20241205 FKD conceptverslag
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit
FKD
Raadscommissieverslag, 5 december 2024
CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 5 december 2024 van 9.00 – 12.30 uur en van 20.30 – 22.30 uur in Willem Kraanzaal (commissiezaal) Donderdag 23 januari 2025 Voorzitter: R.P. Hofland Plv. voorzitter: Van der Veen. Van Pijpen Portefeuillehouders: wethouders Van Buren, Meliani, Scholtes en Groot Wassink Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: P. Miedema Verslaglegging: J. Poot (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Asruf (PvdA), Minderhoud (PvdA), IJmker (GL), Van der Veen (GL), Van Pijpen (GL), Lust (D66), Schmit (D66), Burgers (VVD), Deterink (VVD), Hylkema (VVD), Krom (PvdD), Perdok (De Vonk), Garmy (Volt), Van Berkel (JA21), Khan (DENK), Havelaar (CDA), Badal (CDA), Bilgin (FvD), Kabamba (Lijst Kabamba) Afwezig: Bobeldijk (SP), Moeskops (D66) Overige aanwezigen: Namane (PvdA), Emmerik (PvdD)
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet de aanwezigen en toehoorders welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen Lid GARMY attendeert de aanwezigen op een expertsessie op 9 januari van 15.0017.00 uur over het verhogen van de meldingsbereidheid. Wethouder VAN BUREN refereert aan een toezegging aan lid Van Pijpen, inzake een bilateraal gesprek met de CEO van Schiphol. Dit gesprek heeft op 20 november jongstleden plaatsgevonden en hieruit kwam naar voren dat Schiphol nog steeds achter het acht-puntenplan staat. De wethouder beschouwt hiermee de toezegging als afgedaan. Ook verwijst de wethouder naar een technische sessie die het college van plan is te organiseren, waarin de visie en het Strategisch Plan van het Havenbedrijf nader wordt toegelicht. De beschikbare data voor de technische sessie zijn 5 en 6 februari. Hier blijkt voldoende animo voor te zijn. Het onderwerp zal op 5 maart 2025 worden geagendeerd in de commissie FKD en in de raad voor wensen en bedenkingen. Lid HAVELAAR stelt voor deze technische sessie op het terrein van het Havenbedrijf te laten plaatsvinden en dit eventueel te combineren met een rondleiding.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Wethouder VAN BUREN vindt dit een goed idee en zal dit voorleggen aan het Havenbedrijf. Wethouder SCHOLTES deelt mee dat jongstleden vrijdag 29 november de tweede locatie van de Cyberbank is geopend in de OBA cc Amstel. Hier kunnen burgers een laptop krijgen voor 20 euro en ondersteuning krijgen bij het gebruik hiervan. Het doel is dat er in ieder stadsdeel en in stadsdeel Weesp een Cyberbank komt en dit wordt ondersteund door de agenda Digitale Stad. Wethouder MELIANI verwijst naar haar brief aan de raad inzake de gezamenlijke strijd tegen racisme en discriminatie in Amsterdam naar aanleiding van de gebeurtenissen rondom de voetbalwedstrijd van Ajax tegen Maccabi. Met haar brief roept de wethouder iedereen op tot verbinding, begrip en nuance. Zij benadrukt dat in Amsterdam iedereen gelijk is. Vervolgens licht zij de inhoud van haar brief nader toe en beschrijft zij de inspanningen van het college om er te zijn voor iedereen die door de gebeurtenissen rondom de voetbalwedstrijd is geraakt. In de brief wordt ook beschreven wat er de komende tijd wordt gedaan om discriminatie en racisme tegen te gaan. De VOORZITTER deelt mee dat de commissie vanaf januari een dag voor de vergadering een tentatieve planning zal ontvangen. Van de commissieleden wordt verwacht dat zij dan aan de griffie doorgeven voor welke punten er een bijdrage is.
Er zijn afmeldingen binnengekomen van de leden Moeskops (D66) en Bobeldijk (SP). c. Vaststellen agenda De VOORZITTER geeft aan dat er een aantal agendapunten is doorgeschoven, zodat er voor de vergadering van 23 januari aanstaande tevens sprake zou kunnen zijn van een avonddeel. Voor de vergadering van vandaag geldt, dat deze zou kunnen doorgaan tot 14.00 uur en er is een extra uur spreektijd naar rato verdeeld. Voor de volgende agendapunten zijn geen aanmeldingen gedaan: Agendapunt 4, Vaststellen van de Derde Wijzigingsverordening Roerenderuimtenbelastingen ; Agendapunt 5, Vaststellen van de 18e Wijzigingsverordening OZB; Agendapunt 6, Vaststellen van het programma van eisen voor de accountantscontrole 2024; Agendapunt 7, Vaststellen van een krediet voor de inkoop van elektrische laadsystemen ter ondersteuning van de verduurzaming van het gemeentelijk wagenpark bij de gemeentelijke werven. De voorzitter stelt voor deze punten tijdens deze vergadering niet inhoudelijk te behandelen en ze te hameren in de raad. Agendapunten 10, 11, 12 en 13, die alle over de nieuwe bestuursopdracht gaan, worden gevoegd behandeld. Hiermee wordt de agenda vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie FKD d.d. 7 november 2024 Het verslag worden ongewijzigd vastgesteld.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
e. Termijnagenda’s en bestuurlijke langetermijnagenda’s, per portefeuille De VOORZITTER geeft aan dat er bij deze vergadering voor het eerst, naast de reguliere termijnagenda per portefeuille, een bestuurlijk langetermijnagenda toegevoegd. Deze zal in de komende periode voor alle commissies worden ingevuld. Met de bestuurlijke langetermijnagenda informeert het college de raad over de stukken die naar de commissie toekomen en krijgen de leden inzicht in de planning. f. TKN-lijst De VOORZITTER heeft de volgende verzoeken ontvangen om te agenderen op de vergadering van 23 januari 2025: Op verzoek van het lid IJmker (GL) wordt geagendeerd TKN-stuk 2, Kennisnemen van de Amsterdamse visie op AI; Op verzoek van lid Lochtenberg (CDA) wordt geagendeerd TKN-stuk 3, Kennisnemen van het jaarverslag Deelnemingen 2023. De voorzitter stelt voor om dit samen te voegen met de door het lid Lochtenberg geagendeerde raadsinformatiebrief over de terugkoppeling van de aandeelhoudersvergadering van Deelnemingen eerste deel 2024. De commissie gaat hiermee akkoord; Op verzoek van lid Van Pijpen (GL) wordt geagendeerd TKN-stuk 8, Kennisnemen van de brief aan Schiphol, inzake onderhoudswerkzaamheden aan het banenstelsel van Schiphol in 2025. De motivatie voor bespreking van deze onderwerpen heeft op 4 december jongstleden in Dagmail gestaan. De commissie gaat akkoord. g.
Ingekomen stukken Stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.12 uur. Vanaf dat moment zijn de spreektijden van kracht. b. Inspreekmoment Publiek Er hebben zich twee insprekers aangemeld. Inspreker 1, Jörgen Tjon a Fong spreekt in namens de Kleine Komedie, inzake agendapunt 9, Vaststellen Kunstenplan. Inspreker Tjon a Fong vraagt aandacht voor de instellingen die volgens de beoordeling van het AFK het waard zijn om financieel gesteund te worden, maar die door onvoldoende budget niet gehonoreerd kunnen worden. De inspreker beschrijft de gevolgen hiervan voor de Kunsten in Amsterdam. Uit rapportages is gebleken dat investeringen in cultuur zijn achtergebleven bij de groei van de stad. Ook in
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
2025 loopt Amsterdam hierbij achter op andere grote steden. Hij vraagt het college in aanloop naar de Voorjaarsnota dit bij de overwegingen te betrekken en in de Voorjaarsnota opnieuw budget ter beschikking te stellen om verdere schade aan het culturele landschap te voorkomen. Voor instellingen voor wie dit te laat komt, vraagt hij de wethouder een overbruggingskrediet te overwegen. Inspreker roept de wethouder op om de komende maanden extra investeringen in cultuur mogelijk te maken voor de positief beoordeelde instellingen bij het AFK. en voor de Amsterdamse instellingen die landelijk positief zijn beoordeeld, maar onder de zaaglijn kwamen, omdat ze in Amsterdam gevestigd zijn. Inspreker 2, Fatima El Maimouni, spreekt in op persoonlijke titel, inzake agendapunt 10, Vernieuwde Bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit 2024-2028, de Uitvoeringsagenda Inclusie en Diversiteit 2024-2028. Zij beschrijft haar situatie als burger van Amsterdam, maar ook als medewerker van de gemeente. Zij komt inspreken om bescherming te vragen voor haar positie als ambtenaar bij de gemeente Amsterdam. Vervolgens beschrijft zij op welke wijze zij sinds 2013 wordt behandeld in haar werksituatie, waarbij zij slachtoffer is van discriminatie en machtsmisbruik. Haar betoog bevat vele voorbeelden van wat zij heeft meegemaakt.
De VOORZITTER stelt voor dat de commissieleden in de schorsing vragen stellen aan de inspreker, aangezien dit een persoonlijk verhaal is en er geen tegenpartijen aanwezig zijn voor wederhoor. Vragen over het algemene beleid kunnen wel in de vergadering worden gesteld. Lid VAN BERKEL vraagt of de inspreker kan toelichten waarom zij vindt dat leidinggevenden niet te trainen zijn. Inspreker beschrijft aan de hand van persoonlijke voorbeelden waarom zij deze mening heeft. Zij heeft ervaren dat het juist de leidinggevenden zijn die niet handelen volgens het protocol, waardoor zij niet op een eerlijke wijze wordt behandeld. Lid BILGIN vraagt naar voorbeelden van medewerkers die hun verhaal wilden doen, maar het niet hebben gedaan uit angst voor repercussies. Inspreker noemt een voorbeeld van een inspreker die inmiddels niet meer werkt bij de gemeente. Lid NAMANE vraagt of de inspreker bekend is met de externe meldpunten en of zij daar ook gebruik van heeft gemaakt. Inspreker beschrijft haar ervaring met een externe vertrouwenspersoon. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten ingediend. d. Rondvraag Lid IJMKER verwijst naar een toezegging van wethouder Scholtes, dat alle hoogrisico algoritmes eind dit jaar in het algoritmeregister zouden worden geplaatst. Zij hoort graag wat de stand van zaken is.
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Wethouder SCHOLTES geeft aan dat alle Amsterdamse algoritmes in het landelijke algoritmeregister zijn geplaatst. Alle hoog-risico algoritmes staan in het algoritmeregister. Voor sommige algoritmes moet nog worden bekeken in welke categorie ze thuishoren. Op dit moment worden alle verschillende classificaties herzien. Dat kan betekenen dat wat eerst als hoog-risico algoritme was aangemerkt nu in een andere categorie komt te staan, of andersom. De wethouder zegt toe dat de voorgangsrapportage eind Q1 2025 zal verschijnen. Lid IJMKER stelt voor om zichtbaar te maken of er sprake is van een hoog- of laagrisico algoritme. Wethouder SCHOLTES vindt dit een goede suggestie, maar zal hier verder op ingaan als de classificatie verder is uitgewerkt en geformaliseerd. Lid SCHMIT vraagt mede namens zijn fractiegenoot Moeskops of er bij het onderzoek naar locaties voor Nachtcultuur ook wordt gekeken naar locaties voor Nachtcultuur op het water. Wethouder MELIANI beaamt dit. Lid SCHMIT vraagt de wethouder wanneer zij kan komen met een update hierover. Wethouder MELIANI geeft aan dat dit in Q1 2025 zal zijn. Lid HAVELAAR verwijst naar de website ‘Hallo Buurman’ en hij vraagt of de wethouder nog met de heer Beelen in gesprek is om de aantijgingen op te lossen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat zij vele gesprekken heeft gevoerd met de heer Beelen en die lopen ook nu nog door.
Inzake het ADM-terrein verschillen de wethouder en de heer Beelen van mening over wat daar is toegestaan en hier is een rechtszaak uit voortgevloeid, waar op 29 januari een uitspraak over wordt gedaan. De wethouder wil hierop terugkomen in de commissie FKD van 23 januari 2025. Lid HAVELAAR vraagt of alle aspecten van de kwestie onder de rechter vallen, zodat er pas na 29 januari over kan worden gesproken. Of is er wellicht een andere manier om hierover met elkaar te spreken? Wethouder VAN BUREN deelt het gevoel van ongemak dat lid Havelaar ervaart met betrekking tot de inhoud van de website. Zij vindt het echter lastig om als college hierop te reageren nu de gesprekken met de heer Beelen nog lopen. In de rechtszaak gaat het vooral om de erfdienstbaarheden en de kegelschepen. De wethouder wil uiteindelijk de commissie in een andere, vertrouwelijke sessie hierover informeren. Lid BURGERS vraagt of de kwestie alsnog na 29 januari 2025 in de commissie FKD besproken kan worden. Wethouder VAN BUREN beaamt dit met nadruk. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. Vaststellen van de Najaarsnota 2024 (VN2024-016580) Eerste termijn
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
De VOORZITTER leidt het agendapunt is en geeft aan dat dit punt is geagendeerd in alle commissies en op de agenda van de raadsvergadering staat van 11 en 12 december. Lid GARMY stelt dat nu er toch een grote wijziging moet worden uitgevoerd in de Najaarsnota, dit aangeeft dat er beter geraamd moet worden. Het stemt hem tevreden dat het college bezig is te onderzoeken wat de oorzaken zijn voor de afwijkingen. Vervolgens plaatst lid Garmy een kritische noot bij de tekst van de inleiding bij de Najaarsnota met betrekking tot het bijstellen. Hij vraagt de wethouder wanneer er een besluit wordt genomen over de bestemming van het positieve resultaat. Lid SCHMIT stelt vier vragen aan het college: Wat is het bestedingsdoel van het AIF en wanneer gaan die bestedingen plaatsvinden? Verwacht de wethouder dat er bij de volgende Voorjaarsnota weer een overschrijding van de Toeristenbelasting plaatsvindt? Wat houdt de niet-goed werkende software in, waardoor heffingen niet goed kunnen worden opgelegd? Kan de wethouder toelichten dat er salarissen worden uitgegeven die begroot zijn, maar er vacatures blijven die niet worden ingevuld? Lid BURGERS vindt het vreemd dat Amsterdammers al jaren te veel afvalstoffenheffing blijken te betalen, terwijl de stad er niet schoner op wordt. Het lijkt erop dat het geld dat er is om de stad schoner te maken, wordt opgespaard.
Hij vraagt de wethouder of de heffing niet omlaag kan. In de nota wordt beschreven dat er extra inhuur plaatsvindt door ziekte en krapte op de arbeidsmarkt. In voorgaande jaren werden de geraamde kosten flink overstegen. Welke stappen gaat de wethouder nemen om deze kosten onder controle te krijgen? Is er ook dit jaar meer dan begroot nodig voor de externe inhuur? Kan de wethouder beargumenteren waarom de aanschaf van dure, krachtiger, grafische laptops noodzakelijk is? Hoe draagt deze investering bij aan een efficiëntere dienstverlening voor de inwoners? Lid VAN PIJPEN hoopt dat met betere ramingen er meer kan worden ingezet op structurele lasten in plaats van op incidentele. Bij de Voorjaarsnota verwacht GroenLinks een antwoord op de vraag hoer er zal worden omgegaan met de overschotten die er zijn. Ook vraagt zij de wethouder te reflecteren op de overschrijdingen van 45 miljoen euro. Wethouder VAN BUREN merkt op dat er een tijdspanne van 1,5 jaar zit tussen de begroting en het Jaarverslag en niet alle informatie is al beschikbaar bij de begroting. Zodoende is er altijd een bepaalde mate van onzekerheid in de ramingen. Bij de programma’s 1, 4, 6 en B gaat het de kant op van een fors negatief resultaat.
De overschrijding in 2024 moet gecompenseerd worden in 2025 en de wethouder geeft aan dat in de loop naar de Voorjaarsnota een kritische analyse van prognoses en realisaties zal worden uitgevoerd met betrekking tot deze programma’s. De aanbevelingen van de rekenkamer worden ook meegenomen om een meer realistische begroting en een effectievere sturing te waarborgen. Gelijktijdig met het aanbieden van de Jaarstukken doet het college een voorstel aan de raad met betrekking tot de bestemming van het positieve resultaat of voor de dekking bij een negatief resultaat. Het college adviseert bij een positief resultaat toevoeging aan de Algemene Reserves, als buffer voor eventuele tegenvallers. Ook bij de Voorjaarsnota doet het college een voorzet inzake de inzet van het resultaat, maar de keuze voor de uiteindelijke bestemming ligt bij de raad. Het besluit wordt genomen in het kader van het budgetrecht van de raad.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
De reserve van het Amsterdams Investeringsfonds gaat per 1 januari 2025 op in Vermogensopbouw, zijnde het besluit bij de begroting 2025. De bundeling van de financieringsreserves is op die manier gedaan ten behoeve van meer transparantie en inzicht in de financiële positie van de gemeente. De reserves Vermogensopbouw worden gebruikt om investeringen met eigen vermogen te financieren. Dit versterkt de financiële gezondheid van de gemeente en maakt ook externe financieringsruimte vrij voor maatschappelijke voorzieningen. De problemen rondom de software ten behoeve van de inning van reclamebelasting worden nog in 2024 opgelost. Hierbij gaat het er slechts om dat de aanslagen niet tijdig worden gezonden. Het is niet te voorspellen of er in 2025 wederom een stijging van de toeristenbelasting zal worden gerealiseerd. In de Meerjarenbegroting is dit opgenomen met een stijgende lijn en het effect hiervan wordt bekeken bij de Voorjaarsnota. De wethouder gaat erop toezien dat dit zorgvuldig wordt geraamd. De wethouder erkent dat de prognose van de realisatie van de personeelskosten bij de Najaarsnota hoger is dan begroot. En het invullen van vacatureruimte in bepaalde domeinen verloopt inderdaad moeizaam. Er wordt dan wel externe inhuur gefinancierd vanuit de niet-ingevulde vacatureruimte. Ook bij de afvalstoffenheffing zal goed naar de raming worden gekeken.
Het college heeft ervoor gekozen om de afvalstoffenheffing de komende twee jaren te dempen, omdat deze heffing hoog is. Er wordt een vergelijkend onderzoek ingesteld met andere gemeenten. Lid SCHMIT stelt in reactie op de uitleg van de wethouder dat er een onderbesteding plaatsvindt bij de uitbetaling van salarissen en een overbesteding bij de inhuur. Hij vraagt of deze interpretatie juist is. Wethouder VAN BUREN beaamt dit. Wethouder SCHOLTES legt uit in een reactie op de vraag van lid Burgers, dat het gaat om laptops waar complexe grafische programma’s op kunnen moeten draaien ten behoeve van stedenbouwers en ingenieurs van de gemeente. Lid BURGERS vraagt of in minder veeleisende omstandigheden er wel wordt overwogen om ‘refurbished’ laptops aan te schaffen. Wethouder SCHOLTES zal dit onderzoeken. Als het gaat om circulaire economie is het vermeldenswaard dat de gemeente elke maand 100 gebruikte laptops doneert aan de Cyberbank. Lid GARMY stelt voor in het kader van betere leesbaarheid van vooral financiële stukken duidelijk te benoemen wat er gebeurt met het positieve dan wel negatieve resultaat. Hij vraagt de wethouder toe te zeggen dat dit voor de volgende keren zal worden verbeterd. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat ze altijd openstaat voor verbetering van de leesbaarheid en het begrijpelijker maken van de stukken en zegt dit toe.
De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en dat de Najaarsnota gereed is voor behandeling in de raad, alwaar deze kort wordt besproken. 4. Vaststellen van de Derde Wijzigingsverordening Roerenderuimtenbelastingen (VN2024-015229) Dit punt komt niet aan de orde. 5.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Vaststellen van de 18e Wijzigingsverordening OZB (VN2024-15216) Dit punt komt niet aan de orde. 6. Vaststellen van het programma van eisen voor de accountantscontrole 2024 (VN2024-016590) Dit punt komt niet aan de orde. Coördinatie Bedrijfsvoering 7. Vaststellen van een krediet voor de inkoop van elektrische laadsystemen ter ondersteuning van de verduurzaming van het gemeentelijk wagenpark bij de gemeentelijke werven (VN2024-016299) Dit punt komt niet aan de orde. Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 8. Vaststelling van een hogere toekenning voor leden van de Externe Adviescommissie Pride (VN2024-016385) De VOORZITTER leidt het agendapunt is en deelt mee dat deze raadsvoordracht op de agenda staat van de raad van 11 en 12 december. Voor dit punt zijn geen bijdragen en het zal in de raad worden gehamerd. De VOORZITTER schorst de vergadering om 10.03 uur. De VOORZITTER heropent de vergadering om 10.15 uur. Kunst en Cultuur 9. Vaststellen Kunstenplan 2025-2028 (VN2024-016562) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het Kunstenplan nu in zijn geheel wordt besproken, nadat er in het verleden verschillende brieven hierover aan de orde zijn gekomen. Hij refereert aan de inspraakavond van 6 november jongstleden waar ervaringen, meningen en ideeën van veel betrokkenen werden gehoord.
Het Kunstenplan staat op de agenda van de raadsvergadering van 11 en 12 december aanstaande. Lid VAN DER VEEN beschrijft enkele positieve effecten van het nieuwe Kunstenplan voor het culturele landschap in Amsterdam. Ook verheugt het hem dat er toch nog extra geld werd gevonden. Vervolgens geeft hij aan wat het doel is van het Kunstenplan, namelijk het bouwen aan een sterke en inclusieve culturele sector en volgens GroenLinks is dit wat de stad nodig heeft. Lid Van der Veen verwijst naar de verschillende moties waarmee zijn fractie heeft gepleit voor structurele groei van het cultuurbudget. Het Cebeon onderzoek toont aan dat Amsterdam structureel minder investeert dan vergelijkbare steden. In aanvulling hierop verwijst hij naar de conclusies van het rapport Berenschot, die concreet handelingsperspectieven bieden om extra investeringen mogelijk te maken. Hij vraagt de
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
wethouder wanneer in 2025 het college komt met een reactie op de aanbevelingen van Berenschot. Uit alle rapportages blijkt dat de huidige middelen tekort schieten om de culturele rijkdom van Amsterdam te beschermen en te versterken en er wordt gepleit voor meer geld. GroenLinks vindt dat er oplossingen moeten worden gevonden en hierbij kan worden teruggegrepen op de ideeën en voorstellen die uit de onderzoeken naar voren komen. Hij wil hier volgende week op terugkomen in de raad om te bespreken hoe het college kan worden opgeroepen om alle rapporten te betrekken bij de bespreking van de Voorjaarsnota 2025 en de knelpunten op te lossen. Lid BADAL spreekt namens zijn fractie zijn genoegen uit over de reparaties die hebben plaatsgevonden. Hij is benieuwd naar hoe de diversiteit in de programmering tot uiting komt en of iedere culturele achtergrond aan bod komt. Vervolgens vraagt hij aandacht voor de optie om particulieren te betrekken bij de financiering. De wethouder heeft inmiddels onderzoeken laten plaatsvinden naar de mogelijkheden en onmogelijkheden hiervan en lid Badal vraagt de wethouder wanneer er een invulling zal plaatsvinden. Reeds eerder heeft het CDA voorgesteld om een fonds op te richten waar particulieren geld in kunnen storten, waarbij de gemeente dit verdubbelt tot een bedrag van drie miljoen euro.
Het CDA roept op tot maatschappelijke verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven, want kunst is immer de drijfveer geweest voor vernieuwing in de samenleving. Lid GARMY beschrijft de rol van kunst in de samenleving, waarbij vooral de verbindende kracht in de huidige tijd hard nodig is. Voor Volt illustreert het Berenschotonderzoek dat kunst en cultuur verweven zijn met allerlei maatschappelijke thema’s en opgaven in de stad. Dit heeft tot gevolg dat investeren in kunst en cultuur breder wordt gedragen. Uit onder andere het Cebeon onderzoek blijkt dat Amsterdam, in vergelijking met vergelijkbare steden, relatief weinig aan de sector besteedt en het budget niet is meegegroeid met de groei van de stad. Het inzetten van incidentele middelen, wat de steun van Volt krijgt, biedt geen structurele oplossing. In het Kunstenplan wordt niet duidelijk hoe het college staat tegenover het Berenschot-onderzoek. Lid Garmy verneemt graag welke conclusie het college verbindt aan deze rapportage en of hierop vervolgstappen worden ondernomen. Voor Volt is het nodig dat kunst en cultuur kan meegroeien met de groei van de stad en dit zou moeten kunnen, gezien het structurele positieve rekeningenresultaat dat de gemeente de laatste jaren heeft. Volt overweegt te komen met een voorstel om de sector structureel te ondersteunen.
Tenslotte pleit lid Garmy voor een overbruggingskrediet voor instellingen die niet meeprofiteren van de structurele middelen en dreigen te verdwijnen. Lid NAMANE geeft namens haar fractie aan blij te zijn met de afhandeling van motie 639, waarmee voor twee jaar een kwart miljoen per jaar extra komt om de bestaanszekerheid van artiesten en kunstenaars te verbeteren. Met de huidige landelijke bezuinigingen is dit echter een druppel op een gloeiende plaat. De PvdA maakt zich bij dit Kunstenplan zorgen over de verdeling van de middelen en de aantasting van de lokale culturele ecosystemen op stadsdeelniveau. Zij heeft twee moties ingediend en hoopt dat deze volgende week in de raad worden aangenomen. Lid SCHMIT stelt namens zijn fractie en met name namens lid Moeskops, dat er, ondanks de financiële injectie van 13 miljoen, toch te weinig middelen beschikbaar zijn om de kunst- en cultuursector mee te laten groeien met de groei van de stad. Enkele weken geleden opperde lid Moeskops om een publiek-privaat fonds op te richten. De reactie van de wethouder op dit idee is voor D66 niet bevredigend, aangezien de wethouder veronderstelt dat dit zou concurreren met andere bestaande fondsen en D66 is het hier niet mee eens.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Met een nieuw fonds worden andere Amsterdammers ook in de gelegenheid gesteld om te investeren in kunst en cultuur. Hij vraagt de wethouder of zij het hiermee eens kan zijn. Lid Schmit stelt vervolgens voor om een verkenner dit te laten onderzoeken. Lid VAN DER VEEN stelt dat Amsterdammers via de belastingen al meebetalen aan kunst en cultuur. Hij vraagt D66 hierop te reflecteren. Lid SCHMIT attendeert lid Van der Veen erop dat GroenLinks de betreffende motie mede heeft ondertekend. Het gaat hier om een aanvulling op de middelen die al naar kunst en cultuur toegaan en niet ter vervanging van. Lid EMMERIK beschrijft de effecten van het Kunstenplan van deze periode op de instellingen en hij geeft aan dat er veel onzekerheid en onbegrip heerst. Het verheugt de Partij voor de Dieren dat er alsnog extra middelen zijn vrijgemaakt en dat onder andere de Tolhuistuin hiermee is geholpen. Echter deze reparaties zijn niet voldoende en het budget is niet meegegroeid met de groei van de stad. Een aantal instellingen zullen het niet redden en ook plaatst lid Emmerik vraagtekens bij de verdeling onder de stadsdelen, aangezien het stadsdeel Weesp niet aan bod is gekomen. Hij pleit voor een onderzoek om te voorkomen dat een stadsdeel in het vervolg buiten de boot valt. Voor de Partij voor de Dieren is het onacceptabel dat duurzaamheid geen beoordelingscriterium is.
Lid Emmerik stelt dat dit bij een volgende beoordelingsronde aangepast dient te worden. In aansluiting op een eerdere spreker vraagt lid Emmerik de wethouder te reflecteren op de vraag over het overbruggingskrediet. Aan wethouder Groot Wassink vraagt hij of het toegekende bedrag voor de Tolhuistuin voor twee jaar geldt. Indien dit het geval is, op welke manier wordt het voortbestaan van deze instelling na die tijd gewaarborgd? Ook wil hij weten op welke criteria instellingen als de Tolhuistuin over vier jaar worden beoordeeld en hoe kan worden voorkomen dat het voortbestaan in gevaar komt. Lid VAN DER VEEN vraagt wat de Partij voor de Dieren bedoelt met haar eis van duurzaamheid. Lid EMMERIK geeft aan dat duurzaamheid wel wordt meegenomen bij de beschouwing, maar in de beoordeling worden hier geen punten aan toegekend of vanaf getrokken. Zijn fractie zou willen dat instellingen die duurzamer zijn dan andere hierop beoordeeld worden. Lid VAN DER VEEN heeft gelezen dat voor nieuwe voorzieningen duurzaamheid en toegankelijkheid harde eisen zijn en hij vraagt zich af wat er wordt bedoeld met ‘extra punten’. Lid EMMERIK erkent dat duurzaamheid gedeeltelijk wordt meegenomen, maar niet als een op zichzelf staand criterium; dat is wel de wens van de Partij voor de Dieren.
Lid KABAMBA concludeert dat met dit Kunstenplan vooral veel kleine ondernemingen onder druk staan vanwege hogere lasten en beperkte ondersteuning. Zij heeft een aantal vragen: Hoe gaat het college opvolging geven aan de aanbevelingen uit het Berenschot-rapport? Hoe gaat het college nieuw talent in Zuidoost, Nieuw-West en Noord blijvende kansen bieden? Hoe worden alternatieve financieringsstromen ingezet om de sector duurzaam te versterken?
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Zij sluit af met het standpunt dat inclusieve groei en bredere toegankelijkheid centraal moeten blijven staan. Lid HYLKEMA stelt dat het voor de VVD belangrijk is, dat bij dit traject de spelregels van tevoren bekend zijn en lid Hylkema betreurt het dat er ook nu weer achteraf veel specifieke reparaties zijn gedaan vanuit verschillende potjes en met verschillende onderbouwingen. Het is voor de VVD niet uit te leggen dat er ad hoc reparaties worden uitgevoerd, terwijl de belastingen stijgen. Het is daarom voor de VVD noodzakelijk om de subsidiesystematiek aan te scherpen om ervoor te zorgen dat er minder reparaties achteraf nodig zijn. Lid VAN DER VEEN vraagt of lid Hylkema liever had gehad dat de Tolhuistuin niet was gered. Lid HYLKEMA stelt vast dat er een heleboel instellingen zijn die niet gered worden, terwijl er specifieke instellingen wel gered worden. Met als voorbeeld het Amsterdamse Bostheater vraagt lid Hylkema zich af of de huidige systematiek wel passend is. Lid VAN DER VEEN refereert aan een eerdere reactie van de VVD in een debat over het Kunstenplan. Hij vraagt of de VVD zwaar tilt aan het feit dat het huidige systeem soms wat hiaten vertoont. Lid HYLKEMA concludeert dat er in de huidige systematiek, om de sector tevreden te stellen, zoveel geld bij moet, dat het niet meer is op te brengen.
Dit geeft voor de VVD de noodzaak om van tevoren keuzes te maken met de beperkte middelen die er zijn. Het is zinloos om dan telkens op het laatste moment er weer een som geld bij te leggen. Lid VAN DER VEEN concludeert dat de VVD kiest voor meer bureaucratie in plaats van middelen ter beschikking stellen aan kunst en cultuur. Lid HYLKEMA is van mening dat er juist meer administratie komt kijken bij het achteraf opstellen van reddingsplannen dan van tevoren de regels goed af te spreken. Hij stelt voor om van tevoren te kijken of er al sprake kan zijn van een gefixeerd reparatiebudget of het uitvoeren van een integrale toets. De VVD vindt het niet acceptabel om achteraf uit verschillende potjes miljoenen euro te halen. Lid BILGIN houdt een algemeen betoog inzake de investeringen die Amsterdam doet op verschillende terreinen. Het is dan voor Forum voor Democratie niet mogelijk om te bepalen waarop geminderd zou moeten worden. De toeristenbelasting is een kanshebber om verhoogd te worden. Een andere optie is om geld te halen uit private middelen. Lid Bilgin kan zich vinden in het ongelijk investeren in de verschillende stadsdelen. De zorgen over investeringen in Nieuw-West zijn zo langzamerhand onterecht, aangezien er bepaalde investeringen op komst zijn. Er zijn echter ook locaties waar er een tekort is aan voorzieningen, zoals Plein 4045.
Hij vraagt de wethouder of er plannen zijn om hier nieuwe voorzieningen te creëren. Lid VAN DER VEEN refereert aan het probleem van FvD bij het bepalen van de prioriteit en hij vraagt of Lid Bilgin ook van mening is dat wanneer je investeert in kunst je indirect ook investeert in veiligheid. Lid BILGIN ziet dit niet zo eenvoudig en hij blijft bij het standpunt dat er niet moet worden ingeleverd op veiligheid. De VOORZITTER schorst de vergadering om 10.40 uur.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
De VOORZITTER heropent de vergadering om 10.43 uur. Wethouder GROOT WASSINK beaamt dat de Tolhuistuin voor twee jaar middelen heeft toebedeeld gekregen, terwijl deze instelling in het verleden een hogere aanvraag heeft gedaan. Vanwege het belang in de wijk heeft de wethouder gemeend dat de Tolhuistuin ondersteuning verdient en hij heeft hier vanuit Democratisering budget voor vrijgemaakt. Er is gekozen voor twee jaar in verband met de resterende looptijd van deze bestuursperiode. Bovendien is de wethouder van mening dat de Tolhuistuin in staat moet zijn om andere geldbronnen aan te boren zonder daarbij primair afhankelijk te zijn van de overheid. Hij meent bovendien dat het niet verstandig is voor deze instelling om naderhand opnieuw in de Kunstenplansystematiek een aanvraag te doen. Wethouder MELIANI leidt haar beantwoording in met speciale aandacht in het Kunstenplan voor Noord, Nieuw-West en Zuidoost, waar een inhaalslag nodig is. Er zijn in deze stadsdelen meer aanvragen gehonoreerd dan ooit. Het ontbreekt echter nog wel aan voorzieningen, maar daar wordt in geïnvesteerd, zodat er een eerlijker verdeling plaatsvindt over de hele stad.
De aangekondigde motie van GroenLinks zal bij de bespreking van de Voorjaarsnota aan de orde komen, aangezien de wethouder vermoedt dat deze tot doel heeft om meer geld te genereren op basis van de onderzoek rapportages van Berenschot en Cebeon. Als antwoord op de vraag van lid Garmy geeft de wethouder aan dat zij niet eerder heeft kunnen reageren op het rapport Berenschot, omdat dit rapport betrekking heeft op de gehele begroting en dit vereiste integrale afwegingen. Bovendien heeft zij allereerst inzichtelijk moeten maken wat de kansen zijn om meer geld te kunnen genereren. Nu is het tijd om bij de Voorjaarsnota te bekijken of er überhaupt geld beschikbaar is. De wethouder is het eens met lid Garmy inzake het belang van kunst en cultuur voor de sociale cohesie, maar er is ook sprake van een economische waarde, waar lid Bilgin naar verwees. De wethouder zal blijven pleiten voor meer geld en zal dit doen in samenwerking met het gehele college. Vervolgens beschrijft zij op welke wijze de verschillende fondsen bijdragen aan het culturele landschap van Amsterdam. Als voorbeeld noemt zij het Cultuurfonds, dat aansluit bij publieke gelden. Bovendien gaat dit fonds haar activiteiten uitbreiden om nog meer geld te genereren. Daarom acht de wethouder het niet nodig om nog een organisatie op te richten.
Er zou wel degelijk sprake zijn van concurrentie getuige het beeld dat de private fondsen hebben van waar de middelen zich bevinden, zowel bij individuen als bij organisaties. In januari zullen alle private fondsen bij elkaar komen en alle lijsten bij elkaar leggen. Zij gaan dan overleggen hoe ze waar kunnen helpen. De wethouder stelt voor om dit van binnenuit te versterken in plaats van iets nieuws op te starten. Lid SCHMIT is van mening dat er een mogelijkheid bestaat voor het oprichten van een publiek-privaat fonds voor Amsterdam, dat niet gaat concurreren met bestaande fondsen. Dit geeft een ondernemer of een investeerder de gelegenheid om te investeren in zijn eigen stad, in zijn eigen cultuur. Hij verzoekt de wethouder te verkennen of een dergelijk fonds naast de bestaande kan komen. Wethouder MELIANI geeft aan dat dit niet haar voorkeur heeft. Zij legt uit dat er bij het Cultuurfonds ook mogelijkheden zijn voor individuen om geld te geven. Ook attendeert zij de commissie op ‘Digital-for-All’ en de VanderEnde-foundation. Lid SCHMIT geeft aan dat het Nieuw Amsterdams Fonds van de burgemeester, waar de wethouder ook aan refereerde, niet hetzelfde is als wat hij voor ogen heeft. Lid Schmit steunt het voorstel van de wethouder om in gesprek te gaan met de verkenner van het NAF om te vernemen dat er nog meer mogelijkheden zijn voor een nieuw publiek-privaat fonds.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Wethouder MELIANI zegt toe met de verkenner in gesprek te gaan. In antwoord op de opmerkingen van lid Hylkema geeft de wethouder aan dat de systematiek, zoals deze nu is toegepast min of meer traditie is geworden. Het is onvermijdelijk dat er instellingen buiten de boot vallen en dat er omissies plaatsvinden. De wethouder heeft kunnen vaststellen in de afgelopen jaren dat het juist de raad is die correcties toepast, waar ook de VVD mee heeft ingestemd. De wethouder benoemt een aantal situaties waarbij omissies hebben plaatsgevonden en welke rol het college en de raad hierbij hebben gespeeld. Het is niet gepast om als gemeente van tevoren instellingen aan te wijzen vanwege de onafhankelijke rol die de gemeente moet behouden. Het AFK heeft die rol wel. De wethouder zegt toe deze gang van zaken mee te nemen bij de evaluatie om hiervan te leren bij een volgende systematiek. Maar correcties zullen altijd plaatsvinden, zo leert het verleden. Lid HYLKEMA is van mening dat het mogelijk is om van tevoren een bepaald percentage van uitloop vast te stellen en dit alvast in te boeken. Zo kan worden voorkomen dat achteraf het budget wordt verhoogd. Ook verneemt hij graag hoe de raad zal worden betrokken bij de evaluatie. Wethouder MELIANI geeft aan dat de evaluatie wordt belegd bij een onderzoeksbureau.
De wethouder acht het van belang dat de raad hierbij wordt meegenomen en zij zal bekijken in welke vorm dit kan gebeuren. Het is aan de raad om vooraf extra geld te reserveren, zoals lid Hylkema voorstelt. Dit zou aan de orde kunnen komen bij de evaluatie. Lid HYLKEMA verduidelijkt dat het hem niet gaat om extra geld, maar om geld binnen het vastgestelde budget. Wethouder MELIANI constateert dat de VVD niet vraagt om extra geld, maar kiest voor reservering binnen het afgesproken budget. In reactie op de opmerking van de Partij voor de Dieren geeft de wethouder aan dat duurzaamheid een belangrijk aspect is. Zij nodigt lid Emmerik uit om mee te gaan naar verschillende culturele instellingen die op het gebied van duurzaamheid zeer voortvarend bezig zijn. Het gaat soms zelfs om instellingen die hierin voorlopen op andere. Duurzaamheid behoort niet tot de vier criteria, maar er worden wel degelijk stappen gezet hierin. De wethouder is voornemens om de kwestie van het overbruggingskrediet aan de orde te stellen bij de besprekingen van de Voorjaarsnota. Bij de evaluatie zal er aandacht zijn voor het stadsdeel Weesp. Op de vragen van lid Kabamba antwoordt de wethouder dat er met het Kunstenplan dertig procent nieuwe instroom werd gecreëerd, waarvan veel komt uit Noord, Zuidoost en Nieuw-West. Deze instellingen bieden nieuwe kansen voor lokaal talent.
Via het AFK zijn de budgetten voor de makers en talentontwikkeling verhoogd met de focus op de drie eerder genoemde stadsdelen. Met Cultuureducatie wordt er acht miljoen euro per jaar geïnvesteerd om ervoor te zorgen, dat al het talent in de stad de kans krijgt om zich te ontplooien. Met de inhaalslag wordt er extra geïnvesteerd in de culturele infrastructuur in Nieuw-West, Noord en Zuidoost. In Nieuw-West wordt er gekeken naar de culturele infrastructuur breder dan het Plein 40-45. Zij dankt lid Bilgin voor de tip en zal bekijken op welke wijze deze locatie kan worden meegenomen bij de ontwikkeling van voorzieningen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en dat het Kunstenplan gereed is voor behandeling in de raad, alwaar deze middellang wordt besproken. De VOORZITTER schorst de vergadering om 11.04 uur.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
De VOORZITTER heropent de vergadering om 11.10 uur Personeel en Organisatie De volgende agendapunten worden gevoegd behandeld: 10. Bespreken van de vernieuwde Bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit 20242028, de Uitvoeringsagenda Inclusie en Diversiteit 2024-2028 en de bijbehorende bijlagen (VN2024-016664) 11. Bespreken van de rapportage met meldingen van discriminatie tussen 1 januari en 1 augustus 2024 bij Bureau Integriteit en Discriminatie.nl Regio Amsterdam (VN2024-016199) 12. Bespreken van de raadsinformatiebrief over het onderzoek naar de gevolgen op bijstandsgerechtigden n.a.v. mogelijk racismeschandaal WPI (afdoening motie 780 van lid Veldhuyzen) (VN2024-015011) Bestuursdienst 13. Bespreken van de resultaten en vervolg verkenning anoniem bericht directie Werk, Participatie en Inkomen (WPI) (VN2024-015010) De VOORZITTER leidt de agendapunten in en deelt mee dat de punten bespreekpunten zijn en in principe niet staan op de agenda van de raadsvergadering. Lid VAN PIJPEN vraagt de wethouder de commissie te informeren over de effecten van de onderzoeken, de behandeling van de brandbrieven, de gesprekken in de organisatie en in de raad. Zij vraagt of er al veranderingen zichtbaar zijn en hoe erop is gereflecteerd binnen de organisatie.
In de maatregelen die worden genoemd in de onderliggende stukken om de misstanden op te lossen, kan lid Van Pijpen zich vinden, maar ook vertrouwen in verandering is hier een belangrijk onderdeel van. Zij refereert aan het hoofdstuk over het gemeentelijk management en geeft aan dat zij hierin niet de verantwoordelijk voor en de reflectie op het verleden in terugleest. Zij vraagt de wethouder hierop te reageren. Ook wil zij weten of de wethouder van mening is dat de dienstverlening naar de Amsterdamse burger inclusief genoeg is. Lid Van Pijpen beschrijft vervolgens welke effecten bepaalde ontwikkelingen in de samenleving hebben op de Nederlandse en Amsterdamse burgers. Dit werkt tevens door in de ambtelijke organisatie van de gemeente Amsterdam. Zij vraagt het college op welke manier er aandacht kan worden besteed aan die effecten van de buitenwereld en hoe kan worden aangetoond dat Amsterdam een inclusieve stad wil zijn met een inclusieve ambtelijke organisatie. Lid Van Pijpen benadrukt de verantwoordelijkheid van de gemeente om haar burgers te beschermen en zij vraagt de wethouder hierop te reflecteren. GroenLinks kan zich vinden in het pakket met maatregelen, maar vraagt zich af op welke wijze dit kan worden uitgevoerd, gemonitord en geëvalueerd. Lid Van Pijpen stelt voor om dwars door de organisatie heen klankbordmogelijkheden te bieden.
Zo kan worden bepaald of er de juiste handelwijze wordt toegepast en of het vertrouwen in de veranderingen groeit onder de medewerkers.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Tenslotte stelt lid Van Pijpen voor om binnen de VNG met andere gemeentes samen te werken bij de bestrijding van racisme, discriminatie en grensoverschrijdend gedrag en te laten zien waar Amsterdam mee bezig is. Lid VAN BERKEL geeft aan dat er geen bewijs is dat dit beleid het juiste effect zal hebben. Lid Van Berkel komt het voor dat GroenLinks een sociaal experiment wil uitrollen op de ambtelijke organisatie zonder dat de uitkomsten hiervan bekend zijn. Hij vraagt lid Van Pijpen of zijn veronderstelling juist is. Lid VAN PIJPEN geeft aan zich te distantiëren van de term ‘sociaal experiment’ en niet te willen reageren op de vraag van JA21. Lid VAN BERKEL stelt dat de uitkomsten van het diversiteits- en inclusiebeleid van dit college niet helder zijn. GroenLinks meent met haar voorstel om dit beleid toe te passen in de ambtelijke organisatie de problemen te kunnen aanpakken, maar het is allerminst zeker of dat gaat lukken. Dit sterkt lid Van Berkel in zijn standpunt dat hier sprake is van een ‘sociaal experiment’ oftewel een groep mensen die hier ongevraagd aan wordt blootgesteld. Lid VAN PIJPEN vindt dat inclusie geen sociaal experiment is, maar een morele verantwoordelijkheid die de raad en het college hebben. Lid Van Pijpen zal hieraan blijven werken.
Lid VAN BERKEL vraagt of de conclusie luidt dat GroenLinks ervan overtuigd is dat de uitkomsten van het diversiteits- en inclusiebeleid positief zullen zijn voor de organisatie. Lid VAN PIJPEN geeft aan dat zij altijd uitgaat van de positieve uitkomsten van de plannen van de raad, maar hier moet wel hard aan gewerkt worden. Het zou helpen als politieke partijen hier ook hun bijdrage aan zouden leveren. Lid KHAN somt een aantal voorbeelden zowel uit de media als uit de ambtelijke organisatie op van discriminatie, pesterijen en institutioneel racisme. Hij refereert aan de informatie die is opgedaan uit de brandbrieven en grote onderzoeken met als conclusie dat discriminatie aan de orde van de dag is. Lid Khan vindt het een goede zaak dat ambtenaren zich uitspreken. Dit brengt een verantwoordelijkheid voor de gemeente met zich mee, wat betekent dat er tot daden moet worden overgegaan. In de bestuursopdracht Diversiteit en Inclusie worden de maatregelen uiteengezet. De fractie van DENK heeft echter nog enkele aanvullende voorstellen hierop: Het personeelsbestand moet snel diverser worden en hiervoor verwijst lid Khan naar een eerder voorstel inzake quota om dit te bewerkstelligen. Hiervoor in de plaats kwamen streefcijfers, maar die hadden in de afgelopen zes jaar geen effect. DENK is van mening dat het nu tijd is om quota in te zetten.
Hij vraagt of de wethouder hiertoe bereid is. De gedragscode moet worden aangepast, zodat leidinggevenden hier meer op kunnen worden afgerekend. Lid Khan vraagt wanneer dit onderzocht gaat worden en hij heeft hierover de volgende vragen: Lid BILGIN vraagt bij interruptie een nadere toelichting op de toepassing van de quota. Lid KHAN geeft aan dat de werkwijze hetzelfde is als nu het geval is, maar de selectieprocedure verloopt anders. Lid BILGIN stelt dat in het huidige beleid al sprake is van de keuze voor de diverse kandidaat bij gelijke geschiktheid. Wat is het verschil met wat DENK hierbij voorstelt? Lid KHAN geeft aan dat er in zijn voorstel een verplichting wordt toegevoegd met betrekking tot de verantwoordelijkheid die de gemeente heeft. Streefcijfers zijn vrijblijvender
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
en hier kun je niet op worden afgerekend. In het geval van quota is er sprake van meer dwang en moet er naar andere manieren worden gezocht om het personeelsbestand diverser te maken. Lid BILGIN vraagt welke andere manieren dit zijn. Lid KHAN zal hier later op terugkomen. Hij vervolgt zijn betoog met de vragen inzake de gedragscode: DENK pleit voor het structureel aanbieden van verplichte antidiscriminatie trainingen voor leidingevenden met een periodieke toets, waarbij de kandidaat zijn leidinggevende functie kan verliezen bij onvoldoende resultaat. Hij vraagt de wethouder hierop te reageren. In plaats van een tweejaarlijkse monitoring stelt DENK voor om elke zes maanden bij elkaar te komen om de resultaten van de maatregelen te bespreken. Hij vraagt de wethouder hierop te reageren. Voorts vraagt lid Khan of bij het aankomende tweejaarlijkse MTO ook exambtenaren worden betrokken, die in die periode hun baan zijn verloren en waarvan wordt vermoed dat het gaat om die gronden. Tenslotte wil lid Khan weten hoe de maatregelen worden gefinancierd. Hij zou graag in de stukken terugzien wat elke maatregel kost. Lid VAN BERKEL vraagt welke groepen lid Khan voor ogen heeft die voorrang zou moeten genieten met de door hem voorgestelde quota. Lid KHAN geeft aan dat hij een evenwichtige representatie van de Amsterdamse demografie voor ogen heeft.
Lid VAN BERKEL vraagt of lid Khan bepaalde groepen kan noemen die volgens hem een quotum verdienen. Lid KHAN stelt dat het gaat om elke groep die onvoldoende is vertegenwoordigd. Het personeelsbestand moet een weerspiegeling zijn van de Amsterdamse demografie. Lid VAN BERKEL is niet tevreden met het algemene antwoord en hij vraagt lid Khan om één groep te noemen voor welke het nodig is voor de representatie binnen de organisatie dat er een quotum komt. Lid KHAN meent deze vraag voldoende te hebben beantwoord. Lid GARMY somt de voordelen van diversiteit op binnen een organisatie. Volt steunt de maatregelen die in de stukken worden genoemd. Er is begrip voor de tijd die een en ander behoeft om alles door te voeren en te kunnen beoordelen. Voor het hier en nu vraagt lid Garmy aan de wethouder hoe zij de sfeer en gemoederen binnen de organisatie beoordeelt nu er verschillende incidenten aan het licht zijn gekomen, onderzoeken afgerond zijn en naturalisatie van de bestuursopdracht voorligt. Maar ook bezien in het licht van de afgelopen gebeurtenissen in de stad.
Vinden er naar aanleiding hiervan gesprekken met medewerkers plaats? Kan de wethouder concluderen dat de medewerkers zien dat het serieus wordt genomen? En hoe omschrijft de wethouder de algemene sfeer op dit moment? Andere vragen die Volt heeft zijn: Hoe verloopt de samenwerking met het externe meldpunt en met het meldpunt dat door medewerkers zelf is opgesteld? Is de wethouder tevreden? Wat kan er geleerd worden van deze samenwerking? Wordt de samenwerking voortgezet in de toekomst? Hoe wordt er omgegaan met voormalige medewerkers? Wordt hun input ook opgehaald?
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Wat wordt er bedoeld met dat de gemeente steviger en explicieter optreedt bij discriminatie en uitsluiting? Wat is het verschil met het vroegere optreden?
Lid KROM spreekt haar hoop uit dat met deze maatregelen alle mensen die te maken hebben gehad met racisme, discriminatie of pesterijen langzaam maar zeker weer het vertrouwen zullen krijgen dat het beter gaat worden en dat hun ellende leidt tot een cultureel gezonde organisatie waar het fijn is om te werken. Een organisatie waar iedereen zichzelf mag en kan zijn en waar diversiteit wordt omarmd. Hiervoor is het noodzakelijk dat de onderliggende bestuursopdracht organisatiebreed gedragen wordt en dat de urgentie wordt erkend. Lid Krom realiseert zich dat dit veel tijd gaat kosten en zij maakt zich zorgen over hoe dit gaat landen en gaat verankeren binnen de gemeentelijk organisatie. Zij kijkt uit naar een spoedige toezending van de aangekondigde concrete planning alsmede een uiteenzetting van de kosten. In aansluiting op de wens van DENK geldt eveneens voor de Partij van de Dieren een voorkeur voor een meer frequentere update. In aansluiting op de opmerking van GroenLinks mist ook de Partij voor de Dieren de reflectie van het GMT op haar eerdere handelen. Zij vraagt de wethouder of zij rekening heeft gehouden met de weerstand die op sommige plekken in de organisatie verwacht kan worden nu er sprake is van een cultuurverandering, al wordt hier in de stukken nauwelijks over gerept.
In aansluiting op de inspreker van vanochtend concludeert lid Krom, dat er veel behoefte bestaat om persoonlijke verhalen te delen, maar het is ingewikkeld om dit zo in de openbaarheid van een commissie te doen. Lid Krom stelt voor een besloten avond te organiseren waarop mensen die de behoefte hebben van gedachte kunnen wisselen met de raadsleden. Lid NAMANE spreekt namens haar fractie waardering uit voor het college dat heeft geprobeerd om alles boven tafel te krijgen met de voorliggende bestuursopdracht. Zij somt op welke factoren een rol spelen bij de bestuursopdracht, te weten maatregelen en betrokkenheid van externe experts. Er is echter geen garantie dat hiermee de organisatiecultuur ontstaat, die zo belangrijk wordt geacht. De PvdA krijgt graag betreffende enkele maatregelen meer duidelijkheid In alle schalen dient een goede representatie van de Amsterdamse bevolking plaats te vinden. Dit is nu het geval tot en met schaal 9. De PvdA pleit ervoor om ook in de hogere schalen streefcijfers toe te passen. In het kader van betere doorgroeimogelijkheden stelt lid Namane voor om bijvoorbeeld leiderschapstrajecten aan te bieden zonder tussenkomst van de leidinggevende. Het is een van de manieren om te investeren in het talent dat zich bevindt binnen de organisatie.
Zij verzoekt het college om vaart te maken met het Plan van Aanpak voor doorstroom en de voortgang te delen met de raad. Het college vraagt aan medewerkers om op vrijwillige basis aan te geven wat het land van herkomst is. De PvdA vindt dit zorgwekkend vanwege een aantal redenen; heeft het zin om registratie toe te passen als de informatie op vrijwillige basis kan worden gegeven? Voelen medewerkers zich comfortabel genoeg om deze informatie met de gemeente te delen? Hoe kan men zeker weten dat de informatie in een andere context niet verkeerd wordt gebruikt? Lid Namane spreekt de hoop uit dat de maatregelen zullen leiden tot meer vertrouwen in de organisatie, ook bij de medewerkers die de afgelopen jaren met onacceptabele situaties te maken hebben gehad. Zij dankt de mensen die hun verhaal wilden delen, hetgeen heeft bijgedragen aan het versnellen van het zoeken naar oplossingen. Tot slot spreekt lid Namane haar afschuw uit over de ontwikkelingen in de samenleving, waarbij discriminatie en racisme aan de orde van de dag zijn. Zij roept eenieder op om te staan voor een inclusieve samenleving en een inclusieve organisatie via elk mogelijk medium dat er ter beschikking is.
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Lid BURGERS citeert uit de bestuursopdracht dat Amsterdam een organisatie wil zijn waar gelijkwaardigheid de norm is. De VVD legt de focus op de leidinggevenden en in de uitvoeringsagenda worden concrete stappen genoemd, zoals ‘on-the-job coaching’ en accreditatiepunten voor leidinggevenden. Voor de VVD is het tevens belangrijk om goed te kijken naar de kwaliteit van leidinggevenden en hoe deze kwaliteiten in de toekomst gewaarborgd kunnen worden. Een ander punt waar de VVD belang aan hecht is het meetbaar maken van de doelen van het inclusie- en diversiteitsbeleid. Lid Burgers vraagt de wethouder hoe deze meetbaarheid voor de raad te volgen is. Lid VAN PIJPEN vraagt lid Burgers te reflecteren op het effect van wat er in de samenleving gebeurt op het inclusie- en diversiteitsbeleid binnen de gemeentelijke organisatie. Lid BURGERS is van mening dat de buitenwereld altijd effect heeft op de gemeentelijke organisatie van Amsterdam, maar ook vice versa. Lid VAN PIJPEN vraagt welke verantwoordelijkheid de VVD daarin voelt. Lid BURGERS verklaart dat de VVD voor een maatschappij en een gemeente is, waar gelijkwaardigheid de norm is en tegen discriminatie. Lid VAN PIJPEN vraagt lid Burgers te reflecteren op een aantal uitspraken van VVD-kamerleden inzake uitsluiting van bepaalde groepen en aan te geven welk effect dit heeft op de organisatie van de gemeente Amsterdam.
Lid BURGERS vindt de vraagstelling van lid Van Pijpen te vaag. Bovendien gaat het hier om het inclusie- en diversiteitsbeleid van de gemeente Amsterdam en hier wil hij zich toe beperken. Lid SCHMIT stelt dat bij de aanpak van racisme en discriminatie de tijd van vrijblijvendheid voorbij is en hij vraagt of de wethouder dit ook vindt. In de visie van D66 kan de cultuur alleen maar veranderen door een andere manier van leidinggeven. Tot zijn tevredenheid kan lid Schmit vaststellen dat in deze bestuursopdracht leidinggeven als apart deel is opgenomen. Hij stelt hierover een paar vragen: Zijn de trainingen ‘van de top naar omlaag’ vrijblijvend of verplicht? Wanneer is iedereen voldoende getraind en zijn de trainingen niet meer nodig? Wat houdt het in als de wethouder aangeeft dat er steviger wordt opgetreden tegen ongewenst gedrag? Het lijkt D66 zinvol om in de huidige omstandigheden de tevredenheid van de medewerker één keer per jaar in plaats van één keer per twee jaar te meten. Ook stelt hij voor om te spreken van medewerkersbetrokkenheid in plaats van -tevredenheid. Wordt er binnen de gemeente gebruik gemaakt van 360 graden feedback? Hoe beschouwt de wethouder de diversiteit van de GMT van de gemeentelijke organisatie? Tot slot spreekt lid Schmit de hoop uit dat er bij een volgende bespreking van de bestuursopdracht meer positieve geluiden te horen zijn.
Lid VAN BERKEL belicht een andere kant van het inclusie- en diversiteitsbeleid, waarbij leidinggevenden worden aangepakt die zich niet conformeren aan een systeem van positieve discriminatie. Leidinggevenden moeten in de nabije toekomst een aantal accreditatiepunten behalen door deelname aan trainingen om hun werk te kunnen blijven
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
doen. Diversiteitstrainingen zijn echter niet bewezen effectief en kunnen zelfs een averechts effect hebben, zo betoogt lid Van Berkel. Lid KROM meent dat lid Van Berkel aangeeft dat hier sprake is van dwingen tot inclusie, terwijl in haar optiek het gaat over een plan ter bestrijding van racisme, pesterijen, uitsluiten en discriminatie op de werkvloer. Lid VAN BERKEL stelt dat met het toepassen van een puntensysteem en assessments er sprake is van een zekere mate van dwang. Lid KROM vraagt wat er tegen is op dwang om pesterijen, uitsluiting en discriminatie tegen te gaan. Lid VAN BERKEL stelt dat het niet bewezen is dat trainingen en een diversiteits- en inclusiebeleid effectief zijn en het lijkt hem niet toepasselijk om dit in een organisatie uit te rollen. Lid KROM bestrijdt dit standpunt en vraagt lid Van Berkel welk onderzoek aan zijn stellingname ten grondslag ligt. Lid VAN BERKEL verwijst naar een recent onderzoek van Rutgers University, waarin wordt gesteld dat alle aannames die er hierover bestaan niet bewezen zijn. Trainingen kunnen zelfs averechts werken en kunnen ervoor zorgen dat het ontstaat op plekken waar het eerst niet was. Lid NAMANE attendeert lid Van Berkel erop dat alle maatregelen die worden genomen voortdurend zullen worden getoetst op effectiviteit.
Lid VAN BERKEL geeft aan dat wat JA21 betreft het beleid dat nu voorligt niet bewezen positief effect zal gaan hebben op alle problemen die er spelen binnen de organisatie. JA21 zal dit beleid dan ook niet steunen. Lid NAMANE vraagt met welke oplossing JA21 zal komen. Lid VAN BERKEL oppert een onafhankelijke meldingsinstantie binnen de organisatie te plaatsen, die voor de medewerkers een plek is waar zij veilig hun verhaal kunnen doen. Veiligheid staat centraal voor JA21. Lid NAMANE verwijst naar het externe meldpunt dat in het afgelopen jaar is ingericht. Lid VAN BERKEL geeft aan dat het probleem is dat mensen bang zijn om zich te melden, er heerst een angstcultuur. Dit probleem kan worden aangepakt op het moment dat de mensen bereid zijn om uit de anonimiteit te stappen. Lid KROM vat samen dat JA21 als enige oplossing heeft om een extern meldpunt in te richten, maar dat is er al. Lid VAN BERKEL geeft aan hier later in zijn betoog op in te gaan. Lid KHAN verwijst naar een oplossing die JA21 een aantal maanden geleden heeft aangedragen in een debat over dit onderwerp. JA21 gaf toen aan dat leidinggevenden zich normaal moesten gaan gedragen.
19
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Conceptraadscommissieverslag 5 december 2024
FKD
Lid VAN BERKEL staat hier nog volledig achter. Er zijn volgens lid Van Berkel ook nog wel enkele andere mogelijkheden om tot oplossingen te komen, maar het voorliggende inclusie- en diversiteitsbeleid zal volgens hem averechts gaan uitwerken. Lid KHAN stelt dat JA21 selectief te werk gaat en in de ene situatie aangeeft dat het moet worden aangepakt, terwijl in een andere situatie de aanpak wordt afgewezen. Lid VAN BERKEL uit de wens om verder te gaan met zijn betoog om te kunnen onderbouwen waarom hij de voorliggende aanpak bestrijdt. Lid KHAN kan begrijpen waarom lid Van Berkel geen antwoord weet te geven op zijn vragen en hij noemt dit typerend voor het karakter van de partij JA21. Lid VAN BERKEL erkent dat zijn partij en DENK wel vaker tegenover elkaar staan bij bepaalde kwesties, zo ook hier.