CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2026.02.12 Conceptverslag FKD

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 15 april 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare vergaderingen van de raadscommissies van20.181 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

10 alinea's met “debat”: 19 23 24 25 29 146 151 152 158 169

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit

FKD

raadscommissieverslag, 12 februari 2026

CONCEPTVERSLAG

Vergadering Vergaderdatu

Openbare vergadering van de raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 12 februari 2026 van 9.00 – 21.11 uur in Willem Kraanzaal

Verslag vast te stellen op:

Woensdag 15 april 2026 (TAR)

m

Voorzitter: M. Lust Plaatsvervangend voorzitter: H.C. Burgers Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, T. Meliani, A. Scholtes Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: P. Miedema, M. Saelman Verslaglegging: I. van Mourik (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: A. Namane (PvdA), Y.E. Bentoumya (GroenLinks), E.C. IJmker (GroenLinks), C.A.D. van Munster (GroenLinks), M. Lust (D66), E. Schmit (D66), H.C. Burgers (VVD), M. von Gerhardt (VVD), M.M. Meerburg (Partij voor de Dieren), J.M. Krom (Partij voor de Dieren), I. Garmy (Volt), S.Y. Khan (DENK), S. Koyuncu (DENK) C. Van Berkel (JA21), R.B. Havelaar (CDA), J. Noordman (FvD), C.K.E. Kabamba (Partij voor Morgen) Afwezig: J. Haijen (SP), J.F. van Pijpen (GroenLinks), A. Bouhassani (PvdA) Overige aanwezigen: M. Belkasmi (PvdA)

1.

2. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet iedereen welkom. b. Mededelingen De VOORZITTER meldt de afwezigen en geeft verder aan dat bespreekpunten die voor de gemeenteraad worden aangemeld op de agenda komen van de eerstvolgende raadsvergadering van 18 en 19 februari, en niet van een latere vergadering. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat het college zich aansluit bij een internationale oproep om zogeheten nudity-apps te verbieden. Dit zijn apps waarmee eenvoudig naaktbeelden van gewone foto’s zijn te maken en te verspreiden zonder leeftijdscontrole. Hij benadrukt dat dit grote schade kan veroorzaken bij kinderen en jongeren. De gemeente sluit zich hierbij aan samen met Offlimits, bekend van hulplijn Helpwanted. Hij komt verder terug op de vraag over de gereserveerde vijf ton voor de AI-agenda. Dit budget wordt ingezet om AI-toepassingen binnen de gemeente verantwoord op te schalen. Hij geeft aan dat AI wordt gebruikt om bestemmingsplannen om te zetten naar omgevingsplannen, waardoor processen vijf tot tien keer sneller verlopen. Ook wordt AI ingezet bij het uitschrijven van gesprekken met inwoners, onder andere in de zorg, zodat administratieve lasten dalen en meer tijd overblijft voor dienstverlening. Daarnaast wordt gewerkt aan de juridische en organisatorische randvoorwaarden voor verantwoorde invoering van AI.

Hij verwijst naar de brief van 30 januari over het gebruik van taalmodellen en de vragen

1

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

van de leden Aslami en Krom. Daarin staat ook informatie over het al dan niet vervangen van het huidige model. Hij geeft aan dat inmiddels meer dan de helft van de ambtelijke doelgroep de chatbot gebruikt. De wethouder licht toe dat wordt gewerkt aan zogeheten moresprudentie: een afwegingskader voor het wel of niet inzetten van digitale en AI-toepassingen. Er is een format ontwikkeld om AI-bijsluiters extern en begrijpelijk te delen. Dit gebeurt samen met andere organisaties en binnen landelijke samenwerkingen rond digitale ethiek en data. Hij verwacht dat daar richting de zomer verdere stappen in worden gezet. Tot slot meldt hij dat op 3 maart een technische sessie plaatsvindt over het externe onderzoek naar de busincidenten in Noord bij GVB. Externe onderzoekers geven daar een toelichting. Hij benadrukt dat voldoende aanmeldingen nodig zijn, anders gaat de sessie niet door vanwege de kosten. Wethouder MELIANI geeft aan dat die middag een belangrijke stap plaatsvindt in de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum. Ze meldt dat de internationale prijsvraag voor de ontwerpend architect van het museumgebouw en het park op de kop van het Java-eiland start. Architectenteams van over de hele wereld kunnen zich tot en met 7 april aanmelden. Ze nodigt de raad uit om vanaf 16.00 uur hierbij aanwezig te zijn.

Ze komt verder terug op een vraag van lid Khan over educatiemateriaal van het Suriname Museum. Ze geeft aan dat dit museum per 1 januari een educatieaanbod heeft voor de bovenbouw van het primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. Het aanbod is opgebouwd rond de perspectieven cultuur, migratie en kolonialisme en sluit aan bij verschillende leeftijden en niveaus. Inmiddels nemen tien scholen deel en staan twintig scholen gepland, met veel positieve reacties. Het museum breidt het aanbod verder uit met lespakketten, workshops, randprogrammering en training van museumdocenten. Ook neemt de afdeling Onderwijs dit educatieaanbod mee in een nieuwsbrief aan scholen. Ze beschouwt hiermee de toezegging als afgehandeld. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER meldt dat lid Bouhassani ziek is en daarom verzoekt om agendapunt 3, het initiatiefvoorstel Amsterdam samen tegen moslimdiscriminatie, door te schuiven naar de tijdelijke algemene raadscommissie van 15 april. De raad stemt hiermee in. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) legt uit dat lid Van Munster lid Van Pijpen vervangt bij agendapunt 6, maar eerder moet vertrekken. Ze verzoekt daarom om dit agendapunt naar voren te halen op de agenda. De VOORZITTER concludeert dat de commissie instemt om agendapunt 6 als eerste te behandelen. De voorzitter licht vervolgens agendapunt 9 toe.

Ze meldt dat er afgelopen woensdag twee geheime bijlagen aan dit agendapunt zijn toegevoegd. Een deel van deze informatie is inmiddels in de media verschenen, maar ze benadrukt dat de stukken daarmee niet openbaar zijn. Openbaarmaking kan alleen na een raadsbesluit in de raadsvergadering van 18 en 19 februari. De voorzitter geeft aan dat het debat over deze bijlagen alleen in beslotenheid kan plaatsvinden zolang de geheimhouding geldt. Als de commissie het debat nu openbaar voert, wordt daarmee de wet overtreden. Ze vraagt de leden of zij het debat vandaag besloten willen voeren en eventueel later nog openbaar, of het debat pas volgende week in het openbaar willen houden, en nodigt uit tot andere suggesties. Lid HAVELAAR (CDA) geeft aan dat de commissie niet kan bevestigen of ontkennen of berichtgeving in de krant overeenkomt met de geheime stukken, omdat daarmee alsnog uit die stukken wordt onthuld. Hij stelt dat het volgens hem mogelijk is om het debat in openbaarheid te voeren op basis van de openbare raadsinformatiebrief van de wethouder en de openbare

2

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

reacties van onder meer het ministerie, de provincie en het Berenschot-rapport. Hij benadrukt dat hij niets zal zeggen over de inhoud van de geheime bijlagen. Hij geeft aan dat er volgens hem voldoende openbare informatie is om het gesprek nu te voeren en dat nadere bespreking later kan plaatsvinden nadat de geheimhouding is opgeheven. Hij wil vandaag al wel een aantal vragen beantwoord krijgen ter voorbereiding op de raadsvergadering van volgende week. De VOORZITTER vat samen dat zijn voorstel is om alleen de openbare stukken te bespreken en de geheime bijlagen buiten beschouwing te laten. Ze waarschuwt dat wanneer tijdens het debat toch informatie uit de geheime bijlagen wordt besproken, de wet wordt overtreden en dit in het uiterste geval strafrechtelijke gevolgen kan hebben. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) sluit zich aan bij lid Havelaar en stelt dat er voldoende openbare informatie beschikbaar is om het debat nu in openbaarheid te voeren. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat haar fractie zich daarin kan vinden, maar vraagt de voorzitter om een duidelijke toelichting op hoe moet worden omgegaan met recente krantenartikelen en mediaberichten, waaronder berichtgeving van Het Parool en AT5. De VOORZITTER antwoordt dat mediaberichten niet per definitie een juiste weergave zijn van de feiten.

Ze geeft aan dat er over deze artikelen kan worden gesproken, maar waarschuwt dat dit precair is en dat de commissie zich daarmee op glad ijs begeeft. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) merkt op dat wanneer er vragen over een artikel worden gesteld waarbij wordt betwijfeld of de informatie klopt, deze in beslotenheid beantwoord moeten worden, mogelijk door de wethouder. Ze benadrukt dat duidelijk moet zijn hoe met zulke situaties en de bijbehorende regels wordt omgegaan. De VOORZITTER geeft aan dat de wethouder zich in een lastige positie kan bevinden. Als vragen over zulke artikelen worden gesteld, kan er sprake zijn van het lekken van informatie, waardoor het ingewikkeld wordt om het debat in openbaarheid te voeren. Lid NAMANE (PvdA) voegt toe dat het soms voorkomt dat een debat in beslotenheid wordt gevoerd en dat de commissie zich inspant om zich strikt aan de regels te houden en geen vragen over geheime stukken te stellen. Ze vraagt of het aan het einde van het debat mogelijk is te beoordelen of het openbaar gemaakt kan worden. De VOORZITTER geeft aan dat het niet klopt dat de commissie zelf kan beslissen over openbaarmaking, dit vereist een raadsbesluit. Pas als volgende week besloten wordt de geheimhouding op te heffen, kan de inhoud van de geheime bijlagen in openbaarheid worden besproken.

Lid VAN BERKEL (JA21) zegt dat hij de geheime stukken niet heeft ingezien, zodat hij in ieder geval op basis van openbare informatie kan deelnemen aan het debat. Hij stelt dat er vandaag ruimte moet zijn om over de informatie te spreken die de media hebben gepubliceerd. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat het punt uiteraard volgende week ook volledig openbaar in de raad kan worden besproken, wat volgens haar belangrijk is voor de transparantie naar de stad. Tegelijkertijd vindt ze het voor de zorgvuldigheid beter om het nu in beslotenheid te bespreken, zodat vragen aan de wethouder kunnen worden gesteld over stukken waar niet over in openbaarheid gesproken kan worden. Lid HAVELAAR (CDA) stelt dat dit niet zijn voorkeur heeft. Hij wijst erop dat er veel insprekers zijn en dat mensen van de Passagiersterminal meekijken. Hij wil het debat in openbaarheid kunnen voeren en benadrukt dat de geheimhouding primair de verschillende afdelingen beschermt die adviezen hebben gegeven. Hij stelt voor dat het politieke gesprek openbaar plaatsvindt en dat, indien aan het einde iemand een specifieke vraag over een alinea

3

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

wil stellen, dit kort in beslotenheid kan gebeuren. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) geeft aan dat noch de commissie, noch de raad verantwoordelijk is voor het feit dat informatie in de media verschijnt. Hij stelt dat de raad over alles wat in openbaarheid is gekomen het college mag bevragen. Als het antwoord is dat iets nog geheim is, dan geldt dat als uitleg. Lid VAN BERKEL (JA21) wijst erop dat vooral kleinere partijen gebonden zijn aan beperkte spreektijd. Als een deel van het debat besloten wordt, gaat dat ten koste van de mogelijkheden om onderwerpen openbaar te bespreken. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat het voor GroenLinks prima is om het debat in openbaarheid te voeren, en dat indien een onderwerp toch in beslotenheid besproken moet worden, dit op dat moment kan gebeuren. De VOORZITTER stelt vast dat is besloten dat agendapunt 9 in openbaarheid wordt besproken, voor zover de stukken dat toelaten, en dat de geheime bijlagen buiten beschouwing blijven. Ze stelt dat hiermee de agenda in principe is vastgesteld. Na het punt over de zeecruises wordt bekeken of een extra avonddeel nodig is. Lid IJMKER (GroenLinks) merkt op dat dit de laatste vergadering van deze raadsperiode is en dat de commissie structureel te weinig tijd heeft gehad vanwege de vele portefeuilles.

Ze geeft aan dat zij graag een avonddeel heeft en noemt het jammer dat hierover nu geen definitieve beslissing wordt genomen. Lid KROM (Partij voor de Dieren) geeft aan dat zij liever van tevoren uitgaat van een avonddeel, zodat er voldoende ruimte is om de onderwerpen goed door te spreken. De VOORZITTER merkt op dat er geen eenstemmigheid is over een extra avonddeel, ongeveer evenveel leden zijn voor als tegen. Lid KHAN (DENK) vraagt ter verduidelijking welke punten precies naar het avonddeel zouden worden doorgeschoven voordat er wordt gestemd. De VOORZITTER geeft aan dat nog niet precies te zeggen is welke punten naar het avonddeel worden doorgeschoven. Ze vraagt vervolgens wie in principe voor een avonddeel wil stemmen en ziet dat een kleine meerderheid daarvoor is. Het avonddeel begint om 20.00 uur. Ze stelt voor het avonddeel te plannen tot 21.30 uur, zodat er anderhalf uur extra spreektijd is. Dit wordt door de commissie akkoord bevonden. De agenda wordt vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie FKD d.d. 15 januari 2026 Het verslag worden ongewijzigd vastgesteld. e. Actielijsten en langetermijnagenda’s, per portefeuille Er zijn geen opmerkingen bij het agendapunt. f. TKN-lijst

4

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Lid BENTOUMYA (GroenLinks) wil TKN 11 graag met de commissie bespreken. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel. Vanaf dit moment zijn de spreektijden van kracht. b. Inspreekmoment Publiek De VOORZITTER geeft aan dat er vandaag zes insprekers zijn. Ze benadrukt dat het niet is toegestaan namen van ambtenaren of herleidbare functies te noemen. Inspreker Frank van der Linde spreekt op persoonlijke titel in over de organisatiecultuur De INSPREKER legt uit dat hij geen namen of functies van hoge ambtenaren mag noemen die vanuit hun functie naar buiten treden. Hij richt zich tot de commissie en de raad en stelt dat raadsleden en wethouders evenmin de term gemeentesecretaris mogen gebruiken. Hij verwijst naar een brief van een boze burger op 3 februari 2025, waarin kritiek wordt geuit op de gemeente Amsterdam omdat zij zonder toestemming de naam van een ambtenaar zouden hebben gedeeld op social media. De rechtbank Amsterdam wees deze positie van de gemeente op 24 december af. De inspreker stelt dat de gemeente kritiek probeert binnen te houden via zwijgcontracten en weigert informatie te geven over het aantal sinds 1 januari 2023 opgelegde contracten.

Hij heeft gevraagd deze contracten openbaar te maken op basis van de Wet Openbaarheid van Bestuur, maar ontving geen antwoord. Hij verwijst daarbij naar het beeld van Spinoza bij het stadhuis als symbool voor hypocrisie, omdat het college harde kritiek probeert te blokkeren. De inspreker meldt dat ambtenaar X en het presidium proberen te voorkomen dat de rechter inhoudelijk naar de zaak kijkt, waardoor volgens hem de rechtsstaat verder wordt ondermijnd. Hij geeft aan dat kritiek op deze ambtenaar volgens ambtenaar X en het presidium niet mag. De inspreker stelt dat hij zich in de toekomst niet zal houden aan de door ambtenaar X en het presidium opgelegde regels en vraagt het presidium een inspreekverbod van drie maanden op te leggen, zodat hij de bestuursrechter kan vragen om inhoudelijk te oordelen. Hij noemt uiteindelijk de namen van de betrokken ambtenaren. De VOORZITTER meldt dat ze de inspreker het woord heeft ontnomen. Ze licht toe dat dit is omdat hij over zijn spreektijd heen is gegaan en meerdere namen heeft genoemd die niet genoemd mochten worden. Inspreker Hui-Hui Pan spreekt namens PAC in over agendapunt 5. Bespreken van de Raadsinformatiebrief Voortgang versterking inzet op anti-Aziatisch-racisme De INSPREKER stelt zich voor als oprichter van Pan Asian Collective, een expertisecentrum voor Aziatische verhalen en perspectieven.

Ze legt uit dat ze werkt aan een stad waarin mensen met Aziatische roots volwaardig kunnen meedoen zonder zich steeds te moeten verantwoorden. Ze benadrukt dat een op de tien Amsterdammers Aziatische roots heeft

5

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

en dat veel van hen discriminatie ervaren, vooral binnen de Chinese gemeenschap. De inspreker wijst op de historische verankering van anti-Aziatisch racisme in Amsterdam, zoals de razzia’s op zogenaamde overtollige Chinezen en de uitbuiting van Aziatische arbeidskrachten. Ze benadrukt dat erkenning door de gemeente belangrijk is, maar dat structurele actie nodig is om echt verandering te realiseren. De inspreker deelt haar persoonlijke ervaring als vierde generatie Amsterdammer en moeder van drie kinderen: zij wordt regelmatig uitgescholden, nageroepen en zelfs fysiek aangevallen. Dit is volgens haar de realiteit van veel Aziatische Amsterdammers. Ze stelt dat structurele gesprekken zonder infrastructuur tijdelijk blijven en geen generaties veranderen. Ze roept de raad op om te zorgen voor duurzame investeringen in heling en emancipatie, mentale ondersteuning en veilige, toegankelijke plekken waar gemeenschappen samenkomen. Haar verzoek is dat anti-Aziatisch racisme structureel wordt meegenomen in beleid, inclusief financiering en borging. Lid KHAN (DENK) geeft aan dat hij de brief heeft gelezen, die hij uitgebreid en positief vindt. Hij verwijst naar het einde van haar bijdrage, waarin zij het belang van meer fysieke ontmoetingsplekken noemt, en vraagt om een nadere toelichting vanuit haar organisatie over hoe zij dit graag zou willen zien.

De INSPREKER legt uit dat uit haar ervaring en observaties blijkt dat mensen vooral graag samen willen komen. In de sessies die haar organisatie organiseert, is dit duidelijk zichtbaar. Ze geeft aan dat het mooi zou zijn als daar een ontmoetingsplek voor kan worden gecreëerd voor de verschillende groepen binnen de stad. Lid GARMY (Volt) vraagt of er concrete punten zijn die de inspreker mist in de huidige aanpak van de gemeente. De INSPREKER geeft aan dat ze wil dat het beleid op lange termijn wordt verankerd in het gemeentebeleid en dat hier structurele financiering voor wordt toegekend. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) vraagt naar de mentale last van deze vorm van discriminatie, die generaties lang doorwerkt, en naar mogelijke aanbevelingen voor de gemeente. De INSPREKER verwijst naar recent onderzoek van het CBS waaruit blijkt dat er minder zorg wordt afgenomen door deze groep. Volgens haar komt dit doordat de zorg vaak niet toegankelijk is of mensen niet in staat zijn deze te vinden. Hierdoor blijven problemen zich herhalen. Ze benadrukt dat er veel meer moet gebeuren om inzichtelijk te maken waar mensen vastlopen. Dit gebrek aan toegang en ondersteuning kan leiden tot burn-outs of het afwijken van het pad. Inspreker Wouter Looman spreekt namens Platform Vliegoverlast Amsterdam in over agendapunt 8.

Position Paper Schiphol De INSPREKER stelt zich voor als bestuurslid van Platform Vliegoverlast en van de Europese koepel van bewonersorganisaties. Hij benadrukt dat Amsterdam uniek is doordat het gemeentebestuur kiest voor minder vluchten op Schiphol, rekening houdend met de gevolgen voor mensen, natuur en klimaat. Het platform waardeert dat de wethouder op zoek is naar een coalition of the willing van andere gemeenten die vergelijkbare zorgen delen. Hij maakt enkele kritische opmerkingen over de position paper van de gemeente, waarin Schiphol wordt gepresenteerd als economische motor. Hij relativeert dit belang en wijst erop dat welvaart meer omvat dan alleen economie, zoals een prettige leefomgeving, goed werk, klimaat en toekomst voor nakomelingen. Hij benadrukt dat een grote luchthaven veel arbeid, milieuruimte, energie en kapitaal opslokt die anders besteed zouden kunnen worden aan energietransitie, woningbouw, duurzame industrie, zorg, welzijn en onderwijs. De inspreker geeft aan dat Platform Vliegoverlast onderzoek heeft laten uitvoeren door CE Delft naar de impact van 375.000 versus 250.000 vluchten op brede welvaart. Hoewel het

6

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

rapport nog onder embargo valt, deelt hij dat de huidige omvang van Schiphol ver boven het optimale niveau voor brede welvaart ligt en geen passende luchtvaart levert voor Nederland. Hij belooft het rapport en een bijbehorende video na de vergadering te delen en hoopt dat het beleid van de gemeente wordt voortgezet na de verkiezingen. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt een vraag over de juridische mogelijkheden van de gemeente. Hij merkt op dat de gemeente formeel bezwaar heeft aangetekend tegen de natuurvergunning en vraagt of dat het maximale is wat de gemeente kan doen, of dat er nog andere juridische mogelijkheden zijn. De INSPREKER legt uit dat bezwaar maken tegen de huidige vergunning inderdaad een belangrijke stap is, maar dat dit ook bevestigt dat men vasthoudt aan 478.000 vluchten. Hij geeft aan dat er daarnaast mogelijkheden zijn voor individuele mensen om via de rechter bezwaar te maken. Volgens hem spelen er verschillende rechtszaken omdat landelijke regels, Schiphol en luchtvaartmaatschappijen vaak de groei willen doorzetten. Hij benadrukt dat het belangrijk is dat de gemeenteraad steun uitspreekt voor dergelijke initiatieven. Inspreker Kees Noorman spreekt namens ORAM / Ondernemend Amsterdam in over agendapunt 9.

Bespreken van de raadsinformatiebrief over de haalbaarheidsstudie naar verplaatsing van de zeecruise naar de Coenhaven en de voorkeur van het college voor volledige beëindiging De INSPREKER bespreekt het voornemen van het college om de zeecruise in Amsterdam volledig te beëindigen en noemt dit onhandig, onnodig, onbesuisd en onverstandig. Hij benadrukt dat dit besluit niet alleen een lokale beleidskeuze is, maar ingrijpende gevolgen heeft voor de relatie met het rijk, toekomstige Rijksinvesteringen en het vertrouwen in Amsterdam als bestuurlijke partner. De inspreker licht toe dat Rijksinvesteringen essentieel zijn voor bereikbaarheid, woningbouw en infrastructuur, en dat deze gebaseerd zijn op betrouwbaarheid en het nakomen van gezamenlijke afspraken. Hij wijst op recente voorbeelden waarin het Rijk een eerder gereserveerd budget voor het Noordzeekanaalgebied heeft geschrapt, wat laat zien dat Rijksmiddelen niet vanzelfsprekend zijn. Hij benadrukt dat een eenzijdig besluit om de zeecruise te beëindigen risicovol is, omdat het lopende afspraken rond nationale infrastructuur, het Noordzeekanaalgebied en de positie van de haven ondergraaft. Ook afspraken over oeververbindingen en nautische functies worden door zo’n besluit doorbroken.

Het volledig beëindigen van de zeecruise is volgens hem geen neutrale beleidswijziging, maar een ingreep die bestuurlijke afspraken en de basis voor Rijksbegroting ondermijnt. Tot slot waarschuwt hij dat een stad die lichtvaardig omgaat met economische belangen en interbestuurlijke relaties uiteindelijk de prijs betaalt in gemiste investeringen, vertraagde infrastructuur en afnemend vertrouwen. Hij verwijst naar de ervaringen rond de Noord-Zuidlijn als voorbeeld van de harde realiteit van dergelijke risico’s en roept de raad op eerst bestuurlijke helderheid en afspraken met het Rijk te waarborgen voordat Amsterdam zichzelf buitenspel zet. Lid VON GERHARDT (VVD) vraagt de inspreker naar zijn visie op de geraamde investeringskosten van 85 miljoen euro en hoe deze mogelijk verdeeld zouden kunnen worden in het kader van publiek-private samenwerking, verwijzend naar het Berenschot-rapport. De INSPREKER legt uit dat het Berenschot-rapport in opdracht van het college is uitgevoerd. Hij merkt op dat de oorspronkelijke inschatting van de investeringen ruim boven de 100 miljoen lag, en dat dit uiteindelijk is teruggebracht naar 85 miljoen. Volgens Berenschot is de haalbaarheid van deze investering mogelijk.

Het opmerkelijke volgens de inspreker is dat het college dit rapport aanhaalt juist als reden om de verplaatsing niet door te zetten, terwijl het rapport juist kansen biedt voor de uitvoering van de verplaatsing.

7

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Lid VON GERHARDT (VVD) vraagt of de investeringskosten volledig door de gemeente gedragen zouden moeten worden, of dat ook private ondernemingen een deel zouden bijdragen. De INSPREKER bevestigt dat bij de financiering en exploitatie van een terminal op een nieuwe locatie juist sprake is van publiek-private samenwerking. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt of het college bewust alle betrokken partijen tegen zich in het harnas heeft gejaagd of dat het een onbedoeld incident is, vergelijkbaar met eerdere miscommunicatie met woningbouwcorporaties. Hij merkt op dat ondernemers in de Amsterdamse haven boos en verrast zijn en vraagt de inspreker om het perspectief op de handelwijze van het college en de effecten daarvan te schetsen. De INSPREKER geeft aan dat het mogelijk nog iets van strategie in zich had, maar dat men blijkbaar heeft onderschat wat het effect van deze beslissing is op de relatie met Den Haag en de provincie. Hij meldt dat uit recente gesprekken met het ministerie blijkt dat men zeer teleurgesteld en boos is over de handelswijze van Amsterdam bij grote infrastructurele beslissingen en het ontbreken van voorafgaand overleg. De inspreker waarschuwt dat zulke beslissingen op middellange en lange termijn schade kunnen veroorzaken aan infrastructuur en benadrukt dat het belangrijk is om de relatie met Den Haag zorgvuldig te onderhouden.

Lid HAVELAAR (CDA) vraagt hoe de ondernemers in de stad reageren op het handelen van het stadsbestuur en wat volgens de inspreker een goede uitkomst van het raadsdebat zou kunnen zijn. De INSPREKER geeft aan dat een goede uitkomst zou zijn dat de wethouder of het college het advies terugtrekt. Volgens hem is het bijzonder dat het advies is gegeven terwijl er te weinig informatie en kennis beschikbaar was om het te onderbouwen. Dit plaatst de haven en ondernemers in een lastige positie. Hij benadrukt dat de politieke afweging achter het advies onduidelijk is en dat de schade mogelijk veel groter is dan het college heeft voorzien. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) merkt op dat uit het verhaal van de inspreker lijkt te volgen dat er onvoldoende is overlegd met het Rijk en de Metropoolregio Amsterdam over het voornemen om te stoppen met zeecruises. Hij vraagt hoe het kan dat dit voor het Rijk en de omgeving een verrassing is, terwijl de wethouders normaal goed schakelen met alle partijen. De INSPREKER antwoordt dat de motie uit 2023 die ten grondslag ligt aan het advies inmiddels door de tijd is ingehaald, waardoor er verschillende reacties mogelijk zijn.

Hij benadrukt dat zijn inspraak niet gaat over de inhoudelijke beslissing zelf, die een democratische keuze is, maar over de procesmatigheid en de eenzijdigheid van het besluit van de stad Amsterdam, terwijl er meerdere belangrijke stakeholders zijn die hierover een visie hebben. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) vraagt of er de afgelopen twee jaar wel gesproken is met de betrokken stakeholders. De INSPREKER antwoordt dat hij dat niet weet, maar geeft aan dat ook vanuit het ministerie en de politiek in Den Haag blijkt dat overleg onvoldoende heeft plaatsgevonden. Inspreker Maarten Bruinsma spreekt namens Amsterdam Gastvrij in over agendapunt 11. Bespreken van het raadsadres van Amsterdam Gastvrij inzake afdracht toeristenbelasting door boekingsplatforms De INSPREKER licht toe dat het raadsadvies over de afdracht van toeristenbelasting door platforms vooral een technisch onderwerp betreft, maar dat het nodig is geweest om een formele beantwoording van de gemeente af te dwingen. Meer dan tien jaar geleden zijn er afspraken gemaakt met platforms zoals Airbnb over het afdragen van toeristenbelasting namens verhuurders, zonder dat de verhuurders hiervan op de hoogte waren en zonder duidelijke

8

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

wettelijke basis. Het probleem is dat de belasting wordt afgedragen over de omzet inclusief btw, terwijl de grondslag exclusief btw moet zijn. Dit leidt volgens de inspreker tot een structureel te hoge afdracht van ongeveer twee miljoen euro per jaar. Verzoeken tot teruggave bij de dienst Belastingen zijn tot nu toe niet gehonoreerd, omdat de dienst de te veel betaalde belasting als aftrekpost beschouwt. Hij benadrukt de wensen van de verhuurders: voorkomen dat er in de toekomst te veel belasting wordt afgedragen, een regeling voor teruggaaf van teveel betaalde bedragen en meer transparantie over de afspraken die tien jaar geleden zijn gemaakt. Hij meldt dat er aanstaande maandag een gesprek plaatsvindt met de directie van de Belastingdienst Amsterdam om deze punten te bespreken. Inspreker Sander van der Waal spreekt namens Waag Futurelab in over agendapunt 13. Kennisnemen van de meerjarenstrategie Digitale Autonomie 2026-2030 De INSPREKER geeft aan dat hij blij is met de strategie en benadrukt dat Amsterdam al lange tijd een pioniersrol vervult op het gebied van digitalisering, sinds de eerste Digitale Stadagenda. Volgens hem loopt de stad voorop bij het behouden van digitale autonomie en het hebben van zeggenschap over technologie, en hij complimenteert wethouder Scholtes en het bestuur daarvoor.

Hij merkt echter op dat digitale autonomie niet stopt bij de interne ICT van de gemeente. Ook de communicatie met inwoners en organisaties moet hierin worden meegenomen. Hij pleit voor een centrale, betrouwbare en verifieerbare bron van overheidscommunicatie waar de gemeente zelf controle over heeft, als aanvulling op bestaande experimenten zoals social.amsterdam.nl. Daarnaast wijst hij op de vele maatschappelijke organisaties in Amsterdam die worstelen met hun afhankelijkheid van grote Amerikaanse technologiebedrijven. Volgens hem is het belangrijk om samen te werken met deze organisaties, zodat digitale autonomie in de bredere context van de stad vorm krijgt en de kennis en ervaring die aanwezig is, optimaal benut wordt. Verder bespreekt hij de economische kant van digitale autonomie. Door technologie lokaal te verankeren en organisaties in de stad hierbij te betrekken, kan ook de lokale economie worden versterkt. Hij verwijst naar een routekaart die samen met Waag en Commerce Network is ontwikkeld, waarin wordt gekeken hoe de stad kan toewerken naar democratische technologie binnen een democratische rechtsstaat. Tot slot benadrukt hij dat digitale autonomie cruciaal is voor het beschermen van het vrije woord en democratische controle, juist in een tijd waarin externe dreigingen, zoals vanuit Amerika, toenemen.

Lid GARMY (Volt) vraagt om nadere toelichting op het punt dat de gemeente meer zou moeten samenwerken met maatschappelijke organisaties rond digitale autonomie. De INSPREKER licht toe dat samenwerking tussen de gemeente en maatschappelijke organisaties rond digitale autonomie vorm kan krijgen door te werken aan een gedeelde basisinfrastructuur. Dit betreft onder andere de interne systemen van de gemeente, zoals dataen AI-cloudoplossingen, waar ervaring in de stad aanwezig is. Daarnaast benadrukt hij het belang van het creëren van een ecosysteem, bijvoorbeeld via het Digitale Autonomie Competentiecentrum, waarin kennis gedeeld wordt en andere partijen kunnen aansluiten, zodat zowel de gemeente als maatschappelijke organisaties gezamenlijk digitaal autonomer worden. Lid IJMKER (GroenLinks) vraagt hoe de strategie voor digitale autonomie verder invulling geeft aan een ander economisch model en aan Europese publieke waarden, naast de focus op Europese bedrijven in plaats van Amerikaanse. De INSPREKER legt uit dat het bij digitale autonomie niet alleen gaat om Europese technologie in plaats van Amerikaanse, maar vooral om technologie te gebruiken waar de stad zelf controle over heeft. Dit betekent dat bedrijven niet zo groot mogen worden dat ze zich aan wet- en regelgeving kunnen onttrekken. Daarnaast wil hij dat de strategie aansluit bij gedeelde

9

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Europese publieke waarden en op de principes van de sociale of gemeenschapseconomie. Hij benadrukt dat Amsterdam al veel ervaring heeft met coöperatief samenwerken en dat het klassieke start-upmodel, dat vaak eindigt bij Amerikaanse big tech, niet de gewenste richting is. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten. d. Rondvraag Lid IJMKER (GroenLinks) vraagt of de wethouder zich aansluit bij de oproep van de Tweede Kamer om de overname van Solvinity te voorkomen en verzoekt om in de komende weken op de hoogte te blijven van ontwikkelingen, ook buiten vergaderingen. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat hij eerder al heeft aangegeven te willen dat het bedrijf in Nederlandse handen blijft. Hij verwijst naar het Bureau Toetsing Investeringen en de ACM, die nu verantwoordelijk zijn voor de procedure, en belooft proactief te informeren over verdere stappen. BESPREEKPUNTEN Personeel en Organisatie 6. Bespreken van het alsmaar toenemend ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen (VN2026-001080) Lid HAVELAAR (CDA) geeft aan dat hij bij deze bespreking ook de brief betrekt die gisteren ontvangen is, maar zich specifiek richt op de situatie bij Afval en Grondstoffen. Hij merkt op dat uit de antwoorden op schriftelijke vragen blijkt dat het ziekteverzuim in juni 2024 al hoog was.

Ondanks rapporten van Verwey-Jonker en het kerstrapport die dit verklaren, ziet hij dat het ziekteverzuim sindsdien structureel blijft stijgen. Hij vraagt zich af welke acties het management en het college hebben ondernomen om dit tegen te gaan en hoe er op gestuurd wordt. Hij stelt daarnaast vragen over re-integratie. Hij benadrukt zijn wens voor meer bijrijdersfuncties, zodat mensen de gelegenheid krijgen om containerplaatsen schoon te maken, en wil weten of iedereen die ziek is een plek krijgt om terug te keren. Hij vraagt ook hoe het staat met de betrokkenheid van de arbodienst, gezien de druk waaronder deze vaak staan. Tot slot merkt hij op dat er vanaf juni 2024 een cultuur van ziekteverzuim lijkt te ontstaan, waarbij medewerkers zich steeds vaker ziek melden. Hij wil weten welke sturing hierop is en of er binnen Afval en Grondstoffen specifieke ontwikkelingen zijn die het hoge ziekteverzuim verklaren. Tevens vraagt hij naar problemen rondom toeslagen voor onregelmatige diensten en hoe deze bijdragen aan onvrede onder medewerkers, en hoe de wethouder deze situatie aanpakt. Lid KROM (Partij voor de Dieren) heeft meegelopen met het team bijplaatsingen en heeft daar twee belangrijke inzichten opgedaan. Ten eerste leert ze dat het werk veel zwaarder is dan men als raadslid kan inschatten.

Ten tweede merkt ze dat veel medewerkers graag in vaste dienst willen, maar momenteel werken op tijdelijke uitzendcontracten. Uitzendkrachten moeten na twee jaar weg, zodat ze geen recht krijgen op een vast contract in een functie die te zwaar is om structureel te doen. Ze geeft aan dat dit volgens haar geen goed werkgeverschap is en vraagt zich af of dit ook in andere afdelingen voorkomt en hoe de wethouder juridisch tegen deze situatie aankijkt. Ze merkt op dat de uitval bij chauffeurs bijna 30 procent is en ziet een patroon: mensen doen zwaar werk zonder perspectief, vaste collega’s vallen ziek uit, en werknemers komen vervolgens in problemen met terugbetalingen van toeslagen.

10

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Ze benadrukt dat dit probleem directe actie van de wethouder vereist en dat het niet kan wachten op een oplossing over een jaar. Ze wijst erop dat de cijfers ernstig zijn en absolute urgentie vragen, ondanks de brief over de aanpak die recentelijk is verschenen. Lid GARMY (Volt) geeft aan dat het ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen niet meer een beetje hoog is, maar een vraag oproept over de betrouwbaarheid van de dienstverlening. Bij inzameling ligt het verzuim rond de 22 procent, meer dan 1 op de 5 medewerkers is ziek. Van de 313 chauffeurs zijn er 88 niet inzetbaar. Dit is geen incident, maar structurele onderbezetting, en Amsterdammers merken dat direct door volle containers en uitgevallen ritten. Hij benadrukt dat dit een crisis is, ook al wordt het formeel als een verbetertraject benoemd. Hij ziet dat de processen en plannen al anderhalf jaar geen effect hebben op het verzuim en dat de nieuwe gemeente brede aanpak om het verzuim terug te brengen naar 6,7 procent nog ver wegstaat van de huidige 22 procent. Voor zijn fractie ligt de kern bij minder proces en meer resultaat. Hij vraagt de wethouder om duidelijke doelen, concrete termijnen en vaste rapportages aan de raad over wanneer de situatie weer op orde is, wat het streefpercentage voor het verzuim op korte termijn is en wat het plan B is als de huidige aanpak niet werkt.

Lid BURGERS (VVD) geeft aan dat de cijfers duidelijk zijn: het ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen is gestegen naar ruim boven de 20 procent, en voor de VVD is de grens bereikt. Hij benadrukt dat een schone stad begint bij medewerkers die met plezier naar hun werk gaan en dat de huidige situatie voor zieke medewerkers zeer vervelend is. Hij stelt twee vragen aan de wethouder. Ten eerste wil hij weten wat de wethouder gaat doen om de individuele verzuimbegeleiding te intensiveren en of de wettelijke stappen van de Wet verbetering poortwachter worden gevolgd om sancties te voorkomen. Ten tweede vraagt hij om een overzicht van de totale meerkosten voor Afval en Grondstoffen over 2025 als direct gevolg van dit verzuim, inclusief loondoorbetaling, voortduren inhuur en eventuele boetes. Daarnaast ondersteunt hij de oproep voor een maandelijks dashboard waarin niet alleen de verzuimpercentages zichtbaar zijn, maar ook de financiële schade en de status van de UWVdossiers. Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat ze het goed vindt dat er recent in de krant is bericht over een extra aanpak bij Afval en Grondstoffen en dat er geen geheime informatie is. Ze vraagt zich echter af of dit echt nieuws is, omdat er volgens haar al eerder een extra aanpak was ingezet.

Ze merkt op dat er waarschijnlijk een verband is met het gebruik van uitzendkrachten, aangezien de PvdA al jarenlang pleit voor meer vaste medewerkers. Ze is blij dat lid Krom dit ook bespreekt en verwijst naar een motie die eerder in de raad is aangenomen, waarin wordt benadrukt dat structureel werk door vaste medewerkers moet worden uitgevoerd. Lid HAVELAAR (CDA) geeft aan dat hij in zijn eerdere bijdrage het hoge externe inhuurpercentage was vergeten te noemen. Hij vraagt welke oproep de PvdA aan het college doet en of daar een duidelijke opdracht bij zit. Lid NAMANE (PvdA) antwoordt dat zij de afgelopen jaren meerdere moties heeft geïnitieerd om mensen in vaste dienst te nemen. Ze merkt op dat ze daarover weinig partijen heeft gehoord, hoewel ze wel steun ervaart bij het steunen van deze moties in de raad. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt welke visie de PvdA heeft nu, na al die jaren, ook een PvdA-wethouder betrokken is bij dit dossier en dat er nog steeds veel externe inhuur plaatsvindt. Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat de PvdA duidelijk tegen te veel externe inhuur is. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt of er de afgelopen vier jaar te veel externe inhuur is geweest.

11

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat het duidelijk is dat er te veel extern wordt ingehuurd, met dure externen en veel uitzendkrachten. Ze vertelt dat ze regelmatig haar zorgen hierover deelt en verwijst naar een gesprek met een vuilnisman die zijn grote zorgen uit over de werksituatie van collega’s. Medewerkers moeten eerst twee jaar via een uitzendcontract werken voordat ze in vaste dienst kunnen komen, wat volgens haar onnodig en onzeker werk is. Ze vraagt of een pilot kan worden gestart om mensen direct bij de gemeente in dienst te nemen of het uitzendcontract na één jaar om te zetten in een vast contract, zodat medewerkers niet vlak voor twee jaar op straat komen te staan. Ze benadrukt dat de gemeente een goede werkgever moet zijn, dat een goed geolied team essentieel is voor het werkplezier van medewerkers, en dat dit ook direct impact heeft op de dienstverlening aan de Amsterdammer. Lid KROM (Partij voor de Dieren) stelt dat er momenteel uitzendkrachten worden ingezet voor werk dat eigenlijk structureel door vaste medewerkers gedaan zou moeten worden, en dat dit mogelijk juridisch niet toegestaan is. Ze wil weten of lid Namane denkt dat dit juridisch houdbaar is. Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat ze het eens is dat de schijn bestaat dat uitzendkrachten structureel werk doen dat eigenlijk door vaste medewerkers uitgevoerd zou moeten worden.

Ze benadrukt dat ze geen jurist is en daarom niet expliciet kan oordelen over de juridische houdbaarheid, maar dat haar sterke overtuiging is dat structureel werk door vaste medewerkers moet worden gedaan. Ze vraagt de wethouder om hier grondig onderzoek naar te doen, inclusief hoe vaak en waarom uitzendkrachten vlak voor het verstrijken van twee jaar hun contract verliezen. Ze wil dat, als dit gebeurt, de raad hierover volledig geïnformeerd wordt, zodat er een weloverwogen keuze kan worden gemaakt. Ze benadrukt dat het belangrijk is dit te voorkomen, zowel voor de medewerkers als voor de Amsterdammers, en vraagt om een toezegging van de wethouder om diep in dit onderwerp te duiken. Lid SCHMIT (D66) stelt dat een organisatie met meer dan 20 procent ziekteverzuim een organisatie in risico is, waarbij direct actie nodig is. Hij verwijst naar de bevestiging van experts vorige maand en benadrukt dat het hoge verzuim directe gevolgen heeft in de stad. Hij maakt zich ook zorgen over de impact op de werkdruk en het werkplezier van de medewerkers. Hij wijst op het langdurig ziekteverzuim van 60 medewerkers, wat de helft van het totale ziekteverzuim betreft. Hij vraagt de wethouder wat tot nu toe is gedaan aan dit langdurig ziekteverzuim en wat er op korte termijn wordt gedaan. Hij benadrukt dat dit het juiste moment is om actie te ondernemen en medewerkers in vaste dienst te nemen.

Lid VAN MUNSTER (GroenLinks) vertelt dat hij ooit hoorde van een vriend die graag op een vuilniswagen wilde werken, maar dat dat alleen via een uitzendbureau mogelijk leek. In theorie zou volgens beleid vaste dienst bij de gemeente mogelijk moeten zijn, maar in de praktijk blijkt dat niet zo te zijn. Hij geeft aan dat zijn ongemak groeit na het zien van het antwoord op een technische vraag van lid Krom, waarin wordt erkend dat het werk structureel niet vol te houden is. Hij noemt dit een onacceptabele situatie en sluit zich aan bij eerdere opmerkingen van andere collega’s. Hij benadrukt dat de situatie een ramp is voor zowel de stad als de medewerkers die thuis moeten zitten en is benieuwd hoe de wethouder hiernaar kijkt. Lid KABAMBA (Partij voor Morgen) sluit zich aan bij de eerdere collega’s over de problemen bij Afval en Grondstoffen. Ze benadrukt dat het harde werk van deze medewerkers essentieel is voor de stad, zeker met het hoge aantal festivals en toeristen, maar dat het werk momenteel in onzekerheid en bij hoog ziekteverzuim wordt uitgevoerd. Ze vraagt hoe er versneld en proactief gehandeld kan worden om de problematiek aan te pakken en hoe er zo snel mogelijk meer vaste plekken gerealiseerd kunnen worden. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen te

12

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

hoog is en dat dit dagelijks merkbaar is voor de medewerkers. Bij de afdeling inzameling ligt het verzuim in het eerste halfjaar van 2025 op 22 tot 23 procent, wat onaanvaardbaar hoog is. Dit leidt tot hoge werkdruk voor de aanwezige medewerkers en beïnvloedt de dienstverlening naar de stad negatief. Ze waardeert de inspanning van lid Havelaar, maar benadrukt dat de interpretatie van zijn analyse niet volledig klopt. Het ziekteverzuim neemt structureel toe sinds het tweede halfjaar van 2023, door oplopende werkdruk, onderbezetting en veranderingen in de werkwijze. Dit vraagt om een brede, geïntegreerde aanpak. In een recente brief heeft de wethouder de aanpak uiteengezet, waarbij analyses per directie worden uitgevoerd om de juiste interventies te kiezen. Ze meldt dat recente data een voorzichtige daling van het verzuim laten zien: november 2025 20,6 procent, december iets omhoog naar 21 procent en januari 2026 20 procent. Hoewel het probleem nog niet is opgelost, ziet ze dit als een bemoedigende trend die aangeeft dat de ingezette maatregelen effect beginnen te sorteren. Ze benadrukt dat het hoge verzuim een negatieve spiraal veroorzaakt van onderbezetting en werkdruk, wat meerdere interventies op verschillende niveaus vraagt. De directie heeft expliciet de opdracht om de basis op orde te krijgen en zowel korte- als lange termijnmaatregelen te treffen.

Lid HAVELAAR (CDA) vraagt wanneer de directie de opdracht heeft gekregen om de basis op orde te brengen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat dit een continu gesprek is geweest, ook bij wisseling van de directie. Ze weet niet precies wanneer de directies zijn gewisseld, maar benadrukt dat er vanaf het begin gesprekken zijn geweest waarin ziekteverzuim de hoogste prioriteit kreeg. Lid HAVELAAR (CDA) verwijst naar de eerdere opmerking van dat de directie al de opdracht heeft gekregen om de basis op orde te brengen. Hij vraagt wanneer deze opdracht precies is gegeven, omdat hij tot nu toe weinig resultaat ziet. Hij wil weten waarom hij er nu op zou moeten vertrouwen dat deze keer wel resultaat wordt behaald. Wethouder VAN BUREN legt uit dat het ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen een complex probleem is dat niet binnen enkele maanden of zelfs een jaar kan worden opgelost. Het is een langdurig proces dat voortdurend aandacht krijgt, ook bij wisseling van interim- en vaste directies. Ze benadrukt dat ziekteverzuim altijd de hoogste prioriteit heeft. De wethouder licht een aantal maatregelen toe, waaronder teamgerichte interventies, gebiedsgericht werken, intensieve begeleiding, aandacht voor vitaliteit, ergonomie en cultuurverandering. Ze gaat in op de specifieke situatie van beladers, de medewerkers die achter de vuilniswagens werken en het zwaarste werk uitvoeren.

Deze medewerkers worden bewust niet in vaste dienst genomen vanwege de zwaarte van het werk, maar krijgen wel voorrang bij doorstroming naar vaste functies. De gemeente biedt ook ondersteuning, zoals vergoedingen voor het behalen van een rijbewijs, zodat zij eventueel door kunnen groeien naar chauffeursfuncties. Ze erkent het ongemak dat dit met zich meebrengt en zegt dat wordt onderzocht hoe de functie structureel beter kan worden ingevuld. Mogelijk starten medewerkers twee jaar als belader en kunnen zij daarna doorgroeien zonder dat ze twee jaar als uitzendkracht hoeven te werken. Ze wil ook kijken hoe andere gemeenten dit hebben opgelost, hoewel weinig gemeenten nog met losse vuilniszakken werken. Lid VAN MUNSTER (GroenLinks) geeft aan dat hij hoort dat de wethouder erkent dat een aspect van het werk structureel te zwaar is om uit te voeren. Hij vindt het problematisch dat de gemeente werk aanbiedt waarvan van tevoren bekend is dat het te zwaar is voor medewerkers en dat dit bijdraagt aan het hoge ziekteverzuim. Hij vraagt hoe de wethouder hiernaar kijkt en of het stoppen met het handmatig inzamelen van vuilniszakken en het anders inrichten van dit werk mogelijk het probleem zou kunnen oplossen.

13

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

Wethouder VAN BUREN legt uit dat het stoppen met het handmatig inzamelen van vuilniszakken ook te maken heeft met de zwaarte van het werk. Daarom werken medewerkers maximaal twee jaar in deze functie, waarbij vooral jongere medewerkers dit tijdelijk aankunnen. Ze benadrukt dat de ergonomie en begeleiding van de medewerkers goed wordt bewaakt en dat de gemeente wil dat deze medewerkers blijven en kunnen doorgroeien naar andere functies. Voor de uitzendkrachten bij Stadsreiniging gelden duidelijke afspraken: bij goed functioneren kunnen zij na twee jaar in vaste dienst komen. Ze erkent dat er in het verleden incidenten zijn geweest waarbij uitzendbureaus mensen vlak voor het einde van hun contract elders plaatsten, maar dit is inmiddels aangesproken en volgens haar niet meer toegestaan. Ze zegt dat zij concrete signalen na de vergadering wil onderzoeken om te controleren dat de afspraken correct worden nageleefd. Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat ze blij is dat de wethouder bereid is diep in de kwestie te duiken. Ze wil echter ook voor de volgende raadsvergadering een schriftelijke terugkoppeling ontvangen, zodat duidelijk wordt wat het resultaat is en dat in de toekomst kan worden uitgesloten dat medewerkers onterecht uit dienst worden gezet.

Wethouder VAN BUREN stelt dit niet alleen in de toekomst moet worden voorkomen, maar dat er al stappen zijn gezet in gesprekken met de uitzendbureaus. Ze legt uit dat het ingewikkeld is om dit schriftelijk vast te leggen, omdat het om concrete signalen gaat. Daarnaast licht ze toe dat er uitgebreide analyses zijn uitgevoerd over de kosten van het ziekteverzuim in de hele organisatie, en dat deze kosten hoog zijn. Haar focus ligt op het voorkomen en oplossen van ziekteverzuim en ze belooft dat specifieke kosten voor Afval en Grondstoffen in een brief aan de raad kunnen worden teruggekoppeld. Lid BURGERS (VVD) begrijpt hieruit dat de wethouder heeft toegezegd de meerkosten van het ziekteverzuim voor de dienst Afval in kaart te brengen. Wethouder VAN BUREN licht toe dat de meerkosten van het ziekteverzuim voor vorig jaar berekend kunnen worden, inclusief de vragen over de TOD. Ze legt uit dat de TOD vooral bij Stadsreiniging spelen en niet bij Afval en Grondstoffen, en dat er recent nog geen klachten hierover zijn ontvangen, de regeling blijkt te zorgen voor meer stabiliteit. Ze belooft dit mee te nemen in de brief aan de raad, samen met andere punten. Verder gaat ze in op de rapportages over ziekteverzuim en langdurig verzuim.

Ze benadrukt dat het percentage op zich niet het enige aandachtspunt is, maar dat het beoogde effect van de maatregelen een substantiële daling van het ziekteverzuim in 2026 en 2027 moet zijn. Het uiteindelijke doel is een verzuimpercentage dat past bij de branche en vergelijkbare grote gemeentelijke organisaties. Ze bevestigt dat hierover reguliere rapportages worden opgesteld binnen het organisatieontwikkelingsprogramma 2023–2030. Lid GARMY (Volt) geeft aan dat hij verbaasd is over de beantwoording, omdat het probleem bij Afval en Grondstoffen veel groter is dan bij andere afdelingen. Het streefpercentage van 6,7 procent staat tegenover een huidig verzuim van 22 procent. Hij vindt dit een legitieme reden om extra en dichter op de situatie gerichte rapportages aan te vragen. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat dit wordt meegenomen in de rapportages over organisatieontwikkeling, waarin ook ziekteverzuim en verloop worden uitgesplitst. Ze vindt dat aparte extra rapportages niet nodig zijn, omdat dit al wordt meegenomen in de brede rapportages. Lid NOORDMAN (Forum voor Democratie) vraagt waarom het streefpercentage voor ziekteverzuim niet optimistischer en lager wordt vastgesteld dan het niveau van vergelijkbare organisaties. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat zij realistische doelstellingen wil stellen.

Het huidige verzuim ligt rond de 20 procent, dus het kost tijd om dit substantieel te verlagen. Daarom

14

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

richt zij zich op een niveau dat in lijn ligt met de branche, zodat de doelstellingen haalbaar zijn. Lid SCHMIT (D66) benadrukt dat het ziekteverzuim van meer dan 20 procent een organisatie in risico vormt en direct maatregelen vereist, zoals ook door experts wordt aangegeven. Hij noemt de kleine daling van 21 naar 20 procent van december naar januari geen echte trend en stelt dat het streefpercentage van 7 procent nodig is voor een gezonde organisatie. Hij vraagt specifiek naar het langdurig verzuim: er zijn 60 medewerkers bij Afval en Grondstoffen die langdurig ziek zijn. Hij wil weten welke directe interventies de wethouder kan nemen en hoe vervanging wordt geregeld, zodat de organisatie weer volledig operationeel is. Wethouder VAN BUREN stelt dat interventies voor langdurig verzuim al zijn ingezet, waaronder intensivering van verzuimbegeleiding, opschaling van werving om werkdruk te verminderen, betere samenwerking met de arbodienst, teamgerichte interventies en structurele organisatieveranderingen. Ook wordt gebiedsgericht werken ingevoerd, en ligt de focus op cultuurverandering, preventie en vitaliteit. Ze legt uit dat bij langdurig verzuim niet alleen wordt gekeken naar wat iemand niet kan, maar ook naar wat iemand wel kan. Zo kan iemand die fysiek werk niet meer kan doen bijvoorbeeld administratief werk krijgen.

Daarnaast neemt de gemeente meer chauffeurs aan om zowel de werkdruk te verlagen als de basisdienstverlening te waarborgen. Ze benadrukt dat deze maatregelen niet plotseling zijn gestart, ze hebben altijd prioriteit gehad, maar het kost tijd voordat er duidelijke resultaten zichtbaar zijn. Lid GARMY (Volt) geeft aan dat hij het ingewikkeld vindt dat er al anderhalf jaar geen structurele daling van het ziekteverzuim zichtbaar is en dat het nu pas op deze manier in de commissie wordt besproken, mede naar aanleiding van schriftelijke vragen. Hij vindt dat er vaker gerapporteerd en besproken moet worden over de voortgang, omdat de ernst van de situatie dit vereist. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat het ziekteverzuim bij Afval en Grondstoffen al lange tijd een terugkerend onderwerp is in de commissie en dat het hoogste prioriteit heeft binnen de organisatieontwikkeling. Ze legt uit dat het probleem van ziekteverzuim samenhangt met cultuur en andere factoren binnen de organisatie, en dat er voortdurend wordt gewerkt aan aanpak en verbetering. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp verder wordt besproken in de raadsvergadering van februari. Daarna kondigt ze een korte schorsing aan vanwege een voorzitterswissel en enkele technische aanpassingen. Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 3.

Bespreken van het Initiatiefvoorstel Amsterdam samen tegen moslimdiscriminatie’ van de leden Bouhassani, Khan, Bakker, Garmy, Bentoumya, Ahmadi, Lust en de bestuurlijke reactie (VN2026-001249) Dit agendapunt wordt doorgeschoven. 4. Bespreken van de raadsinformatiebrief over het proces inzake het delen van de factsheets Inclusie en Antidiscriminatie met de raad (VN2026-001438) De PLAATSVERVANGEND VOORZITTER heropent de vergadering. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat Amsterdam grote ambities heeft op het gebied van inclusie en antidiscriminatie, wat ze belangrijk vindt om te waarborgen dat iedereen

15

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

zichzelf kan zijn en discriminatie actief wordt bestreden. Ze bedankt de wethouder voor de grote stappen die zijn gezet. Ze licht toe dat GroenLinks al in 2022 een motie heeft ingediend om andere wethouders te laten committeren aan de visie op diversiteit en inclusie, omdat Amsterdammers op verschillende leefgebieden, zoals de woningmarkt, arbeidsmarkt en zorg, discriminatie ervaren. De motie benadrukte ook het belang van inzicht in de totale gemeentelijke uitgaven aan deze ambities en de opname van inclusie als horizontaal thema in de begroting en Voorjaarsnota. Ze merkt echter op dat de uitvoering van de motie volgens de afdoening niet heeft plaatsgevonden, omdat thema’s als ongelijkheid en duurzaamheid deze lading al zouden dekken. Ze is het hier niet mee eens en vraagt de wethouder om een reflectie over de toewijzing van middelen en de afhandeling van de motie. Lid LUST (D66) geeft aan dat ze in oktober 2023 al had gevraagd of de factsheets gedeeld konden worden met de commissie. Ze benadrukt dat het belangrijk is dat de factsheets, inclusief bestuurlijke reacties, op de actielijsten komen te staan om de integraliteit van het onderwerp over de verschillende portefeuilles te borgen. Ze vraagt steun van de commissie en de wethouder voor dit voorstel. Wethouder MELIANI reageert dat de vraag van lid Lust een kwestie van de raad betreft.

De factsheets liggen momenteel bij de directies, waarna ze besproken moeten worden binnen de verschillende commissies. Ze geeft aan dat het niet aan haar of aan de griffie is om hierover een besluit te nemen. Lid LUST (D66) vult aan dat ze begrijpt dat de griffie het administratieve beheer van de actielijsten verzorgt, maar dat het volgens haar belangrijk is dat de factsheets als actiepunten op die lijsten worden opgenomen. DE PLAATSVERVANGEND VOORZITTER constateert dat er geen bezwaar is en besluit dat de factsheets op de actielijsten worden opgenomen. Wethouder VAN BUREN licht toe dat sinds 2023 horizontale thema’s in de begroting zijn geïntroduceerd om beter te kunnen sturen op thema’s die meerdere portefeuilles raken. Relevante thema’s zijn duurzaamheid, kansengelijkheid, digitale stad en overheid, en democratisering. Ze stelt dat lid Bentoumya pleit voor inclusie en diversiteit als horizontaal thema, en benadrukt dat dit een belangrijk onderwerp is dat voor veel portefeuilles relevant is. Tegelijkertijd legt ze uit dat het college eerst ervaring wilde opdoen met de bestaande thema’s voordat nieuwe thema’s worden toegevoegd. De conclusie is dat horizontale thema’s toegevoegde waarde hebben als ze goed meetbaar zijn, zoals bij duurzaamheid met CO₂-uitstoot als indicator.

Daarom is het college momenteel geen voorstander van inclusie en diversiteit als horizontaal thema in de begroting, omdat dit moeilijk meetbaar is. Tegelijkertijd wordt in de aanloop naar de nieuwe bestuursperiode gekeken naar de bestaande horizontale thema’s. Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat ze dit onderwerp al langere tijd bespreekt en wijst op een eerder aangenomen motie die vraagt om inzicht in de uitgaven voor inclusie en diversiteit. Ze vraagt de wethouder om alternatieven te benoemen om toch inzichtelijk te maken hoeveel geld naar dit belangrijke thema gaat, aangezien dit momenteel niet uit de begroting te halen is. Wethouder VAN BUREN meldt dat bij aangenomen moties ook wordt gekeken naar de uitvoerbaarheid, omdat het belangrijk is dat maatregelen daadwerkelijk iets opleveren. Ze erkent dat inclusie en diversiteit moeilijk meetbaar zijn, maar zegt toe te onderzoeken hoe het inzichtelijker gemaakt kan worden binnen de begroting. Ze benadrukt dat het thema breder verweven is in diverse begrotingsprocessen, maar belooft hier verder over na te denken. De PLAATSVERVANGEND VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken.

16

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 12 februari 2026

FKD

5. Bespreken van de Raadsinformatiebrief Voortgang versterking inzet op antiAziatisch-racisme (VN2026-001434) Lid BENTOUMYA (GroenLinks) geeft aan dat anti-Aziatisch racisme in Amsterdam al meer dan een eeuw speelt en diep historisch ingebed is. Veel Aziatische Amsterdammers hebben te maken met stereotypering, vooroordelen en in extreme gevallen zelfs uitbuiting, puur vanwege hun achtergrond. Ze benadrukt dat deze vorm van discriminatie te weinig wordt gezien en serieus genomen. Ze vraagt vervolgens hoe de gemeente op andere beleidsterreinen in lijn met deze doelstellingen werkt, welke acties worden ondernomen om de mentale gezondheid van slachtoffers van discriminatie te ondersteunen, en hoe cultuursensitiviteit wordt bevorderd. Tot slot vraagt ze hoe het bereik van het meldpunt wordt vergroot, bijvoorbeeld door scholen erbij te betrekken, omdat momenteel te weinig Aziatische Amsterdammers gebruikmaken van dit meldpunt. Lid GARMY (Volt) merkt op dat anti-Aziatisch racisme vaak niet expliciet wordt meegenomen in gesprekken over discriminatie, terwijl elke vorm van discriminatie gelijke aandacht en inzet verdient. Hij waardeert de huidige inspanningen, maar benadrukt dat het college zelf aangeeft dat er meer nodig is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16789512/2