CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20210331 Notulen raadsvergadering avond

RAAD 22 april 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de notulen van de raadsvergadering op 31 maart en 1 april 202131.822 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

6 alinea's met “pvda”: 135 142 296 405 413 421

Terecht is opgemerkt en ook bij de inspraakavond dat die visie toch achterhaald is. We zijn nu bijna tien jaar verder en inmiddels kunnen windturbines veel beter op zee. Het waait er harder; de turbines kunnen er hoger; er is meer ruimte; het is goedkoper en er wonen geen mensen. Zeker nu het exploiteren van die turbines hier in de gemeente ook heel veel overlast en weerstand oplevert om die geluidsnormen te halen, moet je die dingen vaak stilzetten dus de exploitatie is ook veel moeilijker. Ik zou er echt niet mee doorgaan. Ik denk dat je hier gewoon te veel wilt. Wat je volgens mij helemaal niet moet doen, is in het toetsingskader opnemen dat de gemeente zou vinden dat het plaatsen van die windturbines hier onontkoombaar is en dat de gemeente het zich niet zou kunnen veroorloven om dat hier te doen. Dat wordt nu wel letterlijk zo opgeschreven in het kader waarvan ons wordt gevraagd dat vast te stellen. Er wordt steeds gezegd dat er nog niets is besloten en dat het slechts om zoekgebieden gaat en er nog een participatietraject komt, maar heeft de wethouder zelf dat erin gebracht zo van nou, de gemeente kan zich niet veroorloven om in dit gebied niet te plaatsen? Zelfs als je er voor bent om dit ruimtelijk mogelijk te maken – ik denk dat de coalitiepartijen dat willen – dan zou je er toch geen voorschot op moeten willen nemen want dat geeft echt een verkeerd beeld.

Daarom heb ik met enkele collega’s een amendement ingediend om dat te schrappen. De heer Ernsting zei het net zelf ook al. Het is een zoekgebied, het is een zorgvuldig stappenproces en dat doen we ook. En de heer Biemond zegt, het is een integrale afweging, een gevoelig onderwerp. Ik denk dat zij het dus ook met mij eens zullen zijn dat je niet bij voorbaat al moet zeggen dat de gemeente zich niet kan permitteren om de turbines niet te plaatsen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck. Wethouder VAN DOORNINCK: Dank aan alle raadsleden voor hun vragen. De heer Bakker zei het al, dit toetsingskader heeft een lange geschiedenis en dat komt omdat we een vrij uitgebreid participatieproces hier met mensen uit Noord hebben gedaan over wat zij zouden willen met de Noorder IJ-plas. Op het moment dat we inderdaad weten dat op termijn de druk op dit gebied gaat vergroten, we willen dat het echt struinnatuur blijft en dat natuur hier heel erg belangrijk blijft en als je weet dat de druk op een gebied heel erg

19

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

wordt vergroot, dan is het goed als je er alvast voor zorgt dat je er wat kaders voor neerzet. Dus daarom wordt er een toetsingskader voor gemaakt. Dat is het proces dat we de afgelopen tijd hebben doorlopen. Het is daardoor een wat langer proces vooruitlopend op de Omgevingsvisie maar voor een deel loopt de Omgevingsvisie daarmee samen. Dat komt omdat we een paar keer zijn teruggegaan naar bewoners met de punten uit dit toetsingskader. Richting mevrouw Van Soest en mevrouw Bloemberg-Issa kan ik zeggen dat er nu toch wordt gedaan alsof de deur wagenwijd wordt opengezet naar bebouwing terwijl dat echt het laatste is wat de bedoeling is. Het is de bedoeling dat we iets meer adaptief kunnen toetsen dan zoals het nu in de Hoofdgroenstructuur staat en dat we het met name iets meer toegankelijk kunnen maken zonder dat dat ten koste gaat van de natuur in dat gebied en dat we de struinstructuur van het gebied kunnen versterken en verruimen en de waterkwaliteit kunnen verbeteren. Dat zijn de grote uitgangspunten van dit toetsingskader. Daarbij heeft de TAC gezegd, op het moment dat je iets meer wilt toestaan in de Hoofdgroenstructuur, dan moeten wij a priori zeggen dat we het er niet mee eens zijn. De TAC heeft wel een aantal aanbevelingen meegegeven waarin ze zich wel kan vinden als dit gebeurt.

Het college heeft eigenlijk al die aanbevelingen van de TAC overgenomen zoals een aantal activiteiten specifiek uitsluiten van wat er mogelijk is. Bijvoorbeeld motorboten maar ook overnachten. Daarvan hebben we gezegd, overnachten zou hoogstens kunnen zijn dat je daar een kinderkamp hebt maar zeker niet iets als een hotel of een camping. En er mag geen grootschalige bebouwing komen. Als er bebouwing wordt toegestaan, dan zou dat tijdelijke bebouwing kunnen zijn. (De heer N.T. BAKKER: Ik dacht eigenlijk altijd dat dit toetsingskader was bedoeld om dit stuk natuur ten opzichte van Havenstad te realiseren. In die zin begreep ik de ratio altijd heel goed, maar waarom dan op dit moment juist die verruiming ten aanzien van windturbines? Dat vraag ik me echt af en dat is ook de kritiek die de TAC levert op de verruiming van het toetsingskader. Waarom zou je dat doen als je zo essentieel dat toetsingskader ten opzichte van de ontwikkeling van Havenstad wilt realiseren?) Het is niet zo dat de TAC het over de windmolens heeft gehad. Windmolens zijn namelijk in principe uitgesloten in de Hoofdgroenstructuur behalve als het om windzoekgebieden gaat. Daarvoor is een uitzondering gemaakt dus daarover gaat de afweging van de TAC heel duidelijk niet. De TAC zegt gewoon, het is Hoofdgroenstructuur en daarin moeten we heel rechtlijnig zijn.

Ze geeft meteen een aantal punten mee, als je het toch doet, wat we dan moeten meenemen en dat hebben we dus als college ook gedaan. Als het gaat om het bestendigen en verruimen van die zoekgebieden, dan gaat het erom dat de snelwegzone bij de zoekgebieden voor de wind erbij genomen is. Dat is de snelwegzone die buiten het gebied van de Noorder IJ-plas ligt. Wellicht dat dat wat onduidelijk in de voordracht is overgekomen maar dat is waar het gaat om de verruiming. Dus dit toetsingskader richt zich eigenlijk helemaal niet op wind. Dit toetsingskader neemt gewoon het oude besluit over wind uit de windvisie over die is opgenomen in de structuurvisie. Gewoon een op een over wat er eerder in de structuurvisie en in de windvisie is gezegd. Dat wordt gewoon overgenomen juist omdat je natuurlijk wel bestendig beleid moet voeren. Je kunt niet opeens in een toetsingskader gaan afwijken van een structuurvisie behalve dan op het punt waarin je dat wilt en dan gaat het er specifiek om ervoor te zorgen dat die verbinding mogelijk is, dat die paden worden aangelegd, dat de toegankelijkheid wordt verzorgd.

20

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(De VOORZITTER: Ik ga u even interrumperen. Het antwoord zal noodzakelijk zijn maar het is ook heel uitgebreid. Om een debat te kunnen hebben, is het goed als de antwoorden iets korter zijn.) (De heer N.T. BAKKER: Ik zou het graag met de wethouder eens zijn ware het niet dat in het TACadvies expliciet wordt gerept over de spanning in dit gebied tussen recreatiegebied en de ontwikkeling van duurzame windenergie. Dus het TACadvies rept wel degelijk van windenergie; het TACadvies gaat er expliciet over. De verruiming die hier plaatsvindt, is wat ons betreft op dit moment relatief ongelukkig. U heeft het ook over de Omgevingsvisie. Dus waarom is deze verruiming nu op dit moment nodig en waarom wordt dit niet gewoon expliciet in de Omgevingsvisie geregeld?) (De VOORZITTER: Even in zijn algemeenheid. We hebben nog een aantal hele grote debatten voor de boeg voor vanavond. Ik zou u willen vragen puntig te zijn voor een snelle uitwisseling als dat mogelijk is.) De reden waarom de TAC zegt dat ze in principe negatief is, is dat ze altijd zeggen op het moment dat wij iets gaan doen in de Hoofdgroenstructuur, daarover negatief te zijn. Ze geven een aantal aanbevelingen mee hoe we daaraan tegemoet kunnen komen. Die verruiming gaat niet over een verruiming van binnen de Noorder IJ-plas; die gaat om een verruiming buiten de Noorder IJ-plas.

Die gaat namelijk om de snelwegzone die erbij genomen is. (De heer N.T. BAKKER: Het lijkt een technische exercitie maar het is een cruciaal aspect van dit verhaal want we hebben het hier over de verruiming van een toetsingskader, het ruimtelijk toetsingskader waarin expliciet wordt gerept over het uitbreiden met de mogelijkheid van windturbines. Ik zou van de wethouder de toezegging willen horen dat het toetsingskader dus niet een verruiming is die expliciet een mogelijkheid open zet voor het bestendigen van het ontwikkelen en of dat hiermee niet mogelijk wordt gemaakt – dat is waarover mevrouw Van Soest het ook had, over die grijpgrage ontwikkelaars. We weten natuurlijk wel waarover we het hebben.) Dit toetsingskader maakt niets anders mogelijk dan wat mogelijk is gemaakt in de structuurvisie en de windvisie. Dit toetsingskader gaat niet over windenergie; dit toetsingskader gaat over het meer toegankelijk maken van de Noorder IJ-plas en over het toestaan van tijdelijke bebouwing. Dan is het misschien handig, voorzitter, gezien het grote aantal moties, dat ik probeer de verdere beantwoording via de moties te doen. Anders gaat dit inderdaad heel lang duren en wellicht dat ik via de moties goed tot beantwoording kan komen.

(Mevrouw VAN SOEST: Ik wil graag even een verduidelijking van de wethouder om te kijken of ik het goed begrepen heb dat er een uitzondering kan worden gemaakt in de Hoofdgroenstructuur voor windzoekgebieden. Als dat juist is, wat voor nut heeft dat dan?) Mevrouw Van Soest heeft gelijk dat de TAC inderdaad zegt dat windmolens niet passen in de Hoofdgroenstructuur waarbij er een uitzondering wordt gemaakt voor windzoekgebieden. Dat dient het feit- Ik weet niet precies de afwegingen van de TAC daarbij, maar ik weet dat het zo in het advies staat. Dat betekent dus als er een windzoekgebied is vastgesteld, dat de TAC niet zal zeggen dat het niet in de Hoofdgroenstructuur past. Dat is de afweging en dat betekent dus als het om een windzoekgebied gaat, dat windmolens inpasbaar worden geacht. De aandacht die de TAC specifiek vraagt, is dat je natuurlijk voor een goede inpassing moet zorgen.

21

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(Mevrouw VAN SOEST: Het wordt hoe langer hoe ondoorzichtiger. Het lijkt me beter als ik deze vragen dan maar even schriftelijk ga stellen zodat er een duidelijk antwoord kan komen.) (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Zoals de VVD aangaf, voor ons geen windmolens buiten het havengebied. Wij ontvangen heel veel mails van verontruste Amsterdammers die echt denken dat hiermee de deur wagenwijd open wordt gezet voor windmolens. Mijn vraag aan de wethouder is de volgende. Hoe denkt zij het vertrouwen van Amsterdammers te houden die nog denken volop te kunnen participeren en inspreken voordat de zoekgebieden zijn vastgesteld, en hoe denkt ze die gerust te stellen terwijl ze zien dat wij vanavond spreken over een plan dat alle seinen op groen zet als het gaat om windmolens?) Ik denk dat ik die bewoners kan geruststellen of in ieder geval kan meenemen in het feit dat dit gebied al in 2012 is aangewezen als zoekgebied voor windmolens. Dat is in 2012 in de Windvisie vastgelegd en dat is vervolgens opgenomen in de structuurvisie. Dus er ligt gewoon een duidelijk juridisch planologisch kader waarom hier verder kan worden gewerkt aan windmolens. Dat is dan mijn antwoord en dat is ook het antwoord dat ik verschillende malen met de bewoners zelf zo heb besproken. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: De wethouder geeft een juridisch antwoord. Het klopt. Dat is ook haar recht.

Toch beantwoordt dat onze zorgen niet want ik kan niet tegen Amsterdammers zeggen, het spijt me zeer, u kunt wel denken dat we hiermee de deur wagenwijd open zetten voor windmolens maar het is in 2012 al besloten. Dus nogmaals, kunt u hier vanavond uitspreken dat hiermee op geen enkele manier wordt vooruitgelopen op een besluit om de zoekgebieden waarover we nog moeten besluiten, nooit hoe dan ook te laten doorgaan?) Met dit toetsingskader maken we helemaal niets anders mogelijk dan er mogelijk was en wordt er verder rondom windmolens niets besloten. Dus er geldt gewoon dat kader dat in 2012 gold. Dat geldt nog steeds. Er komt niets bij en er gaat niets af van wat er al lag. (De heer KREUGER: De wethouder zegt dat alles hetzelfde blijft, maar waarom staat er dan expliciet ‘verruimt’ bij 3.c.?) Dat komt omdat er sinds 2012 een stukje snelweggebied bij is gekomen – en volgens mij heb ik die vraag van u nu al twee of drie keer beantwoord. Dat gaat specifiek niet over de Noorder IJ-plas. Dat is erin opgenomen om even aan te geven in welk kader het zit, maar dat gaat specifiek niet over de Noorder IJ-plas. Volgens mij is het belangrijk dat we het vanavond over het toetsingskader Noorder IJ-plas hebben dat ervoor zorgt dat het gebied toegankelijker wordt en dat enkele functies gaat toestaan in de Noorder IJ-plas zodat meer mensen ervan kunnen genieten.

(Mevrouw VAN SOEST: De wethouder grijpt nu terug naar 2012 en daarin was toen al sprake dat er windmolens zouden komen op NDSM en de Noorder IJ-plas. Die plannen zijn toen niet doorgegaan en die worden nu weer van stal gehaald. Bedoelt u deze plannen, wethouder Van Doorninck?) Volgens mij heb ik dat nu echt drie keer verteld. Het gaat inderdaad om de Windvisie 2012 die mijn voorganger verschillende keren heeft geprobeerd uit te voeren maar dat kon toen nog niet vanwege de restricties van de provincie. Ik ga toch een poging doen de moties en de amendementen te preadviseren in de hoop daarmee ook vragen te beantwoorden.

22

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw Kuiper heeft een amendement nr. 173.21 ingediend om de motie die zij eerder heeft ingediend rond de RES, zonnepanelen op water, daadwerkelijk mogelijk te maken in de Noorder IJ-plas. Aangezien die conform is aan de aangenomen motie, lijkt mij het logisch ook dit amendement positief te preadviseren. Dan heb ik helaas motie nr. 197.21 van de leden Biemond en Ernsting en die zegt, zorg nu dat die maximering van het aantal bebouwde meters ook wordt vastgelegd. Dat is iets waarvoor het college niet heeft gekozen. Ik hoor een hele duidelijke wens vanuit de raad niet alleen van de heren die deze motie indienen maar ook van anderen om dat wel te doen. Daarom kan ik deze motie een positief preadvies meegeven.; Dan heeft mevrouw Bloemberg-Issa in motie nr. 186.21 een soortgelijke wens neergelegd. Ik zou mevrouw Bloemberg-Issa willen aangeven dat de motie van de heren Ernsting en Biemond zoveel duidelijker is en meteen het aantal meters doorgeeft, waardoor we niet hoeven terug te komen – wat u vraagt in uw motie. Dus ik denk dat die motie handiger is. Dan hebben we het meteen met elkaar afgekaart. Dat geldt niet als u zegt, ik wil minder meters. Maar als u zich kunt vinden in dit aantal meters, dan is dat volgens mij handiger dan uw motie waarbij u het teruglegt bij het college.

Dus deze motie zou in negatief willen preadviseren ook al snap ik de beweegredenen wel en ook al ben ik het daarmee eens. Dan motie nr. 185.21 van mevrouw Bloemberg-Issa die zegt helemaal geen bebouwing. Ik denk dat het handig is als er misschien een kleine horecagelegenheid bij een strandje zou kunnen komen. Daarom zou ik zeggen, deze motie moet ik negatief preadviseren. Motie nr. 184.21 van mevrouw Bloemberg-Issa zegt behoud van wilde natuur bij de Noorder IJ-plas. Dat doen we natuurlijk en daarvoor zorgt het toetsingskader ook. Maar de manier waarop mevrouw Bloemberg-Issa het verwoordt, dan kunnen die paar extra zaken niet meer die wij juist wel mogelijk willen maken. Daarom moet ik deze motie afraden. Motie nr. 207.21 van mevrouw Van Soest zegt dat het hele toetsingskader niet nodig is. Ik heb van meerdere raadsleden andere geluiden gehoord. Die zeggen dat het goed is om er in ieder geval voor te zorgen dat struingebied heel erg te beschermen, de waterkwaliteit te verbeteren en verbetering van de toegankelijkheid toe te staan als er meer wordt gerecreëerd. Dus deze motie moet ik ontraden. Hetzelfde geldt voor amendement 215.21 van de heer Boomsma c.s. om de passage over windenergie eruit te halen. Dat lijkt mij niet nodig. Wij volgen gewoon het staande beleid. Het lijkt mij logisch dat je in een toetsingskader wel refereert aan staand beleid en dat doen we op deze manier.

Het lijkt me dus logisch dat we dat er gewoon in houden. Dit amendement moet ik dan ook ontraden. Volgens mij heb ik met de interrupties in de hoop te voldoen aan de wens tot wat snelheid de moties beantwoord en daarmee ook de meeste vragen. (De VOORZITTER: U heeft in ieder geval uitstekend voldaan aan mijn verzoek tot snelheid. Dank u wel.) (De heer BOOMSMA: De wethouder zegt, die raad ik af want het verwijst naar staand beleid. Het gaat nu om de opmerking dat de stad zich niet kan permitteren deze plek niet te benutten voor windturbines. Het uitgangspunt voor deze plek dat je je niet kunt permitteren die niet te benutten, dat is toch geen staand beleid?) Dat verwijst naar de wens van Amsterdam uit 2012 om dit als zoekgebied te zien en hier te onderzoeken of windmolens mogelijk zijn. Die wens is er nog steeds. (De heer BOOMSMA: Een wens en een zoekgebied, dat is toch heel wat anders dan expliciet opschrijven dat je je niet kunt permitteren deze plek

23

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

niet te benutten voor windturbines? Dat zijn toch gewoon twee verschillende dingen?) Nee, dat is hetzelfde. Op het moment dat je vindt dat Amsterdam moet meedoen aan het opwekken van duurzame energie op eigen grondgebied en je kijkt naar de plekken waar het kan en zeker als dat staand beleid is dan zorg je dat daaraan wordt gerefereerd in het toetsingskader. Dat lijkt mij niet meer dan logisch. (De heer BOOMSMA: Ik vind dit toch wel heel merkwaardig want ik begrijp dat het gebied is aangewezen als zoekgebied. Ja, dat is natuurlijk al een paar keer besproken. Maar de wethouder zegt nu eigenlijk gewoon, het is een zoekgebied, maar de stad kan zich niet permitteren om hier geen windturbines te plaatsen. Waar zijn we dan eigenlijk mee bezig bij dat hele participatietraject en later die besluiten over de zoekgebieden in de RES?) In een zoekgebied ga je kijken of het daar mogelijk is. Dat is de wens en dat is ook wat er in de Windvisie 2012 is neergelegd. Alles past precies op elkaar. Bovendien is het zo dat volgens mij twee raden geleden per motie is gevraagd dit gebied te skippen en die motie heeft de raad toen niet aangenomen. Ik denk dat ook de raad nog steeds achter deze wens staat. Participatie gaat niet alleen over vaststellen of iets een zoekgebied is.

Participatie gaat heel specifiek over waar, hoe groot, hoe veel? Dat is het hele participatieverhaal waarmee we op dit moment in de Noorder IJ-plas bezig zijn. (De heer KREUGER: Ik zit hier nu drie jaar in deze raad en ik vraag me altijd weer af waarom het nu zo moeilijk is gewoon eens een keertje te bekennen dat je iets onhandig hebt opgeschreven of dat het er anders had moeten staan. De heer Boomsma heeft natuurlijk helemaal gelijk. Als u zegt dat het een zoekgebied is dan schrijft u vervolgens op dat we het ons niet kunnen permitteren het gebied niet te benutten. Dat is toch totaal iets anders? Dan moet u hem hierin gelijk geven dat u dat zinnetje gewoon schrapt en dat het gewoon een normaal zoekgebied is. Daarover hoeft u toch niet ingewikkeld te doen?) Amsterdam is ervan overtuigd, dit college is ervan overtuigd dat die zoekgebieden nodig zijn om uiteindelijk genoeg windenergie in Amsterdam te kunnen opwekken. (De heer KREUGER: Ja, precies, zoekgebieden. Er staat dat we ons niet kunnen permitteren om ze niet te benutten, dus dat ze er komen. Dat is toch iets anders dan het aanwijzen van een zoekgebied? Waarom geeft u niet gewoon een positief preadvies? Moeten we de motie aanpassen?) Nee, dan zou het lijken alsof de wens er niet meer is om hier te gaan zoeken of het ook mogelijk is. Een zoekgebied betekent dat je gaat kijken of het mogelijk is. Dan ga je onderzoeken.

Dat is wat we gaan doen en we kunnen ons niet permitteren om dat nu te laten vallen. Heel simpel. Bovendien heeft uw raad zich daarover heel duidelijk uitgesproken. Er is een motie ingediend om dit zoekgebied te laten vallen. Uw raad heeft die motie verworpen. (De heer KREUGER: Dan zou hier eigenlijk moeten staan ‘Wij kunnen het ons niet permitteren om dit gebied niet aan te wijzen als zoekgebied.’ Dat is wel wezenlijk iets anders dan dat u zegt, er moeten windturbines komen? Het wordt een beetje pijnlijk, merk ik. Maar u moet gewoon een positief preadvies geven. Ik kan er niks anders van maken.) Volgens mij ga ik over mijn eigen preadviezen en wat de raad daarmee doet, dat is absoluut aan de raad. Maar ik ga echt over mijn eigen preadviezen en het betreft hier een negatief preadvies.

24

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(Mevrouw VAN SOEST: Ik wil nu echt hom of kuit van de wethouder anders zullen we moeten overgaan tot een Wobverzoek. Nu bent u nog steeds in gesprek met de mensen van Wind en de bewoners om daar alsnog windturbines neer te zetten. De bewoners worden zelfs overvallen want de projectontwikkelaar komt gewoon meepraten. Ik wil echt duidelijkheid van u hebben. Bent u nu wel of niet in gesprek met ontwikkelaars om daar windturbines te plaatsen? Daarop kunt u antwoorden met ja of nee.) Ik ga over mijn eigen antwoord en ik heb een intentieovereenkomst getekend met windcorporaties. Die heb ik de opdracht gegeven een participatieplan te maken met bewoners. Dat is de manier waarop we in Amsterdam met bewoners in zoekgebieden omgaan als een initiatiefnemer zich meldt om windmolens te gaan plaatsen. Dat gaat via een participatieplan met bewoners en dat voeren zij op dit moment uit. (Mevrouw VAN SOEST: Mijn vraag is dan of dat dezelfde mensen zijn van 2012 waarvoor toentertijd ook al een verzoek is geweest.) Volgens mij was in 2012 ook NDSM Energie al geïnteresseerd in dit gebied maar er is nu een coalitie van verschillende coöperaties en er is Amsterdam Wind, een coalitie van vier bewonerscoöperaties, is daaraan toegevoegd. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Toch een derde poging. Taalkundig klopt het verhaal van de wethouder niet. Kijk, het is haar recht om daar windmolens te willen neerzetten.

Per slot van rekening blijft ze lid van GroenLinks. Maar we moeten wel zuiver blijven. Of dit is een zoekgebied dat nog moet worden besloten later dit jaar. Of er staat in de stukken dat het zonde zou zijn als we dat niet benutten. Maar beide kunnen niet tegelijkertijd waar zijn. Dus wat is het, wethouder? Is het zoekgebied? Of komen de windmolens daar sowieso? Dit is de zevende interruptie over dit onderwerp dus graag nu een helder antwoord.) Dit is een zoekgebied waar momenteel al een participatietraject loopt omdat dit gebied niet als eerste is genoemd in de RES maar dit gebied is in 2012 al een zoekgebied genoemd in de Windvisie van Amsterdam en op die manier is het opgenomen in de structuurvisie. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik heb geleerd dat het heel veel zegt als iemand geen antwoord wil geven. Ik doe een allerlaatste poging; dat is dan poging nummer 8. Dan zegt de wethouder hier vanavond volgens mij met zo veel woorden dat die windmolens er dan sowieso gaan komen. Anders is ze bereid de taalkundige aanpassing die de heer Kreuger net voorstelde, gewoon over te nemen in de raadsvoordracht.) Ik heb niet gezegd dat de windmolens er sowieso gaan komen. Dat hangt af van de onderzoeken en het participatietraject. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten.

De VOORZITTER: Is er behoefte aan een stemverklaring? De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest voor een stemverklaring.

25

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw VAN SOEST (stemverklaring): Gezien de antwoorden en de onduidelijkheid die er constant blijft over het een en ander hebben wij besloten tegen dit voorstel te stemmen. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kiliç voor een stemverklaring. Mevrouw KILIÇ (stemverklaring): Ik kon mij helaas niet in het debat mengen vanwege tijdgebrek maar vanwege de terechte commotie rond de windturbines vinden wij het als fractie van DENK te controversieel om de plaatsing van windturbines als voldongen feit op te nemen in het toetsingskader. Dat loopt op de zaken vooruit terwijl het participatietraject in dit maar ook in andere dossiers door dit college op z’n zachtst gezegd niet heel nauw wordt genomen. Ondanks dat er mooie ambities in staan kunnen wij niet anders dan tegenstemmen als het amendement van de heer Boomsma dat wij mede hebben ondertekend niet wordt aangenomen. De VOORZITTER: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit onderwerp en dan keer ik even terug naar agendapunt 22A. Daar is nog een motie door de heer Kreuger ingediend.

22A - vervolg Kennisnemen van de grachtenmonitor Nr. VN2021-00851 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 61° Motie van het lid Kreuger inzake Grachtenmonitor 2020, Verlaag prijs vergunning pleziervaart, nr. 223.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

de eerder doorberekende kosten voor het onderhoud kades en bruggen in mindering te brengen op de vignetten/vergunningen voor de pleziervaart.

De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER: De heer Kreuger heeft nog een preadvies te goed van de wethouder. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries. Wethouder DE VRIES: Het college ontraadt deze motie om het simpele feit dat er eigenlijk geen nieuwe feiten zijn. Er is een aantal jaren geleden door uw raad besloten om in de retributie voor de binnenvaart in redelijke mate de kosten die worden gemaakt voor het mogelijk maken van pleziervaart door te rekenen. In redelijke mate. Volgens het voorstel van EY die er onderzoek naar heeft gedaan voor de gemeente had het om een nog veel hoger bedrag kunnen gaan maar uw raad heeft daarvan besloten dat in redelijke mate door te berekenen. Iedereen die wel eens op een boot heeft gezeten, weet dat je nergens komt zonder een brug of een kade. Dus het lijkt me evident dat onderhoud van bruggen en kades voor een deel wordt opgebracht door ook de pleziervaart en dat dat dus tot uitdrukking komt

26

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

in het binnenhavengeld dat men betaalt. Zo heeft uw raad dat besloten. Er zijn geen nieuwe feiten, dus het lijkt mij niet zinnig nu iets anders aan te nemen. (De heer KREUGER: De vervanger van mevrouw Dijksma, dat was toen wethouder Moorman, heeft echt te vuur en te zwaard verdedigd dat er een direct verband is tussen de hoeveelheid pleziervaart in de gracht en het onderhoud aan de kades en bruggen. Daar heeft iedereen met beitels proberen tussen te komen maar dat is helemaal verdedigd. Dan zegt u nu in een keer, er is dus geen correlatie. Dan kunt u dat toch niet zo maar doorrekenen? Het hele idee van leges is dat je alleen maar directe kosten mag doorrekenen. Op dit moment zegt u, er is geen verband maar we rekenen het wel door. Dat kan toch niet?) Binnenhavengeld is geen leges maar een retributie. Ook daarvoor geldt dat er een zekere koppeling moet zijn tussen de hoogte die je vraagt en de kosten die je maakt. Het lijkt mij evident dat het onderhoud van kades en bruggen noodzakelijk is om goede pleziervaart mogelijk te maken. Dus het lijkt mij evident dat de pleziervaart daar in zekere mate aan bijdraagt. Ik kan me heel goed voorstellen dat wethouder Moorman het op die manier indertijd heeft gezegd namens het college. (De heer KREUGER: Dat is niet waarom het gaat. Het gaat om het onderhoud.

Op het moment dat er minder boten door de grachten zouden varen, dan is er inderdaad niet minder onderhoud noodzakelijk. Dan kunt u dat toch niet doorrekenen? Dat heeft dan toch niets te maken met de boten die daar varen of aanmeren?) Als er tien boten varen, dan heeft elk van die tien boten belang bij een kade en een brug en als er acht boten varen, dan heeft ook elk van die boten belang bij een kade en een brug. Dan is het nog steeds volstrekt logisch om aan elk van die boten een bijdrage te vragen voor het onderhoud van kades en bruggen. (De heer KREUGER: We laten het hierbij. Het is al pijnlijk genoeg dat het zo gaat.) De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER: Ik zou willen schorsen tot 21.25 uur en dan gaan we door met de gevoegde behandeling van de punten 29 en 30.

De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.

29 Kennisnemen van de uitkomsten van het onderzoek naar gezinsmigranten in Amsterdam Nr. VN2021-006138

gevoegd met

30

27

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Kennisnemen van de brief over de start aanbesteding inburgeringsvoorzieningen nieuwe Wet inburgering Nr. VN2021-006124 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: 62° Motie van de leden De Graaff, De Fockert en Heinhuis inzake voorschoolse educatie van kinderen van inburgeringsplichtigen, nr. 175.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

-

het onderwerp voorschoolse educatie als vast onderdeel mee te nemen in de brede intake en persoonlijk plan inburgering en participatie van inburgeringsplichtige ouders met kinderen jonger dan vijf jaar; deze ouders actief hulp aan te bieden bij de aanmelding voor de voorschool en het aanvragen van toeslagen bij het Rijk en/of de gemeente.

63° Motie van de leden De Fockert, A.L. Bakker, De Graaff, Khan en Heinhuis inzake de start aanbesteding inburgeringsvoorzieningen nieuwe Wet inburgering, Inkoopstrategie bij stelselwijzigingen, nr. 222.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

om bij toekomstige grote stelselwijzigingen of decentralisaties vanuit het Rijk waarbij de inkoop van diensten voor langere tijd wordt vastgesteld, de inkoopstrategie met de gemeenteraad te bespreken voordat deze wordt vastgesteld door het college, zodat de gemeenteraad de mogelijkheid heeft wensen mee te geven.

De moties maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Fockert. Mevrouw DE FOCKERT: In de zomer van 2016 werd ik buddy van een Eritrese jonge vrouw, Sidhawi. Ze was nog maar net in Nederland en sprak amper Nederlands maar ze wist heel goed wat ze wilde en dat wist ze mij ook goed duidelijk te maken. Ze wilde verpleegster worden in de ouderenzorg. Dat had flink wat voeten in de aarde want ze miste het juiste diploma en het juiste taalniveau om hier te gaan studeren. Maar met veel doorzettingsvermogen, hard werken en een beetje geluk kreeg ze een contract van een grote zorgverlener en kon ze een bpl-opleiding starten. Ze werkt en leert nu al weer drie jaar in een verpleegtehuis – ook in coronatijd – en hoopt volgend jaar haar diploma te halen. Tikirit had het geluk dat juist dat jaar het ROC van Amsterdam samen met de gemeente experimenteerde met het schakeltraject voor nieuwkomers. Zo kon ze taal- en vakonderwijs combineren en extra snel aan de slag in Nederland. Dit is idealiter hoe je de inburgering van nieuwkomers wilt hebben namelijk dat ze met begeleiding en oog voor hun ambities de taal kunnen leren en zo snel mogelijk een plek in de maatschappij kunnen vinden of dat nu een opleiding, werk of een andere vorm van participatie is.

Dat is iets wat de gemeente Amsterdam de afgelopen jaren heel goed doet ook als dat boven op de inburgeringswet is. De huidige inburgeringswet, daarin was dat vaak wat lastig. Met de nieuwe Wet inburgering die per 1 januari van kracht wordt, hopen we, wordt dat beter maar de lat voor de speciale onderwijsroute die hierin is bedacht, waarin

28

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

studie en taalproject kunnen worden gecombineerd, ligt nog altijd hoog. Ik betwijfel of iemand als Sidhawi daarvoor was toegelaten. Zonde, niet alleen voor Sidhawi maar ook voor al die andere nieuwkomers met net zo’n dosis ambitie en doorzettingsvermogen maar net niet de juiste diploma’s uit het land van herkomst. GroenLinks is dan ook blij met de extra B1-route mbo die we in deze aanbesteding zien en die het college gaat aanbieden boven op de leerroutes die al in de wet staan. Ik denk dat we daarmee nieuwkomers echt een stukje verder op weg helpen. Over het proces van deze aanvulling heb ik in de raadscommissie al gesproken en dat zal ik dus niet weer doen. Ik dien wel samen met een aantal andere partijen een motie in om de samenwerking tussen raad en college bij grote stelselwijzigingen nog beter te maken. Dan nog kort iets over het onderzoek naar gezinsmigranten. Dan wil ik toch nogmaals mijn complimenten geven over de grondigheid waarmee het college mijn motie heeft uitgevoerd. Het onderzoek laat eens te meer zien dat gezinsmigranten vaak een onzichtbare groep zijn en dat een deel van hen, zeker jonge vrouwen met kinderen, gebaat zouden zijn bij extra ondersteuning en daarom tekent GroenLinks graag mee met de motie van D66 over voorschoolse opvang. We kijken uit naar de beleidsbrief. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Heinhuis.

Mevrouw HEINHUIS: Het is goed te lezen over de start van de aanbesteding ter voorbereiding op de nieuwe inburgeringswet die helaas op zich laat wachten. Gelukkig werken we in Amsterdam al met een op maatwerk gerichte aanpak die hier erg succesvol is maar het is hoognodig dat de gemeente meerdere regierollen op zich kan nemen en dat maatwerk nog verder kan worden toegepast bij de verschillende inburgeringstrajecten. Verder wil ik hier nog graag toelichten dat we heel graag meetekenen met een motie die ongetwijfeld zo ook aan de orde zal komen die de voorschool een belangrijk onderdeel maakt van inburgering omdat de voorschool sowieso heel belangrijk is en zeker voor jonge kinderen die nieuw zijn in Nederland. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Graaff voor haar maidenspeech. Mevrouw DE GRAAFF: Goedenavond allemaal, beste raad en college, ik vind het een enorme eer hier vanavond te mogen staan. Ik mag drie maanden de plek van mevrouw El Ksaihi overnemen en dat is natuurlijk heel mooi. Dat had ik niet meer verwacht. Omdat we wat krap in de tijd zitten en omdat ik er ook maar drie maanden mag zijn, dacht ik, ik ga een soort van korte gebruiksaanwijzingsintro geven: hoe communiceer ik, wat is mijn ervaring en waarvoor wil ik mij deze periode inzetten.

Om maar gelijk met het eerste punt communicatie te beginnen, ik hou van korte en bondige discussies, to the point en eerlijk. Het is wel grappig want in mijn dagelijks werk doe ik veel met Afrikaanse collega’s en dat zijn enorm mooie verhalenvertellers. Heel beeldend. Daar ben ik altijd een beetje jaloers op. Wie weet, ga ik dat hier ook nog een beetje leren. Maar hoe ik bekend stond in stadsdeelcommissie Noord, want daarin heb ik de vorige periode gezeten, is praktisch, verbindend en met een oplossingsgerichte insteek. Dus dat wil ik in de drie maanden hier ook gaan doen. Dan mijn tweede punt, mijn ervaring. Ik ben opgeleid tot arts en ben gespecialiseerd als internist en intensivist. De meeste mensen weten gezien de corona inmiddels wel wat dat is, een intensivist. In mijn huidige baan werk ik met organisaties en ministeries samen om gezondheidssystemen te verbeteren. Dan richten we ons met name op landen in Afrika

29

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

en Azië, dus Nigeria, Afghanistan, India. Wat daarin dan heel erg belangrijk is, is dat je de lokale situatie begrijpt. Zonder dat je de lokale situatie begrijpt, kun je daar niets. Dus je luistert bewust naar argumenten. Alleen dan kun je tot gedragen en duurzame plannen komen. Wat ik daaraan zo leuk vind, is wat ik ook aan de politiek zo leuk vind. De overeenkomsten zijn makkelijk te maken. Het bruggenslaan en het communiceren. Dat is ook waarom ik me zo thuis voel bij D66. Ik hoop ook de komende tijd in de raad veel met jullie samen te werken en natuurlijk met de Amsterdammers. Dan brengt me bij punt 3. Ik ben heel blij dat ik de portefeuille Werk, Inkomen en Participatie heb gekregen, een onderwerp dat me zeer na aan het hart ligt. Ik wilde net als Sjoerd vanmorgen een persoonlijk voorbeeld geven waarom ik dat zo’n mooi onderwerp vind. Ik heb vier jaar geleden als arts een tijd op Lesbos in vluchtelingencentrum Moria gewerkt. Daar zitten natuurlijk allemaal mensen met een heel moeilijke situatie in een thuisland die er lange tijd over hebben gedaan om na een zware tocht uiteindelijk in dat kamp aan te komen. Dan kom je in Moria en dat is echt een uitzichtloze en pijnlijke plek. Toen ik er zat, was het herfst. Toen was het ontzettend koud. Het regende. Er kwamen waterstromen naar beneden die tussen de tenten door liepen waarbij mijn laarzen bijna niet hoog genoeg waren.

Nou ja, in de zomer is het juist heel erg heet daar. Omdat het zo koud was, werden er ’s nachts brandertjes aangezet in de tenten. Toen is er dus zo’n brand uitgebroken. Echt afschuwelijk met afschuwelijke gevolgen. Dat zal ik nooit vergeten. Maar goed, wat mij is bijgebleven toen ik terug in het vliegtuig stapte, was eigenlijk hoe menselijk en hoe vriendelijk die mensen daar bleven, hoe ze wilden meehelpen, hoe ze wilden participeren. Er waren bijvoorbeeld twee jongens, twee Syriërs die ons hielpen bij de medische consulten. Zij vertaalden dan van Arabisch naar Engels en weer terug. Die jongens waren enorm trots op wat ze deden. Ze deden ook fantastisch werk en ze kenden binnen een maand best goed Nederlands. Dat was heel mooi om te zien daar. Op grote schaal kunnen wij hier vanuit de raad niets doen maar wat we wel kunnen doen, is de mensen die na zo’n enorm lange tocht hier uiteindelijk als statushouder in Amsterdam zijn, helpen hun kans op een goede start te vergroten. Dat hoop ik heel erg te doen in de tijd dat ik hier in de raad zit. Daarom dienen wij samen met mevrouw De Fockert en met de PvdA de volgende motie in waarover we het net al hebben gehad waarbij we constateren dat kinderen van inburgeringsplichtigen een groter risico hebben op een taalachterstand als ze op de basisschool starten. Begrijpelijkerwijs omdat hun ouders de taal nog onvoldoende beheersen.

We weten dat voorschoolse educatie kan helpen om onderwijsachterstanden te voorkomen. Ondanks dat deze groep mensen het recht ertoe heeft, wordt er tot nu toe te weinig gebruik gemaakt van die voorschoolse educatie. Dus daarom stellen wij voor de voorschoolse educatie als vast onderdeel op te nemen in de brede intake inburgering en emancipatie bij deze groep met jonge kinderen tot vijf jaar. We hopen met extra aandacht en actieve hulp bij bijvoorbeeld aanmeldingen en toeslagen taalachterstanden te voorkomen. Nou goed, we hopen daarom dat u de motie kunt aannemen om daarmee de kinderen een sterke start op de basisschool te geven en het vertrouwen en de extra kansen zodat ze het beste uit zichzelf kunnen halen. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw mooie maidenspeech. Welkom in de raad nogmaals. We hopen dat u de komende drie maanden in ieder geval ten volle kunt genieten van het raadwerk. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Moorman voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de moties.

30

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Wethouder MOORMAN: Complimenten voor mevrouw De Graaff voor haar mooie maidenspeech die zij ophing aan drie punten en die wil ik graag alle drie even aflopen. U begint met kort en bondig. Nou, het debat over de nieuwe inburgeringswet is niet kort en bondig geweest, kan ik u vertellen. Het is een heel langdurig proces geweest waarover veel is gediscussieerd; naar de zin van de gemeente Amsterdam veel te lang. We konden niet wachten totdat we het in eigen hand konden nemen. Gelukkig zijn we bijna zo ver en u heeft daar nu dan ook de kader bij voorgelegd. We kunnen nu echt door en dat is heel belangrijk. Het is inderdaad in het belang van onze inburgeraars in Amsterdam dat we dat zelf zo goed mogelijk ter hand kunnen nemen. Dan heeft u een heel mooi verhaal over de lokale situatie. U illustreert dat aan de hand van uw eigen ervaringen die u heeft opgedaan. Ik vind het zeer te waarderen dat veel van onze raadsleden die ervaring hebben. Het verhaal van mevrouw De Fockert over de inburgeraar die zij aan de hand heeft genomen, vind ik daarin ook heel mooi. Het laat ook zien hoe dicht onze raad staat bij Amsterdammers, bij mensen die hier hun weg vinden binnen onze stad. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we steeds die verbinding maken tussen de raad en wat er speelt in de stad. Tot slot heeft u een heel mooi verhaal over uw eigen persoonlijke ervaring.

Ik denk dat dat ook heel waardevol is omdat juist onze persoonlijke ervaringen ons tekenen in de politiek. Dat maakt onze raad zo divers en zo geïnspireerd. U heeft daarbij meteen een prachtige motie nr. 175.21 die ik met graagte en van harte positief preadviseer. Ik denk inderdaad dat juist voor de kinderen die zich hier vestigen en die hier hun toekomst krijgen, dat het ontzettend belangrijk is dat ze snel de taal leren, dat ze snel meegaan in het Nederlandse onderwijssysteem. Dus ik ga absoluut kijken hoe wij uw motie zo goed mogelijk in Amsterdam kunnen implementeren. Dan kom ik bij de motie van het lid De Fockert want ik zie verder geen andere vragen – gelukkig wel complimenten waarmee ik blij ben bijvoorbeeld die extra B1-route voor het mbo. Maar u heeft ook een motie ingediend, mevrouw De Fockert, motie nr. 222.21. Voor deze motie geef ik graag het woord aan wethouder Groot Wassink omdat het eigenlijk verder strekt dan alleen de inburgeringsaanbesteding en daarom vind ik het verstandig dat juist de verantwoordelijke daarvoor hierop het preadvies geeft. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie. Wethouder GROOT WASSINK: Ik zou graag van de gelegenheid gebruik maken om mevrouw De Graaff te feliciteren met haar maidenspeech. Zeer welkom in deze raad.

Ik kijk uit naar een vruchtbare samenwerking. Inderdaad, motie 222.21, een prachtig getal op zich, dat zou wat mij betreft al bijna voldoende zijn om een motie positief te preadviseren. Los daarvan denk ik dat wat u eigenlijk vraagt in deze motie, helemaal niet gek is. U vraagt wensen te mogen uiten bij aanbestedingen in grote stelselherzieningen. Het college acht zich eigenlijk al vanwege de Gemeentewet daaraan gebonden. Dus in die zin zou ik eigenlijk willen stellen dat we met inachtneming van de verschillende rollen tussen college en raad dat het opstellen van een leidraad en een precieze aanbesteding echt de taak van het college is. Laat er geen misverstand over bestaan, dat is echt de rol van het college. Vanzelfsprekend zoals we ook in het verleden verschillende aanbestedingen hebben gedaan, is het heel verstandig om heel nadrukkelijk de wensen en eventuele bedenkingen van de raad daarin mee te nemen. Ik moet daarbij wel zeggen dat deze motie die ik zie als een aansporing van het beleid en waarover ik dus best positief ben, nu niet direct leidt tot heel veel aanvullende acties vanuit ons. Maar het zorgt wel voor de garantie dat we met

31

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

elkaar in gesprek gaan over wat uw wensen en bedenkingen zijn over een dergelijke procedure als er een dergelijke grote wijziging is. Volgens mij is dat hoe wij met elkaar zouden moeten samenwerken. Ik zie mevrouw De Fockert gelukkig instemmend knikken dat dat hetgeen is wat zij met deze motie beoogt. Dan heeft het college geen bezwaar. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een stemverklaring? Ook dat is niet het geval.

23 Kennisnemen en bespreken van het collegebesluit over de ontwerpOmgevingsvisie Amsterdam 2050 en het bijbehorend ontwerpomgevingseffectrapport Nr. VN2021-000815 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: 64° Motie van het lid Kiliç inzake het opnemen van een eeuwigdurende begraafplaats in Amsterdam in de Omgevingsvisie van Amsterdam 2050, nr. 183.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

in de Omgevingsvisie over Amsterdam 2050 voldoende rekening te houden met de vraag naar eeuwigdurende begraafplaatsen en dit als onderdeel op te nemen in de Omgevingsvisie over Amsterdam 2050.

65° Motie van de leden Ernsting en De Jager inzake de ontwerpOmgevingsvisie Amsterdam 2050, Burgerberaad inclusief en ondersteund, nr. 187.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

deze burgerberaden inclusief en transparant op te zetten, zodat elke Amsterdammer die er voor wordt ingeloot er ook ten volle aan mee kan doen, onder andere door deze raden actief te begeleiden en toegang te geven tot ambtelijke ondersteuning.

64° Motie van de leden Ernsting, De Jager en Biemond inzake de ontwerpOmgevingsvisie Amsterdam 2050, Mobiliteit en nabijheid, nr. 188.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

bij verdichting van suburbane gebieden in te zetten op meer een verschuiving van mobiliteit naar fiets en (fijnmazig) OV en te streven naar meer functiemenging om zo een grotere spreiding en nabijheid van voorzieningen te stimuleren.

32

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

66° Motie van de leden Ernsting en Biemond inzake de ontwerpOmgevingsvisie Amsterdam 2050, Inrichtingsprincipes voor vergroening openbare ruimte, nr. 189.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

de inrichtingsprincipes voor een autoluwe stad voor wat betreft de openbare ruimte verder extra te vergroenen met zowel structuurgroen als snippergroen, zodat iedereen in een groene omgeving kan wonen.

66° Motie van het lid De Jager inzake de ontwerpomgevingsvisie Amsterdam 2050, Duidelijkheid over ruimte voor bedrijvigheid, nr. 190.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

in de Omgevingsvisie te laten zien welke ruimte voor bedrijvigheid nodig is in de stad en in de regio en hoe regionale samenwerking/sturing helderheid gaat scheppen voor bedrijven.

67° Motie van het lid Biemond inzake leefbaarheid en beheer van de bestaande stad en de concept-Omgevingsvisie, nr. 198.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

het beheer van de bestaande stad en de ontwikkeling van de leefbaarheid een centralere rol te geven in de omgevingsvisie.

68° Motie van het lid Biemond inzake de verstedelijkingsopgave bij de conceptOmgevingsvisie, nr. 199.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

te verkennen welke afspraken er mogelijk zijn om tot woningbouw programmeringsafspraken en betaalbaarheid te komen binnen de MRA.

69° Motie van het lid Biemond inzake het belang van een uitvoeringsstrategie en investeringsplan bij de concept-Omgevingsvisie, nr. 200.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

een uitvoeringsstrategie en investeringsplan te ontwikkelen bij deze omgevingsvisie.

70° Motie van het lid Biemond inzake OV-investeringen en de conceptOmgevingsvisie, nr. 201.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:

33

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

-

-

R

in realisatie van de stedelijke bouwopgave een volgordelijkheid aan te brengen en te starten met realisatie van de bouwopgave waar het OV de verdichting kan dragen; te monitoren of de investeringen in de bouwopgave en fijnmazig OV gelijk op gaan en de raad daar jaarlijks over te informeren; hiervoor de toegezegde mobiliteitsvisie uit te werken op stadsdeel en buurtniveau en deze goed aan te haken op de regionale mobiliteitsvisie (VRA en Provincie NH).

71° Motie van het lid Biemond inzake werkgelegenheid en de conceptOmgevingsvisie, nr. 202.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

-

in de Omgevingsvisie expliciet aandacht te geven aan behoud en stimulering van werkgelegenheid in de maakindustrie en productieve bedrijven in Amsterdam en regio; daarbij aan te geven hoe dat vorm krijgt de komende jaren, onder andere in transformatielocaties.

72° Motie van de leden Naoum Nehmé en Kiliç inzake een hogere woningbouwambitie, nr. 208.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

de bouwambitie tot 2050 te verhogen van 150.000 woningen naar 225.000 woningen.

73° Motie van de leden Naoum Nehmé, Martens en Boomsma inzake het behouden van de maakindustrie binnen Amsterdam, nr. 209.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

binnen de Omgevingsvisie ervoor te zorgen dat de 150 hectare aan industrie die nu moet verdwijnen in de stad kan blijven zodat deze belangrijke sector voor de stad behouden blijft.

74° Motie van de leden Naoum Nehmé, Marttin, Boomsma en Kiliç inzake een realistische groei van het autogebruik, nr. 210.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

binnen de Omgevingsvisie te rekenen met een groei van het autoverkeer dat in lijn ligt met de voorspelling van het Kennisinstituut Mobiliteit.

75° Motie van het lid Kreuger inzake de ontwerpomgevingsvisie Amsterdam 2050, Meer betaalbare woningen in de Omgevingsvisie, nr. 211.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:

34

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

-

R

het creëren van ruim voldoende ruimte voor het bouwen van betaalbare woningen voor de middengroepen expliciet op te nemen als strategische keuze ‘Betaalbare Stad’ in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 en zo nodig de rest van het document op dit beleidsvoornemen aan te passen.

76° Motie van het lid Bloemberg-Issa inzake de ontwerp-Omgevingsvisie Amsterdam 2050, Advies- en participatieplicht bij wijziging bestemming ‘groen’, 212.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

in de definitieve Omgevingsvisie op te nemen dat er bij wijziging van de bestemming ‘groen’ een adviesplicht van de raad, een participatieplicht en een lange procedure geldt.

77° Motie van het lid Bloemberg-Issa inzake de ontwerp-Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (scenario’s voorleggen over de bescherming en controle bij bomenkap, nr. 213.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

de raad zo spoedig mogelijk (voorafgaand aan de definitieve versie van de Omgevingsvisie) per brief mogelijke scenario’s voor te leggen over de bescherming en controle bij bomenkap zowel in als buiten de Hoofdbomenstructuur.

De moties maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: De Omgevingsvisie 2050, een stip aan de horizon. Hoe gaat onze stad eruit zien? Daarom hebben we deze Omgevingsvisie. Ik zou nogmaals de complimenten willen geven voor de hoeveelheid werk die erin zit. Niet dat we het overal mee eens zijn natuurlijk, maar er staat wel een aantal goede dingen in: metropool, meer kernigheid. Dat zijn allemaal zaken waarover wij wel enthousiast zijn. Maar een punt waarover we wat minder enthousiast zijn en dat is ook al door D66 in de raadscommissie aangehaald en er is ook een motie over ingediend door de VVD, is het aantal woningen dat er wordt gebouwd, 150.000. Dat lijkt ons wat weinig. We zijn het helemaal met de VVD eens. Als je de woningnood wilt oplossen, dan moet je minimaal op die 7.500 per jaar gaan zitten. Dus ja, dat moet gewoon flink worden verruimd. En dan moet je ook nog ruimte hebben voor al die betaalbare woningen die er moeten worden gebouwd. Vooralsnog ligt heel erg de nadruk op verdichting en binnenstedelijk bouwen en de buitengebieden moeten eigenlijk zo veel mogelijk worden ontzien. Als het aan JA21 ligt, gaan we er eens serieus naar kijken om daar toch ook woningen te bouwen. Er stond een tijdje geleden een heel aardig stuk over in Het Parool, Taboe-doorbrekend plan: nieuwbouw in groen rond Amsterdam-Noord.

Dat plan kan eigenlijk al weer van tafel omdat daar nu allemaal windturbines staan gepland. Dat is ook een beetje de vraag die anderen moeten stellen: wat is nu precies de prioritering van wat we hier aan het doen zijn. In deze Omgevingsvisie komen alleen maar de woorden transitie, eiwittransitie, windturbines voor. Je wordt er helemaal mee dood geslagen terwijl mensen gewoon een huis nodig hebben, een betaalbaar huis. Wat ons betreft gaan we daar wat meer op focussen.

35

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Daarvoor hebben wij een motie ingediend. Die gaat dus niet expliciet over de verhoudingen tussen sociaal, middelduur en helemaal vrije sector maar die gaat er puur over dat we ruimte moeten zoeken om die woningen te gaan bouwen. Wat ons betreft gaat er dus ook naar buiten worden gebouwd en niet alleen maar binnenstedelijk zodat huizen ook wat ruimer kunnen worden opgezet. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Ernsting. De heer ERNSTING: Dank dat ik het woord mag voeren over deze eerste lezing over dit mooie onderwerp. Mijn fractiegenoot Van Renssen neem ik nu waar in dit proces. Zij zal straks in juni als de Omgevingsvisie echt terug komt, dat weer doen op de precieze inhoud. Ik houd het nu indachtig het proces op een paar hoofdlijnen. Toen ik opgroeide in zo ongeveer het noordelijkste puntje van Amsterdam-Noord was het einde van de wereld zo ongeveer om de hoek. Ik bedoel, als ik twee hoeken omging vanuit het straatje met het rijtjeshuis waar ik woonde, keek ik opeens de weilanden in van de groene ruimte na Amsterdam. Op een gegeven moment halverwege de jaren ’80 werd er in de verte een dijk opgeworpen die de ringweg A10 zou worden. De ruimte tussen ons buurtje en de nieuwe ringweg werd opgevuld met een nieuwbouwwijkje. Geen uitzicht meer om de hoek dus. Later realiseerde ik me natuurlijk dat hetzelfde gold voor mijn wijkje dat werd gebouwd in de jaren ’70.

Die nam het uitzicht weg voor de buurt achter ons, gebouwd in de jaren ’30. Met dit verhaal wil ik natuurlijk duidelijk maken dat steden altijd dynamische omgevingen zijn met veel verandering. Vooral in Noord is dat goed te zien. Hele oude dijkdorpjes langs de oude zeedijken omringd door polders, tuindorpen, nieuwbouwwijkjes en stedenbouwkundige experimenten uit alle bijna decennia van de 20ste en 21ste eeuw. Ook de komende jaren zal die dynamiek er zijn in onze stad en dat is maar goed ook. Dat betekent dat de stad leeft, dat mensen betrokken zijn bij hun stad en willen wonen, werken en leven. En het roept soms ook bezorgdheid op. Ook dat komt voort uit betrokkenheid. De enige manier om daarmee om te gaan is in gesprek te blijven hoe ingewikkeld dat soms ook is. Want Amsterdam heeft nog altijd dringend heel veel woningen nodig voor Amsterdammers en voor mensen die Amsterdammer willen worden. Anders dan in mijn jonge jaren niet door weilanden aan de rand van de stad vol te bouwen. In Noord is de A10 nu een harde grens om het bijzondere landschap van het eeuwenoude waterland te beschermen. Dus zoeken we die bouwopgave zo veel mogelijk binnen de bestaande stedelijke grens. Dat is niet alleen goed voor het bestaande groene landschap om ons heen. Dat is ook goed voor het draagvlak van voorzieningen en zaken als openbaar vervoer binnen de stad.

(De heer KREUGER: U zegt niet bouwen aan de randen, maar windturbines, bouw je die dan niet?) Ik heb het over woningen. (De heer KREUGER: Waarom wel windturbines en geen woningen?) Nou kijk, woningen bouw je in groepen van vaak duizenden woningen of in ieder geval honderden en een aantal windmolens, dat zijn er geloof ik rond de ring A10 drie tot zes. (De heer KREUGER: Een paar duizend tegelijk. Dat is dan toch juist hartstikke mooi? Mensen hebben allemaal een huis nodig. Voor partijen als GroenLinks is het zo als er ergens een mier loopt of een grassprietje staat of als het wordt aangemerkt als pbl, dan kan er helemaal niks worden gebouwd maar een windturbine daarvoor is in een keer wel plek? Dat is toch vreemd.)

36

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Ik geloof dat de heer Kreuger ons verwart met de Partij voor de Dieren. Het is ook milieuvriendelijker om binnenstedelijk te bouwen omdat het minder en schonere mobiliteit oplevert en omdat er betere manieren zijn om met energie en afval om te gaan. Maar het kan alleen als we ook radicaal vergroenen in diezelfde ruimte. Verdichting en vergroening moeten hand in hand gaan en die ruimte moeten we vinden aan en op gebouwen maar vooral ook in de openbare ruimte. Waar de openbare ruimte nu nog voor 70 tot 80 procent is gereserveerd voor auto’s moeten we daar die ruimte dus ook zoeken. Een verdichte stad is een autoluwe stad met veel ruimte op straat voor mensen en groen. Ik lees de concept-Omgevingsvisie dan ook heel erg in dit kader. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik hoor de heer Ernsting zeggen dat we binnenstedelijk moeten bouwen. Hoeveel van die 150.000 woningen die volgens de Omgevingsvisie moeten worden gebouwd denkt hij te kunnen realiseren door binnenstedelijk te bouwen?) Nou, volgens mij geeft de Omgevingsvisie daar antwoord op, mevrouw Naoum Néhmé. Dat gaat dus over transformatie van werkgebieden naar woonwerkgebieden. Havenstad is bijvoorbeeld een goed voorbeeld. Het gaat over het gebied onder de ArenA, Amstel III. Het gaat over IJburg de volgende fases.

Nou ja, u kent ze allemaal wel want die stonden voor een groot deel ook al in de koers 2020-2025 en verder in de ruimtes voor de stad. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik wilde graag een aantal horen van de heer Ernsting, want het college geeft hier nogal tegenstrijdige signalen over af. Wethouder Ivens noemt bijvoorbeeld andere getallen bij transformatie dan deze Omgevingsvisie. Dus ik wil de visie van de GroenLinksfractie graag horen. Hoeveel van die 150.000 woningen gaan we binnenstedelijk realiseren? Een percentage graag.) Ik doe niet mee aan dit soort quizjes. Ik heb geen antwoord voor mevrouw Naoum Néhmé. Ze zal het hiermee moeten doen. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Hier raken we nu aan het punt want het is bijna een ideologisch debat. Alle serieuze partijen die meer willen bouwen, daar schaar ik mijn partij onder want wij willen echt bouwen, maar de GroenLinksexcuses blijven almaar komen. De ene keer niet in het groen, de andere keer alleen maar binnenstedelijk want buitenstedelijk wil ze niet. Ik vind het jammer dat u dat een quizje noemt terwijl dat een van de hoofdpilaren is onder het woningbouwdebat. Ik had gehoopt dat u uw feiten beter op orde zou hebben.) Weet u, maak gewoon uw punt en maak er niet zo’n quizje van. Volgens mij kunnen we alle 150.000 woningen gewoon binnen het bestaande stedelijk gebied oplossen en dat is ook het doel van deze Omgevingsvisie.

Een van de strategische keuzes is niet voor niets bouwen binnen grenzen. Ik ga verder. Ik lees deze Omgevingsvisie dan ook heel erg in dat kader. GroenLinks steunt de vijf strategische keuzes. Groeien binnen grenzen, rigoureus vergroenen, meer kernige ontwikkelingen en duurzame en gezonde wegen en samen stad maken. Daarom hebben we een aantal moties om die vergroening mee te nemen in de inrichtingsprincipes voor de openbare ruimte in een autoluwe stad. Daarnaast een motie over mobiliteit en nabijheid. Ook in delen van de stad die na de oorlog zijn gebouwd en dus zijn ingericht op de auto zal er verandering en vergroening op straat moeten plaatsvinden en zijn er kansen om meer functiemenging te brengen waardoor mensen dichter bij de plekken wonen waar ze graag willen zijn.

37

Jaar

2021

Vergaderdatum 31 maart 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Tot slot, de stad verandert en dat gaan mensen merken. Sommigen zullen daar blij mee zijn en anderen zullen daar zorgen over hebben. Weer anderen zullen daar misschien boos over zijn. Dat is onvermijdelijk en het is ook heel goed. Uit zorgen en ook uit boosheid blijkt betrokkenheid. Soms zullen mensen zich in hun belang geraakt voelen of in hun belang geraakt worden. Dat belang en het algemeen belang moet er altijd voor zorgen dat het afgewogen blijft worden. Dat kan op de ouderwetse manier hier in de gemeenteraad maar ook in vernieuwende vormen. Ik was dan ook heel blij te lezen dat er gaat worden gewerkt met bijvoorbeeld gelote burgerberaden. Maar die moeten dan wel goed worden begeleid en echt inclusief zijn zodat iedereen die daarvoor wordt ingeloot, ook echt daarin kan participeren. Daarvoor hebben we ook een motie gemaakt. (De heer KREUGER: De heer Ernsting zegt dat er gewoon 150.000 woningen binnenstedelijk kunnen worden gebouwd maar waarom bouwt hij ze dan nu niet? Waarom gaan er geen palen de grond in? Waarom duurt het zo lang?) Een van de redenen is bijvoorbeeld dat we die uitvoeringsstrategie hebben binnen Havenstad om die maakindustrie nog een beetje te ontzien de komende tijd. Daarover hebben we hele discussies gevoerd over de fasering van Havenstad. Pas na 2040 kunnen we in sommige gebieden aan de slag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10035731/1