20230413 Inspreektekst agp 5 - P vd Haak
Tekst van het document
Aan de leden van de raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water, Geachte commissieleden, Ik wil onder de aandacht brengen, dat het opheffen van metrolijn 53 in 2024 een heel slecht plan is, waar veel mensen de dupe van worden. Voor mensen die er dagelijks gebruik van maken, betekent dit een verlenging van reistijd, en daarmee een grotere drempel om met de metro te reizen, terwijl er voor velen ook geen alternatief is. Geen alternatief voor al diegenen die geen auto hebben, om financiële redenen of uit principe. Bij mooi weer zijn er mensen die de fiets pakken voor die afstand van 10km., maar in wintertijd en bij slecht weer is dat geen optie, en zowiezo voor grote aantallen mensen niet. Het is doorgaans al zo dat men op de metro moet wachten, want de metro rijdt meestal wel regelmatig maar niet precies volgens de dienstregeling. Bij opheffen, en dortrekken van lijn 50 naar Gaasperplas, moet men 2x wachten, want er mag dan naar gestreefd worden dat de metrolijnen op elkaar afgestemd rijden, maar dat is in de praktijk lang niet altijd zo. De metrostations zijn winderig, en vaak kan men ook niet zitten, wat voor ouderen en voor mensen met een beperking dus extra drempels opwerpt. De verbinding wordt ook onbetrouwbaarder: als de eerste metro die we moeten nemen wel rijdt en op tijd rijdt, kan de tweede metro vertraging hebben of helemaal niet rijden, of andersom.
In de concept-reactie op het concept-GVB-plan – op p. 4 – wordt gesproken over een relatief beperkt effect in zuidoost van de voorgestelde wijziging, lijn 53 opheffen en lijn 50 door laten gaan naar Gaasperplas. Dat dat effect relatief beperkt is, dat standpunt deel ik niet. Het plan lijn 53 op te heffen staat volgens mij en vele anderen haaks op het streven ervoor te zorgen dat iedereen zich van A naar B kan verplaatsen, voor een bereikbare stad. Op het gebied van mobiliteit is belangrijk dat de stad er naar streeft om autoluw te worden. Daarnaast krijgt het openbaar vervoer prioriteit op de weg door het beperken van doorgaande autoroutes. Maar hoe is dit te rijmen met bezuinigingen in het openbaar vervoer, met snijden in bestaande routes? Men zou eerder de vraag moeten stellen welke maatregelen er nodig zijn om de bereikbaarheid van bewoners te garanderenen en daardoor de leefbaarheid van de stad te waarborgen? Een autoluwe stad is niet simpelweg de auto weghalen of de automobilist de fiets op krijgen: het gaat om het beschermen van de bereikbaarheid van de stad met alternatieve vervoersmiddelen, die minder belastend zijn voor milieu en mens. Maar op het moment dat de auto minder ruimte krijgt, en dat geldt ook voor automobilisten uit zuidoost, moet het openbaar vervoer wel functioneren als een snel, betrouwbaar en aantrekkelijk alternatief.
Leefbaarheid en bereikbaarheid staan voorop, en het openbaar vervoer moet dit blijven garanderen. Wat betekent het voor de inwoners van Amsterdam als zij én niet meer per auto de stad in kunnen én de metro een mijl op zeven wordt door vaker overstappen? Mensen in zuidoost hebben de metro nodig voor werk, voor andere zaken die ze in het centrum te doen hebben, voor bezoek aan vrienden en familie. Dat geldt ook voor mensen uit andere wijken die in zuidoost vrienden of familie hebben of er naar het ziekenhuis moeten of werk hebben. Overstappen en vaker en dus langer wachten kost meer tijd en is voor hele groepen mensen fysiek teveel gevraagd. Het beleid van de overheid om bijvoorbeeld ouderen langer thuis te laten wonen — ik hoor zelf bij die ouderen —, leidt er met gebrekkig openbaar vervoer toe dat ouderen ook letterlijk thuisblijven. Dat kan niet de bedoeling zijn. Ik zou graag zien dat u dit in uw beraadslagingen meeneemt. P.J. van den Haak 1104 EA Amsterdam 11 april 2023