2023 01 31 ombudsman marktondernemers Plein 40-45 en informatievragen Ombudsman[10053]
Tekst van het document
Brief
Amsterdam, 31 januari 2023
Aan:
Directeur Nieuw-West, Ilse Plasmeijer Directeur Stadswerken, Yvonne Jakobs Directeur Economische Zaken, Jan-Willem Flohil Directeur Afval en grondstoffen, Gohdar Massom Adj. directeur Toezicht, Handhaving Openbare Ruimte/Operatie, Peter van Vliet
C.C.
Dagelijks bestuurslid Nieuw-West, Sandra Doevendans Wethouder Economische Zaken, Sofyan Mbarki Marktadviescommissie (MAC) Plein ’40 - ‘45
Bijlage
Klachten en actiepunten Plein ’40 - ’45 (pagina 7-10)
Betreft:
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
Geachte directeuren, beste Ilse, Yvonne, Jan-Willem, Gohdar en Peter, Aanleiding; marktbezoek 21 september jl. Op woensdag 21 september jl. heb ik in de tweede helft van de middag tijdens één van mijn eerste autoritten met de “Ombulance” een bezoek gebracht aan de markt op Plein ’40 -’45. Als ombudsman heb ik mijn ogen de kost gegeven en mijn oren te luister gelegd: vele signalen gekregen en ook verwonderpunten opgedaan. Een van mijn grootste verwonderpunten die middag was, dat een marktmeester (van directie Stadswerken) een boete kreeg van een handhaver (directie Toezicht Handhaving Openbare Ruimte); allebei behorende tot de stedelijke cluster Gebiedsgericht werken en stadsbeheer. Uit gesprekken die middag met marktondernemers blijkt o.a. dat het uitdelen van boetes rond en na 16.00 uur een regelmatig terugkerend fenomeen is op marktdagen en dat dit met name wordt veroorzaakt door de inrichting van de openbare ruimte rond de markt. Plus het feit dat er maar één ontsluiting van het marktplein aanwezig is. En door die ene, beperkte ontsluiting van het marktplein zijn er gevaarlijke verkeerssituaties voor fietsers en voetgangers en meerdere onwenselijke situaties voor marktondernemers. Zo mogen Marktondernemers op Plein ’40-’45 volgens het Marktreglement (Gemeenteblad 31719, artikel 2.1.1 en art.
2.1.8) niet eerder dan 16.00 uur beginnen met opruimen en dienen zij uiterlijk 18.00 uur van het plein te zijn vertrokken. Dit regelement in combinatie met de inrichting van de openbare ruimte maakt dat marktondernemers elke marktdag na 16.00u dreigen in overtreding te komen, doordat alle verkeersbewegingen onder tijdsdruk via die ene uitgang plaats moeten vinden. De inrichting van de markt en de gebrekkige ontsluiting leiden tot meerdere klachten van marktondernemers over gevaarlijke en onwenselijke situaties. Onwenselijke en onbegrijpelijke situaties, die zelfs voor een leek makkelijk waarneembaar zijn. Situaties die bij meerdere
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
1
gelegenheden aan de orde zijn gesteld bij de marktmakelaar in brieven aan de afdeling Markten en aan bestuurders. Bovenstaande kwesties zijn ook, met nog circa 10 andere knelpunten die spelen op de markt, door de ondernemers gemeld bij het bestuur van Nieuw-West, in een notitie, d.d. 14 september 2022. Mijn ervaringen op 21 september, en dan met name de klacht van de marktmeester over het feit dat hij die dag werd beboet, heb ik gemeld bij de klachtencoördinator van THOR. Dat heeft geleid tot de belofte dat betrokken partijen bij de markt regelmatig met elkaar in overleg gaan, zo is mij toegezegd op 11 november 2022, via email. De eerdere klacht van de marktmeester heeft recent een extra dimensie gekregen. Op 26 januari jl. heeft zich volgens de marktondernemers “een ernstige ordeverstoring” voorgedaan hetgeen op beeld is vastgelegd. Het beeldmateriaal toont dat Boa’s de enige uitgang van het marktplein blokkeren, met als gevolg dat de marktondernemers die klaar zijn met uitpakken gedwongen worden over het fietspad de markt te verlaten. Dit zou direct leiden tot een boete. In de toelichting bij het door mij ontvangen beeldmateriaal melden de marktondernemers: “We voelen ons niet serieus genomen en ervaren hun bejegening als een belediging. Er wordt met ons gesard, terwijl wij dagelijks proberen ons brood te verdienen …”. Ik beoordeel deze gang van zake als urgent en ernstig.
De woorden “er wordt met ons gesard” lees ik als ombudsman dat marktondernemers deze gang van zaken ervaren als intimiderend overheidsgedrag. Informatieverzoek A Hierbij doe ik het informatieverzoek aan de gemeente preciezer te motiveren wat de gemeente precies tot nu gedaan heeft met de klacht n.a.v. de boete aan de marktmeester op 21 september jl., aanvullend op de email d.d. 11 november 2022 en wat men nu gaat doen in deze kwestie, gezien de escalatie en gedragingen op 26 januari jl. De vraag dringt zich namelijk op dat het probleem niet is opgelost, maar is verergerd. Het ligt op de weg van de gemeente om bij een probleem niet alleen het individuele geval op te lossen, maar om de structurele oorzaken aan te pakken om soortgelijke problemen te voorkomen. Dit volgt uit de kernwaarde ‘oplossingsgerichtheid’ uit de behoorlijkheidsnormen van goed bestuur, het toetsingskader van de ombudsman. Tweede marktbezoek op zaterdag 7 januari jl. vanaf 15.30 uur Op zaterdag 7 januari jl. heeft een onderzoeker van mijn organisatie de markt wederom geschouwd, met daarbij specifieke aandacht voor de punten uit de klachten van de ondernemers over de inrichting van de markt (zie bijlage: klacht 1), veiligheid/toegang hulpdiensten (2), verkeersveiligheid: fietspad en obstakels/plantenbakken (3) en ontsluitingsmogelijkheden (5).
Ook op 7 januari zijn we getuige geweest van het uitdelen van een boete door Boa’s aan een marktondernemer die rond 16.00uur op het fietspad reed en van een motoragent die rond 16.00 uur twee ondernemers beboete i.v.m. onjuist geparkeerde auto’s. Ik stel ook op basis van deze ervaring vast dat sinds mijn bezoek op 21 september er niets zichtbaars is veranderd. Overige bevindingen Toegankelijkheid hulpdiensten Wandelend over de -op dat tijdstip zeer drukke, levendige- markt viel meteen het gebrek aan loopruimte op. Vooral bij de kramen midden op de markt met aardappelen groente en fruit (AGF) deden zich verstoppingen voor en werd de loopgang belemmerd. Dit voelde niet comfortabel. Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
2
De inrichting van de markt lijkt niet te passen bij de drukte en niet bij de koopwaar en bijhorende toeloop. Kramen met AGF trekken veel publiek en staan doorgaans zo gepositioneerd (aan de rand of op een hoek) van de markt, zodat rondom voldoende sta- en loopruimte aanwezig is. Voor de Ombudsman is niet goed navolgbaar dat afdeling Markten in 2021 het voornemen had op de Westerstraatmarkt op grond van toegankelijkheid voor de hulpdiensten een herinrichting en herindeling te organiseren, terwijl deze onveilige situatie op het Plein ’40 – ’45, ondanks vele meldingen en klachten in het verleden de afgelopen maanden onveranderd is blijven voortbestaan. Informatieverzoek B Aanvullend op klacht 2, zoals deze in de bijlage staat verwoord, doe ik hierbij het informatieverzoek aan de gemeente om aan te geven wat is ondernomen richting hulpdiensten en andere gemeenteonderdelen, inclusief onderliggende documenten, om deze gevaarlijke situatie voor publiek en ondernemers op te heffen. Continuïteit afvalstation, zwerfafval en verduurzaming Tijdens de schouw van de markt heeft de Ombudsman-onderzoeker het afvalstation bezocht. De toezichthouder bevestigde dat de inrichting goed en naar tevredenheid van ondernemers en omwonenden werkt: zwerfafval is zichtbaar afgenomen en er is geen overlast van ratten meer.
Naast de klachten over de sluitingstijd en inefficiënte inroostering van de toezichthouder werd door de ondernemers gemeld dat het voortbestaan van het afvalstation op deze locatie niet zeker zou zijn. Over deze onzekerheid is tijdens de laatste besprekingen tussen de gemeente en de Marktadviescommissie niets gemeld. Deze onduidelijkheid leidt tot ruis tussen gemeente en ondernemers en ook tot onrust en onzekerheid bij de ondernemers. Deze onzekerheid dient te worden gezien in relatie tot het volgende. Economische Zaken heeft in conceptvoorstellen in het kader van de gebiedsuitwerking van de Marktvisie over de markt Plein ’40 – ’45 geopperd dat indien het zwerfafval op de markt niet afneemt, overwogen dient te worden het aantal marktdagen op Plein ’40 – ’45 terug te brengen. In december jl. heeft de portefeuillehouder in Nieuw-West – na een signaal vanuit mijn organisatie het niet passend gevonden vooruitlopend op een lopend onderzoek van de Ombudsman naar de Amsterdamse markten over deze voorstellen bestuurlijk te besluiten.
Vanuit de regels van behoorlijk bestuur lijkt mijns inziens te volgen dat zolang er aanwijzingen zijn dat de gemeente zelf in gebreke is inzake het functioneren van het afvalstation, de gemeente op deze wijze zelf bijdraagt aan eventuele zwerfafval-vervuiling en zolang er geen kwantitatieve gegevens over hoeveelheden zwerfafval en herkomst beschikbaar zijn, de deugdelijke basis ontbreekt om te tornen aan het aantal marktdagen. Beperking van het aantal marktdagen benadeelt immers direct de inkomenspositie van marktondernemers. Een dergelijke bestuurlijke beslissing vereist een inhoudelijke onderbouwing, goede communicatie met betrokkenen en een behoorlijke afweging. De in december gepresenteerde de conceptvoorstellen lijken op dit punt ernstig tekort te schieten. In 2019 hebben marktondernemers aangegeven te willen experimenteren met de verdere ontwikkeling van het huidige afvalstation naar een zogenoemde Zero Waste Lab. Dit initiatief is vanuit de gemeente uit oogpunt van de Circulaire Economie omarmd. De toenmalige omgevingsmanager, zo is richting mijn betrokken onderzoeker gemeld, heeft in samenwerking met marktondernemers een projectvoorstel incl. budgetaanvraag met de titel “Van afval naar grondstoffen” voor een bedrag van € 240.000 opgesteld.
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
3
Aangezien alleen gemeentelijke afdelingen een projectvoorstel ten laste van het beschikbare budget “circulaire middelen” kunnen indienen, is eind 2021 niet door de oorspronkelijke opstellers, maar door de gebiedsmanager van Nieuw-West een/dit voorstel voor financiering aangemeld. Najaar 2022 heeft de omgevingsmanager van Nieuw-West een Whatsapp-bericht van de Facilitator Schoon, Heel, Veilig van Nieuw-West ontvangen dat het oorspronkelijke voorstel van de marktondernemers en omgevingsmanager door het Marktbureau, Afval en Grondstoffen, EZ en Schoon is herschreven. Citaat uit dit bericht: “De nadruk ligt op interne proces op orde krijgen, verkennen hoe te komen tot een maatschappelijke business case, waarbij kosten en maatschappelijke opbrengsten inzichtelijk worden gemaakt en er ruimte is om overige circulaire kansen te verkennen. Het aansluiten van ondernemers op afvaleiland is een optie voor de verkenning.” Ik stel op basis van dit citaat en gesprekken met marktondernemers vast dat de oorspronkelijke aanvraag van de marktondernemers, gericht op continuering en verdere optimalisering van het afvalstation, zonder hen daarover te informeren is omgebogen tot een intern, ambtelijk optimaliserings- en afstemmingstraject.
Het beschikbaar gestelde bedrag van € 120.000 (van de gevraagde € 240.000) is volgens dit bericht naar interne, ambtelijke processen gegaan in plaats van naar wat nodig is en was beoogd: voortzetting van een geoptimaliseerde afvalvoorziening voor marktondernemers en winkeliers in de omgeving, zodat de verminderde (ratten)overlast, bestrijding zwerfvuil en verdere verduurzaming van de vuilinzameling op de markt kan worden voortgezet. Informatieverzoek C In aanvulling op klacht 8 in de bijlage doe ik dan ook hierbij het informatieverzoek aan de gemeente om een feitenrelaas (met wanneer, wat en door wie) op te stellen, vanaf het moment van oorspronkelijke aanvraagindiening door de omgevingsmanager en marktondernemers, tot aan nu, inclusief een opgave van de besteding van de beschikbaar gestelde € 120.000. Communicatie en aanvullende regels: over u, zonder u …? En op basis van welk mandaat? Zoals bekend wordt door mijn organisatie op dit moment onderzoek gedaan naar aanleiding van klachten van marktondernemers over het feit dat op meldingen, klachten en brieven door afdeling Markten niet wordt gereageerd en dat de inhoudelijke inbreng van marktondernemers in zienswijzen wordt genegeerd en in bestuurlijke documenten ontbreekt. Ook tijdens de schouw op 7 januari jl. en in de achterliggende 3 weken ontving ik klachten hierover.
De gemeente meldt in tal van bestuurlijke documenten dat marktondernemers niet betrokken zouden zijn bij hun markt; enkele praktijkvoorbeelden tijdens de schouw lijken een geheel ander beeld aan te tonen. De beleving bij marktondernemers over dit contact ligt daarbij hemelsbreed ver van het idee van gemeentezijde. Dit gegeven op zichzelf zou aanleiding moeten zijn voor de gemeente om ook op het eigen organisatiegedrag te reflecteren. Grote verontwaardiging en ergernis heerst er op 7 januari bij de ondernemers over een email van 4 januari jl. van de marktmakelaar dat voortaan bij besprekingen tussen de gemeente en ondernemers in de Marktadviescommissie nog maar een beperkt aantal ondernemers aanwezig mag zijn. Dit, terwijl minder dan een jaar geleden nog vanuit diezelfde marktmakelaar (op 17 maart 2022) de volgende brede oproep via email aan de ondernemers wordt gedaan: “Bent u betrokken bij de markt op Plein 40-45? En vindt u het leuk om input te leveren op plannen? Hebt u goed zicht op ontwikkelingen op de markt? Hebt u ideeën over hoe de markt kan verbeteren? Kortom: bent u een goede vertegenwoordiger van de markt? Mail dan uiterlijk vrijdag 25 maart a.s. uw naam en telefoonnummer naar XXXXXXX@amsterdam.nl. dan kan ik u betrekken bij overleggen.”
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
4
Het steekt de ondernemers die daadwerkelijk de besprekingen tussen de Marktadviescommissie en de gemeente bijwonen, dat zij niet eerder zijn geraadpleegd bij het knelpunt zoals de marktmakelaar dit ervaart, en ook niet bij het meedenken over mogelijke oplossingen. Dat een marktmakelaar een dergelijke beslissing eenzijdig kan nemen na een open oproep doet vragen rijzen rond respectvolle en eerlijke communicatie jegens betrokkenen. Over het functioneren van een succesvolle Marktadviescommissie (aantal deelnemers, te bespreken punten, verslaglegging etc.) bestaan binnen de gemeente geen vastgelegde omgangsvormen, ondanks de vele participatieinitiatieven en – rapporten. Op deze manier worden marktondernemers afhankelijk gemaakt van de grillen van marktmakelaars. Op dit moment circuleert er een enquête onder marktondernemers van Plein ’40 – ’45. De ondernemers hebben zich bij mij beklaagd over de onduidelijke context van deze enquête (relatie met de gebiedsuitwerking?), de onduidelijke status van de vragen (er wordt e.e.a. gepeild maar de enquête bevat ook voorstellen voor de toekomst), onherkenbaar in de enquête is de inbreng van de Marktadviescommissie, terwijl niet eerder met de Marktadviescommissie besproken onderwerpen geheel onverwacht als probleem in de vragenlijst staan opgenomen.
Onduidelijk in de enquête is wie en op welke termijn de ingevulde vragenlijsten verwerkt en wie duiding aan de ingevulde lijsten geeft. De ombudsman observeert: de aan de ondernemers voorgelegde vragenlijst is kwalitatief onder de maat, is weinig professioneel opgezet, voldoet niet aan de participatierichtlijnen vanuit de gemeente en sluit niet aan bij de werkelijke en urgente knelpunten op de markt, zoals genoemd in de bijlage bij deze brief. In oktober 2022 zijn door de marktmakelaar Plein ’40 – ’45 aanvullende regels geformuleerd omdat het digitale systeem “Kies je Kraam” zou leiden tot een te groot aantal kramen met aardappels, groente en fruit; 24 kramen zou het maximum moeten zijn op de markt. Ondernemers mochten gedurende een maand niet schuiven en niet uitbreiden, zo was het bericht van de marktmakelaar … Marktondernemers geven tijdens de schouw op 7 januari jl. aan dat deze beperkende maatregelen nog steeds door de markttoezichthouders worden gehanteerd. 1 De vraag die ik hierbij heb is, is wat de basis in de Verordening is voor deze maatregel van de marktmakelaar en wat de vindplaats is in het desbetreffende mandaatbesluit op grond waarvan een marktmakelaar deze beperkende maatregelen aan marktondernemers mag opleggen.
Vergelijkbare vragen heb ik ook gesteld in het kader van het lopende onderzoek naar de Amsterdamse markten naar recente maatregelen door marktmakelaars op de Noordermarkt en Buikslotermeerplein. De gemeente heeft op mijn in december jl. gestelde vragen naar de basis van gedragingen van marktmakelaars aangegeven dat er inderdaad zich nu ambtelijke ingrepen voordoen waarin de huidige Verordening en nu geldende mandaatbesluiten niet voorzien. Stoppen met intimideren Op basis van het voorgaande observeer ik (ervaren) intimiderend overheidsoptreden richting marktondernemers. De klachten van marktondernemers daarover, zijn met beelden en documenten onderbouwd. Ook komt dit beeld naar voren in het breder lopende onderzoek naar de Amsterdamse 1
De Nota van beantwoording bij de Raadsvoordracht Vaststellen van de Wijzigingsverordening Marktverordening d.d. 5 juli 2022 vermeldt op pagina 22 dat bij invoering van het digitale indelingssysteem Kies je Kraam “geen sprake is van een inperking van keuzes. De indelingsregels zelf worden immers niet gewijzigd.” Ik stel vast dat dit het tweede voorbeeld is waaruit blijkt dat Kies je Kraam wel degelijk gepaard gaat met aanvullende regels en beperkingen voor marktondernemers, waardoor hun bedrijfsvoering en broodwinning wordt gehinderd. Ik kom hier in mijn rapport aan de gemeenteraad over de Amsterdamse markten binnenkort op terug. Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
5
markten, dat ik binnenkort hoop te publiceren. Ik verzoek de gemeente Amsterdam in de tussentijd te reflecteren op het eigen handelen, om bij te sturen en zo vertrouwen op te bouwen. Het bijsturen dient minimaal tot doel te hebben dat de gemeente zich houdt aan de eigen gemeentelijke regelgeving, zoals vastgelegd in verordeningen en mandaten, en zich behoorlijk gedraagt in de communicatie richting marktondernemers. Daarbij zie ik dat het nodig is dat ambtenaren daarin begeleid worden. Vanzelfsprekend verneem ik in het kader van hoor- en wederhoor graag de visie van de gemeente en spreek ik de hoop uit dat de gemeente zo snel mogelijk in actie komt om iets te doen met de benoemde knelpunten en klachten.
Met een welgemeende groet, Munish Ramlal
Ombudsman Metropool Amsterdam
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
6
Bijlage: Klachten en actiepunten markt Plein ’40 - ‘45 Inleiding De Marktadviescommisie (MAC) van Plein ’40-’45 wil juiste condities creëren voor een optimaal ondernemingsklimaat, zodat de markt aan de wens kan voldoen van het marktpubliek uit de buurt en van buiten de regio. Marktondernemers hebben hun jarenlange ervaring en opgedane inzichten verwerkt in hun visie op de markt. Een visie die het algemeen belang dient en ter verbetering van de markt leidt. De ervaring van de marktondernemers is dat kleine aanpassingen van groot belang kunnen zijn voor het functioneren van de markt. De besluiten over de markt Plein ’40 – ‘45 die nu in concept zijn opgesteld op basis van de gebiedsuitwerking West hebben niet de instemming van de MAC. Belangrijkste kritiekpunt is dat maatwerk ontbreekt en dat de voorstellen niet de juiste kwesties en problemen aan de orde stellen en aanpakken. Dit heeft volgens de ondernemers een negatieve invloed op het ondernemersklimaat, op hun bedrijfsvoering en als gevolg hiervan ook op de dynamiek en aantrekkelijkheid van de markt in zijn geheel. Onderstaande 13 onderwerpen zijn door de marktondernemers in september jl. ambtelijk en bestuurlijk aan de orde gesteld. Tot nu is er geen inhoudelijke reactie ontvangen. Zowel in september jl. als ook in januari zijn onderstaande punten aan de Ombudsman voorgelegd. De Ombudsman is een tweede lijnvoorziening.
Dit betekent dat eerst de gemeente in staat moet worden gesteld op klachten adequaat te reageren. Tijdens een gesprek met de klachtencoördinatoren Stadswerken en medewerkers van de afdeling Marken op 10 januari jl. bleek dat onderstaande punten niet als klachten door de verschillende ambtelijke organisaties zijn geduid. Om misverstanden te voorkomen en op verzoek van de marktondernemers zijn in afstemming met de MAC de door hun geïnventariseerde knelpunten en verbeteracties in deze bijlage omgezet in klachten. De gemeente kan deze nu meer concreet gemaakte klachten adresseren en gaan behandelen conform de daarvoor geldende procedures. Ik heb onderstaande klachten als één geheel laten opnemen in ons klachtenregistratiesysteem en aangemerkt als een door mijn organisatie te bewaken afhandelingstraject. Toelichting op korte termijn op te heffen klachten Klacht 1: Het huidige inrichtingsbesluit voldoet op meerdere punten niet Volgens het Inrichtingsbesluit staan alle bakplaatsen met food (eigen verkoopinrichtingen/EVI) aan de buitenrij van de markt en dus naar binnen gekeerd, met de rug naar de Slotermeerlaan. Dit is van buitenaf gezien meteen het gezicht van de markt: een onaantrekkelijke wand van verkoopwagens. Hierdoor is de markt minder zichtbaar en ook onaantrekkelijk.
Daarnaast wordt het werk bemoeilijkt voor de markttoezichthouder om de eigenaren van de auto’s te achterhalen die aan die kant van de markt onjuist staan geparkeerd. Een andere klacht is dat het looppad wordt geblokkeerd als klanten wachten op hun bestelling bij een food EVI. Dit zorgt voor ongemakkelijke situaties/een slechte beleving voor het marktpubliek. Tijdens de coronaperiode (1,5 meter afstand m.i.v. najaar 2019) stonden de EVI-bakplaatsen wel naar buiten gekeerd, dus met het gezicht naar de Slotermeerlaan. Dit leidde tot de ervaring dat de markt een gezicht kreeg en een mooie uitnodigende uitstraling: het marktpubliek bleef ook langer op de bankjes bij de food-rij; dit gaf een gezellige sfeer. Precies volgens de wens van het Stadsdeel: het verbeteren van het verblijfklimaat van de bezoekers. Het probleem van alle geparkeerde auto’s was op deze wijze ook meteen opgelost.
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
7
In de coronatijd was deze aanpassing snel te realiseren. De vraag dringt zich dan ook op waarom deze aanpassing zo lang moet duren. Het gaat hierbij om een collectieve aanpassing waarbij alle foodondernemers gelijk worden behandeld. Klacht 2: middenpad is te smal: hulpdiensten kunnen het plein niet op/beklemmende loopsituatie Er is nu genoeg onbenutte ruimte aan de zijkanten van de markt: de kramen kunnen daar naartoe worden opgeschoven waardoor ruimere looppaden worden gecreëerd. Hierbij kunnen de marktkooplieden die een hoekplaats hebben, nog steeds uitbreiden binnen de toegestane regels. Deze wijziging dient op de eerste plaats de veiligheid. Daarnaast ervaart het publiek een prettige, ruimere, loopsituatie (bewegingscomfort) en op de derde plaats verbetert het voor de ondernemers de logistieke kant van hun werk. Klacht 3: onveiligheid fietspad en onveiligheid door plantenbakken Het gaat hierbij eigenlijk meer om een noodkreet en een waarschuwing, dan om een klacht. Met maar één in- en uitgang voor en op de markt maakt al het verkeer (auto’s met aanhangers, grote bakwagens, fietsers en marktpubliek) noodgedwongen gebruik van ook het naastliggende fietspad. Door de hoge plantenbakken aan de rand van de markt ontstaan er makkelijk gevaarlijke situaties: de congestie van een mix aan verkeersdeelnemers doet een onoverzichtelijke situatie ontstaan.
De hoge plantenbakken belemmeren daarnaast ook nog het toch al gebrekkige zicht. Vooral voor kinderen een levensgevaarlijke situatie. Het zou beter zijn deze hoge plantenbakken te verwijderen. Deze vormen ook een bron van vervuiling aangezien deze uitnodigen om als vuilnisbak te worden gebruikt. Langs het fietspad wordt er ook vaak geladen en gelost en er wordt overgestoken met handel op een pompwagen of aangekochte producten door het marktpubliek. Vooral omdat er steeds meer snelle, elektrische fietsen zijn, levert dit gevaarlijke situaties op. Een verkeersdeskundige is door de MAC geraadpleegd. Er zou de nodige ruimte zijn om te voorzien in een omleiding van het fietspad. Klacht 4: Structureel gebrek aan laad- en losplekken voor marktondernemers met grote bakwagens Marktondernemers met grote wagens hebben nu weinig laad- en losruimte. Dit leidt mede in relatie tot klacht 3 tot grote knelpunten. Als het fietspad wordt omgeleid, kan er op de juiste plekken worden vastgesteld (door een markering aangegeven) waar deze ondernemers tijdelijk kunnen laden en lossen (al dan niet op basis van een vergunning), zonder het fietsverkeer te hinderen. Klacht 5: Onvoldoende in- en uitgangen met gevaarlijke en onwenselijke situaties als gevolg Eén in- en uitgang voor de markt zorgt voor chaos.
Meerdere marktondernemers worden wekelijks beboet omdat zij over het fietspad (moeten) rijden (op één middag drie). Ze worden hierdoor onnodig financieel belast en het bemoeilijkt hen om naar hun werk te gaan om hun beroep uit te oefenen en een inkomen te verwerven. De gemeente blijft hier in gebreke. Vanuit de marktondernemers bezien blijft afdeling Markten in gebreke door er niet in te slagen in samenwerking met stadsdeel Nieuw-West meerdere in- en uitgangen te realiseren. En stadsdeel Nieuw-West blijft in gebreke doordat relevante actoren niet deelnemen aan marktcommissievergaderingen. Er gebeurt niets, terwijl met kleine aanpassingen twee veilige in- en uitgangen binnen handbereik liggen en een eventuele derde ook mogelijk is, maar om een grotere ingreep vraagt. Doordat nu al het verkeer over één in- en uitgang moet gaan lijdt de bestrating hier zichtbaar onder. Een bewoonster heeft recent bij een valpartij door losliggende tegels een hoofdwond opgelopen.
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
8
Klacht 6: Onjuiste plaatsing van de watervoorziening ten behoeve van EVI De huidige watervoorziening staat enorm in de weg en zorgt voor onveilige situaties: mensen struikelen over de waterslangen en over de kraaninrichting. Ook raakt de waterslang beschadigd door het verkeer dat er onvermijdelijk overheen rijdt. Daarnaast lekken de kraan en de slangen door de primitieve installatie, hetgeen zorgt voor onacceptabele waterverspilling. De conclusie van de marktondernemers is, dat er duidelijk niet nagedacht is over de juiste plaats van de watervoorziening. Deze hoort zich namelijk achter de EVI plaatsen te bevinden, zodat niemand er hinder van ondervindt. Bovendien is deze dan makkelijker aan te sluiten. Bij de gevraagde herinrichting van de markt (zie klacht 1) dient deze klacht te worden betrokken. Klacht 7: Slechte, onhygiënische vloer bij de verse viskraam Op dit moment is de situatie bij en rond de viskraam – los van klacht 6 - erg slecht. Doordat er continu water op de vloer ligt, komen tegels los te liggen en glijden mensen uit. Dit is gevaarlijk en ook ongezond. Het gaat om een klein oppervlak van ongeveer 4x4 meter. Een veilige en hygiënische werkomgeving valt onder de zorgplicht van afdeling Markten en van stadsdeel Nieuw-West.
Klacht 8: Rooster toezichthouders vuilcontainers sluit niet aan bij de markttijden in de verordening Op dit moment is het zo dat de twee aanwezige markttoezichthouders in de ochtend, naast het uitdelen van vuilniszakken en neerzetten van kliko’s, niet veel werkzaamheden hebben. Om 17:00 uur ‘s middags dienen de vuilniszakken weer ingeleverd te worden bij het afvalstation. Dit tijdstip van 17.00 uur is erg onhandig, want de marktkoopman is op dat moment nog laatste klanten aan het helpen en (net begonnen) aan het opruimen; hij heeft volgens de verordening daar de tijd voor tot 18.00 uur. Bovendien komt er na 17:00 ook nog vaak vuilnis bij. Het uiterlijk om 17.00 uur aanleveren van het vuilnis is niet te verenigen met het feit dat de ondernemer tot 18.00 uur de tijd heeft om het plein opgeruimd te verlaten. Ook is het niet te verenigen met artikel 3.23 van de verordening waarin wordt gesteld dat het verboden is op het marktterrein afval te deponeren buiten de daarvoor bestemde voorzieningen. Door de sluitingstijd van 17.00 uur te hanteren verleidt de gemeente in feite marktondernemers tot het deponeren van hun vuil buiten de daarvoor bestemde voorziening.
De oplossing is eenvoudig: één toezichthouder start in de ochtend en de ander begint later in de middag tot zeker 18.00 uur, dan wordt de verordening gevolgd en is de vuilinzameling afgestemd met de werktijd van de marktkooplieden en wordt zwerfvuil voorkomen. Klacht 9: Onveiligheid opheffen en zwerfvuil voorkomen langs kant Slotermeerlaan. Zoals eerder aangegeven is de kant van de Slotermeerlaan nu erg onveilig. Een railing kan zorgen voor meer veiligheid (met name voor overstekende kinderen), daarnaast kan het zorgen voor minder zwerfafval. De markt kent afrokken: een zeil tot aan de grond van de marktkraam. Aan het einde van de dag worden deze opgevouwen. Eventueel zwerfvuil heeft dan vrij spel; dit zorgt voor overlast. Aan de andere kant werkt een railing ook kostenbesparend, wanneer het vuil op één plek blijft. De winkeliersvereniging BIZ heeft al toegezegd te zullen meebetalen aan dit idee. Klacht 10: Het ontbreken van een planning om snel te komen tot een herindeling Het regelmatig organiseren van een herindeling (eenmaal per drie jaar) houdt een markt gezond. Vaste plaatshouders kunnen indien gewenst uitbreiden en ook sollicitanten kunnen de overstap maken naar een vast plek.
Regelmatig herindelen leidt tot een gezondere bezetting van de markt, ondersteunt de bedrijfsvoering van marktondernemers en draagt bij aan een actueler aanbod op de markt met een grotere diversiteit.
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
9
Klacht 11: Gemeente brengt de Amsterdamse markten niet/te weinig onder de aandacht De gemeente, Economische Zaken en afdeling Markten adverteren niet actief om nieuwe marktkooplieden te werven. Zo bezien doet de gemeente niets om het ondernemersklimaat op de Amsterdams markten en het mooie van het vak om marktkoopman te zijn onder de aandacht te brengen. Met name de foodbranche kent groeiruimte als meer bekendheid wordt gegeven aan beschikbare plaatsen (met name bakplaatsen). Een ruimer foodaanbod maakt in het algemeen op dit moment markten aantrekkelijker. Klacht 12: Laat geen kansen onbenut: de zondag voor “een nieuw conceptmarkt” Een nieuw concept markt (bijvoorbeeld een biologische markt op de zondag voor het hoger segment) is uniek in Amsterdam. Op zondag zijn de meeste mensen vrij en zijn dan op zoek naar een interessante tijdbesteding. De “nieuwe concept markt” zou plaats moeten vinden op een locatie naast het Plein ’40-’45, gelegen aan het water (bijvoorbeeld op de kop van de kade langs de Jan de Jonghkade). De reden dat de voorkeur wordt gegeven aan een andere locatie dan Plein ’40-’45 is, dat deze setting kleiner en gezelliger is, het een mooiere uitstraling heeft door ander materiaal dat gebruikt wordt, en hierdoor een passender beleving geeft voor het publiek dat op deze markt afkomt. Op deze manier onderscheidt deze zondagse markt zich van de reguliere markt.
Er zijn al twee voorbeelden van brocante/biologische markten die in de buurt van een reguliere markt liggen: Noordermarkt en Albert Cuypmarkt. Het is van belang bij het organiseren van een nieuwe conceptmarkt op zondag dat er reclame wordt gemaakt, zodat het slagingspercentage wordt verhoogd. Het is belangrijk te leren van de fouten van de nieuwe Bos en Lommermarkt. Klacht 13: Meer professionele promotieactiviteiten: marktbezoek als evenement De gemeente promoot de Amsterdamse markten nu op geen enkele wijze. Dit, terwijl het opzetten van een evenement op zondag nieuw publiek kan werven. Ook doordeweekse markten worden niet gesteund door promotieactiviteiten. Hierdoor weten zelfs buurtbewoners niet dat er een markt in hun nabije omgeving is. Ook van een reguliere marktdag kan een evenement worden gemaakt (met extra, nieuw publiek). Door een reguliere marktdag bijvoorbeeld te combineren met kinderactiviteiten op de markt wordt in feite het nieuwe publiek van de toekomst bereikt. Jong geleerd, oud gedaan. Uit oogpunt van een gezond ondernemersklimaat moet de gemeente op dit vlak actiever en creatiever zijn.
Marktondernemers Plein ’40 -’45; klachten en actiepunten
10