2. 't Warderschip_Regels.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan 'T Warderschip
Vastgesteld
Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid bestemmingsplan 't Warderschip
Colofon
Opdrachtgever Opdrachtnemer
Ruimte en Duurzaamheid
IMRO_idn
NL.IMRO.0363.N2204BPGST-VG01
Datum print
27 September 2023
Planstatus
vastgesteld
blz. 3
Inhoudsopgave Regels Hoofdstuk1 Artikel 1 Artikel 2 Hoofdstuk2 Artikel 3 Hoofdstuk3 Artikel 4 Artikel 5 Hoofdstuk4 Artikel 6 Artikel 7
5 Inleidende regels
6
Begrippen Wijze van meten
6 16
Bestemmingsregels
17
Gemengd
17
Algemene regels
20
Anti-dubbeltelregel Overige regels
20 21
Overgangs- en slotregels
22
Overgangsrecht Slotregel
22 23
Gemeente Amsterdam
blz. 4
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 5
Regels
Gemeente Amsterdam
blz. 6
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels Begrippen
plan:
Het bestemmingsplan ''t Warderschip' met identificatienummer NL.IMRO.0363.N2204BPGST-VG01 van de gemeente Amsterdam. 1.2
bestemmingsplan:
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
aanbouw
Een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.4
aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5
aanduidingsgrens
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.6
aanduidingsvlak
Een op de verbeelding aangegeven vlak met eenzelfde aanduiding. 1.7
achtergevel
De van de weg afgekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één van de weg afgekeerde gevel, de gevel die kennelijk als zodanig moet worden aangemerkt. 1.8
antenne-installatie
Installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de wel of niet in de techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie. 1.9
antennedrager
Een antennemast of andere constructie bedoeld voor de vestiging van een antenne.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 7
1.10
archeologisch onderzoek
Werkzaamheden naar het bodemarchief die ten behoeve van de archeologische monumentenzorg worden uitgevoerd volgens de eisen zoals gesteld in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), zoals bedoeld in de Regeling archeologische monumentenzorg, zoals deze geldt op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan. 1.11
archeologisch rapport
Rapportage waarin de archeologische waarde van het terrein waarop de aanvraag betrekking heeft, wordt vastgesteld die naar het oordeel van burgemeester en wethouders/ het dagelijks bestuur voldoet aan de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie als bedoeld in de Regeling archeologische monumentenzorg, zoals deze geldt op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan. 1.12
archeologische verwachting
Waarden waarvan de aanwezigheid in de bodem aannemelijk is of vermoed wordt. 1.13
archeologische waarde
Waarden waarvan de aanwezigheid bekend is in de vorm van fysieke overblijfselen in de bodem. 1.14
baliefunctie
Een (onderdeel van een) kantooractiviteit, of dienstverlening, waarvoor kenmerkend is dat de (economische) activiteit is gericht op structureel contact met publiek in een daarvoor bestemd en daartoe voor het publiek toegankelijk (deel van een) gebouw. 1.15
bebouwing
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.16
bebouwingspercentage
Een in de regels of verbeelding aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bestemmingsvlak of bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden. 1.17
Bed and breakfast
Het bedrijfsmatig aanbieden van nachtverblijf verstrekt in een woning, waarbij maximaal 40% van de oppervlakte van de woning voor bedrijfsmatig nachtverblijf wordt gebruikt en de woning geschikt blijft voor het huisvesten van minimaal één huishouden. 1.18
bedrijf
Inrichting voor de bedrijfsmatige activiteiten gericht op produceren, bewerken, herstellen, installeren, inzamelen, verhuur, opslag van goederen, groothandel, distributie van goederen, afhaalpunt voor internetverkoop en hiermee gelijk te stellen activiteiten met uitzondering van datacenters.
Gemeente Amsterdam
blz. 8
1.19
bedrijfsvloeroppervlakte
de totale oppervlakte van de voor bedrjifsuitoefening benodigde bedrijfsruimten, inclusief de verkoopvloeroppervlakte, opslag- en administratieve ruimten en dergelijke. 1.20
bedrijfswoning
Een woning die gezien ligging en functie bedoeld is voor de huisvesting van personen wier aanwezigheid gelet op de bestemming van een gebouw of terrein noodzakelijk is. 1.21
bestaande bebouwing of gebruik
Bebouwing of gebruik zoals aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan Buiksloterham 7e partiële herziening. 1.22
bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak. 1.23
bestemmingsvlak
Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.24
bijgebouw
Een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.25
bijbehorend bouwwerk
Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.26
bijzondere bouwlaag
Kelder, souterrain, kap, dakopbouw. 1.27
bijzondere woonvoorzieningen
voorzieningen in een aangepaste woonbehoefte, bijvoorbeeld ten behoeve van personen en voor wie de gebruikelijke woonvoorzieningen niet passend of toereikend zijn, zoals minder validen, en anderszins verzorgingsbehoevenden. 1.28
bodemverstoring
Elke vorm van grondverzet.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 9
1.29
bouwen
Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.30
bouwgrens
De grens van een bouwvlak. 1.31
bouwlaag
Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd. 1.32
bouwperceel
Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.33
bouwperceelgrens
Een grens van een bouwperceel. 1.34
bouwvlak
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.35
bouwwerk
Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.36
brutovloeroppervlakte (bvo)
De totale oppervlakte van de bouwlagen met inbegrip van de bouwconstructies, magazijnen, dienstruimten, bergingen etc. 1.37
consumentverzorgende dienstverlening
Persoonlijke verzorging van consumenten, waaronder kapperszaken, schoonheidsinstituten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven. 1.38
cultuur en ontspanning
Het bedrijfsmatig verrichten van activiteiten gericht op spel, vermaak en ontspanning, waaronder begrepen: a. b. c. d. e.
culturele voorzieningen; muziek- en dansscholen, oefenruimten, creativiteitscentra; leisure; entertainment; wellness, fitness- en healthcentra (waaronder begrepen fitness, sauna's, beautycentra).
Gemeente Amsterdam
blz. 10
1.39
darkstore
Opslagruimtes (ten behoeve van flitsbezorgdiensten) met consumentenartikelen, veelal dagelijkse goederen, al dan niet met een afhaalloket of afhaalbalie, niet of slechts in zeer beperkte mate toegankelijk voor winkelend publiek. 1.40
dienstverlening
Het verrichten van activiteiten welke bestaan uit het verlenen van diensten aan derden met of zonder rechtstreeks contact met het publiek. Onder te verdelen in: 1. consumentverzorgende dienstverlening; 2. zakelijke dienstverlening; 3. maatschappelijke dienstverlening. 1.41
dove gevel
Een bouwkundige constructie waarin, a. geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A); b. een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte. 1.42
eerste bouwlaag / plint
De eerste volledige bouwlaag op of boven peil. 1.43
eigen terrein
Een aaneengesloten stuk grond, niet zijnde het openbaar gebied, waarover de gebruiker kan beschikken en waarbij het kan gaan om meerdere kadastrale percelen. 1.44
flitsbezorgdienst
Bezorgdiensten van online bestelde consumentenproducten, met de bedoeling deze binnen zeer korte termijn te bezorgen, bij de besteller 1.45
gebouw
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.46
geluidbelasting vanwege een industrieterrein
De etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke inrichtingen op een industrieterrein, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 11
1.47
geluidbelasting vanwege wegverkeer
De etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB op een bepaalde plaats, veroorzaakt door het gezamenlijke wegverkeer op een bepaald weggedeelte of een combinatie van weggedeelten, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.48
geluidluwe zijde
De zijde van een gebouw waar de gevelbelasting de voorkeursgrenswaarde voor alle geluidbronnen zoals bedoeld in de Wet geluidhinder niet overschrijdt, dan wel een serre of loggia wordt gerealiseerd waardoor deze voorkeurswaarde op de scheidingsconstructie van de achtergelegen verblijfsruimte wordt bereikt. 1.49
geluidgevoelige functie
Bewoning of een andere geluidsgevoelige functie (of de gebouwen en terreinen die daartoe dienen) zoals bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.50
(half)verdiepte gebouwde parkeervoorzieningen
Een parkeervoorziening waarvan de helft of meer van de hoogte onder peil wordt gebouwd. 1.51
hogere waarde
Een maximale waarde voor de geluidbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder. 1.52
hoofdgebouw
Eén of meerdere panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.53
horeca I
Fastfood (waaronder begrepen automatiek, snackbar, loketverkoop, fastfoodrestaurant en naar de aard daarmee te vergelijken functies). 1.54
horeca II
Nachtzaak (dancing, discotheek, sociëteit, zaalaccomodatie, nachtcafé en naar de aard daarmee te vergelijken functies). 1.55
horeca III
Café (café, bar en naar de aard daarmee te vergelijken functies). 1.56
horeca IV
Restaurant (restaurant, koffie-, en theehuis, lunchroom, juicebar en naar de aard daarmee te vergelijken functies).
Gemeente Amsterdam
blz. 12
1.57
horeca V
Hotel (waaronder begrepen hotel, motel, jeugdherberg, bed & breakfast, en naar de aard daarmee te vergelijken functies). 1.58
hybride bedrijven
Bedrijven waarbij ten hoogste 50% van het bruto vloeroppervlak mag worden gebruikt ten behoeve van bij het bedrijf behorende katoorruimte. 1.59
kantoor
Het bedrijfsmatig verlenen va ndiensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, daaronder tevens begrepen congres- en vergaderaccommodatie. 1.60
kelder
Ondergronds (deel van een) gebouw, ongeacht de benaming hiervoor in het moederplan, zoals bijv. bijzondere bouwlaag, souterrain, parkeerkelder, e.d., uitgezonderd funderingsconstructies, voor zover de onderkant van de vloer van de betreffende bouwlaag dieper is gelegen dan 0,5 meter onder het peil. 1.61
kleinschalige bedrijven
Bedrijven waarbij ten hoogste 30% van het bruto vloeroppervlak mag worden gebruikt ten behoeve van bij het bedrijf behorende kantoorruimte. 1.62
langzaamverkeersroute
Verkeersverbinding, die uitsluitend bedoeld is voor fietsers en voetgangers en vergelijkbare verkeersdeelnemers. 1.63
maaiveld
De hoogte van het afgewerkte bouwterrein. 1.64
maatschappelijke dienstverlening
Het verlenen van publieksgerichte diensten op het gebied van overheids-, educatieve, welzijns(para-)medische, sociaal-medische, levensbeschouwelijke, sociaal-culturele voorzieningen. 1.65
mantelzorg
Het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke,psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 13
1.66
nutsvoorziening
Een voorziening ten behoeve van de distributie van gas, water en elektriciteit, en de telecommunicatie alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen transformatorhuisjes, gemalen, telefooncellen en zendmasten, ondergrondse afvalsystemen en ondergrondse infrastructurele voorzieningen. 1.67
ondergrondse parkeervoorziening
Parkeervoorziening gelegen onder maaiveld. 1.68
openbare ruimte
Rijwegen, voet- en fietspaden, pleinen, groenvoorzieningen en water, met in begrip van bij deze voorzieningen behorende nutsvoorzieningen, bermen, taluds, waterlopen en waterbouwkundige kunstwerken, ondergrondse afvalsystemen en ondergrondse infrastructurele voorzieningen. 1.69
opslag
Het bedrijfsmatig opslaan en verpakken en verhandelen van goederen voor zover voortvloeiende uit het oplaan en verpakken van goederen, niet zijnde detailhandel. 1.70
overig bouwwerk
Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.71
pand
De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. 1.72
peil
Onder het peil wordt verstaan: a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst de bouwhoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd, het plaatselijk aan te houden waterpeil; d. in andere gevallen de gemiddelde hoogte van het aansluitende maaiveld, of het afgewerkte bouwterrein. 1.73
planregels
De regels, deel uitmakende van het bestemmingsplan ''t Warderschip'. 1.74
praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis
Dienstverlening, voornamelijk bestaande uit hoofdarbeid, waarbij in overwegende mate de woonfunctie behouden blijft.
Gemeente Amsterdam
blz. 14
1.75
prostitutie
Het aanbieden of verrichten van seksuele diensten tegen een materiële vergoeding. 1.76
souterrain
Een bijzondere bouwlaag waarvan de vloer onder het gemiddeld aangrenzend peil/maaiveld is gelegen en waarbij de vloer van de bovengelegen bouwlaag maximaal <1,20 -1,50> meter boven het peil/maaiveld is gelegen. 1.77
Staat van Inrichtingen
De als bijlage opgenomen lijst, behorende bij deze regels, waarin vormen van gebruik anders dan wonen, zijn aangegeven, ingedeeld in categorieën van toenemende hinder. 1.78
terras
Een buiten de besloten ruimte liggend deel van het horecabedrijf waar zitgelegenheid kan worden geboden ten dienste van het horecabedrijf en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt. 1.79
verbeelding
De verbeelding van het plan: 1.80
voorgevelrooilijn
Een lijn die evenwijdig aan de as van de weg, langs een wegzijde met een regelmatig ligging van de voorgevel van de bestaande bebouwing is gelegen, die zoveel mogelijk aansluit aan de voorgevels van de bestaande bebouwing en zoveel mogelijk overeenkomstig de richting van de weg loopt. 1.81
waterpeil
Het N.A.P. of het plaatse aan te houden waterpeil. 1.82
waterstaatkundige werken
Werken, waaronder begrepen kunstwerken, verband houden met de waterstaat, zoals dammen, dijken, sluizen, beschoeiingen, remmingswerken, uitgezonderd steigers. 1.83
weg
Alle voor het openbaar auto-, fiets-, voetgangers- of ander verkeer openstaande wegen of paden, geen spoorwegen of trambanen zijnde, waaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen, taluds en zijkanten, waterstaatkundige en civieltechnische (kunst)werken alsmede de aan de wegen liggende parkeerplaatsen. 1.84
wonen
Het houden van verblijf, het huren en tevens (laten) bewonen van kamers of het gehuisvest zijn in een woning, al dan niet gecombineerd met zorgfuncties die naar intensiteit en tijdsduur beperkt zijn.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 15
1.85
zakelijke dienstverlening
Het verlenen van economische of commerciële diensten aan derden, waarvan de uitoefening geschiedt in een rechtstreeks contact met het publiek, zoals banken, reisbureaus.
Gemeente Amsterdam
blz. 16
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
de dakhelling
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2
de goothoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3
de inhoud van een bouwwerk
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4
de bouwdiepte van een bouwwerk
vanaf peil tot aan het laagste punt van het bouwwerk, met uitzondering van fundering of ondergeschikte onderdelen van het bouwwerk. 2.5
de bouwhoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.6
de oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7
de brutovloeroppervlakte van een gebouw
de bebouwde oppervlakte van de afzonderlijke bouwlagen bij elkaar opgeteld. 2.8
de minimum bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf peil tot aan het punt van het gebouw of bouwwerk, geen gebouwzijnde, waaraan de bouwhoogte ten minste moet voldoen, waarbij in ieder geval geldt dat de omhullende gevel van een gebouw aan deze minimum bouwhoogte moet voldoen. 2.9
de bouwhoogte van een antenne-installatie
Tussen de voet van de antennedrager en het hoogste punt van de antenne-installatie; als de antennedrager aan de gevel van een gebouw wordt bevestigd, wordt gemeten tussen het punt waarop de antenne met antennedrager het dakvlak kruist en het hoogste punt van de antennedrager.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 17
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels Gemengd
Bestemmingsomschrijving
De voor Gemengd aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, en daarbij behorende gronden en opstallen ten behoeve van bewoning, al dan niet in combinatie met praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis met inachtneming van het bepaalde in 3.4.1; b. horeca III en horeca IV, met inachtneming van het bepaalde in 3.4.2; c. kantoor / zakelijke dienstverlening, met inachtneming van het bepaalde in 3.4.3; d. maatschappelijke dienstverlening, met inachtneming van het bepaalde in 3.4.4; e. cultuur en ontspanning, met inachtneming van het bepaalde in 3.4.5; f. bedrijven, met inachtneming van het bepaalde in 3.4.6; met daarbij behorende: g. (dak)tuinen; h. terrassen; i. groenvoorzieningen; j. speelvoorzieningen; k. verkeersareaal; l. geluidwerende voorzieningen; m. nutsvoorzieningen; n. ondergrondse infrastructuur. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Gebouwen
Op en onder de in lid 3.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming, met dien verstande dat: a. gebouwen uitsluitend binnen het bouwvlak mogen worden gebouwd; b. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan is aangegeven op de verbeelding; c. de hoogte van de eerste bouwlaag minimaal de bestaande hoogte bedraagt. 3.2.2
Bouwregels vanwege geluid
Elke woonruimte dient te beschikken over ten minste één geluidluwe zijde. 3.2.3
Ondergrondse bouwlagen
Voor het bouwen van kelders gelden de volgende regels: a. het is verboden kelders te bouwen, dan wel bestaande kelders te vergroten; b. uitsluitend bestaande kelders zijn toegestaan welke legaal aanwezig waren ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van voorliggend bestemmingsplan, alsmede kelders waarvoor voorafgaand aan het moment waarop dit plan in ontwerp ter inzage is gelegd een omgevingsvergunning is verleend waar nog uitvoering aan gegeven kan worden dan wel een aanvraag omgevingsvergunning is ingediend en deze omgevingsvergunning niet geweigerd kan worden.
Gemeente Amsterdam
blz. 18
3.3
Afwijken van de bouwregels
3.3.1
Algemeen
Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid: a. lid 3.2.1 onder a. waarbij de bouwgrenzen worden overschreden tot ten hoogste 2 meter ten behoeve van balkons, bordessen, luifels, buitentrappen, bouwkundige maatregelen ten behoeve van ondergeschikte delen van gebouwen; b. lid 3.2.1. onder b. waarbij de bouwhoogte tot ten hoogste 3 meter wordt overschreden ten behoeve van lift- en trappenhuizen en algemene technische ruimten; c. lid 3.2.1. onder b. waarbij de bouwhoogte tot 5 meter wordt overschreden ten behoeve van schoorstenen, ventilatie-inrichtingen, vlaggenmasten, antennes en vergelijkbare bouwwerken voor de opwekking van duurzame energie zoals windturbines en zonnepanelen. 3.3.2
Geluid
Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 3.2.2, met dien verstande dat kan worden afgeweken van de verplichting om een geluidsluwe zijde te realiseren indien het realiseren van een geluidsluwe zijde overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Wonen
Voor wonen gelden de volgende regels: a. wonen is niet toegestaan in de eerste twee bouwlagen, met uitzondering van de toegangen en bergingen van woningen; b. aan het aantal bestaande woningen mogen maximaal 155 woningen worden toegevoegd; c. voor praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis geldt dat per woning maximaal 30% van het brutovloeroppervlak mag worden gebruikt met een maximum van 50 m². 3.4.2
Horeca
Voor horeca gelden de volgende regels: a. horeca is uitsluitend toegestaan in de categorieën horeca III en horeca IV; b. horeca is uitsluitend toegestaan in de eerste bouwlaag; c. het bruto vloeroppervlak mag niet meer bedragen dan 1.500 m2. 3.4.3
Kantoor / zakelijke dienstverlening
Voor kantoor / zakelijke dienstverlening gelden de volgende regels: a. kantoor / zakelijke dienstverlening is uitsluitend toegestaan vanaf de eerste bouwlaag; b. het bruto vloeroppervlak mag niet meer bedragen dan 2.000 m2. 3.4.4
Maatschappelijke dienstverlening
Voor maatschappelijke dienstverlening geldt dat deze uitsluitend zijn toegestaan in de eerste twee bouwlagen.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 19
3.4.5
Cultuur en ontspanning
Voor cultuur en ontspanning geldt dat deze gebruiksvorm alleen is toegestaan in de eerste twee bouwlagen. 3.4.6
Bedrijven
Voor bedrijven gelden de volgende regels: a. bedrijven zijn uitsluitend toegestaan voor zover de bedrijven vallen in milieucategorie 1 en 2 van de van deze regels deel uitmakende 'Staat van Inrichtingen'; b. als gevolg van het uitoefenen van een nieuwe activiteit mag er geen onevenredige aantasting plaatsvinden van de bedrijfsvoering van de dan reeds bestaande dan wel op basis van een verleende vergunning toegestane activiteiten en functies. Activiteiten in het kader van de bouw en aanleg zijn hiervan uitgezonderd; c. als gevolg van het uitoefenen van een nieuwe activiteit mag er geen onevenredige aantasting plaatsvinden van het aanvaardbaar woon- en leefklimaat van de dan reeds bestaande dan wel op basis van een verleende vergunning toegestane woningen. Activiteiten in het kader van de bouw en aanleg zijn hiervan uitgezonderd; d. ten hoogste 30% van het brutovloeroppervlak mag worden gebruikt ten behoeve van bij het betreffende bedrijf behorende kantoorruimte. 3.4.7
Strijdig gebruik
Tot een gebruik dat strijdig is met de bestemmingsomschrijving wordt in elk geval aangemerkt: a. het gebruiken, laten gebruiken of in gebruik geven van gronden en bebouwing voor: 1. detailhandel; 2. darkstores; 3. flitsbezorgdiensten; 4. datacenters; 5. verblijfsrecreatie. 3.5
Afwijken van de gebruiksregels
Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid onder 3.4 6 onder a. ten behoeve van het gebruik van gronden en bebouwing ten behoeve van een bedrijf dat: a. niet in de Staat van inrichtingen voorkomt en in vergelijking met bedrijven die vallen onder de categorieën 1 en 2 geen blijvende, onevenredige afbreuk doet aan het woon- en leefmilieu; b. in de Staat van inrichtingen valt onder één of meer categorieën hoger dan toegestaan, mits het desbetreffende bedrijf in vergelijking met bedrijven die vallen onder de categorieën 1 en 2 geen blijvende, onevenredige afbreuk doet aan het woon- en leefmilieu; c. na uitbreiding, wijziging of aanpassing in de Staat van inrichtingen valt onder één of meer categorieën dan toegestaan, mits de uitbreiding, wijziging of aanpassing niet tot gevolg heeft, dat het bedrijf in vergelijking met bedrijven die vallen onder de categorieën 1 en 2, blijvende, onevenredige afbreuk doet aan het woon- en leefmilieu.
Gemeente Amsterdam
blz. 20
Hoofdstuk 3 Artikel 4
Algemene regels Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 21
Artikel 5 5.1
Overige regels
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan: a. bouwplannen met betrekking tot de bevoorrading van de te vestigen functies ter voorkoming of beperking van geluidhinder voor omliggende bestaande of geprojecteerde woningen. In dat kader kunnen burgemeester en wethouders van een initiatiefnemer van een bouwplan verlangen een akoestisch onderzoek aan hen te overleggen; b. bouwplannen met betrekking tot vluchtwegen van de te vestigen bestemmingen ter vergroting van de zelfredzaamheid van gebruikers van de bouwwerken, indien advisering van de Regionale Brandweer daartoe aanleiding geeft en voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is; c. de situering, omvang, exploitatietijden en toelaatbare geluidbelasting daarvan op omliggende woningen van ongebouwde terrassen in de openbare ruimte met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat. 5.2
Parkeren, laden en lossen
a. een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen en/of voor het veranderen van het gebruik van gebouwen wordt slechts verleend indien bij de aanvraag om omgevingsvergunning wordt aangetoond dat in voldoende mate ruimte wordt aangebracht voor het parkeren van auto's overeenkomstig het vigerende parkeerbeleid; b. een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen en/of voor het veranderen van het gebruik van gebouwen wordt slechts verleend indien bij de aanvraag om omgevingsvergunning wordt aangetoond dat in voldoende mate ruimte wordt aangebracht op eigen terrein voor het parkeren van fietsen en scooters overeenkomstig het vigerende fiets- en scooterparkeerbeleid; c. indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort. Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning voor het bouwen dient een bevoorradingsplan te worden overlegd; d. ruimte voor het parkeren van auto's, scooters en fietsen en voor het laden of lossen van goederen, voor zover de aanwezigheid van deze ruimte krachtens dit lid is geëist, dient te allen tijde voor dit doel beschikbaar te blijven. Ander gebruik wordt aangemerkt als strijdig gebruik.
Gemeente Amsterdam
blz. 22
Hoofdstuk 4 Artikel 6 6.1
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig ontheffing verlenen van het gestelde onder a voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%. c. Het gestelde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 6.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het gestelde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
bestemmingsplan_'t Warderschip (vastgesteld)
blz. 23
Artikel 7
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 't Warderschip. De volledige naam is de aanhaaltitel.
Gemeente Amsterdam