2025.05.22 Conceptverslag DC
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Raadscommissieverslag, 22-05-2025
CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie Donderdag 22 mei 2025 van 09.00 uur tot 12.30 uur in de raadszaal 26 juni 2025 Voorzitter: het lid Von Gerhardt Wethouders: Pels en Van Buren Commissiegriffier: G. van Soest Commissieondersteuner: C. Lin Tsung Verslaglegging: N. Post (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Bakker (Partij voor de Dieren), Deterink (VVD), Garmy (Volt), Haijen (SP), Van der Kamp (VVD), Koppejan (CDA), Koyuncu (DENK), Kreuger (JA21), Krom (Partij voor de Dieren), Lust (D66), Moeskops (D66), Van Munster (GL), Nadif (GL), Noordzij (Partij van de Arbeid) en Van Schijndel (Forum voor Democratie) Afwezig commissielid: Veldhuyzen (De Vonk)
1. ALGEMEEN DEEL a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 09:00 uur en constateert dat er voldoende fracties aanwezig zijn. b. Mededelingen Wethouder VAN BUREN deelt mee dat het antwoord op de eerder gestelde vraag over schade die statiegeldzoekers veroorzaken terugkomt in de volgende halfjaarsrapportage Schoon en Afvalvrij in het vierde kwartaal van 2025. c. Vaststellen agenda De commissie besluit om de aangemelde actualiteit over de monitor Afval en Reiniging 2025 niet te behandelen. Dit punt wordt in de volgende commissievergadering als TKN-stuk besproken. Agendapunt 5, bespreken van de raadsinformatiebrief over beleidsadvies energieopslag & ehubs CE Delft wordt afgevoerd omdat zich geen sprekers hebben gemeld.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
De agenda wordt vastgesteld.
d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie DC d.d. 17 april 2025 Het verslag van 17 april 2025 wordt ongewijzigd definitief vastgesteld. e. Actielijsten en langetermijnagenda’s, per portefeuille Er zijn geen opmerkingen bij de langetermijnagenda’s. f. TKN-lijst TKN1, kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de preventieve aanpak overlast ratten, zal behandeld worden in de commissie OZA op 4 juni 2025. De leden van de commissie DC zijn daarbij van harte uitgenodigd. Op verzoek van de leden Noordzij en Koppejan wordt TKN3 kennisnemen van de voortgangsrapportage isolatieoffensief 2025 besproken tijdens de commissievergadering van 26 juni. Op verzoek van lid Krom wordt TKN5, kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de afhandeling van motie 463.24 van de raadsleden Krom en Van Munster inzake Amsterdam bontvrij, geagendeerd voor de commissie SED. Op verzoek van de leden Koppejan en Deterink wordt TKN6, kennisnemen van de halfjaarlijkse raadsinformatiebrief en bijbehorende rapportage Schoon en Afvalvrij, inhoudelijk besproken tijdens de commissievergadering van 26 juni 2025. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken van stadsdeelcommissie. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke deel van de vergadering.
b. Inspreekmoment publiek Inspreker HAFFMANS vraagt aandacht voor de tijdelijke geothermieput in IJburg omdat daar nog niet wordt gezocht naar een daadwerkelijke aansluiting op het warmtenet. Als Amsterdam echt van het gas af wil, dan is het belangrijk om ervoor te zorgen dat er een bruikbare bron komt in plaats van een tijdelijk experiment dat veel geld kost. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU spreken namens meerdere huishoudens en het zelfbouwcollectief Wij-land in bij agendapunt 3, bespreken van de beantwoording van het raadsadres klacht over monopolypositie en gebrekkige warmtelevering door Eteck.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Zij geven aan dat het grootste probleem ligt bij het gebrek aan transparantie en het ontbreken van grip op de kosten. De bewoners zijn verplicht zich aan te sluiten bij Eteck. De facturen zijn onoverzichtelijk en geven geen inzicht in het daadwerkelijke verbruik. Bewoners hebben geen regie over hun verbruik en kunnen de verwarming niet uitzetten. Zij hebben getekend voor een contract van dertig jaar en kunnen niet besluiten om tijdens een vakantie van twee maanden de levering tijdelijk stop te zetten. Ook komt het voor dat kleinere huishoudens meer betalen dan grotere woningen. Eteck werkt met onderaannemers die bij problemen naar elkaar wijzen waardoor sommige bewoners al maanden zonder warmte zitten. Elk huishouden heeft 6.000 euro betaald aan een projectbijdrage voor Eteck terwijl het bedrijf ook 3 miljoen euro subsidie van de gemeente heeft ontvangen om het systeem aan te leggen. Bewoners hebben contact met ambtenaren van de gemeente die drie maanden geleden enkele beloftes hebben gedaan. Er zou een zogenaamd chirurgenteam langskomen maar dat is tot op heden niet gebeurd. De bewoners ervaren dat zij geen grip hebben op het systeem en ook niet op de klantenservice. Het raadslid KOYUNCU vraagt of bewoners uitleg hebben gekregen over de kosten en werking van het systeem. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU antwoorden dat de meeste bewoners geen uitleg hebben ontvangen.
Volgens hen heeft Eteck zelf onvoldoende kennis van het systeem. Ze werken met onderaannemers die onderling tegenstrijdige informatie geven. Zij geven aan dat het systeem automatisch is ingeregeld maar dat hierover geen duidelijkheid bestaat. Het lid KOYUNCU vraagt of er een partij is die eindverantwoordelijkheid neemt voor het hele systeem. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU geven aan dat zij niet het gevoel hebben dat een partij zich daadwerkelijk verantwoordelijk voelt. Het lid NOORDZIJ vraagt hoe klachten worden behandeld door de geschillencommissie. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU geven aan niet te weten hoe het bij de geschillencommissie werkt. Klachten die bij de klantenservice worden ingediend leiden zelden tot een oplossing. Het lid VAN MUNSTER vraagt of hierover contact is geweest met de gemeente. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU antwoorden dat er contact is met een gemeentelijk team en dat eerder een informatieavond voor bewoners is georganiseerd. Sindsdien is er geen opvolging geweest op de klachten. Het lid HAIJEN vraagt of bewoners hulp hebben gezocht bij stichting WOON! of de Consumentenbond. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU geven aan dat zij zelf geen contact hebben gehad met deze organisaties. Volgens hen is het grootste probleem dat de in rekening gebrachte bedragen niet controleerbaar zijn.
Het lid GARMY vraagt welke reactie de bewoners van de gemeente krijgen. Insprekers VAN DREUNEN en CAPIAU antwoorden dat de gemeente heeft beloofd langs te gaan bij mensen met ernstige problemen zoals het ontbreken van warm water of verwarming. Daarnaast zou er gecontroleerd worden of het systeem goed is ingeregeld. Beide zijn tot op heden niet gebeurd.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Inspreker HARTMAN van FNV Amsterdam spreekt in bij agendapunt 7, bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de berichtgeving over juridische verantwoordelijkheden van de gemeente rondom het rapport (Klimaat)Verplichtingen gemeente Amsterdam algemeen kader en bijzondere wetten. Hij uit zorgen over het stilvallen van het klimaatbeleid in de stad. Klimaatverandering vormt een ernstige bedreiging voor werkgelegenheid en arbeidsomstandigheden. Hij roept de gemeenteraad op om krachtiger op te treden en stelt dat het voortbestaan van de stad nu op het spel staat. Het lid HAIJEN vraagt of de vakbond een rol kan spelen in de energietransitie en het creëren van klimaatplannen Inspreker HARTMAN vindt het vooral belangrijk dat mensen veilig kunnen werken. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt of het met het oog op de kosten niet veel aantrekkelijker is om in te zetten op klimaatadaptatie in plaats van het tegengaan van klimaatverandering. Inspreker HARTMAN maakt zich vooral zorgen omdat in Amsterdam de doelstellingen voor 2030 en 2050 niet gehaald worden. Inspreker POELS van Voedselpark Amsterdam spreekt in bij agendapunt 7, bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de berichtgeving over juridische verantwoordelijkheden van de gemeente rondom het rapport (Klimaat)Verplichtingen gemeente Amsterdam algemeen kader en bijzondere wetten.
Ze vraagt om een bouwstop in de Lutkemeerpolder aangezien dit de laatste vruchtbare zeekleigrond van de stad is. Nieuwe bedrijfshallen verergeren de klimaatcrisis en tasten de leefomgeving aan terwijl stadslandbouw bijdraagt aan CO₂-opslag en verkoeling, juist in Nieuw-West. De gemeente voert oude plannen uit en komt beloftes niet na. Ze roept de raad op haar verantwoordelijkheid te nemen zodat de Lutkemeerpolder behouden blijft en initiatieven voor stadslandbouw de ruimte krijgen. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt waarom de inspreker voor het behoud van de Lutkemeerpolder zich niet beperkt tot natuurschoon cultuurlandschap. Inspreker POELS antwoordt dat 9,5 hectare grond met een tender is verworven op een locatie waar de gemeenteraad twintig jaar geleden al besloot stadslandbouw mogelijk te maken. De zorg nu betreft de resterende 40 hectare die verder wordt verhard. Uit onderzoek van de Universiteit Wageningen blijkt dat deze grond zelfs zonder actief gebruik jaarlijks miljoenen euro’s aan gezondheidswinst oplevert dankzij minder fijnstof en hittestress. Met een voedselpark worden bovendien banen gecreëerd. Een rijke stad moet ambitie tonen en Amsterdam kan met het voedselpark een voorbeeld zijn voor andere steden en dorpen. Het lid KOPPEJAN vraagt of het klopt dat bepaalde distributiecentra in de Lutkemeerpolder leeg staan en kavels vrijgehouden moeten worden.
Inspreker POELS wijst erop dat experts van de gemeente zelf hebben aangegeven dat de Lutkemeerpolder ongeschikt is voor distributiehallen omdat deze meer overlast veroorzaken dan dat ze iets opleveren voor de stad. Toch worden er nu hallen gebouwd door buitenlandse investeerders terwijl er volgens Funda binnen een straal van 10 kilometer 400.000 vierkante meter aan lege distributieruimte beschikbaar is. Daarnaast is er nog zo'n 20 hectare aan kavels die nog niet is uitgegeven omdat die onder de partiële herziening vallen die in november 2022 is gepubliceerd maar nog niet is vastgesteld door de raad. Daar rust dus ook geen schadeclaim op. Op de website van SADC is te zien dat veel kavels nog niet bebouwd zijn en dat dit ook niet hoeft. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt of het Voedselpark Amsterdam de uitspraak van de bestuursrechter heeft opgevolgd en de zaak heeft voorgelegd aan de Raad van State.
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Inspreker POELS legt uit dat stichting Voedselpark Amsterdam zich richt op het realiseren van een voedselpark terwijl de stichting Behoud Lutkemeer! de juridische procedures voert. Er lopen meerdere zaken, onder andere over de waterkwaliteit. De rechter heeft geoordeeld dat stichting Behoud Lutkemeer! gelijk heeft en dat het bestemmingsplan herzien moet worden. De gemeente is het daar niet mee eens waardoor de zaak nu bij de Raad van State ligt. De raadsleden hebben hierover een brief ontvangen. De VOORZITTER bedankt de insprekers en sluit het inspreekmoment. c. Actualiteiten De commissie besluit om de aangemelde actualiteit over de monitor Afval en Reiniging 2025 niet te behandelen. d. Rondvraag Het lid VAN DER KAMP wijst op extra middelen in het Warmtefonds. De VVD is voorstander van isoleren en hij vraagt wat deze impuls betekent voor de Amsterdamse woningeigenaren en VvE’s. Hij wil weten hoe de gemeente ervoor zorgt dat ook gemengde VvE's met corporaties als mede-eigenaar gebruik kunnen maken van deze regeling en of de gemeente actief werk maakt van voorlichting en ondersteuning. Wethouder PELS antwoordt dat met de extra middelen in het Warmtefonds het aanbod voor VvE’s gecontinueerd kan worden. Vanuit het Rijk is ook besloten de rente voor VvE’s te verlagen.
Amsterdam gaat vol door met de grootschalige aanpak voor VvE’s en het aanbod vanuit het Warmtefonds wordt meegenomen in de ondersteuning en voorlichting aan VvE's. Bespreekpunten Afval en Reiniging 8. Bespreken van de raadinformatiebrief ter afdoening van de toezeggingen over het getrapt boetesysteem bij afvaloverlast en afdoening en de scenario’s over manieren van beboeten op afval VN2025-006022 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ uit zijn waardering voor het inzetten van het getrapte boetesysteem en de last onder dwangsom. Hij vraagt of de proportionaliteitstoets voor de zomer is afgerond zodat het getrapte boetesysteem snel in werking kan treden. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK geeft aan dat de huidige afdoening voor hem onbevredigend is, omdat hij zich al langere tijd inzet voor het verhogen van boetes bij afvalovertredingen. Hij had gehoopt een oplossing te hebben gevonden met de invoering van spoedeisende dwang, zoals toegepast in Rotterdam en Den Haag. Hij betwijfelt of deze steden lagere boetes voor ondernemers hanteren, zoals wordt gesteld door de wethouder, en vraagt of deze kwestie meegenomen kan worden in het onderzoek binnen het traject ‘voortgang maatregelen schone stad’ dat bij de volgende bespreking aan de orde komt.
Daarnaast vraagt hij naar de status van het meesturen van foto's bij afvalovertredingen en de stand van zaken rond de verkenning om het afvalplan onderdeel te maken van de informatieplicht in het omgevingsplan, aangezien dit niet kan worden
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
opgenomen in de horecaexploitatievergunning. Hij hoopt de uitkomst van deze verkenning zo snel mogelijk te ontvangen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan. Het lid KOPPEJAN merkt op, dat als de gemeente beter wil sturen op naleving, het noodzakelijk is dat harde gegevens beschikbaar zijn. Ze vraagt welke handhavingsmogelijkheden de informatieplicht in de praktijk concreet biedt. Het lid LUST vindt het positief dat er meer aandacht is voor controle, toezicht en handhaving op bedrijfsafvalcontracten. Zij vraagt of er al een manier is bedacht om ondernemers die reinigingsrecht betalen te controleren op het aantal vuilniszakken dat zij aanbieden. Ze sluit zich aan bij de vraag naar de stand van zaken van de verkenning om een informatieplicht op te nemen in het omgevingsplan. Ook vraagt zij naar de mogelijkheid om het ‘three-strikes-and-you’re-out-principe’ toe te passen bij de verlenging van horecavergunningen. Haar fractie vindt dat overtreding van de afvalregels hierin moet meewegen als stimulans voor ondernemers om zich te houden aan de regels. Zij hoopt dat de wethouder en ambtenaren hierover willen meedenken. Met betrekking tot de nieuwe klikoregel geeft zij aan te hebben vernomen dat kleine ondernemers met een afvalcontract tot 1 juli 2025 de tijd hebben om afspraken te maken over het ophalen van zakken achter de voordeur.
Het is goed dat dit afval niet meer op straat terechtkomt en zij vraagt wat ondernemers nog meer zou kunnen helpen. D66 steunt het uitgangspunt van de wethouder dat de vervuiler betaalt en is voorstander van meer afvalscheiding en circulaire verwerking. Tegelijk zijn er zorgen over dat de invoering van kliko’s afvalscheiding kan ontmoedigen vanwege het terugbrengen van drie ophaalmomenten naar een. Daarom vraagt zij de wethouder te overwegen om het mkb, waar mogelijk, gebruik te laten maken van bestaande scheidingscontainers voor glas en papier zodat alleen restafval opgehaald hoeft te worden. Het is gebleken dat uitbreiden van circulaire afvalinzameling ondernemers kan helpen. Voorbeelden hiervan zouden kunnen worden meegenomen in de uitvoering van de motie van D66 over het stimuleren van BIZ’en om over te stappen naar het ophalen van circulair bedrijfsafval. De VOORZITTER wijst erop dat de vragen over het nieuwe afvalrecht voor ondernemers beantwoord zullen worden bij agendapunt 9 aangezien dit niet gevoegd wordt behandeld. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Buren. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat men de proportionaliteitstoets voor de zomer wil afronden omdat het belangrijk is om het systeem dan daadwerkelijk in te voeren.
Ze legt uit dat boetes in Rotterdam alleen kunnen worden opgelegd voor het opruimen van afval en dat die bedragen niet verhoogd kunnen worden. Ondernemers en bewoners krijgen daardoor lagere boetes dan in Amsterdam waar recidivisten met een last onder dwangsom zwaarder worden beboet. Het benchmark met Rotterdam en Den Haag loopt nog maar het uitgangspunt blijft dat boetes voor recidive zwaarder moeten zijn. Het lid DETERINK merkt op dat Rotterdam werkt met zogeheten hufterboetes, die vergelijkbaar zijn met het systeem dat in Amsterdam wordt ingevoerd om bij een tweede of derde overtreding een hogere boete op te leggen. Dat betekent dat beide systemen naast elkaar kunnen bestaan. Met het oog op proportionaliteit vraagt hij hoe de wethouder aankijkt tegen het opleggen van een werkstraf wanneer mensen de boete niet kunnen betalen. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat er op dit moment al betalingsregelingen bestaan voor mensen die boetes niet kunnen betalen en in kwetsbare situaties wordt
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
bekeken of kwijtschelding mogelijk is. Werkstraffen zijn er momenteel niet maar zij zal dit punt meenemen. Wat betreft het meesturen van foto's bij boetes geeft zij aan dat foto's nu wel als bewijsmateriaal beschikbaar zijn maar nog niet kunnen worden meegestuurd. Het idee wordt onderzocht en zij zal de raad hiervan op de hoogte te houden. Het lid KOPPEJAN vraagt waar het verschil vandaan komt tussen de 210 mensen die meerdere keren in overtreding zijn en de 50 opgelegde dwangsombesluiten. Daarnaast wil ze weten of deze dwangsombesluiten ondanks de nog te maken proportionaliteitstoets wel worden geïnd. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat de last onder dwangsom nog wel wordt geïnd maar dat eerst de proportionaliteitstoets moet worden afgewacht. Dit heeft te maken met recidivegedrag omdat de andere boete maximaal twee keer kan worden opgelegd waarna de last onder dwangsom volgt. Het lid DETERINK vraagt om meer verduidelijking over het meesturen van de foto. Hij heeft gehoord dat dit vanaf het tweede kwartaal mogelijk zou zijn terwijl nu wordt gezegd het nog wordt onderzocht. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat het nu nog niet mogelijk is om een foto mee te sturen. Het lid VAN MUNSTER vraagt wanneer en hoe de wethouder terugkomt op de werkstraf in plaats van een geldboete. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat ze moet nadenken over deze suggestie.
Ze laat de volgende keer weten of het wenselijk en mogelijk is. De discussie wordt gesloten. 9. Nieuwe afvalregel voor ondernemers VN2025-006928 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK vindt het een goede stap om op deze manier de strijd tegen afval aan te gaan. Uit gesprekken met enkele ondernemersorganisaties blijkt dat zij verbaasd zijn over de timing en de manier waarop zij zijn geïnformeerd. Ze willen nog een keer in gesprek met de gemeente over deze maatregel omdat er nog losse eindjes en onduidelijkheden zijn. Hij vraagt de wethouder of het mogelijk is een langere overgangstermijn in te stellen om de regeling goed te kunnen uitvoeren. Daarnaast stelt hij voor om ondernemers die vanwege hygiëne geen kliko in hun keuken kunnen plaatsen de mogelijkheid te bieden hun afval na werktijd weg te brengen. Hij vraagt of het haalbaar is om in ondergrondse fietsenstallingen een kleine ruimte vrij te maken voor afvalinzameling. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ vindt het goed dat er stappen worden gezet om de losse zakkeninzameling in de binnenstad terug te dringen. Hij benadrukt dat maatwerk en oplossingen voor moeilijke plekken belangrijk zijn maar dat verder uitstel moet worden voorkomen zodat nog deze zomer een einde komt aan de inzameling van afval in losse zakken op straat.
Het lid VAN MUNSTER is benieuwd of de wethouder nog andere manieren ziet om welwillende ondernemers die geen ruimte in hun zaak hebben tegemoet te komen.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Buren. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de overgangstermijn tot 1 juli 2025 loopt, wat betekent dat de zakken voor de zomer van de straat verdwijnen. In november en december 2024 is er een inspraakprocedure geweest, de regel is gepubliceerd in het Parool en er zijn geen zienswijzen van ondernemers binnengekomen. De commerciële inzamelaars zijn vroegtijdig betrokken en hebben in sommige gevallen al contracten omgezet. Ondernemers krijgen bovendien nog acht weken extra om nieuwe afspraken te maken en de inzamelaars werken daaraan mee. De ondernemers zijn eind vorig jaar geïnformeerd door hun afvalinzamelaars en hebben dus voldoende tijd gehad. De gemeente wil meedenken over oplossingen. Ondernemers kunnen samenwerken met buurondernemers die wel ruimte hebben en er kunnen centrale inzamelplekken aangewezen worden. Als het om een of twee zakken gaat verwacht ze dat ondernemers daar binnen hun eigen zaak ruimte voor kunnen vinden. Het lid DETERINK vraagt waarom de gemeente ervoor gekozen heeft de communicatie te laten verlopen via de commerciële afvalinzamelaars in plaats van de nieuwe regel direct met de ondernemers af te stemmen. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat ondernemers direct zijn geïnformeerd via publicaties in het Parool en via hun afvalinzamelaars. Er is dus veel over gecommuniceerd.
Aanstaande maandag spreekt ze met Horeca Amsterdam om te bespreken wat de gemeente nog extra kan doen. Die samenwerking is essentieel en ook in het belang van ondernemers. Er zijn inderdaad goede voorbeelden van samenwerking tussen ondernemers en de gemeente is met andere BIZ’en in gesprek om soortgelijke samenwerkingen te stimuleren, bijvoorbeeld met Green Collective om te voorkomen dat meerdere inzamelaars dagelijks langskomen. Ondernemers worden vooraf gecontroleerd via een bedrijfsbezoek waarbij wordt ingeschat hoeveel afval er verwacht wordt. Er wordt nog onderzocht hoe deze controle strakker kan omdat het vaak lastig is te achterhalen van welke onderneming het afval op straat afkomstig is. De gemeente werkt daarnaast aan verbeteringen op het gebied van heffing, toezicht, controle en handhaving van het reinigingsrecht. De verkenning naar een informatieplicht start in het derde kwartaal en de resultaten worden begin 2026 verwacht. De doorlooptijd is lang vanwege juridische en administratieve aspecten. Het ‘three-strikes-and- you're-out-principe’ is juridisch niet mogelijk bij de verlenging van de horecavergunning. Die valt onder het milieudomein en het omgevingsplan en er wordt nog gezocht naar andere manieren om hier iets mee te doen. Het idee van het lid Lust om mkb’ers gebruik te laten maken van glas- en papiercontainers is een interessant voorstel.
Als dat verder wordt uitgewerkt wil ze graag bekijken wat de mogelijkheden zijn. De discussie wordt gesloten. Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie 3. Bespreken van de beantwoording van het raadsadres Klacht over monopolypositie en gebrekkige warmtelevering door Eteck VN2025-006021 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koyuncu. Het lid KOYUNCU schetst de situatie van bewoners op Centrumeiland die bewust hebben gekozen voor een duurzame toekomst met het door de gemeente aanbevolen warmte-koudeopslagsysteem van Eteck. De gemeente investeerde 3,2 miljoen euro in dit systeem en presenteerde het als betrouwbaar. Bewoners dachten daarom dat het goed geregeld is. In werkelijkheid zitten ze dertig jaar vast aan een leverancier zonder
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
overstapmogelijkheid. De kosten zijn veel hoger dan verwacht en er is geen transparantie over de tarieven. Vragen worden afgewezen of niet beantwoord. De ACM blijkt maar beperkt toezicht te houden en de prijs is gekoppeld aan de gasprijs terwijl er geen gas wordt gebruikt. Het systeem mag niet uitgeschakeld worden, ook niet bij afwezigheid. Hulp blijkt moeilijk te vinden en zelfs Stichting !WOON heeft onvoldoende expertise. Deze bewoners zijn geen tegenstanders van verduurzaming, zij zitten vast in een systeem zonder keuzevrijheid, transparantie of bescherming en de vraag is of dit de manier is waarop Amsterdam wil verduurzamen. Het lid KREUGER vraagt hoe DENK ervoor wil zorgen dat mensen niet in een fuik terechtkomen. Het lid KOYUNCU antwoordt dat het begint met goede informatie zodat mensen niet dertig jaar vastzitten aan iets waarover zij onvoldoende zijn geïnformeerd. Het lid KREUGER vraagt of DENK voorstander is van de warmtetransitie nu blijkt dat mensen daardoor in een fuik terechtkomen. Het lid KOYUNCU antwoordt dat de problemen die hier worden aangekaart niet te maken hebben met de warmtetransitie. De problemen worden veroorzaakt door de manier waarop zaken zijn georganiseerd. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt het lid Koyuncu of goede informatievoorziening ook belangrijk is bij onderwerpen als klimaatverandering en energietransitie.
Het lid KOYUNCU antwoordt dat goede informatievoorziening altijd goed is. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt tot welke conclusie DENK op dit vlak inmiddels is gekomen. Het lid KOYUNCU antwoordt dat het noodzakelijk is om te verduurzamen en dat moet op een goede manier gebeuren. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt of DENK vindt dat de energietransitie noodzakelijk is om te verduurzamen. Het lid KOYUNCU antwoordt dat dat klopt. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ merkt op dat bewoners onvoldoende ruimte hebben om problemen bij Eteck aan te kaarten. Hij vraagt zich af of het toezicht en het klachtmechanisme goed zijn ingericht zodat bewoners in dit soort situaties ergens terechtkunnen. In dit specifieke geval wil hij weten welke stappen de gemeente nog gaat zetten om Eteck aan te spreken op zijn verantwoordelijkheid voor goede dienstverlening, toegankelijkheid en het oplossen van gesignaleerde problemen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Haijen. Het lid HAIJEN vindt dat collega Koyuncu terecht opkomt voor de bewoners en dit onderwerp op de agenda zet. Hoewel de gemeente formeel geen positie zegt te hebben in deze kwestie, komt het vaker voor dat zij zich inzet bij conflicten tussen huurders en verhuurders. Hij kent de wethouder als iemand die naast bewoners staat, ook zonder formele bevoegdheid.
Het is essentieel dat bewoners niet worden opgezadeld met hoge kosten of worden afgescheept door commerciële partijen. Daarom roept hij de wethouder op naast de bewoners te gaan staan, haar maatschappelijke rol te pakken en het gesprek aan te gaan met Eteck om ervoor te zorgen dat de bewoners niet meer van het kastje naar de muur worden gestuurd door een commerciële partij.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels. Wethouder PELS vindt het belangrijk om dit onderwerp te bespreken en de verhalen van bewoners te horen. Ze benadrukt dat de zorgen en klachten zeer serieus worden genomen. Eind juni 2025 staat een gesprek gepland met de CEO van Eteck om de zorgen en de samenwerking met de gemeente te bespreken. Binnen een week wordt ook ambtelijk contact opgenomen met de insprekers om te kijken hoe zij ondersteund kunnen worden bij vervolgstappen. Ze begrijpt de opmerkingen over de formele positie van de gemeente maar onderstreept dat het belangrijk is daar helder over te communiceren om geen valse verwachtingen te wekken. Het lid HAIJEN herhaalt dat de gemeente ook in andere gevallen naast bewoners gaat staan, ook al heeft zij formeel geen positie. Hij heeft er alle vertrouwen in dat de wethouder dat gaat doen maar wil nogmaals oproepen om naast de bewoners te gaan staan en voor hen in de bres te springen. Wethouder PELS antwoordt dat ze de oproep heeft gehoord en zich daarin herkent. Daarom is het gesprek met Eteck gepland en wordt er deze week al actie op ondernomen. Bewoners weten vaak niet waar ze terecht kunnen met hun klachten en de gemeente kan hen helpen dit uit te zoeken. Als blijkt dat er iets ontbreekt in de klachtenprocedure, zal de gemeente dit aankaarten bij de ACM, de geschillencommissie of de minister.
De warmtetransitie is een leerproces en de fouten die onderweg ontstaan moeten worden opgelost. Het lid VAN DER KAMP vraagt of de gemeente contact heeft met het bestuur van een eventuele Vereniging van Eigenaren en of de gemeente dat bestuur kan ondersteunen. Wethouder PELS weet niet wat de samenstelling is van het gebouw. Ze heeft zich gericht op het verhaal van de bewoners. Er is ambtelijk contact en als er ondersteuning nodig is, dan kan die aangeboden worden. Het lid KOYUNCU begrijpt dat de wethouder aangeeft juridisch geen partij te zijn maar stelt dat de gemeente wel een cruciale rol heeft gespeeld bij de informatievoorziening aan bewoners op Centrumeiland. De gemeente heeft de informatiebijeenkomsten van Eteck mede georganiseerd en was daarbij zelf aanwezig. Bij bewoners is de indruk gewekt dat Eteck een betrouwbare partij is en de bewoners ervaren de betrokkenheid van de gemeente daarom heel anders dan de formele juridische lezing van de wethouder. Hij vraagt of de wethouder dat perspectief van bewoners begrijpt. Wethouder PELS antwoordt dat ze zich goed kan voorstellen hoe bewoners dit ervaren. Ze vergelijkt de situatie met Liander en TenneT waarbij de gemeente ook wordt aangesproken op zaken rond de energietransitie. Ze benadrukt dat de gemeente bewust heeft meegewerkt aan de organisatie van de informatieavonden en nu ook actie onderneemt.
Ze wil met haar uitleg vooral de formele positie verduidelijken en niet afstand nemen van verantwoordelijkheid. Daarom voert ze zelf gesprekken met Eteck en neemt de gemeente opnieuw contact op met de betrokken bewoners. De gemeente is bij nieuwbouwprojecten nog afhankelijk van marktpartijen voor warmtelevering. Er zijn plannen voor een gemeentelijk warmtebedrijf maar tot die tijd wordt bekeken hoe aanbestedingen kunnen worden verbeterd om bewoners de best mogelijke service te bieden. Het lid KREUGER wijst erop dat een gemeentelijk warmtebedrijf ook een monopolypositie zal hebben en vraagt of de wethouder erkent dat daarmee het probleem niet verholpen wordt.
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Wethouder PELS antwoordt dat een publiek warmtebedrijf geen winst hoeft te maken op primaire levensbehoeften van de inwoners, dat het warmtebedrijf in deze raadszaal aanspreekbaar is en dat het democratisch gecontroleerd wordt. Het lid KREUGER merkt op dat ook bij een gemeentelijk warmtebedrijf problemen kunnen ontstaan met facturatie en systemen die niet werken. De gemeente is dan verantwoordelijk en hij verwacht dat er nog meer problemen komen. Wethouder PELS antwoordt dat ze vanaf dag een heeft aangegeven dat er in deze transitie fouten gemaakt zullen worden en dat problemen zullen ontstaan omdat er met mensen wordt gewerkt die fouten kunnen maken. Tijdens de oprichting en uitvoering van een warmtebedrijf zal onvermijdelijk ergens een fout worden gemaakt, maar dat doet niets af aan de publieke waarde die wordt vastgelegd. De gemeenteraad houdt democratisch toezicht en fouten kunnen sneller hersteld worden dan dat het over het algemeen gebeurt bij marktpartijen. Het lid KREUGER merkt op dat bewoners met een individuele oplossing zoals en warmtepomp of gasketel fouten kunnen afstraffen door over te stappen naar een andere aanbieder. Met een collectieve oplossing kunnen ze slechts bij een partij terecht. Wethouder PELS antwoordt dat veel Amsterdammers een individuele oplossing niet kunnen betalen en dat veel gebouwen in de stad daarvoor niet geschikt zijn.
Het lid VAN MUNSTER vraagt of het mogelijk is om te zorgen dat de gemeente altijd een formele positie krijgt zodat ze kan ingrijpen bij dit soort situaties. Hij wil weten hoe voorkomen kan worden dat problemen tussen marktpartijen en inwoners zich voordoen. Ook vraagt hij of het de moeite waard is om te onderzoeken hoe de gemeente altijd aan tafel kan zitten om mee te praten en in te grijpen wanneer dingen misgaan. Wethouder PELS antwoordt dat dit vooral komt doordat het privaatrechtelijk is en het uiteindelijk een contract betreft tussen het bedrijf en de bewoner. Daar kan de gemeente niet tussen komen. Ze stelt voor om in de updatebrief die voor de zomer wordt gestuurd stil te staan bij hoe de gemeente haar rol kan invullen en hoe zij kijkt naar de manier waarop mensen klachten kunnen indienen en hoe die worden opgelost. Het lid VAN SCHIJNDEL wijst op het monopolie van de gemeente bij de gronderfpacht. Op basis daarvan verwacht hij dat de gemeente met een warmtebedrijf vooral uit is op zoveel mogelijk geld ophalen bij de burgers. Dat is voor hem een reden om überhaupt niet te beginnen aan dat warmtebedrijf. Wethouder PELS antwoordt dat een publiek warmtebedrijf niet het doel heeft om zoveel mogelijk geld binnen te halen terwijl marktpartijen aandeelhouders hebben die winst willen maken.
Mocht er een warmtebedrijf worden opgericht dan is het aan de gemeenteraad om de voorwaarden te stellen aan betaalbaarheid. Het lid VAN SCHIJNDEL merkt op dat het publieke of collectieve bedrijven vaak ontbreekt aan de discipline van de markt en aan concurrentie. Volgens hem is er dan geen prikkel om scherp op de kosten te letten waardoor de tarieven juist hoger kunnen uitvallen. Wethouder PELS antwoordt op dat de marktdiscipline er de afgelopen jaren toe heeft geleid dat veel ontwikkelingen zijn stilgevallen omdat marktpartijen er geen winst meer in zagen. Dit toont de beperkingen van de markt aan. Een publiek warmtebedrijf zou daar een antwoord op kunnen zijn. Het lid KREUGER meent dat het feit dat de gemeente verantwoordelijk is voor het innen van geld niet automatisch betekent dat er een eerlijke prijs tot stand komt. De gemeente fungeert in dat geval als monopolist. Hij vraagt of de wethouder kan erkennen
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
dat gemeentelijke bemoeienis niet per se leidt tot lagere kosten en dat er zelfs woekertarieven gevraagd kunne worden. Wethouder PELS antwoordt dat ze dat niet kan bevestigen omdat op dit moment wordt onderzocht of het mogelijk is om een warmtebedrijf op te richten. Het enige wat ze hier hoort is speculatie over wat er zou kunnen gebeuren zonder dat er een oplossing wordt aangedragen. Het lid KREUGER vindt dat onjuist omdat uit rapporten van Berenschot blijkt dat er bij erfpacht sprake is van woekertarieven. Hij vraagt waarom dit bij een publiek warmtebedrijf niet ook zou kunnen gebeuren. Wethouder PELS antwoordt dat dat niet zal gebeuren omdat de gemeenteraad vast kan stellen hoe er wordt gekeken naar betaalbaarheid. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koyuncu in tweede termijn. Het lid KOYUNCU wijst op zijn waarschuwing van drie jaar geleden toen hij de vraag stelde of Eteck wel het bedrijf is waarmee de gemeente Amsterdam de energietransitie wil vormgeven. Het antwoord was dat het zou meevallen en dat het slechts opstartproblemen waren. Nu blijkt dat de problemen nog steeds bestaan. Eteck krijgt nog steeds een ster op Google en honderden klachten. Mensen waarschuwen voor het bedrijf terwijl Eteck bericht dat zij een nieuwe warmtevoorziening opent in Amsterdam Oost.
Hij vraagt waarom de gemeente ondanks jarenlange klachten, raadsadressen en vragen doorgaat met dit bedrijf en leest enkele negatieve recensies voor over slechte service, hoge kosten en onbereikbaarheid van Eteck. Volgens hem is de vraag inmiddels niet meer óf Eteck fouten maakt maar hoeveel fouten een bedrijf mag maken voordat de gemeente ingrijpt. Als Eteck een zakenpartner blijft dan zal de gemeente zich moeten opstellen als medeverantwoordelijke. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels in tweede termijn. Wethouder PELS heeft een bespiegeling vanuit DENK gehoord en geen vragen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Het is gereed voor een korte bespreking in de gemeenteraad van 9 en 10 juli 2025. Het lid VAN MUNSTER vraagt of de brief van de wethouder voor 9 juli 2025 verstuurd kan worden zodat deze meegenomen kan worden bij de bespreking in de gemeenteraad. Wethouder PELS antwoordt dat de brief kort voor 9 juli 2025 verstuurd wordt omdat het gesprek met Eteck pas eind juni 2025 plaatsvindt. De VOORZITTER schorst de vergadering voor vijf minuten 4. Bespreken van de raadsinformatiebrief ter afdoening van de toezegging over IV Een kleine molecuul als bron van grote welvaart VN2025-006501 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy. Het lid GARMY is positief over de stappen die worden ondernomen.
Het laat zien dat er veel prioriteit aan groene waterstof wordt gegeven. Hij ziet dat als een goed en duurzaam alternatief en vraagt hoe de raad hier in de toekomst over wordt geïnformeerd. Ook wil hij weten of de twee ton die is vrijgemaakt voor het vergunningenproces structureel is of eenmalig. Tot slot vraagt hij of de effectiviteit van de ingezette middelen wordt gemeten zodat beoordeeld kan worden of er echt impact wordt gemaakt.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van der Kamp. Het lid VAN DER KAMP merkt op dat er landelijk steeds meer twijfels zijn over de haalbaarheid van groene waterstof op korte termijn en dat de beschikbare middelen afnemen. Hij vraagt of deze ontwikkelingen gevolgen hebben voor de investeringen in en rond de Amsterdamse haven waar juist wordt ingezet op waterstof als motor van duurzame bedrijvigheid. Ook wil hij weten wat dit betekent voor het beleid en de ondersteuning vanuit de gemeente. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels. Wethouder PELS antwoordt dat de effectiviteit wordt gemonitord en dat de raad daarover in het vierde kwartaal wordt geïnformeerd. Het budget voor vergunningsregie is structureel en beschikbaar voor bedrijven omdat dat belangrijk is voor de continuïteit. Bij de rapportage is het streven om duurzaamheidsonderwerpen zoveel mogelijk te bundelen. De voortgang op de verduurzaming van de industrie komt terug in ‘Onze stad van morgen’ en bij de afspraken met de tien grootste uitstoters waar waterstof ook een rol kan spelen. Ten aanzien van de twijfels over waterstofontwikkeling geeft ze aan dat het uitblijven van duidelijke keuzes vanuit het Rijk voor veel onzekerheid zorgt. Hierdoor stellen bedrijven hun investeringsbeslissingen uit.
De gemeente blijft dit onder de aandacht brengen bij het ministerie en zoekt in constructieve gesprekken met de bedrijven naar de beste oplossing. Het lid VAN DER KAMP vraagt wat de wethouder kan betekenen in die constructieve gesprekken. Wethouder PELS antwoordt dat de gemeente geen grote besluiten kan nemen over tracés van leidingen buiten de gemeentegrenzen maar dat ze wel in contact blijft met bedrijven en het Havenbedrijf omdat het bundelen van initiatieven kan bijdragen aan de rendabiliteit van investeringen. Deze gezamenlijke plannen zijn al bij het ministerie neergelegd vanuit het Noordzeekanaalgebied met het verzoek er een besluit over te nemen. Dat is een belangrijke rol die de gemeente kan vervullen. De discussie wordt gesloten. 6. Bespreken van het bestuurlijk akkoord Netcongestie en OV VN2025-006233 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van der Kamp. Het lid VAN DER KAMP merkt op dat netcongestie de verduurzaming van het openbaar vervoer, woningbouw en bedrijvigheid bedreigt en daarmee ook de economie van Amsterdam. Tien jaar wachten op een aansluiting noemt hij onacceptabel. Het bestuurlijk akkoord is een goede stap maar er zijn concrete oplossingen nodig. Hij noemt als voorbeeld de RET in Rotterdam die overtollige capaciteit inzet voor omliggende wijken en bedrijven.
Hij vraagt of de wethouder en de gemeente bereid zijn om met het GVB, Liander en de Vervoerregio te verkennen of zulke slimme koppelingen ook in Amsterdam mogelijk zijn. Daarnaast vraagt hij of het college de regie en financiering daarvoor wil organiseren zodat goede ideeën niet stranden door organisatorische problemen of gebrek aan geld. Het lid NOORDZIJ vraagt hoe de VVD kijkt naar uitbreiding van het openbaar vervoer en in hoeverre daar nog ruimte voor is op het net. Het lid NADIF sluit zich aan bij de vraag van de VVD over hoe het net goed benut kan worden. Het is belangrijk om geen kansen te laten liggen. Het is een goede stap in de juiste richting om hiermee door te gaan.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan. Het lid KOPPEJAN merkt op dat de groei van Amsterdam vraagt om toekomstbestendig en betrouwbaar openbaar vervoer maar dat de bereikbaarheid van de stad onder druk staat door netcongestie. Ze maakt zich zorgen omdat zonder stroom uitstootvrije bussen, uitbreiding van metrolijnen en een toekomstbestendig ov-netwerk niet mogelijk zijn. Voor het CDA is bereikbaarheid een basisvoorwaarde voor een leefbare stad. Ze heeft ook zorgen over de gevolgen voor inwoners omdat vertraging in netcapaciteit ook klimaatdoelen, voorzieningen en de woningbouw raakt. Ze vraagt hoe het college garandeert dat alle Amsterdammers gelijke toegang houden tot duurzaam ov, hoe wordt voorkomen dat netcongestie stilstand veroorzaakt bij andere voorzieningen, of de wethouder kan toezeggen dat de raad inspraak krijgt bij prioritering van projecten door de ACM en of het college bereid is met de Vervoerregio en netbeheerders prioriteit te geven aan investeringen in netcapaciteit voor het ov. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt of het CDA rechtsomkeert wil maken in de energietransitie vanwege de netcongestie. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat hetgeen rechtsomkeert wil maken in de energietransitie.
Het wil verduurzaming, het wil dat de inwoners er geen last van hebben, dat er haalbare doelen worden gesteld en dat de woningbouw en andere publieke voorzieningen niet lijden hebben onder de netcongestie. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels. Wethouder PELS geeft aan dat zij begin april met collega Van der Horst heeft gesproken om ideeën en gedachten uit te wisselen. Ze voeren gesprekken met het GVB om te onderzoeken welke oplossingen het GVB kan aandragen voor zowel het verminderen van netcongestie als voor de uitdaging van toenemende stroombehoefte voor het ov. De stroom is nu niet toereikend voor alle toekomstige uitbreidingen waardoor ook het openbaar vervoer geconfronteerd wordt met netcongestie. De keuzes voor het openbaar vervoer moeten besproken worden met wethouder Van der Horst. Netcongestie is geen excuus maar raakt de stad en de bestaande plannen. Daarom wordt binnen het kader van de ACM het beleid verder uitgewerkt waarbij wordt onderzocht welke projecten doorgang kunnen vinden. Hierbij zal waarschijnlijk een afweging tussen projecten gemaakt moeten worden en dat zal met de raad besproken worden. Het lid VAN DER KAMP vindt het belangrijk om daarnaast ook een inventarisatie te maken van infrastructuur in de stad bij bedrijven zoals het GVB en mogelijk nog andere plekken zodat zaken aan elkaar verbonden kunnen worden.
Wethouder PELS antwoordt dat in samenwerking met Liander al wordt gekeken naar dit soort grootverbruikers met een eigen infrastructuur en dat er wordt onderzocht hoe die geoptimaliseerd kan worden. Het lid VAN DER KAMP vraagt of en wanneer de wethouder dat met de raad kan delen. Wethouder PELS antwoordt dat ze bij een volgende update een inzicht kan delen over of er nog andere partijen zijn die naast het GVB een bijdrage kunnen leveren aan het oplossen van de netcongestie met hun eigen infrastructuur. Als het lid Van der Kamp naar aanleiding daarvan meer inzicht wenst, dan kan dat natuurlijk altijd want het is een informatievraag van de raad. De discussie wordt gesloten.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
7. Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de berichtgeving over juridische verantwoordelijkheden van de gemeente rondom het rapport (Klimaat)Verplichtingen gemeente Amsterdam: algemeen kader en bijzondere wetten VN2025-006682 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bakker. Het lid BAKKER wijst op extreme weersomstandigheden en snel uitstervende diersoorten. Volgens het recente Statusrapport Nederlandse Biodiversiteit sterven soorten sneller uit dan dat er bijkomen en Nederland loopt voorop in biodiversiteitsverlies. Ze benadrukt dat al het leven onderling verbonden is en dat het ecologisch systeem kan instorten. Hoewel de aarde maximaal anderhalve graad mocht opwarmen is deze grens vorig jaar overschreden. Daarom moet men alles doen om verdere schade te beperken en zich voor te bereiden op de gevolgen die ook in Amsterdam zichtbaar worden. Zoals de inspreker al aangaf bedreigen hittestress en wateroverlast ook de gezondheid van werknemers. Ze complimenteert het college met het opstellen van een rapport over juridische risico’s bij onvoldoende klimaatmaatregelen en vraagt of ze het rapport kunnen verspreiden onder regionale overheden. Ze vraagt of Amsterdam genoeg doet, gezien het ontbreken van tussendoelstellingen voor CO2-reductie in 2040 en de achterblijvende prestaties. Ze wil weten hoe het college dit beoordeelt.
Ze benoemt ook onzekerheden over de scope-3-uitstoot en stelt dat de gemeente verantwoordelijk is voor het terugdringen daarvan via duurzame inkoop en gedragsverandering, onder meer door campagnes en een hogere toeristenbelasting. Verder vraagt ze of Amsterdam voldoende maatregelen neemt om inwoners te beschermen tegen toenemende wateroverlast, mede gezien recente KNMI-scenario’s en het afwijzen van een aanscherping van de Hemelwaterverordening. Ze wijst op het belang van het behouden en uitbreiden van stedelijk groen omdat sinds 2018 al 2 procent groen verloren is gegaan. Ze vraagt het college hoe het risico van juridische klachten tegen het verlies aan groen wordt voorkomen. Tot slot vraagt ze aandacht voor de waardevolle biologische landbouwgrond in Lutkemeer waar distributiehallen gepland staan. Ze verwacht dat het college zich inzet om deze grond te behouden vanwege duurzaamheid, regionale voedselvoorziening en sociale cohesie. Ze vraagt of de wethouder kan toezeggen dat zij er binnen het college actief voor zal opkomen om zoveel mogelijk grond te redden van verstening. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koppejan. Het lid KOPPEJAN vindt dat het collegebeleid moet maken dat technisch correct uitvoerbaar is. Het rapport is terecht kritisch op de klimaatdoelen van het college en de uitvoering daarvan.
Amsterdam zou koploper moeten worden in de uitvoering van klimaatbeleid en niet de klimaatmoralist moeten uithangen. Ze verwijst naar een motie die het CDA heeft ingediend om klimaatmaatregelen te prioriteren op basis van kostenefficiëntie, dus wat het kost en hoeveel CO2 het bespaart. Elke publieke euro moet verantwoord worden ingezet en dat betekent inzicht, betere afwegingen en minder geldverspilling. Het rapport waarschuwt ervoor dat er geen meetbare doelen worden gesteld voor tussentijdse kostenefficiëntie. Het lid NADIF vindt het jammer dat het bij het CDA alleen maar gaat over kostenefficiëntie en niet over sociale cohesie of op een rechtvaardige manier investeren. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat het rapport laat zien dat er juridische consequenties dreigen en dat de gestelde doelstellingen niet worden gehaald. Daarom moeten haalbare en meetbare doelen op papier worden gezet en daar moet de focus op liggen.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Het lid NADIF merkt dat dit ten koste zal gaan van bijvoorbeeld het isolatieoffensief en groepen met een kleinere portemonnee. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat ze nog steeds voor de mensen staan en het rechtvaardig willen doen voor iedereen. Ze verwijst naar het mislukte warmtenet en windturbines waar veel geld in wordt gestoken zonder dat er resultaat mee wordt behaald. Dit soort beleid leidt tot het verspillen van veel geld zonder resultaten. Het lid NADIF vindt dat het CDA pleit om het beleid om te gooien en puur te gaan voor kostenefficiëntie. Dat betekent dat het de andere initiatieven die eraan bijdragen dat mensen bewuster omgaan met de energietransitie laat zitten. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat het CDA een prioritering wil op basis van de CO2-uitstoot en de kosten. Daarbij kunnen maatschappelijke initiatieven en mensen worden meegenomen, maar zij vindt het belangrijk om ook de kosten mee te nemen. Het lid BAKKER merkt op dat het rapport een risicoanalyse is. Ze vraagt waar het lid Koppejan uit de stukken haalt dat er juridische stappen tegen de gemeente worden genomen. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat ze een waarschuwing leest omdat er duidelijk staat dat er geen goede tussentijdse doelen worden gesteld. Hierdoor loopt Amsterdam het risico om juridisch aangesproken te worden.
Daar schrikt ze van en ze vindt dat Amsterdam zich veel beter moet inzetten om wel haalbare doelen te formuleren. Het lid BAKKER vraagt of het CDA ervoor pleit om de doelen drastisch naar beneden bij te stellen. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat ze er niet voor pleit om de doelen drastisch naar beneden bij te stellen. Ze pleit voor haalbare doelen en kostenefficiënte en ze wil de prioriteit aanpassen. Het lid BAKKER vindt het jammerlijk dat het CDA alleen pleit voor efficiëntie en realisme terwijl er veel harder moet worden gewerkt om meer CO2 te besparen. Het lid KOPPEJAN antwoordt dat zij juist pleit voor meer CO2-besparing en dat ze het beschikbare geld efficiënter wil inzetten om meer CO2 te besparen. Ze wil een stap verder zetten dan nu het geval is, betere doelen behalen en meer CO2-besparing realiseren. Ze benadrukt dat zij zich juist harder wil inzetten voor een duurzame stad. Ze vraagt welke lessen de wethouder trekt uit het rapport en of de wethouder kan toezeggen dat er wordt gewerkt aan meer tussentijdse doelen waarin ook kostenefficiëntie wordt meegenomen. Daarnaast wil ze weten wat het college doet om de ketenemissies goed in beeld te brengen en structureel te verminderen en of er extra beleid komt voor ketenverantwoordelijkheid met meetbare doelstellingen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy.
Het lid GARMY wil weten of de wethouder het rapport inmiddels heeft besproken met het college en haar staf, wat daaruit is gekomen en of de raad hierover een schriftelijke reactie kan verwachten. Hij vraagt of er een langetermijnstrategie komt waarin juridische zekerheid, uitvoerbaarheid en bestuurlijke verantwoordelijkheid samenkomen of dat zo'n strategie al bestaat. Ook is hij benieuwd hoe de wethouder aankijkt tegen de beperkte juridische afdwingbaarheid van verdergaande klimaatmaatregelen en of zij er gerust op is dat er geen juridische procedures te verwachten zijn.
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
Tot slot vraagt hij naar de visie van het college op de scope-3-uitstoot die 99,6 procent van de gemeentelijke uitstoot beslaat en hoe er wordt samengewerkt met andere gemeenten en regio’s om de uitstoot te verminderen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Haijen. Het lid HAIJEN begrijpt de ophef rond het klimaatrapport niet goed en vindt de berichtgeving in de media overdreven. Hij stelt dat het logisch is dat het Amsterdamse stadsbestuur onderzoekt wat klimaatrechtszaken in andere landen eventueel voor de gemeente kunnen betekenen. Volgens hem is het verstandig om dit in kaart te brengen. Tegelijkertijd wil hij waken voor een te juridische benadering omdat hij als commissielid een politiek debat wil voeren en politieke richting wil geven. Het lid KREUGER vraagt of de SP het net als JA21 problematisch vindt dat het rapport openbaar is. Het lid HAIJEN heeft geen probleem met openbaarheid. Het lid KREUGER merkt op dat er bij juridische risico’s vaak geheimhouding wordt opgelegd. In dit geval wordt die informatie openlijk gedeeld en dat kan een aanmoediging zijn voor klimaatwappies om de gemeente juridisch aan te pakken. Het lid HAIJEN is daar niet zo bang voor. Hij wil als commissielid een politiek debat voeren en richting geven en die richting gaat eindelijk de goede kant op.
Hij is blij dat de terugtrekkende beweging van de overheid is gestopt, de aandelen van het Afval Energie Bedrijf in publieke handen blijven en het pad van privatisering een halt is toegeroepen. De SP is er ook zeer tevreden over dat Amsterdam samen met andere publieke spelers een publiek warmtebedrijf opricht. Dit is cruciaal omdat er bij bedrijven zoals Eteck geen democratische controle is en weinig kan worden gedaan aan betaalbaarheid. Door de zeggenschap terug te pakken kan de gemeente daadwerkelijk een verschil maken en dat is ook een herstel van de historische fout van de verkoop van de aandelen Nuon. Hij wil weten hoe het staat met de wijkuitvoeringsplannen voor de warmtetransitie en hoe bewoners daarbij worden betrokken. Het lid VAN DER KAMP vraagt of de SP het met hem eens is dat de betaalbaarheid met een publiek warmtebedrijf alleen maar problematischer wordt en dat de belastingbetaler opdraait voor deze mooie plannen. Het lid HAIJEN is dat absoluut niet eens met het lid Van der Kamp. Hij heeft gezien wat decennia aan privatisering in het energielandschap heeft gedaan met de betaalbaarheid. Het is beter dat de overheid het zelf gaat regelen. Het lid KREUGER vraagt in hoeverre de SP het democratisch vindt dat via allerlei juridische processen beleid dat matig democratisch verankerd is afgedwongen kan worden.
Het lid HAIJEN antwoordt dat de raadsleden aan de knoppen zitten en die hebben voldoende primaat om zaken te regelen die ze willen realiseren. Hij vraagt hoe wordt gegarandeerd dat participatie onder de Omgevingswet goed geregeld wordt aangezien dit nu bij ontwikkelaars ligt. Bewoners kunnen bezwaar maken als participatie tekortschiet en hij wil weten hoe de wethouder deze juridische mogelijkheid beoordeelt. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ vindt dat het stuk harde maar niet onverwachte conclusies bevat. Het is goed om deze met elkaar te bespreken en hij ziet het als een bevestiging van het gedeelde besef dat Amsterdam niet alleen een morele en politieke, maar ook een
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
juridische verplichting heeft om stevig klimaatbeleid door te voeren. Tegelijkertijd is klimaatbeleid alleen houdbaar als het ook sociaal beleid is waarbij de transitie niet alleen gericht is op uitstootvermindering en kostenefficiëntie maar ook op het doorbreken van systemen van ongelijkheid in de samenleving. Het lid VAN DER KAMP merkt op dat het risico bestaat dat er alleen maar geld wordt uitgeven aan procederen in plaats van aan iets daadwerkelijk oplossen. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat een overheid niet boven de wet staat en dat mensen het recht hebben om een procedure te starten tegen de overheid als ze daartoe aanleiding zien. Hij ziet wel het liefst de focus op de uitvoering. Het lid VAN DER KAMP concludeert dat de doelstellingen niet bovenmatig moeten zijn en er teruggekeerd moet worden naar de realiteit. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat het lid Van der Kamp doet alsof er een doelstelling is waarvoor de gemeente verantwoordelijk gehouden kan worden. Het gaat om internationaal, nationaal en gemeentelijk beleid waarop de gemeente aangesproken kan worden. Wat daaruit voortkomt is ook een politiek besef dat er actie nodig is vanwege de klimaatcrisis omdat anders de kosten voor klimaatadaptatie in de toekomst alleen maar hoger worden. Het lid KOPPEJAN merkt op dat ze hier zitten bij de commissie duurzaamheid en niet bij armoedebeleid.
Het CDA vindt dat daar best rekening mee gehouden kan worden maar het gaat vooral om het behalen van duurzaamheidsdoelstellingen. Ze vindt het geen verantwoord beleid als er 6.000 euro wordt besteed per uitgestoten ton CO2. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat hij er niet alleen is om met een tunnelvisie naar de cijfers van CO2-uitstoot te kijken maar ook om te zien wat het met de Amsterdammer doet. Het klimaatbeleid gaat niet alleen over de energietransitie maar ook over het aanpakken van het systeem van ongelijkheid in de stad. Daarom is hij het niet eens met lid Koppejan. Hij ziet in het onderzoek een duidelijke verplichting voor een tijdspad met tussentijdse doelstellingen, metingen en waar nodig bijstellingen. Hij constateert dat op een aantal punten al goede stappen worden gezet. Het lid KREUGER vraagt waarom de Partij van de Arbeid de afgelopen tijd moties en amendementen over tussentijdse doelstellingen heeft weggestemd. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat hij die moties nu niet specifiek voor zich heeft. Wel deelt hij het standpunt van andere partijen dat tussentijdse doelstellingen en metingen belangrijk zijn. Over hoe dat precies wordt ingericht kan het gesprek gevoerd worden. Het lid KREUGER wijst op de motie die veel vroeg over hoeveel huizen er in een bepaalde bestuursperiode zijn weggestemd terwijl ze zegt te weten hoe het moet.
Het lid NOORDZIJ antwoordt dat hij op geen enkele manier beweert alles te weten over hoe het moet. Het is niet zo dat elk voorstel voor tussentijdse doelstellingen, metingen en bijstellingen automatisch wordt aangenomen. Elk voorstel wordt op zijn eigen merites beoordeeld. Het lid KREUGER merkt op dat geen enkel voorstel is aangenomen, ze werden allemaal weggestemd door de PvdA, GroenLinks en D66. Het lid NOORDZIJ herhaalt dat het niet zo is dat elk voorstel automatisch wordt aangenomen alleen omdat men vindt dat er tussentijdse doelstellingen moeten zijn. Als voorbeeld noemt hij de isolatie van woningen, een maatregel waarvoor volgens hem
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Conceptraadscommissieverslag, 22-05-2025
tussentijdse doelstellingen nodig zijn omdat dit een maatregel is waarin klimaat en rechtvaardigheid op een goede manier samenkomen. Het lid VAN DER KAMP wijst op het voorstel om middelen van buurtinitiatieven over te hevelen naar extra isoleren. Daar gaf de PvdA niet thuis. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat stevig klimaatbeleid niet gericht is op slechts een maatregel maar bestaat uit een samenhangend geheel van maatregelen zoals beschreven in het Klimaatfonds en daar kan men niet uit cherrypicken. Bij woningisolatie is het belangrijk om meer tussentijdse doelstellingen te formuleren maar dit kan niet door lukraak geld uit andere potjes te halen. Het lid VAN DER KAMP merkt op dat het een concreet plan was voor geld dat anders op de plank blijft liggen. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat het lid Van der Kamp weet dat het geld niet op de plank blijft liggen. Het lid VAN DER KAMP vraagt waaraan het geld wordt uitgegeven wanneer het voorstel voor isoleren wordt weggestemd door de Partij van de Arbeid. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat de klimaatcrisis niet wordt opgelost met alleen isolatiemaatregelen. Er is een samenhangende verzameling aan maatregelen nodig die zowel het systeem van ongelijkheid aanpakken als de klimaatcrisis in zijn geheel en daar valt ook klimaatadaptatie onder.
Uit het onderzoek blijkt dat er behoefte is aan tussentijdse doelstellingen bijvoorbeeld op het gebied van woningisolatie. Het lid VAN SCHIJNDEL merkt op dat het in het geheel van maatregelen ook nodig is om India en China hun welvaartsgroei te ontzeggen. Het lid BAKKER wijst op de risicokaarten in het rapport met rode vlaggen voor wateroverlast en hittestress in de stad. Ze vraagt of de PvdA gelezen heeft dat volgens de Natuurherstelwet het stedelijk groen niet mag afnemen tot eind 2030. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat het bij groen en klimaat belangrijk is om een bredere afweging te maken en niet alleen te kijken naar meer groen in de stad. Er moet ook gelet worden op het soort groen, de bijdrage aan klimaatadaptatie en het leefklimaat in de wijk. Goede voorzieningen en een prettige leefomgeving zijn net zo hard nodig als groen en de eenzijdige benadering deelt hij daarom niet. Het lid BAKKER hoopt dat de PvdA zich wel zorgen maakt over de hoeveelheid groen in de stad die elk jaar afneemt. Het lid NOORDZIJ antwoordt dat groen ontzettend belangrijk is voor een klimaatadaptieve stad, maar voor een stad van de toekomst moet er breder gekeken worden naar wat nodig is voor prettige wijken en daar horen ook sportplekken en voorzieningen bij.