20210616 Gemeente Amsterdam Raadsvergadering middag
Tekst van het document
We hopen met dit initiatiefvoorstel een aanzet te doen voor de doorontwikkeling van het integriteitsbeleid. Integriteitsbeleid is nooit af en dient altijd kritisch te worden bekeken. Zoals mijn collega Khan aangaf tijdens de raadscommissie zijn we blij met het positieve preadvies. We zullen de ontwikkeling blijven volgen en we zijn benieuwd naar de uitwerking. De vraag is of er iets kan worden gezegd over wanneer dit wordt verwacht. Tot slot, we zitten een beetje in een aparte situatie. Het betreft een initiatiefvoorstel van de heer Taimounti toen hij nog bij DENK zat. We zijn blij dat hij er is. Wat ons betreft is het een mooie kans om de samenwerking op te blijven zoeken want zeker op het gebied van integriteit is het een zaak van ons allemaal. Daar wil ik het bij laten. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Ik houd het ook kort. Ik ben blij met de reactie van het college op dit initiatiefvoorstel en we zien uit naar verdere samenwerking om hiermee verder te gaan. Ik dacht, ik loop hier even naartoe om dat gezegd te hebben. Dat is eigenlijk alles dus dat is positief. Daar houd ik het bij. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Ik zou in de eerste plaats de initiatiefnemers van alle hier aanwezige politieke partijen graag hartelijk willen danken voor dit inderdaad waardevolle initiatief.
Ik stel ook de wijze waarop hierover is overlegd met het college en ook ambtelijk zeer op prijs, want het heeft ook ons gescherpt in onze gedachtevorming over het integriteitsbeleid en zoals u heeft kunnen zien in onze bestuurlijke reactie, hebben wij onmiddellijk gevolg gegeven aan uw initiatiefvoorstel. Wij gaan alles zo snel mogelijk uitwerken. Ik denk dat sommige dingen al in uitwerking zijn en sommige zoals personele versteviging zullen natuurlijk wat meer tijd vergen. Wat ik kan doen, is u bijvoorbeeld over een halfjaar een voortgangsbericht sturen zodat u op de hoogte bent van de uitwerking van uw initiatief. Mijn hartelijke dank daarvoor.
37
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De VOORZITTER: Volgens mij zijn we daarmee aan het einde gekomen van de eerste termijn van zowel de zijde van de raad als van de zijde van het college. Ik neem aan dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. Dat is niet het geval. Dan schorsen we de vergadering weer voor enkele ogenblikken om van voorzitterschap te wisselen en van woordvoerders.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. Voorzitter: burgemeester Halsema De VOORZITTER heropent de vergadering.
8. Vaststellen van het gerepareerde bestemmingsplan Klaprozenbuurt Nr. VN2021010593 De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: In de koers 2025 is projectgebied Klaprozenweg aangewezen als ontwikkelingslocatie van een gemengde stadsbuurt. De nu voorliggende voordracht wijkt niet veel af van het bestemmingsplan zoals dat in februari reeds door de raad is vastgesteld. In maart heeft de Raad van State uitspraak gedaan naar aanleiding van een ingediend beroep van vier appellanten. Van de vier beroepen werden er drie volledig ongegrond verklaard en één gegrond. Amsterdam moet dus gedeeltelijk repareren en daartoe moet dit besluit worden genomen, iets waar wij niet achter kunnen staan. Een groot bezwaar bij dit plan is de bereikbaarheid, iets wat al meermaals door ons is aangekaart. Als gevolg van de bouw van 2200 woningen naast de transformatie van extensieve bedrijvigheid naar een gemengd woonwerkgebied levert dit veel extra verkeersbewegingen op. Deze verkeersbewegingen zullen zich concentreren op de Klaprozenweg en de Cornelis Douwesweg. Op dit moment vormen deze wegen al een barrière tussen bestaande buurten in Noord en het in ontwikkeling zijnde woongebied NDSM. Deze barrière is niet in overeenstemming met het vastgestelde beleid met betrekking tot de integratie van buurten en wijken.
Het conceptmobiliteitsplan Noord had hierin soelaas kunnen brengen zowel voor wat betreft de bereikbaarheid van de Klaprozenweg als voor het opheffen van de barrièrewerking. Het conceptmobiliteitsplan voorziet hierin echter niet. Het plan zal bij realisatie leiden tot een forse toename van het aantal verkeersbewegingen of het nu gaat om fietsers, auto’s, voetgangers of wat dan ook. De barrièrewerking tussen bestaande buurten en wijken en nieuwe buurten die wordt veroorzaakt door de hoofdwegenstructuur zal toenemen. Dit is niet in overeenstemming met het vigerende beleid. Derhalve zullen wij niet voor deze voordracht stemmen. Misschien kan de wethouder nog wat opheldering geven over hoe ze over deze voorstellen denkt. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck. Wethouder VAN DOORNINCK: Dank aan mevrouw Van Soest om dit te bespreken. Het is wel enigszins een stukje weg van wat er vandaag voorligt. Dat gaat echt heel erg om het repareren van het bestemmingsplan en dan gaat het om het instellen van maximale bouwhoogtes van de bouwblokken nabij de woonboothaven. Dus dat komt tegemoet aan
38
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
de oproep van de appellant die daartegen een beroep heeft ingezet. We zorgen dus juist dat we daaraan tegemoetkomen. De bereikbaarheid is natuurlijk een ander verhaal dat niet in een directe relatie met dit bestemmingsplan staat. Ik denk wel dat het een heel belangrijk punt is. Er wordt natuurlijk ook in het conceptmobiliteitsplan dat u in de raadscommissie MLW met collega De Vries uitgebreid kunt bespreken, daarop ingegaan. De verkeersonderzoeken die specifiek voor de Klaprozenbuurt zijn gemaakt, geven aan dat er niet meer verkeersaantrekkende werking is. Dat heeft onder andere te maken met de lage parkeernormen die ook daar worden ingevoerd. Het idee dat er barrières tussen buurten ontstaan, daarvan snappen we heel goed dat je er voortdurend op moet letten dat die er niet komen en daarom wordt bijvoorbeeld heel erg gekeken naar de betere oversteekbaarheid van straten. Als het puur gaat om verkeer en wat er aan kan worden gedaan om het verkeer tegen te gaan, dan is dat natuurlijk net hogere parkeernormen. Ik denk dat de discussie in z’n volledigheid het best kan worden gevoerd in de raadscommissie MLW met het mobiliteitsplan want daar zitten al die verkeersonderzoeken en andere onderzoeken in. Die horen niet specifiek bij dit reparatiebestemmingsplan.
(Mevrouw VAN SOEST: Ik wil er even op wijzen dat wij veertien dagen geleden een hoorzitting hebben gehad van de mensen uit AmsterdamNoord die zich uitspreken tegen dit soort plannen omdat er 60.000 nieuwe woningen in de planning staan voor Amsterdam-Noord en dat is wel een beetje erg veel. Dus nu het hele NDSM-terrein, die hele kant waar ik zelf ook woon, dat vol te bouwen ... Als je ziet dat er een gebouw komt te staan van 130 m hoog waarbij de mensen als ze de voordeur uitstappen, bijna worden overreden op de snelweg daarvoor, dan spreek ik mijn ernstige zorgen uit of we niet wat voorzichtiger zouden moeten omgaan met dit soort bouwwerken.) Mevrouw Van Soest had denk ik meer een oproep dan een vraag maar ik heb de hoorzitting naderhand gekeken want die was specifiek voor de raad. Ik denk dat het een hele indrukwekkende bijeenkomst moet zijn geweest waarbij hele duidelijke zorgen zijn geuit die al bekend zijn bij ons en waar we telkens naar kijken. We proberen natuurlijk die twee opgaven die we hebben gestalte te geven - waar uw raad heel vaak om vraagt, zorg nu dat er genoeg woningen komen, zorg nu dat er genoeg wordt gebouwd, zorg ook dat dat binnen de stad gebeurt. Naar die plekken zoeken wij en dat betekent inderdaad een flinke verdichting maar die mogen niet ten koste gaan van de leefbaarheid.
Daarin zit een spanning waarin we als college en raad elkaar voortdurend moeten wijzen op hoe we ervoor kunnen zorgen dat die twee zaken samengaan. Ik denk dat het heel goed is dat de mensen uit Noord zich laten horen en dat dat ook in de raad gehoord wordt. Laten we samen naar oplossingen zoeken hoe we die twee opgaven – aan de ene kant genoeg woningen en aan de andere kant de leefbaarheid in de buurten beschermen – gezamenlijk kunnen oppakken. (Mevrouw VAN SOEST: U heeft ook aangekondigd dat het een autoluwe wijk gaat worden maar de hele buurt is bang dat waar nu de woningen zijn aan de andere kant van de Klaprozenweg de parkeerdruk gaat toenemen. Bent u daar ook niet bang voor?) Daarom wordt dat goed gemonitord. Ik denk dat we nu te veel in de details komen en dat ik u moet doorverwijzen naar de raadscommissie MLW want collega De Vries houdt die zaken veel meer bij. Uiteindelijk zal natuurlijk in meer buurten in Noord de parkeernorm in Noord strenger worden omdat je niet wilt dat er een waterbedeffect komt. Dat is echt onderdeel van het mobiliteitsplan. De VOORZITTER: Dan hebben we hiermee dit onderwerp voldoende besproken en dan gaan we door het punt 10.
39
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
10. Kennisnemen van de Raadsrapportage Ontwikkelbuurten 2020 Nr. VN2021014110 en 12. Kennisnemen van de voortgangsrapportage Programma Voortgangsrapportage 2020 en vooruitblik 2021 Nr. VN2021-014123
Woningkwaliteit:
De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: 35° Motie van de leden Kuiper, Mbarki en Boomsma inzake de renovatie van de Van der Pekbuurt, nr. 2021.468 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
een overleg tussen bewoners, corporatie en de gemeente te initiëren met als inzet om de opgelopen vertraging ongedaan te maken en te zorgen voor een renovatieproces in nauwe samenwerking met de bewoners.
36° Motie van het lid Veldhuyzen inzake behoud sociale huur in ontwikkelbuurten, nr. 2021.491 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de belangen van de bewoners van de ontwikkelbuurten op de voorgrond te houden, en hierbij te verzekeren dat de vooruitgang van de wijken niet ten koste van de positie en toegankelijkheid van de buurt voor de huidige burgers gaat, onder meer door te garanderen dat de hoeveelheid sociale huurwoningen, in het bijzonder gezinswoningen, behouden blijft.
37° Motie van het lid Veldhuyzen inzake zelforganisatie bewoners ontwikkelbuurten, nr. 2021.492 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de 100.000 euro die wordt ingezet om toeristen aan te trekken af te trekken van het budget voor stadsmarketing en hetzelfde bedrag te investeren in de versterking van de zelforganisatie van bewoners van ontwikkelbuurten, deze middelen ook toegankelijk te maken voor de organisatiekosten van (zelf)organisaties van bewoners, de middelen op laagdrempelige wijze beschikbaar te maken voor bewoners en (zelf)organisaties uit deze stadsdelen, bijvoorbeeld via het Bureau Maatschappelijk Initiatief, waarbij Fonds voor Zuidoost en de andere buurtfondsen van Stichting Mensen Maken Amsterdam als voorbeeld of samenwerkingspartner kunnen dienen, maar waarbij het vooral belangrijk is dat er - indien daar behoefte aan is - ondersteuning wordt geboden bij het doen van aanvragen door bewoners en (zelf)organisaties.
40
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De moties maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Twee opmerkingen eerst over mijn uiterlijk. Ik kreeg een opmerking over mijn kapsel dat het een beetje een VVD-kapsel was maar ik ben mijn haar weer aan het laten groeien. En ten tweede viel het mij op dat het bijna 30 graden is maar dat ik de enige man hier ben met een korte broek. Dus ik zou tegen alle mannen willen zeggen, wees niet bang, je mag gerust een korte broek dragen. Dat gezegd hebbende is het positief dat het stadsbestuur investeert in ontwikkelbuurten en inzet op de bestrijding van achterstelling en ongelijkheid middels programma’s als het masterplan Zuidoost en het masterplan Nieuwwest dat nu wordt ontwikkeld. Hoe zeer het college ook inzet op participatie en zeggenschap, de insteek is toch nog topdown georganiseerd. Als ik praat met bewoners uit de ontwikkelbuurten dan krijg ik niet zelden te horen dat de participatie met bewoners toch vaak mooier door de gemeente wordt voorgesteld dan hoe het er in werkelijkheid aan toe gaat. Hierom dient BIJ1 opnieuw een motie in om de zelforganisatie van bewoners in ontwikkelbuurten te ondersteunen. Bewoners moeten simpelweg financieel in staat worden gesteld zichzelf te organiseren zodat ze zelf de zo hard nodige tegenmacht kunnen vormen.
Eerder diende BIJ1 hierover al een motie in bij de Begroting voor dit jaar, maar die werd weggestemd. Volgens wethouder Groot Wassink was die motie overbodig omdat het al gebeurde maar tot op de dag van vandaag ontbreekt het beleid en ontbreken de middelen om de zelforganisatie van bewoners, en dan bedoel ik inclusief de organisatiekosten die hierbij komen kijken, op een structurele manier te ondersteunen en te faciliteren. Daarom dient BIJ1 hierover nu opnieuw een motie in. De 100.000 euro die dit college nu steekt in het aantrekken van toerisme willen we aftrekken van het budget voor stadsmarketing om dat vervolgens te investeren in de zelforganisatie van bewoners in ontwikkelbuurten. Een tweede belangrijk kritiekpunt dat ik eerder heb geuit, is het inzetten van gentrificatie in het kader van programma’s om ongelijkheid te bestrijden. In de raadscommissie hebben we het hierover al gehad en in het debat hierover stelde de wethouder dat er bij renovaties in alle ontwikkelbuurten minstens evenveel sociale huurwoningen terugkomen als verdwijnen. Dat klopt niet helemaal. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de cijfers van Geuzeveld. Daar komen minder sociale huurwoningen terug dan er worden gesloopt. Nog belangrijker is de vraag welke typen sociale huurwoningen terugkomen.
Worden er bijvoorbeeld 100 sociale huurwoningen gesloopt van 100 m2 waar nu gezinnen wonen en er 75 jongerenwoningen en 75 tweekamerwoningen voor terugkomen, dan komen er in absolute zin wel meer sociale huurwoningen maar dan worden de gezinnen alsnog de wijken uitgejaagd. Hierom dient BIJ1 een motie in om de belangen van de bewoners van ontwikkelbuurten op de voorgrond te houden en te garanderen dat de hoeveelheid sociale huur en in het bijzonder gezinswoningen behouden blijft. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: In deze raad hebben we het terecht erg vaak over alle nieuwbouwwoningen. Vandaag wil ik het hebben over woningen in de bestaande bouw. De kwaliteit van die woningen laat op sommige plekken nogal te wensen over bijvoorbeeld in Amsterdam-Noord. Mevrouw Van Soest noemde net al de hoorzittingen in Noord en het doet me deugd dat er iemand van het college heeft nageluisterd wat daar is gezegd. Er zijn zeer behartigenswaardige dingen gezegd. Op dit moment zit in de planning dat naast deze ontwikkelbuurten de meest moderne woningen met het beste energielabel verrijzen. Natuurlijk zijn we daar blij mee maar het is wel wrang als in de winter de mensen in de oude
41
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
buurten met enkel glas met een dekentje over hun benen zitten en als de koude wind langs hun enkels giert. Ik vond overigens de vergelijking wel grappig om die vergelijking op deze snikhete dag te maken want ik denk dat ze het nu erg warm hebben. In de winter is het slecht, in de zomer is het slecht. In de zogenaamde ontwikkelbuurten gebeurt veel. Dat wil ik echt niet allemaal aan de kant schuiven maar naar de mening van de fractie van de ChristenUnie is het programma vooral een programma van goede voornemens zonder voldoende financiële dekking voor alle mooie plannen. Dat verdient echt in toekomstige rapportages een verdere uitwerking per buurt. Graag een reactie van de wethouder hierop. Iets wat heel concreet is en nauw samenhangt met het programma Ontwikkelbuurten is het programma Woningkwaliteit. Helaas na 2023 niet meer verzekerd van financiering. Om te voorkomen dat we hier wat hoog over praten en ambities benoemen of alleen maar bekritiseren wil ik even inzoomen op een bepaalde casus waarover we vandaag samen met de PvdA en het CDA een motie indienen. Die betreft de Van der Pekbuurt. De woningen in deze wijk zijn tientallen jaren verslonsd. De buurt knokte met succes tegen sloopplannen maar wacht nu almaar op die grondige renovatie terwijl aan de overkant de mooie wijken verrijzen. Men voelt zich in de steek gelaten.
Nu er in de berichtgeving werd gemeld dat de renovatie weer zou worden uitgesteld is wat ons betreft de maat vol. Dit is nu een moment om als gemeente eens met de vuist op tafel te slaan en echt aan de kant van de inwoners te gaan staan. Daarom deze motie. We roepen het college op zelf in gesprek te gaan om ervoor te zorgen dat de eerder gemaakte afspraken over de renovatie zo snel mogelijk worden opgepakt. En nee, laten we nu niet wijzen naar een overleg tussen bewoners en corporatie of het aan het stadsdeel laten. De gemeente moet hier de regie pakken. De wethouder moet aanschuiven. Dat verdient de Van der Pekbuurt; dat verdient Amsterdam-Noord en dat verdient iedereen in een gammele woning waar al te lang geen vinger naar is uitgestoken. Ik maak me sterk, ik denk dat het draagvlak voor al die nieuwe woningen een stuk beter wordt als dit eerst wordt aangepakt. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Pijpen. Mevrouw VAN PIJPEN: Het overzicht van alle activiteiten in ontwikkelwijken dat we nu bespreken, is indrukwekkend. Ik kan iedereen die het nog niet heeft gelezen, aanraden het te lezen want er wordt een bruisende, zich ontwikkelende stad zichtbaar. Niet het bruisende waar Airbnb of Funda over spreken maar het bruisende wat de basis is van onze stad.
De bewoners en dat wat ons lief is in Amsterdam namelijk samenwonen in wijken waar iedereen zichzelf kan zijn, waar het groen en sociaal is en waar je thuis kunt zijn. Juist deze ontwikkelwijken waar zo veel mogelijkheden zijn, willen we samen met bewoners vormgeven. Dan is het een mooi overzicht waarop we trots zijn. Maar we zien en horen ook dat het nog niet goed genoeg gaat, waar samenwerking met bijvoorbeeld corporaties niet goed genoeg gaat, waar bewoners soms het gevoel hebben tegen een muur op te lopen. De oproep van de bewoners van Noord hebben we dan ook luid en duidelijk gehoord. Laat daarover geen misverstand bestaan. De Van der Pekbuurt en de noodzakelijke renovaties daar zijn een belangrijk voorbeeld. De vorige spreker sprak er ook al over. En ook in Molenwijk hebben we daarover met bewoners gesproken. We zien daar soms bewoners strijden en ook bij ons komen. Dat is goed. Er is beweging. Het schuurt soms maar we moeten eruit komen want de wijken en de bewoners verdienen het dat het hun stad is en blijft. Ook of misschien wel juist met veranderingen van de vele nieuwbouw die er plaatsvindt. We bespreken het nu samen met het programma Woningkwaliteit, dat is op zich ook boeiend, maar ontwikkelwijken, laten we niet vergeten dat ontwikkelwijken niet alleen een fysiek project vormen. Het is ook een sociaal project en dat moet vooral altijd blijven samengaan.
Dan moeten we ook onze samenwerkingspartners bijvoorbeeld de
42
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
corporaties achter hun vodden zitten als dat nodig is. Alle begrip voor hun soms moeilijke positie met de verhuurdersheffing maar ze moeten ook hun huidige bezit, de huizen waarin de mensen wonen, koesteren. Dan kom ik op die woningkwaliteit. Ook als het goed gaat, is het eigenlijk nooit goed genoeg want elke slechte woning is er een te veel. Slechte woningen zijn slecht voor de gezondheid, niet duurzaam en slecht voor de stad. We zijn dan ook blij te lezen dat de aanpak voortgaat en ook dat er bijzondere middelen en aandacht voor die specifieke thema’s als loden leidingen – we hebben het er vaker over gehad – worden opgepakt. Dat de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit primair bij de verhuurder ligt, is duidelijk maar het stevig aanspreken is ook van belang en dat staat ook in die rapportage. De gemeente, het stadsdeel of de wethouder – het stadsdeel is ook een vertegenwoordiger van de gemeente zeg ik in de richting van de ChristenUnie – die moeten daarin een stevige positie innemen. En op voorhand geef ik dan ook steun aan de motie van de ChristenUnie op dat vlak en ik ben benieuwd naar de reactie van de wethouder daarop. Tot zover. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Mevrouw Van Pijpen is vol lof over de rapportage ontwikkelbuurten.
In de vele mails die wij krijgen van inwoners in Noord zeggen ze, gelikte rapportages die waarschijnlijk duizenden euro’s kosten maar het is niet meer dan een verzameling van goede intenties. Waar blijven dan de concrete resultaten? Ik was benieuwd als mevrouw Van Pijpen op die kritiek vanuit de bewoners reflecteert, hoe ze dan naar dit punt kijkt.) Ik denk dat mevrouw Naoum Néhmé mijn hele betoog toch heeft gehoord want ik heb beide kanten heel erg benadrukt. We zien ook dat bewoners nog niet overal tevreden zijn en dat er echt nog strijd over plaatsvindt. Maar ik zie ook een rapportage waarin bijvoorbeeld in Nieuwwest hele concrete zaken zijn gerealiseerd. Dat moeten we ook zien. Beide kanten zijn waar. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: De bewoners in Noord omschrijven hun woningen als krotten omdat het label soms van d, e, f, g gaat. Toen de VVD samen met een groot aantal oppositiepartijen twee zomers terug een motie indiende om dat aantal labelstappen dat de corporaties moesten doen, te concretiseren zodat we dat als raad konden controleren, heeft GroenLinks tegen gestemd.
Dus wat wilt u vanmiddag zeggen tegen mensen die ons allemaal aanspreken, fractie voor fractie, om ze te verlossen van die krotten terwijl ze zien dat we dan mooie betogen houden – ik was het eens met uw betoog – maar dat we uiteindelijk ook weinig concreets voor hen doen?) Terugkomen op moties van twee jaar geleden vind ik niet de beste manier om hier met elkaar te spreken over het beleid dat we met elkaar moeten voeren. Ik denk dat het helder is en daar staan we voor. Ik ben blij te horen dat de VVD daar ook voor staat dat woningen en zeker als het gaat om de specifieke situatie in de Van der Pekbuurt, gerenoveerd worden. Ik denk dat we het daarover volstrekt eens zijn. Wij zijn erg voor de verduurzaming van woningen en dat weet u ook. Daar hebben we ook te maken met verhuurders die daarvoor de nodige inzet moeten plegen. Dat is ook de oproep die ik hier aan de wethouder heb gedaan om dat met die verhuurders op een goede manier vorm te gaan geven. Ik zou het best willen hoor, als linkse rakker zeg ik er maar bij, maar het zijn uiteindelijk zelfstandige organisaties die die woningen bezitten. We zijn helaas nog niet zover dat we de woningbouwcorporaties kunnen nationaliseren. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Mevrouw Van Pijpen vindt de motie van twee jaar geleden gedateerd.
Zal ik die dan even samenvatten in mijn woorden? Valt met haar samen op te trekken als het gaat om een nieuwe motie, een nieuw voorstel? Dit was een van de voorbeelden. Er zijn ook andere fracties
43
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
die exact dezelfde motie hebben ingediend en dan van minder ver dan twee jaar terug. Kunnen wij samenwerken als het gaat om iets concreets betekenen in termen van energielabels en energiestappen voor de bewoners in Noord bijvoorbeeld?) Over verduurzaming van woningen valt met GroenLinks altijd te praten. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Mbarki. De heer MBARKI: Als een van de bewoners van een van de ontwikkelbuurten van de stad kan ik zeggen dat de inzet in ontwikkelbuurten voor de PvdA heel erg belangrijk is. Je moet overal fijn kunnen wonen in de stad, niet alleen in je eigen buurt maar je moet ook in een veilige woning kunnen wonen waar je niet ziek wordt en die veilig is. Dat is niet iets waarmee je geluk moet hebben of alleen moet kunnen betalen, maar daar heb je recht op. Helaas is dat in onze stad niet altijd het geval. Denk aan de loden leidingen, groen dat niet wordt onderhouden, zwerfafval en onveilige openbare ruimte waar lange tijd geen onderhoud heeft plaatsgevonden. Dit soort zaken behoren helaas tot de realiteit van onze stad. En ze zijn ook nog eens oneerlijk verdeeld over de stad. In bepaalde delen van de stad zie je dat onderhoud veel eerder plaatsvindt, veel uitvoeriger plaatsvindt en in bepaalde delen van de stad vindt dat veel minder plaats.
Zo reed ik vanochtend weg en ik realiseerde me dat het onkruid op de parkeerplekken bij mij in de straat zo hoog stond dat je eigenlijk kunt spreken van een bosje. Dat is best bijzonder groen. Mooi, mooi, mooi. Ik zeg dan, laten we hetzelfde dan ook doen in Amsterdam-Zuid of in de P.C. Hooftstraat en dan gaan we dat ook verklaren als groen. Hartstikke mooi. Of het groen is of niet, het gaat met name om die ongelijkheid. We moeten daarom de regie pakken om buurten beter te maken en om woningen te renoveren. Vandaar de motie om de regie te nemen op de renovatie als het gaat om de Van der Pekbuurt. Ik vind de Van der Pekbuurt maar een voorbeeld. Ik wil in dit geval ook de Wildmanbuurt noemen, ook een buurt die je zou kunnen scharen onder de vergeten buurten waar renovatie de afgelopen jaren niet heeft plaatsgevonden en wellicht met een legitieme reden. De economische crisis kwam; men moest even wachten. Maar de economische crisis ging voorbij en men is nog steeds aan het wachten. Juist door de regie te pakken en door te zien dat we de uitdagingen in deze buurten alleen kunnen oplossen als we het samen doen door het combineren van verschillende activiteiten op verschillende beleidsterreinen kunnen we echt werken aan buurten waar het fijn is om te leven.
Wat ook belangrijk is, uiteindelijk is de samenstelling van een buurt ook van groot belang voor de leefbaarheid en de sociale cohesie. Een groot gevaar is daarom in ontwikkelbuurten het opkopen van woningen door beleggers. Ook hierin zie je een verschuiving ontstaan. Je ziet met name dat ontwikkelbuurten interessante buurten worden voor speculerende beleggers om ook daar woningen op te kopen. Wat je ziet gebeuren, is dat de onderlinge verbinding en de sociale cohesie ook in deze ontwikkelbuurten onder druk komen te staan. Als voorbeeld de flats in Osdorp de Langswaterflats. Hierin zie je allerlei problemen ontstaan die te maken hebben met het gebrek aan sociale binding. Of te wel, ontwikkelbuurten zijn niet meer veilig voor beleggers. Om deze buurten leefbaar te maken en te houden moeten we gaan sturen op wie in die woningen terechtkomen. Daarom mijn vraag aan de wethouder: deelt het college deze mening en zo ja, op welke wijze komt dat terug in de aanpak in de ontwikkelbuurten? Ook ben ik benieuwd naar de toekomstige masterplannen. Die gaan natuurlijk ook over een integrale aanpak in zowel Zuidoost als Nieuwwest. Hoe verhouden deze zich tot de plannen die we hebben voor de ontwikkelbuurten? We zien in de stad dat je moet investeren in de sociale cohesie. Je investeert dus ook in mensen. Daar hoort bij dat je ook investeert in het faciliteren van het bij elkaar kunnen komen.
Dat zijn onder andere de plekken in de stad zoals de buurthuizen. Nu is het ook zo
44
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
dat corporaties daarin een rol spelen. Die hebben namelijk ook maatschappelijk vastgoed en die faciliteren dat. Maar wij krijgen signalen uit de stad dat dit maatschappelijk vastgoed ook aan de markt beschikbaar wordt gesteld, of te wel dat buurthuizen op de markt worden gezet. Dat lijkt mij niet goed en dat lijkt mij ook niet datgene wat we willen met deze buurten. Dus mijn vraag is welke afspraken hierover zijn, of de wethouder dit herkent en onderkent hij dat plekken waar mensen bij elkaar komen, belangrijk zijn als het gaat om de ontwikkelbuurten? De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Naoum Néhmé. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Geen bijdrage. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Toen wij deze periode begonnen, toen was er eigenlijk niets als het ging om investeren in buurten. Eigenlijk was er een heel groot pak papier vanuit het verleden met focuswijken en van alles wat er vanuit Den Haag maar ook vanuit de stad op dit soort buurten werd afgevoerd waarbij de verslaglegging vaak belangrijker was dan daadwerkelijk de schop in de hand nemen en iets te doen in dit soort wijken.
Ik ben daar heel trots op dat we dat ter hand hebben genomen en dat we die ontwikkelbuurten de ruimte, de energie en ook het geld geven om daarmee aan de slag te gaan en er leefbare wijken van te maken en ervoor te zorgen dat mensen daar op een goede, volwaardige manier kunnen leven, kunnen ontmoeten en kunnen zijn. Dat gaat zelfs tot de achterdeur aan toe als het gaat om achterstanden, als het gaat om werkgelegenheid, als het gaat om armoedebestrijding maar ook in de openbare ruimte. Dus ik ben daar trots op. Ik ben ook wel een beetje bevreesd, moet ik heel eerlijk zeggen, want de kritiek die ik vanuit de raad hoor, ik voel daarachter, dat voel ik en dat weet ik ook, dat straks rond de verkiezingsprogramma’s ik mij afvraag welke van al die partijen die nu kritiek hebben, straks daadwerkelijk in die ontwikkelbuurten bereid zijn daar de miljoenen euro’s bij te leveren. Als straks de verkiezingen voorbij zijn of ze dan ook bij de coalitieonderhandelingen daadwerkelijk pal staan voor al die mensen in al die wijken, in Noord, in Zuidoost en in Nieuwwest die het zo kei- en keihard nodig hebben. Ik ga u daar volgen. Ik ben er heel benieuwd naar. Ik ga in ieder geval zeggen vanuit mijn perspectief dat ik denk dat er een flinke graad bij moet. Niet een klein beetje maar volle bak want deze buurten verdienen alle aandacht.
Tegelijkertijd zien we natuurlijk ook en dat is de pijn in Noord dat er heel veel nieuwbouw in een hoog tempo wordt ontwikkeld en dat het opknappen van wijken in zekere zin langzamer gaat dan die enorme snelle machine. Ik heb het hier wel eens een keer vergeleken met een soort diesel die op gang aan het komen is en mooie resultaten oplevert maar vanzelfsprekend vanuit de stad, vanuit de bewoners daar, de kritiek oplevert, verdorie, wij willen ook. Het gaat niet alleen om nieuwbouw, het gaat ook om onze wijken. Daarin hebben ze natuurlijk volledig gelijk. Bijvoorbeeld als het gaat om achterstallig onderhoud in de wijken. Ik zeg u, ik ben op heel veel plekken geweest in Amsterdam en ik heb met heel veel bewoners samen gevochten om die schimmelwoningen waarin kleine kinderen wonen, aan te kaarten bij commerciële verhuurders, bij de corporaties. Dan stonden we er weer met een groep en altijd kreeg ik het gevoel, ik moet dus blijkbaar wijk voor wijk met de bewoners knokken om iets normaals namelijk een gezond en leefbaar huis te bereiken. Nog steeds is dat het geval – wel met steun vanuit de Stopera. Dus ik ben heel blij dat we de afgelopen jaren die ontwikkelprogramma Kwaliteit hebben uitgerold. Ook daarbij vraag ik mijn collegaraadsleden, ja mevrouw Kuiper, ik weet dat u daar kritiek op heeft en dat u
45
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
daarover een motie heeft ingediend, maar dat we in 2023 dit programma zeker weer overeind gaan houden en hopelijk zelfs gaan uitbreiden. Daar sta ik in ieder geval wel voor. Ik denk dat er heel veel moois gebeurt in de verschillende ontwikkelwijken. Als je door De Kleine Wereld rijdt in Noord en je ziet de speelplaats, ik ben daar geweest, en je ziet wat daar gebeurt, dan is dat mooi. Als je ziet hoe op het Plevierplein dingen zijn gedaan; op het Bussumplein, op de Waardenburgsingel, als je ziet in de Dobbebuurt wat er allemaal is gebeurd, dan zijn de resultaten zichtbaar. Wij willen allemaal meer. We willen allemaal sneller en we willen dat vooral als het gaat om de schande van woningen die echt kampen met achterstallig onderhoud. Daarom is mijn vraag en dat werd bij de hoorzitting van mensen uit Noord een beetje gevraagd, als de corporaties straks weer aan de poort staan om te mogen bouwen in nieuwe ontwikkelwijken en nieuwe sociale huurwoningen of zelfs middenhuur mogen bouwen. Zou het dan niet eens goed zijn ook eens te kijken welke corporatie daadwerkelijk gaat bouwen en dan goed te gaan bekijken in hoeverre ze de bestaande voorraad goed hebben onderhouden ja of nee? En als ze dat niet hebben, dat ze misschien eens een keer een pasje opzij moeten stappen en dat een andere corporatie of een andere club instapt.
Ik hoop dat de wethouder daarover iets kan zeggen, want ik vind het een schande dat bewoners in Noord zo hard moeten knokken om nog steeds in een enorme vertraging na wachten, sleuren, trekken, en soms vechten met de corporatie dingen te versnellen. Ik vind dat dat niet meer kan en ik vind dat dat niet meer van deze tijd is. Dus ik hoop dat de wethouder deze suggestie omarmt. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw A.L. Bakker. Mevrouw A.L. BAKKER: Over woningkwaliteit. De raadscommissie Wonen en Bouwen heeft nu al -tig keer gevraagd wat de woningcorporaties nu gaan doen op het gebied van verduurzaming zoals isoleren en zonnepanelen maar de wethouder komt elke keer niet verder dan met grote tegenzin zeggen dat hij niet weer de corporaties wil opbellen voor meer informatie. Ik ben het inmiddels gewoon helemaal zat. Telkens als we lezen over de aanpak dan is het in vage, algemene termen terwijl duizenden mensen in de stad enorme behoefte hebben aan een antwoord op de vraag wanneer ik nu aan de beurt kom. Er zitten woningen tussen die sinds de jaren ’70 niet meer zijn gerenoveerd. Dus voorzitter, welke tochtige en schimmelige huizenblokken worden nu het eerst aangepakt? Amsterdammers wachten hierop. Jaar in jaar uit is het namelijk weer hetzelfde gedoe.
Elke zomer, snikheet, met koude washandjes op het voorhoofd en elke winter wolkjes blazen in huis of heel erg duur stoken voor de mussen. In deze rapportage is het net als de vorige keer weer hetzelfde liedje met de vooruitblik: allemaal woorden over ongezonde leefsituaties en hittestress en dat er contact gelegd gaat worden met allerlei instanties, dat er nog meer onderzoek gaat worden gedaan door de Hogeschool van Amsterdam naar casuïstiek, maar we weten al hoe erg het is. We moeten nu gaan handelen. Gewoon, hup, een planning maken en aan de slag. Voordat deze collegeperiode is afgelopen vind ik dat de huurders moeten weten wat het college en wat deze wethouder er concreet aan gaat doen. Ik heb maanden geleden en misschien is het zelfs al een jaar geleden, de belofte gekregen dat we de planning gaan inzien in de monitor Duurzaam herstelplan. Die hebben we onlangs gekregen maar het staat er niet in. Dus aan de wethouder de vraag: waar blijft die planning? De VOORZITTER: Hiermee hebben alle raadsleden die dat wilden, gesproken. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Ivens voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de moties.
46
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Wethouder IVENS: Dank voor de inbreng door de raadsleden want het vervult me ergens toch wel van enige geruststellendheid, de warme woorden die worden geuit over zowel de ontwikkelbuurten als het programma Woningkwaliteit. Toen ik wethouder werd, was er geen ontwikkelbuurtaanpak. Sterker, er was ook geen wijkaanpak meer. Het heeft best wel wat moeite gekost dat weer op gang te krijgen, want de flow was een andere. Het was een tijd dat we zouden stoppen met wijkaanpak en dergelijke. Ik heb uiteindelijk met veel moeite en met best wel veel steun van onder andere de stadsdelen vanuit bewoners die alvast aan de bel trokken, dit programma ontwikkelbuurten op gang laten komen. Dan is het maar de vraag met welke scope en hoe lang die blijft. Toen dit college aantrad, wist het er ook geld bij te doen waardoor we daadwerkelijk wat konden realiseren. Ik ben dus trots op deze mooie prestaties die u ziet. Er wordt toch geleverd. Het is nooit genoeg. Absoluut. Maar de vraag is wel of het programma Ontwikkelbuurten blijft en of we daarin doorgaan. Hetzelfde geldt voor het programma Woningkwaliteit. We hebben een wettelijke taak maar die wettelijke taak is er pas als een woning niet meer voldoet aan het bouwbesluit. Dan begint de wettelijke taak. Dat was de scope waarin de gemeente Amsterdam handelde.
We hebben het ontwikkeld tot een totaalprogramma waar inderdaad nog heel veel moet worden gedaan en waarbij je je altijd kunt afvragen tot wanneer die blijft bestaan. Ik hoor hier heel veel warme woorden en daar ben ik enorm blij om. Deze twee programma’s zullen absoluut doorgang moeten blijven vinden als we het totale probleem opgelost willen krijgen. Want er zijn nog te veel mensen die in ofwel een buurt wonen en die zich aan hun lot overgelaten voelen in hun buurt ofwel in een woning zitten die inderdaad echt te koud, te schimmelig is. Dus de warme woorden die hier worden geuit zie ik als grote complimenten voor degenen die de afgelopen tijd hiermee allemaal aan de slag zijn gegaan omdat dit echt moet worden opgepakt. Dan denk ik in eerste instantie aan al die bewoners die dit hebben aangekaart en die dit punt op de politieke agenda hebben weten te krijgen. Al die bewoners, georganiseerd of niet georganiseerd, ook !WOON dat altijd een grote mate van invloed heeft gehad die uiteindelijk al die bewoners vertegenwoordigde en hierin een grote bijdrage levert. Dan over de specifieke vragen die zijn gesteld. De heer Veldhuyzen dient een motie in over zelforganisaties. De motie kwam op het laatste moment dus ik heb die niet heel uitgebreid kunnen bestuderen maar de motie van de zelforganisaties, ja, ik vind het altijd goed. We werken natuurlijk met zelforganisaties.
Denk aan een Hart voor de K-buurt. Dat wordt natuurlijk flink aangepakt. U stelt nu voor, we gaan een ton die op dit moment al wordt uitgegeven aan een andere wens van de gemeenteraad extra inzetten bij zelforganisaties. Dat kan natuurlijk niet. Die ton wordt al uitgegeven. Maar als u straks bij de Begroting, als de Voorjaarsnota er ligt en u weet een pot geld te vinden om meer geld te gaan geven aan zelforganisaties en er wordt een dekking gevonden die wel gewoon nog niet belegd is, dan ben ik zeer bereid daar naar te kijken. Maar voor nu krijgt motie nr. 2021.492 een negatief preadvies vanwege die dekking die niet kan. (De heer VELDHUYZEN: Het voorstel van de motie was dat bedrag af te trekken van het budget voor stadsmarketing waar natuurlijk behoorlijk wat geld naartoe gaat. Wij houden deze motie nu wel aan maar ik zal zeker in het kader van de Voorjaarsnota met een motie komen en bij de Begroting ook weer.) U zult mij vast vergeven dat ik niet een totaal overzicht heb van wat er in de Begroting voor stadsmarketing op dit moment omgaat. In de vijf minuten waarin ik even kon afstemmen over deze motie hoorde ik dat dat bedrag volledig was belegd. Dat zeg ik hier maar even. Dan zien we latere verzoeken nog wel tegemoet. Dan begon u over de discussie die ik heel belangrijk vind, de gentrificatiediscussie.
Dat was een van de eerste vragen die ik bij de ontwikkelbuurtenaanpak had. Als we dat
47
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
gaan doen, hoe voorkomen we dan de effecten van de oude wijkaanpak die vaak was, ja, armetierige woningen slopen we, we bouwen mooie, duurdere woningen en daarmee krijgen we een uplift van de wijk maar wel met heel andere mensen erin. Ik heb daarover met een groep wetenschappers gesproken en we zijn uiteindelijk tot de conclusie gekomen dat de beste garantie is om op te nemen dat het uitgangspunt is dat er minstens evenveel sociale huurwoningen worden teruggebouwd. U legt de vinger op de zere plek. Er is altijd een uitzondering die de regel bevestigt. Inderdaad hebben we in de Van Nieuwenhuysenbuurt want ik denk dat u daarop doelt, iets minder sociale huurwoningen terug weten te bouwen dan dat er zijn gesloopt. Die worden in het buurtje er vlak naast wel gecompenseerd en die worden extra gebouwd. Dan heb je allemaal stedenbouwkundige vraagstukken en dergelijke. Ik noem het maar de uitzondering die de regel bevestigt wat dat betreft. Maar ik ben het helemaal eens met dat deel van de motie. Sterker nog, dat deel van de motie is gewoon overbodig want dat deel waarin u zegt in motie nr. 2021.491 we moeten zorgen dat er evenveel sociaal terugkomt, ja, dat is het beleid. Dan voegt u eraan toe: in het bijzonder gezinswoningen. Dat voegt u eraan toe en dat is ingewikkeld.
Dat vind ik ook lastig om hier te doen want hoe goed de ontwikkelbuurten ook zijn geland, zo slecht is het woord geland. Ik heb nog heel vaak ontwikkelwijken vandaag in deze raad gehoord. Het zijn ontwikkelbuurten. Dat is best wel ingewikkeld want je probeert dus echt op buurtniveau te bepalen wat het beste is voor die buurt. Het uitgangspunt is minstens even sociaal terugbouwen. Maar het zou kunnen dat die mensen die in een gezinswoning zitten, misschien wat ouder zijn geworden en in de buurt willen blijven wonen en liever een ouderenwoning hebben dan een gezinswoning. Dan wil ik niet vanuit de Stopera zeggen, nee, dat mag niet. We hebben hier een ander uitgangspunt. Het moet een gezinswoning zijn. Dat wil ik niet vanuit de Stopera zeggen. Ik onderschrijf de vraag en die zit ook in al die participatietrajecten die daar worden doorlopen, wat wordt er teruggebouwd? Als het alleen maar is dat de sociale huurwoning verdwijnt en dat er een dure jongerenwoning terugkomt waar die bewoners niet kunnen zitten, dan voldoe je niet aan het uitgangspunt. Het uitgangspunt is dat we die wijken met die bewoners willen verbeteren dus dat de mensen in hun wijk kunnen blijven wonen. Maar ik vind het te rigide om nu te zeggen, het aantal gezinswoningen moet precies gelijk blijven. Volgens mij moeten we dat niet vanuit de Stopera aan de buurt opleggen.
(De heer VELDHUYZEN: Misschien is het iets te rigide om te zeggen dat het aantal exact hetzelfde moet blijven maar waar de motie over gaat en dat is denk ik ook de kritiek van mensen die ik spreek en die zelf in ontwikkelbuurten wonen, dat het type sociale huurwoningen niet terugkomt. Dat is waarover de discussie zou moeten gaan. Jongerenwoningen met een contract van vijf jaar, dat is tijdelijk wonen, dat is flexwonen. Is dat wel echt sociale huur? Is dat wel echte huisvesting? Het verdwijnen van gezinswoningen en het terugkomen van tweekamerappartementen, dat heeft wel als effect dat mensen die nu in die buurten wonen, uit de buurt moeten verhuizen. Ik vind toch dat de wethouder met zijn antwoord niet genoeg voldoening geeft. Ik zou graag meer garantie willen hebben daaromtrent.) De garantie is dat wij de mensen er zo serieus mogelijk bij betrekken en dat we naar hen luisteren. Ik heb hier nog geen enkel plan moeten voorleggen dat tot brede afkeer van de bewoners leidde. Dat bent u denk ik met mij eens? De plannen die we doen in ontwikkelbuurten, worden overwegend gesteund door de mensen die er wonen. We hebben het nu heel erg over of ontwikkelbuurten sloop-nieuwbouw betekenen maar dat is natuurlijk niet zo. Er zit gelukkig ook heel veel renovatie van woningen tussen. Soms is zelfs de woning helemaal niet het probleem maar moet er alleen maar wat aan de omgeving
48
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
gebeuren. Dat kan ook nog. Maar ja, ik vind de beste garantie dat we willen dat die mensen uiteindelijk tevreden zijn. Die plannen worden hier voorgelegd nadat er is geparticipeerd waarbij u daadwerkelijk kunt zien wat de mensen ervan vonden. Die geluiden hebben we hier. Ik ben alleen maar trots als ik hoor dat er heel veel insprekers zijn. Ik heb met veel plezier die bijeenkomsten in Noord laatst teruggeluisterd omdat dat echt aangeeft dat de mensen zo betrokken zijn. De voorstellen die tot nu toe uiteindelijk worden gedaan, dat zijn voorstellen die overwegend op draagvlak in de buurten kunnen rekenen. Over die tijdelijke contracten, daarover kunnen we nog wel wat langer praten, maar dat gebeurt natuurlijk ook in de bestaande woningen. Dat hoeft geen nieuwbouwwoning te zijn om met een tijdelijk contract te werken. Sterker nog, je ziet vaak in buurten die licht onderhevig zijn aan veranderingen dat er vooruitlopend op die verandering al heel veel tijdelijke contracten worden ingezet. Oftewel, juist in die oude, bestaande woningen zitten de mensen dan met tijdelijke contracten. Dat is helaas dus ook een negatief preadvies voor motie 2021.491 alhoewel ik het grotendeels eens ben met de strekking. Dat deel is immers overbodig. Dan geeft de ChristenUnie warme woorden over het programma Woningkwaliteit. Ik ben er erg blij mee om dat te horen.
Dat zijn bovenwettelijke taken die wij hier als gemeente Amsterdam wel op ons nemen. Ik weet dat menige gemeente zit te kijken van wat doen ze daar in Amsterdam. Ik sprak laatst nog met een buurgemeente en die zeiden, geef me dat programma ook want ik wil ook eens kijken wat wij hier kunnen. Dus ik snap die warme woorden goed. U vraagt in een motie iets ... Vier weken geleden zaten we met elkaar in een commissievergadering en toen heb ik al toegezegd dat we dit gingen doen. Dus die motie is wel echt overbodig over de Van der Pekbuurt. Die is echt overbodig. Ik heb het toen al toegezegd. Sterker nog, we zijn al een heel eind op weg met de uitvoering en met uiteindelijk proberen de partijen bij elkaar te halen. Het punt is, ik vind dat niet fraai. We hebben de ontwikkelbuurten geselecteerd samen met de corporaties. Dat betekent dat je met elkaar de schouders eronder zet. En als dan uiteindelijk de corporatie zegt, het is toch ingewikkeld, ik haak af, dan schrik ik daarvan. Dan schrik ik daar zeker van. Dat is zeker wat we met de corporatie doen. Een van de grote activisten uit de Van der Pekbuurt is toevallig nu portefeuillehouder in Noord dus die heb ik gevraagd daarin een rol te grijpen. Sorry, als er een iemand vol verve die buurt kan vertegenwoordigen, dan is zij het wel, Erna Berends is daar al jaren bij betrokken geweest vanuit het behoud van die buurt.
En ja, ze is al bezig, ze heeft al overleg gehad met de verschillende partijen die er bij betrokken zijn met zowel !WOON, met de bewonersvertegenwoordiging, met de corporatie. De bewoners hebben gezegd, ga nog even niet zelf bemiddelen, geef ons even de ruimte. Prima, dan doe je dat. Dus dit loopt al. Zelf heb ik ook al contact gehad met de bewonersorganisatie en nog voordat ik het kennismakingsgesprek met de directeur van Ymere had, heb ik de directeur al laten weten dat we over de Van de Pekbuurt nog wel even wat uit te wisselen hebben. Dus de motie is echt overbodig en gelukkig zijn we na de toezegging vier weken geleden al weer een paar stappen verder dan u in de motie wenst. Dan de warme woorden van de heer Mbarki. Die kan ik helemaal begrijpen. Ik ben blij dat u het even Nieuwwest in trekt. Veel mensen hebben het over Noord. U haalt er ook even de Wildemanbuurt bij. Terecht. Ik heb daarover recent met Stadgenoot gesproken. Stadgenoot heeft veel bezit in de Wildemanbuurt. We hebben echt afgesproken dat ze dat echt moeten gaan oppakken zeker nu er nog een accent bij komt en we fors in Nieuwwest gaan investeren met dat masterplan Nieuwwest waarin toevallig iemand van Stadgenoot vertegenwoordigd is. Dat is wel helemaal duidelijk: die Wildemanbuurt moet gewoon worden aangepakt. Dat zie je ook in die plannen. Voor bijna al die ontwikkelbuurten hebben we nu plannen gemaakt.
Het is nu een kwestie van zorgen dat we dat in de tijd uiteindelijk uitvoeren.
49
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Dan stelt u wel de vraag of we wel sturen op wie er in die woning terechtkomt. Voor een deel wel. Voor een deel is het allemaal transparant. U bepaalt de huisvestingsverordening. Dus voor de vergunningplichtige woningen, dus voor de sociale huurwoningen en de nieuwbouw middeldure huurwoningen wordt in de huisvestingsverordening bepaald wie daarin mogen wonen. Op dit moment ligt tot 11 juli de nieuwe huisvestingsverordening in de inspraak die dan in januari zal ingaan. Daar zit ook de smaak van buurtvoorrang in. Dat is bij woningen die worden gebouwd waarbij mensen die uit dat stadsdeel komen voorrang zouden krijgen waardoor je er nog meer garantie inbouwt dat je daadwerkelijk ook als je van nieuwbouw uitgaat, mensen in hun stadsdeel kunt behouden. Ik weet nog niet hoe dat de inspraak uitkomt, maar dat ligt nu dus in de inspraak. Opgemerkt is dat corporaties maatschappelijk vastgoed afstoten. Dat kan ik zo generiek niet zeggen. Ik heb daar geen beeld van dat dat grootschalig gebeurt. Het zal ongetwijfeld af en toe gebeuren. Het is ook wel dat we het ergens aan de buurt moeten laten. De ene buurt is de andere niet. Maar ik heb daar geen beeld van dat dat op grote schaal gebeurt, dus ik herken het niet. Maar als u over specifieke situaties nog vragen heeft hoe dat precies zit met maatschappelijk vastgoed, dan moeten we dat zeker oppakken met zo’n stadsdeel.
U vraagt of ik het ook belangrijk vind dat er ontmoetingsplekken zijn. Ik vind dat zeer belangrijk. Juist in ontwikkelbuurten waar mensen elkaar moeten tegenkomen heb je ruimte nodig om elkaar te treffen. Dan zegt de SP dat corporaties bouwen maar dat ze ook moeten onderhouden. Ja, ze moeten hun bezit zeker onderhouden. Ik ben wel bereid dat gesprek eens aan te gaan met de corporaties. Op dit moment is het zo als wij zeggen, er moet nieuw gebouwd worden en er mag een corporatie bouwen, dat corporaties vaak zelf bepalen welke corporatie gaat bouwen. Er wordt dan wel gekeken naar de ratio. Er zijn allemaal van die ingewikkelde ratio’s of ze kunnen investeren en dergelijke maar daarbij leggen we geen link of in de ratio iets slims zit dat ze eerst maar eens gaan onderhouden en even niet gaan bouwen. Dus ik ben bereid dat gesprek een keer aan te gaan met de corporaties om te kijken of we daarover met elkaar wat duidelijker regels kunnen stellen. Ik doe er wel een winstwaarschuwing bij. Omdat er heel veel ratio’s zijn waar die autoriteiten naar kijken, is het niet per definitie zo dat een euro geïnvesteerd in een bestaande woning hetzelfde effect heeft als een euro die wordt geïnvesteerd in een nieuwbouwwoning. Het is niet zo’n gemakkelijke boekhouding als u en ik vermoedelijk denken. (De heer FLENTGE: Er zijn natuurlijk allerlei manieren om zaken te monitoren.
Er wordt van alles gemonitord. De kwaliteit van woningen, wat we doen en wat we opknappen en wat nog een beetje achterstallig onderhoud heeft. Je zou gekoppeld daaraan kunnen zeggen, je legt ergens de lat en als een corporatie echt zichtbaar daaronder blijft, dan is het even jammer maar dan slaat die corporatie even een beurt over en dan gaan we naar een andere corporatie kijken.) Dat is precies wat ik dacht dat u bedoelde. Dat is precies waarom ik dat gesprek wil aangaan met die corporaties of het inderdaad altijd dezelfde corporaties zijn die aan de beurt zijn. Ik zou er ook cynisch van worden als mijn woning aan het verkrotten is en dat ik aan de overkant van de weg dezelfde woningeigenaar iets nieuws zie neerzetten. Ik waarschuw wel, het zou kunnen zijn dat je in het ene wel kunt investeren en in het andere niet maar ik snap dat we dat gesprek met de corporaties echt moeten voeren. Dat zeg ik u toe. (De heer FLENTGE: Dank voor uw toezegging. Laat ik nog heel even mijn ongeduld wegdrukken. Ik snap best dat je eerst het gesprek moet aangaan met de corporaties maar dan zouden we het in tweede instantie hier nog
50
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
eens een keer moeten laten terugkomen. Op het moment dat er weinig bereidwilligheid is, zullen we toch eens moeten gaan kijken of we niet een stap verder moeten zetten en wat meer dwingend vanuit de Stopera de corporaties die kant op moeten duwen.) Dat spreekt voor zich dat u van deze toezegging wilt dat ik die ook uitvoer. Het lijkt me goed dat we zorgen dat die op de commissietoezeggingenlijst of wat dan ook komt zodat ik ervoor zorg dat ik laat weten hoe die toezegging is uitgevoerd. Tot slot werd over monitoren het een en ander gezegd. Ik geloof dat collega Van Doorninck ook iets heeft gezegd over de duurzaamheidsmonitor die er binnenkort aankomt. Het is nooit goed genoeg en noem maar op. Mee eens. We zitten niet aan het stuur. Daarin heeft u helemaal gelijk, mevrouw Naoum Néhmé. Heel veel Amsterdammers dringen er bij me op aan en zeggen, u kunt toch zorgen dat ... Ja, dat zou ik wel willen in die droomwereld. Maar ik geloof dat wethouder Van Doorninck het een en ander heeft aangegeven over die duurzaamheidsmonitor die onderdeel is van de prestatieafspraken. Als dat er binnenkort aankomt, dan zien we ook welke labelstappen er zijn gezet. Ze zei ook het een en ander over wat ze nog verder gespecificeerd probeerde te krijgen. (Mevrouw A.L.
BAKKER: De wethouder heeft mij gewoon met een kluitje in het riet gestuurd met een eerdere toezegging dat we bij die monitor Duurzaam herstelplan een isolatieplan zouden krijgen. Niet alleen ik ben met een kluitje in het riet gestuurd maar al die huurders die zitten te wachten op het moment dat hun woning wordt geïsoleerd. Dus we wachten echt op die planning.) Ik ook. U vraagt me nu naar de Duurzaamheidsmonitor waarvan ik niet de finesses ken. Dus daarop kunt u mij nu heel hard gaan bevragen, en dan hadden we er een hele raadscommissiebehandeling over gehad en dan hadden we nu alle antwoorden gehad. Maar ik kan nu niet alle finesses geven van hoe het met het duurzaam herstelplan zit. Dat weet ik niet allemaal uit mijn hoofd. Ik denk dat u dat wel begrijpt. (Mevrouw A.L. BAKKER: Daar komt de wethouder dan wel rijkelijk laat mee. Hij heeft ongeveer een halfjaar geleden beloofd dat het terug zou komen in dat plan dat we vorige week hebben gekregen maar waarin het niet staat. Dus het gaat niet goed.) Daar neem ik dan kennis van.
(Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik zit een beetje te luisteren naar het verhaal van de wethouder en wat mij opvalt, is dat hij ondanks het feit dat hij al bijna acht jaar de hoogste bestuurder is in onze stad, in de hoofdstad van Nederland en verantwoordelijk is voor Wonen en Bouwen, hij bij de beantwoording in deze termijn doet alsof hij de toeschouwer is van zijn eigen beleid. Ja, u heeft gelijk, waarneming hier, monitor daar. Acht jaar! Weet u hoe lang dat is? En als hier dan een heel concrete vraag wordt gesteld over de planning, dan wuift hij dat een beetje weg terwijl hij acht jaar, acht jaar de hoogst verantwoordelijk bestuurder is voor Wonen en Bouwen. Ik vind dat echt niet kunnen.) Ik wil mevrouw Naoum Néhmé vragen iets minder te overdrijven. Het is mooi bedacht maar ik geloof dat ik er op 23 juni zeven jaar zit. Het lijkt me vrij duidelijk dat dat wat overdreven is. Ik zit hier alles behalve als een toeschouwer. Daar sla ik echt op aan. Als ik hier vol trots vertel over hoe we hier programma’s hebben opgezet met die mensen, met die activisten, in die buurten. Ik ben er allemaal geweest. Ik heb met heel veel mensen daar gesproken. Ik heb in kaart gebracht wat er aan de hand is. We hebben voor al die buurten samenwerking tot stand laten komen. We hebben voor al die buurten plannen, richtingen geschetst. En natuurlijk, ze zijn nog niet allemaal afgerond. Maar dan is dat alles
51
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
behalve de rol van een toeschouwer, mevrouw Naoum Néhmé. Dit is hoe je volgens mij moet besturen namelijk zorgen dat je problemen die je signaleert, oppakt, ook waar de bevoegdheden relatief gering zijn en probeert zo veel mogelijk te realiseren. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Besturen is inderdaad problemen oppakken maar ook daden te laten zien. Misschien is het dan niet acht jaar maar zeven jaar. Het spijt me zeer dat ik er een paar maanden naast zit. Als u volgend jaar wethouder af bent – of u doorgaat, dat weet ik niet – dan zit u toch echt wel acht jaar aan het roer. Als we dan vragen naar concrete resultaten blijft het gewoon leeg. Het zijn allemaal rapportages zoals bewoners uit Noord zeggen, goede intenties. Maar waar blijven de daden? Als we om een simpele planning vragen terwijl bewoners aangeven dat ze in krotten leven en als deze stad de mond vol heeft wereldwijd van de BBC tot CNN en ik weet niet wat of waar over duurzaamheid en hier gaat het over concrete manieren om Amsterdammers die in krotten leven, te helpen, dan krijg ik de zwartepiet toegespeeld. Een links college had beter moeten weten.) 86 pagina’s beschrijving van de daden die we in de ontwikkelbuurten hebben gedaan. Die staan nu op de agenda. 86 pagina’s van wat we allemaal aan het doen zijn.
Ik ben er trots op en ik merk dat heel veel mensen in deze buurten er trots op zijn dat ze niet meer worden vergeten maar dat ze daadwerkelijk worden gezien. Zijn alle problemen daarmee opgelost? Nee. Daarom begon ik ermee dat ik vrees dat de ontwikkelbuurtenaanpak volgend jaar nog niet helemaal af is en de aanpak van het achterstallig onderhoud ook niet. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Is de wethouder het met mij eens dat bewoners niet op zoek zijn naar 86 pagina’s maar het liefst naar 86 huizen die worden geïsoleerd of naar 86 buurten waar we aan de slag gaan? Niet 86 pagina’s.) 86 buurten zou mooi zijn. Mijn ambitie is 32 buurten. Dat ziet u daar beschreven. Ik kan u ook zeggen, ga elke week die 32 buurten in. Maar ik heb het voor u overzichtelijk gemaakt. We hebben beloofd dat we de daden opschrijven. Maar als u zegt dat u geen monitor meer hoeft te krijgen, dan vind ik het ook best. Maar het gaat me om de daden die er allemaal achter zitten. En die vinden op dit moment plaats. Er wordt gewoon van alles in deze buurten gedaan. Daar ben ik trots op. Gaat het altijd in het tempo dat ik wil? Nee, absoluut niet. U kunt me daar nog steeds enorm mee helpen en dat weet u. Even dat telefoontje doen, even die rem van de renovatie afhalen, zorgen dat uw partij dat ook vindt, dat helpt enorm.
(Mevrouw KUIPER: Ik zie de ingehouden woede van de wethouder op dit punt omdat hij echt wil en ik geloof dat ook. Ik denk dat u zich echt hard maakt. Tegelijkertijd zegt u dat deze motie overbodig is. Dan denk ik, doe dat nu niet maar steun dat nu. Zie dat nu als steun in de rug want wat wij verzoeken zijn twee dingen. Overleg. Nou, daarmee bent u bezig. Ik denk dat u het niet bij een keer overleg moet laten maar dat u moet blijven overleggen totdat het gebeurt want we willen resultaat. Zie dit nu als een steun in de rug en gebruik die ingehouden woede nu om het echt voor elkaar te krijgen. Ik ben ervan overtuigd dat u zeven jaar lang, afgerond straks acht volgens de VVD, uw best heeft gedaan. Mooi, dat geloven we, maar er is nog niet genoeg gedaan. Er zijn beslist buurten waar mensen echt in de kou zitten. Als ik ze vraag wat de grootste problemen zijn, dan zeggen ze dat zijn de woningcorporaties en de gemeente. Dat is een verdrietig antwoord en dat is ook iets wat we kunnen oplossen door er druk
52
ws Jaar
2021
Vergaderdatum 16 juni 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
op te blijven houden. Als ik zie dat in de Omgevingsvisie 2025 staat dat de positieve opbrengsten van de nieuwbouwwijken ten goede moeten komen aan de oude bestaande wijken, dan kan dat een manier zijn om dit voor elkaar te krijgen. Houd de druk erop en zeg nu niet tegen ons dat die motie overbodig is. Wij dienen de motie gewoon in. Zie het als extra druk op de ketel om u te steunen in uw strijd om dit voor elkaar te krijgen.) Ik ben blij dat u nog even op de systematiek aanhaakt dat we inderdaad met nieuwbouw geld kunnen verdienen om te investeren in bestaande gebieden. Dat zien we al gebeuren. U ziet redelijk wat investeringsbesluiten langskomen voor ontwikkelbuurten en u ziet dat er wellicht wat minder positief en soms zelfs wat negatieve bijdragen worden gedaan. Dat kan uit het vereveningsfonds worden betaald omdat we met nieuwbouw wel degelijk geld verdienen als gemeente. Ik ben blij dat u dat nog een keer benadrukt dat dat er ook in zit. Maar ik ben het ergens wel met mevrouw Naoum Néhmé eens dat het niet de bedoeling is dat we straks alleen maar papier aan het maken zijn. Als de motie niets toevoegt, als we er al mee bezig zijn, als het een beetje is richting wat er nu is uitgezet dat dat er allemaal niet toe doet want we gaan opnieuw beginnen en ik met die motie straks mensen moet vragen, je moet een motie afdoen, beantwoorden, dat vind ik zonde.