CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20250521 Schriftelijke bijdrage Dutch Data Center Association inzake agendapunt 6

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 21 mei 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Inspreekmoment Publiek1.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte leden van de Commissie Ruimtelijke Ordening, Namens de Dutch Data Center Association, brancheorganisatie voor de Nederlandse datacentersector, danken wij u voor de gelegenheid om schriftelijk bij te dragen aan dit belangrijke debat. De gemeente Amsterdam overweegt een beleidslijn waarin tot 2035 geen nieuwe datacenters worden toegestaan en uitbreiding van bestaande locaties niet langer mogelijk is. Wij begrijpen dat de stad worstelt met ruimtedruk, netcongestie en een zorgvuldige verdeling van schaarse middelen. Tegelijkertijd willen wij u dringend oproepen om in dit besluit het grotere plaatje mee te wegen: de cruciale rol van datacenters voor de toekomst van Amsterdam als innovatieve, duurzame en digitale stad. En daarom verzoeken wij u de gemeenteraad te adviseren de besluitvorming met betrekking tot het bestemmingsplan aan te houden en niet over te gaan tot vaststelling. In deze brief lichten wij dit verzoek toe. Amsterdam en het vestigingsklimaat voor digitale economie Amsterdam heeft zich de afgelopen jaren overtuigend gepositioneerd als internationale techstad. Deze ambitie is ook recent opnieuw uitgesproken door wethouder Sofyan Mbarki, die aangaf dat Amsterdam “de techhoofdstad van Europa” moet kunnen worden. Die ambitie vereist een stevige digitale basisinfrastructuur. Zonder datacenters geen digitale economie.

Geen cloud, geen AI, geen online dienstverlening of publieke digitale infrastructuur. Als u kiest voor een stop tot 2035, dan kiest u feitelijk ook voor een rem op de digitale ontwikkeling van Amsterdam. In het door de Metropoolregio Amsterdam zelf geïnitieerde rapport “Digitale drivers in de MRA” (Stratix, dec. 2024) wordt de urgentie hiervan helder benoemd. Digitale infrastructuur – en dus ook datacenters – zijn randvoorwaardelijk voor economische groei, innovatie en het aantrekken van internationaal opererende bedrijven. Een langdurige stop op datacenterontwikkeling bedreigt daarmee niet alleen de groeikansen van de techsector, maar ook de bredere economische dynamiek in de regio. Het rapport noemt expliciet dat de concurrentiepositie van de MRA onder druk komt te staan als digitale basisvoorzieningen achterblijven bij de vraag. Het weren van nieuwe datacenters is dus geen neutrale ruimtelijke keuze. Het heeft directe gevolgen voor het vestigingsklimaat, voor de digitale veerkracht van publieke voorzieningen, en uiteindelijk voor het toekomstig verdienvermogen en de werkgelegenheid in de regio.

Digitale soevereiniteit vraagt om fysieke infrastructuur Daarnaast wringt het voorliggende besluit met de wens van de gemeenteraad om meer controle te krijgen over data, privacy en digitale autonomie, zoals uitgesproken in het initiatiefvoorstel “Amsterdam Digitaal Onafhankelijk” van GroenLinks Amsterdam. Deze wens wordt ook gedeeld op nationaal niveau. In de initiatiefnota “Wolken aan de Horizon” van Tweede Kamerleden Kathmann (PvdA/GroenLinks) en Six Dijkstra (NSC) wordt gesteld

1

dat Nederland in moet zetten op digitale soevereiniteit. Dus meer grip op data, op privacy en op onafhankelijkheid. In lijn hiermee benadrukte wethouder Alexander Scholtes onlangs het belang van digitale soevereinteit. Als de Gemeente Amsterdam wil voorkomen dat Big Tech - of buitenlandse overheden - onze digitale infrastructuur domineren, dan moeten we ruimte scheppen voor alternatieven. Die ruimte is niet alleen bestuurlijk, maar ook fysiek. Zonder datacenters geen eigen cloud. Soevereiniteit is onmogelijk zonder de bijbehorende digitale infrastructuur. Een beleidslijn die nieuwe datacenters tot 2035 volledig uitsluit, is in die zin een tegenstrijdige keuze. A zeggen (soevereiniteit), maar B niet doen (infrastructuur weren), is onhoudbaar. Als gemeente moet je kiezen: óf je neemt je digitale ambities serieus, óf je accepteert langdurige afhankelijkheid van buitenlandse spelers. Een tussenweg is er niet. Samenwerking met de sector levert oplossingen op De datacentersector ziet nadrukkelijk ook haar maatschappelijke verantwoordelijkheid. De uitdagingen rond energie en ruimte zijn reëel. Maar datacenters kunnen – en willen – ook onderdeel zijn van de oplossing. Op het gebied van netcongestie werken steeds meer datacenters samen met netbeheerders om hun energievraag flexibel in te richten en bij te dragen aan balancering van het net.

Maar ook om het net simpelweg in de lucht te houden is hulp nodig die datacenters kunnen bieden; we kennen allemaal de grote recente uitvallen in Spanje en Portugal en rond Heathrow. Wanneer de gemeente de sector buiten de deur houden, wordt deze expertise niet benut en blijven waardevolle samenwerkingen liggen. Ook rond restwarmte-uitkoppeling, ook wel datathermie genoemd, liggen grote kansen. Datathermie is bij uitstek stabiel, voorspelbaar en duurzaam, en kan de energietransitie van de gebouwde omgeving versnellen. Maar het opschalen van deze projecten vraagt om actieve samenwerking. Door een sectorbeleid te voeren waarin datacenters categorisch worden uitgesloten, missen we kansen die juist passen binnen de duurzaamheidsambities van de stad. Daarnaast is het goed om te benoemen dat de datacentersector zelf gebonden is aan strenge duurzaamheidseisen, investeert in energie-efficiëntie en al jaren koploper is in duurzame bedrijfsvoering. Het beeld van de sector als grootverbruiker zonder maatschappelijke meerwaarde is niet alleen achterhaald, maar feitelijk onjuist.

Onjuiste en onrealistische aannames in groeiscenario’s elektriciteitsverbruik datacenters In aanloop naar uw bespreking van het bestemmingsplan datacenters willen wij ook uw aandacht vragen voor een fundamentele onjuistheid in de onderliggende scenario’s van de Themastudie Elektriciteit Amsterdam 3.0 (TSA 3.0), specifiek ten aanzien van de prognose voor het elektriciteitsverbruik van datacenters die als onderlegger dient voor ruimtelijke en netwerkplanningen tot 2050. Een robuuste energieplanning begint met reële aannames. Alleen dan kunnen we investeren waar het werkelijk nodig is.

2

In de TSA 3.0 wordt gerekend met een forse toename van het elektriciteitsverbruik door datacenters in Amsterdam, met name in het zogenoemde ‘Hoog scenario’. Daarin loopt de piekbelasting door datacenters op tot 1.155 MW in 2050. Zelfs in het ‘Amsterdam Ambitie’scenario wordt nog gerekend met een groei naar 370 MW, een verdrievoudiging tot verviervoudiging van de huidige vraag. Tegen deze achtergrond constateren wij dat deze prognoses niet stroken met de realiteit: ● Volgens de Klimaatmonitor is het stroomverbruik van de sector ‘informatie & communicatie’ in Amsterdam al enkele jaren stabiel, en is er in 2023 zelfs een lichte daling zichtbaar. Zie de bijgevoegde bijlage. Hierin wordt de raad onvolledig en onjuist geïnformeerd. ● Deze sector, die in Amsterdam vrijwel geheel uit datacenters bestaat, verbruikte in 2023 rond de 780 GWh, wat neerkomt op circa 90–130 MW continu vermogen. Er zijn geen signalen dat zich sinds 2019 structureel nieuwe grote datacenters hebben gevestigd binnen de gemeentegrenzen. ● De verwachte groei van 1155 MW is bovendien onverenigbaar met het gemeentelijk vestigingsbeleid, dat juist sinds 2019 gericht is op beperking van datacenteruitbreiding binnen de stad. Nieuwvestiging is beperkt mogelijk, en bestaande partijen hebben weinig tot geen uitbreidingsruimte.

Desondanks is er in de TSA gerekend met een aanhoudende, substantiële doorgroei die feitelijk niet realiseerbaar is onder huidig beleid. Oproep: kies voor regie, niet voor een slot op de deur Geachte commissieleden, daarom verzoeken wij u om de groeiscenario’s voor datacenters in de TSA 3.0 te laten corrigeren op basis van feitelijk gebruik en recent gemeentelijk beleid. Daarbij vragen wij u om een realistisch scenario op te nemen met een stabiele of licht dalende trend voor Amsterdam, zoals blijkt uit de gegevens van de Klimaatmonitor. En daarbij de onjuiste antwoorden op de ingebrachte zienswijzen te corrigeren en het beleid aan te passen waar dit gebaseerd is op onjuiste aannames. Wij vragen u niet om ongebreidelde groei van datacenters toe te staan. Wij vragen om een koers waarin regie, afweging en samenwerking centraal staan. Datacenters zijn geen doel op zich, maar een noodzakelijke randvoorwaarde voor een moderne, duurzame en soevereine digitale samenleving. De digitale transitie van Amsterdam heeft fysieke voeten. En als we die infrastructuur niet hier willen ontwikkelen, dan verliest de stad haar positie als leidende technologische speler in Europa. Een harde stop tot 2035 is een signaal van bestuurlijke stilstand in een tijd die juist vraagt om toekomstgericht denken. Laat Amsterdam zich niet vastzetten, maar vooruitgaan.

Met beleid dat past bij de ambities die deze stad zélf heeft uitgesproken. Wij staan als sector in ieder geval klaar om in gesprek te gaan over toekomstbestendige oplossingen. Met vriendelijke groet, Stijn Grove Managing Director, Dutch Data Center Association 3

Bijlage Klimaatmonitor https://klimaatmonitor.databank.nl/dashboard/dashboard/commerci%C3%ABledienstverlening

Analyse Hendrik Rood, Stratix 𝗘𝗹𝗲𝗸𝘁𝗿𝗶𝗰𝗶𝘁𝗲𝗶𝘁𝘀𝘃𝗲𝗿𝗯𝗿𝘂𝗶𝗸 𝗔𝗺𝘀𝘁𝗲𝗿𝗱𝗮𝗺𝘀𝗲 𝗱𝗮𝘁𝗮𝗰𝗲𝗻𝘁𝗲𝗿𝘀 𝗱𝗮𝗮𝗹𝘁 𝘀𝗶𝗻𝗱𝘀 𝟮𝟬𝟮𝟭 De discussie over het elektriciteitsverbruik van datacenters in de gemeente Amsterdam verdient wat meer harde getallen. In recente artikelen in het Parool van Tim W. over datacenterbeleid van de City of Amsterdam worden Alexander Scholtes, Sofyan Mbarki, Zita Pels en gemeenteraadslid Elisabeth IJmker met name genoemd naast minister Dirk Beljaarts. Het CBS produceert per gemeente gegevens over het elektriciteitsverbruik van alle bedrijven en instellingen per jaar. Op de plaat zijn een aantal relevante gemeenten te zien: - Cranendonk waar de elektrische zinksmelterij van Nyrstar staat - Vlissingen waar tot en met 2011 aluminiumsmelterij Zalco actief was - Eemsdelta waar tot en met 2022 aluminiumsmelterij Aldel actief was - Rotterdam met veel elektriciteitsgebruik door de industrie in Rijnmond - Amsterdam waar de dienstensector, vervoer (tram, metro) en de gemeente zelf naast de datacenters grootverbruikers zijn - Haarlemmermeer met grootverbruiker Schiphol en een groeiend aantal grote datacenters - Hollands Kroon met hyperscale datacenters van Microsoft en Google - Het Hogeland (Eemshaven) met hyperscale datacenters van Google en QTS De ICT-sector in de Haarlemmermeer en Amsterdam gebruikten gezamenlijk in 2023 ca. 1,8 TWh.

Dat is vergelijkbaar met het verbruik van Aldel in Delfzijl in piekjaren en de helft van

4

het piekverbruik van de Zalco aluminiumsmelterij in Vlissingen, die eind 2011 failleerde. De smeltinstallaties van Zalco zijn nadien naar IJsland verplaatst. In Nederland verbruiken alle datacenters tezamen, inclusief de hyperscale datacenters in Hollands Kroon en Eemshaven, nu nog steeds minder elektriciteit dan de gefailleerde en gesloten aluminiumsmelterijen. Rotterdam's bedrijfsleven had jarenlang ca. 6,5 TWh elektriciteitsverbruik. Dat zakte in 2023 in tot 6,0 TWh, vanwege hogere elektriciteitsprijzen. Met de nu in gang gezette deïndustrialisatie is de kans groot dat het verbruik daar verder daalt, voordat elektrificatie van de industrie op gang komt. Het verbruik van de rest van de Amsterdamse bedrijven en instellingen zonder de ICT-sector was van 2010 tot en met 2019 3 TWh. Dat zakte in tot 2,688 TWh tijdens de Covidpandemie en is in 2022 en 2023 iets gegroeid tot 2,775 TWh. In de gemeente Amsterdam daalt het elektriciteitsverbruik van datacenters door enkele sluitingen sinds hun piekverbruiksjaar 2021. De CBS-verbruikscijfers voor de Amsterdamse ICT omvatten echter ook het verbruik in kantoren van grote ICT-bedrijven zoals Booking.com, Adyen, Netflix, Uber, IBM etc.

In een vergelijking qua werkgelegenheid in ICT en "data science" banen bleek dat de metropoolregio Amsterdam iets meer van die banen per inwoner telde dan New York en duidelijk meer dan Londen, Frankfurt en Parijs. Op internationale schaal steekt alleen Silicon Valley qua werkgelegenheid in dit werkveld er (ver) bovenuit.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15560049/1