20230221 Raadsinformatiebrief - Aanpak zettingen Sluisbuurt Zbe + OAT_def.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Bijlagen
Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 21 februari 2023 Grond en Ontwikkeling, Woningbouw, Afval Reinier van Dantzig E. Moors, Grond en Ontwikkeling, e.moors@amsterdam.nl GEHEIM Raadsinformatiebrief bijlage d.d. 21-2-2023 - Aanpak zettingen Sluisbuurt Zeeburgereiland; Raadsinformatiebrief bijlage d.d. 21-2-2023 – Visualisatie aanpak Aanpak zettingen (bodemdaling) Sluisbuurt, Zeeburgereiland
Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeert het college u over twee onderwerpen die spelen op het Zeeburgereiland. Te weten de aanpak van de extra zettingen in de Sluisbuurt en de uitkomsten van onderzoek naar een alternatief voor het OAT in de Sluisbuurt. Maatregelen extra zetting Sluisbuurt Op 25 april en 30 mei 2022 informeerde het college van B&W u schriftelijk over de resultaten van onderzoek naar extra bodemdaling in de Sluisbuurt, Zeeburgereiland. Uit dit onderzoek, uitgevoerd door Fugro, geofysisch bureau, is gebleken dat over de gehele Sluisbuurt de bodem meer gaat dalen dan verwacht (in vaktermen bekend als ‘zetten’). Oorzaak is dat de sliblaag diep in de grond slecht grondwater doorlaat en afvoert. Gevolg is dat de gehele Sluisbuurt – bovenop de in Amsterdam gebruikelijke 20 cm in 30 jaar - nog aanvullend moet zetten met ca. 30 tot 50 cm. Dit betekent dat de bodem in totaal 50 à 80 cm daalt. Met deze extra daling is geen rekening gehouden. Dit kan straks effect hebben op de plek waar straten, pleinen, kabels en leidingen liggen. Huizen en gebouwen blijven wel gewoon op hun plek, deze staan op palen gefundeerd diep in de grond. Na mei 2022 heeft aanvullend nader onderzoek plaatsgevonden en hebben we oplossingsvarianten uitgewerkt.
Uit het aanvullend nader onderzoek is gebleken dat andere parameters voor het rekenmodel voor bodemdaling nodig zijn, die beter passen bij de specifieke bodem met sliblaag van het eiland. (Parameters zijn variabelen die in een wiskundig model worden gebruikt om een voorspelling te kunnen doen, in dit geval over het gedrag van de bodem). Op diverse plaatsen in de Sluisbuurt is begonnen met het treffen van maatregelen. Hierbij geven we prioriteit aan de kavels die de gemeente als eerstvolgende moet gaan leveren aan partijen op grond van gesloten overeenkomsten.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 2 van 8
Aanpak Het college heeft inmiddels een besluit genomen over de verdere aanpak van de zettingen in de Sluisbuurt. Kern van de aanpak is dat we ervoor gaan zorgen dat de extra daling nu (of niet) plaatsvindt en niet in de toekomst. Zo voorkomen we dat we in de latere toekomst kostbare maatregelen moeten nemen en dat er schade optreedt. De aanpak vergt – met name in de gebieden die nu ontwikkeld worden of waar binnenkort ontwikkelingen starten – soms maatwerk en verschilt per deel van het gebied. Op hoofdlijnen gaat het om een combinatie van de volgende methoden: 1. Ophogen en deels aanbrengen verticale drainage waarmee het water uit de sliblaag in de ondergrond wordt afgevoerd via smalle buizen. Deze maatregel zal in het grootste deel van de Sluisbuurt worden toegepast. Hier is nog voldoende tijd om deze gangbare, relatief kosten efficiënte en beproefde maar tijd kostende methode toe te passen; 2. Aanbrengen van licht ophoogmateriaal. Deze maatregel wordt voornamelijk toegepast in de toekomstige hoofdstraat. In de rijbaan van de hoofdstraat gebruiken we schuimglas, wat een restproduct is van recycling van glas. Dit schuimglas is niet milieuverontreinigend en wordt met een Europese certificering als bouwstof geleverd. Voor de bomenstrook gebruiken we een laag licht bomensubstraat en een extra laag druk verdelende kratten. In de trottoirs wordt zogenaamd ‘Argexzand’ toegepast.
Het lichte ophoogmateriaal passen we ook toe in die delen van dwarsstraten waar een andere aanpak niet mogelijk is. Door het relatief zware zand in de ondergrond te vervangen door een licht materiaal, voorkomen we dat de ondergrond nog extra gaat zetten. 3. Aanbrengen van drukterpen in delen van drie dwarsstraten. Een drukterp is een berg zand van ongeveer 1,5 m hoog. Deze drukt op de bodem en versnelt, samen met drainagemaatregelen, de afvoer van water en daarmee de zetting. De gekozen aanpak heeft mogelijk gevolgen voor maximaal zeven ontwikkelende partijen, diverse nutspartijen en tijdelijk ook voor de leefbaarheid en bereikbaarheid van de Sluisbuurt voor de eerste bewoners en gebruikers. Graag neem ik u mee in de overwegingen waarom het college tot deze aanpak heeft besloten. Nu niets doen is eigenlijk geen optie, zowel vanuit financieel oogpunt als de overlast die herstelwerkzaamheden (aan kabels en leidingen en in openbare ruimte) in de toekomst met zich mee zouden brengen voor bewoners en gebruikers van de wijk. Wanneer nu niet wordt ingegrepen is de verwachting dat de kabels en leidingen en het maaiveld (straten, pleinen, plantsoenen) in de toekomst – als de gehele Sluisbuurt bebouwd en bewoond is meerdere keren hersteld moeten worden. Er zijn verschillende varianten onderzocht waarbij nu wel maatregelen worden getroffen.
Een variant waarbij op grote schaal licht ophoogmateriaal wordt toegepast en een variant waarbij beperkter licht ophoogmateriaal wordt toegepast in combinatie met de aanleg van drukterpen. In alle varianten wordt ook een deel van het gebied opgehoogd met drainage. Deze varianten zijn goedkoper en voorkomen het doorschuiven van hinder en overlast naar de toekomst, maar hebben tot gevolg dat het uitgangspunt ‘huisje klaar, straatje klaar’ niet overal wordt behaald. Gevolg is dat de eerste bewoners en gebruikers tijdelijk hinder zullen ondervinden van de genomen maatregelen.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 3 van 8
Het collegebesluit heeft gevolgen voor maximaal zeven kavels waarvan de bouw reeds is gestart of binnenkort start. Het gaat hierbij om woningbouwontwikkelingen, maar ook om een hogeschool en een alles in één-school. Onderdeel van deze ontwikkelingen is ook niet-woonprogramma, waaronder een supermarkt. De gevolgen voor deze kavelontwikkelingen treden op in de bouwfase. Het gaat dan om beperking van het beschikbare werkterrein of wijziging van aanleverroutes op het moment waarop het ophoogmateriaal moet worden aangebracht. Afhankelijk van het tempo waarin de bouw op deze kavels vordert en hoe snel ze opleveren, is het gevolg ook dat deze kavels na oplevering gedurende enige tijd nog een drukterp van circa 1,5 m hoog voor de deur hebben, gevolgd door werkzaamheden waarbij de drukterp wordt weggehaald, definitieve kabels en leidingen worden aangelegd en het definitieve maaiveld wordt ingericht. Hoelang de periode duurt waarin er zowel bewoners/gebruikers als werkzaamheden voor de deur zijn, verschilt per kavel. Dit betekent dat de eerste bewoners en gebruikers een tijd lang hinder ondervinden. De toegang tot woningen moet bijvoorbeeld met een tijdelijke inrichting worden ontsloten, parkeergarages en fietsenstallingen zijn mogelijk tijdelijk niet of minder makkelijk bereikbaar en bruikbaar. Een tijdelijk alternatief is nodig.
Met andere woorden: de openbare ruimte direct rondom het pand heeft bij het in gebruik nemen nog niet de kwaliteit die zij in de definitieve situatie verwachten. Tijdelijke hinder en tijdelijke maatregelen ten behoeve van de bereikbaarheid en leefbaarheid zijn overigens niet ongebruikelijk binnen ontwikkelgebieden. De aanpak heeft ook effect op de planning en capaciteit van de nutspartijen. Zij moeten enkele reeds aangelegde leidingen verwijderen zodat de gemeente noodzakelijke zettingsmaatregelen uit kan voeren, om deze daarna weer terug te leggen. In de dwarsstraten kunnen de kabels en leidingen en de definitieve huisaansluitingen niet voorafgaand aan oplevering worden gerealiseerd zoals gebruikelijk, maar pas na verwijdering van de drukterp. Tijdelijke kabel en leidingentracés moeten (grotendeels ondergronds) worden aangelegd.
Second opinion Om vertrouwen te geven in onze aanpak en onze bevindingen met nog meer zekerheid vast te stellen is een second opinion uitgezet bij een onafhankelijk adviesbureau op het gebied van geotechniek en bodem. Hierin wordt advies gevraagd op het tot nu toe verrichte werk door de gemeente en Fugro en op de gekozen aanpak. Gevraagd is 1. Naar een beoordeling van de door gemeente en Fugro toegepaste rekenmethode (is dit een nauwkeurige berekening?). 2. Het steekproefsgewijs herberekenen van een aantal zettingswaarden. 3. In hoeverre passen we de juiste beheersmaatregelen toe / zitten we op de goede weg? 4. Welke risico’s en/of onderdelen missen of zijn onderbelicht in de huidige aanpak? De uitkomsten van de second opinion worden in maart 2023 verwacht. Het college heeft vooruitlopend hierop een besluit genomen over de aanpak van de zettingen. Reden hiervoor is de wens om zo snel mogelijk te starten met de aanpak van de zettingen. Dit om de periode van overlast van de aanpak van zettingen voor bouwers en bewoners zo kort mogelijk te houden. Daarnaast is er vertrouwen in de (onderbouwing van de) aanpak die nu voorligt. Deze aanpak is
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 4 van 8
opgesteld in samenwerking met externe partij Fugro. Zowel het werk van het ingenieursbureau als het werk van Fugro is gecontroleerd volgens het ‘vier ogen principe’. Ook hebben Fugro en het ingenieursbureau van de gemeente elkaar gecontroleerd. Door de ‘second’ opinion die is uitgezet, kijkt er nu nog een derde, onafhankelijke partij mee. De verwachting is dat indien er toch aanmerkingen op de aanpak zijn deze gaan over de toepassing van licht ophoogmateriaal. Na de second opinion kan nog worden bijgestuurd in de aanpak en de monitoring van de maatregelen. Planning en effecten op derden De eerste uitvoeringswerkzaamheden zijn zoals eerder aangegeven inmiddels gestart en overige maatregelen starten zo spoedig mogelijk. Direct na het collegebesluit zijn de voorbereidingen voor inkoop gestart. Buiten wordt begonnen met het verwijderen van enkele reeds aangelegde kabels en leidingen. Het aanbrengen van het lichte ophoogmateriaal rond de hoofdstraat volgt direct hierna. In het tweede kwartaal van 2023 wordt volgens planning gestart met het aanbrengen van verticale drainage en de tijdelijke drukterpen in de dwarsstraten; dit kan niet eerder in verband met het verwijderen van de kabels en leidingen. De drukterpen moeten daarna naar verwachting ca. 12 maanden blijven liggen.
Vervolgens zijn nog 6 maanden nodig om deze te verwijderen, kabels en leidingen te leggen en het definitieve maaiveld (straten) in te richten. Hier ontstaat naar verwachting een overlap met de eerste opleveringen in die omgeving. Het ophogen en draineren van het noordelijk deel van de Sluisbuurt is – vanuit de optiek van de woningbouwproductie – qua planning het minst urgent. Dit wordt uitgevoerd in het laatste kwartaal van 2023. In overleg met de betrokken kavelontwikkelaars en hun aannemers die op dit moment actief zijn in de Sluisbuurt worden hun wensen en eisen zoveel als reëel mogelijk meegenomen in de nadere uitwerking van de aanpak. Hierbij gaat het om het (zoveel mogelijk) borgen van de bereikbaarheid van de bouwterreinen, het zoveel mogelijk beperken van de hinder van het bouwproces en algemene bereikbaarheid van de ontwikkeling voor nood- en hulpdiensten. Het streven hierbij is het optimaal verenigen van de belangen van de gemeente en vastgoedpartners. Met de nutspartijen – inclusief Afval en Grondstoffen voor het Ondergronds Afval Transportsysteem (OAT) - wordt nog samengewerkt en afgestemd om tot een gezamenlijke planning voor de uitvoeringswerkzaamheden voor zowel het tijdelijke tracé als de definitieve kavels en leidingen te komen.
De financiële consequenties van de aanpak worden nader toegelicht en voorgelegd in het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties (MPG)2023. Dit staat omstreeks mei 2023 op de agenda van de gemeenteraad. Met de direct betrokken ontwikkelaars (en via hen hun aannemers) wordt actief contact gezocht om hen te informeren. Er wordt gezocht naar zoveel mogelijk meenemen van hun wensen en eisen in de nadere uitwerking van de aanpak. Uitgangspunt hierbij is de eventuele te maken kosten / schade tot een minimum te beperken.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 5 van 8
De direct betrokken toekomstige bewoners en gebruikers van enkele gebouwen gaan tijdelijk hinder ondervinden. Deze bewoners en gebruikers zijn nu nog grotendeels onbekend. Zodra bekend worden zij geïnformeerd over wat de maatregelen voor hen betekenen. Ook verwachten (toekomstige) ontwikkelaars duidelijke en transparante uitleg dat de aanpak tot de gewenste bodemdaling leidt. Daarnaast informeren we andere bewoners en professionals via de webpagina Zeeburgereiland (https://www.amsterdam.nl/projecten/zeeburgereiland/bodemdaling-zeeburgereiland/). De lessen geleerd van de zettingsproblematiek in de Sluisbuurt delen we straks ook binnen de organisatie. Zo hopen we een soortgelijk probleem in de toekomst te voorkomen. Op dit moment delen we al actief kennis met een ander projectgebied gelegen op een oud slibdepot. Effecten elders op Zeeburgereiland? Onderzocht is of het probleem dat zich nu in de Sluisbuurt voordoet, ook op andere nog te ontwikkelen deelgebieden van Zeeburgereiland zou kunnen spelen. Op heel Zeeburgereiland is immers een sliblaag aanwezig diep in de ondergrond die slecht grondwater doorlaat en afvoert. Voor heel Zeeburgereiland is in kaart gebracht welke kennis over de ondergrond aanwezig is. Daarbij is ook gekeken op welke plekken onvoldoende gebiedsspecifieke kennis aanwezig is en aanvullend onderzoek moet worden uitgevoerd.
Voor de deelgebieden: Baaibuurt West en Oost en de Oostpunt geldt dat ze nog niet zijn vrijgegeven voor ontwikkeling. Zodra we deze buurten ontwikkelen nemen we de ervaringen uit de Sluisbuurt hierin mee. - De Bedrijvenstrook wordt momenteel ontwikkeld. Hier wordt in de gaten gehouden of de bodem zich gedraagt zoals verwacht. Uitgevoerde metingen bevestigen dat dit het geval is. De situatie in de Sportheldenbuurt kent overeenkomsten en verschillen met de Sluisbuurt. Zo is in beide buurten een slecht waterdoorlatende sliblaag aanwezig in de ondergrond. In de Sportheldenbuurt is deze laag minder dik dan in de Sluisbuurt. Een belangrijk verschil tussen beide buurten is de wijze van ophoging. In de Sportheldenbuurt heeft destijds geen integrale ophoging plaatsgevonden zoals in de Sluisbuurt. In de Sportheldenbuurt is alleen de (toekomstige) openbare ruimte voorbelast en deels van drainage voorzien. De uitgeefbare kavels zijn niet voorbelast. De keuze om niet integraal op te hogen en drainage aan te brengen is gemaakt om financiële redenen (goedkoper) en was mogelijk omdat precies bekend was waar de openbare ruimte zou komen en waar uitgeefbare kavels. Dit laatste is in de Sluisbuurt niet het geval. Het afgelopen jaar heeft steekproefsgewijs controle plaatsgevonden op de reeds ontstane zettingen in de openbare ruimte van de Sportheldenbuurt.
De straten in de Sportheldenbuurt zakken meer dan gemiddeld, namelijk zo’n 5 – 10 mm per jaar (NB: over een periode van 30 jaar is dat 15 à 30 cm. Mogelijk dus binnen, maar mogelijk ook buiten de normaal te verwachten
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 6 van 8
restzetting). Er zal verschil in zetting ontstaan tussen de verschillende delen van de buurt. Gefundeerde gebouwen zakken niet, de voorbelaste openbare ruimte zakt wel en de niet voorbelaste, niet bebouwde delen van kavels zakken het meest. Hierdoor is het niet uitgesloten dat op termijn problemen ontstaan met huisaansluitingen van kabels en leidingen. Of dit probleem zich echt voordoet in de toekomst moet worden afgewacht. Daarbij wordt opgemerkt dat in een dergelijke lange periode kabels en leidingen vaak al vervangen moeten worden. Hierbij kan in dit geval geanticipeerd worden op eventuele aanvullende zetting. Concreet is aan de westrand van de Sportheldenbuurt sprake van de volgende verzakkingen: - Er zijn enkele verzakkingen in de openbare ruimte. Op sommige kavels die niet door de ontwikkelaar zijn voorbereid op de te verwachten normale bodemdaling is - onder de gefundeerde gebouwen - sprake van zetting. Hierdoor ontstaan er holle ruimtes onder de gebouwen waar het zand vanuit de openbare ruimte naar toestroomt. Gevolg zijn verzakkingen van het trottoir. Deze verzakkingen zijn in 2022 grotendeels aangepakt. Hierbij is tegen de fundering van het gebouw een schot geplaatst en is het zand in de openbare ruimte aangevuld. Door het plaatsen van het schot wordt voorkomen dat nogmaals zand onder het gebouw schuift.
In het voorjaar van 2023 worden de laatste verzakkingen aangepakt. De herstelkosten voor de openbare ruimte worden gedekt uit de grex van de Sportheldenbuurt. - Bij een van de gebouwen is sprake van verzakking in de parkeergarage. De ontwikkelaar van deze kavel heeft ervoor gekozen om de parkeergarage niet te funderen. Omdat de kavel niet is voorbelast, treedt er zetting op en verzakt de ongefundeerde bestrating van de parkeergarage. Omdat het ene deel zakt en het andere niet, zijn problemen ontstaan met het gebruik van de parkeergarage. De rechthebbende van het gebouw zegt dit in 2023 aan te pakken. De gemeente sluit hierop aan met herstelwerkzaamheden aan het trottoir. Ook wordt voor de tijdelijke invulling van de parkeerbehoefte gedurende de werkzaamheden door de gemeente een nog beschikbaar terrein aangeboden. - Tot slot is in de Sportheldenbuurt een riool verzakt. De oorzaak hiervan is een combinatie van factoren aangaande het ontwerp, de wijze van aanleg en extra druk door opslag van grond op het maaiveld boven het tracé. Waternet is verantwoordelijk voor (de kosten van) de vervanging van het riool. Hier is geen relatie met de zettingsproblematiek.
Uitkomsten verkenning alternatief voor OAT In de brief van 30 mei jl. is aangekondigd dat zal worden onderzocht of het OAT nog wenselijk en haalbaar is en wordt gekeken of alternatieven wellicht minder risico’s en kosten met zich meebrengen. In het onderzoek is het OAT vergeleken met reguliere afvalinzameling met ondergrondse containers. Beide zijn beoordeeld op financiële risico’s en bedrijfsrisico’s. Uit het onderzoek blijkt dat nu stoppen met OAT niet leidt tot minder kosten. Zoals door de gemeenteraad meegewogen in het investeringsbesluit voor het OAT is afvalinzameling met een OAT duurder dan reguliere afvalinzameling. Sinds het investeringsbesluit zijn investeringen gedaan en verplichtingen aangegaan voor het OAT. Wanneer nu wordt gestopt met het OAT doen
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 7 van 8
deze verzonken kosten en de te verwachten afkoopkosten het financiële verschil met reguliere afvalinzameling teniet. Nu stoppen met OAT biedt ook geen voordelen in de bedrijfsvoering van de afvalinzameling. Door de aanpak van de zettingen moet het afval van de eerste gebouwen in de Sluisbuurt tijdelijk bovengronds moet worden ingezameld. Dit is onvermijdelijk in het geval van een OAT (omdat de leidingen niet tijdig gelegd kunnen worden), maar ook in geval van reguliere afvalinzameling (omdat het maaiveld niet tijdig gereed is om ondergrondse containers te plaatsen). Afspraken zijn gemaakt over de extra kosten die ten gevolge van de (aanpak) extra zetting worden gemaakt. Deze komen niet ten laste van Afval en Grondstoffen en hebben geen effect op de Afvalstoffenheffing. Het collegebesluit over de aanpak van de zettingen Sluisbuurt maakt bedrijfsrisico’s voor het OAT beheersbaar. Risico’s voor de bedrijfszekerheid van het OAT worden verder verkleind door de contractuele afspraken met de leverancier en door de fysieke eigenschappen van de OATleidingen. Tot slot heeft doorgaan met OAT veel voordelen voor de Sluisbuurt en de stad. Voor de bewoners van de hoogstedelijke Sluisbuurt leidt inpandige afvalinzameling met OAT en aanvullend inpandige rolcontainers tot een hogere kwaliteit van de openbare ruimte (er is geen ruimte nodig voor ondergrondse containers).
Geen containers in de openbare ruimte verkleint kans op ‘bijplaatsingen’ van afval en zwerfafval. Ook leidt het OAT tot minder emissie, geluid, congestie, stank en meer veiligheid voor bewoners en bezoekers. In de wijk zijn veel minder vrachtwagens nodig voor afvalinzameling. De inpandige inzameling leidt tot betere dienstverlening en afvalscheiding. De gemeenteraad heeft deze kwalitatieve voordelen destijds zwaar laten wegen bij het Investeringsbesluit OAT.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 21 februari 2023 Pagina 8 van 8
Alles overwegende heeft het college besloten door te gaan met het OAT in de Sluisbuurt. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Reinier van Dantzig Wethouder Woningbouw en Stedelijke Ontwikkeling
Bijlagen - GEHEIM Raadsinformatiebrief bijlage d.d. 21-2-2023 - Aanpak zettingen Sluisbuurt Zeeburgereiland - Visualisatie aanpak Sluisbuurt
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl