CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20230418 - Voordracht Raad Precario liggeld

Raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water 25 mei 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Verhogen precario liggeld passagiersvaartuigen (VN2023-011716)1.663 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nummer < automatisch > Directie

< automatisch >

Voordracht voor de Raadsvergadering van 28 juni 2023

Portefeuille Agendapunt Datum besluit

 Water  Financiën < automatisch > College van B en W, 28 maart 2023 Onderwerp

Harmoniseren tarieven precario liggeld voor passagiersvaartuigen De gemeenteraad van Amsterdam besluit

1.

Kennis te nemen van het benchmarkonderzoek van Deloitte naar tarieven voor commerciële vaartuigen in jachthavens en openbaar water.

2. In te stemmen met een gefaseerde verhoging van precario liggeld voor passagiersvaartuigen vanaf 1 januari 2024 naar een marktconform tarief van € 70 per m2 in 2027. 3. In te stemmen met de gefaseerde aanpassing van de huidige twee tariefgebieden naar één tariefgebied in 2027. 4.

In te stemmen met het inzetten van de verwachte meeropbrengsten precario liggeld voor programma Varen, ter dekking van eventuele extra kosten.

Wettelijke grondslag

Artikelen 216 en 228 van de Gemeentewet. Artikel 216 van de Gemeentewet bevat de bevoegdheid van de gemeenteraad om belastingverordeningen vast te stellen. Elk besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een belasting geschiedt in de vorm van een belastingverordening. Gemeentelijke belastingen kunnen enkel worden geheven op grond van de Gemeentewet dan wel een andere wet. Zonder een wettelijke basis is invoering van een gemeentelijke belasting niet mogelijk. Artikel 228 van de Gemeentewet is de wettelijke basis voor de precariobelasting. Op grond van dit artikel kan de gemeente een precariobelasting heffen ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Bestuurlijke achtergrond

De gemeenteraad heeft op 20 mei 2020 de Nota Varen Deel 2 vastgesteld. Een van de genoemde maatregelen hierin is het harmoniseren van de prijzen van ligplaatsen voor passagiersvaartuigen in openbaar water en in jachthavens. Onderbouwing besluit

Ad. 1 Kennis te nemen van het benchmarkonderzoek van Deloitte naar tarieven voor commerciële vaartuigen in jachthavens en openbaar water. De gemeenteraad heeft 20 mei 2020 de Nota Varen Deel 2 vastgesteld. Daarin staat dat de gemeente de kosten voor een ligplaats op het binnenwater meer in lijn wil brengen met de prijs van een ligplaats in een jachthaven. De verschillen zijn nu te groot. De gemeente wil reële prijzen hanteren voor gebruik van de openbare ruimte door ondernemers. Om een gefundeerd besluit te

kunnen nemen heeft de gemeente Deloitte gevraagd om onderzoek te doen naar de tarieven voor liggeld in Amsterdam en andere binnen- en buitenlandse steden en jachthavens. De belangrijkste conclusies hieruit zijn: 1. 2. 3. 4. 5.

Liggelden voor passagiersvaartuigen in openbaar water zijn aanmerkelijk lager dan in Amsterdamse jachthavens. Liggelden voor passagiersvaartuigen liggen lager dan het binnenhavengeld (BHG). Particulieren moeten BHG betalen voor afmeren van een pleziervaartuig in de stad. De tarieven in jachthavens zijn voor commerciële vaartuigen hoger dan voor pleziervaartuigen. Amsterdam hanteert als enige stad meerdere tariefgebieden. Een precario tarief van € 65 tot € 74 per m² wordt als een reëel tarief voor het openbaar water gezien.

Ad. 2 In te stemmen met een gefaseerde verhoging van precario liggeld voor passagiersvaartuigen vanaf 1 januari 2024 naar een marktconform tarief van € 70 per m2 in 2027. De tarieven voor een ligplaats in openbaar water zijn nu aanmerkelijk lager dan het gemiddelde tarief in een jachthaven. Zo is het huidige hoge precariotarief van € 40,80 per m² 40% lager dan het goedkoopste tarief van € 66 per m² voor commerciële vaartuigen in een jachthaven. Tegelijkertijd zijn de precariotarieven voor bedrijfsmatige ligplaatsen lager dan het binnenhavengeld dat particulieren moeten betalen voor het nemen van ligplaats in de stad, terwijl de tarieven in jachthavens voor commerciële vaartuigen hoger liggen dan voor pleziervaartuigen, uitgaande van een fossiel aangedreven vaartuig. Omdat het voorzieningenniveau bij een ligplaats in een jachthaven over het algemeen hoger is dan dat van een ligplaats op het binnenwater, zal de prijs voor een ligplaats op het binnenwater zonder voorzieningen niet veel hoger kunnen zijn. Om te bepalen wat een redelijke prijs is, heeft de gemeente Deloitte een benchmark laten uitvoeren (bijlage 1). Op basis van de benchmark wordt voorgesteld om het precarioliggeld stapsgewijs te verhogen naar € 70 per m² in 2027. Een stapsgewijze verhoging past bij de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Inwerkingtreding per 1 januari 2024 In 2021 is besloten om de geplande verhoging niet in 2022 en ook niet in 2023 in te voeren, maar deze pas op 1 januari 2024 in te laten gaan in verband met de gevolgen van de Covid maatregelen voor deze branche. In het kader van lastenverlichting voor ondernemers is ook besloten om in 2022 geen precario te heffen voor passagiersvaartuigen. Hiermee is de gemeente tegemoetgekomen aan de moeilijke situatie waarin veel reders verkeerden door de maatregelen tegen Covid. Opbrengsten uit precario liggeld De totale baten uit precario liggelden passagiersvaart zien er met een gelijke hoeveelheid passagiersvaartuigen als volgt uit: Vergunde ligplaatsen in 20211 Gebied 1 7.331 m2 Gebied 2 957 m2 8.288 m2

88% 12% 100%

Tarief precario per m² per jaar + opbrengst per jaar 2021 2022 2023

2024

2025

2026

2027

Gebied 1 Gebied 2 Baten

€ 40 € 20 € 312.380

€0 €0 € 0,00

€ 40,80 € 20,40 € 318.628

€ 50 € 32,50 € 397.653

€ 60 € 45 € 482.925

€ 70 € 57,50 € 568.198

€ 70 € 70 € 580.160

Consequentie van hogere tarieven voor terugverdientijd In 2019 heeft de gemeente een nieuw systeem voor exploitatievergunningen voor betaalde passagiersvaart geïntroduceerd. De looptijd van een exploitatievergunning is onder andere afgeleid van de terugverdientijd van de investeringen door een rederij. In de onderzoeken naar de terugverdientijden is rekening gehouden met de kosten voor een ligplaats in een jachthaven. Daarbij is indertijd een gemiddeld tarief van € 64 tot € 67 per m2 gehanteerd. De tarieven van toen zijn bijna gelijk aan het nieuwe voorgestelde precario tarief vanaf 2027. Het effect van de voorgestelde verhoging van precario liggeld op de berekende terugverdientijden is daarmee te verwaarlozen. Indexering Indexering is een jaarlijkse verhoging van de gemeentelijke budgetten op basis van de raming die het CPB hanteert voor de loon- en prijsontwikkelingen. Omdat het gewenste tarief pas in 2027 wordt bereikt, zal vanaf 2023 moeten worden gestart met een indexatie. Indien dat niet gebeurt dan zullen de verschillen tussen de tarieven weer groter worden, omdat de prijzen in de jachthavens waarschijnlijk ook elk jaar zullen worden verhoogd. Het aankondigen van een jaarlijkse indexering geeft duidelijkheid aan de belastingplichtigen.

Bij de voorjaarsnota komt een voorstel aan het college dat invulling geeft aan de wens om zoveel mogelijk indexatie binnen de gemeente te harmoniseren.

Ad 3. In te stemmen met de gefaseerde aanpassing van de huidige twee tariefgebieden naar één tariefgebied in 2027. Sinds de invoering van precario liggeld voor passagiersvaartuigen in 2017 worden twee tariefgebieden voor precario liggeld gehanteerd. Globaal is dat het centrumgebied en zuid (gebied 1) en alles daarbuiten (gebied 2). Deze grens is afgeleid van de toenmalige vergunningsgebieden voor passagiersvaart uit de Nota Varen in Amsterdam 2.1, die met de vaststelling van het nieuwe vergunningensysteem in Nota Varen Deel 1 in 2019 is komen te vervallen. Deze maatregel was onderdeel van een pakket aan maatregelen om de druk op het water van de binnenstad te verlichten en meer naar waarde te beprijzen. Vanwege de grote hoeveelheid aan claims voor plek op het water is er geen mogelijkheid om het huidige aanbod aan ligplaatsen voor passagiersvaartuigen uit te breiden. Het aantal vergunde ligplaatsen is in de afgelopen jaren hoegenaamd gelijk gebleven. Het gaat in totaal om circa 380 passagiersvaartuigen. 1

Met de vaststelling van het Uitvoeringsplan ligplaatsen (B&W 22 november 2022) worden de beschikbare plekken vanaf 2024 verdeeld onder passagiersvaartuigen die in het bezit zijn van een geldige exploitatievergunning. Hierdoor is er geen objectieve rechtvaardiging meer om te differentiëren naar gebied. Daarnaast zorgt één tarief voor meer eenduidigheid op het gehele Amsterdamse binnenwater en kan de bijbehorende administratieve organisatie van innen tot en met toezicht, efficiënter worden georganiseerd. Op grond hiervan wordt voorgesteld om de huidige twee tariefgebieden gefaseerd naar één tariefgebied om te vormen in 2027. Ad 4. In te stemmen met het inzetten van de verwachte meeropbrengsten precario liggeld voor het Programma Varen, ter dekking van eventuele compensatiebetalingen. Het college heeft op 22 november 2022 het Uitvoeringsplan ligplaatsen passagiersvaartuigen vastgesteld. In dit plan staan de uitgangspunten voor behoud en verdelen van schaarse ligplaatsen op het binnenwater. Om te voorkomen dat ligplaatsen bezet worden gehouden door passagiersvaartuigen zonder exploitatievergunning, krijgt de ligplaatsvergunning dezelfde looptijd als de exploitatievergunning. Hierdoor kunnen vrijgekomen plekken weer worden verdeeld onder de gegadigden.

Bij het herverdelen van vrijgekomen ligplaatsen zal in enkele gevallen een door derden aangelegde afmeervoorziening door de gemeente worden overgenomen. Hier kan mogelijk sprake zijn van ongerechtvaardigde verrijking door de gemeente. Wanneer hier sprake van is, kan een compensatiebetaling aan de - voormalige - gebruiker van die ligplaats aan de orde zijn. Hiervoor dient een budget beschikbaar te worden gehouden. Hoewel weinig te zeggen is over de hoogte van het benodigde budget, is het vrijwel zeker dat de lasten de meeropbrengsten niet te boven zullen gaan. Het budget zal bij programma Varen worden geoormerkt voor dit specifieke doel. De financiële consequenties van het nieuwe beleid zijn beschreven in de collegevoordracht voor het Uitvoeringsplan ligplaatsen passagiersvaartuigen (bijlage). Financiële onderbouwing De baten uit precariobelasting liggeld passagiersvaart nemen toe door de tariefstijging. De belasting wordt opgelegd en geïnd door Directie Belastingen. De lasten zullen mogelijk toenemen, maar het is onbekend met welk bedrag in welk jaar. Tabel: Financiële consequenties van de beslispunten

BATEN Product

I/S

Precario opbrengsten

Belastingen

S

<naam>

<nr.>

<I/S>

Totaal

2024

2025

2026

2027

€ 91.676

€ 185.131

€ 280.458

€ 293.856

€ 0,00

€ 0,00

€ 0,00

€ 0,00

€ 410.304

€ 503.759

€ 599.085

€ 612.483

2024

2025

2026

2027

€ 91.676

€ 185.131

€ 280.458

€ 293.856

€ 0,00

€ 0,00

€ 0,00

€ 0,00

LASTEN PV Reservering voor eventuele compensatie Totaal

S=Structureel

Product

I/S

2.5 (omgenummerd)

S

I=Incidenteel

I=Incidenteel S=Structureel

Consequenties gedekt? Ja. Overige toelichting: Niet van toepassing. Conclusie: Niet van toepassing. Geheimhouding

Niet van toepassing Welke stukken treft u aan? Registratienr.

Naam

< automatisch >

Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)

Programma Varen, Emerentia Meijburg, 06 - 381 63 663, w.meijburg@amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12740627/2