20241009 Verslag Gemeenteraad middag
Tekst van het document
Want dat is natuurlijk punt één. We hebben voor het Damrak gekozen want die vraag stelde u ook. Dan niet, dan heb ik uw vraag beantwoord. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy voor een vervolgvraag. Het lid GARMY: Dank, voorzitter. En voordat ik begin wil ik ook dank uitspreken aan de burgemeester voor haar toespraak zojuist en de rol die ze zelf continue pakt om de stad bij elkaar te houden en moreel leiderschap toont. Dan over maandag, ik kreeg maandag buikpijn van wat er gebeurde in de stad en ik weet dat de burgemeester zei dat er weinig incidenten waren, maar ik ervaar dat niet zo en veel anderen ook niet. Toen ik wakker werd zag ik eerst flyers en posters waar een terreurorganisatie werd gesteund die overal door de stad hingen waar de aanslagen van 7
CONCEPT
20
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
oktober werden verheerlijkt, vervolgens een demonstratie waar nare leuzen over Israëliërs werden geroepen en waar iemand aangevallen werd omdat hij met een Israël-vlag liep. En na de demonstratie hoorde ik dat mensen hun keppel of Israël-vlag weg moesten doen voor hun eigen veiligheid. Dus ik vind het moeilijk om te horen dat alles goed is gelopen. En we moeten ook niet doen alsof dit normaal is. Het heeft geen zin om meteen haat te zaaien en te schreeuwen zoals Wilders deed, maar we moeten dit niet negeren of bagatelliseren. Het is aan ons als politici om te normeren en echt wel wat aan de hand in de stad en ik verwacht van de raad dat we ons daar consequent over uitspreken en ik vind het ook pijnlijk om te zien dat het niet altijd gebeurt door iedereen. En wat maandag gebeurde, kan niet. Emoties over oorlogen kunnen geen reden zijn om je zo te misdragen. Niet in een stad waar we continu opkomen voor mensenrechten en waar we staan voor mensen om te zijn wie ze willen zijn. En er is echt een groot verschil tussen oproepen tot haat en doden herdenken of opkomen tegen onrecht. En aan de burgemeester heb ik de volgende vraag. We zien dat het debat in de samenleving verhardt, de polarisatie neemt toe en vooral empathie ontbreekt. Hoe moeten we hiermee omgaan en wat kunnen we hiertegen doen? De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema.
Burgemeester HALSEMA: Ik wil als eerste het lid Garmy heel erg bedanken voor zijn inbreng en eigenlijk ook zeggen dat ik het helemaal met hem eens ben. Als ik spreek over een aantal incidenten dan zijn dat confrontaties geweest tussen demonstranten tijdens demonstraties, die zijn in aantal redelijk beperkt geweest. Wat niet wegneemt dat er ook nog eens driehonderd demonstranten aangehouden zijn door de politie omdat ze politiebevelen niet opvolgden. Maar u heeft groot gelijk. Als eerste, en dat heb ik gisteravond ook televisie gezegd, toen ik een aantal weken geleden voor het eerst hoorde van de tegendemonstratie was mijn eerste gedachte ook, alsjeblieft zeg, mag het op 8 oktober. Het is onsmakelijk, ik vond het ook onsmakelijk. Dus daar hebben wij ook geen verschil van mening over. Alleen smaak, het akelig vinden kan niet een reden zijn om mensen hun rechten te ontnemen. En die bevoegdheid heb ik ook niet. De flyers die verspreid werden in de stad was natuurlijk afschuwelijk. Het OM onderzoekt op dit moment ook nog terecht of het strafbaar is. Het verheerlijken van terreurdaden, wat het gewoon was op die flyers, is in Nederland nog niet strafbaar maar er kan ook gekeken worden naar opruiing, aanzetten tot haat. Dus dat wordt onderzocht en daar hopen we dan maar het beste van.
Want ik vond ook wat die flyers tot uitdrukking brachten een affront en ongelooflijk kwetsend, echt verschrikkelijk. Dus er waren meer momenten. Maar tegelijkertijd, en ik denk dat u dat ook zo, was er denk ik ook een grote mate van sereniteit en waardigheid, bijvoorbeeld bij de herdenkingen die er zijn geweest. Dat is de weg die wij met zijn allen moeten gaan. Net als u probeer ik mij ook dagelijks in te zetten voor het verder op gang brengen van dialoog, voor het praten op scholen om te zorgen dat met name jongeren ook weten wat er aan de hand is. Ik ben op dit moment aan het voorbereiden, en ik geloof dat er ook al eens met u over is gepraat, om na te denken hoe je jongeren beter kan ontwikkelen in een engagement. Want engagement op zichzelf is natuurlijk heel waardevol. Dat is erg de moeite waard en daar zal ik natuurlijk ook met de wethouder van Onderwijs over praten. Maar op het moment dat het de vorm van haat aanneemt, niet meer, of van het veroordelen van mensen op wie ze zijn. Dus we zullen zoveel mogelijk initiatieven proberen te ontplooien op medemenselijkheid, dialoog,
CONCEPT
21
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
zachtaardigheid. Maar tegelijkertijd zullen u en ik ook moeten vaststellen dat zolang de internationale omstandigheden zo gewelddadig zijn, er zoveel slachtoffers vallen, er ook in deze stad veel woede zal zijn. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Ahmadi voor een vervolgvraag. Het lid AHMADI: Ik heb een ander punt wat ik nog niet voorbij heb horen komen. Ik weet dat er bij de demonstraties altijd geluisterd wordt of er strafbare uitingen worden gedaan. Nu heb ik signalen ontvangen van een groep vrouwen, allemaal met een hoofddoek, met een meisje van acht erbij, die op hun pad pro-Israëlische demonstranten tegenkwamen. Deze vrouwen zijn belachelijk gemaakt, gediscrimineerd vanwege het dragen van een hoofddoek, de slachtoffers op de Palestijnse kant zijn belachelijk gemaakt. En ik mis eigenlijk de benoeming van deze incidenten. Ik ben dus heel erg benieuwd, zijn deze incidenten doorgekomen? Worden deze ook serieus genomen en valt dit ook onder strafbare uitingen waarnaar geluisterd wordt? Want ik wil dat ook naar die kant een signaal geuit wordt dat ze hiermee niet hoeven te zitten en aangifte kunnen doen. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Dank u wel, voorzitter. En in de richting van het lid Ahmadi zou ik willen zeggen dat bij het nagaan van strafbare uitingen geen onderscheid wordt gemaakt naar ras, etniciteit of geloof.
Een strafbare uiting is een strafbare uiting, zo eenvoudig is het. Maar de betrokken vrouwen zullen aangifte moeten doen, of het in ieder geval moeten melden. Pas op dat moment kan er gekeken worden of er ook camerabeelden van zijn. Want we kunnen niet zomaar alle camerabeelden in de stad na gaan lopen en kijken of we ergens iets vinden. Dus er moet wel een concrete aanwijzing zijn, een melding of een aangifte, en dan kan er gehandeld worden. Als er inderdaad sprake is van een strafbare uiting. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Heinhuis voor een vervolgvraag. Het lid HEINHUIS: Voorzitter, dank u wel. Laat ik beginnen ook met mijn dank uitspreken naar onze burgemeester. Onze burgemeester staat voor de rechtsstaat en voor de democratie en die echt onterecht vanuit Den Haag door een partij die waar ik echt, ik vind het bijna zonde dat we het er nog over moeten hebben. Want deze partij is absoluut onwaardig, zeker in onze stad waar we juist zo voorop laten staan dat we vreedzaam samenleven. En juist ook het afgelopen jaar waarin onze stad onder spanning is gekomen heb ik gezien dat onze burgemeester en ook ons college zich keer op keer heeft ingezet voor die verbinding, voor begrip tonen, voor het leed en het verdriet en de emoties aan beide kanten van dit conflict. En volgens mij is dat de enige weg vooruit.
Om te erkennen dat er pijn is, om te erkennen dat er afschuwelijke dingen gebeuren, zowel die Joodse mensen raken als die mensen die de Palestijnse mensen steunen en de Palestijnen ook in de stad raken. We moeten erkennen dat Jodenhaat groeit, maar dat ook moslimhaat groeit. En dat beide onacceptabel zijn, juist in onze stad, juist onze stad die gebouwd is op die verbinding en die geschiedenis, die gedeelde geschiedenis. En ik wil dat nogmaals benadrukken en ik denk dat het belangrijk is dat we ook die stemmen luid laten horen en niet de stemmen, ook
CONCEPT
22
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
soms in deze gemeenteraad, die de verdeeldheid proberen te zaaien. Volgens mij moeten we daar heel ver weg van blijven. Ik wil de burgemeester vooral bedanken en ik denk ook dat het belangrijk is, en misschien kan zij daar nog iets over zeggen, dat we ook het komend jaar weer vooruit blijven kijken en blijven zoeken naar die verbinding en verschillende manieren om ervoor te zorgen dat wij Amsterdammers juist naast elkaar blijven staan in plaats van tegenover elkaar. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Ik wil het lid Heinhuis danken voor behartenswaardige woorden. We hoeven er niet omheen te draaien, de gruweldaad van 7 oktober en de oorlogen die daarop zijn gevolgd en alle doden die daarbij zijn gevallen, met name aan de Palestijnse zijde, die hebben onze stad teruggeworpen in een sfeer van polarisatie die eigenlijk minder aan het worden was. En dat is buitengewoon ernstig. Daar speelt nog eens doorheen het politieke klimaat in Nederland, waardoor met name het islamitisch deel van onze bevolking het gevoel heeft er niet meer bij te mogen horen. Joden in onze stad hebben het gevoel dat ze onveilig zijn. Er was nog iemand, laat ik dat meteen beantwoorden, iemand die zei dat het advies was geweest om keppeltjes af te doen en vlaggen op te bergen, niet van ons. Dat is dan vanuit de organisatie geweest, maar niet vanuit ons.
Het was het lid Garmy. Dat is een advies dat we niet zullen geven. Maar er is heel veel werk aan de winkel, dat zit op de scholen, dat zit in het onderwijs, dat zit in de buurthuizen, dat zit op alle plekken waar mensen samenkomen. En wat mij toch echt hoop geeft, dat is dat wij een heel actief maatschappelijk middenveld hebben. Kerken, moskeeën, buurthuizen waar mensen echt proberen om het gesprek met de ander die ze soms niet begrijpen of waar ze soms woedend op zijn, te voeren. En ik noemde niet voor niets ook het initiatief van het lid Garmy en het lid Khan als buitengewoon bemoedigend. En niet voor niets heeft de raad natuurlijk ook hun initiatiefvoorstel aangenomen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Hofland voor een vervolgvraag. Het lid HOFLAND: Dank u wel, voorzitter. Als je op weg bent naar een herdenking om mensen die je verloren bent te gaan herdenken en je wordt geconfronteerd met teksten of aankondigingen die je onveilig doen voelen, dan word je een tweede keer slachtoffer. En als je verdriet hebt en frustratie over mensen die je verloren bent of die je misschien dreigt te verliezen en je wordt versleten voor antisemiet, dan word je ook voor een tweede keer slachtoffer. D66 gaat niet bij iedere demonstratie, alle aankondigingen, bij iedere gegooide stoeptegel twitteren wat we wel goed vinden en niet goed vinden.
Wij vinden geweld slecht, ons uitgangspunt zal altijd zijn radicale vrede en de-escalatie. Ik ga ook niet al uw social media-accounts afstruinen of iedereen zich wel op het juiste moment op de juiste manier tegen de juiste misdaad heeft uitgesproken. Ik ga ervan uit dat u dat allemaal doet. De debatten hier in de gemeenteraad geven daar best aanleiding toe. Mijn vraag aan de burgemeester is, hoe gaan we voorkomen dat zij om de drie weken hier in de gemeenteraad en in de media een college rechtsstatelijkheid aan het geven is. De VOORZITTER geeft het woord burgemeester Halsema.
CONCEPT
23
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
Burgemeester HALSEMA: Ik heb de afgelopen dagen weleens verzucht dat we in Nederland niet alleen 16 miljoen bondscoaches kennen maar inmiddels ook 16 miljoen burgemeesters van Amsterdam die zich tot op een hoog detailniveau ook met politieoperaties bemoeien. En het staat u allen vrij hoor, ik bedoel ik beschouw het niet als een vorm van censuur, want ik ben dol op debat. Maar wel zonder altijd te erkennen dat bijvoorbeeld het aanwijzen van locaties, het onderzoek dat door specialisten daarvoor wordt gedaan, een zekere mate van kennis van de stad en van de uitvoering van operaties vergt die niet, zonder iemand te willen beledigen, in dezelfde mate bij alle burgers aanwezig is. Laat ik één ding zeggen, ik vind het ook vreselijk als mensen op weg zijn naar een demonstratie en dan inderdaad geïntimideerd worden, op welke manier dan ook. We hebben daar uitgebreid over nagedacht. En toch hebben we voor het Damrak gekozen. De organisatie van de demonstratie was daar zeer goed van op de hoogte. Wij wisten dat het grootste deel van de bezoekers van de demonstratie aan de Dam op de Dam met bussen zou komen. Die bussen zouden oorspronkelijk parkeren achter het Centraal Station maar die hebben, ook na overleg met ons en doordat wij dat begeleid hebben, kunnen parkeren achter het paleis, waarmee ze een directe toegang tot de Dam hadden en wij ook hun veilige aankomst konden garanderen.
Wij verwachtten veel bezoekers vanuit de stad zelf daarnaast vanaf het Rokin. Het Rokin is kleiner, er zijn metrohaltes waar ook bezoekers voor de Dam uit hadden kunnen komen. En het gevaar voor confrontatie was daar groter geweest nog dan op de Dam en bovendien was het gevaar van overstemmen ook groter geweest. Dus alles afwegende hebben wij dat de enige mogelijke locatie gevonden, waarbij de organisatie van de demonstratie op de Dam daarvan op de hoogte was. En bij mijn weten ook alle demonstranten die zij kenden daar via app, groeps-appen en via mails van op de hoogte hebben gebracht, dat een tegendemonstratie plaatsvond op het Damrak. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Nadif voor een vervolgvraag. Het lid NADIF: Ja voorzitter, en ook dank aan de burgemeester voor de heldere uitleg en ook de heldere beantwoording van de vragen. Ik moet er ook bij zeggen, we gaan richting de drieduizend demonstraties dit jaar in Amsterdam, in een stad waar we ook meer dan twintig miljoen bezoekers hebben, bijna een miljoen inwoners en dat ook nog eens doen op de meest drukke plek in de stad. En dan gaat het dus voor het overgrote deel hartstikke goed. En wat ik zie is dat wanneer er incidenten zijn, en dat dat ook heel erg ernstig is en dat het ook belangrijk is dat ertegen wordt opgetreden, maar dat wel misbruikt wordt om het demonstratierecht verder in te perken.
En ik maak me daar ernstig zorgen over en ik zie het weer deze week ook in de Tweede Kamer, ook in de media, ook op social media, dat dit soort incidenten misbruikt worden om een democratisch recht in te perken. Ik ben heel erg benieuwd hoe de burgemeester daarnaar kijkt. Ik weet in ieder geval voor mezelf dat ik er absoluut niet over te spreken ben. Ook de manier waarop verschillende bestuurslagen, de manier waarop wordt uitgesproken dat dat respectloos is en dat dat eigenlijk absoluut niet kan en heel erg ondemocratisch is. Ik maakte me al zorgen en deze week is eigenlijk wel het toppunt bereikt. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema.
CONCEPT
24
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
Burgemeester HALSEMA: Dank u wel, voorzitter. En dank aan het lid Nadif voor haar opmerkingen en haar vragen. En ik denk dat u en de raad er heel goed van op de hoogte zijn dat ik principiële bezwaren heb tegen inperking van het demonstratierecht. Ik zou eigenlijk op dit moment alleen een praktisch argument eens willen noemen. De verwachting bijvoorbeeld ook bij de huidige minister van Justitie is dat inperking van de demonstratierecht de inzet van politie ten goede zou komen, dat we daarmee minder politie nodig zouden hebben. Ik verwacht het omgekeerde. Wat er gebeurt is niet dat er minder mensen boos zouden zijn, of dat minder mensen de straat op zullen gaan. Evenveel mensen zullen de straat op gaan, net als bij een algemeen verbod om je gezicht te verbergen, waarbij ik overigens een tegenstander ben van het dragen van gezichtsbescherming maar ook begrijp dat je dat niet in zijn algemeenheid moet verbieden. Op het moment dat je met dit soort inperkingen komt van het demonstratierecht, mensen worden eerder boos, mensen gaan de straat op, de politie zal eerder moeten handhaven, moeten ingrijpen, demonstraties moeten ontbinden. En dat leidt tot verheviging van de politie-inzet en een grotere aanslag op de al zo schaarse capaciteit. Voorzitter: burgemeester Halsema De VOORZITTER schorst de vergadering. De VOORZITTER heropent de vergadering. 2. Interpellaties en actualiteiten a.
Interpellatie van de leden Kreuger, Wijnants, Havelaar, Bobeldijk, Garmy, IJmker, Moeskops en Noordzij inzake Raad van State zet streep door Amsterdamse beleid passagiersvaart De VOORZITTER Ik ga eventjes een paar huisregels van de interpellatie met u delen, dus let allemaal goed op. De eerste termijn is bedoeld voor de indieners voor het stellen van vragen en een eventuele toelichting op hun vragen. Het college krijgt dan de gelegenheid voor het beantwoorden van de vragen. In de eerste termijn zijn geen interrupties toegestaan en krijgen de indieners en het college ieder tien minuten extra spreektijd. Ik meld er maar even bij, dat is een maximum, dat is geen minimum, dus u hoeft het niet op te maken. In de tweede termijn krijgen de indieners de gelegenheid om aanvullende vragen te stellen en daarna kunnen ook andere leden van de raad het woord voeren. Tot slot vindt de beantwoording door het college plaats. De indieners en het college krijgen ieder vijf minuten extra spreektijd daarvoor. De extra spreektijd is alleen bedoeld voor respectievelijk eerste en tweede termijn en kan niet worden gebruikt bij andere vergaderpunten. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: Motie van het lid Garmy inzake Amsterdam vaart beter met de branche, nr. 383.24 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:
CONCEPT
25
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
-
R
om eerst uitgebreid in gesprek te gaan met de passagiersvaart-branche voordat nieuwe stappen worden gezet binnen het programma varen; daarbij ook actief contact te zoeken met voormalig vergunninghouders; de inhoud van deze gesprekken mee te nemen in beleid.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kreuger. Het lid KREUGER: Dank u wel, voorzitter. Woensdag 25 september was het eindelijk zover, de Raad van State die een dikke streep zette door het Amsterdamse rondvaartbeleid. En het was overigens ook een dag waarvan eigenlijk iedereen wel wist dat die ooit zou komen, op één iemand na. En dat was de gemeente Amsterdam. Op één iemand na, de gemeente Amsterdam. En dat heeft de afgelopen jaren hele grote gevolgen gehad voor heel veel Amsterdamse ondernemers, jarenlang onzekerheid, zonder goede reden het afpakken van vergunningen, financiële stress, schade en natuurlijk de fysieke gezondheid die bij sommigen ook eronder heeft geleden. En wat ik nu ga zeggen dat klinkt misschien heel hard, maar dit college heeft echt een aantal mensenlevens verwoest. En ik weet dat dat niet leuk is om hier te zeggen en ik zie ook al vanuit de hoek dat de voorzitter even naar mij kijkt. Maar dat is wel wat het is. Waar ik me wel tegelijkertijd van bewust ben is dat we hier vandaag dit debat voeren met het lid Scholtes en ik weet dat hij dit beleid niet zelf heeft bedacht. Maar toch is hij vandaag degene die wel de goede antwoorden zal moeten geven. En daar vertrouw ik op dat hij dat gaat doen. Even terug naar het begin, het beleid.
Het begint natuurlijk al ver voor 2019, maar waar we het nu over hebben is eigenlijk de nota Varen deel 1 waarin het college heeft bepaald dat de drukte en overlast op het water aan banden moet worden gelegd. Dat was eerst druk en overlast, later werd dat ook nog leefbaarheid en een vlotte doorvaart, wat vagere begrippen. En om dat mogelijk te maken moest er een vergunningenplafond komen voor de passagiersvaart, 550 vergunningen, een rekensom die er ongeveer uit voortkwam dat er vergunde reders waren, er werd ingeschat dat er ongeveer 70 illegale reders waren en dan zeiden we, dat tellen we bij elkaar op en dan zitten we aan het maximaal aantal vergunningen. Het absolute fundament onder dat beleid is en blijft de drukte en overlast. Daar heb ik in 2020 al schriftelijke vragen over gesteld, toen nog met mijn collega van de ChristenUnie. En in die vragen beantwoordt het college eigenlijk al een vraag die heel veel ellende had kunnen voorkomen. Wij stellen dan in vraag twee, kan het college de cijfers uitsplitsen voor zowel passagiersvaart als pleziervaart, als het gaat om eventuele overlastmeldingen. En dan is het antwoord op die vraag, het is vaak niet mogelijk overlastmeldingen te splitsen. De informatie in de overlastmeldingen geeft hierover onvoldoende informatie.
En wat ik dan echt oprecht niet begrijp is, als je zo lang met zoveel professionals, dure advocaten, juristen, beleidsmedewerkers, aan zo'n stuk werkt, hoe je het dan voor elkaar krijgt om juist dit fundament, dat ene steentje waarop het hele beleid staat, dat je dat gewoon niet onderbouwd krijgt, met alle gevolgen van dien. En wat we dan verder zien is dat de gemeente op de dag van de uitspraak met een reactie komt, ik lees even een stukje voor wat op AT5 stond als reactie vanuit het college. De gemeente werkt al jaren hard aan het terugdringen van drukte op het water. Dan komt er allemaal blabla vanaf 2019, de gemeente is teleurgesteld dat het Raad van State niet
CONCEPT
26
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
heeft weten te overtuigen van de noodzaak om verdere groei van de passagiersvaart in Amsterdam te beperken om drukte en overlast tegen te gaan. Dan komt er weer een heel stuk en dan eindigen ze met, de gemeente gaat nu alle gevolgen van deze uitspraak goed in kaart brengen en bepalen welke vervolgstappen nodig zijn. En voorzitter, ik vind dat ijs- en ijskoud. Ik vind dat echt ijskoud. We hebben het hier, net bij de mondelinge vragen is het veelvuldig langsgekomen, we zijn een warme stad en de menselijke maat en noem het allemaal maar op. En hier zijn jarenlang mensen de vernieling in geholpen door ze vergunningen af te pakken, mensen die gewoon echt hun hele bedrijf hebben moeten wegdoen omdat de gemeente onrechtmatig vergunningen afpakt. En dan krijgen we zo'n verschrikkelijk zakelijk antwoord vanuit het college. Ik vind het echt stuitend, dus daar een reflectie op van de wethouder of daar misschien niet wat warmere woorden voor kunnen komen.
Dan de vraag hoe heeft dit allemaal kunnen gebeuren? Hoe heeft het zou kunnen zijn dat je met inderdaad een groep van heel veel professionals jarenlang aan zo'n beleid werkt, dat je eigenlijk al in 2020 op basis van de schriftelijke vragen weet dat je de fundamentele vraag, is er drukte en overlast vanuit de branche, dat je die niet kan beantwoorden, dat je het doorzet en dat we nu met de gebakken peren zitten? En de volgende vraag, en ik hoop dat de wethouder daar wel over gaat uitweiden, maar ik verwacht dat hij zegt we moeten eerst even uitzoeken hoe het allemaal zit. Hoe gaan we nu verder? Dat is denk ik voor de branche een hele belangrijke vraag. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants. Het lid WIJNANTS: Dank u wel, voorzitter. Tien minuten, mijn hemel. Dank aan het lid Kreuger ten eerste voor het aanmelden van deze interpellatie. En ook fijn dat hij de gelegenheid heeft gegeven aan eigenlijk alle partijen om mee te doen. Dat heb ik zelf bij een eerdere interpellatie-aanvraag vergeten. Dus die lacune heeft hij in ieder geval opgevuld en daardoor kan iedereen nu netjes het woord voeren zoals het hoort. En er is natuurlijk ook wel wat gebeurd en ik denk dat hij het in zijn betoog op zich de belangrijkste zaken goed heeft aangestipt.
Want eigenlijk gaat om twee zaken, hoe zijn we nou hier gekomen en hoe gaan we vooruit? Om met dat eerste te beginnen, hoe zijn we nou hier gekomen, denk ik dat het lid Kreuger het in grote lijnen goed heeft gezegd en dat er inderdaad toch uiteindelijk sprake lijkt te zijn van een zekere tunnelvisie bij het programma Varen en bij het beleid van toenmalige colleges, uiteindelijk nu culminerend dus in dit college, waarbij nu een steviger feit staat, namelijk dat dat hele beleid gewoon niet kan worden doorgezet. En daar is inderdaad, daar zijn mensenlevens bij verwoest, die echo hoorden we al van het lid Kreuger. Ook ik heb met veel reders gesproken, mensen die hun vergunning zijn verloren, mensen die hun boot zijn verloren, en dit zijn ondernemers, dit zijn niet mensen die werken bij een multinational of iets dergelijks. Dit zijn mensen wiens hele leven zit in hun werk, in hun boot, in hun schip, één ding met hun naam, één ding waarmee je kan varen, wat ademt. En als je dat dan door technocratisch beleid vanuit de gemeente verliest, dan is dat ongelooflijk pijnlijk. En dan is het extra onrechtvaardig als dan later blijkt dat dat helemaal niet nodig was geweest. En dat mag de wethouder zich inderdaad ook zeker aantrekken. Ik weet ook wel dat hij dat doet.
En ik weet ook namelijk dat hij als wethouder, ook inderdaad wat het lid Kreuger ook al terecht zei, ook misschien wel anders zit in dit verhaal. En ik zou hem eigenlijk ook wel willen uitnodigen en uitdagen om vandaag ook enigszins schoon schip te
CONCEPT
27
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
maken met een nieuwe blik vooruit. Dus laten we het ook hebben over dat vooruitkijken. Want hij kan natuurlijk zoeken naar waar ze in Den Haag ook met zijn allen naar op zoek zijn, naar een dragende motivering voor het rondvaartbeleid. Ik zou hem toch eigenlijk wel willen uitdagen om dat niet te doen en om te kiezen voor een nieuw gesprek, een nieuw gesprek met de reders voor een nieuw beleid, een nieuwe visie op hoe we omgaan met drukte en overlast op het water. Want daar is veel meer mogelijk. En er zijn ook andere dingen mogelijk dan vergunningen en lotingen en gewogen toetredingen en puntentoebedeling en noem maar op. En ik denk dat de eerste stap daarvoor het essentieel is dat hij ook een stap naar voren doet naar de reders toe en dat hij die uitgestoken hand doet van beste mensen, het is niet goed gegaan, ik ga met u praten en ik ga samen met u zorgen voor een oplossing, een oplossing die recht doet aan het leed uit het verleden en aan de wensen van de toekomst. En ook het belang van de stad natuurlijk. En ik denk eigenlijk dat hij best bereid om dat te doen. Maar het zou heel goed zijn als hij in dit debat wel bereid is om te erkennen dat die weg van het volumebeleid afgesloten moet zijn en dat hij hier ook ruiterlijk moet erkennen dat hij niet nogmaals op zoek zal gaan naar een dragende motivering en het volumebeleid opnieuw gaat indienen, maar dan beter onderbouwd.
Want dat is niet mogelijk. En dat is ook niet de weg vooruit. En als je dat wel gaat doen, dan hou je een situatie een stand waarbij ondernemers lang in onzekerheid blijven leven, waarbij ondernemers nogmaals de pijn uit het verleden die er is ontstaan door handen van de gemeente blijft voortduren. En dat is niet de weg die wij als VVD kiezen, dat is ook niet de weg die veel andere partijen in deze raad zouden moeten kiezen. Ik vind dat eigenlijk het belangrijkste als het gaat om terugkijken. Dan vooruit. Er is heel veel mogelijk op het water wat ik net ook al zei. We hebben eigenlijk als VVD heel lang het beleid gehad dat er met verkeersmaatregelen veel mogelijk zou moeten zijn om de drukte op het water te beheersen. Waarschijnlijk, en dat zou ook nog een aanvullende vraag zijn aan de wethouder, hij heeft een hele rits vragen gekregen bij deze interpellatie die hij zo meteen uitvoerig zal beantwoorden. Maar misschien nog één aanvullende vraag, is het niet zo dat door de invoering van elektrisch varen het aantal bootjes sowieso wel zal afnemen? Omdat het nou eenmaal steeds duurder wordt voor mensen om zo'n bootje te hebben. Dus dat daardoor ook zoiets als drukte op het water eigenlijk nog steeds meer zal gaan afnemen. Ik ben er wel benieuwd naar.
Want de reden voor het volumebeleid was toch heel erg, er is nou eenmaal zo'n groot probleem en het is zo druk en we kunnen niet anders dan die gewogen toetreding te gaan doen. En de Raad van State heeft, laten ze dat niet vergeten, eigenlijk in de uitspraak gezegd dat dat gewoon niet waar is. Dus dat is wel echt een belangrijk punt qua vooruitkijken. Dus terugkijkend is het goed als de wethouder ruiterlijk erkent dat het niet goed is gegaan in het verleden, dat dit niet de weg is om vooruit te gaan en hij de uitgestoken hand moet doen naar de sector. En qua vooruitkijken zullen we toch met z’n allen een nieuw beleid moeten gaan voeren wat meer gericht is op een gesprek met de ondernemers waarbij natuurlijk het belang van de hele stad als totaal wel voorop staat. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar. Het lid HAVELAAR: Voorzitter, het is duidelijk dat de uitspraak van de Raad van State grote gevolgen heeft voor de gemeente. Het beleid heeft al veel grote gevolgen gehad voor de reders, het lid Kreuger refereerde er al aan, en zij ervaren deze uitspraak natuurlijk
CONCEPT
28
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
als positief. Ik wil in dit debat achterhalen of het inderdaad een positieve ervaring voor hen is dat zij na jaren strijden en vele financiële, mentale en fysieke problemen nu eindelijk licht aan het einde van de tunnel zien. En ik ga vier vragen stellen aan de wethouder. Mijn eerste vraag is, welke toezegging, welke belofte wil de wethouder doen aan de reders? Want het positieve nieuws, en dat mag ook gezegd worden, dat deze wethouder nu dossierhouder is. Eindelijk een wethouder die ons serieus neemt, werd enkele maanden terug aan mij gezegd toen ik soep en een broodje at met verschillende reders. Het maakt dus uit dat het wethouder Alexander Scholtes is die er zit. Hij lijkt het vertrouwen van de reders te hebben en daar verdient hij een compliment voor. Maar dat geeft ook een verantwoordelijkheid en daarom vraag ik de wethouder persoonlijk, welke belofte doet hij aan gedupeerde reders? Dan voorzitter, laten we beginnen bij de basis, goed bestuur. Het is zorgwekkend dat de gemeente twaalf jaar lang heeft vastgehouden aan een beleid dat door eigen juridische adviseurs, waaronder Pels Rijcken, als twijfelachtig werd beschouwd. Zij hebben al in 2018 gewaarschuwd dat het vergunningenplafond juridisch kwetsbaar was en dat er onvoldoende onderbouwing was om het beleid overeind te houden.
De voorgangers van mij en het lid Wijmenga ons commissielid, namelijk Diederik Boomsma en Niek Wijmenga, geen familie, waarschuwden bij de nota Varen 1 al op de kwetsbare juridische redeneringen en de grote nadelige gevolgen voor ondernemers. Kortom, het is glashelder dat de gemeente Amsterdam van tevoren is gewaarschuwd, niet alleen door het CDA maar ook door de eigen juridische adviseurs. En dus heeft het stadsbestuur bewust, willens en wetens, een grote risico genomen. Er is gegokt en verloren. Vraag 2, waarom is er over de rug van Amsterdammers zo'n juridische gok gemaakt? Waarom is er toch voor gekozen om dit beleid door te zetten? Welke rationele redenering lag daaraan ten grondslag? En vraag 3, het willens en wetens gokken is één van de redenen dat de reders aangeven geen vertrouwen te hebben in de gemeente en de betrokken ambtenaren. En ik kan me dat voorstellen dat het moeilijk is als dezelfde mensen die vanuit jouw optiek de problemen hebben laten ontstaan, deze ook moeten oplossen. Ik vraag de wethouder niet om daarop te reflecteren, maar ik vraag de wethouder wel om toe te zeggen om expliciet aandacht te geven en te werken aan het herstel van vertrouwen tussen reders en ook de gemeentelijke organisatie.
Voorzitter, mensen zijn door het lotingssysteem overspannen geraakt, gedupeerd, en ondernemers zoals het prachtige familiebedrijf van mijnheer Hein hebben zelfs besloten om te stoppen. Wat is de verwachting van het bedrag aan schadeclaims van de reders die door dit onrecht kunnen komen? En daarom ook vraag 4, voorzitter. Ik begreep dat de gemeente verzekerd is tegen dit soort claims, maar keert die verzekering ook uit wanneer er, zoals blijkt, bewust een risico genomen is door de gemeente? En zit er een maximum aan die uitkering? Met welk bedrag moeten we eigenlijk rekening houden als we echt rechtvaardig willen compenseren met finale financiële kwijting voor deze reders? Voorzitter, het is tijd om terug te gaan naar de tekentafel en ons de vraag te stellen welk probleem wilden we ook alweer oplossen. Is het werkelijk nodig om alleen de passagiersvaart aan te pakken om de drukte in de stad tegen te gaan? Of hebben de reders eigenlijk gelijk en is het hele beleid één grote doelredenering om een beroepsgroep met het vergunningsplafond dwars te zitten? Voorzitter, ik had vijf vragen, vergeten te tellen. Mijn vijfde vraag, die had ik niet dichtgedrukt, is hoe zit de causaliteit tussen professionele passagiersvaart en overlast? En hoe weten we zeker dat drukte en overlast niet vooral komt door illegale vaart en
CONCEPT
29
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
pleziervaart en dan ook nog op een paar drukke dagen per jaar? Ik bedoel met mooi weer zal er vast meer overlast zijn en drukte dan met slecht weer, terwijl juist deze passagiersvaart ook met slecht weer vaart. Voorzitter, de wethouder benoemt twee opties. Of we proberen het huidige beleid beter te onderbouwen, of we kiezen voor nieuw beleid. Het CDA vindt die keuze duidelijk, kies voor nieuw beleid. Het nieuwe beleid moet in nauwe samenspraak met de reders worden ontwikkeld. Zij zijn de mensen die dagelijks op de grachten varen en het beste weten wat werkt en niet. Zo kunnen we voorkomen dat er opnieuw rechtszaken, onzekerheid en onnodige kosten ontstaan. En uiteindelijk draait dit allemaal om goed bestuur. Goed bestuur betekent ook luisteren naar adviezen, zorgen voor zorgvuldig onderbouwd beleid en verantwoordelijkheid nemen voor dingen die fout gaan. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS: Voorzitter, dank u wel. Inderdaad omdat ik vervanger ben van de heer Bobeldijk zal mijn bijdrage iets minder uitgebreid zijn dan die van de anderen. Maar om maar met de deur in huis te vallen, de SP heeft het beleid om te reguleren altijd gesteund. Echter, hoe er gereguleerd moest worden en hoe dat uitgevoerd ging worden, daar hebben we altijd wel vraagtekens bij gezet.
Zou het standhouden bij de rechter? We hebben het antwoord inmiddels gekregen, het houdt geen stand. En dat heeft behoorlijk wat gevolgen en het zet in feite de streep door dit beleid en dat betekent dus, niet alleen dat er schadeclaims zijn, dat er schade is bij reders, dat mensen ellende hebben opgelopen, maar we hebben nu eigenlijk een hiaat. Want het oude beleid is er niet, het nieuwe beleid is er nog niet, we kunnen met het oude beleid niet voortgaan, want daar is een streep doorheen gegaan. En hoe dan verder? Krijgen we dan Europa op ons dak en zitten we dan ook hier met die vermaledijde dienstenrichtlijn die in feite heel slecht uitpakt voor een groot aantal zaken? We hebben vorige week ook uitgebreid gesproken over de haringkraam en zijn soortgenoten bijvoorbeeld. En hoe gaan we dan om met de vergunningen totdat het nieuwe beleid er is? Dat is ook een probleem. En wij hebben aldoor, ook in het verleden als erover gesproken werd, we hebben onze zorgen uitgesproken en er zijn ook inderdaad rechtszaken verloren binnen dit vaardossier. Maar het lijkt erop dat die opmerkingen die wij dan destijds hebben gemaakt rond dat vaardossier, en niet alleen wij maar ook de andere partijen, dat daar niks mee gedaan is. En dat vind ik nou het grootste raadsel in het geheel.
We hebben gehoord laten we de reders erbij betrekken maar ook die kritische opmerkingen van de raadsleden uit het verleden. Want het beleid denderde in feite door, totdat de rechter ho riep. En dat is eigenlijk niet helemaal de route, zou je zeggen. Voorkomen is beter. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy. Het lid GARMY: Dank voorzitter en dank ook aan de heer Kreuger voor het aanvragen van dit debat. Een branche vol tegengestelde belangen, een dossier vol rechtszaken en een beleid dat sneuvelt bij de rechter. Als de gemeente herhaaldelijk voor de rechter staat over hetzelfde dossier is dat een duidelijk signaal dat er iets niet goed gaat. De uitspraak van de Raad van State geeft ons de kans hierop te reflecteren. Wat had de gemeente achteraf gezien anders kunnen en moeten doen? Welke keuzes of benaderingen hadden misschien een beter resultaat opgeleverd en welke lessen worden hieruit geleerd?
CONCEPT
30
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
We begrijpen dat de wethouder nog niet alle antwoorden heeft en zelf ook met vragen zit. Toch is deze uitspraak van groot belang en heeft het een grote impact op zowel de gemeente als de branche. Daarom is het goed dat we dit vandaag bespreken. De belangrijkste vraag is wat nu. Laten we helder zijn, wij staan open voor alle mogelijke oplossingen, we zijn niet per se voor en ook niet per se tegen een vergunningenplafond en hoewel wij ook nog niet alle antwoorden hebben geloven we dat we samen tot een betere oplossing kunnen komen dan wat er tot nu toe is voorgesteld. Volgens ons ligt de echte schaarste bij de op- en afstapplekken en daar loopt nog een rechtszaak over. De huurcontracten zijn opgezegd, maar er is nog steeds onduidelijkheid over wie de steigers bezit. Hoe kun je dan gaan herverdelen? Als je geen eigen plek hebt, moet je gebruik maken van de openbare op- en afstapplekken. Maar daar is het moeilijk om klanten te werven omdat je geen uitingen mag plaatsen. Daarnaast, hoe regel je de logistiek voor het aanvullen van je boten? Het aantal nieuwe beschikbare plekken is bovendien beperkt. Volgens de rechter zijn, en ik citeer, de belangen een vlotte en veilige doorvaart en een eerlijke verdeling van de beschikbare ruimte in het geding. Een eerlijke verdeling van de op- en afstapruimte zou dus wellicht een beter uitgangspunt zijn. Daarom hebben we de volgende vragen.
Zijn er grenzen aan de ruimte in de stad voor het op- en afstappen van mensen? En kunnen er meer steigers worden toegevoegd zodat er gelijke kans ontstaan om zonder overlast de beschikbare ruimte te gebruiken, ook zonder een vergunningenplafond? Maar eigenlijk is er nog steeds te veel onduidelijkheid. Wat is van wie, wie mag wat en hoe dan? Wij geloven dat we pas overeenstemming in de branche kunnen bereiken als deze vragen allemaal beantwoord zijn. Dus onze oproep is duidelijk, houd even pas op de plaats en maak geen overhaast nieuw beleid. Wij verzoeken de wethouder om, hoe lastig dat ook mag zijn, samen met de branche tot een oplossing te komen. Hiervoor dienen we ook een motie in. Wacht eerst de uitspraken af, ga dan het gesprek aan met de branche en vergeet daarbij vooral niet de mensen die eerder hun vergunningen hebben verloren of het bijltje erbij neer hebben gelegd. Voorzitter tot slot, we willen dat Amsterdam toekomstgericht en duurzaam te werk gaat. Die mogelijkheid moeten we ook de passagiersvaartbieden. Als we een eerlijk speelveld creëren wordt het voor rederijen aantrekkelijk om investeren in een kwalitatieve, groene toekomst. En daarvoor hebben we de branche hard nodig. Nu is dus het moment om terug te gaan naar de tekentafel voor het beleid met de lange termijn in het vizier, samen met te rederijen, de bewoners en de gemeente als kapitein aan het roer.
De VOORZITTER geeft het woord aan het lid IJmker. Het lid IJMKER: Dank u wel, voorzitter. Aan de Amsterdamse grachten, zo begint de nota Varen 1. De grachten en het water horen bij Amsterdam. En net als de stad is ook het Amsterdamse water van ons allemaal. Het is openbare ruimte waarvan alle Amsterdammers kunnen genieten door erop te varen, eraan te zitten of erin te zwemmen. En er kan aan worden verdiend. En dat is op zich helemaal niet bezwaarlijk, maar er is wel een verschil tussen ergens geld aan verdienen en iets exploiteren. Zie daar het dilemma van de passagiersvaart in Amsterdam, een markt waarin het streven naar maximale opbrengst van individuen niet leidt tot collectieve welvaart, zoals de economische theorie van marktwerking zou willen voorspellen, omdat de opbrengst gaat naar het individu terwijl de kosten, overlast, leefbaarheid, als externaliteit worden gedragen.
CONCEPT
31
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
Het gaat hier om het verdelen van schaarste, het kostbare water wat we eerlijk willen verdelen en de nadelige gevolgen en overlast willen we zoveel mogelijk voorkomen. Dat was de rechtvaardiging en is de rechtvaardiging voor overheidsregulering en precies wat de nota Varen 1 beoogde. Het is geen makkelijke opgave, want door Europese regelgeving worden we gedwongen om een markt te creëren met gelijk speelveld waar ondernemers niet onevenredig mogen worden geraakt. Wetgeving waar overigens nog heel veel onduidelijkheid over is en weinig jurisprudentie. En wie de discussie destijds in 2019 bij de nota Varen 1 terugkijkt ziet dat bijna alle partijen, inclusief GroenLinks, voorspelden dit gaat tot rechtszaken leiden. Ik citeer er graag mijn voorganger de heer Groen. GroenLinks heeft niet de illusie dat er in dit lang slepende dossier een gemakkelijke oplossing is, of een oplossing waarmee iedereen het zomaar eens zou kunnen zijn, of een oplossing die niet tot rechtszaken leidt. Een samenvatting die vandaag de dag nog helaas hout snijdt. En ik ben bang dat met welk nieuw beleid het college ook gaat komen, het een illusie blijft dat we daarmee klaar zijn met juridische procedures en onzekerheden. Want voorzitter, de belangen zijn groot en ze lopen erg uiteen. De grachten van Amsterdam zijn een hoop waard en dus zijn er veel partijen die daar graag gebruik van maken.
En dat zijn ook heel verschillende partijen. Er zijn kapitaalkrachtige partijen actief in de branche die hun weg naar de rechter goed weten te vinden, maar ook kleine reders die met hun rug tegen de muur staan en hard worden geraakt door de keuzes die wij hier maken en hebben gemaakt. En het blijft zoeken naar een balans tussen die verschillende groepen en hun verschillende belangen, commerciële belangen, gelijke toegang tot de markt, zekerheid voor ondernemers en leefbaarheid in de stad. Want laten we ook niet de belangen van bewoners vergeten. En dan over het vonnis van de Raad van State en mijn vragen aan de wethouder. Allereerst, niet onbelangrijk, de vraag over volumebeleid. Het vonnis zegt dat er wel degelijk grond is om volumebeleid te voeren, maar dat het op deze manier niet voldoende is beargumenteerd. Wat GroenLinks betreft is er dan ook allereerst verder analyse nodig voordat we verder gaan op maken van nieuw beleid. Mijn vraag is daarom ook of er bijvoorbeeld extern advies wordt gevraagd over deze uitspraak. Want zeker het argument dat het hier gaat om de eerlijke verdeling van beschikbare ruimte lijkt mij erg belangrijk. Dat is waar het eindelijk om gaat, verdeling van schaarste. Het water van de Amsterdamse grachten dat we ook willen gebruiken bijvoorbeeld voor logistiek over het water, goederenvervoer of afvalinzameling.
Of denk aan het herstel van kademuren, ook dat vindt plaats op het water. Wat GroenLinks betreft allemaal redenen om grenzen te willen stellen aan de groei. Doorgaand op het volumebeleid, in dat debat van 2019 werd gevraagd om mogelijke uitzonderingen voor historische salonboten, of om zelfs dat segment ook te vergroten. En het antwoord destijds was dat meer uitzonderingen zouden leiden tot meer juridische kwetsbaarheid. En dat was ook een reden om het op deze manier te formuleren in nota Varen 1. Maar nu zien we juist dat de Raad van State zegt dat door de gehele passagiersvaart onder het volumebeleid te scharen kleine ondernemers onevenredig zijn geraakt, gezien niet iedereen evenveel bijdraagt aan het overlast op het water. Ik wil graag hier een reflectie op van de wethouder. En dan het andere scenario was natuurlijk om het volumebeleid los te laten. Wat GroenLinks betreft is er echt nog wel meer informatie nodig om een goede inschatting te kunnen maken van de mogelijke effecten daarvan. Want volumebeleid is er niet op gericht om bestaande drukte tegen te gaan, maar om toekomstige drukte te voorkomen. Dat maakt
CONCEPT
32
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
het zo ingewikkeld. En zoals zojuist betoogd, er is goed geld te verdienen aan de Amsterdamse grachten. Dus als we de markt opengooien is de kans groot dat de drukte fors zal toenemen en de vraag is wie daarvan profiteert. Ziet de wethouder dan ook niet dat er een kans is dat juist ook de kleine reders verdrukt kunnen worden door grotere spelers met snelle verdienmodellen? Ik ben daarom ook benieuwd welke prognoses of marktanalyses er zijn over hoe ver die markt nog zal groeien. Want wie weet kom je wellicht door de elektrificering zoals de heer Wijnants zei wel uit op een soort natuurlijk maximum, gezien het beperkte aantal ligplaatsen en maximaal aantal schippers, of het maximaal aantal mensen die überhaupt een rondje willen varen. Daar moet toch meer informatie over zijn, lijkt mij. En mocht de wethouder voorstellen om het volumebeleid los te laten, ik denk niet vandaag maar misschien over een maand, dan zijn andere maatregelen nodig om de drukte te voorkomen. Denk aan verkeersmaatregelen op het water tijdens piekmomenten en drukke dagen, extra handhaving van overlast of meer werken met venstertijden. En ja, ook daar zullen niet alle reders blij mee zijn. Ik wil ook wel echt illusie weghalen dat alle reders hetzelfde willen, dat is gewoon niet zo. Dus ook hier blijft onzekerheid bestaan.
En tot slot sluit ik me uiteraard aan bij de gestelde vragen over de financiële gevolgen van deze uitspraak. Zoals door verschillende sprekers al genoemd heeft dit beleid grote impact gehad en heeft het nog steeds op reders in de stad. Jarenlang onzekerheid met veel onrust en gevolgen voor ondernemers, zowel materieel als immaterieel. Dat ziet GroenLinks ook en met name de kleine rederijen zijn onevenredig hard geraakt door dit beleid. En daar moet een antwoord op komen. Voorzitter, we willen allemaal heel graag rust op dit dossier en tegelijkertijd moeten we ook realistisch zijn. Ik wil het niet erger maken dan het al is, maar er lopen natuurlijk ook nog allerlei procedures, bijvoorbeeld over de verdelingsprocedure van de exploitatievergunningen. En het lastige van de nota Varen 1 en 2 is dat alles op elkaar ingrijpt. Dus deze uitspraak heeft gevolgen op alle onderdelen van het beleid. En wat GroenLinks betreft is het dan ook belangrijk dat er op korte termijn meer duidelijkheid komt over de implicaties van deze uitspraak voor al die onderdelen van het beleid, richting de ondernemers, maar ook richting de bewoners. En ik hoor graag op welke termijn de wethouder denkt daar meer duidelijkheid over te geven. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Moeskops. Het lid MOESKOPS: Dank u wel, voorzitter. Ja, er zitten hier een hoop mensen in de zaal die ik niet benijd.
Dan heb je een prachtig vak waar je met hart en ziel voor gaat, en als ondernemer moet ik echt niet denken aan de langdurige onzekerheid waar je dan vervolgens jaren in zit. En vervolgens een soort vreemde blijdschap moet voelen bij deze uitspraak, maar ja, dat verandert niet wat er al gebeurd is. Specifiek op het onderwerp van deze uitspraak van de Raad van State vind ik om na de tien zittingsdagen van de rechtbank Amsterdam, die oordeelde dat het beleid wel gefundeerd was, vol te houden vind ik moedig. En ik vind het vasthoudend en voor mij bewijs dat deze branche bestaat uit Amsterdamse ondernemers, die laten zich niet zomaar uit het veld slaan. En ergens ben ik daar een beetje trots op. Maar God, wat moet het zwaar zijn geweest. Maar ik benijd ook deze wethouder niet. Het besluit om de uitvoering van het beleid even te pauzeren om de rechtsgang af te wachten blijkt nu verstandig te zijn geweest. Maar wat nu? Hoe kan de stad fatsoenlijk omgaan met de uitspraak, zodat we het water een plek van plezier houden, maar ook ruimte houden voor onze andere beleidsambities die de
CONCEPT
33
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
collega van GroenLinks al noemde? En hoe zorgen we ervoor dat onze op- en afstapsteigers niet overlopen en volledige bronnen van overlast worden? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat onze Amsterdamse ondernemers weten waar ze aan toe zijn? Ik ben bang dat we nog wel even zoet zijn met elkaar. Hoe graag ik ook zou willen dat deze uitspraak de boel echt simpeler zou hebben gemaakt. Een hele hoop vragen zijn gesteld en ik wil ook niet te veel in herhaling treden, maar ik wil nog benadrukken dat er inderdaad, er is een hoop uit te zoeken wat een beetje in drie delen valt. Wat we nu direct doen, hoe duiden we de uitspraak en hoe moeten we nu verder? Voor dat nu direct staat bij mij nog op het lijstje dat moratorium, geldt dat eigenlijk ook op de verdere uitvoering van het beleid rondom bijvoorbeeld de op- en afstapvoorzieningen? En wat betreft de duiding van de uitspraak, de Raad van State laat inderdaad een beetje twee smaakjes over, herbeargumenteren of het loslaten van het vergunningenplafond. Als je nou naar dat eerste kijkt, los van de hele wenselijkheidsvraag of je dat een branche nog wel aan kan doen. Maar na het bestuderen van de uitspraak lijkt het juridisch best ingewikkeld en uitdagend.
Ziet het college zogenaamde dwingende redenen van algemeen belang op basis waarvan het denkt nog een onderbouwing te kunnen doen? En wat zou een nieuwe onderbouwing voor de vergunningen uit de afgelopen gunningsronde eigenlijk betekenen? Blijft dan nu de uitspraak van de Raad van State sowieso staan? Het tweede smaakje, het vrijgeven van de exploitatievergunningen om te voldoen aan de dienstenrichtlijn, kan nu of bij verdere behandeling in november, want inderdaad we zitten er kort op, de wethouder een inschatting maken van de groei in het aantal vergunningen op het water. Hoe druk wordt het eigenlijk? De blik naar voren van de VVD deel ik. Ik ben nieuwsgierig naar de effecten van elektrificatie, het wegvallen van het Giethoorn-arrest, groot vaarbewijs op de open boten, maar ook ons toerismebeleid en btwverhoging op hotels, wat voor een invloed gaat dat hebben op deze sector en branche? En als we kijken naar verkeersmaatregelen of ander aanpalend beleid, kunnen we dan al iets zeggen over hoe druk het gaat worden? En dan natuurlijk ook hier nog de vraag over de koppeling met de kadevoorzieningen. We zien nu al steigers waar het simpelweg gewoon niet meer zo leuk is om met je boot aan te leggen.
Hoe haakt deze uitspraak in op ons op- en afstapbeleid? De ligplekkenverdeling maar ook de ambitie om bijvoorbeeld meer elektrische voorzieningen te gaan plaatsen, kunnen we daar wel mee door? Als we het hebben over nu verder denk ik dat het eigenlijk beter is om de antwoorden op deze vele vragen af te wachten. Als D66’er handel ik graag op basis van kennis en feiten, maar ik kan dan toch ook niet laten want ik zie dan toch ergens ook altijd wel lichtpuntjes en kansen. We wisten dat dit ingewikkelde vergunningensysteem met al die rondes en koppeling met de huurcontracten, et cetera, et cetera, een enorme aanslag deed op ons gemeentelijke capaciteit en dus ook op centen. Kunnen we dan niet kijken of we samen met de branche bij voorkeur die capaciteit kunnen ombuigen om te zorgen voor meer regulering en handhaving op die op- en afstapvoorzieningen? Voorzitter, ik laat het voor nu hierbij, ik heb het gevoel dat er de komende tijd nog wel een hoop extra vragen bij zullen komen. Het enige wat ik kan hopen dat er minder nieuwe vragen dan antwoorden bij komen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ: Dank u wel, voorzitter. En dank ook aan het lid Kreuger voor het initiatief nemen van dit debat. En sinds dit dossier op mijn pad is gekomen zie ik keer
CONCEPT
34
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
op keer hoe moeilijk, frustrerend en soms ook pijnlijk het voor rederijen is om elke keer aan te passen aan beleid dat sterk verandert en hard ingrijpt op de rederijen. In het bijzonder voor rederijen die allang in de stad werken, niet puur gericht zijn op winst, maar aan Amsterdammers en bezoekers willen laten zien hoe mooi de stad wel niet van het water is. Rederijen die met zorg omgaan met de omwonenden, investeren voor verduurzaming en hun best doen om mee te bewegen met de veranderende realiteit. En ik kan me ook voorstellen dat de uitspraak van de Raad van State over het volumebeleid een opluchting was, in het bijzonder bij de rederijen die de vergunning hebben verloren, maar dat het ook enig ongemak meebrengt en ook weer onduidelijkheid voor de toekomst. Want we voldoen nog steeds niet aan de dienstenrichtlijn en er liggen nog heel veel vragen open. En ik hoop, en ik heb ook al een aantal keren gehoord, dat we weer verder inderdaad nu kunnen gaan werken, aan die zekerheid, rust en vertrouwen. En ik hoor ook graag van de wethouder hoe hij hier de komende tijd aan gaat werken. En dat betekent geloof ik ook dat er zorgvuldig en met het recht naar de schadevergoedingen gekeken gaat worden en dat het gesprek met rederijen gevoerd wordt en blijft worden.
En voorzitter, kan de wethouder nu of later bij de brief in november ook breder uitlichten wat deze uitspraak betekent en gaat betekenen voor de rondvaart breed als het gaat om de eerdere vergunningsronde, verloren vergunningen en bij extra verleende vergunningen en ook het verwachte effect op de openbare op- en afstapplekken. Ik vind daarnaast wel ook van belang om te benoemen waarom ooit gekozen is en waar nut van volumebeleid ooit in heeft gezeten omdat ik dat onderdeel in dit debat ook wel mis en dat is wel belangrijk om te benoemen om ook verder te gaan. Want bij de implementatie van de dienstenrichtlijn waar de markt opener moest worden, waar een gelijke kans voor toetreding bij nieuwe partijen moest komen, was er ook een volumebeleid om te zorgen dat de excessen daarin voorkomen werden. En ik geloof dat dat ook een verantwoordelijkheid van de gemeente is, om te zorgen dat het Amsterdamse water ook echt voor alle Amsterdammers er is en dat het publiek belang geborgd is. Van passagiersvaart tot het ophalen van afval gaat dit en van de pleziervaart tot de omwonenden die echt wel weten dat je in de binnenstad soms drukte hebt, maar de excessen moeten ook voorkomen worden. En de kaders die we daaraan stellen is een publieke verantwoordelijkheid. En tegelijkertijd zie ik ook hoe hard het de belangen van sommige rederijen die in de stad werken soms raakt.
En in het bijzonder doet het ook pijn om te zien hoe kleinere nauw met de stad verbonden rederijen veel gebrek aan zekerheid ervaren. Daarom hebben we als PvdA ook keer op keer ruimte gezocht, verloting, waarbij zoveel mogelijk geprobeerd wordt om de ruimte voor die kleinere rederijen te behouden, dat de ruimte voor grote investeerders beperkt blijft, dat kleine rederijen met een paar boten niet moeten opboksen tegen enorme investeerders die met een grote zak geld een aanvraag doen voor een hele hoop vergunningen om vervolgens de onvergunde boten van kleine rederijen op te kopen. En ja, in de context van de dienstenrichtlijn en de open markt is dat ook moeilijk. Maar blijft wel een belangrijk streven. En om te kijken hoe we nu verder gaan, moeten we breed kijken naar alle mogelijkheden die er zijn om grip te krijgen op het water, met oog voor de rederijen om dat belang ook te waarborgen. Juist omdat dit dossier juridisch maar met ook alle verschillende belangen zo complex is, moeten we daar zorgvuldig mee omgaan en ik heb een aantal vragen. Als eerste over de uitspraak van de Raad van State als het gaat om de onderbouwing van het volumebeleid. Ik lees verschillende keren dat niet aannemelijk
CONCEPT
35
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
gemaakt is dat op dit moment de leefbaarheid door passagiersvaart onder druk staat en dat het op dit moment voor overlast zorgt. En ik moet zeggen dat ik me daar ook niet heel erg over verbaas, want het idee van het volumebeleid is ook om te zorgen dat dat niet groeit, dat dat zo blijft. Daarom is het aantal van 550 vergunningen ook gekozen. Het is namelijk niet zo dat er door volumebeleid minder passagiersvaart zou komen, maar dat mogelijke excessen voorkomen zouden worden. Hoe kijkt wethouder hiernaar en is hij het ermee eens dat volumebeleid voornamelijk bedoeld is ook om onhoudbare drukte zonder grip te voorkomen? En als we de keuze maken om niet door te gaan met volumebeleid, wat betekent dat op de lange termijn voor drukte op het water en aan de kade? Hoe houden we grip op het water? Hoe gaan we om met de op- en afstapplekken? Blijft schaarse niet bestaan wanneer rederijen zonder exclusieve op- en afstapplekken door gebrek aan openbare plekken hun recht niet kunnen uitoefenen? En moeten we dan niet alsnog via de openbare op- en afstapplekken aan die dienstenrichtlijn voldoen? En daarnaast nog, welke maatregelen zijn er juist in de zomer mogelijk wanneer onhoudbare drukte als eerste kan gaan ontstaan? En aan de andere kant wanneer we wel naar het volumebeleid kijken, welke ruimte is er nog om dit juridisch te onderbouwen? En hoe zorgen we hiervoor, hoe voorkomen we dat
kleine rederijen hierbij geen kans maken? De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Scholtes voor de beantwoording. Wethouder SCHOLTES: Dank u wel, voorzitter. Met de uitspraak van de Raad van State is er een einde gekomen aan een lange periode van onzekerheid van een hoop reders in de stad en tegelijkertijd luidt die uitspraak ook weer een nieuwe periode van onzekerheid in. Want wat nu en wat dan wel? En ik zou eerst willen stilstaan bij de gevolgen die de uitspraak heeft voor het beleid van de gemeente maar vooral ook bij de gevolgen die de afgelopen jaren, periode, voor de reders heeft gehad. Ik heb de afgelopen dagen ook een aantal reders gebeld en ik zal het de komende dagen ook blijven doen en tegen hen en ook tegen de reders die nu zitten te luisteren of hier ook in de zaal zitten zou ik willen zeggen, het college begrijpt heel goed dat de afgelopen jaren voor velen van u heel lastig zijn geweest en voor sommigen van u ronduit zwaar. Mijn voorgangers en ik hebben naar eer en geweten gehandeld om te werken aan de opdracht om de drukte op het water beheersbaar te houden en ongebreidelde groei te voorkomen. Maar nu blijkt dat wat we hebben gedaan met beleid dat uiteindelijk geen standhield bij de hoogste rechter. Dat beleid ging gepaard met grote onzekerheid, we zullen nu ook weer opnieuw aan de slag moeten.
Dat beleid heeft voor een aantal nu ook grote gevolgen gehad en aan die reders wil ik daarom ook mijn excuses aanbieden. Voorzitter, het volumebeleid is voortgekomen uit de zorg voor de stad en haar bewoners. U kent allemaal de nota Varen 1, dat ging over die drukte en overlast en het ging nadrukkelijk ook over de verwachtingen die er waren ten opzichte van de groei van het toerisme, de groei van toeristische voorzieningen en het voorkomen van die ongebreidelde groei van inderdaad ook die rondvaart. En die opgaven waar we voor staan gaan met deze uitspraak wat dat betreft niet weg. Ik ben ook echt oprecht benieuwd dat ook de partijen die nu blij zijn met dat deze uitspraak er is, ook blij zijn als er, ik zeg als, er over twee jaar, drie jaar, 100, 200, 300, 500 vergunningen bij zijn gekomen. Want ook de op- en afstapplekken, daar is het op sommige plekken al druk. Ik heb ook al de mails gehad van de reders die zich daar druk over maken. Ik weet ook dat de hospitality er soms wel lastig tussenkomt bij een aantal op- en afstapplekken. Dus die opgaven blijven ook echt staan.
CONCEPT
36
Jaar
2024
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 9 oktober 2024 raadsnotulen
R
Dat het druk is op het water, en op bepaalde plekken en bepaalde tijden nu ook al te druk, ik denk dat daar eigenlijk niet heel veel discussie over bestaat. En het college staat nu voor de opdracht om deze drukte beheersbaar te houden en de binnenstad, met name ook het wallengebied, leefbaar te houden, leefbaar te maken. En ja, ook zorg te dragen voor veilig en vlot scheepvaartverkeer en het mogelijk maken van onder andere het transport over het water en bescherming van de kades en bruggen. Nieuw beleid zal nodig zijn en dat zal wederom tijd kosten. En de uitspraak heeft ook laten zien hoe complex het vraagstuk is waarvoor we ons geplaatst zien. Wij kunnen als college op dit moment geen oplossing uitsluiten. We zijn het immers aan de zorgvuldigheid verplicht om alles te onderzoeken. Maar ik zeg u wel eerlijk, ik vraag me sterk af of de stad op dit moment gebaat is bij een hernieuwde poging om een volumebeleid in te voeren in deze vorm en of er een onderbouwing mogelijk is die aan die strenge eisen van de dienstenrichtlijn voldoet. Dus ik ga bij die verkenning van die verschillende opties alles in beeld brengen, maar ik ga wel ook zeker de nadruk leggen op opties zonder een volumebeleid in deze vorm.