CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20000912 GEMEENTE Instructie-voor-de-vaststelling-en-aanpassing-van-de-schaduwgrondwaarde-en-instructie-voor-de-vooruitbetaling-van-de-canon

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 13 maart 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het beleid Grondwaardebepaling voor bestaande erfpachtrechten 2024 en kennisnemen van de daaruit voortvloeiende lijst met buurtstraatquotes 2024. (VN2024-001621)1.992 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

0065

bijlage 1 instructie voor de vaststelling en aanpassing van de schaduwgrondwaarde en

instructie voor de vooruitbetaling van de canon (per 1 januari 2001)°

Nr. 12

Instructie voor de vaststelling en aanpassing van schaduwgrondwaarden en instructie voor de

vooruitbetaling van de canon. Extract

uit het boek der besluiten van

Burgemeester en Wethouders van Amsterdam Amsterdam,

Op voorstel van de Wethouder voor de Grondzaken neemt de vergadering het volgende besluit: Burgemeester en Wethouders van Amsterdam, Gelet op hun besluit van 12 september 2000, ROIB 2000/9022;

Overwegende, dat: het noodzakelijk is om de instructie voor de vaststelling en aanpassing van schaduwgrondwaarden

-

en

instructie voor de vooruitbetaling van de canon aan te passen aangezien er een verwijzing naar

een verkeerd artikel

in staat en een van de variabelen in de formule voor het berekenen van de

netto contante waarde van de reductie als gevolg van de ingroeiregeling canonherziening einde

tijdvak niet benoemd is,

BESLUITEN:

in te trekken hun besluit van 12 september 2000, ROIB 2000/9022, zij het dat het toen

I

ingetrokken besluit ingetrokken blijft;

Il

vast te stellen de navolgende

INSTRUCTIE VOOR DE VASTSTELLING EN AANPASSING VAN DE SCHADUWGRONDWAARDE

1.

De schaduwgrondwaarde is bij aanvang van een tijdvak gelijk aan de voor het betreffende tijdvak

overeengekomen respectievelijk door de gemeente en/of deskundigen vastgestelde grondwaarde. 2.

De schaduwgrondwaarde wordt jaarlijks aan de waardeontwikkeling van het geld

aangepast door

de geldende schaduwgrondwaarde te vermenigvuldigen met een voor elk kalenderjaar door

Burgemeester en Wethouders vast te stellen aanpassingscoéfficiént.

>

Deze instructies zijn op 12 januari 2001 door het college van Burgemeester en Wethouders vastgesteld.

Werkinstructie 2: vooruitbetaling van de canon (afkoop) per 7 januari 2001 Versié 31.01.2001

25

0065

3.

4.

Deze jaarlijkse aanpassingscoéfficiént wordt berekend door toepassing van de formule:

F,

=(G/H)- 0,01

F,=

aanpassingscoéfficiént in jaar t;

G

=consumentenprijsindexcijfer* in het jaar voorafgaande aan de aanpassing:

H

=consumentenprijsindexcijfer in het 2° jaar voorafgaande aan het jaar van aanpassing

In afwijking van het gestelde onder 2 en 3 wordt by tussentijdse wijzigingen van het recht van

erfpacht die een herziening van de canon tengevolge hebben, de schaduwgrondwaarde aangepast door toepassing van de formule:

N=M+(0-P) waarin voorstelt: N=

schaduwgrondwaarde na herziening schaduwegrondwaarde welke geldt op het moment voorafgaande aan de herziening O= de op het moment van herziening geldende grondwaarde met het oog op het gewijzigd gebruik en/of de gewyzigde bebouwing P= de op het moment van de herziening geldende grondwaarde met het oog op het op het moment van de herziening toegestane gebruik, respectievelijk de toegestane bebouwing. M=

5.

De aangepaste schaduwgrondwaarde wordt naar boven afgerond op hele euro’s. Tot 1 januari

2002 dient voor “euro’s” gelezen te worden “guldens”. 6.

De schaduwgrondwaarde van een perceel wordt jaarlijks vastgesteld, in de administratie van het

Gemeentelijkk Grondbedrijf vastgelegd en schriftelijk ter kennis gebracht van de erfpachter. Betreft het een nieuwe schaduwgrondwaarde op grond van de wijziging van het recht van erfpacht als bedoeld onder 4 dan wordt tevens de ingangsdatum van de wijziging vastgelegd in de administratie van het Gemeentelijk Grondbedryf.

III

vast te stellen de navolgende

INSTRUCTIE VOOR DE VOORUITBETALING VAN DE CANON Deze instructie is van toepassing op alle rechten van erfpacht uitsegeven onder alzemene bepalingen

erfpacht, niet zijnde algemene bepalingen voor woningcorporaties, van de gemeente Amsterdam, op grond waarvan vooruitbetaling van de canon mogelyk is.

voor

1.

a.

Afkoopsom bij aanvang en gedurende de looptijd van een tijdvak van 50 jaar. Het bedrag van vooruitbetaling van de canon (afkoopsom) bij aanvang van een tijdvak van 50 jaar

is gelijk aan de voor het betreffende tijdvak overeengekomen respectievelijk door de gemeente en/of deskundigen vastgestelde grondwaarde.

§

Consumentenprijsindexcijfer, reeks voor alle huishoudens voor de maand juni van het jaar voorafgaand aan de aanpassing, zoals de waarde wordt bekend gemaakt door het Centraal bureau voor de statistiek of, bij gebreke daarvan, door een ander onafhankelijk instituut.

Werkinstructie 2: vooruitbetaling van de canon (afkoop) per 7 januari 2001 Versié 31.01.2001

26

0065

b.

De afkoopsom verschuldigd by aanvang van de afkoopperiode die betrekking heeft op het lopende

tijdvak van 50 jaar, wordt berekend door toepassing van de formule: A=B*d

*(1+i)'-1 *(1+i)* (iti (+i*-l

t

2

waatin voorstelt:

t jaar schaduwegrondwaarde, zoals opgenomen in de administratie van het Gemeentelijk Grondbedriyf, geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop; d= canonpercentage als bedoeld in art. 7 van de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 2000 Amsterdam en vastgesteld door Burgemeester en Wethouders (gedeeld door honderd), geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop; i= het afkooppercentage, zoals door Burgemeester en Wethouders vastgesteld is (gedeeld door honderd), geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop: t= het aantal jaren van de vooruitbetaling. A= afkoopsom voor een periode van B

=

Indien de canon vooruitbetaald is en er tijdens het erfpachttijdvak een wijziging van het recht van

erfpacht plaatsvindt die een herziening van de canon tengevolge heeft, dan dient ook de canonverhoging by vooruitbetaling te worden voldaan. De afkoopsom voor de canonverhoging wordt berekend door toepassing van de formule: X=

(O-P)*d *(1+i!-1* 2

(1

+i)

(+i! (1+i)*-1

waarin voorstelt: X

=

afkoopsom voor de canonverhoging na de herziening;

O

=

de op het moment van herziening geldende grondwaarde met het oog op het gewijzigd

gebruik en/of de gewijzigde bebouwing: P =de op het moment van de herziening geldende grondwaarde met het oog op de op het moment van de herziening toegestane gebruik, respectievelijk de toegestane bebouwing; d= canonpercentage als bedoeld in art. 7 van de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 2000 en vastgesteld door Burgemeester en Wethouders (gedeeld door honderd), geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop; i= het afkooppercentage zoals dat door burgemeester en Wethouders vastgesteld is (gedeeld door honderd), geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop; t= het aantal jaren van de vooruitbetaling

Verlengd tijdvak: Verlenging van een tijdvak in de zin van artikel 11 van de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 1994 is slechts mogelijk voor rechten van erfpacht waarop de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 1994 Amsterdam van toepassing zijn’. Het bedrag van vooruitbetaling van de canon (afkoopsom) verschuldigd bij aanvang van de

afkoopperiode, dat betrekking heeft op een verlengd tijdvak, wordt berekend door toepassing van de volgende formule: ?

Vooruitbetaling van de canon voor maximaal honderd jaar is in alle andere gevallen slechts mogelijk in bijzondere situaties, te beoordelen door de Gemeenteraad die daarbij tevens de hoogte van de afkoopsom vaststelt.

Werkinstructie 2: vooruitbetaling van de canon (afkoop) per 7 januari 2001 Versié 31.01.2001

27

0065

A=B*d 2

*(0+i)™-1* G+i)* ad+p™ (1+i)* -l

+Q0

waatin voorstelt: A= de afkoopsom voor een periode van t-v jaar B

=

de schaduwgrondwaarde, zoals opgenomen in de administratie van het Gemeenteliyk

Grondbedrijf, geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop; d= het canonpercentage als bedoeld in art. 7 van de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 2000 Amsterdam en vastgesteld door Burgemeester en Wethouders, geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop, gedeeld door honderd; i= het afkooppercentage, zoals door Burgemeester en Wethouders vastgesteld is, geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop, gedeeld door honderd; t= het aantal jaren van de vooruitbetaling v het aantal jaren waarmee het lopende erfpachttijdvak wordt verlengd; Q het gedeelte van de afkoopsom dat betrekking heeft op de verlenging van het lopende erfpachttidvak. =

=

c.

Het gedeelte van de afkoopsom met betrekking tot de verlenging van het erfpachttijdvak wordt

berekend door toepassing van de formule:

Q

=

Aso * (w/50) * sO * 1.040"

waatin voorstelt:

Q =het gedeelte van de afkoopsom dat betrekking heeft op de verlenging van het lopende erfpachttydvak; Aso het bedrag van vooruitbetaling voor een periode van 50 jaar op het moment van uitgifte; v het aantal jaren waarmee het 50-jarige tijdvak is verlengd; n het aantal jaren dat binnen het lopende erfpachttijdvak is verstreken; =

=

=

s

=

het hierna bedoelde percentage (gedeeld door 100).

De afkoopsom die betrekking heeft op de verlenging van het erfpachttijdvak met 50 jaar, wordt

bepaald als een percentage van de afkoopsom voor het volledige, oorspronkelijke tijdvak van 50 jaar; dit percentage (toeslag) wordt jaarlikks door Burgemeester en Wethouders vastgesteld; de factor Q wordt vastgesteld met een toeslag die geldt op het moment van berekening; indien een eerste erfpachttydvak een looptijd heeft anders dan 50 jaar of in geval een tussentijdse canonverhoging bij wijziging van het recht met een resterende looptijd die van 50 jaar afwijkt, dient voor het vaststellen van de factor Q in overleg met het Gemeentelijk Grondbedrijf een correctie te worden toegepast. 3.

Ingroeiregeling canonherziening einde tijdvak

a.

Op grond van de ingroeiregeling canonherziening einde tijdvak komen ook erfpachters die de canon voor hun herziene recht van erfpacht bij vooruitbetaling wensen te voldoen, in aanmerking voor de reductieregeling. Op de afkoopsom berekend volgens onderdeel 1. van deze instructie wordt in dat geval de netto contante waarde van de reductie in mindering gebracht.

b.

Deze netto contante waarde van de reductie wordt berekend door toepassing van de formule: R=

(kh) 2

R

=

*(14Hi)*1*

@H)'

* 1. (4i)" + (em) *(1H)"1* 4H)" 2 (H)*-1 (H)*® (4i)*-1 (14)

netto contante waarde van de reductie;

Werkinstructie 2: vooruitbetaling van de canon (afkoop) per 7 januari 2001 Versié 31.01.2001

28

0065

k

=

de herziene canon zoals verschuldigd bij aanvang van het nieuwe erfpachttijdvak op basis van

jaarlijkse canonaanpassing; h ingroeicanon 1° jaar; m ingroeicanon 2°jaar; =

=

t=nog resterende duur van de ingroeicanon 1° jaar (minimaal 0; maximaal 1); u nog resterende duur van de ingroeicanon 2° jaar (minimaal 0; maximaal 1); i= het afkooppercentage, zoals door Burgemeester en Wethouders vastgesteld is (gedeeld door honderd), geldend 6 maanden voorafgaand aan het aanvangsmoment van afkoop. =

De afkoopsom wordt naar boven afgerond op hele euro’s. Tot 1 januari 2002 dient voor “‘euro’s

”

gelezen te worden “guldens”. Indien de vooruitbetaling van de canon (afkoopsom) wordt voldaan na aanvang van de

afkoopperiode is de erfpachter wettelijke rente verschuldigd vanaf de aanvangsdatum van die periode. Wanneer de wettelijke rente een lager percentage heeft dan het canonpercentage zoals geldend voor de indexcanon dan zal het laatstgenoemde percentage worden gehanteerd. Indien de afkoopsom wordt ontvangen na de aanvang van de in de afkoopofferte vermelde datum dan wordt de overeenkomst tot vooruitbetaling van de canon geacht niet te zijn tot stand gekomen dan na betaling van de verschuldigde rente als bedoeld in onderdeel 5. van deze instructie. Indien deze betaling achterwege blijft, is de directeur van het Gemeentelijk Grondbedrijf bevoegd de

afkoopsom zonder verrekening van rente terug te storten en wordt de halfjaarlijkkse canontermijn ingevolge artikel 6 van de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 2000 Amsterdam geacht onmiddellyk opeisbaar te zijn; het is niet toegestaan een afkoopsom overeen te komen voor een periode die aanvangt op een latere vervaldag dan de eerste nog niet verschenen vervaldag van de canontermijn; de

afkoopperiode kan slechts aanvangen op een vervaldag van een canontermijn; om met

gebnukmaking van het bepaalde in lijst A, behorende bij de Verordening op de

stadsdelen, onderdeel III, Grondzaken, punt C onder i., het in dit besluit verwoorde beleid in de vorm van een aanwijzing aan de stadsdeelbesturen op te leggen; de directeur van het Gemeentelijk Grondbedrnyf te machtigen om: a.

de schaduwgrondwaarden vast te stellen en deze jaarlijks aan de waardeontwikkeling van het geld aan te passen overeenkomstig het bepaalde onder II van dit besluit:

b.

de bedragen verschuldigd wegens vooruitbetaling van de nog niet verschenen

erfpachttermijnen, overeenkomstig het bepaalde onder III van dit besluit te doen berekenen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbiy deze vooruitbetaling wordt

geregeld; dat dit besluit in werking treedt met ingang van 1 januari 2001; VU.

dat dit besluit zal worden gepubliceerd in het Gemeenteblad, afdeling 3.

Afschrift

van

dit besluit zal worden gegeven

aan

de Bestuursdienstsectoren

ROIB,

Concern

(Financién), de stadsdelen en de Dienst ACAM. Voor eensluidend extract,

de Gemeentesecretaris,

Werkinstructie 2: vooruitbetaling van de canon (afkoop) per 7 januari 2001 Versié 31.01.2001

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13904131/1