenrechten voor iedereen. Die discussienota bevatte drie voorstellen, gebruik uitspraken van internationale gerechtshoven als juridisch kader voor alle staten die zich schuldig maken aan mensenrechtenschendingen, verbind concrete gevolgen aan die uitspraken en betrek alle getroffen gemeenschappen in het plan van aanpak. De raad heeft dit verder niet meer geagendeerd en nu hebben Amsterdammers zelf die rol opgepakt, omdat het lot van de Palestijnen hen diep raakt. Er is een nieuwe generatie opgestaan die gelooft in mensenrechten in woord en daad en die genocide niet als zelfverdediging ziet of als te complex terzijde schuift. Het antwoord van de initiatiefnemers ligt niet alleen in het doel van rechtvaardigheid maar ook in de democratische middelen, namelijk een referendum. Ze verdienen erkenning voor hun inhoudelijke werk en voor het bieden van de mogelijkheid aan Amsterdammers om zich uit te spreken over het meest urgente morele vraagstuk van deze tijd. Noch het initiatiefvoorstel van De Vonk en DENK, noch het burgervoorstel gaat over buitenlandbeleid.

Het gaat over hoe wordt gehandeld ten opzichte van onrecht en over de vraag of Amsterdams belastinggeld daaraan bijdraagt. Het referendumverzoek was nodig als het over Rusland of China zou gaan, maar als het over Israël gaat blijft de regering wegkijken en dat leidt tot straffeloosheid en voortdurende agressie tegen Palestijnen. Alleen al de afgelopen zeven dagen zijn er rapporten verschenen over hoe Palestijnen dood worden gemarteld in Israëlische gevangenissen en hoe mannen en vrouwen worden verkracht, waarbij zelfs honden worden ingezet. Het is te gruwelijk om te benoemen maar het moet worden benoemd om duidelijk te maken wat de voortdurende agressie voor de Palestijnen betekent. Kinderen worden ontvoerd, gevangengenomen, gemarteld en seksueel vernederd, en nog steeds komen er dagelijks beelden binnen van vermoorde kinderen uit Gaza. Gisteren waren nog de beelden van een Palestijns jongetje met de achterkant van zijn hoofd open. Hij moet dit benoemen omdat velen het misschien niet meekrijgen terwijl het onrecht niet te verkroppen is. De regering gaat over het buitenlandbeleid maar Amsterdam beslist over haar eigen geld en de gemeente moet bekijken wat ze zelf kan doen om niet bij te dragen aan mensenrechtenschendingen. Amsterdam heeft al stappen gezet. De burgemeester heeft zich uitgesproken, er is geld vrijgemaakt en de raad heeft moties aangenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16943520/1