CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20250507 SED conceptverslag.pdf

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 4 juni 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie SED d.d. 7 mei 202528.382 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

1 alinea's met “agendavoorstellen”: 14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Raadscommissieverslag, 7 mei 2025

CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare vergadering van de Raadscommissie Sociaal, Economische Zaken en Democratisering Woensdag 7 mei 2025 van 13.30 tot 22.15 uur in de Willem Kraanzaal Woensdag 4 juni 2025 Voorzitter: Runderkamp Plaatsvervangende voorzitters: Namane en Yemane Portefeuillehouders: wethouders Mbarki en Groot Wassink Commissiegriffier: Vos Commissieondersteuner: Hollander Verslaglegging: De Krom (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Belkasmi (PvdA), Heinhuis (PvdA), Keesman (PvdA), Namane (PvdA), IJmker (GroenLinks), Bentoumya (GroenLinks), Nadif (GroenLinks), Nijhof (GroenLinks), Yemane (GroenLinks), Aslami (D66), Schmit (D66), Von Gerhardt (VVD), Staartjes (VVD), Krom (Partij voor de Dieren), Broersen (Volt), Alberts (SP), Hakiki (DENK), Badal (CDA), Kabamba ((Lijst Kabamba) Afwezige commissieleden: Deterink (VVD) Overige aanwezigen:

1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering en heet iedereen van harte welkom, in het bijzonder het lid Nijhof, dat vandaag diens debuut maakt in de commissie SED. Het lid Deterink heeft zich voor de vergadering afgemeld. b. Mededelingen

Wethouder GROOT WASSINK komt terug op Kamayugi Muhammed Ally, inspreker in de commissievergadering van 26 februari jl., waarover de commissie hem vroeg te berichten. De inspreker gaf aan mogelijkerwijs dakloos te worden, maar hij laat weten dat die ondertussen op 28 maart de sleutels van diens nieuwe woning heeft ontvangen. De inspreker kon tot 31 maart in diens oude woning blijven, zodat van dakloosheid geen sprake was. Daarmee beschouwt hij de gedane toezegging aan de raad hierover als afgedaan. De commissie ontvangt volgende week een brief over het gemeentelijke informatiesysteem RAAK, waarmee communicatie plaatsvindt over inburgering, reintegratie, scholing en bijstandsuitkeringen. Dat systeem was aan het einde van zijn levensduur en is vervangen door het systeem Basis, dat echter traag en instabiel werkt. Daarop heeft het college direct gehandeld, maar de dienstverlening aan Amsterdammers en externe leveranciers was nog niet optimaal. Vervolgens is direct bijgestuurd en volgende week ontvangt de raad daarover een brief. Zijn derde mededeling is dat het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuidoost vorig jaar naar aanleiding van verschillende signalen heeft besloten tot een 1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

aangescherpte verantwoordingscontrole over een aantal door de gemeente verstrekte subsidies aan de stichting Hart voor de K-buurt. Vanuit deze controle kon onvoldoende de relatie worden gelegd tussen de aan de stichting toegekende middelen en de uit te voeren activiteiten. Het college en het dagelijks bestuur hebben daarom gezamenlijk besloten tot het starten van een extern onderzoek om een eenduidig antwoord te krijgen op de vraag of subsidies rechtmatig en doelmatig waren, waarbij alle subsidiestromen en ook andere opdrachten tegen het licht worden gehouden, dit in goed overleg met Hart voor de K-buurt. Over de uitkomsten brengt het college de raad vanzelfsprekend op de hoogte. Het onderzoek gaat over de hele periode en over rechtmatigheid en doelmatigheid. Een onderzoeksbureau wordt nog gezocht. Totdat het onderzoek zal zijn afgerond is nog geen enkele conclusie te trekken. Wethouder MBARKI doet een mededeling over het Leesoffensief en de rapportage daarover in de mbo-agenda, wat hij op 4 december heeft toegezegd. Bij het doen van die toezegging was de voortgangsagenda al onderweg naar de raad, in welke agenda de toezegging niet was vermeld. In de tussentijd is in de raadsvergadering van 29 januari al een en ander besproken en is ook een motie aangenomen.

De belangrijkste ontwikkelingen wat betreft het mbo-leesoffensief zijn: - het actief betrekken van het leesoffensief door vijf opleidingen van het ROC Amsterdam en het programma Bibliotheek in de School; - het dit schooljaar kunnen afsluiten van een gratis OBA-lidmaatschap door studenten en docenten van ROC Amsterdam; - het meenemen van het mbo in het bredere communicatieplan van het programma ‘Liefde voor lezen’. Het college zal naar aanleiding van de motie snel met een bestuurlijke reactie komen, met meer gedetailleerde informatie hierover. Het lid YEMANE informeert wat het aangekondigde onderzoek betekent voor de lopende activiteiten van Hart voor de K-buurt. Er zijn nu namelijk ook subsidierelaties.

Wethouder GROOT WASSINK licht toe een onderzoek te laten doen naar de doelmatigheid en rechtmatigheid van de financiële samenwerking die de gemeente en het stadsdeel met Hart voor de K-buurt hebben gehad. Hij neemt aan dat de stichting Hart voor de K-buurt doorgaat met de al geplande activiteiten, waarover hij echter zelf niet gaat. Het lid BROERSEN wil weten wat het onderzoek betekent voor de huidige subsidieaanvragen vanuit Hart voor de K-buurt en of die mogelijk worden stilgelegd. Wethouder GROOT WASSINK moet daarnaar kijken en weet niet welke aanvragen er nog lopen. Hij wil dat wel onderzoeken. c. Vaststellen agenda

De VOORZITTER geeft aan dat de spreektijden zijn aangepast aan het ook vergaderen van de commissie in een avonddeel. De leden Alberts en Bentoumya hebben een actualiteit aangevraagd over de toekomst van medewerkers van het fietsdepot na het stoppen van het contract met zorgorganisatie Philadelphia. Hij stelt vast dat de commissie instemt met het behandelen van deze actualiteit. Verder zijn de volgende agendavoorstellen gedaan: - agendapunt 4 over het intrekken van de BIZ-verordening Rijnstraat hameren; - agendapunt 8 over het bespreken van de Amsterdam City Index 2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

-

doorschuiven naar de volgende commissievergadering in verband met openstaande schriftelijke vragen over hetzelfde onderwerp; agendapunten 16 en 17 over sociale netwerkpartners en Pantar gevoegd behandelen; agendapunt 22 over het Transitieplan werven en overslagpunten doorschuiven op verzoek van de CDA-fractie; agendapunt 23 over het adviesrapport van de Rabobank over de rol van tech in het aanjagen van de brede welvaart in de Metropool Regio Amsterdam behandelen na de andere punten onder ‘Economische Zaken’, dus na punt 8.

Het lid KABAMBA stelt voor om agendapunt 18 in het middagdeel te bepreken na punt 11. De VOORZITTER stelt vast dat daartegen geen bezwaar is. De agenda wordt vervolgens vastgesteld, met inachtneming van de voorgestelde en aangenomen wijzigingen. d. Conceptverslag van de openbare raadscommissievergadering SED van 26 maart 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda en bestuurlijke langetermijnagenda’s (BLTA), per portefeuilles Het lid BELKASMI informeert wanneer het initiatiefvoorstel over watertappunten en verlichting bij sportvelden zal worden afgedaan. Ook wil het lid de stand van zaken weten van de motie over stagevergoedingen bij organisaties in het jongerenwerk en in de sociale basis.

Wethouder MBARKI doet onderzoek naar watertappunten en hoopt over de resultaten en aanbevelingen daarvan eind 2025 te beschikken. De insteek van het onderzoek is om zo gericht mogelijk op wijkniveau aanbevelingen te kunnen krijgen. Hij hoopt na de zomer via een raadsbrief verder te kunnen praten over de uitvoering van het voorstel. Een brief over stagevergoedingen bij organisaties in de sociale basis komt heel snel naar de raad toe, omdat hij die brief vrij snel na het reces heeft geaccordeerd. Het lid SCHMIT ziet dat de D66-motie over meerjarige subsidie voor BIZ’en nog niet is beantwoord, terwijl het college heeft toegezegd dat te zullen doen bij agendering van de BIZ’en. Het lid vraagt wanneer de motie wel wordt beantwoord. Wethouder MBARKI herziet momenteel de subsidieregelingen voor straatmanagement en gebiedsgebonden ondernemers, wat o.a. gebeurt met de BIZ’en, ondernemersverenigingen, de VBOA en de VAK. Die gesprekken lopen met de stadsdelen. Hij hoopt in juni een goede update te kunnen geven.

Het lid SCHMIT vraagt of de rechtspositie van dagelijks bestuurders wordt besproken bij de evaluatie van het bestuurlijke stelsel. Wethouder GROOT WASSINK heeft onlangs met een vertegenwoordiging van de dagelijks bestuurders over die rechtspositie gesproken en lijkt het mogelijk die

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

rechtspositie voor de zomer te delen, zodat de leden dat kunnen betrekken bij de genoemde evaluatie. Het lid KROM maakt een algemene opmerking dat veel zaken op de termijnagenda staan, waarvan de deadline reeds is gepasseerd. Het lid verzoekt de wethouders daarom om alle agenda’s even door te lopen. Het lid IJMKER is benieuwd wanneer de openstaande motie over inzet op digitale coöperatieve infrastructuur zal worden afgedaan, wat in het eerste kwartaal zou gebeuren. Wethouder MBARKI komt daarop nog terug. De termijnagenda wordt ter kennisgeving aangenomen. f. Tkn-lijst voor de vergadering van de raadscommissie SED op 7 mei 2025 De VOORZITTER deelt mee dat leden ervoor kunnen kiezen stukken van deze lijst inhoudelijk te bespreken in de commissievergadering van 4 juni. Daartoe zijn de volgende bespreekverzoeken ontvangen: stuk 1, de reactie op motie 340 van 9 november 2022 van de leden Broersen c.s.

over de Amsterdamse Generatietoets, op het verzoek van het lid Broersen; stuk 2, de raadsinformatiebrief over het versterken van de zeggenschap lokaal bestuur en afdoening van motie 550, op verzoek van het lid Keesman; stuk 4, de raadsinformatiebrief ‘Ondersteuning statushouders bij het aanvragen van toeslagen’, op verzoek van het lid Yemane; stuk 10, raadsinformatiebrief sportinvesteringen 2025, op verzoek van het lid Nijhof; stuk 6, de raadsinformatiebrief en O&S-onderzoeken Lokale economie hotels Amsterdam en Onderzoek toeristisch dagbezoek Amsterdam, op verzoek van de leden Badal en Von Gerhardt; stuk 9, onderzoek naar de vitaliteit van sportclubs betrekken bij behandeling van agendapunt 3, het advies van de Sportraad over de Subsidieregeling verenigingsaccommodaties, op verzoek van het lid Badal. Hij roept de leden nogmaals op om agenderingsverzoeken uiterlijk 24 uur voor de vergadering gemotiveerd naar de griffie te sturen. Het lid STAARTJES wil stuk 11 ook voor de vergadering van 4 juni agenderen, beantwoording van het raadsadres van 30 januari 2025, ‘Inspraak en bezwaar tegen participatieplannen’. Het lid NAMANE bespreekt stuk 6 heel graag. Tegelijkertijd komen er volgens het lid voor de zomer nieuwe cijfers over bezoekers naar Amsterdam en het lijkt daarom goed om die zaken gezamenlijk te bespreken. De vraag is hoe de commissie daarover denkt.

Het verzoek is dus om bespreking van stuk 6 aan te houden totdat de cijfers van bezoek binnen zijn. Het lid VON GERHARDT vindt dat prima als die cijfers er voor de zomer zijn. Als dat niet zo is kan stuk 6 volgens het lid gewoon besproken worden. Wethouder MBARKI stelt vast dat die cijfers voor de zomer beschikbaar zijn en zegt dat toe. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies

Er zijn geen ingekomen stukken binnengekomen. 4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

2. Inhoudelijk deel 2a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke deel van de vergadering. 2b. Inspreekmoment publiek Agendapunt 2b. Vraag voor Externe audit in de bredere context van leren voor de democratiseringsagenda Hans Mooren is bestuurslid van de stichting Hart voor de K-buurt. Dat bestuur heeft vorige week in een brief aan zowel de wethouder als het dagelijks bestuur van het stadsdeel Zuidoost gevraagd om een externe audit. Vanaf 2019 voert het bestuur van Hart voor de K-buurt een deel van de democratiseringsagenda van de gemeente Amsterdam uit, onder andere via het experiment, het buurtplatform et cetera. Hart voor de K-buurt werd in zijn kracht gezet door het gemeentebestuur en het stadsdeelbestuur. Hart voor de K-buurt heeft resultaat geleverd en doet dat nog steeds, al valt de stichting wel bijna om. Resultaten zijn dat de gemeente het K-middentraject als voorbeeld vaak hanteert als resultaat van nieuwe participatie, dat overal in de gemeente toegepast moet worden. Ook zijn de vier K-torens verduurzaamd. 20 miljoen euro wordt erin geïnvesteerd. Zonder inbreng van Hart voor de K-buurt zou dat niet bereikt zijn. Wethouder Pels is er trots op. De rechtstreekse metro rijdt nog steeds en buurt en bedrijfsleven zijn daar trots op en dat heeft de buurt enorme kansen geboden. Jongeren uit Zuidoost kwamen naar de Stopera.

Vorig jaar ontstond er een storm en waren er anonieme brieven en aantijgingen over zijn organisatie. Er waren insinuaties over stadsdeelbestuurders Simion Blom en over boegbeeld en oppervrijwilliger Mike Brantjes. De dynamiek komt niet helemaal uit de lucht vallen en was zelfs destijds in 2019 bestuurlijk voorzien. Dat het zo hevig zou worden was niet verwacht. Het omturnen van een bestaand systeem na het geven van eigen eigenaarschap en echte impact door zelforganisaties van actieve bewoners per buurt is ook niet niks. Alleen zit Hart voor de K-buurt nu in het oog van de storm. Het buurtplatform is met gemeentelijke medewerking tot stand gekomen. Hijzelf zet zich ruim vijftig jaar in voor het mooie stadsdeel in diverse bestuursfuncties. Medebestuursleden zijn een oud-burgemeester, een financiële vrouw uit de corporate wereld en een schoolhoofd. Hij zou niet meer in het bestuur van Hart voor de K-buurt willen zitten als er iets fundamenteels mis zou zijn bij de stichting. Het lid KABAMBA vraagt hoe gezien de huidige situatie de volgende maanden eruit zien en welke dingen niet fijn gaan door de geschetste situatie. Hans Mooren stelt dat de hele gang van Zaken een behoorlijke impact heeft op de grote organisatie van de Hart voor de K-buurt. De stichting is geen bedrijf, maar een vrijwilligersorganisatie.

Iedereen doet vrijwillig zijn of haar werkzaamheden binnen de Hart voor de K-buurt. Ook Mike Brantjes, die wel tachtig uur in de week werkt. De financiële controle van de afgelopen maanden zou kort duren, maar besloeg toch drie maanden. Alle bonnetjes en zaken zijn doorgelopen. Bestuursleden hebben antwoorden gegeven en er zijn gesprekken geweest. De oude systeemwereld kijkt naar rechtmatigheid. Hart voor de K-buurt fungeerde als een soort tegenkracht voor de gemeente om die kritisch te volgen. De financiering zit niet in de organisatie, het gaat meer om activiteiten. Van de subsidie is een bepaald percentage bedoeld voor overhead. De organisatie matchte niet met oude regels, wat de afgelopen tijd heel veel energie heeft gekost. De audit zou in samenspraak met de organisatie gaan, maar gaat heel veel capaciteit kosten. Hart voor de K-buurt zoekt daarom waarop capaciteit wordt ingezet. Het lid BROERSEN vraagt om een voorbeeld te geven hoe Hart voor de K-buurt

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

anders werkt dan de oude systeemwereld. Hans Mooren vindt regels over geld- en subsidieverstrekking terecht, maar die zijn gebaseerd op een oude systematiek, die voor 99% van de organisaties waarschijnlijk heel goed functioneert, maar Hart voor de K-buurt opereert net op een andere manier, bijvoorbeeld door OBA Next naar de buurt te krijgen. Dat heeft alles te maken met het opbouwen van een organisatie in de buurt. Het gaat om het organiseren en faciliteren van buurtjes. Omdat er in het platform subsidies geen geld is voor organisatieopbouw komt Hart voor de K-buurt daarmee in de knel. Het lid YEMANE vraagt wat de audit betekent voor de lopende activiteiten en welke keuzes er gemaakt moeten worden. Hans Mooren denkt die keuzes nog te moeten maken, omdat niet precies bekend is welk beslag de audit op het bestuur gaat leggen. Een aantal geplande dingen is niet gebeurd. Mike Brantjes is de enige fulltime vrijwilliger en werkt zich al een slag in de rondte. Daarnaast doet een aantal anderen los-vast vrijwilligerswerk. 11 april is gerelateerd aan het postcodegebied 1104 en voor die datum werd bezien of met de buurt gezamenlijk dingen konden worden gedaan. Dat is dit jaar echter niet gebeurd. Als een buurt iets wil gaan doen faciliteert Hart voor de K-buurt vaak met het maken van flyers en het ondersteunende werk.

Als men tijd moet besteden aan de boekhouder, dan kan men die tijd niet ergens anders aan besteden. Het lid BELKASMI wil meer context hebben bij de opmerking dat Hart voor de Kbuurt bijna op omvallen staat. Hans Mooren antwoordt dat er wat dingen on hold waren gezet in afwachting van de boekencontrole. Van de stadsdeeldirecteur vernam hij dat die weer opnieuw in behandeling worden genomen, zoals het penvoerderschap van buurtplatform BijlmerWest. Dat gaat om substantiële inkomsten van circa 8.000 euro. Als dat penvoerderschap on hold wordt gezet is dat een tegenvaller. Met die inkomsten probeert Hart voor de Kbuurt te overleven. Vorige week stond er echter nog maar 10 euro op de bankrekening. Agendapunt 2b. Huisvesting 140 Oekraïense gezinnen Sabri van der Maeden Riahi heeft met Fyousion Synoa al decennialang een kantoor in Amsterdam Nieuw-West. Een woongroep van Oekraïense families vroeg hem om het woord te voeren voor hun belangen. Het gaat om 140 gezinnen, die momenteel wonen in De Riekerhof in Amsterdam Nieuw-West, waarbij onlangs boven water is gekomen dat zij moeten vertrekken naar een nieuwe woonruimte. Uit nader onderzoek bleek dat hun contract een bruikleenovereenkomst betreft en geen woonruimte. Het komt erop neer dat niemand had verwacht dat de oorlog zo lang zou duren, waardoor structurele behoeften bij mensen ontstaan.

Niemand weet eigenlijk welke rechten deze mensen hebben. In de laatste weken van april zijn zij gevraagd om uit de woonruimte te vertrekken, wat op hem overkomt als een soort van wurgcontract. Gesteld is dat als zij geen gebruik maken van de kans om naar een ander complex te verhuizen hun recht op bijstand in het vinden van een woonplek van de gemeente komt te vervallen. Dat leidde tot grote onrust in de gemeenschap. Hij spreekt zijn zorg uit over de manier waarop de gemeente invulling geeft aan hun woonrechten. Mogen Oekraïners vertoeven in woningen die niet voldoen aan de ISO-standaarden? Mogen zij eigen bezittingen hebben, zoals meubels? Mogen ze ook separaat koken of hun contract voortzetten als ze de huurpenningen voldoen, of hebben ze helemaal geen stem? Ongetwijfeld is het heel moeilijk om alle nationale wetgeving of Europese besluiten door te vertalen naar gemeentelijk beleid. Maar is dit nou echt de verantwoordelijkheid van mensen die zelf kampen met oorlogstrauma’s? In de woongroep zitten kinderen van soms twee weken oud en gehandicapten. Het gaat om mensen die af en toe gillend wakker worden. Het lid ASLAMI vraagt of de woongroep contact heeft met de gemeente en wat

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

tot op heden de reactie van het ambtelijke apparaat was. Sabri van der Maeden Riahi antwoordt dat de brief is ondertekend door een junior medewerker van de gemeente die hierover de telefoon niet opnam. De gemeente heeft afgelopen weken ook niet gereageerd, terwijl de deadline 6 mei was. Nu zou dus de eerste batch worden ‘gedeporteerd’ naar een industriegebied in Diemen, waar geen parken, weinig supermarkten en geen kindervoorzieningen etc. zijn. Het lid BROERSEN vraagt wanneer het aangekondigde vertrek in een brief voor het eerst met de groep Oekraïners gecommuniceerd is. In de rondvraag wil het lid de wethouder op de kwestie laten reageren. Sabri van der Maeden Riahi noemt 22 april als moment van communicatie. De opzegtermijn van 28 dagen van de bruikleenovereenkomst zou daarmee niet eens in acht zijn genomen. Agendapunt 3. Bespreken van het Advies Actualisatie Subsidieregeling verenigingsaccommodaties buitensport van de Sportraad Fedor Swart spreekt namens AFC IJburg dank uit voor agendering van het punt en bedankt de Sportraad voor het doorwrochte advies. Hij wil ook benadrukken hoe urgent de herziening is voor de Amsterdamse sportclubs. De sportclubs beseffen terdege tegen welke enorme uitdaging de gemeente Amsterdam aanloopt als het gaat om het begroten en het financieren van maatschappelijke doelen, gezien de teruglopende subsidies en budgetten vanuit Den Haag.

Gelukkig is ook iedereen het erover eens dat sport van enorm maatschappelijk belang is voor jong en oud, gezondheid en de sociale cohesie. Besturen van sportclubs zijn de afgelopen jaren aangelopen tegen enorme kostenstijgingen, helemaal voor het verbouwen of nieuw bouwen van accommodaties. Het zijn ook steeds complexere trajecten om financiering en subsidies te verkrijgen en om te kunnen voldoen aan de duurzaamheidsvereisten. Dit nog los van de exploitatieuitdagingen die sportclubs hebben door de gestegen energielasten en andere gestegen kosten. Als concreet voorbeeld vermeldt hij dat AFC IJburg 1.200 leden telt, waarvan het overgrote deel jeugdleden. De vereniging moet in 2028 een nieuw clubgebouw hebben staan, omdat dan de tijdelijke vergunning is verlopen. De kosten voor een eenvoudige modulaire houtbouwoplossing zijn op ruim boven de 2 miljoen euro geraamd. AFC IJburg heeft in haar jonge bestaan vanaf dag één daarvoor gespaard, maar dat is bij lange na niet meer genoeg om met de huidige Eenderde regeling die nieuwbouw te kunnen realiseren. Dat gat zou met geleend geld gedicht moeten worden, met alle kosten en risico's van dien. Voor clubs betekent een hogere financieringslast een enorm gevaar voor hun voortbestaan. De belangrijkste vaste inkomstenbron voor clubs is de ledencontributie.

En om die contributies te moeten verhogen om gaten te dekken is het laatste wat men zou moeten willen. Men wil namelijk sport juist toegankelijk houden voor iedereen. Daarnaast is ook de bestuurdersaansprakelijkheid een serieus probleem. De hoofdelijke aansprakelijkheid is voor veel bestaande of aspirant-bestuursleden en vrijwilligers een reden om af te haken, zeker ook bij dure en complexe trajecten als nieuwbouw. De tijdsinvesteringen en eventuele risico's zijn voor velen te hoog. Dus daarom adviseert en verzoekt hij namens AFC IJburg en vele andere Amsterdamse sportclubs om de Eenderde regeling te vernieuwen en te verruimen en zo ruimte te creëren voor de zo noodzakelijke ver- en nieuwbouw. De gemeente wordt verzocht clubs en besturen inhoudelijk, procesmatig en juridisch te ondersteunen, mits uiteraard aan alle randvoorwaarden voor een gezonde, duurzame, toekomstbestendige en daarmee levensvatbare club wordt voldaan. Het lid BELKASMI is benieuwd tot welk bedrag de gemeente eigenlijk zou moeten subsidiëren, zodat de Eenderde regeling ook voor AFC IJburg toegankelijk wordt en wat het effect is als de gemeente die regeling niet actualiseert tot dat punt. Fedor Swart zit voor de nieuwbouw met een gat van ruim 1,5 miljoen euro tot 2

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

miljoen euro. Geen clubgebouw meer hebben betekent geen club meer kunnen zijn en het einde van AFC IJburg. Dat zal volgens hem ook zo zijn voor andere sportclubs in Amsterdam en daarbuiten. Het lid KROM vraagt op welke manier ondersteuning had kunnen plaatsvinden als er wel begeleiding door de gemeente was geweest. Fedor Swart had kunnen worden geholpen bij het zoeken naar goede partijen. Een ondersteuning in het hele proces zou voor de bestuursleden, die vrijwilligers zijn, ontzettend welkom zijn geweest. Agendapunt 10. Initiatiefvoorstel ‘Een toekomstbestendig informeel aanbod voor nieuwkomers in Amsterdam’ Karin Arendsen spreekt in als voorzitter van het Netwerk Nieuwkomers Amsterdam (NNA) en als directeur van BOOST. Zij is de afgelopen jaren intensief betrokken geweest bij de ontwikkeling van het netwerk. Het begon als een kleine groep organisaties die beter met elkaar wilden samenwerken en inmiddels is het uitgegroeid tot een open netwerk van meer dan veertig betrokken partijen. Het zijn organisaties die zich allemaal inzetten voor één gezamenlijk doel, namelijk nieuwkomers met of zonder papieren vanaf het eerste moment een plek geven in de stad. Namens het NNA dankt zij het gemeentebestuur voor de koers die Amsterdam heeft ingezet.

Die koers wil nieuwkomers de kans geven om van begin af aan mee te doen, waarin er een belangrijke rol voor het informele aanbod is, van bottom-up organisaties, die veelal met vrijwilligers werken en nauw zijn aangesloten op de leefwereld van nieuwkomers. Voor al die mensen die zijn gevlucht is het brede aanbod in de stad essentieel om werkelijk te kunnen landen. Binnen de organisaties is te zien hoe ontzettend veel Amsterdammers zich vrijwillig inzetten om nieuwkomers welkom te heten, wegwijs te maken en een luisterend oor te bieden. Zij ziet hoe contacten ontstaan, hoe werelden worden verbreed en hoe wederkerigheid groeit. Die verbinding en uitwisseling zijn onmisbaar voor een gezonde en diverse samenleving. In de afgelopen jaren heeft zij gezien hoe essentieel het is dat organisaties binnen het veld van migratie en integratie met elkaar verbonden zijn. Nieuwkomers vormen een hyperdiverse groep en dat vraagt om een veelzijdig aanbod. Door als netwerk samen te werken kan men beter signaleren, beter doorverwijzen en beter met elkaar afstemmen. Het is dan ook fantastisch dat een aantal onderdelen uit het vandaag voorliggende initiatiefvoorstel al in gang is gezet. Het netwerk is blij met de Amsterdamse koers, maar de landelijke politiek baart haar grote zorgen. Zij beseft dat velen deze zorgen delen.

De momenteel in gang gezette enorme restricties hebben niet alleen rampzalige gevolgen voor nieuwkomers zelf, maar veroorzaken ook extreme gevolgen voor de samenleving als geheel. Er zullen veel meer mensen op straat komen te staan, verblijfsprocedures zullen nog langer duren en het fysieke en mentale welzijn van mensen zal achteruit hollen. En er zal daarmee van alle kanten nog meer druk op de systemen komen. Zij beseft eveneens dat de restricties uit Den Haag mogelijk gevolgen zullen hebben, waarop Amsterdam ruimte kan blijven bieden. Daarom roept zij op om te blijven investeren in het informele aanbod, juist nu. Ook raadt zij aan te blijven samenwerken met de organisaties in de haarvaten van de stad. Zij beveelt aan te zorgen dat al het de afgelopen jaren opgebouwde waardevolle aanbod niet verdwijnt en te blijven luisteren naar mensen die zelf gevlucht zijn en hen actief te betrekken bij het maken van beleid. Op die manier kan men in deze tijd de identiteit van gastvrije stad blijven waarborgen en alle unieke en getalenteerde mensen, wiens wieg toevalligerwijs ergens anders stond, welkom blijven heten. Agendapunt 10. Initiatiefvoorstel ‘Een toekomstbestendig informeel aanbod voor nieuwkomers in Amsterdam’ Subhi Almatroud spreekt in namens BOOST en is voor die organisatie deelnemerscoördinator. Hij moest acht jaar geleden, toen hij 17 jaar oud was, samen met

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

zijn vader, moeder en drie zussen vanuit Syrië naar Nederland komen. Het enige wat hij over Nederland wist was dat het Nederlandse elftal goed kon voetballen. De eerste anderhalf jaar in Nederland was hij vooral bezig met procedures, afspraken nakomen en heel veel wachten. Het ging om wachten op een huis, een taalschool en ook om het krijgen van duidelijkheid. En toen kwam hij bij BOOST. Hij sprak nog geen woord Nederlands en toch voelde hij zich meteen welkom. Hij voelde de warmte van de plek en dat heeft indruk op hem gemaakt. Hij deed mee aan allerlei activiteiten en na een paar weken wist hij al dat hij ook iets aan die organisatie wilde teruggeven. Datgene wat BOOST hem heeft gegeven wil hij ook doorgeven aan anderen. Zes jaar later is hij de deelnemerscoördinator van BOOST. Dat betekent dat hij het eerste aanspreekpunt is voor deelnemers. Hij begeleidt mensen, luistert naar hun verhalen en helpt hen hun weg te vinden binnen BOOST, maar ook in de stad. Hij ontmoet elke dag nieuwe mensen. Het zijn mensen met bijzondere verhalen, talenten en dromen, maar soms ook met veel verdriet of trauma's. Het zijn mensen, die net als hij iets of alles achter zich hebben moeten laten om in Nederland opnieuw te beginnen. Het is mooi dat hij vanuit BOOST hen mag helpen om een eerste stap te zetten in hun nieuwe leven. Hij geeft de commissieleden het belang van het informele aanbod mee.

Dat biedt tijd, ruimte, veiligheid en verbondenheid. Mensen kunnen ervaringen opdoen, een netwerk opbouwen en langzaam ontdekken welke richting bij hen past. Uit eigen ervaring weet hij dat het informele aanbod het formele aanbod niet vervangt, maar juist aanvult en versterkt. Bij het informele aanbod krijgen mensen de tijd om te wennen, de ruimte om zichzelf te ontwikkelen en de laagdrempeligheid om echt mee te kunnen doen. Voor hem persoonlijk was dat van groot belang. De kansen die hij bij BOOST heeft gekregen gunt hij iedere nieuwkomer in Amsterdam. Dat is niet alleen goed voor die persoon zelf, maar ook voor de hele stad Amsterdam. Hij is blij dat de raad zorg daarvoor draagt, dat onmisbaar is en zoveel mogelijkheden en kansen biedt. Juist nu de landelijke politiek de rug toekeert naar deze mensen is het belangrijk dat Amsterdam laat zien dat men het met elkaar moet doen. Het lid YEMANE vraagt of de inspreker iets kan vertellen over wat de landelijke politiek zegt over de doelgroep. Subhi Almatroud merkt dat veel mensen zich de laatste tijd zorgen maken over hun situatie. Zij voelen zich nu onzeker over hun toekomst en over wat er gaat gebeuren. Van docenten Nederlands hoort hij dat mensen naar hen toekomen met de vraag of het nog zin heeft om Nederlands te leren en of men in Nederland nog een leven kan opbouwen.

Veel landelijke politici doen oproepen, waarvan nieuwkomers de context niet begrijpen. Zij denken dat uitspraken meteen wet zijn, wat maakt dat ze bang worden om te worden uitgezet. Agendapunt 21. Raadsinformatiebrief inzake voorkeurslocatie woonzorgvoorziening in stadsdeel Zuidoost Jacqueline Vos spreekt in op persoonlijke titel. Begin dit jaar hebben bewoners van het Reigersbos een brief ontvangen over een mogelijke woonvoorziening voor daken thuislozen aan de Abcouderstraatweg. Uit een mailwisseling met de heer Goudriaan van Gemeentelijk Vastgoed blijkt het te gaan om mensen met een meervoudige psychiatrische en/of verslavingsproblematiek. Deze mensen kunnen niet omgaan met veel prikkels en vertonen onaangepast gedrag zodra ze naar buiten gaan, zoals bedelen en schreeuwen. Middels haar inspraakbijdrage wil zij toelichten waarom de locatie aan de Abcouderstraatweg niet geschikt is als woonvoorziening voor deze doelgroep. De locatie ligt in een recreatiegebied, waar veel gewandeld, gefietst en gezwommen wordt. Er lopen wandelpaden rond de locatie en die grenst aan een zwemmeer, waar in de zomer op warme dagen honderden mensen uit de buurt komen zwemmen, spelen, zonnen en tot laat in de avond barbecueën. Door het gebied loopt een fietspad richting Abcoude, waar kinderen uit haar stadsdeel vaak alleen gebruik van maken, namelijk om naar de

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

voetbalclub op 450 meter afstand van de locatie te gaan. Ook wordt het gebied veelvuldig gebruikt door ROOTS, een kinderopvangvoorziening in Abcoude, voor buitenlessen en survivaltrainingen. Dichtbij de locatie zit natuurvereniging De Ruige Hof, die in het gebied activiteiten organiseert voor kinderen en volwassenen. Ook zijn er veel recreanten, die er komen wandelen, want vanwege de hoge biodiversiteit is het een geliefd gebied bij natuurliefhebbers. Het gebied maakt deel uit van wandel- en fietsroutes. Naast de beoogde locatie staat een bord met ‘Toeristisch overstappunt’. Het is dus ook een toplocatie. Aan de overkant van de locatie zit het golfterrein. Niet op 500 meter afstand, zoals in het onderzoeksrapport van de afdeling Vastgoed Amsterdam staat, maar op 60 meter afstand. De golfbaan loopt namelijk helemaal door tot aan het Abcoudermeer. Jaarlijks komen hier ongeveer honderdduizend bezoekers, niet bepaald prikkelarm dus. Ook het fietspad en de doorgaande drukke weg, waar veel en vaak hard gereden wordt, staan haaks op het idee dat het een prikkelarme omgeving zou zijn. Met de vele recreanten erbij kan men spreken van een drukbezocht gebied. Mensen willen in het gebied rustig en ontspannen kunnen recreëren, zonder angst voor eventuele confrontaties met cliënten van de woonvoorziening.

Schreeuwen en onaangepast gedrag zorgen voor een gevoel van onveiligheid, ook al is de fysieke veiligheid misschien niet direct in het geding. Door de vele instellingen in het Reigersbos is het helaas heel normaal geworden om geconfronteerd te worden met onaangepast gedrag. Zij vraagt zich af of bewoners ook nog met een woonzorgvoorziening geconfronteerd moeten worden in hun schaarse geliefde recreatieruimte. Zij vraagt daarom het gemeentebestuur om een andere locatie te zoeken, omdat de voorziene locatie namelijk niet geschikt is. Het lid KABAMBA vraagt wat de inspreekster vindt van de locatie Langerlust, welke locatie in beeld is als de voorkeurslocatie niet lukt. Jacqueline Vos vindt Langerlust ook niet geschikt, omdat dat een recreatiegebied is. De Gaasperplas is een veel groter gebied, dat volgens haar veel minder impact heeft dan het Reigersbos, dat veel kleiner is. Er is dus in het Reigersbos veel meer impact dan in of bij de Gaasperplas. Ín de zomer zwemmen er bij Langerlust heel veel mensen en op de daarlangs lopende weg fietsen en rijden veel mensen naar hun bestemming om te gaan zwemmen. De locatie kan wellicht iets meer naar achter gerealiseerd worden, waardoor de impact, ook op die locatie, wat minder is. Het lid HAKIKI wil weten waarom alternatieven, zoals het AMC, van tafel zijn geveegd.

Jacqueline Vos weet dat AMC geen woonzorgvoorziening wil, omdat Domus er al zit voor de doelgroep van mensen met een meervoudige en verslavingsproblematiek. AMC had in het begin wel toegezegd dat Domus daar kon komen, totdat men de doelgroep in de gaten kreeg. Men kon toen niet meer terug, maar er zijn toen sterke voorwaarden gesteld, bestaande uit sloten en een aparte brug naar de Tafelbergweg. In een mailwisseling met de wethouder heeft zij gelezen dat het AMC-terrein niet geschikt zou zijn, omdat het conflicterend zou werken met de bewoners van Domus. Waarschijnlijk komen er dan te veel mensen van dezelfde doelgroep in het gebied. c. Actualiteiten De VOORZITTER deelt mee dat de leden Alberts en Bentoumya het verzoek tot het houden van een actualiteit hebben ingediend over de toekomst van medewerkers van het fietsdepot na het stoppen van het contract met zorgorganisatie Philadelphia. Eerste termijn Het lid ALBERTS vernam vorige week via AT5 het bericht dat de gemeente het contract met Philadelphia niet verlengt. Het gevolg daarvan is dat 50 mensen met een fysieke of verstandelijke beperking, die onder begeleiding van Philadelphia bij het fietsdepot werken, op straat komen te staan. Het verdwijnen van een zo geliefde

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

dagbesteding of werkplek is niet niks en grijpt flink in het dagelijks leven van mensen in. Toen zij het bericht over het fietsdepot las herinnerde haar dat aan de Kwekerij in Osdorp, ook zo'n geliefde plek, die er niet meer is. Ook zei de gemeente toen dat er naar een alternatieve werkplek zou worden gekeken. Dat komt op haar nogal knullig over, omdat die alternatieve werkplek wordt gezocht bij Pantar. Pantar is daar echter helemaal niet op toegerust en Philadelphia wel. Het gaat namelijk om zorg en intensieve begeleiding, die door Philadelphia wel en niet door Pantar kan worden gegeven. Dat betekent dus dat mensen met hun ziel onder de arm lopen, dan wel nergens meer terecht kunnen komen. Dat vindt zij een ongelooflijk moeilijke omstandigheid. Het lid heeft begrepen dat er toezeggingen zijn gedaan dat mensen naar Pantar kunnen overgaan. Nu pas zoeken juristen uit wat er kan en moet, wat misschien aan de late kant is, gezien de tijdspanne van het contract met Philadelphia. De SP wil ook meer horen over het herplaatsen van deze mensen en hoe het college dat zal aanpakken. Verder kunnen er nog problemen ontstaan met de financiering, want Pantar krijgt geld uit de Participatiewet, maar begeleiding en zorg komt uit de Wmo. De vraag is hoe het college die wil ondervangen. Gevraagd wordt verder hoe de samenwerking met de wethouder Zorg zal worden geregeld.

Bij ingewikkelde bouwprojecten wordt meestal een penvoerder aangewezen en het lid vraagt of de wethouder dat in dit geval ook zal doen. Het lid BENTOUMYA begrijpt dat het niet verlengen van het contract van de gemeente met Philadelphia voor het fietsdepot implicaties heeft voor de organisatie en voor de medewerkers, die er momenteel via Philadelphia werken. Het gaat om 50 mensen, die met heel veel plezier bij het fietsdepot werken en niet meteen een alternatieve werkplek kunnen vinden, die net zo goed bij hen past. De plek bij het fietsdepot is juist zo belangrijk, vanwege de combinatie van het fysieke werk met specifieke bij de medewerkers passende begeleiding. Het lid kent de wethouder ook als iemand die zich inzet voor passend werk voor iedereen, zodat het uitgangspunt zou zijn dat passend werk en begeleiding voor deze groep in deze kwestie leidend moeten zijn. Het lid begrijpt dat het besluit om het contract niet te verlengen of opnieuw aan te besteden voor Philadelphia best onverwacht was en is benieuwd hoe het proces er uit heeft gezien, hoe Philadelphia is meegenomen en hoe het besluit tot stand is gekomen, juist ook met inachtneming van de consequenties voor de medewerkers zelf, die wat GroenLinks betreft leidend zouden moeten zijn. Gevraagd wordt hoe het werkplezier en de begeleiding van medewerkers nu worden gewaarborgd.

Als het contract per september afloopt, dan wordt het voor Philadelphia best ingewikkeld om deze mensen ergens te kunnen plaatsen waar ze met net zoveel plezier passend werk kunnen vinden. Is er in dat geval een overgangsperiode mogelijk? Een andere plek voor de betrokkenen zou niet vanzelfsprekend bij Pantar kunnen zijn, maar als het werk met zorg voortgezet zou moeten worden is een locatie vinden een heikel punt. GroenLinks is benieuwd wat de gemeente daarin voor Philadelphia en de medewerkers kan betekenen. Het lid SCHMIT vindt het erg belangrijk dat Amsterdammers met een fysieke en/of verstandelijke handicap met hun eigen talenten kunnen meedoen in de stad, waardoor ze eigenwaarde en waardering krijgen. D66 vindt het spijtig om te zien dat medewerkers van het fietsdepot hun werkplek dreigen te verliezen. Gevraagd wordt of een overnemende partij ook alle zorgtaken moet overnemen en waarom voor inbesteding is gekozen. Het lid NAMANE noemt beschikbaarheid van goed werk of goede dagbesteding voor Amsterdammers heel belangrijk en begrijpt dat de gemeente Pantar voorrang moet geven. Er is nu onzekerheid bij mensen, wat de PvdA niet wil. Het lid heeft het idee dat Philadelphia is verrast en vraagt of de wethouder daarover iets wil zeggen. De wens is om een oplossing te bieden.

Het lid KROM is benieuwd wat is bedoeld met de opmerking dat de gemeente meedenkt over een tijdelijk onderkomen, wat de overgang naar Pantar betekent voor de huisvesting van medewerkers en of de wethouder daarop heeft geanticipeerd. Verder wil

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

het lid weten waarom het contract pas laat is opgezegd, of aanbesteding ook mogelijk was geweest en waarom daarvoor niet is gekozen. Wethouder GROOT WASSINK vindt het vervelend als mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt niet langer kunnen werken op de plek waar ze dat misschien met heel veel plezier doen. Hij verzet zich echter tegen het beeld dat de overgang als een verrassing komt. Het betreft overigens een reguliere dienst, die een zorgpartij in de aanbesteding heeft gewonnen. Als de gemeente de aanbesteding opnieuw zou doen zou dat niet automatisch leiden tot een zorgpartij die de dienst verleent. De vergelijking met de Kwekerij bevreemdt hem ook, omdat het in dezen gaat om een heel andere kwestie. Aanbesteding zou voor Philadelphia geen garantie zijn dat zij het contract zou kunnen behouden. Samen met een collega heeft hij voor inbesteding gekozen, ook omdat er voor de Pantar-doelgroep een verantwoordelijkheid is, ook omdat hij zich over de levensvatbaarheid daarvan zorgen maakt. Daarom is het handig dat die verbonden partij opdrachten krijgt. De suggestie dat pas heel laat duidelijk is dat het contract stopt noemt hij pertinent onwaar. Het contract loopt tot 1 september en in juli 2024 is Philadelphia op de speciale positie van Pantar gewezen, die gevolgen kan hebben voor de aanbesteding van het fietsdepot.

Formeel uitsluitsel was er inderdaad pas laat, maar Philadelphia schreef op 29 januari al dat het de intentie van de gemeente was om de opdracht aan Pantar te gunnen. Gezien de ingewikkeldheid en het voelen van verantwoordelijkheid wil hij bezien of er meer kan gebeuren, of een tijdelijke opvanglocatie te bieden is, of medewerkers dagbesteding kunnen krijgen of kunnen blijven werken. Ook de overnameplicht wil hij onderzoeken, maar hij herhaalt dat het een reguliere dienst betreft. Een overnameplicht zou wel kunnen, maar waarschijnlijk hoeft dan de zorgverplichting niet overgenomen te worden. Dat wil hij echter wel onderzoeken, vanwege de wens dat medewerkers een fijne plek blijven behouden, wat ook zijn inzet is. Het lid SCHMIT suggereert bij de inbesteding mee te geven dat de zorgplicht meegaat. Wethouder GROOT WASSINK wijst er nogmaals op dat het gaat om een reguliere dienst. Bij aanbesteding zou er sprake zijn van een reguliere dienst, waarop 5% social return van toepassing is. Het college heeft besloten om tot inbesteding bij Pantar over te gaan, een verbonden partij en in die zin heeft die een andere positie dan Philadelphia. Zijn inzet is wel om mensen aan het werk te kunnen houden. Het lid BENTOUMYA merkt op dat de zorgplicht contractueel gezien bij Philadelphia ligt, omdat het om zorg en dagbesteding gaat.

Als Pantar geen zorg aanbiedt moet die wellicht door Philadelphia worden verzorgd teneinde continuïteit voor medewerkers te bieden. Wethouder GROOT WASSINK stelt dat van continuïteit per definitie geen sprake kan zijn, omdat de aanbesteding van Philadelphia tot 1 september liep. De gemeente is in die zin niet voor continuïteit verantwoordelijk. De keuze is gemaakt voor inbesteding bij Pantar. Onderzocht wordt of medewerkers een tijdelijke opvanglocatie geboden kan worden en of er andere manieren zijn waarop mensen aan het werk kunnen blijven. Philadelphia heeft de zorgverantwoordelijkheid en niet de gemeente Amsterdam. Het lid Namane vroeg of de gemeente Pantar voorrang moest geven. Dat is niet per se zo, maar een verbonden partij kan meedoen bij een reguliere dienst, waar ook mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken. Een zorgpartij kan niet inbesteden en zou aanbestedingsplichtig zijn, omdat het niet een aan de gemeente gelieerde partij is. Het lid BENTOUMYA begrijpt dat de verantwoordelijkheid niet een op een bij de gemeente ligt, maar vraagt de wethouder zoveel mogelijk te zorgen voor continuïteit voor medewerkers als het gaat om zorg en dagbesteding, ook als ze worden overgenomen door Pantar.

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

Wethouder GROOT WASSINK verzet zich ertegen dat hij die verantwoordelijkheid niet serieus zou nemen. Dat doet hij namelijk wel, door bij Pantar in te besteden en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt bij een verbonden partij een plek te geven. Hij wil wel onderzoeken hoe de overgang voor individueel betrokkenen zo goed mogelijk kan gebeuren. Omdat het een reguliere dienst betreft heeft hij gekozen voor inbesteding aan een aan de gemeente verbonden partij. Zijn inzet is erop gericht om alle individueel betrokkenen zo goed mogelijk te laten landen en daarover zal hij de raad verder berichten. Tweede termijn Het lid ALBERTS vindt in tegenstelling tot de wethouder de vergelijking met de Kwekerij niet vreemd. Zij kan zich het debat daarover nog goed herinneren. Medewerkers daarvan werden ook overgeplaatst naar Pantar, waar ze ‘ook iets zouden kunnen doen met plantjes’. Dat voelde niet goed. Het lid vraagt of het gaat om een locatie waar mensen weer tot hun recht kunnen komen. Het lid wil weten waarom nu pas zaken juridisch worden uitgezocht, temeer omdat er aankondigingen waren zodat er tijd was voor uitzoekwerk. Ook wil het lid antwoord op de gestelde vragen of de wethouder een penvoerder zal aantrekken en hoe de financiering gaat lopen.

Wethouder GROOT WASSINK noemt het verschil met de Kwekerij dat daar alle activiteiten stopten, terwijl nu mensen in een reguliere dienst bij Pantar aan de slag gaan. In plaats van onbetaalde dagbesteding krijgen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt daar loon, wat hij een goede zaak vindt. De vergelijking met de Kwekerij vindt hij daarom tendentieus en er een waar hij niets mee kan. Naar de vragen over penvoerderschap en financiering zal hij kijken. Hij en zijn collega’s voelen zich persoonlijk buitengewoon betrokken bij de zaak. Het penvoerderschap vindt hij niet zo interessant en over de financiën wil hij de raad nog informeren. De aanbesteding loopt in september af en het college heeft eerder signalen afgegeven dat er geen aanbesteding zou plaatsvinden en dat inbesteding zou kunnen volgen. Na het nemen van dat besluit wordt bekeken welke stappen er te zetten zijn. Hij belooft de gemeenteraad om alles op alles te zetten voor het vinden van een goede en passende oplossing voor allen. Tot slot is hij blij ook een bijdrage te leveren aan een opdracht voor Pantar. Het lid ALBERTS kan zich in die laatste opmerking vinden, maar vindt het allereerste belang om de onrust bij de mensen die buiten de boot dreigen te vallen weg te nemen. Het gaat daarbij om de mentale kwestie die bij medewerkers van Philadelphia speelt.

Wethouder GROOT WASSINK herhaalt nogmaals dat het een reguliere dienst is, waarbij het niet vanzelfsprekend is die aan een zorgpartij te gunnen. Er is sprake van een aflopend contract en de dienst is aan een verbonden partij gegund. De zorgplicht ligt niet daar. Als een andere partij de aanbesteding zou hebben gewonnen had de zorgplicht niet automatisch bij de gemeente gelegen. Hij wil heel graag kijken naar wat hij voor de betrokken mensen kan doen. Tegelijkertijd is hij heel blij dat ook de dienst Parkeren heeft gezegd bij Pantar in te besteden, omdat daar de reguliere social return afspraken veel zwaarder ingevuld kunnen worden. Het lid BENTOUMYA benadrukt ook heel blij te zijn dat Pantar diens positie versterkt en de toekomst van medewerkers de bijzondere aandacht van de wethouder heeft. De wethouder wordt gevraagd om de raad daarover nader te informeren als er daarover meer duidelijkheid is en verder wil het lid weten wanneer de wethouder dat kan doen.

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

Wethouder GROOT WASSINK is heel blij met die woorden en vermeldt dat het bij het kiezen voor een verbonden partij gaat om een duivels dilemma. In de volgende commissievergadering zal hij een update van de stand van zaken kunnen geven. De VOORZITTER constateert dat er geen behoefte is om de actualiteit in de raadsvergadering af te ronden of daarover een motie in te dienen. d. Rondvraag Het lid BROERSEN stelt een vraag over toerisme naar aanleiding van een opiniestuk dat afgelopen week in Het Parool stond. De raad heeft in 2021 een duidelijke grens aan het toerisme in Amsterdam gesteld via de Verordening op toerisme in balans. Die grens is inmiddels al een tijdje overschreden. De bewonersgroep ‘Amsterdam heeft een keuze’ wil naar de rechter stappen om de gemeente zich aan haar afspraken te laten houden. In een open brief nodigt die stichting de raad en het college uit voor een gesprek. Enerzijds is sturen op toerisme complex met veel verschillende afwegingen, maar anderzijds is het begrijpelijk dat bewoners zich afvragen wat afspraken nog waard zijn als ze structureel niet worden gehaald. VOLT wil alles op alles zetten om te voorkomen dat de gemeente tegenover bewoners in de rechtbank staat en is benieuwd of de wethouder van plan is om met de initiatiefnemers om de tafel te gaan en of hij kan reflecteren op de open brief.

Wethouder MBARKI zegt toe met bewoners om de tafel te gaan, maar moet nog bezien of dat binnen drie weken lukt, hoewel dat wel zijn intentie is. Na vaststelling van de verordening zijn de grenzen eigenlijk al direct overschreden. Er zijn al gesprekken gevoerd over hoe maatregelen in samenhang met andere zaken moeten worden gezien. De bewoners neemt hij heel serieus en met hen gaat hij in gesprek, maar een rechtsgang zal hij niet tegenhouden. Het lid BROERSEN hoopt dat de wethouder wel gaat proberen om te voorkomen dat de bewoners naar de rechter stappen en vraagt of hij na het gesprek een terugkoppeling daarvan kan geven. Wethouder MBARKI weet wat bewoners willen, onder andere een i-criterium, en gaat met hen en initiatiefnemers in gesprek. Hij hoopt dat de raad zich ook bewust is dat college en raad het beleid samen maken. Door het college voorgestelde maatregelen zijn door de raad niet omarmd. Hij begrijpt de overweging naar de rechter te stappen, maar weet niet of hij de persoon is om ze te moeten afpraten van dat idee. De VOORZITTER biedt het lid Broersen de gelegenheid voor het stellen van een tweede rondvraag. Het lid BROERSEN vraagt de wethouder om te reageren op inspreker Sabri van der Maeden Riahi over de huisvesting van 140 Oekraïense bewoners aan de Riekerhaven, die naar een andere locatie toe moeten.

Zij zullen daar voorzieningen moeten delen en er zijn zorgen daarover en of ze daar wel kunnen koken. Het lid wil de wethouder hierop laten reflecteren en is benieuwd waarom mensen niet eerder dan een maand tevoren in kennis zijn gesteld dat de verhuizing eraan zit te komen. Wethouder GROOT WASSINK gaat het om de voormalige zorgvoorziening Riekerhof, waarover de raad is aangegeven dat het een tijdelijke locatie voor aanvankelijk anderhalf jaar zou zijn. Het was altijd duidelijk dat de Riekerhof gesloopt zou moeten worden vanwege ontwikkeling van het gebied. Daarover is er nooit onduidelijkheid geweest. Er is sprake van een transitie van tijdelijke naar meer permanente locaties, wat maakt dat er soms verhuisd moet worden. De betrokkenen zullen naar de Prinses Irene-

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

en Duivendrechtsekade gaan. Waar mensen nu alle voorzieningen individueel hebben zullen die in de toekomst gedeeld moeten worden. De Riekerhof was een van de beste locaties vanwege die individuele voorzieningen. Hij is zich terdege bewust van de zorgen die er leven en de kwetsbaarheid van sommige bewoners, waarnaar met maatwerk zal worden gekeken. Met woorden als ‘deportatie’ van de inspreker heeft hij heel veel moeite. Volgens de reguliere procedure en met normale inlichtingstermijnen is tegen bewoners gezegd dat ze moeten verhuizen, omdat er op de locatie een ontwikkeling is gepland. Er is zorgvuldig naar vervangende ruimte gekeken en voorzieningen zullen niet onder het afgesproken niveau terecht komen. Er zijn geen woonrechten en wooncontracten, hier gaat het om opvang onder de RTB (Richtlijn Tijdelijke Bescherming). Het lid BROERSEN is zich ervan bewust dat het lastig is om opvangplekken in de stad te vinden en is al lang blij dat Amsterdam zich ontzettend inzet om die opvang te regelen. Wel vindt het lid een aankondiging van verhuizing een maand tevoren te kort, ook omdat mensen zich daarop goed moeten kunnen voorbereiden. Wethouder GROOT WASSINK heeft met eerdere berichtgeving grote moeite, omdat er dan eerder grotere onrust ontstaat. Op de afgelopen donderdag ontvangen brief zal het college reageren. De overgang zal zo zorgvuldig mogelijk gebeuren en ook met maatwerk.

Er is echter niet afgeweken van de gang van zaken bij andere opvanglocaties, waar vervanging eerder aan de hand was. Hij ziet ook geen ruimte om berichtgeving veel eerder te doen. Juist vanwege de populatie is maatwerk belangrijk. Het lid ASLAMI is benieuwd of de wethouder of diens ambtenaar bereid is om met mensen in gesprek te gaan over de situatie, zodat er iets van begrip ontstaat. Wethouder GROOT WASSINK wijst erop dat er al een informatieavond is gehouden. Hij ontving afgelopen donderdag een nogal juridisch schrijven, maar snapt het gevoel van bewoners dat ze in voorzieningenniveau achteruit gaan, maar hij kan echter niet anders, omdat hij de mogelijkheden niet heeft. Wel wil hij het gesprek aangaan en maatwerk toepassen. Zijn trieste lot is nu eenmaal dat alles wat hij doet suboptimaal is. De VOORZITTER geeft het lid Yemane gelegenheid tot het stellen van een rondvraag. Het lid YEMANE wil weten welke activiteiten van Hart van de K-buurt nog doorgang kunnen vinden, vanwege opnieuw in te dienen subsidieaanvragen en capaciteitsproblemen. Kan de raad nog iets doen om activiteiten wel te laten doorgaan? Wethouder GROOT WASSINK antwoordt dat doorgang van de activiteiten aan de stichting Hart voor de K-buurt is. Per aanvraag wordt de opportuniteit daarvan bekeken. De stichting wordt ondersteuning geboden bij het doen van onderzoek en in het met elkaar blijven leren.

De VOORZITTER geeft het lid Schmit gelegenheid tot het stellen van een rondvraag. Het lid SCHMIT vraagt of het initiatief van Amsterdamse mbo-studenten om een mbo-studentenvereniging op te richten volgens de wethouder alle ondersteuning van de gemeente verdient en op welke wijze die kan plaatsvinden. Wethouder MBARKI heeft contact met de initiatiefnemers en verklaart zich bereid om ze waar mogelijk te ondersteunen. Wel moet het een initiatief van studenten zijn. BESPREEKPUNTEN Sport en Bewegen

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

3. Bespreken van het Advies actualisatie verenigingsaccommodaties buitensport van de Sportraad

Subsidieregeling

De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd op verzoek van het lid Belkasmi. Namens de Sportraad is Peter Kwint uitgenodigd om het advies aan de commissie toe te lichten. Peter Kwint is lid van de Amsterdamse Sportraad en voorzitter van de Nederlandse Vechtsportbond en geeft een toelichting op het advies van de Sportraad over de Eenderde regeling. In de optiek van de Sportraad is de Eenderde regeling essentieel voor het Amsterdamse verenigingsleven, maar zijn er wel degelijk kansen om die te verbeteren. Door verdichting neemt de druk op de leefbaarheid toe, terwijl voldoende ruimte om te bewegen, te sporten en te recreëren essentieel is voor de kwaliteit van leven in de stad De Eenderde regeling speelt daarbij een heel belangrijke rol in. Zonder een gemeentelijke bijdrage daaruit missen veel verenigingen het vlees op de botten om te kunnen investeren in hoogwaardige faciliteiten. De huidige regeling schiet op een aantal punten te kort. Die is bedoeld om alle verenigingen die hun voorzieningen op orde willen houden of nieuwbouw willen plegen te ondersteunen. Het geld komt bovengemiddeld veel terecht bij verenigingen die financieel en organisatorisch sterk zijn. De verdeling van het geld gebeurt momenteel niet altijd op basis van noodzaak, maar meer op basis van capaciteit.

Het gaat zowel om de capaciteit bij de gemeente als de capaciteit bij verenigingen om zo'n traject te doorlopen. Daarom stelt de Sportraad voor om voor een deel van de verenigingen te komen met een tweederde regeling, waarbij de gemeente twee derde en de verenigingen een derde van de financiën voor hun rekening nemen. Hiermee krijgen verenigingen de kans om door te groeien, mits zij die potentie om door te groeien kunnen aantonen, maar niet nu de middelen hebben om te investeren in hun eigen voorzieningen. Daarnaast adviseert de Sportraad om binnen dit deel specifiek aandacht te geven aan sporten en stadsdelen, die momenteel ondervertegenwoordigd zijn in de regelingen, zodat de middelen eerlijker te verdelen zijn en de gemeente ook meer kan sturen op de prioriteiten van het eigen beleid. Subsidie alleen is niet genoeg. Bestuur en vrijwilligers komen structureel handen en tijd tekort, moeten zware verantwoordelijkheden aangaan en voelen zich daartoe niet altijd geëquipeerd. Daarom adviseert de Sportraad om de twee derde component te koppelen aan een ondersteuningspakket om verenigingen echt te versterken. Dit voor het inzetten van expertise, zodat zij bij het maken van ingewikkelde beslissingen steun kunnen krijgen van mensen die daar meer verstand van hebben dan zijzelf.

Tot slot weet hij dat het krijgen van extra geld altijd het makkelijkst is om te vragen en het moeilijkst om te krijgen. Dat verzoek legt de Sportraad bij de raad neer. Het huidige budget van 750.000 euro voor 160 buitensportverenigingen dekt de kosten namelijk niet meer. In andere steden liggen de bedragen hoger. De Sportraad hoopt met het advies bij te hebben gedragen aan een eerlijke en betere Eenderde regeling voor een sportieve stad. Het lid BELKASMI informeert naar het effect bij verenigingen die in onvoldoende mate middelen en organisatiekracht hebben en wil weten hoeveel hoger het subsidieplafond zou moeten zijn. Peter Kwint antwoordt dat bij die verenigingen noodzakelijke investeringen niet worden gedaan en daardoor de kwaliteit achteruit gaat. Daarmee wordt een vereniging ook minder aantrekkelijk voor mensen in de buurt om daarvan lid te worden. Verenigingen kunnen daardoor minder aan groeipotentie voldoen, omdat ze minder aantrekkelijk zijn. Het klinkt logisch om de grens van het maximale subsidiebedrag te verhogen, maar als men tweemaal het maximale bedrag verleent is het budget al bijna op. Bij verhoging van het bedrag zijn er nog minder verenigingen die er gebruik van kunnen maken. Daaraan zit dus ook een risico.

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept-raadscommissieverslag, 7 mei 2025

Het lid ASLAMI ondersteunt het rapport van de Sportraad van harte en vraagt hoe een tweederde regeling ook landt bij verenigingen die dat het hardste nodig hebben. Peter Kwint vindt dat een terechte vraag en stelt dat een aantal voorwaarden zou moeten gelden om aanspraak op de tweederde regeling te kunnen maken. Men zou moeten kunnen aantonen dat men niet voldoende middelen heeft, zodat gemeentelijke ondersteuning nodig is. Daarnaast moet een vereniging de noodzaak van het gewenste bedrag kunnen laten zien, bijvoorbeeld dat het bedrag nodig is om als vereniging aantrekkelijker te worden. Daarnaast zou de vereniging een bijdrage kunnen leveren aan de duurzaamheidsdoelstelling. Het lid NIJHOF steunt het rapport namens GroenLinks eveneens en vraagt om uitleg over het faciliteren en begeleiden van verenigingen bij het aanvragen van subsidies en voorbeelden en suggesties wat dat betreft. Peter Kwint denkt aan ondersteuning aan een deskundige vanuit de gemeente en het maken van een overzichtelijke en eenvoudige regeling, die ook voor kleinere verenigingen draagbaar is. Het gaat ook om het zoeken van goede aannemers en maken van goede bouweisen. Het lid STAARTJES vraagt of verenigingen die nu geld uit de Eenderde regeling krijgen het geld nodig hebben om investeringen te kunnen doen en of zij ook zonder dat bedrag zouden kunnen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15589518/1