CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Verkenning Reclaim Centrum versie april 2025.pdf

Raadscommissie Stadsontwikkeling 26 november 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het initiatiefvoorstel Reclaim het Centrum (VN2025-012639)14.093 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

30

In de notitie wordt ook gepleit om geen medewerking meer te verlenen aan het omzetten van de bestemming Maatschappelijk naar panden met de ruimere bestemming ‘Gemengd’. Hiervoor is een stappenplan (zie bijlage 1) opgesteld, waarbij de eigenaar verantwoordelijk wordt om binnen de bestemming een passende functie te vinden. Een eigenaar kan een afwijkende aanvraag indienen, maar de medewerking hiervoor hangt af van de beleidsdoelstellingen van de gemeente en de bestuurlijke wenselijkheid. Indien een afwijking wordt verleend, wordt dit vastgelegd in een overeenkomst die de maatschappelijke bestemming van het pand waarborgt en beperkingen oplegt aan de overdracht en wijziging van het gebruik.

Conclusie 1.4

Steward Ownership is een interessante vorm dat kan worden ingezet bij de ideeën en voorstellen uit dit hoofdstuk om teruggewonnen ruimten duurzaam te beschermen tegen commercialisering. Stadsdeel Centrum zou zich moeten verdiepen in het SO-model, zodat zij ondernemers in de binnenstad die de pensioenleeftijd naderen, kunnen wijzen op de mogelijkheden en voordelen hiervan. We Are Stewards kan gevraagd worden hier een presentatie over te geven in het overleg van de gebiedsteams. Het juridisch vastleggen van maatschappelijke functies in bestemmingsplannen voor de lange termijn hoeft door de totstandkoming van bijgevoegde stappenplan niet verder onderzocht te worden. De bestemming Maatschappelijk wordt met dit stappenplan namelijk al beschermd.

31

2 De gezamenlijke kracht van ankerinstituties De Amsterdamse binnenstad is rijk aan ankerinstituties die, zowel op economisch als sociaal vlak, een essentieel fundament voor de stad vormen. Deze diepgewortelde organisaties, waaronder ziekenhuizen, culturele instellingen, lokale ondernemers en universiteiten versterken de economische en culturele dynamiek van onze stad aanzienlijk. Deze instituties hebben de Amsterdammers nodig, net zoals Amsterdammers afhankelijk zijn van hun aanwezigheid en inzet. Veel ankerinstituties proberen al bij te dragen aan het oplossen van uitdagingen van de binnenstad. In het initiatiefvoorstel en de raadsinformatiebrief wordt de ambitie uitgesproken om de krachten van deze betrouwbare partners te bundelen. Bijvoorbeeld door het maken van afspraken over gezamenlijk lokaal inkopen, talentontwikkeling en eerlijk werkgeverschap in de buurt. Door nog meer in te zetten op de samenwerking met deze Amsterdamse partijen versterkt niet alleen de lokale economie, maar zo versterken ze ook elkaar. In dit hoofdstuk wordt de cruciale rol van ankerinstituties in Amsterdam belicht en wordt onderzocht hoe zij nog meer impact kunnen maken in de lokale economie. Het begint met een definitie van het begrip ankerinstituties, gevolgd door een toelichting van het concept Community Wealth Building, dat de basis vormt van het initiatiefvoorstel.

Na deze theoretische achtergrond worden vervolgens de mogelijkheden verkend om de samenwerking tussen ankerinstituties te versterken door onderlinge afspraken te maken over thema’s als lokaal inkopen en eerlijk werkgeverschap. Deze onderwerpen worden aangedragen in het initiatiefvoorstel als belangrijke thema’s waarover ankerinstituties onderlinge afspraken kunnen maken. Tot slot wordt besproken hoe een nieuw Amsterdams zegel symbool kan staan als erkenning voor de waardevolle positie van ankerinstituties en hen kan motiveren om hun maatschappelijke betrokkenheid verder te vergroten.

32

2.1 De rol van Amsterdamse ankerinstituties De rol van ankerinstituties in Amsterdam is cruciaal voor het versterken van de lokale economie en de sociale cohesie binnen de stad. Deze instellingen, zoals ziekenhuizen, universiteiten en culturele organisaties, zijn diepgeworteld in de gemeenschap. Ze dragen bij aan de economie en voegen een positieve waarde toe aan de stad. In deze paragraaf wordt de definitie van het concept ankerinstituties toegelicht en wordt ingegaan op Community Wealth Building als inspiratiebron van het initiatiefvoorstel.

2.1.1 Definitie van ankerinstituties Ankerinstituties zijn organisaties met een maatschappelijke taak die lokaal geworteld zijn, zoals gemeenten, zorginstellingen, culturele instellingen, ondernemers en scholen. Door hun maatschappelijke positie in de binnenstad vormen deze ankerinstituties betrouwbare partners. Ze spelen een belangrijke rol in de economie dankzij hun omvangrijke inkoop, een groot aantal werknemers en vaak het bezit van vastgoed. Zij hechten ook waarde aan de verbinding met de stad en zij streven ernaar om een positieve bijdrage te leveren. In tegenstelling tot deze ankerinstituties zijn veel grote bedrijven niet lokaal verankerd, omdat hun belangrijkste doel winstmaximalisatie is. Hierdoor kunnen ze ervoor kiezen om te verhuizen naar gebieden met betere economische voordelen.

2.1.2 Community Wealth Building De invloed en meerwaarde van ankerinstituties komt duidelijk terug in het concept van Community Wealth Building (CWB), dat als inspiratie heeft gediend voor het initiatiefvoorstel. Door samen te werken met ankerinstituties zoals ziekenhuizen, onderwijsinstellingen en lokale overheden kan economische bedrijvigheid worden gestimuleerd, wat leidt tot werkgelegenheid en een bredere verdeling van economische waarde. Het uiteindelijke doel is om ervoor te zorgen dat een groter deel van de gegenereerde waarde binnen de lokale gemeenschap blijft, in plaats van naar externe partijen of aandeelhouders te vloeien. Door de verschillen tussen landen en regio’s, onder andere vanuit de geldende regelgeving, kan CWB op elke plek een net wat andere uitvoering krijgen.

33

Community Wealth Building CWB is een economische ontwikkelingsstrategie die gericht is op het creëren van een eerlijke, democratische en lokaal verankerde economie. Het doel van deze strategie is om geldstromen binnen de gemeenschap te behouden door lokaal eigenaarschap en lokale transacties te stimuleren. Een cruciaal aspect is de ontwikkeling van een lokale economische infrastructuur, waarbij grond, vastgoed, geld en vaardigheden gemeenschappelijk worden gebruikt door bewoners, werknemers en lokale instituties.

Nationaal Programma Samen Nieuw-West CWB komt ook terug in het Amsterdamse coalitieakkoord, ‘Community Wealth Building krijgt nadrukkelijk een plaats in alle masterplannen en we onderzoeken hoe we de lokale economische infrastructuur meer ten gunste van de buurten kunnen laten komen.’ In het Nationaal Programma Samen Nieuw-West hebben zeventig lokale en landelijke partners een convenant gesloten waarin de principes van CWB zijn verweven. Met focus op lokaal inkopen, eerlijk loon, werknemerscoöperaties en het delen van vastgoed. Inmiddels is er ook een CWB-programma gestart in Nieuw-West dat bestaat uit de volgende drie pijlers7: ▪

Gezamenlijke inkoop: Alliantiepartners streven ernaar om gezamenlijk in te kopen bij lokale leveranciers in Nieuw-West, bij voorkeur coöperatieve ondernemingen;

▪

Ontwikkelen van (werknemers)coöperaties: Deze pijler richt zich op het opzetten van coöperatieve ondernemingen, voortkomend uit lokale inkoopbehoeften. Dit moet resulteren in een netwerk van werknemerscoöperaties in Nieuw-West. Voorbeelden zijn onder meer het opzetten van een bedrijf in het groenbeheer, catering, bouw en transport/logistiek;

▪

Ondersteunende infrastructuur: Voor een succesvolle uitvoering van de eerste twee pijlers is het essentieel om een ondersteunende infrastructuur op te zetten. Dit omvat hulp bij het opstellen van ondernemingsplannen, het verbinden van vraag en aanbod, gedeelde backoffices, het ontsluiten van financieringsmogelijkheden, ondersteuning in het mee dingen naar aanbestedingen etc. Er is veel ondernemerschap in Nieuw-West, maar de benodigde ondersteuning ontbreekt vaak nog.

7

Community Wealth Building programma Actieplan 2024 – 2025, AD2024-076445

34

Naast Nieuw-West worden er ook in andere stadsdelen, zoals Noord en Zuidoost, gewerkt aan CWB. Er vindt ook uitwisseling plaats tussen deze stadsdelen om geleerde lessen te delen. De verwachting is dat de resultaten ook nuttig zullen zijn voor andere stadsdelen, vooral wat betreft inkoopbeleid en ondersteunende infrastructuur. Tot slot heeft het initiatiefvoorstel ook gezorgd voor meer aandacht voor CWB in het stadsdeel Centrum. Het advies is om het programmateam CWB een presentatie te laten geven in één van de werkoverleggen van het Centrum. Daarnaast zou Centrum ook kunnen deelnemen aan de reguliere uitwisseling tussen Zuidoost, Noord en Nieuw-West.

2.2 Impact maken door krachten te bundelen Amsterdamse ankerinstituties tonen veel bereidheid om onderlinge afspraken te maken over het versterken van de lokale economie en sociale cohesie in de binnenstad. Hoewel verschillende partijen in kleiner verband al met deze thema’s bezig zijn ontbreken er substantiële afspraken om een grotere impact te realiseren. Om als gemeente Amsterdam deze ankerinstituties aan te jagen, is het belangrijk om zelf een voorbeeldrol op te pakken en andere partijen te inspireren. Er zijn twee kansrijke manieren om deze ambitie vorm te geven. Ten eerste door het opzetten van een overlegstructuur vergelijkbaar met die van biz’zen. Ten tweede door het introduceren van een Amsterdamse zegel dat ankerinstituties erkent voor hun waardevolle bijdrage aan de stad.

2.2.1 Voorbeeldrol gemeente Amsterdam Als ankerinstituut in Amsterdam moet de gemeente het goede voorbeeld geven door zelf actief in te zetten op thema’s als lokaal inkopen, talentontwikkeling en eerlijk werkgeverschap. Door dit commitment zichtbaar uit te dragen, kan de gemeente andere ankerinstituties makkelijker overtuigen om zich bij deze afspraken aan te sluiten. Dit is cruciaal, aangezien veel ankerinstituties zich al overvraagd voelen. Om deze voorbeeldrol te vervullen, werkt de gemeente intern al samen aan lokaal inkopen vanuit het programmateam CWB NW en de directie Inkoop. Daarbij wordt geïnventariseerd welke contracten binnenkort afgesloten moeten worden en of deze lokaal kunnen worden aanbesteed. Hierbij wordt ook gekeken of er binnen deze nieuw af te sluiten contracten al samengewerkt kan worden met een of meer ankerinstituties. Dit is een goed voorbeeld hoe de gemeente haar voortrekkersrol in kan vullen.

35

Het advies is aan het programmateam CWB NW en de directie Inkoop om de inventarisatie voort te zetten. Het lijkt daarnaast kansrijk om de sterke positie van de gemeente te benutten door bestaande contracten te herzien, bijvoorbeeld door voor te stellen een deel van de aanbesteding lokaal uit te laten voeren. De verwachting is dat de contractpartners, gezien hun belang bij een goede relatie met de gemeente voor toekomstige opdrachten, bereid zullen zijn hieraan mee te werken. De ambities in het Centrum om lokale initiatieven te versterken bieden de kans om in dit stadsdeel een (eerste) poging te wagen, gesteund door het gedachtengoed vanuit het initiatiefvoorstel.

2.2.2 KCIZ/WIZ (werktitel) Diverse ankerinstituties werken in stadsdeel Centrum al in kleinere groepen aan thema's zoals gezamenlijk inkopen en duurzaamheid. Een mooi voorbeeld van een dergelijke samenwerking is Plantage Amsterdam, waar 19 culturele instellingen hun krachten bundelen. Ze werken samen met buurtverengingen, ondernemingen en andere instellingen op het gebied van gezamenlijke inkoop, beveiliging, catering, duurzaamheid en afvalinzameling. Om deze maatschappelijke waarde nog meer kracht bij te zetten wordt momenteel op initiatief van vijf ankerinstituties vanuit dit samenwerkingsverband een eerste verkenning uitgevoerd naar het opzetten van een KCIZ/WIZ (Kunst en Cultuur Investeringszone of Wetenschappelijk Investeringszone). Dit idee bevindt zich nog in een vroeg stadium (kwartiermakers-fase). Een van de mogelijke vormen die verkend worden is erop gericht een overlegstructuur te organiseren als naast de bestaande biz’zen8, waarin wetenschap, onderwijs en cultuur zijn vertegenwoordigd. Met als doel om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor de binnenstad. De verkenning voor het opzetten van een KCIZ/WIZ sluit goed aan bij het initiatiefvoorstel ‘Reclaim het Centrum’, waarbij onder andere wordt voorgesteld om een structureel overleg te organiseren.

De oprichting van een KCIZ/WIZ is een waardevolle kans om intentieafspraken te maken of een convenant op te stellen over belangrijke thema's, zoals lokaal inkopen, talentontwikkeling, ontmoetingsfuncties, eerlijk werkgeverschap en andere vraagstukken. Hier is begin 2025 een eerste verkennend gesprek over gevoerd tussen met het Stadsdeelbestuur en enkele ankerinstituties. In dit overleg werd

8

Een bedrijveninvesteringszone (biz) is een specifiek afgebakend gebied, zoals een winkelstraat, uitgaansgebied of

bedrijventerrein, waar ondernemers en eigenaren gezamenlijk investeren in de verbetering van hun bedrijfsomgeving. Sinds de invoering van de Wet op de bedrijveninvesteringszone (biz) in 2015 is het aantal biz’zen in Amsterdam gegroeid naar 86 in 2024.

36

gesproken over de mogelijke samenwerking, kansrijke onderwerpen voor uitwisseling, het in kaart brengen van het netwerk en de benodigde vervolgstappen. In het kader van deze verkenning is onder andere met enkele ankerinstituties gesproken over de voorgestelde thema’s uit het initiatiefvoorstel. De input uit deze gesprekken is waardevol voor het nieuw te vormen overleg. Hieronder volgt per thema een aantal inzichten, aandachtspunten en/of kansen: Lokaal inkopen ▪

Om de lokale economie te versterken, is het nodig om gezamenlijke inkoopbehoeften van ankerinstituties in kaart te brengen. Op basis hiervan kunnen gezamenlijke contracten worden aanbesteed aan lokale bedrijven of nieuwe werknemerscoöperaties worden opgericht die deze vraag invullen;

▪

De Amsterdamse economie is breder dan de binnenstad. Door in te kopen in stadsdelen als Nieuw-West, Zuidoost en Noord bevorderen ankerinstituties werkgelegenheid in stadsdelen waar dit extra nodig is;

▪

Europese aanbestedingsregels worden soms als obstakel gezien bij lokaal inkopen, terwijl niet alle ankerorganisaties aanbestedingsplichtig zijn. Door een lokaal component toe te voegen aan aanbestedingen, kunnen ankerinstituties toch kansen bieden aan lokale partijen;

▪

Kleine lokale bedrijven en coöperaties kunnen soms niet zelfstandig mee dingen op grote aanbestedingen. Door samenwerking tussen kleinere bedrijven te stimuleren, kunnen zij gezamenlijk mogelijk toch meedoen aan grotere opdrachten.

Talentontwikkeling ▪

Culturele instellingen in het Amsterdamse nachtleven dragen bij aan talentontwikkeling door talenten een podium te bieden, zoals in Paradiso, Bitterzoet en Melkweg. Amsterdamse clubs bieden ook mogelijkheden voor mensen in een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt, die zo kunnen doorgroeien naar technische of leidinggevende functies. Dit kan als inspiratie worden gebruikt om gezamenlijk als ankerinstituties in te zetten op talentontwikkeling;

▪

Bij talentontwikkeling dient er meer aandacht te worden besteed aan diversiteit en inclusie.

Eerlijk werkgeverschap in de buurt

37

▪

Werknemerscoöperaties dragen bij aan eerlijk werkgeverschap, omdat vanuit dit soort coöperaties gestreefd wordt het bieden van een leefbaar loon, wat hoger ligt dan het wettelijk minimumloon en de bestaanszekerheid vergroot. Dit principe kan ook door de ankerinstituties worden omarmd;

▪

Ankerinstituties kunnen met elkaar inzetten op het aantrekken van Amsterdammers met een afstand tot de arbeidsmarkt, zoals migrantengroepen en ex-gedetineerden;

▪

Ankerinstituties kunnen elkaar aanmoedigen om medewerkers in loondienst aan te nemen in plaats van zzp’ers in te huren.

Beschikbaar stellen van ruimten en stimuleren van ontmoeting ▪

Sommige ankerinstituties stellen uit eigen initiatief hun ruimten al beschikbaar aan maatschappelijke organisaties en kunnen anderen inspireren hetzelfde te doen;

▪

Er ontbreekt nog een overzicht van ruimten die beschikbaar worden gesteld, waardoor het voor maatschappelijke initiatieven niet duidelijk is waar en wanneer zij eventueel ruimte tot hun beschikking kunnen krijgen;

▪

Het is van belang om bestaande energie bij ankerinstituties te verzilveren, zo wordt er momenteel met onderwijsinstellingen (VO) gesproken of het beschikbaar stellen van hun ruimten na sluitingstijd. Deze scholen hebben hier ook belang bij met het oog op ouderbetrokkenheid;

▪

De verwachting is dat geloofsgemeenschappen, de locaties van de sociale basis en ouderensociëteiten open staan voor het beschikbaar stellen van hun ruimten.

Stadslogistiek ▪

Er is voldoende bereidheid in het oude stadshart om samen te werken aan duurzame vormen van logistiek, maar eerdere initiatieven mislukten door factoren zoals: o

gebrek aan structurele financiering en borging;

o

externe omstandigheden (bijv. COVID-19);

o

gebrekkige infrastructuur (bijv. ontbreken walstroom en uitblijven van een parkeerplek voor een gedeelde cargo-fiets);

o ▪

onderlinge concurrentie en gevoeligheid rond bedrijfsinformatie.

Het vooraf inventariseren van logistieke stromen en potentiële hubs is cruciaal om projecten efficiënt op te starten en de energie bij geïnteresseerden vast te houden;

38

▪

Het gebruik van alternatieve bezorgdiensten en elektrische bezorgwagens nemen toe in het Centrum. Collectieve bezorging van verse producten via hubs lijken daarbij het meest kansrijk;

▪

Het is van belang om grote concerns te betrekken. De verwachting is dat kleinschalige ondernemers/partijen dan sneller geneigd zijn aan te haken. Op het gebied van afvalinzameling gaat dit vooralsnog lastig omdat grote concerns hun eigen afvalinzamelaar hebben.

Het is van belang om de energie vanuit de initiatief nemende ankerinstituties de ruimte te geven. Het is cruciaal om deze partijen hun verantwoordelijkheid en eigenaarschap te laten behouden, in plaats van de regierol naar de gemeente toe te trekken. De gemeente kan bijdragen door dit initiatief aan te moedigen, in goed contact te blijven en bij daadwerkelijke uitvoering als ankerinstitutie aan te sluiten. Indien gewenst kan de gemeente faciliteren in het aanbieden van een secretaris of andere faciliteiten.

2.2.3 Het zegel van Amsterdam Naast het aanjagen van ankerinstituties om hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen, is het ook van belang om hun waardevolle bijdragen te erkennen. Het voorstel is om een zegel voor ankerinstituties en lokale bedrijven in het leven te roepen. Dit zegel, dat zichtbaar moet zijn in het Amsterdamse straatbeeld, toont Amsterdammers welke ondernemers en instellingen bijdragen aan de stad. Bijvoorbeeld door lokaal in te kopen, eerlijk werkgeverschap te hanteren en ruimten beschikbaar te stellen voor initiatieven. Met dit zegel worden verschillende ankerinstituties, van lokale ondernemers tot culturele en educatieve instellingen, samengebracht onder één gezamenlijk symbool. De verwachting is dat hiermee een synergistische dynamiek ontstaat, waarin Amsterdamse partijen met dit zegel, elkaar en de lokale economie versterken. Het zegel van Amsterdam heeft een lange traditie als symbool voor de stad en haar rechten. Het oorspronkelijke zegel, dat teruggaat tot de vroege middeleeuwen, werd vooral gebruikt als juridisch bewijs van eigendom en privileges die de stad Amsterdam bezat. Het zegel diende als een teken van legitimiteit en erkenning door de stad aan bepaalde instellingen en personen. Door in de moderne tijd een nieuw zegel in te voeren, sluit Amsterdam aan bij deze historische traditie van erkenning.

Voor kleinere ankerinstituties en lokale ondernemers zou een dergelijk zegel, naast erkenning, ook andere voordelen met zich mee moeten brengen. Bijvoorbeeld: ▪

Huren van beschikbare ruimte bij andere ankerinstituties tegen een gereduceerd tarief;

▪

Toegang tot netwerkevenementen, waar ankerinstituties elkaar ontmoeten en nieuwe samenwerkingen ontstaan;

39

▪

Exposure (o.a. online, bijvoorbeeld op Iamsterdam.nl);

▪

Ondersteuning en, waar mogelijk, een voorkeurspositie bij aanbestedingen door een criterium toe te voegen waardoor partijen met een zegel prioriteit krijgen;

▪

Soepelere voorwaarden voor het verkrijgen van subsidies.

Om de maatschappelijke impact van deze instellingen en bedrijven te benadrukken, kan het zegel verschillende gradaties hebben. Dit systeem maakt het voor Amsterdammers eenvoudig om te zien welke instellingen een grotere bijdrage (of al voor langere tijd) leveren aan de stad. De verwachting is dat de introductie van dit zegel bedrijven en maatschappelijke organisaties stimuleert om hun impact te vergroten en andere partijen zal aanmoedigen hetzelfde te doen. Een aandachtspunt is de systematiek voor het verkrijgen van dit zegel. Ankerinstituties zitten niet te wachten op complexe aanvraagprocessen en administratieve rompslomp. Daarom zou er een systeem ontwikkeld moeten worden dat ankerinstituties niet belast met extra werk. Denk hierbij aan een automatische toekenning voor partijen die duidelijk in aanmerking komen, voordracht door andere instellingen of een eenvoudig aanvraagproces. Het streven is om deze werkwijze tijdig uit te werken, zodat het zegel in het kader van Amsterdam 750 geïntroduceerd kan worden als krachtige erfenis. Bij de 750e verjaardag van Amsterdam kan het zegel voor de eerste keer uitgereikt worden aan diverse Amsterdamse ankerinstituties en zo een nieuwe traditie inluiden. De uitvoering van dit idee kan mogelijk belegd worden bij amsterdam&partners, De Goede Zaak, het Nieuw Amsterdams Verbond of een nieuw op te zetten stichting.

40

Conclusie H2

Community Wealth Building is een belangrijke inspiratiebron geweest voor het initiatiefvoorstel. Dit concept heeft de interesse opgewekt bij het stadsdeel Centrum. Het advies is om het programmateam CWB Nieuw West een presentatie te laten geven in één van de werkoverleggen van het Centrum. Bestaande contracten van de gemeente kunnen mogelijk (deels) worden herzien in overleg met de contractpartijen. Vanuit de ambitie in het Centrum om lokale initiatieven te versterken kan voorgesteld worden een deel van aanbestedingen lokaal uit te laten voeren, startend met een aanbesteding in het Centrum. Het idee voor het bundelen van de krachten van ankerinstituties, is ook iets dat bij de instellingen zelf speelt. Het initiatief KCIZ/WIZ dat momenteel verkend wordt is een mooi voorbeeld van de energie die ontstaan is. Het is van belang om deze energie vanuit de initiatief nemende ankerinstituties de ruimte te geven. De gemeente kan bijdragen door dit initiatief aan te moedigen, in goed contact te blijven en bij daadwerkelijke uitvoering als ankerinstitutie aan te sluiten. Hierbij is een gelijkwaardige inzet, met een open en actief betrokken houding vanuit de gemeente van belang. Indien gewenst kan de gemeente daarnaast faciliteren in het aanbieden van een secretaris of andere faciliteiten.

Het zegel van Amsterdam is een manier om Amsterdamse ankerinstituties erkenning te geven, te versterken en te behouden voor de stad. Het streven is om deze werkwijze tijdig uit te werken, zodat het zegel in het kader van Amsterdam 750 geïntroduceerd kan worden als krachtige erfenis. Bij de 750e verjaardag van Amsterdam kan het zegel voor de eerste keer uitgereikt worden aan Amsterdamse ankerinstituties en zo een nieuwe traditie inluiden.

41

3 Actieplan In dit hoofdstuk worden de voorgestelde acties uit de voorgaande hoofdstukken samengebracht. Er wordt onderscheid gemaakt tussen acties die op korte termijn uitgevoerd of opgestart kunnen worden (2025) en acties op lange termijn (vanaf 2026). Hierbij wordt ook de koppeling gemaakt met de transformatiedoelen van de Aanpak Binnenstad, de verwachte impact en relevante actoren.

3.1.1 Transformatiedoelen In 2024 is het programmateam Aanpak Binnenstad bezig geweest met de behoefte van herstructureren en vernieuwen van de aanpak. Met als doel meer grip en handelingsmogelijkheden te creëren. Dit heeft geleid tot negen nieuwe transformatiedoelen9 die moeten bijdragen aan een overkoepelend verhaal van de binnenstad: ▪

Waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich prettig voelen

▪

Waar bezoekers uit binnen- en buitenland welkom zijn en respect hebben voor de stad

▪

Een vrijzinnige stad waar creativiteit en ondernemerschap de ruimte krijgt.

1

7

6

Sterke sociale binnenstad met genoeg voorzieningen

2

Minder bezoekers, respectvolle bezoekers

Divers en gebalanceerd horeca-, winkel- en werkaanbod

Toegankelijk & divers woningaanbod

Transformatiedoelen Aanpak Binnenstad

Toegankelijke en toekomstbestendige openbare ruimte

5

Toekomstbestendige, groene binnenstad

3 Onderscheidend (cultureel) karakter en straatbeeld

Basis op orde 8 4

Schone straten

Veilige straten

Figuur 4. Transformatiedoelen Aanpak Binnenstad 9

Presentatie DB herordening Aanpak Binnenstad, 12 augustus 2024

42

9

3.1.2 Acties 2025 Nieuwe acties [intensief of zeer intensief] De onderstaande tabel bevat vier acties die zijn geselecteerd voor uitvoering op korte termijn (2025). Deze acties dragen (deels) bij aan de verdere verkenning van onderwerpen uit het oorspronkelijke initiatiefvoorstel en zullen naar verwachting vrij intensief zijn, zowel qua complexiteit als personele capaciteit. Na voltooiing zullen deze acties naar verwachting resulteren in concrete tools en/of resultaten die bijdragen aan het realiseren van de voorgestelde maatregelen. Transformatiedoelen Transformatiedoelen: 1, 3, 6 en 7

Transformatiedoelen: 1 en 3

Actie

Impact10

Actor(en)

1) Werkgroep NV Reclaim en investeringsfonds

Significant

Team AB

Oprichten van een werkgroep om de ideeën voor een NV

Amsterdams

Reclaim en het Amsterdams Investeringsfonds te

Investeringsfonds

verkennen, met als doel een nieuwe NV op te zetten

Gemeentelijke

waarbij ook oog is voor het bestaande speelveld.

deelnemingen

2) Uitwerken ‘Het zegel van Amsterdam’

Significant

Amsterdam &

Extern laten onderzoeken, uitwerken en implementeren

Partners

van ‘Het zegel van Amsterdam’.

De Goede Zaak Of nieuw op te zetten stichting?

Transformatiedoelen: 3, 4, 5 en 6

16) Opzetten KCIZ/WIZ (werktitel)

Significant

Initiatiefnemers KCIZ/WIZ

Ondersteunen en aansluiten bij het initiatief om een KCIZ/WIZ

(werktitel)

op

te

richten,

waarbij

ankerinstituties de krachten bundelen.

10

Bij het inschatten van de impact van de verschillende acties wordt in eerste instantie gekeken naar het gedachtegoed van het initiatiefvoorstel. Hierbij wordt beoordeeld in hoeverre een actie aansluit op de ambities en doelen zoals deze in het voorstel zijn geformuleerd. Vervolgens wordt ook ingeschat op hoeveel Amsterdammers een actie invloed heeft. Op basis van deze twee stappen worden de maatregelen beoordeeld (significant, gemiddeld en minimaal).

43

Nieuwe en versterking bestaande acties [licht intensief] De onderstaande tabel bevat verschillende acties die zijn geselecteerd voor uitvoering op korte termijn (2025). Veel van deze acties bouwen voort op acties die al reeds in gang zijn gezet of die aansluiten op kernactiviteiten van de actoren. De acties vragen naar verwachting om een lichte mate van intensiteit qua personele capaciteit. Deze acties bieden kansen om de aanwezige energie te verzilveren en/of het bestaande werk te verdiepen en verder vorm te geven. Transformatiedoel Transformatiedoel: 1

Actie

Impact

Actor(en)

5) Aanvullen gemeentelijke vastgoedreserves

Significant

Gemeenteraad

Gemiddeld

Gebiedsteams

Vrijmaken van middelen voor aanvulling van reserves, op te nemen in de voorjaarsnota 2025.

8) Kennisdeling Steward Ownership Transformatiedoelen: 3 en 6

Organiseren van een presentatie over Steward

Centrum

Ownership

We Are Stewards

voor

gebiedsmakelaars

om

ondernemers te kunnen informeren over dit model. 9) Kennisdeling Community Wealth Building Transformatiedoelen: niet van toepassing

Organiseren van een presentatie over Community

Gemiddeld

Aanpak Binnenstad CWB NW

Wealth Building, zodat het stadsdeel Centrum beter bekend raakt met de inspiratiebron van het initiatiefvoorstel.

44

3.1.3 Acties 2026 en later De onderstaande tabel bevat acties die zijn geselecteerd voor de lange termijn. Deze acties bevinden zich nog in een vroege verkenningsfase of zijn afhankelijk van de resultaten van acties die op korte termijn worden opgepakt. Afhankelijk van relevante inzichten uit de acties op korte termijn kunnen de benodigde randvoorwaarden verder uitgewerkt worden. Naar verwachting kunnen deze acties op termijn bijdragen aan duurzame resultaten die aansluiten bij de ambities van het oorspronkelijke initiatiefvoorstel. Transformatiedoelen Transformatiedoelen: 1, 3, 6 en 7

Actie

Impact

Actor(en)

15) Plan van aanpak NV Reclaim Centrum

Significant

Team AB

Opstellen van een plan voor NV Reclaim Centrum,

Werkgroep

inclusief

Reclaim Centrum

doelstellingen,

financiële

middelen,

governance, participatie, communicatie en kansrijke straten. 3)Verkennen Transformatiedoelen: 1 en 2

coöperatieve

beheervormen

Gemiddeld

Eva de Klerk

binnenstad

Vereniging

Onderzoek naar haalbaarheid van coöperatieve beheer-

CLT H-Buurt

, eigendomsvormen, die het beste aansluiten bij de uitdagingen van de Amsterdamse binnenstad, inclusief financiering, langetermijndoelen, juridische borging, kansrijke

panden

en

potentiële

collectieven.

Raakvlakken met andere acties: ‘Kostprijsverhuur coöperatieve beheervormen’ en ‘Matchen collectieven en leegstaande ruimtes’.

4)Visiedocument Transformatiedoelen: 1, 3 en 6

en

open

source-model

Gemiddeld

deelnemingen

Gemeentelijke deelnemingen

Ontwikkelen van een visiedocument en open sourcemodel gebaseerd op kennis en methodieken van gemeentelijke deelnemingen. 6) Kostprijsverhuur coöperatieve beheervormen

Significant

Team AB

Transformatiedoel: 1

45

Koppelen

of

formuleren

van

beleidsdoel

aan

Vastgoed

wens/ambitie voor coöperatieve beheervormen, zodat deze in aanmerking komen voor verhuur van gemeentelijk vastgoed tegen kostprijs. 7) Opschaling Usespace

Significant

Transformatiedoelen: 1 en 6

Team AB Usespace

(Deel)financieren van de opschaling van Usespace door

Team

hen opdracht te geven ankerinstituties aan te sluiten.

Maatschappelijke Voorzieningen

10) Gemeentelijk vastgoed buiten kantooruren

Gemiddeld

Facilitair Bureau

Gemiddeld

Vastgoed

Transformatiedoelen: 1 en 6

Onderzoeken van benodigde financiële middelen om gemeentelijk vastgoed (zowel in bezit als huur) multifunctioneel te gebruiken buiten kantooruren. 11) Matchen collectieven & leegstaande ruimtes Transformatiedoelen: 1 en 2

Stadsloods Koppelen van collectieven in de binnenstad aan tijdelijk

Leegstandbeheer

leegstaande ruimten voor gebruik als oefenruimte. 12) Zichtbaarheid ontmoetingsplekken Transformatiedoel: 1

Gemiddeld

Sociale Basis

Minimaal

Bureau Social

Actief promoten van bestaande ontmoetingsplekken om de zichtbaarheid te vergroten.

Transformatiedoel: 1

Transformatiedoelen: 1, 3 en 6

13) Social Return Opdrachtnemers wijzen op de mogelijkheid om hun

Return

social-return-verplichting te vervullen door ruimten

Gebiedsmakelaars

beschikbaar te stellen.

Centrum

14) Maatschappelijke functies boven winkels

Minimaal

Wonen boven

In gesprekken met pandeigenaren aandacht vragen voor

Winkels

maatschappelijke functies boven winkels.

Team AB Maatschappelijke Voorzieningen

17) Herziening gemeentelijke contracten Transformatiedoelen: niet van toepassing

Overleggen

met

bestaande

contractpartijen

Significant

CWB NW

om

Team AB

aanbestedingen deels lokaal te laten uitvoeren. 18) Directe zeggenschap gemeentelijk vastgoed

Inkoop

Significant

Vastgoed

Transformatiedoelen: 1 en 6

46

Indien directe zeggenschap gewenst is bij de invulling

Stedelijk team

van gemeentelijk vastgoed, dienen de bestaande

Participatie en

procedures binnen de vastgoedstrategie herzien te

Democratisering

worden. Transformatiedoelen: 1, 3, 5 en 6

19) Nieuwe plekken op onconventionele locaties

Significant

Nader te bepalen

Gemiddeld

Sociale Basis

Gemiddeld

Facilitair Bureau

Verkennen van mogelijkheden om nieuwe plekken in de binnenstad te creëren op onconventionele locaties, inclusief benodigde financiering. 20) Onderzoek ontmoetingsplekken

Transformatiedoel: 1

Onderzoeken

of

er

voldoende

laagdrempelige

ontmoetingsplekken zijn in alle buurten in de binnenstad, specifiek voor oudere Amsterdammers.

Transformatiedoelen: 1 en 6

21) Inspiratiesessies multifunctioneel gebruik

Usespace

Organiseren van sessies om operationele medewerkers te

informeren

en

draagvlak

te

creëren

voor

multifunctioneel gebruik van gemeentelijk vastgoed.

Transformatiedoelen: 1, 3 en 6

22) Subsidie maatschappelijke functies boven winkels

Minimaal

Wonen boven Winkels

Uitbreiden van de subsidieregeling ‘Wonen boven winkels’ om maatschappelijke functies boven winkels te stimuleren.

47

Bijlagen Bijlage 1: Stappenplan ‘Afwijkend gebruik binnen de bestemming Maatschappelijk’ Werkinstructie van stadsdeel Centrum (gemeente Amsterdam) Vastgesteld door het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum op 21 mei 2019

Stappenplan Indien een pand met de bestemming Maatschappelijk vrijkomt en de eigenaar dient een verzoek in voor gebruik dat afwijkt van het bestemmingsplan, dan moeten eerst de hieronder genoemde stappen worden doorlopen voordat het dagelijks bestuur een besluit neemt of het door middel van een afwijkingsvergunning het afwijkende gebruik mogelijk wil maken. 1. Er komt een pand vrij met de bestemming Maatschappelijk; 2. De eigenaar (gemeente of particulier) doet een verzoek voor gebruik dat buiten de mogelijkheden van de planregels van het bestemmingsplan valt; a. Het verzoek betreft niet een gebruik dat mogelijk onder welzijnsvoorzieningen, medische voorzieningen of sociaal-culturele voorzieningen valt (M+) of onder bijzondere woonvormen met een maatschappelijke relevantie (M wonen). In dat geval krijgt de eigenaar/initiatiefnemer te horen dat het dagelijks bestuur geen afwijkingsvergunning zal verlenen. b. Indien het verzoek een gebruik betreft dat niet binnen de mogelijkheden van het bestemmingsplan valt, maar wellicht wel onder welzijnsvoorzieningen, medische voorzieningen of sociaal-culturele voorzieningen (M+) of onder bijzondere woonvormen met een maatschappelijke relevantie (M wonen), dan wordt het verzoek verder in behandeling genomen. 3.

Alvorens het verzoek zoals bedoeld onder 2b in behandeling te nemen dient de eigenaar een verslag te overleggen waaruit blijkt welke inspanningen zijn verricht om een binnen de

48

bestemming passend gebruik te vinden en waaruit blijkt waarom het de eigenaar niet lukt om binnen een termijn van negen maanden (vanaf het moment van aanvraag) een passende invulling te realiseren. Onderdeel hiervan kan zijn een weergave van onderhandelingen met een potentiële kandidaat die niet tot resultaat hebben geleid. Vast moet komen te staan dat in alle redelijkheid niet tot overeenstemming is gekomen; 4. Indien het initiatief een bijzondere woonvorm met een maatschappelijke relevantie (M wonen) betreft en het initiatief bovendien ligt in een bestemmingsplangebied waar het gebruik binnen de bestemming Maatschappelijk is beperkt tot onderwijs en kinderopvang (M -), dan dient de eigenaar een verslag te overleggen waaruit niet alleen blijkt welke inspanningen zijn verricht om een binnen de bestemming passend gebruik te vinden (M -), maar bovendien welke inspanningen zijn verricht om een invulling te vinden dat valt binnen de gebruiksmogelijkheden van welzijnsvoorzieningen, medische voorzieningen of sociaal-culturele voorzieningen (M +). Uit het verslag moet blijken waarom het de eigenaar niet lukt om binnen een termijn van negen maanden vanaf het moment van aanvraag een passende partij te vinden of waarom in alle redelijkheid niet tot overeenstemming is gekomen met potentiële kandidaten; 5. Het dagelijks bestuur controleert (o.a.

bij Onderwijs, Jeugd en Zorg (OJZ), de Stadsloods en bij de potentiële kandidaten) of het verslag een juiste weergave is van de inspanningen die zijn verricht en de uitkomst daarvan; 6. Indien het dagelijks bestuur oordeelt dat de eigenaar in alle redelijkheid geen partij heeft gevonden of niet tot overeenstemming heeft kunnen komen, dan wordt het verzoek verder in behandeling genomen; 7. Als het een initiatief betreft in een bestemmingsplangebied waar het gebruik binnen de bestemming Maatschappelijk is beperkt tot onderwijs en kinderopvang (M -), dan wordt beoordeeld of het initiatief valt binnen de gebruiksmogelijkheden van welzijnsvoorzieningen, medische voorzieningen of sociaal-culturele voorzieningen (M +) of dat het initiatief ‘een bijzondere woonvorm met een maatschappelijke relevantie’ betreft (M wonen); 8. Als het een initiatief betreft in een bestemmingsplangebied waar binnen de bestemming Maatschappelijk naast onderwijs en kinderopvang ook welzijnsvoorzieningen, medische voorzieningen of sociaal-culturele voorzieningen zijn toegestaan (M +), dan wordt beoordeeld

49

of initiatief ‘een bijzondere woonvorm met een maatschappelijke relevantie’ betreft (M wonen); 9. Nadat het dagelijks bestuur tot het oordeel is gekomen dat het voorgestelde gebruik binnen het door het dagelijks bestuur eveneens gewenste maatschappelijk gebruik valt, dan maakt het dagelijks bestuur de afweging of het initiatief op de voorgestelde locatie gewenst is. Daarbij worden de volgende aspecten betrokken: •

Voorziet het initiatief in een behoefte.

•

Draagt het initiatief bij aan beleidsdoelstellingen of aan uitgangspunten van het coalitieakkoord;

•

Indien er sprake is van een woonvorm met een maatschappelijke relevantie is de vraag of het woningaanbod sociaaleconomisch aansluit op de vraag (m.a.w. in hoeverre is het aanbod betaalbaar);

•

Zijn reeds vergelijkbare voorzieningen in de nabije omgeving aanwezig;

•

Wat is het mogelijk effect van het initiatief op het woon-en leefklimaat in de omgeving;

10. Indien het bestuur na afweging van de aspecten genoemd onder punt 9 tot het oordeel komt dat ze voor het afwijkende gebruik een omgevingsvergunning wil verlenen, dan wordt met de eigenaar / initiatiefnemer een overeenkomst gesloten waarin onder andere staat: •

dat alleen toestemming wordt verleend voor het specifiek omschreven initiatief;

•

dat de eigenaar/gebruiker na beëindiging van het gebruik het stadsdeel hiervan op de hoogte brengt;

•

dat het gebruik niet zonder toestemming van het stadsdeel aan een andere gebruiker kan worden overgedragen of dat het gebruik kan worden gewijzigd;

•

dat het pand de bestemming Maatschappelijk houdt, met als aanvulling dat onder de Omgevingswet het pand de toevoeging (M+) of (M wonen) krijgt zolang het initiatief in het pand gehuisvest is.

Toelichting: Hieronder voorbeelden van gebruik dat onder de brede bestemming maatschappelijk (M+) mogelijk is. Het is onmogelijk om in het bestemmingsplan uitputtend aan te geven welk gebruik binnen de bestemming Maatschappelijk past. Om die reden wordt naast de opsomming van onmiskenbaar

50

maatschappelijke voorzieningen bij de voorbeelden de zinssnede “en daarmee vergelijkbare voorzieningen” toegevoegd. Voorbeelden van welzijnsvoorzieningen: buurthuizen, wijkcentra en daarmee vergelijkbare voorzieningen Voorbeelden van medische voorzieningen: centrum voor gezondheidszorg, huisartsen en daarmee vergelijkbare voorzieningen Voorbeelden van sociaal-culturele voorzieningen: openbare bibliotheek, buurttheater, lokale media of media met een bijzondere doelgroep, levensbeschouwelijk instellingen en daarmee vergelijkbare voorzieningen Voorbeelden van bijzondere woonvormen met een maatschappelijke relevantie: Zorgwoningen voor dementerende ouderen, begeleid wonen concept voor kwetsbare jongeren

Voetnoot: Het doorlopen van het stappenplan neemt enkele maanden in beslag. Dit proces kan niet doorlopen worden binnen de termijn van een reguliere procedure (8 + verlenging met 6 weken). Zolang er geen antwoord is op de stappen uit het stappenplan zal de vergunning moeten worden geweigerd. Het stappenplan kan in principe alleen doorlopen kunnen worden als er een conceptaanvraag wordt gedaan. Het is aannemelijk dat de eigenaar, dan wel een initiatiefnemer weet dat in een pand met de bestemming Maatschappelijk alleen de binnen het bestemmingsplan toegestane gebruik mogelijk is. Om die reden mag worden aangenomen dat een initiatiefnemer niet direct een formele aanvraag omgevingsvergunning indient, maar eerst een concept-aanvraag om het afwijkende gebruik te laten toetsen. Momenteel wordt een voor alle stadsdelen uniforme werkwijze geïmplementeerd (de zogenoemde integrale tafel) voor het behandelen van aanvragen. Daarin is opgenomen dat een aanvrager eerst een concept aanvraag moet doen.

51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16230387/1