CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2024 Masterplan Artis 2030.pdf

RAAD 13 november 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Artis: van Dierentuin naar stadspark voor iedereen van het lid Bakker en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel (VN2024-015366)17.053 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Het is bijzonder te noemen dat ARTIS tijdens de Tweede Wereldoorlog voldoende voedsel en warmte heeft kunnen opbrengen voor de dieren. Gestorven ARTIS-dieren, honden, katten en konijnen van eigenaren die ze niet meer konden onderhouden of wilde vogels (duiven en zelfs mussen) zijn aan de dieren gevoerd. Zoals in andere cafés, parken en openbare gelegenheden, waren Joden vanaf 1941 niet meer welkom in ARTIS. In de oorlog heeft ARTIS twee- tot driehonderd mensen verstopt in de tuin (bijvoorbeeld de holle apen- en

bokkenrots) en daarmee behoed voor dwangarbeid, deportatie en hongersnood. De Ledenlokalen werden door de bezetter aan ARTIS onttrokken voor het huizen van het Bevolkingsregister. In 1943 pleegde het verzet hier een aanslag op. Het gebouw werd niet hersteld. Na de oorlog treft eigenlijk de hele Plantage als voormalig Joodse buurt verwaarlozing. Dit luidt ook na de oorlog een gebrek aan interesse in de ARTIS-gebouwen in, tot verwaarlozing en leegstand aan toe. Dit legt het fundament voor de latere noodzakelijk vernieu-

55

wing, waarbij wel aandacht uitgaat naar moderne architectuur, maar zonder de van oudsher zo innige relatie met het Park te respecteren. Zoals op de Springer-kaart weergegeven, is het Aquarium beter geïntegreerd in het Park. De achterentree ligt nu aan de Plantage Muidergracht. De Salmhuisjes maken in deze tijd nog geen deel uit van het Park. De opslaggebouwen vallen buiten het ARTIS-Park en zijn niet op het Park maar op het water van de Plantage Muidergracht georiënteerd.

Figuur 64. Introductie van water om het leeuwenverblijf (1926)

Figuur 65. Roofdierengallerij en Hollandse Tuin volgens de nieuwe aanleg (1953)

Figuur 66. Rangeerterrein aan de Plantage Doklaan

Figuur 67. Aquariumgebouw aan de Plantage Middenlaan en de nieuwe brug bij de Muiderpoort (1908)

De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

56

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

2019

Figuur 68. Kromo en Plume trekken bekijks (1930)

Figuur 69. Kinderen met een jonge oerang oetan en tijger (1931)

Figuur 70. Bezoekers bij een giraffe (1937)

Figuur 71. ‘Kameeltje rijden in ARTIS’ (1928)

Figuur 72. De ‘voortuin’ van het Aquarium en de nieuwe brug over de Muidergracht (1926), met duidelijk zichtbaar de pleinruimte bij het Aquarium

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Figuur 75. Plattegrond ARTIS in 1945

Figuur 73. De Bokkenrots in de oorlog (1940)

Figuur 74. De Apenrots in de oorlog (1940)

De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

57

58

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

Figuur 76. Reconstructie van ARTIS in 1972 waarvoor de kaart in figuur 87 als basis dient

1972

2004

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

59

60

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

2019

Figuur 77. De grootste veranderingen in het ARTIS-Park tussen 1945 en 1972 1. Eilanden worden steeds meer in het geheel ingenomen door dierverblijf

2. (Water)dieren krijgen grotere verblijven

3. Er is geen achterentree meer

4. Introductie van een heuvel in de achtertuin

De jaren ‘70 - totale modernisering

zeekoeien. Er werden nieuwe betonnen dierverblijven geïntroduceerd zoals het beren- en ijsberenverblijf. Met beton werden de kunstmatige rotsformaties relatief makkelijk nagebootst. Ook werd er bijvoorbeeld reliëf aangebracht in het ijsberenverblijf in de veronderstelling dat de ijsberen niet hielden van een vlakke vloer. Echter schetst een artikel in het Parool van 28-08-1979 dat de ijsberen de ‘kunst-schotsen haten’, en wel houden van een vlakke ondergrond. De pinguïns kregen in 1961 een ‘natuurlijker’ en groter verblijf met zes verschillende soorten pinguïns. Het Parool van 09-05-1961 schrijft dat het pinguïnverblijf ‘in de schaduw van het Aquarium op een voorheen niet gebruikte plaats’ is gebouwd.

Vanaf de jaren ‘60 wordt architectuur belangrijker dan het Park. Het Nijlpaardenhuis (1967) is volgens het Parool ‘onderdeel van de totale modernisering van de hoofdstedelijke dierentuin […] de uitvoering van dit plan zal het negentiende-eeuwse karakter van de tuin wegvagen: geen romantische gebouwtjes en zwaar getraliede kooien meer, maar een aanpassing van de verblijven aan de natuurlijke omgeving van de te bekijken dieren. In de naaste toekomst wil men het gedeelte van de tuin dat achter het Zoölogisch laboratorium aan de Plantage Doklaan ligt, reorganiseren.’ Het nieuwe gebouw kent vier buiten- en binnenbassins met naast de nijlpaarden ook dwergnijlpaarden, tapirs en

Tot in de jaren ‘50 heeft ARTIS een achterentree gehad die met de uitbreidingen altijd in het verlengde van de Franse laan en de hoofdentree heeft gelegen. Ook hebben hier identieke portierhuisjes gestaan zoals nu nog altijd aanwezig zijn bij de hoofdentree. Het is onduidelijk of de heuvel rond de ijsberen en de beren is geïntroduceerd in deze periode of al daarvoor – voor dat laatste zijn wel sterke aanwijzingen gezien de leeftijd van enkele bomen die op de verhoging staan. Hoe dan ook zijn deze verblijven in de kunstmatig gecreëerde heuvel geïntegreerd en zijn er grachten op hoogte gemaakt ter afscheiding van de dieren.

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Figuur 78. IJsberenverblijf (1974)

Figuur 79. Salmhuisjes (1953-95)

Figuur 80. Berenverblijf (1975)

Figuur 81. Olifanten (1974)

Figuur 82. Nieuwe rotspartij voor de pinguïns (1961)

Figuur 83. Plantage Doklaan (1968)

De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

61

62

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

Figuur 84. Olifantrijden (1945)

1872

1893

1945

1972

2004

Figuur 85. Nijlpaardenhuis (geen jaar bekend)

Figuur 86. E.F. Jacobi (links) en W.F. Westermann (rechts) openen het nieuwe groepsverblijfshuis van de chimpansees (1971)

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

63

Figuur 87. Plattegrond voor bezoekers van ARTIS in 1972

Figuur 88. De achtergevel van het Groote Museum van ARTIS uit 1851 van architect J. van Maurik

Figuur 89. Deel van de voormalige ledenlokalen van ARTIS met de in 1893 toegevoegde veranda van architect J.F. Klinkhamer

De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

Figuur 90. Voormalige ledenlokalen en kantoorgebouw van de dierentuin ARTIS Rechts de ingang van ARTIS

64

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

Figuur 91. Reconstructie van ARTIS in 2004 waarvoor de kaart in figuur 106 als basis dient

1972

2004

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

65

66

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

2019

Figuur 92. De grootste veranderingen in het ARTIS-Park tussen 1972 en 2004 1. Introductie nieuwe vorm van ‘natuureducatie’ in het planetarium 3. Uitbreiding naar de Salmhuisjes

De 21e eeuw - meer dan een dierentuin

In 1988 viert ARTIS haar 150-jarige bestaan met de opening van het nieuwe Planetarium. Daarmee werd ARTIS nog meer dan een dierentuin alleen, want ze reflecteert nu ook de positie van de aarde en haar bewoners in de ruimte. Het Planetarium vervangt de eenzijdige naoorlogse nadruk op dierencollecties en voegt iets toe dat met het verdwijnen van de collecties niet meer aanwezig was. De dierverblijven worden steeds groter, met als toppunt de nieuwe Savanne in 2002. Al in de jaren ’20 viel het oog van ARTIS op het emplacementsterrein naast het Entrepotdok om uitbreiding mogelijk te maken. ARTIS laat in 1989 een masterplan voor ARTIS maken met een invulling voor de strook langs

2. Uitbreiding Savanne naar het Entrepotdok

4. Dierverblijven worden groter en nemen groter deel van de eilanden in

het Entrepotdok getiteld ‘Tijgers aan de Gracht’ (Onno Vlaanderen architecten in samenwerking met de gemeente Amsterdam). Hierin is een bovengronds parkeergebouw opgenomen (zie fig.106). Pas in 1997 werd hier toestemming voor gegeven vanuit de Raad van State. In het bestemmingsplan voor de uitbreiding staan twee uitgangspunten: 1. het creëren van ruimte voor de dieren en 2. het versterken van de historische stedenbouwkundige structuur. Als basis moesten de rooilijnen en blokstructuur worden genomen, met daar overheen het doorzetten van de historische bebouwing langs de randen van ARTIS en paviljoens in de tuin. ‘Het is tevens wenselijk om in het verlengde van de pelikaanvijvers een nieuwe

waterpartij aan de leggen om hiermee de oorspronkelijke waterstructuur van de Nieuwe Prinsengracht te versterken’. Dit laatste heeft uiteindelijk niet plaatsgevonden, net als de ‘openbare ondergrondse parkeergarage’ als opvolger van de bovengrondse garage. ARTIS realiseerde echter wel de Afrikaanse Savanne, plus een speeleiland en horecagebouw de Twee Cheetahs. De waterpartijen zijn hier duidelijk groter en hebben een prominentere plek. Ook groeien de verblijven in ARTIS steeds meer aan elkaar. Als voorbeeld zou het Nijlpaardenverblijf kunnen worden opgemerkt waar een aantal buitenverblijven aan toe zijn gevoegd. Hierdoor is het niet meer mogelijk voor de bezoeker om elk eiland of verblijf heen te lopen.

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

De ruimte op het Entrepotdok wordt uiteindelijk ook benut voor de realisatie van een dienstencentrum en van een parkeerterrein op het maaiveld. Ook de achtertuin van ARTIS in

het oostelijke deel maakt grote veranderingen door. Een groter verblijf voor de zeeleeuwen en het verleggen van de grens tot aan de Muidergracht vergroot ook hier het bezoek. Echter, de

67

Salmhuisjes blijven gesloten voor publiek en worden gebruikt voor personeel, goederenopslag en dergelijke – ze behouden daarmee een ‘achterkant’-uitstraling.

Figuur 93. Nationaal archief (1980) nieuw zeeleeuwenverblijf

Figuur 94. Restaurant in ARTIS naast het Groote Museum (1985)

Figuur 95. Entree van ARTIS voor de bouw van het Planetarium; auto’s staan geparkeerd aan de Entrepotdoklaan (1987)

Figuur 96. Luchtfotobeeld van de achtertuin van ARTIS (1985)

Figuur 97. Opgezette neushoorn Farouh die in 1967 overleed aan een overdosis verdovingsmiddelen na een ontsnapping (1988)

Figuur 98. Planetarium in aanbouw achter de kamelenweide (1988)

De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

68

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

2019

Figuur 99. De boekenzaal van de UvA-Artis bibliotheek, op de achtergrond het borstbeeld van Darwin (1989)

Figuur 100. De Salmhuisjes aan de kant van de ARTIS (1992)

Figuur 101. Aanleg Savanne op voormalig emplacementterrein Entrepotdok (1999)

Figuur 102. De ‘Twee Cheetahs’ en aanleg speelterrein op het Entrepotdok (1999)

Figuur 103. Tijgerjong wordt gevoed door oppasser Erhardt (1981) Figuur 104. De ‘Theetuin’ voor de Volharding (1994) De afbeeldingen op deze pagina zijn afkomstig uit het Stadsarchief Amsterdam.

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Figuur 105. Natura ARTIS Magistra 1989: “Tijgers aan de Gracht” van Onno Vlaanderen architecten i.s.m. gemeente Amsterdam

Figuur 106. Plattegrond ARTIS in 2004

69

70

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

Figuur 107. ARTIS in 2019 waarvoor de kaart in figuur 120 als basis dient

1945

1972

2004

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

71

72

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

2019

Figuur 108. De grootste veranderingen in het ARTIS-Park tussen 2004 en 2019 1. ARTIS plein wordt geïntroduceerd (ARTIS wordt deels publiek)

2. Routes door de verblijven worden geïntroduceerd

3. Olifantenverblijf wordt uitgebreid

4. Focus op kleinere diersoorten: Micropia en Vlinderpaviljoen

ARTIS op de drempel van een nieuwe toekomst (masterplan 2007)

gedaan om de achtertuin meer te betrekken bij het Park, door een uitgang te maken richting de Salmhuisjes. De Vlindertuin wordt geïntegreerd met het zeeleeuwenverblijf en krijgt een aantal in- en uitgangen om de routing voor de bezoeker te verbeteren. In deze periode wordt een aantal routes door de verblijven heen gerealiseerd, zoals bij Lemurenland, het Wallabyverblijf en Wolvenverblijf. Hierdoor begeeft de bezoeker zich echt tussen de dieren, komt meer met ze in contact, en verhoudt zich zo op een andere manier tot de dieren.

ARTIS beweegt mee met de veranderende maatschappij en de veranderende regelgeving door steeds minder dieren te houden, en zo meer ruimte te creëren voor de andere dieren. Het aantal diersoorten wordt teruggebracht van 1600 naar 900. Toen Tanja overleed, het laatste nijlpaard van ARTIS, besloot ARTIS geen nijlpaarden meer te houden. Hetzelfde gold voor de ijsberen. Ook de roofdierengalerij raakte steeds leger en werd uiteindelijk afgebroken ten behoeve van de uitbreiding van het olifantenverblijf. ARTIS besluit een collectie te hebben die de breedte in gaat. Als voorbeeld opende ARTIS in 2006 de grootste vlindertuin in Nederland. Ook wordt een poging

In 2007 presenteert ARTIS een nieuw masterplan voor de toekomst, waaraan sinds 2004 is gewerkt door onder andere Sprenger Von der Lippe ar-

chitekten en WDJ architecten (Wessel de Jonge). Onderdeel van dit ambitieuze vernieuwingsplan, dat op 80 miljoen euro is geraamd, is het ondergronds brengen van het parkeerterrein van ARTIS. Hierdoor moet de dierentuin er 1,7 hectare aan ruimte bij krijgen. Een deel van de miljoeneninvestering gaat naar het herstellen en oppoetsen van de 19e-eeuwse monumentale gebouwen in het Park, zoals het Groote Museum. Ook is flink wat geld toebedeeld aan het in stand houden en uitbreiden van de bomencollectie. Verder wordt in dit masterplan een zogeheten Kennisplein geïntroduceerd, het latere Artisplein, als openbare plek die voor iedereen gratis toegankelijk is. Zo wordt een deel van het Park publiek toegankelijk, zodat mensen een voorproefje

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

krijgen van ARTIS (lepelaars en flamingo’s) maar ook op eigen gelegenheid of bij de Plantage kunnen eten en kinderen in een fontein kunnen spelen. Dit deel krijgt zo een wijk- en buurtfunctie. Aan dit plein wordt een nieuw te realiseren museum bedacht, MicroZoo. Het is be-

doeld als de eerste ‘dierentuin’ van schimmels, bacteriën, algen en virussen ter wereld. Het gaat uiteindelijk open in 2014 onder de naam Micropia. ARTIS blijft zich voorlopig nog wel even vernieuwen: onder meer het Aquarium en het Groote Museum worden binnenkort

73

in ere hersteld. Aan de realisatie hiervan wordt op dit moment hard gewerkt. Hiermee hoopt ARTIS ook in de toekomst een steeds groter publiek te trekken en hen kennis te laten maken met de schoonheid van, en de samenhang der dingen in de natuur.

Figuur 109. Uitbreiding Olifantenverblijf (2019)

Figuur 110. Geraamte van de Roofdierengallerij (2019)

Figuur 111. De Plantage, de Hollandse Polder en het Artisplein (2019)

Figuur 112. Mandrillen op de plek van de IJsberen (2019)

Figuur 113. Route door het Wallaby verblijf (2019)

Figuur 114. Artisplein (2019)

74

1830

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1854

1872

1893

1945

1972

2004

Figuur 115. Poldervolière (2019)

Figuur 116. Aanleg van het tapijt op het Artisplein (2014)

Figuur 117. Ingang van Micropia (2019)

Figuur 118. Het vernieuwde Jaguarverblijf (2019)

Figuur 119. De Jaguar in zijn nieuwe verblijf (2020)

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Figuur 120. Plattegrond ARTIS in 2019

Figuur 121. Ontwerp Artisplein en Poldervolière van Michael van Gessel

75

76

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

“

“In de diergaarde van het Koninklijk zoologisch genootschap Natura ARTIS Magistra is een jonge olifant van het vrouwelijk geslacht aangekomen. Dit

”

fraaije dier, dat zich door zachtmoedigheid onderscheidt, is een der beide, die te Londen van Calcutta per schip Shutley zijn aangebracht. Het werd door het bestuur van onzen dierentuin aangekocht, en vergoedt een gemis in de andere rijke diergaarde, te lang gevoeld, hetgeen te meer te bejammeren was, daar onze overzeesche bezittingen tallooze kudden van deze belangrijke diersoort voeden.” De Sheboygan Nieuwsbode, 14 september 1852

1854

“

1872

1893

‘De olifant is niet erg kieskeurig in het aannemen van wat men hem aanbiedt, en broodkorsten, klontjes, koekjes en wat dies meer zij, gaat met

”

bewonderingswaardige gelijkmoedigheid naar binnen. Er zijn kwajongens, die hem ook wel eindjes sigaar aanbieden, en bijwijze van snuifje, schijnt de dikhuid ook dat voor een enkelen keer weleens aangenaam te vinden. Dinsdag echter had een bezoeker de laaghartigheid den olifant een brandende sigaar in de rond zoekende slurf te stoppen.” Arnhemse Courant, 27 september 1889 p.1

“

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

77

”

“De olifant is wat verlegen. Gelukkig, dat zijn lange slurf de apenootjes nog kan bereiken, die de Zweedsche Jantjes van den kruiser “Tilgia” bij hun bezoek aan ARTIS hem hoffelijk aanbieden.” Nieuwsblad van het Noorden, 29 mei 1931 p.9

“

”

“Aangezien mannetjesolifanten in de vrije natuur er meestal meer dan een wijfje op na houden - een harem, schrijft ARTIS ons - moet Murugan, de 13-jarige

mannetjes olifant van ARTIS, wel eenzaam zijn met zijn ene vrouw. Daarom krijgt hij er binnenkort een tweede bij, afkomstig van de dierentuin van Emmen.” De Waarheid, 24 februari 1966 p.7

1945

“

1972

2004

2019

“Tot in de jaren zestig was ARTIS nog een echt ‘diermuseum’, de op een na de meest soortrijke dierentuin ter wereld. Nu wordt de verzameling kleiner en de leefruimten groter. Een vakkundige medische dienst waakt over de gezondheid van de ARTISbewoners. Uitgekiende dieten staan nu op het menu en voeren is streng verboden.” Het Parool, 26 april 1988 p. 25

”

78

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

Conclusies historische analyse

In voorgaande paragrafen is in zevenmijlslaarzen door de geschiedenis van ARTIS gegaan. Hierbij is een zevental karakteristieke stappen onderscheiden - deze zijn in overleg met historicus Erik de Jong bepaald. Voor elke stap zijn steeds de belangrijkste wijzigingen en ruimtelijke ontwikkelingen ten opzichte van de voorgaande tijdsperiode benoemd. Iedere tijdslaag is gevisualiseerd als een hertekening van een historische kaart. Steeds in dezelfde tekenstijl, met een vaste legenda, zodat de tekeningen onderling goed vergelijkbaar zijn. De gebruikte bronnen zijn apart benoemd zodat alles herleidbaar is. Het betreft hier een zo getrouw mogelijke weergave. Deze is echter niet 100% betrouwbaar, aangezien er soms gebruik gemaakt is van interpretaties en aannames, omdat de bron niet geheel maatvast was ofwel het onbekend is of alle plannen in werkelijkheid ook gerealiseerd zijn. Details kunnen soms dus iets afwijken, maar voor het overall beeld en de conclusies maakt dit eigenlijk geen wezenlijk verschil. Vanuit van de hertekende kaartbeelden is voor elke tijdslaag het totaalbeeld ontleed in themalagen: water, paden, bebouwing en groen/verblijven. Deze zijn apart grafisch gerepresenteerd. De bomen zijn per tijdslaag toegevoegd, soms slechts indicatief. De bronnen geven ons helaas onvoldoende informatie om dit altijd consequent te doen.

Op basis van de historische analyse is te zien welke zaken in de loop der tijd zijn veranderd, en wat sinds (kort na) de oprichting juist onaangeraakt is gebleven. Veel van de zaken die in het heden opvallen omdat ze onlogisch zijn of niet goed voelen, niet lijken te kloppen (- zie volgende paragraaf 2b -), blijken eenvoudig te verklaren vanuit ontwikkelingen in het verleden. Dit geldt in het bijzonder voor de ‘achtertuin’, waar in de loop der tijd heel veel is veranderd en een soort amorfe en onduidelijke structuur is achtergebleven. De route bij de Salmhuisjes en achter het Aquarium loopt nu voor je gevoel dood en is wel heel donker, bijna unheimisch. Ben ik hier welkom, mag ik hier eigenlijk wel komen als bezoeker? Voor de bezoekers zou het beter zijn om de route duidelijk terug te leiden, zodat deze doorloopt richting het volgende verblijf.

Vanuit een goed begrip van de huidige situatie en verklaring van hoe het zo gekomen is, komen vaak ook direct mogelijke oplossingen in beeld, waarmee overigens niet gezegd is dat dit een ontwikkeling terug in de tijd impliceert. Wel biedt de kennis van de huidige situatie als resultante van de veranderingen in de loop der jaren, samen met de wensen van nu gericht op het toekomstproof maken van ARTIS, een goede basis voor het formuleren van passende en doeltreffende voorstellen tot ingrijpen. Hierbij is het doel om in ARTIS bij elke ingreep een goed evenwicht te vinden tussen wat waardevol is en het verdient te worden gekoesterd enerzijds, en wat aan nieuwe kwaliteiten kan worden toegevoegd anderzijds. Het exacte antwoord hierop verschilt van plek tot plek. Het masterplan biedt hiervoor de contouren. Uit de historische analyse zijn de volgende algemene conclusies te trekken: 1. Als er een vaste waarde is aan te wijzen in de loop der jaren dan is het wel ‘de voortdurende verandering’: ARTIS verandert en vernieuwt haast continu. Niet alleen uitbreiding is een thema door de jaren heen (wat ook nu weer speelt met de plannen voor de herontwikkeling van het parkeerterrein), maar ook vernieuwing. N.b. In dit licht passen de vernieuwingen, zoals het nieuwe leeuwenverblijf, het algazellenverblijf en de volière om de ruïne.

En de huidige voornemens om het entreegebied, de achtertuin en parkeerterrein te vernieuwen passen helemaal. Continue verandering als vaste waarde betekent echter niet dat alles maar anders kan. Verandering kan, maar niet alles tegelijk, en zeker niet in de ARTIS-‘iconen’. 2. De tweede vaste waarde is dat er altijd bomen en gebladerte in het spel zijn in ARTIS, als een logische voortzetting van de Plantage. In een enkel geval letterlijk afkomstig uit de tijd van voor de aanleg van ARTIS, in de meeste gevallen van erna, maar altijd voortbordurend op het ‘idee’ van de Plantage: waar een boom is, is natuur, waar een boom is wordt gewandeld, et cetera. Dit is een vaste waarde: in deze bladerrijke context speelt zich de verandering van ARTIS af. De energie vanuit ARTIS die gewijd is aan verrijking van de bomencollectie en beplanting past hierbij. De laatste jaren geeft ARTIS - terecht - grote aandacht aan de planten, bijvoorbeeld met het concept van de eetbare tuin. Plant en dier horen bij elkaar; ze geven detail en schaal aan het Park, verlevendi-

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

gen de wandeling, bieden nieuwe mogelijkheden voor educatie die gelijke tred kan houden met discussies over planten als voedsel, als intelligente scheppingsvorm, als organismes met gevoel, die onderling communiceren, enzovoorts. 3. Tot 1893 is het Park veranderd al naar gelang grond kon worden verworven. Het leidde tot een gefragmenteerd park, als min of meer toevallige optelsom van stukjes. Deze fragmentatie wordt in 1893 ingezien en ligt ten grondslag aan de Springerkaart van 1893 die was bedoeld om van het Park, een amalgaam van eerdere deelplannen en groeistuipen, één geheel te maken. Landschapsarchitect Springer werd gevraagd ARTIS te ontwerpen als landschappelijk wandelpark waarin de dierverblijven op haast organische wijze waren opgenomen. Daarna is het Park telkens bijgesteld met de dierverblijven als belangrijkste ‘aangever’, niet het Park als totaaleenheid zelf. Vanaf de jaren ‘60 is daarnaast de architectuur, die altijd een innige en wederkerige relatie onderhield met het Park, belangrijker geworden dan het Park zelf. De bebouwing overheerst nu op sommige plekken, en domineert de parkbeleving. Het lijkt daarmee tijd om – in dit masterplan - opnieuw ARTIS als eenheid, als landschapsarchitectonisch ensemble te beschouwen, waarbij het Park het primaat krijgt.

79

4. Herontwikkeling van de verblijven is sinds het prille begin van ARTIS aan de orde. De verblijven worden steeds aangepast aan de wisselende dieren, aan de wensen van de dieren, en aan de laatste inzichten. ARTIS toont door de jaren heen eigenlijk onbewust de wisselende relatie tussen mens en natuur, hoe wij – volgens de ARTIS-missie en visie - met dieren omgaan en hen waarderen. ARTIS is zo zelf een spiegel van de wijzigende relatie mens-natuur. De ruimtelijke ontwikkeling die hierbij hoort toont een ontwikkeling van kleine verblijven en hokken met grote dieren in de begintijd, naar focus op verblijven passend bij de betreffende soorten, om zorg te

Figuur 122. Eetbare planten krijgen een belangrijke positie in het park en zijn voor de oplettende bezoeker een lust voor het oog

Figuur 123. Verrijking van bomen- en plantencollectie speelt een belangrijke rol in ARTIS

80

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

dragen voor het juiste welzijn van de dieren. De ijsberen, neushoorn en nijlpaard hebben plaats gemaakt voor andere soorten. En deze ontwikkeling zet zich voort. De dieren zijn nu zoveel mogelijk gehuisvest in grote verblijven in een habitat die natuurlijk gedrag toelaat. 5. Naast de continue herontwikkeling van de dierverblijven is er ook een voortdurende herontwikkeling van de ‘mensenfuncties’, de recreatieve en toeristische voorzieningen in ARTIS, samenhangend met welkom heten/ontvangen, binnenlaten, de weg wijzen, zitten, verpozen, picknicken. Denk aan horecavoorzieningen (restaurants), toiletten, speeltuinen, ruimte voor educatie, borden, wegwijzers, fietsenstallingen, prullenbakken, enzovoorts. Deze zaken zijn zeer veranderlijk gebleken, vragen voortdurend aandacht en nopen tot vernieuwing. De druk die hiervan op het Park uitgaat is behoorlijk groot en vraagt om samenhang. De vernieuwingen zullen ook de sfeer veranderen van het Park: wat is eigenlijk de visie daarop? Wat willen we dat het ARTIS-Park is in de toekomst? Wat is de plaats van het Park als ‘park’? Dit pleit ervoor om ook voldoende rustpunten in het Park te houden, en niet heel ARTIS vol te programme-

ren. Naast drukte ook rust, naast speelplekken, dierenverblijven en horecaterrassen ook verstilde, groene plekken gericht op de parkbeleving. 6. Sommige zaken zijn er al heel lang: een aantal gebouwen uit de vroege jaren van ARTIS staat er nog, maar ook enkele paden uit de eerste aanleg zijn haast ongewijzigd, evenals enkele verblijven. Ook kent ARTIS oude, monumentale bomen uit

Figuur 124. Een ijsbeer in een kooi in 1890 (Stadsarchief Amsterdam)

Figuur 125. Het water tussen het olifantenverblijf en de bezoeker vormt geen barrière maar een extra vorm van interactie en beleving

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

de vroege en zelfs pré-ARTIS periode (zoals de circa 275 jaar oude Heimans eik, die pal naast het buitenverblijf van de chimpansees staat en vernoemd is naar natuurkenner en natuur-popularisator Eli Heimans). De ‘sporenkaart’ (fig. 129) laat dit duidelijk zien. In algemene zin geldt: wees zuinig op de ‘historische sporen’! Het is interessant om de sporen uit elke tijdslaag op hun merites te beoordelen, waarbij te denken valt aan de gaafheid, uniciteit of zeldzaamheid maar ook de kunsthistorische, botanische/natuurhistorische en architectuurhistorische of emotionele waarde. Dit betekent niet per se dat alles gehandhaafd moet worden, maar wel dat hier heel bewust mee omgegaan dient te worden. Zo kan het aan te bevelen zijn om uit elke tijdslaag - ook de meer recente - steeds enkele representanten te behouden. Op die manier blijft de historische gelaagdheid van ARTIS ervaarbaar voor de bezoeker. Voorkomen moet worden dat alle objecten en gebouwen uit de jaren ’60, ’70 of ’80 ineens ‘per ongeluk’ allemaal verdwenen zijn. Vanuit deze redenering is het onooglijke restant van het treinspoor, nu heel onopvallend aanwezig op het parkeerterrein, bijvoorbeeld juist zeer interessant omdat het ‘t enige element is dat als direct tast-

81

baar overblijfsel herinnert aan het verleden van het spooremplacement aan het Entrepotdok, en daarmee herinnert aan een bredere geschiedenis van Amsterdam als belangrijke havenstad. Alleen daarom al is het interessant om te bekijken of het in de planvorming voor de herontwikkeling van het parkeerterrein kan worden geïntegreerd.

Figuur 126. Muziektent in ARTIS voor vermaak in 1875, op de plek van het huidige Artisplein (Stadsarchief Amsterdam)

82

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

Nieuwe

Figuur 127. Overzicht tijdsperiodes ARTIS 1830-2019 - de genese van ARTIS

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

Nieuwe perken met eetbare planten

Artisplein

83

84

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

Totaaloverzicht

De gebouwen

1830

1854

1872

1894

1945

1972

2004

2019 Figuur 128. Overzicht van de ontwikkeling van ARTIS onderscheiden naar verschillende thema’s

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

De ‘eilanden’ (tuinen)

Het water

De paden

85

86

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

1830

1854

1872

1893

1945

1972

Gebouwen Tuinen Water

restant spoorrails

Apen- en Vogelhuis

monumentale hoofdingang

Papegaaienlaan

Het Groote Museum

Historische vijver

Figuur 129. Sporenkaart: overzicht van overgebleven, zichtbare cultuurhistorische elementen

Bibliotheek

2004

2019

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

87

geraamte Roofdierengallerij

Hollandse tuin

De Volharding

Salmhuisjes

Duivenhuis (1830-1850)

Fazanterieën

Aquarium

Muiderpoort

88

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

Figuur 130. ‘Röntgenfoto’ van de padenstructuur in ARTIS tussen 1854 en 2019: hoe donkerder van tint hoe langer ongewijzigd/op dezelfde plek

Themalagen

In de figuren 130 t/m 133 zijn de verschillende tijdslagen per thema over elkaar heen gelegd, wat resulteert in een ‘röntgenfoto’ per thema. Het geeft een goed beeld van de veranderingen die sinds de oprichting hebben plaatsgevonden in ARTIS op het gebied van water, padenstructuur, eilanden en gebouwen. De donkere delen in de kaarten zijn ‘permanenter’ van aard, en de lichte delen zijn recent toegevoegd of tijdelijk geweest. Zo begint een kaart te gloren van de waardevolle cultuurhistorische structuren in ARTIS, die ook te zien is in de sporenkaart in figuur 129. Paden: In het padennetwerk valt een aantal zaken op. Allereerst is zichtbaar hoe het orthogonale patroon van de Plantage is getransformeerd in een landschappelijk padenpatroon van lui slingerende paden, rond groene ‘eilanden’; met enkele uitzonderingen. Plaatselijk zijn rechte paden die aansluiten op rechthoekige gebouwen, of die een restant zijn van de oude lanen. Juist deze rechte paden zijn interessant, te midden van de romantische parkpaden met de consequent holle en bolle belijning, vanwege

het contrast tussen beide: recht versus gekromd. De paden zijn veelal uiterst bewust gesitueerd, als onderdeel van een uitgekiende routing en ontworpen in relatie tot de parkbeleving (met zichten/vista’s). De paden zijn in de loop der tijd aangepast, ook omdat de dierverblijven steeds groter werden, wat tot een grotere ‘korrel’ leidde. Hier is later op gereageerd door paden door de dierverblijven heen te leggen, ín de verblijven, waardoor de korrelgrootte weer afnam en de fijnmazigheid van ARTIS voor de bezoekers juist weer toenam. Dit vergroot de waarde van ARTIS als dwaalpark met voor het gevoel haast oneindige routes. De wandelpaden strekken zich idealiter ook uit tot in de gebouwen, en lopen liefst altijd door. Op sommige plekken in ARTIS is deze logica in het padensysteem echter minder duidelijk aanwezig, lopen paden dood, of eindigen abrupt. Dit speelt met name in de achtertuin. Water: Water was er van oudsher enkel om de dorst van de dieren te lessen. In de loop der jaren is het water echter steeds talrijker en belangrijker geworden. Aanvankelijk nog als kleine bassins in volière of dierenverblijf. Langzaam is het water

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

89

Figuur 131. ‘Röntgenfoto’ van de waterstructuur in en rondom ARTIS tussen 1854 en 2019: hoe donkerder van tint hoe langer ongewijzigd/op dezelfde plek

steeds groter geworden en ook een belangrijk onderdeel van de beleving geworden. Het water is ingezet om de verblijven af te grenzen zonder dat hekken nodig zijn, het water is onderdeel van de parkbeleving geworden (met de omvorming van de gracht tot de drie landschappelijke vijvers als beste voorbeeld) en in de laatste slag is het water zelfs op grote - haast landschappelijke - schaal ingezet en bepaalt het in hoge mate het karakter van de uitbreiding van de Savanne. De reeks van vijvers is weliswaar in de loop der jaren steeds wat aangepast, maar dit betreffen slechts kleine wijzigingen: de reeks vijvers vormt als water-as een belangrijke ‘historische backbone’ van het Park. Tuinen en verblijven: tussen de padenstructuur liggen de groene eilanden, soms ingericht voor de dieren als verblijf, soms parkruimte, soms een combinatie. Zichtbaar is dat in de loop der tijd de korrel vergroot is om de dieren meer ruimte te geven. Op sommige plekken zijn de ‘eilanden’ fors aangepast, op andere plekken zijn deze – op kleine wijzigingen na – echter nauwelijks veranderd – dit is zichtbaar aan de donkere ‘tonen’. In algemene zin vragen de dieren meer

ruimte, evenals de toenemende bezoekers en de hiermee samenhangende toeristische recreatieve voorzieningen. De parkruimte, de ‘lucht’ in ARTIS, lijkt daarmee sterk onder druk te staan. Ten opzichte van het Springer-plan (fig. 60) is de vrije, parkachtige ruimte fors teruggelopen. Hier zit natuurlijk een eind aan, zeker ook met stijgende bezoekersaantallen. Dit verdient aandacht. Enerzijds is het zaak de open plekken te bewaken, op strategische plekken, om tegendruk te bieden tegen de ‘verdichting’. Anderzijds kan het slim zijn na te denken over het intensiveren van de (beleving van de) aanwezige open ruimte – ook in relatie tot de beplanting - als een zelfstandige ervaring. Door het inzetten van middelen als groen maar ook reliëf en water kunnen nieuwe uitdrukkingsvormen voor de parkarchitectuur worden ontwikkeld. Deze voortgaande intensivering – de zoektocht naar ruimte – kan uiteindelijk wellicht zelfs aanleiding vormen voor een verticaal ARTIS-Park. Gebouwen: de bebouwing is een essentieel onderdeel van ARTIS, waar het natuurlijke en het culturele samen komen. De monumentale

90

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

Figuur 132. ‘Röntgenfoto’ van de eilanden structuur en het groen in ARTIS tussen 1854 en 2019: hoe donkerder van tint hoe langer ongewijzigd/op dezelfde plek

gebouwen en objecten zijn essentieel voor de typische ARTIS-ervaring als historische stadsdierentuin. Sommige gebouwen zijn beeldbepalend, door hun schaal en uitstraling, en verwijzen door hun plek en richting naar de geschiedenis van het ontstaan van ARTIS en de vroege jaren. Deze staan veelal aan de rand, en volgen de orthogonale structuur. Andere gebouwen staan juist in het Park, in dienst van de dieren of het publiek, en staan als een soort van bonbonnetje op een zilveren schaaltje, een groen presenteerblaadje. In een enkel geval is echter te zien dat de meer recente bebouwing in het Park door de omvang eigenlijk niet past in de schaal van het Park (en soms zelfs afbreuk doet aan de parkbeleving). Het vergt een visie van ARTIS op de oud- en nieuwbouw: wat is passend qua architectuur, qua materiaalgebruik, enzovoorts? Met een ophanden zijnde vernieuwing van het entreegebied - met een mogelijk nieuw Entreegebouw op een uiterst prominente plek – is een sterke en duidelijk geformuleerde architectuurvisie onontbeerlijk. En die moet tegelijk een visie op het Park zijn: de relatie tussen Park en gebouwen is een constant gegeven in ARTIS, waarbij architectuur altijd op

het Park reageert. Nieuwe architectuur moet een waardevolle toevoeging aan het Park zijn, een aanwinst, moet het waard zijn om een plek te krijgen in het historische Park. Met bijzondere architectuur, of een kunstwerk, kunnen bepaalde punten in het Park gemarkeerd worden, wat zowel informatief als functioneel kan zijn. Verschillende deelgebieden De ‘röntgenfoto’s’ geven meer inzicht in de verschillen tussen de deelgebieden. Elk deel dat werd toegevoegd aan het Park kreeg te maken met nieuwe inzichten op het gebied van dierenwelzijn, maar ook van ruimtelijke principes. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de ‘Savanne’ die in schaal en rijkheid aan water afsteekt bij de rest van het Park. Ook in het achterste deel van ARTIS, de ‘achtertuin’, is veel veranderd. Als gevolg daarvan wordt in het gebied tussen de Volharding en de Salmhuisjes niet veel van cultuurhistorisch belang geacht. De historische bebouwing van de Volharding en de Salmhuisjes is belangrijk. Naast deze gebouwen is de rechte lijn van de Doklaan in cultuurhistorisch opzicht van belang.

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

91

Figuur 133. ‘Röntgenfoto’ van de bebouwing in ARTIS tussen 1854 en 2019: hoe donkerder van tint hoe langer ongewijzigd/op dezelfde plek

De Vlindertuin en Metzelaarkas zijn belangrijke markeringspunten, evenals de opgestelde beeldhouwkunst, maar die kan eventueel ook op een andere plek gezet worden. Ook de oude Heimans eik en de oude bomen in het algemeen zijn van belang. Berenkuil, zeeleeuwen- en pinguïnverblijf hebben geen waarde en zijn sterk verouderd. Het achtergedeelte was oorspronkelijk ruimtelijk en open, inclusief de ‘eilanden’-structuur: nu is het vrijwel geheel dicht (vandaar de willekeurige inrichting): die openheid mis je als bezoeker in het Park als geheel, wanneer je langzaam verder van de entree raakt, net als de relatie met de stad naar het oosten. Door de jaren heen zijn verschillende ruimtelijke principes gehanteerd bij het aanpakken en uitbreiden van ARTIS. De principes van bijvoorbeeld Van Lunteren, Hagenbeck, Springer en anderen zijn op veel plekken nog terug te vinden in het park. In het schema (fig. 134) heeft aan aantal van de belangrijkste principes een plek in de tijdlijn gekregen. Ze vormen ook input voor hoofdstuk 4 (ARTIS-principes).

Op basis van deze historische analyse is het mogelijk om vrij precies een indeling in enkele samenhangende deelgebieden te maken, ‘wat hoort bij wat’. Het is goed hierbij duidelijk te stellen dat het ARTIS-Park, alles binnen de hekken, iets anders is dan het gehele ARTISterrein. Er is een merkbaar verschil tussen het deel vóor de vijvers en na de vijvers. Het entreegebied kent meer bestrating, vangt de bezoekers op en is een voorproefje op het romantische deel, dat groener en landschappelijker is. Er zijn subtiele verschillen binnen deze gebieden, zoals de noord- en zuidzijde van het entreegebied. Beide zijn redelijk geometrisch in opbouw, maar de zuidkant van het entreegebied heeft een meer pleinachtig karakter. Micropia en het Groote Museum horen niet bij het ARTIS-Park want zijn niet toegankelijk vanuit het Park voor publiek. Ze vormen met het Artisplein een eigen deelgebied: ‘Stedelijk Artis’. Het ARTISPark zelf valt uiteen in drie deelgebieden. Deze indeling in deelgebieden wordt in hoofdstuk 3 verder uitgewerkt en in hoofdstuk 4 vertaald naar de zogenaamde ARTIS-principes.

92

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

ONT W E RP H I STO RI E

1890

1854

1 . PAD E N

2 .WATE R

Waterpartijen met organische vormen (‘verlandschappelijking’)

Grachten

Dwaallijnen (‘verrassing’)

S P R ING ER

VA N LU NT ER EN

Organische structuren (‘verschijnen en verdwijnen’)

Orthogonale structuur van de Plantage

3 .TU I N E N Dieren staan centraal (en apart)

Diversiteit in tuinen

Dierverblijf ligt in een groen eiland

De slingerende wandeling

Diversiteit in boomtypes in coulissen

Bijzondere verblijfsplekken voor de bezoeker

4 .BO M E N

De rechte wandeling

&

Bijzondere solitaire bomen

Bloemenperken als accenten

5 .RE L I Ë F Glooiiend landschap

6.GEBOUWEN Rondwandeling door gebouwen

Rechte wandeling door gebouwen

Gebouwen als blikvanger

Gebouwen met bijpassende tuin

Figuur 134. De ontwerpprincipes ontwikkelen zich in de geschiedenis van ARTIS op basis van nieuwe inzichten en invloedrijke ontwerpers

BESCHRIJVING HISTORISCHE ONTWIKKELING ARTIS

1945

93

2020

H AG ENBECK

Paden door de verblijven (‘ondergedompeld’)

Natuurlijke barrière tussen mens en dier (onzichtbaar hek)

Habitat-type is aangepast aan dier

Schaalvergroting verblijven

Water in de verblijven: leefruimte dieren (en beleving)

Meerdere diersoorten samen (‘mixed exhibits’)

Tuinen en gebouwen worden opgedeeld

ARTIS als arboretum

Grotere hoogteverschillen

Functie-stapeling (meervoudig grondgebruik)

Vereenvoudigen structuur

94

M A S T E R P L A N A RT I S 2030

2B. DE WANDELING

IV. Savanne

jes

e.o

.

II. Begin van ARTIS

V. Sal m

III. ARTIS park

hu is

0. Bijna bij ARTIS

I. Aankomst bij ARTIS

Figuur 135. Deelgebieden van de wandeling door ARTIS

Beschrijving huidige situatie: de wandeling ARTIS is een heel bijzondere stadsdierentuin, niet alleen vanwege de rijke geschiedenis en historische bebouwing, de bijzondere architectuur, of de ligging aan de rand van het historische centrum; groen én rood erfgoed, midden in de stad. Maar ook vanwege de vele Amsterdammers die in ARTIS groot zijn geworden, voor wie ARTIS een bijzonder stadspark is, een sociale ontmoetingsplek en een lieu de mémoire, sterk vervlochten met hun jeugdjaren. ARTIS kent vele verhalen. Wie door ARTIS wandelt kan ARTIS heel verschillend ervaren. ARTIS kent eigenlijk twee gezichten. ARTIS is aan de ene kant een fantastische plek, een prachtig park met mooie, monumentale bomen, prachtige parkbeplanting, bijzondere dieren. Er is veel vernieuwd de laatste tijd wat bijzondere verblijven heeft opgeleverd, zoals de verblijven van de jaguars en olifanten. Op sommige plekken is ARTIS echter morsig, stinkt het water, is het donker, onoverzichtelijk, enzovoorts. De uitdaging is ARTIS in de komende jaren langzaam verder te transformeren, waarbij de mooie plekken blijven en de lijn van vernieuwing van de afgelopen jaren verder wordt uitgebouwd, en de zwakke plekken als rotte kiezen gericht worden aangepakt. Een continue maar geleidelijke verandering dus, waarin

sommige zaken zo blijven en als vaste waarden de bezoeker houvast bieden, te midden van de immer voortdurende verbouwing en vernieuwing. De beste manier om deze beide gezichten van ARTIS te ervaren, de schoonheid en ook haar nukken te beleven, is een wandeling. In onderstaande fotoreportage zijn enkele in het oog springende zaken vastgelegd. Zowel de kwaliteiten als de belangrijkste kwesties worden zo snel duidelijk. De hoofdconclusie: ARTIS is goed bezig - zeker, maar ook geldt: ARTIS is er nog niet. Allereerst geldt dat de recent ingezette kwaliteitsslag, de vernieuwing onder leiding van de vorige directeur Haig Balian en met historicus Erik de Jong en landschapsarchitect Michael van Gessel als belangrijke drijvende krachten, nog niet voltooid is. Ook letterlijk: sommige delen van ARTIS zijn nog niet aangepakt, wat aan de bestrating nog wel het meest duidelijk zichtbaar is. Soms stopt de mooie nieuwe ARTIS-bestrating van gebakken klinkers om plotsklaps over te gaan in de oude betonklinker. Belangrijker is evenwel dat ARTIS moet blijven meegaan met de tijd, wat om verandering vraagt op terreinen waar eerder wellicht onvoldoende aandacht naar toe is gegaan, zoals duurzaamheid. Hier wordt hierna verder op ingegaan.

DE WANDELING

95

0. Bijna bij ARTIS + de Muiderpoort werkt als baken/ herkenningspunt op weg naar ARTIS + de Plantage laat zich soms zien door extra groen

+ hartje Amsterdam, in nabijheid van Nationaal Holocaust Museum, Hortus Botanicus en meer

+ water vormt een duidelijke scheiding tussen ARTIS en de stad zonder het zicht weg te nemen

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - er is te weinig plek voor de voetganger (met buggy’s, kinderen, rolstoelen) op de stoepen van de Plantage Kerk- en Middenlaan - het ongedefinieerde groen is geen visite-kaartje en staat in contrast met de kwaliteit van het groen in ARTIS

- ARTIS ligt verscholen, je moet goed zoeken naar de entree - er zijn genoeg fietsenstallingen maar de vraag is of ze op de juiste plek liggen

- het stratenpatroon van de Plantage is eeuwenoud maar de aankleding doet weinig eer aan de geschiedenis van de plek

96

M AMSATSETRDEPERLP W ALA NANA NDRA ETLRI IS TNI2G S023003 0

I. Aankomst bij ARTIS + monumentale entreepoort, met bijhorende poortgebouwen + rijksmonument de Ledenlokalen, tevens een plek van samenkomen

+ publiektoegankelijke ruimtes + hoge kwaliteit van spelen en verblijven + doorzichten naar het romantische park van ARTIS

+ functiescheiding (wachten/verblijven/ doorlopen) + continuïteit van de Papegaaienlaan

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - vanaf de Noord-kant ligt ARTIS verscholen er zijn weinig aanwijzingen van de dierentuin

- onduidelijkheid over publieke en betaalde gebieden - te weinig ruimte op de stoepen Plantage Kerklaan

- het voorplein is te klein voor alle bezoekersstromen - geen wachtruimtes voor grote groepen

DE WANDELING

97

II. Begin van ARTIS + monumentale ruimtes + kleurrijke, veranderende Papegaaienlaan is populair en een lust voor het oog

+ bijzondere, seizoensgebonden beplanting + voldoende ruimte voor de bezoeker en pittoreske doorkijkjes

+ behoud van iconische architectuur / objecten + doorzichten van binnen naar buiten

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - de kinderboerderij ligt verstopt en neemt (in de huidige staat) te veel ruimte in op deze locatie - geen verblijfsplekken

- onaantrekkelijk ogende facade op top-locatie - geen verzamel-, orientatieen/of speelplekken

- onduidelijke routing - smalle ruimtes - weinig doorzicht

98

M AMSATSETRDEPERLP W ALA NANA NDRA ETLRI IS TNI2G S023003 0

+ Apen- en vogelenhuis heeft monumentaal karakter en biedt bescherming bij slecht weer + veel verschillende habitats + dieren en planten worden mooi belicht

+ open verblijfsruimte voor het Apenen Vogelhuis + groen karakter door oude bomen en beplanting (in bakken)

+ later toegevoegde elementen zijn ingetogen ontworpen en vormen een eenheid

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - dieren worden ‘gekooid’ tentoongesteld, oude visie van ARTIS

- donkere, kleine ruimtes - sommige verblijven zijn aan elkaar geplakt, er tussen gepropt en/of vervallen

- onaantrekkelijk parkeerterrein - onduidelijke routes door en om gebouwen

DE WANDELING

99

III. ARTIS PARK + vloeiende, constante padenstructuur + de plantenborder en het hek vormen een fijne afstand tussen mens en dier, en een groene voorgrond die past bij het verblijf

+ de verblijfsplekken zijn groen en hebben uitzicht op de verblijven + het meubilair is verplaatsbaar + er zijn zon- en schaduwplekken + het nieuwe meubilair past qua kleur bij het park en schept eenheid

+ er is opstaand groen dat een scheiding vormt tussen verschillende werelden + de plantencollectie is erg uitgebreid

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - restanten van oude bestrating - onaantrekkelijke afscheidingen tussen mens en dier

- donkere doorkijkjes en ‘ondoelmatige’ ruimtes - Klein-Zoogdierenhuis (inclusief buitenverblijven) is log en overgroeid

- paden stoppen plots (in onaantrekkelijke ruimtes) - paden zijn soms te steil - er zijn te weinig speelplekken

100

M AMSATSETRDEPERLP W ALA NANA NDRA ETLRI IS TNI2G S023003 0

+ duidelijke aanwijzingen van momumentale tuin

+ romantische park sfeer + fijne doorkijkjes + je wordt omsloten door groen, dat aanwezig is op verschillende hoogtes

+ de verblijven zijn in samenhang met hun omgeving ontworpen + er is afwisseling tussen beplanting, verblijfsplekken en verblijven

HET MOOIE GEZICHT VAN ARTIS HET MINDER MOOIE GEZICHT - sommige functies bestaan te dicht op/boven elkaar, er wordt te veel gepropt - chaotische sfeer - vieze geur

- er is weinig ruimte tussen de bezoeker en de dieren - sterk gevoel dat de dieren een attractie zijn - de materialen zijn lelijk verouderd en de afscheidingen achterhaald

- steile hellingen en trappen zijn niet toegankelijk voor kinderwagens rolstoelen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14766716/1