20210120 Notulen raadsvergadering avond
Tekst van het document
De heer VELDHUYZEN: De instelling van de avondklok moet worden gezien in de context van het zwalkende coronabeleid waarin er uitermate slecht is gecommuniceerd over de getroffen maatregelen waarvan het tot op de dag van vandaag grotendeels onduidelijk is wat nu de achterliggende afwegingen zijn geweest. Het staat buiten kijf dat er rekening moet worden gehouden met de Britse mutatie van het coronavirus maar ik betwijfel echt of een avondklok de juiste keuze is. Waarom een avondklok terwijl kantoren nog open zijn, treinen van en naar het Verenigd Koninkrijk nog rijden? Wat betekent die avondklok voor mensen van kleur die nu al te maken hebben met etnisch profileren? Hoe wordt de politiecapaciteit zo meteen verspreid over de verschillende stadsdelen om die avondklok te handhaven? Hoe gaan handhavers om met dak- en thuislozen die ze ’s avonds buiten aantreffen of ’s nachts? En wordt er een uitzondering gemaakt voor mensen die om gezondheidsgerelateerde zaken naar buiten moeten in de avond of de nacht? Ik heb eigenlijk te veel zorgen om die hier allemaal te kunnen uiten. Wegens de spreektijd beperk ik met tot drie vragen.
Kan wethouder Kukenheim toezeggen dat zij het plan om ongedocumenteerden te vaccineren tijdig met de raad deelt zodat er ook vanuit de raadscommissie nog suggesties kunnen worden gedaan? Mensen met een beperking zijn vaak aangewezen op een speciale taxi om naar een testlocatie te gaan die hen 30 euro kost. Kan wethouder Kukenheim aangeven welke mogelijkheden zij ziet om de toegang tot testlocaties voor mensen met een beperking te verbeteren? En wat zijn de gevolgen van het verlengen van de lockdown op het schooladvies van leerlingen en dan specifiek als het gaat om het niet doorgaan van de eindtoets en de invloed hiervan op het eindadvies. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Ceder. De heer CEDER: Ook de ChristenUnie maakt zich uiteraard zorgen over de mogelijke avondklok die eraan komt. We willen wel benadrukken dat het besluit nog niet is genomen. Er is morgen een debat en daarover gaan dan 150 Kamerleden stemmen. Er wordt nog een inhoudelijk debat gevoerd en de ChristenUnie acht het verstandig om dat debat ook in de Kamer te laten en de besluitvorming af te wachten. Ik heb natuurlijk wel
18
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
begrip voor de vragen die in de raad leven. Wij zullen de motie dus ook niet steunen omdat we denken dat dit een landelijke aangelegenheid is waarbij de fracties van sommige partijen in dit gremium nog niet hebben gesproken. Dus ik denk dat morgen duidelijk zal worden of er een politieke meerderheid in de Kamer is. Daar wil ik het dan ook laten. Ik wil het verder nog wel even hebben over de gevolgen van die avondklok want dat heeft natuurlijk ernstige gevolgen. Ik zou de burgemeester vragen voorsorterend hoe wij omgaan met de schaarse capaciteit. Wat gaat hierdoor anders, wat voor gevolgen heeft dit als het gaat om inzet op andere domeinen, dus waar kijken we tegenaan en wat is de verdeling tussen agenten en boa’s? (De heer ERNSTING: Nog even op het voorgaande punt. Hij heeft natuurlijk gelijk dat uiteindelijk de Tweede Kamer hierover een beslissing neemt. De motie zegt natuurlijk ook, houd rekening met onze Amsterdammers in de specifieke context van de grote stad die Amsterdam is met de gevolgen die het kan hebben zowel qua handhaving als voor kwetsbare mensen. Ik weet dat de heer Ceder daarmee uitermate begaan is. Dan is het toch heel verstandig dat perspectief nog mee te geven aan de Tweede Kamer?) Dat is zeker zo. Die zorgen leven ook bij mij.
Volgens mij heeft de burgemeester al namens de stad al input gegeven en misschien is het goed dat zij er nog duidelijkheid over geeft of dat al is overgebracht. Maar de motie strekt wel verder. Die heeft ook een oordeel. Dat mag, maar laat het debat dan ook in de Kamer worden gevoerd. Dus ik voel er niet zo veel voor de motie te steunen. Als die wordt aangenomen, prima. Dan hoop ik ook dat deze punten opnieuw worden meegenomen. Ik ga er eigenlijk vanuit dat de burgemeester in het overleg met de burgemeesters de zorgen al heeft overgebracht. Als dat niet zo is, dan hoor ik dat graag van de burgemeester. Dus dat is dan ook gelijk een vraag, of zij deze zorgen voldoende heeft meegenomen bij wat er gisteravond is besproken. Ik ga vanwege de spreektijd door. Even over het vaccineren en dan over het vaccineren van ongedocumenteerden. Ik weet dat er vorige week tijdens de rondvraag van GroenLinks kort is aangegeven dat daarvoor uiteraard aandacht is maar daarvoor is geen concrete tijdslijn of plan gekomen. Dus ik zou graag concreter van de wethouder willen weten of het feitelijk betekent of ongedocumenteerden achteraan de rij sluiten of dat ze eigenlijk nu al, nu er wordt gevaccineerd, worden ingepland en zo ja, hoe dan. Er leven heel veel vragen en ik merk dat het antwoord van de wethouder niet afdoende is. Er is ook een suggestie gedaan over 24 uur vaccineren.
Nu weet ik niet of de GGD in Amsterdam daarin een zelfstandige afweging kan maken. Ik weet het niet, ik vraag me af of de wethouder daarover wat licht kan laten schijnen. Als het zou kunnen, dan vraag ik me af of ze dat ook verstandig vindt omdat we daarmee meer mensen kunnen beschermen. Tot zover. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Ik roep de burgemeester op zich aan te sluiten bij haar collega in Amersfoort die zegt, een avondklok, nee, dankjewel. Hij noemt daar een aantal voorbeelden bij maar dan moeten we de krant er even bij pakken. De heer Ernsting en de heer Van Dantzig noemden ook al een aantal knelpunten zoals de handhaving, dak- en thuislozen. Hoe kunnen we dat realiseren? Juist omdat zich nu een daling doorzet van de coronacijfers wordt het hoe langer hoe moeilijker om de mensen in het gareel te houden. We zijn geen voorstander van een avondklok. Mocht de regering ons daartoe verplichten, dan zullen we er gevolg aan geven. Ik heb nog een aantal vragen. Stel dat de avondklok toch door gaat, wat doen we dan met de dak- en thuislozen? Gaan we ze onder brengen in hotels? Als die avondklok
19
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
toch moet, dan graag vanaf 22.00 uur zodat de kinderen alsnog naar hun clubjes kunnen. En mogen winkels wel worden bevoorraad? Dat moet toch ook allemaal doorgaan? Controle op mensen die toch naar kantoor moeten vanwege hun werkgevers, ik zou toch een dringende oproep willen doen net als de anderen om daarop meer te gaan handhaven. Er wordt zo vaak gevraagd dat alsjeblieft niet te doen, maar ik zal u vertellen, ik heb deze week al twee keer in de file gestaan midden op de dag. Het is te gek zo veel mensen als er nu weer op de wegen zijn. Tot zover. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: De gezaghebbende aanbeveling uit Yale, Harvard, Stanford, Oxford luidt: kies voor gerichte bescherming, voor de twee stromensamenleving en in Nederland kunnen we dat met ons fijnmazige systeem van huisartsen in drie of vier weken realiseren. Het huidige beleid wordt een puinhoop. De feitelijke machthebbers zijn het RIVM en het OMT. Ik zou zeggen, als je adviseurs niet voldoen, zoek dan betere. Amsterdam zou dat zeker moeten doen. De VOORZITTER: Dan zijn we hiermee aan het einde gekomen van de eerste termijn van de zijde van de raad. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Ik ben een heel belangrijk stukje vergeten. Er zijn zo veel fitte ouderen en die willen graag snel worden gevaccineerd.
Waarom kan de regering er nu niet voor zorgen dat we sneller worden gevaccineerd tegen dit virus. De VOORZITTER: De vraag is bij dezen genoteerd. Goed. Dan zijn we nu echt aan het einde gekomen van de eerste termijn van de zijde van de raad. Dan schors ik even voor een heel kort ogenblik.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Ik deel eigenlijk wel in veel van de somberte die wordt uitgesproken door een aantal leden. Ik denk dat we ons bijna een jaar geleden niet konden voorstellen dat bestrijding van het coronavirus zo’n lange adem zou vergen. We zien ook elke keer opnieuw dat de inspanningen van onze bevolking vaak worden beloond met nieuwe teleurstellingen. Dat vergt heel veel van mensen. Ik zou als eerste een compliment aan onze bevolking willen maken. Wij zien dat het aantal besmettingen in onze regio daalt. Dat is goed nieuws. Het is te weinig. Het niveau is nog steeds op zeer ernstig en dat is nog steeds heel zorgelijk, maar het wijst er wel degelijk op dat mensen zich inspannen in groten getale om ervoor te zorgen dat anderen zo min mogelijk worden besmet. En dat in een heel druk bevolkte stad waar veel mensen klein behuisd zijn. Ik vind dat onze inwoners daarvoor een groot compliment verdienen. Maar onze stad bloedt en onze inwoners voelen de pijn daarvan. We zien daarbovenop dat zich natuurlijk nieuwe dreigingen voordoen zoals het
20
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
Britse virus. Er wordt gesproken van een Zuid-Afrikaans virus en er zou zelfs sprake zijn van een Braziliaans virus dat nieuwe risico’s met zich meebrengt. Vanuit dat perspectief is het denk ik logisch en ook heel verstandig dat het kabinet naar nieuwe maatregelen zoekt die niet alleen de termijn van een lockdown kunnen verkleinen, verkorten waardoor bijvoorbeeld met name de scholen zo snel mogelijk weer open kunnen, maar waarmee we er ook voor zouden kunnen zorgen dat de derde golf ons niet overspoelt terwijl de tweede golf nog niet is uitgewoed. Dan doet zich ook in onze stad een situatie voor die buitengewoon zorgelijk is. Dus laat ik als eerste zeggen dat ik me schaar achter het kabinet, dat er noodzaak is om extra maatregelen te nemen en dat dat ook voor onze veiligheidsregio geldt. Dat wil niet zeggen dat de maatregelen die worden voorgesteld geen pijn doen. Dat ze pijn doen bij onze bevolking, dat werd eigenlijk door iedereen zo uitgesproken. Ook degenen die zeggen wel een avondklok te willen aanvaarden, zeggen daarbij ook dat ze grote zorgen hebben over de sociale effecten en de handhaving. Dus ik bemerkte eigenlijk bij alle raadsleden een gelijkgestemdheid. Laat ik u er een ding over zeggen. Het oordeel over de maatregelen is aan het kabinet en aan de Tweede Kamer.
Ik denk dat het verstandig is om het advies van het OMT en het RIVM daarin te volgen en ook de beslissing van het kabinet daarin te volgen. Dat neemt niet weg dat ik ook in het veiligheidsberaad heb laten weten dat bij de uitwerking van bijvoorbeeld de avondklok – als die van toepassing wordt – er wel zorgen zijn in onze stad over de effecten die dit teweeg kan brengen. Daarbij wens ik mij niet in te laten met het oordeel over de proportionaliteit zoals dat door een aantal is gegeven. Zoals u weet, is proportionaliteit geen absolute eis. Die is altijd afhankelijk van de risico’s, de gevaren die daar tegenover worden geplaatst. Op dit moment zien we onszelf voor grote gevaren geplaatst, maar er zijn bij ons als bestuur en bij onze veiligheidsregio zorgen over de effecten van bijvoorbeeld de invoering van de avondklok maar ook voor het verder terugdringen van het bezoek dat mensen nog mogen hebben tot één persoon. Ook dat heeft effecten. Dat betekent bijvoorbeeld heel praktisch dat een koppeltje ook overdag niet meer op bezoek mag komen en dat doet mensen pijn. In het veiligheidsberaad heb ik eigenlijk steeds drie soorten zorgen onder de aandacht gebracht. Als eerste de sociale zorg en dat beluisterde ik eigenlijk bij iedereen terug. Dat zijn de zorgen die we hebben over de psychisch kwetsbaren.
De kwetsbare groepen in onze stad, de dak- en thuislozen, de mensen die in de war zijn, de mensen die heel eenzaam zijn en het nodig hebben om af en toe ’s avonds iemand te kunnen ontmoeten. De zorgen die we hebben over bijvoorbeeld het wegvallen van mantelzorg en de noodzaak om daaraan wel aandacht te besteden en ook te kijken of in de regelingen die worden getroffen daarvoor aandacht kan zijn. Dan gaat het zowel om fysieke mantelzorg maar ook om psychische mantelzorg. Dus het kunnen afleggen van een bezoek aan mensen die in grote psychische nood verkeren en daarin hulp nodig hebben. En natuurlijk ook de zorgen over onze jongeren. Het doel van de extra maatregelen is natuurlijk om jongeren ook weer te kunnen bevrijden, om ze weer naar school te kunnen laten gaan en ze weer de ruimte te geven om zich meer te kunnen bewegen. We zien natuurlijk ook dat het een hard gelag is met name voor de 12- tot 18-jarigen voor wie het zicht op het weer naar school kunnen gaan verder in de toekomst is gesteld dan voor het lager onderwijs. Vooral voor die jongeren die heel klein behuisd zijn en die in grote gezinnen leven en daarbij eigenlijk een onduidelijk en onzeker perspectief hebben. Dan vergt de avondklok veel van mensen en daarvoor zullen we aandacht moeten hebben bij de uitwerking ervan.
(Mevrouw VAN SOEST: Ik zou dolgraag van de burgemeester horen dat er wat meer vaart wordt gezet achter het vaccineren van ouderen. Het blijft maar achter lopen en iedere keer gebeurt er weer wat. Laten we die dan in
21
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
ieder geval zo snel mogelijk inenten. Meer snelheid en dan ontlopen we misschien de avondklok.) Laat ik u als eerste de illusie helaas ontnemen dat ook versnelde vaccinatie er niet voor kan zorgen dat we geen maatregelen hoeven te treffen de komende tijd. Hoe snel de vaccinatie ook zou zijn, hoe zeer deze ook zou kunnen worden versneld, en dat zie je bijvoorbeeld ook in landen als het Verenigd Koninkrijk en Israël, dan zijn er nog steeds verregaande maatregelen nodig. Wethouder Kukenheim zal zo meteen uitgebreider ingaan op de vaccinatieprogramma's. Zoals u weet, is het inkopen van de vaccins landelijk. De verdeling van de vaccins is ook landelijk. Wij doen er in onze regio, in de ROAZ-regio en in Amsterdam alles aan om dit zo veel mogelijk te helpen versnellen. We zorgen er in ieder geval voor dat we er klaar voor zijn ook als er versnelling kan plaatsvinden om hier aan de slag te kunnen. Dus we zorgen ervoor dat er in onze regio in ieder geval geen belemmeringen zijn. Ik was eigenlijk bezig te benoemen waar de zorg ligt bij de uitwerking en ik had het over de sociale zorgen die er zijn bij de uitwerking. Als eerste zijn er vanzelfsprekend ook zorgen over de handhaving en de beheersing en ik zal zo iets uitgebreider ingaan op de wijze waarop wij de handhaving voor ons zien.
En tot slot heb ik ook in het veiligheidsberaad natuurlijk onder de aandacht gebracht dat er ook zorgen moeten zijn over maatschappelijke onrust die de maatregel teweeg zou kunnen brengen bij mensen die daartegen in verzet komen. Daarvoor zal dus aandacht moeten zijn waarom de maatregel nodig is, waarom we die op dit moment moeten invoeren met name in communicatiecampagnes waardoor mensen kunnen delen in de noodzaak ervan en daarvan overtuigd kunnen zijn. Laat ik een aantal opmerkingen maken over hoe wij ermee omgaan. U weet dat zojuist is aangekondigd dat de avondklok zal worden ingevoerd tussen 20.30 en 04.30 uur als de Tweede Kamer daarmee akkoord gaat. Wij bereiden ons in de regio daar uitgebreid op voor. Er is een landelijke lijn die wordt vastgesteld bij de uitzonderingen op de avondklok en tevens zal er een landelijk uniform ontheffingsproces worden opgesteld. Er worden bij rijksoverheid.nl formulieren voorbereid die kunnen worden gedownload door burgers en werkgevers. Ten aanzien van de handhaving zijn we op dit moment bezig de handhavingsstrategie verder uit te werken en aanstaande vrijdag zullen wij in het regionaal beleidsteam een uitgewerkte handhavingsstrategie opnieuw met elkaar bespreken. Wat ik daarover op dit moment kan zeggen, is het volgende.
Er is een landelijk handhavingskader en er zijn landelijke afspraken gemaakt met de Nationale politie en daarbij sluiten wij regionaal aan. Wanneer de avondklok wordt ingevoerd, zal direct worden gestart met de handhaving. De eerste dagen wordt ingezet op intensieve, statische en dynamische controles met extra zichtbaarheid van politie op straat. We achten dat noodzakelijk omdat we natuurlijk een eerste slag moeten maken in het doordringen van mensen van de noodzaak om de regels van de avondklok te volgen. Een dergelijke intensieve handhaving kunnen we kortstondig inzetten. Met de eerste ervaringen die we opdoen, zullen we vervolgens overgaan tot informatiegestuurde handhaving en meldingsgerichte handhaving waarbij onze allereerste aandacht natuurlijk zal uitgaan naar excessen. Uitgangspunt is dat we regionaal hetzelfde handelingsperspectief hanteren en navraag maakt namelijk duidelijk dat de ervaring in België heeft geleerd dat dit essentieel is om verschuivingseffecten zo veel mogelijk te voorkomen. Het beeld is nu dat landelijk zal worden gekozen voor een lik op stukbeleid door de politie: aanspreken, direct verbaliseren en in het uiterste geval aanhouden. We denken na over de inzet van een host en straatcoaches die de mensen kunnen aanspreken en informeren en die een signalerende rol kunnen vervullen.
Het was de heer Ceder die expliciet vroeg meen ik mij te herinneren, naar de rol van de boa’s. Ingevolge de wetgeving die van toepassing is bij de avondklok hebben de
22
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
boa’s geen bevoegdheid om te beboeten. Wij willen ze wel kunnen inzetten en daarover zullen we uiteraard ook landelijk overleg voeren en we willen kijken wat we regionaal kunnen doen om te signaleren, om burgers te kunnen aanspreken en mogelijk als het nodig is iets te kunnen doorzetten naar de politie ook omdat wij het wel degelijk noodzakelijk vinden dat de politie hulp heeft bij de informatiegestuurde inzet. Dak- en thuislozen worden uitgezonderd door het rijk, maar wij vinden dat er aandacht dient te zijn voor de bijzondere situatie van mensen die psychisch kwetsbaar zijn. Dit zullen wij zo veel mogelijk gaan verwerken in het regionaal handelingsperspectief voor de handhaving. Zichtbare handhaving achten wij noodzakelijk voor het behoud van draagvlak en voor naleving van het belang van de avondklok en daarbij vragen we het rijk dan ook om fors in te zetten op landelijke publiekscommunicatie en dat zullen wij ook regionaal doen waarbij wij er echt vanuit gaan dat handhaving het sluitstuk daarop is. Er werd mij ook een vraag gesteld ik dacht door de heer Yilmaz en die ging over de regionale communicatie. Wij zullen een animatiefilmpje maken dat langzaam zal worden afgespeeld. Ik geloof dat de heer Taimounti daarop de vorige keer enig commentaar had. Dat zal in acht talen in de stad worden verspreid.
Er komt een bewonersbericht en attentieberichten zullen overal worden verspreid. We zullen ook opnieuw aandacht gaan vragen voor het belang van de site van Voor elkaar in Amsterdam waar we alle sociale initiatieven verzamelen omdat juist in deze periode waarin eenzaamheid groter zou kunnen worden onder mensen die kwetsbaar zijn, het ook van groot belang is dat we voor elkaar zorgen. Niets met schending van de eventuele avondklok maar wel in de uren daaraan voorafgaand. Met andere woorden, als u in staat bent een pannetje soep te maken voor een eenzame buurvrouw of iemand verder op, doet u het vooral. Mensen hebben de komende tijd echt elkaars aandacht een beetje nodig. Daarbij zou ik nog even langs de vragen willen lopen. Laat ik daarbij nu meteen zeggen dat vragen over de scholen en kansengelijkheid door wethouder Moorman zullen worden beantwoord. De vragen over huiselijk geweld en andere vormen van hulp, hulp aan kwetsbaren zullen door wethouder Kukenheim worden beantwoord net als de hulp aan jongeren en de vaccinatiestrategie en de vaccinatieprogramma’s. De vragen die zijn gesteld over ondernemers en de economische gevolgen zullen door wethouder Everhardt worden behandeld. Daarmee kom ik aan de vragen. Als eerste de heer Ernsting. De avondklok heb ik beantwoord.
Hoe komt men tot de afwegingen? Weet u, wij volgen daarin natuurlijk de afwegingen die worden gemaakt in de procedure die het rijk volgt. Op basis van het advies van het OMT, het RIVM vindt er vervolgens besluitvorming plaats in de ministeriële crisiscommissie. Daarin opereert het veiligheidsberaad als adviseur en zoals terecht opgemerkt heb ik zitting in het veiligheidsberaad en ik maak overvloedig van die positie gebruik. De heer Van Dantzig sprak opnieuw over het belang van thuiswerken. Ik ben dat volledig met u eens, mijnheer Van Dantzig. Ik geloof dat anderen er ook over spraken, mevrouw Poot bijvoorbeeld. Het is een dringend advies zo veel mogelijk thuis te werken. We kunnen er niet op handhaven; we kunnen het niet beboeten. Eigenlijk zou ik wel willen zeggen tegen die werkgevers die druk uitoefenen op mensen om wel naar kantoor te komen, dat het onverantwoord is. Je plaatst je eigen werknemers in een onmogelijke positie waarbij ze moeten kiezen tussen loyaliteit aan de werkgever en loyaliteit aan de volksgezondheid. In die positie mogen de werknemers niet worden geplaatst. Dus houd u eraan, werk thuis. En werkgevers, plaats uw personeel niet in die positie. Ten aanzien van de regionale reisbewegingen en bovenregionale reisbewegingen geldt: zo min mogelijk. Blijf zo veel mogelijk in de regio, leg geen grote afstanden af en zorg
23
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
ervoor dat de reisbewegingen zo klein mogelijk zijn. U vroeg naar de discussie in het veiligheidsberaad. Dat heb ik u volgens mij gegeven. U vroeg naar de herstart van culturele instellingen en de evenementensector. Weet u, op dit moment is dat natuurlijk nauwelijks aan de orde met de maximale lockdown die wij kennen. Dat neemt niet weg dat wij in overleg zijn met de culturele instellingen en in samenspraak met de culturele instellingen en de evenementensector zijn we ook bezig om een route te maken naar de geleidelijke openstelling als dat weer mogelijk is. Dat doen we in samenspraak met de culturele instellingen om ervoor te zorgen dat het geleidelijk kan worden opgebouwd als ze weer open kunnen zodat je niet weer dat jojo-effect krijgt waardoor ze open, dicht, moeten en niet weten hoe te plannen, niet weten waar ze volgend jaar aan toe zijn. Ik geloof dat dat het ergste is op dit moment voor de culturele instellingen. Dan de motie. Laat ik daarover het volgende zeggen. Ik deel in de zorgen die spreken uit uw motie en ik geloof eigenlijk dat de hele raad deelt in de zorgen die daaruit spreken. Ik wil mij niet wagen aan het oordeel over de proportionaliteit. Dat is echt een afweging die thuishoort in de boezem van het kabinet en in de Tweede Kamer.
Ik ben het wel met de heer Boomsma eens dat het geen pas geeft om als regiobestuurder en als burgemeester alle kabinetsmaatregelen te gaan recenseren en tot dusver heb ik dat ook nog nooit gedaan. Ik zou daarmee ook niet willen beginnen. Tegelijkertijd spreekt u wel uit dat de raad grote zorgen heeft over de uitwerking van de maatregelen en ik zie dat inmiddels een meerderheid van de raad zich achter uw motie heeft geschaard. Dus ik ben vanzelfsprekend wel bereid het gevoelen van een meerderheid van de raad onder de aandacht te brengen van de Tweede Kamer waarbij ik dat overbreng als een gevoelen van de raad. Daarmee doe ik denk ik recht aan een meerderheid van de raad zonder dat ik mij daarachter schaar. Als uitvoerder van het kabinetsbeleid wens ik een aparte positie in te nemen. Tegelijkertijd zou ik u ook nog eens willen oproepen als u grote zorgen heeft over de proportionaliteit van de maatregel en over de sociale en handhavingseffecten van de avondklok en andere maatregelen, beweegt u dan ook uw landelijke fracties. Ik hoop dat ik daarmee voldoende heb gezegd over de motie. Met andere woorden, ik laat het oordeel aan de raad, maar ik ben vanzelfsprekend bereid de kamer op de hoogte te brengen van het gevoelen van een meerderheid van de Amsterdamse raad.
De heer Mbarki, volgens mij heb ik zijn vragen voldoende beantwoord en hetzelfde geldt volgens mij ook voor de heer Flentge die ook vragen aan mij stelde over de avondklok en verder met name vragen stelde op het terrein van de wethouders. Datzelfde geldt ook voor de heer Van Lammeren. De heer Yilmaz sprak over extra onderdrukking als gevolg van de avondklok. Daar heb ik toch wel moeite mee. Het gaat inderdaad om verregaande beperking van de bewegingsvrijheid maar het gaat niet om onderdrukking van de bevolking. Het gaat om bescherming van de bevolking tegen de risico’s van besmetting. Ik denk ook dat we het in die proportie moeten houden en dat we ook die termen moeten blijven gebruiken omdat onze bevolking ervan doordrongen moet zijn dat er een doel is met deze maatregelen en het doel met deze maatregel is te voorkomen dat mensen ziek worden en dood gaan. Daarnaast had u het over een selectie van ondernemers, etnische ondernemers omdat u dat gehoord zou hebben. Daarover zou ik toch ook wel eens een opmerking willen maken. Als u aanwijzingen heeft die u hard kunt maken, dan wil ik ze vanavond nog van u ontvangen. Maar vage geruchten die leiden tot onvrede en die zomaar hier worden geponeerd zonder dat er bewijs bij wordt gegeven maar die wel beschadigend zijn voor ons politiekorps, daarmee heb ik echt moeite. Dat gebeurt me net te vaak. Dat wil ik u toch even hebben gezegd.
Ik ben het namelijk met u eens dat etnisch profileren niet kan, niet mag
24
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
maar ik vind ook niet dat er aantijgingen aan het adres van de politie kunnen zijn op vage niet gesubstantieerde geruchten. Dan sprak de heer Kreuger uit hele grote problemen te hebben met de avondklok en deze niet proportioneel te vinden. Ik respecteer vanzelfsprekend uw standpunt. De zorgen die u daarbij uitspreekt over de effecten op de bevolking, die begrijp ik en daar deel ik ook in. De zorgen die u heeft ten aanzien van de handhaving begrijp ik ook. We staan als Amsterdam voor een forse taak en tegelijkertijd zullen we ons daarvan kwijten en we zullen er ook voor zorgen dat de avondklok als deze wordt ingevoerd en goed wordt gehandhaafd in onze stad. U heeft een motie ingediend en deze motie geeft eigenlijk geen opdracht aan mij, maar het is een uitspraak die u voorlegt aan de raad. Dat betekent dat ik volgens mij geen oordeel hoef te vellen over uw motie en dat doe ik dan ook niet. Ik laat deze motie aan de raad. (Mevrouw POOT: Het is eigenlijk meer een verduidelijkende vraag. Ik hoor de burgemeester zeggen dat ze bij de motie van de heer Van Dantzig van D66 de meerderheid zal respecteren en naar de Tweede Kamer zal gaan met deze opdracht. Maar ik begrijp het niet helemaal goed want de uitslag van de stemming op deze motie is er natuurlijk pas maandag. Dus ik begrijp niet helemaal goed hoe de burgemeester dat ziet.) Daarin heeft u volstrekt gelijk. Dat begrijp ik.
Tegelijkertijd is het Kamerdebat waarop als ik het goed begrijp deze motie nog van invloed wil zijn, morgen. Ik ga niet naar de Kamer met de boodschap dat dit mijn opvatting is. Het enige wat ik kan doen is een brief aan de Kamer schrijven waarin ik de motie onder de aandacht breng als een gevoelen van een belangrijk deel van de raad. De meerderheid moet natuurlijk bij stemming blijken. Daarin heeft u gelijk. Tegelijkertijd vind ik het ook ingewikkeld om de raad die wel bij meerderheid van partijen deze motie heeft ondertekend, te negeren als het gaat om een verzoek dat morgen de Kamer zou moeten bereiken en niet volgende week. Dus misschien kunt u mij helpen bij het dilemma. (Mevrouw POOT: Wat ik erover wilde zeggen is als de burgemeester dit bij de Tweede Kamer onder de aandacht brengt, dan kan dat mijns inziens niet anders dan dat ze zegt dat deze motie is ingediend. Ze kan niets zeggen over wat de uitslag daarvan is. Ook al is de motie ingediend door meerdere partijen, uiteindelijk is er nog geen stemmingsuitslag op deze motie.) Daarin heeft u gelijk. Dat is precies de formulering die ik zal kiezen. Dat is namelijk buitengewoon nauwkeurig.
Ik zal een kort briefje aan de Tweede Kamer sturen waarin ik zeg dat ik deze motie onder de aandacht wil brengen en dat die is ingediend door een aantal politieke partijen die in principe samen een meerderheid zouden kunnen vormen in de raad maar dat ik niet vooruit kan lopen op de stemming daarover. Daarmee denk ik zorgvuldig te zijn. (Mevrouw POOT: Ik stel dit natuurlijk zelf voor maar het voelt toch wel een beetje raar om een motie die niet is aangenomen onder de aandacht van de Tweede Kamer te brengen. Het zou toch zeker geen precedent mogen worden dat we moties die niet zijn aangenomen onder de aandacht gaan brengen van Tweede Kamers of bewindspersonen. Ik zou toch nog een keer aan de burgemeester willen vragen dat te heroverwegen vanuit dit staatsrechtelijke principe.) U plaatst mij daarmee in een lastig parket als ik heel eerlijk ben. Want de reden dat er geen stemmingen plaatsvinden vanavond is een effect van corona. Er moet schriftelijk worden gestemd en daarbij zijn natuurlijk gewoon de partijen die deze motie hebben
25
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
ingediend, in het nadeel. Ik zeg u dat ik een buitengewoon secure omschrijving zal kiezen. Ik vind dat de partijen die zich hierachter scharen wel mogen weten dat ik natuurlijk zorgvuldig zal omgaan met de opvattingen die zij verwoorden in hun motie zonder dat ik vooruit zal lopen op de stemmingen. En dat zal ik aangeven. (Mevrouw POOT: Een oplossing zou ook kunnen zijn dat de burgemeester de indienende partijen vraagt om de motie bij hun eigen Tweede Kamerfracties onder de aandacht te brengen.) Ik heb zo’n grijs vermoeden dat de verschillende fracties dat ook zullen doen. De heer Boomsma heeft zijn zorg uitgesproken over de avondklok. Ik denk dat ik dat voldoende heb beantwoord. De heer Veldhuyzen heeft specifiek aandacht gevraagd voor de kwetsbare groepen. Ik ben me daar zeer van bewust; het college is zich daarvan bewust. Dat heeft onze volle aandacht. De heer Ceder heeft ook aandacht gevraagd voor de kwetsbare positie van de boa’s. Dat heb ik beantwoord. Mevrouw Van Soest heeft mij gevraagd me aan te sluiten bij de burgemeester van Amersfoort. Dat zal ik niet doen en dat heb ik inmiddels duidelijk gemaakt, geloof ik. Het verplaatsen van de avondklok naar 22.00 uur is een debat dat in de Tweede Kamer zal moeten worden gevoerd. Dan de bevoorrading van winkels. Dat was een zeer praktische vraag die u stelde.
Volgens mij valt dat onder werk en dat kan ook na instelling van de avondklok plaatsvinden mits er een verklaring van de werkgever bij ligt. En de heer Van Schijndel heeft mij geen vragen gesteld. De VOORZITTER: Dan ga ik even kijken naar de andere drie leden van het college die nog een aantal vragen moeten beantwoorden. Dat is allereerst wethouder Everhardt van Economische Zaken. Ik zou hem willen vragen zo concreet mogelijk te beantwoorden en een uitgebreide inleiding achterwege te laten omwille van de tijd. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Everhardt. Wethouder EVERHARDT: Er zijn geen moties op mijn terrein ingediend. Ik zal het kort houden. Ik wil erop wijzen dat wij natuurlijk doen wat we kunnen ook op economisch vlak. Er is een economisch herstelplan. U weet dat de lastenverlichting is ingezet. Er gaat natuurlijk ook weer een nieuw steunpakket komen vanuit het rijk. We hebben er nauw contact over hoe dat er precies komt uit te zien. Ik ben het ook eens met de Partij voor de Dieren dat we goed moeten kijken naar de maatschappelijke routekaart om weer terug te keren. Dat is natuurlijk ook de intentie van het kabinet om extra maatregelen te nemen om eerder te kunnen terugkeren. We hebben daarover hele goede ideeën en concrete uitwerkingen. Die delen we nu proactief met het rijk. We zullen ervoor zorgen dat dat ook echt handen en voeten gaat krijgen.
Ik wijs alleen al op het Nationale garantiefonds evenementen dat nu in de benen lijkt te worden geroepen. Dat is een initiatief vanuit de VVD en de D66-fractie landelijk. Dus dat zijn allemaal hele goede zaken. Een heel belangrijk punt dat door meerdere fracties werd aangegeven is inderdaad het niet naar kantoor komen of in ieder geval het niet overbodig naar kantoor komen. Daar moet men heel terughoudend mee omgaan. Ik heb dat tijdens de persconferentie nog een keertje heel duidelijk horen zeggen, dat het kabinet de werkgevers daarop gaat aanspreken. Ik zal dat ook met klem naar voren brengen in de gesprekken die ik heb met het bedrijfsleven hier in Amsterdam om aan te sluiten op wat er landelijk gebeurt. Daarop kunt u mij aanspreken.
26
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
En ten slotte was er nog een vraag van de SP-fractie over gratis Wifi en daarover zal mijn collega Meliani nog even kort het woord voeren. Daarmee heb ik mijn inbreng gedaan. De VOORZITTER: Ik zou zeggen, laten we dat direct doen. Dan geef ik nu het woord aan wethouder Meliani om die vraag te beantwoorden. Wethouder MELIANI: De vraag ging over een motie die de SP heeft ingediend in 2016 voor gratis hotspotplekken voor Wifi. Ik ben het volledig eens met de heer Flentge dat collectiviteit meer dan ooit belangrijk is. Vanuit de agenda Digitale stad zijn we op allerlei manieren bezig ervoor te zorgen dat mensen en zeker de mensen die moeilijker toegang hebben omdat ze geen laptop hebben, die wel krijgen. We zijn in de zomer bij de eerste lockdown daarmee aan de slag gegaan met verschillende wethouders door 35 opgeknapte laptops maar ook 23 van de 50 internetverbindingen te regelen voor juist die minimahuishoudens. Dat was eenmalig en het doel is naar aanleiding hiervan ervoor te zorgen dat dat structureel kan worden. Dat doe ik samen met de andere wethouders. We gaan er in ieder geval voor zorgen dat daar een versnelling komt. Ik ben het met u eens, daarmee kunnen we niet wachten. Dat was volgens mij de vraag. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Kukenheim.
Ook haar wil ik vragen zo veel mogelijk de vragen te beantwoorden en de moties op haar terrein van een preadvies te voorzien. Wethouder KUKENHEIM: Het eerste onderwerp dat ik zal afhandelen, betreft vaccinaties. De vraag luidde of we snelheid konden maken en of dat niet heel belangrijk was. Daarop is het antwoord natuurlijk ja. We willen allemaal snelheid maken op die vaccins. Mevrouw Van Soest vroeg dat nog eens expliciet en ook de heer Ernsting merkte dat op. Dat is het allerbelangrijkste. Waar hangt dat van af? Heel simpel, van het aantal vaccins dat we krijgen. Op dit moment is dat nog maar heel beperkt. Het aantal vaccins wordt landelijk ingekocht en landelijk krijgt men op dit moment nog een heel beperkt aantal vaccins van nog maar twee leveranciers en die worden landelijk verdeeld naar inwoneraantal. Zodra dat gaat oplopen, gaan we opschalen. Daarbij is een aantal dingen belangrijk en dan kom ik op de vraag wat wij daarvoor dan nodig hebben. Er wordt een landelijke strategie opgevoerd dus het is ook belangrijk dat we goed weten wat die strategie is en ook wanneer die onder welke omstandigheden verandert. Dan kunnen we gewoon snel mee veranderen.
We zijn best wel flexibel; we kunnen snel opschalen of snel andere processen inrichten maar hoe meer we van te voren weten wanneer de hoeveelheden komen en voor wie die zijn bedoeld en wie die dan moeten gaan zetten, ja, hoe sneller we daar dan kunnen handelen. U moet zich namelijk voorstellen dat de strategie die overigens ook met u is gedeeld in de stukken en anders zal ik nog een keer kijken of u die kunt krijgen, die kan veranderen omdat je soms van een bepaald vaccin meer binnen krijgt dan was voorspeld. Het ene vaccin is misschien veel beter geschikt voor een bepaalde doelgroep en dan ga je bijvoorbeeld die doelgroep naar voren trekken. Je ziet ook dat sommige vaccins heel geschikt zijn om vooral in hele grote aantallen uit te delen, dus dat is een taak die de GGD heel goed kan uitvoeren. Het is wel veel moeilijker die op te splitsen in kleinere aantallen waardoor de huisartsen er minder goed mee uit te voeten kunnen. Maar het kan ook andersom zijn en dan trek je weer de rol van de huisartsen naar voren. Kortom, al die zaken spelen mee om te kunnen beoordelen welke groep we nu eerder gaan vaccineren. Gaan we dat grootschalig doen via de GGD of hebben de werkgevers in de zorg daar een
27
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
rol of de huisartsen? We spreken daar heel intensief over en hoe eerder we dit weten, hoe beter we dat kunnen doen. Het is precies zoals de burgemeester al zei, aan ons zal het niet liggen. Wij kunnen heel snel handelen en dat vinden we ook belangrijk dus daar zetten we alles op in. Er zijn nog een paar specifieke vragen gesteld. Kun je ook 24 uur lang vaccineren? Theoretisch kan dat maar op dit moment gaat het echt nog om een heel beperkt aantal vaccins en het feit dat we dat niet midden in de nacht zetten, vormt ook helemaal niet de drempel waarom mensen nu niet worden gevaccineerd. Het is helemaal niet nodig die openingstijden te hanteren. Du moment dat we zien dat andere openingstijden ertoe leiden dat we meer kunnen vaccineren, dan zullen we dat natuurlijk gebruiken. Maar dat is nog niet aan de orde. Er is ook een specifieke vraag gesteld of leraren nu eerder kunnen worden gevaccineerd. De landelijke strategie is echt om dat niet te doen. Wij volgen die landelijke strategie. Dan wil ik het onderwerp over de mentale gezondheid en de psychische druk aflopen. Er is al veel over gezegd. De burgemeester heeft volgens mij heel goed verwoord dat dat volgens mij een van onze grootste zorgen is bij de mogelijke maatregelen waar onze stad nu tegenaan kijkt.
Je ziet dat het nu al zwaar is voor mensen en op het moment dat er aanvullende maatregelen worden genomen, snappen we echt dat mensen zich nog meer onder druk voelen zitten en dat de muren op hen afkomen. Voor jonge mensen geldt dat inderdaad in het bijzonder. Een paar dingen zal ik u daarover zeggen. We zijn samen met de partners in de buurten heel erg nauwkeurig bezig om eenzaamheid op te sporen zodat we echt programma’s voor mensen die dat nodig hebben, kunnen intensiveren. Het is bijvoorbeeld heel belangrijk dat we nog steeds de website Voor elkaar in Amsterdam hebben. Daar staan echt honderden vrijwilligers te wachten om mensen te helpen. Dat is een belangrijk platform dat we nu weer intensiveren. Dat bestond natuurlijk al maar dat wordt ook nu weer nog belangrijker. Voor jongeren in het bijzonder zijn we aan het voorsorteren om nog een aantal intensievere maatregelen te treffen. We hadden eerder natuurlijk al vanuit het programma Amsterdam mentaal gezond youth mental aidprogramma’s; we hadden een extra project over depressie en we zijn nu bezig met het maken van een jongerenhulplijn, gewoon één nummer, een beetje zoals de kindertelefoon, om jongeren echt de gelegenheid te geven aan de bel te trekken. We zijn aan het praten met jongerenwerkers om misschien op huisbezoek te gaan. We kijken naar een veel intensiever online aanbod.
We kijken of we openingstijden kunnen verbreden van programma’s als At ease, heel laagdrempelig meer psychisch georiënteerd jongerenwerk en het inrichten van extra trajecten voor met name LVB-jongeren. En we zijn heel erg bezig met de onderwijsinstellingen. Zelf het Mbo, Hbo met Webinars maar ook met de studentenverenigingen om maar zo veel mogelijk mensen te bereiken. Kortom, dit is echt een onderwerp dat ons aan het hart gaat. We delen uw zorgen. Hieruit vloeit voort dat we natuurlijk geen bezwaar hebben tegen de motie 009.21. De VOORZITTER: Dus motie nr. 009.21 krijgt geen bezwaar dan wel positief preadvies. Wethouder KUKENHEIM: Ik heb nog een paar kleine onderwerpen en die zal ik proberen heel staccato af te lopen. De heer Flentge wil graag dat de FFP2-maskers worden gebruikt in de zorg. Hij vraagt zich af of er wel genoeg zijn. Wij hebben geen signalen dat er niet genoeg maskers zijn. Ik meen ook dat de vakbond CNV dat ook niet zegt. Er is op dit moment geen verplichting van het gebruik van die maskers en ik ben wel van mening dat de deskundigen echt moeten aangeven dat nu juist die maskers verplicht zouden
28
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
moeten worden. Dat is niet aan de gemeente. Dan heeft de SP ook nog gevraagd of er in Amsterdam niet heel grootschalig moet worden getest zoals in Lansingerland is gebeurd. (De heer FLENTGE: Ik heb niet gezegd dat ik me afvraag of er wel FFP2maskers zijn. Ik stelde juist dat ze er in overvloed zijn. Maar als een zorgmedewerker erom vraagt, kan het nog wel eens zijn dat ze die niet krijgt. Mijn vraag was of de gemeente een rol kan spelen bij het benaderen van zorgbestuurders om deze altijd ter beschikking te stellen. Dat is wat de CNV ook vraagt en ik denk dat die daarin gelijk heeft. De vaccins zijn nog niet voor alle zorgmedewerkers geregeld. De mate waarin de vaccins volledige veiligheid bieden is nog niet helemaal helder en daarom vragen zij daarom. Ik hoop echt dat u daarbij een rol kunt spelen.) Ik vind echt dat de sector zelf, de deskundigen, de mensen uit de zorg die precies weten welk masker wat doet en hoe veilig die maskers zijn, dat die moeten beoordelen of het belangrijk is welke groep daarmee werkt en of het verplicht is. Die mensen zitten heel vaak met elkaar aan tafel en daar worden al dit soort dingen besproken. Het is niet zo dat de gemeente nodig is om daar een nieuw onderwerp op tafel te leggen. U heeft zelf ook gezegd dat de CNV dat in dit geval ook doet.
Dus ik wil de beoordeling van welk specifiek masker je in welke sector moet gebruiken, echt bij die sector en bij de zorg zelf leggen. Ik vind ook echt dat die daartoe in staat is. (De heer FLENTGE: Ik vind het jammer. Ik snap het een beetje. Zeker, het ligt voor een deel ook bij andere partijen, maar ik denk dat u zich als gemeente daarvoor als voorvechter kunt opstellen. U heeft overleg met de zorginstellingen, met de zorgbestuurders, ook in de veiligheidsregio’s. Dus er is intensief en veelvuldig contact. We hebben nu gezien dat het RIVM de schaarste heeft weggeredeneerd waardoor de zorgmedewerkers in de kou staan. Als ze nu vragen om veilige maskers zowel voor de patiënt als voor henzelf laten de zorgbestuurders hen in de kou staan. Dat is onacceptabel. Ik zou u toch willen verzoeken om wel iets te doen, die handschoen op te pakken en dit belangrijke signaal aan de bestuurders over te brengen.) Ik zie mijzelf er een rol in hebben mij ervan te vergewissen dat partijen aan tafel zitten en dit type onderwerpen goed met elkaar bespreekt. Dat hebben we gedaan. Ik zie dat er landelijk echt overleg over is en in de ROAZ wordt goed bijgehouden of er bijvoorbeeld genoeg middelen zijn en welke dat moeten zijn.
Ik vind het niet aan de gemeente om vervolgens tegen deze partijen te zeggen, overigens, u moet de FFP2maskers beschikbaar stellen voor die en die groep of type handschoen zus en zo. Zo kunnen we nog wat meer materialen benoemen. Dat kunnen die deskundigen uit die sectoren van de zorg echt veel beter beoordelen dan de gemeente. Ik denk dat we die rollen zuiver moeten houden. Wij kunnen ons gelukkig prijzen dat de partijen in deze regio echt goed bij elkaar zitten. (De heer FLENTGE: Ik vind dat jammer, ik vind dat jammer. Ik vraag ook helemaal niet of u op de stoel van de besturen van zorginstellingen wilt gaan zitten. Ik vroeg alleen maar, als een zorgmedewerker om zo’n masker vraagt, dat u die zorgmedewerker steunt. Dat is de vraag die ik bedoel. Je kunt natuurlijk zeggen, waarom zou een zorgmedewerker niet degene zijn die goed kan inschatten welk masker hij of zij nodig heeft. Ik vind het jammer dat u die handschoen niet oppakt. Het zou een kleine moeite zijn. Dus ik hoop nog steeds dat u daartoe wel bereid bent. Helaas zie ik tot dusver weinig beweging.)
29
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
Tot slot: omdat ik niet kan beoordelen of dat in alle gevallen een terechte vraag is van de zorgmedewerkers. Ik wil u geloven. U heeft duidelijk onderzoek gedaan naar FFP2maskers. Alleen, de gemeente is nooit in staat om te zeggen, luister eens, wie er ook om vraagt, die moet je altijd bedienen want die ene medewerker kan dat zelf goed inschatten. Daarover zijn belangrijke afspraken met de sector gemaakt. Ik begrijp ook dat men op die manier opereert. Ik vind het belangrijk dat dat echt op basis van deskundigheid gebeurt. Ik zie dat dat is geborgd juist binnen die branches. Dus het is belangrijk dat dat gesprek plaatsvindt. Ik vind dat de gemeente geen rol heeft om het ene type materiaal of het andere type aan medewerkers verplicht beschikbaar te stellen op het moment dat ze daarom vragen. Dat is echt aan de branche en aan de zorg zelf. Ik zeg het overigens heel erg technisch en daaraan wil ik een ding toevoegen. Ik snap natuurlijk heel goed dat al die mensen die nu in de zorg werken zich ook zorgen maken over hun eigen veiligheid. Zeker als je bedenkt dat in de eerste golf met name in de VVT-sector mensen zich heel lang heel erg onbeschermd hebben gevoeld en eigenlijk hebben gevoeld alsof ze achter in de rij stonden. Dat was heel akelig. Dus ik snap heel goed dat die mensen kampen met constante zenuwachtigheid.
Daarom vind ik het ook zo belangrijk dat met name de VVT vanuit dat perspectief goed aan tafel zit. Dus ik wil met mijn technische, wat formele antwoord niet te niet doen dat ik de zorg van de mensen op de vloer echt wel goed begrijp. Ik wil nog ingaan op een andere vraag van de SP. Kunnen wij in Amsterdam of in een stadsdeel van Amsterdam ook niet grootschalig testen zoals dat in Lansingerland is gebeurd? Daarop is het antwoord dat de strategie door het RIVM wordt bepaald ook op het moment dat je zo’n type actie zou doen. Op dit moment ziet men geen aanleiding in Amsterdam zoals die er was in Lansingerland om over te gaan op zo’n actie. Het asymptomatisch testen is zonder aanleiding eigenlijk weinig effectief. Dat is de gedachte vanuit het RIVM die daarachter zit. Wij volgen dat. We doen zoals u weet, niet een eigen teststrategie. We volgen het landelijke beleid op dat punt. (De VOORZITTER: Voordat u verder gaat, wil de heer Flentge u nog een keer interrumperen. Ik wil de heer Flentge erop wijzen dat interrupties volgens het Reglement van orde bestaan uit een vraag zonder inleiding of een korte opmerking. Dus graag nu een korte interruptie.) (De heer FLENTGE: Dan is de vraag natuurlijk wat de aanleiding was van het RIVM om Rotterdam Charlois te gaan testen.) Dat is een hele specifieke casus waarnaar u mij vraagt die ik niet paraat heb.
Ik zal kijken of ik dat kan meenemen de volgende keer dat we u informeren over de situatie. Daarin wil ik u graag bedienen maar ik heb de casus Charlois niet voor me liggen. (De heer FLENTGE: Ik vraag juist om Charlois omdat daar alleen maar aan de hand van metingen in het rioolwater is besloten extra testen in te voeren. In Lansingerland was er een duidelijke aanleiding, in Charlois niet. Dus dan zou het zo kunnen zijn als er in Charlois ook geen specifieke aanleiding was, dat Amsterdam daar ook toe behoort. Ik hoop dat de wethouder dat toch wil bekijken of dat ook voor Amsterdam mogelijk zou zijn.) U ziet het alsof er voor Amsterdam kansen zijn, maar er moet wel echt een aanleiding zijn waarom je zoiets doet. En die ontbreekt op dit moment. Het RIVM heeft echt alle cijfers over Amsterdam zoals het die ook had voor Lansingerland en Charlois. Dat is mede gebaseerd op het feit dat asymptomatisch testen op dit moment nog niet wordt gezien door de deskundigen als heel effectief. Dus zodra er informatie uit Amsterdam komt die wel aanleiding geeft om zoiets te doen, dan zal het RIVM daarin een andere keuze maken en dan zal de gemeente in de uitvoering daarop meteen acteren. Dus dat is de volgorde.
30
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
Verschillende partijen, het CDA en ook BIJ1, hebben aandacht gevraagd voor de positie van ongedocumenteerden en dat vind ik ontzettend fijn. Dat is een groep die je in deze situatie niet mag vergeten. Ze moeten zeker worden gevaccineerd. Dat staat buiten kijf. En ze worden ook niet overgeslagen op dit moment. Zoals u weet, worden op dit moment alleen nog maar de zorgmedewerkers gevaccineerd en mensen van 85+ in verzorgingstehuizen. De ongedocumenteerden behoren over het algemeen niet tot die groepen. Maar er zal wel snel een strategie moeten komen om ook met hen aan de slag te gaan en daar vragen wij ook om bij het rijk. We dringen daarop aan en het wordt ons ook bevestigd dat die daar komt. We blijven daarop aandringen. We kunnen daar zelf ook over nadenken. Het gaat er natuurlijk over dat je mensen goed moet bereiken. Dat kan ook. Daarvoor hoef je geen BSN te hebben of iets. We hebben natuurlijk een heel nauw netwerk van partners om mensen te bereiken. We kunnen met de mobiel heel veel doen. Dus ik ga me daar echt hard voor maken. Op het moment dat er een strategie of een plan ligt, dan zal ik die u zeker doen toekomen. (De VOORZITTER: Het college is ook echt door zijn spreektijd heen. We moeten door want er staan nog heel veel agendapunten. Ik zou u willen vragen als er nog openstaande vragen zijn, die nu te beantwoorden en dan gaan we door naar de volgende wethouder.
U bent niet de laatste.) Ik doe mijn best. BIJ1 vroeg of mensen met een beperking ook kunnen worden getest en ze wees op de moeilijkheid om soms naar een testlocatie te komen die verder weg is. Dat kan. Veel mensen kiezen over het algemeen voor eigen vervoer uit hun netwerk. Juist om het laagdrempelig te maken hebben we ervoor gezorgd dat er meerdere locaties zijn. We werken ook met bussen zodat we dichtbij mensen kunnen komen en we testen ook bij mensen thuis, nog steeds elke dag. Dus een combinatie van maatregelen moet ervoor zorgen dat mensen met een beperking ook een test kunnen krijgen en niet van het AOV gebruik hoeven maken – dat is vaak niet veilig. Tot slot de laatste vraag over veilig thuis. Dat is een zorg. Juist omdat mensen weer meer op elkaar zitten. Dus wij intensiveren de campagnes om de meldingsbereidheid te verhogen zoals we dat ook in het voorjaar hebben gedaan en we zorgen dat we echt goed bereikbaar zijn voor mensen die in de knel zitten. Niet alleen door de telefoon te pakken maar ook via de app en via al die informele zorgorganisaties die echt een hele goede toegang hebben. Daarmee hebben we veel ervaring opgedaan tijdens de eerste golf. En er is nog altijd een apotheekgroep. Die wordt niet veel gebruikt, maar die is er wel. Tot zover. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Moorman.
Ook haar wil ik vragen de aan haar gestelde vragen beknopt te beantwoorden het liefst zonder uitgebreide inleiding. Motie nr. 001.21 moet nog van een preadvies worden voorzien. Wethouder MOORMAN: Ik ga de vragen aflopen en ik zal ze zo snel mogelijk beantwoorden. De eerste vraag van het lid Ernsting over schooladviezen, en daarnaar vroegen meerdere leden. Dit heeft natuurlijk impact. Vanmiddag is er een persbericht uitgegaan van het OSVO dat de schooladviezen van de basisscholen met twee weken zijn uitgesteld tot 1 maart. Dat betekent dat scholen langer de tijd hebben om de toetsen af te nemen. Overigens hebben de meeste scholen dat al wel gedaan. Ik denk dat inmiddels zo’n 75 tot 80 procent van de scholen daarmee bezig zijn of al hebben gedaan. De verwachting is dat dat voor 1 maart goed afgerond moet kunnen zijn. Ik denk dat u ook doelt op het effect op schooladviezen. Dat is er natuurlijk. Deze Citotoetsen zijn echt anders dan de toetsen in het verleden. Die kun je niet zo maar naast elkaar leggen. Dat weet het onderwijs ook. Ik ben heel veelvuldig met zowel het basisonderwijs als het voortgezet onderwijs in
31
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
gesprek. Men heeft mij aangegeven zo kansrijk mogelijk te gaan adviseren maar ze zullen ook kansrijk begeleiden. Je kunt misschien wel een hoger advies krijgen dan je toets aangeeft, maar als je allerlei hiaten hebt opgelopen, dan ben je er nog niet bij gebaat om dat te doen want dat zou zo maar tot een mislukking kunnen leiden. Dus het begeleiden en dat zal langdurig moeten gebeuren, is zeker van belang. U heeft dat ook kunnen lezen in het pleidooi dat ik heb gehouden met de wethouders uit de andere G4-steden. Dit vindt natuurlijk niet alleen in de grote steden plaats maar dit geldt voor het hele land. De heer Boomsma verwees daar ook naar. Dan motie nr. 001.21 van de D66-fractie. Ik vind het een sympathiek idee. Het gebeurt ook al veelvuldig in de stad. Je ziet veel solidariteit in de stad en je ziet het juist bij studenten die tijd over hebben. Ik vind het ook wel goed om dat wat beter in kaart te brengen en te kijken waar we nog dingen kunnen verbinden die op dit moment een kans bieden. Ik wil hier graag positief adviseren. Dan had de heer Mbarki drie specifieke vragen. Ten eerste inzicht in de extra middelen. Wij hebben die 210 miljoen euro die landelijk beschikbaar is gesteld voor extra hulp in het onderwijs plus nog een bedrag voor inhaalondersteuningsubsidie. Daarvan wordt in de stad goed gebruik gemaakt.
Dat gaat overigens wel rechtstreeks naar de scholen dus dat komt niet bij de gemeente terecht. Dat helpt op korte termijn zeker. Zoals ik u eerder heb laten weten, moeten we niet alleen kijken naar het nu maar we moeten zeker kijken naar het straks ook omdat we de ongelijkheid enorm zien toenemen. Verzuimmeldingen kunnen nog steeds worden gedaan maar net als bij de eerste lockdown is het vooral zaak te kijken hoe scholen zo goed mogelijk kunnen worden ondersteund op het moment dat er sprake is van online afwezigheid. Dus we hebben hetzelfde regime als destijds. Daarbij is het aantal meldingen dat wordt geregistreerd als verkeerd, wel lager. We moeten daarmee op een andere manier omgaan. We proberen scholen zo goed mogelijk bij te staan. De sneltesten. U weet dat er op dit moment pilots lopen om te kijken of dat kan helpen om scholen weer zo snel mogelijk open te krijgen. Dat vindt plaats op zo’n tien tot vijftien scholen – overigens niet in Amsterdam. Zodra daarover meer kennis is, zal ik dat de raad laten weten. Het is belangrijk alles in het werk te stellen om scholen zo snel mogelijk weer open te krijgen als dat enigszins behapbaar is. De impact van de schoolsluiting is echt heel groot en er zijn inmiddels meerdere onderzoeken die dat aantonen. De heer Flentge had dezelfde vragen. De heer Veldhuyzen ook.
Dan kom ik tot slot bij de heer Boomsma en zijn zeer terechte vragen over zomerscholen. Daar is een zeer intensief programma gedraaid tijdens de zomer, Midzomermokum. Een afgeschaalde versie daarvan tijdens de kerstvakantie omdat er toen minder mogelijk was. Maar we hebben gelukkig wel iets kunnen laten doorgaan, Midwintermokum. U heeft eerder een evaluatie ontvangen over Midzomermokum die laat zien dat dat echt ontzettend positief is geweest. We zijn zeker van zins dat deze zomer ook door te zetten. Ik hoop dat hiermee alle vragen zijn beantwoord. De VOORZITTER: Dan zijn we volgens mij aan het einde gekomen van de eerste termijn van deze actualiteit. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik merk wel op dat de spreektijden een beetje beginnen op te raken. Ik zie dat de heer Ernsting behoefte heeft aan een tweede termijn. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Ernsting.
32
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
De heer ERNSTING: Het is een ongelooflijk belangrijk onderwerp en we hebben het er lang over gehad en terecht. Ik wil graag recht doen aan mijn collega’s die denk ik over de avondklok een goede discussie hebben gevoerd. Ik denk dat het belangrijk is dat ook te erkennen. Ik wil daarom de motie van D66 en GroenLinks over de avondklok wijzigen en een accentmotie indienen door het besluit over de proportionaliteit en het oordeel over die proportionaliteit te schrappen. Dan blijft over het verzoek aan het college om die constateringen over te brengen aan de Tweede Kamer. Ik hoop daarmee recht te doen aan wat de collega’s daarover hebben gezegd. Ik denk dat het terecht is wat de burgemeester zei dat er heel veel overeenstemming is over de zorgen die er breed in de raad leven over het instellen van zo’n avondklok als dat zou gebeuren. Ik hoop dat de collega-raadsleden dat herkennen en dat ze daarmee breed kunnen instemmen met die motie. Ik doe dit voorstel mede namens de heer Van Dantzig. De motie-Van Dantzig e.a. (nr. 022.21) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 72° Motie van de leden Van Dantzig, Ernsting, Van Lammeren, Taimounti, Veldhuyzen, Kreuger en Van Soest inzake bezwaren tegen een avondklok (nr. 022’.21) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:
-
deze constateringen bij de Tweede Kamer onder de aandacht te brengen opdat deze bezwaren en de praktische uitwerking van een avondklok in de Amsterdamse context worden meegewogen bij de finale afweging voor een avondklok in de Tweede Kamer.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: JA21 heeft net twee moties ingediend die zich keren tegen een avondklok. Laat daarbij wel een ding voorop staan. Als er zo meteen een avondklok komt, als die avondklok de regel wordt, dan is dat gewoon de regel en dan zullen mensen zich daar allemaal aan moeten houden. Nogmaals, ik vind het heel kwalijk dat er net door twee partijen, de VVD en de PvdA de suggestie wordt gewekt dat wanneer mensen zich daar niet aan houden, dat het dan door de partijen komt die dit soort moties indienen. Wij roepen echt heel nadrukkelijk op dat mensen zich aan de regel moeten houden als die avondklok de regel wordt. Dus graag in het vervolg niet meer dit soort dingen doen. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Ik hoef niet het woord te voeren. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Als ik het goed begrijp, wijzigt u de motie zo dat de Amsterdamse raad daarmee geen oordeel meer uitspreekt over de proportionaliteit van de
33
Jaar 2021 Gemeente Amsterdam Afdeling 2 Gemeenteraad Vergaderdatum 20 januari 2021 Raadsnotulen
R
avondklok maar dat laat aan de Tweede Kamer en het kabinet, maar wel vanuit Amsterdam haar zorgen wil overbrengen over de effecten van de uitwerking. Mij lijkt dat een zuiver onderscheid dat u maakt. U kunt als raad wel degelijk uw zorgen hebben over het effect van een bepaalde maatregel. De VOORZITTER: Dan zijn we daarmee aan het einde gekomen van dit agendapunt. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger voor een punt van orde. De heer KREUGER: Ik weet niet of dit het goede moment is, maar agendapunt 21, daar heeft D66 geen spreektijd meer en ik wilde daar ook het woord voren maar ik zit ook een beetje krap. Ik verzoek dus dat punt door te schuiven. De VOORZITTER: Wij kijken even in het Reglement van orde. Voordat we een heel ordedebat gaan voeren het volgende. In principe is het uitgangspunt dat de raad aan het begin van de vergadering de agenda vaststelt. De volgorde van de agendapunten kan tussentijds eventueel wel worden gewijzigd per ordevoorstel, maar als iets eenmaal op de agenda staat, staat het op de agenda. Als er geen leden meer zijn die daarover het woord willen voeren, dan wordt het punt onbesproken gelaten. Iedereen heeft natuurlijk beperkte spreektijd en daarmee kan iedereen rekening houden. Er zijn veel raadsleden die ervoor hebben gekozen over twee actualiteiten het woord te voeren. Een groot deel van de reguliere agenda hebben we nog niet behandeld.