2025-10-30 Conceptverslag commissie DC.docx
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Raadscommissieverslag, 30-10-2025 CONCEPTVERSLAG
Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie Donderdag 30 oktober 2025 van 10.00 uur tot 12.30 uur in de Willem Kraanzaal Donderdag 27 november 2025 Voorzitter: Van Munster Plaatsvervangend voorzitters: Noordzij en Lust Portefeuillehouders: wethouders Pels en Van Buren Commissiegriffier: D. Struijk Commissieondersteuner: N. Bakkali Verslaglegging: N. Post (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Deterink (VVD), Garmy (Volt), De Jager (D66), Van der Kamp (VVD), Keesman (PvdA), Koppejan (CDA), Krom (Partij voor de Dieren), Lust (D66), Meerburg (Partij voor de Dieren), Van Munster (GL), Noordman (Forum voor Democratie), Noordzij (PvdA) en Schmit (D66) Afwezig commissielid: Haijen (SP)
1. ALGEMEEN DEEL a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 10.00 uur en constateert dat er voldoende fracties aanwezig zijn. b. Mededelingen Wethouder PELS heeft de volgende mededelingen: - De termijnagenda is bijgewerkt maar dit is nog niet verwerkt in het huidige schema. Bij twintig punten is de stand van zaken gewijzigd en negen punten zijn afgerond. - Het lid Van der Kamp heeft vragen gesteld over netcongestie maar aangezien er nog enkele bestuurlijke overleggen hierover moeten plaatsvinden zal de beantwoording langer duren. - Op 17 november aanstaande vindt de eerste bijeenkomst van de Duurzaamheidsraad plaats. Deze raad heeft tot doel Amsterdam op brede schaal te vertegenwoordigen in dit dossier. Het college en de gemeenteraad kunnen ideeën en vraagstukken voorleggen aan de Duurzaamheidsraad. De
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
commissie wordt op de hoogte gehouden van de voortgang van de eerste bijeenkomst en van de vraagstukken die het college aan de Duurzaamheidsraad wil voorleggen. Het lid KROM vraagt of er een kennismaking met de Duurzaamheidsraad zal plaatsvinden. Wethouder PELS antwoordt dat een kennismaking tussen de gemeenteraad en de duurzaamheidsraad georganiseerd zal worden. c. Vaststellen agenda De agenda wordt vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie DC d.d. 25 september 2025 Het verslag van de openbare vergadering van de raadscommissie DC 25 september 2025 wordt ongewijzigd definitief vastgesteld. e. Actielijst en langetermijnagenda’s per portefeuille Er zijn geen vragen of opmerkingen over de actielijst en langetermijnagenda's f. TKN-lijst Er zijn geen verzoeken om TKN-stukken te behandelen. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn voor deze vergadering geen ingekomen stukken van stadsdeelcommissies. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke gedeelte van de vergadering. b. Inspreekmoment publiek De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Terra die op persoonlijke titel inspreekt over de compensatie voor stadswarmte. Inspreker TERRA spreekt voor de zesde keer in over de compensatie voor stadswarmte. Ze hoopt dat het dossier voor de gemeenteraadsverkiezingen kan worden afgesloten.
Het is lovenswaardig dat er na anderhalf jaar eindelijk een compensatiebrief ligt, maar het is niet genoeg en de inhoud van de brief is niet correct. Dit is zeer frustrerend
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
gezien de beloftes die gedaan zijn. De wethouder komt met een compensatie van 107 euro per jaar maar dat is niet voldoende. Ze hoopt op hulp en steun van de commissie voor de tweeduizend huurders die sinds 2022 525 euro of meer te veel betalen als gevolg van stadswarmte. De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Hartog die inspreekt over de aanpak en invloed van reiniging met betrekking tot de leefbaarheid en veiligheid in de Hbuurt. Inspreker HARTOG vraagt al achttien jaar aandacht voor overlast in de H-buurt door verwarde en onvoorspelbare personen en door het verkeerd aanbieden van afval. Ze vreest dat de overstap naar het ophalen van grofvuil voor nog meer problemen zal zorgen. Het systeem om overlast te melden hapert en ze pleit voor de inzet van kleine leefbaarheidsteams per wijk. Deze teams zijn betrokken bij de wijk en hebben goed zicht op de hotspots. Een leefbaarheidsteam in de H-buurt kan in een maandelijks overleg met een klein bewonersteam en via een WhatsApp-groep informatie delen en vier keer per jaar een schouw in de wijk houden. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld voor deze vergadering. d. Rondvraag Er zijn geen rondvragen aangemeld voor deze vergadering. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. Vaststellen Begroting 2026 Gemeente Amsterdam VN2025-013799 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid De Jager in de tweede termijn van dit agendapunt.
Het lid DE JAGER stelt dat de governance van het Klimaatfonds toe is aan een update. De wethouder had al kunnen beginnen met de plannen die vandaag ter goedkeuring op de agenda staan, zoals een voorstel van 2,5 miljoen uit augustus. Voordat dit voorstel door de hele raad is en aangenomen is, is het eind november en dat betekent dat er vier maanden verloren zijn gegaan terwijl er haast is en men wil dat de plannen snel worden uitgevoerd. Bij andere beleidsterreinen geldt een ander autorisatieniveau waarbij niet voor elke 2,5 miljoen een besluit door de raad hoeft te worden genomen. Ze vindt dat de governance van het Klimaatfonds moet worden aangepast zodat de autorisatiegrens van de raad omhoog kan en de plannen sneller uitgevoerd kunnen worden. Bovendien is het zonde van de tijd dat ambtenaren telkens een raadsinformatiebrief moeten schrijven voor een paar miljoen. Ze vraagt de wethouder wanneer er een aangepaste governance van het Klimaatfonds komt. Het lid KROM wijst op het tekort aan geld bij Dierenwelzijn. De ADEM-regeling heeft een tekort en organisaties in de dierenopvang hebben geen geld om personeel aan te nemen. Ook zou er geld vrijgemaakt moeten worden om een einde te maken aan de jacht in Amsterdam. Ze heeft bij de begroting een motie ingediend om meer geld vrij te maken voor
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Dierenwelzijn en komt met verschillende opties om de kosten te dekken. Ze vraagt de wethouder of zij daar wellicht alvast iets over kan zeggen. Op een begroting van bijna 8 miljard euro gaat er slechts 1,9 miljoen euro naar Dierenwelzijn, waarvan vier ton een armoederegeling is die wat haar betreft verplaatst zou moeten worden naar de desbetreffende portefeuille. Van de 22.000 ambtenaren zijn slechts 2 fte's bezig met dieren. Ze erkent dat de wethouder doet wat zij kan maar voor de Partij voor de Dieren is het nog steeds veel te weinig. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS begrijpt de analyse van D66 over het Klimaatfonds. Er is ooit afgesproken om de raad die positie te geven maar het duurt inderdaad lang omdat eerst de fondsbeheerder moet adviseren en daarna het voorstel via het college naar de raad moet worden gebracht. Dit kost inderdaad ook veel ambtelijke inzet. Ze zal hiervoor een voorstel doen zodat het snel in een volgende raad behandeld kan worden. Wat betreft de vragen van de Partij voor de Dieren over het budget legt ze uit dat er in deze periode extra geld is vrijgemaakt voor Dierenwelzijn omdat de mensen die eraan werken met een klein budget ontzettend veel werk verzetten en omdat er knelpunten zijn. Er is contact met De Toevlucht over praktische zaken zoals onveilige bomen en de herinrichting van het terrein.
Daar is ook vanuit de gemeente geld voor nodig en ze is bereid om mee te kijken naar hoe het probleem van het onderhoud in de toekomst opgelost kan worden. Het is wel de vraag of dit in deze begroting moet worden opgenomen aangezien het plan mogelijk langer duurt. Ze stelt voor om hierover nog contact te hebben. Het lid KROM vindt dat goed nieuws voor De Toevlucht maar haar vraag betreft specifiek het personeelstekort. Dit probleem doet zich voor bij De Toevlucht, bij Stichting Amsterdamse Zwerfkatten en bij Dierenasiel Oostzaan. Deze organisaties hebben minstens één persoon te weinig in dienst, de opvang zit overvol en de vrijwilligers worden steeds meer overvraagd. Ze vraagt of de wethouder daar iets over kan zeggen. Wethouder PELS antwoordt dat het bij de laatste begroting van deze coalitieperiode lastig is om structurele middelen vrij te maken. Ze is recent twee keer bij de Stichting Amsterdamse Zwerfkatten geweest en een groot probleem daar is dat vrijwilligers nu niet meer gratis kunnen parkeren. Dat probleem kan wellicht opgelost worden maar structurele middelen vrijmaken bij deze begroting is moeilijk. Ze herkent het probleem wel en het zou goed zijn als de nieuwe coalitie meer geld voor Dierenwelzijn vrijmaakt.
Het lid KROM stelt voor om voor het komende jaar de problemen op te lossen met incidenteel geld en bij de begroting van de nieuwe coalitie meer structureel geld vrij te maken. Wethouder PELS antwoordt dat het goed is om daarvoor een voorstel te doen. Uiteindelijk is het aan de raad om daarover te besluiten en is de wethouder Financiën nodig om het dan over de dekking te hebben. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en gereed is voor besluitvorming in de raad van 12 en 13 november. Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie 4. Beschikbaar stellen van gelden uit het Klimaatfonds ten behoeve van de subsidieregeling voor zonwering voor huurders van de Amsterdamse woningcorporaties VN2025-014389
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan. Het lid KOPPEJAN vindt het belangrijk om hittestress tegen te gaan en kwetsbare huurders te helpen maar benadrukt ook dat er zorgvuldig omgegaan moet worden met het Klimaatfonds dat bedoeld is om met publieke middelen zoveel mogelijk CO2-reductie te realiseren. Het voorstel dat nu voorligt vraagt om 2,5 miljoen euro uit het Klimaatfonds en volgens de fondsbeheerder leidt dit tot een kostprijs van ongeveer 4.500 euro per ton CO2. Dit is tien keer hoger dan de norm die de gemeente zelf hanteert en dat betekent dat voor hetzelfde geld tien keer zoveel CO2 bespaard kan worden. Dit voorstel is dus niet kostenefficiënt en als het zo doorgaat raakt het Klimaatfonds uitgeput voordat de klimaatdoelen zijn behaald. Het lid DE JAGER merkt op dat het CDA wel onder de motie staat die heeft gevraagd om de uitwerking van dit plan. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat de fondsbeheerder heeft uitgezocht wat de kosten zijn per ton CO2-reductie. Dat voldoet niet aan de norm en daarom staan zij niet achter dit voorstel en vinden zij het zelfs schadelijk. Het lid DE JAGER vraagt wat het CDA had verwacht toen ze de motie ondertekende. Dit gaat meer om klimaatadaptatie dan om CO2-uitstoot voorkomen.
Als het CDA tekent voor een plan waarbij zonwering wordt geplaatst voor kwetsbare huishoudens die anders de temperatuur binnen zien oplopen tot 40 graden, dan hadden ze al kunnen bedenken wat de impact van dit plan zou zijn op CO2-besparing. Het doel van de zonwering is immers iets anders dan CO2-reductie. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat het doel van het Klimaatfonds aardgasvrij Amsterdam en CO2-reductie is en dat gebeurt niet met dit voorstel. Het CDA vindt dat middelen uit het Klimaatfonds hier niet voor gebruikt mogen worden. Het lid DE JAGER concludeert dat het CDA het blijkbaar eens is met de uitwerking van het plan maar niet met de specifieke dekking. Ze vraagt welke dekking het CDA voorstelt om dit plan te realiseren. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat zij nu reageert op het plan dat voorligt en dat zij het niet eens is met dat plan. Het dient te weinig het doel van het Klimaatfonds en zoals de tweede inspreker benoemde moet er geïnvesteerd worden in de leefbaarheid van de stad en moet de basis op orde gebracht worden. Dit plan voor zonwering draagt daar niet aan bij. Het lid NOORDZIJ verwijst naar onderzoeken van onder andere UNICEF waarin is aangetoond hoe impactvol hittestress is op jongeren, op hun leerprestaties en nachtrust.
Hij sluit zich aan bij de inbreng van het lid De Jager over de motie die het CDA heeft meegetekend en waarin het Klimaatfonds als dekking wordt beschreven. Hij vindt het ook vreemd dat het CDA dit nu terugtrekt. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat er een ander potje gezocht moet worden, een sociaal fonds maar niet het Klimaatfonds. Zij vindt dat de commissie moet controleren of de doelen van het Klimaatfonds gehaald worden en dat de commissieleden zich daarvoor moeten inzetten. Het lid NOORDZIJ constateert dat het CDA van standpunt is veranderd aangezien in de motie het Klimaatfonds als dekking en de maatregelen om hittestress te voorkomen nadrukkelijk worden genoemd.
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid KOPPEJAN antwoordt dat het CDA haar standpunt heeft gewijzigd nu is onderzocht wat de gevolgen zijn van het implementeren van de zonwering. De gevolgen voor de doelstelling van het Klimaatfonds zijn niet voldoende en daarom staat het CDA hier niet achter. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van der Kamp. Het lid VAN DER KAMP vindt het belangrijk dat verduurzaming in Amsterdam samengaat met leefbaarheid en comfort voor bewoners, tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten. De VVD is positief over de verbreding van het isolatieoffensief en steunt effectieve gebouwgebonden vergroeningsmaatregelen zoals zonwering. Tegelijkertijd moeten de middelen uit het Klimaatfonds doelgericht en kostenefficiënt ingezet worden. In de motie wordt ook gevraagd om een stimuleringsregeling voor minderdraagkrachtige eigenaars-bewoners. De VVD vraagt zich af waar de eigenaar-bewoners in dit verhaal zijn gebleven en wil weten waarom niet is gekozen voor een subsidieregeling zodat bijvoorbeeld particuliere woningeigenaren en VvE's ook in aanmerking komen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ vindt het goed dat bij de verdeling van de subsidie specifiek gekeken wordt naar de hotspots waar huurders het meeste last hebben van hittestress. Tegelijkertijd staat er dat het aantal huishoudens dat geholpen kan worden met de subsidie al vaststaat.
Daarom is hij benieuwd hoe de afweging wordt gemaakt als er meer huishoudens binnen die hotspots vallen. Hij vraagt hoe wordt bepaald waar de subsidie terechtkomt en of er ook andere factoren worden meegewogen, zoals groepen die extra kwetsbaar zijn bij hittestress. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy. Het lid GARMY steunt de maatregelen. De zomers worden heter en het is goed om te kijken naar ouderen en mensen met lage inkomens die zelf geen maatregelen kunnen nemen. Hij benadrukt dat het de rol van politici is om de belangen goed af te wegen en begrijpt het punt over de beperkte CO2-winst per euro, maar er moet ook rekening gehouden worden met gezondheid en gelijke kansen. Bovendien is de aanpak van hittestress onderdeel van klimaatadaptatie. Het is hem niet helemaal duidelijk waarom specifiek voor zonwering is gekozen en niet voor andere maatregelen die mogelijk meer CO2 kunnen besparen. Daarnaast merkt hij op dat het probleem in de stad groter is dan de ongeveer duizend huishoudens die nu worden geholpen en hij is benieuwd of de regeling uitgebreid kan worden als blijkt dat de aanpak effectief is. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS vindt de aanval van het CDA op de maatregelen opvallend omdat ze wel meedoen met een motie.
Het is voor het college moeilijk te beoordelen wanneer het wel en wanneer het niet geldt dat een bepaalde CO2-opbrengst per euro moet worden behaald. Ze benadrukt dat isoleren ook betekent dat mensen in de zomer zonwering nodig hebben omdat ze willen voorkomen dat de woningen in de zomer vanwege isolatie te warm worden en dat mensen een airco aanschaffen. Op de vraag van de VVD over particuliere eigenaren geeft ze aan dat binnen het Klimaatfonds is vastgesteld dat het moet bijdragen aan gelijke kansen door ongelijk te investeren. Voor huurders bij woningbouwcorporaties zijn geen middelen beschikbaar voor verduurzaming terwijl particuliere eigenaren in principe een woning met overwaarde hebben en beschikken over middelen en regelingen om hun huis te kunnen verduurzamen.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid VAN DER KAMP stelt dat niet iedere eigenaar van een woning in staat is om een hogere lening af te sluiten om verduurzamingsmaatregelen te treffen. In de motie stond een nadrukkelijke stimuleringsregeling voor minderdraagkrachtige eigenaar-bewoners. Hij vraagt hoe de wethouder daar uitvoering aan geeft. Wethouder PELS antwoordt dat ze beperkte middelen hebben en hiervoor hebben gekozen. Er lopen verschillende regelingen voor minder daadkrachtige eigenaren die willen isoleren. Als deze regeling een succes is en zij zien dat ze er mensen mee kunnen helpen, dan kunnen zij kijken of ze minder daadkrachtige eigenaren daar ook bij kunnen helpen. Het lid VAN DER KAMP merkt op dat woningbouwcorporaties middelen hiervoor vrij kunnen maken en terwijl de minderdraagkrachtige eigenaar dat niet lukt. Een eigenaar kan de hypotheek niet verhogen als zijn inkomen niet toereikend is. Wethouder PELS antwoordt dat de woningbouwcorporaties niet altijd de middelen hebben voor elke vraag die vanuit de gemeente komt. Daarom hebben ze ook geld vrijgemaakt voor de aanpak van schimmel. De gemeente kan die huurders laten zitten maar het college kiest mede op basis van de motie ervoor om deze mensen te helpen. De groep minderdaadkrachtige eigenaren is ten opzichte van het geheel een kleine groep. Het is onduidelijk of die in de hotspots zitten en misschien hebben zij dit helemaal niet nodig.
Vandaar dat zij heeft aangegeven dat op het moment dat deze regeling wordt geëvalueerd ook bekeken kan worden hoe deze groep geholpen kan worden. Het lid VAN DER KAMP vraagt waarom de wethouder geen extra onderzoek heeft gedaan naar deze kleine groep. Hij denkt dat dat heel efficiënt zou zijn met dit bedrag. Wethouder PELS antwoordt dat dat helemaal niet efficiënt zou zijn, want dan zijn ze weer een jaar verder. Deze regeling hebben ze gemaakt op basis van de motie en het is goed dat die nu wordt uitgevoerd. De ene week krijgt het college heel veel commentaar vanuit de oppositie dat het niet opschiet en de volgende week moeten ze eerst onderzoek doen omdat dan een bepaalde doelgroep beter bediend zou worden. Als blijkt dat er mensen overblijven die nu niet geholpen kunnen worden en de regeling is effectief, dan moet onderzocht worden of de regeling kan worden aangevuld. Er is voor deze maatregel gekozen omdat de motie hierover is aangenomen nadat de raad was uitgenodigd om mee te denken over het nieuwe bestedingsperspectief van het Klimaatfonds. Ook vanuit de herijking van de Warmtevisie komen er nog meer plannen voor het Klimaatfonds. Het lid GARMY wijst erop dat de motie niet over zonwering maar over hittestress gaat en dan zijn er meerdere maatregelen mogelijk.
Wethouder PELS antwoordt dat er voldoende onderzoek is gedaan naar hittestress en grootschalige aanpassingen aan daken of in de openbare ruimte kunnen niet uit het Klimaatfonds gedekt worden. Dit is een middel dat geen elektriciteit kost en waarmee mensen niet op kosten worden gejaagd door bijvoorbeeld airco's. Zonwering kan de warmte verminderen zonder dat het extra elektra vraagt. De VOORZITTER concludeert dat het punt voldoende is besproken en gehamerd kan worden in de gemeenteraad. 5. Beschikbaar stellen van 7,5 miljoen uit het Klimaatfonds ten behoeve van een subsidieregeling hybride warmtepompen VN2025-012763 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid KOPPEJAN geeft aan dat bij de energietransitie eerst ingezet moet worden op de meest kostenefficiënte maatregelen. Hybride warmtepompen zijn daar een goed voorbeeld van, ze zijn praktisch, betaalbaar en leveren direct resultaat. Met deze nieuwe warmtekoers worden eindelijk realistische stappen gezet naar aardgasvrij wonen. Amsterdam moet van het aardgas af maar dit moet op een doordachte manier en met draagvlak gebeuren. Inwoners moeten worden meegenomen en niet verrast worden met kosten. De gekozen WOZ-waarde is een goede stap om de subsidie gericht te laten landen bij Amsterdamse huishoudens met een kleine portemonnee. Het CDA het onderzoek naar een inkomensgerichte subsidie, zoals voorgesteld door de fondsbeheerder, om Amsterdam duurzaam en rechtvaardig aardgasvrij te maken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van der Kamp. Het lid VAN DER KAMP steunt de subsidieregeling voor hybride warmtepompen, mits het een betaalbare en realistische stap naar verduurzaming is voor bewoners, goed is voor het klimaat en niet te veel druk legt op de portemonnee. Een hybride warmtepomp werkt pas goed als de woning voldoende geïsoleerd is en hij pleit daarom voor extra inzet op isolatie.
Omdat hybride warmtepompen vragen om een stevige energie-infrastructuur vraagt hij welke afspraken over de groeiende vraag naar elektriciteit er zijn gemaakt met netbeheerder Liander en hoe er geborgd wordt dat het stroomnet deze vraag aankan. Daarnaast wil hij weten hoe de gemeente bepaalt welke woningen in aanmerking komen voor de regeling en of isolatie daarbij een voorwaarde is. Op die manier kan bepaald worden of dit allemaal uitvoerbaar is. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Keesman. Het lid KEESMAN vindt de regeling aantrekkelijk, vooral in combinatie met de landelijke ISDE-regeling waarbij gebruikers gemiddeld 1.950 euro per warmtepomp aan subsidie kunnen ontvangen. Hij vraagt wat er gebeurt als er te veel aanmeldingen komen in het eerste jaar, aangezien er een potentie is van 50.000 woningen. Daarnaast vraagt hij of het mogelijk is om te regelen dat Amsterdammers die in aanmerking komen voor de ISDEregeling automatisch ook in aanmerking komen voor de Amsterdamse regeling. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy. Het lid GARMY beschouwt het voorstel als een realistische stap in de warmtetransitie. Het is betaalbaar, snel en het zorgt voor minder CO2-uitstoot. Het is een pragmatische tussenstap ten opzichte van warmtenetten maar op de lange termijn gaat zijn voorkeur uit naar warmtenetten.
De WOZ-grens is op zich logisch maar hij is benieuwd waarom deze op 512.000 euro is gezet. Hij vraagt of er is overwogen om de grens lager te zetten of gefaseerd in te voeren. De communicatiecampagne om mensen op de hoogte te stellen van de regeling is nog niet uitgewerkt en de doelgroep is ook nog niet duidelijk. Hij vraagt of er samenwerking wordt gezocht met andere organisaties en energiecoaches en of er concrete afspraken zijn gemaakt met de woningcorporaties. Tot slot is hij benieuwd naar de resultaten van een recent warmteberaad in stadsdeel Zuid omdat inzichten over hybride warmtepompen kunnen worden toegepast op andere buurten. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Meerburg. Het lid MEERBURG geeft aan dat de Partij voor de Dieren al langer pleit voor een bredere benadering dan alleen all-electric warmtepompen en warmtenetten. Hij stelt voor om een stap verder te gaan en ook isolatie als een goede tussenoplossing in te zetten. Er zit nog 7 miljoen euro in het potje voor warmtenetten en all-electric omdat veel warmtenetten
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
in verschillende buurten niet van de grond komen. Hij vraagt of een deel van dat potje kan worden ingezet voor woningisolatie zodat bewoners kunnen besparen in plaats van dat ze tientallen jaren moeten wachten op een warmtenet. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid De Jager. Het lid DE JAGER hoort brede steun voor het voorstel en namens D66 sluit zich aan bij de positieve reacties vanuit de raad. Ze roept op om de huidige regeling te behouden en niet alsnog een inkomenstoets toe te voegen omdat het belangrijk is dat de regeling uitvoerbaar en eenvoudig blijft. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS deelt dat er al gesprekken met Liander hebben plaatsgevonden over de nieuwe inzet op warmte en dat er een reservering is afgesproken met Liander. De komende tijd wordt dat wel spannend aangezien de Autoriteit Consument & Markt (ACM) mogelijk anders gaat besluiten over kleine aansluitingen en dat kan problemen opleveren. Het college kan daar niet veel aan doen. Het is goed als een woning ook wordt geïsoleerd en daarom is er energieadvies voor zowel VvE's als voor individuele eigenaren. Het is belangrijk om in één keer te weten welke maatregelen nodig zijn voor de woning om deze zo efficiënt mogelijk te verwarmen.
Isolatie wordt niet verplicht omdat bijvoorbeeld bij monumenten vaak vergaande eisen worden gesteld aan isolatie waardoor het voor sommige bewoners niet rendabel is om te isoleren maar wel om over te stappen op een hybride warmtepomp. Het is niet wenselijk om deze mensen aan de voorkant uit te sluiten van de regeling. Er wordt gekeken naar welke Amsterdammers gebruik gaan maken van de regeling en of het woninglabel iets zegt over de mate van isolatie. In de toekomst zou die informatie mogelijk gebruikt kunnen worden om eisen te stellen maar aangezien er nog veel te leren valt op het gebied van de warmtetransitie wil het college niet al te veel drempels opwerpen voordat het duidelijk is welke drempels weggenomen moeten worden. Het lid VAN DER KAMP vraagt of een woning met energielabel G in aanmerking komt voor een warmtepomp. Wethouder PELS vraagt zich af waarom zij de VVD moet overtuigen om iets niet te verplichten. Ze herhaalt dat niet alle woningen perfect geïsoleerd kunnen worden vanwege hun grootte of status als monument. Als blijkt dat de regeling een succes is kan het college overwegen om de middelen in een tweede tranche te verhogen. Ze verwacht dat subsidieregelingen op lokaal en landelijk niveau in de toekomst beter op elkaar zullen aansluiten, mogelijk zelfs via een gemeenschappelijk portaal.
De gemeente werkt er in ieder geval aan om de regeling zo simpel mogelijk te houden en er worden gesprekken gevoerd met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) om drempels weg te nemen. De keuze voor de WOZ-waardegrens is gebaseerd op de grens die wordt gehanteerd voor isolatieadviezen aan eigenaar-bewoners. Eerder werd een lagere WOZwaarde gehanteerd maar vanwege de prijsstijgingen van woningen in de stad konden veel middeninkomens niet worden geholpen en daarom is de grens nu hoger gezet. De regeling richt zich op een brede doelgroep die wordt bereikt via gemeentelijke communicatiekanalen zoals sociale media, nieuwsbrieven, de website en mogelijk via buurthuizen en Stichting !WOON. Met de woningcorporaties worden gesprekken gevoerd waarbij gekeken wordt naar woningen die over tien jaar gerenoveerd worden en dat zou interessant kunnen zijn voor de tweede tranche van deze regeling. Het buurtberaad in Zuid was een fantastisch initiatief op basis van de motie van Volt. Er is een goed advies uit voortgekomen en het wordt gezien als een goed middel om de
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
buurt erbij te betrekken en nieuwe ideeën op te halen. Dit onderwerp zal voor het einde van het jaar breder besproken worden met de raad. Er ligt geen extra geld op de plank voor het isolatieoffensief. Op dit moment zijn nog plannen in uitwerking voor de warmtenetten en all-electric en die komen binnenkort naar de raad toe. Wanneer blijkt dat er minder geld nodig is voor de energiecoöperaties, dan komt ze daarmee terug naar de raad zodat de raad kan beslissen wat er met de vrijkomende middelen moet gebeuren. Het lid MEERBURG herhaalt dat veel warmteprojecten niet van de grond zijn gekomen en vraagt of het klopt dat de 7 miljoen voor aardgasvrij buurten niet meer op de plank ligt. Wethouder PELS antwoordt dat ze aan het begin van deze periode hebben geconstateerd dat Vattenfall niet meer wilde investeren, dat de warmtenetten stil kwamen te liggen en dat de woningbouwcorporaties niet verder zijn gegaan. Op basis van die constatering hebben ze een nieuw bestedingsperspectief gemaakt voor het Klimaatfonds en zijn middelen die eerst bestemd waren voor warmtenetten gealloceerd aan bijvoorbeeld warmtepompen en all-electric. Er zijn nog een aantal warmtenetten waarvan het perspectief is dat ze de komende twee jaar rendabel en betaalbaar voor de bewoners zullen zijn en daar zijn nog middelen voor gereserveerd. Maar dat bedrag is al vele malen kleiner dan het oorspronkelijk was.
Het lid MEERBURG vraagt of de raad een overzicht kan krijgen van waar de gelden die nu niet meer naar warmtenetten gaan wel naartoe gaan en of er nog eventueel ruimte voor isolatie zit. Wethouder PELS antwoordt dat dit een combinatie is van het eerdere en het huidige bestedingsperspectief van het Klimaatfonds. Voor de vragen van de Partij voor de Dieren is het goed om naar het huidige bestedingsperspectief te kijken omdat de raad dan inzicht krijgt in de verschillen. Vanaf daar kan bekeken worden welke informatie nog nodig is om de weging te maken of alles voldoende belegd is en of dat de Partij voor de Dieren een ander voorstel wil doen aan de raad. Het lid MEERBURG geeft aan dat het niet gaat over het Klimaatfonds maar over de subsidie aardgasvrije gebouwen. Hij wil weten of daar mogelijk nog geld zit voor isolatie dat niet naar de warmtenetten gaat. Wethouder PELS stelt voor om het naast elkaar te leggen zodat de raad precies kan zien wat op dit moment het uitgavenritme is en waar ze nu staan. Als de raad uiteindelijk tot een andere besteding wil komen dan wat zij als college voorleggen, dan moet de raad daar bij meerderheid toe besluiten. De VOORZITTER stelt vast dat het punt voldoende is besproken en gereed is voor een korte bespreking in de gemeenteraad van 12 en 13 november 2025. Afval en Reiniging 6.
Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake terugblik Zomeraanpak Schoon VN2025-013495 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK uit kritiek op het voorstel van het college om prullenbakken in Amsterdam weg te halen in de strijd tegen opengebroken prullenbakken. Hij vindt het een
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
absurde oplossing voor het probleem, vergelijkbaar met eerder genomen maatregelen zoals elastieken om bakken, doneerrekjes en transparante vuilniszakken die volgens hem allemaal weinig effectief waren. Het probleem is het moedwillig openbreken van de bakken. Hij pleit voor handhaving en boetes en merkt op dat de wethouder hier blijkbaar niet voor kiest. In plaats daarvan wordt nu een drastische stap genomen zonder duidelijk bewijs dat dit het probleem oplost of dat de effecten meetbaar zijn. Hij vraagt om een reflectie van de wethouder over waarom dit voorstel een goede maatregel is. Het lid NOORDZIJ merkt op dat in de brief duidelijk wordt beschreven hoe met actuele schouwen en objectieve metingen is vastgesteld dat het kan werken. Daarnaast is uit lessen van andere steden gebleken dat deze maatregel effectief is. Het lid DETERINK wijst op de enorme hoeveelheid afval die in de stad wordt geproduceerd en het belang van een goede manier om dit afval weg te gooien. Hij merkt op dat de prullenbakken in Amsterdam al meerdere keren per dag geleegd moeten worden en dat dit probleem alleen maar erger zal worden als de bakken steeds voller raken wijst op de prullenbakken in de parken waar mensen hun afval naast de volle bakken zetten. Hij maakt zich zorgen over het toenemende zwerfafval in de stad en vindt het weghalen van prullenbakken geen goede maatregel.
Het lid NOORDZIJ wijst erop dat andere steden met veel toerisme dezelfde problemen hadden en vergelijkbare maatregelen hebben genomen. Ook deze steden zagen dat mensen hun afval naast volle prullenbakken zetten. Hij begrijpt dat het voorstel vreemd aanvoelt maar benadrukt dat het belangrijk is om beslissingen te baseren op wat feitelijk leidt tot minder troep op straat. Daarom wordt er per situatie bekeken welke maatregel effectief is. Het lid DETERINK verwacht dat handhaven en beboeten effectief is omdat de opengebroken prullenbakken voor de troep op straat zorgen. In november is een onderzoek aangekondigd naar bendes van statiegeldjagers in de stad en de wethouder heeft afgelopen week in het Parool gezegd dat veel Europeanen richting Amsterdam komen omdat er geld in de prullenbakken zit. Hij heeft geprobeerd dat op te vragen maar heeft daar geen antwoord op gekregen. Hij vraagt hoe het staat met dat onderzoek naar die bendes en wanneer de raad de resultaten van het onderzoek kan verwachten. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan. Het lid KOPPEJAN is positief over de voortgang met de ondergrondse prullenbakken in het centrum omdat dit niet alleen bijdraagt aan een beter straatbeeld maar ook aan betere werkomstandigheden voor medewerkers van Afval en Reiniging. Ze benadrukt de noodzaak om de werkdruk van deze medewerkers te verlagen.
Uit de tabel met gerealiseerde ondergrondse containers wordt niet duidelijk wat de planning is voor 2026. Ze vraagt of de wethouder een gedetailleerde planning kan geven van plaatsingen van ondergrondse containers in het centrum. Het CDA steunt het idee om afval over het water op te halen maar het proces is te traag. Het voorstel om pas in 2026 te starten met twee tijdelijke brengpunten en in 2027 of 2028 pas een dekkend systeem te realiseren is te langzaam voor het Wallengebied dat nu al kampt met afvaloverlast. Ze wil niet nog een extra pilot en pleit voor een definitieve oplossing. Het CDA steunt ook het prullenbakoffensief met maatwerk voor de meest problematische plekken. Ze is wel benieuwd waarom de maatregelen alleen in stadsdeel Centrum worden genomen en pleit ervoor om ook in andere stadsdelen parallel aan oplossingen te werken zodat de hele stad schoner wordt.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ begint met complimenten voor de actie in Zuidoost waar met de hele organisatie is schoongemaakt om hardnekkige probleemlocaties aan te pakken. Hij is benieuwd hoe het nu is op de locatie die oorspronkelijk aanleiding gaf voor de acties en vraagt of een dergelijke aanpak waarbij breder naar een stadsdeel wordt gekeken vaker kan worden toegepast in Zuidoost maar ook in andere stadsdelen. Bij het afvalbakkenoffensief is het goed om per locatie te kijken naar wat past bij de buurt en wat bewoners en ondernemers aangeven. Vervolgens is het belangrijk om op basis van objectieve schouwen en met de kennis van andere steden maatregelen te nemen. Dit kan soms betekenen dat er vuilnisbakken worden verwijderd. Het lid NOORDMAN geeft aan dat de raadsinformatiebrief zich richt op symptoombestrijding. Hij vraagt of de commissieleden bekend zijn met het cobra-effect. Dit effect verwijst naar een situatie in India waar mensen cobra's gingen fokken omdat er geld werd uitgeloofd en waardoor het probleem verergerde. Dat is volgens hem de werkelijke oorzaak van het statiegeldprobleem. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat de notitie van Forum voor Democratie zich richt op nationale en Europese maatregelen terwijl de gemeente bij het aanpakken van afval juist buurtgericht en op lokaal niveau te werk moet gaan.
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Schmit. Het lid SCHMIT waardeert de Zomeraanpak Schoon maar benadrukt dat bewoners en ondernemers niet afhankelijk moeten zijn van tijdelijke maatregelen. Hij is voor een meer structurele aanpak van afvaloverlast en rattenproblematiek. D66 zou graag zien dat de uitrol van ondergrondse containers in het centrum al in 2026 plaatsvindt en hij vraagt wat daarvoor nodig is en of dit versneld kan worden. De afvaloverlast in de binnenstad is enorm en versnelling van deze maatregelen is belangrijk. Daarnaast steunt D66 het uitbreiden van het aantal statiegeldpunten als middel tegen zwerfafval en hij vraagt naar de status van de gesprekken met statiegeldnederland.nl. Tot slot is hij benieuwd naar de evaluatie van CleansDay en vraagt hij wat er geleerd is van de publiek-private samenwerking op het gebied van gedragsverandering. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Buren voor de beantwoording. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het prullenbakkenoffensief een uitwerking is van pilots en eerdere maatregelen zoals elastieken om de bakken, inzamelpunten naast prullenbakken en magneetjes. Hoewel de Puccini-prullenbakken wel mooi zijn vindt ze schoon belangrijker. Samen met Verpact wordt gekeken naar het aanpassen van het ontwerp van de prullenbakken.
Bewoners en ondernemers in bepaalde buurten hebben gevraagd om prullenbakken te verwijderen omdat ze vuil aantrekken. Het verwijderen van prullenbakken wordt per gebied, buurt en straat bekeken. Indien een bak wordt weggehaald, wordt indien nodig een grotere bak geplaatst. Ondernemers die producten verkopen met veel verpakkingsmateriaal zijn verplicht om prullenbakken binnen 25 meter van hun winkel te plaatsen en deze goed te onderhouden. Het doel is dus niet om overal prullenbakken weg te halen maar te zorgen voor een effectief systeem dat geen overlast veroorzaakt. Het gedrag van mensen speelt hierbij ook een rol. Amsterdam heeft met 20 miljoen bezoekers te maken met veel afvaloverlast. Met de G4, statiegeldnederland.nl en Verpact wordt gewerkt aan een totaalaanpak. Het gaat daarbij om een gebiedsgerichte aanpak, een uitrol van de statiegeldinfrastructuur, een gezamenlijke lobby, meer retourshops en bulkinnamepunten en afvalbakken die goed werken. De eerste rapportages van deze gezamenlijke aanpak worden in maart 2026 verwacht.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid SCHMIT vraagt of de wethouder een doelstelling heeft voor het aantal statiegeldpunten in Amsterdam in 2026. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat zij daar nog geen doelstelling op heeft. Het liefst wil zij dat overal waar blikjes en flesjes met statiegeld worden verkocht een innameplicht is. Er zijn al meer inleverpunten geopend, met name Droppie en de Verpact-inzamelpunten. Samen met de G4, statiegeldnederland.nl en Verpact bekijkt ze wat werkbaar en realistisch is. Het belangrijkste is dat wordt voorkomen dat de blikjes in de prullenbakken terechtkomen en dan gaat het om gedragsverandering zodat mensen de blikjes inleveren. Er moet ook veel meer voorlichting komen en dat moet ook landelijk gebeuren, bijvoorbeeld op de luchthavens zodat ook toeristen weten waar ze aan toe zijn. Het lid SCHMIT vraagt of de wethouder een specifieke norm heeft voor het aantal statiegeldpunten dat nodig is om het probleem in Amsterdam aan te pakken. Wethouder VAN BUREN herhaalt dat ze die norm nog niet heeft. Ze zijn met een totaalaanpak bezig en ze gaat niet zomaar even met de natte vinger zeggen dat er zoveel statiegeldinleverpunten moeten komen. Haar hoogste streven is dat bij elk verkooppunt de blikjes ingeleverd kunnen worden en daarnaast nog veel andere inleverpunten. Er waren vermoedens van bendes bij het inzamelen van statiegeld.
Dat heeft ze nagevraagd bij de driehoek en daar zijn geen signalen van bendes die actief zijn met het georganiseerd inzamelen van statiegeld. Tijdens Pride en Koningsdag waren er wel groepen actief in de binnenstad maar dat is logisch omdat dat de dagen zijn waarop je veel geld kunt verdienen. Er zijn dus geen bendeactiviteiten geconstateerd en eventuele signalen daarover bij THOR worden doorgegeven aan de driehoek. De uitrol in het centrum gebeurt gefaseerd. In 2026 worden de eerste acht ondergrondse containers geplaatst. Dit wordt in de stadsdeelcommissie besproken aangezien het de afvalplannen van het stadsdeel betreft. Ze pakken de gebieden met de meeste overlast als eerste aan en dat zijn het Wallengebied, de Haarlemmerbuurt, Elandsgrachtbuurt, de driehoek Noord Jordaan, Geldersekade, Prins Hendrikkade, Damrak en het Rokin. De binnenstad is ingewikkeld qua ruimte, er moeten vergunningen aangevraagd worden en er zijn inspraakprocedures en participatieregels voor omwonenden. Aan die wettelijke termijnen moet de gemeente zich houden maar ze proberen het allemaal zo snel mogelijk te realiseren. Het lid SCHMIT vraagt of dat de reden is dat het nog niet in 2026 gerealiseerd kan worden. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat dit inderdaad een van de redenen is. Niet iedere bewoner is blij met een afvalcontainer voor de deur.
De organisatie moet zich daarop instellen en de uitrol moet zorgvuldig gepland worden. Het lid SCHMIT vraagt wanneer de einddatum per gebied bekend is en hij wil weten of de raad nog iets kan aanpassen zodat alles in 2026 gerealiseerd kan worden. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat in de volgende voortgangsbrief meer inzicht gegeven zal worden over de voortgang van het project, inclusief een update over de situatie. Daarnaast heeft de gemeente een plan van aanpak voor het vervoer over water opgesteld waarvoor nu ook de kades ingericht moeten worden. Ook hierover wordt de raad geïnformeerd in de komende voortgangsbrief. Er zijn gesprekken gevoerd met de initiatiefnemers van Cleanup Day en CleansDay over de positieve sfeer die zij hebben gecreëerd maar als het gedrag van de inwoners en toeristen niet verandert wordt de stad nooit schoon. Er wordt ook samengewerkt met
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
VuilnisOproer en de BIZ'en en ondernemers worden door een team van de gemeente gewezen op de 25-meterregel. De speciale aanpak in Zuidoost was goed maar het gebied was de volgende dag alweer vies. De actie heeft tot nieuwe inzichten geleid. Ze heeft de inspreker uit de H-buurt gehoord en begrijpt de frustratie. Er zal samen met bewoners en gemeentemedewerkers meer gebiedsgericht gewerkt moeten worden maar dit is geen probleem dat binnen enkele weken opgelost kan worden. In feite is het asociaal om statiegeldflesjes en -blikjes in de prullenbak te gooien en de bewustwording hierover moet verhoogd worden. Daarnaast wordt ook samengewerkt met Can Collective, de vakbond voor statiegeldinzamelaars, om afspraken te maken zodat de inzamelaars zorgen dat ze het netjes achterlaten. Het beboeten van overtreders is een laatste maatregel. Dat geldt ook voor bijplaatsingen aangezien het lastig is om mensen op heterdaad te betrappen en bewijs te leveren. De VOORZITTER concludeert dat het punt voldoende is besproken. De VOORZITTER schorst de vergadering tot 11.35 uur. Voorzitter: het lid Noordzij De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink voor een punt van orde. Het lid DETERINK vindt het problematisch dat het college veel spreektijd inneemt, terwijl de VVD als oppositiepartij zit te ouwehoeren op de seconde. Hij vindt dat ingewikkeld omdat ze zo niet goed kunnen debatteren.
Hij wil dit punt graag gemaakt hebben. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Krom voor een punt van orde. Het lid KROM wijst op een voorstel voor een werkbezoek aan het Nederlands Kanker Instituut (NKI). Ze hoopt dat andere partijen daaraan willen deelnemen. Dierenwelzijn 7. Bespreken van de raadsinformatiebrief over de afhandeling van motie 225.24 van de leden Krom, Lust en Noordzij inzake meer inzet ten aanzien van proefdieren in Amsterdam VN2025-013494 Gevoegd behandeld met 8. Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de voortgangsrapportage Agenda Dieren 2024-2026 VN2025-013493 Dierenwelzijn en Gemeentelijk Vastgoed 9. Bespreken van de reactie op motie 223.24 d.d. 26/27 juni 2024 van het lid Krom inzake tegengaan evenementen met dieren in gemeentelijk vastgoed VN2025-013492 Dierenwelzijn 10. Bespreken van de raadsinformatiebrief ter afdoening van de toezegging over ernstige beelden van de jacht VN2025-013491
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Krom. Het lid KROM bedankt de wethouder en haar team voor de duidelijke update en hun inzet voor een dierproefvrije stad. Ze benadrukt de verschrikkelijke situatie van proefdieren. Dieren worden ziek gemaakt, eten en drinken ontzegd, dagelijks geïnjecteerd en bewust pijn gedaan. Ze vraagt hoe de gesprekken over dierproeven verlopen en of de wethouder bereid is om een coalitie te vormen met centra die willen omschakelen naar dierproefvrije alternatieven. Ze wijst op de database waarin centra hun proeven zouden moeten registreren maar dat dit vaak niet doen waardoor veel onderzoeken dubbel of onterecht herhaald worden. Ze wil weten of de wethouder bereid is om de centra hierop aan te spreken en of er een escalatieladder of plan van aanpak komt als de centra niet willen meewerken. Het NKI heeft een werkbezoek aangeboden. Ze verzoekt de wethouder en de griffie om dit bezoek te organiseren omdat het belangrijk is om te zien wat daar gebeurt. Tot slot kondigt ze aan dat ze een motie zal indienen om te stoppen met alle evenementen waarbij dieren betrokken zijn omdat dieren geen objecten of decorstukken zijn voor menselijk vermaak. Dieren zijn gevoelige wezens die emoties ervaren zoals angst, vriendschap, rouw en plezier.
Ze verdienen een behandeling die daarbij past en dat betekent dat ze niet langer ingezet moeten worden bij verzetjes voor de mens. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Lust. Het lid LUST ziet veel toewijding en commitment bij de ambtenaren die zich inzetten voor de uitvoering van de Agenda Dieren en ze prijst zowel de ambtenaren als de wethouder voor de juridische verkenning en de creatieve oplossing om via een uitzonderingsclausule in de algemene subsidieverordening een drempel op te werpen tegen activiteiten met dieren in gemeentelijk vastgoed. Ze sluit zich aan bij de krachtige openingszin uit de brief van de wethouder waarin de toepassing van dierproeven onethisch wordt genoemd en niet past in een diervriendelijke stad. Ze had daarop hogere verwachtingen van de acties om Amsterdam proefdiervrij te maken maar is teleurgesteld omdat de huidige acties vooral lijken te bestaan uit het ondersteunen van de landelijke transitie naar proefdiervrije innovatie, het uitdragen van het standpunt richting stakeholders en het informeren van inwoners over proefdiervrije producten. Ze vindt dit te vrijblijvend en te weinig pragmatisch. Daarom vraagt ze de wethouder wat er concreet gedaan gaat worden om te zorgen dat dierproeven in Amsterdam snel verleden tijd zijn.
Ze benadrukt dat D66 ook in haar landelijke verkiezingsprogramma het investeren in alternatieven voor dierproeven heeft opgenomen en dat het voor hen belangrijk is om hier paal en perk aan te stellen. Verder is ze benieuwd naar de voortgang van de gesprekken met de dierproefcentra en de opvangketen voor het herplaatsen van proefdieren. In de voortgangsrapportage werd vermeld dat er een laboratorium was waarmee geen contact kon worden gelegd en ze vraagt of er inmiddels contact is geweest met dat laboratorium. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Munster. Het lid VAN MUNSTER complimenteert de wethouder voor de transparantie en eerlijkheid in haar brief waarin ze de stand van zaken op een duidelijke manier weergeeft en ook aangeeft dat bepaalde zaken nog niet gerealiseerd zijn en dat er voortgang gemaakt moet worden. Hij heeft berekend dat slechts 0,00025 procent van de begroting wordt besteed aan de Agenda Dieren. Hij wil samen met collega Krom kijken of er in de begroting meer financiering kan worden geregeld om de zorgen van dierenopvangorganisaties tegemoet te komen en hij hoopt dat dit in de nieuwe coalitie structureel geregeld kan worden.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Tot slot verwijst hij naar de mogelijkheid van een adoptieprogramma voor exproefdieren omdat het een morele plicht is om dieren die voor menselijk genot zijn misbruikt voor de rest van hun leven op een fatsoenlijke en dierwaardige manier op te vangen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS bevestigt dat er gesprekken lopen over het proefdiervrij maken van onderzoek. Ze was zelf aanwezig bij het gesprek met het NKI en tijdens dit gesprek kwam onder andere de database ter sprake waar het NKI graag aan mee wil werken. Ook het NKI wil voorkomen dat testen dubbel worden uitgevoerd omdat dat het meest effectief is om dierproeven te verminderen. Het probleem is dat de systemen van de laboratoria niet met elkaar communiceren en het financieel kostbaar is om ze aan te passen. Daar kan de gemeente geen middelen voor vrij maken maar ze kan het wel agenderen bij het Rijk. De gemeente is niet het bevoegd gezag, dat is de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en dat heeft ze ook al aangegeven bij het aannemen van de motie. De meeste laboratoria zijn desondanks wel bereid om hier gesprekken over te voeren. Zo waren de medewerkers bij het NKI zeer betrokken en willen ze dat er steeds minder dierproeven worden uitgevoerd.
Het is belangrijk om dit werkbezoek te organiseren om te zien wat daar gebeurt en te horen hoe men zelf naar dierenwelzijn kijkt. Een van de asiels in de opvangketen is al begonnen met het herplaatsen van beagles die in laboratoriumomgevingen zijn gebruikt. Het probleem bij het herplaatsen van proefdieren is dat genetisch gemodificeerde dieren niet herplaatst mogen worden. Dat is een regel van het Rijk waar de wethouder begrip voor heeft. Waar mogelijk zal ze wel het herplaatsen van proefdieren agenderen. Er zijn inmiddels twee gesprekken gevoerd en het doel is om de hele groep eind december te hebben gesproken. Momenteel geven twee locaties aan dat ze geen urgentie voelen bij dit thema. De wethouder gaat proberen alsnog met hen in gesprek te gaan en anders worden ze bestuurlijk aangeschreven. Het lid KROM merkt op dat de opvangcentra nu al vol zitten en vraagt of de wethouder andere oplossingen ziet voor het opvangen of herplaatsen van proefdieren. Wethouder PELS antwoordt dat ze dat in goede afstemming zullen doen met de opvangcentra. De drukte bij de opvang wisselt per diersoort en locatie en vanuit het idee dat ze dieren kunnen redden omdat ze anders ingeslapen zouden worden verwacht ze dat er een prikkel zal zijn om te helpen waar dat kan. Mocht het leiden tot een enorme toename in dieren, dan zal het college daarmee om moeten gaan en kijken hoe ze dat kan oplossen.
De VOORZITTER concludeert dat de punten voldoende zijn besproken. Agendapunt 8, bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de voortgangsrapportage Agenda Dieren 2024-2026, wordt op verzoek van het lid Krom geagendeerd voor de gemeenteraad van 10 en 11 december 2025. De VOORZITTER meldt dat er voldoende aanmeldingen zijn voor het werkbezoek bij het NKI. Voorzitter: het lid Lust Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie 11. Bespreken van de raadsinformatiebrief ter afdoening van de toezeggingen over de vergoeding van warmtetarieven VN2025-013496 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij.
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid NOORDZIJ bedankt het college voor de brief en is benieuwd naar de mening van de wethouder over de vragen van de inspreker van vanochtend. Hij vindt het goed dat er een duidelijk aanspreekpunt komt voor bewoners en vraagt of dit aanspreekpunt er al is en of de corporaties hierbij betrokken zijn. Verder mist hij de rol van de corporaties in de overeenkomst en vraagt hij hoe deze rol eruitziet. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid De Jager. Het lid DE JAGER wil het punt van de PvdA versterken en vindt het aanspreekpunt voor bewoners een goed initiatief. Ze merkt op dat er ook bewoners kunnen zijn die geen brief hebben ontvangen maar wel in de krant hebben gelezen over de compensatie en nog vragen hebben. Ze stelt voor dat ook deze bewoners bij het aanspreekpunt terecht kunnen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS antwoordt dat het heel vervelend is als iemand ervaart dat hij of zij niet gehoord wordt. Ze hebben goed naar de cases gekeken en er zijn uitsluitingsgronden voor deze regeling. Ze wil niet al te veel ingaan op iemands persoonlijke situatie maar de uitsluitingsgronden en de afbakening zijn in intensief overleg met de corporaties vormgegeven.
Een voorbeeld is als iemand verhuist en in een woning komt waar warmtenet is, dan wordt dat altijd aangekondigd op WoningNet en dat is een grond waarom je niet in aanmerking komt voor compensatie. Dat maakt het niet minder vervelend voor mensen die in de krant hebben gelezen dat er compensatie zou komen. Als mensen de brief niet hebben gekregen maar wel vragen hebben, of als ze denken dat het niet klopt, kunnen zij zich melden bij de woningbouwcorporatie. Als ze daar geen antwoord krijgen op hun vragen kunnen ze zich altijd bij de gemeente melden. De VOORZITTER concludeert dat het punt voldoende is besproken. 12. Bespreken van het artikel Windenergie Westelijk Havengebied Amsterdam van de provincie Noord-Holland en de gewijzigde motie van het Tweede Kamerlid De Groot over afvallen van huidige zoekgebieden voor windturbines op land VN2025-014530 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van der Kamp. Het lid VAN DER KAMP vraagt de wethouder of de plannen voor windturbines in het westelijke havengebied voldoende capaciteit bieden om de Amsterdamse doelen te behalen. Als dat zo is, wil hij weten of de wethouder bereid is om de andere zoekgebieden voor turbines te schrappen zodat er duidelijkheid komt voor de andere stadsdelen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS antwoordt dat het college vol inzet op het havengebied.
Een van de grootste uitdagingen is het Luchthavenindelingbesluit (LIB), dus hoe hoog of hoe laag de vliegtuigen vliegen versus hoe hoog je iets mag bouwen. Dat heeft grote invloed op het havengebied en daarvan hebben ze nog geen duidelijkheid gekregen van de rijksoverheid. Ze hoopt van harte dat de VVD vanuit de nieuwe Tweede Kamer daar heel hard op inzet zodat ze zo snel mogelijk duidelijkheid krijgen. Ze hoopt ook dat een nieuwe minister straks het mogelijk maakt om volop in de haven windmolens te bouwen. Totdat ze die duidelijkheid hebben kan ze geen uitspraken doen over of alles in het havengebied past. De gemeente is volledig afhankelijk van het zittende kabinet of het toekomstige kabinet om die ruimte te geven.
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid VAN DER KAMP vraagt hoelang de wethouder de mensen in Zuidoost laat wachten tot er duidelijkheid komt. Wethouder PELS antwoordt dat het college uiterlijk eind 2026 een besluit zal nemen over of alles in de haven past of niet. Ze is benieuwd wanneer de VVD dit in het kabinet gaat regelen zodat de gemeente die duidelijkheid krijgt en ze zoveel mogelijk windmolens in de haven kunnen plaatsen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij in tweede termijn. Het lid NOORDZIJ merkt op dat het een goed recht is om vragen te stellen over een bepaald onderwerp maar tegelijkertijd constateert hij dat de vragen die de VVD nu stelt niet direct betrekking hebben op het agendapunt. Bovendien zijn het vragen waarvan de antwoorden al in eerdere stukken staan en die al meerdere keren behandeld zijn. Het lid VAN DER KAMP wijst op de nieuwe informatie uit de aangenomen motie die aangeeft dat windturbines niet meer dicht bij bewoonde gebieden gebouwd zullen worden. Hij hoopt dat dit leidt tot nieuwe inzichten en dat er snel duidelijkheid komt voor de bewoners dat de turbines alleen in het havengebied komen en niet in hun achtertuin. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording in tweede termijn. Wethouder PELS antwoordt dat in de aangenomen motie van de VVD wordt uitgegaan van het schrappen van 80 procent van de projecten.
Het gaat niet zozeer om het beter beschermen van bewoners of het maken van nieuwe berekeningen maar puur om minder windmolens op land te realiseren. Dit zou ook gelden voor het havengebied, want 80 procent schrappen betekent dat je niet alleen de turbines in Zuidoost of Driemond zou schrappen maar dat je bijna alle plannen schrapt en dus ook die in het havengebied. Ze vindt het heel vreemd dat er moties in de Tweede Kamer worden aangenomen die niet over regelgeving gaan maar over het beperken van capaciteit terwijl in het havengebied ondernemers staan te springen om die capaciteit. Ze vreest dat de VVD dat straks onmogelijk heeft gemaakt. De VOORZITTER concludeert dat het punt voldoende is besproken. Afval en Reiniging 13. Bespreking van een alternatief voor het statiegeldsysteem VN2025-014869 De VOORZITTER geeft het woord aan lid Noordman. Het lid NOORDMAN verwijst naar de beelden van de viering van Amsterdam 750 waarop geen afval te zien is. Hij heeft heimwee naar de tijd dat de stad mooi en schoon was. Veel mensen denken dat de problemen met statiegeld en zwerfafval het gevolg zijn van EUrichtlijnen en -verordeningen. Volgens hem is dat niet het geval omdat het statiegeldsysteem niet is opgelegd door de EU maar een keuze van Nederland zelf is.
Hij benadrukt dat Nederland de EU-richtlijnen haalt met een recyclingpercentage van meer dan 80 procent en zelfs als dat niet het geval zou zijn het pas in 2035 verplicht zou worden om een statiegeldsysteem in te voeren. Hij verwijst nogmaals naar het cobra-effect waarbij goedbedoelde maatregelen onbedoeld negatieve gevolgen hebben, zoals de toename van statiegeldblikjes en -flesjes. Hij vraagt zich af waarom men doorgaat met dit systeem als het niet werkt om zwerfafval te verminderen.
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept-raadscommissieverslag, 30-10-2025
Het lid VAN MUNSTER vraagt of lid Noordman zegt dat er meer blikjes en flesjes zijn omdat er statiegeld op zit. Het lid NOORDMAN antwoordt dat dit inderdaad een indirect gevolg is. Het lid VAN MUNSTER is benieuwd waar collega Noordman zich op baseert wanneer hij zegt dat er meer blikjes en flesjes geproduceerd worden omdat er statiegeld op zit. Het lid NOORDMAN antwoordt dat het resultaat is dat er meer overlast van die blikjes is, niet dat er per se meer geproduceerd worden. Het lid VAN MUNSTER herhaalt dat het cobra-effect inhoudt dat mensen meer cobra's gingen fokken omdat ze daar geld aan konden verdienen. Als die lijn wordt doorgetrokken naar meer blikjes en flesjes omdat er statiegeld op zit, dan klopt die redenering niet. De toename van blikjes en flesjes is niet noodzakelijk het gevolg van het statiegeldsysteem. Hij erkent dat er een probleem is met statiegeld maar dat er niet per se meer blikjes en flesjes zijn omdat er statiegeld op zit. Het lid NOORDMAN antwoordt dat lid Van Munster het te letterlijk opvat. Het resultaat is hetzelfde, omdat de maatregel een incentive geeft voor het probleem. Er worden niet letterlijk meer statiegeldblikjes geproduceerd maar het probleem is wel dat ze vaker op straat liggen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Buren voor de beantwoording.
Wethouder VAN BUREN erkent dat er vooral in Amsterdam neveneffecten zijn bij het inzamelen van statiegeld. Ze is niet voor afschaffing van het statiegeld omdat het invoeren ervan bijdraagt aan duurzaamheid en meer recycling en het materiaal hergebruikt kan worden. Onderzoek heeft uitgewezen dat er in Nederland significant minder zwerfafval is en dat er minder blikjes en plastic flesjes rondzwerven. In Amsterdam zorgt het nog wel voor overlast en ze moeten ervoor zorgen dat mensen de blikjes niet meer bij het afval doen maar dat ze blikjes en flesjes ergens kunnen inleveren. Ze streven naar zoveel mogelijk innamepunten zodat het ook in de grote steden goed werkt. Ze is geen voorstander van het afschaffen van statiegeld op blikjes en flesjes. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en gereed is voor een middellange bespreking in de gemeenteraad van 10 en 11 december 2025. De VOORZITTER sluit de vergadering om 12.12 uur.